CConstaterende datLaarbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

4 20230309 RIB Haalbaarheidsonderzoek Gulden Energie Bijlage.pdf

Commissie Sociale & Algemene Zaken 9 maart 2023, gemeente LaarbeekBij agendapunt: Ingekomen stukken en mededelingen31.053 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

---

Scoretabel De MKBA scoretabel is opgenomen in tabel V.2.

Witteveen+Bos | 130784/22-017.381 | Bijlage V | Definitief

Tabel V.2 Overzicht kosten en baten Gulden Energie Referentie/ huidige situatie

Individuele duurzame warmte voorziening

Collectief Warmtenet variant 1 (TEA + gasketel)

Collectief Warmtenet variant 2 (TEA + e-boiler)

maatschappelijke investeringskosten

0

--

---

---

herinvestering

0

---

-

-

maatschappelijke kosten e-net/gnet

0

-

-

--

maatschappelijke jaarlijkse kosten

0

++

++

+

Total Cost of Ownership1 (TCO) per weq over 30 jaar

EUR130.000

EUR127.000

EUR121.000

EUR137.000

afname jaarlijkse energielasten (voor bewoners)

-

++

+

+

ruimtelijke inpassing in natuur, landschap en stedelijke omgeving - aanlegfase

0

-

--

--

ruimtelijke inpassing in natuur, landschap en stedelijke omgeving -gebruiksfase

0

-

0

0

afname CO2-emissie

0

+

++

+++

afname NOx-emissie

0

+

++

+++

afname overige emissies (fijnstof en zwaveldioxide)

0

+

++

+++

afname gebruik fossiele brandstoffen

0

+

++

+++

sociale cohesie

0

+

++

++

betrouwbaarheid (warmtelevering, onderhoudsverantwoordelijkheid)

0

-

++

++

mate van afhankelijkheid van één marktpartij

0

0

-

-

nogelijkheid om te koelen

-

+

-

-

verandering van oppervlaktewatertemperatuur

0

0

0/-

0/-

verandering gebieden met cultuurhistorische of archeologische waarden

0

0

0

0

kosten

totale kosten baten

1

Het totaalbedrag aan kosten voor de aanschaf en het bezit van de warmtevoorziening gedurende de hele gebruikscyclus. Dit bevat behalve de aanschafprijs alle kosten vanaf het moment van aankoop tot het moment dat er afstand van wordt gedaan.

Witteveen+Bos | 130784/22-017.381 | Bijlage V | Definitief

Maatschappelijke kosten De gebruikte kentallen voor de maatschappelijke kosten analyse zijn weergeven in Bijlage III. Een beschrijving en duiding van de criteria en scores wordt hieronder gegeven. Maatschappelijke investeringskosten Hieronder vallen de investeringskosten voor de warmtetechniek, warmtenet, isolatie en installaties in de woning en eventueel afsluiten van de gasaansluiting. De initiële investeringskosten voor de warmtenetten zijn hoog omdat de collectieve bron en het warmtenet aangelegd moet worden. Voor gebruik van een elektrische boiler zijn de investeringskosten bij de huizen hoog omdat er geïsoleerd moet worden tot label B en een lage temperatuur afgiftesysteem geïnstalleerd moet worden. Voor een hybride boiler en de MTwarmtenetten is isolatie tot label D voldoende en zijn de investeringskosten dus relatief lager. Maatschappelijke herinvesteringskosten Onder de maatschappelijke herinvesteringskosten vallen met name herinvesteringen in de warmteinstallaties, zoals de warmtepompen. De maatschappelijke herinvesteringskosten zijn relatief hoog voor de individuele systemen omdat de individuele (hybride) warmtepompen een levensduur van 15 jaar hebben. Het warmtenet heeft een levensduur van 30 jaar dus de herinvesteringskosten zijn lager. De collectieve warmtebron van het warmtenet heeft wel een herinvestering nodig na 15 jaar.

