BV21.0145 Verslag commissie Algemeen Bestuur van 15 september 2021
Tekst van het document
Ik hoorde de heer Van Santen zeggen: 50% zichtbaarheid voor een initiatief. Maar ik denk dat het voorbeeld van Stedin laat zien, dat er ook dingen zijn, die heel erg goed zijn om te doen, financieel, die misschien niet zo heel erg catchy of zichtbaar zijn voor inwoners. Om eens een hard criterium in te bouwen, ik hoorde de heer Van Santen net ook al iets zachter over die 50% spreken, dat is niet helemaal wenselijk. Dat was het voor mij voor nu. De heer Ruijtenberg, GL: Dank de wethouder voor de beantwoording. Op de heer Philippens, eigenlijk heeft de heer Dieleman het al een beetje gezegd: de burgerparticipatie in de vorm van een referendum of een burgerpanel, wij blijven daar niet zo heel erg voor. Ik heb daar al genoeg over gezegd. Ook uw afvlakking daarvan in de tweede termijn heeft mij niet van mening doen herzien. Ik ben wel heel geïnteresseerd in hoe u dat gaat aanpakken, via een amendement of een motie, zodat burgers zelf initiatieven kunnen aandragen, daar ben ik wel heel nieuwsgierig naar. De scharrelambtenaar klinkt wel heel erg leuk, alleen, een scharrelkip komt nooit buiten. Laten we dan niet voor zorgen, dat zo’n ambtenaar nooit buiten komt, dat hij wel naar buiten gaat, zodat hij ziet wat er gebeurt. Misschien moeten we het een vrije uitloopambtenaar noemen of biologische ambtenaar.
Maar het is goed wat de heer Dieleman zei, ambtenaren kunnen misschien de wijde wereld in trekken en kijken wat er aan de hand is. Ik ben blij dat de heer Van Santen heeft aangegeven, dat het criterium van 50% niet een hard criterium is, dat er over te praten valt. Ik vind het dan wel weer teleurstellend dat hij aangeeft: als het maar 10% van de bewoners betreft, dan vind ik het eigenlijk te weinig. 10% van de bewoners dat is in de toekomst 9.000 inwoners, dat is toch een behoorlijk aantal. We weten dat bij Sparta, voor corona, gemiddeld 10.000 mensen op de tribune zaten. Als we dat kunnen bereiken voor zoveel mensen, heb je het toch over heel veel mensen. Maar goed, ik merk dat er ruimte is bij de heer Van Santen en dat is goed, dat is positief. Minder ruimte heb ik gemerkt bij mevrouw Van Olst. De schuldenquote vast stellen op 90% en daar een hardheid van maken: een hoop voorstellen, die goed zijn, maar daarop zouden afgekeurd worden, wij zijn daar niet voor. Dan denk ik dat je te dogmatisch bent. We willen alle 8 hier dat de schulden afgelost worden en niemand van ons wil terug naar het systeem, dat wij tot aan onze nek in de schulden zaten, dat we moesten verkopen aan de provincie wat we wilden. Maar daar bent u of
11/17
onze opvolgers ook zelf bij. U kunt er zelf beslissingen in nemen. Ik denk dat u meer vertrouwen in uzelf moet hebben en in de overige 32, dat we niet naar die situatie toe gaan. En die 90%, wees niet dogmatisch. Ik ken WIJ als een partij die ook pragmatisch is, wees ook hier pragmatisch over. Ik ga mijn mond houden. Mevrouw Van Olst: Ik wil wel even verduidelijken. Als je eenmaal tot de schuldquote van 90% wil komen, dan moet je miljoenen lenen. Enorme bedragen moeten er dan geleend worden. De kans dat dat wordt gedaan uit hoofde van dit kader zal heel klein zijn. Dan is het toch gek om het op deze manier weer te geven? Dat is mijn punt. Geef dan gewoon aan: het is 90, we leven in een nieuwe werkelijkheid. Het heeft niet zozeer met pragmatisch te maken. De heer Ruijtenberg: Ik begrijp uw punt, ik ben het er alleen niet mee eens, maar daar kunnen we van mening over verschillen. Ik denk dat we daar wat flexibeler in moeten zijn. Daar wilde ik het nu bij laten. Dank u wel. De heer Azzouzi, PvdA: Ik wil de wethouder bedanken voor de beantwoording van de vraag. Het antwoord was helder, maar heeft mij niet helemaal gerust gesteld. Ik wil eigenlijk meegeven aan de raad en het college, dat wij het straks niet gaan hebben over kleuren en percentages, maar over de inhoud. We hebben net hier een discussie gevoerd en dat moet over de inhoud gaan.
