BV21.0125 Verslag commissie Samenleving van 1 juli 2021
Tekst van het document
VERSLAG Commissie Samenleving
Datum vergadering
: 1 juli 2021
Digitaal aanwezig via Teams: Commissieleden: Leefbaar 3B : Leon Erwich, Machiel Crielaard, Wouter Hoppenbrouwer VVD : Marloes Draak, Juval Pat El, Eric Kampinga CDA : Nelleke Bouman, Dave Bergwerff WIJ Lansingerland : Leon Hoek CU : Kees-Willem Markus, Paul Lieverse D66 : Erik Jonker, Eva Heijblom GroenLinks : Selgei Gabin PvdA : Petra Verhoef, Valmir Xhemaili Wethouders
: Ankie van Tatenhove, Kathy Arends
Aanwezig in de raadszaal: Voorzitter : Alexander Kuipers Commissiegriffier : Rianne Kokke Afwezig WIJ Lansingerland
: Marije van Hagen
1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter, om 19.30 uur: Dames en heren, goedenavond, we gaan even kijken of we het vereiste aantal commissieleden aanwezig hebben om een quorum te vormen. Ik roep uw naam en als u even een teken van aanwezigheid wilt geven, graag. De heer Bergwerff, mevrouw Bouman, de heer Crielaard, mevrouw Draak, de heer Erwich, mevrouw Gabin, de heer Hoppenbrouwer, de heer Jonker, de heer Kampinga, de heer Lieverse, de heer Pat El, mevrouw Verhoef, de heer Xhemaili: aanwezig. Mevrouw Van Hagen is er nog even niet. Mevrouw Heijblom komt later, rond acht uur. Mevrouw Draak: Meneer Hoek is wel aanwezig. De voorzitter: Ik denk dat we het quorum toch wel naderen. De heer Xhemaili is altijd het haasje met de X. De heer Xhemaili: Dat ben ik gewend. De voorzitter: Mevrouw Verhagen is er niet, klopt dat, meneer Hoek? De heer Hoek: Ja, klopt. De voorzitter: We hebben wel het quorum, dus ik open hierbij de vergadering. Hartelijk welkom allemaal. U heeft al van mij gehoord, dat mevrouw Heijblom vanavond wat later binnen komt, om een uur of acht. We hebben een flinke agenda omdat we twee vergaderingen hebben. We hebben nu eerst het openbare deel met op zich al een aardige agenda en na afloop daarvan een besloten vergadering over het cultuurhuis.
Dat zal ook tijd kosten, dus ik ga u per agendapunt steeds iets vertellen, waardoor ik hoop dat het misschien allemaal wat sneller kan, zonder dat ik u natuurlijk de gelegenheid wil ontnemen om te zeggen wat u te zeggen, daar niet van, maar ik denk dat we er allemaal bij gebaat zijn dat we misschien wel om een uur of tien klaar zijn en dan aan het cultuurhuis kunnen beginnen. Dat zou mooi zijn, want dan krijgt het ook nog de energie en de aandacht, die dat ook verdient. Dus ik vraag een klein beetje medewerking. Ik zal op het klokje letten. Let u even op uw eigen spreektekst, dan zullen we zien dat het vast goed komt. 2. Insprekers De voorzitter: We hebben vier insprekers. Ook voor de insprekers geldt, dat we met veel plezier en aandacht naar u gaan luisteren, maar dat uw maximumtijd wel 5 minuten is. Ik vraag ook aan u aandacht daarvoor. De eerste die zich als eerste heeft aangemeld en daarom ook als eerste mag spreken is een goede bekende van ons, dat is mevrouw Togni van de bibliotheek. Inspreker 1: Mevrouw Togni: Goedenavond. Voor degenen, die mij niet kennen, mijn naam is Petra Togni, ik ben directeur bestuurder van bibliotheek Oostland, zeven vestigingen in Pijnacker-Nootdorp en
1/22
Lansingerland. Daarnaast ben ik ook directeur bestuurder van de stichting Natura Enzo, een cultuurhuis in Nootdorp. En ik wil u wat zeggen. Mijn eerste gedachte was: pardon? Er is iemand die de nieuwsbrieven echt leest en ik ben daar één van. Wat is er namelijk aan de hand? Ik roep ‘pardon’ omdat een medewerker van mij dat weleens zegt en dan weet ik dat ik echt even naar haar moet luisteren en ik hoop dat u dat vanavond ook naar mij doet. Wat is er aan de hand? Vanuit de nieuwsbrief vernam ik dat er een motie is om te onderzoeken of de bouw van het cultuurhuis in Berkel en Rodenrijs wel echt door zou moeten gaan. Ik schrok daar heel erg van. Tenslotte heeft u een jaar geleden een besluit genomen om over te gaan tot realisatie daarvan. Het kan toch zeker niet zo zijn, dat een dergelijk genomen belangrijk besluit zomaar terug gedraaid wordt? Dat is geen consistent beleid. U moet ook weten dat wij inmiddels als bibliotheek en LantarenVenster, ik spreek ook namens de heer Kuiper, inmiddels dik in de voorbereiding hiervan zitten. De dienstverlening wordt erop aangepast en bij de bibliotheek wordt geschoold om meer bibliothecarissen op te leiden tot jeugdbibliothecaris en niet in de laatste plaats de huur van het huidige pand is inmiddels opgezegd. Dan heb ik het nog niet eens over de reeds gemaakte kosten niet alleen voor de bibliotheek.
Maar wat ik eigenlijk nog veel en veel belangrijker vind, is dat er kennelijk getwijfeld wordt aan het belang van dit cultuurhuis. Vooraf heb ik geroepen, dat de term cultuurhuis mogelijk associaties oproept met alleen cultuur, maar dit concept behelst zoveel meer. Er zit zo’n grote sociale component aan, niet alleen voor de zelfredzamen binnen de samenleving van Lansingerland, maar juist ook voor mensen die kwetsbaar of potentieel kwetsbaar zijn. Een cultuurhuis staat dan ook voor informatie, lezen, educatie, recreatie, maar vooral ontmoeting. Mijn ervaring met een cultuurhuis is juist dat er allerlei verbindingen worden gelegd, burgerinitiatieven tot bloei komen en dat de sociale cohesie daardoor enorm toeneemt. Dat gaat heus niet vanzelf, daar moet je wel op sturen. In een bibliotheek alleen al gebeurt zoveel meer dan boeken uitlenen. Je vindt er computercursussen, informatieloket digitale overheid, op dit moment constant op de televisie. Mensen die vragen hebben over de website van de overheid kunnen daar terecht. Er vinden taallessen plaats, ontmoetingsochtenden voor jonge ouders, kunst- en cultuureducatie en ga zo nog maar even door. Het is een echte vindplaats geworden voor allerhande zaken. Een cultuurhuis zorgt er alleen maar voor, dat er nog meer mensen bereikt kunnen worden, dat openingstijden verruimd kunnen worden en het zorgt voor brede samenwerking.
Hoe gaaf zou het zijn als landelijke initiatieven zoals cinekids of het filmfestival ook naar Lansingerland kunnen komen? Het zijn echt nogmaals niet alleen degenen die hoog opgeleid zijn en veel geld hebben of alleen cultuurbeoefenaars, die daar gebruik van maken. Het grootste voordeel van deze constructie zit in de synergie tussen al die partijen. Gezamenlijk, werkgelegenheid, stageplaatsen, openingstijden, gelegenheid om een plek te hebben waar iedereen mag zijn ongeacht geslacht, ras, politieke kleur. Dat is belangrijk voor een plaats als Lansingerland. Een plaats van en voor bewoners. Om zo’n plek in de gemeente te hebben, lijkt mij een heel groot goed. Vanuit die plek wordt men soms doorverwezen of wordt men ter plaatse geholpen. In iedere gemeente moet zo’n plek zijn, zo’n plek waar je als inwoner trots op kunt zijn, graag wilt komen, ontspanning wil zoeken. Juist de afgelopen coronaperiode heeft ons dat zo ontzettend duidelijk gemaakt. En ook de (…) van cultuur was ontzettend duidelijk. Als bibliotheek en Cultura Enzo werden we overstelpt met kaartjes, chocola, taarten en bloemen, hele lieve berichtjes en attenties omdat men ons zo miste. Eén van de allermooiste reacties, die ik kreeg over het cultuurhuis was: hoe is het mogelijk dat je iets zo erg kunt missen, dat er nog maar zo kort is? Dat vond ik persoonlijk een heel mooie.
