BV20.0191 Verslag van de raadsvergadering van 17 december 2020
Tekst van het document
Voor schuldhulpverlening, voor mentale ondersteuning, voor gezinscoaching, waar sprake is van enorme stress, is toch de gemeente de aangewezen persoon, een rechtspersoon dan, whatever wat voor persoon. Ik ben eigenlijk het meest gecharmeerd van hetgeen in de motie staat onder ‘overwegingen’, dat veel andere gemeenten zelf keihard op zoek gaan naar gedupeerden. Dat kun je ook best doen zonder de privacy wetgeving te schenden, denk ik, door contact te leggen met allerlei organisaties, met scholen, met de vraag: weet je iemand, stuur ze naar ons? Dan kunnen mensen op eigen initiatief komen, dan hoef je je niet verschuilen, wanneer de privacy wetgeving is opgelost op dit punt. Als ik dan vervolgens kijk naar het dictum, dan schrik ik daar weer van. Ik vind echt wel, dat de gemeente een extra stap mag doen om deze gedupeerde ouders tegemoet te komen. Zijn deze vragen dan realistisch? Voordat de VVD-fractie besluit om deze motie te steunen, al dan niet, zouden we heel graag van de wethouder willen horen hoe zij daar tegenover staat. Dank u wel. Mevrouw Bouman, CDA: Mijn voorgangers hebben het al naar voren gebracht. Vandaag is het eindrapport van de commissie over de kinderopvangtoeslag aan de voorzitter aangeboden. Ongekend onrecht. Ik heb een deel gelezen en ik moet zeggen: beschamend dat een overheid zo met onze burgers is omgegaan.
Woorden, die naar voren kwamen als schrijnend, beschadigd, hebben we in het rapport kunnen lezen, maar dat hebben we de afgelopen maanden in de media en van diverse personen in krant of op tv kunnen horen. Triest, triest, triest. Waar heeft het allemaal niet toe geleid? Tot ongelooflijk veel verdriet, huiselijke drama’s, ziektes, fysiek, psychisch, angsten bij kinderen enzovoorts. Om hoeveel gevallen gaat het? Als ik landelijk hoor: misschien wel 30.000. Ik hoorde mevrouw Verhoef zeggen: het zijn er 33, die zich gemeld hebben. is dit niet het topje van de ijsberg? Zijn het niet misschien veel meer mensen, die zich uit schaamte, want dat woord komt ook vaak voor, niet gemeld hebben? Vandaar dat wij onderdeel 1 van het dictum, waarin met name gevraagd wordt om communicatie naar buiten in diverse gremia te benaderen, om gedupeerden zich te laten melden bij de gemeente, indien zij gesteld zijn op ondersteuning in welke vorm dan ook. In welke vorm dan ook, dat kan natuurlijk ook geld zijn, maar dan is het de vraag: hoeveel geld is er beschikbaar? Misschien kan de wethouder daar iets over melden. Het tweede deel van het dictum, daar schrok ik toch wel even van, want dan zouden wij de wethouder moeten vragen of zij bij het rijk na zou kunnen gaan hoeveel er voor de ondersteuning beschikbaar is.
