CConstaterende datLaarbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

20 20231012 Concept Beleidskader Wonen

Raadsvergadering 12 oktober 2023, gemeente LaarbeekBij agendapunt: B. Voorstel tot vaststelling beleidskader wonen15.664 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

1.

Onder voorbehoud van inwerkingtreding van de nieuwe Huisvestingswet. Er komen meer mogelijkheden in de nieuwe Huisvestingswet ten aanzien van toewijzing aan eigen inwoners. Deze wet is echter nog niet van kracht. Het is nog onbekend wanneer deze wet in werking treedt.

37

39

9. Visie op Wonen, Welzijn en Zorg Inleiding Aanleiding en doelstelling Voor u ligt onze Visie op Wonen, Welzijn en Zorg. De druk op de zorg wordt steeds groter, de personeelstekorten lopen op. De vraag neemt toe maar het aantal verpleegplaatsen wordt niet uitgebreid. Dat betekent dat mensen langer en meer op zichzelf en de eigen sociale omgeving aangewezen zijn, ook als zij zorg of ondersteuning nodig hebben. Deze visie op Wonen, Welzijn en Zorg geeft richting aan deze opgave. Het landelijk actieprogramma ‘Een thuis voor iedereen’ verplicht gemeenten een integrale woonzorgvisie op te stellen voor alle aandachtsgroepen. We noemen de volgende aandachtsgroepen: ouderen, inwoners met een sociale en/of medische urgentie, statushouders, uitstroom van inwoners uit een intramurale setting, arbeidsmigranten, studenten en woonwagenbewoners. De definities van deze aandachtsgroepen zijn terug te vinden in de begrippenlijst. Met de Visie op Wonen, Welzijn en Zorg maken we de koppeling tussen wonen, welzijn en zorg. Wat hebben de mensen uit de aandachtsgroepen nodig aan huisvesting en ondersteuning? En hoe brengen we deze drie disciplines samen in de gemeente Laarbeek? Wonen, welzijn en zorg was ook de afgelopen jaren al een punt van aandacht. Zo zijn in de Woonvisie 2017-2021 en de Woonvisie 2022-2026 diverse beleidsvoornemens en speerpunten opgenomen omtrent het thema wonen en zorg.

Tegenwoordig spreken we van ‘Wonen, Welzijn en Zorg’. Uiteindelijk gaat het om het welzijn van onze inwoners. Er is een nadrukkelijke samenhang tussen wonen, welzijn en zorg, vandaar dat deze Visie op Wonen, Welzijn en Zorg onderdeel is van de Woonvisie.

Bestaand woon- en zorgbeleid Deze visie op Wonen, Welzijn en Zorg staat niet op zichzelf. Er is al veel beleid op dit thema, zowel op landelijk als op gemeentelijk niveau. Om te komen tot een lokale visie op Wonen, Welzijn en Zorg is het belangrijk om bestaand beleid hierin mee te nemen. Bestaand beleid zorgt voor input voor onze lokale visie op Wonen, Welzijn en Zorg.

Landelijk beleid Uit de Nationale Woon- en Bouwagenda komen 6 programma’s. Twee daarvan gaan specifiek over wonen en zorg: • Een thuis voor iedereen: In dit landelijke actieprogramma gaat de aandacht uit naar de groepen als eerder genoemd. Het programma richt zich op een viertal actielijnen: 1) Het realiseren van voldoende woonruimte: sociale huur, transformatie van bestaand vastgoed, en het toewijzen van woonruimte aan de juiste doelgroep. 2) Een evenwichtige verdeling in gemeenten: voldoende (30%) sociale huur in de woningvoorraad. 3) het combineren van wonen, zorg, welzijn en werk. 4) Preventie middels een integrale aanpak om woonproblemen te voorkomen en de totale zorgbehoefte te beperken. • Programma ‘Wonen en zorg voor ouderen’: Dit programma focust op ouderenhuisvesting in drie type woningen. Het gaat daarbij om nultredenwoningen, geclusterde woonvormen en verpleegzorgplekken. Het programma heeft als doel landelijk 290.000 geschikte woningen voor ouderen te bouwen. Belangrijk is het informeren en ontzorgen van ouderen om zo de doorstroming op gang te helpen. Daarnaast wordt als doel gesteld een leefomgeving te creëren die uitnodigt tot beweging en ontmoeting.

40

Integraal Zorg Akkoord

Totstandkoming

Het akkoord gaat over de zorg en de toegankelijkheid daarvan. De zorg staat enorm onder druk. Men ziet dat sociaaleconomische verschillen zorgen voor ongelijkheid, hetgeen ook invloed heeft op gezondheid. Daarnaast staan de kwaliteit en betaalbaarheid van zorg onder druk. De opgaven in het akkoord zijn onder meer gericht op gelijke toegang tot zorg, het behouden van professionals en bewezen innovaties snel verspreiden. In het akkoord zetten we in op onder meer regionale samenwerking, samenwerking tussen huisartsen, gemeenten en GGZ en focus op gezond leven en preventie.

We vinden samenwerking van groot belang, zeker op dit thema. Om te komen tot een gedragen visie hebben we input opgehaald bij verschillende partijen en belanghebbenden. Ten eerste maken we gebruik van de input die we ophaalden tijdens de totstandkoming van de vorige Woonvisie (in 2021/2022). We organiseerden verschillende bijeenkomsten: een inwonersbijeenkomst wonen en ouderen, een bijeenkomst voor de dorpsraden en seniorenraad en bijeenkomsten met de afzonderlijke kernen.

Gemeentelijk beleid We beschrijven kort het relevante gemeentelijke beleid en leggen de link tussen het beleid en wonen, welzijn en zorg: • Een thuis voor iedereen: Het beleidsplan Sociaal Domein zet sterk in op het bevorderen van samenwerking en integraliteit. Daarnaast is er aandacht voor normaliseren. Daarbij bedoelen we dat inwoners omkijken naar elkaar. We versterken de eigen kracht en zetten in op preventie. Ook vindt gemeente Laarbeek het belangrijk dat iedereen mee kan doen. Dit noemen we inclusie. Het stimuleren van ontmoeting is een belangrijk speerpunt om het welzijn van inwoners te bevorderen. Dit doen we bijvoorbeeld door huiskamers in iedere kern waar iedereen laagdrempelig binnen kan lopen. • Peel Duurzaam Gezond: Peel Duurzaam Gezond is een samenwerkingsverband van zorgpartijen en gemeenten in de Peel, gericht op een regionale aanpak van zorg en welzijn. Het doel is goed leven voor alle inwoners, onder meer gericht op het bevorderen van vitaliteit en sociale cohesie. • Ouder worden in Laarbeek: Dit plan beschrijft de vergrijzende samenleving en heeft als doel om inwoners bewust te maken van het feit dat we allemaal ouder worden. Het plan zet in op vroegtijdig nadenken over de toekomst en zet daarnaast in op preventie van gezondheid gerelateerde klachten.

