CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV22.0003] Verslag commissie Ruimte van 11 januari 2022

Commissie Ruimte 8 februari 2022, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering42.857 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Ik hoor eigenlijk telkens: dat enorme ruimte slurpende gezondheidscentrum en een apotheek. Dat daar vooral de aandacht op gericht is. Wat ik ook proef, en dat is een beetje merkwaardig, dat is gelijk mijn vraag, het komt op mij over alsof 3B Wonen vindt dat er hoe dan ook 4 huisartsen moeten komen en een apotheek. Ik denk dat het andersom is, dat er mensen zijn die aangegeven hebben: als jullie daar toch gaan bouwen, mooi in het centrum, kunnen wij er dan een huisartsenpraktijk en apotheek hebben? Is dat niet veel logischer? U draait het een beetje om voor mijn gevoel. De heer Kok: Wat maakt het uit, wat de volgorde is geweest. Feit is dat 3B Wonen een plan presenteert naar bewoners bestaande uit 30 woningen, een gezondheidscentrum en een apotheek. Wij als bewoners hebben aangegeven, dat wij met name bezwaar hebben tegen een gezondheidscentrum en de verhuizing van een apotheek. Het gaat om het verhuizen van de apotheek, die nu aan de Kerksingel zit. Het gaat om een verhuizing van 300m2. De heer Kampinga: Ik weet er alles van, ik woon toevallig ook in het centrum. U doet het voorkomen dat 3B Wonen het afdwingt, maar dat is natuurlijk helemaal niet zo.

Het zou in een aantal opzichten heel goed zijn als je van 10 naar 30 woningen gaat, op zichzelf al heel mooi, denk ik, elk voordeel heeft zijn nadeel, Johan Cruyf zei het al, natuurlijk brengt dat ook minder prettige dingen mee, maar u spitst het helemaal toe op die gezondheidskant. Zelf woon ik in de Boerhaavelaan bij de poli, je moet wel keuzes maken in het leven, toch? De voorzitter: Het item van de heer Kok is helder en ook uw item. De heer Kok: Mag ik nog even reageren op de opmerking van de heer Kampinga, 30 seconden. U zei tegen mij dat ik het deed voorkomen alsof 3B Wonen perse een gezondheidscentrum en huisartsen op die plek wilde droppen, maar ik vind de volgorde niet zo belangrijk, of het nou initiatief van 3B Wonen is of van de huisartsen. Het tweede is wat waarschijnlijker, dat ben ik het met u eens. Maar richting de bewoners, richting ons, wordt het gecommuniceerd als een plan van 3B Wonen dat niet onderhandelbaar is, waar niet over te spreken valt. Daar heb ik in mijn inspraak tegen geageerd, denk ik. De voorzitter: Uw item is helder. We gaan over naar meneer Dragt. Ik heb begrepen, dat wij uw inbreng ontvangen hebben vanavond. Aan u het woord, 5 minuten. Inspreker 8: De heer Dragt: Dank u wel voor de spreektijd.

Beste leden van de commissie ruimte, ik wend mij tot u mede namens een aantal omwonenden, omdat gesprekken met 3B Wonen rond het project aan De Wildert tot op heden helaas niet tot toenadering hebben geleid. Het gaat om het initiatief om 10 woningen en een ongebruikt schooltje te vervangen door 30 appartementen, een groot gezondheidscentrum en bijbehorende parkeervoorzieningen. Er is begrip voor de wens van de gemeente en initiatiefnemers om tot vernieuwing en verdichting van de sociale woningbouw in dit gebied te komen. Dat is ook niet de reden waarom ik om uw hulp vraag. Waar grote weerstand over bestaat is het gegeven dat het project op een karakteristieke plaats in het centrum van het dorp 3 lagen hoog wil bouwen en het ook een groot gezondheidscentrum moet opleveren van maar liefst 700m2, terwijl één van de twee beoogde huisartspraktijken nu praktijk houdt op een oppervlak van 125m2 en de beoogde nabij gelegen apotheek van krap 200m2 aan huis bezorgt. Een dergelijk project op deze plaats zal leiden tot grotere parkeerbehoefte en meer verkeersdrukte in dit nu nog mooie gebied. Dit ten koste van een groot deel openbaar groen in een kinderrijke buurt.

Weet u dat het dichtstbijzijnde trapveldje ruim 300 meter verderop ligt? Wat steekt is dat 3B Wonen de kaders van hun wensen onbespreekbaar heeft verklaard in de meedenkgroep en de door ons aangedragen alternatieven onbesproken terzijde legt. De burgerparticipatie is daarmee feitelijk tot het minimum beperkt en voornamelijk gericht op details. Als al de uitgangspunten van de initiatiefnemers klakkeloos door de gemeente worden overgenomen dan zal dat leiden tot grote aantasting van het rustige, groene, dorpse karakter van dit unieke gebied. De beoogde komst van 700m2 gezondheidscentrum met in het bijzonder een apotheek die op deze plek niet nodig is en de voorgenomen 3 laags bouw zijn daar debet aan. Een dergelijke ontwikkeling wordt door de overgrote meerderheid van omwonenden en buurtgenoten niet gewenst. Hiervan getuigen

12/44

de ruim 60 steunbetuigingen die wij u eerder hebben overhandigd. Omdat 3B Wonen onterecht suggereert dat er nauwelijks weerstand is, roep ik u als volksvertegenwoordiging op om via deze weg oor te hebben voor de belangen en bezwaren van de buurt- en dorpsgenoten voordat u de gemeentelijke uitgangspunten voor dit project vaststelt. Uit uw woorden en daden maak ik op dat u wilt dat Berkel een aantrekkelijk dorp is en blijft voor haar inwoners. Concreet vraag ik u daarom om voor dit project in uw uitgangspunten op te nemen dat het groene en rustige karakter van het gebied een goede basis biedt voor het woonplezier van de buurtbewoners en dat er daarom plaats is voor maximaal 25 woningen en maximaal 250m2 voor een huisartspraktijk, maar niet voor 3 laags bouw en geen apotheek in dit kenmerkende stukje Berkel. Er zijn of komen ongetwijfeld alternatieve, meer geschikte locaties beschikbaar voor de apotheek. Daardoor blijft het karakter van het gebied zo groen, rustig en aantrekkelijk mogelijk terwijl het aantal sociale woningen in dit gebied meer dan verdubbelt. Ik dank u voor uw aandacht. De heer Jumelet, WIJ: Dank u wel voor de inspraak. Ik ga niet de vragen herhalen, die ik eerder stelde aan de andere insprekers. Ik neem aan dat 3B Wonen mee luistert via de webcast en dit allemaal hoort, dat er toch heel veel insprekers zijn die grote moeite hebben met hetgeen daar gebeurt.

Stel dat 3B Wonen morgen belt, en wellicht ook de wethouder, en zegt: laten we aan tafel gaan, wat hier nou precies aan de hand is, laten we eens kijken of we hier op één of andere manier uitkomen. Bent u daartoe bereid? Of zijn de verhoudingen dermate verhard, dat u zegt: wij hebben er geen geloof meer in. De heer Dragt: Ik spreek op persoonlijke titel. Ik ben zeker bereid om te spreken, dat zult u ook herkennen in de communicatie die we tot nu toe met 3B Wonen hebben gehad. Samen met mijn buurman de heer Kok hebben we gesprekken gehad met 3B Wonen op uitnodiging met de gemeente. Ik ben zeker bereid om opnieuw in gesprek te gaan met 3B Wonen, maar dan moet er wel sprake zijn van een stukje mogelijkheid om tot toenadering te komen. De heer Jumelet: Misschien dat de wethouder goed meeluistert en hier een rol in kan spelen. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: Ik wil alle insprekers die vandaag gesproken hebben over de Oranjebuurt bedanken voor hun inbreng. Ik wil ook nog even mijn excuus aanbieden aan de heren Kok en Dragt, dat we niet gereageerd hebben op hun mail met de petitie. Dat is niet des GL’s, normaal gesproken reageren wij altijd, ik vrees dat deze er tussendoor geschoten is.

