CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV23.0012] Verslag Gemeenteraad d.d. 26 januari 2023

Gemeenteraad 23 februari 2023, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling van het verslag van de vorige vergadering14.927 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ik denk dat niemand daar echt blij van wordt, we hebben er allemaal mee te maken, ook dit soort vrijwilligersorganisaties. Maar het geldt natuurlijk voor heel veel vrijwilligersorganisaties, die hier rond lopen, die hier mee te maken hebben. Ik vind het in deze discussie, in deze motie, wel een beetje door elkaar heen lopen: wat willen we nou op korte termijn oplossen en wat willen we op de langere termijn doen om de relatie tussen vrijwilligers en gemeente beter te laten functioneren? Daarom heb ik wel een klein beetje zorgen over deze motie, die dat allemaal in één keer probeert te vertalen. Want het vinden van vrijwilligers, daar liggen veel oorzaken aan ten grondslag. Het wordt moeilijker om ze te vinden, dat heeft niet alleen te maken met de regeldruk, die aan de orde is, maar ook dat mensen gewoon veel 11/16

minder tijd hebben om dit soort dingen te doen. Dat los je niet 1 op 1 op door bij de gemeente een meldpunt te maken. Ik vind het gevaarlijk om die discussie 1 op 1 te vertalen. De strekking van de oproep in de motie is natuurlijk echt wel logisch en sluit ook aan op het verhaal van de inspreker. Dus ja, daar kan je niet tegen zijn, iedereen wil natuurlijk gewoon graag dat het beter gaat en opgelost wordt. Maar vervolgens staat er in de motie toch wel een paar dingen, waarvan ik denk: hoe is dat nou uitvoerbaar? Leggen we dan de accenten op de goede plek? De inspreker geeft aan: help mij, ik hoef alleen maar te hebben dat ik 1 keer met een ambtenaar om tafel ga zitten en die vergunning samen kan invullen. Maar deze motie gaat gewoon drie keer zover. Er komt een meldpunt, er moet een bijeenkomst komen en nog een keer een bijeenkomst. Ik vraag me wel een beetje af: is dit niet iets teveel? Zouden we dat niet een beetje moeten knippen? Op deze korte termijn zou je het willen oplossen door een gesprek, volgens mij is iedereen het daarmee eens en het lijkt me ook dat de wethouder daar prima een toezegging op kan doen.

En dat we vervolgens nog eens gaan kijken: wat is er nou echt nodig om al die vrijwilligersorganisaties op een goede manier te helpen? Dan gaat het breder dan alleen maar vrijwilligersorganisaties die een feest organiseren, maar dan gaat het ook over vrijwilligersorganisaties die bezig zijn met mantelzorgers, met duurzaamheid, alle andere initiatieven die we hebben in deze samenleving. Dan is het ook nog maar de vraag: wat verstaan we allemaal onder zo’n meldpunt? Is het dat alle ambtenaren 24 hours dan beschikbaar moeten zijn daarvoor? Of hebben we daar een ander beeld bij? Ik zou de uitvoering daarvan veel meer in handen willen laten bij de wethouders, die daar verantwoordelijk voor zijn i.p.v. daar een middel voorschrijven. Ik heb daar een beetje vragen bij, maar ik laat het ook een beetje afhangen van hoe de wethouder daarop reageert. De heer Hofman, CU: Ik ben blij met de woordvoering van mevrouw Den Heijer, die sluit aan bij wat ik ook wilde uitspreken. Ik wil het woordje sympathiek eigenlijk toch gebruiken, mevrouw Verhoef. Meestal bij het uitspreken van ‘een sympathieke motie, maar’ dan komt er een hele verhandeling waarom de partij in kwestie toch tegen gaat stemmen. Ik wilde het vanavond eigenlijk even omdraaien. Ik ga uitleggen waarom wij de motie aanvankelijk eigenlijk helemaal niet zo sympathiek vonden, maar waarschijnlijk toch voor gaan stemmen.