• Prestatieafspraken woCom en huurdersorganisatie: In de prestatieafspraken maken de Bewonersraad Laarbeek, woCom en gemeente Laarbeek afspraken, ook op het gebied van wonen, welzijn en zorg. Zo is er ruimte voor aandachtsgroepen en pakken we bij renovatieprojecten meteen de samenwerking en koppeling met de afdeling WMO op.

Daarnaast is er een participatiesessie wonen, welzijn en zorg georganiseerd op 29 maart 2023. Hier waren zorg- en welzijnsorganisaties, dorps- en ouderenraden, woCom en de adviesraad sociaal domein betrokken. Samen met de input van een brede gemeentelijke klankbordgroep zijn we tot een prioritering van thema’s gekomen. Deze thema’s werkten we vervolgens samen uit in concrete actiepunten.

41

1 Woonanalyse Huidige situatie In de Visie op Wonen, Welzijn en Zorg geven we richting aan hoe we omgaan met het welzijn van inwoners en de toegang tot zorg. Zoals in hoofdstuk 4 (Laarbeek in Beeld) en in hoofdstuk 6 (kwalitatieve opgaven) is te lezen, is de huidige woningvoorraad niet toereikend om in de zorgbehoeften te voorzien. Het accommoderen van deze zorgbehoeften is van invloed op de woningbouwprogrammering. We beogen met het Beleidskader Wonen richting te geven aan de gemeentelijke doelen voor de nieuwbouwopgave, en hebben hierin nadrukkelijk rekening gehouden met de wensen die zijn genoemd bij de consultatierondes naar de woonbehoefte (levensloopbestendig, voor kleine huishoudens en betaalbaar – voor senioren én voor starters) en de participatiesessies t.b.v. de Visie op Wonen, Welzijn en Zorg (geclusterde woonvormen als seniorenhofjes, collectief wonen, en meergeneratiewoningen).

Trends en ontwikkelingen Er zijn meerdere ontwikkelingen te zien rondom het thema wonen, welzijn en zorg. De meest genoemde zijn gebundeld in figuur 7. Al deze ontwikkelingen staan niet op zichzelf, alles hangt met elkaar samen. Zo is langer zelfstandig thuis wonen enkel mogelijk als de maatschappij meer omkijkt naar elkaar. Dit legt echter wel weer een grote druk op de mantelzorgers. Het is dan ook van belang dat we alle trends en ontwikkelingen integraal bekijken. Het focussen op één ontwikkeling en daar specifiek beleid op maken is niet voldoende.

FIGUUR 7: ALLE ONDERWERPEN DIE MET WONEN, WELZIJN EN ZORG TE MAKEN HEBBEN

43

De volgende ontwikkelingen verdienen nadere duiding: •

44

•

•

Omkijken naar elkaar: “Vroeger was alles beter.” Een uitspraak die regelmatig te horen is. Vroeger keken mensen naar elkaar om. Er was een bepaalde mate van sociale controle. De huishoudensgrootte daalt: er zijn meer huishoudens van één of twee personen en minder grote huishoudens. Mensen zijn meer op zichzelf gericht en minder met de omgeving bezig. Dit beperkt onder andere de mogelijkheden van mantelzorg. Mensen met een zorgvraag moeten zich steeds meer zelfstandig redden. Steeds meer inwoners en organisaties zien de meerwaarde van collectieve voorzieningen en samen dingen doen. Dorpsraden kunnen een bijdrage leveren aan het versterken van de gemeenschapskracht in de vier kernen. Ook zorgorganisaties hebben hierin een rol. Zij stimuleren dat inwoners meer naar elkaar omkijken. Dubbele vergrijzing: Er is sprake van een dubbele vergrijzing. Niet alleen zijn er steeds meer senioren als gevolg van de babyboomgolf, ook worden mensen steeds ouder. Dit betekent ook dat er meer mensen zijn met een zorgvraag. Zie ook hoofdstuk 4, Laarbeek in beeld. Langer zelfstandig thuis blijven wonen: Vanwege de druk op de zorg moeten inwoners langer zelfstandig thuis blijven wonen. Daarvoor moeten we de zorg anders organiseren. We willen de zorgvraag opvangen in de omgeving en door digitalisering, en minder door professionele zorgverleners. Op dit moment werkt 1 op de 6 mensen in de zorg.

Als we niets doen, dan moet op de piek van de vergrijzing (2040) 1 op de 4 mensen in de zorg werken (bron: Integraal Zorg Akkoord 2022, p.6). Dat is niet realistisch. Het vraagt om een andere manier van zorgen.

•

Meer druk op mantelzorg: Op dit moment heeft een hoogbejaard persoon nog ongeveer 15 mantelzorgers om zich heen. Als gevolg van vergrijzing en een mindere toename van jongeren is dat straks (in 2040) nog slechts 6 (bron: Programma Wonen en zorg voor ouderen 2022, p.8). Hierdoor neemt de druk op mantelzorgers toe. We moeten mantelzorgers ondersteunen, zodat zij hun taken volhouden.

•

Extramuralisering Extramuralisering betekent dat mensen vanuit een zorginstelling, zelfstandig in een reguliere woning gaan wonen. Bij opname in de zorginstelling, bijvoorbeeld beschermd wonen, moet je nadenken over de toekomst. Op dit moment zoeken we te vaak pas een woning op het moment dat iemand al zelfstandig genoeg is om uit te stromen. Dan zijn er vaak onvoldoende woningen beschikbaar. Het bepalen van urgentie is een manier om extramuralisering te realiseren en ervoor te zorgen dat inwoners niet onnodig lang een zorgplek bezet houden. Het gaat hier bijvoorbeeld om jongeren die beschermd wonen en klaar zijn om een zelfstandige woning te betrekken.

Speerpunten In de eerdere Woonvisies en het Beleidsplan Sociaal Domein noemen we verschillende speerpunten die relevant blijven. Om het wiel niet opnieuw uit te hoeven vinden, nemen we deze opnieuw op in de visie. De huidige situatie in Laarbeek en aankomende trends en ontwikkelingen maken dat we in deze Visie op Wonen, Welzijn en Zorg drie speerpunten nadrukkelijk aan bod willen laten komen.