Nu mijn vraag, die stel ik aan de heer Dragt, maar die haal ik eigenlijk uit alle insprekers naar voren: wat is nu eigenlijk het grootste bezwaar? Is dat het gezondheidscentrum, het verlies van groen of de bouwhoogte? Wat is voor u het meest prangende pijnpunt? De heer Dragt: Ik spreek wederom op persoonlijke titel. Voor mij het meest prangende punt is de komst van een groot gezondheidscentrum met als effect, dat er een enorm bouwvolume nodig is en er parkeerplaatsen bij moeten komen. Het gezondheidscentrum is mij een doorn in het oog. De heer Ruijtenberg: Dat is voor u, oké, helder. Dank u wel. De voorzitter: Dan zijn we aan het eind gekomen van al de insprekers, waarvan velen zich uitgesproken hebben over de Wildert, over de Oranjestraat. Dat geeft mij aanleiding om aan u, leden van de commissie ruimte, te vragen: hecht u er waarde aan om dit item De Wildert zo snel mogelijk op de agenda te krijgen? Er waren vele onderwerpen en dit onderwerp was even doorgeschoven, maar we kunnen wel bezien of we dit onderwerp naar voren kunnen halen. Als u denkt: dat is prima. Dan hoor ik dat graag met een ja-knik. De heer Ruijtenberg: Geen vraag, maar meer een ondersteuning, dat wij dit op de agenda geplaatst willen hebben, ja. De heer Jumelet: We kunnen het natuurlijk heel snel op de agenda zetten met het risico dat er dan voor of tegen gestemd moet worden.

De vraag is of het niet verstandiger is om te kijken of, inherent aan mijn laatste vraag aan meneer Dragt, of er niet een driehoeksgesprek kan plaats vinden op korte termijn tussen de vertegenwoordiging van de inwoners, een vertegenwoordiging van 3B Wonen en het college of de gemeente om te kijken of je nog bij kan sturen, want anders zitten wij straks met een voorstel dat overeenkomstig is aan wat 3B Wonen bedacht heeft en het college voorstelt, dan krijg je toch een heel rare discussie. Wellicht is een tussenfase nog wel verstandig en kunt u dat overleggen met de wethouder, ter voorkoming dat we nu haastje-repje iets gaan besluiten waarvan we achteraf zeggen: dit was het toch niet helemaal. De heer Blonk: Ik ondersteun de inbreng van de heer Jumelet volledig, want we moeten er echt serieus over praten en niet zomaar even uit de losse pols. Ik heb behoefte aan info van 3B Wonen en info van het college. We hebben een gigantisch drukke agenda nog voor volgende maand, ik zou niet weten hoe het anders moet. De heer Kampinga: Ik ben altijd oplossingsgericht, maar ik ben het wel eens met beide voorgaande sprekers. Gaat het nou in eerste instantie om een nota van uitgangspunten? De voorzitter: We gaan eerst kijken wat de bedoeling van het college is en of het nog in een tussenstap gerealiseerd kan worden. Ik neem het op me om dit even verder te brengen.

Dank, want ik wilde dit nog even helder hebben. De heer Hofman, CU: Voor de insprekers is het nu niet meer noodzakelijk, toch? De voorzitter: Het is aan de insprekers of zij in de ether willen blijven of niet. Ik denk dat de heer Neeteson wel wil blijven luisteren, maar het is aan een ieder om aan te blijven haken of niet.

13/44

5. Bespreekpunten: 5.a Aanpak knelpunten N209 De voorzitter: We hebben allemaal de inbreng van mevrouw Verhoef gezien. Er is ook een brief van het college geweest van 7 december, geloof ik. Misschien kunt u in het kort aangeven waar het nu allemaal om gaat. Mevrouw Verhoef, PvdA: Dat ga ik zeker doen, want het is een jarenlang dossier, dus ik neem even de tijd om het kort toe te lichten. Het bespreekstuk hebben wij gedeeld met de commissie, voor een ieder is dat in te zien op de website. Er staat een overzicht met 12 knelpunten, die door de PvdA-fractie zijn geconstateerd rond de N209. De heer Neeteson heeft natuurlijk bevestigd, dat dit een hele lange lijst is en de andere fracties hebben daar ook zeker weet van. De rode lijn in ons verhaal is dat er aan de ene kant al jarenlang geen gestructureerde meerjaren aanpak is om knelpunten op te lossen. Aan de andere kant bepleiten wij ook in het bespreekstuk, dat we nu eindelijk gerichte keuzes zouden moeten maken over de toekomst van de N209. Dat moet natuurlijk gebeuren samen met de provincie, de inwoners en de bedrijven. Midden november 2021 hebben wij het bespreekpunt al gepubliceerd in ons weekbericht op de website en het is ook ingediend. Er is inmiddels een hoop gebeurd. We hebben in diezelfde maand een gesprek gehad met PvdA-Statenlid Willem Minderhoud.

Die heeft samen met heel veel andere fracties van de provincie schriftelijke vragen gesteld aan de Gedeputeerde Staten over de aanpak van die knelpunten. Ook het verzoek om het veel planmatiger te doen dan nu het geval is. We hebben antwoord gekregen op vragen, die we hebben gesteld aan ons eigen college en daar blijkt inderdaad uit wat die structurele samenwerking tussen de provincie en de gemeente Lansingerland er eigenlijk niet of nauwelijks is als het gaat om oplossingen. We zijn erg verbaasd dat wethouder Fortuyn de N209 al 8 jaar in zijn portefeuille heeft en er op dit moment nog niet in geslaagd was om met de provincie tot afspraken te komen om problemen te gaan aanpakken. Wij noemen de wethouder weleens de wethouder van te langdurige projecten, maar gelukkig gloort er licht aan de horizon, want op 21 januari brengt de nieuwe (…) een werkbezoek aan Lansingerland, in het bijzonder de N209. Dan is er ook een gesprek met wethouder Fortuyn over de verkeersveiligheid, doorstroming, leefbaarheid en (….) van de N209. We hopen dan ook, dat die gestructureerde aanpak aan de orde komt. Ook in afwachting van die geluidsschermen, waarvan we hopen dat ze heel snel geplaatst worden, maar in afwachting daarvan hopen we ook, dat de optie om de snelheid te beperken op de N209, zoals de heer Neeteson noemde, aan de orde komt.

Ik kom nu richting de vragen, die we hebben gesteld aan de andere fracties. Wat wij echt heel belangrijk vinden als PvdA is dat we ook naar de toekomstige status van de N209 kijken. Moet dat nou een provinciale weg blijven of ligt de status van een binnengemeentelijke ontsluitingsweg meer voor de hand? Dan hoort daar ook een lagere rijsnelheid bij. Als de weg aangepakt en veranderd wordt, leefbaarder wordt, dan kun je daar ook veel meer omheen ontwikkelen richting Rottemeren gebied en wordt het een prettigere omgeving voor iedereen, maar vooral ook voor de omwonenden. We horen graag wat de andere fracties van de 4 punten vinden en wethouder Fortuyn kan daar natuurlijk ook nog iets over zeggen. Deelt u met ons die knelpunten? Bent u het met ons eens, dat het een goed idee is om een onderzoek te laten doen daar? (…) m.b.t. de N209 in kaart te brengen? En ook daarbij de vraag te stellen: is het mogelijk om daar een binnengemeentelijke ontsluitingsweg van te maken? Kunt u op basis van de uitkomsten van dat onderzoek gaan spreken over gestructureerde meerjaren aanpak? En ook eventueel de overdracht van de N209 van de provincie naar de gemeente. Wat ziet u als fracties zelf aan mogelijkheden om op korte termijn iets aan de knelpunten te gaan doen? Dit zijn de hoofdpunten. Er is al veel onze kant op gekomen, daar danken wij het college natuurlijk voor.

Maar het heeft wel heel lang geduurd om snel tot helderheid te komen. Dank u wel. De heer Blonk, L3B: In het verkiezingsprogramma van L3B staat, en dan ga ik even citeren: L3B vindt dat op korte termijn bij de provinciale weg N209, bij de woongebieden in Bergschenhoek en Bleiswijk, moet worden ingegrepen. De weg is gevaarlijk, veel ongevallen, ook al met heel wat dodelijke ongelukken. De provincie Zuid-Holland moet bij de N209 net als bij de N288 van Gouda richting Utrecht ingrijpen. Dat hebben zij als volgt gedaan. Verlaging van de maximum snelheid naar 60km/u waar de weg langs woningen loopt. Dit in combinatie met een bijpassende aanpassing van de inrichting van de weg. Tweede punt, bewustwording verkeersveilig gedrag van de weggebruikers, handhaving van de maximum snelheid. Het terugbrengen van de maximum snelheid heeft ook een gunstig effect op geluidsoverlast en luchtkwaliteit. Einde citaat uit het verkiezingsprogramma L3B. Dit is er niet zomaar ingekomen, dit is echt een praktijkvoorbeeld, dat de provincie zelf ingebracht heeft en gerealiseerd heeft inmiddels, die weg N288 van Gouda richting Utrecht.

