CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV23.0027] Verslag Commissie Ruimte d.d. 14 maart 2023

Commissie Ruimte 4 april 2023, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering18.568 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het college heeft al aangegeven, dat het in de nota van uitgangspunten wordt meegenomen. Wij zien daarbij wel echt het belang van een integrale afweging over die ontsluiting. Wat ons betreft is er dus wel iets van een woningbouwprogramma nodig, iets van een indicatie over het aantal woningen, het type woningen, het aantal verkeersbewegingen, eventuele bouw met een andere bestemming, die misschien gevolgen heeft voor de verkeersbewegingen. Pas dan kan er eigenlijk een besluit genomen worden over ontsluiting, want dan weet je wat er nodig is voor de ontsluiting. Volgens ons is het ook voor de participatie belangrijk om dat integrale beeld wat meer te hebben, zodat de gevolgen van een bepaalde keuze en bepaalde scenario’s ook zorgvuldig kunnen

11/20

worden afgewogen en begrepen kunnen worden in de context. Over dat participatieplan: wat ons betreft is het niet perse nodig om een participatieplan ter besluitvorming naar de raad te laten gaan. Natuurlijk willen we hierover geïnformeerd worden, maar dat is voor ons op dit moment genoeg. Mochten er dan nog steeds onduidelijkheden zijn over het plan of zaken waar we het niet mee eens zijn, dan kunnen we altijd het college hierop aanspreken of om opheldering vragen. Het is belangrijk voor ons om het college enigszins vertrouwen te geven om het op de juiste manier vorm te geven, zeker na alle discussies die erover gevoerd zijn, over dit onderwerp en de gevoeligheid die voor alle partijen wel duidelijk is. We zijn wel heel benieuwd naar de reactie van het college op alle vragen die al gesteld zijn, met name over de vergelijking met Wolfend en de Merenweg, waarom daar wel eerst de ontsluiting wordt geregeld. Die antwoorden horen we graag. Daar wil ik het bij laten, dank u wel. Mevrouw Boonstra, WIJ: Ook dank aan de heren Blonk en Van Harn voor het agenderen van dit onderwerp. Ook wij vinden het belangrijk om de ontsluiting van het verkeer integraal mee te nemen bij de planning voor dit gebied. Het is belangrijk om dat zo goed mogelijk op te pakken en te doen.

Heel kort en bondig: als de uitkomst van dit participatieplan een goede optie en inpassing voor de verkeersontsluiting naar boven laat komen, dan zien we dat tegemoet en er in de nota van uitgangspunten over te besluiten. Wij roepen eigenlijk op om het college in deze aanpak te steunen om het participatieproces een eerlijke kans te geven. Dank u wel, daar wilde ik het bij laten. Beantwoording college Wethouder Cnossen: Dank aan alle commissieleden voor hun inbreng, goed om hier vanavond op deze manier met elkaar van gedachten over te wisselen. Er is veel gezegd, ik zal mij houden aan de punten van discussie waar het vanavond over ging. Ik vond het mooi om te horen hoe u als commissieleden met elkaar dat gesprek hierover voert, waar je ook al aan kan zien dat je het van verschillende kanten kunt benaderen. Het college kan zich goed vinden in een aantal commissieleden, die aangaven: inderdaad, de juiste volgorde is belangrijk. In de beantwoording van de vragen van de raad over het participatieplan wordt gezegd: ontsluiting is prioritair. Maar je kunt niet over een ontsluiting beslissen als je niet al een wat meer integraal beeld hebt. Dan zeg ik niet een uitgewerkt plan, zoals het beeld waar de heer Blonk ons aan herinnerde destijds, het plan van Blauwhoed. Nee, het was meneer Van Harn, 11-09-2019. Zeker niet.

Een nota van uitgangspunten, dat moet u het integrale beeld geven, daar gaat het besluit genomen worden van hoe we hiermee verder gaan. Want u heeft gelijk, van Wolfend heeft het college op dit moment gezegd: we kunnen er niet verder mee, omdat ook de ontwikkelaar aangeeft dat dit niet te ontsluiten is, alleen door de kleine straatjes van Bergschenhoek, wat totaal onwenselijk is. Maar bij de Kulk is het niet mogelijk. Ik denk dat de vergelijking met de Merenweg niet helemaal opgaat, want daar zeggen we dat de processen parallel lopen. Dat we kijken of er toch een start kan worden gemaakt met bijvoorbeeld een Lijsterlaan. Ook in dit proces zullen we de bredere afweging moeten maken, wat ook door sommigen van u is aangegeven. Het zijn communicerende vaten, meneer Xhemaili, dank u wel, ik vond dat echt mooie woorden, die houd ik ook even in mijn gedachten. Het zijn communicerende vaten. Het programma dat er komt, daar ga je de verkeersbewegingen op beoordelen en kijken wat er nodig is. Dat externe bureau gaat echt niet helemaal opnieuw beginnen, dat pakt gewoon alles op. Het verkeersonderzoek is zeer uitgebreid, dat wordt gewoon weer opgepakt en we gaan daarmee verder. Vanaf het begin staat de ontsluiting wel in relatie met andere aspecten.

Wat u aangaf, meneer Xhemaili, de omgevingswet geeft inderdaad ook aan, dat het college de uitvoering van de participatie inderdaad, niet zelf altijd moet doen, want het is heel vaak de initiatiefnemer. De raad wordt geïnformeerd. Als u het wilt, kunt u het altijd agenderen. We hebben bij 3 projecten, die een pilot zijn, de participatie nadrukkelijk aangegeven. Dat zijn er 3: Bleiswijk, Zon, Greenery. Daar gaan we het participatieplan eerst door de raad laten vaststellen om met elkaar ervaring op te doen. We hebben met elkaar besloten dat we op die manier dat daar doen. Dus in dit geval is het college via de informatie naar uw raad gekomen en hebben we u op die manier bijgehouden. De heer Van Harn: Dan toch een vraag aan mevrouw de wethouder. U geeft nu duidelijk aan, dat er 3 pilots waren. Dat was geen geheim. Maar is daar ooit bij gezegd, dat alleen die 3 pilots via de raad zouden lopen? Ik werd persoonlijk toch wel erg verrast, dat dit participatieplan niet op de agenda werd gezet. Wethouder Cnossen: Dat heb ik in uw woordvoering gehoord. Inderdaad, u was erdoor verrast. Voor het college lag die lijn wel vast, dat er met de raad 3 pilots zijn afgesproken in het kader van het grote participatiebeleid en dat we verder handelen volgens de uitvoering die bij het college ligt. Omgevingswet.

