CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Samenleving 1 juli 2021, gemeente Lansingerland53.260 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 6

Bundel van de Commissie Samenleving van 1 juli 2021

Agenda bijlagen BV21.0108 Agenda Samenl 01-07-2021 1 2 3

Opening en mededelingen voorzitter Inspreker(s) Vaststelling verslag vorige vergadering BV21.0091 Verslag commissie Samenleving van 20 mei 2021

4 5 5.a

Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen Bespreekpunten Jongerenevenement (Selgei Gabin, GL) Griffie<br> T21.05067 Bespreekpunt jongerenevenement voor cie samenleving d.d. 1 juli 2021

5.b

Voorstel budgetinzet naar aanleiding van taakstelling beleidsaccenten Griffie<br> U21.03433 Voorstel budgetinzet naar aanleiding van taakstelling beleidsaccenten T21.04817 Bijlage: toelichting beleidsaccenten

6 6.a

Stukken ter advisering aan de raad Vaststellen Plan van Scholen Basisonderwijs 2022-2025 <P class=Huisstijlkleinekop>Gevraagde beslissing:</P> <OL> <LI>Plan van Scholen Basisonderwijs 2022-2025 (T21.03888) vast te stellen en daarmee te concluderen dat er ruimte is voor twee basisscholen met denominatie Algemeen Bijzonder Onderwijs.</LI> <LI>Het Plan van Scholen Basisonderwijs 2022-2025 ter definitieve beoordeling voor te leggen aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (Minister van OCW) over het stichten van twee nieuwe basisscholen met denominatie Algemeen Bijzonder Onderwijs in Lansingerland.</LI></OL><br>Ankie van Tatenhove<br>SA<br> T21.05558 Praatplaat Voorstel Raad 16792 T21.03888 Plan van Scholen Basisonderwijs 2022-2025 U21.03053 Lopende processen T17.01857 Definitieve Visienota Onderwijs 2017-2025 "Met het oog op de toekomst" T21.05550 Beantwoording technische vragen CDA T21.05516 Beantwoording technische vragen L3B

7.a 7.b 7.c 8

Actualiteiten uit het college Actualiteiten uit de commissie Verbonden partijen Rondvraag en sluiting

Agenda bijlagen 1 BV21.0108 Agenda Samenl 01-07-2021

Agenda Aan de leden van de Commissie Samenleving c.c. College van B&W, MT Uw brief van/kenmerk

ons kenmerk/afdeling -Griffie

Onderwerp Agenda Commissie Samenleving d.d. 1 juli 2021

Doorkiesnummer 010-8004391/4392

Bijlage(n)

Lansingerland 17 juni 2021

Geachte commissieleden, Hierbij ontvangt u de agenda voor de digitale vergadering van de Commissie Samenleving, te houden op donderdag 1 juli 2021 om 19.30 uur. U bent uitgenodigd deze vergadering bij te wonen. De agenda voor de a.s. vergadering luidt als volgt: 1. 2. 3. 4. 5. 5.a. 5.b. 6. 6.a. 7.a. 7.b. 7.c. 8.

Opening en mededelingen voorzitter Inspreker(s) Vaststelling verslag vorige vergadering Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen Bespreekpunten Jongerenevenement (Selgei Gabin, GL) Voorstel budgetinzet naar aanleiding van taakstelling beleidsaccenten Stukken ter advisering aan de raad Vaststellen Plan van Scholen Basisonderwijs 2022-2025 Actualiteiten uit het college Actualiteiten uit de commissie Verbonden partijen Rondvraag en sluiting

Hoogachtend, de voorzitter, Alexander Kuipers

3 Vaststelling verslag vorige vergadering 1 BV21.0091 Verslag commissie Samenleving van 20 mei 2021

VERSLAG Commissie Samenleving

Datum vergadering

: 20 mei 2021

Digitaal aanwezig via Teams: Commissieleden: Leefbaar 3B : Leon Erwich, Machiel Crielaard, Wouter Hoppenbrouwer VVD : Marloes Draak, Juval Pat El, Eric Kampinga CDA : Nelleke Bouman, Frank Buijs WIJ Lansingerland : Leon Hoek, Marije van Hagen CU : Kees-Willem Markus, Paul Lieverse D66 : Erik Jonker, Eva Heijblom GroenLinks : Selgei Gabin PvdA : Petra Verhoef, Valmir Xhemaili Wethouders

: Ankie van Tatenhove

Aanwezig in de raadszaal: Voorzitter : Alexander Kuipers Commissiegriffier : Rianne Kokke Afwezig CDA

: Dave Bergwerff

1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter, om 20.05 uur: Goedenavond, wij hadden even problemen om op de webcast te komen en dat is voor de openbaarheid van deze vergadering natuurlijk wel van belang. Ik ga kijken of u met een quorum aanwezig bent. Ik roep uw naam af, als u even wilt laten weten dat u er bent. De heer Bergwerff wordt vanavond vervangen door de heer Buijs. De heer Buijs, mevrouw Bouman, de heer Crielaard, mevrouw Draak, de heer Erwich, mevrouw Gabin, mevrouw Van Hagen, mevrouw Heijblom, de heer Hoek, de heer Jonker, de heer Kampinga, de heer Lieverse, de heer Pat El, mevrouw Verhoef, de heer Xhemaili: aanwezig. De heer Hoppenbrouwer zou mogelijk wat later zijn, ik zie hem ook niet bij de lijst. Dames en heren, ik open de vergadering. Welkom bij de commissie samenleving. We hebben een volle agenda vanavond, daar kom ik zo nog op terug trouwens. 2. Insprekers De voorzitter: We hebben één inspreker, dat is meneer Wezenberg, de voorzitter van CVV Berkel. Inspreker 1: De heer Wezenberg: Goedenavond, dank u wel, mijn naam is Boris Wezenberg, voorzitter van CVV Berkel. Allereerst ontzettend bedankt, dat ik bij jullie een praatje mag houden, dat ik jullie mijn zorgen mag vertellen. Ik heb een email gestuurd, die jullie allemaal hebben ontvangen. Die heb ik naar de raadsleden gestuurd. Ik zal hem voorlezen, dan is de inleiding goed.

Beste raadsleden, graag geef ik u voor de volgende vergadering, die u deze week heeft, het volgende mee in uw overwegingen. Als voorzitter van de mooiste vereniging van Lansingerland maak ik me echt zorgen over de toekomst. Het afgelopen jaar zijn we met zijn allen geconfronteerd met Covid-19 en alle gevolgen van dien. Op dit moment is er een grote groep van 17- tot 30-jarigen die zijn heil gevonden heeft in een andere manier van sporten. De opzeggingstermen van veel verenigingen is half juni. Eveneens is er voor ons nog geen duidelijk beeld van hoe wij als vereniging deze crisis gaan overleven. Ik weet inmiddels van andere verenigingen dat we niet alleen staan. Mijn verzoek aan u is om het besluit rondom het accommodatieplan minimaal anderhalf jaar uit te stellen, omdat we dan met zijn allen een veel beter beeld hebben van hoe we de coronacrisis hebben overleefd. Tevens geeft het ons allen de mogelijkheid om met zijn allen het proces van de totstandkoming met elkaar goed te evalueren. Ik wil er wel op

1/35

wijzen, dat dit slechts een mooie bijvangst is. Mijn primaire zorg zit hem in de ontwikkeling van het verenigingsleven na corona. Graag ben ik bereid mijn mail toe te lichten. Hier zit ik dan. De voorzitter: Bij deze vergadering vind ik het prettig als u uw elektronische handje gebruikt en niet Whatsapp. Ik geef leden van de commissie de gelegenheid om verhelderende vragen te stellen. Mevrouw Draak, VVD: Ik zou graag aan meneer Wezenberg willen vragen welke aanwijzingen hij heeft, dat de leden die nu hebben opgezegd niet meer terug komen. Want je zou toch ook kunnen denken misschien, als straks alles achter de rug is, dan komen de jongeren allemaal weer gewoon voetballen. Waarom denkt u dat dat niet gaat gebeuren? De heer Wezenberg: Dat is een goede vraag. Wat je veel ziet, met name bij jongeren, de groep 16 tot en met 19, dat is sowieso al een moeilijke groep qua leeftijd om ze te binden aan een sport. Zij komen in aanraking met bijbaantjes, met vriendjes en vriendinnetjes, ze gaan studeren. Er zijn allerlei redenen waarom er bij die groep een grotere hoeveelheid uitval is. Je ziet dat dit juist de groep is, die het afgelopen half jaar zeer weinig heeft kunnen sporten en op de vereniging is geweest, zij hebben allemaal andere dingen gevonden. Ze zijn gaan tennissen, ze zijn padel gaan spelen, sommigen zijn gaan hardlopen.

