[BV23.0089] Verslag commissie Ruimte d.d. 12 sept 2023
Tekst van het document
VERSLAG Commissie Ruimte
BV23.0089 Datum vergadering
: 12 september 2023
Aanwezig in de raadszaal: Commissieleden: Leefbaar 3B : Jan Pieter Blonk, Machiel Crielaard, Jean Paul Meuldijk WIJ Lansingerland : Jan Jumelet, Bianca Boonstra, Paul Zantman CDA : Frans Ammerlaan, Charles van Harn, Wouter de Ruiter VVD : Ivo de Graaf, Christiaan Toussaint, Vincent Jumelet D66 : Brecht Weerheijm, Arjen van Berkel CU : Arjen Hofman GroenLinks : Marko Ruijtenberg, Manon van Splunter PvdA : Nanno Scheringa Wethouders
: Simon Fortuyn, Michiel Muis, Titia Cnossen
Voorzitter Commissiegriffier
: Nelleke Bouman : Karin Koemans
Afwezig D66: Ineke den Heijer CU: Lenneke Maasland PvdA: Valmir Xhemaili Groen Links: Menno Duk VOOR Lansingerland: Petrine van Olst
1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter, om 20.00 uur: Een ieder heel hartelijk welkom bij de vergadering van de commissie ruimte. Allereerst degenen die afgestemd hebben via de webcast en zeker een ieder welkom op de publieke tribune, allemaal hartelijk welkom. We hebben vanavond een aantal bijzondere en belangrijke onderwerpen op de agenda staan. Vanavond hebben we ook veel insprekers. Ook de raadsleden hartelijk welkom, de wethouders links en rechts van me, bijna compleet. En de griffie is ook weer aanwezig. Verdere mededelingen heb ik niet. 2. Insprekers De voorzitter: Er zijn 6 insprekers vanavond. Ik houd me strak aan de tijd, de insprekers hebben 5 minuten en de raadsleden hebben de gelegenheid om vragen te stellen. Inspreker 1: De heer Bal: Voorzitter en leden van de commissie ruimte, hartelijk dank dat u mij de mogelijkheid biedt om kort in te spreken over een al jaren lopend stinkend probleem. Om mijn spreektijd zo goed mogelijk te gebruiken heb ik de griffier verzocht om afschriften van de 2 brieven, die de gemeente en wij hebben gewisseld, onder uw aandacht te brengen. Deze brieven geven kort en duidelijk weer waar dit dossier over gaat, het dossier stankoverlast. Ik hoop dat u de gelegenheid heeft gehad om deze te
1/42
lezen. Vorig jaar raakte ik met mijn buren in gesprek over de penetrante rioollucht die rond het pompstation hangt en die de laatste tijd alleen maar was toegenomen. Op mijn vraag: hebt u dan de gemeente niet gebeld, kreeg ik als antwoord: dat heeft geen enkele zin want wij hebben steeds gebeld en gemaild, maar er wordt toch niets aan gedaan. Boosheid en onvrede over deze situatie was er wel, maar er werd niets mee gedaan. Even voor de duidelijkheid: het pompstation, waar we het over hebben, staat midden tussen de huizenblokken op een afstand van circa 5 meter van de huizenblokken. De windrichting bepaalt wie er lekker buiten kan zitten en wie snel de ramen moet sluiten, want het stonk steeds maar. Tegen deze achtergrond is de zin in de brief van B&W, ik citeer: helaas kan ik geen tijdpad meegeven bij de voorgenomen maatregelen, einde citaat. Dat is heel teleurstellend, want daar ging het juist om. Nu was er een open eind toezegging en dat vergrootte weer de onvrede. Terugkijkend op het laatste jaar leek het er op dat die teleurstelling terecht was. Maandenlang is er geen zichtbare structurele voortgang geboekt. Wel zijn er provisorische maatregelen getroffen, die niet werkten. De gevolgen daarvan waren verschrikkelijk, dan overdrijf ik niet.
Tweemaal is het systeem defect geraakt en is het rioolwater met kracht opgepompt en stroomde de viezigheid over de beplanting, het trottoir en via de straat en de regenwaterafvoer in de Zilvergracht, voor zover al niet in de grond getrokken. En dat duurde dan meestal tot de aannemer kwam om te verhelpen. Ik zal niet verder in detail gaan, maar u kunt zich voorstellen dat dit gevolgen heeft voor het milieu en de omwonenden. Eén punt wil ik toch benadrukken: in de vrijkomende rioolgassen zit ook waterstofsulfide, dat is de rotte eierenlucht, dat volgens deskundigen schadelijk is voor de gezondheid. Niet alleen bij deze overstromingen speelt dit een rol, ook bij lekkende luiken en onvoldoende filters komen deze rioolgassen naar buiten. En dat was al lange tijd aan de gang. Eind juni dit jaar heb ik met mijn contactpersoon bij de gemeente gesproken en besproken dat we nu bijna een jaar bezig zijn en moeten vaststellen dat we weer terug zijn bij af. Deze route gaat niet lukken. Hem verteld dat ik de griffier van de commissie ruimte ga vragen om mij 5 minuten spreektijd te bieden in een poging het schip weer vlot te trekken. Dat heb ik gedaan op 3 juli dit jaar. En dan wordt het nu tijd voor wat vrolijker nieuws, het goede nieuws. Het schip drijft weer. Op 25 augustus is er een nieuw gasdicht luik geplaatst en een week daarvoor een bulkfilter.
Nu een jaar later zijn we voor 99% van de stank verlost. Hoe komt het toch dat het ineens zo snel kon? Ik weet het niet. Ik heb wel een vermoeden, maar ik gok liever niet. Maar we zijn er nog niet, want dit mag nooit meer gebeuren. Feit blijft dat er in Westpolder 5 rioolpompen zijn, die alle 5 afvoeren op dat ene pompstation waar we het vanavond over hebben. Dit is een kwetsbare en dus onmogelijke situatie. Ik weet dat dit bij de betrokken diensten bekend is en weet ook dat zij denken aan mogelijke oplossingen. Ik ben beslist niet deskundig, maar heb in de gesprekken met uw dienst wat suggesties tot verbetering de revue zien passeren, waarvan het de moeite waard is om er verder onderzoek naar te doen. Ik benoem ze snel even:, automatisch stoppen van andere pompen als ons station vastloopt, aftakkingen maken aan het bestaande rioolnet waardoor ons station minder wordt belast, blijvende onderhoud aan het bulkfilter, misschien gemeentelijke extra actie aan bewoners om geen verkeerde zaken in het toilet te gooien. Een punt is ook: het verplaatsen van het pompstation. Ik wijs u op het Dordrecht/Hazelaarlaan arrest, waar de rechter heeft geoordeeld dat een pompstation moet worden verplaatst, omdat het te dicht bij de bebouwing stond. En dan vooral mijn suggestie: betrek de omwonenden zodra u iets wilt wijzigen.
Dit wordt een langlopend traject met ingrijpende maatregelen ook in budgettair opzicht. Maar Ik hoop dat ik uw commissie heb kunnen overtuigen dat grondige wijzigingen noodzakelijk zijn om herhaling te voorkomen. Tenslotte wil ik graag 2 mensen bedanken die mijn telefoontjes maandenlang hebben moeten aanhoren. Pascal Dokman tot 1/7 en vanaf die tijd Mark Wiskerke, beiden hebben deze klus feitelijk geklaard. Mijn dank daarvoor. Ik dank u voor uw aandacht. De heer Hofman, CU: Ik heb met interesse de tekst van de brief gelezen en nu uw inspraak. U zegt van uzelf, dat u niet deskundig bent, maar u roept wel op tot ingrijpende actie. Die twee wilde ik graag bij elkaar zien te brengen. Er is een 99% oplossing, zegt u, maar toch wilt u heel ingrijpende maatregelen. Kunt u die 2 voor mij bij elkaar proberen te brengen? De heer Bal: De verbeteringen zijn voort gekomen uit de gesprekken die ik heb gehad met de mensen die wel deskundig zijn van uw dienst, die erover
2/42
nadenken en proberen daar uitwerking aan te geven. Ik vind het gewoon zinnig om het vanavond even te melden, want dat moet allemaal nog gebeuren en dat gaat echt niet een hoop geld kosten. Ik ben inderdaad niet deskundig, maar kan wel gebruik maken van de mogelijkheden om te bereiken dat het pompstation blijft zoals het is. Als dat niet gebeurt, zitten we over een half jaar weer met gedoe en hebben we weer stank. Ik ga niet herhalen wat ik al voorgelezen heb, maar dat is het probleem.