Daarnaast, als de initiatiefnemers zelf gaan inkleuren en percentages gaan geven, wie gaat de arbitrage doen? Als een getal 80% is, gaat het college dat dan corrigeren? Het kan wel belangrijk zijn in de afweging van de raad. Dat was eigenlijk mijn resterende vraag. Voor de rest willen wij gewoon instemmen met het voorstel. We wachten ook het amendement van L3B af. De heer Weerheijm: Een korte reactie op de opmerking van de heer Azzouzi. Ik snap op zich wel de zorg hier. Er komt iemand aanzetten met zo’n percentage van 80%, hoe gaan we daar dan mee om? Maar ik denk dat dat juist een taak is als je als raadslid met een voorstel komt of vanuit het college of wie dan ook, waarin staat dat het 80% is, dat wij dan degenen zijn die gaan vragen: waar baseert u dat op? Het simpel aan komen zetten met kleurtjes en percentages, dat is niet voldoende om voor of tegen een voorstel te stemmen. De heer Azzouzi: Dat snap ik wel. Maar sommige getallen en quotes kunnen wel belangrijk zijn voor een afweging, dat de raad geïnformeerd wordt over de juistheid van de cijfers om een afweging te kunnen maken. Ik vind dat het college daar een rol in heeft. Beantwoording college Wethouder Van den Beukel: Een beperkt aantal vragen in de tweede termijn.
Ik heb de neiging om helemaal te gaan oreren, want de avond is nog zo jong, maar misschien zien mensen ook wel uit naar de koffie of de borrel na afloop, of is dat alleen na raadsvergaderingen? Jammer. Zo groen nog. De paar vragen die ik had genoteerd, daar beperk ik me dan maar toe, gingen over het punt van leningen aflossen. Wat ik geprobeerd heb uit te leggen, de vraag van de heer Van Santen en ook van mevrouw Van Olst, is dat we niet specifiek leningen aantrekken voor het doen van uitgaven uit deze reserve. Dat wil niet zeggen dat we voortdurend bezig zijn met ons treasury beleid. Het criterium waaraan wordt gerefereerd gaat het over de afname van liquiditeit / toename van schulden, de ratio. Die schuldquote beweegt. Uiteindelijk hebben we een plek, waar we onze doelstelling formuleren, dat is een collegeakkoord of een collegeprogramma en ook in diverse paragrafen bij de begroting. Als u op dit moment denkt, gelet op onze riante liquide positie, dat we daar eigenlijk een nieuwe doelstelling aan moeten verbinden, waar ik me iets bij kan voorstellen vanuit de optiek van bepaalde fracties, dan is het goed om dat debat ook heel principieel te voeren of fundamenteel te voeren bij de begroting bijvoorbeeld of aan het begin van de volgende collegeperiode, maar ik wil er toch een lans voor breken om dat niet hier te doen bij dit toetsingskader.
Uiteindelijk is dit een toetsing voor voorstellen in het kader van Eneco-middelen en dat is toch iets anders dan het formuleren van een bepaald doel. Nu hebben we 1 op 1 gerefereerd aan de doelen, met name tekstueel, die zijn geformuleerd in het collegeakkoord. Inderdaad, de exacte formule is ietsje anders dan in de begroting, het is goed om die aan te passen wat dat betreft, maar voor het overige wil ik daar toch bij blijven, dat dit niet het geijkte moment is, het geijkte kader is om een nieuw doel te formuleren voor een schuldquote. Ook nog even voor de helderheid. De heer Van Santen: Misschien dat u er nog zo op komt, maar ik heb in de vorige commissievergadering ook gevraagd, maar ik vroeg me ook af: de schulden die we na de Eneco-gelden hebben afgelost of de komende 2 jaar gaan aflossen, feitelijk het geld dat we nu op de bank hebben staan, ziet u dat ook niet als een afboeking, als een bestedingsmiddel, dus dat als zodanig geen € 113,4mln is maar € 80mln moet zijn, ik heb geen idee. Daar zou ik graag een antwoord op willen. Dank u wel. Wethouder Van den Beukel: Heldere vraag. Ik wilde proberen dat punt te maken. Nee, zo werkt het in ons treasury beleid niet. Als wij een bepaalde lening aflossen in 2023, u refereerde er al aan, dan is het heel aantrekkelijk om die af te lossen.
