[BV22.0116] Verslag commissie Samenleving van 10 november 2022
Tekst van het document
VERSLAG Commissie Samenleving BV22.0116
Datum vergadering
: 10 november 2022
Aanwezig in de raadszaal: Commissieleden: WIJ Lansingerland : Jan Alsemgeest, Abdel Afalah Leefbaar 3B : Terry Duivesteijn, Leon Erwich, Roy Diepeveen CDA : Nelleke Bouman, Rita Leijendekker VVD : Marloes Draak, Boris Wezenberg (tot 21.15 uur), Eric Kampinga D66 : Eva Heijblom, CU : Paul Lieverse, Annette Molenaar-Van der Beek GroenLinks : Selgei Gabin PvdA : Petra Verhoef, Valmir Xhemaili, Hamid Azzouzi Wethouders
: Leon Hoek, Titia Cnossen
Voorzitter Commissiegriffier
: Matthijs Machielse : Rianne Kokke
Afwezig
1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter, om 20.00 uur: Een goedenavond, het is donderdagavond acht uur en dat betekent dat het weer tijd is voor onze maandelijkse commissie samenleving. Een hartelijk welkom, commissieleden. Ik zie alle partijen weer vertegenwoordigd deze avond, hartelijk welkom. Welkom ook aan de mensen op de publieke tribune, natuurlijk de kijkers thuis en hartelijk welkom wethouders en aanwezige ambtenaren. Het is een spannende avond, want ik weet niet of u het allemaal heeft gevolgd vanavond, maar de boot van Sinterklaas is gezonken. Ik kan me erg goed voorstellen, als u kinderen thuis heeft, dat u graag naar hen toe wilt om ze te troosten, dus wij gaan proberen deze avond efficiënt te vergaderen, maar dat gaan we met u allen doen. Allereerst heb ik een aantal berichten van verhindering ontvangen, die ga ik niet allemaal aan u voorlezen, maar zoals ik zojuist al noemde zijn alle partijen op dit moment vertegenwoordigd, dus dank daarvoor. 2. Insprekers De voorzitter: Die zijn niet gemeld, helaas, deze avond. 3. Vaststelling verslagen vorige vergadering d.d. 6 oktober 2022, inclusief besloten vergadering De voorzitter: Ik wil u daarbij even in herinnering brengen, dat deze vaststelling bestaat uit zowel het verslag van de openbare vergadering als de besloten vergadering.
Er zijn geen opmerkingen binnen gekomen, kan ik daarmee concluderen dat we deze verslagen vaststellen? Dat is het geval, dan is dat afgerond. 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen Inventarisatie rondvragen: Mevrouw Draak, VVD: Ik wil graag een rondvraag aanmelden over de plannen om padelbanen aan te leggen in Bleiswijk. De heer Erwich, L3B: Een rondvraag over de inwoners, die rond de padelbanen wonen. De heer Kampinga, VVD: Ik wil het straks graag even hebben over de ontwikkelingen in de WMOvoorziening hulp in de huishouding. De voorzitter: Dan zijn die 3 rondvragen helder en stel ik u verder voor om het met deze agenda te gaan doen. Kan dat op uw instemming rekenen? Mevrouw Draak, VVD: Misschien moet het niet bij dit agendapunt, maar ik wil voorstellen om 2 agendapunten qua woordvoering in ieder geval samen te voeren. De voorzitter: De agendapunten 6.b en
1/31
6.c? Mevrouw Draak: Ja, ik merkte dat het lastig was om het qua woordvoering te splitsen. Ik snap dat het 2 gescheiden beslispunten zijn, maar misschien kunnen we het qua woordvoering samen vatten? Ik weet niet hoe de anderen daarover denken. Mevrouw Bouman, CDA: Het zijn 2 verschillende onderwerpen, het is wel één verordening sociaal domein, maar ik stel voor om het gescheiden te behandelen. Ik heb een opmerking over zowel het één als het ander, dus ik wil het graag gescheiden doen. De voorzitter: Dan stel ik voor om de onderwerpen gescheiden te behandelen. Mag dat op uw instemming rekenen? Uitstekend. Dan gaan we het met deze agenda doen. Voor de kijkers thuis: u kunt via de website van de gemeente de agenda live mee volgen. 5. Bespreekpunten: 5.a Uitgangspuntennotitie voor de Samenlevingsvisie De voorzitter: Daar hebben wij de afgelopen maanden een aantal beeldvormingen over gehad en vanavond bespreken we de uitgangspunten voor zowel de koers, het kompas, als de kaders waarbinnen die uitgangspunten gehanteerd moeten gaan worden. Voor deze bespreking zijn ook de ambtenaren, die het hele traject begeleiden, aanwezig. U wordt gevraagd om uw wensen en bedenkingen te geven over die koers en die kaders van deze uitgangspunten, dus beperkt u zich bij voorkeur daartoe. Uiteraard, andere vragen zijn mogelijk. Rest mij niets dan te vragen wie dit bespreekpunt wil openen.
De heer Kampinga, VVD: De uitgangspunten voor de samenlevingsvisie, het tussenproduct op weg naar de visie. We leveren nu input, zo zie ik het maar, om als college straks tot een samenlevingsvisie te kunnen komen, compleet. Ik wil graag openen met het punt, dat het in één adem genoemd wordt met de omgevingsvisie. Dat is heel logisch natuurlijk, zeker voor de wethouder die beide onderwerpen in haar portefeuille heeft, maar ik denk dat het goed is om in het definitieve stuk iets meer duiding te geven waarom dat zo nauw met elkaar samenhangt. Ik moet heel eerlijk bekennen, dat mag ik niet zeggen natuurlijk, ik ben duo-raadslid, dat die hele omgevingsvisie mij minder helder voor de geest staat. Dat geldt, denk ik, voor meer mensen. Een vraag. Waarom ontbreekt het bedrijfsleven? We hebben een samenleving waarin ook winkeliers en nogal wat MKB-bedrijven gevestigd zijn. Zij zijn ook onderdeel van de samenleving, dus ik zou me kunnen voorstellen, dat het eigenlijk ook iets breder getrokken zou kunnen worden, maar misschien zijn er harde argumenten om het niet te doen. Kijk, nu zijn de stakeholders die benaderd zijn en waar ook mee gesproken is, uitsluitend de partners in de lokale maatschappelijke infrastructuur. Het doel van de samenlevingsvisie: focus aanbrengen en een betrouwbare overheid zijn. Dat is een hele mooie, kernachtige samenvatting van waar het allemaal om gaat.
Dan moet je dus zeggen: het beleidsplan sociaal domein 2018-2022, versterken van veerkracht, daarvan is de basis op orde. Dat is dan een vooronderstelling, ik denk dat dat aardig klopt. We hebben goed georganiseerde hulp en ondersteuning voor individuele inwoners met maatwerkvoorzieningen en de uitvoering van de beleidsaccenten, de stappen richting preventie, samenwerking met netwerkpartners. Als dat op orde is, gaan we nu naar een wat hoger abstractieniveau. Dat spreekt mij en de VVD heel erg aan trouwens. Heel kort nog even. De uitgangspunten voor de samenlevingsvisie, kompas en afwegingskader voor ons beleid en onze uitvoering, wat is nou mooier dan als we dat voor elkaar kunnen krijgen in de samenlevingsvisie, dat je een kompas hebt. Een kompas geeft niet alleen het noorden weer, maar kan je ook helpen om het noorden te bereiken, als het letterlijk om een kompas gaat. Dus je kunt daarmee de koers vast houden. Leidende en richtinggevende thema’s voor de inhoudelijke koers van beleid, het wat, zoals dat heet, prima. De leidende en richtinggevende principes voor onze gemeentelijke rol, keuzes en aanpak, het hoe. Dan krijg je een belangrijk punt, dat ik er toch even uit wil lichten: de samenleving aan zet. Dan staat er: de samenleving ontwikkelt zich autonoom, waar ik als liberaal natuurlijk groot voorstander van ben, de samenleving ontwikkelt zich gewoon op haar eigen manier.
