CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV22.0049] Verslag cie Ruimte d.d. 17 mei 2022

Commissie Ruimte 7 juni 2022, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering27.790 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Lansingerland heeft nu eenmaal op dit moment in de koopsector 3 soorten huizen: dure, heel dure en extreem dure. Ook met deze plannen, zoals ze er nu liggen, ook al zijn ze zacht met de economie die er nu is, gaat dat niet veranderen. Mijn voorganger zei het al, meneer Xhemaili: de minister van volkshuisvesting heeft

22/30

aangegeven, dat gemeenten 30% sociale woningbouw moeten hebben. Ze moeten meer aandacht voor doelgroepen hebben. Die 30% sociale woningbouw moet ook hier echt komen. Wat ons betreft nog meer, maar we denken dat die 30% ook hier realistisch te bereiken zijn. Het gaat daarbij om, om en nabij, tussen de 500 en 600 huizen meer die gebouwd moeten worden. Ons inziens is met name op Bleizo-west nog voldoende ruimte. Waar nu 1.500 sociale woningen gepland staan, dat zouden er meer moeten worden. Dan kan makkelijk. Het percentage bereikbare woningen van 20% achten wij bijzonder laag. Wij zullen elk project dat voor komt kritisch beschouwen om te zien of daar nog extra bereikbare woningbouw toegevoegd kan worden. Daar wil ik het bij laten. Mevrouw Maasland, CU: Het is goed om te zien dat er al veel projecten lopen en dat er ook nog veel zicht is op nieuwe woningbouwprojecten. Dat stemt ons positief en geeft ook voor een grote groep mensen die nu geen woning kan vinden wat perspectief. Voor wat betreft deze uitvoeringsagenda hadden we echter wat andere verwachtingen. We hoopten op duidelijke maatregelen met een concreet tijdspad, juist het tijdspad waar ook de woonvisie over spreekt. De uitvoeringsagenda die nu voor ons ligt geeft wat ons betreft eigenlijk niet genoeg handvatten om onze controlerende taak uit te voeren.

Aan het einde van de periode van de woonvisie in 2025 zijn er namelijk allerlei projecten, die volgens het tijdspad uitvoering, zoals in deze agenda beschreven wordt, een veel langere doorlooptijd hebben. Dus waar kunnen we in 2025 nu echt op controleren? Wat moet er in 2025 dan wel klaar zijn? We vragen het college daarom wat het doel van deze uitvoeringsagenda precies is en waar ze verwachten dat we op controleren. Tenslotte zou het handig zijn om, zeker met de wisseling van de raads- en nieuwe commissieleden, een lijst met definities op te nemen. Zo kan wellicht voorkomen worden dat er verwarring ontstaat over betaalbaar en bereikbaar, waar al eerder verwarring over is ontstaan. Dank u wel. De heer Van Berkel, D66: Allereerst dank aan het college en de ambtenaren voor deze uitvoeringsagenda. Het is goed om te zien, dat het college hiermee invulling geeft aan het uitgangspunt van de woonvisie om de raad te betrekken en zo dus ook de agenda door ons te laten vaststellen. Het is belangrijk dat met deze uitvoeringsagenda op verschillende pijlers van de woonvisie concrete maatregelen en acties zijn voorgesteld. Ook in de termen van Jan Schaefer te spreken, toch gevaarlijk als je een PvdA’er hier hebt zitten, volgens mij zei hij het iets netter: in geouwehoer kun je niet wonen.

Die uitspraak is bijna 50 jaar nadat Schaefer hem deed nog steeds actueel, want de wooncrisis is sinds het vaststellen van de woonvisie in 2021 alleen maar groter geworden. Het is een groot landelijk probleem, maar de urgentie in Lansingerland is nog hoger. Voor D66 is wonen ook één van de belangrijkste opgaven voor het nieuwe college. We willen een gemeente waar je goed kan wonen in een veilige, goed bereikbare en schone leefomgeving. In deze uitvoeringsagenda zitten in onze ogen in ieder geval wel goede stappen om deze enorme opgave aan te gaan. Het is goed dat er diverse concrete acties worden voorgesteld, maar we hebben nog wel een aantal vragen. Als je kijkt naar de voorgestelde acties uit pijler 1, woningbouwontwikkelingen, doorstroom en betaalbaarheid, daar zijn de acties redelijk concreet. Maar ook in navolging van de CU, we zien zeker bij de pijlers 2 en 3 dat er wel een heel brede scope wordt gekozen, wat ergens tussen 2021 en 2040 wordt uitgevoerd. Kan dat niet een stapje concreter? Als we kijken naar de uitvoeringsmaatregelen binnen bestaande woningen, we moeten gefaseerd zuiniger omspringen met energie, wanneer start en eindigt het aangekondigd project binnen het duurzaamheidsprogramma, graag wat concrete data. Verder hebben wij een vraag in het kader van de maatregelen t.a.v. de betaalbaarheid.

Hier geeft het college aan, dat er continu wordt ingezet op het verkrijgen van middelen, geld, mankracht en kennis van hogere overheden. De nieuwe minister voor wonen en ruimtelijke ordening is volop bezig met zijn nationale woon- en bouwagenda. In het regeerakkoord zijn er grote budgetten vrij gemaakt, ik denk dat we iets in de voorjaarsnota kunnen verwachten. Er zitten heel veel maatregelen voor het stimuleren van woningbouw en ook het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Aan welke mogelijkheden voor het verkrijgen van middelen zet het college op dit moment in? Liggen er plannen, zijn er contacten met het rijk of de provincie om geld, mankracht en kennis te verkrijgen? Om zo de woningbouwopgave in Lansingerland te gaan versnellen. Daarmee rond ik af. Wat D66 betreft worden er met deze uitvoeringsagenda belangrijke acties voorgesteld voor de realisatie van de woonvisie. Het mag zeker echt af en toe een slag concreter, zeker voor onze controlerende taak. Het is goed dat het huidige college in de periode dat ze nog bestuurt, maar zeker ook het komende college, volop aan de slag kan gaan met deze belangrijke opgave. Dank u wel. De heer Jumelet, VVD: De VVD is van mening dat de gemeente goed op weg is met de uitvoeringsagenda. Het schept een hoop duidelijkheid en dat is zeker nodig in een wooncrisis, waar we ons in dit land in bevinden.

