[BV24.0033] Verslag commissie Ruimte 9 april 2024
Tekst van het document
VERSLAG Commissie Ruimte
Datum vergadering
: 9 april 2024
Aanwezig in de raadszaal Commissieleden Leefbaar 3B : Jan Pieter Blonk, Machiel Crielaard, Jean Paul Meuldijk WIJ Lansingerland : Jan Jumelet, Bianca Boonstra-Becker, Paul Zantman CDA : Rita Leijendekker, Charles van Harn, Michel Krieger VVD : Ivo de Graaf, Christiaan Toussaint, Vincent Jumelet D66 : Ineke den Heijer, Arjen van Berkel CU : Arjen Hofman, Lenneke Maasland GroenLinks : Marko Ruijtenberg PvdA : Nanno Scheringa, Valmir Xhemaili Burgemeester Wethouders
: Pieter van de Stadt : Simon Fortuyn, Michiel Muis, Titia Cnossen en Leon Hoek
Voorzitter Commissiegriffier
: Nelleke Bouman : Karin Koemans
Afwezig CDA : Michel Krieger GroenLinks : Menno Duk VOOR Lansingerland : P. van Olst
1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Dames en heren, dames en heren. Volgens mij is het acht uur, zo te zien. Een iedere heel hartelijk welkom. Allereerst de leden van de commissie Ruimte, aan mijn linkerzijde en de rechterzijde de twee wethouders, de ondersteuning uiteraard en al degenen die op de publieke tribune zitten en zij die hopelijk afgestemd hebben op de webcast en het een en ander misschien wel vanavond gaan volgen. We hebben geen grote agenda, maar je weet maar nooit. Zoals ik even in de rondte kijk zijn bijna alle fracties vertegenwoordigd, dus dat is ook mooi. Mededelingen verder heb ik niet. 2. Insprekers De voorzitter: En ik ga dan over naar punt 2 van de agenda en daar hebben zich twee insprekers gemeld. Ik heb ze al gezien. De eerste inspreker is de heer Meulman. En die gaat ons iets zeggen over het ontwerpbestemmingsplan Westersingel 82-94 in Berkel en Rodenrijs. Ik verzoek mijnheer Meulman even naar voren te komen. We hebben daar een prachtig spreekgestoelte voor u. Wij hebben geen tekst van u gekregen, maar ... De heer Meulman: Ik heb een kopietje voor u bij me. De voorzitter: Oh geweldig. Dan moeten we nog even op een knopje gedrukt worden. Nou kijk, er komt al iemand aangesneld. En mijnheer Meulman, u krijgt vijf minuten de gelegenheid om ons iets te melden. De heer Meulman: Helemaal goed. Dank u wel.
Mijn inspreken betreft het concept bestemmingsplan Westersingel 82-94. Ik ben André Meulman, ik woon aan de Noordeindseweg 3-b in Berkel en Rodenrijs. Mijn woning grenst schuin aan de ontwikkellocatie. We zijn al enige tijd bezig met die planontwikkeling en de projectontwikkelaar heeft een mooi plan ontworpen en ik hoop dat we hele leuke achterburen krijgen. Na de terinzagelegging van het concept bestemmingsplan heb ik mijn zienswijze ingediend.
1/23
Daarin ben ik op meerdere onderwerpen ingegaan, maar mijn belangrijkste aandachtspunt en zorg betreft het gevolg van het bouwplan op de waterhuishouding voor de bouwlocatie en de aangrenzende percelen. In mijn zienswijze heb ik aangegeven dat het concept bestemmingsplan enkel kijkt naar de effecten van de waterhuishouding op de bouwlocatie zelf en dan met name aan de gevolgen van de overgang van onverhard naar verhard. Echter de te bebouwen locatie heeft ook een waterbufferfunctie voor de omgeving. Die watertoets, zoals uitgevoerd door het Buro BOOT, die schrijft daarover. En omdat het standstil-beginsel van toepassing is en wat betekent dat de projectontwikkeling geen negatieve gevolgen mag hebben voor de waterhuishouding op het perceel, alsmede de omgeving daarvan, omdat dat standstilbeginsel van toepassing is, heeft het grote aandacht van mij. Aan deze bufferfunctie is in het ontwerp bestemmingsplan geen enkele aandacht gegeven. Dat heb ik in de zienswijze geschreven. Ik ontving de reactie naar aanleiding van de ingediende zienswijze, het waren er vier, document zit bij de stukken. Ik vind die reactie teleurstellend omdat er feitelijk niet echt inhoudelijk wordt ingegaan op de ingediende zienswijze. En voor het onderwerp water, waar mijn inspreken overgaat, gaat het daarbij om punt 3 in die reactie. Daarin wordt verwezen naar de watertoets zoals uitgevoerd door Buro BOOT.
Die toets is als bijlage 4 onderdeel van het rapportregels, et cetera, omtrent het concept bestemmingsplan bijgevoegd. Maar hetgeen ik in mijn zienswijze naar voren heb gebracht, komt juist uit dat rapport. En als in de reactie verwezen wordt naar het rapport, dan draaien we een beetje rond en dan krijg je geen inhoudelijk antwoord op de zienswijze. In die reactie op de zienswijze staat dat een aandachtspunt is dat oppervlakte afstroming naar de omgeving niet tot overlast mag leiden. Tot overlast mag leiden. Maar dat is onjuist want het uitgangspunt standstill zegt, er mogen geen negatieve gevolgen zijn en er is een verschil tussen geen negatieve gevolgen en geen overlast, want meer water op mijn perceel is een negatief gevolg, waar ik wellicht niet altijd overlast, in de directe zin van lekkage van hoeft te hebben, maar het is een negatief gevolg. Ik heb een souterrain, dat is gevoelig voor grondwaterstand en meer water zal daar effect op hebben. Dus ik wil niet meer water op mijn perceel ten gevolge van deze projectontwikkeling en dat is geen uitgangspunt, zoals in de reactie op de zienswijze staat, maar dat is een eis die in het bestemmingsplan moet worden opgenomen, moet zijn opgenomen want het is een eis die gesteld wordt aan projectontwikkeling. Het is het gevolg van het standstill-beginsel.
In de reactie op de zienswijze staat dat het bestaande maaiveld is ingemeten op 4,5 meter onder NAP. Dat is niet juist. In de stukken, daar zit een tekening bij en daar staat dat de metingen op het perceel variëren van -4,4 meter, pal aan de Westersingel tot -5 meter aan de kant van de Noordeindseweg. Tussen maaiveld van 4,5 of -5, daar zit wel een halve meter tussen en het is best een heel groot hoogteverschil als je het ziet in de omgeving van de bouwlocatie. Want dat zou betekenen dat we dus een halve meter moeten ophogen en dat heeft watergevolgen. Omdat het plan, omdat het perceel nu als buffer fungeert, zal iedere ophoging effect hebben. Maar ik lees in het plan niks over compenserende maatregelen in het project om de waterafvoer vanuit die bufferfunctie goed te regelen en dat is juist heel erg belangrijk dat het water wat naar dat perceel gaat, goed wordt afgevoerd. Daar hebben we ook om gevraagd in de zienswijze, maar er wordt volstrekt niet op ingegaan. Mijn conclusie is dan ook dat met alleen de compensatie van de eigen perceelsoppervlakte, er veel te weinig gebeurt om alle regenwater af te voeren. En het bestemmingsplan zal moeten worden aangevuld in mijn optiek op dat punt. Ik rond af. Het effect van regenwater op onze waterhuishouding, dat is een onderwerp dat de afgelopen jaren in belang ontzettend is toegenomen.