Wethouder Fortuyn heeft in deze commissie, mevrouw Verhoef refereerde er net al aan, aangegeven dat hij op 21 januari met gedeputeerde Zevenbergen alle knelpunten van de N209, van de A12 tot aan de aansluiting bij de A16 bij de Ankie Verbeeck-Ohrlaan gaat bespreken en bekijken met het doel oplossingsrichtingen te vinden voor nogal wat knelpunten t.a.v. veiligheid, lawaai en handhaving, punten die mevrouw Verhoef ook aangegeven heeft. Mijn fractie wil dit

14/44

afwachten. Mijn vraag aan de wethouder is een schriftelijke terugkoppeling van het gesprek met de provincie, om dat terug te koppelen en op te nemen in de voortgangsrapportage van de commissie ruimte van 8 februari. Tot slot. Ik denk hiermee de vragen in grote lijnen van mevrouw Verhoef te hebben beantwoord. Dank u wel. De heer Kampinga, VVD: In de eerste plaats, ik weet niet hoe het de anderen gegaan is, maar ik ontving vandaag stukken met onderzoeken over de N209 gedateerd een brief van 11 januari. Ik dacht: hé, dat is vandaag, nee, grapje. Ik vond het nogal last minute, misschien kon het niet eerder, maar ik heb het nog niet helemaal goed kunnen bestuderen. Dat even vooraf. We hebben het nu over de knelpunten bij de N209, dat is een gemeentebreed probleem, niet de verkiezingsretoriek van de PvdA, hier zitten we met zijn alleen en daar staan we al heel lang voor, daar hebben wij als lokale VVD gesprekken over met de vorige gedeputeerde en met de huidige gedeputeerde. Dat wil ik even gezegd hebben, dat dit iets is waar we allemaal, mevrouw Bal ook, zij is ook weer VVD, zij staat er ook al 12, 13, 14 jaar voor, dat het beter moet. Het gaat niet in een tempo, dat wij zouden willen, zeker niet. Mevrouw Verhoef: Ik wil aan de heer Kampinga vragen, u leest al 12 jaar onze weekberichten, het is geen verkiezingsretoriek, maar al een langer durend thema voor de PvdA.

Natuurlijk ook voor de andere raadsleden, maar tot dusverre was er nog bijzonder weinig actie. Bent u dat met ons eens? De heer Kampinga: Ik lees de weekverslagen met plezier altijd al jarenlang, daar gaat het niet om. Maar het is niet een PvdA-thema, het is gewoon een raadsbreed thema. Dat vind ik heel belangrijk om te zeggen. U hebt het bespreekpunt ingebracht, hartstikke goed, maar het speelt natuurlijk heel breed. Ook het stokpaardje om de N209 om te bouwen tot een binnengemeentelijke ontsluitingsweg, daarbij komen altijd dezelfde dingen langs. Wat ik nu in de gauwigheid in de brief lees, is dat men zegt, heel economisch: je moet je richten op de dingen die echt wezenlijk wat opleveren en daarna van groot naar klein. Dus niet 12 punten tegelijk willen oplossen, maar proberen te focussen. Ik heb er alle vertrouwen in dat wethouder Fortuyn op 21 januari een gesprek heeft met Frederik Zevenbergen, de gedeputeerde van Zuid-Holland. Ze zullen er alles aan doen want ze begrijpen de urgentie deksels goed, dat er nu echt iets moet gebeuren. Dat vindt de VVD natuurlijk ook. Geen getreuzel, aanpakken. Eén van de belangrijkste dingen is natuurlijk geluidsoverlast, maar er speelt veel meer. Eigenlijk kan ik het daar wel even bij laten. Wij blijven vertrouwen hebben in overleg met de provincie, het is een provinciale weg, dat daar een oplossing gaat komen. Dank u wel.

De heer Van der Stelt, CDA: Ook dank aan de PvdA om dit belangrijke punt eens even op de agenda te zetten. Ik was toch wel een beetje verbaasd over de timing, want zoals mevrouw Verhoef weet en zoals door vorige sprekers is aangegeven, vinden we dit allemaal een heel belangrijk punt en kunnen we zeker allemaal onderschrijven, dat het allemaal veel en veel te lang duurt. Ook wethouder Fortuyn heeft daar zelf al de nodige uiting aan gegeven, aan een zekere frustratie die het ook hem brengt. Wat mij betreft zitten we hier allemaal dezelfde wedstrijd te voetballen met elkaar. Ook wij hebben dit in ons verkiezingsprogramma tot een belangrijk punt gemaakt. We willen ook dat er op een integrale, brede manier naar de N209 gekeken wordt, ook natuurlijk in het licht van de ontwikkelingen die gaande zijn, met name Bleiswijk, maar denk ook aan de toekomstige verkeersafwikkeling als gevolg van de A13/A16. Kortom, dit is echt een belangrijk speerpunt, dat we niet nog een keer 4 jaar voor ons uit kunnen laten schoppen. Dus ook wij zien heel erg uit naar de gesprekken, die deze maand plaats hebben op bestuurlijk niveau. Laten we daar nu niet verder op vooruit lopen. Ik wil wel zeggen in de richting van de PvdA, het idee om een deel van de N209 tot eigendom van Lansingerland te maken, dat we dat geen goed idee vinden.

We moeten niet het probleem zodanig naar ons toetrekken, dat we een deeltje denken te kunnen oplossen. Ik vind dat geen integrale oplossing. Het is een provinciale weg, dat moet het ook blijven. Laat onverlet dat we ook met de provincie tot een goede oplossing moeten kunnen komen. Dat het daar nog niet hoog op de agenda staat, vind ik eigenlijk wel beschamend, maar daar kunnen we zeker wat aan doen. Ik heb er ook vertrouwen in, dat wethouder Fortuyn er alles aan doet om dat goed opnieuw tussen de oren te krijgen. Dank u wel. De heer Alsemgeest, WIJ: Even terugkomend op de 2 voorgaande sprekers. Ja, het is een raadsbreed item, deze hele N209 en de problematiek daar rondom heen. Toch heel veel dank aan mevrouw Verhoef van de PvdA, dat zij dit als bespreekstuk heeft neergezet, want als dat niet gebeurt blijft het toch een beetje modderen en dan gaan we er niet echt mee verder. De N209, dat is een beetje de levensader, de aorta van onze gemeente, als je het op mobiliteit gaat bekijken. Het is al een hele oude weg eigenlijk, grote delen zijn al een paar keer vernieuwd. Dat is door de tijd heen gegaan. De laatste grote vernieuwingen dateren uit de jaren ’60 en ’70, toen de weg langs Bergschenhoek gelegd is om Bleiswijk heen. Daarna is er best wel wat aan gedaan, maar dat is een beetje rommelen in de marge. Het wordt wel steeds drukker en drukker.

Als ik dan even terugkijk op wat ik zei, dat het een soort aorta is voor onze gemeenschap, dan begint die aorta een beetje dicht te slibben, niet een klein beetje, maar heel ernstig. Het is dus van heel groot belang, dat we dus die levensader een beetje gaan vitaliseren, want anders lopen we straks helemaal vast. Wij kunnen als fractie van WIJ heel ver mee met die 12 punten, die de PvdA heeft neergezet, de slechte verkeersveiligheid, de beroerde luchtkwaliteit, noem het

15/44

allemaal maar op. We kunnen het met een heleboel dingen eens zijn, maar ook ik schaar mij achter de heer Van der Stelt, dat ik zeg: de weg eigendom maken van de gemeente, is geen optie, vind ik. Ook wij kijken ernaar uit wat de wethouder voor ogen heeft en eruit kan gaan slepen bij de provincie. Wel zou ik hem dan mee willen geven, want dat is natuurlijk toch wel een zaak: ik hoop ten eerste dat de wethouder niet met de meneer van gedeputeerde staten rond een uur of 10 gaat kijken wat er nou op die N209 aan de hand is. Het begint over het algemeen ’s morgens rond half zeven of zeven uur en dan duurt het tot een uur of negen, half tien. En ’s middags rond een uur of drie begint het wederom tot een uur of zes, half zeven. Dat is even voor de wethouder om mee te nemen. Verder denk ik dat we bijna onorthodoxe maatregelen moeten nemen in deze weg. Want als je gaat kijken vanaf de Ankie VerbeeckOhrlaan, waar we straks een knelpunt krijgen, tot aan de A12, dan loopt het prima tot aan de Kulk en dan krijgen we 1, 2, 3, 4 stoplichten op rij. Die stoplichten staan sowieso niet op elkaar afgestemd, dus daar loopt het al spaak. Er moet er minstens 1 weg en misschien moeten er 2 verdiept worden aangelegd. Dan kan ik mij helemaal vinden in wat mevrouw Verhoef zegt: we moeten die snelheid naar beneden halen. Dat kan ook.