Maar we blijven natuurlijk wel kritisch, daarom hebben wij een viertal vragen. In het raadsvoorstel wordt gesteld, dat er rekening gehouden wordt met de aankomende omgevingswet, zoals aangegeven in hoofdstuk 5, pagina 18. Hierin wordt gesteld dat evaluatie van de woonvisie in lijn verloopt met de omgevingsvisie. Maar worden de plannen dan ook uitgewerkt conform de omgevingswet? Of gebeurt dat pas zodra de omgevingswet in werking is getreden? Kan dit eventueel vertraging oplopen

23/30

voor de komende projecten en dus in de uitvoeringsagenda? Op de beeldvormende avond over wonen van 21 april j.l. werd gesteld dat de gemeente Lansingerland kampt met een tekort aan personeel en dat dit parten kan gaan spelen in het realiseren van projecten voor nu en voor in de toekomst. Hoe is hier rekening mee gehouden in de uitvoeringsagenda naast dat projecten met hoge prioriteit naar voren worden geschoven? Hoe houdt de uitvoeringsagenda rekening met mogelijke toewijzingen van provincie en rijk? Ik hoorde net al wat van minister De Jonge, dus er zit vast wat aan te komen. Welk effect ziet de wethouder hiervan op de uitvoeringsagenda? Is er spanning op de lijn van de uitvoeringsagenda in verband met de planning van het rijk of provincie? Onder veel inwoners bestaat het beeld dat realisatie van woningbouw ook in onze gemeente enorm lang duurt. Hoe gaat de wethouder aan de slag met de beeldvorming om te verduidelijken waarom processen rondom woningbouw dusdanig lang duren voor de inwoners van onze gemeente en dit aan de hand van de uitvoeringsagenda. We wachten de antwoorden graag af. De heer Ammerlaan, CDA: Een uitvoeringsagenda van de woonvisie. De uitvoering van, het derde deel. Weinig concreet, heb ik al meer gehoord. Misschien wat meer een ambtelijk stuk, door de ambtenaren goed gemaakt, dat wel, maar vrij globaal.

Het is meer een opsomming van woningbouw waar we al mee te maken hebben dan dat het echt een agenda is, dat we handvatten hebben, die missen we. Het document kan gebruikt worden om te monitoren hoever het is, maar dan moet je wel ergens op toetsen. Daar mis ik iets over. Is dat over 4 jaar? Veel beleid en activiteiten hebben een tijdspad van 2040, ja, dan heb ik daar niet zoveel mee, dat is een hele periode, dat duurt heel lang, dan ben ik al heel oud. Bij het doorlezen van het stuk, bij het goed doorlezen want dat was wel nodig, kwamen we toch wel een paar items tegen, die wat vragen opriepen en een opmerking. Ik vond het bijzonder dat de Driehoek Noordpolder het college gepasseerd heeft, waarbij het de status van studielocatie heeft, maar waar wel al exact bij staat hoeveel sociale, betaalbare en bereikbare woningen er gaan komen. Dat vonden we wel apart. Een paar vragen. Er wordt gesproken over een verpleeghuis voor kwetsbare ouderen, tussen de 80 en 200 woningen. Die doelgroep wordt wel benoemd in de woonvisie, maar is het al concreet nu er over aantallen gesproken wordt en waar zou het gerealiseerd worden? Er wordt gesproken over geclusterde woonvormen voor oudere, 80 – 120 woningen. Moet ik denken aan hofjeswoningen? Misschien heb ik wat gemist, ik vroeg het me af. Dan arbeidsmigranten. Er wordt gesproken over regisseren initiatieven huisvesting arbeidsmigranten.

Betekent dit niet dat de gemeente hier regie in gaat nemen? Vraag aan de wethouder. Een andere vraag, over betaalbaarheid bij maatregel 3.3, het staat er een beetje verwarrend. Er wordt over een compensatiefonds gesproken voor betaalbare woningbouw. Bij de uitvoerende maatregelen wordt gesproken over compensatiefonds voor sociale woningbouw. Is dat een schrijffout of zit daar verschil in? Wie kunnen er gebruik van maken? Waar is het voor? Een ander punt, woningsplitsing. Onwenselijke toepassing van woningsplitsing moet voorkomen worden. Er is vorig jaar al een keer een vraag over gesteld. Wat ik begreep, stond het eerst in de verordening woonruimtebemiddeling, maar die eindigde op 1 juli 2020. Er is na die beantwoording een keer gezegd: die komen terug. Maar als ik nu lees in de nota dan wordt er bij 3.4 gesproken over een tijdspad tussen 2022 en 2025. We vinden dat dat veel te lang gaat duren. Kan de wethouder aangeven dat dit concreet opgepakt wordt? Ik vind het een sluimerend iets wat opgelost moet worden, wat niet tot 2025 mag duren. Al met al wordt er gesproken, de rode draad van de uitvoeringsagenda ligt in het realiseren van een toekomstbestendige gemeente, waar alle mensen in 2040 prettig moeten kunnen wonen. Ik vind dat een goed uitgangspunt, maar dan zal er wel heel wat moeten gebeuren, maar er komt toch wat bij kijken om die opgaven uit te voeren.