Het is overigens ook aantrekkelijk om nu geld te lenen, want dan krijgen we geld toe, dan heeft dat niet iets te maken met deze reserve 1 op 1. Daar verandert geen tittel of jota aan, er komt geen euro bij, er gaat geen euro af. Dat is een kwestie van ons liquiditeitsmanagement. De hoogte van de reserve is op dit moment € 113mln en een beetje, dat is onafhankelijk van de vraag of wij leningen aflossen of niet. We maken die keuze om leningen af te lossen op het moment dat het voor ons aantrekkelijk is en dat doen we op basis van de quota, de ratio’s, die wij
12/17
met u hebben afgesproken. Dus het beïnvloedt niet de hoogte van de reserve voor alle helderheid. De heer Van Santen: Is dat een keuze? Als je dat wel zou doen, kan dat dan technisch niet? Of is dat een politieke keuze? Als het wel zou kunnen, wordt de pot die we hebben kleiner en de algemene middelen worden dan vanzelfsprekend groter. Wethouder Van den Beukel: Nee, dat is geen politieke keuze, dat volgt gewoon inherent uit de systematiek van de gemeentefinanciën, hoe wij begroten, hoe wij sturen, hoe wij ons treasury-beleid voeren. Dat is een inherente uitkomst van hoe wij met onze begroting omgaan, met onze liquiditeit omgaan, dat is niet iets wat we nu doen, dat is iets wat we de laatste tientallen jaren bij mijn weten al hebben gedaan. Zo zijn er ook andere systematieken denkbaar en het zal heus nog wel een keer veranderen, maar dat heeft niets direct te maken met onze huidige situatie of de Eneco-middelen. Er is wat gezegd over de vrije uitloopambtenaar, de scharrelambtenaar, we kunnen er grappend over doen en dat is ook heel mooi en tegelijkertijd wil ik er toch een serieus punt van maken.
Onze medewerkers, of ze zich nu bezig houden met sport of met grondzaken of met duurzaamheid, zijn heel erg open naar de samenleving, staan voortdurend in verband met de samenleving, zijn ook buitengewoon weinig op het gemeentehuis geweest vanwege corona de laatste tijd, dus ze hebben zich niet eens mogen opsluiten op het gemeentehuis. Voortdurend wordt het college via de medewerkers gevoed door signalen uit de maatschappij, door zorgen, door ideeën, door kansen die zich voordoen. Natuurlijk kun je daar een aparte functie voor inrichten, wij voeren het gesprek over burgerparticipatie bij monde van collega Fortuyn en het is ook wel denkbaar dat we in het kader van de reserve Eneco-middelen daar een specifiek proces voor inrichten of dat u daar een specifiek proces voor inricht, ik wil u dan wel vragen om u er goed van te vergewissen, dat daar de ambtelijke capaciteit voor wordt georganiseerd, het Lansingerlands Initiatief stond bij mij te boek als relatief bewerkelijk, dat kan, dat kan het je waard zijn, maar laten we dan wel ons ervan vergewissen, dat die capaciteit er is en dat het niet ten koste gaat van iets anders, dus dat we ons daarvan bewust zijn. Maar nogmaals, even het serieuze punt, laten we ons wat dat betreft geen illusies maken, we zijn voortdurend hier in contact met de samenleving, zo dorps zijn we ook nog wel.
overigens is het de professionaliteit van een ambtenaar om zich zo op te stellen. Tot slot heb ik als vraag genoteerd, de heer Azzouzi zei: arbitrage, vindt er nou toch wel een soort check plaats op misschien wel foutieve claims? Ik denk dat evidente fouten, als het bijvoorbeeld gaat om de schuldquote, die verkeerd zou worden voorgespiegeld, dat het college natuurlijk proactief haar verantwoordelijkheid neemt en u daar op wijst. Als u wenst dat op de weging van, laat ik eens een dwarsstraat noemen, de weging van de mate waarin een voorstel bijdraagt aan het toekomstperspectief van Lansingerland of aan de Sustainable Development Goals klimaatverandering, als u wenst dat het college daar een soort check op doet of daar een oordeel bij geeft of een second opinion verzorgt bij een raadsvoorstel, dan kan dat altijd. Als u zegt dat u dat per definitie wilt, dan zouden we dat als proces moeten benoemen. Als u daar geen prijs op stelt, dat is uw keuze, dan zou u dat natuurlijk altijd gewoon kunnen vragen via ambtelijke ondersteuning bij het maken van een voorstel, daar is dan een proces voor, of als politiek punt in deze raad als u toch het gevoel zou hebben dat een bepaalde fractie wel erg zonnig de zaak heeft beschreven, dan zullen we daar heel gaarne een second opinion bij verzorgen. Volgens mij waren dat de vragen voor dit moment. Dank u wel.
