[BV22.0099] Verslag commissie Algemeen Bestuur van 5 oktober 2022
Tekst van het document
technische vragen gaat stellen, dat heeft niets te maken met een politiek oordeel over de tarieven. De heer Van Santen: Ik wil eerst antwoord op deze vragen hebben. De voorzitter: U heeft de mogelijkheid om technische vragen te stellen laten lopen. Laat het een voorbeeld zijn voor een volgende keer. Ik vind het niet fijn, eerlijk gezegd. De heer Van Santen: Dat begrijp ik, oké. Dit was mijn bijdrage voor de eerste termijn. De heer Jansen, WIJ: Bij mijn weten heb ik geen technische vragen in mijn bijdrage staan, anders hoor ik het graag van u. Voor de fractie van WIJ is het duidelijk: er ligt een goed advies bij ons op tafel. De besluitvorming is duidelijk geweest. Het geeft aan: de bewoners van Lansingerland kunnen zelf reguleren wat ze uiteindelijk gaan betalen. Het voorkeursscenario van het college inzake de afvalstoffenheffing scenario 2 en de kwijtschelding 2023 in profiel 2 heeft de steun van onze fractie. De risicoafweging die door het college gemaakt is onderschrijven wij. Wel horen wij graag van de wethouder of de burgers die de vrijstelling krijgen de gestelde 11 containers vrijstelling krijgen of als blijkt dat er echt slecht ingezameld wordt en het gemiddelde is 12 of 13 aanbiedingen, dat zij dan 13 vrijstellingen zouden krijgen. Ook missen wij in het vrijstellingsprofiel 2 wat dan het aantal vrije aanbiedingen per 140 liter container zou zijn.
Kan de wethouder dit verduidelijken? We zijn het met L3B eens, dat het verhogen van het grof afval van € 25 naar € 75 niet in orde is. Het om: de vevuiler betaalt. Maar dat vinden wij een verkeerde keuze. Er zijn bewoners die niet in staat zijn om afval zelf weg te brengen of te laten wegbrengen. Ze worden geconfronteerd met een drie keer hoger tarief. En de stelling dat het zelf brengen van het afval naar het afvalbrengstation gratis is, dat klopt natuurlijk niet. De kosten die gemoeid zijn met het wegbrengen naar het afvalbrengstation worden gedekt door de afvalstoffenheffing. Een betere zinsnede zou natuurlijk zijn: zonder additionele kosten. Dan maakt het niet uit of je nul, 1, 2 of 13 keer naar het afvalbrengstation rijdt, het is gratis, of zonder extra kosten. Daar zit een grote discrepantie voor de mensen die het wel aan huis moeten laten ophalen. Dank u wel. De heer Weerheijm, D66: Mijn stem werkt niet helemaal mee vanavond, maar ik zal proberen het kort te houden. Er is al veel gezegd over dit onderwerp, niet alleen vanavond al maar ook in de afgelopen jaren, ik zou bijna willen zeggen decennia, maar dat is een beetje over de top. Toen was ik nog niet eens geboren, dat klopt heer Markus, dat kan ik bevestigen.
Alle gekheid op een stokje, D66 is blij dat we als gemeente eindelijk afstappen van een systeem waarbij iedereen hetzelfde oneerlijke tarief betaalt naar een systeem waarin iedereen een eerlijke prijs betaalt voor afval. Dat daarbinnen voldoende ruimte is om daar een eigen afweging in te maken, een eigen keuze in te maken, spreekt D66 als liberale partij dan ook zeer aan. Iedereen kan afval aanbieden op de manier zoals hij of zij dat wil en betaalt daar een eerlijke en transparante prijs voor. Zoals net ook al door de heer Van Santen werd opgemerkt: het is logisch dat de invoering van een nieuw systeem voor veel vragen zorg. We lezen het in de krant, er zijn mensen die ons aanspreken. Aan de andere kant moeten we niet vergeten dat heel veel mensen in de peiling voor een systeem als dit hebben gestemd, bij wijze van spreken, en dat we die natuurlijk minder horen. Dat moeten we ook niet vergeten. Er zijn ampele jaren heel veel huishoudens geweest, die eigenlijk om niet hun stinkende best hebben gedaan voor milieu en het is tijd dat die ook beloond worden met een eerlijke prijs voor afval. Ik zie een interruptie aankomen. De heer Van Santen: Kunt u uitleggen waarom mensen die blij zijn met dit systeem zich niet uitspreken? De heer Weerheijm: Ik ben blij met het systeem, maar ik voel niet de neiging om brieven te gaan sturen naar de Heraut om te zeggen: ik vind dit geweldig.
Maar misschien dat u het wel zo zou ervaren, elke keer als u blij bent met een bepaald wetsvoorstel, dat u dat graag laat horen in pers en media, dan kijk ik uit naar al uw bijdragen de komende jaren. Even terug naar de scenario’s en de tarieven. D66 kan zich vinden in scenario 2, dat lijkt ons een correcte afweging tussen prikkel en zekerheid en het zoveel mogelijk beperken van risico’s. D66 is ook blij dat het afleveren van grof huisvuil bij de milieustraat, je zou bijna zeggen gratis, maar de heer Jansen had wel een punt, zonder extra kosten feitelijk gezien kan geschieden. Daar is D66 ook blij mee. Overall kunnen wij instemmen met dit voorstel. Dank u wel. De heer Halkes: Uw voorganger raadslid Muis noemde communicatie 1,5 jaar geleden in de commissie, dat dat belangrijk is. Hoe vindt u de communicatie tot nu toe? De heer Weerheijm: Goede vraag, want ik wilde er eigenlijk nog even op reageren. In uw eerste termijn zei u dat u het verwarrend vond dat de communicatie al werd gestart, maar dat er niets gemeld werd over tarieven. Ik kan me voorstellen dat dat verwarrend is, maar bent u het ook niet met mij eens, dat het democratisch wel zo reëel is, dat wij als raad eerst besluiten over de tarieven voordat het college daarover gaat communiceren, anders wordt het een hele rare afweging.
De heer Halkes: Een zin als: het college stelt dit tarief voor, maar de gemeenteraad beslist er later over. Lijkt me een vrij heldere zin, toch? De heer Weerheijm: Persoonlijk zou ik zeggen dat de raad als wetgevende macht in deze gemeente, dat het wel zo eerlijk is om daarin duidelijk te maken wij daarover gaan en dat we er ook geen bepaalde valse verwachtingen mee scheppen. Stelt u zich eens voor, dat uw scenario nul het ineens gaat halen, dan moet de hele communicatie weer overhoop, dat lijkt me ook niet heel wenselijk. Maar tot zover. Beantwoording college
12/33
Wethouder Muis: Dank voor alle bijdragen, alle steunbetuigingen en vragen. Vragen, die er ook zijn bij inwoners, daar kom ik zo op, ook uitgebreid over de communicatie. Het is helder, er is al gerefereerd, vorig jaar maart 2021 heeft u het afvalbeleid vastgesteld. Daarbij heeft ook het college aangegeven, toegezegd, te komen met tarieven en voorstellen voor kwijtschelding. Dat is wat nu ter advisering aan u voor ligt. Ik kan aangeven dat we qua planning en budget prima op koers liggen, dus dat gaat allemaal goed, mocht u daar vragen bij hebben. Met het advies van het college mag helder zijn dat wij kiezen, en ook u heeft daarvoor gekozen en wij geven daar uitvoering aan, om te versnellen de afname van het restafval en het stimuleren van hergebruik en recycling. En ook dat we tegelijkertijd de kosten beheersbaar willen houden, daar kom ik straks ook nog op terug. De wereld staat natuurlijk niet stil, het is niet een geïsoleerd besluit dat we nu nemen en dat al het andere hetzelfde blijft, daar zal ik zo nog op ingaan. We willen natuurlijk naar die 100kg per inwoner en 75% scheidingsresultaat. De afgelopen jaren, ik heb een staatje gekregen, dat kunt u ook krijgen, maar de afgelopen 6 jaar schommelt het rond de 200kg. Het is geen lijn dat het heel snel afneemt, er komt weer bij, het neemt weer af, maar we blijven rond die 200kg zitten.