Ik kijk belangstellend uit naar wat er in de toekomst gaat gebeuren. Dank u. De heer Crielaard, L3B: Over de uitvoeringsagenda woonvisie kan ik het relatief kort houden. Zoals ook vermeld in het raadsvoorstel zijn de uitvoeringsmaatregelen reeds bekrachtigd met de woonvisie of hier volgt een apart raadstraject voor. Desalniettemin vindt L3B het prettig om middels dit document meegenomen te worden in het overzicht van alle maatregelen. De uitvoeringsagenda maakt duidelijk dat er nog veel te doen is voor de komende jaren. De woningnood is hoog. L3B kijkt dan ook reikhalzend uit naar de verdere ontwikkelingen van de vele projecten, zoals bouwlocatie Bleizo-west of hoe Wilderszijde er straks uitziet en ook hoe het zich ontwikkelt rond het vraagstuk mobiliteit. Hierover diende collega Blonk vorig jaar een amendement in. Ik vind het goed om die hier nogmaals even genoemd te hebben, omdat de verwevenheid tussen woningbouw en mobiliteit toch een hele belangrijke is, dat er voldoende fietspaden zijn, busverbindingen, dat vind ik een heel relevante om nog even genoemd te hebben. Wat betreft de uitvoeringsagenda, een heldere uiteenzetting van de maatregelen. We zullen goed de vinger aan de pols houden op alle ontwikkelingen bij de behandeling van de zomerrapportages en jaarrekeningen. Tot zover mijn bijdrage in de eerste termijn.

De heer Alsemgeest, WIJ: Voor ons ligt de uitvoeringsagenda woonvisie 2021-2025, ons inziens een goed en duidelijk document, waarin we de voortgang kunnen volgen van de woonvisie, die we met elkaar hebben opgesteld. Een visie betreffende wonen is natuurlijk altijd goed en zeker in zo’n groeiende gemeente als die van ons. Heel veel jongeren die op zoek zijn naar een woning. Senioren die van een

24/30

grondgebonden woning naar een appartement willen verhuizen. Een woonwagencentrum dat moet worden vernieuwd of uitgebreid. Arbeidsmigranten die gehuisvest moeten worden. Mensen met een bepaalde zorg en noem maar op. De wethouder heeft het prachtig omschreven in het voorwoord van het document: de uitvoeringsagenda is het slotstuk van een drieluik van de woonvisie, een plek voor iedereen, maar is ook eigenlijk de start van waar we ons aan houden om de voortgang die we maken onderweg naar een toekomstbestendige gemeente. Deze uitvoeringsagenda is dan ook een musthave. Wat ik wel mis in de uitvoeringsagenda, dat is eigenlijk punt 1, is wat anderen ook al genoemd hebben, een wat hardere draad in het hele verhaal, wanneer. We moeten hier en daar toch eigenlijk een punt op de horizon zetten, waar we kunnen aflezen of we wel of niet op het traject zitten, waar we dachten te zitten. Dan heb ik nog een puntje. Er is in de uitvoeringsagenda, bij punt 4 wordt er gesproken over woningbouwprojecten in relatie tot de uitvoeringsagenda. Er komen een heleboel projecten naar voren, die we allemaal kennen. Onze fractie mist dan toch wel de versnelde bouw van seniorenwoningen. De heer Jumelet refereerde er eerder deze avond al aan, over een motie die vorig jaar was aangenomen in december.

We hebben ook nog de motie die afgelopen 27 januari is aangenomen over de versnelde bouw van seniorenwoningen aan de Lijsterlaan in Bleiswijk. We zien hier helemaal niets van terug in de uitvoeringsagenda, terwijl De Wildert bijvoorbeeld wel genoemd wordt. We zouden dan ook graag van de wethouder willen horen waarom deze versnelde bouw van seniorenwoningen aan de Lijsterlaan niet in de uitvoeringsagenda staat en wat we moeten doen om hem erin te krijgen. Dank u wel. Tot zover. De voorzitter: De nodige vragen. Is er wel voldoende personeel om te doen wat vermeld wordt, om dat uit te voeren. De arbeidsmigranten komen naar voren, het definitieverhaal, volgens mij heb ik dat al eerder gehoord in de afgelopen 4 jaar t.a.v. bereikbaar en betaalbaar. De pijlers, nog wat concreter, wat als het ministerie het e.e.a. over ons gaat melden, de geldmiddelen, de Noordpolder, woningsplitsing en de bouw van seniorenwoningen. Een aantal items. Beantwoording college Wethouder Arends: Ik constateer, dat u het heel grondig heeft gelezen en dat juich ik toe, want het is een belangrijk document. Op zich niet een document dat voor u is. Het is een collegebevoegdheid, het is een uitvoeringsagenda, maar gezien hoe betrokken we met elkaar zijn vonden we het heel erg belangrijk om ook dit voor u op te maken, juist dat u zegt: ja, dat is de goede weg.

Eigenlijk alles wat erin staat heeft u meegegeven in de woonvisie. Dus alle maatregelen, alle dingen die u daarin belangrijk vindt, de doelstellingen, dat is één op één overgenomen. Wat deze uitvoeringsagenda beoogt, is een aantal belangrijkheden. Aan de ene kant het goed ordenen: dit waren de maatschappelijke bedoelingen, de doelstelling, wat valt daar dan allemaal onder? En ook de prioritering, die ziet u in de kleurtjes terug. Daarnaast geeft dit document ons als organisatie richting om dingen te kunnen monitoren. Er zijn veel vragen gesteld, die eigenlijk niet bij dit onderwerp passend zijn. Het zijn wel heel terechte vragen, maar die komen allemaal in al die projecten terug. Ook uw vraag over de stip op de horizon, of het concreter kan, daar is eigenlijk deze agenda niet voor bedoeld. Het is echt hoog over, een vertaling van de woonvisie naar een uitvoeringsagenda in hoofdlijnen met alle prioriteiten, alle maatregelen. Het wordt allemaal concreet uitgewerkt in alle projecten. Die projecten komen allemaal naar u toe. U krijgt ook een bestuurlijke agenda, dan kunt u toetsen: gaat het snel genoeg, we hebben toch een motie, zit het er niet in? Dit is niet de plek die het moet krijgen in deze uitvoeringsagenda. Mogelijk stel ik u daarin teleur, dat ik niet alle vragen ga beantwoorden. Die vragen worden beantwoord op het moment dat er een project voorbij komt.