Ik hoop dat u vanavond niet voorbij gaat aan wat de voordelen zijn van dit cultuurhuis, ik verzin ze echt niet, kom gerust eens kijken, zou ik zeggen, ik heb er echt al ervaring mee. Ik wens u vanavond heel veel wijsheid toe. Dank u wel. Mevrouw Draak, VVD: Eén vraag heb ik aan mevrouw Togni. In welke nieuwsbrief heeft u dit gelezen? Wie was degene, die die nieuwsbrief heeft gepubliceerd? Mevrouw Togni: Ik heb het CDA gelezen. Daar zag ik hem in langs komen. De heer Hoppenbrouwer, L3B: Het zal mevrouw Togni niet verrassen. Leuk u weer te zien overigens. Ik heb 2 vragen. De eerste vraag is: hoeveel stoelen heeft Pijnacker-Nootdorp als theatervoorziening? Mevrouw Togni: 176. De heer Hoppenbrouwer: Dat zijn er minder dan in Lansingerland. En de tweede vraag is: uw pleidooi, dat warm is en ik herken het uit duizenden, maar waarom kunnen we niet volstaan met een bibliotheekvoorziening met alles wat u heeft gezegd over informatie, educatie bla bla bla? Waarom moet er dan zo’n klein ietepieterig theatertje / bioscoop bij zijn om dat effect te bereiken? Volgens mij heeft u een andere locatie in Pijnacker, waar u hetzelfde bereikt. Kunt u mij uitleggen wat nu dat kleine zaaltje van die 170 stoelen, wat de meerwaarde gaat worden voor het succes waar u op doelt? Mevrouw Togni: Het gaat met name om de synergie.
Doordat je overlap van al die partijen hebt, kan je veel meer bereiken, met elkaar bereik je veel meer dan alleen. En een ander publiek. Inspreker 2: De heer Van Vliet: Hartelijk dank. Geachte leden van de commissie samenleving. Mijn naam is Mario van Vliet, bestuurslid van theater Het Web. Ik denk dat veel van u ons initiatief kennen, maar ik zal het voor de zekerheid hier kort toelichten. Sinds eind 2017 organiseren we met grote regelmaat culturele
2/22
voorstellingen in Het Web in Bleiswijk. Daarbij kunt u denken aan cabaret, stand-up comedy, film, jeugdtheater, muziek, literatuur. Dat doen we met een grote club van circa 40 vrijwilligers van jong tot oud. We werken nauw samen met bibliotheek Oostland. Die organisatie is niet alleen onze huisbaas, maar ook onze financiële partner. We hebben veel voorstellingen samen, we communiceren veel samen en ook met de gemeente hebben we zeer vanzelfsprekend een zeer goede relatie. We zijn dus een cultuurhuis, we doen aan cultuur. We hebben sinds de start fantastische artiesten op ons podium gehad, ik noem een klein rijtje, Jan Terlouw, Fabian Fransiscus, Ivo de Wijs, Steven Brunswijk en voor komend seizoen hebben we ook een indrukwekkende lijst, vind ik, met onder meer Jan Rot, Reyan Panday, de Gestampte Meisjes, Stefano Keizers. Ik zou zeggen: kom dat zien. Maar het begrip cultuur verbloemt wat we eigenlijk doen en dat is: een heleboel mensen een goede tijd bezorgen. Voor onszelf, onze vrijwilligers en voor al die duizenden bezoekers, die we sinds de start hebben mogen ontvangen. En met een goede tijd bezorgen bedoel ik niet alleen lachen om een goede grap of kippenvel krijgen van een mooi gedicht, want het gaat een stuk verder dan dat. Graag neem ik u daarvoor mee naar de voorstelling van zaterdagavond 5 oktober 2019. Die avond speelde namelijk het cabaret-duo Hun.
Dat duo bestaat uit Sabine de Krol en Charlotte de Vries. Hun voorstellen ‘alles is wel’ gaat over depressiviteit, waaraan één van beide cabaretiers lijdt. De zaal stroomde die avond helemaal vol, voorin gaat een ouder echtpaar zitten, ik loop er naar toe en zeg: fijn dat u er bent. Ik loop een rondje door de zaal vlak voor de voorstelling en ik zeg: fijn dat u er bent. Die dame zegt: mijn man lijdt aan een depressie, vandaar. En de man reageert met: mwah. Verderop in de zaal neemt iemand plaats, die haar partner is verloren door zelfdoding en een paar stoelen daarnaast zit haar huisarts. Verder zitten in de zaal een weduwnaar, die voor het eerst uit gaat met zijn nieuwe vriendin. En een man die voor het eerst na zijn scheiding een avondje uit is. Dat zijn alleen nog maar de verhalen, die ik zelf kende die avond. Dat is een onbetaalbare avond, door de voorzitting, de nazitting en door het publiek. Zoals ik net al zei: cultuur verbloemt wat we eigenlijk doen. Iedereen komt met een reden naar de voorstelling, soms is dat een persoonlijk drama, soms is dat een goede tijd met vrienden of vriendinnen doorbrengen, soms is dat geen zin hebben in tv en vaak is dat bekende en onbekende mensen ontmoeten in een fijne sfeer en even de tijd vergeten. Ik vind het fijn om dat voor elkaar te krijgen in ons kleine Bleiswijk. Ik hoop, dat meer kernen van Lansingerland zo’n plek krijgen.
Daarom ben ik voorstander van het cultuurhuis in Berkel en Rodenrijs. Natuurlijk, als het zover is, gaan we samen met het cultuurhuis overleggen over programmering en communicatie. Dat komt Lansingerland alleen maar ten goede, vind ik, als dat gaat gebeuren. Maar veel belangrijker dan dat vind ik het simpele feit dat een gemeente inwoners een plek gunt, die goed is voor ze, omdat cultuur een plek is dat iets onbetaalbaars met je doet. Ik dank u voor uw aandacht en ik zie u graag komend seizoen in ons Bleiswijkse theater Het Web. Dank u wel. De voorzitter: Die vorm van sluikreclame wilde ik u graag toestaan. Dank voor uw inspraak. De heer Hoppenbrouwer: Leuk om u te zien. U weet, ik ben al een paar keer in Het Web geweest, ondanks dat ik er in eerste aanleg niet zo’n fan van was, zoals je weet, maar dat hebben we netjes bijgelegd. Ik heb het nooit geteld, maar hoeveel stoelen heeft Het Web nu eigenlijk? De heer Van Vliet: Buiten coronatijd 80. Inspreker 3: De heer Van Atten: Goedenavond voorzitter, leden van de commissie. Mijn naam is Robert van Atten en ik mag vanavond inspreken namens de winkeliersvereniging van Berkel en Rodenrijs. Ik werk zelf in de boekhandel in Berkel en Rodenrijs. Daarnaast hebben wij nog eenzelfde boekhandel en speelgoedwinkel in Pijnacker.
Als winkeliersvereniging, een aantal jaar geleden is natuurlijk het nieuwe winkelcentrum bedacht te bouwen, winkelcentrum west in Berkel en Rodenrijs, dat is inmiddels gestart. Daar zouden bijzondere dingen aan toegevoegd worden, niet alles zou gevuld worden met winkels. In eerste instantie zou het een bioscoop worden, maar uiteindelijk is het een cultuurhuis geworden, misschien met een kleine bioscoop / theaterzaal. De winkeliersvereniging is een voorstander van een cultuurhuis in Berkel en Rodenrijs. Wij gunnen de bibliotheek een heel mooie plek in het centrum, wat veel traffic zal genereren, wat veel mensen trekt. In coronatijd hebben wij gezien vanuit mijn eigen werk hoe belangrijk een bibliotheek is in een dorp. De bibliotheek was gesloten. Vanuit mijn werk zijn we een samenwerking aangegaan met de bibliotheek. Mensen konden bij ons in de winkel tasjes halen vanuit de bieb. Ze mochten gratis een tasje komen halen en weer terug brengen. Daar werd zoveel gebruik van gemaakt. Ik wil niet overdrijven, maar volgens mij hebben we bijna 1.000 tasjes uitgedeeld. Het is echt heel bijzonder geweest. Daardoor merkten wij dat een bibliotheek een heel belangrijke plek heeft in een centrum. Daarnaast, ook weer even vanuit mijn werk, komen we regelmatig in bibliotheek en cultuurhuis in Nootdorp, de theaterzaal hebben we regelmatig bezocht.
