RIB26-021 BDO Benchmark Nederlandse gemeenten 2026
Tekst van het document
zogenoemde ravijnjaar weliswaar is gedempt, maar dat dit hooguit een tijdelijke opluchting vormt. ‘Belangrijke dossiers blijven liggen: te lage prijscompensaties, onzekerheid over structurele middelen
RONDETAFELDISCUSSIE
en bovenal een jeugdstelsel dat nog steeds niet is opgelost. En dan staat er nog een lijst open van toezeggingen en ‘spuks’ die later hun financiële beslag krijgen. Ook de herijking van het gemeentefonds is een onzekere factor voor gemeenten.’ Vorst in de grond ‘De kou is uit de lucht, maar de vorst zit nog in de grond’, reageert Van der Wulp droogjes. Klok geeft de bestuurlijke realiteit weer: ‘Mijn wethouder ervaart de kou nog wel degelijk. Ons probleem is niet opgelost. De hete aardappel is weer vooruitgeschoven. Er is nog steeds geen balans tussen wat we krijgen en wat we moeten doen.’ Andere deelnemers delen die zorg. Michiel Dijkstra, clustercoördinator BZK benadrukt dat jeugd het grootste probleem blijft in de
‘Het kabinet heeft gemeenten hard nodig, en omgekeerd. We moeten in gesprek blijven’ Michiel Dijkstra clustercoördinator BZK
begroting en dat dit alleen in gezamenlijkheid kan worden opgelost. ‘Het kabinet heeft gemeenten hard nodig, en omgekeerd. We moeten in gesprek blijven’, aldus Dijkstra. Te weinig aandacht voor de wereld achter de cijfers Een van de deelnemers vraagt aan de VNG of er nu structureel iets verandert aan de financiering. Van Zoest: ‘Vanaf 2028 of 2029 gaat een deel van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en Jeugd waarschijnlijk naar een bijzondere fondsuitkering. Die wordt dan uit de algemene uitkering gehaald; dat geeft rust. Maar de
De GOUDEN TIP van Michiel Dijkstra ‘We moeten veel consequenter uitgaan van uitvoerbaarheid. Past een maatregel, wat kost het, en kunnen we het waarmaken? Praat met de mensen in de uitvoering. Dáár zie je wat er kan met de middelen die we hebben.’
24 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
kernvraag blijft: wat zijn precies de taken van gemeenten, welke middelen horen daarbij en hoe worden de risico’s verdeeld?’ Van der Graaf vult aan dat gemeenten nog worstelen met de koppeling tussen beleid en financiën. ‘Het gaat niet alleen over geld. Geld is slechts een middel om maatschappelijke doelen te realiseren. Het
‘Gemeenten worstelen met de koppeling tussen beleid en financiën’ D ennis van der Graaf concerncontroller gemeente Alphen aan den Rijn
De GOUDEN TIP van Dennis van der Graaf ‘Ga weg van het denken in geld alleen. Werk aan een gedeelde, langetermijnvisie met raad, college, organisatie én de samenleving en vertaal die naar kortetermijnresultaten. Stuur op maatschappelijke opgaven: de leefwereld eerst, de cijfers daarna.’
gaat over de leefwereld achter de cijfers: hoe ontwikkelen jeugdigen zich, welke doelen stellen we, en hoeveel verantwoordelijkheid leggen we bij gemeenten?’ Het is een probleem dat ook de anderen herkennen. Cijfers staan vaak op zich en hebben nauwelijks of geen relatie met de ‘echte wereld’, de inhoud. Niet groeien, maar uitvoeren De vierde stelling roept veel herkenning op aan tafel: ‘Het loopt bij gemeenten helemaal uit de hand met opgaven, ambities, nieuw beleid, groei formatie. Het is niet meer beheersbaar.’ Huith steekt van wal: ‘Als je alleen al kijkt naar de toename van de bevolkingsgroei, en het feit dat één op de zeven jongeren nu in de jeugdzorg zit, dan maak ik me grote zorgen. We innoveren niet genoeg en het grootste deel van de formatiegroei zit in beleidsmakers. Wat nu als we eens níet verder groeien, maar vooral gaan uitvoeren?’ Maas ziet dat nieuw beleid vaak als bedreiging wordt gezien, terwijl het vooral zou moeten draaien om effectiviteit: ‘Het gaat niet om het stapelen van nieuwe ideeën, maar om de vraag: draagt dit bij aan onze doelstellingen? Zo nee, dan niet. Dat biedt ook ruimte om te innoveren.’
RONDETAFELDISCUSSIE
Er is geen stopknop Toch lukt het gemeenten nauwelijks om zaken die niet bijdragen te stoppen. Huith: ‘Als een gemeente eenmaal een project begint, is het bijna onmogelijk om de stopknop in te drukken.’ Voor Frequin zit het probleem vooral in de uitvoering: ‘We krijgen het daar gewoon niet bij elkaar. Ook ik ben voor minder beleid en betere uitvoering. Kleinere gemeenten kunnen de opgaven en ambities steeds moeilijker bijbenen. Tegelijkertijd zitten grotere gemeenten met het tegenovergestelde dilemma: Ze moeten groter worden omdat het anders niet meer kan, maar dan sta je ook verder af van je inwoners.’ Klok vindt de stelling te negatief: ‘Er gaat ook heel veel goed bij gemeenten. Tachtig tot negentig procent loopt
‘Het gaat niet om het stapelen van nieuwe ideeën, maar om de vraag: draagt dit bij aan onze doelstellingen?’ Frank Maas concernstrateeg financiën gemeente Venlo
gewoon in de pas. We moeten alleen uitkijken dat we niet te veel op ons bordje nemen.’ Bijval komt van Dijkstra, die erkent dat gemeenten veel leveren, maar ‘óók nog veel ambities en taken hebben waar ze niet geheel aan toekomen.’ Scherpere keuzes maken en bijsturen Terug naar de politiek. De laatste stelling gaat erover dat de komende coalitievorming een kans biedt om echt prioriteiten te stellen en zaken te benoemen die gemeenten in de ijskast gaan zetten omdat ze die toch niet kunnen waarmaken. De deelnemers zijn het erover eens dat de nieuwe coalitievorming een unieke kans biedt om scherpere keuzes te maken, maar niemand gelooft dat dit
De GOUDEN TIP van Frank Maas ‘We moeten af van het keurslijf aan de voorkant. Laat inhoud, doeltreffendheid en doelmatigheid leidend zijn, met flexibele kaders en betere effectrapportages. Koppel middelen aan doelen en effecten - dan wordt beslissen makkelijker, transparanter en beter uitlegbaar.’
25 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
De GOUDEN TIP van Walter Huith ‘Durf het grote gesprek te voeren: wat als we de zwaarste onderdelen van de jeugdzorg uit het gemeentelijk domein halen? Dat maakt het stelsel overzichtelijker en financierbaar. En laten we geldtekorten en -overschotten veel beter met elkaar verbinden.’
vanzelf gebeurt. De VNG zegt dat zij de vrees hadden dat de financiële druk gemeenten in de afgelopen jaren tot veel pijnlijke keuzes zou dwingen. ‘Maar in de praktijk is het gelukt dit te beperken, onder meer doordat er toch meer middelen beschikbaar kwamen’, zegt Van Zoest. ‘Daarnaast hebben gemeenten veel geparkeerd, vooruitgeschoven of met technische ingrepen gedempt.’ Van der Graaf pleit voor meer aandacht voor de eerste twee W-vragen in de beleidsbegroting: ‘Wat willen we bereiken?’ en ‘Wat gaan we daarvoor doen?’ Daarbij hoort volgens hem ook scherp prioriteren hoe tijd, capaciteit en middelen op de korte termijn zo effectief mogelijk worden ingezet voor de lange termijnambities. ‘Dat
‘De jaarrekening wordt nauwelijks gebruikt als sturingsinstrument. Dat is een structurele tekortkoming’ Walter Huith strategisch adviseur programma Venster (ICTU)
vraagt een integrale afweging tussen inhoudelijke thema’s onderling én in relatie tot de financiële positie. Soms versnellen we bewust op het ene thema, terwijl we een ander tijdelijk temperen’, legt hij uit. Huith ziet daarbij een structurele tekortkoming: de jaarrekening wordt volgens hem nauwelijks gebruikt als sturingsinstrument. ‘Daar moet het gesprek plaatsvinden over bijsturen voor de toekomst, maar dat gebeurt te weinig.’ Inspanningen versus resultaat Klok vult aan dat de jaarrekening zo financieel-technisch is ingekleurd dat raadsleden moeilijk zien wat er werkelijk achter de cijfers schuilgaat. Het is voor hen lastig om deze cijfers daadwerkelijk te doorgronden. Bovendien is er behoefte aan regelmatige
RONDETAFELDISCUSSIE
voortgangsinformatie over specifieke projecten of thema’s, die nu niet uit de jaarrekening is te halen. Van der Graaf: ‘De lijst met inspanningen die gemeenten gaan leveren is er wél, maar de te leveren resultaten op korte termijn worden vaak niet genoemd. Het
‘We hebben projectleiders en financieel specialisten letterlijk in één ruimte gezet. Pas toen ontstond er een realistische uitvoerings- én financiële planning’ Dennis van der Graaf concerncontroller gemeente Alphen aan den Rijn
is alsof je een keuken koopt en uitsluitend een overzicht krijgt van voorgenomen inspanningen van de installateur, niet van de uiteindelijk keuken. Dat wil toch niemand?’ Hij ziet ook dat investeringsbesluiten vaak vervagen omdat financiën en uitvoering onvoldoende samenwerken. Van der Graaf: ‘We hebben projectleiders en financieel specialisten letterlijk in één ruimte gezet. Pas toen ontstond er een realistische uitvoerings- én financiële planning. Het bleek dat ze elkaars wereld onvoldoende kenden. Dat moeten we vaker doen.’
