CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

BV21.0063 Verslag commissie Ruimte van 6 april 2021

Commissie Ruimte 18 mei 2021, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering25.205 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Wat gaat het inhouden? Dat gaat waarschijnlijk sturen op een echt staal einde aan alle subsidie voor het verbranden van houtige biomassa. Als dat gaat inbreken op bestaande verleende subsidies, dan is dat juridisch nog wel ingewikkeld, daar weet de heer Duk meer van. Maar dat soort vormen zou het kunnen aannemen, dat concrete afbouw pad. En dat is een Haagse discussie, die momenteel wordt gevoerd. Zelf sneller lokaal een afbouwpad schetsen, dat kan in algemene zin, maar of dat concrete betekenis kan hebben, dat zie ik op dit moment niet. De heer Blonk: Ik had een vraag gesteld over die 10 jaar. De wethouder is erop in gegaan zonder die 10 jaar te noemen. In de beantwoording in de eerste termijn heeft de wethouder aangegeven, dat die biomassacentrales een economische levensduur hebben van rond de 10 jaar. En dat er ook rond die 10 jaar warmteleidingen beschikbaar zijn. Waar leidt hij dat uit af? Dan heb ik nog een tweede vraag. Stel dat die economische levensduur 10 jaar is, dan is die weg, want het is gerelateerd aan subsidie en die valt weg. Dan betekent dat nog niet dat de technische levensduur voorbij is. Hoe lang gaat dat dan nog door? Dat is dan mijn vraag. Wethouder Van den Beukel: Een heldere vraag van de heer Blonk, dank u wel.

Die subsidie heeft een grondslag en die grondslag heette vroeger de MEP en die heet tegenwoordig de SDE, de stimuleringsregeling duurzame energie. Die wordt af en toe aangepast, maar het werkt zo: als je eenmaal zo’n vergunning krijgt, dan maken die aanpassingen naderhand niet zo heel veel meer uit, dan krijg je gewoon een beschikking met een bepaalde duur. Die duur is dan 10 jaar normaal gesproken. Wat we dan zien, dat is de ervaring uit het verleden en dat geeft wel enige zekerheid, maar uiteindelijk is het aan de ondernemer om daar keuzes in te maken, wat we zien is dat het in de praktijk dus niet door gaat zonder die subsidie. Dus dat dan de stekker eruit gaat, oneerbiedig gezegd. Dat eventueel wel, en dat is een situatie die we op een ander moment kunnen doorspreken, zo’n installatie nog bruikbaar zou kunnen zijn voor pieklast of backup. Je moet het zo zien, als je restwarmteleiding gaat inzetten, dan is die meestal geënt op een soort permanent vermogen, dat misschien voor die ene winterdag, het was vandaag bar koud, die ene winterdag dat het echt min 15 graden is toch onvoldoende daartoe

22/27

geëquipeerd is. Dan heb je voor die pieken een bepaalde faciliteit nodig. Het zou ook kunnen zijn, dat voor zulke momenten niet alleen een WKK op aardgas relevant is, maar ook nog een biomassa installatie in gebruik zou kunnen worden gehouden. Maar dat zijn economische afwegingen, waar ik nu niet kan treden. Ik wil alleen maar zeggen: de ervaring van het verleden is dat na afloop van die subsidietermijn het over en uit is voor een biomassa installatie. De voorzitter: Ik heb twee dingen gehoord: een toezegging op de vraag van de heer Duk, dus die hebben we genoteerd, en van veel fracties hoorde ik: we gaan nog even broeden. Met andere woorden: geen hamerstuk, het zal dan zeker terugkomen in de raad in welke vorm dan ook, motie of amendement. Dank u. 6.c Beleid "In het wild levende dieren in de openbare ruimte, opvang en overlast" De voorzitter: Dit item hadden we al eerder op de agenda, maar vanwege allerlei perikelen doorgeschoven tot vanavond. Mevrouw Zwinkels: In maart stond dit op de agenda. Toen ik het zo las, dacht ik: hebben wij wilde dieren? Maar het is natuurlijk zo, dat we in de raad vaak beren op de weg zien, maar verder ben ik nog niet zo heel veel wilde dieren tegen gekomen, eerlijk gezegd.

