CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV22.0121] Verslag van de raad van 24 november 2022

Gemeenteraad 22 december 2022, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling van het verslag van de vorige vergadering18.065 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VERSLAG

Gemeenteraad

Datum vergadering

: 24 november 2022

Aanwezig in de raadszaal: Raadsleden: WIJ Lansingerland : Jan Jumelet, Chantal van Weede, Bianca Boonstra, Abdel Afalah, Jan Alsemgeest Leefbaar 3B : Don van Doorn, Jan Pieter Blonk, Leon Erwich, Johan Philippens, Machiel Crielaard, Jean Paul Meuldijk CDA : Jan Willem van den Beukel, Nelleke Bouman, Job Halkes, Charles van Harn VVD : Matthijs Machielse, Ed van Santen, Ivo de Graaf, Christiaan Toussaint D66 : Ineke den Heijer, Michiel Muis, Brecht Weerheijm CU : Kees-Willem Markus, Paul Lieverse GroenLinks : Marko Ruijtenberg PvdA : Petra Verhoef Wethouders

: Leon Hoek, Simon Fortuyn, Michiel Muis, Titia Cnossen

Voorzitter Griffier

: Pieter van de Stadt : Eveline Hamelink-van Rens, Lianne van den Houten, Karin Koemans

Afwezig: WIJ Lansingerland Leefbaar 3B CDA VVD CU

: P. van Olst, Mark Bik : Marjolein Gielis : Dave Bergwerff, Frans Ammerlaan : Marloes Draak : Arjen Hofman

1. Opening en mededelingen De voorzitter, om 20.00 uur: Goedenavond leden van de gemeenteraad, college, mensen van het ambtelijk apparaat, alle inwoners hier aanwezig en degenen die ook thuis meekijken en de belangrijkste om deze vergadering draaiend te houden iedereen van de griffie ook van harte welkom. Dan maak ik gelijk gebruik van de gelegenheid om felicitaties uit te spreken in de richting van onze raadsadviseur, mevrouw Kokke, die vandaag jarig is en om die reden ook verlof heeft gekregen, want op je verjaardag moeten werken is een bitter lot. Het treft mij nog weleens, want ik ben altijd rond de begrotingsbehandeling jarig. Afwezigen zijn de heer Bik, de heer Bergwerff, mevrouw Gielis, de heer Hofman, mevrouw Draak, mevrouw Van Olst en de heer Ammerlaan. We zijn enkele minuten later begonnen omdat de heer Van der Spoel een petitie heeft aangeboden aan de gemeenteraad, aan mij als voorzitter, maar aan u. Degenen die erbij geweest zijn, zijn er getuige van geweest, maar ik zeg tegen alle leden van de gemeenteraad: het gaat om een petitie, ondertekend door 474 mensen over het verkeersveiliger maken van de Kooilaan in Bleiswijk. Uit ervaring weten we allemaal: dat is best een lastige weg, dus het signaal kunnen we allemaal goed begrijpen.

Ik heb aangegeven, dat wij met de indiener en degenen die daarbij willen zijn contact zullen opnemen, dat we ambtelijk goed zullen doornemen wat bewoners nu zien en welke suggesties zij hebben. Dan kan onder de bezielende leiding van wethouder Muis, wethouder verkeer en bestuurslid van het recreatieschap mogelijk iets worden voorbereid voor u ter bespreking in de commissie. Ik heb ze ook gezegd, dat ik conform de profielschets die u ooit heeft opgesteld de dingen niet op hun beloop zal laten, dus ik zal ook hier bij u en bij de wethouder erop aandringen om actie te ondernemen. Welke actie, uiteraard, is geheel aan de gemeenteraad ter afweging. Ik ben de heer Van der Spoel zeer erkentelijk, dat hij de petitie heeft aangeboden en de moeite heeft genomen. 2. Trekken van het lot ter bepaling van het raadslid bij wie een eventuele stemming zal beginnen De voorzitter: Dat is de heer Van Doorn. Hij mag bij een eventuele hoofdelijke stemming als eerste zijn stem uitbrengen. Ik geloof niet dat dat vaak gebeurt, maar dan weet u dat vast. 3. Vragenhalfuurtje voor raadsleden Mevrouw Verhoef, PvdA: De PvdA heeft een vraag voor het vragenhalfuurtje n.a.v.

een actualiteit, een brief die wij gisterenavond hebben ontvangen van het college, waarin wordt beschreven dat de commissaris van de koning het college op 25 oktober 2022 het verzoek heeft gestuurd om met spoed te zoeken naar locaties binnen de gemeente Lansingerland waar asielzoekers langdurig kunnen worden 1/19

opgevangen en om plannen te ontwikkelen voor permanente opvang. Voor de gemeente Lansingerland is dit vervolgens door het college in een brief aan de raad op 23 november, gisteren dus, een maand later een forse extra opgave die neerkomt op ongeveer 150 plekken voor langdurige opvang. Er is dus maar kort de tijd om aan dat verzoek te voldoen. De brief van de commissaris van de koning spreekt zelfs van een gemeentelijk besluit dat voor 1 januari 2023 genomen moet zijn. Ik heb daar nog een verdere toelichting bij gegeven, die ik nu niet verder hoef voor te lezen, maar het college zegt wel in haar brief aan de raad beperkt te worden door de mogelijkheden die Lansingerland heeft. Dan citeer ik even uit de brief: na overleg met de raad en de (regionale) partners moet duidelijk worden in hoeverre het college invulling kan geven aan haar maatschappelijke verantwoordelijkheid en tot realistische plannen kan komen voor het realiseren van passende langdurige opvang. Zoals gemeld in de brief door het college. Ik heb 4 vragen aan het college. Waarom wordt de raad pas een maand na het ontvangen van de brief geïnformeerd over het dringende verzoek van de commissaris? Met een deadline van 1 januari, om dan uitsluitsel te geven op zijn vraag naar huisvesting van 150 asielzoekers.

Kan de gemeente Lansingerland, mede gelet op de aanstaande komst van de spreidingswet eigenlijk wel weigeren om positief in te gaan op het dringende verzoek van de commissaris? Is het college bereid om, gezien de komst van die spreidingswet, nu al met een positieve, bestuurlijke blik te kijken naar het realiseren van opvang voor 150 asielgerechtigden in onze gemeente? Hoe worden de raad, de inwoners en de maatschappelijke organisaties, die begeleiding gaan bieden bij dit proces, betrokken? Dank u wel. Wethouder Hoek: Dank u wel. Goede vragen. De brief was natuurlijk een vooraankondiging en er stonden, wat ons betreft, niet heel veel zaken in die we nog niet wisten, het was niet echt nieuws. De vragen zijn ook wat laat binnen gekomen, maar daarover kan ik niks zeggen, omdat u een punt heeft dat het doorsturen van de brief behoorlijk laat was. Ik ben het met u eens, daar moeten we meer alert op zijn en beter op letten, dus excuses daarvoor. U heeft een punt. Het zijn goede vragen, maar gezien de complexiteit hebben we toch iets meer tijd nodig om die op de juiste manier te beantwoorden. Ook gezien het feit, dat we de inhoud van de spreidingswet nog niet helemaal weten, in hoeverre je ook bepaalde groepen mag uitruilen met buurgemeenten. Al dat soort zaken spelen mee. Wij gaan natuurlijk uw vragen compleet schriftelijk beantwoorden. Dat zeg ik u toe.

U mag van mij aannemen, dat ik alles in het werk zal stellen om dit ingewikkelde dossier, want dat is het gewoon, samen met u in goede banen te leiden. Er komt een hele grote opgave op ons af en ik denk dat het heel goed is dat we daar samen met de raad goed naar kijken om er op een goede manier invulling aan te geven. Ik zeg u toe, dat de vragen schriftelijk beantwoord zullen worden. Ik zal in dit huis vragen of dat met spoed kan. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik dank de wethouder voor de toezegging om schriftelijk te beantwoorden. Het is natuurlijk ook iets wat de hele raad, maar ook maatschappelijke organisaties die hier een rol bij gaan hebben, aangaat. Het gaat dus niet alleen om de raad. Dit zou ook iets kunnen zijn wat we kunnen agenderen voor de commissie samenleving of AB van begin december. Dan is er nog maar weinig tijd tot 1 januari. Over de deadline van 1 januari heb ik u nog niet gehoord, misschien komt dat dan ook in de schriftelijke beantwoording, maar misschien kunt u daar nog iets over zeggen. Ik vermoed dat we dit zullen gaan agenderen. Wethouder Hoek: U noemt 1 januari, terecht. Dus zullen wij daar in de beantwoording van de vragen daarop terugkomen uiteraard. Ik ben blij dat u zegt: het is een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid. Het is niet alleen een zaak van het college, maar ook voor u als raad.

