CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

BV21.0123 Verslag Commissie AB d.d. 30 juni 2021

Commissie Algemeen Bestuur 15 september 2021, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering28.647 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Ik zie ook eigenlijk niet heel veel steun daarvoor in uw raad om het totaal nu te gaan beleggen al zouden er redenen zijn om dat wel te gaan doen. De fractie van D66 heeft beaamd dat ze van grof naar fijn wil werken en dat burgerparticipatie later heel goed is. En heeft ook global goals aanbevolen, daar heb ik al iets over gezegd. De fractie van GL heeft nog een specifieke vraag gesteld over de boeterente. Waarom stelt het college voor om die reserve boeterente hieruit te dekken. Als volgt, die reserve is ingesteld eigenlijk om heel concreet heel direct dat financiële gat dat het wegvallen van de dividenden slaat te compenseren. Dus dat is één op één een manier om die contant gemaakte dividenden te compenseren. Dus eigenlijk heeft het alles te maken inhoudelijk met de opbrengst van Eneco. Ook in een debat vorig jaar, toen o.a. de heer Van Santen zich heeft uitgesproken in die richting, werd gezegd: het is nu niet gebeurd, het is uit de algemene reserve gekomen, maar we zouden ervoor pleiten om t.z.t. als we het hele Eneco-verhaal bespreken om het dan alsnog hieruit te gaan dekken. Dus o.a. uit die bespreking, maar ook uit de logica komt voort dat we deze keuze maken en hebben voorgesteld samen met de kadernota, daar bij het voorstel.

Bouwen voor het middensegment en een woningbouwbedrijf, dan kom ik ook bij mevrouw Verhoef, dat is niet een voorstel waar ik een breed draagvlak voor zie in uw raad. Ik heb vanmiddag overlegd met 3B Wonen over Wilderszijde. We hebben een heel goede woningcorporatie in onze gemeente en er zijn ook heel vele investeringsfondsen, ook private partijen, die in toenemende mate zeer geïnteresseerd zijn in betaalbaar bouwen. Er zijn ook echt instrumenten om die betaalbaarheid te borgen, daar hebben we vorige week over gesproken bij het Wilderszijde-debat. Dus om nu zelf een gemeentelijk woningbedrijf te gaan stichten of om daar uitgebreid onderzoek naar te verrichten, inderdaad, Rijswijk zet die stap, maar honderden gemeenten zetten die stap niet, om daar zelf uitgebreid mee aan de slag te gaan, om onderzoek te gaan verrichten, de voors en tegens, ja, dat zou ik toch echt pas willen doen nadat ik heb geproefd dat er breed draagvlak voor is in uw raad. Vervolgens nog zien we helaas niet met alle begrip overigens voor de wens om meer en voldoende betaalbaar te bouwen. Volgens mij heb ik hiermee alle vragen behandeld in de eerste termijn. Tot zover. Tweede termijn De voorzitter: U heeft in de eerste termijn van mij veel tijd en ruimte gekregen. Ik wil het in de tweede termijn beperken tot echt maximaal 3 minuten voor elke fractie. Dezelfde volgorde.

De heer Van Doorn, L3B: Ik ga mijn stinkende best doen om het kort en bondig te houden, maar ik wil op een aantal opmerkingen wel ingaan, want die wil ik niet laten liggen. Ik zag dat de duurzaamheidslening niets oplevert en vervolgens gaat het over maatschappelijke baten en geen financiële. Blijft voor ons wel over, dat een goede businesscase op duurzaamheidsinvesteringen interessant is om met elkaar te bespreken. Dan is voor mij niet het te doneren bedrag leidend, maar de potentiële opbrengsten c.q.

11/29

kostenbesparingen, dus daar gaan we zeker nog het gesprek over aan wat mij betreft. De heer Ruijtenberg luisterde inderdaad heel goed, dat de € 5mln prikkelend was en niet bedoeld als een harde grens, maar dat de meerwaarde van investeren de samenleving is. Punt is wel dat dit grote bedrag, wat ons betreft, en dat wil ik echt centraal stellen, dat wij dat niet met zijn allen er snel doorheen proberen te jassen. Voor ons blijft staan, dat we dat willen spreiden. Dit alles past in zekere mate ook in het voorstel van de CU om de besteding naar de volgende periode te tillen, want daarmee wordt het een thema tijdens verkiezingscampagnes, dan kunnen we de input vanuit de samenleving goed mee nemen. Sterker nog, dan kunnen ze hun stem daar mogelijk op baseren. Daarmee krijgen de inwoners weldegelijk invloed aan de voorkant en dat is precies waar het L3B om te doen is. Ik hoor de wethouder zeggen dat L3B en het college in dit geval op burgerparticipatie anders in de wedstrijd zitten en dat kan in toekomstige discussies over de besteding van die gelden nog best heel interessant worden. Ook over het alles in één keer afwegen denken wij als fractie anders dan wat de CU bepleit. Wij blijven het verstandig vinden om dit in delen te doen. Dan hoeft dat van mij niet in 10 termijnen van € 5mln, het gaat mij meer om het principe van spreiding en de inhoud leidend te laten zijn.

Uitstekend dat men het kader gaat vast stellen en een verdere uitwerking, daar zijn we blij om. Ten aanzien van Horti Science had ik eigenlijk begrepen dat er medio september een voorstel zou komen over de inhoud, dus wat dat betreft beschouw ik dat als een separaat vast te stellen richtinggevend kader. Daar zijn wij tevreden over. Het is goed, dat de wethouder zei: we hebben gewogen en hij noemt vervolgens een aantal scores. Waar het de fractie van L3B het nou precies om te doen is, is de duiding bij die scores en waaruit blijkt dat die score de score is. In dat geval vinden wij het vreemd dat de score er ligt zonder dat wij als raad de inhoud van het Horti Science stuk en de bijbehorende gelden hebben vast gesteld. Daarmee is het voor ons helemaal niet herleiden waarom Horti Science zou passen in het kader, zoals we dat nu hebben vast gesteld. Dus met elkaar blijft de fractie van L3B van mening, dat we met elkaar dat proces nog wat zorgvuldiger moeten uitlopen. Ook die volgorde. Eerst het kader vast stellen, daarna de inhoud erbij, de inhoud op dat kader leggen en dan pas kunnen we bepalen of gelden besteed kunnen worden vanuit Eneco of dat het uit een andere pot moet komen. Dank u wel. De heer Van Santen, VVD: Om het even makkelijk te maken en tijd te besparen, het laatste stuk over Horti Science: ik sluit me 100% aan bij wat de heer Van Doorn net heeft gezegd.

Dus dat is makkelijk. Dan ben ik in de eerste termijn vergeten die reserve boeteleningen. Inderdaad, het klopt wat de wethouder zegt, dat wij er al eerder voor gepleit hebben en blij dat het college dat nu ook gaat doen. Dat brengt me eigenlijk op, daar ben ik misschien niet helemaal duidelijk in geweest, maar ik zou eigenlijk de bestemmingsreserve Eneco in 3 bestemmingsreserves willen maken of 3 compartimenten, hoe u het wilt, met een bedrag daaraan gehangen. Het eerste is aflossingen. Als we met elkaar afspreken: dat is zoveel. En als we het bereikt hebben, hoeven we het daarna niet meer over te hebben. Het volgende is iets wat financieel rendement oplevert, hopelijk ook maatschappelijk tegelijkertijd, maakt niet uit, maar op het moment dat het financieel rendement oplevert, komt het in die tweede box. Er zijn nu een paar zaken vooruitlopend op dat toetsingskader gebeurd, investeringen in Stedin, nu die boetelening reserve, dus we zijn van 137 naar 113 gegaan, dus er is al € 26mln in die box afgevinkt. Is het daarmee vol? Of komt er nog iets bij? Dat hoor ik dan graag, daar moeten we over beslissen. En de rest is eigenlijk maatschappelijk rendement. Dus dat betekent, dat er geen enkel financieel rendement tegenover hoeft te staan. We hoeven daar niet over te scoren of te discussiëren, dan gaat het puur om het maatschappelijk rendement.