Ondanks dat mensen zich steeds bewuster zijn van klimaat, milieu, duurzaamheid, wat ze allemaal zelf kunnen doen, wat ze allemaal kunnen lezen, zie je dat het daar op blijft hangen. Dat is een voorschot op de communicatie en op de effectiviteit van gedragscampagnes zonder andersoortige prikkels. Dan ga ik naar de bijdragen, dan komen we de rest vanzelf wel tegen. De heer Duk van GL, ik probeer in te zoemen op de vragen die zijn gesteld. Hij had de optie om de frequentie van lediging terug te brengen. Dat is iets wat wij niet willen doen, want we willen juist de keuze houden voor inwoners. We willen niet gelijk ingrijpen op dat serviceniveau. Niet gelijk en misschien in de toekomst ook niet. Maar wat is aangegeven over die routes, dat zou wel een vervolgstap kunnen zijn, maar dan moeten we eerst kijken hoe dat loopt, als we na een jaar evalueren met elkaar, dan kunnen we daar naar kijken. De heer Duk: In dit raadsvoorstel staat enkel en alleen dat het basistarief omhoog gaat. Ik ben blij dat de wethouder nu zegt, dat hij mogelijkerwijs wil kijken naar de routes. Als dat een toezegging is, dan ben ik daar blij mee. Wethouder Muis: In die zin, we gaan er over een jaar bij de evaluatie naar kijken, dan kunnen we het daar met elkaar over hebben, want dan zien we ook wat het effect is, dan kunnen we verder nadenken over aanvullende maatregelen, dat is helemaal prima.
De luiers, daar had de heer Duk het ook over, apart inzamelen. We gaan in principe uit, ook voor gezinnen met kinderen, kleine kinderen, die kinderen hebben niet tot eind van de basisschool een luier, dus het is maar relatief kort, het is ook niet zo dat je hele kliko vol zit met luiers, dus het principe blijft staan dat de vervuiler betaalt. Wij hebben niet in het voorstel opgenomen om daar die ledigingen op aan te passen, dus als u dat wenst moet u kijken of daar een meerderheid voor is. Op voorhand vinden wij, naast de pilot die we hebben met wasbare luiers, daar bent u ook allemaal van op de hoogte, vinden wij dat het principe is dat de vervuiler betaalt en dat je dus moet opletten hoeveel restafval je hebt. De heer Markus: Met alle respect, maar ik vind dat de wethouder nu heel makkelijk van het luierprobleem af komt. Het duurt maar even. Met 3 kinderen heb ik 8 of 9 jaar in de luiers gezeten, dat vind ik niet even. In alle oprechtheid, voor gezinnen is het een serieus probleem waar we iets mee moeten. Ik verwacht er toch een iets andere reactie van de wethouder op. Wethouder Muis: Ik twijfel even wat ik zal zeggen om het niet erger te maken. Het principe blijft, we hebben gewoon heel veel restafval en dat moeten we gaan oplossen. Ik heb ook allerlei reacties gezien en terug gehoord vanuit de ambtelijke organisatie, maar die luiers zaten daar niet bij.
Het is ook even van: hoe groot is dit probleem, dat we hier met zijn allen willen agenderen? Wat is daar dan de oplossing voor? Ik ben best bereid daarnaar te kijken als het een supergroot probleem is, maar vooralsnog is dat niet wat ik terug krijg. Ik ben ook niet genegen nu allerlei alternatieve voorstellen daarvoor te gaan doen. De heer Jansen: Een kleine suggestie. Misschien kan gekeken worden of het afvalbrengstation, daar kan je ook frituurvet en kleine batterijen inleveren. Wethouder Muis: Ik mis even de link met frituurvet, maar volgens mij bedoelt de heer Jansen om te kijken of het bij het afvalbrengstation apart ingezameld kan worden. Dat is nu niet zo, maar dat zou een alternatief kunnen zijn. Misschien ook iets voor die evaluatie, we zijn hier nog niet mee begonnen, dus laten we eerst even kijken hoe het loopt voordat we een oplossing creëren voor een probleem dat misschien meevalt. De heer Azzouzi: Even naar de doelgroep, hoe groot die is, ik ben daarover gevraagd. Kan het college dat uitzoeken en er op terugkomen? Ik had het echt verwacht in het voorstel. Wethouder Muis: Er zijn allerlei deskundigen die zich hierover hebben gebogen op basis van andere gemeenten. Wij zien daar nu geen aanleiding toe, dus wij gaan dat niet uit onszelf nu onderzoeken. Dan ga ik verder, de heer Halkes, CDA. Hij had een heleboel vragen, ik ga kijken wat ik daarvan kan meenemen.
In eerste instantie de communicatie, dat is door meer partijen aangehaald. Je wilt aangeven wat we gaan doen, de raad moet ook beslissen over een aantal zaken, maar we binnen niet vandaag en ook niet vorige week, we zijn al langer begonnen. We zijn in april gestart met een campagne over het plastic. We hebben vorige week de aftrap gehad van de campagne over het afval scheiden in zijn algemeenheid en over diftar. Er is een brief aan alle inwoners gestuurd, dat heeft logischerwijs heel veel vragen opgeleverd. Overigens viel het mee, misschien dat het nog komt, maar de verwachting was dat er veel meer vragen zouden komen. Ik heb ook zelf die vragen gezien, dat zijn niet allemaal klachten. Het zijn ook mensen met bijvoorbeeld een medische indicatie, die willen weten hoe zaken in elkaar zitten. Ook over de
13/33
tarieven, waarover u nog moet beslissen. We hebben echt nog wel tijd om hier het e.e.a. aan te gaan doen. Er komen krantenadvertenties, abri’s, social media, op de vuilniswagens. We hebben de afvalcoaches geïntroduceerd, die zijn straks ook overal te vinden, daar kunnen mensen een afspraak mee maken, die kunnen ze mailen, ze kunnen op het spreekuur komen. Er is een website waar in de brief naar wordt verwezen: samen halen we er alles uit. Tegelijkertijd zijn we bezig bij alle appartementen, die dat nog niet hebben, ondergrondse restafvalcontainers te realiseren en GFT-voorzieningen. Ook rond die activiteiten wordt gecommuniceerd. Er komt nog heel veel, wil ik maar zeggen. Wat niet wil zeggen, dat dingen altijd beter kunnen. Ik heb ook commentaar gekregen op de folder en daar luister ik serieus naar. Dan denk ik: oké, de volgende keer moet het misschien op ander papier, het moet duidelijker zijn dat de gemeente de afzender is. Dat soort dingen altijd welkom, die kritiek. Maar ik kan ook zeggen: we staan nog maar, niet aan het begin, maar we zijn er net mee begonnen, dus er komt nog heel veel. Logischerwijs roept dat vragen op en die vragen worden allemaal netjes en snel beantwoord. De heer Halkes: Ik had nog de vraag wat de gemeente vindt van de communicatie, of de boodschap goed is aangekomen.
Wethouder Muis: Ik denk vooral straks om te zien of het restafval minder wordt, daaraan kunnen we heel goed zien of mensen het hebben begrepen. Maar mensen kunnen zelf ook bijhouden hoe het gaat via een afvalteller op de website van de SVHW, die voor ons de belasting doet. Daar kan je zelf vanaf 1 februari terug zien: hoeveel keer heb ik aangeboden, hoe loopt dat, loopt het goed, wat ga ik ongeveer betalen. Zo kunnen mensen zelf vinger aan de pols houden. Maar de communicatie tussentijds evalueren, het lijkt me dat we genoeg communicatie hebben over dit nieuwe systeem, deze nieuwe manier van aanbieden. Ik zou zeggen: laten we vooral daarop focussen en kijken wanneer een logisch moment is om te evalueren of het is overgekomen. De heer Markus: In aanvulling op de heer Halkes, volgens mij doelde hij op wat anders. We moeten even meten of de communicatie aangekomen is. Dat kunt u voor 1 januari doen, want dan kan je het nog gericht inzetten. Bent u bereid om bijvoorbeeld Lansingerland Peilt in te zetten om te kijken of mensen begrijpen hoe diftar werkt, of ze alles snappen. Want als dat niet zo is, dan hebben we nog de kans om gericht de communicatie uit te voeren. Wethouder Muis: De vraag is of je dat in die korte tijd kan evalueren. We gaan het uitvoeren, fasegewijs, daar moeten we over communiceren.