Ik zie, dat het een mooie, bijzondere plek is om bij elkaar te komen, net als eerdere sprekers hiervoor zeiden. Er gebeurt gewoon een hele hoop, waar veel mensen geen weet van hebben. Het samen komen van mensen die alleen zijn, er zijn zoveel bijzondere dingen. Dus wij denken ook als winkeliersvereniging Berkel en Rodenrijs, dat het belangrijk is dat wij zo’n mooie plek in het dorp krijgen. Het zal mensen in het dorp houden. Ik kan me voorstellen
3/22
dat de bioscoop / theaterzaal woensdagmiddag voor kinderen voorstellingen geeft. Mensen gaan niet naar de stad, maar blijven in het dorp. Het zal mensen van buitenaf aantrekken. Het zal goed doen voor de horeca, het zal goed doen voor het dorp. Dat zijn belangrijke punten. Wat ik ook nog wel een belangrijk punt vind ook vanuit de winkeliersvereniging; er zijn natuurlijk heel wat kosten mee gemoeid en dat moet wel heel goed in ogenschouw gehouden worden, dat dat niet uit de hand loopt. Als daar horeca bij komt, moet dat wel zelfvoorzienend zijn. Kostendekkend zal het nooit worden, maar het is wel belangrijk dat het niet uit de hand loopt, dat vinden wij ook wel zeer belangrijk als winkeliersvereniging. Dat was mijn pleidooi. De voorzitter: Dat was glashelder. Ik vraag of commissieleden nog een verhelderende vraag hebben. Dat hebben ze niet. Dank u wel voor uw inspraak. Dan de heer Van Ginneken namens Humanitas over een ander onderwerp. Inspreker 4: De heer Van Ginneken: Ik ben Bas van Ginneken, voorzitter van Humanitas Lansingerland. Naast mij is ook aanwezig Lianne Broos, zij is de portefeuillehouder van de activiteiten op het onderwerp eenzaamheid, voor eventueel specifieke vragen, die n.a.v. ons verhaal op gaan komen.
Als Humanitas Lansingerland zijn we niet van de politiek, maar toch maken we graag gebruik van de gelegenheid om bij u in te spreken vanwege het verontrustende voorstel van het college van B&W voor de subsidiestop voor de eenzaamheid coördinator vanaf 2021. Als Humanitas Lansingerland hebben we een jarenlange goede samenwerking met de gemeente en daarom verbaast het ons, dat we pas donderdag j.l. hoorden van het verontrustende voorstel, van Humanitas Lansingerland staande met een heel scala van activiteiten en een korps van opgeleide vrijwilligers voor het helpen van mensen die het niet lukt om op eigen kracht hun leven in Lansingerland goed vorm te geven. Daarbij komen sociaal isolement en eenzaamheid zeer vaak voor. Op het thema eenzaamheid werken we nauw samen met veel organisaties, zowel vrijwilligersorganisaties als professionele zorgorganisaties. Dat zijn bij elkaar zo’n 30 organisaties. Als het goed is heeft u onze brief over dit onderwerp ontvangen en gelezen. Ook heeft u de samenvatting van onze inspreektekst. Hopelijk is zo onze boodschap al duidelijk. Ons doel met deze inspreektijd zal onze zorg en de argumenten daarvoor benadrukken en een beroep doen op u om het voorstel voor de subsidiestop van de eenzaamheid coördinator af te wijzen.
Wat is onze zorg met dit voorstel? Onze zorg is dat met de subsidiestop van de eenzaamheid coördinator een coördinerende taak verloren gaat met veel verlies als gevolg, namelijk verlies van verbinding, afstemming en samenwerking tussen organisaties op het onderwerp eenzaamheid in Lansingerland. Twee: een verlies aan verduurzaming, van terugkerende aandacht voor eenzaamheid in de samenleving, het belang van medemenselijke aandacht en betrokkenheid en vrijwilligerswerk. Punt drie is: verlies aan een breed pallet van aanbod, verdeeld over sport, cultuur, mentaal welbevinden op het programma Langer Thuis, een programma dat u zelf heeft ingezet. Door het vervallen van de coördinatie zal versnippering optreden en zullen vooral voor ouderen activiteiten veel lastiger te vinden zijn. Een vierde punt van zorg is: een verlies aan ontlasting van de beleidsambtenaren van de gemeente, doordat zij belast worden met de uitvoering van coördinatie en stemming en samenwerking tussen betrokken partijen op diverse vraagstukken rond dit thema eenzaamheid. Wat zijn argumenten tegen het voorstel van het college? Het voorstel is zonder evaluatie van feiten en inbreng vanuit de praktijk tot stand gekomen, terwijl daarvoor maanden de gelegenheid was geweest en dat alsnog kan. Tweede argument: het voorstel doet afbreuk aan de kosteneffectieve samenwerking van veel partijen op het thema eenzaamheid.
Die kosteneffectiviteit kan aangetoond worden en daar helpen we graag bij. Het voorstel doet afbreuk aan het beleid op het thema eenzaamheid, zoals het programma Langer Thuis. Ook deze gevolgen zijn uit de praktijk aan te geven. Als vierde argument: het voorstel benoemt niet de gevolgen en kosten door het verlies aan samenwerking en de extra belasting die er gaat komen voor de gemeentelijke organisatie, met name de beleidsambtenaren. Dit vraagt om een evaluatie bij gemeenteambtenaren zelf. Wat is nu onze oproep aan u als commissie samenleving? Vanuit uw betrokkenheid bij het belang van welzijn in onze samenleving, in Lansingerland, en op basis van argumenten tegen het voorstel vragen wij u het voorstel van het college voor de subsidiestop voor de eenzaamheid coördinator af te wijzen. Belangrijk en beter dan afwijzen is om een besluit om de inzet van eenzaamheid coördinator goed te evalueren op basis van feiten en kosten effectiviteit in de praktijk. Graag helpen we daarmee. De heer Hoek, WIJ: Dank u wel, heer van Ginneken, voor uw heldere inspraak. U geeft aan: afgelopen donderdag werden wij voor het voldongen feit geplaatst dat er bezuinigd gaat worden op uw mooie initiatief. Betekent dat dat er voorafgaand, ik hoor het u zeggen, er helemaal geen overleg is geweest waarin aan u gevraagd is waar uw programma werkend is.
De heer Van Ginneken: Nee, dat is het zorgelijke, dat dit werd meegedeeld aan de eenzaamheid coördinator zelf. De heer Hoek: Moet u wel jaarlijks het e.e.a. aanleveren om inzichtelijk te maken wat werkt en wat misschien wat minder werkt en hoe u uw beleid bijstelt? Zou op basis van die informatie, die u aanlevert, het college dit besluit genomen kunnen hebben? De heer Van Ginneken: Niet op basis van informatie van ons. We zijn daar niet
4/22
over geconsulteerd. De heer Hoek: U werkt met een eenzaamheidscoördinator, dat is de enige betaalde kracht, en dat er een heel netwerk van vrijwilligers achter zit, die dit mooie product leveren. Klopt dat? De heer Van Ginneken: Ja, maar het is de gemeente geweest, die deze coördinator wilde in Lansingerland. Ze hebben ons gevraagd om de coördinator te leveren, maar die coördinator werkt samen met 30 organisaties, waaronder veel vrijwilligersorganisaties, die honderden vrijwilligers hebben, die allemaal voor dit thema werken. Mevrouw Bouman, CDA: Mijn vraag is al beantwoord in het kader van de communicatie, die in deze geweest is. Ik heb het antwoord gehoord naar de heer Hoek, dus ik hoef verder geen vraag meer te hebben. Dank u. De heer Lieverse, CU: Voor alle zekerheid, meneer Van Ginneken, of Bas, want we kennen elkaar ook persoonlijk. Ik ben benieuwd. In uw argumentatie noemt u niet corona en dat levert de vraag op, ik heb geen valkuil, integendeel: betekent uw opsomming van argumenten, zowel de zorgpunten als de argumenten tegen het voorstel, dat ook na corona de noodzaak van zo’n aanpak als u schetst even hard nodig blijft? De heer Van Ginneken: Ja, zeker.