Wij hebben helaas, en dat is nog een grotere zorg, een grote groep, die helemaal gestopt is, terwijl juist voor jongeren sporten ontzettend belangrijk is al is het maar voor de sociale ontwikkeling, maar bewegen is altijd gezond. We hebben nu aanwijzingen, althans, we hebben team waar normaal 16 kinderen in zitten, maar waarvan er 9 aangeven ermee te stoppen. De heer Hoek, WIJ: Dank u wel, meneer Wezenberg, voor uw inspraak. Ik was redelijk tevreden over de coronaparagraaf, die in het stuk is opgenomen, juist omdat er gezegd wordt: als straks het nieuwe normaal zich aandient hebben we nog een keer een uitdaging om te kijken of er mogelijk veranderingen hebben plaats gevonden en of we daar op moeten inspelen. Voorheen was u een voorstander, meen ik, om een wetraveld te vervangen, maar dat zou betekenen dat dat op de lange baan wordt geschoven. Misschien is het helemaal niet meer nodig, omdat er minder leden zijn. Klopt dat? De heer Wezenberg: U vliegt het heel snel aan, dat is prima. Zeker ben ik van mening, dat op het moment dat wij weer terug gaan naar het nieuwe normaal en we kunnen terug gaan naar de situatie zoals die was, dan hebben we allemaal wel redelijke problemen. Alleen, niemand had op het moment dat deze nota werd voorzien een beeld van wat de ontwikkeling van sport zou zijn. Om op uw vraag terug te komen: ja, inderdaad.

Misschien hebben we in het allerergste geval allemaal wel een veld minder nodig. Dat zou ik verschrikkelijk vinden. Maar daarnaast, dat is wat ik van het begin af aan heb gezegd over het accommodatieplan: dit plan is onomkeerbaar. Het is nog zo mooi, dat je een paragraaf opneemt, waarin je zegt: mochten er ontwikkelingen daar zijn, dan doen we ontwikkelingen anders. Maar als je dit plan uitvoert, krijg je het nooit meer terug, want er is geen alternatief. Mevrouw Verhoef, PvdA: Dank u wel voor uw inspraak. U zegt: het is misschien wijs om het accommodatieplan, het besluit daaromheen, met anderhalf jaar uit te stellen. U zegt ook, dat u signalen heeft gekregen van andere sportverenigingen, dat het aantal leden in die jonge leeftijdscategorie terug loopt. Heeft u ook met andere sportverenigingen overlegd of zij het ook een wijs besluit vinden om dat vaststellen van het accommodatieplan uit te stellen? Sommige sportverenigingen zien dat misschien niet zitten. Heeft u dat met anderen besproken? De heer Wezenberg: Ik heb dat besproken met onze directe buren, zowel met de hockey als TGB, die zijn op de hoogte van het feit, dat ik hier zit en dat ik hier dit vertel. Die stonden daar niet negatief tegenover. Maar aan de andere kant is het aan u om dat te toetsen en dan zult u mij op mijn blauwe ogen moeten geloven. Maar ik heb er weldegelijk contact over gehad.

De voorzitter: Dank u wel, meneer Wezenberg, voor uw inspraak. Ik kom er bij de vaststelling van de agenda nog wel even op terug. De heer Wezenberg: Ik had alleen mijn email voorgelezen, maar ik had nog drie punten, die ik aan jullie mee wil geven. Een vereniging heeft 3 vormen van inkomsten. Dat is contributie, dat is de sportkantine en dat zijn de sponsoren. Het afgelopen jaar was de contributie afgedekt, de sponsoren was afgedekt en de kantine-inkomsten zijn gereduceerd naar nagenoeg nul. Voor het komende jaar krijgen we dus een slag in de contributie, we krijgen waarschijnlijk een tik in onze kantie-omzet en de sponsoren is een langer probleem. Volgend jaar en het jaar erop is te zien hoe onze inkomsten op dat vlak zullen zijn. Dat is wat ik bedoelde: hoe hebben wij dit met zijn allen overleefd? Hoe staan wij ervoor? We kunnen ook met elkaar nadenken over: kunnen we het ons überhaupt als vereniging permitteren om voor 6, 7 of 8 velden de huur op te hoesten? Want we weten gewoon niet hoe we ervoor staan. Dat was het einde van mijn betoog. Alles bij elkaar opgeteld nog steeds binnen de 5 minuten. De voorzitter: Dat is ook een maximum.

2/35

De heer Hoek, WIJ: Wat ik begrepen heb, in ieder geval voor de binnensportverenigingen, is dat de huur on hold is gezet tijdens de coronaperiode. Nu weet ik niet uit mijn hoofd hoe dat met de voetbal is, maar ik kan het me voorstellen dat als u geen huur heeft moeten betalen en niet alle leden hebben opgezegd, dat dat ook wat geld op de bankrekening genereert. Wellicht dat dat het gat een stuk kleiner maakt. Klopt dat of zeg ik rare dingen? De heer Wezenberg: Ik vind dat mensen nooit rare dingen zeggen, behalve ikzelf. Ook hiervan kun je zeggen: als je naar de uitgaven gaat kijken van sportverenigingen, dan zijn er 3 stromen. Dat is de accommodatie, dat zijn de betaalde krachten die verenigingen hebben en dat zijn de materialen. En dan nog eventueel afdrachten aan bonden. Dus een aantal uitgaven loopt ook gewoon door. Natuurlijk heeft het de meeste verenigingen geholpen dat ze gecompenseerd zijn door de gemeente, dat is een financiële compensatie. Dat is prima. Voor diezelfde binnensportvereniging geldt, dat mensen al een jaar niets hebben mogen kunnen doen, ga ze maar weer motiveren om het op te pakken.

De heer Hoek: Wat mijn berichten zijn: er zijn een hele hoop mensen, die vanuit een soort loyaliteit richting de vereniging hun contributie gewoon hebben betaald en daar staat natuurlijk niets tegenover en u hoeft geen huur voor velden te betalen, dus ik kan me voorstellen dat dat voor een gedeelte het tekort aan kantine inkomsten compenseert. De heer Wezenberg: Voor uw beeldvorming, dan praat ik alleen voor mijn eigen vereniging. Wij werken in de begroting met om en nabij de € 400.000 op jaarbasis, waarbij € 80.000 beheer is en voor de rest zijn het allemaal andere kosten die wij maken. Uiteraard zit daar ook een verdienste aan. Als wij een goed jaar hebben gedraaid, dan hebben we € 15.000 aan het eind van het jaar over, die we over kunnen hevelen naar de algemene reserves. Een gemiddelde ondernemer was allang gestopt als hij van onze vereniging moest draaien. 3. Vaststelling verslag vorige vergadering d.d. 8 april 2021 De voorzitter: Is er iemand die daar iets over wil melden? Zo niet, dan stellen we dat verslag vast. 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De voorzitter: Ik wil u voorstellen om het stuk ter advisering aan de raad, het accommodatieplan sport, naar voren te halen, dan gaan we dat zo meteen als eerste bespreken. Zijn er mensen, die daar bezwaar tegen hebben? Of zijn er mensen die nog andere punten willen aandragen voor de agenda.

Zo niet, dan stel ik u voor dat we het zo gaan doen. De heer Erwich: Ik wilde opmerken dat de heer Hoppenbrouwer nog niet aanwezig is en hij behandelt dit stuk. De voorzitter: Weet u hoe laat meneer Hoppenbrouwer binnen komt? Ik vraag even aan de griffie wat wij weten. Dat geeft me even de gelegenheid om terug te komen op de vergadering van vorige maand, die na twaalf uur eindigde. Ik weet niet hoe het met u is, maar ik vind het einde op zo’n tijdstip niet erg effectief meer werken. Ik had u voorgesteld, zeker omdat we vanavond weer een lange vergadering verwachten: ik stel voor dat ik toch nog meer mijn best ga doen om u aan uw eigen spreektijd te houden. Het is tenslotte spreektijd, die door u is vast gesteld. Dus ik ga echt na 5 minuten of 3 minuten zeggen: uw spreektijd is voorbij. Er is altijd een aantal mensen, die dat heel verstandig vindt, totdat ze zelf aan het woord zijn, maar ik ga toch ingrijpen. Dat is één. Ten tweede wil als we nog een volledig agendapunt te gaan hebben rond de klok van half twaalf aan u voorleggen of wij een poging gaan doen om het voor twaalf uur te beëindigen dan wel dat we een volgende vergadering uitschrijven, waarin we dat agendapunt nog gaan doen. Ik denk dat veel mensen het met mij eens zijn, dat van acht tot na twaalf uur vergaderen geen fijne avond is. Dat duurt te lang.