Bij forse regenbuien is er in het land al snel sprake van stedelijke overlast. De verwachting is dat dit alleen maar meer gaat worden de komende jaren, dus nieuwe plannen moeten juist op de watereffecten zwaar worden beoordeeld. De plannen moeten daarop nauwkeurig zijn, toekomstbestendig, toereikend zijn en in de plannen zodanig geformuleerd dat iedere leek, ik dus, het kan begrijpen. Die duidelijkheid moet vooraf gegeven worden, anders kunnen wij het bestemmingsplan niet, niet goed lezen. Naar mijn mening is aanvulling op dat punt noodzakelijk. Dat is mijn inspreektekst. Dank u wel. De voorzitter: Dank u. Blijft u even staan want misschien zijn er vragen vanuit de commissie. Even kijken, mijnheer Crielaard. De heer Crielaard: Dank u wel voor uw inspraak, mijnheer Meulman. Ik begrijp uit uw inspraak dat u de reactie in de nota van de zienswijze, dat u de reactie op de zienswijze teleurstellend vindt. Ik heb ook gezien dat naar aanleiding van de zienswijze er geen wijzigingen zijn bestemmingsplan, maar dat er naar aanleiding van een advies van het Hoogheemraadschap nog wel een wijziging is geweest met de
2/23
geactualiseerde watertoets. En ik ben benieuwd of u die ook gezien heeft en zo ja, wat u daarvan vond en dat nog iets doet met ... De heer Meulman: Ik heb inderdaad het landelijke apparaat gevraagd waar ik de geactualiseerde documenten kon vinden en daarin werd ik verwezen dat agenda stukken voor vanavond. Daar heb ik de betreffende bijlage van dat rapport Buro BOOT vergeleken met zoals ik hem heb gelezen bij terinzagelegging van het bestemmingsplan en ik zie op dit punt geen enkele wijziging. De heer Crielaard: Oké. Dank u wel. De voorzitter: Ik ga verder. Mijnheer Hofman. De heer Hofman: Dank u wel. Mijnheer Meulman, dank u voor uw inspraak. Ik snap dat het water uw aandacht heeft en dat er geen negatieve gevolgen van deze ontwikkeling mogen zijn als gevolg van deze ontwikkeling. Het punt waar u op ziet, het zit wel een beetje in de details. En ik vroeg me af, is er een concreet punt waarvan u zoiets hebt van beste Raad, als u dat aanpast, dan is het helemaal geregeld of is er iets wat we zouden kunnen doen? Bijvoorbeeld vraag om een toezegging in de nadere detaillering, waarmee u ook gerustgesteld zou zijn? De heer Meulman: Nou zeker, want ik zou menen dat het bestemmingsplan de maatregelen moet bevatten die noodzakelijk zijn om de waterafvoer te regelen. En dat mag geen open punt zijn wat in de uitvoering nader bepaald gaat worden.
Dus het moet niet een lege voorwaarde vooraf zijn, maar het moet in mijn optiek een ingevuld onderwerp zijn wat in detail aangeeft welke maatregelen genomen worden en tot welke effecten die leiden. Het rapport BOOT is ook een zeer cijfermatig rapport, enorm gekwantificeerd. Juist als het zo gekwantificeerd is, dan moet het ook mogelijk zijn om de te nemen maatregelen te kwantificeren. En ik denk als dat gebeurt, ik ben zelf een accountant en ik hou van optellen en aftrekken, dan kan ik gewoon lezen dat de verwachte waterhoeveelheid gewoon binnen de afvoercapaciteit van het perceel afgaat. En dan ben ik een blij man. De voorzitter: Ik ga verder. Mevrouw Den Heijer. Mevrouw Den Heijer: Dank u wel. Dank u wel voor uw inspraak, heel helder ook, want heeft u ook in een stukken gelezen wat voor maatregelen dat dan eventueel zouden kunnen zijn? De heer Meulman: Ik heb gelezen over de maat... Het gaat om twee dingen. Allereerst wordt alleen gesproken over maatregelen voor het water wat op de oppervlakte van het perceel valt. Maar het perceel ligt lager dan de omgeving. Het is nu ook een bufferfunctie, dat staat ook in het rapport BOOT, dus juist die bufferfunctie daar wordt niet over gesproken en daar wordt ook in de compenserende maatregelen niet over gesproken. Dus ik zou menen dat er twee zaken te doen zijn.
De compenserende maatregelen die er staan nog nader kon concretiseren en dat gaat dan alleen over hetgeen wat valt op het perceel, maar vervolgens ook die bufferfunctie concretiseren. En ik lees ook wel dat er bepaalde zinnen staan. Er staat bijvoorbeeld waterbufferend heien. Ik heb geen idee wat waterbufferend heien is. Ik hoop jullie allemaal wel of dat jullie in ieder geval een achterban hebben die weten wat waterbufferend heien is. Maar ik heb geen vertrouwen in het wateropnemend vermogen van een heipaal. Desondanks wat ik eigenlijk zou willen weten is, hoeveel wordt daarmee nou afgevoerd? En dat wil ik van al die maatregelen zien en dan kan ik gewoon het tellen en vergelijken met hetgeen wat verwacht wordt en hetgeen wat afgevoerd moet worden. De voorzitter: Even kijken, wie nog meer aan de rechterkant? Mijnheer Jumelet. De heer Jumelet: Dank u wel. Er werd net even verwezen al naar de noden van zienswijze met betrekking tot de zienswijze ingediend is door het Hoogheemraadschap van Delfland, als ik het goed heb. In dat stuk of in de ambtshalve reactie staat iets over de compensatie hoe het moet gaan plaatsvinden en waarmee Delfland blijkbaar akkoord is vanuit haar verantwoordelijkheid en dan zie ik een motivering
3/23
waarin staat dat er een compensatieopgave is. Elders, ik neem aan net buiten het plangebied, want die zoals het hier staat, roept dat dat wel op. Maar als u dat zelf ... U heeft het neem ik aan ook gelezen. De heer Meulman: Ik heb het rapport BOOT gelezen. Ik heb ook die brief van het Hoogheemraadschap die bij de reactie op de zienswijze zat, die heb ik gelezen. Maar ik heb in de reactie in die brief van het Hoogheemraadschap eigenlijk geen getal kunnen ontdekken. Dus ik zie woorden en ik lees daar ook een vertrouwenwekkende gedachte ten aanzien van deze planontwikkeling en ik hoop ook dat dat uiteindelijk ook gaat gebeuren. Maar ik wil graag en in die zin zie denk ik dat dat voor de besluitvorming voor de advisering die deze commissie moet doen ook belangrijk is, dat je niet alleen kijkt naar de tekst die het Hoogheemraadschap doet, maar dat dat ook gewoon concreet. Het rapport BOOT schrijft concrete dingen en misschien dat het Hoogheemraadschap beschikt over stukken die ik niet heb en ik ook niet kan lezen en die voor hen de reden zijn om dit te schrijven. Dan zou ik menen dat de publiciteit die aan deze documenten gegeven wordt en het feit dat een concept bestemmingsplan ter inzage gelegd wordt, dat dat het ook voor mij mogelijk moet zijn om te controleren dat zo'n belangrijk onderwerp goed afgedekt wordt.
En dan vind ik de brief op zich wel vertrouwenwekkend van het Hoogheemraadschap, maar ik wil gewoon lezen en wat de maatregelen zijn. De heer Jumelet: Misschien één aanvullende vraag en dat is, u zegt ik heb die stukken gelezen, ik heb die brief van het Hoogheemraadschap gelezen, et cetera, is dat ook aanleiding geweest voor u om contact te zoeken met Hoogheemraadschap om een toelichting op wat zij zeggen en uw zorg die u heeft of die daarmee voldoende afgedekt is? De heer Meulman: Nee, ik heb het niet gedaan, maar ik weet ook niet of dat het Hoogheemraadschap mij daarin überhaupt zou doorverbinden. Ik ben maar een persoon en dit is een spel tussen ontwikkelaar en de gemeente als vergunningverlener. En ik, ik bedoel, als ik het Hoogheemraadschap bel, hoe moet ik uitleggen wat mijn belangen zijn en kom ik terecht ... Ik ken die hele organisatie niet eens, dus nee ik heb niet gebeld. De voorzitter: Eens even kijken, wie nog meer aan de rechterzijde. Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter.
Ook even over die waterberging, maar misschien ligt het aan mij dat ik het niet snap, want ik ben geen waterdeskundigen in die zin, maar de staat in die brief wordt verwezen naar artikel 11.5 en 11.5 in het beplant zeg maar, dat staat er moet voorzien worden in een waterberging van 959 vierkante meter of 224,5 kubieke meter en dan nog, dat moet binnen een jaar er zijn en dat is het advies ingewonnen. Maar is dat dan geen compensatieregeling of zie ik dat dan verkeerd? De heer Meulman: Wel in mijn optiek, want die stond namelijk ook al in het eerste rapport en dat is precies de hoeveelheid die blijkbaar afgevoerd moet worden op grond van hetgeen wat er op het perceel valt. Het gaat mij juist erom dat de omgeving ook water loost. U zult ongetwijfeld de omgeving kennen, het parkeerterrein wat aangrenzend is, dat ligt bijna een meter hoger dan dit perceel en het water plenst ernaartoe. Dus het is juist, misschien komt nog wel meer water vanuit de omgeving dan op het perceel zelf, ik weet het niet. Maar het moet dus meer zijn dan alleen wat er op het perceel valt. En ik mis juist die aandacht voor de omgeving, de aangrenzende percelen. De voorzitter: Eens even kijken, wie nog verder, niemand. Dan zijn de vragen aan u gesteld, mijnheer Meulman. En zoals u al zei, het staat op de agenda voor vanavond. De heer Meulman: Dank u wel voor de aandacht en de vragen.