In de brief noemen wij weldegelijk de effecten van corona en vooral de coronamaatregelen, die sociaal fysiek contact enorm hebben geblokkeerd, maar de noodzaak voor de eenzaamheidscoördinator kwam in 2019, nog ver voor de coronatoestand. Toen was al duidelijk: we moeten deze aandacht structureel in Lansingerland naar voren laten komen en de coördinatie tot stand brengen. Wat nu opgebouwd is, zal de komende tijd nog lang blijven. En zeker door de coronamaatregelenperiode en wat we nog allemaal te verwachten krijgen zal die noodzaak alleen maar meer aanwezig zijn. De heer Hoppenbrouwer, L3B: Dank voor uw transparante uitleg. We hadden hem inderdaad al op schrift gekregen, maar dan blijft het toch beter beklijven, dat heeft u goed gedaan. Ik had 2 kleine vragen. Over welk budget praten we eigenlijk? Want dat heb ik in de stukken niet zo terug kunnen leiden. De heer Van Ginneken: Wat mij bijstaat is iets van € 35.000 à € 40.000, zoiets. De heer Hoppenbrouwer: Ik weet niet of u daar gelegenheid voor gehad heeft, maar in de toelichting van het college staat: reden om af te zien van de coördinator per 1 januari a.s. is dat eenzaamheid nu goed op de kaart staat bij het maatschappelijk middenveld. Deelt u die mening? De heer Van Ginneken: Nee, volledig niet. Het is ook voor mij volledig onduidelijk wat er wordt bedoeld met die hele beweging.
Dat is ook mijn betoog in feite, dat er geen feiten, geen evaluatie is, die dit kan staven. We zijn er ook helemaal niet bij betrokken. De heer Hoppenbrouwer: Dat is me helder, dat had meneer Hoek al duidelijk gekregen. Dank u wel voor de toelichting. De voorzitter: Dank u wel. Ik wil verzoeken de mensen die hebben ingesproken over het cultuurhuis om nu deze vergadering te verlaten. U kunt via de webcast op de website van de gemeente de vergadering volgen, maar u heeft ingesproken over een agendapunt waar u sowieso niet bij mag zijn. Desalniettemin hartelijk dank voor de moeite, die u heeft genomen. Ik wens u een fijne avond. 3. Vaststelling verslag vorige vergadering d.d. 20 mei 2021 De voorzitter: Daar hebben we geen verzoeken op binnen gekregen. Is er iemand die iets wil zeggen? Nee, dan stellen we het bij deze vast. 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De voorzitter: Daar wil ik zelf nog een voorstel doen. Ik stel voor dat we agendapunt 5.b naar voren halen, zodat we het eerst over de beleidsaccenten hebben. Daar kan meneer Van Ginneken dan gelijk naar luisteren. En dat we daarna het verzoek van GL over het jongerenevenement behandelen. Zijn er verder andere verzoeken? Bent u akkoord met mijn voorstel? Ja. Inventarisatie rondvragen: De voorzitter: Die zijn er niet gekomen. Is dat correct? Oké. 5.
Bespreekpunten: 5.b Voorstel budgetinzet naar aanleiding van taakstelling beleidsaccenten De heer Hoppenbrouwer, L3B: Eerst dank voor de opzet van het college. Het was in eerste instantie toch iets anders bedoeld, maar laten we het vooral positief bekijken. Als L3B kijkt naar het plan, dat nu voor ligt, dan hebben wij een aantal speerpunten die voor ons belangrijk zijn om dit varkentje te wassen, om het zo te zeggen. In eerste instantie vinden wij het belangrijk dat het gaat om het vergroten van de ontwikkeling in kansen voor kinderen en jongeren in een achterstandsituatie, de vroegsignalering op scholen, de nadruk op lokale inzet op huiselijk geweld, de inzet op jeugdparticipatie en het voorkomen van schulden bij de jeugd en last but not least het voorkomen van eenzaamheid van jong tot oud. Dit in
5/22
ogenschouw nemende delen wij het standpunt van het college als het gaat om het behoud van de intensivering, of van de accenten als het gaat om elk kind een kans, geen kind in de knel en de leraar trekt aan de bel, dus zeg maar de eerste drie. Daar wordt wel licht op bezuinigd, maar ik vertrouw er dan op dat het goed komt. Als het gaat om het restant van het budget, dat is dan ongeveer de helft van die € 7ton, die we dan nu moeten vinden, zou ik het graag aan het debat willen overlaten in de commissie. Wij vinden dat er wel een rijtje van 4 is, dat zijn de eenzamen aan boord, grip op geld, pubers in de spotlight en ook de vrijwilligers, ondanks dat L3B misschien wel graag het accent wil verleggen van vrijwilligers naar mantelzorgers. Hoe de verdeling exact plaats vindt, dat komt tot zijn recht in de discussie, dat zit dus niet in beton gegoten. Om deze discussie te voeden, ben ik wel nieuwsgierig of het voorgestelde bedrag m.b.t. grip op geld verlaagd zou kunnen worden door de komst van de ketenregisseur, want daar zetten we ook 150k in. Nu blijft het bedrag rond 90k, 85, en mijn beeld is toch dat we dat op één of andere manier zouden moeten bundelen, zodat we meer geld over hebben voor de andere accenten. Graag een reactie van de wethouder.
Als het gaat om pubers in de spotlight zouden we toch willen dat we dat handhaven, maar we zouden eigenlijk daar een accent in willen hebben m.b.t. de oprechte aandacht voor jeugdparticipatie. Dan de eenzamen, daar heeft inspreker natuurlijk al iets over geschreven, we hadden gelukkig al een voorwas gekregen op schrift. Ik ben wel bereid, daarom was ik ook even nieuwsgierig naar het budgetbedrag, waar het om ging, want dat was me niet helemaal helder, om die evaluatie het komend jaar ter hand te nemen en dat de bezuiniging desgewenst als het moet op 1 januari 2023 in laten gaan, maar nu even de onderbouwing en ook wel het late tijdstip, dat het misschien wel gepast is om dit onderwerp toch nog even zijn kans te geven, mede gelet op de vraag van de heer Lieverse over het belang van eenzaamheid in relatie tot corona. Ik denk dat iedereen zich daar wel in herkent. Dan nog even die vrijwilligers. Ik zei, dat ik het accent zou willen leggen op mantelzorgers, maar ik ben er ook niet zo happig op om juist de inzet van de doelgroep participatie los te laten, mede i.v.m. de voornemens om het budget voor werken voor werk ook op nul te zetten, maar dat staat in de kadernota en niet in deze nota. We zien in ieder geval een bezuiniging in de lucht. Dat we die 2 dingen nog even combineren, ik ben ook wel nieuwsgierig naar de mening van de wethouder en hoe mijn collega’s daarin zitten.
Dan nog twee kleine issues, eigenlijk één, want ik heb die van werken voor werk al gemeld. De ene issue is dat de optelsom van 2023 niet klopt in de nota. En ik ben even nieuwsgierig wat de waarde is van de kolom waar het jaar 2023 staat. Dit was in eerste aftrap mijn bijdrage. Dank u wel. Mevrouw Draak, VVD: Ik wil beginnen met het bedanken van het college voor dit voorstel m.b.t. de beleidsaccenten. Bij eerste vluchtige lezing dacht ik meteen, dat onze fractie daar wel mee in kon stemmen. Ik heb in de tussentijd ook wel met verschillende commissieleden hierover gesproken: worden hier goede keuzes gemaakt, goede afwegingen gemaakt? Wat de VVD in ieder geval erg belangrijk vindt, is dat er nog steeds behoorlijk hoog wordt ingezet ondanks een kleine bezuiniging op alles rondom kinderen. Dat vinden wij echt heel belangrijk, omdat we zoveel over de jeugd spreken in deze commissie, dat alles wat je kunt doen aan de voorkant, aan de preventieve kant, wij denken dat dat gewoon nodig is. Ik wil niet zo gedetailleerd op ieder accent ingaan als meneer Hoppenbrouwer. Er waren ook dingen, die ik ook graag van de wethouder wil weten, dus bedankt dat die vragen al zijn gesteld.
Wat ik me vooral afvraag, stel, we zouden wat andere keuzes willen maken, bijvoorbeeld het verhaal van Humanitas over eenzamen, dat spreekt me zeker wel aan, eenzaamheid is net zoiets als armoede, het is een overkoepelend begrip, maar daarachter gaat vaak een wereld van problemen schuil. Ik wil dus graag van de wethouder weten of het echt verantwoord is om die bezuiniging te doen en daaraan vast de vraag, het kolommetje minimale inzet: kunnen we daar echt niets aan doen? Ik hoor de heer Hoppenbrouwer zeggen dat er ook andere mogelijkheden zijn, er wordt al bezuinigd op werken aan werk, dus misschien kan daar toch wat af. Maar er staat minimale inzet en dat gaat bij meer onderwerpen zo. Kunnen we daar nu wel of niet toch nog naar een vrije keus een andere invulling in maken? Dat zou ik heel graag willen weten. Verder in hoofdlijnen zijn we het gewoon eens met het voorstel, maar we willen ook heel graag horen wat de andere commissieleden hierover te zeggen hebben om te kijken of we hier met elkaar een voorstel uit kunnen krijgen om op de beleidsaccenten toch iets te bezuinigen. Tot zover. Mevrouw Bouman, CDA: Even een nutshell, in 2017 hebben we het sociaal domein besproken met de beleidsaccenten € 1,2mln. In de loop der jaren gaat het naar beneden naar € 963.000, o.a. wordt naar de cultuurhuizen het nodige geld toe geleid.