De gemeente heeft geen primaire taak in het bestrijden van overlast van in het wild levende dieren, maar de gemeente heeft wel de zorgplicht als de volksgezondheid in gevaar dreigt te komen en als er sprake is van bijzonder nadelige gevolgen voor het milieu. Met een motie van WIJ uit 2019 o.a. mede ingediend door L3B is om dit beleid gevraagd. Het ging toen eigenlijk alleen over het vragen van subsidie voor de opvang in Delft van gewonde, want wij hebben in Lansingerland niet zo’n opvang. In dit beleid, dat nu voor ligt, is de subsidieregeling duidelijk vast gelegd. Dat is al heel erg fijn. Daar waar maatregelen genomen worden, gebeurt dat zo duurzaam mogelijk, zoals met koolmezen de processierups bestrijden in plaats van die arme rupsjes dood te spuiten gelijk. Ze worden nu opgegeten. Bestrijding in openbare ruimten ligt dus bij de gemeente, wat je privé hebt aan overlast, moet je ook privé oplossen. Dan is het belangrijk, dat er goede communicatie is met de inwoners om overlast te bestrijden. Dus niet allemaal de eendjes gaan voeren met brood en de geiten voeren met brood, allemaal van dat soort wel leuke dingen, maar niet goed voor het milieu en ook niet goed voor de dieren. In het beleid staat dat de gemeente wat betreft overlast ganzen nestbeheer kan toepassen.

Nu weet ik niet of mijn mede raadsleden, commissieleden, vaak gaan wandelen in de Groenzoom of misschien in de Leeuwekuil in Bergschenhoek, maar dat is een soort slalommen, om het oneerbiedig te zeggen, om de ganzenkak. De ganzen deponeren enorm veel op de paden en er is bijna niet te lopen om je schoenen schoon te houden. Mijn vraag aan de wethouder is: wat kan de gemeente nog verder doen aan de overpopulatie van ganzen? Het begint al heel vroeg met heel veel kleine gansjes en het is schattig om te zien, maar wat ze achterlaten is iets minder schattig. Dank u. De voorzitter: Gisteren heb ik op de tv gezien: eieren rapen. Maar dat horen we van de wethouder. Mevrouw Zwinkels: Dat is een handel, of ze dat ook mogen doen in onze gemeente. De voorzitter: De wethouder gaat ons dat vertellen. De heer Machielse, VVD: Weet u waar ik zo benieuwd naar ben? Na alle lessen, die ik zojuist van mevrouw Zwinkels heb mogen ontvangen over het wel of niet voeren van de eendjes, is wat L3B nu eigenlijk van het voorstel vindt, maar dat horen we misschien wel in de tweede termijn. Voor de VVD is het in ieder geval een hamerstuk voor de volgende raad. Dank u wel. De heer Van der Stelt, CDA: Het CDA vindt dit eigenlijk wel een heel mooi compleet voorstel. Ook helder afgebakend van waar het niet over gaat en ook waar het wel over gaat. Het biedt goede handvatten voor onze bewoners.

Ook het subsidie-element, dat eraan gekoppeld is vinden we wel een redelijk verhaal. Ook ik ben wel benieuwd waar L3B nu staat. Ik hoor een heel relaas en vroeg me af: waar gaat dit nou naar toe? Wat ons betreft is dit een hamerstuk. Dank u wel. De heer Jumelet, WIJ: Wethouder, hartelijk dank voor het voor liggende stuk, als uitvoering aan de motie die collega Hoek ingediend heeft in 2019. Een mooi stuk, heel helder ook. Ik had toch nog een paar kleine vraagjes. Er wordt in de subsidieregeling gesproken over de 7 kilometergrens. Wij nemen aan, dat daar de wildopvang in Delft binnen valt. Ik heb geprobeerd het uit te meten, maar dat is lastig, maar misschien kan de wethouder het bevestigen. Het tweede punt, de voorlichting. Wij hechten er toch wel aan, wellicht kan de wethouder er iets over zeggen, over met name het beleid, mevrouw Zwinkels noemde het eendjes voeren, maar gaan wij nou als gemeente actief voorlichting geven over dingen die wij niet wenselijk achten in het kader van het beleid, dat we gaan vast stellen? In het raadsvoorstel staat bij de verdere procedure dat voor 2021 de subsidieaanvraag voor 1 april moet worden ingediend. Mijn grootvader was geen jurist, maar met mijn boerenverstand denk ik: op 22 april stellen wij het vast als raad. Volgens mij kan je dan pas formeel een aanvraag in dienen, omdat het dan pas vastgesteld beleid is.