Dan denk ik: is dit wel realistisch om dat op zo’n korte termijn te stellen? Navragen is natuurlijk altijd zeer goed, om dat te doen, maar de termijn van 1 week begin volgend jaar, dat lijkt me toch iets te kort. Die privacy. Als je aan de communicatie iets doet, wat al naar voren gebracht is, en daar kunnen keurige zinnen voor gemaakt worden: als u in de problemen komt, schroom niet. Misschien is het toch een modus om daar een weg in te vinden en niet eerst nog te gaan wachten in het kader van de wet op de privacy, wat kan wel en wat kan niet. Ik ben zeer benieuwd hoe de wethouder aankijkt tegen het tweede deel van het dictum. We horen graag van haar. 12/17
De heer Hoek, WIJ: Ik heb het vandaag ook gevolgd. Het is natuurlijk vreselijk, wanneer je bedenkt dat jongeren hun jeugd ontnomen is, doordat gezinnen in armoede hebben moeten leven, doordat wij als rijksoverheid echt cruciale fouten hebben gemaakt. Dat is echt heel erg. Ik vind het goed, dat we een inspanning plegen om dat goed te maken. Ik heb wel een aantal vragen, want er zit een aantal tegenstrijdigheden in de motie. Bij bullet 2, dat zou weleens de reden kunnen zijn, als ik het heb over de overwegingen, dat bullet 1 niet is uitgevoerd. Je geeft zelf al een verklaring, waarom het waarschijnlijk niet is uitgevoerd. Verder m.b.t. de constatering ben ik zeer nieuwsgierig of bullet 4 klopt. Mevrouw Verhoef zei: het gaat om € 11 miljoen. Dat komt bij mij toch echt over, als je het afzet tegenover het aantal inwoners in Nederland en het aantal gemeenten, op heel weinig geld, waar we heel weinig mee kunnen doen. Verder punt 2 van het verzoek. Daar ontkracht je een beetje de strekking van de eigen motie mee, omdat je stelt dat nog niet duidelijk is op welke manier de gemeente gedupeerden mag benaderen. Kortom, u wekt de indruk, dat de gemeente soort van laks is geweest, maar u geeft tegelijkertijd aan, dat het mogelijk te maken heeft met het feit, dat het voor gemeenten niet duidelijk is hoe zij gedupeerden mogen en moeten benaderen. Dat maakt het wel erg lastig natuurlijk.
Verder, ik kan het toch niet laten, lijkt het wel een beetje alsof de plaatselijke PvdA het beleid van de landelijke PvdA tracht te herstellen. Ik wil niet heel l.. doen, maar het was wel minister Asscher die hier jarenlang verantwoordelijk is geweest, samen met de heer Wiebes, die de hardheid van het beleid vele malen heeft verdedigd en pas onlangs zijn excuses heeft gemaakt. Het zijn Pieter Omtzigt geweest en Renske Leijten, die hun nek hebben uitgestoken en ervoor gezorgd hebben, dat de onderste steen boven kwam. Ik vind het toch belangrijk, dat dat ook een keer genoemd wordt. Ik vind het nobel, dat een plaatselijke PvdA zijn nek uitsteekt, maar ik vind ook wel dat het mede de schuld van de landelijke PvdA is, dat het zover heeft kunnen komen. Dank u wel. De heer Lieverse, CU: Het is landelijk beleid, dat tot drama’s heeft geleid. Wij hebben het kunnen volgen via de parlementaire ondervragingen en nu ook met de conclusies, die getrokken zijn. Op zich vind ik het trouwens sympathiek, WIJ zei het een beetje omgekeerd, maar het is sympathiek als een lokale afdeling van de PvdA iets van het landelijke beleid probeert te corrigeren. Het is in ieder geval zo, dat wij het een sympathiek voorstel vinden, voor zover het mogelijk is om als gemeente te helpen dit landelijk beleid te verzachten. De eerste die vragen stelde was de heer Crielaard van L3B.
Dat zit ons ook een beetje dwars. Is het wel mogelijk, zoals nu voorgesteld wordt, met betrekking tot de privacy? Is het mogelijk om zo snel een bericht uit te laten gaan, twee dagen? Het moet niet zo zijn, dat het onzorgvuldig wordt, dat het juist heel veel verwarring gaat wekken. Ook de oproep om het ministerie van financiën de eerste week van januari te contacten hierover, ja, we kunnen het wel vragen, maar het ministerie van financiën was wel één van de partijen, die niet altijd even doortastend was in dit dossier. Ofwel: de drama’s zijn duidelijk, aankloppen voor hulp kan ook altijd, zeker als het gaat over schuldenproblematiek, daar hebben we het zojuist over gehad. Maar of de oproep om nu al een snelle bekendmaking te doen, haalbaar is, dat betwijfelen we. Daar komen we graag op terug in de tweede termijn. De heer Jonker, D66: Een deel herhaling, vrees ik, van vorige bijdragen, maar de lijn is grotendeels gelijk. Natuurlijk is ook D66 geschrokken van het enorm falen van de rechtstaat en van de overheid in deze. We hebben het allemaal zelf kunnen waarnemen. Ik heb zelf ook een flink aantal van de hoorzittingen gevolgd. Dat was dramatisch. Dan is het goed, dat je als overheid alles doet om de gedupeerden te helpen, te ondersteunen, te wijzen op de mogelijkheden die er zijn.