De heer Ruitenberg: Nog even een vraag. Ik hoor de wethouder in de eerste termijn zeggen dat er een toelichting ontbrak bij het voorstel. Ik heb nog gevraagd: komt u alsnog met een aangepast voorstel bij de raad straks, het aangepaste voorstel? Wethouder Van den Beukel: Een heel praktische inderdaad, sorry, die heb ik wel genoteerd. Ja, die volgt. Dat is een klein stukje tekst. Ik weet niet of het het meest handig is om dat een aangepast voorstel te laten zijn of een klein briefje. Ik kan me het tweede voorstellen, maar dat zal ik u doen toekomen, die compleetheid. De heer Ruitenberg: Ik heb eigenlijk een voorkeur voor het eerste, want zeker bij een afwegingskader als Eneco denk ik niet dat we met losse briefjes moeten werken, maar gewoon één document, dat integraal de geschiedenis ingaat. Wethouder Van den Beukel: U vraagt, wij draaien. De voorzitter: Dan zijn we nu aan het eind van deze beraadslaging gekomen. Ik kan alleen maar concluderen dat het een bespreekstuk in de raad wordt. Een mogelijk aangekondigd amendement van de zijde van L3B. 7a. Actualiteiten uit het college De voorzitter: We hebben in ieder geval een brief gekregen van de burgemeester, dat is het Covidjournaal. Hij heeft aangegeven in de brief, dat dit het laatste journaal is, dat hij naar verwachting zal geven.
Misschien ook nu het laatste woordelijke journaal van de burgemeester over Covid, laten we het hopen, dat het niet verder hoeft, ook volgende maand niet, dat het zo goed is gegaan, dat het allemaal niet meer nodig is. Burgemeester Van de Stadt: Ik wil eerst even van de gelegenheid gebruik maken, ook als voorzitter van de raad, om u erop te wijzen, dat u zich ook voor het eerst hier bevindt onder het toeziend oog van onze interim griffier, uw interim griffier. Dat mag u als een waarschuwing beschouwen, maar ik denk dat het ook een heuglijk moment is. We wensen onze griffie nog altijd heef veel beterschap. Dan wil ik ook nog
13/17
even van de gelegenheid gebruik maken, als we het corona-journaal openen, dat ik dacht dat we het goed onder controle hadden, maar ik heb gemerkt dat er kennelijk iets mis gegaan is bij de leveranties van scheermesjes in deze gemeente, want volgens mij is het aantal baarden in deze commissie aanzienlijk toegenomen. Misschien hadden we anderhalf jaar geleden iets anders moeten hamsteren dan wc-rollen. Nee, zonder gekheid. Het lijkt bij ons goed te gaan. Dat wil niet zeggen dat er geen spanningen op de lijn zijn, dat ziet u in de landelijke media, maar laten we hopen dat we ons in de finale stadia bevinden van deze pandemie met wel de aantekening, dat dit nog weleens lang zo niet voor altijd een bepaalde impact op onze levens kan hebben. Dat gaan we zien, maar in ieder geval, de pandemie als crisis kunnen we redelijk afsluiten, denk ik. Het laatste punt dat open staat, ook bij mij natuurlijk, u heeft ook de berichtgeving vanuit Amsterdam kunnen volgen, is de controle van de corona-app bij de horeca. U kent mijn uitgangspunt, dat is niet gewijzigd. Het is gewoon landelijk beleid en dat dient uitgevoerd te worden, punt. We hebben geen keus om zelf vast te stellen of we er wel of niet mee eens zijn. Zo werkt het simpelweg niet. Ik ga er dus ook van uit, dat onze horeca zich daar keurig aan houdt, zoals ze altijd gedaan hebben.
Dat wil niet zeggen, dat ik ze op elke straathoek ga controleren, overal ga binnenvallen en alles ga nalopen en ga beboeten. Dat is niet nodig geweest in de afgelopen anderhalf jaar, ik verwacht niet dat dat nodig is de komende tijd, maar horecagelegenheden die denken dat ze het niet hoeven te doen of niet moeten doen, die krijgen weldegelijk een stevig bezoekje en dan verwacht ik dat we er gewoon uit komen. Het is geen keus of je je wel of niet aan de wet houdt, of je het ermee bent of niet. Daar mag ik alles van vinden, daar mag u alles van vinden, daar mag de horeca alles van vinden, maar we gaan het wel doen. Dat is het puntje dat nog de grootste spanning zal opleveren de komende tijd. Maar net als velen van u, ook ik heb hem deze zomervakantie gehad, ik ben allang gewend geraakt aan het gebruik van die corona-app. Je hebt een rijbewijs nodig als je in de auto stapt, je kan ook gecontroleerd worden, daar zijn redenen voor. Ik denk dat heel veel van u ook zonder rijbewijs prima zouden kunnen rijden, toch zijn er redenen voor om dat in de samenleving te borgen. Dat je zo’n eis als overheid stelt, dat kan ook met zo’n pas. Dat moeten we niet groter maken dan het is, maar ook niet kleiner, de impact die het voor vele mensen heeft.