Zeker gezien dit vraagstuk hebben we elkaar hard nodig om dit op een goede manier op te lossen. 4. Spreekrecht voor niet-raadsleden De voorzitter: Er heeft zich een viertal inwoners gemeld om in te spreken. De heer Houweling, de heer en mevrouw Van den Haak en de heer Visser. In die volgorde. U heeft 5 minuten. Inspreker 1: De heer Houweling: Geachte raad, dank voor de gelegenheid om in te spreken. Zoals bekend spreek ik hier als architect, betrokken bij het plan, maar met name namens de heer Dammes, omdat hij helaas vanwege de gezondheid van zijn dochter zelf niet aanwezig kan zijn. We vinden het belangrijk om aan het eind van de bestemmingsplanprocedure, na ongeveer 3 jaar, om toch nog kort even stil te staan bij een drietal punten. Allereerst het proces, ten tweede het belang van familiebedrijf Dammes en ten derde de duurzaamheid en kwaliteit van de locatie. Nu is mij specifiek gevraagd 5 minuten, dus ik zal snel praten. Allereerst het proces. Henk Dammes heeft ons als architectenbureau in januari 2019 benaderd met het verzoek om een plan te maken van zijn bedrijf. We zijn aan de slag gegaan en we hebben allereerst gekeken welke randvoorwaarden en uitgangspunten er gelden voor deze locatie. De eerste overleggen met de stedenbouwkundigen hebben op 26 april 2019 al plaats gevonden.

We hebben het plan ontworpen op basis van de door het college vastgestelde stedenbouwkundige randvoorwaarden, die ook tevens zijn gebaseerd op de beleidsuitgangspunten, zoals vastgelegd in de nota cultuurhistorie plus. Deze randvoorwaarden geven aan, dat de beoogde locatie van het pand de meest optimale positie voor het gebouw is en voort komt uit de historische ontwikkelingskarakteristiek van het historische lint 2/19

aan de Hoefweg. De grotere boerderij bebouwing, waaronder de schuren, staan traditioneel gezien haaks op de weg. De conclusie in de ruimtelijke onderbouwing, de ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, past bij de aard en schaal van het gebied en de verplaatsing van de kantoorgebouwen voldoet aan de provinciale richtlijnen, toont respect voor de historische gaafheid van het lint. Het plan bevat en verbetering van de ruimtelijke kwaliteit door de sloop van het bestaande kantoorpand met laagwaardige uitstraling, dicht op de parallelweg, door een passend gebouw met hoogwaardige duurzame uitstraling. Verder een verbetering van de groenstructuur en verkeersveiligheid. De ontwikkeling is in lijn met de provinciale kwaliteitskaart. We hebben sinds die tijd veel overleg gehad met diverse partijen, denk aan DCMR, provincie, gemeente, stedenbouwkundige, welstand, hoogheemraadschap. Er zijn onderzoeken gedaan naar archeologie, cultuurhistorie, denk aan milieu, bodem, geluid, lucht, verkeersintensiteit, externe veiligheid, luchthaven Rotterdam, duurzaamheid. Ook de uitvoerbaarheid is getoetst, zowel economisch als maatschappelijk. Wij zijn van mening, dat er zorgvuldig en met deskundigen tot een goed plan en een goede ruimtelijke ordening is gekomen. We vragen u daarom dit plan ongewijzigd goed te keuren. Ten tweede, het belang van de familie Dammes.

Binnen het familiebedrijf zijn de zoon, dochter en schoonzoon werkzaam. Deze volgende generatie heeft de ambitie om een gezonde en gestage groei binnen het bedrijf te bewerkstelligen. De huidige huisvesting van Dammes voldoet in gebruik al meerdere jaren niet aan de behoefte. Het is te klein en remt daarmee ook de verdere ontwikkeling van het bedrijf. De ruimte in het nieuwe plan is noodzakelijk voor de toekomstige groei. Daarbij wil het bedrijf ook op deze locatie een mooie uitstraling en een visitekaartje naar de klant. Dat ook door een ruime entree, voldoende vergader- en spreekruimte. Denkt u ook aan de belangen van dit familiebedrijf, de volgende generatie die klaar staat en de werkgelegenheid, die het biedt in Lansingerland. Als laatste de duurzaamheid en uitstraling van de locatie. Momenteel heeft de locatie een rommelige uitstraling, met een kantoor dat gevaarlijk dicht tegen de secondaire Hoefweg is gepositioneerd. Het kantoor en de loods krijgen een duurzame, hoogwaardige uitstraling van typologie perfect passend binnen de beleidsvisie van de gemeente Lansingerland en de omgeving. De nieuwe terreininrichting zorgt voor rust en komt de gehele uitstraling van het terrein ten goede. Duurzaamheid. Het voorliggende plan zoekt aansluiting bij de ambities van de gemeente Lansingerland op het gebied van duurzaamheid.

Tussen initiatiefnemers en gemeente is afgesproken welke duurzaamheidseisen hiervoor gelden. Denk daarbij aan aspecten als 25% hoger de eis qua energieprestatie dan het bouwbesluit voorschrijft. Gasloos bouwen. 50% duurzame opwekking van energie, 10% scherpere milieuprestatie en circulariteit, voorwaarden t.a.v. vasthouden van regenwater et cetera. Ik rond af. We willen u meegeven alle belangen goed af te wegen en daarbij ook te denken aan vele onderzoeken en deskundigen die betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van het plan. Passend binnen de structuurvisie, nota cultuurhistorie en stedenbouwkundige randvoorwaarden, het proces van inmiddels 3 jaar. Deze ondernemer en het familiebedrijf, de volgende generatie, de mogelijkheid verder te groeien, de werkgelegenheid in Lansingerland. En het aangezicht, wanneer je vanaf de A12 richting Bleiswijk rijdt, dat met deze ontwikkeling zorgt voor een verbeterde uitstraling van de entree van Lansingerland. Ik dank u. De heer Crielaard, L3B: Ik heb nog een vraag over het proces. Ik ben even benieuwd naar wat uw kijk is op het gelopen proces als het gaat om participatie met omwonenden. De voorzitter: Dat is geen verduidelijkende vraag, maar een vraag naar een mening. U kunt misschien iets zeggen over de feitelijke gang van zaken, hoe het proces is gelopen. De heer Houweling: Feitelijk is er met beide buren overleg geweest.

De buren aan de Anjerweg over het geluidsscherm, dat er komt. Die konden daarmee instemmen. Met de andere buren, die ook vandaag inspreken, is tot twee keer toe een overleg geweest, ook met de gemeente erbij. Er zijn handreikingen gedaan en aanpassingen in het plan. Ik kan er best bij zeggen, dat het initiatiefnemer betreurt, dat het niet tegemoet komt aan alle wensen die eraan waren. De heer Ruijtenberg, GL: Dank u wel, meneer Houweling, voor uw inspraak. U heeft aangegeven, dat u gaat voor het minimaal aanvullend niveau qua duurzaamheid. Is er op enig moment een overweging geweest om te gaan naar verbeterd aanvullend niveau? De heer Houweling: Voor het moment nu om vast te leggen in het bestemmingsplan richting gemeente niet. Inspreker 2: De heer Van den Haak: Een heel mooi verhaal, maar er zitten nog wel wat haken en ogen aan, denk ik. Ik kan het niet allemaal verwoorden, want dat hebben wij een poos geleden al gedaan, wat er allemaal aan schort. Wat ik er wel over wil zeggen is wat er in de krant staat. Ik weet niet of jullie gezien hebben hoe groot het wordt. We hebben een grote boerderij, een hele grote boerderij. Het pand stevent boven onze boerderij uit. Het aangezicht van Bleiswijk. De vorige keer waren we op het verkeerde been gezet. Toen kwam ik met foto’s van het aangezicht hoe het zo meteen wordt. Meneer zegt dat het een mooi aangezicht wordt.