Dank u wel, meneer Xhemaili, dat vroeg of laat, dat houdt in dat je sommige mensen laat betrekt, maar iedereen uiteraard vroeg betrekken. Ook dank voor de suggestie projectwebsite. Dat klinkt een beetje flauw, maar ik neem het mee. De projectleider luistert uiteraard ook mee. Je wilt daar juist alle informatie graag op kwijt, want de vraag die een inwoner heeft, heeft een andere inwoner misschien ook en dan kan je het gelijk opzoeken. We willen echt bij de projecten in Bleiswijk veel meer gebruik gaan maken van die projectwebsite en zoveel mogelijk wat er digitaal kan gaan gebruiken. Meneer Blonk stelt dat de prio verkeersontsluiting is losgelaten. Eén van u heb ik horen verwijzen naar de beantwoording van de raadsvragen daarover, waar

12/20

duidelijk staat: verkeersontsluiting is prioritair. Maar ik heb u net uitgelegd waarom het ook samenhangt met de rest van het programma. Participatie is 4 jaar geleden al begonnen, dat klopt. De heer Blonk: Heeft u gezien, dat ik dat ook gelezen heb? Maar in de zin erna wordt dat losgelaten en zegt het college: we gaan dat integraal doen. Dat vergeet de wethouder erbij te zeggen. Dat is in tegenstelling tot de prioriteitgeving. Wethouder Cnossen: Ik heb hier het antwoord voor mij, misschien wat overdreven om het helemaal voor te lezen. De eerste zin is: een goede ontsluiting van de Driehoek Noordpolder is belangrijk en prioritair. Helder. In het advies trekt de werkgroep zelf de conclusie, dat het nu nog niet mogelijk is om een voorkeursvariant uit te spreken. Vervolgens komt inderdaad de zin: de ontsluitingsvarianten moet je integraal afwegen met de andere aspecten die verschillenden van u ook hebben benoemd. Dat staat er. Ik weet niet precies waar nu de discussie over gaat. Eén van u zei: kip/ei. Daar zitten we inderdaad op dit moment een beetje in vast. De werkgroep verkeer heeft zich aangemeld en wordt weer betrokken bij het participatieproces. De heer De Graaf: Ik heb een misschien wat retorisch, verduidelijkende vraag aan de wethouder. De wethouder zegt: je moet de afweging maken. Wie is dan ‘je’.

Op welke wijze komt de afweging tussen scenario’s tot stand? Wat is de eventuele rol van de raad daarin? Heeft de wethouder er een beeld bij, hoe dat proces eruit kan zien? Onze zorg zit in wat ik in de eerste termijn aangaf, dat er een nota van uitgangspunten komt waar 1 scenario in staat, dat kennelijk voldoende kruisjes heeft opgeleverd en waar dan een discussie over ontstaat, waardoor we de nota terug moeten verwijzen. Dat zou zonde zijn voor de voortgang van het proces. Wethouder Cnossen: Eens, meneer De Graaf. De nota van uitgangspunten is wel het moment dat de raad bij het proces een besluit gaat nemen. Maar die nota van uitgangspunten moet u als raad inzicht geven in alles wat er gepasseerd is. Het kan niet zo zijn dat u daar 1 oplossing ziet of geen oplossing, dat lijkt me wat kort door de bocht. Maar die nota van uitgangspunten is het punt waarop de raad een besluit neemt, daarna gaan we weer verder. Dat proces zijn we nu aan het doorlopen. U heeft ook gezien wat de planning is, dat u in het derde kwartaal die nota krijgt, pas daarna ga je verder met stedenbouwkundig en het omgevingsplan. Mevrouw Den Heijer: Ik wil nog even stilstaan bij verschillende varianten die we dan in Lansingerland hebben. Variant 1 is: we doen een integraal proces, waarin we de ontsluiting meenemen met alle andere dingen die belangrijk zijn in zo’n ontwikkeling met woningbouw samen.

Of we doen variant 2 bij woningbouwprojecten: we doen eerst de ontsluiting en dan de nota van uitgangspunten voor het plan zelf. We hebben daar verschillende voorbeelden van in Lansingerland, Merenweg, Wolfend en Driehoek Noordpolder. Mij is nog niet helemaal duidelijk wanneer we nou voor de één kiezen en wanneer voor de ander. De wethouder tipte dat even heel snel aan, maar ik zag even niet goed het onderscheid in die projectaanpakken. Wethouder Cnossen: Even een vraag terug aan mevrouw Den Heijer. Bedoelde u de andere projecten Wolfend en Bleiswijk, waar ik het even kort over had? Ik wilde dat niet te lang aanstippen. Ik heb heel kort geprobeerd aan te geven, dat elke project wel weer zijn eigen dynamiek heeft. Bij Wolfend is door initiatiefnemer gezegd: het heeft op dit moment geen zin om daarmee verder te gaan. Maar juist bij de Merenweg zie je weer dat we met elkaar dat spoor hebben gekozen van parallel. We zien dat die woningbouw heel hard nodig is in Bleiswijk. De raad heeft gevraagd om de Lijsterlaan wat naar voren te trekken. Maar het totale project heeft veel meer de N209 nodig dan wat er nu is. Dus we zullen daarin elke keer onze weg, letterlijk, moeten zoeken, de ontsluiting. Dat is bij de Driehoek Noordpolder vooral met elkaar nadenken over het programma in relatie met de verkeersontsluiting.

Is het een programma waar veel verkeersbewegingen bij zijn? Of gaan er alleen maar mensen met een fiets wonen? Even heel zwart/wit gezegd. Dat is wat hier komt en wat in de nota van uitgangspunten voor u dan allemaal duidelijk moet zijn, ook uit het participatieproces, daar moet het vandaan komen. Verder hebben we natuurlijk al heel veel informatie over de Driehoek Noordpolder. Meneer Van Harn vond dat ik een hete aardappel doorschoof. Ik hoop dat ik voldoende gezegd heb, dat er direct in de werkvorm aan de ontsluiting aandacht wordt besteed. Vanaf moment nul is dit uiteraard het onderwerp van deze participatie. De juiste volgorde, zei mevrouw Den Heijer, wegen dan bouwen. Ja, dat zijn wij zeer met elkaar eens, maar we kennen ook de historie van heel Lansingerland. De historie weet ik nog van Berkel, waar we op de N470 zaten te wachten tot die er lag. Ja, dat was ook zoiets. Dat was in een tijd waarin de Driehoek Noordpolder een onderdeel was van de rijksweg A16/A16, maar die heette anders toen. Dat was waarom de Edelsteenbuurt toen niet is afgebouwd. Mevrouw Den Heijer vroeg ook naar de rol van de provincie. Wat doet de provincie, gaat ze ingrijpen als we niet voldoende opschieten? Ik kijk er zo naar, dat we de provincie gewoon goed op de hoogte houden van wat wij hier aan het doen zijn. Dan laat ik het bij hen, wat ze er eventueel van vinden of wat ze ermee willen doen.