Dat wilde ik als afsluitende woorden, hopelijk, over de pandemie doen, maar ik vermoed dat we de komende tijd in deze commissie heus nog weleens erover zullen praten. Dank u wel. Ik heb nog één punt vanuit het college. Dan wil ik u ook nog even bijpraten over de hagedis-achtige, want dat is er nog steeds. Wel goed om het er hier nog even over te hebben. U weet, in augustus is er een incident geweest, een hond is gebeten in het Sterrepark door wat de eigenaar zegt een beest dat eruit zag als een hagedis of een varaan. De bijsporen wijzen daar ook op, dus we gaan ervan uit, dat er een grote kans is dat er zo’n beest daar op dat moment rond liep. Daar is naar gezocht, maar er is niets aangetroffen. Vervolgens is er en tweede niet zozeer incident, maar hij is weer gesignaleerd, hij zou achter een poes hebben aangezeten. Dat was de reden voor ons, omdat ze hard kunnen bijten, dat zag je aan de hond om het maar zachtjes te zeggen, sommige zijn zelfs giftig, als kinderen gaan zoeken kan er een gevaarlijke situatie ontstaan, daarom hebben we gemeend het gebied af te schermen met hekken, kooien te plaatsen, een expert te laten zoeken. Sinds die tijd is er geen nieuw signaal geweest dat hij gezien is, niet bij ons, niet bij de dierenambulance. We gaan er op dit moment dus van uit, dat de kans groot is, dat hij er niet meer zit.
Aanstaande maandag zullen wij de kooien en de hekken weg halen, ervan uitgaande dat hij de komende dagen niet gezien wordt. Er zal nog een ronde worden gemaakt door de reptielenexpert, ook na het weghalen van de hekken. Ook omdat het kouder wordt, het is een koudbloedig dier, gaan we ervan uit, dat hij er niet meer is. Dat is op dit moment de stand van zaken. We zullen de buurt, de omwonenden daar ook over informeren met een brief. Dan weet u: geen verder spoor. Het was een aardige gewaarwording, dat bij het aantreffen van zo’n dier er 3 cameraploegen op ons Sterrepark staan, dat blijft toch een bijzondere ervaring. De heer Weerheijm, D66: Niet over het mysterie van de gemiste hagedis, ik was iets te laat met het knopje indrukken bij het corona-journaal. Hopelijk inderdaad het laatste corona-journaal. Ik vroeg me af of u op dit moment een kleine update kan geven van de stand van zaken rond scholen m.b.t. besmettingen, wat het beeld daarvan is, dat het college heeft, of er klassen naar huis worden gestuurd of dat het meevalt op dit moment. Burgemeester Van de Stadt: Een actueel beeld kan ik er niet over geven. Ik heb het er vooral in het brede beeld van de veiligheidsregio over met de GGD. Ja, er zijn besmettingen op scholen, maar hoe dat zich precies in Lansingerland voordoet, dat zou ik u niet kunnen zeggen.