En we lezen allemaal dat de druk op het sociaal domein groot is en de begroting van vorig jaar € 255.000, we gaan het nog maar even ombuigen c.q. bezuinigen voor het jaar 2022. In de brief staat de insteek, dat het gaat liggen op de jeugdhulp, de schuldenproblematiek, daar kunnen wij het ook mee eens zijn. Zoals de andere collega’s het even niet gezegd hebben over allerlei accenten, ik loop ze wel even heel snel door. 1, 2 en 3 jeugd, prima, akkoord met wat er voorgesteld wordt. 4, pubers in de spotlight, daar hebben we even wel wat moeite mee, in die zin dat er al het e.e.a. voor de jeugd gedaan wordt. Ik begreep ook dat het in de financiering is vanuit de coronagelden, met andere woorden, zoals het daar staat even terug naar € 20.000. Dan even naar accent 5 en ik verwijs ook even naar de heer Van Ginneken met de brief van Humanitas. Ik vind het heel triest
6/22
dat de communicatie in deze richting de coördinator, die aangesteld is via Humanitas. Dan zeg ik: het kan toch niet zo de bedoeling zijn, dat de coördinator het weet en dat het bestuur c.q. degenen die ermee te maken hebben het moeten horen via deze persoon c.q. dat er dus niet mee gecommuniceerd is. Ik zal vast maar melden, dat wij er een voorstander van zijn om die € 66.000 te handhaven. Waarom zeg ik dat? Ik heb vrij recent een artikel gelezen over de eenzamen en ik schrok. Ik schrok gigantisch van het aantal mensen in Nederland, die tot de doelgroep eenzamen behoren. Ik beluisterde zelfs iets van 7 miljoen, ik wist niet wat ik last. Eenzamen zijn natuurlijk niet altijd de ouderen, het kunnen ook jongeren zijn. Het werd geschreven door een psychologe, die zich al 20 jaar met deze studie bezig houdt. Hulp zal zeker gegeven worden door diverse instanties, personen, huisartsen, psychologen, coaches, maar er is zoveel hulp nodig. De heer Van Ginneken gaf aan, dat ook nog wel het nodige gedaan kan worden om de eenzaamheid te beteugelen en om eenzamen weerbaar te maken met allerlei competenties om deze mensen de nodige relaties in samenhang met anderen te geven en ook te kunnen onderhouden. Met andere woorden, wat de heer Van Ginneken aangaf, dat er dus een aantal argumenten is waarom het e.e.a. gehandhaafd moet worden, ik ga dat niet herhalen, ik sta daar volledig achter.
Met andere woorden: wij zijn voorstander van die 66.000. Dan accent nummer 6, dat ging over werken naar werk. Ik zag dat dat een personele capaciteitsproblematiek zou zijn geweest en toen dacht is: wacht eens even, we hebben toch al het nodige ten aanzien van die personele capaciteit gevoteerd het afgelopen jaar en ook komend jaar, een gigantisch bedrag, dat ik ook in de kadernota zag staan. Ik dacht: waarom zit het daar niet onder? Als ik ook zag dat er subsidie is gegeven aan de club WIJ, die zich bezig heeft gehouden met re-integratie, dat dat stop gezet is, dan denk ik: via deze achterdeur gaan we wel weer naar die 50.000, dan denk ik: hoe zit dat nou eigenlijk? Ik vraag me dat af. Ik zou dat toch wel op nul willen zetten. Accent 7, de schuldhulpverlening, dat is helemaal akkoord, ook gelet op de discussie die we gehad hebben in februari ten aanzien van het plan, dat toen vastgesteld is. Accent 8, intergenerationeel wonen. Daar zou ik toch nog wel willen zeggen, ook naar de collega’s, dat zou ik willen handhaven op die € 20.000. Waarom? Er moet heel veel gedaan worden aan voorlichting. We krijgen steeds meer ouderen, en om een huis proof te maken voor een seniorenwoning, dat moet toch wel gedaan worden.
Ook mede omdat er een heleboel vrijwilligers zijn, expats die zich daarvoor inzetten, om dat goed bij de diverse doelgroepen, met name de senioren, naar voren te laten brengen. Met andere woorden, als ik alles voor mezelf optel, kom ik iets onder de € 7ton, dus dat zou heel mooi zijn, maar ik ben heel benieuwd hoe de collega’s daar over denken, want het zal toch straks weer niet zo zijn, dat fractie A dit wil, fractie B dat wil en fractie C dat en dat we er niet uit kunnen komen. Dat doet mij denken aan de discussie, die wij gehad hebben t.a.v. de beleidsaccenten in 2017. Met andere woorden, laten we kijken of we daar met zijn allen uit kunnen komen. Als laatste wil ik opmerken, dat de bedragen, die ik naar voren haal gelden voor 2022. 2023 is ook een voorstel om € 7ton te laten genereren, niemand kan in een glazen bol kijken, ik zou de discussie voor 2023 laten voeren eind of medio 2022 en ons voorlopig focussen op 2022. Ik ben benieuwd hoe de collega’s c.q. de wethouder over een aantal zaken denkt. Ik dank u. De heer Hoek, WIJ: Dat het een lastige discussie wordt, dat moge duidelijk zijn. Ik wil toch nog even terug gaan in de geschiedenis: hoe zijn wij nou bij de 10 beleidsaccenten gekomen? Dat was omdat wij het in het sociaal domein tot dan toe heel redelijk deden.
Weet je wat nou de ellende is met dit soort discussies? Je ziet financieel wel wat zaken kosten, maar je ziet eigenlijk zelden, omdat het heel moeilijk hard te maken is, wat het oplevert. Tot op de dag van vandaag doen wij het in het sociaal domein nog steeds heel redelijk als je dat afzet tegen vergelijkbare gemeenten. Het abonnementstarief heeft enigszins een kink in de kabel gegeven, maar dat zou weleens mede door deze beleidsaccenten kunnen zijn. Ik realiseer me, dat het lastig is om dat inzichtelijk te maken. Tijdens de begrotingsbehandeling afgelopen jaar was het WIJ, die heel duidelijk heeft gezegd: wij zijn tegen al deze bezuinigingen op de beleidsaccenten en we willen daar een aantal fte’s op het gemeentehuis voor inzetten. Dus niet meer fte’s, we hebben daar een aantal moties voor ingediend, die het niet gehaald hebben. Ik ben nog niet overtuigd van het gegeven, dat als we gaan bezuinigen, dat het een echte bezuiniging is, want we kunnen niet inzichtelijk krijgen wat het oplevert. Mijn stelling wordt wel door de inspreker van Humanitas natuurlijk bekrachtigd. Die zegt: weet je, er heeft helemaal geen evaluatie plaats gevonden. En toch zeggen we dat er makkelijk bezuinigd kan worden. Dat vind ik een heel lastige. Daarnaast is deze week duidelijk geworden, dat er vanuit het rijk € 4mln deze kant op komt, waarvan € 2mln waarschijnlijk structureel.