Als je van A naar B gaat, gaat het erom hoe lang je erover doet en niet hoe hard je rijdt. Als je in dat harde rijden vier keer moet stoppen en weer optrekken, dat geeft ontzettend veel vervuiling, ontzettend veel herrie en overlast, noem het allemaal maar op. Dus de luchtkwaliteit wordt verbeterd als we door kunnen rijden, de geluidsoverlast wordt minder als we door kunnen rijden. Dan vind ik een lagere snelheid prima, maar dan moeten we er wel met elkaar voor zorgen, dat zullen wel een paar knaken gaan kosten natuurlijk, dat snap ik wel, maar misschien moeten we dat er voor over hebben met elkaar, om ervoor te zorgen dat we die levensader van onze gemeente ook levensvatbaar houden. Tot zover wil ik het even houden. Ik wacht even af wat de wethouder hierop gaat zeggen. Dank u wel. De heer Hofman, CU: Dank aan de PvdA voor het adresseren en op de agenda zetten van dit item. We herkennen ook de frustratie van de PvdA op dit dossier. We hebben een probleem met een weg van de provincie. Dat probleem wordt met de komst van de A16 en veel woningbouw in onze gemeente alleen maar groter als er niet snel actie op wordt ondernomen. Het college adresseert met regelmaat onze problemen bij de provincie en dat gaat deze maand ook weer verder gebeuren, maar er komt te weinig actie, reactie terug.

Wat ons betreft is de oplossing niet zozeer het overhalen van deze weg naar de gemeente, maar meer druk zetten op de provincie om tot actie over te gaan. Dat kan op 3 manieren. Door onze provinciale fractie te blijven bevragen hierover, wat wij met regelmaat doen. Door op bestuurlijk niveau om aandacht te blijven vragen en door mediakanalen in te gaan zetten om onze boodschap kracht bij te zetten. Wat ons betreft speelt de N209 een te bepalende rol in de regionale ontsluiting om het probleemgeval N209 nu naar ons als gemeente als wegbeheerder toe te halen. Wat ons betreft mag de provincie de regie voeren en blijven voeren in de bovenregionale ontsluiting met de inpassing van de A16 in onze regio, maar we willen wel heel graag zien, dat we strakker in de wedstrijd gaan zitten. Daarin ondersteunen we de PvdA van harte. Dat was het. Dank u wel. De heer Van der Stad, D66: Dank aan de PvdA voor het agenderen van de N209. Want inderdaad is deze provinciale weg verder van optimaal. De ontsluiting van komende ontwikkelingen in Bleiswijk vraagt terecht aandacht voor aanpassing van deze weg, daar moeten we zeker met de provincie in gesprek over blijven. De geluidsschermen zijn ook zeker een punt waarop resultaat geboekt dient te worden.

Als het goed is, heeft de provincie recent opdracht gegeven om de verkeersveiligheid op de fietsoversteek over de N209 en de fietsveiligheid op de parallelwegen van de N209 te onderzoeken. Maar de D66-fractie is het niet eens met alle door de PvdA-geschetste punten. De afgelopen 15 jaar is er weldegelijk geïnvesteerd in het wegvlak om de weg veiliger te maken, maar door toename van intensiteit en ons verslechterde gedrag, bijvoorbeeld appen achter het stuur, is het resultaat er niet beter op geworden. Ernstige verkeersongevallen vinden met regelmaat plaats. We delen met de PvdA dat het aangepakt moet worden, maar feitelijk zijn er door de jaren heen wel diverse aanpassingen doorgevoerd. Qua luchtkwaliteit willen we het niet als beroerd kwalificeren. Er is afgelopen jaar namelijk gemiddeld 27,1 mg fijnstof per kuub gemeten in Lansingerland, dat is iets boven de WHO-norm, maar ruim binnen de EUnorm. Die gegevens komen overigens van het burgermeetnet Lansingerland, waarbij er ook een meetkast vrijwel direct naast de toerit tot de N209 hangt. Die kast wijkt nauwelijks iets af van de rest. Uiteraard moeten we wel blijven waken op de luchtkwaliteit en uiteraard op de geluidsoverlast. De D66-fractie ondersteunt verder het idee om een onderzoek te laten doen voor het in samenhang oplossen van de knelpunten m.b.t.

de N209, maar wij zien dit graag als onderdeel van de gesprekken die reeds met de provincie lopen ook in relatie tot de woningbouw in Bleiswijk. Het ombouwen van de N209 tot een binnengemeentelijke ontsluitingsweg hoeft daarbij voor D66 niet meegenomen te worden als onderzoekspunt. We vragen ons af wat dit oplost. Het lijkt de D66-fractie niet handig om de verantwoordelijkheid van deze weg over te nemen. Het is een gebiedsontsluitingsweg met een belangrijke verkeersfunctie. Wij zetten liever in op het verbreden en veiliger maken van deze weg tussen de A12 en A16 en dat samen met de provincie. We vernemen graag voortgangsupdates vanuit het college over deze gesprekken. Wij zijn echter wel benieuwd naar de businesscase, die de PvdA voor ogen heeft

16/44

om de weg ingericht te krijgen voor 50km/u als we hem overnemen. Daarnaast vernemen wij graag van de PvdA wat hun gewenste aantal verkeersbewegingen per etmaal is voor een gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom. We vragen ons namelijk af of de N209 reeds aan dat aantal voldoet of dat er dan nog extra maatregelen nodig zijn, afgezien van de 50km/u weginrichting. Tot zover. De heer Ruijtenberg, GL: Dank u wel, mevrouw Verhoef van de PvdA, voor het agenderen van dit bespreekpunt. Voor ik inga op het bespreekpunt, wil ik eerst even aanhaken op iets wat de heer Kampinga zei. De heer Kampinga kreeg, net als wij allemaal, vandaag een mail van de griffie, een brief gedateerd op 11 januari met daarin aangehecht een onderzoek. Als we gaan kijken naar de datum waarop dat onderzoek heeft plaats gevonden of gereed is gekomen, dan heeft dat een datum van 16 oktober. Mijn vraag aan de wethouder is: wat heeft hem ertoe bewogen of hoe is het gekomen, laat ik het anders zeggen, een onderzoek dat kennelijk op 16 oktober al klaar was, dat het pas op 11 januari richting deze raad komt? Ik heb al vaker in deze raad mijn ongenoegen geuit, dat ik soms het idee heb, dat het college deze raad niet serieus neemt, door brieven, onderzoeken en andere dingen op het laatste moment naar ons toe te sturen.

Dit is wederom zo’n voorbeeld, waarvan ik denk: dit is weer iets wat op het laatste moment naar ons toegestuurd is, waardoor we onvoldoende tijd hebben om ons goed te kunnen voorbereiden op iets wat onderdeel is van het bespreekpunt. Als raad doen wij ons uiterste best om op tijd moties, amendementen en bespreekpunten en dat soort dingen aan te bieden, zodat we verwachten dat iedereen zijn mening erop kan vormen. Het college doet dat niet voor de eerste keer blijkbaar niet. Ik wil heel graag van de wethouder horen of hij dit vergeten is of dat de datum op het onderzoek alleen maar een datum is wanneer het gestart is en niet wanneer het gereed is. Zo ja, wat hij gaat doen om te voorkomen om de komende 2 maanden, die hij nog zit, dat dit weer gebeurt, want het irriteert me mateloos, dat we weer een onderzoek veel te laat krijgen. Dan het agendapunt zelf. Onderschrijven wij de geschetste knelpunten? Ja, wij onderschrijven de geschetste knelpunten. Ik denk dat de PvdA deze goed opgesomd heeft, dat deze goed aanwezig zijn. Op 18 september was het clean-up day, toen was ik aan het schoonmaken in Bleiswijk en ik was toevalligerwijs aan de deur bij de heer Neeteson en ik ben in gesprek gegaan o.a. over de N209. Wat hij daar vertelde (…). In uw folder gaf u aan over de N209 waar we het over hadden.