Of u trekt bij het college aan de bel: waar blijven die seniorenwoningen aan de Lijsterlaan? De heer Alsemgeest: Toch even de wethouder vragen. Ze zegt: het is niet nodig dat de moties, die wij gedaan hebben in de raad in december en in januari, dat die hier in de uitvoeringsagenda komen te staan, maar dit was toch uitdrukkelijk een vraag van de raad om dit te doen, dus ik neem aan dat dat meegenomen wordt hier in de uitvoeringsagenda. Dan kunt u wel zeggen: dat hoort er niet in. Maar volgens mij wel. Wethouder Arends: Uiteraard moeten we daarmee aan de slag. Bij elk woningbouwprogramma worden meerdere amendementen of meerdere moties vastgesteld en die krijgen een plek in het project. De moties t.a.v. het masterplan in Bleiswijk krijgen een plek in dat project. En de algemene, bijvoorbeeld het versneld huisvesten van senioren waar we vanavond uitgebreid over gesproken hebben, die komen in die projecten terug naar u toe. U ziet de prioriteiten, de uitvoeringsagenda gaat over sociale huisvesting, betaalbare huisvesting, starterswoningen, seniorenwoningen, zo ziet u er nog meer. Dat zijn de groepen waar de hoogste prioriteit aan wordt gegeven. Die krijgen een nadrukkelijke rol en een plek in deze uitvoeringsagenda.

Ik snap wel wat de wethouder zegt, maar volgens mij was die motie over versneld bouwen aan de Lijsterlaan een standalone, niet meegenomen in het grote plan van de Merenweg, want die grond bezitten wij als gemeente zijnde en we wilden daar vooruit gaan bouwen in plaats van het meenemen in het grote project. Ik neem aan, dat het dan ook apart komt te staan en dat we daar eerder mee van start gaan dan het hele project Merenweg. Wethouder Arends: De brede oproep, het toevoegen van veel seniorenwoningen, is echt goed omarmd door de hele raad, maar ook door het college. Als u zegt: dat ontbreekt in deze

25/30

uitvoeringsagenda, de motie willen we graag toegevoegd zien. Natuurlijk mag u dat doen, dat kunnen we ook doen, helemaal niets daarop tegen. Ik bedoel te zeggen: hij staat als hoofdprioriteit, dat ziet u ook aan de kleuren, dat is ook de seniorenhuisvesting. Maar die komt feitelijk terug in al die projecten. Er komt eerdaags nog een project naar u toe, Klein Berculo, die komt volgende maand naar u toe, wat ook weer gaat over seniorenwoningen. Dit is een verzameling, een bundeling van alle doelstellingen, die zijn gecategoriseerd, qua kleuren aangegeven qua belangrijkheid, ze krijgen een vertaling in een project. Zo moet u het zien. We vinden alles heel belangrijk, ze komen echt terug in de projecten. Dat is even het algemeen beeld van wat nou de bedoeling is van deze uitvoeringsagenda. Er zijn veel vragen gesteld en ik ga zeker proberen een aantal vragen te beantwoorden, wetende dat een aantal hier niet passend is om daar antwoord op te geven, maar wat ik kan ga ik doen. Eén belangrijke vraag: is de organisatie nou toegerust? Die is door zowel door heer Jumelet junior als de heer Xhemaili gesteld: zijn we voldoende toegerust? Dat is een belangrijke vraag, want uiteraard wil je als organisatie voldoende toegerust zijn in de grote opgave die we hebben.

Daar zetten we ons ook allemaal keihard voor in, maar u weet ook wat het vraagstuk en de opgave is als het gaat over personeel en de capaciteit die we hebben. Daarin moeten we ook prioriteren. Er komen ook vragen op dit moment naar ons toe en die worden nog niet opgepakt, er is gewoon geen mankracht voor. Aan de andere kant proberen we alles wat mogelijk is te doen, maar het is een spanningsveld. Zijn we voldoende toegerust? Wel qua kennis en kwaliteit, maar als je het hebt over capaciteit, dan vraagt dat wel het één en ander. De huisvesting arbeidsmigranten. Er wordt gezegd: dat is niet voortvarend. Dat is een heel belangrijke opgave, u heeft daar ook een beeldvorming over gehad. U weet dat daar veel initiatieven over zijn, dat zijn inmiddels allemaal projecten, die nu op zijn merites goed doordacht worden en goed getoetst, ook het participatietraject. Op het moment dat het rijp is voor besluitvorming of voor informatie naar de raad, dan komt dat zeker naar u toe. Er zijn echt veel initiatieven. De heer Ruijtenberg heeft een politieke wens, dat het meer is. De politieke wens mag er zijn, maar de uitvoeringsagenda sluit rechtstreeks aan op de woonvisie. Dus ook als u maatregelen wilt veranderen, dan doet u dat niet in deze uitvoeringsagenda, maar eigenlijk vraagt u opnieuw de woonvisie weer te agenderen.