Als overheid zijn we daarin volgend, tenzij… (puntje, puntje, puntje). Dan vraag ik me af. Stel nou, dat die ontwikkeling haaks staat op wat we als koers hebben vastgesteld. Dan zeg ik als liberaal: als we dat echt onze koers noemen, dan moet je gaan bijsturen, want dan vind je dat de samenleving niet helemaal in de goede richting gaat. Hoe ziet het college dit? Integraal werken, dat is ook zo’n mooi modewoord, ik denk dan aan heel andere dingen, integraal regeling. Tot slot. Deze uitgangspunten en thema’s spreken de VVD bijzonder aan. Waarom? Met een koers en kompas consistent en koersvast varen, niet met alle winden mee waaien, zo noem ik het even, je hebt echt iets waar je je aan vast kan houden en waar je beleid op kunt baseren. Tot slot een vraag nog. Om vast te stellen hoe het gaat in Lansingerland gebruiken we een barometer. Hoe stel je een systematiek van meten op om op valide wijze een beeld te krijgen van hoe het gaat in Lansingerland? Zijn daar al gedachten over ontwikkeld? Ze schrijven het zo makkelijk op. Ik snap wel wat de bedoeling is, maar zijn er al ideeën over? Dank u wel.
2/31
Mevrouw Molenaar, CU: De fractie van de CU vindt het een goede zaak, dat er een nieuw visiedocument komt om het beleid te toetsen. Gericht keuzes voor de thema’s en hoe we het gaan uitvoeren. In de beeldvorming over de uitgangspuntennotitie is een omgekeerde pyramide getoond met van onder naar boven hulp, preventie en samenleving. Dat laatste perspectief is de basis voor deze nieuwe samenlevingsvisie. Dat is een grote verandering ten opzichte van het huidige beleidsplan ‘versterken van veerkracht’. De fractie van de CU wil graag dat de goede punten van het huidige beleidsplan overgenomen worden in de samenlevingsvisie. Zijn de punten al geëvalueerd? We vinden het belangrijk, dat er blijvend geïnvesteerd wordt in het sociaal domein wat betreft hulp en preventie, want dat levert winst op op alle fronten. De 4 leidende thema’s sluiten goed aan bij de propositie, die we in de beeldvorming hebben gehoord, aangevuld met het thema leefbaarheid veiligheid. Wat betreft het eerste punt, bestaanszekerheid. In de uitwerking van dit thema wordt de nadruk wel heel erg gelegd op de eigen rol van de inwoners in de samenleving. De fractie van de CU wil dat voor kwetsbare inwoners of wijken dit uitgangspunt wordt aangevuld met de garantie van een vangnet.
Deze groep heeft recht op professionele inzet van de gemeente en heeft recht op toekomstperspectief, zowel wat inkomen betreft als wat wonen betreft. Het tweede punt, kansengelijkheid, gaat wat ons betreft over de menselijke maat. In de notitie wordt gesproken over ‘ieder het zijne’. Beleid is wat onze fractie betreft pas goed en klaar als inwoners daarbij in heldere taal worden ondersteund en goed worden ondersteund bij hun vragen. Kan dit worden toegevoegd bij het onderdeel over kansengelijkheid? Puntje 3, weinig op aan te vullen, het sluit heel goed aan bij de positieve gezondheid, die we graag als insteek zien voor beleid en die ook heel goed past bij de motie, die vorige week is aangenomen over het preventieakkoord. Puntje 4, de bijdrage aan leefbaarheid en veiligheid. Een samenleving functioneert goed als er verbinding is, bijvoorbeeld door verenigingsleven of inzet van vrijwilligers. Daarbij zijn spelregels belangrijk, dat is ook in één van de beeldvormingsavonden naar voren gekomen. Ons voorstel is om in de samenlevingsvisie een aantal spelregels toe te voegen op dit punt. Wat betreft de 7 leidende principes. De samenleving aan zet, dat vinden wij toch wel een heel belangrijk punt. Dit principe moet wat ons betreft worden aangepast. Het principe zou wat ons betreft moeten zijn: de gemeente is aan zet wanneer dat in de samenleving nodig is. Dus eigenlijk omgekeerd.
Zoals in dat laatste principe is benoemd: de gemeente kiest bewust haar rol. Over het principe handelen op grond van vertrouwen, daarvan willen we aangeven, dat we dat een heel goed punt vinden, want we vragen andersom ook het vertrouwen van de inwoners richting de gemeente. Het principe ongelijke aanpak is wat betreft inhoud prima, maar we zouden het graag wat positiever omschreven willen hebben als maatwerk of menselijke maat. Ongelijke aanpak klinkt toch een beetje ongemakkelijk. Tenslotte willen we graag nog een principe toevoegen, omdat in de uitgangspuntennotitie geen toets van uitvoerbaarheid van beleid is opgenomen. Of eraan toevoegen of er ergens in weven. Wat ons betreft wordt dat principe eraan toegevoegd, dat het uitvoerbaar is wat je wilt gaan doen. Deze uitgangspuntennotitie gaat niet naar de raad. Wij vroegen ons af hoe andere fracties daar tegenaan kijken. Als we nu bepaalde punten met elkaar delen, is het eigenlijk zonde als we met heel veel amendementen moeten komen als we het echt gaan bespreken. Wat is de mening van anderen daarover? Tot slot, om toch een klein beetje onze achtergrond en onze motivatie van het voorgaande te vertellen. Tijdens de campagne van de gemeenteraadsverkiezingen hadden we een mooi campagnelied en dat heette: mooie hier.
Wat ons betreft ziet dat niet alleen op de omgeving, maar ook op hoe we als gemeente of als samenleving met elkaar leven. Een inclusieve samenleving, waarin we zorgen voor kwetsbare groepen. In Bijbelse termen zouden we zeggen, dat we zorgen voor vreemdelingen, weduwen en wezen. Een samenleving waarin we delen, waarin we luisteren naar elkaar en niet direct oordelen, met een betrouwbaar en rechtvaardig gemeentebestuur, dat met een open blik naar de buitenwereld kijkt en dat zorg voor een veilige en gezonde woonomgeving. Dat was mijn bijdrage. Mevrouw Heijblom, D66: Mooi dat we op deze manier een tussenstap maken en vanavond praten over de uitgangspuntennotitie voor de samenlevingsvisie. Over het algemeen zijn we best tevreden over het document. D66 is echter ook wel een beetje kritisch op het document dat voor ligt. Het abstractieniveau van de uitgangspunten ligt vrij hoog en dat maakt het ingewikkeld om te begrijpen. Graag zouden we het toch meer concreet maken en aanvullen met sprekende voorbeelden. Dat gaat helpen om het ook uit te leggen aan onze bewoners, bijvoorbeeld middels een publiekvriendelijke versie. Ik loop de uitgangspunten even langs. Uitgangspunt 1, kompas en afwegingskader. Uiteraard kan je het hier niet mee oneens zijn. Dit uitgangspunt is prima. Hoewel naar de mening van D66 een visie een ambitie behelst.
Het is iets waar we samen naartoe willen werken met deze visie, daarom zou ik ervoor willen pleiten om de regels die gaan over dat het geen ambitiedocument is te verwijderen, dit voegt namelijk niets toe en kan vragen oproepen. Uitgangspunt 2, de leidende thema’s die richtinggevend zijn op de inhoud van het wat. Vooral de eerste 2 vinden wij nogal abstract en misschien wel niet zo passend bij het lokale en vooral dorpse karakter van de gemeente met zijn eigen kenmerken. Het zijn ook nogal grote thema’s om totaal op de nek te nemen als gemeente. Bestaanszekerheid gaat ook over zelfredzaamheid en de participatiewet, betaalbaar wonen, toegankelijke en betaalbare zorg en kinderopvang, het verhogen van het sociaal minimum naar een adequaat niveau en het nemen van fiscale maatregelen. Veelal op centraal niveau georganiseerde wet- en regelgeving. Uiteraard snap ik de strekking van het
3/31
opnemen van de thema’s bestaanszekerheid en het vergroten van de kansengelijkheid, voortkomend uit de winst van het sociale domein van Divoso. Natuurlijk is het belangrijk en moeten het leidende principes zijn, maar veelal gaat het over inwoners die daadwerkelijk ondersteuning nodig hebben en moeite hebben met meedoen. Echter, de samenlevingsvisie gaat over alle Lansingerlanders. Wat zou het mooi zijn om nog eens na te denken over hoe de eerste 2 leidende thema’s passend gemaakt zouden kunnen worden voor onze gemeente. De laatste 2 leidende thema’s zijn wat mij betreft generieker en beter toepasbaar op de gehele populatie van Lansingerland. Hoewel bij uitgangspunt 3 over de leidende principes, zeg maar het hoe (…) de ongelijke aanpak, net zoals de CU eigenlijk net aangaf. Dat heeft een negatieve connotatie, die we liever willen veranderen naar passende of maatwerkaanpak. Punt 3 willen we graag aanvullen met ontplooiing, vooral voor jongeren zou dat fijn zijn. Aangezien 24% van onze inwoners jonger is dan 28 jaar vind ik dat dit gegeven toch belangrijke input is voor dit leidende thema. Dat is meer passend bij de populatie van Lansingerland en ook weer aansprekender voor inwoners. Uitgangspunt 3, ik zou ‘waarderend vernieuwen’ veranderen in: voortbouwen op het goede dat er al is. Dat is minder managementtaal en wordt beter begrepen. Punt 7, bewust kiezen voor onze rol.