FINANCIËLE PERFORMANCE
Gemeenten met > 100.000 inwoners KENGETALLEN Solvabiliteit Nettoschuldquote Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit (BEGROTE) RESULTATEN RANKING
> 100.000 INWONERS De laagst scorende gemeente is Groningen met een 6,5
Financieel gezond
Resultaten 2024 24 van de 32 gemeenten in deze categorie rapporteren een overschot van in totaal € 725 miljoen. Vorig jaar was dat nog € 595 miljoen.
Begroting 2025-2029 De gemeenten in deze categorie begroten voor 2025 en 2026 tekorten, maar laten in de drie jaren daarna overschotten zien.
Financieel zwak
Overschot (in miljoenen)
De hoogst scorende gemeente in deze categorie is Dordrecht met een 9,8
Financieel gezond
Overschot (in miljoenen) <5 5 - < 10 10 - < 25 25 - < 50
Ranking 2026 Deze categorie telt 32 gemeenten met in totaal 6.876.844 inwoners (38% van de totale Nederlandse bevolking). Gemiddeld scoren ze in deze ranking een 8,2. Dat is iets lager dan het landelijk gemiddelde van 8,4.
50 - < 75 Financieel zwak
75 - < 100 > 100
Tekort (in miljoenen)
Tekort (in miljoenen)
Overschot (in miljoenen)
<5
<5
5 - < 10
5 - < 10
10 - < 25
10 - < 25
25 - < 50
25 - < 50
50 - < 75
50 - < 75
75 - < 100
75 - < 100
> 100
> 100
Tek (in m
28 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN > 100.000 INWONERS
Toelichting kengetallen Solvabiliteit is een belangrijke graadmeter voor de financiële gezondheid van gemeenten en wordt berekend op basis van het eigen vermogen ten opzichte van de totale bezittingen van de Hoe hoger solvabiliteit, des te groter In ditgemeente. hoofdstuk gaan we de in op de vijf kengetallen ende debuffer die gemeenten hebben om op leiden te vangen. Een solvabilibegrotingen 2025-2029 dietegenvallers gezamenlijk tot de BDO-ranking per 20% gemeente. Daarnaast als analyseren we de teit lager dan wordt beschouwd meest risicovol. resultaten over 2024. In dit geval doen we dat voor de categorie met meer dan 100.000 inwoners. De nettoschuldquote geeft inzicht in het niveau van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de totale baten. Het Resultaten 2024 en begrote geeft een indicatie van de resultaten mate waarin de rentelasten en de Bij deaflossingen 100.000+ op gemeenten blijven de resultaten de exploitatie drukken. Een laag2024 percentage is opvallend overschotten dieonzekerheid grotendeelskan in bestaan veelalstabiel, gunstig.met Omdat bij leningen lijn of liggen met vorig jaar. terugbetaald, We zien dat erwordt binnen ze allemaal worden ditdeze kengetal zowel categorie in totaal 32 gemeenten, 24 gemeenten berekendvan inclusief (gecorrigeerd) als exclusief de doorgeleeneen overschot rapporteren van in totaal € 725 miljoen. de gelden.
Een hogere schuldquote hoeft overigens niet per definitie een slecht teken zijn.miljoen. Een gemeente is immers een Vorig jaar was dat nog te € 796 Acht gemeenten ‘bestedingshuishouding’. Heteen hoofddoel is niet om in deze categorie laten tekort zien van inzo veel mogelijk eigen vermogen dan welVerder middelen aan te houden en daar totaal € 280 miljoen. signaleren we rendementen uitgemeenten te halen, maar meer om vijf de inkomsten dat 21 er inveel de komende jaar optimaal inintevermogen zetten tenop behoeve van betere voorzieningen achteruitgaan vanwege voor de burgers en andere maatschappelijke baten. geraamde tekorten in die periode, zo blijkt uit de begrotingen. Gemiddeld genomen teren gemeenten in deze categorie de komende vijf jaar 16% in op hun eigen vermogen dat nu nog € 22 miljard bedraagt. Dit vermogen is niet vrij besteedbaar, € 2 miljard Kengetallen hiervan is vastgelegd in toegelicht kapitaallastenreserves.
‘Negen gemeenten in deze categorie laten een tekort zien van in totaal € 280 miljoen’
Het kengetal structurele exploitatieruimte helpt mee om te beoordelen welke ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. Het woord ‘structureel’ moeten we echter nuanceren, omdat incidentele overschotten positieve invloed Op het moment dat een kapitaallastenreserve is uitgeput en kunnen hebben op de structurele exploitatieruimte. het betreffende actief vervangen moet worden, moet opnieuw dekking worden gevonden voor de vervangingsinvestering. Deze systematiek brengt het risico mee voor grondexploitatieratio geeft aanmet hoezich groot dedat boekwaarde toekomstige vervangingsinvesteringen middelen van de grondexploitaties is ten opzichteonvoldoende van de baten. Als de beschikbaar investeringenzijn. in de grondexploitaties hoger zijn dan de ontvangen kavelverkopen, loopt de boekwaarde op. Een grond exploitatie is van of hoger wordt beschouwd alsvrij kwetsbaar. Opvallend dat10% de algemene reserve – ofwel het besteedbare deel van het eigen vermogen waarbij de bestemmingsreserves blijven – sterk De belastingcapaciteitbuiten geeft beschouwing aan hoe de mogelijkheid van varieert per groottecategorie. Bijheffen alle gemeenten bedraagt een gemeente om belastingen te zich verhoudt tot deze gemiddeld genomenDe 27%, maar bij gemeenten het landelijk gemiddelde.
belangrijkste belastingenmet die meer dan 100.000 inwoners is deze ‘slechts’ 15% en gemeenten heffen zijn de onroerendezaakbelasting op daarmee € 3,4 miljard.en Dedegrootste staan voor huizen ennu bedrijfspanden, riool- engemeenten afvalstoffenheffing. de opgaven. hebbenhet eendat groter van hun Alsgrootste dit kengetal laag is,Zij betekent een deel gemeente vermogen vastgelegd in bestemmingsreserves voor omvangmeer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. rijke projecten, waardoor de algemene reserve relatief beperkt uitvalt. Daarnaast zien we dat deze categorie gemeenten per saldo alleen voor 2025 en 2026 tekorten begroot. Voor de jaren 2027 tot en met 2029 ramen zij juist overschotten: € 459 miljoen tekort in 2025, € 689 miljoen tekort in 2026, € 64 miljoen overschot in 2027, € 150 miljoen overschot in 2028 en € 245 miljoen overschot in 2029. Het lijkt erop dat grotere gemeenten al meer ombuigingen hebben
Klik op de grafiek voor meer categorieën
S Grafiek olvabiliteit Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie Solvabiliteit Nederlandse gemeenten, (2010–2024) gemiddeld en naar groottecategorie 100.000 inwoners
Overige categorieën
50%
40%
30%
20%
’10
’11
100.000 25.000
’12
’13
’14
Gemiddeld 25.000 - 50.000
’15
’16
’17
’18
50.000 - 100.000
’19
’20
’21
100.000
’22
’23
’24
Gemiddeld
29 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN > 100.000 INWONERS
‘Gemeenten met meer dan 100.000 inwoners hebben met 36,7% de laagste solvabiliteit’
gerealiseerd en/of begroot, waardoor zij in deze jaren geen tekorten meer laten zien. In de meerjarige doorkijk ontstaat bovendien een vertekend beeld: vooral Amsterdam en Rotterdam ramen forse overschotten, die een deel van de tekorten van overige gemeenten in deze categorie compenseren. In de praktijk kan het tekort van de ene gemeente echter niet worden gedicht met het overschot van een andere. Dat Amsterdam en Rotterdam positieve saldi laten zien, komt onder meer doordat zij in de afgelopen jaren al bezuinigingen hebben doorgevoerd. Daarnaast raamt Amsterdam (zie ook pagina 20) een deel van de incidenteel verkregen jeugdzorgmiddelen ook voor komende jaren, in de verwachting dat het Rijk deze opnieuw zal verlenen. Rotterdam kiest er daarentegen voor om de groei van de algemene middelen in de komende jaren te reserveren in de investeringsreserve, onder het motto ‘groei met groei’. De solvabiliteit van gemeenten met meer dan 100.000 inwoners is, vergeleken met gemeenten met minder inwoners, het laagst: 36,7%. Toch vormt dit percentage nog steeds een gezonde solvabiliteit. Dat is mede het gevolg van de overschotten van de afgelopen jaren. Deze ontstonden deels doordat gemeenten niet al hun begrote plannen ook daadwerkelijk hebben kunnen uitvoeren. Flinke prijsstijgingen en een tekort aan personeel en materialen zijn daar debet aan.