Mijn vraag aan de wethouder is dan: klopt het dan, dat op 1 april de aanvraag al binnen moet zijn,

23/27

terwijl we 22 april een besluit gaan nemen als raad. Wat wij nog wel missen en wellicht hoort het er wel of niet in, maar wij denken wel, want er wordt gesproken over de processierups, maar vele delen van Lansingerland worden geteisterd zomers door enorm veel kleverigheid uit bomen, wat veroorzaakt wordt door luis. Die wordt met geen woord genoemd. Ik heb zelf meerdere malen in het verleden daarnaar gevraagd, hoe het nou precies zit, maar het antwoord bleef een beetje schuldig: moeilijk op te lossen. Wij missen eigenlijk in dit verhaal de overlast die door luizenpoep wordt veroorzaakt vanuit de bomen, die enorm kleverig zijn, in de wijken waar bepaald soort bomen staan en waar de luis zich graag nestelt. We zijn ook wel benieuwd, we weten dat in coronatijd mensen allerlei dieren hebben aangeschaft en we zijn wel benieuwd, maar dat zal uit een evaluatie post corona blijken, of er dan een toename is van allerlei dieren, die wellicht achtergelaten gaan worden en die dan weer richting wildopvang moeten. Ik weet niet of de wethouder die zorg deelt. En of er in de voorlichting iets over kan worden gedaan, zodat mensen hun verantwoordelijkheid nemen postcorona om de beesten, die ze hebben aangeschaft ook daadwerkelijk postcorona bij zich te houden en goede zorg te geven. Dat was hem even.

Speciaal voor meneer Machielse: wij zullen uiteraard voor dit voorstel stemmen, want dit is een goed voorstel. We gaan uit van een goede beantwoording, dus het zal waarschijnlijk een hamerstuk zijn. De heer Hofman, CU: Wij zijn blij met het voorliggende stuk. Het beleid formuleert goed waar we als gemeente wel en niet een rol voor onszelf zien. En de subsidieregeling geeft op een goede manier invulling aan de motie van de raad hieromtrent. We waren al bijna zover dat we dit een hamerstuk willen noemen, totdat wij vorige week werden opgeschrikt door berichtgeving in de media. Hierin werd gesteld dat vanaf begin van deze maand zebra’s zijn uitgezet in de Groenzoom en dat andere wilde dierentuindieren spoedig zullen volgen. Onze vraag aan de wethouder is dan ook in hoeverre de dierentuinen aanspraak kunnen maken op deze subsidie en hoe de wethouder deze ontwikkeling ziet in relatie tot het hier voor liggend beleid. Dank u wel. De heer Van der Stad, D66: Prima, dat er naar aanleiding van de motie M2019-038 een subsidieregeling voor ons ligt. Het lijkt zorgvuldig uitgewerkt en wat ons betreft een hamerstuk. We hebben echter één vraag en één bijzonderheid. Is het wettelijke kader van de wet natuurbescherming wel in acht genomen? We zien het niet zo snel terug in de stukken.