Dat democratisch proces is inmiddels wel geweest, over het aantal sociaal, dat is letterlijk 1 op 1 meegenomen. Dan de vraag: wat is het effect van Hugo de Jonge met zijn bouwplannen? Wat heeft dat voor impact op deze uitvoeringsagenda? Dat zou effect hebben. Wij verwachten niet dat dat echt heel groot is. Het moet ook nog door de Tweede Kamer, maar uiteraard, als daar een nieuwe wet is of als er een norm op is gegeven, dan zullen we ons daartoe moeten verhouden met elkaar. Dan is het altijd nog aan u om die afweging te maken, maar landelijk wordt door de minister aangegeven dat hij het belangrijk vindt om meer toe te voegen op sociaal. Daar moet eerst nog politieke besluitvorming in de Tweede Kamer over komen. Dan de mogelijkheden over financiën. Wij kijken bij elk project: zijn er kansen op subsidies? Bij het vorige onderwerp was er de ontmoetingsruimte: zijn er dan subsidies voor? Met regelmaat vragen wij subsidie aan voor 3B Wonen, voor het mogelijk maken van sociale huurwoningen. Dat doen we niet altijd in het openbaar vanwege marktpartijen, dat is niet gunstig. Maar daar waar we kansen zien doen we dat ook, pakken we dat ook. We weten ook welke financiële mogelijkheden er zijn, daar hebben we een goed beeld van. Daar waar vernieuwing komt zullen we daar ook aanspraak op maken. De heer Ammerlaan vroeg of er een schrijffout te constateren was.

Dat is echt wel een technische vraag, die kon ik niet zo snel opzoeken. Het ging ook heel snel. Ik kan me eigenlijk niet voorstellen dat we überhaupt ooit een schrijffout zullen maken. Maar als u het wilt, stel die vraag nog even via de mail, dan check ik hem voor u. Het is een wat technische vraag. De VVD had nog een vraag over de omgevingswet. Het woningbouwprogramma zal natuurlijk uitgebreid wordt als de omgevingswet daadwerkelijk is ingevoerd. We lijken nu een datum te weten, maar in de wandelgangen wordt ook alweer gezegd: is dat dan wel haalbaar? Maar alles wat we doen, moet natuurlijk conform wetgeving zijn, dat moet u gerust stellen. Dingen duren lang. Ja, dat vind ik ook. Soms denk ik: er is een groen grasveld. We hebben het er weleens over gehad, toen waren die heipalen er niet: u kunt toch gewoon die heipaal slaan. Wat we zien in Nederland met alle inspraak, alle procedures en besluitvormingsprocessen dat dit echt van de lange adem is. Volgens mij hebben we allemaal de behoefte om het zo snel mogelijk te doen. U ziet ook aan mij, misschien is dit wel mijn laatste commissie, dat zou zomaar kunnen. Het is ook uw politieke wens: komt met plannen, kom met voorstellen. Dat is ook de motie van de PvdA: alle lichten op groen. Die heb ik echt tot mij genomen. Alles wat in mijn mogelijkheid ligt, komt naar u toe. Maar de snelheid, ja, het duurt lang.

Volgens mij hebben we allemaal de wens om het sneller te doen. Daar heeft u ook zelf een rol in, u kunt dingen aanhouden of voorstellen om het van de agenda te halen, dan geeft dat een vertraging. Het college zal proberen zo snel mogelijk te trachten daar waar het mogelijk is. Ik hoop, dat ik alles een beetje heb kunnen behandelen, anders hoor ik dat in de tweede termijn. De heer Ammerlaan: Dank u wel voor het beantwoorden. Ik snap dat u niet op alle vragen in wilde gaan, maar ik had wel een vraag over de splitsing van de woningen. Op de agenda staat dat tussen 2022 en 2025. Dat onderwerp hangt en volgens mij moet daar nodig wat aan gedaan worden. Ik wil eigenlijk aan u vragen: kunt u mij toezeggen dat dat eerder behandeld wordt en dat dat geen 3 jaar nog gaat duren. Ik denk dat dat belangrijk is. Wethouder Arends: Dat kan ik nu nog niet overzien. Als u wilt dat ik een antwoord geef voor de raadsbehandeling, dan doe ik dat met alle

26/30

liefde, dan zorg ik ervoor dat u voor de behandeling dat antwoord heeft, maar dat kan ik nu niet overzien. Dan is alles behandeld. Tweede termijn De heer Xhemaili, PvdA: Ik wil de wethouder bedanken voor haar best wel lange antwoorden, dank daarvoor. Ik heb toch nog een tweetal vragen. Over de capaciteit bij Bleizo-west. Volgens mij is dat redelijk goed beantwoord, maar ik vroeg me af: is er niet iets met de provincie te organiseren, om met de gemeente samen op te trekken, om daar werk van te maken als het zover is. Vanwege het capaciteitstekort met de provincie optrekken. Dus co-creatie in dit geval. Een andere vraag. In het stuk wordt veelvuldig gepraat over zacht en hard. Kan de wethouder toelichten wat het verschil is tussen zacht en hard? Hoe moet ik dat interpreteren? Bij mij roept het vragen op, misschien bij de rest niet, maar ik wil daar graag een antwoord op. De heer Ruijtenberg, GL: Ik wil de wethouder bedanken voor het beantwoorden van de niet-gestelde vraag. Daar wil ik het bij laten. Mevrouw Maasland, CU: Bedankt voor de uitgebreide beantwoording, zoals die is gedaan. Voor ons is het nog steeds een beetje de vraag hoe dan gemonitord wordt, hoe alle trajecten lopen. Ik snap dat het een collegebevoegdheid is, dat het eigenlijk een luxe is dat we mee mogen kijken, dank daarvoor.