Het is wel lastig als je nog aan het communiceren bent om dan te evalueren hoe het loopt. Ik denk dat de tijd best kort is, je kan het niet zelf doen, je moet het uitzetten. In principe begrijp ik hierin, de communicatie evalueren, heeft het effect, maar we moeten ook realistisch zijn met elkaar. De heer Halkes: Ik doe dagelijks wat met communicatie en één van de lessen is dat je altijd moet weten of je ontvanger begrepen heeft wat jij gezegd hebt. Blijkbaar is dat niet belangrijk in dit geval om dat te weten. Wethouder Muis: We gaan een beetje herhalen. Wat ik hier nog op wil zeggen is: we krijgen natuurlijk heel veel vragen, daar leren wij ook van, want het zijn niet 1.000 verschillende vragen, er zitten lijnen in waaruit blijkt dat mensen dingen niet weten, omdat we er nog niet over hebben gecommuniceerd of dingen die ze misschien niet goed begrijpen. Wij passen onze communicatie natuurlijk daarop aan. In die zin leren we door te doen. We krijgen die feedback rechtstreeks terug en anders haalt u die vast wel voor ons op. Dat brengt me op een ander punt. De heer Van Santen: Ik begrijp dat het lastig is. Heeft het college of u als wethouder overwogen om misschien een soort overgangsperiode in te bakken, dat mensen kunnen wennen aan het systeem en een feedback kunnen geven en dat mensen niet gelijk geraakt worden in hun portemonnee.
En dat u die feedback in de communicatie terug geeft, zodat mensen snappen: zo werkt het dus en dit betekent het voor mij. Dan kan het systeem veel effectiever ingevoerd worden. Wethouder Muis: Het korte antwoord is nee, dat gaan wij niet doen. Dit is even voldoende hierover. U kunt er altijd technische vragen over stellen. De heer Van Santen: Ik vroeg niet of u dat gaat doen, dat begrijp ik. Ik vroeg: heeft u het overwogen? Wethouder Muis: Nee, dat hebben we niet overwogen, want het heeft een heel lange implementatietermijn, dat ligt op koers, waarvan wij denken dat we het in kunnen voeren en dat iedereen het begrijpt. Dan gaan we zien of het werkt. De heer Van Santen: U zegt nu zelf: dat iedereen het begrijpt. Daar was juist de twijfel over. Wethouder Muis: Ik weet niet hoelang we hiermee door willen gaan, maar ik ben klaar. Ik wil het punt maken, dat het juist heel erg belangrijk is, dat we met elkaar de goede boodschap vertellen. Politiek mag u van het systeem vinden wat u wilt, u mag er alles over zeggen, maar u moet wel het eerlijke verhaal vertellen. Bijvoorbeeld, de heer Halkes noemde een heel goed voorbeeld in Hillegom, maar dat is niet het hele verhaal. Daar hebben ze het serviceniveau verlaagd door te zeggen: wij komen niet meer één keer in de 2 weken, wij komen maar één keer in de 4 weken. Dat is echt wel iets anders dan wat wij gaan doen. Wij houden die keuze.
Maar als u zegt: wij willen die keuze niet, wij willen de burger dwingen, dat is dan niet de keuze van het college. Dat is wat ze in Hillegom hebben gedaan, in die zin niet een goed voorbeeld voor ons om ons aan te spiegelen. De heer Halkes: Dat is ook niet het hele verhaal, want de inzameling van PMD en GFT is daar opgevoerd. Wethouder Muis: Dat is een ander punt. Iemand anders heeft ook gevraagd naar GFT. Wij verwachten verandering in de afvalstroom, maar daar gaat het niet om. Het ging om de vergelijking en de vergelijking gaat niet op. Voor GFT hebben we voldoende capaciteit om een toename daarin op te vangen, dat is geen enkel probleem. Ik zou het willen houden bij: in de kern is het geen juiste vergelijking. We gaan naar de PvdA, de heer Azzouzi. Heel goed wat de heer Azzouzi zegt over het van binnen naar buiten denken. Dat merken we dan ook in de communicatie, in het contact met de inwoners,
14/33
dat we daar nog wel stappen in kunnen zetten door het nog beter aan te laten sluiten. Wij leren ervan en proberen dat direct toe te passen. Dan het punt over de grote gezinnen en de kwetsbare gezinnen. De kwetsbare gezinnen, dat staat ook genoemd in de bijlage, dat zijn mensen die nu volledige kwijtschelding krijgen, dat zijn 700 huishoudens, die zijn bij de SVHW bekend. Wij kiezen ervoor om ook die groep mensen te stimuleren om afval te scheiden. Het is een politieke keuze of je vindt dat dat wel of niet moet. Wij denken dat iedereen naar vermogen daaraan bij moet dragen. Als dat niet lukt, gaan we daar extra communicatie op zetten. Als we zien dat het bij een heel grote groep niet lukt, dan zijn we niet blind, dan gaan we daar echt wel op acteren. Maar het principe is ook daar: iedereen draagt bij naar vermogen. U kunt ervoor kiezen om te zeggen: wie is er voor volledige kwijtschelding? Als daar een meerderheid voor is, dan is het dat, maar dat is niet de keuze van het college. Dan het verhaal van grote gezinnen en kleine gezinnen. Het maakt niet een enorm verschil, of je nou een heel groot gezin hebt of een klein gezin. Een klein gezin kan enorm veel afval produceren en geen afval scheiden en een groot gezin kan het heel goed doen en andersom. Het gaat niet om de grootte van het gezin, maar het gaat om restafval en hoe hard je je best doet met afval scheiden.
De heer Azzouzi: Dat laatste snap ik niet helemaal, hoe groter je gezin is, hoe meer restafval. Vanuit die benadering. Wethouder Muis: Dat klopt, alleen, hoe goed iemand afval scheidt heeft daar niet mee te maken. Wij hanteren het principe: de vervuiler betaalt. Hoe goed je afval scheidt, daar kan je het mee beperken. Maar we hebben dus niet een apart beleid, dat zit ook in de onderbouwing, voor grote of kleine gezinnen. De heer Azzouzi: Dat is juist het punt. De PvdA wil eigenlijk beleid voor die uitzondering, voor die grote gezinnen. Wat ik nu hoor, is dat we wachten tot mensen in de problemen komen en dan gaan we het aanpakken. Wethouder Muis: Nu gaan er 2 dingen door elkaar lopen, wat net in de bijdrage ook al was, de kwetsbare gezinnen en de grote gezinnen. Ik had het over die 700 kwetsbare gezinnen, die volledige kwijtschelding krijgen, dat heeft niets te maken met grote gezinnen, want niet alle grote gezinnen zijn kwetsbaar of armlastig. U haalt ze nu allebei door elkaar. Even helder: die 700 gezinnen, daar gaan we naar kijken. Maar grote gezinnen, daar gaan we niets voor regelen, want dat is niet op basis van het principe dat hieronder ligt. De heer Azzouzi: Ik haal ze echt niet door elkaar, want grote gezinnen kunnen kwetsbare gezinnen worden, juist met de moeilijkheden die er nu zijn.
Wethouder Muis: Dan komen ze dus in de categorie van de kwetsbare gezinnen en dan kijken we daarnaar. Volgens mij is dit nu voldoende. We gaan naar de heer Markus van CU, hij had een vraag over de boete op het restafval vanuit de rijksoverheid. Het is inderdaad zo dat het nu verdisconteerd is in de kosten, in de tarieven en in de begroting. Als dat naar beneden gaat, als we minder restafval hebben, dan hebben we ook minder belasting. De heer Markus had het ook over de kostendekkendheid van grof vuil. Nee? De heer Markus: U geeft antwoord op de vraag, als we die boete niet hoeven te betalen, dan gaan de kosten omlaag, maar dat strookt dan niet met het feit dat het vaste deel wel omhoog gaat, dus daar moet u nog even antwoord op geven. Die systematiek. Ik besef dat het technisch is, dus het mag ook later beantwoord worden. Ik realiseer me, dat hoe beter we ons best doen, hoe hoger het vaste deel wordt. Dat klinkt wat tegenstrijdig, omdat de boete wel omlaag gaat. Daar lijkt iets geks te zitten. Wethouder Muis: Daar ga ik me niet aan wagen, dus het lijkt me beter om die technisch te stellen. Er zijn inderdaad verschillende, je hebt opbrengsten, je hebt kosten, je hebt verschillende afvalstromen, je hebt de belasting die sowieso doorstijgt als we niets doen. Ik denk dat het beter is om hem even technisch te formuleren, want dan krijgt u ook een correct antwoord.