Wij laten zien dat we het participatieproces aan het volgen zijn en de raad een besluit gaan voorleggen in het najaar, derde kwartaal is de bedoeling. De heer De Graaf vroeg ook naar Wolfend en Merenweg. U vroeg: hoe gaat dat er dan uitzien, krijg je een matrix met plusjes en minnetjes? Voor mij is dat echt het politieke debat over de nota van uitgangspunten. Mijn voornemen is om u een totaalplaatje voor te leggen, waar de raad uiteindelijk moet beslissen: zo gaan we het doen. Dus een politieke discussie. Ik vond het wel een leuke herinnering, meneer Ruijtenberg, over die motie van 24 februari 2022. Dank u wel. Mevrouw Maasland gaf nog aan waar de rol van de raad zit. Informatie, mevrouw Boonstra. Ik heb verder geen vragen genoteerd. Als ik iets vergeten ben, hoor ik het graag.

13/20

Tweede termijn De heer Blonk, L3B: Ik wil een viertal punten aansnijden. Ik moet duidelijk hebben, dat is een gegeven, dat die ontsluiting, waar we over spreken, van de Driehoek Noordpolder, buiten het bouwgebied van de Driehoek ligt. Dus we hebben het niet over de Driehoek zelf, dat het geregeld wordt, nee, het gaat om buiten. Moet het dwars door de Edelsteenwijk of kan het op een manier ergens om of langs? Daar gaat het om, dat zijn de varianten die er liggen vanuit de werkgroep verkeer. Dan kom ik op het tweede punt. De voorzitter: Ik ga u erop attenderen dat u niet veel tijd heeft. Ik gun u wel iets langer, maar probeer het even compact te houden. De heer Blonk: Net was er ook veel overschrijding en niet alleen omdat uw tijd mee liep, daar wil ik u ook op attenderen. Het tweede punt is het vervolg daarvan. Ja, mooi gezegd, die communicerende vaten, maar zijn het wel communicerende vaten? De wethouder was er lyrisch over, een prachtige vergelijking. De heer Xhemaili: Kan de heer Blonk aangeven waarom het geen communicerende vaten zijn? De heer Blonk: Als ik tijd had zou ik dat doen, maar ik ga met mijn eigen verhaal verder. In het plan, heeft de provincie aangegeven, moeten 165 woningen komen waarvan 50 sociale huurwoningen. Dus dat gaan we daar neerzetten.

Om dan te zeggen dat het een communicerend vat is met een ontsluiting die daarbuiten ligt, dat vind ik een beetje onzin. Als we een ontsluiting hebben van: die moet zo gaan lopen buiten de Driehoek Noordpolder. Dan ga je het plan aanpassen aan die situatie. Daarom vond ik de opmerking van de VVD: eigenlijk is de ontsluiting een politiek besluit. De voorzitter: Ik wil u vragen naar uw derde en vierde punt te gaan, want u staat ruim 1 minuut in de min. Mevrouw Den Heijer: Met alle respect, maar u blijft uzelf een beetje herhalen, uw eerste termijn, ik heb niet veel nieuws gehoord, maar dat geeft niet hoor, het is niet lelijk bedoeld. Wat ik me afvraag. U heeft de reactie van de wethouder gehoord, die zegt: de ontsluiting is onderdeel van het participatieproces, ontsluiting is onderdeel van de nota van uitgangspunten. Dus we krijgen het heus wel langs. Of we krijgen het na het plan of we krijgen het gewoon in één keer. Of zie ik dat nou verkeerd? De heer Blonk: Ik ga met mijn eigen verhaal verder, daar heeft u me toe gedwongen. Het is duidelijk, dat politieke besluit, de VVD gaf dat ook aan, in feite moet je dat voor de nota van uitgangspunten gaan doen. Dan kom ik bij mijn allerlaatste punt, dat ik toch overweeg om in de raad een motie in te dienen t.a.v. de ontsluiting van de Driehoek Noordpolder. De voorzitter: U bent binnen de min 2 minuten gebleven, dus dat is mooi.

De heer Van Harn, CDA: Dank aan de andere fracties voor hun reacties, waardevol. Zeker ook dank aan de wethouder voor haar beantwoording. Ik was blij dat u zei: op moment nul gaan we starten met de behandeling van de verkeersontsluiting. Dat is heel goed nieuws. De volgende vraag is natuurlijk: wanneer is moment nul? Dat weten de bewoners ook nog niet, die wachten nog steeds op een uitnodiging, maar daar kunt u waarschijnlijk straks wel antwoord op geven. Wat mij verrast zijn de woorden die vanavond over de integraliteit de ronde doen. Nu ineens is het heel normaal om integraal te denken en al die punten erbij te nemen, zoals duurzaamheid, milieu, stedenbouw, differentiatie. Maar toen de werkgroep verkeer aan de slag was, vraag ik me dan in alle redelijkheid af, lagen die punten toen ook op tafel? Of zijn dat nieuwe gezichtspunten en ideeën, die we nu alsnog moeten meenemen? Dat is de vraag die ik me stel. Daarbij wil ik het laten. De heer De Graaf, VVD: Ik wilde nog even kort terugkomen op één van de laatste opmerkingen van de heer Blonk in zijn tweede termijn. In de eerste termijn heb ik inderdaad aangegeven, dat een keuze van een variant in onze optiek gewoon per saldo een politiek besluit gaat worden, dat we in dit huis moeten nemen. Dat dat tijdens de vaststelling van de nota van uitgangspunten moet gebeuren.

Ik heb niet precies de vorm genoemd, waarin we dat moeten doen, dat laat ik nog even open. Met de reactie van de wethouder na de eerste termijn, waarin ze aangaf dat de nota van uitgangspunten niet alleen het document is waarbij we niet alleen hoeven te tekenen bij het kruisje, waar we ja of nee tegen kunnen zeggen, maar dat waarschijnlijk een aantal opties en overwegingen gaat bevatten, waar we debat over kunnen voeren en een keuze in kunnen maken, daarmee is invulling gegeven aan mijn suggestie in de eerste termijn, dus wij kunnen daarmee voor nu prima uit de voeten. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: Ik zal het heel kort houden, want ik heb eigenlijk alles al gezegd, ik heb niets toe te voegen. Mocht de heer Blonk met een motie komen over de ontsluiting, dan kan hij nu alvast rekenen op onze steun. Mevrouw Den Heijer, D66: Ik wilde eigenlijk zeggen: ik wil me aansluiten bij de vorige spreker. Maar dat ga ik dus nu niet zeggen. Ik ga zeggen, dat ik ga aansluiten bij wat de VVD net aangaf. Ik ben ook nieuwsgierig, dat wil ik op dat moment bekijken als het er ligt, wat de motie van de heer Blonk inhoudt, dan gaan we daar naar kijken. Dat wachten we even af, maar in principe denk ik dat het een prima idee is om een discussie te voeren over een integraal voorstel hier in deze commissie.