De voorzitter: Wordt vervolgd. Dan nodig ik de heer Tjelma uit. Ja geweldig, dank u wel. Gaat u naar het spreekgestoelte en u gaat het hebben over een onderwerp wat niet op de agenda staat, maar waar wel de nodige zorgen over zijn en dat gaat over de bomenkap aan de Zuidersingel. En ook voor u vijf minuten. Ik weet niet of u een tekst heeft.
4/23
De heer Gjaltema: Nou ik heb pas vanmorgen, het is trouwens Gjaltema, maar dat maakt niet uit. Ik heb pas vanmorgen te horen gekregen dat ik inspreekrecht of dat zou krijgen, dus ik heb het niet helemaal goed kunnen voorbereiden. Ik heb een stukje tekst onder elkaar gezet en wil ik ook wel verspreiden morgen eventueel. Maar ja, dat dus. De voorzitter: Maar u krijgt van mij vijf minuten. Ik zou zeggen gaat uw gang. De heer Gjaltema: Oké. Mijn naam is Pieter ... is die aan? Mijn naam is dus Pieter Gjaltema, ik ben bewoner aan Zuidersingel, Berkel en Rodenrijs en ik zal sta hier eigenlijk namens ook 25 andere bewoners of medehuiseigenaren aan de Zuidersingel. Het gaat dus om de bomenkap en daaraan gerelateerde herplant van nieuwe bomen aan onze wat ooit zo mooie, prachtige, mooie bomensingelstraat was. Is nu toch verworden tot een kale asfaltvlakte eigenlijk. Er stonden dus voorheen 52 bomen, grote, volwassen, volgroende populieren en die zijn dus gekapt, ook mede vanwege de reconstructie van het Zuidersingel. Het is één project in de reconstructie van de Zuidersingel, is een nieuw asfaltverharding, nieuwe bermen en ook omdat aantal bomen in zeer slechte staat waren en de andere bomen in iets minder slechte staat waren, heeft de gemeente een nieuw plan ontwikkeld om dus een complete reconstructie uit te voeren. Inclusief, ons inziens dus, de herplant van 52 nieuwe bomen.
Ik zal even kort het proces even kort samenvatten. Eind 2019 zijn 18 stuks bomen gekapt, het waren dus grote, volwassen bomen die ziek waren. In februari 2020 is een bewonersavond geweest bij de gemeente Lansingerland, waarschijnlijk hier dus, waarbij ook dat herinrichtingsplan is gepresenteerd, inclusief herplant van nieuwe bomen. In juli 2020 is het inrichtingsplan vastgesteld door de gemeente, met daarin opgenomen de herplant van 50 nieuwe bomen. Oktober 2021 is voor de resterende 30 bomen ongeveer, door de gemeente een kapvergunning aangevraagd, want voor die zieken bomen hoefden geen kapvergunning aangevraagd te worden, maar voor de 30 stuks min of meer nog redelijk gezonde bomen wel. En ten behoeve van deze aanvraag is door een deskundig bureau Boomtotaalzorg een scan gemaakt van de 30 bomen en dan conclusie was dat die bomen nog best wel een jaar of 15 mee zouden kunnen, 20, maar omdat dus die reconstructie zou plaatsvinden, men zou zorgen voor een toekomstbestendige situatie, is gekozen om ook deze bomen te kappen, met natuurlijk de voorwaarde dat er ook nieuwe bomen zouden komen. En in dat onderzoek of rapport van Boomtotaalzorg wordt ook met nadruk gewezen op het bereiken van een toekomstbestendige eindsituatie en daardoor ook dat advies gegeven om ook met de nutsbedrijven in overleg te gaan.
Dat is ook normaal gesproken ook de normale procedure als je zo'n grote reconstructie laat uitvoeren of gaat uitvoeren, dat je ook met alle stakeholders, met name ook nutsbedrijven, van tevoren overleg pleegt, dat is natuurlijk een belangrijke speler. Ook in dat advies zijn dus verschillende scenario's gepresenteerd waarbij herplant van bomen mogelijk was, ondanks de aanwezigheid van kabels en leidingen. Achteraf blijkt nu dus dat het niet mogelijk is. Mijn conclusie of onze conclusie is dan dat dat voortraject door de gemeente onvoldoende of misschien juist helemaal niet is uitgevoerd. Oktober 2021, eind oktober, is door de gemeente de kapvergunning verleend voor die kap van die ruim 30 bomen. En in deze kapvergunning is uitdrukkelijk opgenomen, en ik citeer: vergunninghouder dient op onderhavig perceel 30 bomen te herplanten met een handelsmaat van 16-18 binnen één jaar na het kappen. Dus onhaag perceel wil zeggen Zuidersingel en niet elders. Dus waar bomen gekapt zijn, moeten ook nieuwe bomen terugkomen, volgens de kapvergunning, als voorwaarde om te mogen kappen. Tevens is aangegeven om te voorkomen dat aan nieuw geplante bomen vroegtijdig gekapt moeten worden, wordt alleen een herplantplicht opgelegd wanneer boven en ondergronds voldoende ruimte is. Het is een citaat uit de kapvergunning.
In onhaven geval is er voldoende ruimte om een boom te herplanten, dus in de kapvergunning wordt duidelijk aangegeven dat er voldoende ruimte is om bomen her te planten. In oktober 2021 hebben we allemaal een uitgebreide brief gekregen van de gemeente, onder andere ook een hoofdstukje met de bomen en daarin wordt aangegeven, eerst een stukje waarom kap noodzakelijk is en dan, we gaan 50 nieuwe bomen in de straat planten, verschillende soorten. De bomen zullen worden geplaatst in een plantgat met wortelwerende maatregelen voor zo ver in de buurt van kabels leidingen. Dus dan wek je toch de indruk dat er rekening is gehouden met kabels en leiding. Tevens is er ook door de gemeente door een extern landschapskundig ingenieursbureau, allemaal hele dure bureaus, ook Boomtotaalzorg, dus er is heel veel geld in uitgegeven, waarin dus op tekening is aangegeven waar de nieuwe bomen zouden komen en dat inrichtingsplan van die bomen is ook met ons gedeeld. We konden precies zien waar nieuwe bomen zouden komen en welke soort. Dus dat was dus eind 2021. Toen is ook de kap van de resteren 30 bomen uitgevoerd en is de reconstructie van de
5/23
Zuidersingel ook gestart. Een jaar later, bijna een jaar later dus eind 2022, wij waren allemaal aan het wachten, wanneer komen de bomen nou eindelijk, krijg je een briefje van de gemeente, twee dagen voor Kerstmis, lijkt me ook wat tactisch eerlijk gezegd, waarin de gemeente aangeeft dat de reconstructie bijna gereed is. En dan een heel klein zinnetje nog, dat herplant eigenlijk niet mogelijk is vanwege kabels en leidingen. Dus eigenlijk niet eens onderwerp in de brief maar gewoon als een klein zinnetje erbij. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken. Hoe lang heeft u nog want u bent al vijf ... De heer Gjaltema: Een minuutje, een minuutje. De voorzitter: Nou, dan gaan we eens even kijken. Ik zou zeggen, gaat uw gang. Kom even tot de kwintessens. De heer Gjaltema: Huidige situatie is nog altijd geen bomen. Wij bewoners van de Zuidersingel vinden dat de gemeente zich moet houden aan de kapvergunning. Wij moeten ons allemaal houden aan de voorwaarden in de vergunningen, maar ook aan de toezeggingen die gedaan zijn. Er is altijd gecommuniceerd medebewoners dat het bomen zouden terugkomen. Ik heb ook altijd vernomen dat een belangrijk issue binnen de gemeente groen is en dat er alles aan wordt gedaan om bomen terug te laten komen.