En daar moet je dus een aantal kaders voor hebben, hoe lang de termijn et cetera, zoveel mogelijk mensen en wat iedereen daar op inbrengt. Zo kijken wij daar tegenaan en zo zullen wij de Horti Science of welk idee dan ook toetsen. Tenminste, we gaan met elkaar het toetsingskader vast stellen en dat zou kunnen zoals mevrouw Den Heijer dat zegt met een aantal concrete punten, waaraan we dat kunnen toetsen. Dank u wel. De heer Ruitenberg, CDA: Dank voor de uitgebreide beantwoording. Helder, denk ik. Ik heb eigenlijk nog wel wat reacties op voorstellen van collega’s. Allereerst, de heer Van Doorn stelt voor € 5mln per jaar en het was niet als een rigide oplossing bedoeld, maar het uitsmeren over de tijd. Ik denk dat je er niet aan ontkomt om het uit te smeren over de tijd. Dat is beter dan in één keer integraal over die hele pot te beslissen. Wat wij vooral heel belangrijk vinden is dat je in het toetsingskader, dat wij als raad vast stellen, ook een heel helder proces vast stelt over hoe je komt tot besteding van Eneco-gelden op de verschillende momenten in de tijd, zodat er ook later geen meningsverschillen over kunnen ontstaan. Dus dat zou ik echt aan de wethouder mee willen geven bij de uitwerking van dat toetsingskader.

Dat het niet alleen een toetsingskader is op inhoudelijke criteria, maar ook over: hoe doe je het dan met elkaar? Op zichzelf om eerst een geeltjes-sessie, zoals ik het dan maar noem, te gaan houden en daar misschien een bepaalde lijst te doen, dat zou kunnen, maar het zou ook heel goed kunnen, dat vervolgd wordt door de standaard werkwijze, het college doet een voorstel en de raad toetst of dit voorstel voldoet. Dat lijkt ons ook een uitstekende werkwijze en die volgen we door de bank heel vaak als raad. Wij kunnen het ons ook voorstellen, dat je in de toekomst, dat zou ik graag willen mee geven richting het toetsingskader, het raadsvoorstel daarover, dat we dat ook borgen door er jaarlijks zowel in de begroting als in de

12/29

jaarrekening een soort aparte paragraaf aan te wijden, zodat je ook regelmatig in de cyclus het steeds weer terug laat komen. Wellicht de plannen, die je vanuit de Eneco-reserve zou willen financieren even eens in het jaar of in de twee jaar tegen het licht houdt: kijken we er nog net zo naar als dat we toen deden, is dit nog steeds wat we willen? En dat zo planmatig mee nemen. Ja, het echt integraal afwegen in één keer, wij denken dat dat niet heel nuttig is. Wij geloven meer in een integrale afweging over het proces, maar niet over de inhoud, omdat je toch niet goed tot zover in de toekomst kan kijken. Wellicht dat er ook weer andere ideeën komen, cofinancierings die je in eerste instantie niet kan voorzien. Als je Eneco-geld ter beschikking stelt, kan het ook andere partijen, die mee willen financieren, wat luier maken, om het maar zo te zeggen. Dan nog een aantal andere dingen. Wat betreft de burgerparticipatie zijn we het wel eens met het college, want als je over zoiets abstracts als: wat moeten we doen met de Eneco-gelden, heel breed het gaat ophalen, ja, de verkiezingen zijn natuurlijk de perfecte vorm van burgerparticipatie, dat ben ik het eens met de heer Van Doorn, maar over het algemeen werkt burgerparticipatie beter als het concreter wordt. Dan heb je het meer over de deeluitwerkingen van voorstellen.

Dan moet het echt wel een voorwaarde zijn, dat je dat heel goed doet en serieus uitwerkt. Wat betreft de huizen, ik wil het nog een keer zeggen tegen mevrouw Verhoef: wij denken er echt anders over. Wij vinden dat je als overheid niet moet gaan investeren in zaken waar of de samenleving via de woningbouwcorporatie of de markt via bouwbedrijven en projectontwikkelaars dat uitstekend zelf kan. Wat ik wel zou willen zeggen: we doen uiteraard wel veel in de woningmarkt, maar dat doen we via negatieve grexen. Denk maar aan het debat over Wilderszijde en de hoeveelheid miljoenen, die we daarop toeleggen. Het komt misschien niet uit de Eneco-reserve, maar uit de algemene reserve. Maar hoe je het ook wendt of keert, de gemeente investeert via negatieve grex in de woningmarkt. Dat was het laatste wat ik wilde zeggen. Dank u wel. Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik wil de heer Van den Beukel hartelijk danken voor zijn uitgebreide toelichting, dat wordt zeer gewaardeerd. Het is misschien wat lang, maar het is echt heel goed duidelijk. Ik heb u getipt over Dordrecht, dus ik vind het ook echt heel fijn als u daar toch nog naar wilt kijken, want het zou wellicht een oplossing kunnen zijn voor het structurele probleem. Verder vind ik de inbreng van alle partijen echt heel waardevol.

Een ieder kijkt er toch op zijn eigen manier naar en ik denk dat we met zijn allen tot een goed gedragen voorstel kunnen komen t.z.t. En ik wil graag nog een motie, die WIJ heeft ingediend op 28 november 2019, die heeft het helaas niet gehaald destijds, maar die hebben wij ingediend met D66, GL en PvdA, daar hebben wij het college verzocht een raadsbrede commissie in te stellen, die in overleg met het college van B&W en met hulp vanuit de ambtelijke organisatie criteria respectievelijk bestedingsdoelen opstelt voor de besteding van de Eneco-gelden. Deze criteria bestedingsdoelen ter besluitvorming voor te leggen aan de gemeenteraad op basis waarvan dan politieke besluitvorming kan gaan plaatsvinden. Mijn collega Van Heusen had het even paraat en ik vind het gewoon wel waardevol om nu toch nog even te delen, dat we er toen ook al zo over dachten. Dus een collegevoorstel lijkt ons in principe altijd prima, want zo werken we altijd. Alleen, een geeltjessessie en daar brainstormen met de benen op tafel, om het op die manier aan te pakken, dat vind ik zelf wel het leukste. En zeker aan de vooravond van de verkiezingen, denk ik dat dat een heel mooie samenloop is van alles bij elkaar. Dus dank u wel. De heer Dieleman, CU: Een aantal dingen in de tweede termijn. Allereerst richting de wethouder.

Ik had het idee, dat hij in zijn eerste termijn aangaf, dat het leek dat de CU al het geld wilde uitstellen naar de volgende raadsperiode, dus heel het voorstel van het college zoals in de brief vervat niet volgen, dat wil ik corrigeren. Wij volgen de brief eigenlijk volledig met uitzondering van Horti Science, daar hikken wij echt tegenaan. De wethouder verwijst naar een brief, die we daar over gehad hebben. Daar zit ik echt op dezelfde lijn als de heer Van Doorn. Eigenlijk werd er nog aan gerefereerd, maar het schoot een beetje in het verkeerde keelgat bij mij, want opschrijven dat alles groen scoort en dat het dus een briljante investering is, punt. Dat is wat mij betreft niet hoe wij de komende tijd het gesprek moeten voeren over de inzet van Eneco-middelen aan de hand van het afwegingskader. Op het moment dat wordt aangegeven, dat het goed past, dan verwacht ik minimaal een onderbouwing bij elk criterium uit het afwegingskader waarom dat zo is. Ik verwacht minimaal een factsheet van een investering, die wordt voorgesteld, waarin wordt aangegeven waarom het maatschappelijk nut heeft, want dat is uiteindelijk een politiek bestuurlijke afweging. Daar kun je met elkaar over van mening verschillen, wat wel en geen maatschappelijke meerwaarde heeft. Zeggen dat alles groen scoort en dus een goede investering is, is wat ons betreft echt te kort door de bocht.