Ik neem dat niemand kwalijk uiteraard, want soms is de agenda vol, maar ik denk dat we onszelf een beetje moeten sparen, wat dat betreft, dus dat stel ik u voor. U hebt gelijk, een aantal mensen heeft mij erop geattendeerd, dat de inspraak de vorige keer wel erg lang heeft geduurd. Dat kwam ook omdat het veel reactie opriep en veel vragen. Maar het streven blijft wel om de totale inspraak, ongeacht hoeveel onderwerpen en sprekers er zijn, niet langer dan een half uur te laten duren. Het is tenslotte onze vergadering. Het is altijd geweldig als er mensen zijn, die komen inspreken, die die moeite doen, dat waarderen we enorm, maar ik denk dat een totaal van 30 minuten wel genoeg moet zijn. De heer Buijs: Ik heb een voorstel voor het gegeven als meneer Hoppenbrouwer nog niet arriveert en als hij het woord voert voor het accommodatieplan sport. De heer Erwich: Hij is al aan het inloggen. De heer Buijs: Nog een ander voorstel voor de orde is misschien om interrupties in de eerste termijn niet toe te staan. Dat scheelt ook een hele hoop tijd. De voorzitter: Ik kan u verzekeren, dat die ook niet zijn toegestaan. De heer Kampinga: Dat is nooit toegestaan. De voorzitter: Ik negeer u ijskoud, als u uw hand op steekt in de eerste termijn. Ik moet als uw voorzitter hier ook een evenwicht in vinden.

Ik kan niet de vergadering zo leiden, dat ik de vergadering stuk maak, omdat niemand meer iets kan zeggen als er een goede discussie aan de gang is. Aan de andere kant: ik weet van u bijna allemaal uit de reacties achteraf, dat ik ook wel een beetje op de tijd moet letten. Dus dat gaan we gewoon doen. Meneer Hoppenbrouwer, bent u daar? De heer Hoppenbrouwer: Ja, ik ben er. De voorzitter: Dan hebben we de agenda vast gesteld, met dien verstande dat we zo meteen beginnen met het accommodatieplan sport. Mevrouw Bouman: Ik hoor dat de heer Hoppenbrouwer binnen is, maar ik had nog een ander voorstel. U zou ook bij de kleinste partij kunnen beginnen, maar dat hoeft waarschijnlijk nu niet meer. De

3/35

voorzitter: Ik vind het prettig als ook meneer Hoppenbrouwer de discussie van iedereen kan volgen, maar u heeft gelijk. Inventarisatie rondvragen: De voorzitter: Als mijn inventarisatie klopt zijn er drie binnen gekomen. Meneer Hoek over de voorziening voor jongeren met psychiatrische problemen, meneer Erwich over de sportbox en de heer Kampinga over de overschrijding in de WMO in 2020. Klopt allemaal? Ik ben niemand vergeten? Nee. 6. Stukken ter advisering aan de raad: 6.a Accommodatieplan Sport 2021-2030 De heer Hoppenbrouwer, L3B: Excuses, maar ik heb nou eenmaal een baan naast dit mooie raadswerk, dus dat gaat toch even voor. Gelukkig ben ik net op tijd voor het verschuiven van de agenda, dus dank daarvoor. Excuses voor de heer Wezenberg, dat ik zijn inspraak heb gemist, maar dat zal niet veel anders zijn dan hij al aan ons heeft gestuurd, neem ik aan. Maar dat ga ik vanzelf wel merken aan de reacties van mijn collega’s. Laat ik beginnen met te danken voor het monnikenwerk en de energie, dat door de ambtenaren is verricht, hetgeen geleid heeft tot een sportaccommodatie landschap. Nogmaals dank voor het vele werk en de energie. (…). De voorzitter: U valt weg. De heer Hoppenbrouwer: Ik ga even van het wifi-kanaal af. Ja, beter. Wat ik al zei: toch zijn wij van mening, ondanks de complimenten aan het ambtelijk apparaat, dat de nota nog niet klaar is voor besluitvorming.

Er zijn nog vele vraagstukken, die om aandacht en verdieping vragen, maar vanwege de slechts 5 minuten spreektijd beperk ik mij tot 4 onderwerpen en hoop, dat mijn collega’s onderwerpen oppakken als prestatiesport, de betekenis van sportiefste gemeente van de regio. Waarom niet rijp voor besluitvorming? Het plan geeft geen enkele richting aan hoe de gemeente de groei van de 63.000 inwoners naar 75.000 gaat opvangen. Het signaal van het Hoge Land dat de sportvereniging alreeds uit het jasje barst, wordt op basis van (…) normen en rekenmodellen genegeerd door het college, terwijl de verenigingen andere ontwikkelingen ervaren. Uit de beantwoording van de technische vragen, nummer 5, bevestigt het college ook, dat ze geen enkel idee heeft over de krimp en de groei per sportbeoefening binnen Lansingerland. De tweede reden is de noodoproep van TOGB en CVV Berkel om de wetravelden per direct te vervangen door kunstgrasvelden en dat vraagt ons inziens een concretere uitwerking. Het college geeft in de beantwoording van de technische vraag van WIJ aan, dat de velden recent in 2018/19 zijn vervangen. TOGB geeft echter in de brief, die wij ontvangen hebben, wij allemaal, aan dat die velden in een zeer slechte conditie zijn. Los daarvan, hoe dat dan kan, de omzetting leidt in elk geval tot capaciteit en dat is nodig om de groei naar 75.000 inwoners op te vangen.

Het derde punt, waarom het nog niet rijp is voor besluitvorming, gaat over de effecten van corona. Gemakshalve verwijs ik naar CVV Berkel, de brief die wij ontvangen hebben, ik meen dit weekend. Ik neem aan, dat ook de woordvoerder daarover heeft gesproken. Ter ondersteuning van zijn visie verwijs ik graag naar een rapport van de provincie Friesland, waarin wordt gezegd, dat 41% van de sportverenigingen zich zorgen maakt over de toekomst van hun vereniging. En 23% maakt zich heel veel zorgen. Dan hebben we het over de sportverenigingen in de provincie Friesland. Vraag me niet hoeveel verenigingen dat zijn, maar dat zullen er niet weinig zijn. Even los van de problemen, die er nog zijn m.b.t. verouderd bestuur en afname interesse vrijwilligerswerk. Een tweede onderbouwing van de brief van CVV Berkel is een rapport uit 2020, september meen ik, van de stichting Sport en Strategie, waarbij die zorg normaals wordt bevestigd. Voldoende reden om het besluit nog even uit te stellen. Ik wil graag van de wethouder een reflectie ontvangen van deze drie ontwikkelingen. Er komt nog een vierde bij. De reden is dat er wat ons betreft onvoldoende uitwerking is geweest op de oproep van de binnensportverenigingen om wedstrijden en trainingen zoveel mogelijk te centraliseren. Ik heb begrepen, dat er wel een verbeterslag is gemaakt, ere wie ere toekomt. Dus dat zijn de vier redenen.

Graag van de wethouder een reflectie op de eerste drie. En ik wil heel graag van de wethouder vernemen hoe erg het nou zou zijn als deze nota wordt uitgesteld voor 1 of 1,5 jaar. Het tweede onderwerp. Ik wil heel graag stilstaan bij de dienstverlening aan de sportverenigingen. Tijdens de beeldvorming werden de twee ambtenaren gewaardeerd voor hun inzet en meedenken. L3B onderschrijft dat, maar los van de vele waardering waren er ook twee verenigingen die erg kritisch waren en het gevoel hebben van tegenwerking. Ook bij onze werkbezoeken ontvangen wij deze signalen. Vraag aan de wethouder: gaat de wethouder nog verkennende gesprekken aan met de verenigingen om deze kritiek verder te verdiepen en indien nodig op te lossen? Een derde deel, waar ik stil bij wil staan, is bij de technische vraag, die ik heb gesteld, die door de griffie is ervaren als een politieke vraag. Die politieke vraag gaat over de padelbanen. Op blz.48/66 staat een hele passage over dat padel geen onderdeel is van de basis infrastructuur. Ik meen mij te herinneren bij de behandeling van de beachvolleybalvelden dat we er juist uit waren en dat padel er wel toe behoorde, omdat we daar geld beschikbaar voor wilden stellen. Met andere woorden: wethouder, kunt u daar nu voor eens en voor altijd duidelijkheid over scheppen? Dan de padel en het verlengde daarvan.