Bovendien maakt het ook de situatie aan de Zuidersingel, het is nu een rechte streep asfalt als de bomen zouden staan, is het ook visueel smaller en ook veiliger volgens ons. En de bermen, als de bomen in staan, kan er ook niet in geparkeerd worden. En nogmaals, ik vind afspraak is afspraak en de gemeente moet zich daaraan houden en ons inziens is de bermen voldoende breed voor kabels leidingen en bomen, als die kabels leiding maar zou liggen volgens profiel wat vereist werd door de gemeente. Dat is ook niet zo, dus daar is ook ergens iets fout gegaan ooit in het verleden. Dat was het dan. De voorzitter: Dat is het. Blijft u even staan want er zijn misschien vragen vanuit de commissie. Ik kijk even naar links, kijk even naar rechts, dan is uw ... Mijnheer Hofman, gaat uw gang. De heer Hofman: Ik vroeg me even af in de vorige situatie waarin de populieren ... Lagen er toen rondom die populieren ook kabels en leidingen en zijn die kabels en leidingen ook helemaal meegenomen, verplaatst in die reconstructie? De heer Gjaltema: Dat is een heel goed punt inderdaad, die leidingen lagen ook al. Is natuurlijk een andere situatie die de bomen geplant waren, lagen er ook al kabels en leidingen, worden die bomen natuurlijk steeds groter, dus dat waren al forse bomen ook. Maar de mogelijkheid om de leidingen te verleggen was natuurlijk tijdens die reconstructie.
Dat probeer ik ook net te zeggen van, dat tijdens zo’n ontwerpproces, zo'n voorafgaand proces moet je dus met kabels-, leidingsbeheerders in overleg gaan, van hier komen bomen terug, hoe kunnen we dat gezamenlijk zo goed mogelijk vormgeven voor een toekomstbestendig situatie? En dus hadden toen die leidingen verlegd moeten worden, maar het kan nog steeds alleen het kost wat meer geld. Dus wij vermoeden gewoon dat het ook een centenkwestie is. De voorzitter: Even kijken. Ja, mevrouw Den Heijer. Mevrouw Den Heijer: Dank u wel voor uw inspraak. Ik was even benieuwd van wat, hoe is uw overleg met de wethouders tot nu toe gegaan hierover of heeft u daarover overleg over gehad? De heer Gjaltema: Niet met de wethouders. Ik heb wel contact met de projectleider, Anton Snijders. En op zich gaat het al wat prima vind ik, prima collega of hoe noem je dat? Alleen, ik vind wel dat communicatie op zich wel, natuurlijk de gemeente doet beloftes, doet toezeggingen, houdt zich niet aan de vergunningen in principe. En reageert eigenlijk amper op vraag die gesteld worden door mevrouw en er wordt ook niet met ons gecommuniceerd, dus ook in zo'n bewonersbrief wat ik al zei, wordt dan met één zinnetje gezegd, de streep gehaald door herplant van bomen. Er wordt van tevoren ook helemaal niet gecommuniceerd. Terwijl bomen, dat is toch een beeldbepalend iets. Zeker ook in die Zuidersingel
6/23
wat toch een landelijk karakter geeft. Het is elke als ik de straat binnenrijd vind ik het toch altijd eeuwig zonde. Mevrouw Den Heijer: Wat zou u nou willen, wat er nu gebeurt? De heer Gjaltema: Ik ben in principe vind ik van ... Vergunning is vergunning, afspraak is afspraak, toezegging is toezegging, jullie zorgen maar dat de bomen terugkomen. Hoeveel het kost, het kan, het kan, die leidingen kunnen verlegd worden. Er kan ruimte gemaakt worden bomen. Het kan wel, alleen het kan niet anders dan een centenkwestie zijn. De voorzitter: Even kijken, aan de linkerkant niemand, aan de rechterkant iemand nog een vraag? Nee. Uw inbreng is helder en ik kom zo op uw inbreng terug in het vervolg van deze vergadering, dus dank voor uw inbreng. De heer Gjaltema: En jullie ook bedankt. 3. Vaststelling verslag vergadering d.d. De voorzitter: Dan gaan wij over naar punt 3 van de agenda, het vaststelling van het vorige verslag. Bij de vorige vergadering is er ergens toch een vraagstelling nog binnengekomen en dat is een tekstuele aanpassing gekomen en bij deze is dat dus verwerkt, dus dat is het enige wat ik daarvan te melden heb. Iedereen verder akkoord? Ja. 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De voorzitter: Dan gaan we over naar punt 4 van de agenda, de vaststelling van de agenda aan de inventarisatie van de rondvraag.
We hebben net het een en ander gehoord over de herplant van de Zuidersingel en er is enige tijd geleden een vraag gesteld door mevrouw Leijendekker aan het college en daar is een antwoord op gekomen en mevrouw Leijendekker heeft een rondvraag en misschien kan ze even aangeven, de vraagstelling van aan die rondvraag. Mevrouw Leijendekker: Pieter, u wilt nu dat ik de rondvraag aanduid? Ik wil graag een aantal vragen stellen naar aanleiding van de beantwoording van de vragen door het college. Er zijn met mij een aantal vervolgvragen opgekomen naar aanleiding van de beantwoording. Het onderwerp is die herplant bomen Zuidersingel. De voorzitter: Het gaat dus over de herplant. Daar heeft u daar ... Heeft al het college eerst al eerste vraagstelling antwoorden gegeven en daar wil mevrouw Leijendekker rondvraag over hebben. Ik stel voor, gelet op het feit dat wij ook nog twee bestemmingsplannen te hebben bespreken, om de rondvraag even naar voren te halen, anders zou de inspreker toch de hele avond misschien wel tot 11 uur moeten wachten tot er een antwoord komt. Is iedere... Ik leg het even voor dus als iedereen akkoord is, dan gaan we nu over naar de vaststelling van de agenda. 5. Bespreekpunten De voorzitter: Het is bij punt 5 bespreekpunten niets ter bespreking, dus ik stel voor dat we de rondvraag daar dus behandelen.
Als iedereen akkoord is dan, ik zie geen op- en aanmerkingen, dan stel ik voor, mevrouw Leijendekker, stelt u de rondvraag. Ik zou zeggen, gaat uw gang. Mevrouw Leijendekker: Dank u, voorzitter. Zoals ook aangegeven door de inspraak, inspreker is in oktober 2021 door het college aan de eigen gemeente een kapvergunning verleend voor het kappen van bomen. Onderdeel van die aanvraag was een analyse van Boomtotaalzorg en die geeft aan dat vanwege de reconstructie, het noodzakelijk om de bomen te kappen. Maar bomen zijn wel heel erg essentieel voor de zogenaamde boomstructuur hoofdniveau. In de kapvergunning vereist het college een herplantplicht van de gemeente zoals ook de inspreker heeft gedaan. Zoals de inspreker heeft aangegeven, staat ook
7/23
echt duidelijk in de considerans van de kapvergunning dat rekening is gehouden bij de herplantplicht met de ondergrondse infrastructuur. De bomen zijn dus inmiddels weg en de weg is opnieuw ingericht. Ik heb daarover een aantal artikel 37 vragen gesteld en die antwoorden rijden bij mij tot de volgende vragen. Het college geeft in een antwoord aan dat nutsbedrijven aangeven dat er door de aanwezige ondergrondse infrastructuur en een zeer beperkte ruimte is en aan alle geplande boomlocaties problemen kleven. En dat leidt bij mij tot de vraag, heeft het college dan wel de gemeente bij de voorbereiding van de verleende kapvergunning met herplantplicht, de nutsbedrijven betrokken? Want nu komt het eigenlijk als een duveltje uit een doosje.
Of is dit gewoon een heel andere heel geheel nieuwe vinding? En de volgende vraag is, heeft het college zelf afgewogen of er alternatieve mogelijkheden zijn om toch bomen te planten en desnoods vanwege beeldbepalende krachten hiervoor kosten te maken? Zijn er ook, derde vraag is, zijn er ook eventuele extra maatregelen dan we extra kosten voor herplant niet te verhalen op de nutsbedrijven als die dat niet duidelijk hebben aangegeven? En mijn laatste vraag is, in de antwoorden geeft het college aan het jammer te vinden voor de bewoners en ze het vervelend te vinden om ze teleur te stellen, maar geeft tevens aan dat ze toch aan de herplantplicht voldoen door een herplant elders, zonder enige nadere aanduiding waar die herplant elders zal zijn. Is er geen mogelijkheid om toch tot een vorm van herplant te komen, om tegemoet te komen aan de eerder gedane beloftes aan de bewoners en de met de kapvergunning opgewekte verwachtingen bij de bewoners, maar ook bij de samenleving? Dank u. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Leijendekker. Het woord is nu aan mijnheer Muis. Na de heer Jumelet. Ik vraag ... De heer Jumelet: Ik wou een punt van orde maken. Ik begrijp ... Ik ga natuurlijk niet verhinderen dat deze rondvraag gesteld wordt, maar volgens mij hebben wij afspraken gemaakt over de aard van de rondvraag. En ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat dit vervolgartikel 37 vragen zijn.