Wij vinden dat dit een aandachtspunt is, daar hebben de overige leden gelijk: het is niet alleen een PvdA-punt of een GL-punt of een VVD-punt, dit is raadsbreed. Dat we het allemaal een onderwerp vinden waarvan we iets vinden, daar zijn we het over eens. Het tempo waarin we vinden dat er iets mee gedaan moet worden, daar verschillen we van mening in. De gemeente Lansingerland bestaat nu 13 jaar, op WIJ en GL na hebben alle partijen in dit huis al een keer in het college gezeten en we constateren, dat alle 6 partijen die hier nu zitten er blijkbaar onvoldoende in zijn geslaagd om er druk op te zetten, dat moet echt anders. Het punt van de PvdA, de te verwachten extra druk op de N209 na het gereed komen van de A16 Rotterdam, ik wil u nogmaals in herinnering brengen, dat met uitzondering van GL alle overige 7 partijen in dit huis ingestemd hebben met het tracébesluit van de A16. Sommige dingen hebben we aan onszelf te danken. Desalniettemin, ja, we zijn het eens met de geschetste knelpunten. Vraag 2: ja, wij denken inderdaad dat een onderzoek nodig is. Ik denk ook, dat je bij een onderzoek niet op voorhand mag zeggen: die uitkomst willen we liever niet. Als uit een uitkomst zou blijken, dat gemeentelijk beheer de beste uitkomst is voor deze N209, ja, dan moeten we daarover in gesprek gaan met de provincie.

Alleen, dan moeten er wel waarborgen zijn: hoe gaan we dat doen met de kosten, ga ervoor zorgen dat er geluidsdemping aangebracht wordt, wie gaat voor andere dingen zorgen, komt er een bruidsschat, wat gaan we daarmee doen? Dus ja, als dat de uitkomst is, zijn we voor, maar niet zondermeer. Vraag 3 is een wat lastigere vraag. Ik denk dat we niet vooruit moeten lopen op de uitkomst van een onderzoek. Er is nu een ABC-mogelijkheid aangegeven. Daar nu al aangeven dat we dit of dat vinden, dat moet uit onderzoek blijken. Wat echter voor GL als een paal boven water staat, we hebben daar eerder aan gememoreerd, is dat de snelheid op dit stuk, op het Lansingerlandse grondgebied, terug moet naar 50km/u. Het zorgt namelijk voor een vermindering van het geluid, het zorgt voor een vermindering van de uitstoot, het zorgt voor vermindering van de onveilige situatie en het zorgt voor een betere doorstroming, dus vier keer winst wat ons betreft. In ons verkiezingsprogramma gaan we ook verder. Wat ons betreft zijn er straks in Lansingerland nog maar 3 snelheden: 30km/u, 50km/u en 80km/u. Die malle differentiatie tussen 50, 60, 70 en dat soort dingen, daar stoppen we mee. De heer Blonk: Ik heb een vraag aan de heer Ruijtenberg. U geeft aan 50km/u op die weg. Ik heb net aangegeven, dat het wat L3B betreft 60km/u kan zijn.

Als het daar op uitkomt, dan kunt u daar toch ook wel mee instemmen, met die 10km verschil. De heer Ruijtenberg: Dat heeft niet onze voorkeur, maar als dat eruit zou komen, dan kunnen we daar wel mee leven. Het is een begin tot, zullen we maar zeggen. De voorzitter: Wilt u uw betoog beëindigen, want u zit al boven de 4 minuten. De heer Ruijtenberg: Ga ik zeker doen. Ik heb nog vraag 4 en ik vind dat de PvdA er recht op heeft om ook daar ons antwoord op te horen. Wat kunnen de fracties gezamenlijk zelf doen om een oplossing van de knelpunten te versnellen? Ja, ik denk dat de fracties het beste na 16 maart een coalitie kunnen vormen die de koe bij de horens vat. Dat is de snelste manier. Daar wil ik het bij laten.

17/44

De voorzitter: Ik denk dat de heer Fortuyn dit allemaal aangehoord heeft. Is de heer Fortuyn bereid om hier een reactie op te geven? Er zijn een paar vragen in zijn richting, met name de terugkoppeling, schriftelijk, bij de actualiteiten of op een andere manier. Hoe zit het met die brief die wij vandaag gekregen hebben? Beantwoording college Wethouder Fortuyn: Goedenavond. Laat ik delen met u, dat het goed is dat we het over de N209 hebben. Je kan het over de timing hebben, of het nu moet of na het verslag van het bezoek van de heer Zevenbergen, maar elk moment is goed om aandacht te hebben op de situatie rond de N209. Ik denk ook dat de heer Van der Stelt van het CDA het juist had. We zijn er al heel lang mee bezig, het is een moeizaam proces. Tegelijkertijd ontwikkelt zich rondom die N209 het nodige. Er werd mij zojuist aangereikt, dat ik er al 8 jaar mee bezig ben en weinig resultaat heb geboekt. Misschien als ik 6 jaar geleden resultaat had geboekt, dan hadden we misschien nu ook een probleem gehad, want het is voortschrijdend. Het is voortschrijdend, want je ziet dat de Merenweg in aantocht is met pakweg 650 wooneenheden, dat er met Wilderszijde ook een pakket klaar ligt, waar Klappolder ook in een geweldige versnelling is gekomen, de A13/A16 wisten we. Er is ondertussen ook een fietsveiligheidsonderzoek ingebracht en dat heeft u vandaag ontvangen.

Om op die vraag terug te komen. Het fietsveiligheidsonderzoek is inderdaad gedateerd in oktober. Dat was het moment waarop het rapport klaar was en dat was in opdracht van de provincie. Het is geen opdracht van de gemeente Lansingerland geweest, het is wel op verzoek geweest, er is een vraag geweest en dat heeft de provincie uitgezet en een jaar na ons verzoek is dit rapport verschenen. Dat u het niet heeft kunnen lezen, begrijp ik heel goed, daar komen we ook wel op terug, maar er zit een aantal aanbevelingen in, die op korte termijn op te pakken zijn, die gaan we ook oppakken. Buiten de N209 gaan we dat beetpakken. De heer Ruijtenberg: Ik wil graag van de wethouder weten wanneer dit rapport bekend was bij het college. Wethouder Fortuyn: Ik zal even kijken. Dat is op 20 december in het portefeuillehoudersoverleg geweest en het is in de eerste vergadering geweest, die vandaag was. Hij is vandaag vrij gegeven. Ik heb het op 20 december in het portefeuillehoudersoverleg gehad en daarvoor heeft een ambtelijke interpretatie plaats gevonden van: wat doen we ermee? Dat is ambtelijk geweest tussen de provincie en de gemeente. Het onderzoek was klaar, dan krijg je afspraken tussen provincie en gemeente, vervolgens komt het in het portefeuillehoudersoverleg, dan hebben we een reces en dan komt het op de agenda van B&W op 11 januari.

Uw veronderstelling heeft u weleens eerder gedaan, dat informatie te laat naar de raad komt, maar dat is geenszins de bedoeling. Wij gaan geen dingen ophouden en zeker zo’n rapport als dit niet om u als raad op achterstand te zetten. Dat is niet aan de orde. Er is een tweetal zaken. Wat je ziet is allemaal fragmentarische oplossingen. Er wordt elke keer gekeken naar een fietstunnel, dan wordt er naar een geluidsscherm gekeken, dan krijgen we straks de discussie over de ontsluiting van de N209 met de Merenweg, dan hebben we de aansluiting bij de Ankie Verbeeck-Ohrlaan, dan krijgen we de aansluiting van de Boterdorpseweg, hoe komt die bij de A13/A16 bij de N209, hoe krijgen we de Klappolder goed ontsloten, u heeft inmiddels kunnen zien dat er een vrije uitritbaan is, maar dat is nog niet voldoende want er is ook sprake van een calamiteitenweg en ontwikkeling op het terrein van de Greenery. Kortom, dat is de reden geweest, dat wij gezegd hebben tegen de provincie: kom nou eens een keertje langs, ga nou eens met ons een keer die route langs vanaf station Bleizo-West, want we willen ook dat knooppunt nog even bekijken met elkaar. We gaan de hele route langs, inclusief de Langevaart, inclusief de Merenweg, inclusief de gevaarlijke kruising op de Kulk, inclusief het rapport van het fietsveiligheidsplan, inclusief eindigend bij de A16 en de ontwikkeling van Wilderszijde.