In het stuk wordt één bijzonderheid genoemd, dat betreft het gezamenlijke afsprakenkader gericht op het voorkomen van vogelaanvaringen met vliegtuigen. Er wordt geschreven dat begin 2020 de provincie besloten heeft om dit traject stop te zetten bij gebrek aan voortgang, dat de gemeente besloten heeft om dit aspect mee te wegen in het luchtvaartbesluit, dat in samenwerking met de regio wordt voorbereid. Daar kan D66 zich goed in vinden. Tot zover onze bijdrage. De heer Duk, GL: Na 1,5 jaar is hier het beleid, dat volgt uit een motie uit 2019, die mede ondertekend was door GL. We zijn blij, dat hier zo grondig naar is gekeken. We zijn ook tevreden met de uitwerking. Wel zijn er vragen over de toereikendheid van de begrote € 8.000. Mogelijk kan de wethouder deze zorgen weg nemen. Verder nog het gezamenlijke afsprakenkader, gericht op het voorkomen van vogelaanvaringen met vliegtuigen, waar begin 2020 de provincie besloten heeft om het traject stop te zetten omdat er te weinig voortgang was. Dit betreurt de GL-fractie. Elke botsing tussen een vliegtuig en een vogel is een potentieel gevaar voor mensenlevens en heeft altijd een dodelijke afloop voor de vogel. Zou de wethouder kunnen aangeven hoe het komt, dat er te weinig vooruitgang werd geboekt en of er plannen zijn om in de toekomst hier weer op in te zetten.

Onze gemeente huist een steeds mooiere vogelpopulatie, dat moet zo blijven. Verder is het voor GL een hamerstuk. De heer Xhemaili, PvdA: Nu we het toch over grootouders hebben, ga ik vertellen over mijn grootouders. Die waren boeren. Die waren met alle dieren en alle wilde dieren heel erg blij toentertijd, omdat het in een behoefte voorzag, voornamelijk van eten. Waar zij zich voornamelijk zorgen over maakten, waren wolven en wilde vossen. Die hebben we hier in Lansingerland niet, gelukkig, maar dat terzijde. Al met al een prima raadsvoorstel. Wat mijn fractie betreft een hamerstuk. De voorzitter: De wethouder heeft nog wel wat vragen te beantwoorden. Het begint met de ganzen van mevrouw Zwinkels. En dan hoor ik ook nog het nodige over de zebra’s en de Groene Zoom. Is dat een in het wild levend dier? We gaan het horen. Ook nog de subsidie van € 8.000, krijgen ze nog wel die subsidie, gelet op de termijn. En de voorlichting. Wethouder Fortuyn: U vergeet nog even de lekkende luizen, maar daar kom ik nog op terug. De voorzitter: Ik dacht dat dat niet een in het wild levend dier was, vandaar dat ik hem niet noemde. Wethouder Fortuyn: We zitten samen op één lijn, komt helemaal goed. Even beginnend bij mevrouw Zwinkels. Zij had het over het nestbeheer van ganzen en het slalommen in de Groenzoom en dat er sprake is van overpopulatie. Het is algemeen bekend.

Het Zuid-Hollands Landschap heeft een beeld van een populatie van ongeveer 30.000 ganzen, van Canadese tot andere soorten ganzen. Ga me niet overhoren over hoeveel typen ganzen er zijn, want dat zou ik niet weten, maar 140.000 en dat zou tegen

24/27

30.000 afgezet moet worden. Dus de ganzenpopulatie is best wel een probleem van de provincie en het is ook provinciaal beleid. Dat is wel apart, maar zij doen het ganzenbeheer voor de hele provincie. Wat wij zelf kunnen doen is inderdaad wel wat beheersing. Wat wij doen in de Groenzoom o.a. is dat het schudden van de nesten. Verwijderen heeft geen zin, want kort erop gaan ze weer eieren leggen. Dus het enige wat helpt, is het schudden van de nesten. Dat is het beleid dat zij daar toepassen. Wij wachten ook wel op ander beleid, eventueel van de provincie. In Bleiswijk, dat was de eerste termijn dat ik aantrad voor de prachtige gemeente Lansingerland, hadden we altijd een heel grote ganzenpopulatie, die zich in Bleiswijk ophield op een klein stukje gras, maar ook daar de overlast zo groot was, dat je normaal niet daar kon lopen. We hebben toen iemand ingehuurd vanuit het oosten van het land. Dat noemen we een ganzenfluisteraar. Die heeft de ganzen naar zich toe gelokt en heeft ze toen vervolgens gebracht naar Drenthe. Ik heb niet meer geïnformeerd hoe het daar met hen vergaan is, maar ik ga ervan uit, dat ze daar een prima leven hebben en dat het allemaal prima geregeld is. Maar dat er een ganzen overpopulatie is, dat is helder. Er is nog niet het goede antwoord op gegeven. Dan sluit ik ook even aan op de vraag RTHA. Daar is redelijk goed wildbeheer.