Ik vind het op zich wel een goede vraag en ik ga dat ook even met wethouder Van Tatenhove voor u in kaart brengen, want ik wil het zelf ook wel even weten, wat het actuele beeld is, ook omdat de druk op het onderwijs, en u weet ik heb daar ook kinderen rond lopen, groot is. Het is goed om daar even een laatste check op te doen, dus ik beschouw de vraag van de heer Weerheijm als een suggestie aan mijn adres. Wethouder Van den Beukel: Gisteren hadden we de commissie ruimte bijeen gehad, alleen maar voor de helft. Dat betekent dat er geen actualiteiten uit het college kwamen. Ik had er twee gehad, die spelen voordat de volgende commissie ruimte vergadering is. Met uw welnemen wil ik ze kort hier benoemen, omdat ze een algemene impact hebben. Het gaat over de notie, die ik u mee wil geven, dat aanstaande
14/17
woensdag, volgende week woensdag, de eerste paal zal worden geslagen van Wilderszijde. Dat is natuurlijk een bijzondere gebeurtenis, ik zou bijna zeggen: een historische gebeurtenis. Dat is plan Buyten voor uw begrip, dat loopt iets vooruit op de andere deelplannen, maar maakt wel onderdeel uit van het masterplan Wilderszijde. Ik denk dat het voor onze gemeente echt een heel betekenisvolle stap is. Om het niet als verrassing te laten komen, wilde ik het graag hier delen. Ten tweede, de SDG’s zijn vanavond genoemd. Er is een motie aangenomen, waarbij we Sustainable Development Goals gemeente zijn geworden en aanstaande dinsdag zetten we dat wederom luister bij de SDG-actionday, we zullen dan de vlag gaan hijsen als college en er zullen allerlei festiviteiten plaats vinden die week. Omdat het voort komt uit een motie van uw raad, leek het me aardig om dat hier te vermelden. Dat zou het zijn. De heer Dieleman, CU: Graag nog een reactie op wat de heer Van den Beukel net zei. Ik heb even heel snel gezocht. De Global Goals dag is op 25 september, volgens mij is dat niet komende dinsdag. Ik meen dat de VNG ook opgeroepen heeft om volgende week vrijdag de vlag te hijsen, maar dat is echt een detailpunt. Wethouder Van den Beukel: Ik stel voor dat aanstaande vrijdag de heer Dieleman en ik zelf nog een duurzaam feestje vieren.
Er zijn allerlei goede en praktische redenen waarom we dat toch graag dinsdag doen na afloop van de collegevergadering. Ik zal er nog een keer extra navraag naar doen, dank u wel. 7b. Actualiteiten uit de commissie Geen opmerkingen. 7c. Verbonden partijen De voorzitter: Nog iets te melden van college of commissie? Nee. 8. Rondvraag en sluiting De voorzitter: De rondvraag is van de heer Ammerlaan en gaat over het feestje in het Hoge Bergse Bos in de nacht van zaterdag 4 op zondag 5 september. De heer Ammerlaan, CDA: Dat is inderdaad mijn eerste zin uit de brief. Het feestje in de nacht van zaterdag 4 op zondag 5 september: er heeft een illegaal feestje plaats gevonden in het Hoge Bergse Bos. Naar we vernomen hebben, kwamen meer dan 1.000 mensen op het illegale feest af. Blijkbaar waren er geen aanwijzingen bij de politie bekend dat er een illegaal feest zou gaan plaatsvinden. Nadat de politie na de klachten van omwonenden ter plaatse kwam, werd de omvang gecontroleerd. Geconstateerd is dat er geluidsoverlast was, her en der auto’s stonden en er sprake was van lange files in het Hoge Bergse Bos in die nacht. De politie is verschillende keren langs geweest, maar besloot niet in te grijpen, omdat er te weinig mankracht was op dat moment, het was natuurlijk ’s nachts, dat snap ik, en ze escalatie wilden voorkomen.
De volgende morgen lag het grote gebied van ons bos bezaaid met bekers, flessen, blikjes, lachgasballonnen en overig afval. De berichten hierover in de media leidde tot veel onbegrip bij onze inwoners. Vraag aan de burgemeester, want u gaat erover. Hoe kan het gebeuren dat zo’n omvangrijk illegaal georganiseerd feest niet eerder bij de politie bekend was? Waarom is er op het moment dat dit zeer omvangrijk illegale feest met daarbij komende verkeersstromen niet de noodzaak ingezien om mankracht op te schalen en toch in te grijpen? Burgemeester, bent u het met ons eens, dat het toestaan door niet in te grijpen van illegale feesten als gevolg heeft dat de gemeente daarbij soort toestaan dat deze feesten georganiseerd kunnen worden? Als zulke illegale feesten in Lansingerland kunnen plaats vinden zonder ingrijpen van de overheid, kan dit tot herhaling leiden. Hoe denkt de burgemeester dit te gaan voorkomen? Van dit soort illegale feesten vervuilt ons natuur- en recreatiegebied en dat geeft ergernis bij onze inwoners. Opruimen en verzamelen van de omvangrijke hoeveelheid afval kost de samenleving heel veel geld. Wordt onderzocht of de kosten op deze organisatoren van dit illegale feest te verhalen zijn? Dat waren mijn vragen. Burgemeester Van de Stadt: De heer Ammerlaan geeft een goed verslag van het gebeurde, dus over de feiten zijn we het eens. Dan de vragen.