De voorzitter: Dat betekent dat u de vraag technisch stelt en naar de griffie stuurt, dan komt het terug. Wethouder Muis: De luiers heb ik net al besproken. De communicatie, de folder volgens mij ook. We zijn het helemaal eens met wat de heer Markus zegt, dat het zorgvuldig moet, duidelijk, eerlijk. Dat proberen we in alle oprechtheid en we staan open voor kritiek om het aan te passen en dat doen we dus ook. Nogmaals, verandering van gedrag is het lastigste wat er is. Overheidscampagne vanuit de rijksoverheid leveren maar een paar procent gedragsverandering op. Vandaar is die financiële prikkel nodig, want anders zie je dat er niets gebeurt. Je vraagt iets van mensen wat ze niet allemaal zelf al van plan waren, dus dat levert logischerwijs vragen op. En klachten. En boosheid. Maar het is ook iets waar je aan moet wennen, doorheen moet en bij geholpen moet worden, dat willen we aan alle kanten doen. Dan gaan we naar de heer Van Doorn, die is het eens met de doelstelling, dat is heel fijn. Draagvlak is belangrijk, zeker. Hij gaf ook het verzet aan van een substantieel deel van de bevolking, dat klopt. Ik heb net aangegeven hoe we daarmee om willen gaan. Nascheiding, daar had de heer Van Doorn het over. Wij blijven kijken naar technologische ontwikkelingen m.b.t. luiers, m.b.t. nascheiding.
Als die er zijn en het komt op een moment dat we de contracten daarop aan kunnen passen, dan zullen we daar zeker naar kijken. Het is niet iets wat moet, diftar of nascheiding, we hebben met elkaar gekozen: wat willen wij, wat ik het beste, dat hebben we een bureau laten onderzoeken, we hebben de bevolking daarover geraadpleegd. Op dit moment, in deze situatie is dit de meest logische en efficiënte manier, maar als er technologisch andere opties zijn, dan zijn we zeker bereid om daarnaar te kijken en om het in de evaluatie mee te nemen om te kijken of dat voor ons beschikbaar is. De heer Van Doorn: Ik vind het een heel mooie intro, maar daar ging mijn vraag niet over. Mijn vraag was: heeft u al zicht op wanneer dat zich concreet aandient? Dat u er in de toekomst naar blijft kijken, maar er wordt al nascheiding gedaan. Zijn er gesprekken over? Is er op korte termijn daar zicht op? Dat was mijn vraag. Blij dat we in de toekomst blijven kijken, maar hier en nu: hoe realistisch is het om het op korte termijn in te vullen? Als
15/33
het antwoord nee is, hoor ik dat graag. Wethouder Muis: Het antwoord is inderdaad nee. Ik kan er heel veel van maken, maar het is nee. Dan het grof vuil. Het voorstel van de heer Van Doorn: laten voor wat het is. Anderen hadden het daar ook over. De consequentie is dan wel, er is bij de technische vragen hiernaar gevraagd: hoe vaak gebeurt dat? Dan zien we echt wel een substantiële stijging. Dat zijn wel kosten die toe blijven nemen. Je kan zeggen: dat vinden we niet erg. Maar dan verdelen we het over iedereen. Iedereen draagt eraan bij, aan die kosten. U heeft in de technische beantwoording kunnen zien wat die kosten ongeveer zijn. Dat is een keuze. Het is niet de keuze van het college, want ook daar het principe: de vervuiler betaalt. Er zijn nog allerlei andere mogelijkheden, je kunt naar het repair café, de kringloop kan spullen ophalen. Er zijn ook andere opties hoe je van bepaalde spullen af kunt komen. Maar als u daarvoor kiest, moet u zich er ook van bewust zijn dat wil wel prijsopdrijvend is en dat we die verdelen over alle inwoners. De heer Van Santen heeft ook nog steeds het principe: de vervuiler betaalt, dat is heel mooi. De communicatie, daar heb ik het e.e.a. over gezegd. Ook het verhaal over de verbrandingsbelasting, die is dus verwerkt. Over andere stromen die omhoog gaan, dat heb ik in een andere beantwoording ook al aangegeven, dan expliciet over GFT.
Daar hoeven wij niet ineens meer capaciteit te gaan organiseren, want er is voldoende capaciteit om dat te doen binnen de huidige mogelijkheden. De hygiëne, dat heeft ook te maken met de manier waarop dingen worden aangeboden. Heb je minder last, misschien geen last, als je op de juiste manier je afval gaat aanbieden, want dan heb je heel weinig restafval over. Dan doe je etensresten bij de GFT die je elke week aan kunt bieden. Je kan er ook voor zorgen, dat je je vuilniszak dicht maakt en in de bak doet. In principe hoeft daar dus niet heel veel materiaal in te zitten, de verhalen van de maden die eruit kruipen, dat hoeft niet plaats te vinden als je goed je afval scheidt. Dat heeft ook te maken met gedrag en communicatie. De heer Van Santen: Ik begrijp dat als alles gaat zoals het bedacht is, dan heb je geen problemen. Maar dat was mijn vraag natuurlijk ook niet. Mijn vraag was, als nou in een straat, dat dat niet gebeurt, en het loopt daar een beetje uit de hand. Dan vraag ik me af: wat gaat de gemeente dan doen? Wethouder Muis: Ik ga natuurlijk uit van de goede wil van de mensen. Ik verwacht ook niet, dat mensen zich massaal hier tegen gaan keren. Ik verwacht dat de meeste mensen hieraan mee gaan werken. Desalniettemin gaan we er natuurlijk wel op toezien dat dingen gebeuren op de manier waarop ze moeten gebeuren. Daar gaan we natuurlijk ook op inzetten.
Er is rekening mee gehouden, dat er extra wordt gecontroleerd, maar dat er ook over wordt gecommuniceerd. We willen liefst uitleggen hoe het moet, maar uiteindelijk kom je misschien in een situatie waarvan je zegt: dit is niet helemaal de bedoeling. Daar hebben we zeker oog voor, dat is in het hele project mee genomen, dat we niet naïef zijn, dat we denken dat iedereen of alles vanzelf goed gaat. Maar de houding is vertrouwen hebben in onze inwoners. De heer Van Santen: Goed, ik begrijp dat er controle is, dat is goed. Beantwoord u ook nog mijn vraag, hoe u de claim gaat waarmaken: als je minder afval scheidt, dat je ook minder gaat betalen. Wethouder Muis: Wie minder afval scheidt, gaat minder betalen dan iemand die niet goed zijn afval scheidt. Als wij niets doen, gaat iedereen meer betalen. Dat is het verhaal. Ik kan ook niet in een glazen bol kijken en aangeven hoe de kosten zich verder gaan ontwikkelen. Dat heeft ook te maken met inflatie, de verwerkingskosten, we hebben te maken met het rijk, waarvan niet helder is hoe hard en snel zij in gaan grijpen als wij niet ook heel snel naar die 100kg bewegen. Dat kan ik niet aangeven, maar als we niets doen wordt het sowieso voor iedereen duurder. Als je goed je afval scheidt, dan ga je minder betalen dan iemand die zijn afval niet goed scheidt.
De heer Van Santen: Het voorbeeld dat iemand zijn afval 25% laat dalen, zijn restafval, maar toch elke 2 weken zijn bak moet plaatsen, die gaat dan toch niet minder betalen? Wethouder Muis: Ik hoor al hele goede suggesties achter u. Als je je bak op dezelfde manier aan blijft bieden, dat maakt niet uit. Als die niet vol zit, moet je hem niet aanbieden. Dat vergt dan nog wat uitleg. Of wat ik de heer Markus hoorde zeggen: je kunt ook kiezen voor een kleinere bak, dan heb je een lager tarief. De mensen zullen het moeten gaan ervaren. Die vragen krijg ik ook: ik heb nu een kleine bak, moet ik een grote bak nemen? Ik zou zeggen: wacht even, kijk hoe je gedrag is, kijk hoe je uitkomt. Als u straks die tarieven heeft vastgesteld, kunnen mensen dat beter voor zichzelf berekenen: in mijn situatie is het handiger om een kleine bak te nemen of een grotere bak. Dat is heel persoonlijk. Ik kan er ook geen algemene uitspraak over doen. Ik ga verder. Dan ben ik bij de heer Jansen van WIJ, hij had het ook over het grof afval, daar heb ik antwoord op gegeven, waarom dat is en wat de consequentie is als je dat niet doet, dat die keuze gemaakt kan worden, maar dat dat niet het voorstel van het college is. Dank voor de complimenten over het goede advies.