Bewustwording: Iedereen is zelf verantwoordelijk om de regie te houden over zijn of haar leven. Dat betekent dat je nadenkt over de toekomst en hoe die eruitziet. Wat heb je bijvoorbeeld nodig om zelfstandig te kunnen gaan wonen? En wat heb je nodig om zo lang mogelijk zelfstandig te blijven? We blijven inzetten op deze bewustwording. Hierbij zetten we inwoners in hun kracht om zelf de regie te voeren.

Doorstroming bevorderen Door de juiste woningen bij te bouwen, komen bestaande woningen vrij. We proberen in de nieuwbouwopgave waar mogelijk in te zetten op doorstroming. Onder pijler 1: bouwen naar behoeften, in hoofdstuk 6 van het Beleidskader Wonen leest u meer over onze inzet op doorstroming.

Stimuleren gemeenschapskracht De druk op zorg neemt steeds verder toe, bijvoorbeeld als gevolg van vergrijzing. Daarnaast zien we een steeds individualistischere samenleving. We kunnen deze ontwikkelingen alleen het hoofd bieden door gemeenschappen te stimuleren. Dat betekent dat inwoners meer naar elkaar om moeten kijken. Kleine taken zoals het doen van boodschappen zouden niet bij het zorgpersoneel moeten liggen. Iemand uit de buurt kan dit mogelijk ook doen. Dit kan alleen als inwoners zich verantwoordelijk gaan voelen voor elkaar. Gemeenschapskracht kunnen we als gemeente niet afdwingen. Wel kunnen we dit faciliteren en stimuleren – dat beogen we met het Beleidskader Wonen door in te zetten op pijler 2: leefbaarheid.

45

47

2 Thema: Samenredzaamheid

Wat is onze ambitie?

Inleiding

Het begint bij bewustwording. We willen inwoners meenemen in de eigen verantwoordelijkheid. Het is van grote meerwaarde om na te denken over je toekomst. Of je nu een jongere bent die voor het eerst op zichzelf gaat wonen, of misschien iemand met wat meer levenservaring die nadenkt over levensloopbesteding wonen. Wij zien hierin een rol om inwoners meer bewust te maken van deze eigen verantwoordelijkheid. Het resultaat hiervan moet zijn dat inwoners meer naar elkaar omkijken en zelf stappen ondernemen om zoveel mogelijk samenredzaam te zijn. We willen graag zelfredzaamheid en sociale cohesie stimuleren onder onze inwoners. We staan voor inwonersparticipatie. Alleen door het stimuleren van initiatieven vanuit de gemeenschap creëren we draagvlak en zorgen we dat inwoners ook voor de lange termijn naar elkaar blijven omkijken.

Samenredzaamheid is een samentrekking van ‘zelfredzaamheid’ en ‘samen omkijken naar elkaar’. Uit de verschillende inwonerbijeenkomsten blijkt een steeds grotere noodzaak om meer naar elkaar om te kijken. Het zorgstelsel is niet houdbaar voor de grote hoeveelheid vragen die er op haar afkomt. Dit komt bijvoorbeeld door de vergrijzing, maar ook jongeren raken steeds meer op zichzelf aangewezen. We zullen als samenleving de zorg beschikbaar moeten houden voor die groep die het echt nodig heeft.

Omkijken naar elkaar Het is belangrijk om steeds meer naar elkaar om te kijken. De druk op zorg neemt toe als gevolg van het feit dat we allemaal steeds ouder worden. Daarnaast zijn er lange wachtlijsten voor zorg. We kunnen de zorg alleen bereikbaar houden als we meer voor elkaar doen. Het gaat om het faciliteren van ontmoeting en verbinding. We willen wijken weer meer met elkaar in verbinding brengen om te komen tot een voor zichzelf en elkaar zorgende samenleving.

Zelfredzaamheid De toenemende druk op de zorg betekent dat niet iedereen altijd professionele zorg kan krijgen. Van onze inwoners verwachten we steeds meer zelfredzaamheid. Het gaat bijvoorbeeld om bewustwording over zaken op het gebied van ouder worden. Als jonge ouderen in een vroeg stadium nadenken over de gevolgen van oud worden, kunnen zij eerder (en zelfstandig) inspelen op deze ontwikkelingen. Ook voor jongeren geldt dat zij na moeten denken over wat nodig is om zelfstandig en zelfredzaam te zijn of te worden. Wat komt erbij kijken als je 18 jaar wordt? Wat heb je nodig om zelfstandig te kunnen wonen? Voor jongeren die zorg nodig hebben zijn bovenstaande vragen extra lastig.

Dit doen we vanuit een faciliterende rol. We willen ervoor zorgen dat inwoners omkijken naar elkaar en daarbij vroeg signaleren wanneer er een ondersteuningsvraag is. In het kader van preventie is het van belang te voorkomen dat mensen in de knel komen. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om moeilijkheden op het gebied van huisvesting, maar ook problemen wat betreft fysiek, mentaal of maatschappelijk welzijn. Vroegtijdig signaleren en vroegtijdig ingrijpen voorkomt deze problemen. Het gaat daarbij onder meer om dak- en thuisloosheid, een brede schuldenaanpak, participatie, inburgering, zorg voor veiligheid en zorg voor kwetsbare jongeren. We vinden het daarom belangrijk dat onze voorzieningen goed toegankelijk zijn. We willen mantelzorg stimuleren. Mantelzorgers houden ons zorgsysteem duurzaam beschikbaar. Er zijn nu minder mantelzorgers om iemand heen dan een aantal jaar geleden. Daarnaast moeten mensen meer werken en leiden ze een drukker leven dan voorheen. Dit alles leidt tot een grotere druk op het zorgstelsel en een afname van mantelzorgers. We willen daarom onze mantelzorgers ondersteunen en daarnaast mogelijkheden creëren om gemakkelijker mantelzorg te kunnen verlenen. Eenzaamheid is een belangrijk aandachtspunt. Eenzaamheid is een gevoel en heeft weinig te maken met de aan- of afwezigheid van voorzieningen.

We willen eenzaamheid daarom bespreekbaar maken en daarnaast voorzieningen stimuleren die laagdrempelig toegankelijk zijn.

48

Wat gaan we daarvoor doen?

Wat hebben we nodig uit de samenleving?

Zoals hierboven benoemd begint het bij bewustwording. We zetten hierop in door het organiseren van workshops: ‘Hoe bereid ik me voor op de toekomst?’ en het plaatsen van artikelen en interviews rondom dit thema. Hiervoor gebruiken we de bestaande communicatiekanalen.