Er komen straks vrachtwagens te staan met containers erop. Als je bij Metalex komt, dan moet daar een grote muur omheen, omdat we dat niet willen zien. Dat gaan we gewoon neerzetten daar. Het bedrijf laten groeien, 44 vrachtauto’s. Ik weet het niet, hoor. Volgens mij past het niet. Het pand dat er staat, 5 personen op het kantoor, waarom moet het zo groot? Ik snap het echt niet. De muur, die bij de buren wordt neergezet, natuurlijk, ze krijgen er zelfs grond bij. Wat hebben wij gekregen? 3/19

Niks. De mensen van Lansingerland, die voor jullie werken, de stedenbouwkundige, had al een visie. Dan kunnen we praten als brugman, er komt geen zak van terecht. Helemaal niks. Nogmaals, het pand zoals het nu wordt neergezet, daar valt voor ons gewoon niet over te praten. Ik denk dat we het plan moeten torpederen, we moeten het maar eens opnieuw proberen, want het aangezicht van dat stukje grond, daar klopt niets van, helemaal niks. De initiatiefnemer had gewoon met ons moeten overleggen. Ik hoor 3 jaar, maar volgens mij is het nog langer dan het plan al bekend is. Na aanwijzingen is hij een keer wezen komen praten bij ons. Dat klopt. Waar heb je het dan over? Je staat dan al lijnrecht tegenover elkaar, want er is al beslist. Echt waar. De vorige keer zei ik het eigenlijk ook al, dat gevoel heb ik nu weer: niet wat je kan, maar wie je kan. Inspreker 3: Mevrouw Van den Haak: Ik weet niet of de raadsleden de brief hebben gekregen, die ik naar de commissieleden gestuurd heb, dan hoef ik het daar niet over te hebben. Wij hebben dus uit de krant moeten vernemen dat dit al vanaf 2018 aan de gang is. Uit de krant, jongens. December 2020 werden wij pas verwittigd, toen was dus al beklonken dat het pand zo moest komen te staan. Ja, waar hebben we het dan over? Dat heb ik de vorige keer ook al gezegd tegen de commissieleden van ruimte: we praten tegen een muur. Het staat al vast.

Waarom is een stedenbouwkundige, wat hij zegt, waar, heilig bijna, want er wordt niets aan veranderd. Dan wordt er gezegd: de stedenbouwkundige heeft ervoor geleerd, dus die heeft het juist. Ja, een arts heeft ook geleerd voor zijn vak, maar ook een arts maakt fouten, dan mag hij blij zijn dat hij terug mag komen op de fouten die hij gemaakt heeft. Laat de stedenbouwkundige hier nog een keer naar kijken. Kijken of er echt niet iets anders mogelijk is, want er zijn aan de Hoefweg nog meer boerderijen, waar een schuur naast de boerderij staat. Het huis van onze buurman was vroeger onze schuur, van dat perceel, van Hoefweg 182. Dat staat naast elkaar. Waarom kan dat in dit geval ook niet? Ik weet niet of de stedenbouwkundige er ook naar gekeken heeft, maar ons huis is niet onderheid, het staat op palen. Als daar dus naast geheid wordt op zo’n korte afstand, wat gebeurt er met ons huis? Dan moeten we planschade gaan indienen. Ja, dan ben ik bejaard en dan is het nog niet geregeld, want dat gaat de initiatiefnemer ook aanvechten. Wij verliezen te allen tijde. Als dit niet veranderd wordt, als dit niet veranderd kan worden, omdat er vastgehouden blijft worden aan het plan van de stedenbouwkundige. Had ons er in het begin bij betrokken, dan had dit zoveel kopzorgen gescheeld van alle kanten. Wat mijn man zei: we hebben veel gesprekken gehad met de gemeente en ook met initiatiefnemer.

Hij liet een paar keer verstek gaan, toen zei hij: als de afspraak ’s avonds kan, graag, dan kan ik erbij zijn. Oké, nu is zijn dochter ziek, maar de afgelopen paar vergaderingen was zijn dochter niet ziek. Waar was hij toen? Het gaat over zijn plannen. Als ik plannen indien en er wordt over vergaderd, dan moet ik erbij zijn, zeker als ik weet dat er mensen tegen zijn, dan wil ik proberen om met de mensen om tafel te gaan, wat er anders kan. We blijven in herhaling vallen. Echt, laat de stedenbouwkundige er naar kijken, of echt niet iets anders mogelijk is. Dank u wel. Inspreker 4: De heer Visser: Goedenavond allen. Ik moet even wennen aan het geluid van mijn eigen stem, dat ben ik niet gewend. Na 2 avonden dat ik mijn buren heb bijgestaan door hier bij aanwezig te zijn, heb ik zoiets van: het wordt tijd dat ik ook wat zeg. Bij de laatste vergadering kookte mijn bloed toch wel een beetje toen er gesproken werd, dat we niet op de stoel van de stedenbouwkundige moesten gaan zitten. Ik weet ook wel, stedenbouwkundige, vaak richtlijn gevende en bindende bepalingen, die maakt hij. Helaas weet ik ook, dat stedenbouwkundigen niet heilig zijn. Ik kom zelf uit Den Haag, daar komen de grootste stedenbouwkundige missers ook vandaan.

Pratend over de zwarte Madonna, het Haagse stadhuis, maar in Amsterdam is het ook een keer fout gegaan met de Bijlmer, de binnenstad van Almere en zo zijn er nog heel wat stedenbouwkundige missers te vinden. Voor mij is een stedenbouwkundige dus niet helemaal heilig. Daar werd ook van alles door de strot gedrukt en achteraf had de burger het nakijken met de grote mislukkingen. Ik ben zelf medewerker op een universiteit, een wetenschappelijke omgeving. Hier kom ik op grote schaal verdeeldheid tegen tussen theorie en praktijk. Wetenschappers zijn er in theorie heilig van overtuigd dat iets moet werken en onderzoekers krijgen het daadwerkelijk in de praktijk niet voor elkaar. Gewoonweg omdat wetenschappers zich blind staren op materie, dat het zo moet zijn, en niet meer bij hun oerverstand te raden gaan om te kijken hoe het daadwerkelijk echt is. Dit heeft tevens te maken met wat men verstaat onder historisch lint en historisch aanzicht. In mijn zienswijze lijkt het mij, dat als je historie belangrijk vindt, dan is het vooral de aankomstroute, dat je die in tact wilt houden. Dat je juist de oude boeren bewoningen in het zicht houdt en dat je ze niet verstopt achter een mega belachelijk groot nieuwbouwproject. Begrijp me goed, ik ben niet tegen de bouw, maar wel tegen de positionering, de beweegredenen waarom het gebouw zo moet komen.

Het wordt tijd om creatiever om te gaan met het aanzicht en de identiteit van Bleiswijk. Er valt zeker nog wel wat te doen en te draaien en aan te passen met daklijnen of wat dan ook gelijk aan de kassen. Creativiteit, dat zou ik graag willen zien eigenlijk. Iets wat me ook een beetje tegen de borst stuit is de aanwezigheid van initiatiefnemer in dit hele verhaal. Ik had hem echt toch wel verwacht, dat hij hier zou komen met verzachtende verhalen, waarom het moet. Sorry, ik mag één ding hier niet zeggen, maar ik ben ook de achternaam van deze heer tegen gekomen op een stembiljet van een bepaalde partij. Helaas, ik mag hier geen conclusies aan verbinden, maar het is een stukje boerenverstand. De kosten van de initiatiefnemer, 4/19

ja, als alles weer opnieuw gedaan moet worden, dat is bedrijfsrisico. Dat is daadwerkelijk, als je met eigen vergunningen bezig bent, dan heb je ook te maken met, als het afgekeurd wordt, dan moet je opnieuw berekeningen laten maken, tekeningen laten maken. Dat zou dan maar voor deze buurman ook maar moeten gelden. Ik heb eigenlijk zoiets van: laten we met zijn allen eens participeren, zoals de koning het zo mooi gezegd heeft. Wij, de buurt, zijn niet tegen de verandering van het bestemmingsplan. Zelfs bouw, bedrijvigheid op dat terrein, daar zijn we ook niet tegen. Wij geven al heel wat toe. Als we er dan voor zorgen, dat de bouw gesitueerd wordt, zodat wij blij zijn, dan is iedereen blij, dan zijn we met zijn allen weer mens. Dit was hem. De voorzitter: Zijn er vragen? U bent helder geweest. Dank u wel. Dan zijn we aan het einde van dit agendapunt. Het agendapunt waarin dit onderwerp besproken zal worden komt straks aan bod. 5. Vaststelling van de agenda De heer Ruijtenberg, GL: Ik wil graag een motie vreemd indienen namens de PvdA, CU, WIJ, D66 en GL met als onderwerp menstruatiearmoede in armoedebeleid. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik heb 2 mededelingen. Mijn fractie was van plan om een amendement in te dienen bij de verordening sociaal domein 2023. Het amendement beoogde om de tegenprestatie, het artikel daarover, uit de verordening te halen.