Niet zo sympathiek dus. In de commissie AB stelde de heer Bik al de rondvraag over dit onderwerp. Het antwoord toen van de wethouder leek afdoende. Dus wij waren wel verrast toen de motie van WIJ samen met CDA en L3B hier toch nog kwam. Hij deed wat overbodig aan. De fractievoorzitter van WIJ werd al eerder geciteerd, maar ik zal het ook doen: wij zijn van het wat, het college is van het hoe. Als ik dan naar het dictum kijk van deze motie, dan schrijft u het college eigenlijk voor hoe zij haar taak moet uitvoeren. Ik denk dat de wethouder van het hoe zou moeten zijn. Maar dan de inhoud. We zien namelijk weldegelijk dat hier sprake is van een probleem dat aandacht verdient en urgentie heeft. Het organiseren van evenementen is duidelijk moeilijker en ingewikkelder geworden. Daar doen we niet veel aan. Zaak is wel om vooral onze vrijwilligers de weg te wijzen in het doolhof van de aanvraag. In een maand waarin formulierenbrigade de vrijwilligersprijs krijgt, omdat burgers soms de weg kwijt raken in formulieren, is het goed om ook naar onze eigen formulieren te kijken en procedures te kijken en te kijken waar we zelf kunnen vereenvoudigen. In de commissie noemde wethouder Hoek het evalueren van de klantreis als oplossingsrichting van het probleem. Daar konden wij ons goed in vinden, maar het moet ook concreet gemaakt worden.

Door zelf de klantreis met ambtenaren mee te maken, loopt de wethouder vanzelf tegen moeilijkheden aan, die bijvoorbeeld de in spreker vanavond geschetst heeft. De indieners schetsen nu de oplossing voor de wethouder. We zijn benieuwd of de oplossingen werken voor de wethouder, daar horen we hem graag over. Als CU hebben we bijvoorbeeld bedenkingen bij het speciale loket. Stel, we nemen de motie aan, de wethouder lost het probleem op, maar het loket is er niet gekomen. Zijn we dan als raad ontevreden over hoe de wethouder onze motie afdoet? Wij zouden graag zien, net als mevrouw Den Heijer, dat de wethouder wat ruimte krijgt om het breed geconstateerde urgente probleem op te lossen. Als de wethouder kan leven met de geschetste oplossing, dan laten we het daarbij, maar als dat niet zo is, wil ik de indieners graag in overweging geven om de oproepen wat minder concreet te maken en hierin de wethouder ruimte te geven. Zo waren we dus aanvankelijk wat kritisch over de aanloop naar de motie, maar we erkennen de problematiek en we steunen de strekking ervan. We vernemen graag van de wethouder hoe hij erin staat. Dank u wel. Beantwoording college Wethouder Hoek: Dank u wel, mevrouw Rens, voor de inspraak en WIJ voor het indienen van de motie. Het college onderschrijft natuurlijk helemaal wat hier gezegd wordt, dat wij er voor onze vrijwilligers zijn.

Het klopt helemaal dat we tijdens de nieuwjaarsreceptie al deze vrijwilligers in het zonnetje hebben gezet, omdat we er trots op zijn. We hebben het ook gekwalificeerd als het cement van de samenleving en ja, daar ontstaan hele mooie dingen uit. Het college onderstreept dat volledig en daar is geen enkele twijfel over mogelijk, laat dat heel duidelijk zijn. Waar we wel moeite mee hebben, dat geef ik ook eerlijk toe, dat is met name het tweede dictum: het college bestrijdt dat het de rol van de gemeente is om reeds bekende gegevens in de vergunningaanvraag in te vullen. Ik bedoel dit: als je iets organiseert, ben je verantwoordelijk voor de aanvraag en ook voor de uitvoering. Dat is die verantwoordelijkheid, die kan de gemeente niet overnemen. Dat zorgt er ook voor, zoals de motie nu 12/16