Hierdoor zien we weliswaar een positief financieel
Klik op de grafieken voor meer categorieën
N Grafiek ettoschuldquote Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naarNederlandse groottecategorie (2010–2024) Nettoschuldquote gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie 100.000 inwoners
Grafiek G rondexploitatie (Grex) Nederlandse gemeenten,
gemiddeld en naar groottecategorie (2010–2024) Grondexploitatie (Grex) Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie
Overige categorieën
100.000 inwoners
100%
40%
80%
30%
60%
20%
40%
10%
20%
’10
’11
100.000 25.000
’12
’13
’14
Gemiddeld 25.000 - 50.000
’15
’16
’17
’18
50.000 - 100.000
’19
’20
’21
100.000
’22
’23
’24
Gemiddeld
resultaat, maar tegelijkertijd hebben gemeenten hun burgers niet altijd datgene kunnen bieden wat ze voor ogen hadden. Deze gemeenten begroten voor 2026 overigens een lagere solvabiliteit van 30,8%.
0%
’10
’11
100.000 25.000
’12
’13
Overige categorieën
’14
Gemiddeld 25.000 - 50.000
’15
’16
’17
’18
50.000 - 100.000
’19
’20
’21
100.000
’22
’23
’24
Gemiddeld
Nettoschuldquote De nettoschuldquote voor deze categorie bedraagt in 2024 43,9%. Dat is een lichte daling ten opzichte van de 45,9% van het jaar daarvoor. Opvallend is dat gemeenten eerder
30 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN > 100.000 INWONERS
‘Opvallend is dat 6 van de 32 gemeenten in deze categorie een Grex-ratio hebben die hoger is dan 10%’
voor 2024 een schuldquote hadden begroot van 61%. Fors hoger dus dan wat deze categorie gemeenten in 2024 heeft gerealiseerd. Hieruit kunnen we concluderen dat gemeenten niet in staat zijn geweest om alle plannen uit te voeren zoals begroot of gepland. Dit planningsoptimisme zorgt er in de praktijk vaak voor dat de schuldquote minder oploopt dan vooraf geraamd. Binnen deze categorie vallen bovendien de grote onderlinge verschillen op. Zo heeft Zoetermeer in 2024 een nettoschuldquote van -0,7%, terwijl Leiden uitkomt op maar liefst 105%. Deze verschillen worden verklaard door het gevoerde financiële beleid: waar de ene gemeente de positieve resultaten van de afgelopen jaren gebruikt om schulden af te lossen, kiest een andere juist voor een omvangrijk investeringsprogramma, wat leidt tot een stijging van de schuldpositie. Dat patroon zien we ook duidelijk terug bij Zoetermeer en Leiden. Grondexploitatie (Grex) De Grex-ratio voor de grootste gemeenten is met 6,8% in 2024 nagenoeg gelijk aan 2023. Dat is opvallend aangezien Nederland voor een enorme bouwopgave staat en je zou verwachten dat het aantal grondposities juist bij de grote gemeenten zou toenemen. Dat blijkt echter
Klik op de grafiek voor meer categorieën
niet het geval. Langdurige vergunningtrajecten, de stikstofproblematiek en een tekort aan personeel en materialen leiden ertoe dat bouwprojecten moeizaam van de grond komen. Grote gemeenten hebben bovendien relatief weinig armslag als het gaat om het vinden van extra bouwgronden binnen hun grenzen. Veel is al bestemd en bebouwd. Dit alles maakt duidelijk dat het realiseren van de woningbouwopgave allesbehalve eenvoudig is.
S Grafiek tructurele exploitatieruimte Nederlandse gemeenten, gemiddeldexploitatieruimte en naar groottecategorie (2014–2024) Structurele Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie
Opvallend is verder dat 6 van de 32 gemeenten in deze categorie een Grex-ratio hebben die hoger is dan 10%, waaronder Westland (33,8%), Groningen (25,0%), Leeuwarden (24,4%), Almere (19,5%) en Nijmegen (21%). Dat betekent tegelijkertijd dat er ook veel gemeenten zijn met een Grex-ratio lager dan 6%. Uitschieters daarbij zijn Rotterdam (-1,7%), Amsterdam (-1,2%), Zwolle (-1,0%) en Den Haag (0%). Een lage of zelfs negatieve ratio hoeft niet te betekenen dat er geen grondexploitaties zijn, maar kan ook komen door (deels) verlieslatende projecten waarvoor al voorzieningen zijn getroffen en de boekwaarde nihil is.
4%
Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte van gemeenten in deze categorie daalde van 5,1% in 2022 naar 3,1% in 2023. In 2024 steeg deze weer naar 3,6%. Daarmee blijft de exploitatieruimte relatief hoog: de structurele baten zijn hoger dan
100.000 inwoners
Overige categorieën
6% 5%
3% 2% 1% 0% -1%
’14
’15
100.000 25.000
’16
’17
Gemiddeld 25.000 - 50.000
’18
’19
’20
50.000 - 100.000
’21
’22
100.000
’23
’24
Gemiddeld
de structurele lasten. Idealiter – en het minst risicovol – ligt deze ruimte rond de nul, omdat de structurele lasten dan volledig worden gedekt door de structurele baten. Voor 2026 verwachten deze gemeenten een lagere structurele
31
BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN > 100.000 INWONERS
‘In 2024 is de belastingcapaciteit voor gemeenten in de grootste categorie opnieuw gestegen’
Toelichting kengetallen Solvabiliteit is een belangrijke graadmeter voor de financiële gezondheid van gemeenten en wordt berekend op basis van het eigen vermogen ten opzichte van de totale bezittingen van de gemeente. Hoe hoger solvabiliteit, des te groter de buffer die exploitatieruimte van 1,1%.deHet begrip ‘structureel’ behoeft gemeenten hebben om op te vangen. Een solvabilioverigens enige nuance. De tegenvallers taken die gemeenten toebedeeld krijgen, vaak beslaan vele jaren. De algemene teitzijn lager danstructureel 20% wordten beschouwd als meest risicovol. uitkering die hier grotendeels tegenover staat, is eveneens structureel, maar de hoogtegeeft ervaninzicht is echter niet altijdvan goed De nettoschuldquote in het niveau de gevoorspelbaar. Eenschuldenlast (incidentele) meevaller hettotale eindebaten. van het meentelijke ten opzichte aan van de Het jaar telt immers als structurele baat waarin en vergroot daarmee en de de geeft een indicatie van de mate de rentelasten structurele exploitatieruimte. aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is veelal gunstig. Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan Belastingcapaciteit of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel In 2024 is de belastingcapaciteit voorals gemeenten in de berekend inclusief (gecorrigeerd) exclusief de doorgeleende gelden.
Eenopnieuw hogere schuldquote overigens grootste categorie gestegen: vanhoeft 98,9% in 2023niet naarper definitie een Het slecht teken zijn. gemeente is immers een 100,5% in 2024. lijkt eroptedat deEen grootste gemeenten ‘bestedingshuishouding’. hoofddoel niet om zo veel moervoor hebben gekozen om inHet 2024 iets meeris belasting gelijk Gemeenten eigen vermogen wel middelen te houden en daar te heffen. zoalsdan Tilburg, Utrecht, aan Zoetermeer, rendementen uit tevoeren halen, maar veel meerom omde delokale inkomsten Dordrecht en Zaanstad bewust beleid optimaal te zetten behoevevan vanhun betere voorzieningen belastingen te in verhogen alsten onderdeel strategie om de voorals degevolg burgersvan en het andere maatschappelijke baten. tekorten ravijnjaar terug te dringen. Vaak in combinatie met bezuinigingen en een herprioritering van investeringen. Dat is een breuk met de trend van voorgaande jaren, waarin grotere gemeenten gemiddeld juist een lagere belastingdruk kenden dan kleinere gemeenten. Die gaf hen in tijden van nood meer ruimte om extra inkomsten te genereren dan kleinere gemeenten. Dit jaar groeien de verschillende gemeentecategorieën verder naar elkaar toe. Voor 2026 begroten de grootste gemeenten een belastingcapaciteit van 96,8%.
