CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV23.0012] Verslag Gemeenteraad d.d. 26 januari 2023

Gemeenteraad 23 februari 2023, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling van het verslag van de vorige vergadering14.927 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VERSLAG Gemeenteraad

Datum vergadering

: 26 januari 2023

Aanwezig in de raadszaal: Raadsleden: WIJ Lansingerland : Jan Jumelet, P. van Olst, Mark Bik, Abdel Afalah, Jan Alsemgeest Leefbaar 3B : Don van Doorn, Jan Pieter Blonk, Marjolein Gielis, Leon Erwich, Johan Philippens, Machiel Crielaard, Jean Paul Meuldijk CDA : Jan Willem van den Beukel, Nelleke Bouman, Dave Bergwerff, Frans Ammerlaan, Job Halkes, Charles van Harn VVD : Matthijs Machielse (vanaf 20:33), Marloes Draak, Ed van Santen, Ivo de Graaf D66 : Ineke den Heijer CU : Paul Lieverse, Arjen Hofman GroenLinks : Marko Ruijtenberg PvdA : Petra Verhoef (vanaf 20:19) Wethouders

: Leon Hoek, Simon Fortuyn, Michiel Muis, Titia Cnossen

Voorzitter Griffier

: Pieter van de Stadt : Eveline Hamelink-van Rens, Lianne van den Houten, Karin Koemans

Afwezig: WIJ Lansingerland VVD D66 CU

: Chantal van Weede, Bianca Boonstra : Christiaan Toussaint : Brecht Weerheijm, Eva Heijblom : Kees-Willem Markus

1. Opening en mededelingen De voorzitter, om 20.00 uur: Goedenavond geachte leden van de raad. Op de apparatuur is het acht uur, maar in werkelijkheid is het al 3 minuten later, maar we gaan beginnen met de raadsvergadering van 26 januari. De gemeenteraad van Lansingerland gaat vanavond op deze koude winteravond weer een aantal belangrijk besluiten nemen, maar niet voordat ik de mededelingen heb voorgelezen. We hebben een aantal afwezigen, relatief veel afwezigen: mevrouw Van Weede, de heer Weerheijm, mevrouw Boonstra, de heer Toussaint, de heer Markus en mevrouw Heijblom zijn allen afwezig. De heer Machielse en mevrouw Verhoef schuiven iets later aan, dus die verwachten wij nog. 2. Trekken van het lot ter bepaling van het raadslid bij wie een eventuele stemming zal beginnen De voorzitter: De griffier heeft de heer Blonk getrokken. We beginnen links voor, dat is efficiënt. 3. Vaststelling van de agenda De voorzitter: Voordat wij agendapunt 3 doen, wil ik u voorstellen om het vaststellen van de agenda naar voren te halen, naar nu. De reden daarvoor is, dat de heer Erwich schriftelijke vragen heeft gesteld, art.37 vragen, en hij heeft verzocht die mondeling te beantwoorden. Het leek mij en de griffier het beste om dat gewoon te doen in het mondelinge vragenhalfuurtje daarvoor te gebruiken, anders moet de heer Erwich ook voor zijn onderwerp helemaal tot het einde wachten.

We beginnen ermee, dat past ook het meest daar bij. Ik zou u willen voorstellen om de beantwoording van de vragen van de heer Erwich in het vragenhalfuurtje te doen laten plaats vinden en dan de agenda zo verder vast te stellen. Ik kijk even om mij heen, of iemand iets over de agenda wil zeggen. De heer Bik, WIJ: Ik wil graag een motie vreemd aankondigen: gemeente, help de vrijwilligersorganisaties bij vergunningaanvragen. De voorzitter: Dan stel ik u voor eerst de vragen van de heer Erwich te beantwoorden en de motie vreemd van de heer Bik als agendapunt 8.b toe te voegen aan de agenda. Kunt u instemmen met deze agenda? Dat is het geval. Dan stellen we de agenda op die wijze vast. 4. Vragenhalfuurtje voor raadsleden De voorzitter: De heer Erwich heeft schriftelijk zijn vragen gesteld. Ik ga u vragen om ze ook nog een keertje mondeling te stellen ten bate van een ieder die thuis meeluistert en de vragen nog niet heeft gezien, dan weten we waar het over gaat. 1/16

De heer Erwich, L3B: We hebben inderdaad schriftelijke vragen gesteld in het kader van de WMO. De eerste over de vervoersvoorziening en de tweede over een inwoner, die al ruim een jaar wacht. We nemen aan dat het niet de enige inwoners zijn, we hebben daarom de volgende vragen aan de wethouder. Vindt u net als wij een wachttijd voor een vervoersvoorziening van nu al 3,5 maand, dat is nu waarschijnlijk 4,5 maand, ook onacceptabel? Hoe lang is op dit moment de tijd tussen aanvraag en realisatie voor een WMO-vervoersvoorziening? Hoe lang is op dit moment de tijd tussen aanvraag en realisatie voor alle andere WMO-voorzieningen? Wat vindt u van een levertijd voor de juiste aanpassing aan een handgedreven rolstoel van ruim een jaar? Wat vindt u van een levering van meer dan 6 maanden van een juiste leuning in een elektrische rolstoel? Je zal er maar een jaar moeten zitten? Wat gaat de wethouder doen om de tijd tussen aanvraag en realisatie van de WMO-voorziening te normaliseren? Ofwel tot een acceptabele tijd terug te brengen? Dank u wel. Wethouder Cnossen: Dank aan de heer Erwich voor het stellen van de vragen, waar ik namens het college graag op wil antwoorden. Als eerste vroeg u naar het acceptabel zijn van lange wachttijden.

Het team WMO, onze gemeente heeft te maken met een wachttijd bij de WMO, die ontstaan is door vacatures, personele uitval en ook nieuwe collega’s in het vak. Dat is onwenselijk, maar het is wel de realiteit waar we op dit moment mee te maken hebben. Hoe lang is de tijd tussen aanvraag en realisatie van een WMOvoorziening, ik neem ze allemaal tegelijk. Feitelijk is op dit moment de langste wachttijd 12 weken voordat de melding aan een consulent wordt toegedeeld. Dat geldt voor alle voorzieningen. Daarna zetten we in op een zo kort mogelijke doorlooptijd van eerste gesprek tot besluit. Dan over de levertijd van onderdelen van een rolstoel. Richting onze leverancier van deze middelen kan ik zeggen dat dat onacceptabel is, dat dat zo lang duurt. Hierover voeren we ook altijd het gesprek met de leverancier als dit de gemeente ter ore komt. Wat we daaraan gaan doen, was uw laatste vraag, om dit tot een acceptabele tijd terug te brengen. Op dit moment gaan we in principe van oud naar nieuw verdelen. Daarnaast gaan we wekelijks alle meldingen doorlopen om de mate van urgentie te bepalen. Bijvoorbeeld een complete afhankelijkheid van een rolstoel krijgt een hogere urgentie dan bijvoorbeeld een aanvraag voor de beltax. Tegelijk zoeken we naar pragmatische oplossingen als de situatie daar om vraagt.

Bijvoorbeeld het door laten lopen van zorg die al gegeven wordt in plaats van weer een onderzoek. Een principeakkoord en daarna nog formeel afhandelen. En uiteraard zetten we alles op alles om alle vacatureruimte te vervullen en ook tijdelijk bij te plussen in de capaciteit om wachttijd in te lopen, anders kom je er nooit bij. Per 1 januari 2023 kan ik u melden: er is een tijdelijke collega gestart die juist op dit punt, op het terugdringen van de wachtlijst, is ingezet. Tenslotte is het goed om te weten dat voortdurend wordt gewerkt aan verbetering van onze processen en werkafspraken om de doorlooptijd te versnellen. Bijvoorbeeld, een inwoner met een wet langdurige zorg, persoonsgebonden budget, daar gaan we geen brede uitvraag meer doen als deze inwoner ook een feitelijke WMO-hulpvraag heeft, omdat het dan al goed in beeld is gebracht. Ik kan het niet mooier maken, maar zo werken we als gemeente. De heer Erwich, L3B: Een aanvullende vraag. U zegt: het duurt 12 weken. Maar die 12 weken is voor de behandeling, hoe lang duurt het dan nog voordat het daadwerkelijk gedaan wordt? Hoe lang is de doorlooptijd? Ik had nog een aanvullende vraag: is het niet mogelijk om een extra leverancier in te zetten? Personeelstekort, dat snap ik.