gesteld is, dat we hem niet kunnen omarmen, omdat we dan zitten met die verantwoordelijkheid. Ik wil wel kijken hoe we dat probleem verder kunnen tackelen. Er is een aantal suggesties gedaan. Een permanente vergunning lijkt me een heel lastige, want waar het ene jaar de oliebollenkraam staat en het volgende jaar de kraam met de luchtballonnen, dat vergt een ander soort invulling van zo’n vergunning. Het is wel een dynamisch document. Ik kan me wel voorstellen dat je zegt: als dat format nou niet verandert en je gebruikt het voorgaande jaar als leidraad, zodat je niet weer hoeft in te vullen wie de voorzitter is, de telefoonnummers en noem maar op, daar zouden we naar kunnen kijken, maar het betekent wel dat die verantwoordelijkheid voor het invullen altijd blijft bij de organiserende organisatie en die zullen ook hun handtekening eronder moeten zetten. Dat is logisch. Als ik een buurtbarbecue organiseer, dan heb ik daar ook een vergunning voor nodig, dan is het niet zo dat de gemeente die invult en als het compleet uit de hand loopt, dat de gemeente dan verantwoordelijk gesteld kan worden. Nee, als je iets organiseert, ben je als organisator verantwoordelijk voor de uitvoering. Daarom hebben die 2 alles met elkaar te maken. Ter attentie van dictum 3 onderschrijft het college het belang van één aanspreekpunt.

Dat wordt in de motie een loket genoemd, misschien is dat teveel opgetuigd, maar ik denk dat als we één aanspreekpunt hebben, dat dat al heel helder is, want dat beoogt de motie ook, denk ik. De heer Bik: Ik er niet een heel technische discussie van maken, maar wat ziet de wethouder voor verschil tussen een voor-ingevuld formulier waar de vereniging of het comité nog steeds verantwoordelijk voor is, wat is het verschil daartussen met een advies overnemen, een mondeling advies van een ambtenaar waarmee hij een gesprek heeft? Wethouder Hoek: Kijk, ik bedoel dit, daar kom ik straks nog op, over fysiek bij elkaar aanwezig zijn en samen die vergunning invullen en klaar maken, ik bedoel dit, op zich zou je kunnen denken: daar zit geen verschil tussen. Alleen, de verantwoordelijkheid blijft wel primair bij de organisatie liggen. Je kan het makkelijker maken, maar de verantwoordelijkheid blijft bij de aanvrager. We hebben een evenementencoördinator, die de organisatie van vele festiviteiten fungeert, die is ons aanspreekpunt. Ik heb ook contact gehad, er zijn een hele hoop mogelijkheden om met haar in contact te treden. Daar hoort ook bij, dat als je een fysieke afspraak maakt, dat dat absoluut mogelijk is. Hetgeen mevrouw Rens vraagt, kan ik hier gewoon toezeggen.

Op het moment dat jullie een moment prikken, dan gaan we rond de tafel zitten en gaan we kijken hoe we elkaar kunnen helpen, want daar is ons ook een hoop aan gelegen. De CU zei het net ook al. Ja, ik heb toegezegd om aan de gang te gaan met die klantreis om eens te kijken met partijen: hoe kunnen we dit nou op onderdelen gewoon verbeteren. Er zijn goede voorbeelden van. Ik heb van de week nog gesproken met een oud-bestuurslid van de Oranjevereniging Bergschenhoek. Van de week heb ik ook contact gehad met een burger hier, die wees mij op een heel mooi programma dat in Haarlemmermeer ook draait, digitaal, om het aanvragen van vergunningen een stuk makkelijker te maken. Ik ben bereid daar naar te kijken, want ik vind ook dat we het de gemiddelde vrijwilliger eenvoudiger moeten maken, maar wel binnen de juridische kaders die er gewoon liggen. De heer Bik: Ik probeer toch wat duidelijkheid te krijgen. Ik hoop dat de wethouder ook belasting betaalt. Elk jaar krijgt hij een vooraf ingevuld formulier met zijn WOZ-waarde, zijn inkomsten et cetera. Dat wil niet zeggen, dat de belastingdienst daardoor verantwoordelijk is voor de gegevens die worden aangegeven voor degene die dat belastingformulier heeft ontvangen. Wat is nou het verschil? Wethouder Hoek: Het verschil is, dat we hier op het gemeentehuis de krapte kennen qua ambtenaren.