De maatschappelijke kosten voor e-net/g-net De maatschappelijke kosten voor e-net/g-net zijn gebaseerd op de eventuele benodigde elektriciteitsnetverzwaring en kosten voor gasnet verwijderen. Deze kosten zijn voornamelijk hoog voor gebruik van de individuele elektrische warmtepompen en voor het collectieve warmtenet waarbij een grote warmtepomp benodigd is. Voor de warmtenet variant met elektrische piekboiler kunnen deze kosten nog hoger uitvallen dan nu is opgenomen in de TCO-berekening. De benodigde netverzwaring voor een elektrische piekboiler is namelijk geen onderdeel van de gegevens in de startanalyse. De maatschappelijke jaarlijkse kosten Onder de maatschappelijke jaarlijkse kosten vallen de onderhoudskosten en de energiekosten. In alle varianten zijn jaarlijkse elektriciteitskosten gerekend voor vaste leveringskosten en netbeheerkosten omdat de elektriciteitsaansluiting in gebruik blijft. De jaarlijkse onderhouds- en energiekosten zijn het hoogst voor de referentiesituatie met de cv-ketel. Indien de gasprijs nog verder omhoog gaat (huidig prijspeil juli 2022) kan dit verschil nog verder oplopen. De maatschappelijke jaarlijkse kosten zijn het laagst voor de individuele elektrische boiler. De energiekosten voor het warmtenet met elektrische piekboiler zijn hoger dan met gas piekboiler.

Indien de gasprijs harder stijgt dan de elektriciteitsprijs zal dit verschil kleiner worden. De maatschappelijke TCO De TCO zijn de totale kosten voor de maatschappij voor een periode van 30 jaar voor aanschaf en bezit bestaande uit de jaarlijkse kosten, investeringskosten, herinvesteringen en kosten voor het gas- en elektriciteitsnet. De hoogte van de jaarlijkse kosten hebben dus een significante rol hierin omdat deze kosten jaarlijks terugkomen. Maatschappelijke baten De baten van de opties voor warmte voorziening zijn kwalitatief ingeschat. Jaarlijkse kosten De jaarlijkse kosten voor warmte zullen in de referentiesituatie toenemen door de toename van de gasprijs. Ten opzichte van de referentiesituatie is de individuele warmte voorziening waarschijnlijk goedkoper in vergelijking met de collectieve warmtevoorziening.

Witteveen+Bos | 130784/22-017.381 | Bijlage V | Definitief

Ruimtebeslag Vooral het collectieve warmtenet heeft in de aanlegfase een negatief effect op de ruimtelijke inpassing, gezien de benodigde aanleg van een leidingensysteem van de RWZI naar de huizen. In de gebruiksfase zijn die leidingen weggewerkt en is er een beperkt effect op de ruimtelijke inpassing (de aanwezigheid van enkele onderstations waar warmte vanaf het hoofdtransportnet wordt verspreid naar de woningen). Voor het individuele warmtesysteem is juist de verwachting dat er sprake is van een negatief effect doordat bij verschillende huizen verschillende elementen aangebracht moeten worden om het huis van warmte te voorzien. Daarnaast zal het elektriciteitsnet ook mogelijk verzwaard moeten worden en zullen er meer transformatorhuisjes moeten komen om alle woningen van voldoende elektriciteit te kunnen voorzien. Emissies Ten aanzien van emissies en het gebruik van fossiele brandstoffen heeft het collectieve warmtenet variant 2 de meest positieve baat en daarna variant 1: deze varianten dragen het meest bij aan de vermindering van CO2, NOx, overige emissies en fossiele brandstoffen. Bij variant 1 komt dat omdat 10-20 % van de warmte afkomstig is uit een gasketel, terwijl dat bij hybride warmtepompen tenminste 40 % is.