Deze begrijp ik niet. Ik zou opschrijven wat je echt bedoelt. Waarschijnlijk zoiets als: bewustzijn van onze rol. Of wat ik eigenlijk denk: kiezen voor de best passende rol. Uitgangspunt 4 versterkt mijn idee dat deze samenlevingsvisie voor alle inwoners is, dat is de omgevingsvisie immers ook. Dan hetzelfde punt als de VVD. Als we een barometer willen gebruiken, dan is dat naar onze mening meer dan de stand van het gewas bepalen, maar ook een voorspelling meegeven aan toekomstige trends en ontwikkelingen. De paragraaf over inzichtelijk maken van de financiële inzet, die is vrij vaag geformuleerd. D66 zou dat graag wat concreter willen hebben, zodat het ook inzichtelijk wordt en hoe we het inzichtelijk willen maken. Tot slot, hoe gaan we de samenlevingsvisie evalueren? Heel goed om daar nu al over na te denken. Evalueren is meer dan naar de barometer kijken, het is terugkijken en dat kan alleen als er een adequate monitoring plaats heeft gedurende het traject. Naast terugkijken is ook het identificeren van verbeterpunten en er hoort een stukje vooruitkijken bij. Dat zou integraal moeten worden opgenomen in de beleidscyclus, wat ons betreft. De voorzitter: Meneer Diepeveen, heb ik het correct dat wij u moeten feliciteren met een permanente plaats in deze commissie? De heer Diepeveen: Eigenlijk wel. (applaus). De voorzitter: Welkom in de commissie samenleving permanent.
De heer Diepeveen, L3B: Bedankt allemaal. We hebben deze uitgangspunten naast onze eigen normen en waarden en verkiezingsprogramma gelegd. Alle normen en waarden herkennen wij: verbinden, betrekken, ruimte geven aan de samenleving, dienstbaar zijn aan diezelfde samenleving, tenminste, zo lezen wij het. Maar wij vragen ons wel af hoeveel ruimte er in die principes zit in die visie, die uitgangspunten. Als het aan ons ligt, moet je zoveel mogelijk de samenleving betrekken om te bepalen waar die grens ligt. Wat de heer Kampinga net ook al zei: er staat op een gegeven moment het woordje ‘tenzij’. Dat impliceert dat er een begrenzing zit. Dat is een begrenzing die niet genoemd wordt in de uitgangspunten. Hoe gaan we die uitgangspunten met zijn allen bepalen, die begrenzingen, als de samenleving niet meer aan zet is? Daar bedoelen we mee: gaan we dan als het aan ons ligt raadgevende referenda toepassen, gaan we een gemeentepeiler optuigen? Want dan betrekken we de samenleving echt hier bij. Dan wil ik van jullie weten hoe jullie daar over denken. Als we dan toch een advies mogen meegeven als het om participatie gaat, dat jullie de stakeholders hebben meegenomen is slim, maar betrek ook het bedrijfsleven erbij. Zoals wij al zeiden, diezelfde inwoners. Dan hadden we nog een ander punt.
In de raadsvergadering van 25 november hadden we vastgesteld dat er een quickscan zou komen in verband met het gehandicaptenbeleid. De wethouder gaf destijds aan, dat dit meegenomen zou worden in de samenlevingsvisie. Als we deze uitgangspunten lezen, dan horen we dat dat valt onder de noemer inclusieve samenleving binnen het thema kansengelijkheid. Kan de wethouder toezeggen dat dit thema ook een plekje krijgt in die samenlevingsvisie? En waar dan precies? Ons antwoord op de vraag van de CU, delen wij ook de mening dat dit naar de raad kan om deze uitgangspunten vast te stellen en dat dat heel veel amendementen kan schelen. Dan wil ik het hierbij laten. De voorzitter: Ik wil u mee geven, dat deze uitgangspunten niet door de raad worden vastgesteld. We bespreken deze uitgangspunten om het college en de organisatie input te geven, waarna we in het voorjaar pas de daadwerkelijke samenlevingsvisie gaan bespreken. Ik zie u bevestigend knikken, dat zien de mensen thuis niet, maar dat is dan helemaal helder. De heer Afalah, WIJ: Ik heb dit tussenstuk, want zo zie ik het een beetje doorgenomen samen met mijn collega’s.
De samenlevingsvisie, ik moest eerst kijken: wat is dat nou eigenlijk, wat betekent dat nou? Wat is een samenleving, wat is een visie? De heer Kampinga refereerde er aan: waarom is het bedrijfsleven daar niet bij betrokken? Ik heb heel veel definities gelezen over samenleving en daar kom ik het bedrijfsleven niet tegen. Ze er meer bij betrekken dat zou meer in de omgevingsvisie terecht komen, daar zal de samenleving in functioneren en daar hoort ook het bedrijfsleven bij. Maar ik vind het wel interessant en apart, ik kwam het niet tegen. Misschien is dat de reden. Ik ben ook benieuwd of er vanuit
4/31
het college op deze manier naar gekeken wordt. Dan visie, wat is visie? Het is een kijk op de samenleving, zo zie ik het een beetje. Dan moet je een visie gaan ontwikkelen. Uiteindelijk ben ik het wel eens met mevrouw Heijblom, ik mis de concrete voorbeelden. Ik neem aan, er is een bepaalde probleemstelling of strategie of wat dan ook, die de gemeente wil uitvoeren en we gaan langs die samenlevingsvisie dat neerleggen, dan gaan we kijken: voldoet dit proces of voldoet deze regel aan de samenlevingsvisie. Zo zie ik het een beetje, zo heb ik ernaar gekeken. Zo lees ik ook dit stuk. Dit stuk is niet af natuurlijk. Ik snap heel goed al die punten die jullie aandragen. Het tweede punt van de uitgangspunten, dan heb je het over bestaanszekerheid, kans gelijkheid. Weet je, je moet ook wel definiëren wat nou bestaanszekerheid en kans gelijkheid is, wat is daar de definitie van? Wij hebben al gemerkt in de gesprekken die wij hebben gehad, dat daar verschillend over gedacht wordt. De één zegt: bestaanszekerheid is een dak boven je hoofd en een inkomen. Ik zie het toch wel wat ruimer. Dat moet echt wel goed gedefinieerd worden: wat betekenen die termen? Ik vind ze echt wel van belang. Ik vind echt niet dat het centraal geregeld is, want een dak boven je hoofd, dat is toch iets wat wij binnen de gemeente moeten regelen voor die mensen.
Het zijn best wel dingen, die echt wel raken aan wat wij hier binnen deze gemeente doen. Ik vind die 4 punten, ja, ik kan er eigenlijk weinig negatiefs over zeggen. Het zijn de 4 pijlers waar onze maatschappij op rust. Op zich vind ik het echt wel een mooi stuk. De 7 punten van het derde uitgangspunt, daar heb ik wel wat meer moeite mee, maar misschien meer door de woordkeuze. Als ik het ga lezen en ga kijken wat ze er allemaal mee bedoelen, dan kom ik er wel uit. Maar er werd gerefereerd, ongelijke behandeling werd het genoemd, ja, weet je, ik vind het heel raar dat dat zo opgeschreven wordt. De heer Kampinga: Ongelijke aanpak, dat viel mij maanden geleden al op in het coalitieakkoord. Daar staat het luid en duidelijk in, dus het verbaast mij een beetje dat iedereen daar zo op aanslaat. De heer Afalah: Wat is de vraag, meneer Kampinga? (…) Als het er zo instaat, dan heb ik hem niet goed genoeg gelezen. Het is mij niet opgevallen. Ik hoop niet dat het uit de koker komt van WIJ, maar daar ga ik nog wel achteraan, hoe dat in elkaar zit. Maar ik begrijp wel de strekking van ongelijkheid, is snap het wel, maar ik zou meer voor een positieve vorm, maatwerk, iedereen verdient dat op zijn manier. Waar wij ook moeite mee hadden: waarderend vernieuwen.