Het kan toch niet zo zijn, dat de ambtenaren allerlei vergunning van verenigingen moeten gaan invullen. Dat lijkt me echt teveel van het goede. Het is de verantwoordelijkheid van een vereniging, die iets wil, dat ze ook die vergunning aanvraagt. Dat we moeten kijken hoe we dat eenvoudiger kunnen doen, daar ben ik een groot voorstander van. Maar u zegt het zelf ook, bij de belastingdienst hebben ze daar uitgebalanceerde programma’s voor, denk ik, dat is allemaal redelijk eenvoudig uit te spugen. Als het digitale programma, dat in Haarlemmermeer draait, daar bijvoorbeeld invulling aan geeft, dan kunnen we daar naar kijken natuurlijk. Dat betekent wel, op het moment dat er zo\n programma is en we willen dat aanschaffen, dat daar ook kosten aan verbonden zitten. Daarnaast blijft het zo, wij zijn eigenlijk de instantie die de vergunningaanvraag verzamelt, maar al die sub-onderdelen moeten weer beoordeeld worden door externe organisaties: de VRR, de brandweer, de politie, DCMR. Allemaal instanties die een bepaald format willen hebben, hoe dat aangeleverd wordt. Uiteindelijk zetten zij een vinkje. De optelsom van die vinkjes maakt dat we een evenement kunnen organiseren. Mevrouw Gielis: Al die organisaties, die u net noemde, zullen hier bij andere gemeenten toch ook mee te maken hebben. Misschien hebben ze zelf wel een idee hoe het beter kan.

Wethouder Hoek: Dat zou je prima in zo’n klantreis mee kunnen nemen. Ik vind ook: hoe kunnen we die weg wellicht eenvoudiger bewandelen. Natuurlijk, daar ben ik het helemaal mee eens. Wat mijn voorstel is, tot aan Koningsdag de verenigingen in de gelegenheid te stellen fysiek met elkaar rond de tafel te gaan. Ik wil beginnen met die klantreis. Natuurlijk willen wij jullie op een goede manier ondersteunen, want daar hebben wij ook baat bij. Ik heb nog een praktijkvoorbeeld. In 2011 heb ik zelf een groot jeugd-brandweerkamp georganiseerd met 350 jongeren bij de kanovijver in Bleiswijk. Dat moet de heer Erwich in het bijzonder aanspreken. Ik kreeg ook pukkels van het werk dat dat oplevert. Wij moesten een noodplan aanleveren, we moesten autobussen klaar hebben staan voor als er wat zou gebeuren, we moesten sporthallen reserveren voor als het uit de hand zou lopen. Ik ga u vertellen: we hebben het nodig gehad. Het hele kamp is op donderdag geëvacueerd, we zijn met bussen naar de Oostmeerhal gereden en we hebben daar nog 2 nachten geslapen. Ik ben het met een ieder eens, dat de regeldruk toeneemt, want het heeft ook te maken met de incidenten die we de afgelopen jaren hier in Nederland hebben gekend, met een mastertruck, met 13/16

