[BV23.0048] Verslag van de commissie Ruimte van 9 mei 2023
Tekst van het document
Als we kijken naar het stuk over Bleizo-west, maar dat is misschien een oproep aan de andere fracties die vertegenwoordigd zijn in Provinciale Staten, misschien is het ook een idee dat jullie je eigen fractie aanspreken om hier zeker aandacht aan te schenken. Wij proberen het in ieder geval wel bij onze fractie te doen. Tenslotte, niemand heeft het genoemd, er stond ook nog iets van de RES, o.a. over metropolitane fietspaden. Mijn fractie vroeg zich af, er is een overschrijding, waarom moet dat in een slotnota, zou dat niet nu al in een tussentijdse begroting meegenomen kunnen worden en niet pas op het einde? Dat was de vraag. Dank u wel. De heer Jumelet jr, VVD: Ik zal deze keer kort zijn. We zijn het eens met de heer Jumelet, het mag wat scherper, met feiten en cijfers. We onderbouwen het dusdanig dat het een keer hard binnen komt. De voorzitter: Er zijn de nodige vragen gesteld over de brief. Het kan een tandje scherper analoog wat we al eerder in discussie gehad hebben. Aan wie allemaal? Ik hoor een voorstel: zeker aan de formateur, informateur en een c.c. naar het college. Hoe zit het met die € 475.000? Hoe is het met het onderzoek, is daar iets over te melden? Ik hoor ook nog de fietspaden. Het is geen hamerstuk om te zeggen: hij kan morgen de deur uit. Aan u om te kijken wat ermee te doen.
Beantwoording college Wethouder Fortuyn: Zoals gewoonlijk heeft u de vragen weer uitstekend bijgehouden, want af en toe mis ik er weleens eentje, ik vind het fijn dat ik weer op de hoogte gebracht word. Daar ben ik heel blij mee. Ik ben natuurlijk niet blij met het feit dat de N209 en de gemeente Lansingerland, de N209 is natuurlijk langer dan alleen de gemeente Lansingerland voor alle helderheid, maar het zijn wel de verkeerde lijstje waar je hoog in de lijst staat. Die zou je niet moeten willen hebben. Ernstiger is nog, dat binnen de infrastructurele aanpak van N-wegen de hele N209 niet voorkomt op de provinciale aanpak tot en met 2033. Dat is gewoon een ernstig feit. In die zin is het goed dat Sweco nu met dit onderzoek gekomen is, laat ik dat voorop stellen. Dat is nadat wij de informateur en de formerende partijen geïnformeerd hebben over, de eerste brief die wij gestuurd hebben, de N209 en de reactie erop. De heer Ruijtenberg geeft aan: je hoeft er niet meer op te reageren, de brief is eruit. Je moet ook kijken naar de effectiviteit van deze brief. De energietransitie is in feite gewoon geen discussie. Wat wel een discussie is, is de N209. Ook het Bleizo-west dossier, dat we hier raadsbreed hebben aangenomen op het CDA na, om daar de Proeftuin Bleizo volop kansen te geven. We hebben wel de dossiers met de spanningen genoemd tussen Lansingerland en de provincie.
Maar goed, dit is een brief die al weg is. Dan moet je naast 65 andere belanghebbende brieven naast alle andere stakeholders in de provincie, moeten ze maak kijken hoe waardevol dit is.
29/33
Het verkeerde lijstje op de verkeerde plek. Tandje scherper. Ik denk dat het juist een goede steun is om het inderdaad een tandje scherper te maken, met name de eerste alinea. Dat mag ook wel wat steviger. Aan de andere kant, het is ook een beetje, dat heb ik ook van andere partijen gehoord vanavond, dat er ook wel hier en daar een worsteling is. Die worsteling zit enerzijds in de toon, the tone of voice, omdat we ambtelijk, die samenwerking is gevraagd door meneer De Ruiten maar ook later door D66 en PvdA, hoe is die samenwerking dan wel? Die samenwerking ambtelijk gaat steeds beter, dat wil ik wel benadrukken. Dat wil niet zeggen dat bestuurlijk en ook de Staten daarmee de portemonnee trekken. Maar het is wel heel goed om juist die verhoudingen wel even met elkaar in ogenschouw te nemen. Neemt niet weg dat we de eerste alinea, juist met het Sweco rapport scherp kunnen aanzetten en de urgentie gewoon bovenaan de lijst zetten met de aanvulling dat het ons ook nog verbaast, de ambtenaar zit aan de overkant, dat de N209 niet in het programma zit van de aan te pakken wegen. Daarmee kunnen we de urgentie strenger neerzetten. Dat is één. Twee, de adressering. De Provinciale Staten informeren, de informateur/formateur informeren, in c.c. Gedeputeerde Staten. Ook daar hadden wij wel een worsteling.