Het kengetal structurele exploitatieruimte helpt mee om te beoordelen welke ruimte een gemeente heeft om de eigen Grafiekte dragen. Het woord ‘structureel’ moeten we echter lasten nuanceren, omdat incidentele overschotten positieve invloed elastingcapaciteit B Nederlandse gemeenten, Belastingcapaciteit Nederlandse gemeenten, kunnen hebben op de structurele exploitatieruimte. gemiddeld naar groottecategorie (2014–2024) gemiddeld enennaar groottecategorie 100.000 inwoners Overige categorieën De grondexploitatieratio geeft aan hoe groot de boekwaarde van de grondexploitaties is ten opzichte van de baten. Als de 110% investeringen in de grondexploitaties hoger zijn dan de ontvangen kavelverkopen, loopt de boekwaarde op. Een grond exploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar.
De belastingcapaciteit geeft aan hoe de mogelijkheid van een gemeente om belastingen te heffen zich verhoudt tot 100% het landelijk gemiddelde. De belangrijkste belastingen die gemeenten heffen zijn de onroerendezaakbelasting op huizen en bedrijfspanden, en de riool- en afvalstoffenheffing. Als dit kengetal laag is, betekent het dat een gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. 90% ’14
’15
100.000 25.000
’16
’17
Gemiddeld 25.000 - 50.000
’18
’19
’20
50.000 - 100.000
’21
’22
100.000
’23
’24
Gemiddeld
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 1 - 25 | Groottecategorie >100.000
Balanstotaal Belastingcapaciteit 2024
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor Eigen vermogen begrotingssaldi gecorrigeerd voor 2025 t/m 2029 begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
56,00% 12.895.000 18,00%
655.840.000 2,00% 1.165.893.000 10,00% 99,00%
57 668.735.000
10
40
30
15
10
3
-
2
Tilburg
230.357
Noord-Brabant
58,00%-166.472.000 33,00%
873.600.000 1,70% 1.493.800.000 2,90% 73,00%
47 707.128.000
10
40
30
15
10
5
-3
3
=
Den Bosch
161.530
Noord-Brabant
61,00%-48.484.000 13,00%
794.400.000 0,00% 1.290.100.000 6,00% 84,00%
58 745.916.000
10
40
30
15
6
5
-
4
Zwolle
133.810
Overijssel
44,00%
9.691.815 11,00%
366.489.000 1,00% 827.739.000 -1,00% 86,00%
45 376.180.815
10
35
30
15
10
5
1
5
Amsterdam
934.526
Noord-Holland
48,00%272.100.000 93,00%
8.222.000.000 -1,20% 5,55% 17.123.700.000 95,00%
50 8.494.100.000
10
38
28
15
10
3
2
6
Deventer
104.301
Overijssel
44,00% -6.422.000 20,00%
223.532.000 6,69% 506.769.000 5,00% 95,00%
43 217.110.000
9
35
30
15
10
3
-1
7
=
Rotterdam
672.960
Zuid-Holland
53,60% 297.577.000 27,20%
2.618.089.000 -1,70% -1,80%4.884.870.000 109,00%
60 2.915.666.000
9
40
30
15
3
1
-
8
Venlo
103.984
Limburg
39,00% -13.325.000 19,00%
250.436.000 7,60% 640.525.000 5,00% 92,10%
37 237.111.000
9
31
30
15
10
5
-2
9
Delft
110.173
Zuid-Holland
41,50% -5.121.000 19,70%
316.063.000 6,70% 762.035.000 0,30% 113,50%
41 310.942.000
9
33
30
15
10
1
-1
10
Haarlem
168.743
Noord-Holland
36,00% 47.490.615 49,00%
1,00% 107,00% 337.155.000 4,00% 940.945.000
41 384.645.615
9
28
30
15
10
1
4
11
Eindhoven
249.035
Noord-Brabant
43,90% -79.133.000 36,70%
1,60% 95,00% 548.039.000 5,30% 1.248.531.000
38 468.906.000
9
35
30
15
10
3
-5
12
Maastricht
125.563
Limburg
35,00% 12.067.000 31,00%
5,00% 101,00% 307.704.000 5,00% 871.061.000
37 319.771.000
9
27
30
15
10
3
2
13
Haarlemmermeer
165.255
Noord-Holland
38,20% -21.224.000 58,80%
7,80% 99,90% 366.917.000 4,80% 962.199.000
36 345.693.000
9
30
30
15
10
3
-2
14
Ede
124.214
Gelderland
37,00% -21.779.000 32,00%
15,00% 85,00% 196.411.000 3,00% 531.864.000
33 174.632.000
9
29
30
15
10
5
-3
15
Alphen aan den Rijn
115.773
Zuid-Holland
41,28% 4.094.000 34,86%
239.521.000 -0,15% 580.283.000 5,80% 104,73%
42 243.615.000
8
32
30
15
3
3
1
16
Zoetermeer
129.862
Zuid-Holland
55,90%-129.659.000 -0,70%
360.968.000 0,00% 645.310.000 0,60% 103,50%
36 231.309.000
8
40
30
15
6
3
-12
17
Enschede
162.317
Overijssel
34,00% -13.432.000 19,00%
254.362.000 2,50% 745.266.000 1,00% 109,00%
32 240.930.000
8
27
30
15
10
1
-2
18
Westland
116.916
Zuid-Holland
36,90%
289.392.000 2,70% 33,80%
784.511.000 112,00%
37 288.810.000
8
29
30
10
10
1
-
19
Apeldoorn
168.551
Gelderland
34,22%-58.943.000 44,03%
262.259.000 1,44% 766.372.000 0,55% 98,49%
27 203.316.000
8
27
30
15
10
3
-5
20
Amersfoort
163.298
Utrecht
31,40%-34.802.000 23,50%
238.156.000 8,30% 758.198.000 5,40% 98,50%
27 203.354.000
8
24
30
15
10
3
-3
21
Breda
188.779
Noord-Brabant
19,66% 50.239.000 36,07%
147.819.000 1,92% 0,84%
823.957.000 84,83%
24 198.058.000
8
16
30
15
10
5
3
22
Emmen
109.678
Drenthe
21,70% -5.541.000 76,40%
158.415.000 4,20% 728.324.000 6,50% 94,00%
21 152.874.000
8
17
30
15
10
5
-1
23
Utrecht
376.757
Utrecht
25,00% 28.684.000 71,10%
624.201.000 0,65% 2.496.419.000 5,30% 120,00%
26 652.885.000
8
20
30
15
10
1
1
24
Den Haag
568.945
Zuid-Holland
-488.082.000 32,79% 24,93%
1.271.891.000 0,00% 2,98% 3.879.296.000 92,87%
20 783.809.000
8
26
30
15
10
5
-10
25
Nijmegen
189.007
Gelderland
28,00% 35.800.000 40,00%
270.493.000 3,40% 979.723.000 21,00% 118,00%
31 306.293.000
8
22
30
10
10
1
2
-582.000 79,10%
Structurele exploitatieruimte
Zuid-Holland
Eigen vermogen 2024
122.796
Grondexploitatie
Inwonersaantallen
Dordrecht
Solvabiliteitsratio
Gemeente
Provincie
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven*
Opbouw cijfer
Ranking
Begrotingsanalyse
1
* Om een juiste onderlinge vergelijking mogelijk te maken, zijn de cijfers voor de publicatiejaren 2024 en 2025 herrekend volgens de verfijnde systematiek die vanaf 2026 van kracht is.