Inspreker 2: De heer Houweling: Ik spreek in over de startnotitie, die dadelijk besproken gaat worden. Voorzitter en leden van de commissie ruimte, dank om hedenavond gebruik te kunnen maken van het spreekrecht in uw commissie. Mijn naam is Joop Houweling, vicevoorzitter van Klankbordgroep Seniorenbouw Bleiswijk en de KSB vertegenwoordigt op dit moment meer dan 100 senioren. KSB streeft naar betaalbare woningen voor senioren in Bleiswijk, al dan niet voorzien van zorg. De woningvoorraad voor senioren staat onder druk, ook in Bleiswijk, daarom is KSB zo verbonden met de inhoud van de twee notities die u vanavond gaat bespreken. De startnotitie doet recht aan de woonbehoefte voor senioren, starters en middengroepen in ons dorp. We hebben lang met elkaar gesproken, nu is het tijd om over te gaan tot bouwinitiatieven. De standpunten die KSB onderschrijft staan in de uitgangspunten van de startnotitie vermeld, idem de standpunten uit de samenvatting van het participatieproces. KSB is het van harte eens met de volgende punten. Startnotitie algemeen. Er vindt geen uitwisseling plaats van het woonprogramma Lange Vaart en Merenweg. De locaties worden volledig losgekoppeld. Als haalbaarheid onder druk komt te staan, moeten oplossingen gevonden worden binnen het eigen plangebied.
Wel is een gevarieerd woonprogramma noodzakelijk op beide locaties met dezelfde verdeling in woontypologie en prijsklassen, 25% sociaal, 25% bereikbaar, 50% hoger segment en daarvan 40% gelijkvloers. Een afzonderlijk omgevingsplan voor Lange Vaart en voor Merenweg, losgekoppeld van elkaar, zowel financieel, eigen broek ophouden, als qua tijd, procedureel en qua planvorming. Voor de Lange Vaart. Uiteindelijk 200 woningen realiseren, zie kaders masterplan. Fase 1, start rechts van de schoorsteen en een perceel links van de schoorsteen en het overige voorlopig buiten het plangebied houden en later ontwikkelen. Gemeentelijke inzet: sturen op kaders masterplan, 200 woningen en de gemeente houdt de regie in eigen hand. De Merenweg. Appartementsgebouwen maximaal 4 lagen. Respecteer de wens van de omwonenden, dit argument geldt met name voor het behoud van het dorpse karakter van Bleiswijk. Waardeer de zorgen van omwonenden door maximaal 4 lagen te bouwen, het is hun woonomgeving waar het over gaat. Er is een breed draagvlak voor het verbreden van de te bebouwen strook aan de Lijsterlaan in de eerste fase. Versnel deze realisatie en breidt deze gronden uit met de direct aansluitende gronden. Dit komt de ruimtelijke invulling en inpassing ten goede. Ontwikkel passende seniorenwoningen, met en zonder zorg, hofjeswoningen en geef het concept ‘jong en oud’ een kans.
Ontwikkel woonzorg concepten voor mensen met GGZ-problematiek dicht bij de Tuinen. Ontwikkeling strook Lijsterlaan staat voorlopig los van de aanpassing kruispunt zuid en de N209. Uitkomst onderzoek en overleg N209 en kruispunt Zuid wordt betrokken bij uiteindelijke besluitvorming over het totale omgevingsplan Merenweg, uitgezonderd strook Lijsterlaan. Leg dit ook juridisch vast in omgevingsplan. Verdere woningbouw Merenweg, pas nadat de gemeenteraad heeft ingestemd met de oplossingen voor de N209, mits dat niet veel te lang gaat duren, en het kruispunt Zuid, ook hier uitgezonderd strook Lijsterlaan. De second opinion verkeersonderzoek door Antea Group heeft uitgewezen dat de eindconclusie van het verkeersonderzoek door Goudappel gelijk is aan dat van Antea Group. Zonde van het extra geld, hadden deze extra kosten niet voorkomen kunnen worden? Nodig klankbordgroepen, BPD en 3B Wonen op korte termijn uit voor de opdracht eerste fase omgevingsplan Merenweg, strook Lijsterlaan. Stel budget ter beschikking waardoor klankbordgroepen optimaal kunnen samenwerken en met elkaar realiseren, adviseren, achterban, en indien noodzakelijk advies kunnen inwinnen van onafhankelijke partijen. Omgevingsplan. Omschrijf wat de gemeente verstaat onder een goed woon- en leefklimaat. Luister naar de mening van de dorpsgenoten. Idem hoe het dorpse karakter tot stand komt.
Maak een beeldkwaliteitsplan waarin de Bleiswijker z’n dorp en z’n nieuwe omgeving herkent. Participatie. Bepreek de uitkomsten van de aangekondigde evaluatie participatie met de
3/42
klankbordgroepen, commissie ruimte en raad. Zet deze uitkomsten ook om in herkenbaar beleid en perspectief voor andere toekomstige projecten in Lansingerland. Dan een vraag: iIs het niveau van participatie ‘raadplegen’ voor de leden van de commissie ruimte voldoende of mag het ook wat meer zijn? Bijvoorbeeld dat ook mee beslist kan worden door de klankbordgroepen. KSB is vanaf het eerste moment betrokken bij de ontwikkelingen voor woningbouw in Bleiswijk, werkt, bijna collegiaal, samen met Jeroen Koch en Monique Paauwe van het projectteam. KSB heeft ‘last’ van de noodzakelijk opgelopen vertragingen, de gemeentelijke verkiezingen, coalitievorming, ingediende moties. Wij worden steeds ouder. Wij willen graag verder. Uw heldere beslissingen van hedenavond kunnen daartoe bijdragen. KSB wenst u alle wijsheid toe om uw politieke verantwoordelijkheid te nemen zodat de betaalbare bouw voor Bleiswijkse senioren, starters en middengroepen eindelijk een feit wordt. Dank. Mevrouw Boonstra, WIJ: Dank u wel voor uw inspraak. Ik heb 2 vragen. Het laatste punt, dat u beschrijft in het stuk over de Lijsterlaan, daar stelt u: stel een budget ter beschikking, waardoor klankbordgroepen optimaal kunnen samenwerken en met elkaar realiseren, adviseren en indien noodzakelijk advies kunnen inwinnen van onafhankelijke partijen.
Ik krijg het idee, dat er wat dingen wat u betreft niet goed zijn gegaan in het participatieproces, waardoor u dit nu op tafel legt, dat u dingen nader wilt onderzoeken. Klopt dat? De heer Houweling: Nee. De participatie is goed gegaan, daar kunnen we niet anders dan lof over vertellen. Daar moet nog een evaluatie van komen, maar dat is niet de reden. Wij als klankbordgroep hebben alle jaren door, ik denk dat we nu al meer dan 3 jaar bezig zijn, gewerkt zonder dat er enig budget is. Alles moet van onszelf vandaan komen. Alles wat wij doen voor dit project moet uit onze eigen portemonnee komen. Dat is de reden. Alle klankbordgroepen. Als er een participatie is, er zijn klankbordgroepen, dan zal er een budget moeten komen waar ze iets mee kunnen doen, al is het maar een koekje bij de koffie. Mevrouw Boonstra: De volgende vraag betreft het niveau van participatie, raadplegen. Dat stond toch duidelijk in het stuk aangegeven, dat dat het kader is voor de participatie van de klankbordgroep in deze? Hoe ziet u dan: mag het ietsje meer zijn? De heer Houweling: Dat klopt. Wij vinden het wat magertjes. Wij mogen meespreken, maar wij worden alleen maar geraadpleegd. Maar stel je voor, dat we het er helemaal niet mee eens zijn, als klankbordgroep, dan kan de raad het overrulen. Wij kunnen niet meebeslissen of meepraten.
Wel mee praten, maar niet mee beslissen, dat zou in de evaluatie aan de orde kunnen komen: hoe zou dat een betere vorm kunnen krijgen? Wij zitten er alleen maar bij, praten mee, maar daar houdt het mee op. Mevrouw Boonstra: Dit maakt het best lastig, want eigenlijk komt u dan aan de controlerende taak die bij de raad ligt. Of zie ik dat nou verkeerd? De heer Houweling: Het is niet een controlerende taak, maar wel een stukje invloed vanuit klankbordgroepen, vanuit de bewoners, dat zij een stukje invloed hebben. We kunnen alleen maar meepraten, daar houdt het mee op.