De voorzitter: Uw laatste punt? De heer Hoppenbrouwer: Zeker niet mijn laatste punt. Ik hoop, dat u mij de gelegenheid geeft, want het is te belangrijk om dit nu af te kappen, dus ik hoop echt dat u coulance heeft en dan zal ik mij in de tweede

4/35

termijn inhouden, maar u moet mij echt even de ruimte geven om dit belangrijke onderwerp niet af te kappen. De voorzitter: Ga uw gang. De heer Hoppenbrouwer: Dank u wel. Het tweede gaat over de bijdrage aan het paviljoen en de kleedkamers van de beachvolleybal. Los van het feit, dat ik de beachvolleybal een warm hart toedraag, ben ik wel een beetje puzzeld: waarom zouden wij daar nu een bijdrage in verstrekken? Immers, onze beleidslijn is dat kantines, kleedkamers en dergelijke investeringen zijn, die door de verenigingen zelf bekostigd moeten worden. Misschien heb ik het verkeerd onthouden, maar ik hoor graag van de wethouder wat nu de beleidslijn is. Dan nog een één na laatste opmerking, die gaat over de bijdrage HVB. HVB benadert in zijn bijdrage over de verschillen in aandacht en investeringsplannen tussen Berkel en Bleiswijk en dat houdt ons bezig. Is het niet verstandig, en dat is ook een vraag aan de commissie, om separate plannen te maken in de toekomst, waarbij rekening wordt gehouden met twee kernen: de kern Bleiswijk en de kern Bergschenhoek/Berkel. Door de omvang, aard en karakter van Bleiswijk en daarom de grootte van de vereniging is het onlogisch om de velden te laten bekostigen. Als de hockey, is een voorbeeld, voor € 2 ton een veld moet aanleggen, dan is dat door 400 leden niet op te hoesten en bij 1.100 gaat dat kennelijk een stuk makkelijker.

Graag een reflectie van de wethouder op dit idee. Mijn laatste vraag aan de wethouder, met dank aan de voorzitter, is een minor kwestie, maar het zit wel een beetje hoog. Waarom mijn eerste technische vragen van 16 april pas een maand later, ik heb er 4 weken op moeten wachten, zijn beantwoord. Dat heeft mijn voorbereiding ernstig verhinderd. Dank u wel voor uw flexibiliteit. Mevrouw Draak, VVD: Ik moet zeggen, dat ik met veel plezier het bespreekstuk heb voorbereid. Veel contact gehad met de verenigingen in de afgelopen weken. Over het geheel bezien vond ik het een goed samengesteld plan. Het gaf een behoorlijk volledig overzicht van de sportaccommodaties, vrijwel alle verenigingen en sporten zijn meegenomen en benaderd. Ik was vooral ook erg te spreken over het afwegingskader, dat is opgesteld. De adviezen die worden gegeven in het rapport zijn ook consequent getoetst op basis van dat afwegingskader. Dat kan onze instemming hebben. Het heeft helaas wel geleid tot een aantal afwijzingen voor uitbreidingen en investeringen, die passen in het afwegingskader. Maar de VVD voelt wel mee met de verenigingen die nu hun droom niet verwezenlijkt zien worden als we dit plan zouden aannemen. Meneer Hoppenbrouwer noemde het al, ik heb in contacten met verenigingen veel complimenten gehoord over de bereikbaarheid en toegankelijkheid van onze gemeente.

De ambtenaren voor sport worden hierbij vaak met naam en toenaam genoemd. Ook de buitendienst krijgt veel complimenten over flexibiliteit en meedenken, proactiviteit. Dus wat dat betreft, wil ik onze gemeente een compliment geven over de servicegerichtheid, ook al zal er altijd weleens iets mis gaan, maar gemiddeld genomen is dit een compliment waard. 80% van het plan kan onze instemming weg dragen. Helaas is het wel zo, dat de resterende 20% eigenlijk 80% van onze zorgen bevat. Ik heb er twee, die ik wil noemen. Het gaat vooral ten eerste over de verschuivingen in de sport door corona. De heer Wezenberg noemde het al in zijn inspraak, maar ook van binnensporten en een aantal andere buitensporten is gewoon duidelijk dat er erg veel opzeggingen zijn binnen gekomen. Niet alle ouderen of jongeren zijn lid gebleven, maar hebben opgezegd omdat er toch niet gesport kon worden. Dit gaat voor veel verenigingen grote gevolgen hebben. Sommige buitensporten hebben juist geprofiteerd, zoals tennis en padel. En het individueel of in kleine groepjes sporten in de buitenruimte, dat kunnen we allemaal zien, dat is zichtbaar toegenomen. De vraag is nu wat dit op de langere termijn voor gevolgen heeft voor de wijze waarop er in onze gemeente wordt gesport en vooral ook voor de verenigingen.

Moeten we nu verwachten dat verenigingen veldhuur gaan opzeggen en dat binnensportlocaties met meer leegstand te maken krijgen op langere termijn? Op dit moment stelt het accommodatieplan, dat zich vooral richt op sporten in verenigingsverband, dat gaat met respect voor alle belangrijke werk dat verenigingen doen over 23% van onze sporters en dus over 77% niet. Daarom vragen wij ons af of het wel verstandig is om nu deze accommodatienota vast te stellen en net te doen alsof er niets is veranderd. Wij hebben daar grote zorgen over en willen de wethouder vragen hoe ze aankijkt tegen het uitstellen van dit plan met 1 à 2 jaar om af te wachten wat Covid op de langere termijn voor effecten gaat hebben op onze verenigingen. Ons tweede zorgpunt gaat over de vraag of er nu gemeentebreed wel goed wordt geoptimaliseerd. De ambitie uit onze sportvisie ‘sportiefste gemeente van Nederland’ spreekt helemaal niet uit dit accommodatieplan, volgens de VVD. We kiezen voor breedtesport, maar de voorgestelde investeringen gaan alleen naar het Hoge Land, waar op hoog niveau sport wordt bedreven. Het Hoge Land zit nu al vol en over 5 jaar bomvol, terwijl op de sportparken Bergschenhoek en Bleiswijk ruimte over is. Weliswaar beperkt, maar er is daar wel capaciteit beschikbaar.

Ik heb van verschillende verenigingen gehoord, dat het lastig is om bestuurlijke samenwerking onderling te creëren omdat toch iedereen zo zijn eigen belangen nastreeft. Wat de VVD mist, is een proactieve houding van de gemeente om de verenigingen in Bergschenhoek en Bleiswijk te koppelen aan de verenigingen van het Hoge Land. Immers, daar piept en kraakt het en in Bleiswijk en Bergschenhoek is wat ruimte over. Nu het accommodatieplan ook negatief adviseert over een vierde sportpark is optimalisatie van onze sportcapaciteit gemeentebreed een hoge vereiste geworden. We groeien immers nog door naar 73.000 inwoners en krijgen er 15% sporters bij. De VVD begrijpt heel goed, dat clubliefde heel gevoelig ligt. Dat Bleiswijk geen Berkel is en dat fysieke afstanden voor een bepaalde leeftijdsgroep mogelijk een belemmering vormen om in een andere kern te

5/35

gaan sporten. Maar er liggen ook heel veel kansen. In Bergschenhoek trof ik op het Sporthoekpad een aantal verenigingsbestuurders van Triomf en BVCB, die bijvoorbeeld aan Volley2Be hun clubhuis hebben aangeboden om gebruik van te maken, zolang ze die zelf nog niet hebben. Ze gaven ook aan open te staan voor hoge nood vanuit Berkel en Rodenrijs. Kritiek heb ik uit de hele gemeente gehoord over de onzichtbaarheid van de wethouder. De voorzitter: Uw tijd is voorbij. Mevrouw Draak: Mag ik nog iets afronden? De voorzitter: Ja, maak uw zin af. Mevrouw Draak: Het is nog ietsjepietsje meer dan een zin, maar ik bewaar het voor de tweede termijn, zeker. Ik wil eigenlijk graag van de wethouder weten hoe zij een actievere rol kan spelen in het optimaliseren van deze capaciteit, omdat ik me er zorgen over maak, dat dat niet voldoende gebeurt en dit ook een reden voor ons zou kunnen zijn om het accommodatieplan nu niet vast te stellen. Dank u wel. Mevrouw Bouman, CDA: Allereerst dank voor dit lijvige rapport met bijlagen. Het is al gezegd: waardering daarvoor. Ook naar mevrouw Verhoef, die geregeld heeft dat we recent de nodige insprekers hebben mogen aanhoren. Lansingerland de sportiefste gemeente binnenkort, zeker over een aantal jaren. Dat is nog maar even de vraagstelling, gelet op het feit dat ik nu net ook van mijn collega’s heb gehoord.