Som van Nettoschuldquote begrotingssaldi gecorrigeerd voor alle 2025 t/m 2029 verstrekte leningen
Ratioanalyse jaarrekening 2024 Begrotingsanalyse
KliTekru hie g rnvaoaror ucitogm eb parecid tee begrotingsanalyse
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 26 - 32 | Groottecategorie >100.000
Balanstotaal Belastingcapaciteit 2024
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor Eigen vermogen begrotingssaldi gecorrigeerd voor 2025 t/m 2029 begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
Gelderland
31,00%-70.004.000 51,00%
317.801.000 5,00% 1.014.665.000 3,00% 106,00%
24 247.797.000
7
24
30
15
10
1
-5
27
Alkmaar
112.896
Noord-Holland
24,90%-59.806.000 66,70%
159.164.000 1,10% 4,90%
638.159.000 84,00%
16 99.358.000
7
20
30
15
10
5
-7
28
Almere
229.574
Flevoland
-188.700.000 38,00% 47,00%
469.181.000 0,80% 1.401.961.000 19,50% 112,00%
20 280.481.000
7
30
30
15
10
1
-14
29
Zaanstad
162.828
Noord-Holland
26,00%-101.518.000 80,00%
270.138.000 0,20% 1.043.135.000 2,00% 102,00%
16 168.620.000
7
20
30
15
10
3
-8
30
Leeuwarden
129.973
Friesland
18,90% -6.829.000 58,30%
147.771.000 19,60% 782.021.000 24,40% 78,00%
18 140.942.000
7
15
30
10
10
5
-1
31
Leiden
130.638
Zuid-Holland
26,40%
-59.000 105,30%
303.293.000 5,40% 1.148.887.000 1,40% 140,30%
26 303.234.000
7
20
19
15
10
1
-
32
=
Groningen
244.441
Groningen
12,80% 60.284.000 85,90%
364.391.000 3,80% 2.345.186.000 25,00% 124,10%
18 424.675.000
7
10
30
10
10
1
4
Structurele exploitatieruimte
169.364
Eigen vermogen 2024
Arnhem
Grondexploitatie
Solvabiliteitsratio
Inwonersaantallen
26
Provincie
Gemeente
Opbouw cijfer
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven
Begrotingsanalyse
Ranking
Som van Nettoschuldquote begrotingssaldi gecorrigeerd voor alle 2025 t/m 2029 verstrekte leningen
Ratioanalyse jaarrekening 2024 Begrotingsanalyse
KliTekru hie g rnvaoaror ucitogm eb parecid tee begrotingsanalyse
FINANCIËLE PERFORMANCE
Gemeenten met 50.000-100.000 inwoners KENGETALLEN Solvabiliteit Nettoschuldquote Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit (BEGROTE) RESULTATEN RANKING
50.000-100.000 INWONERS Financieel gezond
Overschot (in miljoenen)
Overschot (in miljoenen)
Tekort (in miljoenen)
Overschot (in miljoenen)
<5
<5
5 - < 10
5 - < 10
10 - < 25
10 - < 25
25 - < 50
25 - < 50
50 - < 75
50 - < 75
75 - < 100
75 - < 100
> 100
> 100
Tekort (in miljoenen)
Financieel zwak
4
De koplopers in deze gemeenten categorie scoren een 10
De laagst scorende gemeente is Kampen met een 4,5
Tekort (in miljoenen)
<5 5 - < 10 10 - < 25 25 - < 50 50 - < 75 75 - < 100 > 100
Financieel gezond
Resultaten 2024 48 van de 63 gemeenten in deze categorie lieten een een overschot zien van in totaal € 631 miljoen, in 2023 waren dat 50 gemeenten met een totaal overschot van € 524 miljoen.
Begroting 2025-2029 De gemeenten in deze categorie verwachten gemiddeld genomen vanaf 2026 tot 2029 tekorten: € 219 miljoen in 2026, € 45 miljoen in 2027, € 172 miljoen in 2028 en € 112 miljoen in 2029.
Ranking 2026 De categorie gemeenten met 50.000-100.000 inwoners telt 63 gemeenten met in totaal 4.416.770 inwoners (24% van de totale Nederlandse bevolking). Gemiddeld scoren ze in deze ranking een 8,2. Dat is iets lager dan het landelijke gemiddelde van 8,4.
Financieel zwak
36 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN 50.000-100.000 INWONERS
‘De algemene reserve bedraagt in deze groottecategorie gemiddeld 41% van het eigen vermogen’
Toelichting kengetallen Solvabiliteit is een belangrijke graadmeter voor de financiële gezondheid van gemeenten en wordt berekend op basis van het eigen vermogen ten opzichte van de totale bezittingen van de des te groter In ditgemeente. hoofdstukHoe gaanhoger we inde opsolvabiliteit, de vijf kengetallen en dede buffer die gemeenten hebben om te vangen. begrotingen 2025-2029 die tegenvallers gezamenlijk op leiden tot de Een solvabiliBDO-ranking analyseren teit lagerper dangemeente. 20% wordtDaarnaast beschouwd als meest we risicovol. de resultaten over 2024. In dit geval doen we dat voor de categorie met 50.000 totgeeft 100.000 inwoners. De nettoschuldquote inzicht in het niveau van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de totale baten. Het Resultaten 2024 en begrote resultaten geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de Bij deaflossingen gemeentenop vande50.000 tot 100.000 inwoners de exploitatie drukken. Een laagstijgen percentage is totaleveelal overschotten 2024 lieten 48 van dekan in totaal 63 gunstig. opnieuw. Omdat bijInleningen onzekerheid bestaan gemeenten een gezamenlijk overschot zien van €dit631 miljoen.zowel of ze allemaal worden terugbetaald, wordt kengetal Ter vergelijking: in 2023 waren dat nog 50 gemeenten met berekend inclusief (gecorrigeerd) als exclusief de doorgeleeneen totaal Een overschot € 524 miljoen. de gelden.
hogerevan schuldquote hoeftTegelijkertijd overigens niet per verwachten veel gemeenten in Een dezegemeente categorie voor definitie een slecht teken te zijn. is immers een de komende vijf jaar juist tekorten. We zien om dat zo 47veel mo‘bestedingshuishouding’. Het hoofddoel is niet gemeenten er indan dezewel periode naar aan verwachting in en daar gelijk eigen vermogen middelen te houden vermogen achteruitgaan rendementen uit te op halen, maar veel vanwege meer ombegrote de inkomsten is het goed om voorzieningen te realioptimaal intekorten. te zettenTen tenslotte behoeve van betere voor de burgers andere maatschappelijke baten. seren dat de algemene reserve, ofwel het vrij besteedbare deel van het eigen vermogen, waarbij de bestemmingsreserves buiten beschouwing blijven, gemiddeld 41% van het eigen vermogen bedraagt. Gemiddeld genomen teren gemeenten binnen deze categorie Kengetallen de komende vijf jaar 8% in toegelicht op hun eigen vermogen,
Het kengetal structurele exploitatieruimte helpt mee om te beoordelen welke ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. Het woord ‘structureel’ moeten we echter nuanceren, omdat incidentelegemeenten, overschotten positieve invloed Grafiek S olvabiliteit Nederlandse kunnen hebben op de groottecategorie structurele exploitatieruimte. gemiddeld en naar (2010–2024) Solvabiliteit Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie De grondexploitatieratio geeft aan hoe groot de boekwaarde 50.000 100.000 inwoners van de- grondexploitaties is ten opzichte van de Overige baten. categorieën Als de investeringen in de grondexploitaties hoger zijn dan de ont50% vangen kavelverkopen, loopt de boekwaarde op. Een grond exploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar. een gemeente om belastingen te heffen zich verhoudt tot het landelijk gemiddelde. De belangrijkste belastingen die gemeenten heffen zijn de onroerendezaakbelasting op huizen en bedrijfspanden, en de riool- en afvalstoffenheffing. 30% Als dit kengetal laag is, betekent het dat een gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. ’10
’11
’12
’13
’14
’15
50.000 25.000- 100.00025.000 - Gemiddeld 50.000
’16
’17
’18
50.000 - 100.000
’19
’20
’21
100.000
’22
’23
N Grafiek ettoschuldquote Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naarNederlandse groottecategorie (2010–2024) Nettoschuldquote gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie 50.000 - 100.000 inwoners
Overige categorieën
100%
80%
De belastingcapaciteit geeft aan hoe de mogelijkheid van 40%
20%
Klik op de grafieken voor meer categorieën
’24
Gemiddeld
dat ultimo 2024 € 8,2 miljard bedraagt. Voor alle gemeenten in deze categorie geldt dat ze gemiddeld genomen over de jaren 2025 tot 2029 tekorten verwachten: € 128 miljoen in 2025, € 219 miljoen in 2026, € 45 miljoen in 2027, € 172 miljoen in
60%
40%
20%
’10
’11
’12
’13
’14
’15
50.000 25.000- 100.00025.000 - Gemiddeld 50.000
’16
’17
’18
50.000 - 100.000
’19
’20
’21
100.000
’22
’23
’24
Gemiddeld
2028 en € 112 miljoen in 2029. In de praktijk vallen die tekorten vaak mee doordat investeringen worden uitgesteld, personeelstekorten de uitvoering vertragen en incidentele rijksmiddelen later worden toegekend. Hierdoor ontstaan structureel hogere
37
BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN 50.000-100.000 INWONERS
‘De solvabiliteit is nagenoeg even hoog als in het jaar daarvoor en kan worden beschouwd als een vrij gezonde buffer’
realisaties dan begroot. Toch blijft het toekomstbeeld kwetsbaar: zodra incidentele middelen wegvallen en investeringsopgaven werkelijk moeten worden uitgevoerd, lopen de tekorten in deze categorie zichtbaar op, vooral in 2028. Wel valt op dat gemeenten voor het eerst in lange tijd een duidelijke investeringsimpuls laten zien. Uit de cijfers blijkt dat de gemeentelijke investeringen in 2024 met bijna 6% zijn toegenomen – de sterkste stijging sinds 2010. Dat duidt erop dat gemeenten toch beginnen aan de grote investeringsopgaven waar zij al jaren voor staan. Solvabiliteit De solvabiliteit van gemeenten met 50.000 tot 100.000 inwoners bedraagt in 2024 36,8%. Dat is nagenoeg even hoog als in het jaar daarvoor en kan worden beschouwd als een vrij gezonde buffer. De uitschieters binnen deze categorie zijn Noordoostpolder met de hoogste solvabiliteit van maar liefst 79,0% en hekkensluiter Heerlen dat uitkomt op een magere 10,2%. Voor 2026 verwachten gemeenten in deze categorie overigens een lagere solvabiliteit: 32,4%. Nettoschuldquote De nettoschuldquote voor deze categorie gemeenten is ten opzichte van het jaar daarvoor met 42,4% gelijk gebleven. In 2014 bedroeg deze nog 85,1%. Hoe hoger de schuldquote, hoe groter de verhouding tussen de schulden en de totaal gerealiseerde baten. Slechts één gemeente in de categorie gemeenten met 50.000
tot 100.000 inwoners bevindt zich in de categorie ‘meest risicovol’ (boven de 130%), namelijk Kampen met een schuldquote van 139%. De laagste schuldquote in deze categorie zien we bij de gemeente Noordoostpolder (-49%). Een negatieve nettoschuldquote wijst erop dat een gemeente meer financiële middelen en uitzettingen heeft dan verplichtingen. Per saldo is er dan geen schuldpositie maar juist een overschot. Gemeenten verwachten overigens dat deze weer fors gaat toenemen tot zelfs 62,8% in 2026, zo blijkt uit de begrotingen. De baten in 2024 voor alle gemeenten gezamenlijk waren € 76,6 miljard. Dat is weliswaar hoger dan in 2023 (€ 73,2 miljard), maar de verwachte schulden zijn ook hoger, omdat gemeenten verwachten de komende jaren veel te moeten investeren. Overigens blijkt vaak in de praktijk dat de begrote extra financiering en bijbehorende plannen niet altijd gerealiseerd worden, want ook voor 2023 lag de begrote nettoschuldquote boven de 60%, terwijl deze nu 42% is.