Daar kan je je ook iets bij voorstellen, dat op een vliegveld sowieso andere technieken ingezet worden, iets met geluid, ook met kanonnetjes, geluidkanonnen afschieten, om die populatie weg te houden. Daar is de overlast eigenlijk niet echt aanwezig. In die zin zit de provincie daar ook niet mee, dus daar zijn ze maar mee gestopt, want eigenlijk is RTHA eigenlijk de eerst aangewezen partij om dat daar goed te beheren. Dat neemt niet weg, dat het vraagstuk wel groot is. Ten aanzien van de heer Jumelet. Ja, fijn dat een motie uit 2019 in 2021 wordt afgehandeld. Ik begrijp dat het een hamerstuk gaat worden als het meezit en als de antwoorden bevallen. U ziet 2 jaar, ja, we maken progressie, zou ik zeggen. De 7 kilometergrens. Omdat we hier over wilde dieren praten, praten we hier over de kortste route. Met andere woorden: Delft valt er gewoon in. Dat was inderdaad de directe aanleiding, de wilde dieren opvang in Delft. Dat hebben we juist mee genomen. Er zijn ook contacten met die club, dus dat gaat de goede kant uit. Het actief communiceren. Uiteraard communiceren we wel, dat we dit hebben. Wij hebben in Bergschenhoek een ogenschijnlijk rattenplaag gehad. Enerzijds op particulier terrein, maar ook in de openbare ruimte. Dan gaan we met bewoners wel in gesprek.

De meesten weten het ook wel, maar we hebben het nu vast gelegd in een document, waar we de verantwoordelijkheden leggen en hoe wij omgaan met overlast van wilde dieren. Dan kan je een grote pagina gaan huren over wilde dieren, maar dat lijkt me op dit moment niet echt aan de orde, maar mocht het zich voordoen, dat er een plaag ontstaat, gaan we daarmee uiteraard naar buiten. Dat doen we ook met de eikenprocessierups. Wanneer die weer de kop op steekt, dan communiceren we dat ook via het gemeentenieuws, maar ook in de kranten, dat we die bestrijding doen en hoe we die bestrijding doen. En dat er ook meldingen gedaan kunnen worden, want dat is niet onbelangrijk, dat die meldingen er ook zijn. Ten aanzien van de lekkende luis, ja, dat is feitelijk wat bij die bomen thuis hoort. Het is heel vervelend. Het is niet altijd de luis, maar ook het sap dat uit de boom zelf komt, uit de bladeren. Inderdaad, in verschillende straten hebben we daar last van. Het probleem is alleen: dan moeten we die bomen gaan kappen en het kappen van bomen doen we niet graag. We hadden vanavond een andere discussie, over biomassacentrales, dat zijn andere dingen. Maar dit soort typen bomen zullen we ook niet snel meer herplaatsen. Het is heel moeilijk te bestrijden, we gaan ook niet die bomen kappen.

We proberen daar wel door regulier onderhoud dat te beperken, maar veel meer dan dat kunnen we ook echt niet doen. Ten aanzien van de post coronatijd, gaan we dan voor het wild zorgen? Ik weet dat er invasieve soorten of exoten geïmporteerd zijn om wat afleiding in huis te hebben. Ja, het is een beetje in een glazen bol kijken. Mocht dit problemen op gaan leveren, dan zullen wij met de betreffende instanties, zoals dierenbescherming of wildopvang, contact onderhouden over hoe hiermee om te gaan. Ik hoop inderdaad met u, dat de mensen die die beesten aangeschaft hebben in een periode dat ze er behoefte aan hadden ook in de periode na die tijd goede zorg zullen geven. Je schaft iets aan voor de langere termijn en niet voor de korte termijn, dat moge helder zijn. Meneer Hofman had het over de subsidie en de dierentuin. Daar zitten twee dingen aan. De zebra in de Groenzoom. We hebben getracht die zebra te vinden, maar we hebben het toch maar bij een 1 aprilgrap gehouden en het maar niet echt langdurig doorgezet. De dierentuin, dan komt de vraag van meneer Duk ook boven water. Als we € 8.000 hebben, ik denk dat Diergaarde Blijdorp dank je wel zou zeggen, maar er niet zo gek veel mee kan doen, want de bedragen van dierentuinen zijn dusdanig groot, daar kunnen we echt niet aan voldoen.

