[BV24.0046] Verslag commissie Algemeen Bestuur 15 mei 2024
Tekst van het document
VERSLAG Commissie Algemeen Bestuur
Corsanummer Datum vergadering
: BV24.0046 : 15-05-2024
Aanwezig in de raadszaal Commissieleden Leefbaar 3B WIJ Lansingerland CDA VVD D66 CU GroenLinks PvdA
: Johan Philippens, Terry Duivesteijn : Jan Jumelet, Ton Jansen : Jan-Willem van den Beukel, Job Halkes : Ed van Santen, Nathalie van Bakel : Brecht Weerheijm, Erik Jonker : Kees-Willem Markus, Bram Oostdijk : Manon van Splunter : Hamid Azzouzi, Nanno Scheringa, Sonnie Biharie
Directeur Rekenkame r
: Marjolein van Asselt
Burgemeester Wethouders
: Pieter van de Stadt : Simon Fortuyn, Michiel Muis
Voorzitter Commissiegriffier
: Jan Pieter Blonk : Lianne van den Houten
Afwezig VOOR Lansingerland VVD Leefbaar 3B WIJ Lansingerland CDA GroenLinks D66
: P. van Olst : Matthijs Machielse : Don van Doorn : Mark Bik : Wouter de Ruiter : Marko Ruijtenberg : Bert Bakker
1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Ik wil jullie vragen te gaan zitten. Neem jullie plaatsen in alstublieft. Ik open de vergadering van de commissie Algemeen Bestuur van de gemeente Lansingerland, het is vandaag 15 mei 2024. Mede namens de commissiegriffier, welkom aan de luisteraars thuis die naar de webcast van deze vergadering kijken. Welkom ook mevrouw Van Asselt, directeur van de Rekenkamer. Ze heeft ook nog een secondant bij zich, waarvan ik de naam niet weet. Ook welkom burgemeester en wethouders. Natuurlijk de medewerkers van de gemeente Lansingerland. Last but not least, u leden van de commissie Algemeen Bestuur. Er zijn vandaag acht van de negen fracties vertegenwoordigd. 2. Insprekers De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt twee. Dat zijn insprekers, die hebben zich niet gemeld. 3. Vaststelling verslag vergadering 10-04-2024 De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt drie. Vaststelling van de vorige vergadering. Dat is de vergadering van 10 april 2024. Er zijn geen wijzigingsvoorstellen ingediend. Dat betekent dat het verslag bij deze is vastgesteld. 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De voorzitter: Vaststelling van de agenda. Kunt u instemmen met de agenda zoals die voorligt? Dat is het geval. Rondvragen. Inventarisatie rondvragen. U heeft geen rondvragen aangemeld, dus we gaan echt heel snel.
1/26
5. Bespreekpunten De voorzitter: We hebben twee bespreekpunten. Eén het jaarverslag van de Rekenkamer en de jaarrapportage Horti Science. 5a. Jaarverslag Rekenkamer Lansingerland – directeur mw. Van Asselt is aanwezig De voorzitter: We beginnen met agendapunt 5.a. Het jaarverslag 2023 van de Rekenkamer Lansingerland. Mevrouw Van Asselt, wat ik net al aangaf de directeur van de Rekenkamer, is aanwezig voor een toelichting op het jaarverslag. De gemeentelijke rekenkamer heeft als kerntaak onderzoek te doen voor de gemeenteraad. Als de rekenkamer zijn werk goed doet en dat is ongetwijfeld zo, kunnen gemeenteraadsleden beter kaders stellen en beter controleren. De hoofdmoot in 2023 was het rapport Huizen in de regio. Daarnaast loopt er een onderzoek naar de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond. Verder is deelgenomen aan de landelijke DoeMee-onderzoek naar klachtenbehandeling. Graag geef ik het woord aan de directeur van de rekenkamer, mevrouw Van Asselt. Ga uw gang. Mevrouw Van Asselt: Dank u wel. Gemeenteraad van Lansingerland, beste commissieleden, fijn dat wij deze uitnodiging dit jaar van u hebben gekregen om het jaarverslag en ook de onderzoeksprogrammering toe te mogen lichten. We doen dat eigenlijk standaard in Rotterdam en in Capelle. Dit jaar hebben we voor het eerst deze uitnodiging gekregen van Lansingerland.
Wij hopen eerlijk gezegd dat het het begin wordt van een goede traditie. Omdat het jaarverslag een mooie uitnodiging is om ... Wij zijn tenslotte uw instituut om het te hebben over de vraag vindt u dat uw instituut het goed doet? Dus die vraag ligt vandaag op tafel. Even over het jaarverslag. Het belangrijkste is natuurlijk hebben wij nu gedaan wat we hadden beloofd? De programmering voor 2023 was dat we het onderzoek naar de woonvisiesynthese zouden publiceren en we zouden vier nieuwe onderzoeken opstarten. We hebben inderdaad de woonvisiesynthese gepubliceerd, heb ik hier ook toegelicht. We hebben drie onderzoeken opgestart. Naar de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond, dat doen we voor Lansingerland samen met de andere regiogemeenten en voor Rotterdam. We zijn het onderzoek opgestart naar de inkomensregelingen. Dat doen we voor Lansingerland en Capelle en Barendrecht. We doen mee aan het onderzoek DoeMee-onderzoek klachtenbehandeling. Vandaag hebben we als rekenkamer de bestuurlijke reactie ontvangen vanuit Lansingerland. Dus dat betekent dat we zeer binnenkort u het DoeMeeonderzoek over de klachtenbehandeling kunnen aanbieden en dat komen we dan op de gebruikelijke manier ook bij u toelichten. Het vierde idee was aansluiting bij een onderzoek in Rotterdam.
Maar u heeft in de discussies die we vorig jaar hebben gevoerd duidelijk aangegeven daar de voorkeur niet voor te hebben, maar liever een eigen onderzoek te willen. We hebben dat gehonoreerd en dat zal later dit jaar, dus in 2024, starten. Als we dan kijken naar de organisatie van de rekenkamer, we bestaan nu uit ongeveer 19 fte. We hebben op dit moment, daar zijn we trots op daarom willen we het ook even expliciet vermelden, een detachering vanuit de Algemene Rekenkamer en een detachering vanuit OBI. Dat is het onderzoeksinstituut binnen de gemeente Rotterdam. Omdat wij het belangrijk vinden … We hebben toch ook iets van een flexibele schil nodig. Omdat wij het belangrijk vinden dat te doen via detacheringen met instituten waar we graag een goede relatie mee hebben en waar wij ook van kunnen denken te leren. Als we kijken naar die detachering van de Algemene Rekenkamer, dan zien we dat dat ook al oplevert. Dus we krijgen veel kennis binnen over hoe doet de Algemene Rekenkamer zijn werk en daar kunnen wij ook ons voordeel mee doen. We hebben van de gemeenteraad van Rotterdam een budgetversterking gekregen voor het versterken van de onderzoeksstaf en de bedrijfsvoering bij de recente Voorjaarsnota. In 2023 hadden we wel ten opzichte van dat verruimde budget een onderbesteding. Dat komt omdat wij tot aan de zekerheid over de Voorjaarsnota terughoudend zijn geweest in uitgaven.
Omdat we als we het niet hadden gekregen op een stevige … Hoe zeg je dat, te kort waren afgestevend. Dus wij vonden het verstandig om de hand zo goed mogelijk op de knip te houden totdat we zeker wisten dat wij die budgetverruiming kregen. Een deel van de uitgaven die wij daarvoor hebben gepland loopt dus nog door in 2024. U heeft in ons jaarverslag, niet alleen dit jaarverslag, maar ook die van vorig jaar en het jaar daarvoor kunnen lezen dat er een aantal verbetertrajecten nodig waren op het gebied van bedrijfsvoering. Op het terrein van privacy, op het terrein van informatiehuishouding, informatiebeveiliging, personeelsdossiers, bedrijfshulpverlening, huisvesting en facilitair, dienstverleningsovereenkomsten. Wij hebben voor een aantal zaken, zoals financial reporting en HR-beheer hebben wij een dienstverleningsovereenkomst met de gemeente Rotterdam. Dus dat kopen wij in, die moesten geactualiseerd worden. Het portfoliomanagement, dat is ook een duur woord voor aan te geven dat we niet alleen individuele onderzoeken realiseren, maar dat we ons gehele onderzoeksprogramma realiseren op een zo doelmatig mogelijke manier. De verbetering van de financiële sturing. Dus dat waren de verbetertrajecten waar we afgelopen jaren aan hebben gewerkt.