Een uitzondering hierop vormt de all electric warmtepomp, maar omdat slechts 20 % van alle woningen in Aarle-Rixtel en De Eeuwsels hiermee zou zijn voorzien in het scenario, is de reductie kleiner dan bij de collectieve varianten, zeker als wordt uitgegaan van een e-boiler in plaats van een gasketel. Sociale cohesie De mate waarin de varianten van het collectieve warmtenet bijdragen aan sociale cohesie is gelijk, maar naar verwachting iets meer dan in het geval van individuele warmte voorziening. Betrouwbaarheid en afhankelijkheid De betrouwbaarheid van een individuele duurzame warmtevoorziening is minder goed dan de huidige cvketels, want er zijn meer elementen die kapot kunnen gaan. De betrouwbaarheid van een collectief warmtenet is juist groter, omdat de onderhoudsverantwoordelijkheid bij een externe partij ligt en er minder elementen zijn die stuk kunnen gaan. Dat maakt wel dat de deelnemers aan een collectief warmtenet afhankelijk zijn van één marktpartij, terwijl dat voor de referentiesituatie en voor een individuele warmtevoorziening niet het geval is. Koeling De individuele warmte biedt als enige van de opties de mogelijkheid om zijn gebruiker niet alleen van warmte te voorzien, maar ook te voorzien in koeling van het huis. Oppervlaktewater temperatuur De warmtenet opties hebben een positief effect op een verlaging van oppervlaktewatertemperatuur in de zomer.

Cultuurhistorische of archeologische waarden Geen van de opties heeft impact en verandering in gebieden met cultuurhistorische of archeologische waarden.

Witteveen+Bos | 130784/22-017.381 | Bijlage V | Definitief

V.2

Investeringskosten zoals gehanteerd in de MKBA analsye

Tabel V.3 Uitgangspunten investeringskosten systeem. De investeringskosten zijn exclusief btw Installatie

Categorie

Witteveen+Bos kentallen

Bron

HR ketel

investeringskosten

EUR 1.355

Ponteia 2019, ACM

herinvesteringskosten

70 % van investeringskosten

Witteveen+Bos

onderhoudskosten

EUR 115 per jaar

Ponteia 2019, ACM

investeringskosten

EUR 5.950

Consumentenbond 2021

herinvesteringskosten

70 % van investeringskosten

Witteveen+Bos

onderhoudskosten

EUR 149 per jaar

Witteveen+Bos

investeringskosten

EUR 8.260

Witteveen+Bos

herinvesteringskosten

70 % van investeringskosten

Witteveen+Bos

onderhoudskosten

EUR 115 per jaar

Witteveen+Bos

investeringskosten

EUR 19.000

Witteveen+Bos

herinvesteringskosten

EUR 1.700

Witteveen+Bos

onderhoudskosten

EUR 130 per jaar

Witteveen+Bos

5 kW hybride L-W warmtepomp + HR ketel

10 kW lucht/water warmtepomp (inclusief buffervat)

MT warmtenet**

*

investeringskosten zijn inclusief installatie, dus eventueel leidingwerk, manuren, installatiebenodigdheden en aanbrengen van 3x25A voeding

**

bij de investeringskosten van het MT warmtenet is uitgegaan van dezelfde kostenraming die is opgesteld ten behoeve van de businesscase Gulden Energie en dit teruggerekend naar kosten per woning

V.3

Kosten isolatiemaatregelen zoals gehanteerd in MKBA analyse

De gemiddelde kosten voor isolatiemaatregelen (zie tabel V.4 en tabel V.5) en zijn gebaseerd op kosten kentallen afkomstig uit de startanalyse. De kosten geven een ruwe inschatting voor de kosten van verduurzaming van de gebouwschil (isolatie + kierdichting) en kosten voor nieuwe/betere ventilatiesystemen. De kosten voor het vervangen van afgiftesystemen zijn geen onderdeel van deze gemiddelde kosten.