De tekst rook teveel naar ‘voor wat, hoort wat’. Inmiddels hebben wij antwoorden gekregen van het college, waaruit blijkt dat de gemeente wettelijk verplicht is om dit op te nemen. Het blijkt ook, dat in de praktijk de tegenprestatie niet wordt toegepast, omdat het niet past. Het staat eigenlijk haaks op de visie van het college. De voorzitter: Dit is slecht het vaststellen van de agenda. Een aankondiging dat u iets niet gaat indienen, is al wat overbodig. De aankondiging dat u hem niet gaat indienen, is helder voor de raad. Mevrouw Verhoef: Dat klopt. Dan heb ik hem ook mooi toegelicht, dank u. Wij zouden ook een motie vreemd aan de orde indienen, samen met CU. Dat was een motie vreemd aan de orde, omdat wij van mening waren dat de uitwerking van de plannen om de energiearmoede in Lansingerland aan te pakken nog niet geheel in lijn was met de toezegging die wij van wethouder Hoek hadden gekregen. Inmiddels hebben wij telefoontjes gehad van de wethouder en een brief van het college. Onze zorgen zijn weggenomen. Ook de midden inkomens worden geholpen met de nieuwe regeling. Dus wij gaan de motie niet indienen. De voorzitter: Dan constateer ik in ieder geval dat het niet indienen van een amendement betekent dat agendapunt 8.d naar de hamerstukken zou kunnen worden verplaatst als u daarmee instemt.

De motie vreemd van de heer Ruijtenberg kan dan het nummertje overnemen, die zetten we dan op 8.d met die aantekening, dat weet de heer Ruijtenberg, het feit dat het op de agenda kan worden geplaatst is ook het antwoord daarop, maar wel met de aantekening dat het niet de gewoonte is dat wij een discussie hebben afgerond in de ene maand we de discussie de volgende maand op een andere wijze of met een ander instrument weer over doen. Ik begrijp de beweegredenen, daarom heb ik hem op advies van de griffier hier toegelaten, maar ik raad u wel aan discussies in de raad af te ronden, goed af te ronden. Maar soms zijn er omstandigheden waarom we er een maand later op terug willen komen. Af en toe maken we een uitzondering. Ik zou u willen voorstellen de agenda als zodanig te wijzigen. Het oude punt 8.d naar de hamerstukken en het nieuwe agendapunt 8.d de motie vreemd over menstruatiearmoede. Kunt u daarmee instemmen? Dat is het geval. Dan stellen wij de agenda zo vast. 6. Vaststelling verslag vorige vergadering d.d. 3 november 2022 De heer Meuldijk, L3B: Nu ben ik goed in contact met mijn vrouwelijke kant, maar het moet me van het hart, dat in de verslaglegging staat dat mijn zeer gewaardeerde voorganger mevrouw Van Rooijen aanwezig was in plaats van dat ik aanwezig ben. Het lijkt me goed om dat even aan te passen. De voorzitter: Ik ben er getuige van dat u gelijk heeft.

De heer Ruijtenberg, GL: Ik wilde reageren op de informatiebrief n.a.v. de toezegging van wethouder Hoek over de uitkomsten onderzoek maatregelen energiecrisis. Daar wilde ik het college en dan met name wethouder Hoek een compliment geven. We hebben op 20 oktober de motie terug getrokken met de toezegging en het pleidooi van de heer Hoek, dat hij hierop in zou gaan. Hij zag dit eigenlijk als ondersteuning van het beleid. En hij heeft een toezegging gedaan om 14 november met een brief te komen. De brief is keurig op tijd binnen gekomen, de maatregelen die erin staan, zeker met de verheldering van de heer Hoek en toelichting, wat wij graag zouden willen, die zijn in overeenstemming. Ik ben blij, zoals mevrouw Verhoef al zei, dat er inderdaad maatregelen genomen worden, waarmee mensen die het echt treft daarmee geholpen worden. Een compliment voor het college, met name voor wethouder Hoek. De voorzitter: In het belang van wethouder Hoek laat ik u uitspreken. Ik beschouw dit maar als ‘naar aanleiding van het verslag’, dat kennen we niet, maar met dat mevrouw Verhoef het al tot een bespreekpunt heeft gemaakt van het niet indienen van moties en amendementen, dan kan deze er ook nog bij. Ook daar zeg ik wel: laten we dat beperken. Maar ik denk dat de heer Hoek wel gelukkig is 5/19

geworden van uw woorden. We stellen het verslag met de wijziging van de heer Meuldijk vast. 7. Lijst ingekomen stukken en overzichten afhandeling toezeggingen en moties De voorzitter: Iemand hierover? Dat is niet het geval. Dan stellen we de lijst ingekomen stukken vast. 8. Bespreekpunten: 8.a Vaststellen bestemmingsplan Buitengebied Bleiswijk 1e partiële herziening Hoefweg 184-186 De voorzitter: U weet, dit gaat over een wijziging van een deel van het bestemmingsplan, dat uit 2017 stamt. Het doel daarvan is op dit perceel de bestemming van agrarisch en glastuinbouw te vervangen door een bedrijfsbestemming en ook bebouwing mogelijk te maken. In de commissie is dit twee keer besproken uitgebreid, ook n.a.v. een bezoek aan de familie Van den Haak. De vragen zijn naar voren gebracht en besproken, over de mogelijkheden en onmogelijkheden, over de verplaatsing van het pand en andere maatregelen in relatie tot de lintbebouwing. De argumenten zijn in de commissie uitgewisseld. Het is nu tijd dat u over gaat tot besluitvorming. Dat doen we aan de hand van eventuele wijzigingen, aanvullingen op het voorstel. De heer Ruijtenberg, GL: Gezien het feit dat we er al uitgebreid over gesproken hebben in twee commissievergaderingen zal ik me echt beperken tot de motie. M2022-042 De raad van de gemeente Lansingerland, in vergadering bijeen d.d.

24 november 2022, gehoord de beraadslaging, overwegende dat in het raadsvoorstel is opgenomen dat duurzaamheid niet van toepassing is. De gemeente Lansingerland de ambitie heeft om in 2050 een CO2-neutrale Gemeente te zijn. Hiervoor is de duurzaamheidsvisie 'Lansingerland duurzaam' opgesteld, die op 18 juli 2019 door de gemeenteraad is vastgesteld. Door inzet op de thema's energietransitie, circulaire economie (waar het gebruik van biobased materialen onderdeel vanuit maakt) en klimaatadaptatie wil de gemeente ook voor de toekomst de kwaliteit van wonen en onze aantrekkelijke leefomgeving behouden en de impact op het milieu en het klimaat minimaliseren. Dat betekent de overgang van fossiele bronnen naar energie uit hernieuwbare bronnen, gesloten grondstofkringlopen met een zo hoog mogelijk behoud van waarde en de aanpassing aan klimaatverandering om de negatieve effecten hiervan op te vangen, zodat een zekere mate van klimaatbestendigheid ontstaat. Daarbij geeft de gemeente zelf het goede voorbeeld, maar vraagt de gemeente ook iets van andere partijen.

Met de duurzaamheidvisie in het achterhoofd is de afspraak zoals benoemd in het bestemmingsplan onder duurzaamheid 7.9.2 "Tussen de initiatiefnemer en de gemeente is afgesproken de duurzaamheidseisen van het 'minimaal aanvullend niveau aan te houden" onvoldoende ambitieus en zou men op zijn minst naar het verbeterde niveau moeten. Rekening houdend dat de productie van bouwmaterialen en de bouw zelf voor 11% van de wereldwijde CO2-uitstoot verantwoordelijk is en daarmee duurzaamheid tijdens de bouw van het allerhoogste belang is en dat gebruik makend tijdens de bouw van bio-based materialen de uitstoot van CO2 niet alleen verminderd gaat worden maar zelfs de opslag daarvan mogelijk gaat worden. Verzoekt het college om met de initiatiefnemer in gesprek te gaan om de tijdens de bouw zoveel als mogelijk is bio-based materialen te gebruiken om daarmee de het gebouw CO2 neutraal en indien mogelijk zelfs positief te maken. Om met de initiatiefnemer in gesprek te gaan om als bio-based niet lukt om dan in ieder geval het verbeterde niveau aan te houden en niet het minimaal aanvullend niveau. De raad einde Q1 2023 schriftelijk te informeren over de nadere afspraken over duurzaamheid. En gaat over tot de orde van de dag. Dat is de motie. Ik wil een kleine reactie geven.