2/26
Een aantal daarvan is afgerond. Privacy is afgerond, de personeelsdossiers zijn afgerond. Een aantal anderen lopen nog, die zijn wat veeleisender. Bijvoorbeeld bij de informatiehuishouding hebben we de eerste twee trajecten afgerond. Maar we hebben nu weer eerst een ICT-migratie nodig voordat we de stap kunnen zetten naar een documentmanagementsysteem. Dus dat zijn trajecten die gewoon tijd vergen en energie en aandacht vragen. We hebben daarnaast ook met u en de andere regiogemeenten van gedachten gewisseld over de herijking van de programmering. Met dat gesprek zijn we in 2022 gestart omdat de inzet van onze onderzoekscapaciteit niet meer in verhouding stond met de financiële verhoudingen. In 2023 hebben we individuele gesprekken met gemeenteraden gevoerd. Ook met u, heb ik prettige herinneringen aan overgehouden. We hebben bijeenkomsten gehad met de griffiers en ook met afvaardigingen van raden. We hebben een meerjarenprogrammering voorgelegd. De uitkomst van die herijking is dat vier gemeenten, waaronder Lansingerland, besloten hebben aangesloten te blijven bij de Rekenkamer Rotterdam. Barendrecht treedt per 1 januari 2025 uit. In 2024 willen we vooral gebruiken om ervaring op te doen met nieuwe vormen van onderzoek. Zoals het onderzoek voor de drie gemeenten, zoals ik noemde bij inkomensregelingen.
Onderzoek naar gemeenschappelijke regelingen waar al onze gemeenten in participeren. Ook het DoeMee-onderzoek doen we voor Lansingerland voor het eerst aan mee. Op deze manier is er meer balans tussen de verwachtingen en de middelen en de inzet van de capaciteit van de onderzoeksstaf. Maar de bestuurlijke belastingen blijft een punt van zorg en een aandachtspunt. Verder is belangrijk, u vindt ook in ons jaarverslag een hoofdstuk over de Wet versterking decentrale rekenkamers die vorig jaar januari van kracht is geworden. Daarin staat ook dat de colleges nu zelf moeten gaan rapporteren over de opvolging van de aanbevelingen van de rekenkamer. In Rotterdam is dat inmiddels geïmplementeerd. Wij zijn nu bij de regiogemeenten aan het uitvragen hoe dat daar gaat. Dus wij willen dat u ook als raad meegeven dat dat ook belangrijk is dat u daar uw college naar vraagt. Want het geeft u als raad veel beter inzicht op wat gebeurt er nu met de aanbevelingen van de rekenkamer die u als raad heeft overgenomen en worden die nu daadwerkelijk uitgevoerd? De Nederlandse Vereniging voor Rekenkamers heeft daar een format voor ontwikkeld, wat ook de basis is geweest voor hoe Rotterdam het nu gaat doen. Dan nog even vooruitkijkje naar de programmering 2024.
Het is inmiddels al mei, maar wat kunt u dit jaar van ons verwachten? Zoals ik al zei het DoeMeeonderzoek klachtenbehandeling dat is echt in afronding. Dus dat kunt u zeer binnenkort, deze maand denk ik nog, van ons verwachten. We doen ook mee naar het DoeMee-onderzoek naar de energiebesparingsplicht, dat wordt in het najaar van 2024 verwacht. Het onderzoek naar de inkomensregeling hopen wij in december te publiceren. Het onderzoek naar de GR Jeugdhulp Rotterdam dat hopen we begin 2025 te publiceren. Het nieuwe onderzoek dat is nog te bepalen wanneer dat klaar is, want dat doen we altijd met de onderzoeksopzet. Als we weten wat we precies gaan onderzoeken kunnen we ook een planning meegeven. Dat was wat ik ter introductie wilde zeggen geachte voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Asselt. Dan is er nu gelegenheid voor de commissieleden om vragen te stellen aan mevrouw Van Asselt. De heer Jumelet. De heer Jumelet: Dank u wel voorzitter. Dank voor de toelichting ook voor het jaarverslag, helder document. Ik had nog wel even één vraag over de bedrijfsvoering. Althans over met name het gaat over de bijdrages. Nu Barendrecht uitreedt per 1 januari en dat heeft natuurlijk niet zo betrekking op achteruit kijken met een klein beetje op vooruit kijken, als u het mij toestaat voorzitter.
Het uittreden van Barendrecht en een hogere bijdrage vanuit Rotterdam, wordt de relatieve deel van Lansingerland kleiner. Wat voor consequenties heeft dat dan wellicht ook in de meer inhoudelijke programmering ook van de rekenkamer? Of zegt u dat is meer een administratieve constatering en dat heeft voor de rest geen consequenties? Daar ben ik wel even benieuwd naar. Dank u wel De voorzitter: Dank u wel mijnheer Jumelet. Dan ga ik verder kijken. Wie? De heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel voorzitter. Ik heb één vraag. In de jaarrekening 2023 hebben we een onderschrijding op personeelskosten. Hoe werkt dat door naar 2024 en verder? Gelet op het verhogen van de bijdrage van gemeentes. Is dat een structureel aspect of is dat incidenteel? De voorzitter: Dank u wel mijnheer Azzouzi. De heer Oostdijk. De heer Oostdijk: Dank u wel voorzitter. De ChristenUnie wil de rekenkamer in de persoon van mevrouw Van Asselt hartelijk danken voor het uitgebreide jaarverslag. Echt heel uitgebreid en dat is fijn om daarin op allerlei aspecten te lezen hoe het in 2023 is gegaan. Ook fijn dat er extra budget natuurlijk is verworven, want dat vergroot in onze beleving ook de onderzoekskracht. Tenminste, volgens mij is dat ook wat daarmee de bedoeling is. We hebben trouwens van het onderzoeksprogramma waren we in het verleden kritisch, dat blijven we nog wel een beetje.
In de zin van komt het voldoende aan onze wensen tegemoet van voldoende onafhankelijke onderzoeken? We denken dat het goed is om over enige tijd, dat zal misschien anderhalf, twee jaar, drie jaar verder zijn dat het goed is om dan terug te kijken hoe is dat nu gelopen sinds al die wijzigingen die nu zijn ingetreden? Want u gaf even in een notendop aan wat er allemaal gewijzigd is. Dat is in vijf minuten gedaan, maar er zit een wereld achter volgens mij. Er is heel
3/26
veel gedaan, ten goede volgens ons. Dus complimenten daarvoor. Nog één vraagje over uw toelichting daarnet. U had het over de bestuurlijke belasting en ik begreep niet goed wat u daarmee bedoelde. Misschien kunt u dat nog even toelichten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Oostdijk. Gaan we naar de heer Jonker. De heer Jonker: Dank u wel voorzitter. Allereerst dank mevrouw Van Asselt voor haar aanwezigheid en voor het zeer prettig leesbare jaarverslag wat een goed beeld geeft van de activiteiten en welke acties er allemaal ondernomen zijn. Ik had allemaal hele mooie spreekteksten, maar u heeft allemaal veel dingen verteld, dus die zal ik niet allemaal gaan dubbelen. Wat me wel opviel en wat mijn gevoel wel is, dat voor ons 2023 echt wel in het teken stond van de genoemde herijking met de regiogemeenten. Ik denk dat er door inzet van beide zijden, zowel vanuit de rekenkamer, maar ook vanuit de raad door de inzet en de goede intenties dat we daar op een goede manier uit zijn gekomen. Ik wil me wel aansluiten bij de ChristenUnie dat we natuurlijk altijd scherp moeten blijven op de kwaliteit en wat dan de resultaten zijn. Die zijn tot nu toe heel goed, maar daar moeten we natuurlijk met elkaar scherp op blijven en dat moeten we ook blijven evalueren. Ik ben ook zeer benieuwd, daar moeten we ook zelf over nadenken, niet alleen de rekenkamer, maar ook zelf.