Inspreker 3: Mevrouw Breugem: Gezien de tijd, u heeft een hoop te beluisteren vanavond, skip ik de intro. Mijn naam is Inge Breugem en ik ben dochter van Piet Breugem en ik woon op het land van mijn vader. Dat was land van mijn opa, van mijn overgrootvader. Het was een kleine introductie over hoe lang ik al bezig ben met de kavel, wat voor mooie dingen we daar al gerealiseerd hebben en wat we verder zouden willen brengen. Het toont de betrokkenheid, de voeten in de aarde en de verbondenheid aan deze plek. Vorige week bij de beeldvormende avond vroeg één van de raadsleden of men nu tevreden was met het participatieproces van de woningbouwlocatie Bleiswijk. Toen dacht ik: het is ja en nee voor mij. Wij hebben vanaf 2019 mee gedraaid in verschillende vormen van overleggen m.b.t. gebiedsontwikkeling Lange Vaart. Ik ben ook blij, dat die scheiding aangebracht is tussen Lange Vaart en Merenweg. De startnotitie, zoals die er nu ligt wat betreft Lange Vaart, daar zijn we tevreden over omdat er een veel reëler woningaantal wordt aangegeven, passend bij de woningdichtheid en een eerlijkere verdeling: 1/3 aan de westzijde, 50 woningen, en 100 aan de oostzijde. Wat ook positief is: er kan begonnen worden met woningbouw, goed voor de vitaliteit van het dorp. Dat lijkt me ook helder. Waar we niet tevreden over zijn, dat is de knip die
4/42
gemaakt wordt tussen het oostelijk en westelijk deel van Lange Vaart, voor het gemak noem ik dat de schoorsteen. Alleen in het oostelijk deel wordt ontwikkeling mogelijk gemaakt, een klein deel van ons kavel aan de westzijde, maar het oostelijk deel is ook het meest makkelijke deel: weinig verschillende eigenaren, weinig ingewikkeldheden, noem het laaghangend fruit. Het westelijk deel, dat wisten we vanaf het moment dat daar begonnen werd, is veel ingewikkelder, sowieso meerdere eigenaren. Daar zit ook een bodemverontreiniging, wat best een heikel punt is. Deze complexiteit, een veel gebezigd woord maar dat is daar echt wel aan de hand, wordt nu naar de toekomst doorgeschoven. Uiteindelijk kan het 20 jaar duren voordat daar een ontwikkeling plaats vindt. Ik heb een plaatje bijgevoegd om aan te geven waar onze kavel ligt. Wat beoogd wordt, is scenario 1 mee te nemen in de ontwikkeling. Maar toch verzoeken wij de gemeenteraad om geen knip te maken in het plangebied van de Lange Vaart. Blijf het als één gebiedsontwikkeling behandelen en zien. Misschien moet je voor het oostelijk deel niet de faciliterende overheid zijn, maar misschien initiërende of sturende overheid. Dat komt omdat de complexiteit van het westelijk deel echt heel groot is en bij een toekomstige particuliere ontwikkeling zal het leiden tot een hoog woningaantal om de kosten commercieel te kunnen dekken.
Zoals ontwikkelaars zeggen: het kost te duur. Het zal nog jaren duren voordat er in dit deel iets gaat gebeuren. Dan is de status van dit masterplan juridisch niet sterk genoeg, dus zullen de woningaantallen en woningdichtheid al snel ter discussie gesteld worden. Alleen als je als gemeente een positie inneemt in dit deel is het mogelijk om een plan met 50 woningen te realiseren, zoals nu bedoeld in het masterplan, althans, in de startnotitie. Het tweede wat erbij hoort, om het voorkeursrecht te behouden op de kavel naast ons, de bedrijfskavel waar die verontreiniging zit. Ook als transformatie van het hele gebied op korte termijn niet mogelijk is, dan is het toch goed om het recht van eerste koop te blijven houden als gemeente en daarmee die sturende rol, maar ook je maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen om op langere termijn een goede ontwikkeling op het westelijk deel mogelijk te maken. Je draagt dan ook meer zorg, naar mijn idee, voor een goede leefomgeving. Dat is nog een punt. Wij stellen voor: kies voor scenario 3. In de startnotitie is aangegeven, dat het risicoprofiel hoog is, maar dat is naar mijn idee nogal financieel gestuurd. De grex is daar niet haalbaar, dat snap ik ook wel, daar hoef je niet voor doorgeleerd te hebben, maar ik denk dat je als overheid ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid hebt.
Neem een positie in in het westelijk deel, draag bij aan een toekomstige, goede ruimtelijke ontwikkeling en draag bij in de tijdelijke situatie aan een goede leefomgeving. Dan zoom ik in bij nummer 3 op de bouwmogelijkheden van onze kavel. Wil je in het omgevingsplan, dat is eigenlijk een verzoek, dat je het voor ons daadwerkelijk mogelijk gaat maken om woningen op deze kavel te bouwen. Immers, dat bedrijf zit naast ons. Het heeft een milieucategorie 3.1. Er zitten bijlagen bij, daar kunt u ook nog naar kijken. Bij bepaalde bedrijfsactiviteiten kan het enorm veel overlast geven: geluid, stank en trillingen. Niet alleen bij ons, maar ook aan de overzijde van de Korenmolenweg. Met de uitbreiding van de woningen aan de oostelijke kant van de schoorsteen, zal dat ook binnen die invloedsfeer passen. Eigenlijk kan je ook zeggen, wat in de loop der jaren al gezegd is, gebiedsontwikkeling van het land van mijn opa. Ja, ik ga afronden. Kort gezegd: als wij daar ooit willen kunnen bouwen, dan zult u in de tijdelijkheid of in het milieuplan, de omgevingswet, op moeten nemen dat er of niet gehouden wordt aan de richtlijn van 50 meter tot het maken van een woning tot het bedrijf. Of u kunt in het omgevingsplan de milieucategorie aanpassen naar categorie 1 bijvoorbeeld. Wij willen graag meedoen met de woningbouwlocatie daar en we hopen dat u dat mogelijk gaat maken. Dank u wel.
De heer Scheringa, PvdA: Dank u voor uw inspraak. Bij punt 1 zegt u: voor het oostelijke deel niet faciliterende overheid te zijn. Maar bij het oostelijke deel ligt het probleem toch niet? Bedoelt u niet het westelijke deel? Of snap ik het niet? Mevrouw Breugem: Heb ik oost en west door elkaar gehaald? Dat is niet handig. Ik bedoel het westelijk deel van de schoorsteen. Inspreker 4:
5/42
De heer Kuijper: Allereerst wil ik de voorzitter en de leden van de commissie ruimte bedanken voor de mogelijkheid om de notitie van mij en de heer Van der Voort, die vorige week aan u is uitgereikt, nader toe te lichten. Als lid van de beoordelingscommissie namens de klankbordgroep omwonenden, waren wij betrokken bij de opzet en begeleiding van de second opinion verkeersonderzoek. Ik ben zeer tevreden over de wijze waarop de medewerkers van de gemeente ons de gelegenheid gaven om onze ideeën in te brengen en om vragen van onze kant te beantwoorden. Ook over Antea had ik in eerste instantie een goed gevoel, Dat veranderde helaas bij de eindbespreking, waarvoor ik een lijst met vragen en opmerkingen had opgesteld, die van tevoren aan hen was opgestuurd. Zonder enige opgave van reden kwam uit het niets de arrogante opmerking dat ze daar maar niet op in zouden gaan. Onze 3 belangrijkste punten waren: de vraag of het gebruikte verkeersmodel wel in staat is om de verdeling van verkeer over verschillende alternatieve routes goed te voorspellen. Bij de referentieberekening ging zowel bij Goudappel als Antea al het verkeer over de Nachtegaallaan en niet over de IJsvogellaan. In werkelijkheid zijn deze wegen nu gelijkmatig belast. Volgens verkeersdeskundigen komt dit door psychologische effecten, die moeilijk in het model zijn mee te nemen.