Waarderend vernieuwen, ik begrijp het nog steeds, maar als wij een samenlevingsvisie gaan opstellen, dan is het wel belangrijk dat wij dingen zo neerzetten, dat ook de mensen buiten deze zaal het ook begrijpen. Dat ze ongeveer begrijpen wat ze bedoelen. Dat wil ik hierbij wel meegeven. Het vierde, integraal, ja, logisch, dan kom ik bij het bedrijfsleven, natuurlijk integraal met de omgevingsvisie. Wat mij ook heel erg opvalt, ik weet niet wie dat ooit heeft gezegd, over de verzorgingsstaat in Nederland, het nadeel van een verzorgingsstaat is dat je geen oog hebt voor je buren, die het moeilijk hebben, omdat je ervan uitgaat dat de overheid het allemaal wel regelt. Dat zie ik wel terug in dit stuk, dat is wel heel erg bepalend in dit stuk, het individuele, dat mensen zichzelf moeten redden. Maar de mensen die het nodig hebben, die hulp, die moeten we niet uit het oog verliezen. Dat was het. Mevrouw Leijendekker, CDA: De voorliggende notitie is bedoeld om de gemeenteraad nu al de gelegenheid te geven om een oordeel te geven over de uitgangspunten. Dat is een prima idee, vinden wij. Het stuk hebben we dan ook met veel aandacht gelezen. Er zijn allerlei uitgangspunten. Op zich vinden wij het hebben van een uitgangspuntennotitie een prima initiatief, we hebben dan ook de uitgangspuntennotitie met veel aandacht gelezen.
Er zijn uitgangspunten geformuleerd, die nog wel een zekere nadere invulling behoeven. Het tweede uitgangspunt gaat in op leidende thema’s, zoals bestaanszekerheid, vergroten kansen gelijkheid, bevorderen van gezondheid, meebouwen aan leefbaarheid en veiligheid. Op zich is met die thema’s niets mis, dat vindt het CDA. Prima thema’s die ook aansluiten op onze visie voor Lansingerland. De uitgangspunten bevat zoals de overheid er is voor de samenleving, waar iedereen gezien wordt en naar vermogen bijdraagt, waar we staan voor een eerlijke economie en waar we keuzes maken voor een groene toekomst van de kinderen. Op zich vinden we dat mooie, leidende uitgangspunten. Alleen vinden we net zoals D66 dat die zaken nog wel geconcretiseerd moeten worden, want ze zijn nog vrij vaag geformuleerd. Bijvoorbeeld actuele thema’s als armoedebeleid, aandacht voor de jeugd, waarvan een deel psychisch niet lekker in zijn vel zit, ook gelet op de naweeën van corona, en ouderen die te maken hebben met eenzaamheid. Wij denken aan aangrijpingspunten voor concretisering, dat die wel gehaald kunnen worden uit het beleidsplan sociaal domein ‘versterken van veerkracht’ en de aanbevelingen die in november 2020 in de midterm review, zo noemden ze dat, dat was een tussenevaluatie, zijn gedaan. Daarin zijn ook suggesties gedaan voor de inzet voor de jeugd voor het jaar 2022, maar ook voor verdere jaren.
Mijn vraag aan de wethouder is: kan er sprake zijn van continuering? Dan heb je ook een deel concretisering, waar het gaat om de voorgestelde projecten. Gaat deze samenlevingsvisie deze continuïteit doorbreken? Of passen de eerdere 10 beleidsaccenten, die in het documenten ‘veerkracht’ zijn opgenomen, passen die daar ook in? Wellicht dan een suggestie voor een extra uitgangspunt, kan continuïteit van beleid op dat punt ook uitgangspunt zijn? Dat is dan misschien een extra uitgangspunt. Dezelfde noodzaak aan concretisering geldt ook voor de leidende principes, die heel globaal zijn en geen richting geven. Een aantal spreekt ons wel aan, zoals samenleving aan zet, inzetten op kansrijke alliantie, ruimte voor initiatief. Dat past ook mooi bij het CDA-uitgangspunt van gespreide verantwoordelijkheid, waar je ook maatschappelijke
5/31
organisaties en de samenleving benut. Maar principes zoals bewust kiezen voor onze rol, dat geeft geen enkele richting. Een principe als ongelijke aanpak, dat geeft ons zelfs vraagtekens. Dat heb ik ook al bij andere fracties gehoord. Het zou niet zo moeten zijn, dat het afbreuk doet aan het beginsel van solidariteit met elkaar. Als je mensen ongelijk gaat benaderen, ga je dan afbreuk doen aan solidariteit? Tenslotte, de visie dient volgens het college een kompas te vormen voor raad en college en voor toekomstige besluitvorming. Net zoals meneer Kampinga aangeeft, een kompas dient ook een richting aan te geven. Ik vind het document echt nog te abstract om richting aan te geven. We hebben grote hoop op de samenlevingsvisie an sich, dat daar een aantal zaken in geconcretiseerd worden en waar projecten, die al eerder in gang zijn gezet kunnen worden betrokken. Daarom ziet de CDA-fractie het vervolg met veel belangstelling tegemoet. Dat was hem. Mevrouw Gabin, GL: We hebben het gehoord, er is een viertal uitgangspunten vast gesteld. Er is een afwegingskader om consistent keuzes te kunnen maken voor beleid en uitvoering. Uitgangspunt 2 gaat over leidende thema’s, die richtinggevend zijn voor de inhoudelijke koers van gemeentelijk beleid. Belangrijke thema’s als bestaanszekerheid, kansengelijkheid, gezondheid, leefbaarheid en veiligheid staan centraal.
Kan de wethouder toelichten hoe de samenlevingsvisie zich verhoudt tot de sportvisie? Kan de sportvisie hier geen onderdeel van vormen? Ook hebben we vragen over de stakeholders. Kunnen de stakeholders van het preventieakkoord betrokken worden bij de samenlevingsvisie? De uitgangspuntennotitie biedt de raad de gelegenheid om het college overwegingen mee te geven voor de uiteindelijke samenlevingsvisie en daar maakt de fractie van GL graag gebruik van. De vraag is hoe we ons als gemeente verhouden tot de ontwikkelingen in de samenleving. Wij onderschrijven het belang van de 4 thema’s, maar naar onze mening mist er een belangrijk thema en dat is het bevorderen van inclusiviteit. Lansingerland als inclusieve gemeente, waar alle inwoners welkom zijn, meedoen en erbij horen. Dat het niet uitmaakt wat je leeftijd, religie, seksuele voorkeur, culturele achtergrond, gender, inkomen, politieke voorkeur of visie op de samenleving tellend of beperkingen zijn. Iedereen op zijn manier kan meedoen en een bijdrage leveren op basis van zijn of haar eigen interesse of talenten. Waar algemene voorzieningen toegankelijk zijn voor alle inwoners. Kortom, iedereen doet mee en iedereen moet mee kunnen doen. Wat ons betreft moet inclusiviteit meegenomen worden in de notitie. Wij willen hier graag een reactie van de wethouder op. Tot slot had mevrouw Molenaar het over de menselijke maat.
GL vindt dat een waardevolle toevoeging. Ook de opmerkingen van mevrouw Heijblom hebben wij zeer geapprecieerd. Dank u. De heer Xhemaili, PvdA: Ik wil de wethouder bedanken voor deze samenlevingsvisie, die ons een kans biedt om onze wensen mee te geven aan het college om een nog sterkere samenlevingsvisie samen te creëren. Ik ga mijn betoog opdelen in 4 stukjes: het doel van de samenlevingsvisie, de uitgangspunten, leidende thema’s / doelen, de leidende principes. Om een beeld te geven van hoe mijn betoog eruit gaat zien. Het doel dat genoemd wordt is focus aanbrengen en een betrouwbare overheid zijn. Het zijn van een betrouwbare overheid spreekt de PvdA-fractie zeer aan. In ons verkiezingsprogramma schreven we al, dat veel inwoners vragen om een gemeentebestuur dat de inwoners centraal stelt en dat betrouwbaar is. Daarbij hoort van de PvdA ook dat de gemeente vertrouwen heeft in de mensen. Belangrijke andere uitgangspunten voor ons zijn dat je eerlijk deelt in voorspoed en elkaar steunt als het tegen zit. In hetzelfde verkiezingsprogramma schreven we ook begrippen als terugtrekkende overheid, eigen kracht, zelfredzaamheid, die worden wat de PvdA betreft vervangen door: actieve overheid, solidariteit en bestaanszekerheid. Met dit voor ogen hebben we naar deze samenlevingsvisie gekeken. Uitgangspunten.