Als we zelf nog voor de opgave staan om onze gemeentelijke begroting in balans te houden, dan denk ik dat ik met dat voorstel niet naar meneer Van den Beukel hoeft te gaan om de subsidie op te trekken. Er was ook een vraag over het wettelijk kader. Ja, we hanteren de wet natuurbeheer. Dat is een wettelijk kader, waarin wij deze beleidsregels opstellen. Uiteraard niet alleen natuurbeheer, maar ook de volksgezondheid, want die speelt natuurlijk een rol. Want als we het over ratten hebben of een muizenplaag of anderszins, dan speelt uiteraard ook de volksgezondheid een rol. Uiteraard kijken wij daar naar. Wat betreft meneer Duk: is het bedrag voldoende? Ja, het is eigenlijk nooit voldoende. Je wilt altijd meer geven. Dat geldt ook voor Delft. Maar er zijn meer gemeenten die ook die richting uit kijken en gezamenlijk denken wij dat wij hiermee een goede bijdrage doen. Uiteraard is het aan u als gemeenteraad, als leden, om ruimhartig dat bedrag van € 8.000 op te hogen. Maar die voorstellen zien we dan wel bij de kaderbrief tegemoet. Ik denk dat ik alles gehad heb. De voorzitter: De vraag van de

25/27

heer Jumelet over de subsidieaanvraag, 1 april, en het beleid dat op 22 april wordt vast gesteld. Wethouder Fortuyn: Ja, dat is heel apart, maar de aanvraag kan tot 1 juni. Dat is kort door de bocht. Als de aanvraag later zou komen, dan nog kijken we er wel gewillig naar. Het is nu het beleid vast stellen en vervolgens de beschikking vast stellen. Als het elkaar kruist, zullen we dat zeker welwillend beoordelen. Tweede termijn Mevrouw Zwinkels, L3B: Ik wil graag de wethouder bedanken voor het beantwoorden van mijn vragen en alle andere vragen. Ik zal meneer Machielse gelukkig maken, want voor mij is het ook een hamerstuk. Ik had kunnen zeggen: hamerstuk tot de vragen beantwoord zijn. De wethouder had iets kunnen zeggen waardoor het geen hamerstuk zou worden. De heer Machielse, VVD: Geen behoefte aan een nadere tweede termijn. Dank u wel. De heer Jumelet, WIJ: Ik had een opmerking. Het leek of de wethouder het opvatte als een verwijt, dat in 2019 de motie werd aangenomen en nu het beleidsstuk voor ligt. Dat was geenszins de bedoeling, dus geen verwijt, maar een compliment dat het stuk er ligt n.a.v. de motie. Dat is één. En twee: begrijp ik nou goed dat de indieningsdatum dan verzet wordt naar 1 juni? Past u dat dan aan in het stuk? Dat is even een korte vraag. De voorzitter: Een hamerstuk? De heer Jumelet: Ja, dat had ik in de eerste termijn al gemeld.

De heer Hofman, CU: Ik ben net van de schok bekomen. Voor ons is het ook een hamerstuk. De heer Van der Stad, D66: Het was een duidelijk antwoord van de wethouder. Een hamerstuk. De heer Duk, GL: Ook voor ons is het een hamerstuk. Een tijd geleden was ik erg verbaasd over de vos, die bij mij op het achterpaadje stond. Tot mijn genoegen kan ik de heer Xhemaili melden, dat deze ook in Lansingerland aanwezig is. Wat betreft de € 8.000: het is natuurlijk behoorlijk klein geld voor een gemeente. Als de gemeente zou aangeven, dat er meer aanvragen zijn dan dat er geld is, dan zal GL instemmen met het huidige stuk. Dank u wel. De heer Xhemaili, PvdA: Goed om te horen, dat er ook vossen in Lansingerland zijn. Dat kunnen we alleen maar toejuichen, denk ik. Mits ze overlast veroorzaken, dan wat minder. Voor ons ook een hamerstuk. Wethouder Fortuyn: Als het kan, uiteraard pas ik hem aan. Ik weet het niet. Maar ga er van uit: ik pas hem aan op 1 juni. De voorzitter: Dan is dit beëindigd. Een hamerstuk. 7a. Actualiteiten uit het college De voorzitter: We hebben een overzicht gehad van alle actualiteiten: HSL, A13/A16. Heeft er iemand een vraag over? De heer Machielse, VVD: Ik was voor deze vergadering nog even de lokale media aan het lezen, of de landelijke media.