Hoe we dan toch de enigszins beperkte onderzoeksruimte die we hebben als gemeente, hoe we die voor de programmering voor 2025 goed invullen. Dat valt niet onder het onderwerp jaarverslag ben ik me bewust, maar die kleine blik vooruit wilde ik toch even maken. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Jonker. Kijk wie er verder nog wil. Niemand meer? Dan gaan we naar de mevrouw Van Asselt voor het beantwoorden van vier collega's van ons. Mevrouw Van Asselt: Dank u wel natuurlijk ook voor de complimenten. Niet alleen dat het uitgebreid was, maar ook prettig leesbaar. Daar doen we altijd erg ons best voor. Dus we vinden het altijd fijn om te horen als dat is gelukt. Wat betreft zeg maar de verhoging van Rotterdam en de uitbreiding van Barendrecht. We hebben er steeds voor gekozen om met u een gesprek te voeren over een meerjarenprogrammering. Die ook daadwerkelijk tegemoet komt aan wat ook een rekenkamer voor een gemeenteraad hoort te betekenen. Dus we hebben eigenlijk het financiële discussie eigenlijk steeds op het tweede plan gezet. We hebben voor afgelopen jaar een pragmatische afspraak gemaakt, dus eigenlijk voor 2024 een pragmatische afspraak gemaakt met de regiogemeenten om gewoon het budget aan te houden van 2023. Dat elke gemeente dat conform de eigen indexatie indexeert. Dus dat was de afspraak voor 2024.
Wij hebben binnenkort weer een bijeenkomst met alle griffiers om … Want we hebben dus niet structureel een besluit genomen over zeg maar de financiële grondslag op grond waarvan de bijdrage wordt bepaald. Dus dan zullen we dat gesprek ook met elkaar moeten voeren. Onze insteek is wel het feit dat Barendrecht uittreedt, is niet een mega verschuiving op onze begroting, dus daar gaan we niet direct heel ingewikkeld over doen. Het feit dat Rotterdam nu meer budget heeft gegeven, betekent ook vooral dat wij die bedrijfsvoering kunnen versterken en de organisatie kunnen versterken. Want daar moest eigenlijk de grootste verbeterslag gemaakt worden. Ik denk dat we dan op enig moment, maar ik denk dat dat nog niet dit jaar speelt, maar misschien volgend jaar speelt. Toch dat gesprek moeten voeren wat is eigenlijk nu de grondslag voor de bijdrage vanuit de regiogemeenten? Want die is nooit afgesproken. Dus er is in feite bij de toetreding zeg maar onderhandeld over het startbedrag. Vervolgens zijn er eigenlijk nooit goede afspraken gemaakt over hoe ontwikkelt dat startbedrag zich? Wanneer zou je dat moeten herijken? Het lijkt mij voor de toekomst goed om dat wél te doen. Maar ik denk dat we dat gesprek pas met elkaar gaan voeren voor de budgettering van 2026. Maar voor de korte termijn, of tenminste korte termijn, heeft dat ook geen gevolgen.
Want wij willen nu eigenlijk eerst graag die afspraken die we met u gemaakt hebben inhoudelijk en ook over de nieuwe werkvormen. Daar willen we nu eerst mee aan de slag zodat u dat ook kunt beoordelen. Levert dat voor ons op wat we willen hebben? Dan is de discussie over het prijskaartje is dan een volgend gesprek. Maar ik verwacht daar niet dat dat zo'n stevige discussie zal zijn als de herijking die we hebben gehad meer op inhoudelijke gronden eerlijk gezegd. Even kijken. We blijven dus wel kritisch over … Nu zit ik op twee schermen tegelijk te kijken dat is altijd heel onverstandig. Dus ik ga toch gewoon op één scherm kijken. Volgens mij gaat het op deze goed. Even kijken. De onderscheiding van de personeelskosten. Dat had dus te maken met dat we het invullen van vacatures en ook vervangingen zeg maar, wat hebben uitgesteld. Dat zijn we nu in feite aan het inhalen. De rekenkamer werkte niet met een formatieplan. We gaven aan dat er op het financiële beheer ook een verbeterslag gemaakt moest worden. Want vorig jaar, kunt u zich ongetwijfeld herinneren, dat bij het sluiten van de boeken wij ineens een tekort hadden. Nu vind ik een tekort al heel vervelend, maar ik vind het nog vervelender als je het niet ziet aankomen.
Dus dat betekent dat we toen echt goed zijn gedoken en ik persoonlijk ook, in hoe zit het financiële beheer van de rekenkamer in elkaar? Toen bleek dat in feite onze begroting de realisatie van het voorgaande jaar was en dat de personeelskosten wat tachtig procent van de begroting is, de sluitpost waren op de begroting. Dat vond ik niet helemaal de goede weg. Dus wij hebben afgelopen jaar hard gewerkt aan een formatieplan. Dus wij hebben nu een formatieplan wat de basis is voor de begroting en ook voor de meerjarenbegroting. Dat is
4/26
dus ook de basis geweest voor de begroting 2024. Wij werven dus nu zeg maar conform het formatieplan. Om een voorbeeld te noemen, we hebben nu een onderzoeker die is vertrokken. Dan kijken we naar het formatieplan, betekent er is dus een onderzoekerspositie vacant. We hebben ervoor gekozen … We hebben drie goede junioronderzoekers, waarvan eentje zeker zou kunnen doorstromen. Dus we zijn nu aan het werven voor een junioronderzoeker. Maar we hoeven dus niet iedere keer nu meer te gaan kijken hebben we nog budget? Wat kunnen we daarvoor doen? We hebben nu gewoon een formatieplan op grond waarvan onze meerjarenbegroting is vastgesteld. Wat ik ook heel erg belangrijk vind, want dat was één van de dingen waar ik me zorgen over maakte toen ik hier binnenkwam. De verhouding tussen projectleiders en onderzoekers die was ongeveer één op één. Dat vond ik heel kwetsbaar, want dan heb je dus hele kwetsbare teams. Namelijk één onderzoeker en één projectleider. Nu is die ratio één projectleider op twee onderzoekers. Dat heeft er ook in geresulteerd dat we nu ook voor het eerst als er iemand ziek wordt of iets anders is, waardoor een onderzoeker even minder productief is, dat we dat wel kunnen opvangen. Dus dat principe van één op twee ligt ook ten grondslag aan de begroting. Dat is wat mij betreft echt een minimum ratio, daaronder kun je denk ik niet goed functioneren. Even kijken.
Wat betreft het punt dat u kritisch blijft dat vind ik ook heel belangrijk. Daarom vind ik het ook fijn om hier te zijn voor het jaarverslag, omdat dat eigenlijk het moment is waarop u deze kritische houding het beste tentoon kunt spreiden. Namelijk als wij verantwoording afleggen over wat we hebben gedaan, dan kunt u zich afvragen doen we dat dan ook op de goede manier? Ik vind het sowieso, dat is ook nog in het kader van de … Iemand noemde het administratief, maar de meer administratieve afhandeling van de herijking, zelf best bijzonder dat in de verordening niks staat over evaluatie. Want ik zou het normaal vinden dat er een periodieke, sowieso door ook een gemeenteraad, een periodieke evaluatie plaatsvindt eens in de vier jaar, of eens in de zes jaar, of noem maar op. Dus dat is wat mij betreft sowieso iets wat we structureel zouden moeten doen. Ik vind eigenlijk die jaarlijkse bespreking over het jaarverslag is ook een evaluatiemoment in feite. Dus blijft u vooral kritisch, houdt ons vooral scherp. Want zo hoort dat denk ik over en weer. Wat betreft de vraag over hoe gaan we die ruimte voor de onderzoeksprogrammering in 2025 nu optimaal invullen? Wij hebben met u, u was daar ook, met een delegatie van de gemeenteraden een gesprek gehad in het najaar.
Waarbij we met elkaar van gedachten gewisseld hebben over hoe kan die onderzoeksprogrammering voor die regiogemeenten nu op de beste manier tot stand komen? Daar hebben we het met elkaar van gedachten over gewisseld. Wij hebben toen afgesproken dat we naar u terug zouden komen met een voorstel daarvoor. Daar zijn we nu hard aan aan het werken. We willen dat op die bijeenkomst met de griffiers graag eerst ook even bij de griffiers sonderen. Dan bij u terugleggen, is dit een goede wijze om daartoe te komen? U heeft al via het presidium twee onderwerpen aangeleverd, het zorgdomein en kinderen in de armoede. We willen dan graag aangeven hoe kunnen wij dan tot een keuze daarin komen? We hebben die exercitie nu proefgedraaid zeg maar in Capelle, want daar speelde dat ook. Daar had ook de gemeenteraad een aantal onderwerpen aangedragen en daar hebben wij via een aantal selectiecriteria een keus uitgemaakt. De raad vervolgens een brief gestuurd waarin we hebben uitgelegd waarom we voor welk onderwerp hebben gekozen. Daar kwam overigens één onderwerp stond op dat wensenlijstje, grip op financiën. Waarvan wij hebben gezegd dat lijkt ons eigenlijk juist bij uitstek een onderwerp wat interessant is voor meerdere gemeenten tegelijk. Dus zo proberen we ook naar onderwerpen te kijken.