Waarom was het niet bekend? Dat is uiteraard de vraag die ik ook aan de politie stelde. Ik wil daar wel aan toevoegen, dat wij de afgelopen anderhalf jaar verschillende feesten hebben voorkomen, ook in het Bergse Bos. Het is niet zo, dat dit één poging was, die gelijk geslaagd is. Er zijn meerdere pogingen gedaan en die zijn niet geslaagd, omdat er van tevoren zicht was op bijvoorbeeld uitnodigingen op sociale media. Vervolgens wordt er contact opgenomen met de organisatoren, die worden achterhaald en aangegeven, meestal in mijn naam: doe het niet, want dan gaan we achter jullie aan. Deze is gemist, zo klip en klaar is het. De informatiepositie van de politie is natuurlijk ook niet onfeilbaar. Het gaat om de Antilliaanse gemeenschap vanuit de bredere regio, dus dan kan je dat echt wel missen. Voor Lansingerland, ons basisteam is het al helemaal moeilijk, want het vond echt buiten ons zichtveld plaats. De ene keer is het feest in Barendrecht en de andere keer in Hoek van Holland en nu was het een keertje hier. Waarom was het niet bekend? De informatiepositie was dus niet voldoende, zou je kunnen zeggen. Het is moeilijk. Waarom niet opschalen en ingrijpen? Dat is natuurlijk een cruciale vraag, want in de avond gebeurt er wel wat en daar moet je wat mee. Laat ik het
15/17
politierapport, het verslag aan mij, met u delen, want ik denk dat de woorden van de politie het beste zijn, want het is primair hun afweging. In de nacht had het basisteam, ons basisteam in Schieland, een reguliere bezetting. In het hele district c.q. de eenheid was het echt zodanig druk, dat het team parate eenheid gevraagd is te kijken in het bos. Soort van extra hulptroepen zal ik maar zeggen. De parkeerplaatsen bleken vol en achter de skiberg uit het zicht was een feest gaande. Het team parate eenheid gaf aan dat een optreden, gelet op de omgeving en de omvang van het feest alleen mogelijk zou zijn door maximale opschaling. Gezien de meldingendruk, dus in de hele regio, zou opschaling regionaal moeten plaatsvinden met mogelijke ME inzet. Gelet op de tijdsduur die een dergelijke opschaling met zich meebrengt, de beperkte overlastmeldingen, het grote aantal meldingen in het gehele district die avond of nacht en de risico’s behorend bij het inzetten van de mobiele eenheid, dan ook het risico op die locatie, donker, veel wegen waar je heen kan, maar ook water in de buurt en dat soort zaken, is ervoor gekozen om de situatie blijvend te monitoren en het feest te laten uitdoven. Rond 4.00 uur werd waar genomen, dat er werkelijk veel voertuigen vertrokken en rond 5.00 uur zijn de laatste voertuigen, een stuk of 20, aangespoord te vertrekken.
Ik vind die keuze van de politie te billijken. Of ik er blij mee ben is een andere, maar het betekent dat als ze hadden willen ingrijpen er behoorlijke risico’s aan waren verbonden, er was veel alcohol, veel lachgas, auto’s, er waren risico’s aan verbonden geweest en daarvoor hadden we de hele regio moeten leegtrekken van de politiecapaciteit. Dat betekent ook wat op andere plekken. Dat betekent dat er geen politie is bij een ernstig ongeluk op de Van Brienennoord of een inbraak in Capelle of een geweldsincident in Schiedam. Ik beschouw dit als een operationele beslissing door de politie, die ik kan billijken. Ik zou, als ze me op dat moment benaderd hadden, dat hebben ze niet, maar als ze me benaderd hadden, dan zou ik ze gesteund hebben. Dat is de reden. Nogmaals, ingrijpen had echt stevige gevolgen gehad. Vanuit mijn rol als verantwoordelijke voor de openbare orde: de rol van de burgemeester is niet bestraffend, dat is handhaven. Dat betekent dat je de openbare orde herstelt, daar is de actie op gericht, op zo kort mogelijke termijn. De vraag is of de inzet van de ME tot een sneller herstel van de openbare orde in het Bergse Bos had geleid dan het laten uitdoven van een feest, gezien de opkomsttijd en gezien er daarna is gebeurd. Dus ook vanuit de openbare orde kant vind ik het te billijken dat de politie deze afweging heeft gemaakt.