Het Hemeltje in Volendam, Hoek van Holland. Dat zorgt ervoor dat het wel erg veel wordt, dat ben ik het met u eens. De heer Bik: Sorry, wat mij betreft gaat de discussie nu echt de verkeerde kant op. Er staat heel duidelijk in, dat we niet tornen aan de regels. Dat is echt totaal niet aan de orde. Wethouder Hoek: Waarvan akte, maar die balans wil ik wel even aangeven. Het is niet zo dat de gemeente dit allemaal verzint, maar het is gewoon landelijke wet- en regelgeving. Dan heeft een aantal partijen vragen gesteld. De VVD, een permanente vergunning, ik vind het een goed idee, maar het lijkt me moeilijk uitvoerbaar, omdat zo’n feestterrein er jaarlijks anders uitziet. In feite heeft iedere Oranjevereniging een permanente vergunning, want we hebben ieder jaar Koningsdag. Wij zullen er alles aan doen om dat ieder jaar door te laten gaan. Alleen, de invulling van die aanvraag zal er toch anders uitzien van jaar tot jaar. Het CDA zegt: lauw, lauw. Ja, nee, ik neem het bijzonder serieus, zeker. Ik ben ook een dorpsmens en ik vind het echt een toegevoegde waarde dat vrijwilligers op deze manier een waanzinnig mooi dorpsfeest organiseren, dus ik vind het bijzonder belangrijk dat we dat ook gewoon blijven doen. En ja, dat we dat niet van de ene op de andere dag kunnen veranderen, dat zal duidelijk zijn. Het aanbod ligt er om op korte termijn met elkaar rond de tafel te gaan.

Het aanbod ligt er om die klantreis te doen. In feite kan je met alles aankomen: hoe kunnen we dit verbeteren, hoe kunnen we dat verbeteren? Ik wil met alle plezier kijken naar hoe ze dat in Haarlemmermeer doen, dat schijnt goed te lopen. We zijn er met zijn allen bij gebaat, dat vindt het hele college, dat onze Oranjefeesten op een goede manier doorgaan. Wat dat betreft geen twijfel. GL had vragen aan de heer Bik, dus ik nodig de heer Bik uit om die straks te beantwoorden. D66 zegt: de motie is te breed. Ja, dat kan, dat kan je vinden, het heeft wel heel veel in zich. Maar aan de andere kant, dat kan in de klantreis ook aan de orde komen, denk ik: waar lopen we nog meer tegenaan? Zodat je het gefaseerd kan aanpakken. Maar het begint bij kijken waar de problemen liggen. Dus ja, omwille van bullet 2, dat de gemeente de vergunning moet invullen, moet ik hem ontraden. Op het moment dat u zegt: over die bullet valt te spreken, dan kunnen we de motie wel omarmen en gaan we er op de manier mee aan de slag, die de motie behelst. Als er dan geen desk hier komt en het is één aanspreekpunt, het gaat erom dat een vereniging goed en adequaat geholpen wordt, denk ik. Dat moet het uitgangspunt zijn. De heer Van Santen: Ik hoor de wethouder een hoop hulp aanbieden. Bullet 2, als daar nou zou staan: helpen bij het invullen. Wethouder Hoek: Dat is het aanbod, dat er hier ligt.

Hulp wil niet zeggen dat de gemeente de verantwoordelijkheid overneemt. De verantwoordelijkheid blijft daar liggen. De heer Van Santen: Dat zou mooi zijn, als dat gewijzigd wordt. Wethouder Hoek: Je kan er samen op een goede manier naar kijken. De heer Van den Beukel: Ik ben een beetje zoekende. Volgens mij heeft de wethouder gezegd, dat hij het logisch zou vinden als niet veranderende adresgegevens, telefoonnummers, op het formulier komen te staan. Volgens mij is dat exact wat de indieners hier beogen. Dat is exact wat ik beoog, dat de reeds bekende informatie, de hele basale informatie, die keer op keer toch weer tijd kost, zoals de belastingdienst dat doet, gewoon op het formulier belandt. Het is een inspanningsverplichting, geen resultaatverplichting, ik verwacht ook niet dat hij het gaat doen voor de aanvraag van een nieuwe container van mevrouw Jansen in Bleiswijk, nee, het gaat om die grote feesten waar keer op keer, jaar op jaar, een heel traject aan vooraf gaat. Dat is de inzet. Volgens mij is dat 1 op 1 wat de wethouder beoogt, waar zit dan toch echt zijn bezwaar? Wethouder Hoek: Ik leg het nog even uit. Als je de vergunning van vorig jaar erbij pakt, je stuurt die op aan het Oranjecomité als uitgangsvergunning voor het komend jaar, dan zal het Oranjecomité voor dit jaar nog een heel groot aantal wijzigingen zelfstandig moeten invoeren. Dat is wat ik bedoel.