Ik neem dit graag aan, maar deze effecten zullen ook een rol spelen bij de verdeling over de beide ontsluitingswegen en de Hoekeindseweg. Voorzichtigheid met interpretatie van de uitkomsten van het model lijkt mij op zijn plaats. Een andere opmerking betrof het niet mee nemen van de Plevierstraat en de Terrastuin. Deze straten zullen onderdeel worden van de belangrijkste route vanuit de oostelijke ontsluitingsweg om naar de voorzieningen in het dorp te rijden. Dit geeft niet alleen meer verkeer in deze straten, maar zal ongetwijfeld ook invloed hebben op de verdeling van het verkeer over andere wegen. Dit kunnen we nu niet nagaan. De voor ons belangrijkste vraag betrof variant 1, waarbij de oostelijke ontsluitingsweg een knip heeft vlak voor de aansluiting op de Nachtegaallaan, zodat gemotoriseerd verkeer niet de Nachtegaallaan op kan. Toch stond in het eerste concept 1.810 mvt/etm vermeld. Volgens Antea kwam dit doordat zij de knip boven het punt hadden genomen in de Nachtegaallaan en bij de andere varianten lag dit iets zuidelijker in de ontsluitingsweg. De hoge waarde kwam door het verkeer uit de nieuwe wijk, dat rechtstreeks ontsluit op de Buizerdstraat. Dat betekent dat na aftrek van de huidige verkeerstroom 1.630 mvt/dag via de Buizerdstraat de wijk in en uit zijn gereden, dat is de helft van de 330 die de wijk in totaal zou gaan genereren. Dat kan niet goed zijn.
Dit zien zowel de verkeersdeskundigen als Nijhof. Antea is hierop gewezen. In het eindrapport is dan ook het meetpunt verplaatst en de waarde aangepast. Alle andere plannen zijn exact hetzelfde gebleven. Iets wat niet erg waarschijnlijk is na een herstel van de fout met zo’n grote impact. Wel was een punt in het westelijk deel van de Lijsterlaan toegevoegd, waarvan de hoge waarde, 6.680, weer wordt verklaard uit de directe ontsluiting uit de Buizerdstraat. Of deze verkeerde inschatting van de directe aansluiting van de wijk op de Buizerdstraat ook in de andere varianten zit, dat kunnen wij niet nagaan door de complexiteit van de verkeerstromen. Helaas is deze dubieuze waarde van 6.680 te hoog voor dit type weg van de Lijsterlaan en daarmee de reden van Antea om variant 1 af te wijzen. Het meenemen van door omwonenden voorgestelde variant in de second opinion verkeersonderzoek heeft op deze wijze weinig zin. Het is erg frustrerend dat je als burger die zijn taak in de beoordelingscommissie serieus opvat en kritisch naar de resultaten kijkt, wat toch de taak zou moeten zijn van zo’n commissie, verder niet serieus wordt genomen. Mocht iemand vragen of opmerkingen hebben, dan mag hij te allen tijde contact met mij opnemen, mijn adres en email staan in de vandaag uitgereikte notitie. Mevrouw Van Splunter, GL: Dank u wel voor het inspreken.
Heb ik het goed begrepen, dat u als lid van de commissie ook betrokken bent geweest bij het uitbestedingstraject en de keuze om voor Antea te kiezen? De heer Kuijper: De keuze was eigenlijk niet aan ons. Het gaat via een uitbestedingsprocedure. De kandidaat die daar het gunstigst uit komt wordt gekozen. We waren wel betrokken bij het opstellen van de criteria. Mevrouw Van Splunter: Is daar niet het verkeersmodel ook ter sprake gekomen? Of achteraf? De heer Kuijper: Dat was één van de eisen, dat hetzelfde verkeersmodel gebruikt zou moeten worden, omdat anders vergelijking met Goudappel niet mogelijk zou zijn. Mevrouw Van Splunter: Ik heb natuurlijk ook alle opties gezien van ontsluitingswegen. Heeft u er vertrouwen in als straks ontsluiting vanuit de
6/42
Merenweg vorm krijgt op de Hoekeindseweg, dat dat ook niet ontlastend gaat werken voor de Nachtegaallaan? De heer Kuijper: Volgens de berekeningen zou dat inderdaad enigszins ontlastend gaan werken, maar de vraag of de berekeningen betrouwbaar zijn, is een andere. Vooral omdat in het referentiemodel blijkt dat het voorspellen van verdeling van verkeerstromen niet echt het sterkste punt is van het gebruikte model.
Inspreker 5: De heer Van der Voort: Geachte voorzitter en leden van de commissie ruimte. Graag maak ik van de geboden gelegenheid gebruik om als lid van de beoordelingscommissie verkeersonderzoek enkele kanttekeningen en opmerkingen te plaatsen bij dit onderzoek. Mijn naam is Hans van der Voort. Vorige week is er een keurige presentatie gegeven door de projectleider woningbouw Bleiswijk. Als betrokkene bemerkte ik toch, dat niet alles klopte, wat gezegd is. Zo heeft het onafhankelijke onderzoeksbureau in eerste instantie een onafhankelijk advies uitgebracht, dat echter afweek van hetgeen in het masterplan staat beschreven. Je brengt een advies uit, maar om het dan meerdere keren aan te passen, omdat de opdrachtgever het graag anders wil zien, is geen onafhankelijk advies meer. En om dan te elfder ure in een ingelaste extra bijeenkomst de zaak overdreven en onjuist voor te spiegelen, deed de participatie meer lijken op een farce, een term, die ook al eerder in een bijeenkomst is gevallen. Ik heb niet de illusie gehad, dat participatie inhoudt, dat je eigen wensen of die van de buurt voor een groot deel worden ingewilligd. Wel heb ik verwacht, dat er een wisselwerking van gemeente en bewoners zou zijn om voor beide partijen tot een acceptabele oplossing te komen. Zeker in een situatie, waarin nog veel mogelijk is. Concreet.
Zoals zojuist duidelijk is gemaakt, is het nooit de bedoeling geweest om een groot deel van de nieuwe wijk leeg te laten lopen naar de Nachtegaallaan en Lijsterlaan. Het geeft een verkeerd beeld van de belasting van de Lijsterlaan. De uiteindelijk gekozen variant D5, dit is D met wel nog 50 km/u op de Hoekeindseweg, betekent, dat de korte Nachtegaallaan gaat van 141 naar 3090 motorvoertuigen per dag. En de Lijsterlaan, een erftoegangsweg met verzamelfunctie en ook nog fietsstroken, gaat terug naar 580 motorvoertuigen. Trek daar de bus vanaf en er blijft rond 450 voertuigen over. Zie tabel 7-5. In de u toezonden brief is duidelijk gemaakt, dat er wel degelijk een aansluiting kan zijn vanuit de Buizerdstraat en alle oostelijk geplande nieuwbouw op de oostelijke planweg. Veel verkeer richting Rotterdam en A16/A20 hoeft zo niet door het dorp, maar gaat buitenom via de Merenweg naar de N209. De verbinding naar Buizerdstraat en Nachtegaallaan staat open voor de menging van fietsers en auto’s naar het noorden en het centrum. De knip ten zuiden van de korte Nachtegaallaan zorgt voor een beperking vanuit het noorden en komt de veiligheid van de fietsers ten goede, hetgeen ook Antea aangeeft. Op deze wijze wordt de korte Nachtegaallaan wel zwaarder maar niet overbelast, waar ook in de Nota van Uitgangspunten i.s.m. Urban Synergy voor wordt gewaarschuwd.
De korte Nachtegaallaan is ook te smal om erftoegangsweg met verzamelfunctie te zijn. Misschien moet er niet alleen naar wegcapaciteit en veiligheid gekeken worden, maar ook naar de situatie ter plaatse met bewoning. Zie ook uw kaart, zou ik zeggen. Heeft u naar aanleiding van de vorige week toegezonden brief of dit verhaal nog vragen of opmerkingen? Ik had nog een kleine opmerking naar de voorzitter en naar de heer Jumelet. Jullie zijn slecht te verstaan op de uitzending. De voorzitter: Dank voor de tip, we zullen wat scherper zijn.