In de nota wordt gesproken over de breedtesport. Nou, dat is mooi. Maar er wordt ook nog gesproken over de prestatieprojecten en prestatiesport. Met name het laatste, daar kunnen we het eens zijn met wat de gemeente aangeeft. Want als je je richt op de prestatiesport, dan moeten er toch de nodige centen bij. Als ik kijk naar HBR, die toch € 270.000 daarvoor uittrekt. Met andere woorden: breedtesport. Maar is het allemaal wel te behappen? Dan zijn er toch de nodige aandachtspunten en de zorgpunten. Dat betreft een aantal zaken, dat gaat over de communicatie gemeente / sportverenigingen en de verenigingen onderling. Als ik kijk naar de gemeente en sportverenigingen, dan haal ik een voorbeeld aan van HVB, welke aangeeft dat zij toch al ettelijke malen aangegeven heeft dat zij een eigen veld hebben en dat zouden zij heel graag willen overdragen aan de gemeente. Dat schijnt niet bekend te zijn bij de gemeente. De vraagstelling is, er wordt in het rapport verwezen dat ze wel tennisaccommodaties in eigendom hebben, maar niets over HVB. Met andere woorden, de vraagstelling is aan de wethouder: zou zij met HVB in gesprek willen gaan? Het is op langere termijn, want het is pas in 2028 dat er een veld, hoofdveld 1, vervangen moet worden, maar dat is een forse kostenpost en het is een kleine vereniging in Bleiswijk.

Als we het hebben over Lansingerland totaal als gemeente waar sport beoefend mag worden, dan denk ik dat we ook op onze kleine verenigingen, zowel in Bleiswijk als in Bergschenhoek, moeten bedenken en dat niet alle aandacht dan gaat naar het Hoge Land in Berkel. Het tweede, de verenigingen onderling. Hoe zit het daar met de communicatie? Dat hebben we ook beluisterd, dan hoor ik toch dat het helaas nog niet altijd optimaal is. Waar gaat het dan om? Dat men niet optimaal gebruik maakt van accommodaties onderling. Kijk ook even naar het gebruik van de sporthal van TOGB. Dat wordt niet aangemeld als zijnde dat er andere verenigingen gebruik van zouden kunnen maken. Gelukkig heb ik gelezen, dat tussen TOGB en Berkelrode er overleg plaats vindt, maar het zou zo mooi zijn dat zowel de binnensport als de buitensport meer met elkaar overlegt om toch van elkaars accommodaties gebruik te maken. Dus dan is de vraagstelling aan de wethouder: wethouder, ligt er voor u hier misschien ook niet een mooie taak om toch te kijken of er wat meer optimalisatie van accommodaties kan plaats vinden en dat de communicatie toch weer wat optimaler gemaakt kan worden, zeker gelet op het feit, dat wij dat in het verleden gehad hebben. Ik heb al aangegeven: aandachtspunt grote vereniging / kleine vereniging, Bleiswijk / Bergschenhoek ten opzichte van Berkel.

Het zou toch goed zijn, dat met name de kleinere units in Bergschenhoek en Bleiswijk toch niet als ondergeschoven kindje, sorry dat ik het zeg, bezien moet gaan worden. Dan de ontwikkelingen van het groeiend ledenaantal. Wat mij toch ook wel opgevallen is, is het feit dat er sprake is van opzeggingen door leden. Ja, die geluiden hebben wij ook gehoord. De media staat er toch ook wel bol van, ware het niet dat gisteren er op tv zelfs landelijk ook de nodige problemen zijn. En ik beluister hier toch ook wel het nodige. Ja, en wat zijn dan de consequenties op die termijn. Ik heb de collega’s ook al gehoord. Als dat zo is, wat gaat er dan gebeuren? Wat zijn dan de consequenties? Moeten wij dan nu wel het accommodatieplan in deze vorm gaan vast stellen? Kan het niet beter of 1 of 2 jaar? Dan wil ik nog wel verwijzen naar iets anders. Waarom zeg ik dat? Er zijn, zoals ik gelezen heb in het plan, 15 wensen ingebracht, die zijn gehonoreerd. En e.e.a. toch nog in afwachting van de behandeling van de kadernota. Maar er staat t.a.v. de verenigingen ook nog het e.e.a. gesteld in het plan. Er wordt dan verwezen naar de begroting 2020/23. Daarin staat een investering opgenomen. Nu lezen we: de komende jaren is er geen ruimte voor extra investeringen in het MIP. Pas na 2024. Er wordt uitgebreid op blz.53 aangegeven wat dan de redenen zijn, waarom wij daar niet toe over kunnen gaan.

Met andere woorden: waarom nu een accommodatieplan vaststellen 2021-2030 met zoveel onzekerheden ook t.a.v. de groei, maar ook t.a.v. de capaciteit. Dan nog als laatste een uitsmijter: het vierde sportpark. Daar hebben we als raad wel om gevraagd, daar wordt zijdelings iets over gemeld. Er wordt iets verteld over de financiën: € 11mln, je schrikt toch wel even. Maar stel, stel, dat je op termijn X zou aanwenden een vierde sportpark, zijn we dan niet al zover dat wij vanwege het feit dat wij een groeigemeente zijn, dat de nodige woningen er gebouwd gaan worden en dat we dan t.z.t. achter onze oren krabben en denken: wacht eens even, hebben wij nog wel grond? Ik beluister in het verhaal, dat het buiten de scope van dit

6/35

accommodatieplan ligt, dus dat doen we even niet. Maar zitten we dan niet op een verkeerde weg? Met andere woorden: moet er, gelet op de toekomst, ook nog niet even rekening mee gehouden worden? Laat onverlet, er zijn op het ogenblik ook sportaccommodaties in Bleiswijk voor handen, waar gebruik van gemaakt zou kunnen worden. Met andere woorden: moet je niet ook wat breder kijken? Dan heb ik het sec over de korte termijn, waar nog ruimte en mogelijkheden zijn. Maar t.a.v. het vierde sportpark: ja jongens, laten we even uitkijken of dat op termijn, gelet op de woningbouwprogramma’s, of dat toch niet meegenomen kan worden en of er niet op gelet moet worden. Daar ook graag een reactie van de wethouder op. Ik geloof dat ik net in de 5 minuten ben. Dank u wel. De voorzitter: U zou het terug moeten zien. De heer Hoek, WIJ: Ik wil allereerst complimenten maken voor de nota, die hier ligt. Het is wat mij betreft een heel duidelijke nota. Complimenten ook, dat er aanvullend onderzoek is gedaan n.a.v. de bijeenkomst, die wij vorig jaar rond de zomer hadden.

Er is wat meer trendonderzoek, er is wat meer demografisch onderzoek gedaan, dus ik vind het een heel duidelijk verhaal en ik sluit me helemaal aan bij de woorden van mevrouw Draak, dat het afwegingskader bijzonder duidelijk is en helpend is daar waar het gaat om het nemen van beslissingen, want anders wordt het toekennen van wel of geen extra veld echt een stuk elastiek. Dus complimenten. Eén van de belangrijkste zaken, die WIJ al heeft gerealiseerd, of gerealiseerd, voordat dit plan aan de orde was, dat zijn de beachvolleybalvelden en ik ben er zeer blij mee en ik zal dit voorbeeld nog verschillende malen aanhalen: daar waar je daadkracht toont, is er heel veel mogelijk binnen een heel kort tijdsbestek. Dat blijkt maar weer uit het feit, dat Volley2B sinds 1 mei daar speelt. Wat beslissen we vanavond? We beslissen vanavond een aantal zaken. Vier aanvullende investeringen zijn nodig. De aanleg van een extra hockeyveld het Hoge Land en ik sluit me aan bij vorige sprekers: je kan ook praten over kannibalisme. Dat heeft de voorzitter van de hockeyvereniging in Bleiswijk ook al aangekaart. Op het moment, dat je in Berkel een extra veld aanlegt, dan zal je zien, dan gaat dat ten koste van de hockey in Bleiswijk. Het goede voorbeeld is, en dat meen ik echt in alle oprechtheid: Volley2B zijn op een gegeven moment samen gegaan.