Daar moet echt wat extra informatie bij om daar goed met elkaar het gesprek over te kunnen voeren als college en raad. Ik denk dat Horti Science nog een keer in de herkansing komt na volgende week, want ik voel dat een hoop fracties nog niet echt warm lopen voor hoe het op dit moment is opgenomen, maar laten we er dan ook voor zorgen, dat er een onderbouwing ligt. Dat geldt voor alle voorstellen, die we nu gaan doen, over waarom het dan groen, oranje of rood scoort. Dan over het komen tot een integraal voorstel. Ik heb de reacties van de andere fracties gehoord. Ik kan me daar ergens ook wel iets bij voorstellen, dus in die zin kom ik misschien een beetje terug op de woorden uit de eerste termijn, omdat het ook lastig is om alles in één keer uit te geven. Ik hik daarbij

13/29

een beetje tegen twee dingen aan. Enerzijds snap ik het, dat als je nu een integraal voorstel gaat doen, dan ga je in één keer een heleboel geld verdelen en dan ga je misschien ook investeren in waar je later spijt van krijgt. Maar aan de andere kant zit bij onze fractie ook een beetje de angst, dat als die pot er blijft staan en we incidenteel met dingen komen, die eruit gedekt gaan worden, dat het ook een soort pot wordt, die één keer in de zoveel tijd tevoorschijn wordt gehaald om er iets uit te dekken, terwijl er ook andere mogelijkheden voor zijn en dat het afgewogen zou moeten worden tegen andere onderdelen uit onze begroting, waarbij je misschien normaal gesproken de ruimte zou gaan zoeken. Dus dat vinden we nog wel een beetje spannend bij zo’n grote pot geld, die ergens staat. Maar laten we helder zijn: er zijn in het verleden vaker overheden geweest, die energiebedrijven hebben verkocht. Die zijn er op verschillende manieren mee omgegaan en dat zijn niet altijd de meest briljante investeringen in de toekomst geweest. Dat vinden we nog een beetje spannend, daar zullen we met elkaar goed over na moeten denken.

Ik snap echt wel wat er gezegd wordt, dat het misschien niet handig is om dat in één keer te doen, maar laten we dan wel kijken dat we die afweging zorgvuldig blijven maken en niet bij iedere begroting of bij iedere kadernota weer denken: wat kunnen we deze keer dekken uit die pot, die we nog hebben? Misschien meer in de lijn van de heer Van Doorn, hoewel ik het nooit aan een maximum van € 5mln per jaar zou willen koppelen, maar dat je met elkaar één keer in de zoveel tijd een afweging gaat maken: waar gaan we nu die middelen voor inzetten? Dat je dat een beetje spreidt. Dat is even de spanning, die onze fractie nog voelt en waar we met elkaar goed over na zullen moeten gaan denken als we verder gaan met het proces. Dank u wel. Mevrouw Den Heijer, D66: Ik probeer ook puntsgewijs mijn tweede termijn te vullen. Ten eerste, ik heb gehoord, dat de wethouder de handschoen wil oppakken m.b.t. de energietransitie en de opdracht opneemt om investeringen verder te onderzoeken. Volgens mij hebben we daar een toezegging gehoord, dus die zou ik nog even bevestigd zien eigenlijk. Wij zijn ook voorstander van spreiding. We snappen de dilemma’s die ook mijn voorganger schetst en ik denk dat het goed is om er met elkaar een goede procedure voor af te spreken. De inhoud moet leidend zijn en daarmee zijn we het ook eens met andere mensen, die dat gezegd hebben.

Dit toetsingskader is inderdaad voor ons als raad en we stellen dat vast. Dat is in ieder geval één conclusie die ik kan trekken. De andere conclusie is dat het voorbeeld van hoe Horti Science nu is ingevuld en eigenlijk heel minimaal is afgewogen, eigenlijk niet transparant, voor ons het voorbeeld is van hoe je het niet zou moeten doen, maar dat we dit als format moeten vast stellen en dat het ook transparant moet worden ingevuld bij alle projecten, die we in het vervolg langs krijgen, als een soort van format. Niet dat ik heel erg fan ben van formats, maar dan heb je toch iets om aan vast te houden en dan heb je dezelfde taal, die je met elkaar spreekt. Een andere conclusie is wat ons betreft ook dat die global goals echt wel nuttig zijn om als invulling te gaan gelden voor het publiek belang, maar dat er misschien, zoals de CU aangeeft, nog iets meer voor nodig is, maar dat dit een heel goede opmaat is daarvoor. Over burgerparticipatie is ook al veel gezegd, dat we dat vorm geven op het moment van projectniveau, maar dat er bij de verkiezingen genoeg burgerparticipatie is, die we dan ook mee gaan nemen. De andere conclusie is, dat we met de griffie een soort van procedure maken rondom die bestedingsrichtingen.

Ik denk eigenlijk in navolging van een motie, die we eerder hebben gemaakt, maar die het toen niet gered heeft, leuk dat mevrouw Van Olst die nog even heeft opgehaald, we hadden toch wel een vooruitziende blik, maar wij denken dat het nuttig is om een soort raadswerkgroep in te richten hierover, want op dit moment liggen er best nog wel veel dilemma’s die we met elkaar moeten oplossen. Deze bespreking heeft tot heel veel input geleid, maar we denken echt dat de griffie hiermee aan de slag moet en dat we die kunnen ondersteunen door een tijdelijk groepje op te richten, die dat verder gaat uitwerken. De lijnen zijn in deze commissie gelegd en we kunnen dat nu verder gaan uitwerken. Ik denk dat het handig is om elkaar er wat nader over te spreken. Dus dat zou nog een voorstel zijn, die we in deze tweede termijn willen neerleggen. De voorzitter moet maar even kijken hoe die daarmee om wil gaan, want we denken dat het goed is dat wij als raad de lead nemen, dat initiatieven waarvan wij vinden dat die verder moeten komen, dat die worden uitgewerkt door het college en dan besproken worden in de commissie en vervolgens opgenomen kunnen worden in de begroting. We moeten echt in detail met elkaar erover doordenken. We denken dat een werkgroep de griffie daarin kan ondersteunen. Daar wil ik het bij laten in deze termijn. Dank u wel.

De voorzitter: Ik zal dadelijk ingaan op uw verzoek m.b.t. de raadswerkgroep. De heer Ruijtenberg, GL: Ik zal proberen om die 3 minuten zeker niet te gaan gebruiken. Ik wil de wethouder bedanken voor zijn antwoorden. Hij is inderdaad lang van stof, maar het is heel duidelijk. Soms is het goed, dat hij lang van stof is, want dan heb je net wat meer achtergrond en dan kan je wat meer de diepte in gaan. Dus in dit geval zeer, zeer nuttig zijn antwoorden. Ik sluit me aan bij mevrouw Den Heijer en mevrouw Van Olst en de motie die we destijds ingediend hadden. (…) We zien nu dat we langzamerhand allemaal die kant op gaan. Ik denk dat het heel goed is dat we een commissie gaan maken of werkgroep of welke naam je er ook aan wilt geven, één ding: laten we er geen screen-sessie van maken. Dat is het verschrikkelijkst wat er is. Dat gezegd hebbend. Dan nog even de woningbouw. De

14/29

voorzitter: U bent slecht verstaanbaar, er zit een galm in. U heeft een nieuwe headset, maar het is geen vooruitgang geweest. De heer Ruijtenberg: Over de woningbouw. Ik heb het CDA horen zeggen, dat zij het niet als taak zien. Wij denken dat het juist een taak van de gemeente is om ervoor te zorgen dat je je inwoners goede huisvesting biedt. Het kan een toegevoegde waarde zijn. Als je het doet kan het een financiële investering zijn, waar je rendement op kan halen. Daar moet je goed kritisch tegenaan kijken. Ik wil echt de wethouder willen verzoeken om nogmaals zijn licht op te steken bij Rijswijk, die het wel doet. Erfpacht, en dat is het laatste wat ik wil zeggen: wij blijven daar niet enthousiast over. Het is iets waarvan wij zeggen: doe dat nou niet. Ik wil nog even wijzen op een artikel in Binnenlands Bestuur van 2 juni van dit jaar, dus vrij recent, waarin Berenschot onderzoek heeft gepubliceerd n.a.v. erfpacht in Amsterdam. Eigenlijk wordt het systeem van erfpacht puur gezien als een extra grondbelasting. Ik kan me niet voorstellen dat partijen, zoals VVD, enthousiast wordt van een extra belasting. Misschien moeten we dat nu juist niet gaan doen. Ik denk dat ik het binnen de 3 minuten gehaald heb. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik wil ook de heer Van den Beukel bedanken voor de duidelijk beantwoording van onze vragen en verdere toelichting.