De heer Xhemaili, PvdA: Ik wil de wethouder bedanken voor haar antwoorden en de heer Blonk en de heer Van Harn voor dit bespreekpunt. Ik kan me in de woorden van mevrouw Den Heijer vinden, ook onze

14/20

fractie is het eens met de VVD-fractie om te kijken hoe het er in de nota van uitgangspunten uit komt te zien en hoe we daar ons politieke debat over kunnen voeren. Desalniettemin, een besluit is belangrijk, ondanks dat ik vind dat het communicerende vaten zijn, we kijken uit naar de motie van de heer Blonk, we zullen zien of we daarin mee kunnen gaan en of we er op voort gaan borduren. Dank. Mevrouw Maasland, CU: Ik heb nog zoveel tijd en ik zit te denken hoe ik dat vol kan krijgen, maar misschien kan ik die extra tijd verkopen. Maar nee, lijkt me niet nodig. Volgens mij was de beantwoording van de wethouder duidelijk. Wij hebben duidelijk aangegeven, dat we voorstander zijn van de integrale afweging en dat dat het participatieproces niet hoeft te belemmeren, maar juist kan versterken, dus we wachten in vertrouwen af. Dank u wel. De voorzitter: WIJ wil gebruik maken van de tweede termijn, maar is wel haar tijd kwijt, maar dat is een technisch probleem. Het is aan de heer Blonk en de heer Van Harn om te kijken wat ze met deze opbrengst gaat doen. Sorry, de wethouder. Wethouder Cnossen: Dat past ook bij ons als college, we krijgen alleen het woord als u ons dat geeft. Ik had nog een paar opmerkingen, waar ik graag op wilde reageren. Het meeste is gezegd.

De heer Van Harn had nog de vraag: wanneer start het participatietraject? Ik heb net via de hulplijn door gekregen: de week van 17-21 april. Dan wordt de eerste avond gepland, zoals nu de verwachting is. Ik wilde een opmerking maken, een overweging, bij een motie op dit moment. Dan ga ik toch het woord integraliteit noemen. We merken dat het lastig is als je op 1 aspect een motie indient. Dan verwijs ik naar Bleiswijk, waar we last hebben van een motie op 1 aspect, waar een andere groep dan weer op reageert. Dus dat wil ik u graag mee geven bij het denken over een motie in de raad. De voorzitter: Dan ga ik wederom proberen dit agendapunt af te sluiten. Er is heel veel gezegd. De heer Blonk heeft een motie aangekondigd, of een overweging. We wachten dat rustig af. Ik denk dat er voldoende informatie voor beide partijen is om hun overwegingen te doen. 6. Stukken ter advisering aan de raad: 6.a Vaststelling bestemmingsplan "Noordeindseweg 340" te Berkel en Rodenrijs De heer Scheringa, PvdA: Naar de mening van mijn fractie is dit bestemmingsplan goed opgezet. De ingebrachte zienswijzen zijn naar ons idee goed verwerkt. Het onmogelijk maken van bouwen langs het gemeentelijk monument is een zeer goede aanpassing.

Verder bij het verlenen van de bouwvergunning is het wel noodzakelijk dat gesteld wordt, dat er geen schade aan het gemeenschappelijk monument mag optreden tijdens de uitvoering of daarna. Dat zouden we graag willen meegeven aan de wethouder, als hij over de bouwvergunning beslist. Voor de rest is het voor ons een hamerstuk. Dank u wel. De heer Ammerlaan, CDA: Ik denk dat ik het ook redelijk kort kan houden. Het plan komt aan de Noordeindseweg en het past binnen het lint, bestemmingsplan het lint. Mooi om te zien hoe het allemaal in elkaar steekt. Er zitten ook wel bedenkingen aan, hoe zit het allemaal. Er zijn 3 zienswijzen ingediend, maar 2 verwijzen naar het monumentale pand uit 1670. De gemeente geeft keurig netjes antwoord, dat het niet in orde is. Dat klopt. Maar er staat ook, dadelijk bij het verlenen van de omgevingsvergunning zou het wel kunnen. Mijn vraag aan de wethouder is: kan dat dadelijk meegenomen worden? Dat de vraagstelling, kijk daarvoor uit, dat daar aandacht voor is. Dat wilde ik de wethouder mee geven. Verder is het ook voor mij een hamerstuk. De heer Meuldijk, L3B: Ik ga misschien nog tijd van iemand anders lenen, maar dat geeft niet. Ik hoor dat dat kan. Nee. Een mooie ontwikkeling, een verbetering, een inpassing in de bestaande structuur. Er komt wel een aantal dingen naar boven, die belangrijk zijn om te benoemen.

We zien nu weer een keer dat gemengde functies binnen een gebied wenselijk en noodzakelijk zijn in onze drukkere leefwereld om daarin een nieuwe ontwikkeling überhaupt mogelijk te maken. De zienswijzen. Terecht dat ze geen beletsel meer vormen, daar is net al wat over gezegd. Lichte overlast van assimilatieverlichting, verschillende gewassen hebben verschillende belichting nodig. Maar los van een woonhuis ja of nee, moet dat aan bepaalde wettelijke eisen voldoen. Zichtlijnen, 10 meter afstand. Dat hoeft geen enkel beletsel te vormen om woningbouw op 10 meter afstand te faciliteren. Dus terecht dat dat zo beslist is. Dan een belangrijk punt, dat net aangekaart werd, dat is het monumentale pand in de buurt. Een bestemmingsplan gaat niet over de uitvoering, die gaat over de mogelijkheid van. Dan zou je zeggen: er is geen enkel beletsel voor een bestemmingsplanwijziging. Mooi is hier wel de oplossing, dat er met een nulmeting gewerkt gaat worden, een monitoring, en dat de schade verzekerd is. Want het wil ook weleens gebeuren, dat er schade is en dat de dader een lege huls is en dat er niets te verhalen is. Maar het gaat erom, dat je met dit soort borging kunt zorgen, dat je wel kunt ontwikkelen op een locatie, ook nabij een monumentaal pand. Dan een paar kanttekeningen. Eentje wil ik wel noemen, dat gaat over de