Ik ben al blij, dat ik las in de brief van het college, dat de belastingdienst zelf ook gedupeerden actief, met de nadruk op actief, wijst op de mogelijkheid om contact te zoeken met de gemeente voor aanvullende ondersteuning. Het laat onverlet dat het goed mogelijk is dat je als gemeente ook zelf een extra inspanning doet, zoals in het eerste deel van het verzoek aan het college in het dictum van de motie wordt beschreven. Tegelijkertijd vind ik die twee werkdagen dan echt wel heel erg krap. Waarom moet het dan binnen twee werkdagen? Dat kan ook prima binnen een iets langer aantal dagen, niet te lang, maar twee vind ik wel heel erg kort op de bal. Ten aanzien van het tweede onderdeel van het verzoek aan het college: gedupeerden zelf benaderen, ik denk gewoon niet dat dat kan. Het zou heel vreemd zijn als ik een probleem heb met de belastingdienst, dat de belastingdienst mijn adresgegevens aan de gemeente geeft om mij actief te benaderen. Dat zou ik zelf niet waarderen. Maar als we goed communiceren, bij het eerste punt, dat goed zichtbaar maken, dan kunnen die gedupeerden heel goed hun weg naar de gemeente vinden. Daarom ben ik ook benieuwd naar de reactie van de wethouder, want ik denk dat de motie, zoals die er nu ligt, eigenlijk niet zo goed kan door de mogelijkheden die er in zitten.
Tegelijkertijd is de intentie goed en denk ik dat er wel actie op te ondernemen moet zijn. Ik ben heel benieuwd hoe de wethouder hierop reageert. Mevrouw Gabin, GL: Strenge privacy wetgeving belemmert de gemeente bij het bieden van hulp aan de 33 gedupeerde huishoudens in Lansingerland. Het gevaar bestaat, dat gezinnen die getroffen zijn door gebrek aan hulp verder in de problemen komen. Snelle hulp is dan noodzakelijk. Maar de wethouder weet nu niet wie hulp nodig heeft. Het vertrouwen van deze mensen in de overheid is natuurlijk behoorlijk 13/17
beschadigd door de ervaring met de belastingdienst. Ik kan me voorstellen, dat het lastig is om dan nu het gesprek aan te gaan met de gemeente Lansingerland. Een gemeente, die ook nog eens jarenlang een falend beleid heeft gehanteerd op het gebied van schuldhulpverlening. De beeldvorming dient echt hersteld te worden en dat kan door nieuwe wetgeving of door het vormen van nieuw beleid, dat in januari komt, en door in ieder geval deze motie uit te voeren. Zoals veel gemeenten een oproep hebben geplaatst lijkt het ons ook erg verstandig om proactief op te stellen en als gemeente de gedupeerden hulp te bieden door schuldhulpverlening, wonen, zorg, gezin en werk. Wij vinden het dan ook een sympathieke en nodige motie van de PvdA. Wethouder Van Tatenhove: De toeslagenaffaire maakt gelukkig heel wat los in de samenleving. Ik denk dat de debatten, die nu plaats vinden, laten zien dat er echt heel veel schrijnende situaties zich hebben voorgedaan de afgelopen jaren en die zijn nog niet afgerond op dit moment. In die zin zie ik ook het sympathieke van deze motie. Daar waar we zouden kunnen en willen, is het goed om de mensen, die daar de dupe van zijn, te helpen. Dat zouden we als gemeente misschien kunnen, maar dan moet je wel weten welke mensen het zijn, maar we kunnen ze niet zelf opzoeken. Dat is door meerderen van u aangegeven. De vraag is of dat over een maand wel kan.