We kunnen ons als PvdA-fractie best vinden in de uitgangspunten, maar we hebben uiteraard een paar opmerkingen. Bij uitganspunt 2 staan de leidende thema’s die we richtinggevende doelen noemen. Het gaf namelijk verwarring bij de beeldvorming. We zijn blij met uitgangspunt 4, namelijk dat we in de uitwerking en uitvoering van de samenlevingsvisie en de omgevingsvisie de maatschappelijke en fysieke dimensies op elkaar afstemmen. Volgens mij is het goed en positief om de integraliteit op te zoeken. Nu kom ik bij de leidende thema’s / doelen. Onze fractie is blij met het thema bestaanszekerheid. Ik benoemde al dat we zijn voor een sterke overheid dan meer op afstand. Maar we vinden de uitwerking in de 3 bullets onvoldoende. Deze bullets beschrijven namelijk de zelfredzaamheid en niet bestaanszekerheid. Bij de eerste bullet zouden we het aspect van solidariteit willen toevoegen en zien. Niet in de trant van: werk maar aan je netwerk. Maar in de vorm van solidariteit gegoten in beleid. Dus de minder daadkrachtige inwoners ondersteunen. Bij de tweede bullet zou ik het aspect willen zien van de actieve overheid, bijvoorbeeld door zekerheid te geven via een basisbaan. Ook een overheid die vertrouwen heeft in haar inwoners, bijvoorbeeld als ze een toeslag of bijstand ontvangen.
Bullet 3, begrijpelijke taal en laagdrempelige dienstverlening door de gemeente, spreekt mijn fractie zeer aan. Een voorbeeld is de aanvraag voor de energietoeslag, dat is best een karwei voor mensen die dat niet kunnen lezen en begrijpen. Dan hebben we het niet alleen over de niet-westerse Nederlanders, maar ook autochtone Nederlanders hebben moeite met dingen goed begrijpen en aanvragen. Dat daar heel veel aandacht voor is. De andere thema’s zijn goed uitgewerkt. Punt 4, de leidende principes. De leidende principes gaan over hoe we het aanpakken als overheid. Het eerste leidende principe samenleving aan
6/31
zet zegt: de samenleving ontwikkelt zich autonoom. De heer Kampinga noemde dat ook. Als overheid zijn we daarin volgend, tenzij. Dit principe staat haaks op hoe de thema’s erboven zijn uitgewerkt. Daar zien we termen als zorg, stimuleren, faciliteren et cetera. Wat mijn fractie betreft kan dat eerste leidende principe gewoon helemaal wegvallen, want het staat haaks op de andere, bovengenoemde stukken. We zouden graag nog 2 leidende principes willen toevoegen. Allereerst het principe minder markt en meer overheid en samenleving. De WMO en participatiewet zijn beide neoliberale producten, waarbij de overheid op afstand staat en vooral de rol als aanbesteder heeft. Inwoners zijn klant, dat is niet toekomstbestendig gebleken en daar moeten we dus echt van af. Er zijn genoeg voorbeelden van perverse prikkels van de marktwerking in de zorg. Een tweede principe, dat wij willen toevoegen, is de solidaire samenleving. Pech in het leven bestaat en lang niet iedereen kan meedraaien in een complexe samenleving. In hoe we dingen doen overheid hoort de solidariteitsgedachte. Dat moet dus blijken uit je beleid, gedrag en communicatie als overheid. Voor nu mijn betoog. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het eind gekomen van deze eerste termijn van de commissie. Dank voor uw inbreng. Voordat ik wethouder Cnossen het woord geef, wil ik nog één zaak verduidelijken.
Wij spreken vanavond over deze uitgangspuntennotitie juist om het college input te geven voor die definitieve visie, die in het voorjaar naar u toekomt. Ik heb een aantal voorstellen van u gehoord. Mogelijke amendementen zijn niet mogelijk op dit voorstel, maar uiteraard is het aan het college om zoveel mogelijk te doen met uw inbreng. Op het werkelijke stuk in het voorjaar kunt u wel amenderen, want dat wordt daadwerkelijk door uw raad, voorbereid door deze commissie, vastgesteld. Beantwoording college Wethouder Cnossen: Dank voor uw inleidende woorden, dat helpt om goed te duiden wat wij vanavond met elkaar doen. Een aantal van u heeft het benoemd: het is een tussenstap. We vinden het heel erg belangrijk juist om hier op te halen hoe u het nu leest. Wij, dan kijk ik ook naar N. en N., we zijn er al heel lang mee bezig, we hebben bijeenkomsten gehad met stakeholders, maar vooral het maatschappelijk middenveld. U heeft gelijk, nog niet het bedrijfsleven. We hebben van alles opgehaald en als college hebben we natuurlijk nagedacht: waar ga je nu naar toe met deze samenlevingsvisie? Dit is op dit moment het resultaat. Ik heb van u ook heel veel goede opmerkingen gehoord. Want waar dingen niet duidelijk zijn voor u, daar moeten we wat mee.
We gaan heel veel mee nemen, ik ga niet elk punt apart benoemen, maar ik ga wel een aantal woordvoeringen langs waar nog vragen zitten, die ik eventueel vanavond kan beantwoorden. Tot zover al heel veel dank voor uw inbreng, want dat is precies de bedoeling van vanavond. Mooi, meneer Kampinga, hoe u het stuk beschreef. Hoe u vertelde hoe u het gelezen had, want dit is wel zoals we het aangeven, dat kompas, die barometer, die termen gebruiken we om aan te geven: waar gaan we de komende jaren, als er iets nieuws op ons afkomt, waar gaan we dat nou eigenlijk aan afmeten? Als er iemand komt met een aanvraag voor subsidie voor yogamatjes, ik noem maar wat, waar past dat dan onder? Is dat iets wat bijdraagt aan doelen, leidende principes, whatever. Dat is het idee van de samenlevingsvisie. Uiteraard, u heeft ook gelezen, want dit is nog niet concreet, het wordt uitgewerkt het komend jaar, in 2023 komen er 4 aparte nota’s over ouderen, jongeren, leefbaarheid en veiligheid en volwassenen. Het bedrijfsleven werd door verschillenden van u genoemd, het is idee om in de meer concrete nota’s het bedrijfsleven zeker te betrekken, volwassenen, mensen die aan het werk zijn, hoe kan je daarmee aan de gang zijn.
Waarom hebben we ons tot nu toe in de participatie beperkt tot welzijn en allerlei maatschappelijke partners? Ook nog niet de inwoners heel direct betrokken, u bent ook gewoon inwoner, dus u zit er ook bij. Dat is bewust gedaan, want ik heb geleerd met participeren, dan moet je mensen niet heel vaak lastig vallen met vragen over hetzelfde onderwerp. Dus wij hebben er bewust voor gekozen om met dit abstracte niveau nog wat bij de maatschappelijke partners te blijven en om met u die consultatie te doen. Maar vervolgens voor die 4 programma’s de diepte in te gaan, concreet te worden en daar inwoners en het bedrijfsleven, een goede suggestie, actief erbij betrekken, omdat we dit met elkaar doen. De samenleving, daar zit ook het bedrijfsleven bij. Dus dank voor deze opmerking, die ik van verschillende fracties gehoord heb. Ik loop nog even langs bij uw woordvoering, meneer Kampinga, of ik nog echt vragen zag. Veel goede dingen die u ons mee geeft, heel veel dank daarvoor. Die barometer, daar heb ik ook visies bij. Eén van u zei, een barometer, bij mijn opa en oma hing ook een barometer, daar klikte je op en dan zag je wat het weer werd. Die trends, dat is mijn idee, het zal niet helpen om te klikken, het is geen glazen bol, maar wel dat beeld: wat staat ons te wachten, gaat het stormen, krijgen we een grote crisis, armoede, wahatever? Dat we daarop inspelen via zo’n barometer.