Het is de rol van de gemeente om activiteiten te faciliteren en aan te jagen. Eigenaarschap beleggen we bij de inwoners. De gemeente stimuleert daarom initiatieven vanuit de gemeenschap. Daarnaast wordt – zoals eerder aangeven – 2 keer per jaar een bijeenkomst georganiseerd voor alle initiatieven uit de samenleving. Bovendien zetten we in op de samenwerking binnen Peel Duurzaam Gezond.

•

Netwerken versterken Het stimuleren van sociale cohesie is belangrijk. Dit doen we door het inzetten op maatschappelijke initiatieven die ervoor zorgen dat inwoners naar elkaar omkijken: bijvoorbeeld de netwerkkaart ‘Zorg voor Later’ en het initiatief ‘praten met straten’ van de dorpsraden. Inwonersinitiatieven die hieraan bijdragen, willen we stimuleren. Een goed voorbeeld is de initiatiefgroep ‘Gemeenschapskracht’. Zij organiseren bijeenkomsten om het omkijken naar elkaar te stimuleren. Wij willen dit soort initiatieven faciliteren, bijvoorbeeld door het geven van éénmalige subsidies vanuit het subsidiebeleid. Ook organiseren we 2 keer per jaar een bijeenkomst waarin we initiatieven een podium bieden. Om de netwerken te versterken, is het belangrijk dat we vraag en aanbod aan elkaar kunnen koppelen. Het platform voor deze vrijwilligersdiensten ‘Laarbeek voor Elkaar’, gaan we uitbreiden. We willen eenzaamheid bestrijden. We zetten daarom in op een maatjes-project vanuit de welzijnsorganisatie, huiskamers in iedere kern en we zetten jongerenwerk in vanuit de welzijnsorganisatie LEV groep.

•

•

Mantelzorg We vinden mantelzorg erg belangrijk. We onderzoeken daarom de mogelijkheden voor prémantelzorgwoningen en het versoepelen van het beleid rondom mantelzorgwoningen. De specifieke uitwerking van dit onderwerp komt terug binnen het thema balans in de woningvoorraad (§3). Daarnaast werken we aan een uitvoeringsplan ter ondersteuning van onze mantelzorgers. Toegankelijke voorzieningen In 2023 werken we aan een centrale toegang (zowel fysiek als digitaal) waar iedereen met vragen over zorg en ondersteuning terecht kan. Ook de dorpsondersteuner is hierbij belangrijk en werkt drempelverlagend. De dorpsondersteuners zijn de oren en ogen in de wijk. Zij krijgen signalen en ondersteunen mensen bij het vinden van de juiste weg. Zij leveren een belangrijke bijdrage aan het welzijn van onze inwoners. Er vinden verschillende activiteiten plaats in de huiskamers van Laarbeek (in de verschillende gemeenschapshuizen), zoals spelletjesavonden of koffiemiddagen. Deze activiteiten hebben tot doel meer verbinding te realiseren en ontmoeting te faciliteren. In 2023 en 2024 onderzoeken we hoe we het voorzieningenaanbod in Laarbeek kunnen optimaliseren. Naast de aanwezigheid van voorzieningen, is met name het stimuleren van ontmoeting van belang.

Op casusniveau gaan we aan de slag met het organiseren van sterkere casusregie volgens 1 gezin 1 plan. De centrale toegang is hierbij behulpzaam. Door de regie bij 1 persoon te beleggen kan die persoon het overzicht houden over de zorg en ondersteuning die we aan een persoon of een gezin bieden.

Technologie De gemeente stimuleert de inzet van technologie door inwoners, zorgpartijen en andere organisaties in de samenleving. Technologie en innovatie kan een rol spelen in het (gedeeltelijk) tegemoetkomen aan zorgbehoeften, bijvoorbeeld hulp in de huishouding of tegengaan van eenzaamheid. We stimuleren de verbinding tussen zorgaanbieders en ontwikkelaars. Dit doen we door het faciliteren van overleggen tussen deze partijen aan de hand van kansrijke voorbeelden. We gaan actief in gesprek met zorgpartijen en verzekeraars over het stimuleren van technologische ontwikkelingen. We zien graag voorbeelden uit de samenleving en denken mee over de inzet van technologie door onder andere inwoners en zorgpartijen. De gemeente heeft hierin een faciliterende rol. Kansrijke voorbeelden zijn: • Eenzaamheid tegengaan door een pratende robot • Robotstofzuiger of andere huishoudelijke apparaten • Domotica (licht strips van slaapkamer naar badkamer, noodknop, etc.) • Robot Fie (Stichting Philadelphia)

49

51

3 Thema: Balans in de woningvoorraad

Wat is onze ambitie?

Inleiding

We willen dat iedereen in onze gemeente een fijne plek heeft. Dat iedereen passend kan wonen en dat de gemeenschapskracht groot is. We hanteren daarom de pijlers ‘bouwen naar behoefte’ en ‘leefbaarheid’ bij de kwalitatieve woonopgave. Zie hiervoor hoofdstuk 6 van het Beleidskader Wonen.

Balans in de woningvoorraad is een belangrijk thema in het Beleidskader Wonen. Ook binnen de Visie op Wonen, Welzijn en Zorg is dit thema van groot belang. Met balans in de woningvoorraad bedoelen we onder meer dat er voldoende betaalbare en passende woningen zijn voor onze inwoners. Elke inwoner moet kunnen wonen in een woning die past bij de levensfase, het inkomen en de woonbehoeften. We vinden het belangrijk om de woningvoorraad evenwichtig te verdelen naar woningtypen, prijssegmenten en doelgroepen. Meer hierover leest u in hoofdstuk 6, de kwalitatieve woonopgave, in het Beleidskader Wonen. Bij dit onderwerp gaat het aan de ene kant om nieuwbouw: het bouwen naar behoefte (zie ook pijler 1 in hoofdstuk 6). Maar we kijken ook naar de bestaande woningvoorraad en gaan op zoek naar mogelijkheden om die voorraad geschikt te maken. In het Woonbehoefteonderzoek is onderzocht in hoeverre de bestaande woningvoorraad aanpasbaar te maken is voor bewoning door ouderen. Dat betreft ongeveer 75% van de eigen woningen in Laarbeek. Hierbij moet worden opgemerkt dat de meeste aanpassingen van tijdelijke aard zijn, en geen duurzame oplossing voor de balans in de woningvoorraad. Permanente aanpassingen aan bestaande woningen of aanvullingen in de voorraad levensloopbestendige woningen blijven voor de lange termijn wenselijk.