Ik denk dat het proces, de stappen die hij schetste, het agenderen van het kader, vast stellen, eventueel amenderen, na de zomer, dat lijkt ons een heel goed voorstel. Het proces kan verder met de griffie vorm krijgen. Een raadsgroep instellen om na te denken: hoe gaan we het precies doen? En om met een aantal voorstellen te komen, ook daarvan denk ik dat het een goed plan is. Maar het moet allemaal nog verder worden uitgewerkt en dan kunnen we er pas definitief iets over zeggen. De duurzaamheid kan wel een maatschappelijk doel dienen zegt de wethouder. Het hoeft dus niet perse rendement op te leveren, dus die optie blijft open, dat er een sticker energietransitie op een deel van de Eneco-gelden komt. Dat is goed om te horen. Dan kunnen we als raad die optie gebruiken. De heer Van Santen: Een interruptie op de heer Ruijtenberg, maar ik kan er twee tegelijk mee pakken, net zo makkelijk. De heer Ruijtenberg m.b.t. het investeren in woningen of woningbouwbedrijven, dat zou ook een criterium in het afwegingskader kunnen zijn, dat je zegt: kan de markt het zelf of niet? Als de markt het zelf kan, dan doen we het niet, zou een criterium kunnen zijn. Daar kan je over discussiëren of dat een goed criterium is, maar zo zou je met dit soort zaken om kunnen gaan. Mevrouw Verhoef ben ik vergeten, sorry, dit was mijn interruptie op de heer Ruijtenberg.

De heer Ruijtenberg: Ik heb niet echt een vraag gehoord van de heer Van Santen, alleen een aanvulling. Mevrouw Verhoef: Volgens mij was ik bij het punt van: fijn, dat we het in ieder geval nog kunnen hebben over geld labelen richting de energietransitie. Over de woningbouw: daar staan andere fracties anders in. Ook begrijpelijk, dus ik denk dat we daar in de toekomst nog wel over komen te spreken. We kunnen altijd voorstellen vanuit de PvdA er voor doen samen met andere fracties, die dat ook zien zitten, maar we hebben ook begrip voor de standpunten van de andere fracties, die dat met goede redenen niet zien zitten vanuit hun perspectief gezien. Ook fijn, dat bevestigd is door de wethouder dat we inderdaad nu al wel in het komende half jaar of jaar alvast het geld ten dele kunnen verdelen, noem ik het toch maar even, dat we ons kunnen richten op een aantal belangrijke doelen, die we als raad gezamenlijk zien. Ik ben er geen voorstander van om die Eneco-gelden echt een onderwerp te maken van verschillende verkiezingscampagnes. Ik vind niet dat je beloftes moet gaan doen als partijen over waar dat geld allemaal naartoe zou kunnen gaan. Ik vind dat echt iets gezamenlijks van de raad, per project. Als die projecten echt vorm krijgen, dan moeten natuurlijk wel de burgers worden meegenomen, zoals mevrouw Den Heijer ook al in de eerste en tweede termijn heeft gezegd.

De heer Dieleman: Ik ben zeer verbaasd over de inbreng van mevrouw Verhoef over het niet onderdeel laten uitmaken van de onderwerpen van de verkiezingen. Dit is toch wat je aan je kiezers wilt voorleggen, dit soort grote keuzes, die je de komende periode gaat maken in Lansingerland. Daarover moet je transparant zijn, wat je als partij daarmee gaat doen, ook naar de kiezers die uiteindelijk mogelijk hun stem aan je gaan geven. Mevrouw Verhoef: Daar heeft u gelijk in. Ik vind dat je wel kunt schetsen van: onze partij vind het belangrijk dat zus en zo en wij zouden het best een goed idee vinden dat de Eneco-gelden wat meer die kant op vloeien. Dat ben ik met u eens, maar bij sommige andere partijen krijg ik de indruk, dat het echt een integraal onderdeel zou worden van de verkiezingscampagne om daar dan burgergesprekken rondom die Eneco-bestedingen te doen. Misschien heb ik dat dan verkeerd begrepen, maar ik zou dat niet met teveel fanfare op die manier doen. Mijn voorkeur zou hebben: de raad besluit erover, maar zorgt er wel voor, dat per project de burgers zeker ook over de precieze invulling een stem daarin meebrengen. Maar daar komen we verder dan nog over in gesprek. Er moet natuurlijk niet ontransparant met dat geld worden omgegaan. Dan kom ik tot slot nog bij de Horti Science brief. Ik had daar in de eerste termijn een vraag aan de wethouder over gesteld.

Dit komt allemaal nog bij de kadernotadebat, maar bij mij is de indruk ontstaan, dat het now or never is met die cofinanciering doen in Horti Science. Klopt dat? Of klopt dat niet? Als het wel zo is, dan kan het maar beter eerder helder zijn dan de avond van het debat volgende week bij de kadernota zelf. Daarmee wilde ik het afsluiten, dank u wel. Wethouder Van den Beukel: We gaan ook nog spreken over de zomerrapportage, dus ik zal proberen het kort te houden. Kijk, of je een werkgroep instelt is natuurlijk helemaal aan u. Ik denk wel dat het invloed heeft op het voorstel, dat we als college zullen doen, de rol die u daarin wilt nemen. Mocht u er niet toe

15/29

besluiten, dan wil ik in ieder geval positief reageren op hetgeen de heer Ruitenberg van het CDA heeft gezegd over het procesvoorstel, dat eigenlijk onderdeel zou moeten uitmaken van het raadsvoorstel over het afwegingskader. Dus alle zaken, die hij daar genoemd heeft, zou ik dan vervolgens willen oppakken en ter harte nemen en vervolgens in de boezem van het college uitwerken en weer aan u doen toekomen. En vervolgens ook een ei leggen over hoe dan die toch soort brainstorm zich verhoudt tot het doen van voorstellen voor bestedingsrichtingen. Ik houd er wel rekening mee, dat inderdaad het doen van collegevoorstellen, gehoord wat u heeft gezegd over diverse thema’s, het de zaak wat bespoedigt. Als we bij de begroting al wat keuzes zouden willen maken, dan doen we er goed aan om een beetje tempo te houden. U heeft nu al behoorlijk richting gegeven om misschien het beide te doen. Maar ik heb goed naar u geluisterd en neem dat graag ter harte en vervolgens verwerk ik dat, zeker als u geen raadsgroep in zou stellen, in een collegevoorstel. Maar als u dat wel zou doen, dan zou dat de inzet zijn van het college in die raadswerkgroep, mochten we daartoe uitgenodigd worden. Of ik nou een toezegging heb gedaan, zeg ik richting mevrouw Den Heijer op de transitie uitwerken, ja, daar is dit moment niet helemaal voor bedoeld, wat mij betreft.

Ik heb veel particuliere opvattingen als collegelid over waar het allemaal heen mag, maar nu vanavond zeggen: we gaan een serieus investeringsvoorstel doen uit de Eneco-middelen met dat doeleinde, dat lijkt niet passend. Wat ik wel kan zeggen in uw richting: ook bij het debat over de Windas is eigenlijk al gezegd en benoemd door collega Fortuyn, maar vervolgens ook door mij, meen ik me te herinneren, dat we goed gaan kijken naar wat we nog meer kunnen aan dat type investeringen bedenken. En zou het niet goed zijn om dan te overwegen of je het uit de Eneco-middelen kan dekken. Dus het onderwerp is sowieso voor studie, ook voor studie in relatie tot de Eneco-middelen, maar nu zeggen: eigenlijk willen we één tranche of één pakket of één factsheet energietransitie, dan zou ik er één element te vroeg uit lichten, dus dat zou ik nu niet willen voorstellen. Wel lijkt het me heel passend om dan toch maar een factsheet of format te maken. Ik heb goed gehoord wat u heeft gezegd over de mate van detail die u verwacht bij toetsing, dus die goede maat van detail daar zullen we wat het college betreft zeker in gaan voorzien. Is het now or never, vraagt mevrouw Verhoef, met Horti Science. Ja, in zekere zin wel. Er is volop hierover gesproken met uw raad, de positionering.

We hebben een verantwoordelijkheid om, zo ervaren wij dat althans en u na 14 juli, denk ik, ook, om inderdaad te investeren in Horti Science, maar het moet natuurlijk wel voldoende concreet zijn, geloofwaardig toetsbaar en wat dies meer zij, dus de uitwerking die ik heb toegezegd hierop. Daar heeft u duidelijk behoefte aan, dus daar is geen woord Spaans bij. Maar vervolgens is het inderdaad wel zaak om linksom of rechtsom, en linksom zou bijvoorbeeld kunnen zijn onze algemene middelen, die we ook hebben, of rechtsom zou kunnen zijn de Eneco-middelen, om vervolgens voor 2022 dan inderdaad onze ambitie te onderbouwen. Anders zijn we op een gegeven moment een ambitie aan het formuleren, maar niet aan het leveren en dat is niet goed voor de sector, voor de werkgelegenheid en ook voor de geloofwaardigheid van de ambitie die we als Lansingerland formuleren. Dordrecht gaan we nog eens checken, Rijswijk zeker ook, maar ik ben niet van mening veranderd over het wonen, ook niet na de tweede termijn van de heer Ruijtenberg van GL. Hiermee heb ik de belangrijkste onderwerpen gehad, op één na, wat ik nu zie, en dat is de inbreng van de heer Van Santen. Hij zegt: kunnen we er niet 3 schotten in zetten? Aflossen, financieel rendement, maatschappelijk rendement. Ja, in grote lijnen is dat wel het voorstel dat er is. Op één uitzondering na.