Ik zou zeggen: laten we nou niet al deze belangrijke zaken al op de helling zetten voordat duidelijk is of het ook daadwerkelijk zo is en bezuinigingen niet nodig zijn. Ik snap bezuinigingen, maar dan zou ik er graag goede argumentatie bij hebben waarom iets minder of beter werkt en die mis ik volledig. Daarnaast vind ik het wel prettig dat met name de insteek op jongeren nog redelijk in stand blijft, dat vind ik een zeer belangrijk uitgangspunt. Maar ik ben toch erg bang, dat het een kant op gaat, waarvan we zeggen: we denken nu wel, dat we bezuinigen, maar is dat ook daadwerkelijk zo? Ik ben het eens met vorige spreker, mevrouw Bouman, dat je wel goed af moet wegen. Mocht je over gaan tot bezuinigingen, waar wij niet echt een voorstander van zijn, dat je niet een soort discussie krijgt waarbij die hier € 10.000 doet, de volgende daar, zodat er een product ligt dat compleet
7/22
niet meer te bevatten is en ook niet op basis van welke argumenten er nu bezuinigd wordt, want dat kan heel divers zijn. De vorige keer hebben we met het opstellen van de 10 beleidsaccenten daar allemaal een waarde, een label, aan gehangen per beleidsaccent, hoeveel wij het waard vonden. Vonden we het belangrijk, minder belangrijk of helemaal niet belangrijk. Ik kan me ook voorstellen, dat je eenzelfde systematiek gebruikt om het goed af te wegen. Dat is ook democratie, dan krijg je niet helemaal je zin, maar dan ligt er wel een product, dat op hoofdlijnen gedragen wordt door democratische besluitvorming. Dus daar zou ik wel een voorstander van zijn. Dus op voorhand heb ik grote moeite met de bezuinigingen. Laten we de € 4mln nog even afwachten. Als we gaan bezuinigen, vind ik dat een goede onderbouwing daarvan de basis moet zijn en geen natte vinger redenaties. Dank u wel. De heer Lieverse, CU: Ik heb wat gesteggeld met de techniek, ik hoop dat ik verstaanbaar ben. We praten over bezuinigingen, maar dat is ook een beetje een frame, waar we misschien een klein beetje van af moeten.
Daar durven wij tenminste een beetje van af te raken, van die term, met name ook door de 2 avonden die we gehad hebben met een aantal beleidsambtenaren, 2 lange avonden, waarin we inzage kregen in precies wat mevrouw Bouman aangeeft, namelijk: wat gebeurt er met het geld, wat doen beleidsambtenaren precies, hoeveel levert het op en op welke punten is het ook een beetje zoeken, zijn we met de goede bedoelingen bezig, tegen beter weten in of gebeurt er ook erg veel op die terreinen? Dat is één punt. Wat meneer Hoek zojuist noemt, willen wij ook naar voren brengen. Namelijk, er komt een zilvervloot aan, waarvan we niet weten of het structureel is, dat hoopt meneer Hoek al een beetje en wij hopen het ook, maar € 4mln is wel toegezegd, dat is een groot bedrag. Misschien speciaal voor de jeugdzorg, maar het kan betekenen, ook rond de kaderbrief straks, dat we opnieuw achter de oren moeten krabben of de afgesproken bezuinigingen over 2022, waar we nu over spreken, of die wel allemaal zo hard moeten zijn, of die taakstelling wel zo hard is als waar we nu van uit gaan. Dat vooraf. Wat de inhoud betreft van het collegevoorstel zeggen wij in grote lijnen de heer Hoppenbrouwer van L3B na. Wij zijn net als hij tevreden over de accenten 1, 2 en 3 die gaan over jeugd, de leraar trekt aan de bel, wat betreft het totale bedrag, dat die 3 blijven staan.
Ook over de eenzaamheidsbestrijding zijn wij het helemaal eens met de sprekers, die dat beklemtonen als een belangrijk goed, dat we niet overboord moeten gaan gooien wat er nu is opgebouwd. Overigens is het voor de CU zo, dat ook zonder evaluatie dit een accent is waar niet op bezuinigd kan worden. Het punt, dat meneer Hoppenbrouwer naar voren bracht, rond vrijwilligers vinden wij heel interessant, namelijk om wel het accent te leggen, dat het niet zomaar vrijwilligerswerk is waar dan cadeaubonnen aan gegeven moeten worden of zoiets, maar dat het vooral de mantelzorg is, die daarin uitgezonderd wordt. Waar we de meeste discussie over hadden in onze fractie, ik weet niet hoe anderen er over denken, is het accent grip op geld. Wij zijn inderdaad nieuwsgierig wat de voorzitter ons kan vertellen over hoe zich dat verhoudt tot de notitie die we hebben aangenomen begin van dit jaar rond schuldhulpverlening. Eigenlijk had ik een beetje verwacht, dat meneer Van Ginneken ook daar wat over zou zeggen, want meneer Schipperus heeft nog contact gehad met Humanitas en die vertelde hoe belangrijk schuldhulpverlening ook voor Humanitas is naast Schuldhulpmaatje, die heel goede organisaties zijn en samenwerken en elkaar vinden en vergelijkbaar werk doen met goed opgeleide vrijwilligers.
Ofwel, ik ben benieuwd of onze schuldhulpverlening-opbouw die we hebben afgesproken, of dat ook kan met een bezuiniging op het punt van grip op geld. Tot zover. De heer Jonker, D66: Allereerst, om te beginnen, vonden wij de taakstelling op de beleidsaccenten sowieso onverstandig, maar laat ik niet flauw doen, de situatie waar we nu in zitten qua kader. We spreken over de prioritering voor het budget, dat nu voor de beleidsaccenten beschikbaar is. Als we kijken naar de bijgevoegde stukken, dan valt in de tabel op, dat er een kolom minimale inzet is, dat onze bewegingsruimte nogal beperkt. Bij de toelichting viel het ons op, dat de onderbouwing van de minimale inzet nogal verschilt. Dat geldt voor door het rijk geoormerkte gelden, tamelijk hard, maar ook (…) eerder genomen besluiten of het feit dat iets als budget is opgenomen in de personeelsformatie. Dat lijken me niet allemaal dezelfde grootheden en misschien moeten we daar de volgende keer wat meer in variëren. Dan zien we wat ook echt hard is en wat misschien iets minder hard is. Al ben ik me er van bewust, dat ook op die andere aspecten het soms lastig is om daar verandering in aan te brengen. Dan ten aanzien van de prioriteiten. Het zal niemand verbazen, dat wij als D66 onze prioriteit leggen bij jongeren en bij kinderen. Zeg maar even globaal tussen de oogharen door de punten 1 tot en met 4.
Overigens zonder iets af te willen doen aan de andere onderdelen, want daar zouden we bij voorkeur ook niet op willen korten of bezuinigen. Wat wel opvalt bij punt 4, de inzet t.b.v. pubers, dat we dat incidenteel dekken vanuit corona-gelden en vervolgens wordt in de tekst aangegeven: in de aanloop naar de begroting van 2023 onderzoeken we of we het budget, dat met de accenten gemoeid is, kunnen inzetten t.b.v. pubers. Het voelt toch een beetje vreemd. Structurele opgave op deze manier dekken? Waarom is er niet voor gekozen om het meerjarig structureel te dekken op het niveau dat beschikbaar is? Waarbij het overigens duidelijk is, dat er bezuinigd moet worden, dat begrijp ik ook wel. Dus nogmaals, de inzet en aandacht voor pubers is in onze ogen belangrijk. Ook gezien de leeftijdsopbouw in onze gemeente. Afsluitend voor deze eerste termijn wil ik opmerken, dat het ons opvalt dat door de taakstelling we over meer prioriteiten nog minder geld moeten verdelen. Als je even door het geheel
8/22
heen kijkt en je neemt ook de discussies over andere bedragen en andere voorstellen in het achterhoofd, dan zijn we over hele kleine bedragen aan het discussiëren. Ik hoop dan ook vurig dat de eerder genoemde zilvervloot de haven van Lansingerland binnen vaart en dat we dit kunnen voorkomen, want in feite zouden we deze bezuiniging niet moeten doen. Daar wil ik het voor nu bij laten. Mevrouw Gabin, GL: De druk op het sociaal domein is groot en er dienen dus scherpe keuzes te worden gemaakt op de beleidsaccenten. We zijn het eens met de overige fracties, dat elke bezuiniging goed weloverwogen dient te worden alvorens die gemaakt wordt. GL hecht bijzonder veel aandacht en waarde aan thema’s als kinderarmoede, jeugdhulp en onderwijs. Deze 4 beleidsaccenten worden onder gebracht in de toekomstopgave jeugd en we zijn dus tevreden over de ingezette budgetverdeling op dit vlak. De pubers worden wel in de kou gezet, terwijl zij nou juist veel aandacht verdienen. Om dan juist te bezuinigen of genoegen te nemen met de incidentele corona-toelage lijkt mij geen verstandige keuze. Die toelage is ook niet bedoeld om hieraan te besteden. In het kader van schuldhulpverlening zijn beleidsaccenten 6 en 7 opgeschroefd. Ook daar staan wij achter. Wat betreft de bezuinigingen op beleidsaccenten 5, 8 en 9 snappen wij de ratio erachter.