In alle drie de kernen werd er gevolleybald, nu is dat geconcentreerd in de Zijde en de Akkers. Geloof me, als kinderen een jaar of acht, negen zijn, moet je toch rijden als ouders. Of je dan naar Bleiswijk moet rijden om je kind af te zetten bij een hockeyveld of naar Berkel, dat maakt niet uit. Ik zou inderdaad de samenwerking, die door voorgaande sprekers ook al gememoreerd is, die zou ik toch nog eens een keer onder de loep nemen. Dan wordt er gevraagd om het ombouwen van 1 natuurvoetbalveld naar een kunstgrasveld. Eénmalige realisatie van beachvolleybal. De heer Hoppenbrouwer memoreerde net over de eigendomsverhouding m.b.t. de clubhuizen. Ik kan u zeggen, meneer Hoppenbrouwer: met de uitplaatsing van het Hoge Land een X-aantal jaar geleden, zijn alle verenigingen op een gigantische manier gecompenseerd om daar een bijzonder mooi clubhuis terug te zetten. Dat wordt nu in eigendom van de verenigingen beheerd. Dus er is weldegelijk gemeentegeld in gestoken om er uiteindelijk voor te zorgen, dat de verenigingen het nu zelf exploiteren. En er wordt voor de rest twee keer medewerking gevraagd voor de realisatie van padelbanen en een blaashal. Raar woord, blaashal. Ik ben blij met punt 4 in de notitie, daar waar het gaat om dat het hele plan niet in beton gegoten zit en dat er regelmatig ijkpunten komen om zaken die anders lopen dan wij bedacht hadden alsnog aan te passen.

Ik vind dat een goede insteek. Ik heb me ook verbaasd over de technische vraag, die ik heb gesteld. Het meningsverschil dat er zit tussen het vervangen van een wetraveld in een kunstgrasveld. Door de voetbalverenigingen werd gesteld dat het hard nodig was en de gemeente stelt dat ze in 2019 nog zijn opgeknapt. Mijn voorstel was, en die vraag heb ik ook gesteld, om die vervanging een jaar te vervroegen en de afschrijftermijn een jaar te verlengen, dus dan moet je een jaar langer doen met je kunstgrasveld, maar daarmee krijg je wel voor elkaar, dat je sneller op je nieuwe veld kan spelen en dus de druk op het speelveld sneller afneemt. Ik was wel blij met de zaken die gesteld werden over de coronacrisis, want ik vind namelijk wel dat de hele notitie daar rekening mee houdt en dat er voorgesteld wordt om wanneer het nieuwe normaal zich aandient, een heel vreselijk woord, ik realiseer me dat, dat we dan toch nog eens het net moeten trekken of dat niet nog gevolgen heeft voor de gemiddelde vereniging. Ik ben er ook blij mee, dat we richting 2022 ons gaan richten op de sportbeoefening in de vrije ruimte. Ik denk dat dat ook een heel belangrijk onderwerp is. Wat ik ook een ingewikkelde vond, best wel, als er een verzoek komt voor de uitbreiding van de basisstructuur, want dan moet er een maatschappelijke meerwaarde zijn.

Hoe toets je nou een maatschappelijke meerwaarde? Dat vind ik een heel lastige. Ik snap de beweegreden van: als er al een dergelijke vereniging is in een buurgemeente, dan wordt dat meegenomen in het afwegingskader. Maar volgens mij gaat het ook om het aantal leden, dat een vereniging heeft en hoe druk het in die buurgemeente is. De voorzitter: Uw tijd is voorbij. De heer Hoek: Dan neem ik de rest mee in mijn tweede termijn. Dank u wel. De heer Lieverse, CU: Ik ben onaangenaam verrast door de eerste sprekers van vanavond. Nu we net de coronamaatregelen aan het versoepelen zijn en sportaccommodaties eindelijk weer open kunnen, terwijl de terrassen en de friettent al eerder open waren, om dan nu te aarzelen om investeringen te gaan doen zoals die nu voorgesteld worden in het plan, dat vind ik echt een compleet verkeerd signaal afgeven.

7/35

Juist nu moeten we sporten op alle manieren helpen in plaats van te gaan aarzelen en uit te gaan stellen en terug te gaan schrikken. Wij hebben grote waardering, onze fractie, voor het grondige werk, dat de beleidsambtenaren gedaan hebben. Dat hebben anderen ook al gezegd. We hebben ook waardering voor de vele overleggen, die er geweest zijn tussen gemeente en de verenigingen. We hebben daar veel over terug gehoord bij het ronde tafel gesprek, dat mevrouw Verhoef georganiseerd heeft. Nogmaals, complimenten ervoor. Ik was erg bezorgd over hoe het zou gaan verlopen, maar het was een zeer helpende bijeenkomst, die we samen hadden. Natuurlijk, er is een probleem. We gaan een plan vast stellen, dat tot 2030 geldt. En dat heeft een aantal dilemma’s. Een aantal verenigingen heeft dit ook als een aanleiding gezien om nu met wensen te gaan komen, die ze de afgelopen tijd niet geuit hebben. Maar er zijn ook verenigingen, die heel duidelijk wel hun eigen punten, die ze al eerder hebben aangegeven, naar voren gebracht hebben. Ik noem er enkele van. Ik ga niet de investeringen, die in het plan genoemd worden, die wij uitstekend vinden, zoals de extra baan hier en het omzetten van een andere baan enzovoorts.

We vinden het ook belangrijk, dat deze investeringen door gaan, omdat sport een grote meerwaarde heeft, meer dan waar alleen maar aan gedacht wordt van het spelletje en het winnen van een team. Sociale cohesie is de sociale meerwaarde en lichamelijk fit zijn, de kilo’s eraf, de coronakilo’s met name ook. Dat er geen beletsel is voor leeftijd of inkomen, dat is een belangrijke voorwaarde om sport gemeentebreed kansen te geven. Naast de investeringen zijn een paar punten onderbelicht. Een enkele spreker heeft het al aangestipt. HVB heeft zorgen over de trek naar Berkel. Maar tegelijkertijd is HVB in Bleiswijk een heel levendige vereniging, met name de jeugdvereniging. En voor jeugd is het uitermate moeilijk om de fiets te pakken of gebracht te worden naar een sportpark buiten Bleiswijk. Dus er is alle reden voor om hen ter wille te zijn. De wens, die zij al heel lang geleden geuit hebben om de ene baan, die hun eigendom is, door de gemeente te laten overnemen, zodat bepaalde kosten weg genomen worden, willen wij graag ondersteunen. Niet pas in 2028 als die meerkosten eraan komen, maar op korte termijn. Kieviten heeft ook al heel veel jaren lang laten merken, dat zij faciliteiten tekort komen voor omkleedruimten, voor alles wat voor atletiek belangrijk is.

Ook met Kieviten het overleg nadrukkelijk aangaan en te kijken hoe hun uit de brand te helpen wil onze fractie graag ondersteunen. Er wordt iets gezegd over padelbanen door sommige sprekers en beachvolleybal. Ik wil het niet weg zetten als heel tijdelijk, maar ik denk toch wel dat het typische coronasporten zijn, waarvan ik nog maar moet zien of het over 5 jaar nog even populair is. Ik zie sommige mensen ‘nee’ schudden, maar ik wil er wel een wedje over aangaan of het over 5 jaar nog even populair is als nu als de coronadruk er niet is om maar met 2 of 4 mensen te kunnen spelen tegelijkertijd. Ik wil me heel graag aan de tijd houden en daarom zal ik u de laatste minuut besparen. De voorzitter: U krijgt een bonus. Mevrouw Heijblom, D66: Ik ga het echt kort houden. Ik dank de wethouder en de ambtenaren voor het accommodatieplan. Ook wij vinden het een vrij gedegen plan. D66 heeft ook de uitstekend georganiseerde beeldvormingsavond over het accommodatieplan bijgewoond. Daar waren veel verschillende sportverenigingen bij aanwezig. Ik wil de PvdA, net zoals de anderen, er nogmaals voor bedanken, want het heeft erg geholpen. Wat ons eigenlijk opviel tijdens die avond, is dat heel veel sportverenigingen juist heel tevreden zijn over het accommodatieplan.