Dus ik geef u toch in het vervolg in overweging om eerst goed te beoordelen of dit een rondvraag is, want ik verbaast mij een klein beetje bij eerdere gelegenheid worden rondvragen afgewezen omdat ze van zelfde aard zijn en nu wordt die toegewezen en ik gun het u van harte dat die vraag gesteld wordt, maar ik wilde toch even melding maken dat ik dit toch wel bijzonder vind, dat dit eigenlijk vervolgartikel 37 vragen zijn. En we hebben daarvoor een hele heldere afspraken over gemaakt in het presidium. Dank u wel. De voorzitter: Daar ga ik toch even op antwoorden, mijnheer Jumelet. Daar is uiteraard overleg over geweest. De afspraak heeft mij ook bekend en dat heeft ertoe geleid dat ik geoordeeld heb dat dit een vervolgvraag nu gesteld kon worden. Dus het woord is nu aan mijnheer Muis. De heer Muis: Dank u wel, voorzitter. Wij geven natuurlijk graag antwoord als u daarom vraagt. U heeft een aantal vragen gesteld aan het college. In eerste vraag over het voortraject. Daarover heeft geen afstemming plaatsgevonden met de nutspartijen. Het was de inschatting van de toenmalig projectleider, ook toenmalig college, maar goed die verantwoordelijkheid die hebben wij nu, dat herplant zou moeten kunnen en die inschatting wat ook in de vragen aan u hebben teruggegeven aan de CDA fractie maar aan u allemaal, is dat dat helaas niet correct blijkt en dat zadelt ons op met een probleem.
In lijn daarmee, wat u ook vraagt heeft het college ook afgewogen andere alternatieve mogelijkheden, hebben wij natuurlijk zeker gedaan om te kijken van, hoe kun je nou wel ruimte maken voor die bomen? Dit is een heel beperkte ruimte en die ligt vol met kabels en leidingen. We hebben gekeken, kun je die omleggen? En die ingeschatte kosten daarvoor die vinden wij niet maatschappelijk verantwoord en dat is natuurlijk heel vervelend, want dat komt een beetje bij het punt van de inspreker dat het een centenkwestie is. Dat is het niet alleen. Die bomen moesten deels sowieso gekapt worden en ook die reconstructie moest plaatsvinden. Dus dan zou je dat dan ook allemaal niet hebben moeten doen. Maar goed, we hebben gekeken van, wat kun je verleggen? Voor de eenvoudigste kabels, KPN en Ziggo zijn de kosten, die zijn daar geraamd op circa 145.000 euro en zijn er nog geen aannemers bij betrokken, hun uitvoeringskosten komen daarbij en dat zijn de goedkoopste kabels. Dus we hebben nog niet de opgaven van Dunea en Stedin, maar dat zal niet goedkoper zijn dan KPN en Ziggo, om maar even aan te geven. En dan is nog de vraag, waar ga je dan heen met die kabels? Want je kan zeggen, we gaan ze omleiden maar je hebt daar ook de ruimte niet voor.
Dan de vraag wie gaat het dan betalen, mocht u dat willen? Het is op ons verzoek, dus wij zullen dat dan moeten betalen die nutspartijen die gaan dat niet betalen. Daarbovenop
8/23
komt nu ook herplanten, maar goed dat zouden we sowieso willen doen als dat kon dus dat dat is niet het punt. De laatste vraag is een herhaling van de andere vragen, welke vorm van herplant? Dat proberen wij natuurlijk duidelijk te maken op vier, vijf, zes, zeven verschillende manieren, dat dat daar dus niet gaat lukken. En dat we dus ergens anders die herplantplicht wel uit zullen voeren. Dus ik heb daar ook naar gevraagd, wat kan wel? Ik hoor nu ook vanavond niet suggesties van u wat u dan wel zou willen anders dan die bomen terug. Dat dat gaat hem niet worden. Dus mooier kan ik het helaas niet maken. Dus dit is het antwoord vanuit college, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga even terugnemen. Nee, ik ga nu naar mevrouw Leijendekker. Mevrouw Leijendekker: Dank u wel, voorzitter en dank u wel, ook wethouder voor het antwoord. U merkt aan mij dat ik het mijn antwoord heel erg teleurstellend vind.
En misschien dan toch in aanleiding van uw laatste deel van uw antwoord, u geeft aan dat in mijn vraagstelling en in de vraagstelling van de inspreker geen suggesties worden gedaan voor alternatieven, maar mijn vraag is, ik moet naar een vraag toe want ik mag niet gaan discussiëren, maar heeft het college dan geen enkele overweging gedaan om toch op de een of andere manier tegemoet gekomen bij de bewoners opgewekte verwachtingen door op een of andere manier ook te voorzien in een groenvoorziening op de Zuidersingel? De voorzitter: De vraag is helder. Eerst naar de heer Muis. Nee, ik ga eerst naar de heer Muis. Even voor jullie, er gaat geen debat plaatsvinden met over dit onderwerp, als er aanleiding is tot, het is een vraag. De heer Blonk: Even een punt van orde. het reglement geeft aan dat als er een rondvraag is dat de wethouder die beantwoordt, dat daarna voor in tweede instantie de vraagsteller een vraag gaat stellen en dat daarna de andere leden van de van de commissie vraag kunnen stellen en dat dan de wethouder antwoord. Dat is het reglement van orde. De voorzitter: Ik dacht dat het zo niet in elkaar zat, maar ik ga eerst even terug naar mevrouw Leijendekker. Misschien dat er nog even nagekeken kan worden dat of u gelijk heeft. Maar mevrouw Leijendekker en de wethouder, dus die heeft de vraag gesteld en nu komt de heer Muis met de vraag, de beantwoording.
De heer Muis: Dank u. Voorzitter, is ook een herhaling natuurlijk van de eerdere vraag van, is er gekeken van wat er wel kan? Nou het antwoord helaas, die mogelijkheden zijn er niet in het is heel vervelend om te horen. Die bomen, dat gaat daar niet lukken. Anders dan, u kunt alle nog vele andere kosten kunt u van ons krijgen als we die hebben van andere partijen, dan heeft u een indicatie van wat het omleggen van leidingen zou kosten. En dan is nog maar de vraag van, waar kunnen die heen? Wat gaat dat dan kosten? Waar kun je die kwijt? En hoeveel ruimte levert dat dan op, voor hoeveel bomen? Maar dat is aan u als commissie al of u daar nou met elkaar verder over wil spreken aan de hand van het bespreekstuk of wat dan ook. Maar verder heb je daar gras en ook struikenwortelen zo diep dat dat ook niet kan. Ik heb zelf ook in ambtelijke organisatie nagevraagd van wat kan er dan wel? Bijvoorbeeld bloembakken. Die schijnen levensgevaarlijk te zijn voor de verkeersveiligheid, dus dat valt ook af. Dus zo er zijn natuurlijk allerlei opties afgelopen en dan is het heel zuur om te constateren dat er gewoon heel weinig mogelijk is daar. Dus als u suggesties heeft, wil ik daarnaar kijken en het uit laten zoeken. Maar wat niet kan, kan niet en ik vind dat ook heel vervelend om te constateren. En ook in de aanloop in 2021 hadden dingen wellicht anders gekund.
Nog steeds had die weg aangepakt moeten worden, waterpeilen hadden aangepakt moeten worden, zieke bomen hadden gekapt moeten worden. Dus het is ook niet zo dat we dan nu een heel andere situatie zouden hebben op dit moment. Ik denk dat dit wel voldoende is, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Even nu richting de heer Blonk. Ik heb even vluchtig gekeken. Het kan, de voorzitter kan dat toestemming voor geven, maar het is niet ondenkbaar in mijn optiek dat hier nog een vervolg aan gaat komen en dat er een debat plaatsvindt naar aanleiding van een bespreekpunt. Dat wacht ik even af want anders gaan we hier een debat houden en dat lijkt me even te ver gaan dus met andere woorden, ik heb nu besloten om het niet toe te staan. Nee, maar de voorzitter geeft aan of hier, ja, nee mijnheer Blonk, nee, zo staat het in het reglement. Gaat uw gang.