Daar zit dan ook wel een beetje de worsteling met de motie. Ja, ik vind hem sympathiek. Punt 1 van het dictum, waarin verzocht wordt om in elk geval mee te delen en bekend te maken, dat mensen zich kunnen melden bij de gemeente, dat is een overweging waar we zelf al mee bezig waren. Dat is op zich niet zo’n punt om dat snel uit te voeren, die website staat gereed, een artikel in de krant kunnen we plaatsen, maar twee dagen is inderdaad wel heel snel. Ik kan ja zeggen tegen de intentie en ook ja beloven om dat te gaan doen, maar ik weet niet of me dat binnen 2 werkdagen lukt. De tweede is nog belangrijker. Daar waar we budget krijgen om mensen te helpen, daar willen we dat ook heel graag besteden aan die hulp, maar mensen moeten zich voorlopig zelf bij ons melden. Wij kunnen ze niet vinden. Daar staat echt die wetgeving rond privacy tussen. Ik denk, dat het goed is, dat niet zomaar de gegevens van de belastingdienst naar ons komen en dat er echt toestemming van de mensen zelf voor nodig is, maar we kunnen wel hopen, dat mensen zich bij ons melden. Dat hoort dus bij actie 1. Bij actie 2: ik kan natuurlijk vragen aan de ambtenaren om na te gaan welk bedrag het rijk beschikbaar stelt en hoe dat dan in de berekeningen in ons deel van de algemene uitkering, die wij krijgen, terecht komt. Maar of ik dat in de eerste week van januari gereed heb? Ik heb geen idee.
Ik weet niet eens of mijn mensen er dan zijn, of onze mensen er dan zijn om dat te berekenen als we het dan al zouden hebben. Als wij het nog niet hebben, dan weet ik ook niet of het rijk het voor de eerste week van januari kan verstrekken. Dus die deadline lijkt me ook wat krap. Dan het tweede deel van punt 2, dat is wanneer bekend wordt hoe de gemeente de gedupeerden kan benaderen, daar kan ik natuurlijk ja tegen zeggen, maar ik weet niet wanneer bekend wordt en ik weet ook niet of bekend wordt dat we het kunnen doen. Dus ik kan er ja tegen zeggen, maar u kunt mij niet over 3 weken verwijten, dat ik de gedupeerden niet heb benaderd, als ik geen mogelijkheden heb om ze zelf actief naar de balie van het gemeentehuis te brengen. Ik kan ze wel uitnodigen om dat te doen. Dat is wat mij betreft vooral vervat in punt 1. Nogmaals: een sympathieke motie. Ik denk dat wij met zijn drieëndertigen en het hele college op dezelfde manier kijken naar wat er is gebeurd rond de toeslagenaffaire en dat we de mensen heel graag willen helpen, maar ze moeten zichzelf melden. Dank u wel. Tweede termijn Mevrouw Verhoef, PvdA: Dank ook nu weer aan alle fracties en dank aan de wethouder voor de reacties. In het algemeen hoor ik bij alle fracties en ook bij de wethouder de grote schrik en kippenvel. Mensen zijn zeer geschrokken en ook betrokken bij de gedupeerden van deze toeslagenaffaire.