Dat is het beeld van de barometer. Bij mevrouw Molenaar kwam naar voren: hoe zit het nou eigenlijk met het mooie programma sociaal domein uit de vorige periode, het versterken van veerkracht? Dat is de basis van dit. Mevrouw Heijblom had een andere term, bij het waarderend vernieuwen hebben wij daaraan gedacht. We hebben een heel goede basis in dat programma. In uw beeldvorming heeft u ook de omgekeerde pyramide gezien, het onderste stukje waar hulp in staat, dat is op orde en dat houden we natuurlijk zo. Maar daar hoeven we dus in deze periode niet allemaal opnieuw op te gaan zitten. We baseren het volgende stukje van die pyramide op preventie.
7/31
Wat dat betreft zit het er gewoon in. De rapportage volgt uiteraard nog. U ziet ook een bepaalde evaluatie daarvan, wat u terug vindt in dit beleid. Verschillenden van u hebben het woord kansen ongelijkheid genoemd. Ja, dat is een woord van mij. Dat heb ik van mijn dochter geleerd. Ongelijke aanpak. Mijn dochter is directeur van een basisschool in Zoetermeer, in Meerzicht, ik ga het lekker concreet maken. In Meerzicht leeft 80% van de kinderen onder de armoedegrens. Daar komen kinderen zonder jas, ze hebben thuis geen bed, alles is daar aan de hand. Daar moet je dus volop inzetten met een zeer ongelijke aanpak, want op een basisschool in de Gouden Griffelbuurt hoef je niet te zorgen voor jassen of een schoolontbijt. Dat is de ongelijke aanpak. Kinderen komen ongelijk op school, een taalachterstand, hebben thuis misschien armoede. Daar moeten we op inzetten, om daar de ongelijke aanpak heel goed toe te passen. Dat is maatwerk, klopt, om kinderen van de basisschool te laten gaan met gelijke kansen. Sorry, dat ik hier even over uitweid, maar dat zie ik voor mij bij de ongelijke behandeling. De heer Kampinga: Het is natuurlijk van de coalitie en niet van het college, maar het staat expliciet goed omschreven in het coalitieakkoord, ongelijke aanpak. Het verbaast me niet, dat het nu weer terugkomt. Wethouder Cnossen: Ik denk dat u het ook een beetje hoort aan het vuur in mijn stem.
Ik ben er echt van overtuigd, dat het door het hele leven zo door blijft gaan. Ik was vanmiddag in de Naaldhorst bij Sint Petrus, daar komen dan veel ouderen, die echt alleen dat AOW hebben. Zij hebben iets extra’s nodig terwijl er ook genoeg zijn die zich prima redden. Ik zie overal die ongelijke aanpak. Mevrouw Molenaar: Over de ongelijke aanpak qua inhoud hebben wij gezegd dat we het er helemaal mee eens zijn. Het gaat ons puur om de omschrijving ervan, die wat ongelukkig lijkt. Voor de heer Kampinga: in het coalitieakkoord staan er komma’s omheen als zijnde: daar moeten we nog een keer een betere term voor verzinnen. De voorzitter: Een interruptie op een interruptie is niet mogelijk, meneer Kampinga. Wethouder Cnossen: Mevrouw Molenaar, wij hebben nu heel goed opgepikt uit de commissie dat deze term niet onmiddellijk tot begrip leidt. Wat ik erbij voel, dat voelt u niet onmiddellijk, dus daar moeten we wat mee, daar is precies deze commissie voor bedoeld. Dus wel dank voor die tips. U heeft er meer gegeven, andere woorden gebruiken. Bij dat waarderend vernieuwen zei u ook wat. Bestaanszekerheid is ook een thema dat bij verschillenden van u terug kwam, we moeten ook kijken of we dat nou goed geformuleerd hebben. Bij bestaanszekerheid zit uiteraard dat vangnet, dat kan daar niet ontbreken, maar we zien bestaanszekerheid heel breed.
Dan denk ik even aan mijn collega Fortuyn, waarmee ik de eerste keer deze uitgangspunten besprak en hij had het gelijk over de pyramide van Maslov. Onderin de bestaanszekerheid: je woning hebben, zekerheid over een baan, ook zeker weten dat je die woning langdurig kan blijven bewonen, er zijn ook zoveel mensen met tijdelijke huurcontracten. Bestaanszekerheid doet ook iets voor de kinderen in dat gezin, want je kunt vooruit kijken als gezin. Als je in de schulden zit en je weet niet of je morgen nog werkt hebt, dan ben je dat kwijt. Het is dat grote thema dat we voor de komende periode als heel belangrijk zien om ook in Lansingerland mensen daar een positief gevoel bij te geven, laten we het zo maar benoemen. Niet ziek zijn is veel meer. Op die manier denken wij dat bestaanszekerheid een heel belangrijk begrip is, de heer Xhemaili had het er ook over. Dank voor uw opmerkingen. Waar wij mogelijk onduidelijk zijn, daar hebben we met elkaar veel over gesproken en nu voor het eerst met u, dus dat is echt heel fijn. Mevrouw Heijblom, u had ook een paar heel goede opmerkingen, ook een alternatieve term voor het waarderend vernieuwen. Ik houd daarvan, dat u dat benoemt. Het is echt iets bestuurlijks, waarderend vernieuwen. Probeer gewone mensentaal daarin te vinden. Dus veel dank voor uw commentaar op onze woorden. U zei: ik mis ambitie, het is geen ambitiedocument.
Nee, maar we gaan in die 4 beleidsdocumenten natuurlijk onze ambitie neerzetten. We gaan het elke keer weer afwegen langs al deze leidende principes en de leidende thema’s: waar past het in. Dat is het idee van dit document, dan kom ik weer op de woorden als kompas. Een aantal van u viel over de term ‘tenzij’. Dat is de overheid. Samenleving aan zet is wel een heel belangrijk principe, want je merkt dat we soms teveel als overheid hier hoog boven Lansingerland willen bedenken wat goed is voor de samenleving. Samenleving aan zet wil zeggen: in die samenleving gebeurt het. Het bedrijfsleven doet zijn ding. Heel veel bedrijven zijn al heel sociaal bezig, nemen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst. Als ik kijk naar de vrijwilligers die overal rond lopen, die de sportclubs leiden, dan denk ik: daar zit de samenleving. Maar bij de ‘samenleving aan zet’ heb je wel soms dat er een steuntje gebruikt kan worden. We hebben de stichting Welzijn Lansingerland, die moedig ik aan om dat te signaleren, bij de gemeente te brengen, daar bijvoorbeeld subsidie voor aan te vragen, dan komt er misschien een professional bij, dus ook wat geld om te ondersteunen. Dat is de gedachte achter ‘samenleving aan zet’.
Dat we volgend zijn, betekent ook dat wij weleens iets heel belangrijk kunnen vinden dat we merken dat het in de samenleving een dood paard is en dan moeten wij ons hier toch afvragen of we goede dingen aan het doen zijn. Die gedachte zit hier achter. Misschien dat we dat mee moeten nemen naar de volgende versie, dank voor de opmerkingen, dat het niet direct begrepen wordt als je het zo opschrijft. De quickscan, meneer Diepeveen. Ja, over die quickscan komt binnenkort een beeldvormende avond over, maar die wordt meegenomen in het stukje kansengelijkheid. Daar komt de inclusiviteit in terug. Dus de quickscan gebruiken we en kunnen we eventueel als meetlat gebruiken of we daar stappen in gaan maken in de samenleving. Meneer Afalah, u zeer bedankt voor uw terugkoppeling, hoe u het allemaal las. Even kijken of ik bij u zaken heb gehoord, waar ik een antwoord op moet geven. Waarderend vernieuwen, dank dat u dat benoemt, dat het soms moeilijk is om dat direct
8/31
te begrijpen, want je wilt stukken schrijven, duidelijke taal is belangrijk, die iedereen ook direct kan lezen. Mevrouw Leijendekker, ook u dank voor uw reactie. Ongelijke aanpak, ik heb er net voldoende over gezegd. Afbreuk solidariteit, nee, juist niet. Er moet een vangnet zijn voor een gelijke aanpak van mensen die even niet het beentje bij kunnen trekken. Mevrouw Gabin, u ook dank. U had het over kansen gelijkheid. Ik vind dat een heel belangrijk thema in deze tijd, dus ik hoop echt dat we dat heel goed vorm gaan geven in het thema dat we uit gaan werken en ook heel concreet maken. Met die quick scan willen we volgen of we daar stappen in moeten maken. Wat nu nog minder inclusief is, of we kunnen laten zien dat we dat verbeteren door de jaren. Dat is het idee achter het kansen gelijkheid verhaal. Meneer Xhemaili, ook u dank voor het meelezen. U vertelde ook eens hoe moeilijk die energietoeslag aan te vragen was. Dan denk ik: wat gaaf dat u in de raad zit, u bent duo-raadslid, maar dat u hierin meedoet en dat we het zo direct terug krijgen. Dat is echt heel erg belangrijk, want je wilt de mensen die dat nodig hebben bereiken. Blijkbaar is dit toch iets moeilijks. Betrouwbare overheid. Uitgangspunten zijn doelen. Ik denk dat we dat verder uit gaan werken. Een uitgangspunt is iets vanwaar je vertrekt.