9/23
De heer Blonk: Dan vraag ik aan de commissie of zij het met mij eens zijn dat commissieleden een vervolgvraag kunnen stellen aan het college. De voorzitter: Naar aanleiding van, kan er nog een debat plaatsvinden en er is een alle gelegenheid om hier op verderop in te gaan. Anders hebben hier straks een heel debat over iets waar misschien iemand nog verder over na wil denken. 6. Stukken ter advisering aan de raad 6.a Vaststelling bestemmingsplan “Westersingel 82-94” te Berkel en Rodenrijs De voorzitter: Met andere woorden, we gaan over tot het volgende punt van de agenda en dat is het vaststellen van het bestemmingsplan Westersingel 82-94 in Berkel en Rodenrijs. We hebben daar de inspreker al over gehoord. Het gaat over de herontwikkeling van de Westersingel en het gebied ligt vlak bij het winkelcentrum. Er komen zo'n 20 woningen en dat past niet binnen de mogelijkheden van het huidige bestemmingsplan, heb ik gelezen. Daarom is er een nieuw bestemmingsplan nodig en er zijn op dit plan dus wat al gezegd is, zienswijzen ingediend. Het zijn er totaal vier die de nota door het college zijn beantwoord. In de tussentijd schuift mevrouw Wiering aan. Mocht de wethouder nog even de nodige vragen hebben aan de ambtenaar.
Ik zou zeggen aan wie kan ik het woord geven ten aanzien van het bestemmingsplan de woningbouw aan de Westersingel? Wie? Niemand? Nou, waar gaat het over? We hebben het over het bestemmingsplan Westersingel. U was nog even aan het bijkomen. Ik ga gewoon verder. Ik geef het woord aan mijnheer Crielaard. De heer Crielaard: Voorzitter, ik zou verklappen, ik hoopte eigenlijk dat iemand anders zou beginnen want zoals ik mijn voorbereiding had gedaan wil ik beginnen met de korte recap naar juni 2022 dat we nota van uitgangspunten vastgesteld, hebben kaders vastgesteld, afspraken gemaakt en met elkaar gezegd, weliswaar met amendementen bij, van we zijn blij met deze kaders en binnen deze kaders kunnen wij dit gaan ... Verder het vervolgproces in en op basis van bestemmingsplan met wat er voorlag wilde ik zeggen van, dan denk ik dat er een goed plan ligt, dat we daar heel blij mee zijn. Maar ik ben toch wel getriggerd door de inspreker. Want er staat bijvoorbeeld in één van die kaders die bijvoorbeeld die was vastgesteld, van water moet een volwaardig in proces worden meegenomen door middel van bijvoorbeeld die watertoets.
En ik dacht dat we een goede afspraak gemaakt hadden, maar ik vind hem toch in die zin wel ingewikkeld worden omdat ook in de conclusie staat een bestemmingsplan als bijvoorbeeld gaat over dat standstill-beginsel, even kijken, pakken we even bij, maar dat staat dat er dingen met die watersleutel, dat de compensatieopgave dat op grond van de watersleutel dat er aan voldaan wordt. En ik hoor toch een andere lezing van de inspreker, dus mijn punt is, ik vind het eigenlijk een beetje ingewikkeld worden dus ik wil eigenlijk mijn collega's in de commissie vragen van, deelt u ook te zorgen naar aanleiding die gehoord heeft van de inspreker en ik zou ook graag hier de reactie van het college op willen horen om mij toch weer een beetje gerust te stellen over dit plan. De voorzitter: Even kijken, mijnheer Hofman. De heer Hofman: Voorzitter, dank u wel. Zoals wij naar dit bestemmingsplan kijken en ook naar de ingediende zienswijze, hadden we ook het idee van, dit plan kunnen we gaan steunen en dit plan mag als hamerstuk naar de Raad. Van de bewoners die zienswijze hadden ingediend, heb ik ook wel begrepen van, water is echt wel een aandachtspunt. En er wordt in de inspraak nu ook extra nog even naar voren gebracht. En ik zit een beetje in dubio. Eigenlijk heb ik naar aanleiding van de inspraak zoiets van, er is dus in het bestemmingsplan iets wat nog niet helemaal uitgedetailleerd is.
Ik wil graag als gemeenteraad kaderstellend besluiten nemen. In een bestemmingsplan staan dingen vaak wel heel strikt, ja goed hè? Soms geef je kaders mee en soms geef je regels mee. Dit rondom de watertoets lijkt meer een geval van regel en niet zozeer eentje waar je een kader meegeeft wat nog uitgewerkt moet worden. Dat is mijn worsteling. Vandaar ook de vraag die ik stel dan inspreker en ik zou eigenlijk aan de wethouder willen vragen van, of het mogelijk is dat wij als commissie, als Raad vragen om een nadere detaillering, in welke fase die nadere detaillering dan gegeven kan worden en of we daarmee volgens de wethouder
10/23
tegemoet kunnen komen aan het bezwaar wat de inspreker hier heeft neergelegd? Nog even los van wat wij er als Raad van vinden. Ik wil eerst even beginnen bij, kan dit überhaupt? Ja, goed hè? Een tweede aandachtspunt wat ik toch even wilde benoemen is het weggetje achteraf, wat niet behoort tot het plangebied, wat een weggetje is dat de woningen aan de Noordeindseweg ontsluit. En in eerdere planvorming was het niet de bedoeling dat die weg doorgetrokken zou worden door het plangebied heen, zodat er een rondje gemaakt kon worden. Dat is nu wel het geval. En ook dat is, het is niet zozeer een punt van zorg maar wel een punt van aandacht voor inwonenden dat het geen rotonde racebaanachtige gaat worden en daar wil ik in de uitwerking ook aandacht voor vragen. Tot zover de aandachtspunten en als aan die aandachtspunten voldoende tegemoet gekomen kan worden slash zekerheid gegeven kan worden, dan staat wat ons betreft niets in de weg om dit stuk als hamerstuk naar de Raad te sturen. De voorzitter: Wie volgt? Mijnheer De Graaf. De heer De Graaf: Dank u wel, voorzitter. Ik hou het heel kort in mijn eerste termijn, ik maak hem ook heel plat. We kunnen elkaar allerlei technische colleges geven over watertoets en rapporten die we wel of niet gelezen hebben.
Maar volgens mij is de zorg die hier speelt dat de bewoner bang is, zoals ik hem proef, dat die bij de eerste de beste code geel de souterrain moet gaan dweilen en dat hij daar dus voor bedankt. Dus vraag die ik in de eerste termijn aan de wethouder heb, is of de garantie gegeven kan worden dat dat in elk geval niet aan de orde is, in elk geval niet frequenter dan nu. Dank u wel. De voorzitter: Even kijken, mijnheer Zantman. De heer Zantman: Dank u wel, voorzitter. Mijn gedachte ging ook even terug naar 7 juni 2022. Wat vooral opviel en dat vond ik wel heel prettig, is hoe constructief de bonus toen in de wedstrijd zaten. Dat is eigenlijk altijd zo gebleven. Nou is een inspreker die dat wat meer zorgen heeft en als ik die zorgen zo proef dan wil mijnheer eigenlijk, wat mijn voorgaande spreker ook al zei, een cijfermatige onderbouwing dat hij droge voeten houdt. Wat ons betreft, als de wethouder daar een goed antwoord heeft, dan kunnen wij daarmee instemmen verder. Dank u wel. De voorzitter: Even kijken, wie nog meer? Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Over water is al heel veel gezegd dus ik ben benieuwd naar het antwoord van de wethouder voordat we daar een mening over kunnen vormen. Ik vroeg me wel af, want we hebben inderdaad die nota van uitgangspunten toen aangenomen.
Daar, laat ik vooropstellen, wij zijn blij met sociale woningen en bereikbaar, maar daar zou ook zeg maar voor senioren misschien extra mogelijkheid zijn en dat soort dingen en ik zie dat niet helemaal nu terug of ik heb er echt finaal overheen gelezen. Is daar nog aandacht voor of is het gewoon afwachten vanaf misschien senioren woningen koopt en zijn er verder geen extra voorzieningen in en want het hofje lijkt mij niet echt een Knarrenhof geworden in die zin. Dus ik was even benieuwd naar de zienswijze van de wethouder daarin hoe zich dat verhoudt tot de nota van wat in de nota van uitgangspunten genoemd is. Dat was het. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dan gaan we naar mijnheer Van Harn. De heer Van Harn: Dank u wel, voorzitter. Over water zal ik het maar niet hebben want ik ben er mee eens wat naar voren gebracht is, dus ik ben ook benieuwd hoe de wethouder daarop zal reageren. Ik heb nog wel een paar andere vragen. Er staat in de stukken dat de erfdienstbaarheden de uitvoering van het plan niet in de weg staan. Maar ik zou die zin eigenlijk willen omdraaien, staat de uitvoerbaarheid van het bouwplan misschien de erfdienstbaarheid in de weg? Zou ik graag een antwoord op hebben. Daarnaast heb ik nog een paar verschillen in getallen gezien in het bestemmingsplan. Soms wordt er gesproken over 20 parkeerplaatsen in de openbare ruimte en ook een enkele keer over 19.