Wij hebben zo’n beetje een soort abonnement op in te spreken bij Provinciale Staten over allerlei dossiers. Je moet ook wel een beetje doseren. Neemt niet weg, dit als informatie kan je wel delen, maar of je het nou zo direct moet sturen aan Provinciale Staten in plaats van c.c., je zou het ook als een c.c. kunnen doen. En de informateur, die kan je ook informeren. Maar de coalitievorming, zoals die er nu ligt, is het wel van belang dat de gedeputeerden die er nu zitten zich geenszins, ik benadruk, geenszins in een positie zitten, die geen besluiten nemen. Ik hoor hier: demissionair, dus ze besluiten niet meer. Dat is niet waar, ze zijn nog steeds in functie en ze zijn oplopend naar de begroting van 2024. In dat verband antwoord ik even over die bijdrage, of we die wat concreter kunnen maken. Ik denk dat we dat wel kunnen doen, want wij weten sinds vandaag, we hebben wat meer zicht gekregen op het jaarverslag. De heer Blonk: Er wordt ook een begroting gemaakt, ja, nogal logisch wordt er een begroting gemaakt, dat doet de regering ook als ze demissionair zijn. Dat doet een college ook op het moment dat er nog geen college is na verkiezingen. Dat is geen argument om te zeggen: ze kunnen alle besluiten nemen. Nee. Demissionair, ik kan me niet voorstellen dat ze evenveel besluiten nemen als ze voor de verkiezingen doen.
Wethouder Fortuyn: U kunt het zich niet voorstellen, maar bij wet kan het wel. En dan heb je Provinciale Staten die daar een stokje voor kunnen steken, laten we eerlijk zijn, maar ze kunnen wel met een voorstel komen en met een besluit komen. Wij kunnen uiteraard de informateur, de Provinciale Staten informeren, maar ik wil ook wel graag de gedeputeerden in dit geval rechtstreeks aanspreken. Waarom? Wij hebben jaarstukken gezien, zojuist, waarbij er meevallers zijn in de onderzoeksbudgetten. Dat geeft ons ruimte t.a.v. wat we eerder wisten, dat ze nauwelijks ruimte hadden en dat inderdaad moesten bekijken in eventueel vervolgbudgetten. Er is ruimte in het onderzoeksbudget, dus we zouden inderdaad nadrukkelijker daarop kunnen leunen, gezien de urgentie van de N209 om een substantiële bijdrage te gaan vragen over de bijdrage in het onderzoek dat wij doen, wat in principe de provincie in samenspraak met ons had moeten doen. Maar zoals wij besloten hebben met elkaar om die € 475.000 uit te trekken had alles te maken met het feit: als wij wachten op de provincie, we hebben dat besluit een paar maanden terug genomen, toen hadden we nog niet het Sweco rapport en was de urgentie nog niet zo hoog, zeker niet bij de provincie.
Wij hebben wel een woonopgave en we gaan niet eerder bouwen dan wanneer we oplossingsrichtingen hebben op de N209, dan hadden we nog geen opdracht kunnen verstrekken en dan hadden we nu nog niets geweten. Wij hebben met elkaar besloten om vooruit te investeren, ook de druk op de provincie bestuurlijk te leggen om in ieder geval stappen te zetten, want anders gebeurt er helemaal niets. Dat hebben we met elkaar besloten, ik vind het een heel verstandig besluit, het was het voorstel dat we hier gedaan hebben, maar het zijn wel de consequenties van dit moment. We gaan natuurlijk bestuurlijk sturen op een faire bijdrage, zeker daar waar de maatregelen getroffen moeten worden, dat iedereen zijn deel erin gaat nemen. Er was nog een vraag over het onderzoek. De onderzoeksopdrachten zijn verstrekt. Hoe dat exact in detail is, weet ik niet, maar bij een
30/33
volgende update, ik kijk even naar de overkant, misschien dat we een tussentijdse update bij een volgende commissievergadering kunnen geven, want we zijn er wel druk mee bezig. Het onderzoek moet eind van dit jaar klaar zijn, dat is de afspraak. Maar we kunnen misschien tussentijds wel een tussenfase geven. Ik denk dat ik iedereen beantwoord heb. De heer Scheringa: Volgens mij wilde de wethouder nog beginnen over het smarter maken van het terugvragen van die € 475.000, maar daar heb ik hem daarna niet meer over gehoord. Misschien of hij daar nog wat over wil zeggen. We moeten vragen hoeveel we terug willen hebben, of het hele bedrag, met die nieuwe informatie, of dat we het alleen substantieel noemen. Ik weet niet wat het voorstel van de wethouder zou kunnen zijn op dat gebied. De voorzitter: Ik hoorde de wethouder net nog noemen: substantieel. Wethouder Fortuyn: U heeft goed geluisterd, mevrouw de voorzitter. Substantieel. Ik denk dat je even op moet passen om bedragen te noemen, dat is niet handig in deze fase. Tweede termijn De heer Blonk, L3B: Ik stelde net voor om het naar de informateur te sturen, naar PS en een c.c. naar Gedeputeerde Staten. Maar ik denk, gezien hetgeen de wethouder aangaf, dat het mogelijk verstandiger is dat we het sturen naar de informateur, naar Provinciale Staten en naar gedeputeerde Zevenberger.