De heer Van den Beukel: Dank u wel, dat is exact wat de indieners bedoelen en dat is exact de strekking van de motie. Volgens mij is het dictum helder en zijn we het er allemaal over eens. Wethouder Hoek: Het gaat ook om welke handtekening eronder komt. Dat wil ik wel heel duidelijk gesteld hebben, dat daar wel een knip zit. De voorzitter: Gelukkig hebben we straks ook het verslag van wat er hier besproken is. Ik wil iedereen erop wijzen, de wethouder en de raad: het is een motie. Een motie is een verzoek aan het college. Als de wethouder meent de motie te kunnen uitvoeren op een bepaalde wijze en denkt dat de raad daarmee genoegen neemt, dan heeft de wethouder te allen tijde natuurlijk die vrijheid. We hoeven het niet over het dictum exact eens te zijn. Zolang het gevoel bestaat: we beogen hetzelfde, kunnen we rustig afwachten waar de wethouder mee komt. Dat is dan voor zijn eigen risico, want zo werkt het in de politiek. Als hij met iets heel raars komt, dan kunt u hem wegsturen, dat is dan de consequentie, maar ik heb niet het gevoel dat dat het geval is. De heer Van den Beukel: Ik wil voorkomen dat de heer Hoek vannacht slecht slaapt of een interpretatie wil, dus ik wil hem gerust stellen. De verwachting van mij in elk geval is niet dat de handtekening van de heer Hoek eronder komt te staan, maar dat de handtekening van mevrouw Rens of anderen eronder komt te staan.

Dat even voor de duidelijkheid. De heer Van Santen: De wethouder zei: ik ga de motie niet omarmen, zoals het er nu staat. Het is mooi als we elkaar gevonden hebben, maar begrijp ik nu goed dat u de motie nu wel omarmt? Wethouder Hoek: Als we de tweede bullet aanpassen zoals hier voorgesteld werd, dan dekt hij veel meer de lading. Dat is een kleine aanpassing. De voorzitter: Dat is niet nodig. De griffier zegt dat hier ook naast mij. U kunt het ook gewoon niet eens zijn over en nog steeds die motie aannemen. We hoeven het echt niet eens te zijn. U geeft het signaal af als raad, dat is belangrijk, want daarmee heeft de wethouder ten eerste de urgentie van de raad achter zich. Dat is enerzijds een aansporing, maar anderzijds geeft dat ook een stukje mandaat om met verdergaande voorstellen bij u terug te komen, bijvoorbeeld als de wethouder budget nodig zou hebben, want die ruimte geeft u ook met zo’n motie, want u kunt niet iets oproepen en vervolgens de gevolgen niet accepteren. Volgens mij bent u het best eens. Ik zou willen voorstellen dat u 14/16