Maar een leverancier die gewoon rolstoelen op voorraad moet hebben of een fabrikant, laten we er één zoeken die wel leveren kan en niet blijven hangen bij 1. Is dat mogelijk? De heer Van den Beukel, CDA: Met het risico dat ik de wethouder overvraag met een technische vraag, toch in het verlengde hiervan een punt over deze zorgvoorzieningen. Er kwam mij een verhaal ter ore van iemand die wachtte op een plek in het verpleeghuis in Lansingerland, daarvoor een half jaar in Rotterdam moest verblijven vanuit Lansingerland. Maar in de tussentijd had ze voorzieningen in het Lansingerlandse. Die moest ze eerst hier inleveren, aanvragen in Rotterdam, daar ontvangen, vervolgens inleveren, vervolgens hier weer aanvragen, vervolgens hier weer ontvangen. Omdat het niet mogelijk bleek bij navraag bij de gemeente om de gemeenten onderling te laten communiceren. Dat kwam op mij over als een paarse krokodil en ook als werkverschaffing. Als u dat soort zaken zou herkennen en zou kunnen oplossen, dan scheelt dat misschien ook in de werkdruk. Dank u wel. De voorzitter: Dat is geen doorvragen, maar een extra, ander onderwerp. Ik geef u de ruimte, maar de wethouder kan er altijd schriftelijk op terug komen als het nu niet paraat is. Wethouder Cnossen: Richting de heer Erwich: inderdaad, die 12 weken dat is de realiteit op dit moment.

Gisterenavond hebben we een beeldvormende avond gehad en toen is benoemd dat de wachttijden voor de jeugd nog langer zijn, als een jeugdige hier iets aanvraagt. Weet dat dat ons allemaal als een steen op de maag ligt, maar het is niet anders. Er zijn geen handen voor handen, dan houdt het op, maar we proberen wel heel goed in beeld te houden wie echt voorrang moet hebben in de urgentie. Dan vraagt u of een extra leverancier zou helpen. Ik ben het met u eens, met de leverancier is een contract afgesloten via een aanbesteding en die moet doen wat hij toegezegd heeft, maar enigszins begrip, dat onderdelen vaak door de leverancier besteld moeten worden, onderdelen of een stoel, en dat daar vaak ook leverproblemen zijn. Dat punt heeft u al eerder bij mij neergelegd, het is iets wat ik al met de afdeling 2/16

heb besproken, dus daar gaan we op letten, beter op sturen. Wie weet, is een tweede leverancier een oplossing. Dan de vragen van de heer Van den Beukel. Bij mij komt boven: helaas hebben we dit land zo ingewikkeld gemaakt, dat we hier tegenaan lopen. Ik zou Den Haag, de Tweede Kamer, willen oproepen om gewoon eens te kijken wat de uitvoeringspraktijk is, daar 3 regels op te bouwen en het verder bij de gemeente te laten. Het is onze verantwoordelijkheid. Als we met dit soort regels geconfronteerd worden: we worden allemaal gecontroleerd op rechtmatigheid, het moet kloppen, de accountant et cetera. Dus helaas. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de mondelinge antwoorden op de schriftelijke vragen van de heer Erwich. 5. Spreekrecht voor niet-raadsleden De voorzitter: Mevrouw Linda Rens heeft zich aangemeld om in te spreken. Ze is voorzitter van het Oranjecomité Berkel en Rodenrijs en ze wil graag komen praten over het vergunningenproces rond de Koningsdag-vergunning. Inspreker 1: Mevrouw Rens: Goedenavond allemaal. Mijn naam is Linda Rens, ik ben voorzitter van Stichting Oranje Comité Berkel en Rodenrijs. Bedankt dat ik mag spreken. Wij organiseren als comité elk jaar in de kern van Berkel een Koningsdag en eens in de 5 jaar een bevrijdingsfeest. Deze 2 feesten zijn tradities en behoren bij ons cultureel erfgoed.

Wij vinden het erg belangrijk dat het feest plaatsvindt in onze eigen kern om het dorpse gevoel, samen met de inwoners, winkeliers en horecaondernemers vast te houden. Wij doen dit met een groep vrijwilligers in onze vrije tijd. Wij vinden het er erg leuk om te doen en genieten als wij de mensen een mooie dag kunnen bezorgen. Ik sta hier omdat ik mij zorgen maak. Niet alleen voor ons comité maar ook voor andere organisaties met vrijwilligers. Het kost tijd en energie om iets te organiseren voor de samenleving en veel organisaties lopen hier tegen aan. Als voorbeeld onze collega’s van het Oranjecomité uit Bergschenhoek. Zij zijn dit jaar gestopt en dit vind ik erg zonde. Ik begrijp ook heel goed de reden, namelijk de lastenverzwaring omtrent het onderhouden van een stichting en het organiseren van zo' n groot evenement. Enige voorbeelden waarmee wij als comité te maken hebben: de vergunning die we aanvragen, dan ligt de verantwoordelijkheid bij ons. Ondanks dat wij het doen voor de inwoners van onze gemeente en wij er geen eigen belang bij hebben, ligt toch de verantwoordelijkheid bij ons. We moeten aan heel veel regels voldoen die worden opgelegd. Ik snap dat het van hogerhand komt. Ondanks dat we nog geen vergunning hebben, zijn er al wel zaken die wij moeten vastleggen. We moeten een podium huren, een muziekband vastleggen, kinderspelen vast zetten.

We hebben nog geen vergunning, maar er zijn wel kosten aan verbonden. Wij maken kosten, maar misschien gaat het niet eens door. Wij zijn bestuurlijk aansprakelijkheid natuurlijk. Maar naast deze verantwoordelijkheden komt het organiseren van alle activiteiten voor jong en oud, verzorgen van voorzieningen, zoeken naar begeleiders, benaderen van sponsors et cetera, het is heel veel werk. Dit is iets waar wij elk jaar mee te maken krijgen en tot nu toe is het ons uiteindelijk steeds gelukt om het evenement te organiseren, maar dat kost dus echt veel tijd en energie. En daarom spreek ik hier om te kijken of het stukje van de vergunningsaanvraag en sinds verleden jaar ook het verplichte veiligheidsplan op een efficiëntere manier aangepakt kunnen worden. De medewerkers van de gemeente zijn erg vriendelijk en behulpzaam en doen echt hun best, maar de procedure is voor ons tijdrovend en wat ingewikkeld. Op dit moment bijvoorbeeld hebben wij 1 december de vergunning aanvraag gedaan en daarbij een draaiboek en een voorlopig veiligheidsplan ingeleverd. Dit veiligheidsplan was in het verleden niet nodig maar dat moet nu wel. Deze aanvraag wordt in behandeling genomen. Een medewerker van de afdeling APV en bijzondere wetten gaat dit doornemen en doorlezen op bepaalde punten komt ze weer terug en komt ze met vragen en opmerkingen, waar wij weer op moeten reageren en aanpassen.

Zo zijn we heel de tijd heen en weer aan het gaan. Het is tijdrovend werk. We moeten plattegronden tekenen. Ik kan dat zelf niet, dus ik moet bij derden vragen of ze dat voor me willen doen. Zo gaan er weer dagen over heen. En weer de vraag of het goed is, ja of nee. Het is niet echt efficiënt. Het lijkt me veel efficiënter als degene die nu de aanvraag behandelt, tijd kan vrijmaken niet alleen voor mij maar voor alle vrijwilligersorganisaties, om samen zo’n vergunning aan te vragen, samen zo’n plan te maken. Dan is het lijntje heel kort. Dan kan je er 2 uurtjes voor uittrekken en dan is het klaar. Dat lijkt me veel efficiënter dan wat nu heen en weer geslingerd wordt. Misschien is het eventueel wel mogelijk dat wij als Oranjecomité voor Koningsdag een permanente vergunning kunnen krijgen. Dank u wel. De heer Van den Beukel, CDA: Dank voor uw inspraak. We genieten elk jaar van de mooie Koningsdag in Berkel dankzij uw comité. U heeft een idee van hoe het georganiseerd zou kunnen worden. Ik vroeg me af of u dat idee al heeft neergelegd bij de gemeente en hoe daarop is gereageerd. Mevrouw Rens: Ik heb een gesprek gehad met N. en N. Daar hebben we het neergelegd. Ze zeggen: als je vragen hebt, kan je altijd bellen. Maar niet specifiek dit plan. De heer Bik, WIJ: Dank u wel voor het inspreken.