Is dit specifiek voor een gemeenteraad, of ook voor anderen interessant? Ik geloof dat ik op deze manier, ik spiek even. De bestuurlijke belastingvraag, toch nog één over het hoofd gezien. Wat bedoelt u daarmee? Dat gaat over mij om het maar even zo te zeggen. Het is natuurlijk een directeursmodel met een eenhoofdige leiding op dit moment. Ondanks dat ik wettelijk verplicht een plaatsvervanger moet hebben is die er niet. Dus dat betekent dat alles op mijn schouders terechtkomt. Ik ben nu voor het eerst met vakantie gegaan en heb ik ook echt gezegd ik ben er ook echt niet. Maar dat was de afgelopen drie jaar niet mogelijk. Er was altijd wel iets tijdens een vakantie en ziekzijn was ook een probleem. Daar geldt ook, wij hebben de afgelopen anderhalf jaar heb ik veel geïnvesteerd in kennismaken met rekenkamers, andere rekenkamers die voor meerdere gemeenten werken. Dat is ook heel leuk, want binnen de Nederlandse Vereniging heeft dat nu een soort kring opgeleverd van rekenkamers met een regiofunctie noemen we dat nu tegenwoordig. Dan is dit de enige waar maar één persoon voor zoveel gemeenten tegelijk de bestuurlijke entiteit is laat ik het zo noemen. In andere rekenkamers zijn het dan altijd meerdere mensen, waardoor ze ook de gemeente verdelen. Niet in de zin dat je het echt verdeeld, maar wel dat voor elke gemeente dan iemand de eerste contactpersoon is.
Waardoor je ook veel meer kan investeren in de relatieopbouw, terwijl relaties opbouwen met zes gemeenten op een goede manier is gewoon voor één persoon ingewikkeld. Dus dat is nog een vraagstuk. Dat ligt ook op tafel, is ook aan de orde gekomen in de bespreking bij Rotterdam. De griffier van Rotterdam is al enige tijd bezig om uit te zoeken hoe dat moet met een plaatsvervanger in het directeursmodel. Want de wet is een beetje geënt op het idee dat de rekenkamer een college is en dan is die plaatsvervanger natuurlijk heel makkelijk. Dan is één van de collegeleden is gewoon de plaatsvervangend voorzitter. Maar bij het directeursmodel
5/26
zijn ook de andere rekenkamers die een directeursmodel hebben, rommelen hiermee zeg ik maar. Ik bedoel Amsterdam heeft nooit een plaatsvervanger gehad, de Rekenkamer Rotterdam in het verleden wel, maar dat was niet ingevuld op het moment dat ik aantrad. Dat is altijd ingewikkeld als je aantreedt en er is geen plaatsvervanger hoe dat dan moet. Maar ook de Randstedelijke Rekenkamer worstelt hier, is ook net een nieuwe directeur aangetreden en die worstelen ook met dit vraagstuk. Dus het is ook wel een beetje typisch van rekenkamers met een directeursmodel. Maar het is hier extra complex omdat we voor zes gemeenteraden werken. Dus dat is die bestuurlijke belasting en dat blijft een zorgpunt, maar daar wordt wel aan gewerkt. Want Rotterdam is nu echt goed aan het kijken hoe moeten we het doen? We hadden met u afgesproken, want in het verleden was zeg maar de hoogste ambtenaar van de Rekenkamer Rotterdam die niet mijn plaatsvervanger mag zijn in Rotterdam, was wél de plaatsvervanger in de regiogemeenten. Krijg je heel governance-technisch een heel ingewikkeld model, want mijn hoogste ambtenaar is mijn collega-bestuurder in de regiogemeenten. Dat is wat ingewikkeld. Dus we hebben toen al met elkaar afgesproken we willen een plaatsvervanger die ook daadwerkelijk plaats kan vervangen als het nodig zou moeten zijn voor iedereen tegelijk. Dus vandaar dat het voor u ook niet ingevuld is.
Dat ligt dus niet aan u, maar aan de keuze om het voor allemaal tegelijk te doen. Ik hoop dat ik de vragen op deze manier beantwoord heb. De voorzitter: Hartelijk dank voor die beantwoording. Zijn er in de tweede termijn behoefte? Als eerste heeft zich gemeld de heer Oostdijk. De heer Oostdijk: Hartelijk dank voor de hele uitgebreide beantwoording, vooral van het laatste punt. Ik wens u toe dat u toch periodiek op vakantie mag gaan. Want als u omvalt om het zo maar even plat te zeggen, dan zijn we verder van huis denk ik. Dus ik hoop ook dat op dat punt er binnenkort een oplossing gevonden kan worden. Succes ermee. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar de heer Jumelet zag ik net. De heer Jumelet: Wat de heer Oostdijk zegt, het laatste punt, daar wilde ik ook eigenlijk even mee beginnen. Volgens mij is het allemaal niet zo ingewikkeld. Maar goed, het is ook een kwestie van gewoon een keuze te maken en daar niet te zuinig te zijn met elkaar. Want uiteindelijk moet het ook een gezonde situatie zijn voor u en de hele rekenkamer. Wat de heer Oostdijk ook zegt, mocht u inderdaad omvallen wat we natuurlijk niet hopen, dan hebben we een veel groter probleem. Dus in die zin is goedkoop misschien ook wel duurkoop dan. In die zin zou ik toch willen aanmoedigen om daar tot een oplossing te komen. Dat is één. Twee.
U gaf aan voor 26 dat wellicht de bijdrage vanuit onder andere Lansingerland anders zou kunnen zijn. Toen zag ik de wethouder Financiën al een klein beetje met zijn wenkbrauwen bewegen. Want 26 staat bij ons toch ook wel bekend als een toch wel een jaar waar we één en ander verwachten. Dan zou ik toch het advies willen meegeven wees tijdig ook richting de gemeentes. Omdat in april, mei en dan kijk ik met een schuin oog maar even naar de wethouder, volgend jaar toch al de kaderbrief en de opmaat naar de begroting wordt gemaakt. Dus wees daar in ieder geval niet te laat mee als daar inderdaad significante wijzigingen te verwachten zijn. De voorzitter: Dank u wel. De heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel voorzitter. Bedankt voor de uitgebreide beantwoording. Punt twee dat ging over de vervanging. Vorige keer hadden wij vanuit de Partij van de Arbeid het punt van het borgen van de kwaliteit. Niet alleen als iemand er niet is of omvalt, maar ook binnen de bedrijfsvoering en het borgen van de kwaliteit is het wel handig dat ook dat geregeld wordt. In de stukken zie ik dat eigenlijk daar wordt mee gestart, dus het is een mooie ontwikkeling. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Azzouzi. Verder nog? Nee. Misschien dat u nog kunt reageren. Er zijn niet zozeer vragen gesteld als wel opmerkingen gemaakt.
Mevrouw Van Asselt: Dan zou ik willen zeggen en ik ben het ook geheel met u eens dat dit een te kwetsbare situatie is. Niet zozeer alleen voor mij persoonlijk, maar voor de rekenkamer en voor u als gemeenteraden. Dus vandaar dat ik eigenlijk ook al tweeënhalf jaar hier aandacht voor vraag, hier moeten stappen in gezet worden. Maar ik verwacht ook wel dat dat ook nu op relatief korte termijn daar wel stappen in gezet gaan worden. In ieder geval hoop ik bij het volgende jaarverslag daar iets anders over te kunnen zeggen dan dat ik nu zei. Wat u zei dat borgen van de kwaliteit van de bedrijfsvoering. De bedrijfsvoering is natuurlijk onder de motorkap, vinden onze onderzoekers ook niet altijd het meest interessante deel van een instituut. Maar we zijn nu gelukkig zover dat we met elkaar ook heel goed beseffen dat de bedrijfsvoering er wel voor zorgt dat de auto kan rijden. Dat we dus ook met elkaar moeten zorgen dat we dat goed doen. Dus ik zou zeggen die bewustwording en mede ook dankzij degene die, Geerd Struik die naast me zit, die bewustwording is binnen de organisatie erg gegroeid. Ook wel een soort trots en eergevoel. Sommige dingen willen we ook echt niet meer dat dat in de toekomst de situatie zou kunnen worden die het nu is geweest.