Over het aantal aanbiedingen, die hebben wij opgenomen, dat is op basis van ervaringen, ook met andere gemeenten, dus dat is waar wij van uitgaan. We kunnen altijd evalueren na een jaar. Als u het anders wilt, dan kunt u dat via amendementen aanpassen. Hier hebben mensen over nagedacht die er verstand van hebben, ik weet ook niet of 11, of 13, of 12 het meest effectief is. Ik zou zeggen: bepaal zelf wat u wenst. Dan kom ik bij de heer Weerheijm van D66. Dank voor de ondersteuning. Het besef dat er veel vragen zijn en dat dat logisch is. Dat we inwoners willen belonen die goed scheiden. Ook de heer Weerheijm heeft de communicatie aangegeven, dat we daar goed naar moeten kijken, dat is voldoende besproken. Wat ik al eerder aangaf naar aanleiding daarvan: er zijn ook mails met steun. Zeker. Maar ook tegelijk vragen. Mensen zeggen: heel goed dat jullie dit doen, maar ik heb ook een vraag. Dat is helemaal prima, we beantwoorden al die vragen. Dat was het, dank u wel.
16/33
Tweede termijn De heer Duk, GL: Wat betreft de luiers, er zijn gemeenten die deze apart inzamelen en voor bijna 100% recyclen. Inzamelen zou bij kinderopvang of andere centrale plekken kunnen plaatsvinden. Maar laat ik me beperken tot de tarieven. Zolang deze aparte inzameling nog niet is geregeld door de gemeente, dan zou ik een vrijstelling voor deze groep juist vanwege de stank van een klein aantal ledigingen van kinderen onder een bepaalde leeftijd graag zien. Ik ben benieuwd of andere partijen met een voorstel komen. Ik ben in de eerste termijn nog niet ingegaan op de inzameling van grof vuil en ik moet zeggen dat ook GL vraagtekens zet bij deze erg hoge prijs. De heer Markus: Dit is de omgekeerde wereld. U doet een voorstel en vervolgens zegt u: andere partijen mogen met een amendement komen. Dat is toch heel raar. Ik doe een voorstel, GL wil je hem even voor me dichten. We zijn geen secretariaat van GL. Ik zou zeggen: kom er zelf mee. De heer Duk: Daar heeft u absoluut gelijk in, mogelijkerwijs overweeg ik dat nog, maar met alle liefde sluit ik aan bij een ander. Ik ben in de eerste termijn nog niet ingegaan op de inzameling van het grof vuil en ik moet zeggen dat ook GL vraagtekens zet bij deze erg hoge prijs, want de vraag is wat je hiermee wilt bereiken. Wil je de hoeveelheid grof vuil terugbrengen? Een nobel doel dat past bij de vervuiler betaalt.
Of is het doel de burger minder gebruik te laten maken van in andere gemeenten gratis dienstverlening. Ik heb het even nagekeken. In gemeenten waar het ophalen van grof vuil gratis is, is er geen grotere hoeveelheid grof vuil. Het is per slot van rekening vooral een oude bank of een gesloopt muurtje. Welk tarief je ook rekent, de hoeveelheid afval blijft in die gevallen gelijk. Het huidige tarief is voor gezinnen zonder rijbewijs al een grote drempel en volstaat in de ogen van GLfractie in haar doel. Al met al een prima voorstel waar we nu mee aan de slag moeten gaan. De heer Halkes, CDA: Ik dank wethouder Muis voor alle antwoorden. We sluiten ons aan bij de CU v.w.b. de zorgen over het tarief voor grof afval. Dat verhogen lijkt ons ook niet wenselijk. Ook delen wij de zorgen die zijn geuit voor de gevolgen voor grote gezinnen, zoals PvdA hier benoemde. Het luiervoorstel van GL klinkt interessant en we wachten het amendement van de heer Duk af. Op onze vraag over de nulmeting hebben wij helaas nog geen antwoord gehad, misschien wil de wethouder dat nog even zeggen. Niet effectief de communicatie meten vind ik toch wel zorgelijk. Juist omdat in het rapport van Rijkswaterstaat staat, dat communicatie de sleutel is om neveneffecten tegen te gaan van diftar, zoals afval dumping en vervuilde reststromen. Dus graag daar nog een reactie op.
Het aangekondigde amendement scenario nul zetten we door. Inwoners mogen geen proefkonijn worden van diftar, ze moeten een eerlijke kans krijgen om aan het nieuwe systeem te wennen. Ik hoop dat andere fracties daarin mee willen gaan, want Lansingerland is nog niet klaar voor diftar. De heer Van Santen, VVD: Ik kan aansluiten bij de heer Halkes, wij maken ons echt zorgen over de invoering en wat dit allemaal gaat betekenen. Wij zijn ook voorstander van een gewennings- of overgangsperiode. De kosten van het grof vuil, ik heb het gevoel dat dat raadsbreed zo is, dat gaat echt veel te hard omhoog, dus ik denk dat daar wel een amendement voor gaat komen. De heer Markus, CU: Ik wil even beginnen met de oproep die de wethouder deed om de goede boodschap te vertellen. Dat herkennen wij zeer, want wij zijn druk bezig met mensen goed uit te leggen wat diftar inhoudt en wat je ermee bereikt. Ik moet zeggen: dan zie je de lampjes branden en worden mensen enthousiast. Daar kan je negatief op reageren, dan gaan mensen met je mee. Als je het op een goede manier uitlegt, dan zie je dat het begrip toeneemt en dat mensen ook snappen waarom we dat gaan doen. Dat benadrukt nogmaals het belang van goede communicatie. Ik ben het met veel punten van het CDA niet eens, maar ik vind echt dat je de effectieve communicatie moet meten.
We hebben Lansingerland Peilt, die vragen kan je nu opstellen, die zijn niet heel ingewikkeld. Volgens mij kan je Lansingerland Peilt prima begin december vragen om die vragen uit te zetten, om te meten of men gewoon snapt hoe het werkt. Als er niets uit komt, fantastisch, dan kunnen we de vlag uithangen, dan kunnen we aan de slag. Is het niet goed, dan hebben we nog de laatste week van december en januari om daar nog heel effectief op in te zetten, op die communicatie. Ik denk dat je daarmee echt een goede start maakt. De heer Van Santen: Ik ben blij met de inbreng van de heer Markus m.b.t. de communicatie. Als blijkt dat het niet goed aankomt bij de inwoners, dat men het niet goed begrijpt, dan is er toch nauwelijks nog tijd om dat goed te breien in de laatste week van december. De heer Markus: Die zorg heb ik minder. Ik snap waar u naartoe wilt: dan kunt u mooi meegaan in een soort proefperiode als het gaat om diftar. Nee, absoluut niet. Ik ben ervan overtuigd dat je dit soort dingen gewoon in één keer moet invoeren. Natuurlijk gaat het met problemen gepaard, dat zullen we goed moeten monitoren, dat geeft de wethouder ook aan. Ik heb echt niet de illusie dat iedereen in januari staat te trappelen. Ik kan me nog goed herinneren, dat er plastic zakken langs de weg hingen, dat ging ook dramatisch.
Elke vergadering ging het hier over en nu hoor ik bijna geen klachten meer, dat het mis gaat. Het kost gewoon tijd, dat moeten we ons realiseren. Het is belangrijk, dat we niet bij elk probleem gelijk op de trommel slaan, dus daar kijk ik anders tegenaan. Ik vind wel dat communicatie effectief ingezet moet worden.
17/33
Wat betreft de luiers, ik snap de wethouder dat je niet op elk probleem moet inspelen, omdat dat lastig is, maar ik moet even bedenken of dit een klein probleem is of een groot probleem, dat laat ik nog even bezinken. Wat betreft het grof afval, volgens mij is er een raadsbrede meerderheid, die is er in ieder geval kritisch over, dus ik verwacht er zeker een amendement over om het of helemaal te schrappen of er anders mee om te gaan, dus daar komen we richting de raad zeker uit. Dank u wel. De heer Azzouzi, PvdA: We bedanken het college, de wethouder, voor het beantwoorden van de vragen. Er blijft nog een technische vraag, die gaan we opstellen samen met de CU. Wat betreft de kwijtschelding neigen wij naar profiel 1, in lijn met L3B, dat een aantal dingen niet gewijzigd hoeven te worden. Vooral omdat de motivering van profiel 2 op wantrouwen is gebaseerd en niet vanuit vertrouwen. We willen het eigenlijk omdraaien, we gaan kijken en evalueren hoe dat gaat volgend jaar. Als mensen niet goed scheiden of het niet goed doen, dan kunnen we dat altijd nog invoeren. Dat is onze input. De doelgroepaanpak heeft ons nog niet overtuigd, daar gaan we het in de fractie over hebben, dan komen wij terug bij de raadsvergadering. Dank u wel. De heer Jansen, WIJ: Wethouder, bedankt voor de beantwoording.