Ik ben eigenlijk wel benieuwd hoeveel tijd jullie als comité kwijt zijn aan het aanvragen van de vergunningen. Wellicht ook nog hoe dat zich verhoudt tot alle 3/16

andere werkzaamheden. Mevrouw Rens: We hebben natuurlijk een draaiboek en dat is eigenlijk elk jaar hetzelfde. Dat staat. Er moeten kleine aanpassingen komen, er komen activiteiten bij, er vallen activiteiten af. Dat kost tijd om te organiseren. Ja, hoeveel uur zit daar in, phoe? Toch zeker wel 8 uur. Dan moet je de vergunning aanvragen, dat is op de computer niet zo heel veel werk, maar voordat je alles ingevuld hebt, ben je ook wel 2 uur bezig. Dan het draaiboek maken en de tekeningen die aangeleverd moeten worden, dat kost wel 6 uur tijd om dat goed voor elkaar te krijgen. De heer Van Santen, VVD: Ik heb 2 vragen aan u. Is het heel erg veranderd, dat proces, ten opzichte van vorige keren? Mevrouw Rens: Het veiligheidsplan is erbij gekomen. Dat is best wel ingewikkeld, daar hebben we helemaal geen kaas van gegeten. Dat vind ik echt wel een vak apart. De regels worden steeds strenger. De calamiteitenroute moet groter zijn, meer ruimte. Op een gegeven moment werd gevraagd: kunnen jullie het evenement niet afsluiten, zodat het een gesloten evenement wordt? Dat zijn dingen die geopperd worden, maar dat kan gewoon niet, we hebben een doorloop van heel veel mensen. Je koopt geen kaartje, mensen komen een uurtje, een half uurtje. Dat is natuurlijk niet te doen voor ons. De heer Van Santen: Ja, helder antwoord. U gaf aan: dan moeten we kaarten tekenen en dat soort zaken.

Is dat niet iets wat je kunt hergebruiken van het jaar ervoor? Mevrouw Rens: Dat doen we natuurlijk wel. In de Kerkstraat zetten we elke keer andere dingen neer met andere afmetingen. De kermis ook, de ene keer deze attractie, de andere keer een andere. Dat zijn allemaal op schaal getekende dingen. Het scheelt niet veel, geen grote meters verschillen. Als we een permanente vergunning hebben en we zitten in de richtlijnen, dan zou ik zeggen: prima. Maar er wordt op kleine dingen gelet, dingen die ikzelf niet eens gezien had, die krijg ik terug: dat stond er niet, dat stond er wel. Dan denk ik: oké, had ikzelf over het hoofd gezien, maar er wordt wel even goed naar gekeken door degenen van de gemeente. De heer Ruijtenberg, GL: Dat veiligheidsplan, ik neem aan dat u dat maakt in samenwerking met een veiligheidskundige. Is dat ook een vrijwilliger of heeft u daar op één of andere manier hulp bij nodig van een betaalde kracht? Mevrouw Rens: We kregen gewoon een format: dit is het format. Klaar. En dan moet je het zo maken. Het zou heel fijn zijn als we iemand hebben, die dat. Mevrouw Den Heijer, D66: Bedankt voor uw toelichting. Goed om te horen, dat het binnen de gemeente zorgvuldig wordt gedaan, daar zijn we natuurlijk ook wel blij mee. Maar goed, ik kan me ook voorstellen wat de andere kant is van het verhaal, dat het veel tijd en moeite kost.

Ik zat even te zoeken naar de samenvatting van uw oproep. Die is: laat mij 2 uur met een ambtenaar zitten om samen dat formulier in te vullen. Dat is eigenlijk uw verzoek. Mevrouw Rens: Ja. Want ik dacht: u vraagt dit nu aan mij, maar als ik naast u had gezeten hadden we korte lijntjes, dan kon ik zeggen: dit en dat. Lijkt mij veel makkelijker. Zij zit nu op kantoor mijn stuk te lezen helemaal. Dan weer terug. Dan moet ze het weer allemaal lezen. Dat kost tijd, dat is toch zonde. De voorzitter: U heeft de vragen helder beantwoord. Dank u wel. Bij agenda 8.b gaan we verder met de discussie, waar mevrouw Rens over heeft ingesproken. 6. Vaststelling verslag vorige vergadering d.d. 22 december 2022 De voorzitter: Er zijn geen opmerkingen binnen gekomen. Dan zullen wij dat verslag vast stellen. 7. Lijst ingekomen stukken en overzichten afhandeling toezeggingen en moties De voorzitter: Iemand daar over? Nee, geen opmerkingen. Dan stellen we die ook vast. 8. Bespreekpunten: 8.a Nota van Uitgangspunten Groen Blauwe Leefomgevingsvisie De voorzitter: Deze is besproken in de commissie en geagendeerd door de commissie i.v.m. het indienen van een motie, wat mevrouw Draak van de VVD zo gaat doen. De buitenruimte, waar we over spreken, is belangrijk voor een gezonde samenleving. De kwaliteit ervan is van invloed op de gezondheid van mens en dier.

Goed beheer van de openbare ruimte wordt dan ook steeds belangrijker, vanwege bijvoorbeeld klimaatverandering, maar ook om maatschappelijke thema’s als eenzaamheid en toename van welvaartsziekten zoveel mogelijk tegen te gaan. Oftewel, een onderwerp dat al onze inwoners raakt en dan ook de nodige aandacht van de raad heeft. Dat lijkt mij alleen maar heel goed. Mevrouw Draak, VVD: Zullen we gelijk de eerste termijn doen? Geen nulde termijn, toch? De voorzitter: Gewoon eerste termijn, want u bent de enige. Mevrouw Draak: De commissie samenleving ging over dit onderwerp, de nota van uitgangspunten voor de groenblauwe leefomgevingsvisie. Ik denk dat we daar een goede en vruchtbare bespreking hebben gehad. De wethouder heeft naar mijn mening een goede beantwoording gedaan in de commissie. Daarna hebben we aanvullend nog een brief gekregen over het proces, over het besluitvormingsproces. Daaruit werd ons toch nog even duidelijk, dat we wel als raad gevraagd worden om de nota van uitgangspunten voor de groenblauwe leefomgevingsvisie vast te stellen, 4/16

de uiteindelijke visie niet, dat is dan onderdeel van de totale leefomgevingsvisie. Maar het is toch wel een complex proces. Daarnaast, toen de commissie wat was bezonken bleef bij mij toch wel het gevoel achter, dat de raad heel kritisch was over dit stuk. De hoofdlijn was toch wel dat we vonden dat er te weinig diepgang in zat. Als ik nu gewoon de motie voorlees, dan heb ik meteen de hele termijn uitgelegd. De motie dien ik in mede namens PvdA, CU en CDA. M2023-001 Input commissie Samenleving 12 januari 2023 meenemen in Groenblauwe Leefomgevingsvisie De raad van de gemeente Lansingerland, in vergadering bijeen op 26 januari 2023, gehoord de beraadslaging, overwegende dat in de vergadering van de commissie samenleving van 12 januari 2023 duidelijk werd dat de raad niet tevreden is met de nota van uitgangspunten voor de Groenblauwe Leefomgevingsvisie. Iedere fractie daarvoor zijn eigen redenen heeft, maar dat de rode draad is de oppervlakkigheid van het stuk door zeer algemene uitgangspunten, het ontbreken van concreet lokaal toepasbare doelen en het beperkt aantal getoonde lokale voorbeelden. Tijdens de commissievergadering vele suggesties zijn aangedragen om de visie in wording te verrijken en te verdiepen.

Het te ver voert om al deze suggesties te verwerken in een herschreven nota van uitgangspunten, maar dat de suggesties wel meegenomen moeten worden in het vervolgproces van de Groenblauwe Leefomgevingsvisie. Draagt het college op om alle door de raadsfracties ingebrachte suggesties tijdens de commissie samenleving van 12 januari 2023 actief te gebruiken als input voor en verrijking van de Groenblauwe Leefomgevingsvisie. En om de Groenblauwe leefomgevingsvisie na afronding van de tweede fase, zoals beschreven in brief van de wethouder met nummer U23.00318, ter bespreking in de commissie samenleving aan te bieden. En daarbij ook onderbouwd aan te geven hoe de suggesties van de commissieleden zijn verwerkt of waarom deze niet zijn verwerkt in de Groenblauwe Leefomgevingsvisie. En gaat over tot de orde van de dag. De heer Bergwerff, CDA: Allereerst willen wij als CDA de verwachting uitspreken dat deze groenblauwe leefomgevingsvisie een goede visie gaat worden, waar veel van onze ambities in terug komen. Zoals de Heraut mooi heeft samengevat, het CDA wil dat Lansingerland de groene gemeente blijft in de drukke Randstad, ook voor de volgende generaties. Dit gezegd hebbende, wil ik toch een kritisch punt niet onbenoemd laten. Dit punt gaat over de onduidelijkheid, die heerste tijdens de commissievergadering van samenleving.