Toen las ik in het Parool, de heer Fortuyn refereerde er eerder deze vergadering ook al aan, een artikel ‘van Amsterdam naar Praag, de nachttrein keert terug’. Dit artikel is van 6 april, voor de liefhebbers zal ik het even doorsturen. Mijn vraag is: het betreft het HSL tracé, zoals ik het artikel lees. Maar nachttreinen is iets waar we ons al jaar en dag als gemeente in onze zienswijzen en ons beleid tegen verzetten vanwege de overlast. Nu lijkt het een gelopen race en komt die er, althans, volgens het artikel. Dus mijn vraag is: is het college zich daarvan bewust en kan er een duiding aan worden gegeven hoe dat zich verhoudt tot onze eerder ingezette routes? Wethouder Fortuyn: Ik zie hem ook lopen, over Dresden, Berlijn, Hannover, Amsterdam, Rotterdam, Rozendaal, Antwerpen en Brussel. Het is inderdaad een aardig tracé, dat dan inderdaad over de HSL lijn zou moeten gaan lopen. Ik weet er eigenlijk helemaal niets van, laat ik dat voorop stellen. Dus ik ga ook niet antwoorden in de zin van hoe het zich verhoudt. Ik ga het even uitzoeken en ik kom er schriftelijk op terug. 7b. Actualiteiten uit de commissie De voorzitter: We hebben net allerlei toeters en bellen gehad vanuit de MRDH, dus ik ga ervan uit, dat we daar niets over te melden hebben. Ik zie niets. 7c. Verbonden partijen De voorzitter: Iemand? Ook niet?

26/27

8. Rondvraag en sluiting De heer Muis, D66: Ik heb een vraag n.a.v. een collegebrief, stand van zaken Berkel centrum west van 30 maart j.l. Een hele korte vraag eigenlijk. We lezen daarin dat de verkoop van woningen voorspoedig verloopt. Dat is natuurlijk fijn om te horen. Alleen, de brief zegt niets over de voortgang m.b.t. de invulling van het winkel- en horecadeel. Er zou daar een 12-tal winkels komen en 2 grote horecagelegenheden. Wij vragen ons af of door de coronacrisis die ondernemers dat nog steeds van plan zijn om te gaan doen daar of dat het misschien wat minder loopt dan de verkoop van de woningen. Ik hoor het graag van de betreffende wethouder. De voorzitter: Wie gaat dit beantwoorden? Wethouder Fortuyn: Ik heb geen flauw idee. De vraag komt nu, maar als meneer Muis akkoord is met een schriftelijke beantwoording, dan ga ik de vraag schriftelijk beantwoorden, want ik zou er geen antwoord op weten. De voorzitter: Ik denk wethouder Van den Beukel ook niet, anders had ik hem wel gehoord. De heer Muis: Dan wordt het schriftelijk. Wethouder Van den Beukel: Ik wilde juist zeggen, dat ik een poging kan wagen, maar ik denk dat ik dan onrecht doe aan de serieusheid van de vraag. Dus laten we het schriftelijk doen, is mijn voorstel ook. De voorzitter: Dan gaat die schriftelijk beantwoord worden. Dat lijkt me wel zo verstandig.

De voorzitter, om 23.05 uur: Verder niets meer aan de orde zijnde, zit ik naar de klok te kijken. Toch nog ruim elf uur geworden. Ik dank u allen voor uw inzet en voor deze vergadering. Nog een prettige avond, welterusten en ik ga kijken hoe koud het buiten is en of het nog sneeuwt.

Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.

27/27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=177cdd1a-b466-4cb2-aa32-c2358b7448ea