Ik denk dat voor iedereen duidelijk is dat we als Lansingerland het doel goed voor ogen moeten hebben en dat we de hoeveelheid afval naar de 100kg gaan brengen op een zo kort mogelijke termijn. Dat moet het streven zijn, dat is duidelijk. Ik hoor ook de commissiebrede steun, dat we wat aan het grof vuil moeten doen, dus we gaan zeker mee aan tafel zitten om daar een amendement voor voor te bereiden. We zien ook graag de motie of het amendement van de heer Duk tegemoet over de luiers. Dank u wel. De heer Weerheijm, D66: Allereerst wethouder bedankt voor de beantwoording van alle vragen, het waren er een hele hoop. Voor de rest geen vragen meer van mijn kant in deze tweede termijn. Alle moties en amendementen, daar gaan we natuurlijk serieus naar kijken. Ik vind het systeem van de heer Duk, als ik iets wil dat ik het dan uitbesteed aan een andere partij, dat vind ik best wel zijn charmes hebben. Misschien is er wat langer over na te denken. Wethouder Muis: Dank voor uw bijdragen in de tweede termijn. Ik zal ze snel langs lopen, wat er eventueel nog open staat. Grof vuil is door een heleboel partijen aangehaald. Ik wil u er echt even op wijzen, dat de afgelopen 3 jaar de verwerkingskosten van het grof vuil met 300% is gestegen. Prima, als u daar een amendement over gaat maken, maar ik zou zeggen: stel er anders nog wat technische vragen over via de griffie.
Het is even goed te beseffen wat je dan beslist. Dat kan sowieso, voor de langere termijn, we gaan het na een jaar evalueren, maar neem dat mee. De heer Duk: Even ter verduidelijking. Zijn de inzamelingskosten met 300% gestegen of de verwerkingskosten? Nu ben je dus alle verwerkingskosten aan het afrekenen op een kleine groep mensen die niet in staat is om het zelf naar het afvalbrengstation te brengen. Wethouder Muis: De verwerkingskosten van grof vuil is het afgelopen jaar met 300% gestegen. De heer Jansen: De verwerkingskosten voor het grof vuil, dat is een combinatie van wat er aan huis opgehaald wordt plus wat er op het afvalbrengstation wordt gebracht aan grof. Die totale kosten zijn met 300% toegenomen. Ik neem aan, dat het merendeel op het afvalbrengstation wordt gebracht, want daar sta ik op zaterdag altijd in de rij. Wethouder Muis: Dat klopt. Maar ik geef het alleen even aan u mee, denk daar verder over na. U kunt er ook nog technische vragen over stellen als u een amendement gaat maken, maar dat u er even rekening mee houdt, dat was meer het punt, niet om er een technische exercitie van te maken. De heer Duk: Waarom wordt dan alleen de prijs van het inzamelen verhoogd en niet die van het verwerken bij het afvalbrengstation? Wethouder Muis: Het is natuurlijk de vraag wat je allemaal naar het afvalbrengstation brengt.
Misschien zijn er ook nog dingen van te recyclen en te scheiden. Meer heb ik er niet over te zeggen op dit moment. Dan ga ik naar het CDA, die heeft een aantal dingen genoemd, maar geen vragen, alleen over de nulmeting. Ging dat nou over de communicatie? Of het scenario? Ik weet het niet meer. De heer Halkes: De nulmeting ging over de kwaliteit van de afvalstromen. Wethouder Muis: Ik hoor van onze vorige portefeuillehouder dat we die hebben. Dan het punt van de communicatie, daar had u ook nog een punt over. Daar gaan we zeker volop inzetten, dat heb ik al voldoende duidelijk gemaakt in de eerste termijn. En het CDA had het over scenario nul. Die staat niet in het voorstel, er staat alleen een scenario 1 in, ik weet niet of u die daarmee bedoelt, maar scenario nul zult u dan zelf moeten maken. De heer Halkes: Kunnen de cijfers over kwaliteit afvalstromen worden gedeeld? Wethouder Muis: Ik zeg toe dat ik dat navraag. Sorry, dat kan ik niet zo zeggen, dat moet ik vragen. Wat ik kan delen, zal ik natuurlijk met u delen. De VVD pleit voor een overgangsperiode. Het antwoord daarop mag duidelijk zijn, dat is nee, want we gaan het gewoon invoeren. Wij zijn niet voornemens een overgangsperiode in te voeren. Over grof vuil heb ik het net gehad. Dan kom ik bij de CU. Heel fijn dat de CU het inderdaad ook zelf uitlegt aan mensen wat precies de bedoeling is, dank daarvoor.
Zeker onderstrepen het belang van die goede communicatie. Ook de suggestie Lansingerland Peilt, ik wil daar oprecht naar kijken of dat kan, of dat past in die periode. Ik wil ernaar kijken, maar ik wil niet toezeggen dat we dat gaan doen. Ik ga kijken of het een optie is of dat we er een andere vorm voor kunnen vinden. We willen in elk geval de communicatie goed tegen het licht
18/33
houden in die periode. Of dat het via Lansingerland Peilt kan of iets anders, dat moeten we nog even bezien. De heer Markus: Kan het wel voor de raad onze kant opkomen, want dan kunnen we er in de raad misschien nog iets mee. Wethouder Muis: Ik ga mijn best doen, ik weet het nog niet, maar als het kan dan hoort u het. Grof vuil, kritisch daar op, prima. Overigens, even ter aanvulling op het communicatieverhaal van de heer Markus: we gaan ook in januari door met informeren en communiceren. De afvalcoaches blijven langer dan tot januari, we gaan echt kijken wat er nodig is daarin. Het is niet zo dat het 1 januari allemaal draait, de communicatie loopt echt door. We houden de vinger aan de pols. Dan ga ik naar de PvdA. Over kwijtschelding, de wens voor profiel 1. Het college stelt profiel 2 voor, zeker niet vanuit wantrouwen, juist uit vertrouwen dat iedereen hier aan bij wil dragen en dat iedereen meedoet, mee kan doen en daar een bijdrage aan levert, hoe groot of hoe klein die is, maar dat vinden wij belangrijk. Het is uit vertrouwen dat we dit graag willen en niet uit wantrouwen. De heer Azzouzi: Maar het staat wel in de toelichting vanuit wantrouwen, fraude, dat mensen niet goed gaan scheiden. Wethouder Muis: Er staan inderdaad 2 dingen. Er staat ook: je wilt fraude voorkomen. Er is een potentiële mogelijkheid om te frauderen en die willen we afsluiten hiermee.
Wat niet wil zeggen, als je hem open had gesteld, dat er dan per definitie gefraudeerd zal worden, maar die willen we dus sluiten. Daarnaast is een andere doelstelling, dat iedereen een bijdrage levert. In die zin klopt het, maar het is niet vanuit wantrouwen richting een hele doelgroep, dat wil ik even scherp stellen. Dan WIJ, alleen nog over het grof vuil, daar hebben we het over gehad. En D66 had verder geen vragen. Dank u wel. De voorzitter: Dan zijn we aan het eind van de besprekingen bij dit agendapunt. Het is een makkelijke conclusie, het gaat naar de raad als een bespreekstuk. Er zijn verschillende amendementen aangekondigd, ik heb er al 4 geteld. Maar in ieder geval een bespreekstuk in de raad van 22 oktober. 6.c Vaststelling Legesverordening Recreatieschap Rottemeren Mevrouw Van Splunter, GL: Het zou logisch zijn om de vaststelling van de legesverordening zonder dat de situatie gewijzigd is en tekst en tarievenlijst gelijk zijn gebleven opnieuw groen licht te geven. Het feit dat de publicatie niet gebeurd is, zoals de leges in de stukken, is slordig. Echter, van achter kijk je een koe tegen de staart, om de nette variant te gebruiken. Ik heb het eerder vaststellen van de leges, maar volgens de advocaat moet het legesverordening zijn, als ik het goed uitspreek, zolang je maar weet waar het over gaat. Maar die heb ik overigens niet terug kunnen vinden.