We stellen niet een apart schot aflossen van leningen voor. Waarom niet? We lossen geen leningen af uit reserves. Zo werkt onze gemeentelijke treasury strategie niet. Met die uitzondering volgt het voorstel van het college volgens mij uw wensen en uw voorstellen. En inderdaad, dat betekent dat een groot bedrag uit de Eneco-middelen € 113mln, tenzij er onderweg een heel duidelijke financiële kans voorbij komt, kan dat deel van de Eneco-middelen gewoon besteed worden door de jaren heen op een verstandige manier aan maatschappelijk rendement. En de waarde, die u vervolgens toekent aan een meekoppelkans van een financieel rendement, de mate waarin u dat waardeert, die is inderdaad secundair. Primair zal het gaan over het maatschappelijk rendement van investeringen. Tot zover. De heer Van Santen: Ik dacht het inderdaad gelezen te hebben en u bevestigt dat nu ook. Dat vind ik wel een beetje in die zin vreemd, want al die tijd is gezegd: we zetten het aflossen van schulden op nummer 1. En nu zegt u eigenlijk: we doen dat eigenlijk niet uit die Enecoreserve. Eigenlijk naar boven ineens. U zegt: dat doen we al sowieso.

Maar er is natuurlijk toch wel een verschil, want op het moment dat we daarmee, net zoals met het voorstel van die boeteleningen de Eneco-reserve voor een deel zouden laten dalen, dan valt het vrij in de algemene reserve en daarmee blijven we financieel krachtiger als gemeente. Daar hebben we ook bepaalde doelstellingen bepaald, ratio, weerstandsvermogen. Dus ik zie het als een koerswijziging ten opzichte van wat tot op heden is gezegd en geschreven hierover. Wethouder Van den Beukel: Ik ben toch van mening, dat het geen koerswijziging is, meneer Van Santen. Waarom niet? Het voorstel om de boeterentereserve te dekken uit Eneco-middelen is toch een andere categorie dan het aflossen van schulden. Dat is een verplaatsing van middelen uit de ene reserve naar de andere reserve, terwijl het aflossen van schulden een andere categorie is. De inzet is weldegelijk om met onze goede liquiditeitspositie onze schuldenpositie fors te reduceren. Die forse liquiditeitspositie heeft te maken met de Eneco-middelen, die we hebben ontvangen. Dus vandaar dat we inderdaad hebben gezegd: die staat op 1. We hebben nu de mogelijkheid om onze schulden fors omlaag te brengen, maar dat is vanuit de liquiditeit, die we hebben, en niet

16/29

vanuit de reserve Eneco-middelen. Dat is de nuance, die ik heb willen aanbrengen, die u misschien op het verkeerde been heeft gezet, maar wat ons betreft zijn we koersvast en zijn we inderdaad aan het afstevenen op een heel riante schuldquote, een hele lage schuldquote en is dat goed nieuws voor de gemeente, dat we daarop kunnen uitkomen. De heer Van Santen: Een laatste opmerking daarover. Ja, ik begrijp dat wel, dat er liquide middelen zijn en dat daarmee automatisch die aflossingen vrij vallen, dat je niet hoeft her te financieren, dat begrijp ik ook, maar het is ook de bedoeling, dat wij als raad, daar hebben we het heel de tijd over, dat wij middelen gaan aanwenden vanuit die Eneco, dus we gaan ook geld investeren, dus dan moet er ook weer geld uit de kas, zeg maar. Daar zullen we dan op een gegeven moment weer voor moeten gaan lenen. En dan heeft u de facto geen schulden afgelost. Wethouder Van den Beukel: Daarom juist hebben we inderdaad een criterium, dat ziet op de schuldquote, in het afwegingskader opgenomen. We zouden echt willen voorkomen, dat we nog maatschappelijke investeringen gaan doen op het moment dat onze liquiditeitspositie lager is dan we eigenlijk ambiëren.

Dus ik verwijs even naar criterium 3 van het afwegingskader, dat is gepresenteerd, want dat zou niet passend zijn, als we plotseling nieuwe schulden gaan aantrekken voor het doen van dit soort investeringen. Dus daar komt het weer terug. In de rebound nog een opmerking over de erfpacht. Er is een raadslid in Amsterdam, waar ik een zeker respect voor heb, de heer Boonsma, dat is één van de mannen die het erfpachtsysteem in Amsterdam voortdurend kritiseert en volgens mij zeer terecht. Er zijn meer punten van kritiek, die je als inwoner van de metropoolregio Rotterdam zou kunnen hebben op Amsterdam, dus dat ze het daar niet goed doen, dat doet principieel geen afbreuk aan de positieve uitwerking die erfpacht ook kan hebben, dus ik zou die 2 echt van elkaar willen scheiden. Niet alles wat ze in Amsterdam verkeerd doen is ook per definitie verkeerd. De voorzitter: U heeft van mij nog even een oordeel tegoed over het voorstel van mevrouw Den Heijer over die werkgroep. Ik heb er overleg over gehad met de commissiegriffier. Die werkgroep kan dan starten ergens in september, tweede helft september, dus dat matcht in ieder geval niet qua tijd met de begroting. Die werkgroep moet ambtelijke ondersteuning hebben. Ten tweede denk ik dat het lastig wordt om tempo erin te maken, dat je in ieder geval de begrotingsbehandeling daarin mist.

In die zin denk ik dat het verstandiger is, maar u moet er zelf over oordelen, om die geeltjes-sessie, die je de eerste helft van september kunt doen, waarin ook al een ambtelijke voorbereiding zit procedureel samen met de griffie, dat georganiseerd kan worden, waarmee je dus een hoger tempo hebt. Ik loop de fracties even langs om die keus te maken tussen uw voorstel en mijn reactie daarop tot het voorstel van de wethouder om zo’n geeltjes-sessie te doen. Ik loop ze even langs. Even kort uw voorkeur geven. De heer Van Doorn van L3B. De heer Van Doorn, L3B: Wij waren al geen voorstander van een werkgroep. De voorzitter: Geen uitleg even gezien de tijd. De heer Van Doorn: Blijft over een geeltjes-sessie. De heer Van Santen, VVD: Een prima voorstel. De voorzitter: Geeltjes, dus? De heer Van Santen: Ja. De heer Ruitenberg, CDA: Laat ik pragmatisch zijn. Ik ben voor een geeltjes-sessie met betrokkenheid van de raad daarbij, maar op initiatief van het college. Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik denk eigenlijk aan een hybride vorm. Dus de geeltjes-sessie en eventueel daarna dat er een soort werkgroep is, die dat dan verder uitwerkt. De heer Dieleman, CU: Wij volgen uw voorstel, voorzitter. Mevrouw Den Heijer, D66: Als we het weer geeltjes-sessie noemen, ik heb wel moeite met dat soort termen. Waar nemen we onze rol als raad daarin dan serieus, als we het op die manier doen.

Ik vind dat echt niet kunnen, dus ik wil dat op een heel andere manier doen. We moeten het veel serieuzer aanpakken. Prima als we daarover met elkaar gaan brainstormen of hoe je het ook wilt noemen, maar we doen dat gewoon serieus en daarna pakken we als raad onze rol op. Dan stel ik voor, dat we toch met zo’n werkgroep aan de gang gaan. Dus timing helemaal prima, maar ik heb niet de kans gehad om het goed uit te werken. Dit is een pragmatische oplossing, die vind ik voor deze korte tijd prima, maar we moeten wel serieus onze rol en positie in gaan nemen. De heer Ruijtenberg, GL: Ik zal het kort houden. Een werkgroep is te belangrijk (….). De voorzitter: Ik kan u heel slecht verstaan. De heer Ruijtenberg: Werkgroep. Mevrouw Verhoef, PvdA: Een geeltjes-sessie is goed, maar dan graag goed voorbereid. Als het kan een aantal urgente zaken richting de begroting mee kunnen nemen, uitgewerkt. Dank u.