15/20

dakenligging. De erfgoedcommissie wil natuurlijk kritisch kijken, die wil de lintstructuur behouden, dat begrijp ik allemaal. Maar hier gaan we iets krijgen en dat gaat op een gegeven moment wringen en botsen. Morgen staat op de agenda PV-panelen plaatsen op daken, hoe we daarmee omgaan, de kaders. Als je hier gaat bepalen dat daken op een bepaalde manier gesitueerd moeten zijn, omdat dat conform de lintbebouwing is, dan beperk je de optimalisatie van een dakplaatsing voor PV-panelen. Volgens mij zijn we het allemaal met elkaar eens, dat dat een belangrijker iets is dan een zichtlijn van een dak. Ik geef dit aan, want ik voorzie dat dit in de toekomst op andere locaties problemen kan geven. Hier valt het mee qua zuidligging, maar in de toekomst kan dat belemmerend werken, de optimalisatie. Om dan van B naar 1 te komen wordt dan een onmogelijke opgave voor een pand. Dan tot slot. Een belangrijke kanttekening. De heer Scheringa: Ik snap het punt van zonnepanelen en optimalisatie. We hebben het hier over een heel klein gebied in onze gemeente en het gaat om het lint, waarvoor we uitzonderingen hebben bedacht en besproken. In die zin, als je kijkt naar de bijzonderheid van het lint, vindt u het dan ook nog dusdanig belangrijk. De heer Meuldijk: Ik denk dat het een afweging is.

Ik fiets regelmatig over dit lint, meerdere linten in onze gemeente en andere gemeenten, we zijn niet de enige gemeente met mooie linten. Wat ik daar zie ontstaan, wat er op daken gebeurt, ik denk niet dat dit de lintbebouwing een heel erg ander karakter gaat geven als een dak iets anders gepositioneerd is, een gebouw iets anders gepositioneerd is. Dat is natuurlijk allemaal subjectief, dat begrijp ik, maar het lijkt me een afweging dat duurzaamheidsmaatregelen wat dat betreft net even iets belangrijker zijn. Dan wilde ik naar de kanttekening, wat mij hier eigenlijk opvalt. Als u met mij meeleest, heeft u gezien dat op 16 februari 2021 het college besluit mee te werken aan de herziening van het bestemmingsplan. Terecht. Goed dat dat gebeurt. Het is vandaag 14 maart 2023, meer dan 2 jaar later en nu is het pas in de commissie. Het lijkt me, als je ontwikkelingen mogelijk wilt maken in je gemeente, woningbouw en andere ontwikkelingen, dat dit een doorlooptijd is die wat mij betreft te lang is. Ik vraag hier bewust aandacht voor. Ik heb afgelopen week bewust art.37 vragen gesteld, die dit ook raken. Dit is exemplarisch. Waar het knelt en waar de pijn zit, weet ik niet, maar ik hoor graag of daar een toelichting van de wethouder op is, want dit is een te lange doorlooptijd. Daar wilde ik het bij laten. Dank u wel. Mevrouw Maasland, CU: Voor ons is het een hamerstuk.

De heer Van der Stadt, D6: De D66-fractie stemt in met het voorliggende plan, waardoor kassen plaats kunnen maken voor woningen in het lint. Met als beoordeling op de locatie in de planvorming zoals ingetekend lijken de doorzichten ons passend. Zorgen heeft de fractie van D66 wel jegens het aangrenzende erfgoed. We verwachten echter dat uit partijen daar zorgvuldig naar zullen acteren. Wat ons betreft ook een hamerstuk. De heer Jumelet jr, VVD: U kent de VVD natuurlijk als een kritisch constructieve partij, maar in deze hebben wij weinig kritiek. Er ligt iets voor waar we goed mee in kunnen stemmen, dus wij blijven als gewoonlijk constructief. Ik ben blij dat de ingediende zienswijzen goed en netjes zijn behandeld en afgerond met een duidelijke uitleg. Hierbij willen wij extra aandacht vragen voor trillingshinder en de mogelijke schade die dat kan veroorzaken aan het monumentale pand. We willen vragen of de gemeente dat nauwlettend in de gaten wil blijven houden. We zijn het dan ook eens met CDA en L3B, met hun gedachten daarover. Daarbij is de inpassing van het bestemmingsplan binnen het kader waarin de VVD het ook graag ziet. Dus wat ons betreft ook een hamerstuk. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: In principe is het wel een hamerstuk, want het gaat, zoals sprekers terecht opmerkten, om een bestemmingsplan en nog niet om de uitvoering.

Met de bestemming van agrarisch naar wonen, daar kan je het niet mee oneens zijn, ook al gaat het maar om 2 woningen, die niet in de sociale klasse vallen, mag ik aannemen. Echter, wel in de uitvoering, meneer Ammerlaan heeft het ook al aangegeven, het is wel een gemeentelijk monument. In de beantwoording lees ik op het ongevraagde advies, in de beantwoording wordt wel heel gemakkelijk verwezen naar de verantwoordelijkheden van de bouwer en de eigenaar van het gemeentelijke pand. Die moet een nulmeting doen, die moet aansprakelijk stellen en duidelijkheid krijgen over verzekering en dekking. Dat zijn uitvoerende dingen, maar ik wil van de wethouder ter geruststelling hebben: welke mitsen en maren kan de wethouder opleggen, zodat er wat meer zekerheid is dat er geen schade gaat ontstaan aan het gemeentelijk monument, want zoveel monumenten hebben wij niet. Dat is eigenlijk het enige. De heer Zantman, WIJ: Laat ik beginnen met het feit, dat mijn fractie ook verheugd is dat er mooie plannen zijn om dit stukje verpauperde Noordeindseweg aan te gaan pakken. Fijn ook om te lezen, dat dit alles is bedacht in de geest van de historische lintbebouwing en in lijn is met de reeds bestaande boerderij. Helaas zie je vaak bij zulke bouwplannen in combinatie met een eventuele omzetting van bestemmingsplannen, dat de directe omgeving niet altijd staat te springen.

Dit veelal omdat de omgeving hier niet op ingericht is. Dit blijkt hier ook toch een beetje aan de hand, aangezien 2 van de 3 buren bezwaar hebben gemaakt. Deze bezwaren zijn echter op verschillenden gronden door de gemeente

16/20

afgewezen. Ik zal niet ingaan op het monument, want dat is al genoeg aan de orde geweest. Bij navraag blijkt dat 1 van de bezwaarmakers de eigenaar is van de kwekerij achter het bewust perceel. Deze buurman heeft geen enkel bezwaar tegen de bouw van deze huizen. Echter, hij maakt zich wel zorgen over het feit dat hij wellicht kan worden beperkt in het uitoefenen van zijn bedrijf indien de raad toestemming verleent voor de bouw van deze 2 huizen. Er is met name onderzoek gedaan naar lichtuitstoot en geluidsoverlast vanaf de Noordeindseweg en de daarachter gelegen Abraham Molenaarweg. Maar in dit toetsingskader wordt geen rekening gehouden met andere vormen van geluidsoverlast, zoals geluidsoverlast van warmtekrachtkoppelingsinstallaties. Deze zijn berucht om hun overlast en met name door de hinderlijke resonanties en het brommende geluid. Er wordt nu simpelweg gesteld, dat er geen andere vorm van geluidsoverlast aanwezig kan zijn in de buurt van de te bouwen huizen. Echter, er is wel degelijk zo’n warmtekrachtkoppeling in de nabijheid aanwezig. Graag zou ik dan ook zien, ik zou van de wethouder willen weten, hoe kan worden gegarandeerd dat wanneer dit plan doorgang vindt deze ondernemer achteraf niet in de problemen kan komen of op extra kosten kan worden gejaagd.