Ik ga nu even één ding zeggen, anders vergeet ik dat straks nog. Tegen de heer Hoek wil ik zeggen: u heeft er geen last van, dat inderdaad een landelijke partij dingen doet, die misschien niet helemaal in uw straatje liggen, maar inderdaad, als je bestuurt, kan je ook wel een keer een fout maken, dat klopt, dan is excuses op zijn plaats. Beter laat dan helemaal niet. De heer Hoek: Dat is een mooie gedachte. Dat geldt wat mij betreft ook voor de wethouder. Mevrouw Verhoef: Bij de vorige motie heb ik inderdaad die draai er ook al aan gegeven, ook met inbreng van alle fracties. Bedankt daarvoor. Ik ga even naar de motie. Ik hoor in grote lijnen wel steun voor het eerste onderdeel van het dictum. Maar de meeste fracties zeggen wel: het is snel, het moet zorgvuldig gebeuren, binnen 2 werkdagen hoeft niet. Waarom wij dat zo snel hebben gezet, is ook wel omdat wij dachten: het is nu kerstvakantie en je wilt mensen ook niet tot na de kerstvakantie op zo’n bericht laten wachten. We kunnen daar van maken: zo snel als mogelijk. Dan zou het eerste dictum hetzelfde blijven, het eerste onderdeel, behalve het stukje ‘binnen twee werkdagen’ wordt dan ‘zo spoedig mogelijk’. De heer Lieverse: Ik hoor nu mevrouw Verhoef de motie in allerlei toonaarden gaan uitleggen, hoe het ook gesteld had kunnen worden.
Was het niet raadzaam geweest om deze motie van tevoren af te stemmen met ambtenaren of wethouder? Mevrouw Verhoef: Dat is natuurlijk altijd raadzaam. Ik heb de motie pas vanochtend ingediend, omdat ik bezig was, zoals u weet, met een andere motie rondom de toeslagenaffaire. Intussen in alle stukken, in de media, ook deze context en deze zaak had gezien. Ik dacht: ook onze gemeente zou hier best wat pro-actiever mee aan de gang kunnen gaan. Het is niet ongebruikelijk om tijdens een debat een motie of een amendement aan 14/17
te passen. Bij deze wil ik daar een voorstel voor doen, omdat ik wel voel dat er brede sympathie is voor deze motie. De heer Lieverse: Rond dit punt hebben we één ding geleerd: zorgvuldigheid is zo belangrijk. Mevrouw Verhoef: Dat ben ik met u eens. Daarom stel ik voor: zo spoedig als mogelijk. U heeft zelf gezegd: het moet zorgvuldig zijn. De wethouder heb ik horen zeggen: we waren dat al aan het onderzoeken. Ik denk dat een motie met dictum 1, waarin die twee dagen termijn wordt weg genomen, dat dat, naar ik begrijp, op steun kan rekenen. De heer Hoek: Ik heb de wethouder maar één ding horen zeggen, waar zij inhoud aan zou kunnen geven, is de oproep doen aan bewoners om te reageren. Die oproep wordt ook enigszins teniet gedaan, omdat we nog niet weten hoe groot de regeling is, wat het inhoudt. Dus daar loop je ook nog het risico, dat mensen zich gaan melden en dat je ze blij gaat maken met een dooie mus, omdat je nog niet weet of er überhaupt geld komt, hoeveel er komt. Dus dan kan je mensen oproepen. Mensen hebben dan het idee: fijn. De regeling was bedoeld om de dagen door te komen. Dus dat vind ik een heel lastige. Dan moet je zo’n beetje de hele motie omgooien. Mevrouw Verhoef: Volgens mij heeft de heer Hoek niet helemaal goed voor ogen, waar het om gaat. De eerdere motie, die we hadden voorgelegd aan de andere fracties, ging over de € 750 kerstbonus.