Het proces was niet voor iedereen even helder en dat is het misschien voor sommigen nog steeds niet helemaal. Er wordt van ons gevraagd om overkoepelende uitgangspunten te beoordelen. Uitgangspunten waar we onze wensen t.a.v. de groenblauwe leefomgevingsvisie in kwijt kunnen. Maar die uitgangspunten zijn dusdanig algemeen en globaal, dat je opvattingen wel heel extreem moeten zijn mochten deze niet passen onder die uitgangspuntenparaplu. In de commissie werd aangegeven dat het nog niet gaat om de aankleding van die uitgangspunten. Maar waar gaat het dan wel om? Net als andere partijen waren wij ook zoekend. Gelukkig is er zojuist door de VVD naast mij een motie ingebracht, waar ook onze handtekening onder staat. Deze motie geeft daadwerkelijk waarde aan onze gedane inbreng in de commissie samenleving, aangezien deze motie oproept tot het gebruiken van onze inbreng voor de opmaak van de volgende versie van de groenblauwe visie. Wat ons betreft dus prima. Wij als CDA hebben namelijk tijdens de commissievergadering zeer concreet aangegeven welke visie wij hebben en hoe wij de vervolgstappen van deze groenblauwe visie voor ons zien, welke uitgangspunten wij belangrijk vinden. Daarbij was ook een aantal citaten uit ons verkiezingsprogramma 1 op 1 naar voren gebracht. Wethouder, even een vraag. Er is te lezen dat deze visie onderdeel wordt van onze omgevingsvisie.

De inwerkingtreding van de omgevingswet staat nu gepland op 1 juli 2023. Stel dat dit opnieuw uitgesteld wordt, zou het dan kunnen dat onze groenblauwe leefomgevingsvisie of de uitvoering daarvan wellicht uitgesteld wordt? Is dat gekoppeld aan elkaar? Vervolgens zal ik even toelichten wat ons stemgedrag wordt. Vanzelfsprekend stemmen we voor de motie en wij zijn ook voornemens om voor de vaststelling van de uitgangspunten te stemmen, ondanks dat wij wel kritiek hebben. Het CDA wil dat het college de weg vrij krijgt om deze uitgangspunten verder uit te werken en we willen het college niet verder ophouden. Wat het CDA betreft, kunnen we door deze visie over een niet al te lange tijd hele mooie ambities waar maken. Wat het CDA betreft bijvoorbeeld een kinderboerderij, volks- of schooltuinen. Dat zou natuurlijk fantastisch zijn. Dank u wel. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik wil mevrouw Draak bedanken voor het opstellen van deze motie. Deze is eigenlijk volledig in lijn met wat ik ook in mijn hoofd had, dat het recht zou doen aan alle inbreng die door de commissieleden is gedaan bij de commissie samenleving. Inmiddels is ook door de brief van wethouder Muis het proces helder.

Je kan er allerlei mitsen en maren bij hebben, maar ik denk dat we uiteindelijk zullen komen tot, althans, dat is mijn hoop, tot een groenblauwe leefomgevingsvisie die ook recht doet aan de wensen van alle fracties, aan de inbreng van alle stakeholders die inmiddels gesproken zijn en ook de burgers die in de toekomst nog worden gesproken. Mijn stemgedrag zal zijn, dat ik de motie, die overigens heel goed is toegelicht door mevrouw Draak, natuurlijk zal steunen. Ik ga ook de nota van uitgangspunten steunen, omdat ik denk dat dat de enige manier vooruit is en ik vertrouwen heb in de wethouder en alle medewerkers, dat we echt tot een visie komen, dat onze groene en blauwe omgeving goed en mooi houdt. Dank u wel. 5/16

De heer Lieverse, CU: Gisteren waren we in het gemeentehuis en spraken we over de sociale leefomgeving. Het raadsvoorstel en de motie van vandaag betreffen de fysieke leefomgeving, specifiek de groenblauwe leefomgeving. De eerste overweging in de motie is ontevredenheid, die delen wij. Economie, water, leefbaarheid, groen, de onderwerpen hangen met elkaar samen. Bovendien zijn er meerdere actoren met verschillende belangen. Ofwel, boeiende en complexe vraagstukken die vragen om samenwerking tussen veel partijen. Een uitdaging voor college en raad. Het voorliggende raadsvoorstel, dat kader zal moeten geven voor een volgende stap, gaat hieraan voorbij. Onze bezwaren tegen de nota zijn drieërlei. De nota is zo algemeen, om zoiets vast te stellen. Er had ook, zeg, Heemstede boven kunnen staan. Er ontbreekt van alles: waterkwaliteit, waterberging, Groenzoom, indicatie van hoeveel groen we binnen de gemeentegrenzen willen, enzovoorts. Het derde bezwaar is een hoofdpunt. Het onderwerp groenblauwe leefomgeving is te belangrijk om zo oppervlakkig af te doen. Albert Einstein zei eens: make it as simple as possible, but not simpler. Dat is precies wat hier gebeurt. De complexiteit terug gebracht tot nietszeggende algemeenheden. De motie zegt terecht: oppervlakkig, ontbreken van doelen. Het eerste beslispunt van de motie moet overbodig zijn.

Stel je voor dat het college de input niet gebruikt. Maar het tweede beslispunt, na de tweede fase terug komen in de commissie, is cruciaal. Met die waarborg houdt de CU vertrouwen in een goede afloop. Dat vertrouwen hoopte de wethouder van de commissie te krijgen. Vandaar onze oproep aan het college om dit niet in de burelen te houden, zoals dat tot op heden is gebeurd met de opgehaalde input bij allerlei stakeholders, wat de wethouder steeds ‘de opbrengst’ noemt, maar de commissie mee te nemen in het vervolg in plaats van het schriftelijk af te doen. Mevrouw Den Heijer, D66: Nog even kort een toelichting. We hebben de motie van de VVD ook gelezen en we kunnen ons daar wel iets bij voorstellen. We steunen de strekking eigenlijk. We stellen de uitgangspunten vast, maar wel onder de toevoeging van alle suggesties en voorbeelden die door de commissie zijn benoemd. Ik heb gehoord dat daar veel van zijn genoemd, dan denk ik dat het wel recht doet aan de discussie die is geweest. Daarmee hebben we ook, samen met de brief die is gekomen, veel vertrouwen in een goede afloop van dit stuk. De heer Ruijtenberg, GL: Ik zag groenblauwe slinger op de agenda, toen dacht ik: ik ga me speciaal voor die gelegenheid kleden, u moet mijn sokken zien, want het is een belangrijk iets namelijk. Ik heb ooit, in het verleden, over een andere visie gezegd: deze visie is net zoiets als een Opel Astra.

Het zit degelijk in elkaar, je kan er niet teveel op tegen hebben, het doet wat het moet doen, maar er spreekt nul ambitie uit en je kan er niet verliefd op worden. Deze visie hier, dit is zo algemeen, zoals de heer Lieverse al zei, als we de lijn doortrekken dan hebben we een visie, maar uiteindelijk is de uitkomst: het is een vervoermiddel, maar wat, dat weten we niet. Deze visie kan over Botlek gaan, maar ook over de Biesbosch. Het kan over Heemstede gaan, het kan over Lansingerland gaan of over Geleen. Het is te algemeen, te opgeschreven als: we hebben iets op papier gezet waarvan we denken, we hebben een visie, dan doen we iets. Ik heb alle respect voor de wethouder, die in de commissie er heel hard voor heeft gevochten om dit duidelijk te maken. Wat GL betreft straalt hier nul ambitie uit. We zullen daarom ook tegen de visie stemmen, omdat het geen visie is en eigenlijk terug had gemoeten, of uitgangspunten, die terug had gemoeten naar de tekentafel. De motie van de VVD, daar zullen we wel voor stemmen, omdat het nog enigszins met zich meebrengt om iets te repareren. Of je het nou een nota of uitgangspunten of visie of bolwerk noemt, maar het is onvolledig, daarom gaan we die wel steunen. Dank u wel. Mevrouw Gielis, L3B: We hebben hier 2 weken geleden met zijn allen ontzettend uitgebreid over gesproken. Wij stonden er juist heel anders in dan de CU.