Dus wij moeten het gewoon als rekenkamer een noblesse oblige, dus wij toetsen anderen op hun doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid. Dat betekent dat het bij ons natuurlijk dubbel en dwars voor elkaar moet zijn en dat was het op een aantal fronten natuurlijk niet. Dus daar wordt hard aan gewerkt. We zijn het ook wel zodanig aan het borgen …
6/26
Want dat is dan natuurlijk de uitdaging dat het niet van mensen afhangt, maar dat het gewoon in de werkwijze geïntegreerd is. Dat die kwaliteit op dat vlak ook gewaarborgd wordt. Maar dank u wel dat u er aandacht voor vraagt. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Asselt. Dan zijn we aan het eind van dit agendapunt. Ik wil u in ieder geval namens de commissie hartelijk danken. Maar zeker ook door zeg maar de adviezen die u gegeven heeft aan gemeenteraadsleden. Blijf alstublieft heel kritisch naar wat wij doen. Dus ik denk ook dat ze dat heel goed begrepen hebben. Met name ook ten aanzien van wat gebeurt er nu met de aanbevelingen? Wat doet het college met die aanbevelingen? Er is een format voor, geeft u aan. Ik denk ook dat dat de raad zich daar even over moet gaan buigen hoe daarmee om te gaan. Tot slot, nee twee dingen heb ik nog. De periodieke evaluatie van het geheel, ik denk ook dat we daar over goed over na moeten denken. Dan tot slot, in feite geeft u aan ik ben heel erg bereid om jaarlijks, minimaal jaarlijks bij het jaarverslag een toelichting te komen geven. Ik denk dat wij dat als commissie zeker zullen gaan opnemen dat u … U krijgt gewoon standaard een uitnodiging van ons via de griffie. Laten we het zo maar even stellen in het vervolg. Hartelijk dank voor uw aanwezigheid en tot de volgende keer. Succes met uw werk, onder andere voor onze gemeente.
Ik schors een enkele minuten. 5.b. Bespreekpunt Horti Science jaarrapportage – ingebracht door CDA en D66 De voorzitter: Ik heropen de vergadering. Aan de orde is agendapunt 5.b. Horti Science. Jaarreportage Horti Science is ingebracht door het CDA en D66. Ik denk dat ik even wat uitleg moet geven. Niet aan u, maar zeker aan de luisteraars. Wat is Horti Science? Het Lansingerland Horti Science District bestaat uit 150 glastuinbouwbedrijven, ruim 250 toeleverende bedrijven en behoort al jaren tot de wereldtop. Horti Science vervult hierin een sleutelrol. Horti verwijst specifiek naar slimme toepassingen in de glastuinbouw om groenten, bloemen en planten beter te laten groeien om de precies gecontroleerde omstandigheden. Tal van baanbrekende ideeën en uitvindingen komen uit Lansingerland. Voorbeelden hiervan zijn revolutionaire watertechnieken die het watergebruik aanzienlijk verminderen, zoals het kweken van een kilo tomaten met slechts vier liter water. Terwijl dat vroeger rond de zestig zat. Wat betreft de Science, het andere deel dus van de Horti Science, zien we een grote groep bedrijven in Lansingerland flink investeren in onderzoek en ontwikkeling. Ze willen zichzelf in de wereld continu verbeteren en ook heeft Lansingerland veel kennisinstellingen. Lansingerland heeft zelfs het beste tuinbouwinstituut ter wereld, de Wageningen University & Research.
Daarom is Lansingerland echt de plek voor Horti Science. De fracties van CDA en D66 willen hierover in de commissie een aantal zaken bespreken met de fracties en het college. Simpel gezegd de vragen ongeveer wat gaat er goed? Wat kan er beter en is er bijsturing nodig? Hoe is het met het geld wat wij gevoteerd hebben voor deze Horti Science ontwikkeling? Ik geef het woord graag aan de heer Van den Beukel van het CDA. Vervolgens aan de heer Weerheijm van D66, de beide indieners. Maar eerst ga ik naar de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter dank u wel en hartelijk dank aan het college voor het maken van zo'n mooie jaarrapportage Horti Science. Die gewoon goed inzicht biedt in wat is de stand van zaken op dit vlak in Lansingerland. Dat is belangrijk voorzitter, want Lansingerland zoals u ook al zegt, is Home of Horti Science. Dat is een strategische keuze die de raad gemaakt heeft in 2022. Niet alleen iets zegt over onze economische prioriteiten, maar ook gewoon eigenlijk een pilaar is van de Omgevingsvisie. Zelfs onze citymarketing om het eventjes in slecht Nederlands te zeggen. Dus dat is belangrijk. Daarom vindt de CDA-fractie het eigenlijk een heel goed idee en hebben ook zelf initiatief genomen samen met D66, om toch tenminste één keer per jaar als meest innovatie tuinbouwgemeente ter wereld, een tuinbouwdebat te houden.
Gewoon om een tour d’horizon te maken over dit onderwerp. Vanuit alle perspectieven, nogmaals ook vandaar samen graag met andere partijen, om die verschillende perspectieven op dit vraagstuk in te brengen. Dan de vragen voorzitter zoals we ze zelf hebben geformuleerd. Wat gaat er goed? Er gaat eigenlijk heel veel goed wat ons betreft. Niet in het minst dankzij ondernemers, die elke dag bezig zijn met produceren, innoveren toeleveren, vermarkten, enzovoort. Ook dankzij de kennisinstituten. Gelukkig ook steeds meer dankzij de gemeente. Dus dat is mooi en dat is een compliment voor het college en voor ons als raad dat we dit hebben vastgesteld. Er worden ook nieuwe ontdekkingen gedaan, investeringen, duurzaamheid gedaan, mensen opgeleid. Qua resultaat is het glas dus echt ruim halfvol wat ons betreft. We zijn specifiek bijvoorbeeld blij met de opening van het Horti Science Innovation Center. Een aantal van ons was daar vanmiddag bij in Bleiswijk, groot belangrijk succes wat daar gevierd is. Waardoor we nu gewoon zo'n academische startup accelerator in Lansingerland hebben. Wat je normaal gesproken alleen maar vindt in universiteitssteden, dat hebben we hier nu in Bleiswijk. Echt heel bijzonder wat daar is neergezet. Horti Science House wat zal worden gerealiseerd op het Horti Science Park door Bunnik, daar zien we de eerste contouren van. Dat lijkt ook heel veelbelovend.
Daar zal ook onderwijs plaatsvinden voor mbo- en hbo-studenten, wat we heel erg toejuichen. Wat we ook goed vinden is dat er steeds meer sociale activiteiten plaatsvinden
7/26
in verbinding met onze inwoners, ook met scholieren. Het Kidz Festival bijvoorbeeld. We zien ook steeds meer investeringen in duurzame energie. Wat heel belangrijk is natuurlijk voor de toekomst van deze sector die af moet van het aardgas, ook af wil van het aardgas. Maar daarvoor ook gewoon publieke investeringen, bijvoorbeeld een infrastructuur nodig heeft. Dus mooie dingen, maar er kunnen ook dingen beter. Twee dingen wil ik eruit lichten. Drie, sorry. Sommige kleine dingen … Heel persoonlijk, terug moest ik lopen van het feestje in Bleiswijk. Dan loop je nog steeds langs die verschrikkelijke Laan van Mathenesse bijna doodgereden te worden door vrachtwagens, omdat er nog geen fatsoenlijk voetpad is. Dat is niet alleen vervelend voor mij, dat is niet zo belangrijk. Maar vooral voor onderzoekers van Wageningen Universiteit bijvoorbeeld en voor medewerkers van die startups, die gewoon niet op een fatsoenlijke manier op het Horti Science Park kunnen komen. Er is geld toegekend voor een bushalte, maar die is er nog steeds niet twee jaar na dato. Dus daar vragen we ook op die kleine praktische dingen toch echt actie van het college conform de visie en uitvoeringsagenda. Het tweede punt wat er beter kan, is toch een zorgvuldige omgang van ons als raad en ook van het college, met eigenlijk de ruimtelijke vraag. De ruimtelijke behoefte van ons voor dat Science-cluster.