Op zich zal GL tijdens de raadsvergadering van 20 oktober instemmen met de vaststelling van de geactualiseerde versie, maar we hebben ook wat vragen aan de wethouder. De legesverordening met bijbehorende tariefindicatie is 8 dagen na publicatie van kracht. In de verordening staat opgenomen dat met de inwerkingtreding deze met terugwerkende kracht gebeurt. Dus wij constateren dat er de afgelopen periode leges zijn berekend die formeel nog niet gelden. Op de website van het recreatieschap staan de legesbedragen die behoren bij de actualisatie per 1 januari 2022. Kan dit juridische problemen opleveren voor de gemeente? Bij vaststelling op 20 oktober tijdens de gemeenteraad is dat probleem overigens meteen opgelost. Het gaat hier relatief over lage bedragen, maar zou dit over andere leges gaan, dan zouden we wellicht wat grotere problemen hebben. Hoe gaan we dit in de toekomst voorkomen? Dat was hem. De voorzitter: Begreep ik dat u zei, dat het een hamerstuk voor de raad is? Of heb ik dat verkeerd begrepen? Mevrouw Van Splunter: Ja, uiteindelijk wel. Wat er gevraagd wordt wel. De heer Markus, CU: Normaal zijn we er heel kort over. Ik zeg toch leges, excuses, anders gaat het niet goed in mijn hoofd. Wij zijn normaal heel kort over legesverordeningen, maar in maart 2019 is er vanuit onze fractie toch kritisch naar gekeken.
Naar onze mening stonden er toen een hoop zaken in, waarover geheven wordt. Ga er eens naar kijken, er staan een hoop dingen in, waarvan we niet wisten dat het bestond. Ik kan me nog herinneren dat de heer Muis allerlei voorbeelden noemde van heel rare dingen. Volgens mij is het goedkoper om een jaar lang met een boot van 20 meter daar te varen dan met een modelbootje, dat klinkt toch wat raar. Bovendien staan er heel veel zaken in waar echt geen leges over geheven worden. Daar is in 2019 wat rumoerig over gedaan, de wethouder deed er eerst wat makkelijk over, maar daarna toch een toezegging. Die wil ik even voorlezen, die stond in de brief: in de bijeenkomst van het dagelijks bestuur van het recreatieschap van 25 maart is het verzoek neergelegd om de legesverordening eens goed door te nemen op hetgeen erin is opgenomen of het nog relevant en van toepassing is. Tevens is hierbij verzocht om de tarifering nog eens goed door te nemen en indien nodig aan te passen. Het recreatieschap gaat hiermee aan de slag en zal dit jaar nog met een antwoord komen. Dat zal aan de gemeenteraad worden voorgelegd met indien nodig een aangepaste verordening. Ik moet heel eerlijk zeggen, dat jaar hebben we het niet meer scherp in de gaten gehouden. We zijn nu 3 jaar verder, er is geen moer aangepast, aan de legesverordening niet. Dit is natuurlijk een beetje rare toezegging.
We zijn even benieuwd wat de status hiervan is en of het recreatieschap hier alsnog mee aan de slag gaat. Want allerlei leges die toch nooit geheven worden, dat zorgt voor een onnodig moeilijke verordening en die kan dan veel eenvoudiger. Het tijdsaspect is geen probleem, want hij is toch nooit gepubliceerd, dus of het nu nog een paar maanden op zich laat wachten, of een jaar, dat maakt
19/33
schijnbaar ook niet zoveel uit. Ik ben even benieuwd naar de reactie van de wethouder hierop. Dank u wel. Beantwoording college Wethouder Muis: Dank voor beide bijdragen. U heeft beiden eigenlijk helemaal gelijk. Er is verzuimd de verordening te publiceren, waardoor die niet van kracht is. Overigens is dat niet alleen afhankelijk van Lansingerland, maar ook van Zuidplas en Rotterdam. Ik kan u zeggen dat ook in Zuidplas het om één of andere reden ook niet gepubliceerd is, maar sowieso moet het in alle drie de gemeenten gepubliceerd worden om van kracht te zijn. Nu is de oude verordening van kracht. Ik heb ook inderdaad de discussie meegemaakt indertijd, ik ben bang dat ik die toezegging over ga nemen, maar we moeten niet wachten, omdat het nu al zo lang heeft geduurd, dat we nu wel duidelijkheid moeten geven, het liefst vaststellen. Ik ga het zeker in het DB van het recreatieschap aan de orde stellen, wat de heer Markus aangeeft. Punten, moeten die erin? Die verhoudingen, dat je voor een miniatuurboot meer betaalt dan voor het aanleggen van een jacht. Dat zijn best opmerkelijke dingen. Daar zal ik me verder in verdiepen en in de vergadering van het bestuur aan de orde stellen, dat we in een volgende versie, als daar aanleiding toe is, dit wel op gaan pakken. De toezegging mag alsnog worden genoteerd, ik weet niet of die nog ergens stond, maar de griffie gaat het uitzoeken.
Hiermee heb ik ook de vragen van mevrouw Van Splunter beantwoord. Dat ging over de leges die zijn geheven in de tussentijd. Dat is een vraag die we moeten uitzoeken, daar kan ik niet zo direct antwoord op geven, hoeveel leges er zijn geheven op deze kleine initiatieven. Dat zult u nog van mij tegemoet zien. Tweede termijn De heer Markus, CU: Met deze toezegging is het wat ons betreft een hamerstuk. De voorzitter: Dan stel ik voor dat dit agendapunt als een hamerstuk naar de raad gaat. 6.d Raadsconsultatie Strategische agenda 2023- 2026 politie eenheid Rotterdam De heer Duivesteijn, L3B: Graag wil ik beginnen met onze waardering voor de politie uit te spreken. Sinds het vorige meerjaren beleidsplan is er nogal wat gebeurd in de wereld, waar ook de politie mee te maken kreeg. Denk aan de coronapandemie, die nog steeds voort duurt en de daaruit volgende avondklokrellen. Ondanks al die omstandigheden staan ze altijd paraat en daarvoor zijn we zeer dankbaar. We zijn blij met de strategische agenda van de politie, hier is duidelijk over nagedacht. Het stemt ons echter ontevreden, dat het meerjaren beleidsplan wordt opgesteld, terwijl het nieuwe integraal veiligheidsplan voor Lansingerland nog niet is behandeld.
Vraag aan de burgemeester: hoe kunnen we onze lokale accenten toepassen in de komende jaren? Wanneer behandelen we het integraal veiligheidsplan van Lansingerland? Als we rapport en onderzoek lezen, dan lijkt het allemaal wel goed te gaan in Lansingerland objectief gezien. Wel baart het aantal fietsendiefstallen en auto-inbraken ons zorgen. Ook vandaag trok Buurttoezicht Lansingerland hierover aan de bel. Maar we hebben niet alleen te maken met vermogenscriminaliteit. De zogeheten high impact crimes laten ook grote impact achter in onze samenleving. Zo hadden we de schokkende liquidatie vorig jaar in Bleiswijk. In maart dit jaar werd een vrouw neergeschoten in Bergschenhoek in haar eigen woning. Dan lezen we ook nog met regelmaat over steekincidenten verspreid over onze dorpskernen. Om Lansingerland nog veiliger te maken en adequaat op dit soort meldingen te kunnen reageren, hebben we als partij 3 eisen. Ten eerste, de bezetting van de basisteams moet op orde zijn. L3B eist dan ook conform de politiewet 1 wijkagent op 5.000 inwoners. Volgens de huidige inwoneraantallen hebben we dan 12,8 fte nodig. Als ik het goed heb, zitten we nu op 10. In het beleidsplan staat dat alles in 2024 weer op orde zal zijn, dat lijkt ons veel te rooskleurig geschetst. Er is een enorme vergrijzing gaande en er zijn reeds vele personeelstekorten.