Binnen deze pijlers hebben we nadrukkelijk aandacht voor de groeiende groep senioren door in te zetten op levensloopbestendige woningen. Levensloopbestendige woningen zijn breed inzetbaar en daarmee niet enkel geschikt voor senioren, maar ook voor inwoners zonder zorgvraag. Vanwege de vergrijzing hebben we deze woningen de komende jaren hard nodig voor senioren en andere inwoners met een zorgvraag. Maar als de piek van de vergrijzing voorbij is, zijn deze woningen ook beschikbaar voor andere inwoners. Er zijn ook senioren met een grotere zorg- of ondersteuningsvraag. Voor hen is een reguliere (levensloopbestendige) woning niet voldoende. Daarnaast zijn er ook kwetsbare inwoners en andere aandachtsgroepen met een zorg-/ondersteuningsvraag. Denk hierbij bijvoorbeeld aan inwoners die vanuit een beschermd wonen voorziening weer zelfstandig gaan wonen. Een deel van het woningaanbod richten we op deze aandachtsgroepen. We willen een omgeving creëren waar deze groepen zelfstandig kunnen wonen. Zo’n omgeving heeft niet alleen geschikte woningen, maar is ook veilig en vertrouwd voor de inwoners. Tenslotte streven we gemengde wijken en kernen na. Dit zijn wijken met een diversiteit aan woningtypen, prijssegmenten en doelgroepen. Gemengde wijken zijn minder kwetsbaar: er is minder overlast, minder criminaliteit en de kloof tussen kansarm en kansrijk neemt af.

Zie hiervoor ook hoofdstuk 6, pijler 2: leefbaarheid in het Beleidskader Wonen. Door in te zetten op gemengde wijken stimuleren we leefbaarheid en gemeenschapskracht.

52

Wat gaan we daarvoor doen?

Nadenken over de toekomst

Voor het behalen van de taakstelling met betrekking tot beschikbaarheid en betaalbaarheid (zie hoofdstuk 5: kwantitatieve woonopgave van het Beleidskader Wonen) zetten we in op differentiatie. Hiermee conformeren we onszelf aan de opgave om ten minste 220 sociale huurwoningen en tenminste 272 betaalbare en middel dure huur- en koopwoningen te realiseren. De differentiatie is in beginsel op alle projecten vanaf 4 woningen van toepassing: ook wanneer het specifieke zorgwoningen betreft.

Zoals eerder benoemd, zetten we in op bewustwording onder senioren. We communiceren actief over hun mogelijkheden. Het is het doel om inwoners meer bewust te maken. Ouder worden hoort bij het leven. Dat betekent ook je voorbereiden op de toekomst. Nadenken over vragen als: wil ik hier blijven wonen en wat is daar dan voor nodig? We gaan onderzoeken op welke manier we inwoners kunnen ondersteunen bij het maken van bewuste keuzes. Bijvoorbeeld over het verbouwen van hun huidige woning.

Per project streven we naar de optimale balans waar het gaat om de drie pijlers (zie hoofdstuk 6: kwalitatieve woonopgave) en hebben we in de richtinggevende doelen voor de nieuwbouwopgave aangegeven op welke woningtypen en woonvormen we als gemeente de focus leggen. Dat zijn betaalbare woningen en levensloopbestendige woningen in het sociale en middel dure huursegment en betaalbare koopsegment. Ook zetten we in op geclusterde woonvormen. In de richtinggevende doelen voor de nieuwbouwopgave is rekening gehouden met de input vanuit de participatierondes en consultatierondes. Om het ontwikkelen van dit soort typen woningen te stimuleren zijn op dit moment diverse subsidieregelingen beschikbaar vanuit de overheid.

We willen mantelzorg stimuleren, ook voordat een mantelzorgsituatie zich voordoet. Zo stellen we beleid op voor het toestaan van pré-mantelzorgwoningen. Dit zijn mantelzorgwoningen, die we realiseren voordat er feitelijk sprake is van een zorgvraag. Bij het toestaan van een pré-mantelzorgwoning moet de verwachting zijn dat de zorgvraag binnen 5 jaar ontstaat. We gaan hierbij uit van maatwerk, al blijft de situatie wel tijdelijk. Bij het vervallen van de (verwachte) zorgvraag moet de initiatiefnemer de (pre) mantelzorgwoning verwijderen. De relatie tussen mantelzorger en zorgvrager hoeft niet per se familiair te zijn. Wanneer je goed kunt onderbouwen op welke manier je ondersteuning wil gaan leveren is een pré mantelzorgwoning mogelijk.

Daarnaast willen we het aanpassen van woningen stimuleren door inwoners, middels een campagne, actief te informeren via onder andere de website en folders. Ook zetten we een woonscan op. Inwoners kunnen dan inventariseren welke acties zij kunnen ondernemen om hun woning toekomstbestendig te maken. Het gaat aan de ene kant om duurzaamheid, bijvoorbeeld de mogelijkheden voor woningisolatie. Aan de andere kant gaat het om levensloopbestendigheid, bijvoorbeeld de mogelijkheid om een traplift te plaatsen of andere manieren om het traplopen te vergemakkelijken. Ten derde gaan we de mogelijkheden onderzoeken om als gemeente inwoners te ondersteunen met collectieve inkoopacties.

Wat hebben we daarvoor nodig uit de samenleving?

Ook het verduurzamen van woningen met een laag energielabel is belangrijk. Dit zijn woningen waar vocht, tocht en kou kunnen zorgen voor een ongezond binnenklimaat van de woning. Via gerichte acties isoleren en verbeteren we dit soort woningen. Daarnaast willen we energiearmoede tegengaan. Je woning verwarmen op een comfortabele en gezonde temperatuur moet voor iedereen haalbaar zijn. Hoe we dat bereiken, beschrijven we in onze duurzaamheidsagenda. Een ander onderwerp is de huisvesting van aandachtsgroepen. We zetten in op het spreiden van aandachtsgroepen over de wijken. Om de kloof tussen kansarmen en kansrijken tegen te gaan en te zorgen voor meer draagkracht en leefbaarheid, focussen we op gemengde wijken. Dit doen we door op de pijlers bouwen naar behoeften en leefbaarheid zo optimaal mogelijk te presteren binnen projecten.