Het is natuurlijk niet prettig, maar er is in ieder geval een behoud van activiteiten. Wel vragen wij ons af wat er wordt verstaan onder behoud van activiteiten, dat is ons niet helemaal duidelijk. Ook gezien het feit dat de inspreker van Humanitas zijn zorgen heeft geuit, denk ik dat het goed is om in ieder geval om de tafel te gaan met partijen die gekort worden. Dat was onze bijdrage. Mevrouw Verhoef, PvdA: Vorig jaar bij het debat over de begroting werden we al geconfronteerd met bezuinigingen in het sociale domein waar onder de door de gemeenteraad in 2017 vastgestelde beleidsaccenten sociaal domein. Het college is er zo van overtuigd dat de veerkracht in de samenleving vergroot is, dat het durft te snijden in het sociaal domein, waaronder de beleidsaccenten. Wij waren destijds bij dat debat over de bezuinigingen, over de begroting, de enige fractie die integraal de belangrijkste bezuinigingen in het sociaal domein wilde terug draaien. Met dekking uit de stijging van de OZB, want de sterkste schouders moeten de zwaarste lasten dragen. De andere fracties wilden die bezuinigingen wel invoeren, maar ze vonden het geen pas geven om te gaan bezuinigen op het sociaal domein zonder evaluatie van de mogelijke gevolgen.
De coalitie kwam met een amendement om de bezuinigingen beleidsaccenten sociaal domein pas in 2022 in te laten gaan om de tijd te hebben voor een grondige evaluatie van die accenten. Die hebben we niet gesteund, dat amendement of die motie. Op 21 april kregen we in een summiere beeldvorming de uitkomsten van de grondige evaluatie van de beleidsaccenten. In de werkgroep beleidsaccenten is gesproken over wat er wel en niet bereikt is per accent, maar er is niet inzichtelijk gemaakt wat de impact zou kunnen zijn van eventueel bezuinigingen toepassen op die accenten. En het is wel belangrijk om dat te weten, want het gaat om een fikse bezuiniging. Voor 2019-2021 was er nog € 963.000 beschikbaar, in 2022 maar € 708.000. Dus € 255.000 minder. Hoe kan je nou keuzes maken als je niet weet wat de eventuele gevolgen zijn van het verlagen van budgetten? Die info ontbrak in april, maar de heer Kuipers concludeerde: het college moet duidelijke plannen maken en met een concreet voorstel komen. Dat hebben we nu gehad, een brief van 2,5 kantje met een bijlage van krap 2 pagina’s. Wat ons betreft is het vrij nietszeggend en mist het ook een duidelijke onderbouwing in de keuzes die zijn gemaakt.
Er was zo’n haast om dit in elkaar te zetten, dat de Klijnsma gelden met een korte ei zijn geschreven, terwijl wij van de PvdA weten, dat deze voormalige staatssecretaris haar achternaam met een lange ij schrijft. Dat weten we, omdat we in 2014 en 2015 hebben moeten zorgen dat de Klijnsma-gelden bedoeld voor armoede niet in de grote pot verdwenen, maar echt naar arme kinderen zouden gaan. Dit is een brief, quote: om het correcte beschikbare bedrag 2021 voor de beleidsaccenten neer te zetten en een voorstel voor de budgetverdeling 2022. Maar zoals ik al zei: nauwelijks onderbouwd, vanavond geschetst door de heer Van Ginneken van Humanitas rond de eenzaamheidscoördinator, die zonder enige toelichting is geschrapt en daar zijn ze onlangs pas van op de hoogte gesteld. En wat stelt het college nu voor? Korting op de pubers, die het al zo lastig hebben gehad tijdens deze coronaperiode, korting op de eenzamen, die overigens ook nog zitten te wachten op het busje van het college om hen uit de eenzaamheid te halen, want het beloofde vrij reizen OV voor AOW’ers is er nog niet van gekomen. Korten op intergenerationeel wonen en op de vrijwilligers. Nota bene op de vrijwilligers, terwijl Lansingerland enorm leunt op een leger aan flink overbelaste vrijwilligers en de maatschappelijke organisaties die hen opleiden en coachen. De eenzaamheidscoördinator o.a.
Zoals gezegd, de raad kan beter afzien van bezuinigen op die beleidsaccenten. Dat wisten we al en dat is heel duidelijk uitgelegd bij het debat over de kadernota vorige week. Er komt een zilvervloot, noemt meneer Lieverse het, van € 4mln van het rijk naar Lansingerland, dus we moeten nu vooral geen ombuigingen, geen bezuinigingen vast stellen bij de kadernota. Vooral ook omdat in het sociaal domein dit soort relatief kleine bedragen op dit accenten helemaal niet nodig zijn en ook zeker niet gewenst. Eigenlijk: wij leggen het stuk naast ons neer. Ik ga er dus inhoudelijk verder niet op in, behalve de 4 punten die ik heb genoemd, eenzaamheid, de pubers, de vrijwilligers, niet korten daarop. Wethouder Van Tatenhove heeft gesproken het afgelopen jaar met wie eigenlijk? Nauwelijks met de sportclubs, blijkbaar ook niet met de maatschappelijke organisaties, want ze legt nogal een flinke budgetkorting op
9/22
heel belangrijke organisaties. Een vraag zou kunnen zijn, maar het is een retorische vraag: met wie heeft de wethouder het afgelopen jaar eigenlijk wel gesproken? Dank u wel. Beantwoording college Wethouder Van Tatenhove: Ik ga proberen het kort te houden. Dank iedereen voor de bijdrage op dit voorstel voor de verdeling van het resterende budget voor de beleidsaccenten. Ik denk dat het wel goed is om even te beginnen bij de begroting van vorig jaar, want bij de begroting van vorig jaar moesten we een bezuiniging vast stellen en daar is besloten dat er een bedrag van € 255.000 als taakstelling zou worden bezuinigd op de beleidsaccenten en het voorstel dat nu voor ligt is dus een invulling van die taakstelling, die toen in de begroting is afgesproken. Dus voor iedereen, die zegt, dat dit eigenlijk niet zou moeten gebeuren, dan geef ik u mee, dat er dan een gat resteert in de begroting, omdat er vorig jaar is afgesproken, dat die taakstelling dit jaar in de begroting zal landen. Dus als er hier iets wordt gewijzigd, dan ligt bij de raad vervolgens de opdracht om dat wat hier niet geaccepteerd zou worden in de bezuiniging vervolgens als een opdracht bij de begroting of zomerrapportage alsnog ligt. Ik denk dat we in de afgelopen periode hebben gezien wat de beleidsaccenten kunnen betekenen.
We hebben ze natuurlijk in 2017 niet voor niets zo verdeeld, want we hadden er verwachtingen van. Ik ben het ook met meneer Hoek eens, dat je dan weet wat je investeert om aan die verwachtingen te voldoen, maar dat het heel lastig is om te laten zien wat het effect is als je dat uit zou drukken in geld van wat je met die beleidsaccenten hebt gedaan, zo’n maatschappelijke kosten/baten analyse is altijd een lastige rekensom. Overigens geldt dat ook naar de andere kant, die mevrouw Verhoef net aanstipte, van wat de impact is als je stopt met iets. Wat er gebeurd is sinds de bespreking in de commissie n.a.v. de presentatieavond is dat wij op uw verzoek of op verzoek van de voorzitter, zoals mevrouw Verhoef het zei, een voorstel hebben gedaan voor keuzes binnen de beleidsaccenten om aan die taakstelling te kunnen voldoen en om die keuzes aan u voor te leggen. Dit is nog niet hard, want u moet erover beslissen welke keuzes u wilt maken, of u het eens bent met het college of niet. Als dit het lijstje is, dat het wordt, dan worden dat inderdaad de kortingen op de subsidies en dan heeft dat gevolgen voor de partijen die iets doen met de onderwerpen, met de beleidsaccenten waarvoor ze verantwoordelijk zijn. Dus dan zal dat gevolgen hebben voor wat er overblijft voor eenzamen en dan heeft dat gevolgen voor wat er gebeurt met het budget beleidsaccent vrijwilligers.
Dus dat is gecommuniceerd bij de subsidieaanvragen, dat dit voor ligt, dat is goed om in elk geval aan te geven, dat ter uitvoering van die taakstelling waarschijnlijk een korting komt op de beleidsaccenten van bijvoorbeeld eenzaamheid, zoals meneer Van Ginneken aangeeft. Dat heeft alles te maken met de subsidieaanvragen. Nogmaals, u wilde hier over spreken, dus er is nog niets zeker tot u heeft besproken of u het eens bent met deze keuze die voor ligt. Ik hoor van meerderen: als we keuzes maken, dan is het in elk geval goed, dat we daar bepaalde groepen bij ontzien en dat daar de budgetten voor de beleidsaccenten meer blijft dan de minimale inzet, die er voor zou moeten zijn. Ik hoor ook een aantal mensen, dat vraagt: kunnen we bij de post grip op geld daar nog iets van af halen ten gunste van eventueel een andere post en welke gevolgen heeft dat dan, ook gelet op het feit dat we daar voor de schuldhulpverlening pas budget beschikbaar hebben gesteld. Het budget voor de schuldhulpverlening is voor dat traject, o.a. de ketenregisseur zit daar in en de wettelijke taak die we hebben. Wat er met grip op geld gebeurt is vooral de inzet op preventie, het spreekuur samen doen o.a., de aandacht voor preventie. Dus als we dit bezuinigen missen we eigenlijk de vroegsignalering.