Daarbij is ook nog de politieopleiding van 3 naar 2 jaar gegaan, dat kan niet anders dan gevolgen hebben voor basis politiezorgen. Onze vraag aan de burgemeester: is het tekort van 2,8 fte inmiddels achterhaald? Deelt hij onze zorgen over de geformuleerde doelstelling? Hoe kijkt de burgemeester naar de huidige basis politiezorg in Lansingerland? Wil hij hier scherp op blijven monitoren en terugkoppelen als hij hier een verandering op signaleert? Onze tweede eis: onze wijkagenten moeten 100% voor Lansingerland beschikbaar zijn. L3B heeft grote zorgen over de beschikbaarheid in de praktijk, ze zijn geregeld elders aan het werk, bijvoorbeeld bij een wedstrijd van Feyenoord. We zijn blij dat het reeds in de zienswijze wordt aangekaart. Als we meer en vaker politieagenten beschikbaar hebben, kunnen we wellicht ook de zorgelijke trend fietsendiefstal keren. Dit jaar zijn er al meer dan 130 fietsen gestolen in Lansingerland. Onze derde eis: de aanrijdtijdennorm van de politie moet gehaald worden. De norm dat in 83% de politie binnen 15 minuten ter plaatse moet zijn, werd jarenlang in Lansingerland niet gehaald. Daar lijkt dit jaar verandering in te zijn gekomen, maar we zien de laatste maanden weer een daling tot onder die norm. Graag zien wij hier aandacht voor in de zienswijze. Om af te sluiten: om Lansingerland nog veiliger te maken is het nodig om integraal samen te werken.
Politie, gemeente, BOA’s,
20/33
jongerenwerkers, betrokken inwoners, Buurttoezicht Lansingerland, we moeten het samen verwezenlijken. Graag roepen wij al deze partijen op om de samenwerking te intensiveren, bijvoorbeeld ook door te onderzoeken hoe BOA’s gehuisvest kunnen worden op het politiebureau in Berkel. Dank u wel. De heer Markus, CU: Wat de CU betreft complimenten voor deze strategische agenda. Naast de strategische thema’s, waar we ons in kunnen vinden, zijn we ook erg tevreden over 2 geprioriteerde veiligheidsthema’s. Goed om te lezen dat de politie meer aandacht geeft aan zorg en veiligheid en dan specifiek voor de bescherming van kwetsbare jongeren, aanpak huiselijk geweld en personen met verward gedrag. Allemaal zeer belangrijke situaties, waarmee de politie meer en meer te maken krijgt. Complexe situaties met kwetsbare personen, juist dan is het belangrijk dat in deze situaties zorgvuldig en adequaat door de politie wordt gehandeld. Het andere veiligheidsthema is maatschappelijk ongenoegen. De protesten rondom corona en stikstof hebben laten zien dat dit thema zeer belangrijk is voor de politie: hoe ga je hier goed mee om? Uitstekend dus dat hier extra aandacht voor komt. Kortom, wat ons betreft een prima agenda. De door ons te versturen zienswijze benoemt alleen het belang van 1 wijkagent op de 5.000 inwoners, een belang dat wij van harte kunnen ondersteunen.
De zienswijze eindigt met een summier zinnetje dat wij achter de inhoud staan. Dat mag wat ons betreft wel enthousiaster. Met een meer enthousiaste zin, waarmee de zienswijze begint doet meer recht aan de goede agenda die nu voor ligt. Ook de punten, die de heer Duivesteijn benoemde over de inzet van de politie zijn zeker goed om in de zienswijze te vermelden, complimenten mogen best uitgedeeld worden. Ik ben benieuwd hoe de andere partijen daar tegenaan kijken. Als iedereen dat een goed idee vindt, dan moeten we met de griffie een paar prachtige zinnen formuleren, dan kan de zienswijze zonder amendementen in de raad doorgang vinden. Wat betreft de CU is het ook prima om de punten die L3B aanhaalde, om de aanrijdtijden op te nemen. Dat was hem. De heer Weerheijm, D66: Eigenlijk kan ik in grote lijnen aansluiten bij de opmerkingen van de heer Markus achter mij. Prima om een aantal zinnen toe te voegen. Ik snap de opmerking van de heer Duivesteijn goed en van de heer Markus over wat er nog bij moet in de zienswijze, daar kan ik mij in vinden. Het lijkt mij makkelijker als we dat vooraf kunnen doen en niet met een amendement. Tot zover. De heer Halkes, CDA: Ook wij hebben complimenten aan de politie voor hun inzet de afgelopen moeilijke jaren. Wij sluiten ons aan bij het voorstel van de CU om een paar prachtige zinnen toe te voegen om dat te laten merken.
We sluiten ons ook aan bij de zorgen die L3B uitte over de wijkagenten en de aanrijdtijden. Zoals ik het begreep, is één van de redenen voor het tekort de vele evenementen in Rotterdam die politie-inzet vragen. Volgende zomer de Nations League in Rotterdam, waar veel agenten voor nodig zijn. Dat is natuurlijk hartstikke mooi, maar het gaat wel ten koste van het werk in de wijk, hebben we begrepen. Ik wil dan ook de burgemeester vragen om mijn zorgen over te brengen aan de corpsbeheerder. Dat politietaken blijven liggen omdat nagenoeg elke week een festival of evenement plaats vindt in Rotterdam, is wat ons betreft een grote zorg. Daarnaast zien we dat digitale weerbaarheid terug komt in dit plan, dat is mooi, want dat is een belangrijk onderwerp. Mooi, dat de eenheid daar verder in gaat investeren, maar kunnen wij als gemeente misschien ook een tandje bijzetten door bijvoorbeeld het betrekken van scholen, bibliotheek, ouderenverenigingen et cetera? Dat was het. Mevrouw Van Splunter, GL: GL is ook zeer positief over deze strategische agenda. Ook over de inbreng van L3B. We zien met name de toegevoegde waarde van de wijkagent, dienstverlening en handhaving, maar ook vanuit sociaal oogpunt bekeken. De wijkagent kent immers de wijk met die bewoners. Hij heeft daardoor goed zicht op ontwikkelingen en een ontzettend belangrijke rol bij signalering en preventief schakelen.
Wij zouden dan ook in de reactie die de gemeente Lansingerland geeft sowieso net als de CU een iets positievere inleiding zien, maar in de afsluiting ook iets stelliger de aanbeveling dat wijkagenten daadwerkelijk 100% ingezet worden voor hun eigen taken. Nu staat er: wij zien graag, ik weet niet letterlijk wat er staat. Maar wij willen dat niet graag, alsjeblieft dat het gebeurt. Nee, het moet gebeuren voor de effectiviteit van wijkagenten in Lansingerland. De heer Scheringa, PvdA: Ik had een heel betoog, maar 80% is al gedaan, dus ik zal proberen me te beperken. Als sociaal progressieve partij is sociale veiligheid voor ons natuurlijk heel belangrijk. Zonder de fysieke veiligheid die de politie levert, is sociale veiligheid niet mogelijk. Mijn fractie is net als andere fracties erg blij met de inzet van de politie in onze gemeente en regio voor het bewaken van de veiligheid. Over de zienswijze, er staat op een gegeven moment dat 20% overige werkzaamheden. Mijn fractie vraagt zich af: wat zijn die 20% overige werkzaamheden? Als de wijkagent dat niet gaat doen, wie gaat dat wel doen? We gaan er wel vanuit dat het nuttig is, want anders zou je helemaal niet moeten doen, dus daar zijn we nieuwsgierig naar. Daarnaast, ik hoor van andere fracties dat ze de zienswijze wat willen uitbreiden, daar gaat het mij om, onze visie op de zienswijze over het plan. Het plan vinden wij
21/33
verder oké. Het is wel erg gericht alleen op de wijkagent. In dit plan staat ook, dat de digitale criminaliteit gewoon gaat stijgen de komende jaren. Daarnaast is ondermijning een groot probleem? Ondermijning lijkt me ook bij uitstek iets waar sprake van is in het kassengebied. Ons idee zou zijn om dat ook nog toe te voegen aan de zienswijze, dat er extra nadruk op gelegd wordt. Dat is het. Sorry, nog even terugkomend op sociale veiligheid. Iemand noemde het net ook al, er is ook een rol vanuit de gemeente, het preventieakkoord tegen drugsgebruik, jeugdzorg, goede geestelijke gezondheid, schuldhulpverlening, noem de maatregelen allemaal maar op. Daarmee kunnen we sociale veiligheid vergroten, wat ten goede komt aan de fysieke veiligheid. Mijn fractie zou het fijn vinden om dat ook in de zienswijze op te nemen. Dank u wel. Mevrouw Van Bakel, VVD: Met instemming heeft de VVD-fractie kennis genomen van de strategische agenda van de politie-eenheid Rotterdam. We hebben deze agenda tegen het integraal veiligheidsbeleid 2019-2020 en de nieuwe begroting 2023-2026 van de gemeente aangehouden. Volgens ons is het geheel in lijn met deze stukken. In de zienswijze zouden wij graag opgenomen zien, dat we uitzien naar 2024, wanneer het aantal wijkagenten weer op sterkte is.