Klik op de grafiek voor meer categorieën
G Grafiek rondexploitatie (Grex) Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie (2010–2024) Grondexploitatie (Grex) Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie 50.000 - 100.000 inwoners 40%
30%
20%
10%
0%
Grondexploitatie (Grex) Voor deze categorie gemeenten is de grondexploitatieratio gedaald van 7,3% in 2023 naar 6,6% in 2024. Een Grex-ratio van onder de 20% valt in de categorie ‘minst risicovol’. Hierin vallen 59 van de in totaal 64 gemeenten in deze groottecategorie. Boven de 35% is ‘meest risicovol’. Alleen de gemeenten Rijswijk (37,8%) en Lansingerland (39,0%) vallen in deze categorie. Daar wordt flink gebouwd. Wel moet worden opgemerkt dat de Grex-ratio
Overige categorieën
’10
’11
’12
’13
’14
’15
50.000 25.000- 100.00025.000 - Gemiddeld 50.000
’16
’17
’18
50.000 - 100.000
’19
’20
’21
100.000
’22
’23
’24
Gemiddeld
38 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN 50.000-100.000 INWONERS
‘Tien van de 64 gemeenten vallen in de categorie meest risicovol’
aanzienlijk verschilt per gemeente. Deze variatie wijst er onder andere op dat gemeenten in deze categorie weinig tot geen grondposities hebben. Daarnaast is het van belang te vermelden dat grondexploitaties uiteindelijk bijdragen aan de groei van de betreffende gemeente. Voor 2026 verwacht deze categorie gemeenten overigens een verdere daling van de Grex-ratio naar 6,0%. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte van gemeenten in deze categorie bleef met 3,1% nagenoeg gelijk aan voorgaand jaar. Dat is aan de hoge kant: een structurele exploitatieruimte van rond de 1% wordt het meest wenselijk geacht. Het minst risicovol is wanneer gemeenten hun structurele lasten volledig kunnen dekken met hun structurele baten, en het verschil tussen beide dus beperkt is. Binnen deze groep valt Middelburg op met een structurele exploitatieruimte van maar liefst 22%. Aan de andere kant van het spectrum sluit Roosendaal de rij af met -4,0%. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit voor gemeenten in deze categorie bedraagt in 2024 95,7% en is daarmee nagenoeg gelijk aan 2023. Tien van de 64 gemeenten vallen in de categorie ‘meest risicovol’. Dat is ruim 15% van alle gemeenten
Klik op de grafieken voor meer categorieën
Grafiek S tructurele exploitatieruimte Nederlandse gemeenten,
gemiddeldexploitatieruimte en naar groottecategorie (2014–2024) Structurele Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie
B Grafiek elastingcapaciteit Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naarNederlandse groottecategorie (2014–2024) Belastingcapaciteit gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie
50.000 - 100.000 inwoners
50.000 - 100.000 inwoners
Overige categorieën
Overige categorieën
110%
6% 5% 4% 3%
100% 2% 1% 0% -1%
’14
’15
’16
’17
50.000 25.000- 100.00025.000 - Gemiddeld 50.000
’18
’19
’20
50.000 - 100.000
’21
’22
100.000
’23
’24
Gemiddeld
tussen de 50.000 en 100.000 inwoners. De laagste belastingcapaciteit vinden we in de gemeente Kampen (72%). Dat is opvallend, omdat deze gemeente in dezelfde categorie ook de hoogste schuldquote heeft. Voor 2026 begroten de gemeenten in deze categorie een belastingcapaciteit van 96,7%.
90% ’14
’15
’16
’17
50.000 25.000- 100.00025.000 - Gemiddeld 50.000
’18
’19
’20
50.000 - 100.000
’21
’22
100.000
’23
’24
Gemiddeld
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 1 - 25 | Groottecategorie 50.000 - 100.000
Balanstotaal Belastingcapaciteit 2024
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor Eigen vermogen begrotingssaldi gecorrigeerd voor 2025 t/m 2029 begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
52 175.604.000
10
40
30
15
10
5
-
2
Oosterhout
58.380
Noord-Brabant
60,60% 1.403.000 28,70%
188.825.000 1,66% 5,00%
311.523.000 85,60%
61 190.228.000
10
40
30
15
10
5
-
3
Oss
95.239
Noord-Brabant
60,16% -4.009.000 -0,44%
266.647.000 3,30% 418.489.000 0,00% 87,83%
63 262.638.000
10
40
30
15
10
5
-
4
Capelle aan den IJssel
68.624
Zuid-Holland
55,60% -15.457.000 29,30%
187.689.000 3,10% 0,30%
337.713.000 73,40%
51 172.232.000
10
40
30
15
10
5
-
5
Terneuzen
55.653
Zeeland
48,60% 2.447.000 15,00%
168.395.000 2,40% 346.596.000 3,40% 91,80%
49 170.842.000
10
38
30
15
10
5
-
6
Noordoostpolder
50.788
Flevoland
79,00% 14.650.000 -49,00%
194.776.748 2,80% 11,00%
247.076.816 97,00%
85 209.426.748
10
40
30
15
10
3
-
7
Zeist
66.671
Utrecht
68,00%-10.646.000 4,00%
176.351.000 2,20% 259.680.000 19,00% 101,00%
64 165.705.000
10
40
30
15
10
3
-
8
Amstelveen
95.822
Noord-Holland
64,00% 8.996.000 -5,00%
288.670.000 11,00% 453.424.000 1,00% 98,00%
66 297.666.000
10
40
30
15
10
3
-
9
Leidschendam-Voorburg
78.318
Zuid-Holland
61,70%-30.839.000 13,70%
224.500.000 4,30% 367.532.000 14,70% 100,00%
53 193.661.000
10
40
30
15
10
3
-
10
=
Goeree-Overflakkee
52.185
Zuid-Holland
61,55% -23.037.100 -7,68%
1,76% 95,76% 152.522.360 8,73% 247.809.446
52 129.485.260
10
40
30
15
10
3
-
11
Maashorst
59.671
Noord-Brabant
48,50% -6.349.000 34,00%
12,90% 79,30% 129.369.000 3,10% 266.676.000
46 123.020.000
10
38
30
15
10
5
-2
12
Pijnacker-Nootdorp
58.126
Zuid-Holland
65,40% -34.781.000 -11,50%
-3,30% 106,50% 211.305.000 5,20% 323.008.000
55 176.524.000
10
40
30
15
10
1
-
13
Helmond
96.551
Noord-Brabant
54,30% -16.461.000 27,90%
32,40% 90,50% 325.909.000 4,40% 599.976.000
52 309.448.000
10
40
30
10
10
5
-
14
Middelburg
50.152
Zeeland
41,00% 8.067.000 6,00%
16,00% 89,00% 118.152.000 22,00% 287.165.000
44 126.219.000
9
32
30
15
10
5
2
15
Land van Cuijk
92.817
Noord-Brabant
48,00%-18.050.000 29,00%
206.140.000 6,00% 432.498.000 5,00% 87,00%
43 188.090.000
9
38
30
15
10
5
-4
16
Weert
51.355
Limburg
45,99%-13.043.000 24,91%
134.143.000 7,13% 9,63%
291.677.000 94,67%
42 121.100.000
9
36
30
15
10
5
-3
17
Doetinchem
60.049
Gelderland
35,00%
9.133.000 33,00%
123.170.000 4,70% 349.058.000 12,00% 88,00%
38 132.303.000
9
27
30
15
10
5
2
18
Hoogeveen
56.906
Drenthe
33,10% 14.600.000 16,00%
92.188.000 5,60% 278.579.000 4,30% 93,00%
38 106.788.000
9
26
30
15
10
5
4
19
Roermond
61.210
Limburg
41,70% -15.411.000 24,90%
116.343.000 3,30% 276.616.000 1,30% 89,30%
36 100.932.000
9
33
30
15
10
5
-5
20
West Betuwe
53.253
Gelderland
44,00%-10.520.000 42,00%
110.218.687 2,50% 19,00%
249.797.910 130,00%
40 99.698.687
9
35
30
15
10
1
-3
21
Assen
70.392
Drenthe
44,00%-50.441.000 47,00%
229.324.000 3,40% 526.318.000 4,00% 91,00%
34 178.883.000
9
35
30
15
10
5
-8
22
Lansingerland
66.064
Zuid-Holland
62,00% -51.784.000 27,00%
249.038.000 3,00% 400.975.000 39,00% 102,00%
49 197.254.000
9
40
30
5
10
3
-2
23
De Fryske Marren
52.235
Friesland
28,19%
5.552.000 37,20%
45.549.000 2,29% 2,23%
161.582.000 74,95%
32 51.101.000
9
22
30
15
10
5
3
24
Almelo
74.776
Overijssel
36,00%
1.347.000 26,00%
147.132.000 3,00% 406.459.000 3,00% 109,00%
37 148.479.000
9
28
30
15
10
1
1
25
Harderwijk
50.042
Gelderland
36,00% 5.859.000 40,00%
107.960.000 6,40% 299.885.000 24,80% 81,90%
38 113.819.000
8
28
30
10
10
5
2
Structurele exploitatieruimte
214.671.000 2,10% 336.810.000 -1,00% 80,10%
Eigen vermogen 2024
63,70% -39.067.000 10,80%
Grondexploitatie
Zuid-Holland
Solvabiliteitsratio
90.747
Provincie
Hoeksche Waard
Inwonersaantallen
Gemeente
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven*
Opbouw cijfer
Ranking
Begrotingsanalyse
1
* Om een juiste onderlinge vergelijking mogelijk te maken, zijn de cijfers voor de publicatiejaren 2024 en 2025 herrekend volgens de verfijnde systematiek die vanaf 2026 van kracht is.