We zetten in op het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad waardoor we mogelijke gezondheidsrisico’s kunnen voorkomen. Dit doen we in samenspraak met de woningcorporaties en met huiseigenaren. WoCom heeft een verduurzamingsagenda en neemt duurzaamheidseisen op in het meerjarenprogramma. Dit gaat vooral om woningisolatie en zonnepanelen. In de Omgevingsvisie Buitengebied noemen we het realiseren van volkstuintjes. Met gezamenlijke tuinen creëer je ontmoeting. Niet iedereen heeft dan een eigen tuin nodig. Dit heeft gevolgen voor de te realiseren woningen. We faciliteren en stimuleren samenwerking door het goede voorbeeld te geven. We werken intensief samen met woningcorporaties voor het realiseren van passende woningen. We maken prestatieafspraken met woCom en huurdersorganisaties . Onderdeel van die prestatieafspraken is de doorstroomregeling. Wocom gaat met behulp van verhuiscoaches in gesprek met ouderen over hun (gewenste) woonsituatie. Er is in de prestatieafspraken aandacht voor de samenwerking tussen de woningcorporatie en de afdeling Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) van de gemeente. Zorgboerderijen en andere woonzorginitiatieven doen een beroep op onze huisartsen. Hierdoor komt de beschikbare huisartsencapaciteit in gevaar. We verwachten daarom een actieve rol van initiatiefnemers.

Ontwikkelaars van woonzorgprojecten moeten kunnen voorzien in de zorgbehoefte van de nieuwe bewoners van zorgwoningen, die nog niet staan ingeschreven bij een huisarts in Laarbeek. Bijvoorbeeld door het aanstellen van een specialist ouderengeneeskunde of huisarts. Dit is een randvoorwaarde voor vergunningverlening.

53

55

4 Thema: Gezonde en veilige leefomgeving Inleiding Het liefst willen we de zorgvraag zoveel mogelijk voorkomen. Dit kan door een gezonde en veilige leefomgeving te stimuleren. Gezondheid bestaat uit veel verschillende factoren. Het gaat om de fysieke en sociale leefomgeving, maar ook om preventie en zorg. Ook externe ontwikkelingen spelen een rol. Het gaat dan om het gezin waar men opgroeit, de school waar je onderwijs geniet en de buurt waarin je woont, sport of recreëert. Werkgelegenheid en sociale samenhang in de buurt zijn voorbeelden van sociale omgevingsfactoren. Bij de fysieke omgeving spelen bijvoorbeeld milieuaspecten als luchtvervuiling een rol, maar ook de aanwezigheid van groen is van belang.

Wat is onze ambitie? Wij streven naar een gezonde en veilige omgeving voor al onze inwoners. Specifiek geldt dit voor de benoemde aandachtsgroepen. We weten dat een gezonde en veilige leefomgeving impact heeft op de zorgvraag van onze inwoners. Door preventief in te zetten op een gezonde en veilige leefomgeving willen we de zorgvraag verkleinen. We willen inzetten op het creëren van gelijkheid. De gezonde en veilige leefomgeving moet voor iedereen bereikbaar zijn. Dit betekent dat we streven naar een gelijke toegang tot zorg. Zorg moet toegankelijk zijn voor iedereen. Die toegankelijkheid geldt niet alleen voor zorg. We willen toewerken naar een gemeente waar álle voorzieningen zo toegankelijk en inclusief mogelijk zijn voor onze inwoners. Daarbij gaat het allereerst om fysieke toegankelijkheid. Denk hierbij aan rolstoelvriendelijke en gelijkvloerse gebouwen als wijk- en dorpscentra. Toegankelijkheid en inclusiviteit betekenen echter ook dat iedereen zich welkom moet voelen. Met respect met elkaar omgaan en je veilig voelen in je omgeving zijn daarbij erg belangrijk.

Ook in de leefomgeving zelf streven we naar een grote mate van toegankelijkheid, veiligheid en gezondheid. Dit gaat over het prettig samenleven in de buurt, goed burgerschap en het voorkomen van (woon)overlast. Het gaat ook over de inrichting van de openbare ruimte (de toe- en doorgankelijkheid zoals stoepen en oversteekplekken). We streven daarbij naar een leefomgeving die uitnodigt tot beweging. Dit alles om een gezonde levensstijl te stimuleren en het risico op een grotere zorgvraag (door bijvoorbeeld struikelen over stoeptegels) te voorkomen. We zien ook kansen voor een gezonde en veilige leefomgeving in de woning van mensen zelf. We willen dat onze inwoners in een gezonde en veilige woning leven. Denk hierbij aan woningen die slecht geïsoleerd zijn, waardoor bijvoorbeeld vochtproblemen ontstaan. Door energiearmoede verwarmen inwoners hun huis niet voldoende. Dit zorgt voor tocht-, vocht- en schimmelproblemen waardoor er op de lange termijn gezondheidsklachten kunnen ontstaan. Ook kan kou sommige bestaande gezondheidsklachten (bijvoorbeeld reuma) verergeren. Deze situaties willen wij zoveel mogelijk voorkomen. Een geïsoleerde woning warmt in de zomer ook minder op waardoor er minder gezondheidsklachten door hitte ontstaan. Goed isoleren verbetert de leefbaarheid van de woningen.

Hoe we bijdragen aan goed geïsoleerde woningen beschrijven we onder meer in de Lokale Energie Strategie en in de prestatieafspraken met de woningcorporatie en huurdersorganisaties . Voor een gezonde en veilige woning zetten we in op zowel bestaande woningen als nieuwbouwwoningen. Voor het gezond en veilig inrichten van de leefomgeving is de samenwerking met partijen van belang. We gaan voor het ‘ontschotten’ van de samenwerking. Vanuit verschillende wetten, zoals de Zorgverzekeringswet, Jeugdwet en Wmo is er een samenwerking met verschillende partijen. Deze samenwerking willen we stimuleren.

Wat gaan we daarvoor doen?

56

Onze ambitie richt zich op vier punten: 1) de toegankelijkheid van zorg, 2) de toegankelijkheid van voorzieningen, 3) een gezonde en veilige omgeving en 4) een gezonde en veilige woning.

• Toegankelijkheid van zorg We zetten in op gelijke toegang voor iedereen en bereikbaarheid van zorg. Zo willen we blijven inzetten op de dorpsondersteuners. Zij hebben een signalerende rol en helpen bij preventie en vroegsignalering. Ook stimuleren we de digitalisering. Door eHealth te faciliteren, zorgen we dat zorg makkelijker en eenvoudiger bereikbaar wordt voor een grotere groep. Daarnaast willen we vroegsignalering breder uitrollen in het sociaal domein om zorg te voorkomen. Tenslotte heeft de Regionale Huisartsen Vereniging (RHV) aangegeven dat zij betrokken willen worden bij de realisatie van zorgwoningen. Door toenemende druk op huisartsen komt de capaciteit in gevaar. Toename aan zorgwoningen moeten we zorgvuldig afwegen. Daarom verplichten we ontwikkelaars bij de aanvraag van een vergunning voor zorgwoningen om eerst in overleg met de Regionale Huisartsen Vereniging te gaan. De vergunning verlenen we alleen wooninitiatief zelf zorgt voor een specialist ouderengeneeskunde of beschikbare huisarts.