Daar gaat dit niet over. Dit gaat erom, dat er gedupeerden zijn, die ondersteund kunnen worden met schuldhulpverlening of emotionele ondersteuning of andere zaken, die mevrouw Gabin zo mooi op een rij zette. Wij als gemeente kunnen dat voor die mensen doen. Wij zijn blij als ze zich melden, dat kunnen we ook de schuldenproblematiek, waar we zo graag de helpende hand bieden, meteen in uitvoering brengen. De heer Hoek: In alle oprechtheid, dan blijft er toch niet meer over dan een oproep doen om gebruik te maken van de regelingen die er zijn? Dat is dan wat er in mijn optiek over blijft van de motie. Voor de rest zitten er heel veel onduidelijkheden in. Mevrouw Verhoef: De enige, die veel onduidelijkheden ziet, is de heer Hoek. Ik hoor bij de andere fracties, dat ze begrijpen waar het hier om gaat. De overheid heeft € 11 miljoen beschikbaar gesteld voor gemeenten om aan gedupeerden extra ondersteuning te geven. De heer Jonker: Ik vind het niet zo’n nuttige interactie op deze manier. Qua intentie zijn we het eens met elkaar, in de raad, wat er moet gebeuren. De wethouder heeft wat uitspraken gedaan. Kunnen we niet gewoon de wethouder een aantal toezeggingen laten doen t.a.v. communicatie actief richting de bevolking? Maximaal inspannen om uit te zoeken wat wel of niet mogelijk is. Dan hoeven we niet de motie onder druk te hooi en te gras aan te passen.
Dat zou ik een mooie weg vinden. De heer Lieverse: Meneer Jonker was mij voor. Dat was precies mijn gedachte. Mevrouw Verhoef: Ik wil de motie niet te hooi en te gras aanpassen. Ik wil het tweede onderdeel van het dictum gewoon weg laten, want natuurlijk zullen de wethouder en haar ambtenaren in de gaten houden er geld komt en wanneer dan. Als er mogelijkheden zijn om actiever mensen te benaderen omdat er AVG-proof mogelijkheden daartoe zijn, dan kan de gemeente daar gebruik van maken. Ik wil eigenlijk de motie handhaven met het dictum niet ‘binnen twee dagen’ bij het eerste onderdeel, maar ‘zo spoedig als mogelijk’. Ik wil hem gewoon in stemming gaan brengen. Als de wethouder zegt: ik omarm dat eerste dictum volledig en ik ga het uitvoeren, dan kan ik daar ook vertrouwen in hebben, maar ik voel een brede steun voor in ieder geval het eerste onderdeel van het dictum, dus ik begrijp niet helemaal waarom we dat niet zo in stemming zouden brengen. De voorzitter: Dan constateer ik, dat u de motie aanpast, het eerste deel van het dictum. Dan vervolgen wij de discussie in de tweede termijn langs die lijn. Dan kunnen de fracties daar op reageren en hun suggesties uiteraard aan de wethouder geven. De heer Crielaard, L3B: Ik zit nog een beetje te kauwen op dat bedrag. Er wordt € 11 miljoen genoemd, wat beschikbaar komt voor gemeenten.
Als je dat uitrekent, 30.000 gedupeerden, dan houd je € 366 over per gedupeerde om die mensen te helpen. Ik vraag me af: is dat genoeg? Ik zit er nog enorm op te kauwen. Ik vond het voorstel van de heer Jonker goed, een mooi procesvoorstel: we laten de wethouder een toezegging doen. Om dan de motie te steunen voor alleen het eerste dictum. Ik zit nog even te kauwen. Mevrouw Verhoef: Wat ik nog steeds niet begrijp, en ik hoor het ook bij andere fracties: wat is er tegen om nu proactief te vragen aan mensen: meld je alsjeblieft, want wij, de gemeente, willen je helpen. Hoor ik nu fracties zeggen: mensen die zoveel pijn hebben gehad vandaag over wat ze op het nieuws hoorden: we moeten wel een enorme zak met geld hebben, anders redden we het niet. De voorzitter: U kunt de heer Crielaard interrumperen, niet alle fracties. Als u wat wil horen van de heer Crielaard, dan kan de heer Crielaard daar op reageren. De heer Crielaard: Volgens mij is die actieve oproep er in die zin al. Laat ik dan een tegenvraag stellen: wat is er op tegen om de wethouder om een toezegging te vragen? De voorzitter: Dat is een retorische vraag, want mevrouw Verhoef kan niet bij een interruptie antwoorden. Uw vraag is helder.