We hebben gezien vorig jaar dat een tijdelijke woonplek voor spoedzoekers en voor Oekraïners niet werd geprojecteerd op plekken die eigenlijk zijn bestemd voor woningbouw, maar in tuinbouwgebied. Weet u, in zichzelf kun je dat nog billijken, maar we moeten ons goed bewust zijn van de uitstraling die dat heeft. Speculanten op woningbouw die zien dat. Die zien dat wij niet helemaal consequent zijn, niet helemaal consistent zijn in onze ruimtelijke keuzes. Die nemen vervolgens grondposities in. De bekendste natuurlijk door BPD in de Noordpolder. Die hopen dat wij hier, doordat zij tien, twintig jaar dat in portefeuille houden, op een gegeven moment door de bocht gaan. Als we dat gaan doen met elk stukje braakliggend terrein in ons tuinbouwgebied, hebben we een groot probleem. Daar wil ik ons echt voor waarschuwen en behoeden en met name ook het college echt om zorgvuldigheid vragen. Dat zij geen voorstellen meer doen voor andere functies in wat we eigenlijk bestemd hebben als tuinbouwgebied. Tot slot wat er beter kan voorzitter, is ruimte geven aan het Horti Science Park. Ik noemde het al, het Horti Science House wordt nu gepland door Bunnik, ziet er mooi uit. Maar daarmee, als de nieuwbouw van de WUR is gerealiseerd en het Horti Science House ook, is eigenlijk de laatste vierkante meter van wat we hebben bestempeld als Horti Science Park, is op. Laat het even tot u doordringen.
We hebben een Horti Science Park op de kaart gezet, in geïnvesteerd. Vervolgens hebben we eigenlijk de eerstvolgende ondernemer die zegt, daar wil ik me vestigen, hebben we geen vierkante meter meer te bieden. Dat is toch wel wrang. Lijkt een beetje alsof je de groeibriljant gaat inknellen. Alsof je een groeiend kind insnoert in een te klein tuigje. Voorzitter, nu is het natuurlijk zo dat er op Bleizo-West wel heel veel duizenden vierkante meters zijn gereserveerd in de plannen voor bedrijvigheid, maar toch is dat gebied nog op slot. Mijn indruk is dat als een bedrijf zich nu meldt om zich daar te vestigen, dat het antwoord is nee. Dus wil ik graag een reactie van het college of dat klopt. Zo ja, of zij bereid zijn dat slot daarvan af te halen. Om ruimte te gaan bieden aan uitbreiding van het Horti Science Park. De derde vraag die gesteld is voorzitter, is hoe kijkt de commissie aan tegen onderbesteding van het geld? Voorzitter, volgens ons heeft dat veel te maken met de moeilijkheid dat we toch alleen maar incidenteel geld ter beschikking hebben gesteld. Drie keer 1,2 miljoen. We weten denken allemaal, ook uit de praktische verhalen over personele bezetting op het gemeentehuis, hoe moeilijk het is om een goed team te bouwen met incidenteel geld.
Als je structureel weet dat je mensen kan inhuren, dan kun je ze makkelijker in dienst nemen en een team bouwen, dan wanneer je dat incidenteel alleen maar kan financieren. Dus daarom vragen wij het college om structureel geld ter beschikking te gaan stellen voor uitvoering van de Horti Science visie. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u wel voorzitter. U weet natuurlijk ook dat we in zwaar weer verkeren financieel als gemeente, zeker op structureel gebied. Hoe gaat u dat dan financieren dat idee van u? De voorzitter: De heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Dank u wel voorzitter. De heer Van Santen u heeft volstrekt gelijk. Juist in tijden van schaarste moet je keuzes maken. Zoals ik net heb betoogd, we hebben een keuze gemaakt eigenlijk al als gemeente. We hebben gezegd er is een Home of Horti Science. We zien dat het ook een multiplier heeft in de investeringen die wij doen, van elf miljoen maar liefst staat in de rapportage. Dat is nog maar een eerste inschatting zou ik bijna zeggen. Dus juist als het krap is, dan moet je kiezen voor wat je belangrijk vindt en hebt gevonden. Is het wat ons betreft zaak om hier ruimte voor te maken. Hoe we dat vervolgens dekken, dat is denk ik een vraag die aan de orde hoort bij een kadernota, vervolgens bij een begroting.
Er ligt nu geen nieuw budgettair voorstel voor, maar dan moet je kijken hoe je dat inderdaad kunt dekken. Ben ik met u eens. Ik ga graag samen met u en anderen op zoek om dat te financieren. Want als het college het niet doet voorzitter, dan zal er een voorstel komen vanuit het CDA om die financiële ruimte te gaan creëren. De voorzitter: Een interruptie van de heer Markus.
8/26
De heer Markus: Voorzitter dank u wel. Even een andere vraag. Wij hebben altijd gezien dat die drie keer 1,2 miljoen bedoeld was als een soort vliegwiel in gang zetten. Dat was een kortdurende impuls om na drie jaar als gemeente een stap terug te doen, zo staat het in het stuk. Stelt u nu voor om die impuls door te blijven zetten en maar aan dat vliegwiel te blijven trekken en proactief te blijven handelen de komende jaren? Dus een iets andere beleidskeuze dan in het verleden is gemaakt? De voorzitter: De heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, rijksoverheid heeft volgens mij recent anderhalf miljard of daaromtrent geïnvesteerd in Eindhoven, de High Tech Campus. Wij hebben hier echt iets heel bijzonders en ik vind het belangrijk dat we ons dat realiseren als raad. We hebben een hele bijzondere High Tech Campus hier in Lansingerland. Dat vraagt soms ook om publieke investeringen. Inderdaad een deel is vliegwiel kun je tijdelijk doen, maar een deel is ook structureel. Bovendien heb ik gezegd, je moet ook soms structureel investeren, juist om ook een team te kunnen bouwen. Dat blijkt nu heel lastig. Ik denk dat dat één van de oorzaken is van die onderbesteding. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van den Beukel. Ga ik naar de heer Weerheijm van D66. De heer Weerheijm: Dank u wel voorzitter.
Alvorens ik een beetje de materie in duik, ben ik de commissie denk ik een kleine disclaimer verschuldigd. Want misschien vroeg u zich af, inderdaad CDA, D66 die dit samen agenderen, dat is wel heel bijzonder. Allereerst dank aan de heer Van den Beukel die contact met mij opnam over dit dossier. Want zoals u zich misschien kan herinneren wij hebben als fractie in 2022 tegen deze visie gestemd. Wij hechten er echter wel heel veel waarde aan dat als de raad daar eenmaal iets besluit, dat is ook prima en dan gaan we gewoon verder kijken hoe die uitvoering daar geschiedt. Laat het ook een leuk voorbeeld zijn dat je ook als fracties met verschillende ideeën over een bepaald onderwerp gewoon gezellig samen dingen kan agenderen. Dat zou ik ook iedereen willen aanraden. Onze focus vanavond en dat is ook door de heer Van den Beukel werd dat aangedragen, zijn de financiën. We zien echt een hele flinke onderbesteding. Ik had het hier net ergens opgeschreven. Volgend jaar heeft ons team volgens mij nog iets van 2,6 miljoen euro wat ze mogen besteden … 2,8 miljoen euro die ze mogen besteden vanuit deze visie. Dat is een ontzettende hoeveelheid geld. Natuurlijk moet het niet zo zijn dat we maar uitgaven gaan zoeken om het om het maar te kunnen doen, maar dat laat wel zien over de mate van onderbesteding die er is geweest.