Som van Nettoschuldquote begrotingssaldi gecorrigeerd voor alle 2025 t/m 2029 verstrekte leningen
Ratioanalyse jaarrekening 2024 Begrotingsanalyse
KliTekru hie g rnvaoaror ucitogm eb parecid tee begrotingsanalyse
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 26 - 50 | Groottecategorie 50.000 - 100.000
Begrotingsanalyse
Structurele exploitatieruimte
Balanstotaal Belastingcapaciteit 2024
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor Eigen vermogen begrotingssaldi gecorrigeerd voor 2025 t/m 2029 begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
49,00% -51.877.000 33,00%
2,20% 136.560.000 7,60%
87,00% 277.383.000
31 84.683.000
8
38
30
15
10
5
-14
27
Waalwijk
51.241
Noord-Brabant
36,20% -17.081.000 72,90%
-1,04% 80,90% 111.255.000 5,50% 307.498.000
31 94.174.000
8
28
30
15
10
5
-4
28
=
Krimpenerwaard
57.798
Zuid-Holland
40,00% -17.910.000 24,00%
0,00% 96,00% 100.257.000 1,80% 250.081.000
33 82.347.000
8
31
30
15
10
3
-5
29
Hoorn
76.036
Noord-Holland
31,00% 11.209.000 40,00%
0,01% 95,00% 125.881.000 4,00% 412.226.000
33 137.090.000
8
24
30
15
10
3
2
30
Nieuwegein
66.788
Utrecht
32,00% -7.550.000 60,00%
6,50% 86,00% 123.765.000 0,90% 390.879.000
30 116.215.000
8
25
30
15
10
5
-2
31
Veenendaal
70.352
Utrecht
36,00%-15.098.000 46,00%
1,50% 85,00% 116.489.000 0,80% 345.130.000
29 101.391.000
8
28
30
15
10
5
-5
32
Súdwest-Fryslân
90.534
Friesland
22,25% 22.430.000 40,40%
5,82% 72.861.000 1,04%
87,83% 327.429.000
29 95.291.000
8
17
30
15
10
5
5
33
Houten
50.945
Utrecht
42,00% -13.936.000 43,00%
6,80% 103,00% 65.922.000 4,00% 174.065.000
30 51.986.000
8
33
30
15
10
3
-9
34
Meierijstad
84.711
Noord-Brabant
41,00% -58.729.000 38,00%
19,00% 90,00% 174.902.000 3,89% 425.829.000
27 116.173.000
8
32
30
15
10
5
-11
35
Heerenveen
51.863
Friesland
30,40% -11.191.000 35,20%
7,50% 88,00% 75.075.000 3,60% 246.973.000
26 63.884.000
8
24
30
15
10
5
-3
36
Hilversum
94.393
Noord-Holland
25,00% 14.035.000 52,00%
0,00% 98,00% 97.028.000 3,60% 390.800.000
28 111.063.000
8
20
30
15
10
3
2
37
Dijk en Waard
90.747
Noord-Holland
34,00% -19.194.000 30,00%
2,00% 124.534.000 0,00%
92,00% 353.178.000
30 105.340.000
8
27
30
15
6
5
-3
38
Katwijk
67.089
Zuid-Holland
28,00% -4.661.000 71,00%
5,10% 105.786.000 1,10%
100,00% 371.454.000
27 101.125.000
8
22
30
15
10
3
-1
39
Bergen op Zoom
70.194
Noord-Brabant
23,50% 15.244.000 46,80%
5,40% 78.596.000 3,60%
103,60% 351.612.000
27 93.840.000
8
19
30
15
10
3
2
40
Woerden
53.976
Utrecht
27,00%
89,00% 4.172.000
4,00% 89.138.000 2,60%
118,00% 331.847.000
28 93.310.000
8
21
30
15
10
1
1
41
Smallingerland
57.084
Friesland
28,00% -9.735.000 69,00%
2,00% 88.350.000 5,00%
95,00% 318.777.000
25 78.615.000
8
22
30
15
10
3
-2
42
Hengelo
83.655
Overijssel
20,70%
37,90% 1.072.000
10,10% 85,80% 155.821.000 2,60% 754.488.000
21 156.893.000
8
16
30
15
10
5
-
43
Lelystad *
84.713
Flevoland
32,00%-23.304.000 -18,00%
-14,80% 117,50% 144.798.000 1,10% 472.836.000
26 121.494.000
8
25
30
15
10
1
-5
44
Barneveld
63.152
Gelderland
35,30%
99,50% -606.000
25,80% 94,60% 145.632.000 6,30% 412.395.000
35 145.026.000
8
27
23
10
10
5
-
45
Gouda
76.514
Zuid-Holland
24,40% -2.900.000 69,10%
5,00% 123,60% 116.816.000 1,20% 478.580.000
24 113.916.000
7
19
30
15
10
1
-
46
Vijfheerenlanden
62.554
Utrecht
25,97% -12.468.000 57,63%
-4,00% 110,80% 93.459.000 2,30% 359.822.000
23 80.991.000
7
20
30
15
10
1
-2
47
Utrechtse Heuvelrug
50.945
Utrecht
25,90% -5.370.000 56,50%
0,50% 52.566.889 5,80%
123,50% 202.930.106
23 47.196.889
7
20
30
15
10
1
-2
48
Nissewaard
88.341
Zuid-Holland
29,41% -8.792.000 20,64%
2,40% 96,00% 142.281.000 -0,20% 464.592.000
29 133.489.000
7
23
30
15
3
3
-
49
Sittard-Geleen
92.491
Limburg
22,10% -13.727.000 72,60%
0,20% 98,00% 141.684.000 2,00% 642.401.000
20 127.957.000
7
17
30
15
10
3
-2
50
Schiedam
82.232
Zuid-Holland
26,50% -3.949.000 97,30%
6,90% 201.353.000 6,00%
26 197.404.000
7
21
25
15
10
3
-1
Eigen vermogen 2024
Overijssel
Grondexploitatie
Som van Nettoschuldquote begrotingssaldi gecorrigeerd voor alle 2025 t/m 2029 verstrekte leningen
63.415
Solvabiliteitsratio
Hardenberg
Provincie
Inwonersaantallen
26
Gemeente
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven
Opbouw cijfer
Ranking
Ratioanalyse jaarrekening 2024 Begrotingsanalyse
KliTekru hie g rnvaoaror ucitogm eb parecid tee begrotingsanalyse
100,50% 760.169.000
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 51 - 64 | Groottecategorie 50.000 - 100.000
Balanstotaal Belastingcapaciteit 2024
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor Eigen vermogen begrotingssaldi gecorrigeerd voor 2025 t/m 2029 begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
171.869.000 -3,30% 541.051.000 5,90% 95,90%
28 152.250.000
7
25
30
15
3
3
-3
52
Purmerend
95.912
Noord-Holland
21,10% -33.834.000 84,90%
108.684.000 2,90% 514.262.000 8,10% 94,50%
15 74.850.000
7
16
30
15
10
5
-5
53
Den Helder
56.662
Noord-Holland
19,00% -1.844.000 51,00%
61.951.000 0,00% 334.206.000 3,00% 91,00%
18 60.107.000
7
15
30
15
6
5
-1
54
Gooise Meren
61.003
Noord-Holland
19,00% -7.015.000 54,40%
51.595.000 1,20% 273.043.000 1,90% 117,20%
16 44.580.000
7
15
30
15
10
1
-2
55
=
Stichtse Vecht
66.130
Utrecht
19,00% -8.135.000 75,00%
49.389.000 0,24% 260.514.000 1,19% 109,79%
16 41.254.000
7
15
30
15
10
1
-2
56
Altena
58.726
Noord-Brabant
26,71% -10.775.000 68,98%
66.291.000 -1,94% 248.165.000 3,35% 97,31%
22 55.516.000
7
21
30
15
3
3
-4
57
Vlaardingen
77.260
Zuid-Holland
19,10% 12.850.000 69,70%
91.256.000 -0,50% 478.010.000 9,90% 97,10%
22 104.106.000
7
15
30
15
3
3
2
58
Westerkwartier
64.841
Groningen
27,20% -34.615.000 52,10%
67.019.000 3,50% 246.476.000 2,20% 102,70%
13 32.404.000
7
21
30
15
10
3
-11
59
Heerlen
87.522
Limburg
10,20% -4.836.000 72,90%
59.764.000 0,60% 587.958.000 0,50% 87,60%
9 54.928.000
7
8
30
15
10
5
-1
60
Roosendaal
77.721
Noord-Brabant
26,00% -17.685.000 43,00%