• Toegankelijkheid van voorzieningen We zetten in op het aanbod van reeds bestaande voorzieningen. We brengen in kaart welke voorliggende voorzieningen aanwezig zijn, en op welke levensgebieden deze zich richten. Een voorziening moet wel een bijdrage leveren aan de vitale en zorgzame samenleving op een of meerdere leefgebieden. Op deze manier komen we tot een optimaal niveau van voorzieningen. Bijvoorbeeld door voorzieningen toe te voegen of juist weg te laten. Daarnaast zien we dat het voorzieningenniveau in bepaalde kernen of wijken achterblijft. We willen dat elke inwoner gelijke toegang heeft tot de voorzieningen. Daarom zetten we in op het realiseren van bereikbare voorzieningenclusters. Een voorzieningencluster is een locatie waar alle voorzieningen binnen 10 minuten fietsend te bereiken zijn, zoals een huisarts, apotheek, fysiotherapeut, supermarkt, bushalte, horeca, een park(je), een plek om te bewegen en een plek om te ontmoeten. Inwoners wonen niet altijd dicht bij een voorzieningencluster. Daarom is er hulp van vrijwilligers mogelijk om toegang te krijgen tot de voorzieningen. Bijvoorbeeld via Laarbeek voor elkaar. Ook zijn veel voorzieningen tegenwoordig digitaal toegankelijk. Een voorziening die niet digitaal toegankelijk is, is een plek om te ontmoeten.

Of het nu gaat om een buurthuis, een bankje in het park of het café om de hoek, mensen willen elkaar (fysiek) blijven ontmoeten. Daarbij is het belangrijk dat de voorzieningen dit faciliteren. Als gemeente zetten we in op het realiseren van toegankelijke ontmoetingsplaatsen voor onze inwoners.

• Toegankelijke, inclusieve openbare ruimte Voor een gezonde en veilige omgeving zetten we in op een toegankelijke, inclusieve openbare ruimte voor iedereen. We gaan uit van de nultreden-gedachte bij het inclusief inrichten van de openbare ruimte, zodat hij ook bereikbaar is voor mensen die slecht ter been zijn. Ook willen we jongeren stimuleren om van de openbare ruimte gebruik te maken. Bijvoorbeeld door ontmoetingsplekken voor jongeren te faciliteren. Daarnaast willen we gezond gedrag uitnodigen door groene wandelroutes te creëren. Hiervoor gaan we intensiever samenwerken met Vitaal Laarbeek. We zetten in op het tegengaan van hittestress, waardoor met name ouderen minder op straat komen en in een isolement kunnen raken. Dit doen we door de openbare ruimte met veel groen en schaduwplekken in te richten. Hierbij sluiten we aan bij de 3-30-300 regel uit het Bestuursakkoord. Daarnaast kunnen inwoners met een slecht geïsoleerd huis veilig buiten afkoelen als we de openbare ruimte groen en schaduwrijk inrichten.

• Gezonde en veilige woning Bij bestaande woningen helpen we inwoners met het isoleren van hun woning via het Nationaal Isolatie Programma (NIP). Nieuwbouwwoningen moeten minimaal voldoen aan de duurzaamheidseisen conform het bouwbesluit. Bovendien zijn in de Woondeal ZuidOost Brabant afspraken gemaakt over het toepassen van biobased materialen en circlair bouwen.

Wat hebben we daarvoor nodig uit de samenleving? De gemeentelijke rol is faciliterend: we ondersteunen het opstarten van voorzieningen en initiatieven en stimuleren het gebruik daarvan. Samenwerking is essentieel. Zorgpartijen kunnen ondersteunen door hun aanbod ook digitaal aan te bieden, zodat we het dichter bij de inwoner kunnen organiseren. Het samenwerkingsverband Peel Duurzaam Gezond is daarbij van groot belang. Hierin zitten alle partijen aan tafel en kunnen we gerichte afspraken maken over de gezonde leefomgeving van inwoners. We hebben ieder onze eigen rol. Het is onze rol om deze samenwerking op gang te brengen en te versterken. Bij fysieke ontwikkelingen heeft de gemeente een kader stellende rol. We geven aan de voorkant kaders en uitgangspunten mee. Bijvoorbeeld over de kwaliteit en toegankelijkheid van woningen en de inrichting van de ruimte daaromheen.

57

5 Thema: Financiën en uitvoering 58

Om uitvoering te kunnen geven aan de Visie op Wonen, Welzijn en Zorg is geld en capaciteit nodig. In de tabel hiernaast is grofweg uiteengezet op welke manier we dekking vinden voor het realiseren van deze visie. Uit deze tabel blijkt dat er op dit moment voor alle acties dekking is vanuit bestaande middelen en/of capaciteit. De verwachting is dat er vooralsnog geen beroep gedaan zal worden op aanvullende middelen en/of capaciteit.

Thema en subthema

Actie

Dekking

Samenredzaamheid: netwerken versterken

Vrijwilligersbank “Laarbeek voor elkaar” versterken, inzetten op dorpsondersteuning

Dit past binnen de huidige budgetten en capaciteit

Samenredzaamheid: netwerken versterken

Toegankelijke ontmoetingspunten

Hiervoor is reeds budget en capaciteit vrijgemaakt in 2023 en verder

Samenredzaamheid: netwerken versterken

Initiatieven uit de samenleving versterken

Hiervoor is het budget projectsubsidies beschikbaar (€20.000,- structureel per jaar)

Samenredzaamheid: mantelzorg

Plan van aanpak: mantelzorgondersteuning

Hiervoor is structureel €20.000,- beschikbaar (via begroting 2023). Capaciteit is geregeld middels jaarplanning Sociaal Domein

Samenredzaamheid: toegankelijke voorzieningen

Centrale toegang realiseren

Voor het inrichten van deze toegang is €60.000,- beschikbaar (incidenteel). Capaciteit is geregeld middels jaarplanning Sociaal Domein.

Samenredzaamheid: toegankelijke voorzieningen

Optimaal aanbod voorliggende voorzieningen

Voor het inrichten en aanjagen van dit aanbod is eenmalig €50.000,- beschikbaar. De capaciteit is geregeld middels inhuur Sociaal Domein

Balans in de woningvoorraad: woningtypen en woonvormen

Dit onderdeel wordt geregeld in het Beleidskader Wonen, met uitzondering van prefab mantelzorgwoningen

Het inrichten van het proces premantelzorgwoningen vraagt capaciteit. Dit wordt ingepland in de jaarplanning 2024.