Inspreker 6: Mevrouw Flutsch: Geachte voorzitter en leden, mijn naam is Nienke Flutsch, bewoonster van het woonwagencentrum aan de Bosland, ik spreek namens alle leden en het bestuur van vereniging Viatorum. Ik spreek dit keer heel kort in betreffende uw agendapunt gebiedsvisie Bosland en de saneringskosten betreffende woonwagencentrum Bosland. Ten eerste gebiedsvisie Bosland. Er is onzekerheid voor ons wat voor bedrijven er naast ons komen en welke glastuinbouw gerelateerd kunnen zijn en wat voor vervoer, zoals vrachtverkeer, en intensiteit van verkeer dit allemaal met zich meebrengt. Daarnaast is met ons duidelijk gesproken over een doodlopende weg, een lus of
7/42
een paaltje voor onze woonwagens, zodat de weg alleen door ons als bewoners en door hulpdiensten gebruikt kan worden. Maar in de stukken is te zien, dat dit een doorgaande weg is. Het derde punt gaat over de verplaatsingskosten voor het saneren. Het gehele terrein zal moeten worden gesaneerd. Dit betekent ook het verplaatsen van objecten en woonwagens om de vervuilde gemeentelijke grond te kunnen saneren. Het verplaatsen van de woonwagens voor het saneren van de vervuilde gemeentelijke grond is noodzakelijk en gaat hand in hand. Zoals in een eerder inspreken en ook meermaals aangegeven bij wethouder Fortuyn, zien wij graag dat dit wordt meegenomen in het saneringsproces. Niet dat bewoners het verplaatsen zelf dienen te regelen met een onkostenvergoeding. Als laatste punt. Al jaren eist het gehele proces een hoop van onze tijd, energie, financiën, mentale welzijn om een normale en degelijke woonomgeving te creëren en de rommel, tussen haakjes, die om ons heen is gebouwd in de jaren en de keuze destijds van de gemeente allemaal weer terug te draaien. De richting waarin de participatiegesprekken op zullen gaan met de nieuw opgestelde regels is nog onbekend. De nieuwe regels zullen mogelijk consequenties geven, dat we aan het einde van de rit wellicht genoodzaakt onze stem op een andere manier moeten laten horen.
We zullen wel blijven participeren, zo ver ons de mogelijkheid wordt geboden, en hopen na een lange reis tezamen met de gemeente te komen tot een duurzaam, toekomstbestendig en gezellig resultaat te komen. We zien uw steun als leden van de commissie ruimte graag tegemoet. Ik dank u weer voor uw aandacht en tijd. De heer Jumelet, WIJ: Ik ga proberen goed te articuleren. Dank voor uw inspraak. Waar ik wel een vraag over heb, is uw één na laatste alinea, waarin u zegt: richting waar de participatiegesprekken op zullen gaan met de nieuw opgestelde regels is onbekend. Waar doelt u precies op? Mijn fractie heeft de indruk, dat juist wethouder Fortuyn, ik geef hem toch een compliment alvast, het overleg met u als bewoners van het woonwagencentrum, juist de afgelopen periode heel erg inhoudsvol is geweest, gezien ook wat nu voor ligt. Waar doelt u nu precies op? Het geeft ons een klein beetje verwarring, uw pessimistische toon, die erin doorklinkt. Mevrouw Flutsch: Wij doelen meer op het stuk, wellicht hebben jullie het ook gelezen, de raadsbrief, over optie 1 en optie 2, die we hebben kunnen kiezen. Over het vervolg, hoe we de gesprekken gaan doen en welke richting we op willen gaan. Bij voorbaat kiezen we natuurlijk optie 2, of optie 1. Voor ons was een beperkte mogelijkheid om daar uit te wijken.
Ik weet niet hoe ik het moet verwoorden, maar het werd wel als een soort, je hebt geen andere keus dan optie 1 te kiezen. Dat geeft wel de toon in de vervolggesprekken aan. 3. Vaststelling verslag vorige vergadering d.d. 6 juni 2023 De voorzitter: Geen op- of aanmerkingen? Oké, bij deze vastgesteld. 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De heer Ruijtenberg, GL: Ik heb een verzoek, gezien de vele insprekers op de tribune, om de punten 6.a en 6.b naar voren te halen op de agenda en later ons eigen interne feestje 5.a te bespreken. De voorzitter: Ik denk dat dat geen problemen met zich mee zal brengen, als ik zo even kijken. Punt 6.c nemen we dan ook gelijk mee, de saneringskosten. Dus de bespreekpunten daarna. Oké, wij schuiven 5.a na 6.c. De heer Blonk, L3B: Ik zou graag een voorstel willen doen, om de spreektijden bij 6.a Lange Vaart en Merenweg naar 5/3 te brengen, dus met interrupties maximaal 9. De voorzitter: Het is nu 3/2. Hoe kijkt de commissie hier tegenaan? De meerderheid, de helft plus 1. Wie is er voor? Ik heb 15 leden, wie is voor dat we 5/3 doen? Oké, gaan we doen. Inventarisatie rondvraag: De heer Toussaint, VVD: De VVD heeft een rondvraag ingestuurd omtrent de overlast, die inwoners ervaren, aan het Prisma-terrein van de straatraces.
8/42
De heer Blonk, L3B: Onze vraag gaat over het CRM-terrein aan de Rodenrijseweg in Berkel en Rodenrijs. 6. Stukken ter advisering aan de raad: 6.a Startnotitie omgevingsplannen Lange Vaart en Merenweg De voorzitter: Vorige week hebben we daar een beeldvorming over gehad, we zijn uitgebreid bijgepraat. Van de tribune heb ik ook de nodige mensen gezien. Deze startnotitie ligt nu voor ter besluitvorming. Het maakt duidelijk op welke wijze er uitvoering wordt gegeven door de gemeenteraad in februari 2022 en bij de vaststelling van het masterplan, amendementen en moties. Daar hebben we vorige week uitgebreid bij stilgestaan. De uitgangspunten worden vastgesteld voor de op te stellen omgevingsplannen. Het participatieproces is doorlopen conform het vastgestelde participatieplan en er wordt verslag gedaan van het participatieproces. Na vaststelling van de startnotitie door de gemeenteraad wordt gestart met het opstellen van de omgevingsplannen voor beide woningbouwlocaties. Aan mijn linkerzijde is de heer K. aangeschoven, ter ondersteuning van de wethouder, voor zover nodig. Vorige week hebben we een uitgebreide beeldvorming gekregen. Wij gaan kijken hoe u erover denkt in de commissie.
De heer Blonk, L3B: Het rapport second opinion verkeersonderzoek woningbouwlocaties Merenweg Bleiswijk geeft goed zicht op de verkeersstromen in en rond de nieuwbouwlocatie Merenweg, de afwikkeling op en naar aansluiting op de N209 Bleiswijk zuid. Voor mijn fractie is de beoordeling van de locatie Merenweg rekening gehouden met de onderzoekers van Antea Group hebben aangegeven op pagina 16. Dat is het realiseren van 700 woningen leidt tot 3.300 motorvoertuigen per etmaal extra in het gebied van Bleiswijk. Ook is bij onze beoordeling rekening gehouden met de presentatie over de N209 afgelopen woensdag, waarin wij behoorlijk van zijn geschrokken. We worden geconfronteerd met een heel groot dilemma. Enerzijds het enorme tekort aan woningen en aan de andere kant het door autonome ontwikkelingen dichtslibben van de N209 en de lokale wegen in Bleiswijk rond de nieuwbouwlocatie Merenweg. Daar bovenop komen nog de 700 geplande woningen op de locatie Merenweg met 3.300 extra motorvoertuigen erbij. Wat de oplossingen voor de N209 zullen zijn, is nu nog volledig onbekend. Enigszins zicht daarop zou eind 2024 kunnen zijn. De uitvoering van eventuele maatregelen op en aan de N209 staat in de presentatie van afgelopen woensdag na 2026 aangegeven als later.
Dat kan nog weleens heel wat jaren later zijn, omdat de provincie totaal geen haast heeft om in te grijpen in de problematiek van de N209, zelfs aan het onderzoek is niet meebetaald door de provincie. Binnen Bleiswijk komen of zijn lokale straten en wegen, gezien de categorisering, nu al aan of over hun maximaal aantal motorvoertuigen per etmaal heen. Door de 700 woningen op de locatie Merenweg, die 3.300 extra motorvoertuigen genereert, zal het vast lopen van het verkeer in de straten van Bleiswijk nog problematischer worden. De startnotitie voor de Lange Vaart kan ons inziens vastgesteld worden, zoals nu voorgesteld, geen probleem daarmee. Voor het deel startnotitie Merenweg vindt L3B dat het deel langs de Lijsterlaan zo snel mogelijk moet worden bebouwd. Daar hebben we geen probleem mee. Bij het overige deel van de locatie Merenweg ligt het voor de hand dat dit deel van de startnotitie voorlopig in de ijskast zou gaan tot maatregelen op de N209 zijn uitgevoerd en dat is later na 2026. Bij een aangenomen motie in januari 2022, die ondertekend is door L3B, WIJ, VVD, CDA, CU en met algemene stemmen is aangenomen, met het dictum van die N209, ik vat het even samen: toekomstbestendig maken van de toename van woningbouw en toename bedrijvigheid en A16 Rotterdam alvorens de woningbouw te starten. Wil ik vanavond toch even in herinnering roepen.