straks gaat stemmen over die motie. Dan kan de wethouder kijken hoe hij hem gaat uitvoeren. De heer Ruijtenberg: Laten we het even heel duidelijk klip en klaar nemen, volgens mij zegt de wethouder heel duidelijk: de motie zoals die nu voor ligt en de tekst wijzigt niet, dan omarm ik hem niet. Duidelijk. Als de tekst gewijzigd wordt van bullet 2 naar het antwoord, dan omarm ik hem wel. Willen de indieners een omarming hebben, waar ze naar op zoek zijn, van de wethouder dan zullen ze echt de tekst moeten aanpassen. Even voor mensen die niet meer begrijpen waarover gesteggeld wordt. Overigens, de wethouder heeft wel gelijk, hoor. In bullet 2 staat niet duidelijk dat het alleen gaat over adresgegevens. Er staat: reeds bekende informatie. Dat kan ook de plek van de oliebollenkraam zijn. Dat is echt wel wat anders. Mevrouw Gielis, L3B: Ik zou een schorsing van 3 minuten willen voorstellen. Mevrouw Den Heijer, D66: Ik had nog een vraag. Stel dat u nu deze motie zou moeten uitvoeren, zou dat dan nog extra ambtelijke capaciteit kosten? Daar ben ik erg benieuwd naar, want dat is een belangrijke voorwaarde voor ons. Wethouder Hoek: Eigenlijk kost alles ambtelijke capaciteit, ook als je wat meer de helpende hand uitsteekt. Het is aan de raad om af te wegen: is dat het ons waard? Als je een klantreis gaat organiseren, dan betekent dat echt wel dat daar ambtelijke capaciteit in gaat zitten.

Alleen, u gaat erover: is dat het ons waard? Als we een mooi digitaal systeem zien en daar is de gemiddelde vereniging ontzettend mee geholpen, dan zijn er kosten aan verbonden. Dat is de afweging die u moet maken. Mevrouw Gielis: Daar ben ik het dan toch niet helemaal mee eens. Op het moment dat je er een kleine investering in tijd in stopt en het hele proces wordt een stuk efficiënter, dan levert dat aan de andere kant ook weer een hele hoop tijd op voor de ambtelijke organisatie. Dat wil ik toch wel even duidelijk gezegd hebben. De heer Bik, WIJ: Ik kon het niet beter verwoorden dan mevrouw Gielis, dat was precies mijn punt. De voorzitter: Daarom is het ook goed om de uitvoering bij het college te laten, bij de wethouder, zoals verschillenden ook gezegd hebben. Als u dan met dit soort punten komt, dan komt de wethouder bij u terug. U maakt de wens duidelijk met deze motie al dan niet aan te nemen en daar gaat het om. Het is een verzoek aan het college, een motie. U kunt er zelf over stemmen. Tenzij u behoefte heeft aan ondersteuning van de wethouder, zoals de heer Ruijtenberg terecht zegt, dat is aan de indieners, hoever ze daarin willen gaan. Ik zou willen voorstellen dat we nu even schorsen. Ik schors voor 3 minuten. Schorsing De voorzitter: Ik heropen de vergadering.

Wij waren gebleven bij de beantwoording in de eerste termijn van de wethouder op de motie vreemd, ingediend door de heer Bik van WIJ, om te kijken hoe onze vrijwilligers geholpen kunnen worden bij het eenvoudiger aanvragen van een vergunning: help de vrijwilligersorganisaties bij een vergunning aanvragen. Daar hadden we het over. Mevrouw Gielis heeft gevraagd om een schorsing, daar zijn we nu klaar mee. De heer Bik gaat primair over de motie, niet de wethouder. Terecht dat de heer Ruijtenberg een aantal vragen ter verduidelijking heeft gesteld. Ik zou de heer Bik willen vragen in te gaan op wat er in de eerste termijn gewisseld is t.a.v. de motie. Tweede termijn De heer Bik, WIJ: Dan toch nog even een verhelderende vraag. We hebben een aantal wijzigingen voorgesteld, die behandel ik dan daarna? De voorzitter: Correct. De heer Bik: Het waren een hoop vragen van de heer Ruijtenberg, ik heb er een aantal opgeschreven, niet omdat ik de één minder interessant vind, maar omdat het best snel ging. Het gaat niet alleen over de Oranjecomités. Een motie vreemd moet een bepaalde mate van urgentie hebben, deze vraagstukken zijn op dit moment het meest urgent, bij die comités, omdat het nou eenmaal een vaste datum is waarop die evenementen plaats vinden. We hebben het nu over evenementen, maar er wordt ook gesproken over activiteiten.