Er zijn eigenlijk misschien drie redenen mogelijk waar die onderbesteding vandaan komt. Eén van die redenen werd net door de heer Van den Beukel al aangedragen. Het team en dat soort zaken. Volgens D66 zouden er ook nog twee andere oorzaken kunnen zijn. Misschien dat het gewoon te goed gaat eigenlijk op een manier. Dat klinkt misschien een beetje raar, maar als je dan ziet dat de opbrengst eigenlijk van de Horti Science visie zelfs met deze investering eigenlijk al het twintigvoudige waren dan de uitgaven van afgelopen jaar. Namelijk meer dan tien miljoen subsidie opgehaald met een uitgave van 500.000 euro. Denk je in welke mate kunnen wij dan als gemeente eigenlijk met ons beperkte financiële middelen nog daadwerkelijk bijdragen? Andere kant je ook kijken is er misschien een mismatch tussen de doelen die wij hebben opgesteld als gemeente? Het budget dat we daaraan hebben gekoppeld en waar er daadwerkelijk vraag naar is vanuit de sector. Ik wil echt niet weer beginnen over mijn eigen persoonlijke bonfutje in de vorm van de Flower Turbines. Dus daar ga ik ook verder niks over zeggen, maar ik zeg het toch maar even. Dus de lijn van D66 is in dit dossier altijd geweest hoe zorgen we er nu voor dat we deze sector op een goede manier faciliteren, hoe we de netwerken aanleggen en hoe we meedenken en aanmoedigen met de sector. Dan specifiek op het teken van duurzaamheid.
Dat werd door de heer Van den Beukel net ook al uitgebreid aangedragen. Daar wil ik wel de kanttekening plaatsen dat in de visie D66 echt niet zo is dat wij onze hele glas- en bouwsector één op één kunnen verduurzamen. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken. Een interruptie van de heer Philippens. De heer Philippens: Ik heb daar een korte vraag over. Het college geeft een aantal verklaringen waarom er zeg maar minder geld is uitgegeven zeg maar dan we gebudgetteerd hadden. De oorlog, corona, ambtelijke capaciteit en dat wordt ook onderbouwd. Zeg maar u geeft aan dat er een mogelijke mismatch zit wat wij aanbieden en wat er nodig is. Heeft u daar ook een onderbouwing op waarom u dat aandraagt? De voorzitter: De heer Weerheijm. De heer Weerheijm: Ik wilde eigenlijk niet over het voorboodje beginnen dat ik hier had staan. Maar als ik zie dat we nu al meer dan een jaar bezig zijn om die windturbines in de vorm van bloemen aan te besteden en te creëren. Denk ik wel is dat nu echt waar we ons als gemeente moeten focussen? Pakken we daar nu onze rol? Heeft de sector daar daadwerkelijk iets aan? Dat vind ik persoonlijk een moeilijk punt. Daar hoef ik voor de rest van het college helemaal geen uitleg over, want daar heb ik het al vaak genoeg met iedereen over gehad. Maar dat is wel iets wat mij dan opvalt. Dan ga ik even terug naar mijn oorspronkelijke punt.
Zoals we nu bijvoorbeeld midden in de winter misschien af en toe een setje bloemen kopen in de supermarkt of ergens anders die ergens in een kas zijn gegroeid, verwarmde kas. Daarbij moet je wel afvragen is dat echt de toekomst? Betekent dus dat we onze glas- en tuinbouwsector
9/26
één op één moeten verduurzamen? Als het aan D66 ligt moet er ook echt wel wat veranderen in het vraagpatroon, ook van de consument. Moeten we met elkaar ook gaan nadenken is dit nog wel op deze manier houdbaar in een duurzame wereld? Dat houdt natuurlijk niet tegen dat juist die innovatie en zeker het academische karakter en het wetenschappelijke karakter van onze Horti Science visie, dat we dat natuurlijk super erg waarderen. Zeker het wetenschappelijke natuurlijk zeg ik maar even. Hoe dan nu verder? Dat is een beetje de vraag van D66. We zien dus dat er nog flink wat budget is om komend jaar te spenderen. Natuurlijk hopen we gewoon dat dit gewoon lukt. Dat dit in lijn met de visie die door de raad is vastgesteld gewoon gebeurt op een goede manier. Maar goed we moeten ook alvast even wat verder kijken, want hoe gaan we dit later doen? De heer Van den Beukel gaf aan dat hij het graag structureel wil maken. Kijken we natuurlijk reikhalzend uit naar de voorstellen daarvan. Maar gezien, de heer Van Santen gaf het al aan, de financiële situatie van de gemeente is niet super ruim. Dus ik denk dat we ook wat creatiever hier naar zullen moeten kijken. Misschien had u de technische vragen van mijn fractie gezien. Dat was eigenlijk een beetje een hersenspinsel van onze kant.
Zou je nu bijvoorbeeld een bis kunnen oprichten voor onze Horti Science sector? Daarmee investeren en bijvoorbeeld de economische positionering van de sector kunnen faciliteren. Misschien dingen die nu niet van de grond af komen door aller handen, collectieve actieproblemen en dergelijke. Als laatste het werd het ook even genoemd, schaars grondgebruik is wel echt een issue in Lansingerland. Aan de ene kant zijn we inderdaad als Lansingerland Home of Horti Science. Ik denk inderdaad de sector waar we allemaal heel trots op mogen zijn. Andere kant onze tweede slogan is ook, het is lekker leven in Lansingerland. Dus je ziet eigenlijk al dat we ook als gemeente misschien niet helemaal altijd helemaal helder hebben wat nu onze prioriteit is. Is het aan de ene kant Horti Science, of is het aan de andere kant ook dat we een hele prettige woongemeente willen zijn? Die dingen kunnen botsen. Dat is niet iets wat wij hier vanavond hoeven op te lossen, gelukkig niet. Daar hebben we alle andere visies en dergelijke voor. Maar de voorbeelden die door de heer Van den Beukel werden aangedragen laten wel zien hoe complex die zaak is. Dat dat ook leidend gaat zijn voor over wat de toekomst is van de sector in Lansingerland. Daar wilde ik het voor nu bij houden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Weerheijm. Dan gaan we naar de heer Markus. De heer Markus: Voorzitter dank u wel.
Voorzitter u gaf waarschijnlijk onbedoeld met uw uitleg van Horti Science aan dat er nog wel wat werk aan de winkel is. Want helaas nog niet voor iedereen is inderdaad duidelijk wat we nu precies met Horti Science bedoelen. Gaat het dan over de glastuinbouw? Ja, dat gaat onder andere over de glastuinbouw. Wij hebben inderdaad in 2022 hebben wij met veel enthousiasme de uitvoeringsagenda ondersteund. Ook waren we van harte bereid om daar inderdaad vervolgens de portemonnee voor te trekken om inderdaad dat vliegwiel op gang te helpen. Wij hebben het ook echt zo gezien, dat het inderdaad een impuls was om te geven aan de sector. Als je inderdaad die uitvoeringsagenda er nog eens bij pakt, dan zie je dat dingen zijn uitgevoerd, maar ook dingen niet zijn uitgevoerd. Maar het mooi van die uitvoeringsagenda is dat die, daar was iedereen heel enthousiast over, vrij detaillistisch aangeeft wat al die acties kosten. Dus wij spelen een beetje met de gedachte beste college, is het niet eens goed om die uitvoeringsagenda nog eens kritisch tegen het licht te houden in combinatie met de bouwstenen die we met elkaar hebben vastgesteld hebben. Daar staan wij als ChristenUnie nog steeds van harte achter, achter die zes bouwstenen met de strategische doelen.
Zijn nu al die acties uit dat uitvoeringsprogramma nog steeds nodig om die doelen te bereiken? Want uiteindelijk gaat het er ons om die doelen te bereiken. Of dat nu 3,6 miljoen moet kosten, meer of minder. Dat vinden we dan even wat minder ter zake doen, omdat wij nog steeds volkomen achter die bouwstenen en achter die strategische doelen staan. Kijk daar nu eens kritisch met elkaar naar, wat moeten we daar nog van uitvoeren en wat kunnen we eventueel laten zitten? Maar ook belangrijk en dat was even mijn vraag aan de heer Van den Beukel. Moeten we inderdaad een deel van het probleem wellicht oplossen om wat dingen structureel te maken omdat je daarmee meer armslag gaat krijgen? Dat vinden wij een lastig punt om dat nu even staande deze vergadering over te besluiten. Maar ik denk wel dat het goed is om daar wel kritisch naar te kijken. Want nogmaals, dat de Horti Science een belangrijke sector is voor onze gemeente dat stelt niemand in deze raad ter discussie. Maar de discussie gaat er vaak om hoe gaan we op een effectieve manier om met ons geld om hen zo maximaal mogelijk te ondersteunen? Dus wat ons betreft en het college stelt het zelf ook een beetje voor in het jaarverslag, maar wel met wat slagen om de arm. We gaan dat wellicht doen, wat ons betreft gaan we dat doen. Kijk eens kritisch naar die uitvoeringsagenda.