Ik overweeg deze motie nogmaals in te dienen met een dictum dat actueel is, maar ook met actuele overwegingen, om duidelijk te maken en te houden, dat de uitvoering van het overgrote deel van de locatie Merenweg pas kan starten als het probleem N209 is opgelost of dat uitzicht mogelijk is, wanneer dat gaat gebeuren. Het gaat nu om een startnotitie en die heeft een beperkte waarde, een
9/42
soort tussenstapje richting omgevingsplan. De heer Scheringa: Kan meneer Blonk daar ook nog een termijn aan hangen? Is het ongeacht de termijn? Stel, de provincie doet 20 jaar niets aan de N209, tot die tijd kan er volgens de motie dan niet gebouwd worden. De heer Blonk: Dat was nog voor uw tijd, u zat nog niet in de politiek hier, maar het was in de vorige raadsperiode, in januari/februari 2022 is er uitgebreid over gesproken. Die motie is met algemene stemmen aangenomen, dus dat is het probleem verder niet. De startnotitie is eigenlijk een tussenstapje richting omgevingsplan, dat gepland is voor volgend jaar december, misschien later, misschien eerder, maar dat is de verwachting van het college. Mijn fractie stelt, dat die 700 woningen op de locatie Merenweg op zijn vroegst weer aan de orde kan komen bij de vaststelling van het omgevingsplan. Ervan uitgaande, dat dat over een jaar is. Tot die tijd wil mijn fractie de handen vrij houden. Als blijkt dat de problematiek van de N209 nog niet is opgelost, of dat daar geen uitzicht op is, dan moet overwogen worden om minder dan 700 woningen te bouwen en/of maximaal 3 woonlagen te realiseren. Heel simpel gezegd: wij kunnen instemmen met deze startnotitie.
Er zitten disclaimers bij, dat als blijkt over een jaar, dat het vooruitzicht van de N209 nog heel lang op zich laat wachten, dan zouden we de ontwikkeling van de woningen daar gelijk mee moeten opschuiven. Je kunt dus niet zeggen, zomaar voorbij gaan aan de onderzoeken die er liggen, de presentatie van de N209. Van die cijfers wordt je koud, als je ziet wat voor invloed het heeft op de bewoners, die daar gaan wonen. Niet alleen de nieuwe, maar ook de bestaande. Tot slot. Als later blijkt dat de problematiek van de N209 is opgelost, ik sluit niet uit dat dat zou kunnen, zou het onze voorkeur hebben dat de gebouwen met 4 of 5 bouwlagen zo ver mogelijk van de bestaande woningen af te realiseren. Dat is mogelijk in de nabijheid van de Götzenhainsingel vlakbij het sportpark. Dank u wel. De heer De Graaf, VVD: Ik haak meteen een beetje in op het betoog van de heer Blonk, ik val hem daar waarschijnlijk op een aantal punten in bij. Het is niet alleen een dilemma voor ons, maar zeker ook voor de provincie, want die wil ook dat er gebouwd wordt en is beheerder van de weg. We moeten de provincie zeker blijven aanspreken op haar rol daarbij. De motie van vorig jaar hebben we mee getekend, de heer Van As, in de vorige periode inderdaad, toen ik nog niet in de politiek zat. Er zit wel enige interpretatieruimte in.
De heer Fortuyn is aan de wandel nu, maar hij heeft eerder dit jaar er een interpretatie aan gegeven door te zeggen: het is bijna naïef te veronderstellen dat alle maatregelen die nodig zijn, gerealiseerd zijn als de eerste paal de grond in gaat. Maar we moeten het wel zo lezen, dat helder moet zijn wat het perspectief is, dat de afspraken met de provincie concreet zijn voordat we gaan starten met bouwen. Als we nu naar de stukken kijken, dan staat er dat de onderzoeken die we nu doen naar de maatregelen voor de N209, de uitkomsten daarvan, worden betrokken bij de besluitvorming over het omgevingsplan. Betrokken worden bij, dat vind ik toch wel een verder oprekken van de motie van toentertijd. Ik wil er wel aandacht voor vragen, als de heer Blonk neigt om met een motie te komen om het zwaarder aan te zetten, om daar zeker in mee te gaan, want we hebben die afspraak gemaakt en die staat nog. We hebben het bewust niet afgedaan als motie die betrokken wordt bij het voorstel. Om nog even bij de N209 te blijven, wij hebben ook gezegd, het is goed om het stuk langs de Lijsterlaan, het plangebied, om die 100 woningen naar voren te halen. Maar ook daar, als je de stukken goed leest, dan zie je dat er wel ruimte voor interpretatie is. Het exacte plangebied inclusief alle aantallen, omvang et cetera, wordt nog nader uitgewerkt.
Dat betekent natuurlijk dat er ook een kans bestaat dat het plan zo uitgerekt wordt, dat het drie keer zo groot wordt. Dan gaan we heel erg voorbij aan de afspraken die we eerder gemaakt hebben. ik zou de wethouder willen vragen daarop te reageren en een toezegging te doen, anders is het wellicht de overweging waard om daar een amendement of iets dergelijks aan te wijden bij de verdere behandeling straks. Dan even in breder perspectief naar de stukken kijkend. De discussie over het waterbed, bij het ene plangebied een deel erbij, bij het andere een deel eraf, Lange Vaart en Merenweg, het feit dat er nu ontkoppeling heeft plaats gevonden, daar krijgen we de handen heel erg voor op elkaar in de kern Bleiswijk. Ik denk dat het
10/42
verstandig is dat die keuze gemaakt is. Participatie, daar hebben we natuurlijk ook veel over gesproken in dit huis. Vaak zijn we met elkaar teleurgesteld. Ik beluister vanavond en ik lees in de stukken dat we een stap voorwaarts hebben gemaakt, dat we succesvoller en effectiever zijn geweest, maar ook dat we er nog niet helemaal zijn en dat we er beter in kunnen worden als gemeente. Maar het is goed om vast te stellen, als we kijken waar we vorig jaar stonden in de relatie met de omwonenden, dat we daar wel stappen gezet hebben. Het is goed om dat een keer uit te spreken met elkaar. De bouwhoogte, 5 lagen, het dorpse karakter, is natuurlijk een heikel punt. Wij pleiten als VVD ook voor het behoud van het dorpse karakter, dat staat expliciet in ons programma. We hebben wel gezien bij de beeldvorming, als je kijkt naar de oplossing van met name het Merenweg gebied, hoe de bebouwing gesitueerd wordt, het voorlopige verkavelingsplan, dat kan natuurlijk wijzigen, maar dan lijkt het toch wel reëel en haalbaar om het op een nette manier in te passen. Daar zijn we ook mee akkoord. De verkeersaantallen. De second opinion, er werd net door inspreker al gezegd: misschien zonde van het geld, dat hadden we niet hoeven uit te geven. Ik denk dat we dan het systeem van second opinion wat tekort doen.
Dat doe je juist om wat extra zekerheid te creëren met elkaar, of je het juiste besluit genomen hebt. Het is ook jammer dat zo’n concept rapport, wat we juist open willen delen en bespreken, toch voor heel veel ruis op de lijn heeft gezorgd. Als wij kijken hoe de feiten nu liggen, het zijn 2 gerenommeerde bureaus in Nederland die een geruime ervaring hebben met dit soort onderzoeken en ze komen uiteindelijk tot dezelfde conclusie, dan ligt het toch in de rede dat wij daarin mee gaan en dat we de uitgangspunten in het masterplan overeind houden met elkaar. Daar wilde ik het voor de eerste termijn bij laten. De heer Van Harn, CDA: Vandaag wordt er een vervolgstap gezet in het realiseren van nieuwbouwwoningen in Bleiswijk. De CDA-fractie heeft in 2019 het bouwen van woningen voor senioren en jongeren in Bleiswijk op de agenda gekregen door een bespreekpunt in te dienen. Daar zijn we trots op, ook al loopt het proces naar realisatie veel langzamer dan we hadden gehoopt. De reacties die ons over het participatieproces hebben bereikt, zijn overwegend positief. Het was goed georganiseerd, goede verslaglegging en er was sprake van een transparant proces. Lof aan de projectleider en zijn team voor hun inzet. Dat wil niet zeggen, dat we het overal mee eens zijn en dat we geen vragen hebben.