Mevrouw Draak, VVD: Op zichzelf, als het tweede deel van het dictum eraf gaat en er komt te staan ‘zo spoedig mogelijk’ met het eerste deel van het dictum, dan kunnen wij deze motie best ondersteunen. Ik heb wel antwoord voor mevrouw Verhoef op de vraag wat er dan op tegen zou zijn om deze motie toch in te dienen. Volgens mij is iedereen heel blij, dat mevrouw Verhoef deze motie heeft ingediend, want je hoort de discussie: iedereen staat eigenlijk achter de overwegingen. Alleen, als we nu deze motie indienen, dan beperken we dus eigenlijk wat we de wethouder opdragen naar dat eerste puntje in het dictum, terwijl de wethouder misschien wel de toezegging kan doen, dat zij er alles aan zal doen, wat in 15/17
haar mogelijkheden ligt, om deze gedupeerde ouders te bereiken inclusief hetgeen u vraagt. Volgens mij heeft u dan precies wat u wilt. Als de wethouder de toezegging kan doen, dan hoeft wat ons betreft, de motie niet ingediend te worden. Dient u hem wel in met het eerste deel van het dictum zonder de deadline van twee werkdagen, dan willen wij die best steunen. Dank u wel. Mevrouw Bouman, CDA: Het gras is al voor mijn voeten weg gemaaid. Ik heb de wethouder het e.e.a. horen zeggen. Nog maar één keer duidelijk aan de wethouder de vraag of zij de toezegging kan doen, dat zij via diverse gremia een oproep doet of mensen, die gedupeerd zijn, zich willen melden. Er komt ook nog het verhaal over de schuldhulpverlening, daar kunnen we dan ook nog op terug komen. En het verhaal over de centen. Dat is een kwestie van laten uitzoeken. Is er ergens in één of andere pot het één en ander mee genomen? Als de wethouder dat kan toezeggen, dan is dat item ook verdwenen. Ik ben erg benieuwd of de wethouder die toezegging kan doen. Lukt dat niet, dan kunnen we het eerste deel van het dictum ondersteunen, maar dan met de toevoeging ‘niet binnen die twee werkdagen’, maar ‘zo spoedig mogelijk’. Ik ben benieuwd wat de wethouder naar voren gaat brengen. Dank u wel. De heer Hoek, WIJ: Als de wethouder de toezegging doet, kan ik daarmee leven. Ook in de overwegingen zitten tegenstrijdigheden.
Dan zal je toch het hele verhaal moeten aanpassen. Dat lijkt me niet handig. En ik maak van de gelegenheid gebruik om mevrouw Van Bakel ook heel hartelijk te feliciteren met haar verjaardag. Dank u wel. De heer Lieverse, CU: De felicitaties leiden me even af van waar het over gaat in deze zaak. Ik stel gelukkig vast, dat we het allemaal eens zijn over de ernst van de situatie. En ook over het sympathieke aspect van dit voorstel om in een motie naar voren te brengen. Alleen zou ik het nog sympathieker vinden als nu de indiener van de motie het ook voor elkaar zou krijgen om de motie in te trekken en het te houden bij het vragen van een toezegging, waar de wethouder al zo dichtbij is. Als het niet gebeurt, dan zal onze fractie waarschijnlijk toch voor stemmen, zij het op de manier zoals mevrouw Draak het zo goed formuleerde: het tweede punt gaat weg en het eerste wordt geherformuleerd. Dan moet me wel van het hart: we vinden het dan wel heel amateuristisch. We hopen dat de wethouder het minder amateuristisch uitvoert. Mevrouw Verhoef: Eigenlijk mag je bij een interruptie alleen maar een vraag stellen. Maar natuurlijk is het goed om, als er een goede toezegging van de wethouder is, dan hoeven wij de motie ook niet meer in stemming te brengen. Natuurlijk. De heer Jonker, D66: Het wordt saai. Maar we hebben hetzelfde als wat door de VVD en ook de CU is gezegd.