Wel zal ik natuurlijk ook met de regioburgemeester en andere collega’s het hebben over dit soort feesten en wat we eraan kunnen doen. Maar als de horeca weer open gaat, hopen we ook dat het verschijnsel afneemt. Geef je in feite door niet in te grijpen impliciet toestemming aan het feest? Daar ben ik het absoluut niet mee eens. Dat is niet zo. Heel vaak moet je bij handhaving proportionaliteit afwegen en dan kan het zijn, dat je niet ingrijpt. Ik ben zelf werkzaam geweest tijdens de scholierenprotesten in de Tweede Kamer, ik had een werkkamer op de begane grond en daarvan zijn vrijwel alle ruiten ingegooid, die kleine ruitjes, en de bakstenen lagen door de hele kamer verspreid. Dat is de enige keer dat demonstranten op het Binnenhof zelf konden komen. De reden daarvan was, dat de ME niet ingreep, omdat het scholieren waren. Dat hadden ze bij volwassenen wel gedaan. Dat was ook iets wat te billijken is vanuit de afweging van de ME, wel ingrijpen als er demonstranten zijn, maar bij kinderen maak je misschien een uitzondering. Elke keer maak je die afweging over handhaving. Dat wil niet zeggen dat je door niet te handhaven het goed keurt. Dus ook hier, laten we dat absoluut zeggen: het is niet toegestaan, we zullen altijd proberen in te grijpen bij zoiets, liefst vooraf, maar soms wil je de afweging maken dat uitdoven beter is dan ingrijpen. Herhaling voorkomen.
Soms was de ervaring, dat ze twee keer achter elkaar op dezelfde locatie komen, het weekend erop stevig gemonitord, zowel door de BOA’s als door extra politie-inzet in de nacht, maar dat kunnen we niet altijd doen en overal in onze gemeente. Die capaciteit is er gewoon niet. In het district gaat het om 3 voertuigen in de nacht en dat is zowel Lansingerland als Hillegersberg als Schiebroek, dat is best een groot gebied. Misschien dat ze de volgende keer in Groenzoom staan, misschien net over de grens ergens in Pijnacker of in Zoetermeer of in Zuidplas of in Rotterdam of in het Kralingse Bos ergens. We moeten niet de illusie hebben, dat we dat te allen tijde kunnen voorkomen. Ik denk dat iedereen waakzaam moet zijn en dat we allen moet opletten, dat er ook een taak ligt voor het recreatieschap. Ik zal richting de heer Ammerlaan zeggen: ik ga mijn stinkende best doen met al onze mensen en handhavers om het te voorkomen, maar garanties ga ik u er niet op geven, want ik denk echt wel, als je een goede poging doet, dat je erin moet kunnen slagen een plekje te vinden waar het stiekem lukt. Tenslotte het verhalen van de schade. Ja, dat ben ik te allen tijde zeer met u eens. Ik ben er wel op gewezen, dat het aan het recreatieschap is in dit geval.
Ik kan u ook zeggen, dat de politie in al die afval hier en daar een adres heeft gevonden, wat weer leidt tot mensen en dat ze daar ook achteraan zijn. De politie probeert natuurlijk organisatoren te achterhalen. Op dit moment is dat nog niet gelukt. Zo ja, dan zal ik zeker bij het recreatieschap, er zit een bestuurslid achter mij, aandringen om er actie op te ondernemen. Ik denk dat dat de beantwoording is van de vragen van de heer Ammerlaan. De heer Ammerlaan, CDA: Ik heb uw uitvoerige reactie gehoord, bedankt, zeer bedankt. Ik snap de afwegingen ook, dat kan ik begrijpen. De afweging is logisch, het beeld voor het publiek is natuurlijk anders. Je kan stinkend je best doen, maar dan lukt het nog niet allemaal, dat kan ik u verzekeren. Het beeld bij het publiek is, dat is ons punt natuurlijk, dat je zegt: het kan zomaar. Die afweging moet
16/17
steeds gemaakt worden. Het enige is proberen te voorkomen. Je kan niet op elke hoek een BOA neerzetten, dat snap ik ook. U heeft met uw collega uit Rotterdam gesproken, want daar zit de mankracht. We moeten wel voorkomen dat dit vaker kan gebeuren, dat is uitvoerig besproken, denk ik. Dat was het. De voorzitter, om 21.50 uur: Dan zijn we aan het eind van deze vergadering aan de sluiting toe. Ik moet zeggen: ik heb een goed gevoel, u allen denk ik ook, dat we hier weer bij elkaar geweest zijn, een aantal van u heeft dat ook geuit. De heer Ruijtenberg heeft het expliciet geuit, blij dat hij ons allemaal weer ziet en ik denk dat dat wederzijds is. We hopen dat het zo verder kan gaan. Morgen gaat de commissie samenleving ook hier zitten en volgende maand de commissie ruimte weer. En de raad. Ik sluit deze vergadering en ik wens u een fijne avond.
Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.
17/17