Wij hadden gezegd: het is een mooie blauwdruk of groene blauwdruk om juist van hieruit verder te gaan bouwen. En om naar alles en iedereen te luisteren, ook naar de raad, daarom vinden we de motie van de VVD wel fijn, want die verwoordt wat er gezegd is, maar in feite heeft de wethouder dat allemaal al toegezegd. Wat wij ook belangrijk vinden, op 7 februari gaan de inwoners meepraten, want zij moeten ook in die visie meepraten. Dat is pas 7 februari. Wij zouden graag van de wethouder willen weten hoeveel mensen zich al aangemeld hebben voor 7 februari en of het kan om daar volgende week nog een keer een grote oproep voor te doen, want wij vinden het belangrijk dat alles en iedereen in onze gemeente meepraat over deze, ik wil de verwarring niet groter maken, maar de visie, die het moet worden. De brief die de wethouder heeft gestuurd over het proces was voor ons eigenlijk wel heel duidelijk. We zijn ook heel benieuwd naar zijn antwoord op de motie. Hij verwoordt inderdaad heel goed wat de discussie is geweest 2 weken geleden, daarom vinden we hem harstikke sympathiek, maar we zijn wel even benieuwd naar het antwoord van de wethouder voor we daar wat over zullen zeggen. Dank u wel.

De heer Lieverse: Een vraag, die opkomt, als mevrouw Gielis zo spreekt over de positieve en negatieve kanten van wat het opgeleverd heeft: hoe kunnen we als raad controleren of het plan naar wens wordt opgesteld? Mevrouw Gielis: Daarvoor zei ik dat de motie, die jullie hier vanavond op tafel leggen, heel erg prettig is, omdat de wensen van de raad daarin naar voren komen. Maar wij vinden het ook belangrijk dat er andere wensen naar voren komen en die zijn er nog niet. 6/16

De heer Alsemgeest, WIJ: De uitgangspunten voor de groenblauwe leefomgevingsvisie stond vanavond als enige bespreekpunt op de agenda van de raadsvergadering, we kunnen er dus lekker de tijd voor nemen, zou ik zeggen. Maar waarom? Toen ik het op de agenda van de commissie samenleving zag staan, dacht ik eigenlijk: dit wordt een hamerstuk. Echter, toen ik het doorgelezen had vond ik en velen in de commissie met mij het wel een beetje aan de magere kant. Er ontstond toen een discussie waarin niemand zich onbetuigd liet over wat er wel en niet in moest, hoe en waarom. De wethouder gaf in zijn beantwoording toen aan, dat het een nota van uitgangspunten is en geen visie. Een aantal mensen heeft het al aangegeven, er had net zo goed Geleen of Heemstede boven kunnen staan. Misschien zijn dat wel vergelijkbare gemeenten aan Lansingerland, dan kan dat nog steeds de uitgangspositie zijn. De wethouder zegde in de tweede termijn toe om alles wat we aangedragen hadden als mogelijk mee te nemen in het vervolgtraject. Nu ligt er hier vanavond een motie ingediend door de VVD en mede ondertekend door een aantal andere partijen om eigenlijk de wethouder te dwingen te doen wat hij al heeft toegezegd. In grote lijnen is de strekking van de motie de gedachte die misschien wel alle partijen, wij ook, hadden in de commissie: we willen meedenken, meedoen, meebeslissen. En dat mogen we ook.

Want in de brief die als bijlage in de stukken zit lees ik toch duidelijk, ik citeer: de tweede fase start met een consultatie van de inwoners, een bewonersavond op 7 februari, om de inventarisatie te toetsen en daar waar nodig te verbeteren. Uw raad wordt hiervoor ook uitgenodigd. Op basis daarvan starten we met het maken van keuzes en de opgehaalde info wordt verwerkt, verdiept en waar nodig uitgebreid. Zo werken we naar en voor Lansingerlands specifieke groenblauwe leefomgevingsvisie. Dan aan het eind nog een keer: uw raad wordt geconsulteerd, de opbrengsten worden vervolgens eveneens met uw raad gedeeld. Blijft voor onze fractie uiteindelijk de vraag: waarom deze motie? We hebben er namelijk alle vertrouwen in dat de wethouder zich houdt aan wat hij toegezegd heeft. Vooralsnog zijn we dan ook niet voornemens de motie te ondersteunen, omdat het ons inziens geen meerwaarde heeft. Het raadsvoorstel zullen we wel steunen. We horen graag eerst even wat de wethouder van de motie vindt voor we ons hier verder over uitspreken. Mevrouw Verhoef: U zegt: de raad wordt uitgenodigd voor die avond met de burgers. Het lijkt mij vreemd, maar ik ken het concept van die avond nog niet, dat burgers, de inwoners en de raad samen in een soort discussie of gesprek over de groenblauwe leefomgeving zouden gaan.

In mijn beleving is het vooral een avond voor burgers en hebben wij onze input gegeven. We willen gewoon gewaarborgd zien dat dat ook gebeurt. Ik heb dat niet heel duidelijk van de wethouder toegezegd gehoord. Hoe zit u daar in? Vindt u dat wij mee moeten discussiëren met de burgers op die avond? De heer Alsemgeest: Ja, dat zouden we rustig kunnen doen. We hebben dat wel vaker gehad. Dat we avonden hadden, dat burgers gevraagd werd naar hun mening en dat de raadsleden ook hun mening konden geven. Dan denk ik dat je een hele open discussie krijgt met elkaar, wat er wel of niet mogelijk is. Beantwoording college Wethouder Muis: De vragen, maar we zijn vanavond vooral bij elkaar voor de motie. Ik heb niet de behoefte om de hele discussie uit de commissie weer langs te lopen, die neiging is natuurlijk erg groot. Ik wil wel zeggen: dat komt terug in de motie, in de overwegingen. Het zijn zaken die we met elkaar, u met elkaar en ook met het college, met mij als portefeuillehouder, hebben gewisseld. Het gaat inderdaad over de nota van uitgangspunten. Het is zeker zo dat het duidelijker had kunnen zijn, dat we het anders hadden kunnen benoemen, anders hadden kunnen aanvliegen. Ik steek hand in eigen boezem, dat had beter gekund. Maar tegelijk ligt er gewoon een document, waar we met de samenleving en intern heel nadrukkelijk over hebben gesproken.

Juist was het bedoeld als tussenstap voor u om u hierin mee te nemen. Het komt niet in de plaats van uw mogelijkheden om verder richting te geven aan die uitgangspunten voor de op te stellen visie. Dank voor de motie, er is al het e.e.a. over gezegd. Het college vindt het vanzelfsprekend heel belangrijk dat we uw suggesties, input, verrijking mee nemen. Dat zouden we sowieso doen. Inderdaad, de heer Alsemgeest zei dat, ook zonder motie zouden we dat doen. Het geeft niet, ik snap het, u vindt het ontzettend belangrijk, maar wij als college vinden het ook heel erg belangrijk. Dat u dat verwoordt in een motie is helemaal prima. Tegelijkertijd, uw input en inbreng komt ook goed overeen met wat we hebben opgehaald bij onze interne en externe stakeholders, dus in die zin zien we ook niet op voorhand rare dingen of dingen die strijdig zijn met elkaar. We kunnen het heel goed mee nemen, dus ik stel voor dat we, volgens mij heb ik het al toegezegd, maar dan zeg ik het nog een keer toe, dat we het verslag van de commissie zien als een extra participatiemoment, dat we integraal in het proces meenemen om te komen tot een groenblauwe leefomgevingsvisie. In de procesbrief hebben we aangegeven u in de tweede fase te consulteren. Het is daarom ook prima om een bespreking te hebben in de commissie samenleving. Dan kunt u zelf ook zien, dat we die suggesties hebben verwerkt.