Er is vandaag een suggestie gewekt, dat op het moment dat je lid bent van een politieke partij, dat je dan anders als partij naar dingen gaat kijken. Dat is een suggestie die ik verre van me wil werpen. Iedereen, wie dan ook, heeft het recht om lid te zijn van een politieke partij en heeft het recht om actief te zijn voor een politieke partij, ongeacht wat je statuut is in de maatschappij. Ik vind dat we daar heel voorzichtig moeten zijn, om daar iets te impliceren wat niet bedoeld is en waarvan ik me kan voorstellen dat inspreker dat ook niet bedoeld heeft. Daar wil ik het bij laten. De heer Van Harn, CDA: Dat het voorliggende bestemmingsplan Hoefweg 184-186 zoveel voeten in aarde zou hebben, dat had ik van tevoren niet voorzien en waarschijnlijk velen met mij. Twee commissies ruimte en een werkbezoek aan de naaste bewoners op locatie zijn hieraan vooraf gegaan. Ook heb ik niet voorzien dat wanneer je iets niet doet minstens zoveel reacties oproept als wanneer je iets wel doet. Ik doel hier natuurlijk op het niet ophogen van het gebied, waar het nieuwe kantoor met bijbehorende parkeerplaatsen is voorzien. Ik was er met mijn fractie heilig van overtuigd dat het niet ophogen beter zou zijn voor het zicht op de historische boerderij Hoefweg 182, die onderdeel is van het historisch lint Hoefweg.

Ook was ik van mening, dat het wellicht één van de bezwaren van de naaste bewoners enigszins zou verzachten. Echter, uit het juridisch advies dat is ingewonnen na beantwoording van een aantal door mij gestelde technische vragen blijkt dat de nadelen van het niet ophogen groot zijn. De voordelen worden in het advies weerlegd. Daarop gebaseerd heb ik besloten mijn amendement t.a.v. dit 6/19

bestemmingsplan in te trekken. Maar nu de motie van GL, duurzaamheid kan nooit niet van toepassing zijn. De fractie van het CDA begrijpt GL, de initiatiefnemer van deze motie. Daarom de vraag: waarom is hier gekozen voor het minimale aanvullende niveau? De initiatiefnemer geeft zelf op een ander vlak niet echt blijk van het minimale te zijn, bijvoorbeeld met de afmetingen van het nieuwe geplande kantoorpand. In de duurzaamheidsvisie Lansingerland Duurzaam worden er meerdere malen alinea’s aangehaald zoals: wij stimuleren innovaties die duurzaamheid bevorderen. En: wij geven het goede voorbeeld en kiezen voor duurzaam waar het kan. Ik ben dan ook zeer benieuwd naar de reactie van de wethouder m.b.t. deze motie. Dank u wel. Mevrouw Den Heijer, D66: De heer Van Harn heeft een heel mooie aftrap gedaan. Hij heeft ook toegelicht dat we hier met elkaar een intensieve discussie hebben gevoerd over dit belangrijke stukje Bleiswijk. We hebben met elkaar gekeken, we hebben met elkaar onderzocht, we hebben heel veel technische vragen gesteld, we hebben het echt goed op ons door laten werken. We moeten met elkaar, volgens mij, concluderen dat we toch met dit bestemmingsplan kunnen instemmen zoals het nu voor ligt. We betreuren nu wel, dat we de buren niet tegemoet kunnen komen in hun wensen, maar we hebben dit zorgvuldig met elkaar overwogen en bekeken.

Dit is dan de conclusie die we met elkaar moeten trekken. Wij als D66 zullen instemmen met dit bestemmingsplan. Wat ook nog meeweegt hierin, dan gaan we misschien toch een stukje commissie overdoen, is dat er anders een kas zou kunnen hebben gestaan. Ook dat is een hele impactvolle ontwikkeling. Dan over de motie duurzaamheid. We vinden het ook een sympathieke motie. Duurzaamheid is natuurlijk belangrijk, om dat altijd onder de aandacht te brengen. In de commissie heeft de wethouder toegezegd, dat er niet vaker ‘niet van toepassing’ mag staan. Dat mag gewoon niet meer, duurzaamheid is altijd van toepassing. Maar daar hebben we een toezegging op gehad van de wethouder, dus daar waren we al heel tevreden mee. Dit is een motie die een beetje achteraf komt. We hebben met elkaar een duurzaamheidsvisie vastgelegd. Om nu op casusniveau te gaan bekijken, ik ben even benieuwd hoe de wethouder daarmee omgaat, of dat we niet een bredere discussie moeten voeren of we onze duurzaamheidseisen niet in het algemeen hoger moeten gaan stellen. Daar kijk ik even de discussie aan. De heer Ruijtenberg: Ik vraag me ten eerste af wat mevrouw Den Heijer bedoelt met ‘een motie achteraf’. Vreemd, dat begrijp ik niet helemaal. In de motie wordt ook gevraagd: we kunnen ook naar verbeterd aanvullend niveau. Dat is ook wat we vastgesteld hebben als raad.

Mevrouw Den Heijer: Ik heb dat niet zo scherp, op welk niveau we afspraken hebben gemaakt. Ik wil even afwachten wat de wethouder daar op te melden heeft. Uw eerste vraag, achteraf. Daarmee bedoel ik dat er nu al in het bestemmingsplan afspraken zijn gemaakt en je wilt eigenlijk meer op visieniveau met elkaar afspreken welke norm je wilt stellen in plaats van dat je dat per casus bekijkt. Dat bedoel ik met achteraf, want anders krijgen we bij elk bestemmingsplan dat we nieuwe afspraken gaan maken over duurzaamheid, maar je wilt gewoon dat het duidelijk is vooraf bij elke ontwikkeling: zo doen we dat in Lansingerland. Dat bedoel ik met achteraf. Mevrouw Verhoef, PvdA: We hebben inderdaad uitvoerig gesproken over dit onderwerp, al een aantal malen. Mijn fractiegenoot Hamid Azzouzi is op bezoek geweest bij de familie Van den Haak, dus ik houd nu een heel korte eerste termijn. Ik wil ook niet betwisten dat veranderingen aan het bedrijfsterrein een verbetering zijn en dat het van belang is voor de familie Dammes, dat het voor hen betekent dat ze hun bedrijf kunnen uitbreiden, dat is natuurlijk altijd positief. Maar het is ook duidelijk dat er een heel groot gebouw tegen het perceel van de familie Van den Haak wordt aangezet, dat uitzicht gaat ontnemen en in onze ogen een stuk van de privacy weg gaat nemen.

In het vorige debat, waar ik goed heb geluisterd, ik zat naast meneer Xhemaili die de woordvoerder was, ik heb goed geluisterd naar wethouder Cnossen. Het is voor mij op dat moment niet duidelijk geworden, dat het technisch niet anders kan, dat het technisch onmogelijk is om meer tegemoet te komen aan de wensen van de familie Van den Haak, die zelf ook met suggesties is gekomen om dat pand iets anders te positioneren. Dus niet van: er mag hier niets komen. Maar: kom ons iets meer tegemoet. Mijn fractie heeft nog eens teruggedacht over dat debat en we hebben tegen onszelf gezegd: is hier nou wel gehandeld in de geest van de nieuwe omgevingswet, die op zich nog helemaal niet van kracht is, maar waar we het al jarenlang over hebben. Los van die omgevingswet: wat is er nou eigenlijk gedaan om echt in een vroeg stadium deze omwonenden mee te nemen in het plan, bijvoorbeeld al vanaf 2018? Dat is pas later gebeurd. Wie toetst nou eigenlijk of we daar voldoende rekening mee hebben gehouden? Met we bedoel ik de ondernemers, de architect en iedereen die erbij betrokken is. In de ogen van mijn fractie ligt het verlies toch met name bij de familie Van den Haak. Nogmaals, het wordt er netter op, maar het zicht op de historische boerderij wordt ons, als mensen Bleiswijk binnen komen rijden, ontnomen en de fietsers die daar langs komen. Ik neig heel sterk naar het plan niet te steunen.