De motie is eigenlijk overbodig, zeker als er een goede toezegging is van de wethouder. Maar als alleen het eerste dictum gewijzigd wordt en hij wordt toch ingediend, dan zullen wij hem ook steunen, verwacht ik. Mevrouw Gabin, GL: Wij blijven erbij, dat het ons verstandig lijkt als de gemeente proactief toenadering zoekt en de gedupeerden gerust stelt. De PvdA heeft het initiatief genomen en onder de aandacht gebracht. Laten we de credits ook aan de PvdA geven. Wij steunen de motie. Wethouder Van Tatenhove: Ook de wethouder zou er bijna puzzeld van raken: wordt het een toezegging, worden het er twee of wordt het een motie? Als ik de commissie beluister, dan zegt de commissie: als er toezeggingen komen, hoeft de motie niet. Wat mij betreft, kan ik die toezeggingen doen. Inderdaad, het werd al opgemerkt: in de eerste termijn was ik al bijna aan die toezegging. Ik denk dat het heel belangrijk is, dat we laten weten dat mensen zich kunnen melden bij de gemeente. Dat zullen we doen via de website, maar zoals het in het eerste dictum staat, het is natuurlijk ook hartstikke goed om dat te doen via de digitale en papieren media. Alleen, ik weet niet of dat binnen twee dagen kan. De boodschap, die ik heb mee gekregen in de tweede termijn, doe dat zo snel mogelijk maar wel zorgvuldig, die neem ik dan mee. De tweede toezegging is dan in de lijn met wat er in het tweede punt staat.
Wij zullen nagaan wat de financiële mogelijkheden zijn, die wij als gemeente krijgen, waarvoor we dat geld mogen benutten. Als we mogelijkheden hebben om zelf mensen te benaderen, dan zullen we dat doen, maar als we die mogelijkheden niet hebben, dan ik u ook die belofte niet doen. Dus bij deze op beide punten een toezegging. Dan ga ik ervan uit, dat ik niet meer hoef te reageren op het dictum, dat is over gebleven van een eventuele motie, want ik ga er dan van uit, dat die van tafel is. Dank u wel. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik heb van de wethouder eigenlijk twee heel duidelijke toezeggingen gehoord, die eigenlijk heel sterk in lijn zijn met wat wij met de motie hebben beoogd. Ook de andere fracties hebben breed steun betuigd. Dus ik wil de wethouder hartelijk bedanken voor haar toezegging en ook de andere fracties voor de getoonde steun bij dit initiatief. Ik ga de motie dus niet in stemming brengen. De voorzitter: Niet in stemming. Dan zijn we aan het einde van dit agendapunt.
16/17
9. Hamerstukken: 9.a Bekrachtiging geheimhouding 9.b Besluitvorming verlenging en wijziging GR Schadevergoedingschap HSL-Zuid 9.c Wijziging bezetting begeleidingscommissie accountantscontrole (BAC) 9.d Slotwijziging 2020 9.e Instellen kapitaallasten dekkingsreserve RvR De Groenzoom 9.f Vaststellen belastingverordeningen en tarieventabellen 2021 9.g Vaststellen legesverordening en bijbehorende tarieven 2021 9.h Verordening Duurzaamheidslening Gemeente Lansingerland 9.i Algemene Plaatselijke Verordening 2021 De voorzitter: Ik kijk nog even of er bij iemand behoefte is aan een stemverklaring. Nee, dat is niet het geval. Dan hameren wij die voorstellen af. 10. Sluiting De voorzitter, om 22.05 uur: Dan zijn we in één klap aan het einde van onze vergadering. De eer gaat naar de heer Erwich, die mij daar als eerste op wees: mevrouw Van Bakel, ook namens ons allen van harte gefeliciteerd met uw verjaardag. Toch weer belangrijk om dat te noemen. Dan ga ik deze vergadering afsluiten. Ik verzoek de raadsleden nog even te blijven hangen voor het einde van het politieke jaar, dat wij hier vieren, nadat de webcast beëindigd is. Ik eindig deze vergadering.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van De griffier,
drs. Marijke Walhout
Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.
17/17