Maar we zouden toch denken dat er een soort streven moet zijn en dat je daar op moet kunnen monitoren hoe het ervoor staat. We hoeven er verder geen groot punt van te maken nu, maar dat wil ik toch even meegeven. Dank u wel. De heer Van Berkel, D66: Dank aan de wethouder voor het beantwoorden van toch nog een hele hoop vragen. Ik worstel ook nog een beetje, ik maak er geen heel groot punt van, maar ik mis een beetje de balans in de uitvoeringsagenda. Zeker bij de eerste pijler worden best concrete jaartallen genoemd, waardoor wij goed die monitoring kunnen toetsen of kunnen laten plaatsvinden. Ik zou de wethouder willen meegeven: kijk ook zeker naar de tweede en derde pijler of daar toch een concretiseringsslag in te maken is, want het is voor ons als raad heel lastig monitoren als er ergens iets moet worden gedaan tussen 2021 en 2040. Misschien zit ik er dan nog wel, denk het ook niet, maar die geven we toch wel graag mee. Ik vond het antwoord van de wethouder wel mooi inzake de ondersteuning die wordt gezocht bij het rijk en bij de provincie als het gaat om financiële middelen. Dat juich ik van harte toe. Maar zeker gezien de arbeidsmarkt, het wordt ook genoemd in de uitvoeringsagenda zelf, er zijn ook gewoon mogelijkheden om mankracht en kennis vanuit de hogere overheden te verkrijgen. Er is een grote flexpool beschikbaar.

Volgens mij is er veel beschikbare kennis bij de provincie, waar ook steeds meer gebruik van gemaakt kan worden, dus dat geef ik nog even graag mee, niet alleen financiën. Dank u wel. De heer Jumelet, VVD: Ik ga ook nog even op het personeel in. We horen eigenlijk dat het niet gaat lukken binnen onze gemeente met de krachten die we hebben. Wordt daar al naar gekeken of zijn we er nog helemaal niet mee bezig, om bij het rijk of de provincie mensen af te snoepen of via andere wegen? Daarnaast voor de beeldvorming, wij snappen waarom het zo lang duurt, we hebben beeldvorming gehad over wonen, maar de burger die deze commissie zit te kijken denkt: het zal wel heel lang duren. Maar hij wil uitsluitsel hebben: waarom duurt het nog 7 jaar. Ik denk niet dat iedere inwoner deze commissie kijkt, ik hoop het ook niet, want dan gaat er veel tijd van je vrije tijd af. Ik zou toch willen vragen: wordt daar al iets mee gedaan? Je hoort overal wooncrisis en het vertrouwen in de overheid is niet heel groot en dan duurt het ook nog zo lang. Ik kan me voorstellen dat heel veel mensen daar moe van worden, het lijkt me een goede om daarmee aan de slag te gaan. Mijn vraag aan de wethouder hoe ze dat ziet en hoe daarmee aan de slag te gaan. Dank u wel. De heer Ammerlaan, CDA: Wethouder, bedankt voor de beantwoording. Ik heb nog een soort onderonsje openlijk.

Ik hoor mensen zeggen dat er overal mankracht is, maar ik las in de krant dat het overal is. Dat er bij de provincie en het rijk mensen duimen zitten te draaien, dat kan ik me niet voorstellen, hoop ik. De heer Crielaard, L3B: De monitoring is een aantal keer genoemd in deze tweede termijn. Met de reguliere planning & control cyclus, zomerrapportages, jaarrekeningen kunnen we goed in de gaten houden waar we staan t.a.v. de uitvoering maatregelen woonvisie. Voor ons was de wethouder duidelijk in haar eerste termijn. Wat ons betreft is het een hamerstuk. De heer Alsemgeest, WIJ: Dank aan de wethouder voor de beantwoording van de vragen. Aansluitend bij de heer Crielaard denk ik dat we nog wel andere momenten krijgen in een volgende raadsperiode, of in deze raadsperiode, dat we controlerend kunnen zijn op het hele verhaal, hoe het loopt en of we niet te ver achter gaan lopen. Had ik het idee dat ik van de wethouder een toezegging had, dat zij de Lijsterlaan

27/30

ging toevoegen aan de lijst? Of heb ik dat gemist? Oké, dan niet, dan maken we daar verder geen punt van. Dank u wel. Beantwoording college Wethouder Arends: Om op het laatste in te gaan. Ik kan vanavond heel veel toezeggingen doen. Ja, dat lijkt me eigenlijk wel een heel goed idee. Dan weet u wat degene die vriendjes wilt worden te doen staat. Maar laat ik dat niet doen. Nog even ingaand op de capaciteit. Zeker kunnen we capaciteit vragen bij de provincie of het rijk, ook bij Wilderszijde hebben we dat nadrukkelijk gedaan, u bent er ook in meegenomen, dus dat is zeker belangrijk. Kunnen we ergens wat wegpikken? Er zijn ook mensen van ons die naar de provincie gaan om te werken of naar het rijk gaan. We zijn bij iedereen aan het trekken om bij ons te komen, we proberen een heel aantrekkelijke gemeente te zijn. Onlangs is er een website in de lucht gekomen: kom werken bij Lansingerland. We hebben veel vacatures die open staan, dus heb je kennis of denk je ‘dat is een goeie’ laat diegene solliciteren bij ons. Er is ruimte om mensen aan te nemen. Dat is niet de vraag. Het gaat over: de capaciteit is er niet, er is krapte in de arbeidsmarkt. Dan een duidelijke vraag: wanneer is het nou hard en wanneer is het nou zacht? Op het moment dat u een bestemmingsplan vaststelt, is het hard. Dat wordt zo in de plannen gezet. Dan is het een hard plan.