17/29

De voorzitter: Ik leg eerst even uit, dat de term geeltjes-sessie niet denigrerend bedoeld is. Het is een serieus gebeuren. We hebben dat eerder gedaan met andere onderwerpen binnen deze raad. Dat we op borden aangaven wat we wilden, dus het is echt serieus, waarbij de hele raad betrokken is, waarbij de ambtelijke organisatie en het college het voorwerk doen en waarin de griffie een rol heeft om het procedureel namens de raad allemaal goed voor te bereiden. Dat is heel serieus. De meerderheid van de commissie heeft ook aangegeven, dat op die manier te doen. Dus wij zullen dat ergens in de eerste helft van september gaan organiseren. De griffie organiseert het in samenwerking met het college. Dan zijn we aan het eind van dit agendapunt. Het heeft wat langer geduurd dan ik had ingeschat van tevoren. 6. Stukken ter advisering aan de raad: 6.a Zomerrapportage 2021 De voorzitter: Voordat ik aan de eerste termijn begin bij de commissie heeft wethouder Van den Beukel vanmiddag aan mij gevraagd of hij van tevoren even het woord mag voeren. Dat heb ik toegestaan. Wethouder Van den Beukel: Een klein punt, maar misschien wel een belangrijk punt, omdat veel van uw raadsleden het onder de aandacht hebben gebracht zo in de wandelgangen. Dit is eigenlijk een heel saaie nota, dus het zou kunnen zijn dat het een afwijkingsrapportage is.

Op zich, elke afwijking is de moeite waard om te bestuderen, te beschouwen. Je kunt er ook een opinie over hebben, maar het is een beleidsarm P&C stuk. Ik heb alleen geconstateerd, dat in het omvangrijke MIP, dat we nu veel uitgebreider hebben uitgewerkt en transparant gemaakt hebben voor u, dat er 5 projecten of deelprojecten zijn benoemd, die eigenlijk net op een andere manier hadden kunnen, zou moeten worden gepresenteerd. Als ik het even kort langs loop, dan is dat BVCB veld 1, tijdelijke huisvesting koop primair onderwijs, bushaltes Bleiswijk, reconstructie Hoeksekade en iets wat woonwagens wordt genoemd, ook wel bekend als project Bosland. In het geweld van het MIP is eigenlijk onvoldoende geëxpliciteerd dat dat naar de letter eigenlijk geen mutatie van een bestaand al gevoteerd krediet, maar eigenlijk een nieuw stukje krediet is. Dat zou dus voor de zorgvuldigheid een separaat besluit van uw raad vragen. Dat willen we normaal gesproken alleen doen bij de begroting, dat type besluiten. Waarom is dat nou zo gebeurd? Waarom staat die er nou op deze manier in? Dat heeft te maken met de nota activabeleid. Sinds de nieuwe nota activabeleid zijn de allereerste uren, die ambtelijk worden besteed aan bijvoorbeeld Bosland eigenlijk al direct toerekenbaar aan zo’n project.

Dus waar het voornemen was om pas voor de volgende jaarschijf 2022 Bosland in het MIP te zetten en er ook toestemming voor te vragen, is nu gelet op de nota activabeleid en gelet op het feit dat we nu al daar werk op willen verrichten, het in dit overzicht beland. Maar nogmaals, voor de zuiverheid had het eigenlijk een apart beslispunt moeten zijn en op die manier transparant naar u moeten worden gemaakt. En specifiek voor project Bosland is het, wat het college betreft, heel passend om te zeggen: het gaat alleen om het voorbereidingskrediet, maar niet om de investering, want daar moet nog over gesproken worden met u, er zijn nog varianten voor. Er is ook recent een brief van het college naar uw raad over verstuurd. Dus excuseer voor de complexiteit, maar een lang verhaal kort is eigenlijk de boodschap van het college via mij als wethouder financiën dat voor deze 5 projecten, die ik heb genoemd, BVCB veld 1, tijdelijke huisvesting primair onderwijs, bushaltes Bleiswijk, reconstructie Hoeksekade en woonwagens, dat mij voorstel zou zijn om dat even apart te beschouwen en te constateren, dat daar naar de letter apart een raadsvoorstel van het college naar u toe moet komen en dat wij ook graag bereid zijn dat op te sturen. Dan doen we het zuiver en volgens de spelregels, die we met elkaar hebben afgesproken. Nogmaals excuses voor de verwarring en dank voor de gelegenheid.

De voorzitter: Dat betekent dus, dat u die 5 onderdelen buiten de bespreking van de zomerrapportage houdt, want u komt nog met een apart voorstel. Wethouder Van den Beukel: Mag ik even overleggen met mijn medewerker? De voorzitter: Ja, dat mag. Ik schors de vergadering voor enkele minuten. Schorsing De voorzitter: Ik heropen de vergadering. Wethouder Van den Beukel: Het is als volgt. We hoeven het niet uit te zonderen uit de bespreking. We overtreden geen wetten en geen regels als we gewoon integraal dit voorstel beoordelen. Echter, kijkend naar het beslispunt in het raadsvoorstel, daar staat een bedrag in genoemd van € 11,2mln investeringskrediet ophogen, blz.1 van het B&W advies, van het raadsvoorstel. Van dat bedrag is uiteindelijk een bedrag van € 4,3mln dat ziet op deze 5 projecten. En die 5 projecten zijn naar hun aard net een beetje van een andere categorie, het zijn namelijk nieuwe kredieten en het gaat niet om ophoging of een mutatie van een bestaand krediet. Als uw raad zegt: dat vinden wij geen bezwaar, we kunnen dat in deze bespreking mee nemen, dan doen we dat. Als u er prijs op stelt om volgens de regels die we met elkaar hebben afgesproken dat apart te willen trekken, dan ben ik graag bereid om dat apart als raadsvoorstel nog naar u toe te sturen en dan zou dit moeten worden geamendeerd, dit voorstel. Op

18/29

een heel simpele manier, door beslispunt 3 met die paar miljoen te verlagen onder verwijzing naar die 5 projecten. De voorzitter: Ik vind het nu een lastig punt geworden, ik laat het aan de commissie om daar verder een oordeel over te geven, maar ik denk dat die € 4,3mln, voor die 5, dat tussen nu en de raad mogelijk 5 raadsvoorstellen voor zouden kunnen komen op korte termijn en die mee nemen in de raad van 15 juli, waar we het over hebben. Maar ik leg het neer bij de commissie. Eerste termijn De heer Philippens, L3B: Om er gelijk op in te gaan: ik zou hem zuiver willen houden, dus wat ons betreft 5 aparte raadsvoorstellen. Dan gelijk ook ingaand op de wethouder. Hij gaf net aan: een beleidsarme rapportage. Dan wil ik de wethouder toch even mee nemen in de motie planning & control, waarbij we juist getracht hebben of het verzoek hebben neergezet om het ook beleidsrijk te maken, deze zomerrapportage, dus dat wil ik toch even benoemd hebben. En ook even terug kijken naar de mooie discussie bij het vorige agendapunt, daar wil ik toch benoemen, dat het als voorrecht voelt om lid te zijn van deze commissie. Complimenten voor de collega’s over de discussie net. En dan de zomerrapportage. Met de timing ben ik zeer tevreden. We zien wel 4 maanden, maar toch al grote afwijkingen, maar we worden daar nu al over geïnformeerd en kunnen er eventueel op bijsturen.

We kunnen het ook gelijk gebruiken als input voor de kadernota 2022, want in 2021 zien we dat we het toch wel zwaar krijgen. Dat geeft nogmaals aan de noodzaak om daar op bij te gaan sturen voor 2022. Dus een aantal relatief grote afwijkingen. De eerste reactie bij onze fractie was: zijn we voldoende in control? Maar als we dan inzoomen op die afwijkingen, dan zien we dat die goed verklaarbaar zijn. De grootste afwijking of de algemene deler is toch dat de problematiek waar we nu als gemeente Lansingerland mee te maken krijgen veroorzaakt worden door het rijk, dat niet levert wat het zou moeten leveren. De heer Van Doorn heeft daar voor onze partij al een punt op gemaakt bij de kadernota. In het sociaal domein, ook nu zien we dat weer, dat het rijk ongedekte werkzaamheden doorzet naar de gemeente. We hebben dat onbetrouwbaar en onverantwoordelijk bestuur genoemd vanuit het rijk. Er wordt niet geluisterd voor ons gevoel naar het land, zelfs niet als alle gemeenten eensgezind een noodoproep doen richting het rijk. Een noodoproep, onderbouwd door onafhankelijke experts. Dan zien we zelfs op dat moment dat men in Den Haag drukker bezig is met zichzelf. Wat we dan zien: we lossen het wel met elkaar op, omdat ik denk dat wij lokaal sterk zijn in Lansingerland. Maar wat betreft onze partij zijn die grenzen van lokaal compenseren van falend landelijk bestuur bereikt.