Wat het gebied Lange Vaart betreft, betreurt de CDA-fractie dat er slechts maximaal 150 woningen in plaats van 200 woningen worden voorzien. Dit komt o.a. door het besluit van maximaal 3 bouwlagen. Maximaal betekent ook, dat het er minder kunnen worden. Gevolg: 50 nieuwbouwwoningen minder in Bleiswijk. Wat het gebied Merenweg betreft, vinden wij het een goed voorstel om nu over de verbrede Lijsterlaan te spreken en deze ook als eerste naar voren te halen en in ontwikkeling te nemen. We zien in deze notitie ook terug, dat de senioren gehoor hebben gevonden middels de inbreng van hofjes. Aanvullend, maar dan voor jongeren, willen wij als CDA-fractie hierbij een appel doen op het college om een onderzoek te starten om ook nieuwbouw studio’s te bouwen voor jongeren, die niet de financiële middelen hebben voor een starterswoning. Wij denken aan studentachtige woonconstructies met bijvoorbeeld een gezamenlijke woonkamer en keuken, zodat ook die jongeren niet onnodig langer in het ouderlijk huis moeten wonen. Dan het second opinion onderzoek. De aansluiting op de N209 vanuit Bleiswijk is een groot pijnpunt voor de bewoners van Bleiswijk en wij als CDA-fractie delen die pijn. We zijn van mening, dat de voorgestelde oplossing, een extra doorgaande strook op de N209, geen toekomstbestendige oplossing is, maar een voorlopig lapmiddel.
Een veel slagvaardigere oplossing zou kunnen zijn om de Merenweg rechtstreeks door te trekken naar de N209, maar die variant mocht blijkbaar door Antea niet meegenomen worden in het onderzoek. Hier zou ik graag een toelichting van willen hebben van de wethouder. Een gevolg van een slechte oplossing kan worden dat er vertraagd gebouwd gaat worden of nog erger, dat er minder woningen in het gebied Merenweg gebouwd gaan worden. De inwoners van Bleiswijk worden dan opgescheept met de
11/42
gevolgen van een slecht besluit. We zijn benieuwd hoe de andere fracties hier tegenaan kijken. Dank u wel. De heer Van Berkel, D66: Allereerst dank aan de ambtelijke ondersteuning voor de heldere en inzichtelijke presentatie van vorige week. In tegenstelling tot misschien andere mensen in de zaal kon ik het heel goed volgen, zelfs meneer Jumelet, dus dat ging hartstikke goed. Even over het voorstel. Allereerst gaan we graag in op het participatieproces. We kijken met tevredenheid naar de manier waarop het college aan de slag is gegaan met de motie van de gemeenteraad. Bij een participatieproces is er vaak sprake van situaties dat niet iedereen zich gehoord voelt. Zo blijft er een groep inwoners van het gebied Merenweg op het standpunt staan, dat de Lange Vaart voorgetrokken wordt. Maar we zien toch echt in de startnotitie dat het voorstel is om geen uitwisseling plaats te laten vinden van het woonprogramma van de locaties Lange Vaart en Merenweg. Daarmee zien we dit belangrijke bezwaar weg vallen. Voor beide locaties wordt een afzonderlijk omgevingsplan opgesteld en de locaties worden hiermee inhoudelijk, financieel, procedureel en in tijd losgekoppeld van elkaar. Maar al met al, we zien een goed doorlopen participatieproces. Complimenten aan het college. Volgens mij zitten er ook lessen in voor de toekomst, daar helpt het verantwoordingsdocument bij.
Ook zien we discussie over de 5 bouwlagen. We onderschrijven eigenlijk wel de uitspraak die we vorige week hoorden van de stedenbouwkundige, dat realisatie van appartementen van 4 of 5 bouwlagen goed in te passen zijn. We snappen het argument van het dorpse karakter, maar zeker als we kijken wat we d.m.v. deze bouwlagen, groen en water, een goede bijdrage kan worden geleverd door meer afwisseling van de woningbouw en er zo bijgedragen kan worden aan de doelstellingen op het gebied van klimaatadaptatie, biodiversiteit en ook verkoeling, wat met deze temperaturen ook steeds urgenter wordt, maken wij de afweging dat volgens mij de stedenbouwkundige goed heeft aangegeven dat het mogelijk is. Het belangrijkste onderdeel van de startnotitie, de ontwikkelstrategie. De heer Blonk: Ik ben benieuwd naar uw argumenten, dat 4 en 5 bouwlagen beter zou zijn voor de groene kwaliteit. Ik kan het me niet voorstellen, waarom dat zo is. Waarom zou dat bij 3 lagen niet zo zijn? De heer Van Berkel: Omdat er zo minder andere woningen nodig zijn en er meer ruimte is voor groen. De stedenbouwkundige was daar vrij helder in. De heer Blonk: U vindt 4 of 5 lagen passen in een dorps karakter? De heer Van Berkel: Zeker. De heer Blonk: Dan verschillen we daar van mening. De heer Van Berkel: Dat kan. Het belangrijkste onderdeel van de startnotitie, de ontwikkelstrategie en de fasering.
Met het door ons onderschreven uitgangspunt van faciliterend beleid ondersteunen we ook het financieel haalbare scenario voor de gedeelte-ontwikkeling van Lange Vaart en voor de gehele ontwikkeling van de Merenweg. Wat we wel vragen aan de wethouder, een alternatief scenario als het voorkeursscenario slechter uitrolt. Er wordt aangegeven: er is een marginaal positief saldo. Al met al: we steunen het raadsvoorstel. Wat ons betreft is het een hamerstuk, maar ik hoor meerdere leden die daar anders over denken, dus we wachten het af. Ik wil ook benadrukken, het komt bij heel veel fracties terug, het kwam vorige week extra naar voren in de tweede technische briefing, richting toekomstige ontwikkeling zijn de infrastructurele aanpassingen van de N209 echt essentieel. We volgen helemaal de VVD. Het is provinciale opgave om woningbouw te stimuleren, daar hoort ook verantwoordelijkheid bij als je kijkt naar de N209, dat is zo klaar als een klontje. Dus we kijken echt naar de provincie, dat ze zich goed opstellen in het onderzoek. Het is aan het nieuwe college van GS om daar stappen in te zetten. Wat ons betreft dank. De heer Scheringa: Ik was benieuwd wat D66 vindt van de woningen die minder ontwikkeld worden aan de Lange Vaart, of ze daar de ernst van inzien, wat u daarvan vindt, of u daar akkoord mee gaat.
De heer Van Berkel: Of we daar akkoord mee gaan, ik snap de afweging die wordt gemaakt in het voorstel. Ik wacht af wat we daar verder kunnen ontwikkelen. Op dit moment vind ik hem heel logisch uitgelegd. Ik vind het heel jammer, maar ik heb ook geen onuitputtelijke financiële bronnen om dat te repareren. De heer Scheringa: Zouden er mogelijkheden zijn in de visie van D66 om het
12/42
misschien wel op te lossen? Of ziet u die helemaal niet? De heer Van Berkel: Nee. Ik weet niet of u die wel ziet. Ik ben heel benieuwd naar uw inbreng. Mevrouw Boonstra, WIJ: Bouwen om te wonen, dat is één van de speerpunten in het verkiezingsprogramma van WIJ. Voor ons ligt als vervolg op de door de raad mee gegeven kaders, de bespreking van de startnotitie Lange Vaart en Merenweg, waarbij er t.z.t. huizen gebouwd zullen worden aan de Lange Vaart en in het gebied Merenweg. Voor mijn fractie is het belangrijk, dat er veel behoefte is aan woningen in de kern van Bleiswijk en dat we heldere uitgangspunten hebben meegegeven aan het college voor deze 2 projecten. Over het bouwen van woningen aan de Lange Vaart heeft onze fractie een opmerking op dit moment. We begrijpen de overwegingen ten oosten van de schoorsteen te starten met de eerste fase van de geplande woningen, maar het uiteindelijk 50 woningen minder realiseren is een afwijking van het mee gegeven kader. Vraag aan de wethouder: ziet u elders in Bleiswijk een mogelijkheid om deze 50 woningen te realiseren? Over de locatie Merenweg maakt onze fractie zich meer zorgen.