Op het moment van de nota van uitgangspunten, masterplannen, dat zijn allemaal zachte plannen. Die kunnen nog veranderd worden, want u zegt bij het bestemmingsplan nog: ik wil geen 15% sociaal, maar ik wil 40% sociaal, of: ik wil helemaal niet 100% sociaal bij De Wildert, het moet toch 60% worden. Pas op het moment dat het bestemmingsplan vast staat, dan is het een hard plan. Over het monitoren. Jaarlijks wordt de woonvisie gemonitord, eigenlijk ook geëvalueerd en u wordt daarover geïnformeerd, dus u heeft jaarlijks een moment om te kijken: is het passend met wat we willen, wijkt het af, gaan we sneller, wat zijn de redenen of argumenten. Je kan dan het college ter verantwoording roepen, of als u kansen ziet om dat mee te geven. De tweede en derde pijler, u geeft aan: die zou wel wat concreter kunnen dan de eerste, dat is meer planvorming en projecten. Die andere 2 zijn eigenlijk doorlopend voor de hele periode, vandaar dat die hele periode er staat. Het blijft voor alle projecten, omdat het meer overkoepelende maatregelen zijn. Dan de heer Jumelet over de duur, wat gaat het college daaraan doen? Ik denk dat als een raadslid de vraag krijgt, waarom duurt dat nou zo lang, dan is het heel belangrijk dat u daar zelf antwoord op kunt geven.

Dan kunt u hen meenemen in het proces van de ruimtelijke ordening, welke stappen in de besluitvorming nodig zijn, de rechten van inwoners, de wettelijke termijnen van inspraak. Als je dat allemaal optelt, dan heeft dat een hele lange doorloop. Landelijk is er wetgeving, provinciaal is er een wetgeving, gemeentelijk maken we daar afspraken over. Het lijkt me heel goed om zelf kennis op te doen en dat u die vragen ook kunt beantwoorden. Maar het kan ook zijn, dat u zegt: we willen zelf nog geen besluitvorming nemen, omdat er nog heel veel haken en ogen zijn, dat er nog een aantal dingen uitgezocht moet worden. Dat kan een heel terechte afweging zijn om dat juist te doen, maar dat kan ook een vertraging met zich meebrengen, maar het kan wel weer de kwaliteit ten goede brengen. Ook participatie. Dat zie je vanavond, maar ook bij andere plannen, je kan er wel een jaar of 1,5 voor nodig hebben. De aankomende tijd gaan we nog veel meer met elkaar doen, om het vooraf duidelijk te maken, we hopen dat dat een positief effect heeft op het draagvlak, dat we daarmee beogen te creëren. Voorzitter, ik ben echt klaar. De voorzitter: Ik heb het woord amendement of motie niet gehoord, ik ga ervan uit dat het een hamerstuk is. Ik zie iedereen knikken, dan is dit een hamerstuk. Mooi. 7.

Actualiteiten uit het college De voorzitter: Ik heb begrepen dat dit morgen aan de orde is, gelet op de shuffling van diverse items over de diverse commissies. Dit komt morgenavond aan bod bij de gezamenlijke commissie AB en samenleving. 8. Actualiteiten uit de commissie De voorzitter: Ik kijk links, rechts. Ik zie niets. Mooi. 9. Verbonden partijen De voorzitter: Het is nog vrij kort allemaal, dus ook niks. 10. Rondvraag en sluiting De heer Blonk, L3B: Het onderwerp is het vervolgproces herontwikkeling voormalig Greenery tot Urban Logistics Park A12, een combinatie van Nederlands en Engels. Met andere woorden: een ontwikkeling Klappolder in Bleiswijk. Ik wil het zo maar blijven noemen. Op 14 juli 2021 is er een infoavond geweest met omwonenden en op 11 januari 2022 is er vanwege de corona-lockdown een webinar herontwikkeling voormalig Greenery tot ULCA12 geweest. Beide avonden zijn door onze gemeente georganiseerd en zojuist is over dit onderwerp ingesproken door 2 inwoners. Ik heb in de bestuurlijke planning gezien, dat

28/30

de herontwikkeling van voormalig bedrijventerrein Greenery in de commissie ruimte van juni staat gepland en in de raad van september. Echter, in de conceptagenda van de commissie ruimte van 7 juni is dit onderwerp niet geagendeerd. Ik heb de volgende vragen aan het college. Wanneer komt het onderwerp op de agenda van de commissie ruimte? Betreft het dan de nota van uitgangspunten als opmaat naar het masterplan en het bestemmingsplan? Wanneer organiseert het college een beeldvormende bijeenkomst? Wanneer gaat het college een start maken met burgerparticipatie in aanloop naar de nota van uitgangspunten? Welke trede van de participatieladder vindt het college passend bij deze planologische ontwikkeling? Dat waren ze. Wethouder Arends: Dan kom ik ook gelijk terug op de vraag rond de stand van zaken. Volgens mij komt die redelijk overeen, dus ik ga mijn beantwoording doen en ik hoop dat ik u blij heb kunnen maken. Een viertal vragen van de heer Blonk. Wanneer komt dit op de agenda? Het onderwerp komt 6 september op de agenda van de commissie ruimte. Het betreft dan het masterplan, waarin ook de nota van uitgangspunten zijn verwerkt of worden verwerkt. Het masterplan vormt de onderlegger voor de verdere procedure inzake bestemmingsplanherziening. Binnenkort wordt u over dat proces van de participatie in dat verband ook nader geïnformeerd.