Wat moeten we daar nog van doen incidenteel om inderdaad dat vliegwiel aan de gang te krijgen? Wat willen we daar structureel voor gaan doen om inderdaad dat vliegwiel gaande te houden? Want wij pleiten er wel voor om inderdaad een X aantal jaar vrij actief in die sector te investeren. Maar wat we ook in uitvoeringsagenda hebben gezegd dat je na die jaren een stapje terug neemt, wel een goede rol blijven vullen. Dan met … Nu ben ik het woord, het tegenovergestelde van het woord incidentele gelden gewoon kwijt. Structurele, dank u wel. Om dan met structurele middelen dat te blijven ondersteunen. Dus daar zou ik eigenlijk het college toe willen oproepen om dat te gaan doen.
10/26
Ik hoor graag ook wat andere partijen daarvan vinden om die weg met elkaar te volgen. Om zo de belangrijke sector in deze gemeente wel op een goede manier, zowel incidenteel als structureel te blijven ondersteunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar de heer Jansen. De heer Jansen: Dank u wel voorzitter. D66 en CDA bedankt voor het agenderen van dit stuk. Wat gaat er goed? Er gaat veel goed. Wat de heer Van den Beukel al aangaf vanmiddag, de aftrap van weer een ontwikkeling. Er zitten nog wat dingen aan te komen, dat gaat prima. Wat kan er beter? We kunnen altijd beter en er kunnen altijd dingen anders. Maar ons hebben uit het partnership geen zaken ter ore gekomen dat de partners vinden dat het niet goed loopt. Dus in onze ogen loopt dat. Kan het beter? Waarschijnlijk wel, maar ik neem aan dat in onderling overleg tussen het college en de partners ernaar gekeken wordt hoe het geld zo efficiënt mogelijk besteed kan worden binnen de termijnen die daarvoor staan. Dat er dan geld overgeheveld wordt naar een andere jaarrekening, ook prima. We hebben dat geld geserveerd, laten we dat wel beschikbaar houden voor Horti Science. Welke bijsturing zelf? Van onszelf niet. Laat dat voornamelijk uit de partners komen.
Wat de heer Markus zegt, wat staat er in de uitvoeringsagenda? Wat moeten we doen? Geef daar dan wel een prioriteit aan als de partners vinden dat bepaalde dingen hogere prioriteit hebben, laten we die dan oppakken. Zodat we gezamenlijk tot een beter perceptie komen dat we daar goed bezig zijn. De vraag structureel geld in gaan zetten. Komt u maar met een voorstel, dan gaan we dat wel beoordelen. Maar ik geef u er wel rekening van dat we niet een oneindige portefeuille hebben waar we het uit kunnen trekken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Jansen. De heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u wel voorzitter. Ik ga niets afdoen aan de lofzang die ik heb gehoord over Horti Science. Allemaal hartstikke mooi en wij dragen wat dat aangaat de tuinbouw hier ook een warm hart toe. Daar gaat het wat ons betreft helemaal niet om. In 22 waren wij net als de D66 tegen het voorstel. Ons pleidooi was toen dat we dit zoveel mogelijk aan de innovatieve sector zelf willen overlaten. Dat de gezonde bedrijven in dit cluster dit financieren. Voorzitter, dat is niet veranderd dat standpunt. Sterker nog, als dan ook nog eens blijkt dat de geplande uitgaven twee jaar na dato niet volledig worden gerealiseerd dan zet de VVD nog meer vraagtekens bij het toenmalige besluit. Als ik dan inga op de vragen wat gaat er goed? Dat men kennelijk met minder geld toe kan, dat gaat er goed.
Dus wat ons aangaat wat kan er dan beter? Het besluit herzien en dit zoveel mogelijk aan de sector overlaten. Kennelijk is het niet nodig, dus dat is mooi en wij hebben het geld hard nodig. Ik hoorde de heer Markus op een bepaalde manier en ook D66 daar een beetje op doelen. Laten we daar maar eens kritisch naar gaan kijken. Want uit de lengte of de breedte moet het toch vandaan komen. Als het niet nodig is dat heel mooi en dan gaat de sector dat voor een deel zelf doen. Zover voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van Santen. Gaan we naar mevrouw Van Splunter. Mevrouw Van Splunter: Dank voorzitter. Opgroeiend in Bleiswijk als een niet-tuindersdochter heb ik wel gewoon vakantiewerk in de kassen gedaan. Maar toen nog helemaal niet in de wetenschap wat voor moois er allemaal ontwikkeld is. Hoe trots ik eigenlijk ben als ik dan thuis werd gebracht uit de stad en dan het dorp in reed met al die kassen en iedereen zoiets had vanuit de stad in wat voor gehucht woon jij? Daar ben ik echt mega trots op. Als ik dan kijk naar het mooie jaarverslag wat er ligt en wat er allemaal gerealiseerd wordt dan zijn wij inderdaad Home of Horti Science. Dan worden daar vragen gesteld. Dank trouwens voor het indienen van dit bespreekpunt D66 en CDA. Ik vind dat lastig om dat zo te beantwoorden op dit moment.
Ik denk dat we ook erg benieuwd zijn naar de reactie nog van het college. Ik vind wel dat uitvoeringsagenda doelen en kosten die daarbij gepaard gaan, inderdaad tegen het licht gehouden moeten gaan worden om te kijken … Want ik vind het wel een interessante discussie die VVD opvoert, kennelijk kan het ook met minder geld. Dus ik verwacht dat deze zeker terug gaat komen bij de behandeling van de begroting. Maar dat er in ieder geval een mooi verslag ligt waar Lansingerland in ieder geval erg trots is op wat ze gedaan hebben, dat blijkt aan alle kanten. Ben ook wel heel erg benieuwd hoe dat inderdaad door partners wordt ervaren. Zoals ook in het bespreekpunt staat aangegeven wat voor verwachting er is bij de partners en hoe zij daarin staan. Dus ik wacht verder gewoon even de reactie verder af. Er zijn interessante vragen gesteld. Zoals een goede route ernaartoe ook als je lopend bent in plaats van met een vrachtwagen en de bushalte. Dus dat wachten we eventjes af. Fietsen, ja maar dan kan je ook platgereden worden als er … Maar goed, dat is even terzijde. Dit voor zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Philippens. De heer Philippens: Complimenten aan de partijen voor het inbrengen van dit voorstel van twee verschillende kanten. Mooi. Wij waren toentertijd al een groot voorstander van het voorstel, zijn we nu nog steeds voor Horti Science.
Dat zien we ook in het rapport terug, er gaat veel goed. De heer Van den Beukel heeft dat al mooi beschreven en daar zijn we ook wel trots op. Bouwstenen worden uitgevoerd, maar wat de heer Markus ook aangeeft, volgens mij kunnen we nog steeds kritisch tegen het licht houden die uitvoeringsagenda. Dus daar wil ik me bij aansluiten. Maar volgens mij gaat het college richting
11/26
zomerrapportage met een voorstel komen, in ieder geval nog voor die miljoen wat openleggen. Maar dan ben ik benieuwd of ik dat goed heb geïnterpreteerd. Maar er gaat dus heel goed. We hebben ook een aantal extra investeringen binnengehaald, dat is dus mooi. Dus geld levert dan extra geld op zeg maar, dat is denk ik een heel mooi resultaat. Wat kan beter? Wat ons betreft de snelheid. Zien we in die drie redenen terugkomen. De oorlog en daarmee de energieprijzen waar ook onze tuinders veel last van hebben gehad. Corona, maar ook onze eigen ambtelijke capaciteit. Ook weer verklaarbaar omdat het weer ingezet werd op die prio’s. Maar dat is wel jammer en dat maakt wat kwetsbaarder. Hoe kijken wij aan tegen die onderbesteding? Dat vind ik toch wel jammer, omdat een deel aan die ambtelijke capaciteit ligt. Dus kijk daar ook of daar een bepaalde ambtelijke versnelling op mogelijk is. Die wil ik nog meegeven. Eventueel bijsturen op kaders. Wat ons betreft is dat op dit moment niet nodig, wel dus die snelheid aanbrengen. Wij wachten dan ook de zomerrapportage af waar dan ook een voorstel op gaat komen richting het inzetten van die gelden die nog over zijn. Het stukje vooruitkijken zeg maar, of je daar dan structurele bijdrage aan wil leveren die kan ik ook niet zo beantwoorden. De eerste reactie is wat de heer Jansen al aangaf, is lastig structureel natuurlijk.