We hebben de afgelopen jaren getracht met elkaar een solide financieel beleid als gemeenschap Lansingerland om een goede reserve te creëren, een appeltje voor de dorst. Dat hebben we met toch wel veel wijsheid gedaan om dat appeltje te creëren, ook gezien corona. Iedereen in Lansingerland heeft daaraan bijgedragen. Wat we nu zien, is dat het rijk dat appeltje van ons stiekem op aan het eten is. We zien dat er nog maar € 60mln in de algemene reserve over is. Als je dat extrapoleert naar een aantal jaar verder en we blijven op diezelfde manier doorgaan, dan hebben we over 6 of 7 jaar geen algemene reserve meer, door dat appeltje, dat het rijk van ons aan het opeten is. Wij vinden dat als L3B niet kunnen. Wat ons betreft: zonder geld geen gemeente. Of beter: geen geld, geen zwitsers. Dan over de specifieke beleidsterreinen, daar komt dit ook terug. Participatie, daar zien we die gebundelde uitkering van BUIG. Daar wordt het door het rijk een miljoen lager gezet, want volgens het rijk hebben we vermoedelijk minder bijstandsuitkeringen nodig. Maar als Lansingerland denken we dat het maar € 4ton lager is. Oftewel, wij verwachten als Lansingerland een minder stevige verlaging. Het nadeel voor ons is dan € 8ton.

Dan is even de vraag richting het college, om onszelf even de spiegel voor te houden: komt dat doordat wij in Lansingerland onvoldoende efficiënt die bijstandsgerechtigden uit de bijstand helpen? Of worden we ook hier weer genept door het rijk? Kunnen we niet die factuur hiervoor bij het rijk terug gaan leggen? Een ander voorbeeld, ook weer op participatie, is de TONK regeling. Daar schrijft het college 3fte nodig te hebben om die regeling uit te voeren. Totale kosten € 162.000 ten laste van onze eigen reserve. We hebben recent daar een motie over ingediend om ruimhartiger met die regeling om te gaan. In de regeling zit € 250.000. Vooralsnog hebben we daar € 2.500 van gebruikt, 1%. Twee vragen hierover ook richting het college. Betekent dat nu, als ik hem zo lees, dat wij € 162.000 uitgeven om in totaal € 250.000 te verdelen? Dat klinkt als inefficiënt. Graag een antwoord daarop. Daarnaast krijgen we dus € 250.000 van het rijk, maar we zien dat we daar op zijn minst stevige bedragen neer moeten gaan zetten om dat gerealiseerd te krijgen. Dat klinkt weer sympathiek van het rijk, maar dat lijkt als een sigaar uit eigen doos. Van het college ben ik benieuwd of wij die rekening voor het uitvoeren van die TONK regeling ook weer terug kunnen leggen bij het rijk waar die hoort. Dan sport. Wij vragen ons af of het inboeken van de meevaller m.b.t.

de sportaccommodaties niet te voorbarig is. Kunnen we niet beter wachten tot september. We willen graag versneld velden laten vervangen en wellicht kost de eigendomsoverdracht van het veld 1 HVB ook de nodige euro’s. Graag een reactie hierop. Dan nog jeugd. We zien een toename van het aantal trajecten dyslectie. We waren als partij in de veronderstelling dat niet effectieve trajecten stop gezet zouden worden. Dus graag van het college een verklaring hoe het kan dat we daar toch een toename op zien. Vervolgens de brief van Viatorem, daar zouden wij van het college toch meer duiding op hebben gecombineerd met de recente gebeurtenissen. Graag een reactie. Dus grosso modo

19/29

wat ons betreft een prima zomerrapportage. De pijn die we daar lijden, die we daar zien, komt door het land. Wij willen als lokale partij heel erg graag kijken samen met het college, samen met de rest van de raad of we die rekeningen, die we daar gepresenteerd krijgen of we die terug kunnen leggen waar die hoort. Dank u wel. De heer Van Santen, VVD: Dank voor het opstellen van deze rapportage met de opmerkingen, die we van tevoren hebben gehoord. Ik wil even ook de pijn, die de heer Philippens uitspreekt, over de algemene reserve, daar kan natuurlijk niemand aan voorbij gaan. Het gaat wel in een ongelooflijk rap tempo nu die algemene reserve omlaag. Dan staat er geschreven: we zitten nog wel op een ratio van 1,2 het weerstandsratio. Het klopt, het zit boven de 1,2 maar dat is niet de doelstelling. De doelstelling is 1,7. Zo zou ik wel graag dat het college dat ook ziet. Die 1,2 is alleen maar in tijden dat het economisch minder gaat en dat is op dit moment nou niet echt aan de hand. Daar had ik gisteren nog een discussie over met één van de raadsleden. Ik hoop dat de wethouder er ook even op wilt reageren. Dat wij ook met allerlei investeringen, die wij doen, die op een gegeven moment wellicht wel ten koste gaan van de algemene reserve, dat we dat ratio wel in ogenschouw houden. Wij zouden dat in elk geval wel doen vanuit de VVD. Dan de reserve crisismaatregelen.

We zien dat er nu nog € 2mln in zit, als ik het goed heb gelezen. We zijn halverwege het jaar. Wat is de verwachting van de wethouder ten aanzien van die reserve? Gaan we het redden? Houden we over? Dat hoor ik graag. Dan even m.b.t. die investeringskredieten, even los van € 4,3mln waar we nog over moeten besluiten apart: ja, ik zie dat het € 11,2mln is, waarvan € 5mln tot € 6mln, ik weet het exacte bedrag niet uit mijn hoofd, voor interne uren toerekening. Dan blijft er nog zo’n zelfde bedrag over. Dat bedrag, dat dan overblijft, vraag ik me af: leidt dat ook tot hogere structurele lasten? Als het antwoord ja is, we moeten gaan bezuinigen aan de ene kant en het gaat heel hard aan de andere kant, dus ook graag daar even een reflectie op. Tot slot een paar zaken die mij opvielen. Ik zag communicatie en bestuursadvies, dat er veel verloop is en moeilijk in te vullen is, die functies, en dat het leidt tot hogere inhuurkosten. Dat is een feit. Ik ben benieuwd naar de reactie van het college: welke structurele aanpak voorziet het college hierin om dit op te lossen? Huis van de Samenleving, daar heeft de heer Ammerlaan vragen over gesteld, technisch, dank daarvoor. Mij was precies hetzelfde opgevallen. De heer Fortuyn had beloofd om het goedkoop te doen, maar dit gaat wel heel snel naar beneden.

Bij de technische vraag kwam het boven de € 5ton, waarvan we hadden gezegd, dat het een keiharde grens is. Ik vraag me af: is het nu puur boekhoudkundig of is de heer Fortuyn nog steeds onderweg om het lager dan € 5ton te gaan houden? Daar ben ik wel benieuwd naar. Tot slot, dat kan ook iets technisch zijn, wat ik niet helemaal begrijp. Calamiteit Klappolder, als ik het goed heb gezien gaat het van rond de € 1,8mln naar € 4,9mln gaan. Dat zal ik wel niet goed zien, maar graag daar even antwoord op van de wethouder, wat ik daar mis. De voorzitter: U heeft die € 4,3mln van die 5 projecten wel benoemd, maar hoe gaat u daar procedureel mee om? Die vraag heb ik net gesteld. De heer Van Santen: Excuus. Als dit een heel klein bedrag is, dan kunnen we misschien pragmatisch zijn, maar toen ik hoorde dat het € 4,3mln is, eerst dacht ik dat ik het verkeerd verstond, maar het was echt € 4,3mln, dat is dusdanig veel geld, dat we dat goed beoordelen, lijkt me. Dus aparte raadsvoorstellen. De heer Ammerlaan, CDA: Het is goed, dat de zomerrapportage er voor de zomer is, zodat we er meer mee kunnen doen. Onze dank aan college en ambtenaren hiervoor. Ook onze dank, daarop aansluitend, want er is een totaalverhaal waarin we meegenomen zijn met de financiën, de kadernota, dat maakt het in het geheel wel meer tot een beter geheel, tot een betere besluitvorming. Onze complimenten daarvoor.