Daar is 3 uur voor gepland en er is een heel programma voor gemaakt. Er is maar één oplossing en dat is dat er een integrale aanpak gaat plaats vinden. Er moet een onderzoek plaats vinden hoe we integraal dit op de beste wijze kunnen oplossen om het toekomstbestendig te maken. Of dat nou een 60km/u weg moet worden of een 80km/u weg of dat we groene zones krijgen in verlichting of dat we ongelijkvloerse kruisingen krijgen et cetera, het zal de revue moeten passeren, maar het vereist 1 vraag. De heer Alsemgeest: We hebben het hier vanavond over een best heel groot heikel punt, de N209. Nu hoor ik zojuist van de wethouder dat de provincie er 3 uur voor uitgetrokken heeft om dit hele probleem te bekijken. Dan denk ik: dat is krap zat. ik zou er een hele dag of 2 dagen voor uittrekken. Je kan mij niet wijs maken dat we in 3 uur tijd een idee krijgen van hoe het is en hoe het zou moeten. Wethouder Fortuyn: Is dat een vraag. De heer Alsemgeest: Wat u er zelf van vindt, 3 uur de tijd nemen voor een probleem dat er eigenlijk al jarenlang ligt. U mag het anders vinden, dat geeft niet, maar ik hoor het graag van u. Wethouder Fortuyn: Er wordt ook om een onderzoek gevraagd. Het gaat erom, dat de N209 met al zijn uitdagingen, die ik zojuist heb aangegeven, een integrale aanpak nodig heeft. Dat betekent een integrale ambtelijke aansturing en niet elke keer losstaand een ambtenaar.

Dat betekent dat ik een coördinerend ambtenaar wil hebben, die serieus met ons aan de slag gaat om de problematiek rond de N209 ook in de toekomstgerichtheid met elkaar gaat oplossen. Dat is wat we nodig hebben. Bij de geluidsschermen, de heer Neeteson wijst daar ook op en ik kom er zo op terug, zit ik met ambtenaar A. Ga ik over de Klapwijkse polder praten, dan zit ik met ambtenaar B. Ga ik praten over de Kulk, kom ik

18/44

ineens bij D. Kortom, de integrale situatie is niet helder. Dat is één kant van het verhaal. Dus de integrale wens die jullie wensen, roep ik al een tijd, daar ben ik al mee bezig. U weet ook, dat meneer Zevenbergen de nieuwe gedeputeerde is. Hij is rond de zomer opnieuw aangetreden. De eerste gedeputeerde heeft er ongeveer 6 jaar gezeten, 7 jaar, dat was meneer Vermeulen, inmiddels burgemeester in Wageningen. Ik heb al eens eerder gezegd, en ik wil meneer Van der Stelt bedanken dat hij daar aandacht voor had, dat het moeizaam onderhandelen is en bewegen is van de provincie. Ik heb ooit geroepen dat het trekken aan een dood paard is, dat het wel een erg lastig proces is, misschien kunt u zich deze uitspraak nog herinneren, maar ik doe mijn best om toch dat paard tot leven te krijgen. We hebben nu een nieuwe ronde en nieuwe kansen. En ik ben ook blij met jullie aandacht, laat ik daar serieus voor zijn. Het is goed, dat u er aandacht voor heeft. Het is ook goed, dat u richting provinciale staten er aandacht aan geeft, want in mijn eentje krijg ik de carrousel niet op gang. Die 3 uur, ik ga u vertellen, vandaag zijn we opnieuw in strijd gegaan met de provincie, want inmiddels is er bericht binnen gekomen, dat de beleidslijn van de provincie Zuid-Holland is: geen fysieke werkbezoeken te doen op dit moment.

Met andere woorden: ik mag nou proberen op 21 januari die 3 uur in ieder geval te claimen en vervolgens de ambtelijke organisatie te vragen om het in ieder geval proberen in beeld te brengen. Dus we hebben er weer een taak bij om dit te doen. Dat neemt niet weg, dat we hem alsnog zullen uitnodigen wanneer het mogelijk is om fysiek deze situatie te verkennen. Tegelijkertijd kent de heer Zevenbergen de N209 tussen Bleiswijk en RTHA, omdat hij familie heeft wonen aan de andere kant en met enige regelmaat deze weg gebruikt. Maar het gaat mij erom, dat we de urgentie op tafel krijgen en dat we één sturend, coördinerend ambtenaar, het liefst een directeur, krijgen die met ons de integrale aanpak doet om alle problemen die er zijn of toekomstige problemen integraal aan te pakken. Dat is de insteek die ik heb. De heer Ruijtenberg: Ik heb een verduidelijkingsvraag. Als het paard inderdaad overleden is, is het dan niet handiger om een nieuw paard aan te schaffen en is daarmee het idee om er een gemeentelijke weg van te maken niet slagkrachtiger? Wethouder Fortuyn: Ik ben het met de meeste partijen en de meerderheid van de raad eens: dan ga je zelf probleemeigenaar worden van een weg, die niet van jou is, waar investeringen tegenover staan, die wij niet kunnen overzien. Ik denk dat dat uitermate onverstandig is. Het is een provinciale weg.

Ik denk ook niet dat het uit het provinciale wegennetwerk gehaald wordt, omdat het een verbindingsweg gaat worden, die ook in de bereikbaarheid van de zuidelijke Randstad een belangrijke rol speelt, zeker als je kijkt tussen de A12 en de A16, maar ook de logistieke hotspots die er wederzijds zijn. Men zal altijd zoeken naar spreiding van verkeer, dus ik denk dat het een kansloze missie is. Ik zal de gemeenteraad niet adviseren om dit te doen, want je weet niet waar je aan begint en financieel is het een polsstok, die je niet aan kunt, dat zou je niet moeten willen. Maar dit is mijn mening, ik heb er verder geen overleg over gehad met het college, het is mijn inschatting als wethouder. De heer Alsemgeest: Een kleine opmerking en een kleine vraag. Enerzijds een opmerking naar de wethouder toe. Ik hoor in zijn stem, dat hij geagiteerd is over wat ik zei. Dat is zeker niet de bedoeling, want ik weet dat er best wel hard aan getrokken wordt, maar 3 uur de tijd nemen is gewoon erg weinig. Wel heb ik een vraag over die integraal persoon. Zoekt u die bij de provincie? Dat neem ik aan van niet, die wilt u eigenlijk zoeken in onze eigen gemeente.

Ik neem aan, dat u de gewezen persoon bent om die aan te wijzen, toch? Wethouder Fortuyn: Die geagiteerdheid was zeker niet de bedoeling, meneer Alsemgeest, want u had een prima analyse als voormalig huisarts, nog huisarts, dat weet ik niet, in ieder geval is uw medische kennis goed, inclusief de aderverkalking. Dat was niet de bedoeling. Wat ik zoek is een coördinerend directeur / ambtenaar bij de provincie. Het probleem zit bij de provincie. Wij hebben de mensen, de man of de vrouw, die het ook coördinerend bij ons aan kan pakken. Wij moeten los van al die losse, fragmentarische onderzoekjes, want die zijn er zat, de oplossingen moeten integraal aangepakt worden met ook de ontwikkelingen die wij hebben op dit moment, zoals we die zien. Dat betekent dat we een constante factor moeten hebben en die constante factor zit meestal in het ambtelijk apparaat, maar die moeten wel voldoende mandaat hebben om dit tot een compleet pakket te maken. Dat is de zoektocht die ik heb. De heer Alsemgeest: Ik snap hem, dank u wel. Wethouder Fortuyn: Ik hoop in een terugkoppeling op 8 februari u te kunnen melden, dat we een directeur of ambtenaar coördinerend hebben toegezegd gekregen hebben van de heer Zevenbergen, want dan kunnen we verder. Nu is iedereen ermee bezig en links weet niet wat rechts doet.