Ik wil tegen de heer Ruijtenberg zeggen: de motie had moeten zijn: duurzaamheid is altijd van toepassing, waar het kan op het hoogste niveau. Ik zou uw motie zeker gaan steunen, maar als ik het plan niet steun, dan is dat misschien overbodig, maar ik zal hem in de geest zeker steunen. Dank u wel. De heer Markus, CU: Het is al door meerderen gememoreerd, er zijn al meerdere commissies ruimte aan dit onderwerp gewijd. We hebben er als fractie lang en zorgvuldig over gesproken. Alles tegen elkaar afwegend zullen wij voor dit bestemmingsplan gaan stemmen. Dan rest mij nog een paar punten. Ik dank 7/19

de heer Van Harn van zijn zorgvuldige uitwerking van het wel of niet verdiept aanleggen of op het huidige niveau aanleggen. Ik denk dat dat een mooie manier van werken is, dat je het goed uitzoekt en dat je dan beseft dat een amendement technisch geen zin heeft en dat we het daarom niet meer met elkaar over hoeven te hebben. Daar dank ik hem voor. Dan nog even over de motie duurzaamheid. Helder. Er is al toegezegd dat het niet van toepassing is, dat het niet meer gaat voorkomen. Er wordt nu voorgesteld om in gesprek te gaan en dat terug te koppelen. Ik weet niet of je een motie voor zulke dingen moet indienen, want dan ga je het college opdragen het gesprek aan te gaan. Ik hoor van initiatiefnemer dat hij er best voor open staat. Dan moet hij dat weer terugkoppelen. Ik weet niet of dat nou de manier is waarop we dat met elkaar willen en moeten gaan doen. Ik sluit een beetje aan bij wat D66 aangaf: het is goed om een keer los van deze casus door te spreken hoe we met dit soort plannen omgaan. We hebben het hier al vaker over gehad, dat een bestemmingsplan niet altijd in lijn is met wat we met de duurzaamheidsvisie beogen. Wat ons betreft is de motie niet het middel om het op deze manier te doen. Ik weet ook niet of je hiermee je doel gaat bereiken, dat je denkt te willen. Dat was het voor de eerste termijn. Dank u wel.

De heer De Graaf, VVD: In eerdere vergaderingen over andere plannen hebben we al opgemerkt, dat in breiding in onze gemeente impact heeft op de leefomgeving van onze bewoners. Maar we zien ook bij deze casus dat we bij ontwikkelingen buiten de kernen ook inbreuk doen op de leefomgeving van onze inwoners. Familie Van den Haak heeft een aantal keer ingesproken, daar kwam emotie bij en daar hebben we als VVD zeker begrip voor, daar wil ik helemaal niets aan af doen. Toch is de VVD voor het plan dat voor ligt. Om recht te doen aan het onderwerp en alle eerdere gesprekken ga ik niet de commissie overdoen, maar wil ik het toch even kort afpellen. De rol van de raad is allereerst de controle over het proces. Als we kijken naar de stukken die voor liggen, de zienswijzen en dergelijke, kunnen we vast stellen dat er correct is gehandeld vanuit gemeente en college. De tweede rol, die we hebben als raad, is controle op de kaders die we hebben meegegeven. We hebben een aantal jaar geleden de uitgangspunten voor deze ontwikkeling vast gesteld en we kunnen vast stellen dat er binnen die kaders een plan is opgesteld. Dat is helder. Mevrouw Verhoef: U noemde: het proces is zorgvuldig gevolgd. U noemde de zienswijzen, die zijn netjes ingediend. Ik ben het met u eens, dat dat deel van het proces goed is gevolgd, er was tijd om zienswijzen in te dienen en er is een reactie op gekomen.

Hoe kijkt u naar het stuk: heel vroeg bij plannen de omwonenden betrekken en kijken of er samen wat meer naar elkaar toe getrokken kan worden. Hoe kijkt u naar dat deel van het proces? De heer De Graaf: Daar kan ik heel kort wat over zeggen. Het doel van het eerste punt was vooral om vast te stellen dat in formele zin correct is gehandeld. Daarmee zeg ik niets over participatie en of dat beter had gekund. Waar we nu staan, zo tegenover elkaar, dat had zeker beter gekund. Het laatste punt dat ik wilde noemen, als wij het plan vanavond vast stellen, zouden stellen, dan ligt er nog genoeg ruimte in de rest van het proces om met elkaar daarbinnen nog maximaal te kijken wat er nog mogelijk is om nader tot elkaar te komen. Ik maak mijn betoog even af. Derde, het meest lastige: het wegen van belangen. Dat zijn de belangen van de families Van den Haak en Dammes, maar ook het belang van de gemeente laten we heel zwaar wegen. De gemeente heeft de taak om te zorgen voor ordentelijke, goede ruimtelijke ordening. Dat is een heel subjectief begrip. Stedenbouwkundige, het was ik die zei dat dat een beroep is, waar je een bepaalde mate van respect voor moet hebben, maar het is geen exacte wetenschap. We moeten als raad zeker goed na blijven denken. Als we naar het plan kijken, dan is dat het plan dat voorligt voldoende solide is en past in het begrip goede ruimtelijke ordening.

Een ander belangrijk argument, daar werd door andere partijen al even aan gerefereerd, dat is het feit, het recht dat geldt op dat perceel, die kas zou ook gebouwd kunnen worden op heel korte termijn. Als we kijken naar het nieuwe plan, dan is het in die zin beter. Hoewel beter in dit geval ook een subjectief begrip is, want het is net hoe je de schuur of de kas ten opzichte van elkaar weegt en beleeft als buren. Al met al een complex dossier. Alles overwegende zijn we om die reden voor. De motie van GL, om daar nog even bij stil te staan. Wij hebben er sympathie voor, is de juiste bewoording in dit huis. We gaan een beetje mee met de opmerkingen en overwegingen van de andere partijen. Ik denk dat in deze tijd de duurzaamheidsambitie heel serieus genomen moet worden, daar mogen en moeten we best grote stappen in zetten als gemeente. Als we kijken waar we staan in dit proces, dan is dit een onderwerp dat we vooral aan de voorkant kaderstellend goed moeten regelen. We vinden het plan dat nu voor ligt, de duurzaamheidsplannen die er nu in zitten, voor nu voldoende. Het zou misschien beter kunnen, maar we vinden het niet zwaarwegend genoeg om mee te gaan met de motie van GL. We vinden het heel sympathiek, we denken graag na over hoe we op kaderstellend niveau het in het beleid beter kunnen verankeren, maar voor nu gaan we niet mee met de motie. Dank u wel.

De heer Crielaard, L3B: In de commissiebespreking sloot ik af dat dit dossier leidt tot een lastige afweging, want je ziet dat belangen tegenover elkaar staan. Enerzijds, het is al vaker genoemd, je hebt die kwalitatieve impuls als je die ontwikkeling gaat doen op het nu rommelige terrein. Maar tegelijkertijd wil je het liefst dat het plaats vindt met instemming van de omgeving. Om daar nog even kort iets over te zeggen, wil ik nog een kort punt maken over het proces. Ik zal zeker de commissiebehandeling niet over doen, maar het is al eerder vanavond gezegd, het participatietraject, het voelt voor mij nog niet helemaal bevredigend. Natuurlijk, er is een heel traject geweest, dat heeft 8/19

de wethouder in de commissiebehandeling heel goed uitgelegd. En ja, participatie wil ook niet zeggen dat je er altijd met elkaar uitkomt, maar toch voelt het een beetje wrang. Ik hoor zeggen: we hebben gekeken naar de vastgestelde beleidskaders, we hebben gekeken naar wat er in de cultuurnota staat. Formeel klopt het allemaal en toch voelt het alsof daarmee een stok gebruikt wordt: daarom gaan we niet verder kijken hoe we handreikingen willen doen. Dat is het gevoel dat overblijft. Ik denk dat daar nog een les in kan zitten: hoe kunnen we ervoor zorgen dat participatietrajecten in het vervolg beter worden? Dan over het voorstel. Ik zal alle argumenten die ook vanavond weer ter tafel zijn gekomen niet herhalen. Het is een lastige afweging, maar we moeten als raad kijken en afwegen waarmee we het beste het algemeen belang dienen. Als fractie heeft dat ertoe geleid dat wij het besluit hebben genomen voor dit voorstel te stemmen. Dan nog de motie van GL. Heel kort in mijn eerste termijn. In de raadsinformatiebrief die we gehad hebben, staat het e.e.a. over duurzaamheid. Zoals ik die lees zijn dat goede ambities. De wethouder heeft ook gezegd: wat er in de brief staat, dat zijn de afspraken die we met initiatiefnemer maken. Ik hink nog een beetje op 2 gedachten.