Wat mij ook opviel, en dat hoor ik hier van een aantal coalitiepartijen terug, is dat tijdens de beeldvormingsavond het eigenlijk helemaal niet ging over de zorgen in relatie tot corona. Of ik heb niet op zitten letten, maar volgens mij is dat nauwelijks of niet genoemd. Ik werd ook wel een beetje verrast door het mailtje van de meneer van de voetbalvereniging CVV. Ik heb nog wel een aantal vragen. Tijdens de beeldvormingsavond, een aantal mensen heeft het al genoemd, kwam TOGB, die aangaf dat er één veld vervangen wordt door een kunstgrasveld. Zij zeggen: gezien onze groei en de toekomst hebben we er eigenlijk nog eentje nodig. Ik vroeg me af: is dit nou bekend bij de wethouder? Hoe kijkt ze hier tegenaan? Wat verder opvalt, meneer Hoppenbrouwer had het er al even over, is dat in het accommodatieplan die prestatiesport wordt uitgesloten. Ik vraag me toch wel een beetje af waarom eigenlijk. Prestatiesport kan heel goed zijn voor de gemeente op verschillende gebieden. Misschien kan de wethouder daar straks iets over zeggen. Als laatste werd ons tijdens die beeldvormingsavond ook duidelijk, dat vooral de roostering van de capaciteit van de sporthallen aandacht vraagt. Ook over de gemeenten heen. Wij denken dat het belangrijk is, dat de wethouder hier voor zorgt, dat daar extra aandacht voor komt, dus misschien kan ze daar ook nog iets over zeggen straks.

Mevrouw Gabin, GL: Het accommodatieplan ziet er bij de eerste indruk goed uit. Het college legt een visie vast, waarbij de bevolkingsgroei en de trends als uitgangspunt worden genomen. Een trend is een patroon van geleidelijke verandering, waarin iets zich ontwikkelt naar een bepaalde richting. Het is dus belangrijk, dat zo’n plan niet rigide wordt vast gesteld, maar dat er ruimte is om te anticiperen. Jammer dat de Eneco-gelden niet zijn meegenomen in het plan. Dit had namelijk voor sportverenigingen in een crisistijd als deze een steuntje in de rug kunnen betekenen. Dat had misschien ook een uitweg kunnen zijn voor CVV Berkel. Wat zijn de consequenties wanneer het accommodatieplan wordt uitgesteld voor 1,5 jaar, vragen wij ons af. Ik vind het nogal apart dat de heer Wezenberg zo last minute zonder mandaat

8/35

van andere sportverenigingen een vrij stevig verzoek indient. Is de wethouder op enige wijze op de hoogte gesteld over de zorgen van de sportverenigingen? De bedoeling is dat de gemeente intensief samenwerkt met sportverenigingen, scholen, ondernemers en andere betrokken partijen in Lansingerland. Tijdens een bijeenkomst op 11 juli 2020 hebben de sportverenigingen hun teleurstelling geuit over het feit dat hun inbreng niet of onvoldoende is meegenomen in het plan. Tijdens de beeldvorming in april kwam opnieuw kritiek van een aantal sportverenigingen, dat input te weinig meegenomen zou zijn in het plan. Dit, terwijl het college aangeeft, dat het alles uit de kast heeft getrokken qua burgerparticipatie. Er zit dus hier een verschil in beleving. Wij vragen ons af hoe dat komt. In hoeverre heeft het college echt gehoor gegeven aan de input van sportverenigingen? Ik ben het niet eens met de heer Lieverse over padeltennis, dat het een hype is wat over een paar jaar zou overwaaien. Padel staat wel echt bovenaan het lijstje van trends en het groeit alsmaar, dus ik zou zeggen dat daar echt wel wat extra aandacht aan gegeven mag worden. Tot zover onze bijdrage. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik wil graag eerst nog even terugblikken op de avond van 14 april. De PvdAfractie maakte zich inderdaad zorgen over de vraag of de wensen van sportverenigingen wel voldoende duidelijk waren.

Het was fijn, dat in het proces van beeldvorming we ook echt nog de kans hebben gekregen om in gesprek te gaan met de sportverenigingen. Ook fijn, dat er veel verenigingen waren en ook de moeite namen om uitgebreid ons te woord te staan. In grote lijnen konden de verenigingen zich vinden in het accommodatieplan, maar er viel ons toch nog het e.e.a. op in de inbreng van de verschillende verenigingen. Allereerst bleek, dat er bij sommige verenigingen teleurstelling was dat een aantal wensen niet genoteerd was in het plan. Let wel, er was begrip voor, dat niet alles gehonoreerd kon worden, maar noteren is natuurlijk wat anders. Goed om naar de toekomst toe te weten waar de wensen liggen. Ten tweede bleken niet alle cijfers te kloppen, bijvoorbeeld de ledenaantallen. Ook maakte een aantal verenigingen zich zorgen over het feit dat niet verder dan 2030 wordt gekeken. Ook bleek dat er veel zelf oplossend vermogen nodig is bij de verschillende verenigingen, bijvoorbeeld om het tekort aan zalen op piekmomenten op te lossen. De rek lijkt er daarbij wel een beetje uit en de mogelijkheid van een revival van de sportkoepel werd genoemd en ik denk dat we daar serieus naar moeten kijken. Vanuit mijn fractie wil ik graag 3 aandachtspunten mee geven voor dit plan.

Een algemeen punt wil ik noemen, als eerste, en daarna een punt voor de Kieviten, de atletiekvereniging en een punt voor de hockeyvereniging Bleiswijk. Dan ga ik tot slot nog iets zeggen over de vraag of we de besluitvorming rondom dit plan moeten uitstellen of niet. Allereerst: mijn fractie vindt dat we verder moeten kijken dan 2030. We begrijpen dat het heel lastig is om specifiek op basis van trendstudies iets te zeggen over aanwas en dalen van leden per sport, maar waar we voor willen pleiten is om nu al vast te leggen dat het college bij planologische studies voor na 2030 rekening houdt met de reservering in ruimte voor een vierde sportpark. Mevrouw Bouman hintte daar ook al naar. Lansingerland zal groeien richting 85.000 tot 90.000 inwoners als we alle locaties, die nu in beeld zijn, gaan volbouwen. Zeker 20.000 extra inwoners, dus het is belangrijk om daar ruimte voor een vierde sportpark in de smiezen te houden. Dus wij zullen een motie indienen om nu al bij die planologische studies rekening te houden met reservering voor zo’n vierde sportpark qua ruimte. Het tweede punt gaat over Kieviten. Mijn fractie zou graag zien, dat in het sportaccommodatieplan expliciet wordt aangegeven, dat de atletiekvereniging de Kieviten en de gemeente samen zullen onderzoeken of en hoe het ruimtelijk en financieel haalbaar is om voor de jeugd een zogenoemde sprintstrip aan te leggen.

Dat kan in Bleiswijk zijn, maar ook ergens anders in Lansingerland, als het maar dicht bij het Bersche Bos is, zeggen de Kieviten, want dan kunnen de jongens en meisjes ook in het bos rennen. Zo’n sprintstip kan een stuk zijn van 200 meter, maar ook 110 meter of 60 meter, het moet een compact stuk zijn om korte baan te oefenen. Die wens voor die 400 meter echte atletiekbaan, die bestaat nog wel, maar die plannen zijn niet uitgekristalliseerd en dus wil de vereniging er in ieder geval voor zorgen, dat de jeugd atletiekbeoefening optimaal kan floreren. Daar kan zo’n sprintstrip echt een optie zijn. Hoe dat er dan precies uit moet zien, dat kan dus samen met de gemeente onderzocht worden. Ik heb al tekstfragmenten klaar om dat in een amendement te gieten als dat nodig is. Dan de hockeyvereniging Bleiswijk, dat hebben anderen ook al genoemd. Een kleine hockeyvereniging, maar die voorziet in de behoefte van o.a. jonge kinderen in Bleiswijk, die nog te klein zijn om naar Berkel te fietsen bijvoorbeeld. Er is een G-team voor mensen met een beperking. Het is heel prettig dat dat er ook is in Lansingerland. Eén van de twee hockeyvelden is in eigen bezit, zo ga de heer Manders, de woordvoerder, aan.