Vergroten van kansengelijkheid is een doel en daarom hebben we het zo geformuleerd. Dus het borgen van bestaanszekerheid, je bent actief met een werkwoord ergens mee bezig. Als het alleen bestaanszekerheid zou zijn, dan ben ik het met u eens, dan doe je er niets mee. Maar op deze manier zijn de uitgangspunten actief geformuleerd, dat er ook een progressie in te volgen moet zijn. Begrijpelijke taal heeft u genoemd. Hebben jullie iets gehoord wat ik vergeten ben? Dank u wel. De voorzitter: Eén en ander gehoord hebbende, u heeft al uw input kunnen mee geven aan het college. In het eerste kwartaal van volgend jaar ligt er daadwerkelijk een samenlevingsvisie voor, daar gaat u ook over besluiten, eerst in deze commissie en daarna in de raad. Heeft u behoefte aan een tweede termijn? Zijn er zaken die u absoluut nog mee wilt geven aan het college, waar u nog geen kans voor heeft gehad? Tweede termijn De heer Kampinga, VVD: Ik heb nadrukkelijk gevraagd naar de samenhang tussen omgevingsvisie en samenlevingsvisie. Dat is toch wel heel wezenlijk, dat het in elk geval in het definitieve stuk wat meer geduid wordt. Mevrouw Molenaar, CU: Ik had nog een vraag gesteld over de uitvoerbaarheid, of dat principe eventueel toegevoegd kan worden. En of er bij de kansengelijkheid ook aandacht zou zijn voor de ondersteuning van mensen om gebruik te maken van voorzieningen.
Ik heb ook nog een vraag, we hebben het punt aangedragen over het amenderen straks als we het gaan bespreken in het eerste kwartaal. Maar het idee van ons was: als het nu naar de raad gaat, dan is het voor degenen die het stuk verder moeten gaan uitwerken ook duidelijk wat raadsbreed de gedachte is om te voorkomen dat je daar straks veel extra op moet doen. Dat was de achterliggende gedachte van het punt dat we inbrachten. De heer Xhemaili, PvdA: Ik wil de wethouder bedanken voor haar beantwoording en het meenemen van de vele suggesties hier. Ik mis nog wel een vraag of suggestie, die ik benoemd heb. Het principe minder markt en meer overheid in de samenleving. Daar is ze niet op teruggekomen. Ik heb voorbeelden gegeven daaromtrent. Het tweede principe, solidaire samenleving, is voldoende toegelicht. Dus als ze nog terug kan komen op mijn eerste principe als toevoeging, graag. Mevrouw Heijblom, D66: Ik wil alleen maar even de wethouder bedanken voor de uitgebreide beantwoording. Wat ik wel mooi vind, is dat we onszelf gelukkig mogen prijzen met zo’n wethouder waar dit thema duidelijk aan het hart gaat en er zo in zit. Complimenten daarvoor. De heer Diepeveen, L3B: Dank aan de wethouder. De toelichting op het principe ‘samenleving aan zet’ is goed uitgelegd en die hadden we dus juist. Alleen, misschien val ik in herhaling, maar er staat: tenzij….
Dat puntje, puntje, puntje impliceert voor ons dat het niet ingevuld is. Daar hoort nog iets te staan. Wat is de tenzij, hoe gaan we die bepalen en wie gaat die bepalen? Dat willen wij graag weten. Wij steunen ook het voorstel van de CU, als dat een voorstel zou zijn. Mevrouw Gabin, GL: Mijn fractie vond het verhaal over de ongelijke behandeling erg mooi van de wethouder. Ook over de kansenongelijkheid op scholen. Zet dat door, zou ik zeggen. U kan niet alles scharen onder term kansenongelijk, inclusiviteit gaat veel verder dan enkel kansengelijkheid creëren. Het zou een thema op zichzelf moeten zijn. Mevrouw Leijendekker, CDA: Dank wethouder, voor uw antwoorden. Een aantal van de punten die u met hartstocht naar voren bracht, spraken ons erg aan. Wij dachten ook, gespreide verantwoordelijkheid en solidariteit komen ook heel dicht bij onze uitgangspunten. Waar ik een vraag over heb, is het vervolgproces. Ik heb gehoord dat het college heel goed gaat luisteren naar wat wij vandaag gezegd
9/31
hebben over de uitgangspuntennotitie. Komt er dan nog een bijgestelde uitgangspuntennotitie? Dat was mij nog niet helemaal duidelijk. Krijgen we pas die concretisering in 4 beleidsnota’s, die het college heeft aangekondigd? Dat waren mijn vragen. De heer Afalah, WIJ: Dank u wel, wethouder, voor de beantwoording van de vragen. Ik begrijp het eigenlijk niet, we komen hier toch een keer op terug? In december toch ergens? In een beeldvorming toch? De voorzitter: De wethouder gaat het zo meteen beantwoorden. De heer Afalah: Ik dacht eigenlijk dat er nog een beeldvorming zou komen, meer uitgebreid dan we nu hebben. Dus ik ga daarvan uit. Dat was ook wat CU en L3B willen. Als er een beeldvorming komt is dat een mooi moment om aan de hand daarvan de dingen mee te geven. In de beeldvorming zou ik heel graag concrete voorbeelden willen zien, misschien uit het verleden, beslissingen die zijn genomen, om aan de hand van die voorbeelden te bekijken hoe dat zich verhoudt ten opzichte van de te vormen samenlevingsvisie. Dat was het eigenlijk. De voorzitter: Ik moet complimenten maken, commissie. Dit was de kortste termijn die we ooit hebben meegemaakt. Wethouder Cnossen: Fijn dat ik nog de kans krijg om een aantal omissies uit de eerste termijn recht te zetten. Het klopt, een aantal punten die ik hoorde.
De heer Kampinga, die samenhang omgevingsvisie en samenlevingsvisie, u wilt het iets beter beschreven hebben. Dat vind ik terecht, want voor mij is het gesneden koek, maar heel goed dat u die opmerking maakt, daar moeten we meer woorden aan wijden, is mijn conclusie. Mevrouw Molenaar vroeg nog naar de uitvoerbaarheid, om dat erin op te nemen. In de beleidsplannen wordt dat veel concreter. Toen heb ik het woord ondersteuning nog opgeschreven, want ik dacht dat mevrouw Molenaar daar nog een extra vraag over stelde, maar ik heb de vraag niet opgeschreven. Mevrouw Molenaar: De vraag is kort. Bij kansengelijkheid hoort ook dat mensen, beleid is pas goed klaar als inwoners er goed bij geholpen worden, bij de uitvoering ervan. Of dat ook toegevoegd kan worden bij het stukje kansengelijkheid, dat mensen daar goed in ondersteund worden. Wethouder Cnossen: Ja, ik proef het even. Het staat er nog niet voldoende in woorden, maar het valt voor ons in dit verhaal zeker onder bestaanszekerheid. Als je kansengelijkheid hebt, maar je weet niet hoe je dat moet doen, dan schiet het ook niet op. Dank. Meneer Xhemaili, wat dom dat ik daar niet even op in ben gegaan, minder markt meer overheid. Ik schreef onmiddellijk al spontaan zelf op: daar zijn we zeer afhankelijk van wat het rijk ons allemaal voorschrijft.