En de vroegsignalering is juist zo belangrijk om te voorkomen dat mensen in die schuldhulpketen te laat terecht komen of met een te grote schuld terecht komen. Ik zie meneer Van Ginneken ook knikken. We hebben juist bij grip op geld dat budget heel hard nodig om ervoor te zorgen dat die keten goed blijft functioneren, maar ook dat we mensen niet eerst te ver in de problemen helpen, maar juist zo vroeg mogelijk aan de slag kunnen gaan met hen. Dus daarom heeft het college gezegd: daar stellen we geen bezuiniging op voor. Meneer Hoppenbrouwer zei: bij de vrijwilligers zou ik vooral willen kiezen voor de vrijwillige mantelzorgers. Meneer Lieverse sloot daarbij aan. Dat is op zich een goede keuze, maar ook daar geldt: we hebben in het kolommetje voor de vrijwilligers alleen in 2022 nu nog budget opgenomen, dus ook daar is dan vanaf 2023 met de beleidsaccenten geen extra budget meer beschikbaar, dus dat betekent dat we het moeten doen met wat we in het algemeen in het sociaal domein doen voor vrijwilligers. U weet dat daar al op bezuinigd is. Dan ga ik nog even de vragen langs voor zover die er nog zijn, want het waren meer opmerkingen, die meerdere mensen hebben genoemd. Dan heb ik de vragen gehad en het is verder aan u de afweging, wat u vindt van het lijstje van het college en of u op een andere manier zou willen herverdelen.
Dan is het wel goed om aan mevrouw Arends te vragen of zij nog iets wil zeggen over werken aan werk, want dat is het accent dat in haar portefeuille zit. Wethouder Arends: Ik denk, ik steek mijn hand op, want mevrouw Van Tatenhove gaf het al aan: één van de beleidsaccenten gaat inderdaad over werken aan werk en dat valt in de portefeuille van de participatiewet. Dit is een belangrijk beleidsaccent. Wat doen wij met die financiële middelen? Aan de ene kant bekostigen we daarvan de SROI adviseur en een andere belangrijke is de consulent voor
10/22
arbeidsbeperkten, die vooral de verbinding met het onderwijs maakt, dan hebben we het over praktijken speciaal onderwijs. Dat zegt dus, dat dit verbonden is aan jeugd met en beperking. Het is inderdaad opgenomen in de vaste formatie in het team participatie. Dus als u daar een streep door gaat zetten, dan betekent dat ook, dat het team participatie capaciteit moet gaan inleveren. Van deze middelen noemde ik net al waar het voor bedoeld is, dat is een andere inhoud dan het Nieuwe Wij, waar u onlangs een presentatie over heeft gehad, maar het staat ook echt los van de toevoeging van capaciteit i.v.m. coronatijd. Ik hoop hiermee de vragen van de commissie te hebben beantwoord. Dank u wel. De voorzitter: Ik denk dat het voor ieders begrip misschien handig is als u straks in uw tweede termijn probeert duidelijk te maken wat u wel een goed plan vindt en niet een goed plan. Ik neem aan, dat de wethouder wel mee turft. Het wordt in ieder geval in het verslag vast gelegd, maar ik wil even voorkomen, dat het een Poolse landdag wordt van mitsen en maren, dus probeer zo concreet mogelijk in uw tweede termijn, dat is het meest vruchtbaar, even te laten merken wat u wilt en wat u ervan vindt. Tweede termijn De heer Hoppenbrouwer, L3B: Dank, waarde collega’s, voor de inbreng van alle informatie.
Wat ik wel een beetje lastig vind, ik denk dat niemand van de commissie samenleving zou willen bezuinigen. Dat is 1. Maar we hebben een integrale verantwoordelijkheid en volgens mij hebben we ook in de discussies rondom de begroting, kadernota, zomerrapportage, maakt niet uit, dat wel alle domeinen mee moeten doen met de tekorten, die er toch zijn. We kunnen niet ontkennen, ik neem aan dat iedereen de gelegenheid heeft gehad om de zomerrapportage te lezen, maar na 4 maanden hebben we al een tekort van € 1,3mln. Dan kan je zeggen: dat zijn de eerste 4, dus dat trekken we wel recht in die 8 maanden, maar het kan zomaar ook andersom zijn. Dus dat vind ik wel een lastige om nu maar te zeggen: we zitten hier als Griekenland op een eiland en we vinden dat er niet bezuinigd moet worden. We hebben een bredere verantwoordelijkheid. Verder merk ik in de discussie, dat men een beetje zoekende is naar de meetbare maatschappelijke effecten van de beleidsaccenten. Die worden kennelijk gemist. Dan is het de vraag: in hoeverre wil je dat weten. Ik dacht dat meneer Lieverse er al naar verwees. We hebben 2 tafeltjes avonden gehad, waar we heel uitgebreid zijn geïnformeerd over de hoed en de rand, we hebben vervolgens 2 midterm reviews gehad.
Volgens mij, als je dat goed leest, ik denk dat het een dikke 7/8 verdient, datgene wat er in staat, dus je kan best wel een goed gevoel krijgen: wat hebben die middelen, die extra inzet, nou voor de samenleving betekend? Het is niet rationeel te maken, er zit een stukje buikgevoel bij, maar ik moet toch eerlijk zeggen, dat ik vind dat de wethouder, maar ook de ambtenaren die daar heel erg met passie over spraken, in ieder geval mij ervan overtuigd hebben. Mevrouw Verhoef: Ik was met de heer Hoppenbrouwer samen bij de beeldvorming op 24 april. Wij waren degenen, die vroegen: hoe kunnen we nou de impact van voorgestelde bezuinigingen, we zaten toen nog te wachten op een voorstel, hoe kunnen we dat nou goed wegen? Vindt u dat dat in de bijlage goed is toegelicht, wat de gevolgen zijn van de voorgestelde bezuinigingen per beleidsaccent? De heer Hoppenbrouwer: Ik ben blij, dat u zich nog herinnert, dat het 24 april was, dat zou ik al niet meer weten. Maar ik probeer ook altijd redelijk te blijven. Ik sta bekend als iemand, die tot het gaatje gaat en ook wat dossierkennis heb, maar op een gegeven moment denk ik: ik kan wel het uiterste vragen, maar dat vind ik niet reëel. We hebben ook brieven van de burgemeester gehad, druk op de organisatie. Ik doe het met de informatie die ik heb en ik denk dat ik toch voldoende informatie heb om een afweging te maken. Dus dat in reactie daarop.
Verder, als ik even naar de voorzitter ga, dan proef ik toch wel wat commitment als het gaat om de beleidsterreinen 1, 2 en 3, zeg ik maar even gemakshalve. Ik hoop en proef een beetje, dat de eenzamen aan boord ook wel de meerderheid krijgt. Dan blijft toch nog onduidelijkheid rondom grip op geld. De wethouder geeft aan, dat het in de vroegsignalering de mist in gaat, maar ik denk aan de andere kant: het is een wettelijke taak, dus het is al redelijk ingericht. De Eneco’s van deze wereld gaan ons al helpen, daar hoeven we als gemeente niet extra achteraan te jagen, wat we vroeger wel moesten, dus we krijgen het op een presenteerblaadje. Ik zou echt de wethouder willen vragen om toch te kijken, ook met de komst van de ketenregisseur voor 150k, of we toch niet iets kunnen afsnoepen van die vroegsignalering, door het anders in te regelen, waardoor we toch budget over houden voor andere domeinen of andere beleidsaccenten. Dat zou ik graag nog mee willen geven. Over integraal wonen, daar ben ik met alle respect voor het CDA, ik weet dat het in 2017 één van hun speerpunten was, maar ik denk dat we dat op een andere manier zouden moeten kunnen oplossen, dus ik zou dat budget echt voor de echte uitdaging die we hebben als het gaat om jeugd, armoede, schuld, is het dan interessant om een woonwaaier te maken.