Balans in de woningvoorraad: nadenken over toekomst

Campagne over Dit vraagt vooral tijd. Veel middelen zijn beschikbaar, bewustwording, woonscan, collectie- maar moeten op het juiste moment worden ingezet. ve inkoop. Deze acties worden ingepland in de jaarplanning 2025.

Gezonde en veilige leefomgeving: toegankelijke zorg

Proces vergunningverlening voor zorgwoningen

Meenemen in bestaand proces: stap dat ontwikkelaars specialist ouderen geneeskunde aanstellen. Kost na implementatie geen extra tijd of geld.

Gezonde en veilige leefomgeving: toegankelijke voorzieningen

Vroegsignalering breder uitrollen

Wordt reeds op ingezet, zal in 2024 verder worden versterkt en is dus al opgenomen in de planning.

Gezonde en veilige leefomgeving

Gezond gedrag stimuleren

Bij herontwikkelingslocaties nemen we deze aandachtspunten mee. Zo kunnen we efficiënt werken zonder dat het extra tijd kost.

Gezonde en veilige leefomgeving: gezonde woning

Wordt meegenomen in de vergunnigverlening bouwen

Via legesheffing op aanvragen bouwvergunning, voor bestaande bebouwing zijn subsidies beschikbaar voor verduurzaming.

TABEL 4: OVERZICHT FINANCIËN EN UITVOERING

59

10. Begrippenlijst 60

Begrip

Definitie en/of toelichting

Begrip

Definitie en/of toelichting

Differentiatie

De opgelegde, procedurele verdeling over het sociale-, middel dure en dure segment voor de nieuwbouwopgave.

Sociale huurwoning

Zie Regionale Begrippenlijst MRE

Doorstroming

Huishoudens verhuizen van de ene woning naar de andere, de achtergelaten woning komt hiermee beschikbaar voor anderen

Sociale sector

Zie Regionale Begrippenlijst MRE

Starter

Zie Regionale Begrippenlijst MRE

Eengezinswoning

Een woningtype dat bedoeld is voor bewoning door één persoon en een eventueel gezin.

Toegelaten instelling volgens de Woningwet

Geclusterda woonvormen

Geclusterde woonvormen, vaak met ontmoetingsruimtes, zijn onder andere hofjeswoningen (zoals de Knarrenhof), serviceflats en woonzorg complexen. Geclusterde woonvormen zijn primair ingericht op de woonwensen van ouderen, bestaan uit nultreden woningen en voorzien daarmee in een hoger wooncomfort. Daarnaast zijn deze woonvormen ingericht op het bevorderen van sociaal contact en gemeenschapsgevoel, waardoor eenzaamheid wordt tegengegaan. (bron: ‘programma Wonen en Zorg voor ouderen’).

Een stichting of vereniging die werkt op het gebied van volkshuisvesting waarvan de statuten voldoen aan artikel 23 van de Woningwet. (Bron: Ministerie van IenW, autoriteit woningcorporaties(Aw)).

Verpleegzorgplekken

Een deel van de geclusterde woonvormen betref zorggeschikte woningen: deze woninen hebben extra voorzieningen, zodat deze beter zijn voor mensen met een beperking of voor het verlenen van zorg. Het kabinet heeft in het coalitieakkoord besloten om nieuwe verpleegzorg plaatsen (dus geen verpleeghuisplaatsen) in te richten op basis van het scheiden van wonen en zorg. Bewoners betalen de lage eigen bijdrage voor de langdurige zorg die zij ontvangen en betalen zelf de woonkosten van hun woning. (Bron: Programma Wonen en Zorg voor ouderen).

Levensloopbestendige woning

Een zelfstandige woning die geschikt is (of eenvoudig geschikt te maken is) voor bewoning tot op hoge leeftijd, ook in geval van fysieke handicaps of chronische ziekten van bewoners. De woning past in alle levensfasen bij de behoeften die de bewoner op dat moment heeft. Een levensloopbestendige woning voldoet aan de eisen van Woonkeur. Zie ook de Regionale Begrippenlijst Wonen MRE.

Vrije sector

Alle middel dure en dure huur- en koopwoningen en middel dure en dure koopwoningen. Zie ook Regionale begrippenlijst MRE.

Wlz

De Wet langdurige zorg (Wlz) regelt zware, intensieve zorg voor kwetbare ouderen, mensen met een handicap en mensen met een psychische aandoening. (Bron: Rijksoverheid)

Wmo

Gemeenten ondersteunen mensen met een ziekte of beperking en ouderen die thuis wonen. Het doel is dat mensen zo lang mogeljk zelfstandig kunnen wonen en dat zij goed mee kunnen doen in de maatschappij. Dit is geregeld in de Wet maatschappelijke ondersteuning. (Bron: Rijksoverheid)

Woningtypen

Verschillende soorten woningen, zoals eengezinswoningen, appartementen, boerderijen, seniorenwoningen, etc.

Woonbehoefteonderzoek

Het onderzoek dat in opdracht van de gemeente Laarbeek is uitgevoerd om de woonopgave in beeld te krijgen. Het onderzoek is zowel kwantitatief als kwalitatief van aard, en is gebaseerd op data gedreven analyses van bv bevolkingsprognoses, woon wensen en verhuisgedrag, en consultatierondes met inwoners.

Liberalisatiegrens

De maximale huurgrans van een sociale huurwoning in 2023 is €808,06 per maand. Zie ook de Regionale Begrippenlijst MRE. De prijsgrenzen worden jaarlijks aangepast.

Nultredenwoningen

Dit zijn woningen waarvan de belangrijkste woonruimte (woonkamer, keuken, slaapkamer en badkamer) zijn te bereiken zonder traplopen. Vaak betreffen het gelijkvloerse woningen/ appartementen in de buurt van voorzieningen. (Bron: Programma Wonen en Zorg voor ouderen).

Mantelzorg en Mantelzorgwoning

Zie Regionale Begrippenlijst MRE

Mobilliteitsklasse C

Zie Regionale Begrippenlijst MRE

61

11. Overzicht van ondersteunende bijlagen Er zijn een viertal relevante bijlagen, die apart zijn toegevoegd aan dit Beleidskader Wonen: • Het Woonbehoefteonderzoek (Stec Groep, juni 2023) • Samenvatting beleidskaders m.b.t. wonen en volkshuisvesting in Laarbeek • De Woonzorganalyse van de Metropoolregio Eindhoven (juni 2022) • MRE Regionale Begrippenlijst Wonen 2023

63

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Laarbeek&id=a57ad026-4b7b-4345-9b93-bd11a370c02f