En ze zijn al vanaf 2012 bij wethouder en ambtenaren bezig om voor elkaar te krijgen of om in ieder geval te overleggen over het feit, dat ze het eigendom van het veld graag willen overdragen, maar die wens wordt niet gehonoreerd. Het staat ook in dit plan: geen noodzaak tot overdragen. Dat is pertinent onjuist, volgens de vereniging. Over 6 jaar moet daar weer gerenoveerd worden, dus dat kan ook niet te lang wachten. De heer Manders had het over een eerlijk speelveld t.o.v. HBR in Berkel en Rodenrijs als het gaat om de kosten, want HBR huurt alle velden. Twee wijzigingen, die ik dus wil voorstellen, wil amenderen in het plan, zoals het er nu ligt. Het te positieve beeld over de groei van de hockeysport in Lansingerland in algemeenheid moet worden bijgesteld. Die trend is er wel in Berkel en Rodenrijs, maar niet in Bleiswijk, dus die nuance moet er wel in komen. Graag zou HVB gebruik maken van de mogelijkheid om samen met de gemeente een businesscase op te

9/35

stellen rond die overdracht van eigendom. Dus eerst kijken: wat levert dat op, hoe pakt dat uit voor beide partijen, de gemeente en de vereniging? Over het overdragen van dat veld, dat is een volgende stap, eerst die businesscase maken. Dan wil ik nu nog even kort ingaan. De voorzitter: Uw spreektijd is voorbij. Mevrouw Verhoef: Mag ik heel even nog iets zeggen over de besluitvorming? De besluitvorming uitstellen vindt mijn fractie geen goed idee. Het is niet in het voordeel van de sportverenigingen. We kunnen bijvoorbeeld na 2 jaar een tussentijdse evaluatie doen om te kijken of de nota nog up to date is. Als we heel goed kijken naar wat er wordt voorgesteld, één extra hockeyveld, één voetbalveld van natuurgras naar kunstgras, zal de coronasituatie dat veranderen? Ik denk dat we het niet moeten uitstellen, maar moeten bijstellen over twee jaar. Dank u wel. De voorzitter: Dank u allemaal voor uw gewaardeerde pogingen om u beknopt uit te drukken. Ik weet zeker, dat ook de wethouder mee gaat werken aan deze trend. Beantwoording college Wethouder Van Tatenhove: Dat ga ik proberen, maar dat is wel een opgave, want er zijn best wat punten aan de orde gesteld. Ik wil u allemaal bedanken voor de complimenten, die u heeft gegeven voor het document en ook voor de inzet van de ambtenaren.

Eéntje zit er hier op anderhalve meter bij mij vandaan en de andere zit, weet ik, thuis ijverig mee te luisteren, dus ik hoop dat ze horen, dat ik de complimenten doorgeef. Verder wil ik eerst even beginnen met het overall beeld: waarom deden we dit en wat hebben we nou precies gedaan? We deden dit omdat we een nota hadden geschreven met een visie voor Lansingerland als sportiefste gemeente. We hebben daarin aangekondigd, dat we een keer goed naar de accommodaties wilden kijken van zowel de binnensport als de buitensport, omdat er steeds losse wensen komen en omdat het goed is om daar een kader voor te hebben, hoe je die dan beoordeelt. En omdat we ook vooruit wilden kijken tot het jaar 2030 om in beeld te krijgen wat op grond van de huidige ontwikkelingen en de huidige trends en de verwachte groei dan de behoefte zal zijn aan de sportaccommodaties. Dus als u het heeft over ‘we gaan nog groeien’ dan klopt dat, maar dan zeg ik daar gelijk bij: juist met die groei hebben we gerekend om te kijken: wat moeten we doen tot 2030 en wat vraagt dat dan op dit moment voor het sportaccommodatieplan? Dus dan kom ik gelijk bij de opmerking van mevrouw Verhoef over de periode daarna. Dat is inderdaad de periode die hier dan niet in zit, na 2030.

Als we inderdaad doorgroeien tot de aantallen die u noemt, dan is het niet zo dat dit zomaar op de huidige drie sportparken opgevangen kan worden en dat we dan bij uitbreiding met zulke aantallen rekening moeten houden met het feit, dat er dan wellicht nieuwe sportaccommodaties moeten worden gerealiseerd c.q. een compleet nieuw vierde sportpark waar dan ook in onze gemeente. Maar dat geldt dus niet voor de groei, waarvan we zeker zijn tot de 75.000 inwoners rond 2030, want die zijn nu verdisconteerd. Dat was wat de aanleiding was voor dit sportaccommodatieplan. Dan ga ik ook maar gelijk naar de vraag: wat vind ik van uitstel van dit accommodatieplan? Het zal u niet verbazen, dat ik daar geen voorstander van ben, juist omdat het vooruit kijkt tot 2030 en omdat de cijfers zijn mee genomen, zoals we ze nu kennen. Corona zal ongetwijfeld gevolgen hebben voor het aantal sporters, want we zien dat er nu inderdaad meer in de buitenlucht wordt gesport en op dit moment minder in overdekte accommodaties en in sportscholen. Daar zal ongetwijfeld straks ook wel weer iets in veranderen.

Maar in denk, dat we in elk geval kunnen zeggen op basis van de cijfers, die we nu hebben, dat we wel een plan nodig hebben, wat erin voorziet, dat kinderen en volwassenen, die nu van die accommodaties gebruik willen maken, er ook zeker van zijn, dat die accommodaties op deze manier verzorgd worden en dat ze er ook zeker van zijn, dat als wij een veld nodig hebben omdat we harder groeien, dat we dan criteria hebben waartegen we het kunnen afwegen of dat veld dan inderdaad ook gerealiseerd kan worden. Dus ik zou u echt op het hart willen drukken om het sportaccommodatieplan vast te stellen en gebruik te maken van de mogelijkheden die u in elk geval ook zelf heeft om het af en toe op de agenda te zetten ter evaluatie, zoals we ook hebben voorgesteld om de vinger aan de pols te houden en het regelmatig met u te bespreken en te bekijken op al dan niet noodzakelijke aanpassingen. We hebben een uitgangspuntennotitie vast gesteld. Daarin hebben we afgesproken, en dan kijk ik even naar mevrouw Heijblom, want zij stelde dat aan de orde volgens mij, daarin hebben we afgesproken dat we Lansingerland als gemeente beschouwen en dat we voor een sport kijken op het niveau van een gemeente. Dus als er een groei is in de ene kern, dan kijken we of er capaciteit is in de andere kern.

Als er totaal te weinig capaciteit is, dan spreken we over uitbreiding van het aantal velden of wat er op dat moment dan aan de orde is. Dus ook een vraag voor een extra hockeyveld, die beoordelen we op basis van het aantal hockeyvelden, dat we in de gemeente Lansingerland hebben. Wat hebben we gedaan in de afgelopen periode? Wat hebben onze ambtenaren vooral gedaan? Die zijn heel intensief met de verenigingen in gesprek geweest over: wat hebben jullie aan ledentallen, wat hebben jullie aan wensen, wat verwachten jullie aan groei? We hebben contact gehad met verschillende bonden om datzelfde ook scherp in beeld te krijgen. We hebben bestudeerd welke trends in Lansingerland afwijkend zijn van de landelijke trends. En op basis daarvan is het accommodatieplan voorzien van cijfers, waarmee we gingen rekenen. Ze hebben allemaal hun wensen bekend gemaakt en ik hoor bij u, dat u andere wensen heeft

10/35

opgehaald, dan dat er in het begin van het jaar bij ons zijn gedropt. Dat geldt o.a. voor de overname van het veld van HVB. Ik heb daar zelf in het verleden ook gesprekken over gehad met de heer Manders, die door enkelen van u werd genoemd. Dat was toen een wens. Hij is nu bij het ophalen van de wensen bij ons niet naar voren gekomen. Ik begrijp, dat die inmiddels wel weer boven aan de lijst staat en ik denk dat het goed is, dat wij daarover met HVB in gesprek blijven, want ik weet dat het een al eerder bestaande wens was en blijkbaar is die ook even bij hun uit beeld geweest, maar dat kan ik u toezeggen, dat we daarover weer met hen in gesprek gaan. De eventuele samenwerking tussen HVB en HBR, omdat ze allebei hockey aanbieden en er misschien wat uitwisseling is, dat is iets wat vooral de sportverenigingen in de praktijk zelf moeten doen. Wat we wel proberen om dat regelmatig aan de orde te stellen is om te faciliteren waar het kan en wat in de afgelopen periode, denk ik, wat minder aan de orde is geweest en waarin ik zelf als wethouder minder een rol heb gespeeld. Volgens mij duidde mevrouw Draak daar ook op, dat ik zelf het afgelopen jaar minder contact heb gehad met de sportclubs dan in het verleden. En dat klopt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=325b1bb2-6e39-4a1c-ba9f-967cd00663c3