Kom ik wel op het volgende punt: zien dat iets is verwerkt of willen weten of alle punten van alle fracties zijn verwerkt, waarom wel en waarom niet en een onderbouwing, dat kan, dat is wel extra werk. Dat kunnen we doen als u dat met zijn allen expliciet wenst, dan gaan we dat natuurlijk gewoon doen. Samenvattend kunnen we de motie uitvoeren, ook omarmen. Ik hoor wel wat u er verder van vindt. Dank u wel. De heer Bergwerff: Ik had nog een vraag gesteld, dat ging over inwerkingtreding van de omgevingswet, wat nu gepland staat voor 1 juli 2023, hoe dat zich verhoudt met waar we het vanavond over hebben. Wethouder Muis: Ik zou eigenlijk zeggen: niet. Wij werken naar een 7/16

omgevingsvisie 2.0 en dat is ons eigen verhaal, dus daar gaan wij gewoon mee door, dat heeft verder geen effect. Mevrouw Gielis: Begrijp ik goed dat u de motie overneemt, omarmt? Wethouder Muis: Ja, dat klopt, wat mevrouw Gielis zegt. We omarmen de motie in feite, ik zie het als een steun in de rug. Het is een gezamenlijk belang om dit zorgvuldig te doen en mee te nemen. Dan kom ik gelijk op de vraag van mevrouw Gielis over het aantal aanmeldingen. Die moet ik u schuldig blijven. We laten tegen die tijd weten hoeveel aanmeldingen er zijn. Ik zie op social media de oproep voorbij komen. Ik zal vragen of dit breed genoeg is, of het oplevert wat we wensen. Zo niet, dan zullen we daar extra over communiceren. Dank u wel. De heer Lieverse: Ik hoor de wethouder zeggen wat in de commissie naar voren is gebracht. Dat komt heel goed overeen met wat vanuit stakeholders naar voren is gebracht. Is het mogelijk dat de raad ook inzage krijgt in wat die opbrengst heeft opgeleverd? Wethouder Muis: Volgens mij komt dat dus straks aan de orde bij de verwerking, net als uw punten die u graag terug wilde zien, tenminste, als ik zo een beetje inschat hoe er gestemd gaat worden. Dus ja, u krijgt daar een overzicht van. Welke vorm en hoe gedetailleerd, dat zullen we bekijken, maar u krijgt er een terugkoppeling op.

Tweede termijn Mevrouw Draak, VVD: Ik heb een aantal dingen gehoord in de eerste termijn, waar ik toch nog graag op wil reageren. Als eerste even in de richting van WIJ. Deze motie is inderdaad, zoals de wethouder gelukkig zelf ook concludeert, als steun in de rug en zeker niet als wantrouwen. We waren ook een beetje op het verkeerde been gezet, wat ons betreft is het besluitvormingsproces een beetje diffuus. We gaan straks wel de nota van uitgangspunten vast stellen, daar staan 5 uitgangspunten in, die hebben we dan vastgesteld, dan komt er daarna nog een heel proces, waarbij we indirect natuurlijk ook nog allerlei invloed kunnen uitoefenen. Daarom leek het ons juist goed om te formaliseren middels een motie, wat ik overal hoor en wat de wethouder ook zegt, dat wat de wethouder heeft toegezegd, dat we dat in feite met elkaar afspreken. Als wij voor deze motie gaan stemmen en de wethouder omarmt het ook nog, dan zijn er gewoon geen onduidelijkheden meer. Dan denk ik dat dat recht doet aan het feit dat we toch best een pittige bespreking hadden in de commissie. De heer Alsemgeest: Ik wilde even reageren op mevrouw Draak. Ik heb in mijn spreektijd duidelijk aangegeven dat ook wij in de commissievergadering dezelfde ideeën hadden. Dat weet u ook. Maar dat het soms ook weleens te ver kan gaan.

Als ik de heer Lieverse hoor, die nog meer dingen wil weten, dan vraag ik me af: waar stopt het en waar is het vertrouwen in de wethouder, waar stopt het met vragen. Mevrouw Draak: In de commissiebespreking zat de CU niet bij de gemiddelde mening, de CU zat er het meest kritisch in. Ik denk dat we hier het grote gemiddelde uit moeten halen en dat staat hier in de motie verwoord. Ik wilde graag nog even reageren op de wethouder v.w.b. het meenemen van de punten van de raad. Dat hoeft geen afstudeerwerkstuk te worden van 24 pagina’s dik. Als je uit het verslag van de commissie samenleving gewoon de punten haalt die zijn genoemd. Dat is voor de vuist weg gebeurd, wij zijn geen deskundigen daarin, misschien zijn er wel dingen genoemd waar het team dat ermee bezig is naar kijkt en denkt: dat is geen goed idee. Dan is het geen goed idee. Dat is at de bedoeling is, dat kan redelijk eenvoudig besproken worden. Het is helemaal niet bedoeld als overhoring of verplichting van: weef dat er ook maar in. Het moet gewoon een beter stuk worden, de visie moet beter worden, dat beoogt de motie. Het is een steun in de rug, de VVD gaat zeker de nota van uitgangspunten steunen. Zeker met deze motie erbij denk ik dat het een goed proces naar de toekomst gaat worden. Dank u wel. De heer Bergwerff, CDA: Heel fijn dat de wethouder aangeeft de motie te omarmen, dat is wel prettig.

De vorige spreker heeft het al enigszins gezegd. Natuurlijk verwachten we niet dat alle inbreng vanuit alle partijen vanuit de commissievergadering allemaal terugkomt in de uitwerking. Het één is natuurlijk realistischer dan het andere, maar echt de grote lijnen uitzetten en dan de visie bepalen op grote lijnen. Dan wil ik nog even reageren op WIJ, die kaartte de bewonersavond aan. Ik denk dat het helemaal niet zo gek is als raadsleden daar aanwezig zijn. Ze hoeven daar niet de sfeer te gaan bepalen, maar ze kunnen wel als toehoorder gewoon luisteren en horen en ophalen. Ik denk dat dat alleen maar goed is. Dank u. Mevrouw Verhoef: Ik wil aan de heer Bergwerff vragen: uw interpretatie van die burgeravond is dus inderdaad dat de burgers aan het woord zijn en de raad toekijkt. De heer Alsemgeest denkt dat het een gezamenlijke discussie is. Hoe komen we er nou achter wat het precies is? Zal ik het aan de wethouder vragen? De heer Bergwerff: Dat is een goede vraag. Hopelijk kan de wethouder dat beantwoorden. Maar wij als CDA zien het zo voor ons, net zoals inwoners bij onze raadsvergadering komen kijken, komen wij eens kijken bij hun avond, maar ik hoor graag van de wethouder als ik er een verkeerd beeld bij heb. Dank u. De voorzitter: Als voorzitter zeg ik: u moet er in ieder geval helder over zijn tegen die tijd, want anders ontstaat er verwarring.

Of het is burgerparticipatie voor burgers of een ronde tafelgesprek met inwoners. Even kijken wat de wethouder ervan zegt, maar ik geef in ieder geval mee: het moet wel duidelijk zijn van tevoren. De heer Lieverse, CU: Meneer Alsemgeest stelt via een ander persoon een vraag of maakt een opmerking over iets wat ik gezegd heb, dat is een beetje een aparte manier van interrumperen. Het is niet zo dat de CU nooit tevreden is, dat we alle informatie, alsof we zelf de ambtenaren zijn, laat ik daar alvast geruststellend over zijn. Het is wel zo, dat de CU heel concrete ideeën heeft over hoe een groenblauwe 8/16

leefomgevingsvisie eruit zou kunnen zien en daar willen we heel graag onze input op blijven hebben. Bij de beeldvorming in oktober kregen we meer informatie te horen over wat er opgehaald is, er werden een paar steekwoorden gebruikt, dan in de nota van uitgangspunten die we nu gekregen hebben. Omdat we die teneur zagen, vandaar kwam die vraag op. Na dit allemaal gehoord te hebben vanavond, ben ik net als anderen blij met de reactie van de wethouder. De wethouder had niet alleen in de commissie zijn best gedaan om vertrouwen te winnen, hij doet het ook in deze opstelling, dus complimenten daarvoor. Dat helpt ons om vertrouwen te hebben in een goede afloop van dit proces. De nota zelf blijven wij onvoldoende vinden en zullen we tegen stemmen. Mevrouw Gielis, L3B: Mevrouw Draak zei net: het moet beter worden dan het nu is. Maar als we de heer Ruijtenberg hebben gehoord vandaag, dan kan het alleen maar beter worden. Wij hebben er alle vertrouwen in, we zijn erg blij met het antwoord van de wethouder. We zullen uiteraard voor deze nota van uitgangspunten stemmen. Voor wat betreft de motie is het een beetje ingewikkeld, want de wethouder heeft het toegezegd. Of we hem nu steunen of niet, het uitgangspunt is voor ons hetzelfde. De heer Alsemgeest, WIJ: Dank aan de wethouder voor de beantwoording van de vragen en de aanmerkingen die gemaakt zijn.