Ik sluit graag positief af door nogmaals te benadrukken dat we dit plan zelf een verrijking vinden voor de situatie ter plekke. Beantwoording college Wethouder Cnossen: Dank voor uw inbreng, geachte commissieleden. Een aantal vragen met name richting het monument, dat is een belangrijk aandachtspunt, dat heeft u gezien in het hele proces geweest. Ik denk dat dat door de heer Meuldijk goed is benoemd, wat daar aan verzekering is opgenomen. Uiteindelijk zit het in de omgevingsvergunning om dat allemaal af te stemmen. Ik ga ervan uit, omdat we dit nu zo nadrukkelijk genoemd hebben in dit bestemmingsplan, dat er bij de omgevingsvergunning ook aandacht voor is. Als buren, die ook op de tribune zitten, zullen zij ook richting de monumentale boerderij van de familie Molenaar daar zeker rekening mee houden. Maar ik hoorde iemand zeggen, ik weet niet meer waar: je kan nooit garanderen dat er geen schade ontstaat. Daarom is het goed dat je het meet, monitort. Op het moment dat er wat gebeurt, dat je het dan stil kan leggen en daarmee aan de gang kan gaan. Ik ga dat hier niet 100% garanderen. Dan was er ook aandacht bij de heer Meuldijk voor de daken ligging, niet zozeer in dit plan, maar hoe strikt moeten we dat doen? Ik heb voor de linten van u als raad wel strikte instructies meegekregen, de linten hebben een zwaar welstandsregime, dat hebben we nou eenmaal met elkaar bepaald.

Deze huizen worden gebouwd in de richting waar de andere huizen ook gebouwd worden. Dat is op dit moment de belangrijkste afweging, maar mogelijk dat u dat in afweging met het zonnebeleid nog eens met elkaar kunt bespreken of dat u dat in het omgevingsplan nog eens ter discussie moet stellen, of je daar iets meer mee wilt. U stelde ook: de doorlooptijd is te lang. Ja, wat is te lang? Het heeft 2 jaar geduurd, dat klopt, maar bestemmingsplannen hebben een lange doorlooptijd. Als je ziet wat voor rapporten er geproduceerd moeten worden, ja, er moet altijd heel wat aangeleverd worden voordat het zover is. Daar zit tijd op. Maar ik denk ook, dat heb ik niet nagevraagd, dat bij de gemeente de tijd beperkt is, dus dat er ook weleens even een wachttijd tussen zit. We hebben het vorige week bij de uitvoering van het sociaal domein over wachttijden gehad, maar ook in dit domein hebben we lijstjes van dingen die ook weleens blijven liggen. Ik hoop dat het na deze hamerklap snel kan gaan, want ik snap dat je op een gegeven moment zit te popelen om de huizen te bouwen waar je al zolang naar uitkijkt. Maar dat is wel de verklaring, meneer Meuldijk. Het gemeentelijk monument. Meneer Ruijtenberg wilde nog een geruststelling van mij. Ik hoop dat ik met het vertellen van ‘ik geef geen garantie’, dat is geen geruststelling, maar wel aangeef wat de positie is op dit moment van de gemeente.

Bouw- en woningtoezicht kijkt ernaar, maar het zijn uiteraard initiatiefnemers en buren, waarbij ik wel de bijzondere positie van het gemeentelijk monument en de bewoners in mijn aandacht houd om daar heel goed op te letten. Het is inderdaad een hele mooie, bijzondere boerderij, die daar staat en die houd je daar graag in ere. De heer Ammerlaan: Ik hoor u twee dingen zeggen. Ik neem mee, ik neem aan, over het punt van het monumentale pand. En ik hoor u zeggen: ik kan geen garantie geven. Nee, dat u geen garantie kunt geven, dat snapt iedereen. Maar de vraag is: wil de wethouder dat er aandacht aan gegeven wordt, dat er naar gekeken zal worden. We verwachten geen garantie, want je kan geen garantie geven. Dat als er een omgevingsvergunning aangevraagd wordt, dat de zorgen voor het pand gelijk mee gegeven worden. Dat was mijn vraag. Wethouder Cnossen: Ik was nog niet helemaal bij uw woordvoering aangekomen, maar ik denk dat ik ook al in het voorgaande heb aangegeven dat dat bij het verlenen van de omgevingsvergunning een heel bijzonder punt van aandacht is. Helder. Dat staat helemaal niet ter discussie. Ik had nog een punt van WIJ, dat zou ik even bij de afdeling technische vragen willen brengen.

Ik weet dat er in het hele grote stuk iets staat over het bedrijf erachter en wat het betekent dat deze woningen er komen, maar ik vind het wel iets wat u van tevoren had moeten indienen om mij in de gelegenheid te stellen daar dan direct een antwoord op te geven. Het staat ergens in de stukken, dus ik stel voor dat via de mail de bladzijde wordt aangegeven. De heer Zantman: U heeft gelijk dat het kort dag was, ik probeer het uit te zoeken. Maar ik constateerde dat zelf, maar ik wil toch even in de bres springen voor de ondernemers. Vandaar mijn zorgen. Maar u heeft alle tijd om dat netjes

17/20

uit te zoeken. Wethouder Cnossen: Inderdaad, u heeft met de griffie een proces afgesproken, dat is waar ik u op wilde wijzen. Technische vragen moeten op een bepaald moment aan de voorkant richting het college komen. In de hele beschrijving, ik kan nu net zo snel de bladzijde noemen, staat ook dit beschreven, dat deze ondernemer geen beperkingen krijgt van zijn bedrijf door deze woningen. Dat weet ik zeker. De heer Zantman: Wij hadden de discussie of het een technische vraag is. Ik vond het geen technische vraag, maar een constatering, vandaar dat ik hem toch stelde. Wethouder Cnossen: Ik dacht dat ik alle vragen beantwoord had en wil het hiermee besluiten. De voorzitter: De vraag van de heer Zantman, wordt die nog via de mail beantwoord? Wethouder Cnossen: Dat aanbod ligt er. De voorzitter: Is er nog behoefte aan een tweede termijn? Nee? Mag ik constateren, dat dit een hamerstuk is voor de komende raadsvergadering? Ja. Dan wordt het genoteerd als hamerstuk. Dan sluit ik dit agendapunt af. 6.b Benoeming lid welstandscommissie De heer Meuldijk, L3B: Allereerst, uiteraard, wat we zien, goed dat deze dame, blijkend uit de CV, zeer geschikt voor deze taak, deze rol gaat vervullen. Daar zit absoluut geen enkele twijfel, dus daar kan L3B zich volledig achter scharen. Wel 2 aandachtspunten, die we naar aanleiding hiervan willen benoemen.