Het is een zeer uitgebreide zomerrapportage, onze dank aan de medewerkers die het gemaakt hebben, want het is best een lijvig stuk. We worden behoorlijk goed geïnformeerd, maar ik zie ook behoorlijke aanpassingen van de te maken kosten en investeringen. Onder de streep komt er een bedrag te staan, maar er zitten soms behoorlijke schokken in bij wijze van spreken. De heer Philippens zei iets over het rijk. Ja, we zien dat er heel veel onzekerheden zijn wat en wanneer Lansingerland een financiële vergoeding van het rijk krijgt. Dat maakt het een loterij soms. Dat is lastig en dat zou veel beter moeten worden. Er is een uitgebreid overzicht van de MIP, iets van 20 pagina’s. Heel fijn, een actualisatie, aanpassing kapitaallasten, aanpassing investeringskrediet, daar zitten behoorlijk wat dingen in en daarop aansluitend, daar zit ook de verschuiving met interne uren in. Ik moet zeggen: daardoor is het een heel lijvig stuk. Er vindt veel verschuiving plaats. Ik denk dat het dit jaar daardoor een onduidelijk beeld geeft. Ik denk dat we volgend jaar een zomerrapportage hebben, die een wat beter beeld geeft. Nu zitten er heel veel verschuivingen in door die interne uren en dat maakt het wat lastig om er een beeld van te krijgen. We begonnen met een begroting aan het begin van het jaar met plus € 470.000 en na de zomerrapportage heeft de begroting een tekort van € 1,3mln.

Moet je dat aan gaan vullen? Daarvan wordt gezegd: nee. Daar ben ik het mee eens. We hebben 4 maanden gehad en we hebben nog 8 maanden te gaan, dus laten we bezien hoe het verder gaat en moed houden dat we er toch goed uit komen. Enkele opmerkingen en vragen. Ik lees op blz.31 centrumontwikkeling Bergschenhoek. Dat zal niet plaats vinden in 2021. Dat roept bij mij dan de vraag op: die onttrekking voor 2021 is niet nodig, maar in de commissievergadering van 3 februari vertelde wethouder Arends heel enthousiast, en

20/29

daar waren we allemaal blij mee: in oktober 2021 is het de planning, dat we starten en mogelijk met Koningsdag 2022, dat wilde de heer Hoek van WIJ heel graag en daar zouden we allemaal blij mee zijn, dat de Kruin dan klaar is en in de zomer 2022 het geheel opgeleverd. Vraag aan de wethouder: is er een vertraging op de centrumontwikkeling? Wat is de planning nu? Daarop aansluitend een aantal punten van investeringskredieten ruimtelijke ordening. Bij de Kruin was begroot € 1,3mln en na de zomerrapportage wordt dat € 2,2mln. Dat is € 9ton meer. Dat betreft kosten, die niet meegenomen zijn, die erbij komen. Dat vind ik toch wel een forse overschrijding. Graag van het college een reactie hoe dit zo gekomen is, want het zijn toch forse overschrijdingen. De woonwagens heb ik op staan met een vraagteken. Is dit nieuw? Dat is al beantwoord door de wethouder. Ook het hele proces van de woonwagens, ook bij ruimte gisterenavond kwam dat aan de orde, dat vraagt toch ook wel enige uitleg, want het gaat niet helemaal soepel, lijkt het. Afvalbrengstation: daar wordt ook gezegd, dat de uitvoering van de werkzaamheden worden doorgeschoven naar 2022. Vraag aan de wethouder: is er vertraging bij de realisatie van deze zo hoog nodige verbetering, waar onze inwoners zo naar uit kijken.

De aanleg calamiteitenweg Klappolder, meneer Van Santen had het er ook over, er was € 2mln begroot en het wordt nu € 2,8mln meer. Dat vind ik toch ook wel heel fors. Is er dan niet goed gekeken? Wat is er mis gegaan hier? Het is toch wel een forse overschrijding. Het Huis van de Samenleving, ook daar heeft mijn voorganger aan gerefereerd. Ik was blij verrast. Ik dacht: hé, € 163.000 i,p.v. € 500.000. Het CDA had er bij het beschikbaar stellen van dit budget in de raad van 25 maart er bij wethouder Fortuyn op aangedrongen: ga kijken of het voor minder kan. De wethouder Fortuyn heeft toegezegd, althans, hij heeft dat vurig gezegd: ik ga me er zelf mee bemoeien, ik voel aan, dat dit toch wel moet gebeuren. Hij zou als doel stellen, dat het goedkoper is en doelmatiger, niet teveel franje, we houden het sober. Nu zie ik geen € 500.000 maar € 506.000. Ik vraag me dus ook af, net als mijn voorganger: ja, meneer Fortuyn, u heeft dat toen beloofd, we hadden daar vertrouwen in, ik heb vertrouwen in uw woorden, vertrouwen in uw handelsgeest, in uw inzicht, moeten we dat vertrouwen beschamen? Graag een reactie. Over de bemensing. Ik maak me toch wel een beetje zorgen. Bij de jaarrekening kwam het ook aan de orde. Vertraging en uitstel, meer interne uren maken, hogere kosten. Dat is beter te voorkomen, dan kan het goedkoper.

Doordat het blijft liggen worden er meer uren gemaakt, meer kosten en dat is niet fijn. Een andere, grote zorg is ook al door de heer Philippens aangehaald, de personele bezetting. We hoorden ook verschillende raadsleden en wethouders zeggen: er zijn uitvoeringsproblemen, er is te weinig bemensing. Wij vragen ons af: hoe zit het met de vacatures? Zijn die nog steeds hoog? Is er inmiddels verbetering? Er is gezegd dat met recruitering aan verbetering gewerkt wordt. Hoe is de invulling van de vacatures en de samenstelling van de teams? Ik heb geleerd: een goed team functioneert en dat werkt. Als dat allemaal niet zo vlot gaat. De voorzitter: Ik ga u toch onderbreken. U bent 6,5 minuut aan het woord en u heeft mijn vraag nog niet beantwoord. De heer Ammerlaan: Buiten het bedrag vinden wij dat vanuit het college een raadsvoorstel moet komen voor de afwijkingen. Dat is het antwoord. Dank u. Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik zal de tijd die mijn collega’s hebben gebruikt een beetje inhalen, denk ik, want er zijn hele goede vragen gesteld. Ik wil er graag nog wat op aanvullen. Om te beginnen wil ik zeggen, dat wij het ook beter vinden om een apart raadsvoorstel te ontvangen, omdat dat voor de duidelijkheid handiger is. Mijn aandacht in dit document ging direct naar het MIP, want op 5 november 2020 hebben wij een ingediend amendement met algemene stemmen aangenomen.

Daar was het dictum: overwegende dat er structurele dekking is weggevallen vanuit Eneco en Stedin dividenden en er voor de komende jaren een tekort wordt verwacht op de begroting, er op dit moment wellicht een andere afweging plaats vindt over eerder genomen beslissingen omtrent investeringen, constaterende dat het ieder jaar redelijk wat onderzoek per fractie vergt om het meerjaren investeringsplan te duiden en te plaatsen in de context waarbinnen deze zijn goedgekeurd, de systematiek door de raad lastig te doorgronden is en het belangrijk is voor het democratisch proces, dat de raad dit wel kan. Toen hebben we het college opgedragen om in Q1 van 2021 een sessie te organiseren voor de commissie AB om de systematiek omtrent de MIP verder uit te diepen en met de commissieleden de investeringen, waar we nog iets op kunnen wijzigen, langs te lopen ten einde om voor de komende kaderbrief helder te hebben wat er eventueel geschrapt, gewijzigd en/of uitgesteld kan worden. Naar aanleiding hiervan is er op 25 mei een presentatie geweest door de heer Twisk over het MIP. Dat ging over de techniek. Dan met name dat er uren worden toegerekend aan verschillende projecten. Ik heb hier nog een technische vraag over gesteld en volgens mij is het antwoord inderdaad, dat er dan dus meer kosten komen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=da4cfd36-4309-4a7d-a5b5-b150c640b1ed