Tabel V.4 Gemiddelde kosten voor verduurzaming van gebouwschil en ventilatiesysteem naar label D Woningtype

G naar D

F naar D

E naar D

vrijstaand

EUR 21.600

EUR 8.700

EUR 4.900

2-onder-1-kap

EUR 15.100

EUR 9.300

EUR 4.000

rijwoning hoek

EUR 12.400

EUR 5.400

EUR 3.800

rijwoning tussen

EUR 8.400

EUR 5.700

EUR 2.600

meergezinswoning

EUR 10.100

EUR 6.200

EUR 3.100

Witteveen+Bos | 130784/22-017.381 | Bijlage V | Definitief

Tabel V.5 Gemiddelde kosten voor verduurzaming van gebouwschil en ventilatiesysteem naar label B Woningtype

G naar B

F naar B

E naar B

D naar B

C naar B

vrijstaand

EUR 37.700

EUR 31.800

EUR 27.800

EUR 28.800

EUR 14.200

2-onder-1-kap

EUR 23.500

EUR 23.500

EUR 24.100

EUR 18.000

EUR 12.900

rijwoning hoek

EUR 17.100

EUR 17.100

EUR 17.700

EUR 17.400

EUR 8.500

rijwoning tussen

EUR 15.400

EUR 15.200

EUR 13.000

EUR 13.100

EUR 7.800

meergezinswoning

EUR 17.000

EUR 14.000

EUR 11.600

EUR 10.800

EUR 7.600

Voor de kosten van lage temperatuur convectoren (35-45 °C) die nodig zijn voor het verwarmen van een woning met een elektrische warmtepomp is uitgegaan van een rapport van Arcadis in opdracht van RVO ‘Actualisatie Investeringskosten energiebesparende maatregelen, bestaande woningbouw 2020’. Hier wordt gerekend met gemiddeld 4.100 EUR/woning.

V.4

Tarieven en indexaties zoals gehanteerd in de MKBA analsye

In tabel V.6 zijn de vaste en variabele tarieven opgenomen voor gas en elektriciteit. Daarnaast zijn vaste en variabele tarieven gegeven voor waterstof. Verder bevat tabel VII.2 informatie over de verwachte prijsstijgingen in de komende 10 jaar. De verwachte prijsstijgingen worden uitgedrukt met een percentage (de index). Hierbij gelden de volgende uitgangspunten: - de variabele elektriciteits- en gasprijs zijn gebaseerd op de gemiddelde consumentenprijzen voor juli 2022. Bewoners met een vast contract betalen waarschijnlijk minder, terwijl mensen met een nieuw contract mogelijk meer betalen; - voorheen werd de verwachtte prijsstijging gebaseerd op de KEV 2021. De huidige prijsontwikkelingen hebben deze verwachtingen inmiddels achterhaald gemaakt. Voor de verwachtte prijsstijging wordt daarom nu de verwachtte inflatie gebruikt.

Tabel V.6 Uitgangspunten tarieven en indexatie energiesoorten inclusief omzetbelasting (btw) Kostenpost

Tarief

Bron tarief

Prijsstijging per jaar

Bron index

gas netbeheerderskosten

EUR 172 per jaar

CBS 2022 juli

2%

aanname, gebaseerd op inflatie van 2 %.

vaste leveringskosten

EUR 66 per jaar

CBS 2022 juli

2%

‘’

variabele kosten

EUR 2,08 per m3

CBS 2022 juli

2%

‘’

netbeheerderskosten

EUR 241 per jaar

CBS 2022 juli

2%

vaste leveringskosten

EUR 65 per jaar

CBS 2022 juli

2%

EUR 0,49 per kWh

CBS 2022 juli

2%

EUR 27 per jaar

Eneco 2022

2%

elektriciteit

variabele kosten MT-warmtenet warmtemeter

Witteveen+Bos | 130784/22-017.381 | Bijlage V | Definitief

www.witteveenbos.com

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Laarbeek&id=953f66ee-fe91-4451-882c-6d6231353950