Graag duidelijkheid. En dat geldt ook voor de woningen, ook de woningen wordt in het bestemmingsplan één keer 21 woningen genoemd. En volgens mij ging het toch echt om 20, maar ik hoor het graag. Dan met betrekking tot de parkeren in de openbare ruimte. Mijn vraag is wordt daar het nieuwbouwplan ook mee bedoeld of juist niet, en wordt er dan vooral gedacht aan de aangrenzende parkeerplaats en de
11/23
Westersingel, waar dan die 19 of 20 auto's geparkeerd zouden kunnen worden? Voor zover, voorzitter. De voorzitter: Even kijken, mijnheer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Daar waar de heer Crielaard graag als laatste wil, is mij die eer gevallen. Dat geeft me de tijd om even ook te reageren op andere fracties, eventueel die op zich hele goede vragen hebben gesteld. Ik zie het in tegenstelling tot waar de heer Zantman zei dat hij vond deze bewoner misschien ietwat negatiever in de wedstrijd zat, deel ik niet die mening. Ik heb de heer Meulman echt oprechte vragen horen stellen en ik heb hem ook horen zeggen zo van, ik wens de toekomstige bewoners, wens ik daar heel veel succes en ik hoop dat het fijne bewoners worden, dus ik denk dat ook de heer Meulman er positief in staat. Alleen de zorgen die er zijn en zeker in het geval van waterhuishouding, we weten inderdaad dat klimaat aan het veranderen is, het wordt extremer er komt meer water, dus ik denk dat dat terechte vragen zijn, die al door velen gesteld zijn. Daar zijn dan ook een benieuwdheid in over hoe de wethouder hierop gaat reageren. De voorzitter: Mijnheer Ruijtenberg, er is een interruptie van de heer Zantman. De heer Zantman: Dank u, voorzitter.
Ik wil toch even zeggen dat u mij verkeerd begrepen heeft, want ik vind de heer Meulman ook uiterst constructief, daar begon ik mijn verhaal ook mee. Ik bedoel daar eigenlijk te zeggen dat we die man wat meer onderbouwing wil en ik hoop dat de wethouder daarbij kan helpen. Dat was mijn boodschap. Dank u wel. De heer Ruijtenberg: Geen vraag gehoord, dus ik ga niet op reageren, behalve dan dat het goed is dat de heer Zantman zich nog enigszins verduidelijkt heeft, denk dat iedereen daar blij mee is. Dan is er nog een laatste vraag, het gaat over het aantal woningen. Zoals ik de stuk heb gelezen is voor mij vrij duidelijk dat er volgens mij 20 woningen zijn. Dat is volgens mij wat er staat. Ik zie ook echter dat er 5 woningen zijn die goedkoper zijn of bereikbaarder zijn en of er nog ergens een mogelijkheid of een slimmigheidje gevonden kan worden om dat aantal huizen te verhogen. Want 5 van de 20 is 25 procent en het liefste zouden we natuurlijk naar de 30 procent willen die ook vanuit de rijksoverheid als geadviseerd wordt. Daar zouden we ook graag nog een antwoord op willen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u. Even kijken, mevrouw Den Heijer. Mevrouw Den Heijer: Dank u wel.
Wij zijn ook voor deze woningbouwontwikkeling, maar ook wij willen aandacht vragen zeg maar voor de duurzaamheid in dit verhaal en dan specifiek die klimaatadaptatie en we kunnen daar de nog specifieker daar de bufferfunctie aan toevoegen want wij vinden ook dat we plannen moeten maken die echt toekomstbestendig zijn. Dan sluit ik me helemaal aan bij de inspreker. We willen ook graag die groene en aantrekkelijke gemeente zijn en dat ook graag blijven en dat staat ook helemaal precies zo in deze documenten, dus daar is helemaal niks mis mee. Maar het feit is wel dat door deze bebouwing, natuurlijk de verharding in het gebied toeneemt en de absorptie van al het water afneemt. En we lezen dan als we daar even op inzoomen op deze stukken, lezen we dan dat er heel veel kansen zijn om dit binnen plangebied die kansen voor klimaatadaptatie te benutten. Dus denk aan klimaatverkoeling en toevoeging van meer de biodiversiteit, dat staat er. Maar die kansen moeten dan nog wel worden onderzocht, zo staat het er.
En wij vinden dat eigenlijk onvoldoende zekerheid bieden, dus wij denken dat onderzoek op dit belangrijke punt van leefbaarheid, van klimaat niet voldoende is, want hoe borgen we nu dat die maatregelen ook echt genomen worden? Want kunnen we niet gewoon gelijk afspreken dat we dat doen? Dan staat er dus, beplanting toevoegen rond de watergangen, realiseren van flora en fauna voorzieningen, realiseren van schaduw door aanplant van bomen centraal in het plantgebied en hiermee verblijfplaatsen creëren voor verkoeling. Wij sluiten ons ook aan dat dat eigenlijk geen open punten meer mogen zijn, maar juist moeten worden ingevuld. En wij willen heel graag de reactie van de wethouder hierop, maar ook van ons als commissie, hoe we nou dat soort belangrijke punten die dan zag staan als onderzoek, hoe we die toch meer zekerheid kunnen geven dat we dat ook daadwerkelijk gaan doen? Want straks hebben we daar helemaal geen grip meer op. Dank u wel.
12/23
De voorzitter: Mijnheer De Graaf, was het een interruptie voor mevrouw Den Heijer? De heer De Graaf: Jazeker, mevrouw de voorzitter. Dank u wel. Ik had de vraag aan mevrouw Den Heijer namelijk of bestemmingsplan zoals nu voorligt op dat het juiste instrument is om dit soort ambities te realiseren of dat er misschien andere instrumenten ons ten dienste staan op het niveau van visies et cetera? De voorzitter: Mevrouw Den Heijer. Mevrouw Den Heijer: Daar gaat het juist om. We kunnen heel veel mooie visies hebben en daar staat het allemaal in, dat we groen en duurzaam willen zijn en klimaatadaptatie belangrijk vinden. Maar dan komt er een bestemmingsplan langs en staat weer dat we daar onderzoek naar moeten doen. Denk van, wanneer komen we nou op het punt dat we dat ook echt vast kunnen leggen met elkaar? Als ik bijvoorbeeld kijk naar het winkelcentrum, prachtig, echt heel mooi. Maar denk, hebben we daar nou goed over nagedacht, is dat zo meteen een fijne plek als het 40 graden is, als het 35 graden is? Daar zitten heel weinig groen en dan hebben we altijd op gehamerd dat dat belangrijk is en dan zeggen we, dat komt er onderzoek, we gaan het doen.
Maar wanneer leg je dat nou op een goede manier vast en hoe kan je daar nou echt afspraken over maken? En daar ben ik naar op zoek en ik denk dat als dat niet gewoon hier kan gaan staan, dan denk ik dan zijn we daar de grip weer op kwijt. De voorzitter: Dank u. Ik denk dat ik ook nog naar mijnheer De Graaf ga als reactie of als inbreng nu, op dit punt, op het bestemmingsplan. De heer De Graaf: Korte reactie. Dank u wel. Volgens mij, zoals ik het interpreteer, is het antwoord op mijn vraag een technische vraag, dus ik ben benieuwd wanneer die gesteld wordt en beantwoord wordt. Maar ik ben oké, ook zo wel. De voorzitter: Verder geen vragen van de VVD. Oké, volgens mij heb ik dan iedereen gehad, dan ga ik naar de wethouder. En er zijn de nodige vragen gesteld over het water, hebben we straks nog wel droge voeten? Over het aantal woningen, ook de vraag over de seniorenwoningen, het uitvoeringsplan in relatie tot de erfdienstbaarheden, het aantal parkeerplaatsen en hoe verhoudt zich dat met de openbare ruimte? Is het winkelcentrum daar in de buurt? Zomaar een aantal vragen. Mevrouw Cnossen, aan u het woord. Mevrouw Cnossen: Dank voor het woord, voorzitter. Dank ook aan de commissie voor hun reacties op het bestemmingsplan wat voorligt. Het water springt eruit, dus daar zal ik eerst op reageren.