Dat we daar die brief heen sturen, ik begrijp dat dat van belang is voor verhoudingen. Dat wilde ik voorstellen en ik hoop dat de collegae in de commissie het er daar mee eens zijn. De heer Jumelet sr, WIJ: ik ben het niet vaak eens met de heer Blonk, maar in deze zeker wel. De heer Hofman, CU: Mijn pleidooi zou geweest zijn, dat ik ook graag een afschrift aan de informateur zou zien. Met dit voorstel kan ik heel goed leven. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: Wederom eens met de heer Blonk. De heer Van Berkel, D66: Ook eens. Voor alle feiten, volgens mij bestaat in de provinciewet en gemeentewet niet zoiets als demissionair, dat is alleen landelijk, dus ze kunnen gewoon doorgaan. De heer Scheringa, PvdA: Wat betreft meneer Blonk, ja, wie zwijgt stemt toe, dus in die zin hoef ik niets te zeggen, we zijn het ermee eens. Ik had nog een vraag over de fietspaden, waarom wachten op de slotwijziging? Kan het niet bij de zomerrapportage of de begroting? De heer Jumelet jr, VVD: Ook eens met de heer Blonk. De voorzitter: Dat is mooi, het is duidelijk wat er met de brief moet gaan gebeuren. Die komt dus in de raad, laat dat helder zijn. Dan nog de fietspaden. Wethouder Fortuyn: U concludeert iets af: deze komt in de raad om vast te stellen.
Ik vraag eigenlijk aan de commissieleden of wij het in mandaat mogen uitvoeren, waardoor we zo snel mogelijk kunnen acteren, want anders zijn we weer een paar weken verderop. Hemelvaartsdag, een paar Pinksterdagen en dan is het weer weg. De voorzitter: Ik zie een duimpje omhoog gaan. U heeft allemaal gehoord wat er in de brief komt te staan. Dan komt het gewoon als hamerstuk naar de raad, dan kunt u aan de bak één dezer dagen c.q. uw ambtenaren. De heer Hofman, CU: Even formeel. Kunnen wij als commissie een besluitvormend mandaat geven?
31/33
De voorzitter: Ja. Ik word ingefluisterd. Het is conform de zienswijzen bij de verbonden partijen. Met andere woorden: dit kan. Het moet nog wel genoteerd en vastgelegd worden. Bij deze. De heer Fortuyn kan aan de bak. Wethouder Fortuyn: Dank u wel voor het vertrouwen overigens. De MFR, de metropolitane fietsroute. Er zijn 2 fietsroutes die nog niet af zijn, of deels in ontwikkeling zijn, waarvan inmiddels bekend is dat er overschrijdingen plaats gaan vinden. We vragen daarbij straks een kredietherstel. Wij hebben de keuze gemaakt om het in de slotwijziging op te nemen. Het is gewoon een keuze. Het had op een andere manier ook gekund. Het gaat erom, dat het in de meerjaren investeringsplanning terecht gaat komen. Eind van het jaar moeten we wel de SOK tekenen, de samenwerkingsovereenkomst over de route Alexander – Lansingerland – Delft. Dus het is wel handig dat we u tussentijds informeren dat dit eraan zit te komen. Maar het is gewoon een keuze, het had ook op een andere manier gekund. 8. Actualiteiten uit de commissie De heer Meuldijk, L3B: Met permissie een mededeling, die betrekking heeft op delen. L3B wil graag met deze commissieleden in gesprek over deelmobiliteit.