Mee nemende dat de wethouder ook de motie omarmt, zou ik niet weten waarom wij het dan ook niet doen. Wij zullen ook voor de motie stemmen om de motie niet af te zwakken, want dat is geen goede zaak. We gaan zeker voor het voorstel stemmen. Wethouder Muis: Heel kort, over die bewonersavond. Het is een bewonersavond, dat staat ook in de brief, we consulteren bewoners. We hebben natuurlijk externe stakeholders meer georganiseerd allemaal al gesproken, ook intern. U als raad heeft ook momenten. U heeft er nog een aantal accenten aan gegeven voor uw eigen inbreng. Maar vanzelfsprekend vanwege het belang, vanwege de discussie, hebben we gezegd: u bent van harte uitgenodigd bij de bewonersavond. Dat is eigenlijk hetzelfde als met andere inloopavonden voor inwoners, daar bent u ook uitgenodigd. Alleen, er ontstond iets heel innovatiefs, interactiefs, dat lijkt me allemaal een beetje kort dag. Laten we kijken om burgers ook de ruimte te geven wat te vinden. U bent de volksvertegenwoordiger, staat ermee in contact, dus heb het er vooral met de inwoners over, maar laat ze er ook zelf iets van vinden. Dank u wel. De voorzitter: Dan zijn we aan het eind van de bespreking en gaan wij over tot de stemming. Dat is het moment waarop de beslissing valt, aangezien mevrouw Draak en de mede indieners erin geslaagd zijn de raad te overtuigen van het nut van deze motie.

We gaan de motie in stemming brengen. Dank u wel, meneer Blonk, eerst het voorstel en dan de motie. Eerst het voorstel zelf. Ik open de stemming. Met GL en CU tegen en de overige voor is het voorstel aangenomen. Dan gaan we nu over tot de stemming over de motie. Die is met algemene stemmen aangenomen. 8.b Motie vreemd: Gemeente, help de vrijwilligersorganisaties bij de vergunningaanvragen De voorzitter: Een motie vreemd is eigenlijk een agendapunt, aangedragen door één van de leden, of meerderen, van de raad omdat zij een bepaald punt willen bespreken om daarvan als raad wat te vinden, iets over te zeggen en over te besluiten. In dit geval gaat het over maatschappelijke organisaties die evenementen organiseren en tegen een hoge regeldruk en werklast aanlopen, zoals mevrouw Rens duidelijk heeft gemaakt. De heer Bik, WIJ: Deze motie is ook mede ingediend door CDA en L3B.

M2023-002 Gemeente, help de vrijwilligersorganisaties bij de vergunningaanvragen De raad van de gemeente Lansingerland, in vergadering bijeen op 26 januari 2023, gehoord de beraadslaging, overwegende dat onze samenleving kleur en samenhang krijgt mede door de jaarlijkse dorpsfeesten, zoals Koningsdag en Bevrijdingsdag, en activiteiten voor specifieke groepen; vrijwilligers hun uiterste best doen om deze mooie dorpsfeesten en activiteiten te organiseren; voor deze dorpsfeesten en activiteiten voor onder meer de veiligheid van een ieder de nodige vergunningen noodzakelijk zijn; het aanvragen van de benodigde vergunningen voor de vrijwilligers veel tijd en energie kost maar ook ingewikkeld is; er bij de gemeente bereidheid is om het proces adequater en efficiënter te maken. Van oordeel dat de gemeente op maat alles in het werk moet stellen om de samenleving met haar vrijwilligers van dienst te zijn en te helpen om de nodige vergunningen aan te vragen opdat de dorpsfeesten en activiteiten goed en veilig doorgang kunnen vinden.

Roept het college op om op korte termijn een bijeenkomst te organiseren, met onder meer de oranjecomités, om tot afstemming te komen over de wijze van samenwerking en af te spreken op welke wijze het proces van de benodigde vergunningen et cetera efficiënt kan worden vorm gegeven; daarbij te helpen bij het invullen van de benodigde informatie; een speciaal aanspreekpunt voor deze vrijwilligers, die dorpsfeesten en activiteiten organiseren, in te stellen en deze vrijwilligers voor de komende feesten en activiteiten in het komende halfjaar, een moment aan te bieden in de middag, in de avond of in de ochtend, alwaar de 9/16

aanvragen voor benodigde vergunningen kunnen worden ingevuld waarbij de nodige ambtelijke ondersteuning aanwezig is. En gaat over tot de orde van de dag. Dat is een hele mond vol. Afgelopen nieuwjaarsreceptie hebben we op fantastische wijze onze vrijwilligers in het zonnetje gezet en onze waardering daarvoor uitgesproken. Ze zijn volgens de burgemeester en de wethouder geroemd en bestempeld als katalysator en Haarlemmerolie van onze samenleving. Tegelijkertijd hoort mijn fractie onvrede bij deze zelfde vrijwilligers. Ze ervaren de opstelling van betreffende ambtenaren als zeer behulpzaam, maar vooral ook als inefficiënt. Een goed voorbeeld daarvan is zojuist gegeven door inspreker Rens. Regeldruk is regelmatig reden ook, dat vrijwilligers hun rol aan de wilgen hangen en dat nodigt niet uit voor potentiële nieuwe vrijwilligers. Deze motie is bedoeld als extra aansporing voor de grote groep vrijwilligers die dit veelal naast hun werk en gezinsleven doen, een aansporing om een flinke stap extra te doen. De woorden van de nieuwjaarsreceptie, maar ook de daden erbij. Zo blijven we de sprankelende evenementen en activiteiten en de levendige dorpskernen houden, die we met elkaar in Lansingerland zo koesteren. De heer Van Santen, VVD: Ik had eigenlijk een vraag aan de heer Bik. Dank voor het indienen van de motie.

Bij de overwegingen, het vijfde punt, stelt u dat de gemeente bereid om het proces adequater en efficiënter te maken. Is er dan contact geweest met de gemeente daarover? Wat gaat de gemeente dan doen? Gaat er iets gebeuren? Gaat dat niet ver genoeg? Kunt u dat iets meer toelichten? De heer Bik: In de laatste commissievergadering is er een rondvraag over dit onderwerp geweest en heeft de wethouder aangegeven, dat er continu verbeterd wordt rondom dit soort processen, dat hij wil meedenken en kijken. Maar wij vinden de urgentie dermate hoog en ook de belangrijkheid en signaal voor die vrijwilligers in de samenleven, dat wij vinden dat er concreet actie op moet worden genomen. De heer Van Santen, VVD: Een prima motie m.b.t. het verminderen van regeldruk en bureaucratie, daar zijn wij als VVD altijd voor. Maar ik ben toch benieuwd naar de reactie van de wethouder, hoe die hierop reageert. Is dit te organiseren? Past dit? Of zijn er andere mogelijkheden? Ik hoorde inspreekster iets zeggen over permanente vergunning, dat zou natuurlijk helemaal mooi zijn. Graag een toelichting van de wethouder. De heer Van den Beukel, CDA: Van harte mede-indiener van deze motie. Wij als volksvertegenwoordigers van het CDA, dat geldt voor ons allemaal, staan graag aan de kant van de inwoner.

De inwoners, dat geldt niet alleen voor de organisatie van Koningsdag Bergschenhoek, maar ook in Berkel en Rodenrijs en voor vele anderen, zij hebben hier mee te maken. Met het feit dat de wereld steeds complexer wordt en dat de complexiteit mensen soms boven de pet gaat. Dat heeft een afschrikkende werking voor al die vrijwilligersorganisaties die onze samenleving kleuren. De heer Van Santen vraagt om een reactie van het college, dat hebben we al een beetje gehad, al twee keer. Eerst op de raadsvragen van het CDA, gericht op Koningsdag van Bergschenhoek. En vervolgens op de rondvraag in de commissie algemeen bestuur door collega Bik. Toch twee keer was de reactie wat ons betreft lauw, werd gevoel voor urgentie, dat wij ervaren, niet herkend aan de kant van het college. Althans, zo kwam het op ons over. Ondanks een verbale ondersteuning, we onderzoeken, we ondersteunen, van het college hebben we echt behoefte aan een flinke tand erbij. We kunnen het niet hebben dat we nu heel tevreden zijn met onze samenleving die vitaal is, waar veel verenigingen zijn en dat we over 5 of 10 jaar zeggen: oef, wat was het kantelpunt, mijn buurtvereniging dreigt opgeheven te worden vanwege gebrek aan bestuurders in Berkel dorp. Dat kantelpunt moeten we niet laten passeren als dat zo zou zijn.