Hoe fijn zou het zijn als je lokaal van alles zou kunnen aanbesteden en daar vrij in zou zijn. Maar we hebben zulke grote aanbestedingen, dat we verplicht zijn om dat allemaal Europees of whatever te doen. Dat duurt vaak heel lang en je bent soms je goede aanbieders kwijt, omdat er weer een ander tevoorschijn komt. Maar we gaan daar niet zelf over. Dat is wat we samen, niet dat we samen in een partij zitten, maar dat is iets wat we richting Den Haag weer eens mee moeten geven. Heel veel dank, mevrouw Heijblom, fijn om terug te horen dat we het goede zeggen. Het woord tenzij met puntje, puntje. Dan heb ik u in de eerste termijn niet goed begrepen. Hij staat bovenaan het lijstje, tenzij puntje, puntje. Deze leidende principes is geen vinkjeslijst, maar een afweeglijst. Ik gaf een voorbeeld, er wordt subsidie aangevraagd voor X, dan gaan we langs deze leidende principes, voldoet het aan het principe ongelijke aanpak of waarderend vernieuwen. En dus ook samenleving aan zet, voldoet het eraan? Tenzij, en dan ga je weer naar die andere principes. Dat is het idee, maar ik begrijp dat het idee niet heel duidelijk overkomt en daar doen wij weer wat mee. Dus dank. Mevrouw Gabin zei nog: inclusiviteit is meer dan kansengelijkheid.
Daar heeft u heel erg gelijk in, maar ik moet nog bedenken hoe we dat beter kunnen verwoorden, daar ga ik nu niet over uitweiden, want ik heb allerlei gedachten. Mevrouw Leijendekker, het vervolgproces. Wat u hier vanavond aan ons hebt mee gegeven, daarom heb ik N. en N. hier vooraan gezet, om te laten zien, dat gaan we mee nemen in de definitieve versie die wij naar deze raad gaan sturen. Daarin gaat u hopelijk een aantal van uw opmerkingen terug zien. Dat is het vervolgproces. Er komt een definitieve versie naar de raad. Daarvoor komt er een beeldvormende avond, waar juist de bedoeling is om veel concretere voorbeelden ernaast te zetten. Dan denk ik toch even aan de omgevingsvisie. We hebben gemerkt dat we het beste met elkaar kunnen praten als we het concreet maken, de casus, en dat uitwerken. Dus dat moeten we bij de samenlevingsvisie ook gaan doen. Ik weet niet zeker of we er ook een pub-quiz aan gaan wijden, u heeft vast van de fractie gehoord hoe leuk dat was, maar dat is wel de methode om met elkaar te voelen waar het over gaat. Dus dat gaat nog gebeuren. Ik hoop dat ik nu echt alle vragen heb gehad. De voorzitter: Het gaat mij benieuwen of u de wethouder van de pub-quizzen gaat worden binnenkort, maar ik concludeer in ieder geval dat voor deze uitgangspuntennotitie voor de samenlevingsvisie dat u allen uw inbreng heeft kunnen geven aan he college. N. en N.
hartelijk dank voor jullie aanwezigheid bij dit bespreekpunt. Wij gaan elkaar in het voorjaar verder spreken over deze samenlevingsvisie. Daarmee sluit ik agendapunt 5 af.
10/31
6. Stukken ter advisering aan de raad: 6.a Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam De voorzitter: Dat is een nieuwe gemeenschappelijke regeling, dus er worden u 2 zaken gevraagd. Allereerst of u het college toestemming verleent deze gemeenschappelijke regeling te starten. En ten tweede of u zich kunt vinden in de zienswijze. Het is de zienswijze van u als raad, wat we dan vinden van deze gemeenschappelijke regeling. Daarmee open ik de eerste termijn voor de commissie. De heer Markus, CU: Ik vervang vanavond mijn zeer gewaardeerde collega Lieverse. Hij heeft mij wat geholpen met de tekst, want hij heeft zich in dit onderwerp helemaal verdiept. Hij heeft ook de webinar gevolgd, die vanuit de gemeente Rotterdam werd verzorgd. Die was bijzonder helpend. De achtergronden van de wijziging, de voors en tegens om beschermd wonen nu te gaan onderbrengen in de GR light werden daarin goed verduidelijkt. De CU ziet de voordelen om voor deze vorm van samenwerking tussen 7 gemeenten te kiezen. Het gezamenlijk verzorgen van accommodaties voor mensen die door psychische of psychosociale problemen niet geheel zelfstandig kunnen wonen, vinden we om een aantal redenen te verkiezen. Allereerst, we hadden al een mate van samenwerking en deze nieuwe opzet bouwt daarop voort. Hiermee vallen geen cliënten tussen wal en schip.
Als tweede, de nieuwe systematiek van financiering zoals het woonplaatsbeginsel staat dat evenmin meer in de weg. Daarnaast worden ook de hoofddoelen benoemd, die kunnen wij helemaal ondersteunen. Het gaat om de doelen bevorderen van zelfredzaamheid en functioneren, voorkomen van verwaarlozing, voorkomen van overlast of gevaar voor cliënten en voor anderen. De trend om beschermd wonen te laten worden van beschermd thuis past hier helemaal in. Om deze combinatie van belangen zien we de voordelen van accommodatie in de gemeente waar de cliënt vandaan komt, maar dit moet niet ten koste gaan van het zich thuis voelen. Op dit punt is de zienswijze, misschien lezen we hem verkeerd, wat stevig want daar wordt nu gesproken van het: of niet noodgedwongen in een andere gemeente. Het woord noodgedwongen suggereert dat beschermd wonen in een andere gemeente nooit mogelijk is. Natuurlijk vinden wij het belangrijk, dat je dit in je eigen gemeente moet organiseren, maar dat mag niet ten koste gaan van de thuisbeleving van een cliënt. Ik denk dat we daar wat soepeler mee om moeten gaan. Dat woord noodgedwongen suggereert dat bij een mindere keus hij toch in de gemeente blijft, terwijl ergens anders wellicht een betere keus kan zijn. Dus graag een reactie van andere partijen hierop.
Samenvattend vinden we het goed dat er aan de prijsopgave wordt vastgehouden en dat tegelijkertijd de voordelen van de regionale samenwerking benut worden. Dat laatste is overigens wettelijk verplicht. De gekozen opzet van de GR light doet recht aan de wettelijke eisen en legt veel meer dan voorheen de eindverantwoordelijkheid bij de gemeente, zoals de eigenstandige begroting. We kunnen daar van harte mee instemmen. Wat betreft de zienswijze, daar ben ik op ingegaan, dat we moeite hebben met het woord noodgedwongen. Tot slot nog even een vraag aan andere partijen. Voor alle GR’en hebben wij natuurlijk raadsrapporteurs, dus ik ben even benieuwd hoe andere partijen hier tegenaan kijken, of we voor deze GR ook een raadsrapporteur willen benoemen. Dat was het, dank u wel. De heer Alsemgeest, WIJ: Soms word je door het rijk of de VNG gedwongen samen te werken, las ik in het raadsvoorstel. Maar goed om te weten dat we dit al doen. Al geruime tijd werken we samen met 6 andere gemeenten aan beschermd wonen binnen onze regio en deze samenwerking loopt goed en is altijd goed verlopen. Het is daarom volgens onze fractie logisch om deze samenwerking voort te zetten. Als zelfstandige gemeente beschermd wonen uitvoeren is niet mogelijk en ook niet gewenst. We gaan dit dus doen met 6 andere gemeenten in een gemeenschappelijke regeling.
Een gemeenschappelijke regeling, die eigenlijk pas hoeft in te gaan op 1 januari 2024, maar waarom wachten als dat niet nodig is? De samenwerking is goed en ik zou dus zeggen: doorpakken maar. We borgen daarmee de kwaliteit van beschermd wonen en het is beter om een beetje voor de muziek uit te lopen dan er achteraan. Wat ik verder las, we hebben in Lansingerland te maken met een relatief klein aantal inwoners dat beschermd woont. Maar ik zou om wat meer gevoel te krijgen bij dit onderwerp graag weten hoeveel een relatief kleine hoeveelheid is en over hoeveel beschermd wonen plaatsen wij beschikken in onze gemeente. Tevens wil ik graag weten, ook voort komend uit de zienswijze: hoe zit het met de doorstroomwoningen. Graag hoor ik dit van de wethouder. Voor zover even de eerste termijn. De heer Kampinga, VVD: We hebben hier natuurlijk vorig jaar al een webinar over gehad in mei, met Ester, die heel open vertelde hoe het allemaal gegaan was, heel interessant. We hebben eind vorig jaar in december een commissie- en raadsvergadering gehad, toen is dat toenmalige voorstel aangenomen als hamerstuk trouwens. Je kunt er een hele hoop dingen van zeggen, als ik me niet vergis van de vorige sessie, dat er in Bleiswijk bij mevrouw Bouman in de buurt 6 woningen zijn met 13 plekken, maar misschien is het inmiddels veranderd, maar dat heb ik van december onthouden.