Wanneer een beeldvormende avond? Die staat voor u gepland, het is echt belangrijk dat er een uitgebreide beeldvorming komt, die komt op 22 juni. Dus die is voor de zomervakantie en de oordeelsvormende is na de vakantie. Wanneer wordt er een start gemaakt met burgerparticipatie? Eigenlijk heeft de burgerparticipatie al aangevangen. De initiatiefnemer is vorig jaar al gestart om bewoners en belanghebbenden te informeren in het kader van de vergunningsaanvraag voor de bouw van het spruitenveld. Medio 2021 en in januari 2022 heeft de gemeente 2 informatiebijeenkomsten georganiseerd, deze hebben plaatsgevonden. De komende tijd wordt participatie gecontinueerd. Het blijft, het is een doorlopend proces. De wijze waarop we dat, daar wordt u separaat over geïnformeerd. U krijgt daarover een raadsinformatiebrief, deze zijn ze al aan het voorbereiden. Op dit moment vindt er natuurlijk ook met u afstemming plaats over: welke vorm, waar gaan we participeren, in welke ladder gaan we dat doen? Mogelijk kunt u ook meegeven welke ladder u belangrijk vindt, die hierin meegegeven wordt. Wij denken echt dat het belangrijk is, dat we wel kunnen variëren in de fase waar we zijn, maar we participeren zeker in de omgeving ook in de ruimtelijke waarden, met name aan de oostkant natuurlijk. Het is heel belangrijk om juist de bewoners daarin mee te nemen.

Daarover wordt u nader geïnformeerd met uitleg hoe we dat voor ogen zien. De stand van zaken. Ambtelijk wordt op dit moment alles voorbereid. Wij hebben als college daar nog niet kennis van genomen in de vorm van het masterplan, dus daar moet het college nog een besluit over gaan nemen. Dat wordt genomen. U krijgt er een beeldvormende avond over. Na de zomervakantie gaat u er een stuk van krijgen met een voorstel, waar u uw oordeel over kunt geven. Op korte termijn krijgt u een raadsinformatiebrief over het proces, maar ook over de wijze van participatie. De heer Blonk, L3B: Ik begrijp dus dat er geen nota van uitgangspunten komt, althans, hij is er misschien wel, maar hij wordt niet door ons vastgesteld, door de raad, het wordt direct een masterplan. Ik maak me ten aanzien van de participatie toch wat zorgen. Ik heb de verslagen gezien, die zijn gemaakt door de gemeente, door een functionaris van de gemeente. Er zijn veel vragen gesteld, maar in driekwart van de gevallen staat er: antwoord volgt nog. Daar schiet je natuurlijk niet veel mee op. Dus ik maak me zorgen over hoe die participatie nu gaat verlopen. Ik denk dat dat anders moet, ik wil u in ieder geval dat schot voor de boeg geven. We moeten het even anders aanpakken dan we het nu doen. Dan hoop ik dat ik daar dadelijk bij de beeldvorming of in september positief over kan oordelen.

Wethouder Arends: De eerste vraag, dat u de conclusie trekt: krijgen we dan geen nota van uitgangspunten of mogen we geen kaders meegeven? U gaat zeker een document krijgen. Het wordt gecombineerd met de nota van uitgangspunten, de kaders die u meegeeft bij het masterplan. Het is belangrijk om dat gezamenlijk te doen, zodat u zicht hebt en keuzes kunt maken m.b.t. welke kaders u wilt mee geven voor de volgende fase. Ten aanzien van de participatie, ik heb ook die verslagen gelezen en ik maak me er ook wel zorgen over. Ik heb gezegd, dat ik echt vind dat participatie heel zorgvuldig gedaan moet worden. Ik vind dat er een uitgebreid participatieplan gemaakt moet worden en dat we die met elkaar moeten gaan delen en ook met elkaar zeggen: hebben we dezelfde ideeën daarbij? Zoals u weet, het afgelopen jaar zijn we met elkaar zoekende welk soort participatie je toevoegt. De intentie van ons allemaal is, dat we het hartstikke goed willen doen, mensen vroegtijdig mee willen nemen, maar we zijn ook gezamenlijk zoekende. Zeker hier maak ik me ook wel zorgen of heb ik mij zorgen gemaakt. Ik vind dat het belangrijk is dat het voorafgaand heel duidelijk is, zodat helder wordt hoe die participatie eruit ziet, maar daar krijgt u een brief over. Mevrouw Boonstra, WIJ: Wij maken ons met het oog op de bouwhoogte in Klappolder enorme zorgen over de geplande hoogtes.

Wij willen graag weten hoe die in het masterplan tot uiting komen, mede vanwege het feit dat burgers in die omgeving zich enorme zorgen maken over de bouwhoogte. Kunt u daar antwoord op geven, wat daar te verwachten valt?

29/30

Wethouder Arends: Over het eerste, de te verwachten bouwhoogte: er is een initiatiefnemer, die een wens kan hebben. Hij zou zomaar de wens kunnen hebben: ik wil graag 50 meter hoog. Het oordeel is in eerste instantie aan het college om te kijken welke kaders we daarover mee willen geven. Dan is het aan u om aan te geven welke kaders u daar wilt meegeven, die kan afwijkend zijn van het college. Het college heeft daar nu nog geen standpunt over ingenomen, omdat het college zich daar nog niet over heeft gebogen. Het zit nog echt in de voorfase, dat initiatiefnemer ideeën heeft, dat aan het peilen is in zijn omgeving, maar het college heeft nog geen standpunt daarover ingenomen, maar die gaat wel komen en in september mag u daar iets van vinden. Of bij de beeldvormende avond al, dan kunt u technische vragen stellen. De voorzitter: Het e.e.a. gehoord hebben, de eerstvolgende sessie is 22 juni, de beeldvormende avond waar dit dus besproken gaat worden. De voorzitter, om 23.40 uur: Volgens mij zijn we nu aan het eind van deze commissievergadering gekomen. Het is tien over half twaalf, het is weer een mooie sessie geweest, we hebben alles behandeld, Dank voor uw inspanning en inzet. Morgenavond gaat een deel van de club weer verder in de gezamenlijke commissie AB en samenleving. Wel thuis en alvast welterusten.

Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.

30/30

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=f7a58770-9bff-40e2-8f3b-76a0b7ad8056