Het komt een beetje bekend voor als je in bestuurlijk Nederland kijkt, maar ik heb ermee te dealen. De voorzitter: Ik geloof dat dat ook een antwoord is op de vraag van de heer Blonk. Wethouder Fortuyn: Dat klopt, dat heeft u goed gezien. Dan even richting meneer Neeteson. Ook fijn, dat u weer inspreekt. Ik vind het ook heel goed, dat wij goede contacten onderhouden met elkaar. Ik heb zojuist aangegeven, dat het ook ons frustreert omdat de snelheid er niet in zit. Maar u weet ook, meneer Neeteson, dat wij er alles aan doen om dat scherm zo snel mogelijk gerealiseerd te krijgen en dat het een heel complex traject is. Tussentijds een bewonersavond of tussentijds brieven sturen naast de verslagen die wij doen naar de raad: ja, als ik niets te melden heb, heb ik niets te melden. U ziet hoe moeilijk het is. Het is geen negeren van u, zeker niet, want we stellen zeker op prijs hoe u betrokken bent bij dit proces. Het is ook niet het achterhouden van informatie, maar als ik niets te melden heb, heb ik niets te melden. Ik stel uw betrokkenheid zeker op prijs bij de ontwikkeling van het scherm. Waar nu nog de bewonersavond op gericht gaat worden, is hoe wij met het Marijkeparkje omgaan, want het scherm gaat natuurlijk van de

19/44

weg af, dat heeft invloed op het Marijkeparkje en daar komen we met u over te praten tussen nu en 8 weken. Daarmee hoop ik meneer Neeteson wat meer licht in de duisternis te hebben gegeven, in de duisternis waarin we allen zijn op dit moment. De voorzitter: Ik hoor een toezegging: tussen nu en 8 weken, dat er het e.e.a. gemeld gaat worden over het parkje aan de Marijkelaan. Tweede termijn Mevrouw Verhoef, PvdA: Dank aan de fracties voor hun inbreng en natuurlijk ook dank aan wethouder Fortuyn voor de toelichting. Ik heb nog een korte samenvatting en reactie. Alle fracties zeggen nadrukkelijk: het is niet een PvdA-punt, het is een heel breed punt. Dat onderschrijf ik volledig, maar ik vind het grappig dat u het nu zo nadrukkelijk zegt en bij andere bespreekpunten komt dat niet of nauwelijks zo aan de orde. Ik interpreteer het maar als: de andere fracties vinden dit ook super belangrijk. Straks als we collegepartijen zijn gaan we er keihard voor vechten om sneller tot een stillere, veiligere, schonere N209 te komen. Maar ik blijf erbij: als wij dit niet hadden ingebracht, vanaf de zomer pleiten wij al voor die integrale aanpak in onze weekberichten, als we de Statenfractie geen druk hadden laten uitoefenen, niet alleen de PvdA maar ook 6 of 7 andere fracties, dan is het maar de vraag of de gedeputeerde Zevenbergen hier voor de verkiezingen een bezoek had gebracht.

Ik hoor bij de andere fracties, met name van de coalitiefracties, nog steeds groot vertrouwen in de wethouder en dat is goed. Wethouder Fortuyn kent de PvdA, ook wij staan heel vaak achter het college en ook achter de heer Fortuyn, maar het duurde in dit geval wel erg lang. Ik hoor door de regels heen wel steun van de andere fracties voor onderzoek naar opties voor een integrale oplossing en daar ging het ons om, om integraal die problemen aan te pakken. De wethouder geeft gelukkig aan, dat zo’n onderzoek er komt, dat er een coördinerend ambtenaar komt, een integrale aanpak en dat is precies de inzet geweest van ons bespreekstuk en de vragen die wij eerder hebben gesteld. Het heeft 8 jaren geduurd voordat wethouder Fortuyn eindelijk dit voortschrijdend inzicht, zoals hij dat zelf noemt, heeft gehad. Als je maar lang druk uitoefent, dan doe je voortschrijdend inzicht op, dat klopt. De PvdA wil niet voorsorteren op de status van die weg, maar we hopen echt wel dat iedere fractie bij een volgende bespreking met de feiten van het onderzoeken en de gesprekken van de gemeente en de provincie op tafel dat alle fracties een open mind houden voor alle opties, ook een overdracht van de provincie naar de gemeente. De wethouder kan zeggen: het is onverstandig.

Maar we zouden graag op basis van het onderzoek, van gegevens van gesprekken, van eerlijk afwegen, ook de businesscase, zouden we die discussie willen voeren, omdat dat allerlei opties verdiept. Ik heb nog een laatste vraag aan de wethouder. Bent u bereid om de strijd aan te gaan, het gesprek aan te gaan, met de provincie om die weg wel zo snel mogelijk een lagere maximum snelheid te geven, bijvoorbeeld die 60km/u, ook als het mogelijk een provinciale weg blijft. Nogmaals dank. Ik hoop echt, dat we gezamenlijk met alle fracties hier snel tot een brede, integrale oplossing kunnen komen. De heer Blonk, L3: Ik schrik ervan, dat de provincie afhoudende bewegingen maakt door de afspraak volgende week niet fysiek te willen doen. Dus niet ter plaatste te willen komen kijken vanwege corona. Dat wil zeggen: met zijn elven in een grote bus inclusief mondkapje, minimaal 1,5 meter afstand, dat wil de provincie niet, terwijl het algemeen beleid is dat je in een OV-bus op en in elkaar mag gaan zitten. De provincie gaat dit afblazen, zo’n belangrijk onderdeel. Als 11 teveel is, nemen ze 2 of 3 ambtenaren minder mee en wij leveren er ook eentje in, maar zorg ervoor dat je in die hele grote bus met 10 mensen eens goed kunt gaan kijken naar die weg. Ik ben het eens met het college maar ook met de collegae om die weg niet over te nemen.

Wat ik wel belangrijk vind, wat mijn partij, wat L3B belangrijk vindt, is die maximum snelheid van die 60km/u met de daarbij behorende inrichting, dat is voor L3B heel erg belangrijk. Dat moet zo snel mogelijk gaan gebeuren. Dank u wel. De heer Kampinga, VVD: Ik heb laatst met genoegen de Provinciale Staten terug gekeken toen Edith Bal daar insprak. Ze kreeg het zelfs voor elkaar om de gedeputeerde aan het woord te krijgen, wat heel ongebruikelijk was. Zoveel indruk maakte zij met haar N209-verhaal. Dan iets heel anders, over die snelheid. Toevallig heb ik vanmiddag met een leerling een sommetje zitten maken over stoppen voor verkeerslichten, wat dat allemaal extra kost en wat het aan extra overlast veroorzaakt aan geluid, CO2 en noem maar op. Ik denk dat het belangrijkste is dat je zoveel mogelijk een constante snelheid kunt krijgen. Of je dat met een groene golf doet of met ongelijkvloerse kruisingen, maar het almaar stoppen en optrekken is natuurlijk funest om allerlei redenen. Misschien wat te gedetailleerd misschien. Ik ben niet van de 60 of 55, het gaat er vooral om dat het door kan stromen. De heer Van der Stelt, CDA: Ik kan het kort houden. Ik dank de wethouder voor zijn toelichting. Ik heb eigenlijk niet zo heel veel toe te voegen aan wat ik in de eerste termijn heb geroepen, namelijk dat het ook voor het CDA al geruime tijd een heel belangrijk issue is.

We hebben het uiteraard ook in ons verkiezingsprogramma opgenomen. We willen dat er een integrale aanpak komt, die we uiteraard met de provincie moeten oppakken, dus niets naar ons toe trekken, dat zijn allemaal omslachtige oplossingen die

20/44

veel kosten en dat geld kunnen we beter aan andere dingen besteden. De provincie kan niet ontkennen dat de boel onder staat en verder onder druk kan komen te staan, zal komen te staan, kijkend naar de A16 en de ontwikkelingen in het gebied bij Bleiswijk. Misschien heeft de kiezer op dit punt niet zo heel veel te kiezen, omdat we allemaal hetzelfde nastreven, maar in 2023 zijn er Provinciale Statenverkiezingen, dus laat dat ook duidelijk zijn in de richting van de provincie Zuid-Holland. Mevrouw Verhoef, PvdA: Een interruptie op de heer Kampinga, maar ik kon zo snel het goede knopje niet vinden (…) de snelheid hoe lager hoe beter. De heer Kampinga: In dit geval is het twijfelachtig. Het hangt van het asfalt af enzovoorts. 50km/u of 70, dat hoeft qua geluid niet zoveel verschil uit te maken denk ik. Het heeft vooral met de banden en de weg te maken, maar goed, dat is allemaal techniek. De heer Alsemgeest, WIJ: Ik wilde geen interruptie doen op de heer Kampinga, maar ik wil hem toch even hartelijk danken voor het feit dat hij zo keurig recapituleert wat ik al gezegd had in een eerste termijn over een gemiddelde snelheid, dat dat veel belangrijker is dan vlug proberen naar het eind toe te komen. Ik ben het ook eens met wat de heer Blonk zegt, dat het heel vervelend is dat de gedeputeerde straks niet hier fysiek aanwezig wil zijn om de problematiek te bekijken.