Eigenlijk in de breedste zin van het woord, vrijwilligers die activiteiten, evenementen, uitjes organiseren zonder winstoogmerk, dat is meteen het antwoord op de tweede vraag. Winkeliersverenigingen zijn organisaties met een commerciële blik, maar het gaat ons echt om non-profit of verenigingen, comités en organisaties die dit puur vrijwillig doen zonder daar winst op te willen maken of geld aan willen verdienen. Ik heb geen idee over het aantal ambtenaren, wat het meer of minder zou kosten. Mijn inschatting is, als je efficiënter gaat werken dan heb je minder mensen nodig. Dat waren de vragen die ik heb onthouden. De voorzitter: Wilt u de vragen langzaam herhalen, meneer Ruijtenberg? De heer Ruijtenberg: Niet nodig, dit waren de belangrijkste vragen. Ik ben blij met de beantwoording van de heer Bik. Hij heeft dat goed gedaan. Ik ben nieuwsgierig naar de motie, wat erin gewijzigd is en of ik hem dan zal steunen, maar dit is het belangrijkste. Dank u wel. De heer Bik: Ik was klaar, tenzij ik de aanpassing moet bespreken. Naar aanleiding van de discussie willen we een tweetal wijzigingen doorvoeren in de motie. Onder het kopje ‘roept het college op’ punt 2 te wijzigen in: daarbij te helpen bij het invullen 15/16

van de benodigde informatie. Punt. En bij punt 3 ‘een speciaal loket’ te wijzigen in: een speciaal aanspreekpunt. Tot zover. De voorzitter: Volgens mij zijn de wijzigingen helder voor iedereen. Ze worden nu verwerkt. Wie nog op dit punt? Is iedereen eruit? Ik denk dat iedereen eruit is. We gaan kijken of we de nieuwe motie op het scherm kunnen krijgen. Wethouder Hoek: Dank voor de constructieve bijdrage. Het valt me vaker op, dat de raad er uiteindelijk gezamenlijk weer uit komt. Dat is een goed gegeven. Ik ben blij met de aanpassingen, want die sluiten heel erg aan bij wat ik bedoelde, dus dank daarvoor. De voorzitter: Ik denk dat de wethouder bedoelt dat hij hem omarmt. Wethouder Hoek: Natuurlijk omarm ik hem nu wel. Het voldoet prima aan het gevoelen hier in de raad. De voorzitter: Dan zijn we aan het eind van deze bespreking. Iedereen heeft de motie. Volgens mij zijn de wijzigingen behapbaar voor u allen, dus ik ga ervan uit dat we hem in stemming kunnen brengen. Ja, ik zie geknik. Ik ga hem in stemming brengen, ik kijk naar de griffie. Ja, ga u gang. Met algemene stemmen is de motie aangenomen. 9.

Hamerstukken: 9.a Afvalstoffenverordening 2023 9.b Bekrachtiging geheimhouding 9.c Wijziging tarieventabel leges 2023 9.d Vaststelling bestemmingsplan "Noordeindseweg 368”, te Berkel en Rodenrijs 9.e Vaststellen Verordening Rekenkamer 2023 De voorzitter: Kan ik die afhameren? Dat is het geval. Afgehamerd.

10. Sluiting De voorzitter, om 22.00 uur: Dan zijn we gelijk aan het einde van de vergadering. Dank u voor uw aanwezigheid. Mevrouw Rens, dank u voor uw komst, veel succes. Een goedenavond allemaal. Ik sluit de vergadering. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 februari. Griffier,

Voorzitter,

drs. Eveline Hamelink-van Rens

drs. Pieter van de Stadt

Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.

16/16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=b8c25b05-1e3a-4eae-84de-990e5646ce9e