Hebben we deze motie nu echt nodig? Natuurlijk, we hebben een ambitieuze duurzaamheidsvisie, maar hebben we deze motie daarbij nodig? Dus ik ga nog even aanhoren wat de wethouder daarover gaat zeggen. Dank u wel. Mevrouw Boonstra, WIJ: In de afgelopen periode hebben wij in de commissie ruimte twee maal het bestemmingsplan Hoefweg 184-186 ter bespreking gekregen. Raads- en commissieleden hebben het dossier goed gelezen en hebben serieus bij dit vraagstuk stil gestaan. We hebben aan het college vragen gesteld, die helder en duidelijk beantwoord zijn. We zijn te gast geweest bij de bewoners van Hoefweg 182. Het kantoorgedeelte is in de planvorming op verzoek van de buren iets verder van de erfgrens gepositioneerd. We hebben van de architect en van de initiatiefnemer begrepen, dat om de buren nog iets meer tegemoet te komen er de bereidheid is om de kleur van het gebouw aan te passen. De uitleg over de huidige positionering van het gebouw met de geluid dempende functie was in onze ogen helder en zeer aanvaardbaar. Mijn fractie is het met de woordvoerder van de VVD in de commissie ruimte eens, dat de raad niet op de stoel van de stedenbouwkundige moet willen gaan zitten en wij ons moeten beperken tot een juiste belangenafweging bij dergelijke projecten en zullen voor vaststelling van dit bestemmingsplan stemmen. M.b.t. de motie van GL wachten wij het antwoord van de wethouder af.

Dank u wel. Beantwoording college Wethouder Cnossen: Dank aan de raadsleden en aan de commissie ruimte voor de zorgvuldige behandeling van dit bestemmingsplan. De heer Markus noemde het al, ik kijk ook even bewust naar de heer Van Harn die diep is gaan uitzoeken hoe het nou precies zit met wel of niet ophogen. Ook dank aan de griffie dat we dit proces op deze manier hebben kunnen lopen. Belangrijk. Er zijn een paar vragen gesteld, maar het lijkt me handig als ik op de motie inga, want daar gaan de meeste vragen over. In de eerste commissiebehandeling heb ik al direct benoemd dat het mij ook zeker vreselijk stoorde, dat in het raadsvoorstel bij duurzaamheid ‘niet van toepassing’ staat. Ik kan u vertellen: dat zijn van die dingen, die zien we gewoon over het hoofd. Toen u het zei dacht ik ook: stom, want dat moet gewoon ingevuld zijn. Laat dat helder zijn. Heb ik bij de eerste commissiebehandeling ook benoemd. Ik denk dat deze ezel zich niet een tweede keer aan deze steen zal stoten. In elk geval is dat helder. Daarbij hebben we ook met elkaar gewisseld, dat in al die pakketten papier die erbij zitten, al die onderzoeken, heel veel is geschreven over datzelfde onderwerp duurzaamheid. Het belang duurzaamheid staat hier in deze raad niet ter discussie, niet bij het college, ook niet bij u.

We hebben het in de raadsinformatiebrief ook nog even kort samengevat, een verwijzing naar paragraaf 7.9. U haalt er net een puntje uit waarvan u zegt: die duurzaamheidseis kan wat hoger. Er is ook een aantal punten waar de duurzaamheidseis gewoon op niveau zijn, verbeterd aanvullend niveau, klimaatadaptatie. Ik ga het niet voorlezen, dat kunt u zelf. Maar het belangrijkste is, dat heeft een aantal woordvoerders ook aangegeven, dat in dit hele bestemmingsplanproces gehandeld is volgens uw eigen beleidskaders. U heeft zelf bijvoorbeeld een beleidskader duurzaamheidseisen vrije kavels Lansingerland vastgesteld. Deze afspraken ligt al vast in de anterieure overeenkomst. Alle beleidskaders duurzaamheid, die u in deze raad heeft vastgesteld, zijn van toepassing op deze casus. Daarom ontraadt het college u deze motie. Dat we niet op casusniveau daarnaar moeten kijken, maar misschien nog eens terug halen: moeten onze kaders aangepast worden, want in deze huidige tijd verandert er heel vaak wat. Dus vanuit het college ontraad ik u deze motie. Ik hoorde de heer Markus ook iets zeggen, dat terugkoppelen. Ik vind het niet zo passend op casusniveau, dat moeten wij op een iets hoger niveau tillen. Zeker, dit is van grote waarde. Collega Muis is behandelend wethouder daarvoor. Het is mijn rol om in de bestemmingsplanprocessen al deze kaders goed te laten toepassen. Dat over de motie.

Meneer Van Harn, u vroeg ook naar minimaal aanvullend niveau. Ik denk dat dat beantwoord is, dit zijn op dit moment de kaders waar dit plan aan moet voldoen. De handtekening met de anterieure overeenkomst is eronder gezet, dat dit gaat gebeuren. Mevrouw Den Heijer noemde het casusniveau, dat had ik zelf ook als eerste in mijn hoofd, om dit niet op dit niveau te bespreken maar op wat hoger niveau. Bij mevrouw Verhoef heb ik geen vragen gezien, u lijkt tegen te stemmen. Duurzaamheid is altijd van toepassing, daar zijn we het heel erg met elkaar over eens. Bij meneer De Graaf heb ik geen vragen gezien. Meneer Crielaard, u wacht af wat ik over de motie zou 9/19

zeggen. Dat geldt ook voor mevrouw Boonstra. Ik denk dat ik de vragen beantwoord heb en ik hoop voldoende de motie toegelicht. De heer Crielaard: Wat ik zei over het participatietraject was natuurlijk een oordeel en geen vraag aan de wethouder, maar ik zou de wethouder toch willen vragen of zij daar kort op kan reageren. Hoe zij kijkt naar hoe dit participatietraject is verlopen. Wethouder Cnossen: Als je naar de uitkomst kijkt is dat niet zoals wij dat willen. We hopen dat mensen er in een goed gesprek met elkaar uit komen, laat dat helder zijn. Maar om nu een oordeel te geven over het hele participatietraject, het loopt al een aantal jaren. Stel dat we er nu mee zouden beginnen, dan zou het misschien anders gaan. Maar om dan nu te zeggen, dat het niet goed is verlopen, dat kunnen we op basis van de stukken niet zeggen, maar we horen wel hoe het beleefd wordt. Mevrouw Verhoef: Ik wilde nog heel even doorvragen op wat de wethouder als laatste zei, over het proces van participatie, hoe het beleefd wordt. Maar het heeft natuurlijk wel zijn effect op de uiteindelijke situatie, het uiteindelijke plan dat er nu ligt. Hoe kijkt u daar dan naar? Je kan toch niet zeggen: we kijken alleen naar het proces. Het heeft ook een uitwerking. Wethouder Cnossen: Ik denk dat het met elkaar samenhangt. We kunnen het proces aflopen en de vinkjes zetten: dit is allemaal gebeurd.

Maar wat ik hier probeer te betogen, is dat het uiteindelijk ook om de uitkomst gaat, hoe de mensen beleven dat het proces gelopen is. Dat probeer ik mee te wegen, maar op dit moment kan ik in dit proces dat niet veranderen, omdat de hele bestemmingsplanprocedure is doorgelopen en we staan nu voor een besluit. Tweede termijn De heer Ruijtenberg, GL: Ik wil de wethouder bedanken voor haar beantwoording en voor het feit dat zij nogmaals de toezegging heeft gedaan, dat duurzaamheid altijd van toepassing is en dat ze dit niet meer zal laten passeren. Ik heb goed geluisterd naar wat collega-partijen zeiden. Vanwege die opmerkingen heb ik besloten om de motie terug te trekken. Hij zal dus niet in stemming gebracht worden. Uit het contact dat ik gisteren met de griffie heb gehad, weet ik dat er binnenkort een beeldvormende avond is over duurzaamheid waar o.a. bio-bases bouwen een onderdeel van zal zijn. Naar aanleiding van dat contact zullen we daarna een bespreekpunt gaan maken: hoe gaan we om met duurzaamheid? Ik zal contact opnemen met de wethouder daarover. Hoe gaan we om met duurzaamheid bij bouwplannen en bestemmingsplannen en wat willen we van onszelf? Zeker omdat we echt wel een tandje bij moeten gaan trekken om de duurzaamheidsdoelen te gaan halen. De meeste partijen hebben al aangegeven wat ze willen gaan doen met het plan zelf, of ze het gaan steunen of niet.