Goed lezend, eentje is een procesmatig aandachtspunt, goed lezend staat er dat bij de invoering de omgevingswet, wanneer dat dan mag worden maar dat gaan we zien met zijn allen, een nieuwe gemeentelijke adviescommissie zal worden ingesteld ter vervanging van de huidige welstandscommissie logischerwijs. Vanuit de nieuwe wet zal deze commissie adviseren over erfgoed, maar ook over de welstandsaspecten wordt geadviseerd door de nieuwe commissie. Ik wil nu op dit moment geen inhoudelijke discussie, maar ik verbaas me over deze mededeling, aangezien voor zover mij bekend hier nog niet eerder met raad over gesproken is, maar misschien vergis ik me, dan hoor ik dat graag. Wat nou de rollen en taken zijn van die nieuwe commissie, of dat alleen de wettelijke taken of ook breder dan die wettelijke taken is. Daar hoor ik graag een antwoord van de wethouder op. Dan een ander punt, meer een algemene zaak, dat is de financiële dekking. Er wordt hier nogal makkelijk gezegd, dat het een gesloten stelsel dekking is normaliter, de leges, maar ik ben wel van mening dat we altijd moeten kijken dat we de kosten voor onze inwoners en ondernemers zo laag mogelijk willen houden. Als we zaken optuigen, dus ook een commissie, dat breder maken en meer taken neerleggen, dan werkt dat kostenverhogend en dat betekent dat je leges omhoog moeten.

Dat daar besef is en aandacht voor is, dan kan het soms zijn: less is more. Dat kan ook de overweging zijn, welke taken wil je wel of niet bij de commissie neerleggen? Dat was het. De voorzitter: Ik wil u toch even attenderen op het agendapunt dat voor ligt. U gebruikt dit kleine haakje om breder te gaan, maar het gaat over de benoeming van iemand. U heeft het gezegd. De heer De Graaf, VVD: We zijn verheugd te constateren dat we de welstandscommissie weer op dikte brengen met dit deskundig nieuw lid. Gelukkig maar, want als het aan de heer Meuldijk had gelegen, dan zit de gemeente helemaal vol met zuidelijk georiënteerde panden taken over een aantal jaren. De welstandscommissie is er om ons daarvoor te behoeden. Naar aanleiding van het voorstel een vraag uit nieuwsgierigheid. Er wordt gesteld dat het met terugwerkende kracht tot februari is. Ik snap de noodzaak niet helemaal. Ik dacht dat het in de stukken stond. Waarom niet een besluit per 1 april? Zit er een advies en procedure wat zijn legitimiteit verliest als wij dit niet met terugwerkende kracht doen? Daar was ik nieuwsgierig naar. De heer Zantman, WIJ: Onze fractie heeft alle vertrouwen in de voordracht van mevrouw Douwes. We wensen haar veel succes. De heer Scheringa, PvdA: Ik sluit me aan bij vorige spreker. De heer Hofman, CU: Hamerstuk. De heer De Ruiter, CDA: Voor het CDA is het ook een hamerstuk.

Wij vragen ons alleen af waarom wij iemand moeten benoemen, terwijl we eigenlijk niet eens weten wie we benoemen, want we hebben niet echt een CV. Hoe kunnen wij nou vast stellen dat het de goede kandidaat is? Beantwoording college Wethouder Cnossen: Richting de heer Meuldijk wil ik meegeven, dat de omgevingswet voorschrijft dat je een commissie ruimtelijke kwaliteit krijgt, waar erfgoed en welstand inderdaad in gecombineerd worden. Less is more, die kosten gaan we t.z.t. bekijken, hoe we dat organiseren. De terugwerkende kracht, het gebeurt wel vaker dat leden vertrekken en dat dan nodig is om mensen met terugwerkende kracht te benoemen. Waarom? Dat laat ik eigenlijk altijd een beetje gebeuren, moet ik eerlijk zeggen, soms wordt

18/20

het leven ingewikkeld. De heer De Ruiter, geen CV, wij mogen in openbare stukken helemaal geen gegevens vermelden. Ik kan me ook niet herinneren, dat we er in het college hele CV’s bij krijgen, daar ga ik toch uit van het advies dat we meekrijgen. Dat anderen er een oordeel over geven, dat deze mevrouw iemand is die dat op een goede manier kan doen, ik heb zelf niet de neiging om dat allemaal na te kijken. Tweede termijn De heer De Graaf, VVD: Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Een hamerstuk wat ons betreft. De voorzitter: Ik kijk even rond. Kunnen wij constateren dat het een hamerstuk is voor de komende raad? Ja? Dan noteren wij het als hamerstuk. 7. Actualiteiten uit het college De voorzitter: De maandelijkse voortgangsrapportage is bijgevoegd. Voor de commissie ruimte staat er 1 onderwerp op, het andere onderwerp RTHA is voor de commissie samenleving. De heer Scheringa, PvdA: Op zich wel mooi dat de Kooilaan geregeld is. Ik vroeg me af of er wat te zeggen is over de kosten hiervan. De heer Toussaint, VVD: Het doet de VVD goed de adequate aanpak van het college te vernemen, dus dank daarvoor. Wethouder, ik begrijp uit uw rapportage dat de toezegging is afgedaan. De poller, voor luisteraars, zo’n paal die de grond in zakt als er een hulpdienst aan komt, is niet de juiste oplossing. Maar klopt dan de bebording met de feitelijke situatie? Dat is mijn eerste vraag.