Dan denk ik: misschien kunnen we iets anders met OV doen, een OV-fiets misschien, dan kan het misschien wel gebeuren. Zonder hier fysiek aanwezig te zijn kan je niet een goed idee krijgen of iets beslissen. Dank u wel. De heer Hofman, CU: Eén ding in de samenvatting van mevrouw Verhoef waar ik op terug wil komen, dat is haar conclusie dat alle partijen wel een groot voorstander waren van het laten doen van een onderzoek. We zijn best voor een onderzoek, maar wel in regie van de provincie. Wij vinden niet dat hier ambtelijke uren vanuit de gemeente aan verstookt moeten gaan worden, want de regie moet echt bij de provincie liggen. Als wij daar heel veel kosten aan gaan spenderen, dat heeft dan niet onze eerste voorkeur. Natuurlijk, we zijn stakeholder en vanuit die hoedanigheid moeten we wel, maar het is niet zo dat wij daarin de regie moeten gaan nemen en het moeten gaan overnemen van de provincie. Dat wilde ik nog even toevoegen aan wat mevrouw Verhoef samen vatte. Dat was, wat mij betreft, de tweede termijn. Dank u wel. De heer Van der Stad, D66: Nee dank u, wij hebben in de eerste termijn onze bijdrage helder verwoord. De heer Ruijtenberg, GL: Ik wil eerst de wethouder bedanken voor zijn toelichting over hoe het kan komen, dat een stuk dat op 16 oktober gedateerd is pas op 11 januari bij ons komt.

We zullen het er maar op houden, dat de ambtelijke organisaties van met name de provincie in dit geval traag werkt. Is niet goed, maar daar kan de wethouder in dit geval niets aan doen. Dus daarvoor dank. Richting mevrouw Verhoef wil ik nogmaals aangeven, dat wat ons betreft dat onderzoek er mag komen. Wie dat moet doen, is ons om het even, of de provincie het doet of dat Lansingerland het doet. Wat ons betreft moet je dan open staan voor alle punten, die daar uit komen, ook als blijkt dat de meest effectieve manier van beheer een gemeentelijke weg is. En richting VVD: de VVD pleit voor een groene golf, dat doet ons altijd goed. Daar wil ik het bij laten. Wethouder Fortuyn: Ik ga het kort houden. Ik ben het er wel mee eens, 60km/u is één van de aandachtspunten, ook in het gesprek met de heer Zevenbergen. Het gaat ook, zoals meneer Alsemgeest aangeeft, om de doorlooptijd om van A naar B te komen en ook veilig. Er zijn dus meer aspecten die hier een rol in kunnen spelen, dus dat gaan we sowieso meenemen als één van de oplossingsrichtingen, of je het nou gelijkvloers of ongelijkvloers of anderszins moet oplossen. Meneer Blonk had het over een grote bus. Nou, die hadden we, we hadden zelfs een dubbeldekker, dus al helemaal ruimte. Tegelijkertijd: ze zijn niet te vermurwen, het is beleidslijn. We konden drukken wat we wilden, men doet het dus niet.

De 21e is nog 10 of 11 dagen, dus ik kijk met spanning uit naar wat het OMT gaat adviseren komende vrijdag, wellicht dat dat perspectief biedt, want ik ben er ook niet gelukkig mee, dat het allemaal weer digitaal moet, los van alle inspanningen die het ambtelijk apparaat pleegt om dit goed voor het voetlicht te krijgen. We blijven druk uitoefenen. Nogmaals, dank voor de aandacht. Laten we bij Provinciale Staten de druk erop houden. Er moet hier iets gebeuren, maar met name een integrale aanpak in samenhang programmeren, dat is echt het allerbelangrijkste wat we moeten hebben, want dan kunnen we ook stappen zetten. Ik wilde het hierbij laten. De heer Blonk: Ik wil nog even terug komen op het bustochtje. In grote steden heb je van die toeristenbussen, die zijn open, dan kan je boven op het dak zitten. Ik weet dat de RET ook een bus heeft, misschien dat u dat kunt voorstellen. Dikke jassen aan, mutsen op en hopen dat het niet regent. Misschien kunt u kijken of ze zo te vermurwen zijn. Dank u wel. Wethouder Fortuyn: Ja, heel mooi. En dan ook nog op de tijd van de heer Alsemgeest, ’s ochtends om 6 uur beginnen, dat lijkt me een mooie aanpak. De voorzitter: Laten we het hierbij houden. Wij zien met spanning wat het resultaat allemaal met zich mee gaat brengen, zowel voor de bewoners, de inspreker als voor onszelf en ook voor het college.

21/44

6. Stukken ter advisering aan de raad: 6.a Mobiliteitsvisie Lansingerland 2040 De voorzitter: Een item dat ons al enige tijd heeft beziggehouden, toelichten gekregen vanuit de ambtelijke organisatie. Ik ga van groot naar klein, dat is wel makkelijk. De heer Blonk, L3B: Ik wil een ordevoorstel doen, want ik vind 3 minuten veel te weinig. Ik heb in de appwisseling al aangegeven, dat ik wilde voorstellen om 5/2 te doen. De voorzitter: Ik vind het prima. Als u het korter kunt, zeg ik tegen een ieder. Maar ik houd het gewoon op 5, minder is prima. U wordt tegemoet gekomen, niet 3 maar even iets meer. De heer Blonk: Dank u wel. De fractie van L3B kan zich in grote lijnen vinden in deze mobiliteitsvisie. De scope leggen op 2040, zo’n 18 jaar na vandaag, is wel heel erg ver vooruit. Als ik terug ga naar 2004, dan zie ik wat er sinds die tijd allemaal veranderd is. Dat hadden we ons toen niet kunnen voorstellen, gigantische veranderingen. Dus nu kijken naar 2040, dat is ook zo’n 18 jaar, natuurlijk moet je dat doen, ik zeg ook niet dat je dat niet moet doen, maar heb niet de illusie dat wij nu opschrijven wat de waarheid is in 2040. Belangrijk voor L3B is bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Kortom, een gemakkelijke, slimme en veilige mobiliteit. Met deze mobiliteitsvisie gaan we een heel eind op weg om dat te bereiken. Dan wil ik op sommige punten wat dieper ingaan.

Wegencategorisering, het stokpaardje van GL, ik kom er zo op terug. Naast onze gemeentelijke wegen zijn er in onze gemeente ook rijkswegen, de A12 en A16, provinciale wegen, de N209, N470, N471, daar is de gemeente geen wegbeheerder van. Alhoewel, de N209, we hebben het er net uitgebreid over gehad, het voor onze gemeente en veel inwoners wel een hoofdpijndossier is en voorlopig nog wel zal zijn. Voor de gemeentelijke wegen kunnen wij instemmen met de categorisering, zoals die opgeschreven is in deze mobiliteitsvisie. Er zijn toegangswegen, woonstraten, 30km/u of 15km/u in het geval van erven, wijkontsluitingswegen 50km/u of 30km/u, gebiedsontsluitingswegen 50km/u, daar hebben we er nogal wat van, want ons hoofdwegennet zijn gebiedsontsluitingswegen. Kortom, binnen de bebouwde kom gaan we niet overal 30km/u, dat willen we niet. Dan kom ik bij het kopje verkeersveiligheid. De 3 pijlers van verkeersveiligheid zijn weginrichting, educatie en gedrag en handhaving. Kortom, zoveel mogelijk vrij liggende fietspaden, die voldoende breedte hebben. Overzichtelijke wegen en kruisingen van wegen. Verkeersles op basisscholen en het voortgezet onderwijs, met name ook voor 16- en 17jarigen, ook dat voortgezet onderwijs.

Basisscholen hebben al verkeersles met verkeersexamen, maar het is ook van belang dat de gemeente dat op het voortgezet onderwijs gaat faciliteren, dus ook financieel faciliteren. Instructie voor senioren, die weer op de fiets stappen, meestal een elektrische fiets. In de staatjes zie je dat het aantal verkeersongevallen van met name senioren enorm gestegen is, dus daar moeten we mogelijkheden geven voor instructie. En snelheidscontrole op de wegen is heel erg belangrijk. Dan kom ik bij de auto. De auto blijft in Lansingerland ook in de toekomst een belangrijk onderdeel van ons mobiliteitssysteem en daar moet rekening mee worden gehouden en blijven gehouden. Het OV. We kunnen niet zonder een effectief en efficiënt OV. Samen met de metropoolregio moet dit gegarandeerd worden. Nieuwe woonwijken, maar ook bestaande, moeten goed ontsloten worden met OV in de directe nabijheid. Dit betekent ook, dat woningbouw zoveel mogelijk moet worden geclusterd nabij vervoersknooppunten en voorzieningencentra. Dan kom ik aan het parkeerbeleid. In de mobiliteitsvisie staat op blz.51, en dan ga ik citeren: ligt een woonwijk binnen 800 meter loopafstand van rail of Zoro, dan geldt er een aftrek op de parkeernorm. Einde citaat. Daar is L3B faliekant tegen. Wij willen het gebruik van de auto verminderen, maar niet het bezit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=c52eb20e-fef9-469b-9af6-84659f24d17e