Allereerst wil ik zeggen als het bij inspreker nog niet voldoende inderdaad straks duidelijk is, dat het aanbod er altijd ligt, om met mevrouw Wiering, ons projectleider hier nog verder over te spreken, zij heeft vandaag ook nog met andere mensen gesproken. Dus dat blijft gewoon staan, wat de commissie ook van mijn antwoord vindt. Ik wil de commissievoorzitter graag wijzen op twee documenten. De nota zienswijzen en staat van wijzigingen geeft ook een uitgebreide reactie op de zienswijze van het Hoogheemraadschap. En daarin wordt ook het Buro BOOT genoemd en vertelt dat er een geactualiseerde watertoets is gemaakt. Ik verwijs u naar bladzij 8 en 9 in deze nota zienswijzen en ik verwijs ook graag naar de regels en toelichtingen in het bestemmingsplan op bladzij 33. Daar ziet u ook die standstill, dat is theorie die de inspreker ook aangaf, die staat daar ook letterlijk zo beschreven. Dus ik wil de commissieleden vragen of dat gewoon nog even erbij te pakken en ik hoop dat dan ook voldoende tegemoet gekomen is aan de inspreker. Want natuurlijk wordt er rekening gehouden met klimaatadaptatie, dat doet het Hoogheemraadschap als een watertoets afgeven en daarin komen we tegemoet aan de inspreker. De regels zijn zo gemaakt. De heer De Graaf had het over de zorg van het souterrain dweilen, dat die waterberging daar voldoende is.
Wilt niet allemaal voorlezen, maar er zit in die binnentuin het een en ander, onder de weg is het een en ander gerealiseerd. Dus die watertoets en de klimaatverandering zit voldoende in die regels en ik hoop dat ze misschien in tweede termijn als de leden van de commissie dat erbij hebben gepakt, dat dat dan ook voldoende is.
13/23
De voorzitter: Mevrouw Cnossen, er is een interruptie van mevrouw Den Heijer. Mevrouw Den Heijer: Dank u wel. Dus u geeft aan, als die toets gedaan is, dan is het voldoende. Maar wat de inspreker ook aangeeft is dat er eigenlijk een onderbouwing mist in getallen, zal ik maar zeggen. En zijn die dan te geven of moeten we gewoon zeggen, als de waterschap zegt, het is de toets dus dan klopt het gewoon. Maar als je nou wil doorvragen, als je nou wil onderzoeken hoe zit het nou precies, zijn die gegevens er dan? Mevrouw Cnossen: Ga ik weer door, voorzitter. Dank u wel. Ik wil toch graag verwijzen naar bladzij 9 van 11 van de nota zienswijzen, daar staat het een en ander in beschreven. Getallen, die staan daar ook in, die vierkante meters en kubieke meters. Als dat niet voor u voldoende is dan adviseer ik u daar een technische vraag over te stellen, dan kunnen we het even zwart op wit aan u beantwoorden. Maar in mijn beleving, het is de beleving van de college is hier voldoende onderbouwd dat naar aanleiding ook van inspraak van de omwonenden, want die hebben daar inderdaad op gewezen, maar ook het Hoogheemraadschap, nogmaals daarna is gekeken en daar door de reactie op de inspraak van het Hoogheemraadschap zijn een aantal regels aangescherpt.
Het artikel 11.5 et cetera dat is aangescherpt naar aanleiding van de reacties, ook indirect misschien van omwonenden, maar uiteraard het Hoogheemraadschap, is onze deskundige partner die ons daarin adviseert en daarin zijn de plannen aangepast. Er was ook een punt over de heer Hofman, ChristenUnie. Stelde dat je toch nog een rondje kon rijden, dat is een punt van aandacht. Ik zat even te denken hoe. Vertellen in een bestemmingsplan kun je geen paaltje neerzetten, daar zit hij gewoon maar. In één van de stukken kunt u lezen dat er een paaltje komt zodat er geen rondje gereden kan worden. En dat staat ook zwart op wit, dus dat gaat gebeuren maar dat ziet u inderdaad niet terug in een bestemmingsplan. De heer Scheringa vroeg naar de aandacht voor senioren. Ik weet niet of u de villa's, die zijn misschien heel mooi en heel duur, bekeken hebt, maar dat is een plattegrond speciaal voor senioren. Dus badkamer, slaapkamer beneden. Maar je mag er natuurlijk ook als jongeren gaan wonen, uiteraard. En daarbij hebben we ook in een appartementengebouw de goedkope bereikbare woningen en dat is een appartementengebouw van twee lagen, zoals u weet, door de maximale hoogte, dus de begane grond, gelijkvloers is daar ook geschikt voor senioren. En daaraan koppelde de heer Ruijtenberg nog de vraag of we dat ook nog naar 30 procent konden verhogen.
Op dit moment hebben we vanuit de nota van uitgangspunten met de ontwikkelaar deze afspraken gemaakt en dat is ook conform de afspraken die we in de regio en met de provincie hebben. Dus het college wil voorstellen om het hier dan ook zo bij te laten. De heer Van Harn had nog over aantallen. Het zijn 20 parkeerplaatsen mijnheer Van Harn en u vroeg zich ook af, dacht dat u dat was of een van de andere leden van de commissie, hoe zit dat dan met het parkeren, openbaar toegankelijk voor dit plan? Dat zit dus niet in het parkkeerplaatsen daarnaast maar op het plan zelf. Het is eigen terrein, maar het zijn openbaar toegankelijke parkeerplaatsen. Dus de meeste woningen, die villa's heeft u gezien, hebben hun parkeren op het eigen terrein. Het hele plan is eigen terrein, maar er zijn openbaar toegankelijke parkeerplaatsen. Zo is het daar geregeld. Klimaatverandering, de heer Ruijtenberg ... De voorzitter: Mevrouw Cnossen, er is even interruptie van de heer Van Harn. De heer Van Harn: Dank u wel, voorzitter, dank u wel, wethouder. Maar u zei nu het getal 20 parkeerplaatsen, volgens mij zijn het er toch 19? Mevrouw Cnossen: Oh ja, ja, ja, ja, ja, ja, al die getallen mijnheer Van Harn. De projectleider helpt bij de ... Dat hoort u natuurlijk een beetje. 20 woningen en inderdaad 19 parkeerplaatsen in het openbaar gebied. U heeft gelijk.
Ik had die 20 al geel gearceerd en dacht dat dat het goeie getal was maar dat waren de woningen. De klimaatverandering, klimaatadaptatie ben ik net ook op ingegaan, dat het uiteraard van tevoren ook door het Hoogheemraadschap gevraagd wordt aan ons om dat mee te nemen. Mevrouw Den Heijer van D66 kwam tenslotte nog op de biodiversiteit, onvoldoende onderzocht. De nota van uitgangspunten, mevrouw Den Heijer, staat gewoon voor het college als kader, door u meegegeven voor dit hele plan. De biodiversiteit ziet u inderdaad niet terug in een bestemmingsplan, want dat komt uiteindelijk in het inrichtingsplan te staan, wat voor soort planten en dat soort dingen. Maar uw kader in
14/23
de nota van uitgangspunten staat en die afspraak die hebben wij gemaakt met elkaar, dus dat gaan we terugzien in het inrichtingsplan. Voorzitter, ik denk dat ik de vraag heb beantwoord. De voorzitter: Mevrouw Cnossen, volgens mij heeft de heer Van Harn nog iets gevraagd over de erfdienstbaarheden in relatie tot het uitvoeringsplan. Mevrouw Cnossen: Juist, die had ik niet onderstreept. Maar, u draait het ontstaat de uitvoering van bouwplan erfdienstbaarheid in de weg. De ontwikkelaar heeft met de mensen die ook erfdienstbaarheid daar hebben, heel goed overleg gehad daarover, dus dat staat niet in de weg en daar is ook nog een apart een notitie over geschreven door de ontwikkelaar, dat hij dat, want uiteraard gaan we dat niet als gemeente regelen maar dat dat elkaar niet gaat bijten. En is die notitie te delen Charlotte, die ik erbij heb? Dat zoeken we even uit. Want het is wel uitgebreid opgeschreven. Het is privaat dat, maar goed, u zou kunnen vragen aan de griffie om het in te mogen zien. Dat gaan we dus maar niet openbaar toegankelijk maken. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dan gaan we over naar de tweede termijn. Ik ga met de heer Crielaard denk ik beginnen. Mijnheer Crielaard. De heer Crielaard: Dank u wel, voorzitter. Om allereerst terug te komen op het stuk van het water, de wethouder zei onder andere van, pak pagina 33 erbij.