Dat aanvoelen, dat opzoeken en weten hoe kritisch het is, dat is lastig, dat weet je nooit precies, maar ons gevoel is: hier moet echt een tandje bij, want de regeldruk is te hoog. Dank u wel. De heer Ruitenberg, GL: Toen we het stuk voor de eerste keer zagen, dacht ik eerst aan de woorden van de heer Jumelet: welk probleem lossen we hiermee op? Maar naar aanleiding van wat mevrouw Rens heeft gezegd: er is inderdaad een aantal problemen, die we hiermee gaan oplossen misschien, als die het gaat halen. Voordat we zover komen heb ik wel een paar vragen aan de heer Bik, die hij wellicht in zijn tweede termijn kan beantwoorden. Dit lijkt zich heel erg te richten op Oranjecomités, omdat die specifiek benadrukt worden. Zo staat het in de tekst: onder meer de Oranjecomités te bespreken.

Heeft de heer Bik aanleiding om welke andere comités het gaat, welke andere feesten last hebben van deze regeldruk? Heeft hij aanwijzingen dat er feesten of andere activiteiten niet meer doorgaan omdat vrijwilligers ermee kappen of het aan de wilgen hangen? Dan is mijn volgende vraag: degenen die de Sinterklaasintochten organiseren, dat zijn de winkeliersverenigingen, beschouwt hij deze ook als vrijwilligers in deze situatie? Zo ja, als deze uitgenodigd worden voor zo’n dag, vindt hij dan ook dat de gemeente nadere regels zou moeten toepassen over de aankleding van de desbetreffende Sinterklaasintochten? Dan vervolgens, nee nee, ik heb het niet genoemd, meneer Blonk, dat u die associatie trekt is geheel aan u. De voorzitter: Nee, nee, nee, dat was geen interruptie. De heer Ruijtenberg: Dan vervolgens, stelt u hier bij punt 1, een bijeenkomst te organiseren met de Oranjecomités en vervolgens in punt 4 geeft u nog een keer aan, dat in het komende half jaar een moment aangeboden moet worden aan deze comités. Dat betekent dat u 2 keer een moment wil gaan organiseren voor die comités. Heeft u enig idee hoeveel comités er dan zijn? Heeft u enig idee hoeveel 10/16

ambtelijke ondersteuning daar dan gevraagd wordt? Heeft u enig idee, want we hebben te weinig ambtenaren, we wilden er graag meer, maar sommigen waren daar tegen, wat ambtenaren dan niet gaan doen in de tijd dat ze hiermee bezig zijn, met deze ondersteuning? Dat waren de vragen. De voorzitter: Het is altijd ingewikkeld. De wethouder antwoordt. De heer Bik heeft een motie ingediend en u moet duidelijkheid krijgen over de motie. Ik heb even overlegd met de griffier. U had ook een interruptie kunnen doen, maar omdat u meer vragen heeft is dat ook geen handige methode. Ik stel voor dat we de wethouder laten reageren en dan kan de heer Bik in de tweede termijn op uw vragen ingaan. Dan is er nog voldoende ruimte in de tweede termijn voor discussie. De heer Van den Beukel: Een interruptie op de heer Ruijtenberg. Ik hoor hem zorgen uiten over de werkdruk op het gemeentehuis, dat siert hem, daar zijn we allemaal verantwoordelijk voor. Ik wil vragen hoe hij dat weegt ten opzichte van het feit dat we over 3 maanden geen Koningsdag dreigen te hebben in Bergschenhoek, een traditie van decennia die nu teloor dreigt te gaan. Heeft hij daar ook zorgen over? De heer Ruijtenberg: U zegt terecht: dreigt teloor te gaan. Volgens mij is het nog niet helemaal zeker dat hij verloren gaat. Op het moment dat het zover is, zal ik daar een uitspraak over doen, wat ik daarvan vind.

Aan de andere kant denk ik: als een bepaalde maatschappij vindt dat een traditie, om wat voor reden dan ook, minder van belang is, blijkbaar vinden we dat, dan moeten we accepteren dat een traditie wellicht verloren dreigt te gaan. Dat is nou eenmaal het leven. De heer Van den Beukel: Ik denk dat hier de republikeinse inborst van de heer Ruijtenberg in doorklinkt. Dat mag, we leven in een vrij land. Laat ik zeggen voor mijn part: wij zouden zeer teleurgesteld zijn als deze traditie, die toch zoveel betekent voor de saamhorigheid in Lansingerland, als die teloor zou gaan. Het is weldegelijk zo dat de stichting SNF, die het altijd organiseert heeft gezegd: wij gooien het bijltje erbij neer. Tot nader order is dat wel de situatie. Het is waar dat er maatschappelijke initiatieven borrelen, maar tot nader order is er geen Koningsdag in Bergschenhoek. Mevrouw Gielis: U had het over de werkdruk, maar op het moment dat we met zijn allen in staat zijn om het proces te vereenvoudigen op wat voor manier ook, dan betekent dat ook minder werkdruk in de ambtelijke organisatie. Aan die kant zou het kunnen helpen. De heer Ruijtenberg: Dat zou kunnen, inderdaad. Vandaar mijn vraag aan de heer Bik of hij enigszins in kan schatten hoeveel werkdruk dat met zich meebrengt.

Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik was wat later door omstandigheden, maar ik heb begrepen, ik heb het ook gedeeltelijk zelf gehoord, dat er een noodkreet geuit is door mevrouw Rens. Dus er is goed toegelicht waarom er behoefte is aan de service waartoe deze motie oproept. Ik vind dat we zuinig moeten zijn op onze vrijwilligers, die zich keihard inzetten om voor andere inwoners mooie dorpsfeesten te organiseren en ook andere zaken, het gaat niet alleen maar om feesten. Ik vind de motie sympathiek, dat woord gingen we niet meer gebruiken, maar ik vind hem nuttig, want hij ondersteunt vrijwilligers in zaken die gewoon complex zijn, zodat ze hun handen vrij hebben om de leuke dingen, die ook tijd kosten, om die goed te organiseren. Mijn vraag was ook wel aan de wethouder: is dit uitvoerbaar, hoeveel ambtelijke capaciteit kost dit? Ik wil de vraag eigenlijk omdraaien? Er moeten wel heel goede redenen zijn om dit niet te doen. Ik hoor graag van de wethouder of er heel goede redenen zijn om dit niet te doen. Dank u wel. Ik ga de motie natuurlijk steunen. Mevrouw Gielis, L3B: Wij zijn van harte mede ondertekenaar op deze motie vreemd aan de orde. Mevrouw Cnossen zei het al aan het begin van de vergadering vanavond: helaas is het in dit land erg ingewikkeld met allerlei regeltjes geworden. Hiermee ook.

Dat komt niet alleen door onze organisatie, maar ook doordat de landelijke regels veranderen. Wij vinden het wel belangrijk dat er heel goed naar het proces wordt gekeken en dat het daar waar mogelijk echt vereenvoudigd wordt. Het gaat niet alleen om de Oranjeverenigingen, mevrouw Rens heeft een mooie inspraak gehad, al die tijd zit ze hier ook nog naar ons te luisteren, dus dat kost ook weer extra tijd voor het goede doel. Maar er zijn heel veel andere vrijwilligers, organisaties, of kleine dingen die geregeld worden, bijvoorbeeld om geld in te zamelen voor een goed doel. Het moet niet zo zijn, dat je daar dan zoveel meer tijd mee bezig bent, dat je denkt: laat maar zitten, we doen het niet, we gaan die appels niet verkopen die we hebben gehad, die voor het goede doel zijn, nee, dat is allemaal te ingewikkeld. Dat slaat een samenleving helemaal plat. Vrijwilligers zijn nu eenmaal de steunpilaren van onze gemeente, niet alleen van onze gemeente, maar overal in het land. Laten we er alsjeblieft heel zuinig op zijn. Alle technische vragen, ik denk dat de uitvoering bij de wethouder moet liggen, maar de urgentie en de oproep die wij gedaan hebben, die is duidelijk genoeg, denk ik. Dank u wel. Mevrouw Den Heijer, D66: Het is een mooi onderwerp, regeldruk, vergunningen, procedures.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=b8c25b05-1e3a-4eae-84de-990e5646ce9e