En twee, zijn de inwoners geïnformeerd? Wat was de reactie van de inwoners? Wethouder Muis: Ik zal eerst het punt van de Kooilaan doen, daarna nog een andere terugkoppeling vanuit het college, maar dat komt daarna wel. Voortgangsrapportage, het proces, maatregelen om de Kooilaan veiliger te maken. Een heel mooi, snel proces, dat we met elkaar hebben doorlopen. En een mooi resultaat dat ook op goedkeuring kan rekenen van de initiatiefnemer, die dit zelf communiceert richting al zijn mede petitie ondertekenaars. Twee vragen. De kosten, de heer Scheringa. De kosten nemen wij sowieso voor onze rekening, we betalen dit uit regulier budget. Het gaat om een paar duizend euro, maar daar hebben wij gewoon budget voor. Dan de vraag van de heer Toussaint. Of de motie hiermee afgedaan is. Wij stellen voor om hem hiermee af te doen, het is aan u als raad en commissie om het daarmee eens te zijn of niet. Ik zou voorstellen van wel, want die beweegbare poller is iets wat we nadrukkelijk hebben besproken met de initiatiefnemer. We hebben ook alle argumenten gewisseld. Op zich begreep hij dat wel, alleen, dat is in heel veel participatietrajecten natuurlijk het geval, als je het idee hebt, dat je nog meer kan krijgen, waarom zou je dat niet proberen.

Dat vinden we op zich wel jammer, omdat we wel overeenstemming hebben over alle andere maatregelen en hier echt wel met elkaar goede gesprekken over hebben gehad. Desalniettemin staat het u natuurlijk vrij. We hebben hier een aantal argumenten aangegeven waarom we dat niet doen. De kosten staan niet in verhouding tot de klachten. De randvoorzieningen met zo’n poller, dan denk je al snel aan zo’n € 60.000. Beweegbare pollers staan vaak in storing. Hier de hele geschiedenis van voor- en tegenstanders van een paal, die hem willen saboteren, zijn we hier niet voor. Bovendien schept het een precedent voor allerlei u ook wel bekende andere wegen waar men denkt: doe ons ook maar zo’n beweegbare poller, dat gaat ons probleem oplossen. Het punt is, als je nu de verkeerssituatie aan zou willen passen, dan ga je dus juist actief stimuleren dat het een doorgaande route is. In de navigatie staat die als doodlopende route. Ik denk dat het middel erger dan de kwaal is, als we dit op die manier aan gaan passen aan de werkelijke situatie. De heer Toussaint: De werkelijke situatie, hoor ik nu van de wethouder, is dat het om een doodlopende weg gaat. Klopt dat? Zo ja, zijn er dan naast een poller andere mogelijkheden, poller of geen poller, waarmee we de hulpdiensten ook tegemoet kunnen treden? Daar ben ik benieuwd naar. U hoeft dat niet direct te beantwoorden.

Bewoners ervaren veel overlast van het doorgaande verkeer, die het als sluiproute gebruiken. Zij hebben er toch wel baat bij, dat er iets gaat gebeuren. Wethouder Muis: Ik heb net geprobeerd kort aan te geven, de verkeerstelling op de Kooilaan laat een normaal laag gebruik zien qua verkeersintensiteit. Afgelopen jaren komen er geen klachten uit de Molenbuurt over sluipverkeer. Als er al sluipverkeer zou zijn, dan kiezen zij een andere route, maar niet daar. Het is ook in lijn met, ik ga ook een VVD’er citeren: doen wat er nodig is, maar doe ook vooral niet wat er niet nodig is. Daar zou ik het bij willen laten. Wethouder Muis: Vanmiddag en begin van de avond was ik in Den Haag bij de provincie. Ik was daar niet alleen, ik was daar met zo’n 100 andere Zuid-Hollandse bestuurders wonen, van corporaties, andere betrokken partijen, zoals Bouwend Nederland, maar nog heel veel anderen. Ook gedeputeerde Anne

19/20

Koning was aanwezig en ook minister Hugo de Jonge, om met zijn allen de regionale realisatieagenda wonen te ondertekenen. Ik heb hem ook ondertekend, ik heb u daar vorige week een brief over gestuurd. Het leek ons wel goed om dat te doen, omdat we u in januari ook een brief hadden gestuurd, omdat toen op basis van de situatie die toen aan de orde was, wij niet met droge ogen die realisatieagenda zouden kunnen ondertekenen. Dat had ermee te maken, dat in het provinciale beleid Bleizo-west aangemerkt zou worden als niet te transformeren bedrijventerrein. Dan heeft het weinig zin om daar afspraken qua woningbouw aantallen, sociale woningbouw aantallen, over te tekenen. Sindsdien is er natuurlijk het e.e.a. gebeurd, zoals u weet. Provinciale Staten hebben op 8 februari een andere afweging gemaakt, GS is daarin mee gegaan, zodat PS nog steeds de ruimte hebben om daar een keuze te maken voor woningbouw of niet voor woningbouw. Dat zette de weg open. Daarmee waren we er nog niet. Sinds 8 februari hebben we heel intensief overleg gevoerd in de regio aan de tafel regio Rotterdam met de voorzitter, met de gedeputeerde, ambtelijk, bestuurlijk, tot 6 maart aan toe.

Vorige week maandag hebben we bestuurlijk overleg gehad met de voorzitter van het samenwerkingsverband woonregio Rotterdam, de gedeputeerde en ook de vertegenwoordiger vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken om te komen tot een passende borging van Bleizo-west op de juiste manier in deze afspraken. Dat kunt u straks ook lezen in de regionale realisatieagenda. Dat houdt in dat we het expliciet maken, Bleizo-west, om hoeveel woningen hebben we dat, wat is de implicatie daarvan als die niet gebouwd kunnen worden ook voor het meer evenwicht scenario. Dat wilden we er klip en klaar in hebben, dat heeft heel veel moeite gekost, maar uiteindelijk met hulp van al deze partijen hebben we het zover gekregen. Het zijn maar woorden, maar we kunnen het beter aan de voorkant met elkaar scherp hebben dan achteraf de discussie hier met u over wat we nou precies van plan zijn met de woningbouwaantallen en welke opgave wij op ons nemen. Dank u wel. U kunt het allemaal rustig nalezen. Als het aanleiding geeft tot vragen, dan hoor ik dat, maar ik wilde het even melden, zodat u op de hoogte bent en niet straks allerlei foto’s voorbij ziet komen, iedereen met Hugo de Jonge natuurlijk, maar die ziet u vanzelf langs komen. 8. Actualiteiten uit de commissie De voorzitter: Zijn er nog actualiteiten? Nee. 9. Verbonden partijen De voorzitter: Ook geen zaken? Nee? 10.

Rondvraag en sluiting De voorzitter, om 22.25 uur: Rondvragen waren niet aangemeld en ook niet ingediend, dus die slaan wij over. Dan komen we bij de sluiting. Ik wil u allen hartelijk danken voor uw aanwezigheid en uw inbreng. Ik wens u graag een goede thuisreis en morgen allemaal stemmen. Ik ga geen stemadvies geven, dat moet u allemaal zelf weten, maar ga alsjeblieft wel stemmen. Ik hoop u weer te zien bij de volgende gelegenheid.

Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.

20/20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=ffd0916e-5de6-4ff8-b88e-50fdbaa41f79