Delen van scooters en soortgelijke voertuigen, het delen van ervaringen met de deelmobiliteit-aanbieders, delen van financiële lasten met die aanbieders, daar waar het gaat om overlast in ons mooie Lansingerland te voorkomen en op te lossen. Kortom: met elkaar delen van inzichten en gedachten omtrent dit onderwerp. L3B zal dan ook zeer graag een bespreekstuk m.b.t. dit onderwerp inbrengen om met elkaar daarover te praten in de commissie ruimte van 6 juni, om die dan te behandelen. Uiteraard aan u allen de uitnodiging om voor die tijd al gedachten te delen met mij en de fractie van L3B. Ook goed om te beseffen met elkaar dat dit een mooi voorbeeld kan zijn van door te delen dit vaak de oplossing kan zijn. Dank u. De voorzitter: U weet, de auto’s moeten een beetje aan de kant volgens Den Haag, we moeten meer op de fiets. Misschien moeten we ook nog deelfietsen gaan nemen. 9. Verbonden partijen De heer Van Harn, CDA: Een korte terugblik op de adviescommissie vervoersautoriteit van 19 april j.l. Op de agenda stond o.a. doorontwikkeling werkwijze van de adviescommissie. De bedoeling is om de huidige werkwijze van de adviescommissie beter te laten functioneren. Er mag meer ruimte komen in de agenda voor het uitbrengen van advies door de aangesloten gemeenten. De MRDH stelt daarom voor om digitale beeldvormende avonden te gaan houden, zodat de leden input kunnen leveren t.b.v.
een preadvies, dat vervolgens in de bijeenkomsten van de adviescommissie besproken zal worden. Het gevolg is wel van dit voorstel dat de doorlooptijd langer gaat worden. Een ander agendapunt was de strategische agenda 2023-2026 met de titel ‘met elkaar en voor elkaar’. Daarin zullen o.a. de begroting, de jaarrekening en de diverse strategische kernelementen aan de orde gaan komen. De reflecties daarover zullen als rode draden in een woordelijk verslag worden vastgelegd. Er is gevraagd om een duidelijke jaarplanning samen met de lijst van de op te volgen aanbevelingen en adviezen. Dan, de nota van beantwoording komt eraan of die is misschien al binnen. Dit n.a.v. de input van betrokken gemeenten. Deze nota zal naar alle 21 gemeenten gestuurd worden. Dat was 19 april, dus het zou kunnen zijn dat die inmiddels binnen is. Na de zomer begint de MRDH met een startnotitie en die heet ‘brede welvaart’. Dat moet een richtinggevend document worden. Dan was er een nieuw punt op de agenda, dat ging over de vergaderruimten. Omdat de zalen in het MRDH gebouw niet voldoen om zowel de adviescommissie vervoersautoriteit als economisch vestigingsklimaat goed te faciliteren, wordt er overwogen om voortaan in diverse gemeentehuizen de bijeenkomsten te gaan houden. De locaties moeten dan het liefst ook goed bereikbaar zijn met openbaar vervoer. We gaan zien hoe dat gaat worden. Dan wil ik
32/33
jullie nog wijzen op een brief die is binnengekomen, een brief van 21 april, die heeft u waarschijnlijk al gelezen. Daarin wordt aangegeven, dat er zorgen zijn rondom de financiële situatie van de RET mede als gevolg van de verminderde vervoersbewegingen vanwege corona, vanwege de personeelstekorten, die als gevolg daarvan weer hoge kosten met zich meebrengen. Conclusie van de brief is: de financiële opgave van de RET is groot. Voor zover. De heer Jumelet, WIJ: Dank aan de heer Van Harn voor de terugkoppeling. Ik had even een praktische vraag. Uw eerste punt over digitale beeldvorming, is die bedoeld voor ons als commissie c.q. raad? Om u een mening mee te geven. Een tweede vraag die daaraan gekoppeld is. Ik mag aannemen, als dat inderdaad zo is, dat wij via de griffie dan de datum door krijgen, want het is wel interessant om wellicht te volgen dan. De heer Van Harn: Een hele goede vraag. Ik kijk met één oog naar de heer Blonk, die knikt ja. Dus ja, waarschijnlijk een zo breed mogelijk deelnemersveld bij deze beeldvormende avonden. 10. Rondvraag en sluiting De voorzitter, om 23.00 uur: Rondvragen hebben we niet. Dan is het één minuut voor elf, zo te zien, keurig, we zijn op tijd klaar. Dank voor uw inbreng. Wel thuis.
Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.
33/33