Onze fractie is blij dat er rekening gehouden is met de door WIJ ingediende motie Lijsterlaan, die raadsbreed is gesteund, zodat als alles goed gaat in 2025 gestart kan gaan worden met het bouwen van de seniorenwoningen en woningen voor mensen met een zorgvraag. De eerste fase van een honderdtal woningen, die hard nodig zijn. Mijn fractie kan zich dan ook goed vinden in de iets opgerekte strook, zoals aangegeven in het voorstel. Mijn fractie wenst ook niets af te doen aan door de raad afgesproken bouwhoogte. Woningen zijn schaars en ook voor starters moet er worden gebouwd, onder meer voor jongeren die graag in onze gemeente willen blijven wonen en nu verplicht zijn om langer thuis te blijven wonen omdat ze geen geschikte woonruimte kunnen vinden. Daar willen we ons voor in blijven zetten. Het voorliggende plan is tot stand gekomen met goede participatie en stedenbouwkundig is er maximaal rekening gehouden met de diverse meningen en belangen. Mijn fractie complimenteert het college dan ook met de uitgebreide participatie. De zorgen die onze fractie heeft, zit hem echter in de N209 en de ontsluiting van de nieuw te bouwen wijk naar de N209 toe.
Het amendement en de motie die aangenomen zijn om de fasering van de bouw in de Meerpolder af te stemmen op de maatregelen die genomen moeten gaan worden om de N209 te verbeteren en de reactie van het college in het voorliggende stuk steunt mijn fractie. De provincie moet daar verantwoordelijkheid nemen als het gaat om de N209. Niets doen is geen optie. Lansingerland, maar ook het rijk, wil dat er gebouwd wordt, maar de provincie vertraagt de boel, omdat zij haar infrastructuur niet op orde heeft en dit frustreert enorm. Onze fractie roept het college op om bij de provincie de duimschroeven aan te draaien. Nog even terug naar de startnotitie. Samengevat: we zijn blij met de plannen die er liggen. Het is overeenkomstig de door de raad vastgestelde uitgangspunten. Onze fractie wil graag starten met de eerste fase van de bouw van zowel de Lange Vaart als de Merenweg, te weten de Lijsterlaan. We willen het college mee geven om een verdere fasering van de bouw in het gebied Merenweg in het omgevingsplan uit te werken en die fasering afhankelijk te maken van monitoring, verkeersdruk, ontsluiting van Bleiswijk zuid in relatie tot de N209. Maak de provincie duidelijk, dat een onbereikbaar Bleiswijk geen optie is, nu niet maar ook in de toekomst niet. Dank u wel. De heer Hofman, CU: De kop is eraf.
Goed om te zien dat we na het masterplan nu de volgende stap gaan zetten met de woningbouw in Bleiswijk. Bij de vaststelling van het masterplan heeft de raad het college een aantal moeilijk uitvoerbare moties en amendementen mee gegeven. Ik wil complimenten uitspreken voor hoe die moties en amendementen door het college en het ambtelijk apparaat in samenspraak met alle stakeholders in de participatie zijn opgepakt. Met die participatie pakken we direct een belangrijk punt op. Ik spreek een standpunt uit, dat deels gedeeld wordt in deze ruimte, maar deels ook niet. Ik ben van mening, dat in dit participatietraject iedereen op zijn minst gehoord is en dat de inbreng van een ieder goed is gewogen. De startnotitie doet recht aan ieders inbreng, ook daar waar niet aan de wens tegemoet gekomen kan worden. Inhoudelijk ben ik
13/42
blij met de ontwikkelstrategie voor beide locaties. Ik kan de strategie voor de fasering aan de Lange Vaart met vele eigenaren goed volgen. Dat geldt eigenlijk ook voor de Merenweg. Na het zien van de maquette van de proefverkaveling wil ik eigenlijk te meer een lans breken voor 5 woonlagen in het gebied Merenweg in relatie tot het dorpse karakter. Ik ben er namelijk van overtuigd dat een woonprogramma met veel ruimte en af en toe een vijfde woonlaag veel en veel meer een dorps karakter creëert dan als we gaan verdichten en eenzelfde hoeveelheid woningen plaatsen. De woontorens in Bleiswijk aan het ’t Loo en Koninginnetuin, mind you, 7 hoog, laten prima zien dat speels iets in de hoogte doen maar wel ruim opzetten heel prima past in een dorp. Als je dezelfde hoeveelheid woningen wilt zonder vijfde woonlaag, dan ga je verdichten, dan heb je minder ruimte en gaat in mijn optiek het dorpse karakter meer verloren. We moeten snappen dat we keuzes moeten maken en een woningbouwprogramma met minder woningen gaat niet rendabel zijn en niet van de grond komen. We willen allemaal dat deze woningen er komen, dus dan maar kiezen voor verdichten. Een lage woonomgeving of een iets speelsere hoge omgeving, ik ben ervan overtuigd dat we dan moeten kiezen voor dat laatste.
Het verkeerskundig onderzoek, goed dat dat is uitgevoerd en ook goed om te zien dat het uiteindelijk tot dezelfde conclusies leidt. Was het dan zinloos? Nou, nee. Dit onderzoek was uitgebreider en wordt nu ook door het overgrote deel van de stakeholders onderschreven en niet meer ter discussie gesteld, zoals de vorige versie. In die zin is er voor het draagvlak goed werk verricht. Het wordt druk, maar in combinatie met de gefaseerde uitvoering hebben we vertrouwen in een goede uitvoering. Tot slot de uitwisseling van woonprogramma’s. Goed om te zien dat participanten elkaar gevonden hebben in het standpunt dat er niet uitgewisseld wordt. Wel wil ik de gebruikte terminologie nog even ter sprake brengen. De term afvoerputje doet mij pijn. Het is een term van mensen, die alles goed voor elkaar hebben, die neerkijken op mensen met minder kansen en minder mogelijkheden. Dat zijn mensen, die ik als politicus graag kansen geef en waar ik voor op de bres sta. Ik wil ons allemaal graag oproepen om deze term op deze manier te schrappen uit ons vocabulaire. Wat de CU betreft, had dit stuk als hamerstuk naar de raad gekund, maar ik begrijp alweer dat dat niet gaat gebeuren, maar dat vind ik niet erg. Dank u wel. De heer Scheringa, PvdA: Het stuk begint met: in Bleiswijk is vooral behoefte aan gelijkvloerse woningen voor senioren en betaalbare woningen voor starters.
Zie hier direct het probleem, hier gaat het om, mensen. Onze burgers, die huizen nodig hebben en waarvoor we moeten bouwen. Ten opzichte van de Merenweg vindt mijn fractie dat prima. De N209, ja natuurlijk vinden wij dat een probleem, om dat op de ellenlange baan te schuiven vanwege de N209, 20 jaar is wel erg lang, vinden wij. Volgend jaar weten we misschien meer. Op voorhand kan ik wel zeggen dat minder dan 700 woningen wel erg moeilijk te verteren is, er moet hoe dan ook een oplossing komen. De maquette zag er prachtig uit, daar waren we heel blij mee. Lijsterlaan prima, zo snel mogelijk beginnen. Mijn fractie heeft wel moeite met de Lange Vaart. Het verbaast me, bepaalde fracties delen dat ook, maar andere fracties hebben daar minder moeite mee, dat mag natuurlijk, ieder zijn eigen mening. Waar wij mee zitten, je gaat gewoon 50 woningen inleveren. 150 max, daar moet het westelijk deel nog bij komen. Het masterplan gaf 200 woningen aan. Als we alleen het oosten doen, zijn dan 100 woningen minder. Dat zijn 50 dure woningen, daar hebben we genoeg van, bij mij achter staan ze al maanden te koop, dus dat kan wat minder. Maar sociale woningen en bereikbare woningen, die zijn nodig.
Ik denk wel dat er een oplossing voor moet komen, hoe kunnen we dat nog inlossen? We leven in een andere wereld, er is een motie aangenomen om tot 3 te bouwen bij de Lange Vaart, mijn fractie zou de andere fracties in overweging willen geven: hoe staan jullie er tegenover om toch 4 bouwlagen te doen i.p.v. 3? 4 bouwlagen is misschien 2 meter hoger dan die eengezinswoningen, twee-onder-één-kap. Het CDA duidt daar misschien ook op. Dat zie ik sowieso als oplossing, om in ieder geval een paar woningen terug te pakken die we verliezen. Wellicht kan de wethouder daar ook op reageren, in de tweede termijn ben ik benieuwd hoe de andere fracties daar in staan. Tot zover. De heer De Graaf: Refererend aan de interruptie tussen de heren