Ik heb tijdens de commissievergadering al gezegd wat GL gaat doen. Ik wil nogmaals zeggen tegen de initiatiefnemers: het is voor ons een belangrijke afweging geweest. Aan de andere kant: het terrein is verrommeld en daar moet je iets mee. Dat weten we. We willen de ondernemer echt wel een plek gunnen waar hij kan groeien met zijn bedrijf. Ook dat begrijpen we, dat het belangrijk is voor de werkgelegenheid, belangrijk voor de toekomst van het bedrijf. Het is echt een dilemma wat we daarin hebben. Aan de andere kant zien we dat bewoners geconfronteerd worden met 43 vrachtwagens mogelijk voor hun deur met mogelijke risico’s op het gebied van onderheien. Dan ga je een keuze maken. Kiezen we voor aan de ene kant economie? Aan de andere kant kiezen we voor woongenot en klein geluk. In dit geval is de keuze van GL gevallen op klein geluk. We zullen daarom tegen het bestemmingsplan gaan stemmen. Daar wil ik het bij laten. De voorzitter: Ik constateer dat de motie is ingetrokken. Dat was de aanleiding van deze beraadslaging. Is er nog reden om te spreken? Ik zie dat niet. Dan kunnen we de beraadslaging aan de kant van de raad beëindigen. Ik kijk nog even naar de wethouder, ik denk dat er geen toevoeging meer te geven is. Dan kunnen we overgaan tot de stemming op dit agendapunt 8.a, het vaststellen bestemmingsplan buitengebied Bleiswijk, eerste partiële herziening Hoefweg 184-186.

De griffier is er klaar voor, ik open de stemming. Dat is met 23 stemmen voor en 2 tegen. Ik mis stemmen. Uw pas zit er niet in. We doen hem opnieuw. Met 24 stemmen voor en 2 tegen is het voorstel aangenomen. 8.b Rekenkamerrapport 'Bouwen in beweging', onderzoek naar woonbeleid Lansingerland De voorzitter: Het rapport gaat over de aansluiting tussen vraag en aanbod in de periode 2015-2020. De rekenkamer concludeert dat de aansluiting verslechterde. Op basis van het rapport heeft de rekenkamer aanbevelingen opgesteld. Het voorstel draagt het college op deze aanbevelingen uit te voeren. U heeft daar in oktober uitgebreid over gesproken. De voorzitter: Meneer, u bent niet aan het woord. Dit is de gekozen volksvertegenwoordiging. Wilt u de zaal verlaten? De voorzitter: Waar was ik? De aanbevelingen en de reactie van het college daarop zijn besproken. Het is nu aan de raad om over deze aanbevelingen te besluiten en deze eventueel aan te vullen of aan te scherpen en het college op te dragen daar uitvoering aan te geven. Aangekondigd is een motie. De heer Blonk, L3B: Ik de raadscommissie ben ik uitgebreid ingegaan op de 4 heel goede aanbevelingen van de rekenkamer en die staan in dit raadsvoorstel nog als een paal boven water, vandaar dat de fractie 10/19

voor het raadsvoorstel zal stemmen. Wel willen wij graag een motie indienen die betrekking heeft op het toetsingskader huisvesting arbeidsmigranten. Ik zal de motie voorlezen. M2022-043 De raad van de gemeente Lansingerland, in vergadering bijeen d.d. 24 november 2022, gehoord de beraadslaging, van mening zijnde dat zo snel mogelijk huisvesting voor arbeidsmigranten gerealiseerd moet worden. Constaterende dat in de beleidsnota van 2019 al een grote behoefte aan huisvestingsplekken voor arbeidsmigranten is aangegeven, dat twee marktpartijen al lang geleden initiatieven hebben neergelegd voor de bouw van huisvesting voor arbeidsmigranten; dat de twee marktpartijen de financiering en exploitatie op zich nemen; dat de twee marktpartijen de beschikking hebben over de grond; dat al acht keer een toetsingsprocedure doorlopen is die niet tot een vergunning heeft geleid; dat blijkbaar het huidige toetsingskader niet adequaat is; dat de evaluatie nu dient plaats te vinden om te onderzoeken waar mogelijkheden liggen. Verzoekt het college zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen vier maanden een mogelijk aangepast toetsingskader huisvesting flexwerkers Lansingerland ter vaststelling aan de raad voor te leggen. En gaat over tot de orde van de dag. Is ondertekend door mijzelf namens L3B, Jan Jumelet van WIJ, Ivo de Graaf van VVD, Charles van Harn van CDA en Petra Verhoef van PvdA.

Dank u wel. De heer Jumelet, WIJ: Wij zijn erg blij, dat wij met een aantal partijen deze motie kunnen indienen. Waarom? Omdat wij als raad, zeker in de vorige periode, maar ook in deze periode, meerdere keren hebben aangedrongen op met name de huisvesting van arbeidsmigranten. We weten allemaal wat er speelt, we weten ook allemaal wat de behoefte is. We hebben eerder een toetsingskader vastgesteld met de veronderstelling dat het zou leiden tot het realiseren van de gewenste woningen voor arbeidsmigranten. Maar blijkbaar loopt het elke keer spaak. Dan is wel de vraag: hebben wij een veel te streng toetsingskader? Of is het toetsingskader goed en de initiatieven zodanig afwijkend? Dan blijf je in een soort patstelling zitten, maar het is wel belangrijk dat we op heel korte termijn veel meer beeld krijgen van wat er nou eigenlijk aan de hand is, waardoor dit niet van de grond komt. Uiteindelijk kunnen wij heel lang met elkaar praten en elke keer weer roepen: woningbouw arbeidsmigranten, ontzettend belangrijk in onze gemeente. Maar als het niet van de grond komt, dan heb je er niet zo gek veel aan. En uiteindelijk telt het resultaat.

In die zin zijn we heel erg blij dat we met elkaar deze motie kunnen indienen om het college uit te dagen om zo snel mogelijk die evaluatie te doen en te kijken: hoe zit dat toetsingskader nou echt in elkaar? Is het te streng of niet te streng? Wellicht leidt het tot wat aanpassingen. Ik kan me nog goed herinneren, ik weet niet of het deze wethouder was of de vorige, maar trots dat we koploper waren op dit gebied. Misschien lopen we iets te ver vooruit en moeten we nu even terug schakelen. Waar leidt het allemaal toe? In ieder geval niet tot het gewenste resultaat, dus in die zin van harte de ondersteuning van deze motie. Ik roep de partijen die niet mee getekend hebben op om voor te stemmen, zodat we zo snel mogelijk het gesprek in deze raad kunnen hebben. Dank u wel. De heer De Graaf, VVD: Er ligt een mooi rapport met een stuk feedback op hoe wij als gemeente invulling geven aan het woonbeleid. Feedback is een cadeautje, zeggen ze weleens. De eerste keer lezen voelde dat eigenlijk niet zo, er stonden best wel harde conclusies in, maar nog eens verder lezend en goed kijkend naar de aanbevelingen is het zeker een cadeautje voor ons. We hebben aan de hand van het rapport een heel goede, constructieve beeldvorming gehad, een goed gesprek in de commissie met een positieve toon, blik vooruit gericht.

Het zijn 4 duidelijke aanbevelingen, we zien het college er graag mee aan de slag gaan dan wel verder gaan. De vierde aanbeveling, huisvesting arbeidsmigranten. Als VVD juichen we enorm toe dat met name marktpartijen hun eigen verantwoordelijkheid nemen op dat punt. Het is dan wel heel jammer, teleurstellend, dat de gemeente die dat moet faciliteren op dit punt op basis van het toetsingskader een zogenaamde interrate van nul heeft op 8 initiatieven. In plaats van allemaal andere dingen verzinnen om huisvesting van arbeidsmigranten mogelijk te maken, moeten we zo snel mogelijk inzetten op het effectief werkend maken van het huidige beleid en daar past snel evalueren van het toetsingskader heel goed bij. Dus wij hebben vol overtuiging mee getekend met deze motie. Dank u wel. De heer Van Harn, CDA: Ik beperk me tot de motie. Dan begin ik met een citaat uit de woonvisie. Daar staat: we zien het huisvesten van arbeidsmigranten als belangrijk onderdeel van de economische opgave en specifiek de Horti Science en de logistieke sector. Maar wat is er na alle overleggen, bijeenkomsten, nota’s, besprekingen en het vele papierwerk nu gerealiseerd t.a.v. huisvesting arbeidsmigranten in Lansingerland? We weten uit eerdere overzichten dat in 2019 een beddenbehoefte in Lansingerland stond tussen de 700 en 1.400 bedden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=4cb4f8d5-4bc6-42be-9b0b-db7b5ff43a64