14,00% 96,00% 89.921.000 -4,00% 354.495.000
20 72.236.000
7
20
30
15
3
3
-5
61
Midden-Groningen
61.387
Groningen
15,60% -16.994.000 39,40%
0,60% 102,20% 52.116.000 1,50% 334.105.000
11 35.122.000
7
13
30
15
10
3
-4
62
Velsen
70.026
Noord-Holland
23,21% -20.181.000 49,79%
0,00% 55.245.000 -2,70%
89,72% 237.977.000
15 35.064.000
6
18
30
15
3
5
-6
63
Rijswijk
60.717
Zuid-Holland
20,60%
97,80% -310.000
37,80% 101,00% 82.032.000 -0,50% 398.883.000
20 81.722.000
5
16
24
5
3
3
-1
64
Kampen
56.547
Overijssel
20,00% -11.045.000 139,00%
0,25% 72,00% 97.351.000 3,10% 487.473.000
18 86.306.000
5
16
1
15
10
5
-2
Gemeente
Structurele exploitatieruimte
31,80% -19.619.000 89,80%
Eigen vermogen 2024
Zuid-Holland
Grondexploitatie
74.527
Solvabiliteitsratio
Voorne aan Zee
Provincie
Inwonersaantallen
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven
Opbouw cijfer
Ranking
Begrotingsanalyse
51
* Dit betreft een Artikel 12-gemeente.
Som van Nettoschuldquote begrotingssaldi gecorrigeerd voor alle 2025 t/m 2029 verstrekte leningen
Ratioanalyse jaarrekening 2024 Begrotingsanalyse
KliTekru hie g rnvaoaror ucitogm eb parecid tee begrotingsanalyse
FINANCIËLE PERFORMANCE
Gemeenten met 25.000-50.000 inwoners KENGETALLEN Solvabiliteit Nettoschuldquote Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit (BEGROTE) RESULTATEN RANKING
25.000-50.000 INWONERS 4
De koplopers in deze gemeenten categorie scoren een 10
Financieel gezond
Financieel zwak
Resultaten 2024 111 van de 134 gemeenten in deze categorie hadden in 2024 een totaal overschot van € 756 miljoen In 2023 waren dat nog 112 gemeenten met een totaal overschot van € 687 miljoen.
Ranking 2026 De categorie gemeenten met 25.000-50.000 inwoners telt 134 gemeenten met in totaal 4.788.030 inwoners (26% van de totale Nederlandse bevolking). Gemiddeld scoren ze in deze ranking een 8,7. Dat is iets hoger dan het landelijke gemiddelde van 8,4.
Overschot (in miljoenen)
Financieel gezond
Overschot (in miljoenen) <5 5 - < 10 10 - < 25 25 - < 50 50 - < 75
De laagst scorende gemeente is Eijsden-Margraten met een 5,4
Begroting 2025-2029 De gezamenlijke gemeenten in deze categorie verwachten in 2026 een tekort van € 87 miljoen. Het jaar daarna verwachten ze een overschot van € 26 miljoen.
Financieel zwak
75 - < 100 > 100
Tekort (in miljoenen)
Tekort (in miljoenen)
Overschot (in miljoenen)
<5
<5
5 - < 10
5 - < 10
10 - < 25
10 - < 25
25 - < 50
25 - < 50
50 - < 75
50 - < 75
75 - < 100
75 - < 100
> 100
> 100
Tek (in m
44 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN 25.000-50.000 INWONERS
Toelichting kengetallen Solvabiliteit is een belangrijke graadmeter voor de financiële gezondheid van gemeenten en wordt berekend op basis van het eigen vermogen ten opzichte van de totale bezittingen van de hoger solvabiliteit, des te groter In ditgemeente. hoofdstukHoe gaan we de in op de vijf kengetallen en de debuffer die gemeenten hebben om opleiden te vangen. Een solvabilibegrotingen 2025-2029 dietegenvallers gezamenlijk tot de BDO-ranking per gemeente. Daarnaast als analyseren we de teit lager dan 20% wordt beschouwd meest risicovol. resultaten over 2024. In dit geval doen we dat voor de categorie met 25.000 tot 50.000 inwoners. De nettoschuldquote geeft inzicht in het niveau van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de totale baten. Het Resultaten 2024 en begrote geeft een indicatie van de resultaten mate waarin de rentelasten en de Bij deaflossingen gemeentenopvan tot 50.000 een de 25.000 exploitatie drukken.inwoners Een laag is percentage is vergelijkbaar patroon zichtbaar als in deonzekerheid middelgrote categorie: veelal gunstig. Omdat bij leningen kan bestaan hetof aantal gemeenten met een overschot daalt maarzowel ze lemaal worden terugbetaald, wordt ditlicht, kengetal de totale overschotten nemen juistalstoe. 111 vandededoorgeleenin berekend inclusief (gecorrigeerd) exclusief totaal 134Een gemeenten in deze categorie hadden inniet 2024 de gelden.
hogere schuldquote hoeft overigens per een overschot van € 756 In 2023 waren dat een definitie een slecht teken te miljoen. zijn. Een gemeente is immers nog 112 gemeenten Het methoofddoel een totaalisoverschot van ‘bestedingshuishouding’. niet om zo veel mo€ 686 miljoen. dan Ookwel zienmiddelen we dat 85 gemeenten gelijk eigen vermogen aan te houden en daar in deze er in de bij rendementen uit categorie te halen, maar veelkomende meer omvijf de jaar inkomsten in vermogen achteruit optimaal inongewijzigd te zetten tenbeleid behoeve van betereopvoorzieningen gaan. Deze afname kan deels het gevolg voor de burgers en andere maatschappelijke baten. zijn van een bewuste inzet van bestemmingsreserves. Bij gemeenten in deze inwonerscategorie bedraagt de algemene reserve ongeveer 39% van het eigen vermogen. Gemiddeld teren gemeenten Kengetallen in deze categorie 3% in toegelicht op hun eigen vermogen
‘Bij ongewijzigd beleid neemt het vermogen bij 85 gemeenten in deze categorie de komende vijf jaar af’
Het kengetal structurele exploitatieruimte helpt mee om te beoordelen welke ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. Het woord ‘structureel’ moeten we echter nuanceren, omdat overschotten positieve invloed in de komende vijf incidentele jaar. Alle gemeenten samen in deze kunnen hebben op de structurele categorie verwachten in 2025 eenexploitatieruimte. tekort van € 19 miljoen. Het jaar daarna verwachten ze overigens een tekort van €De87grondexploitatieratio miljoen. In 2027 slaatgeeft het ekort omgroot in eendeoverschot aan hoe boekwaarde van € miljoen. Een jaarislater, in 2028,van verwachten de27 grondexploitaties ten opzichte de baten.deze Als de gemeenten dan een tekort van €hoger 150 miljoen 2029 investeringen in weer de grondexploitaties zijn dan en de in ontten slotte een tekort van € 98de miljoen. Veel gemeenten in vangen kavelverkopen, loopt boekwaarde op. Een grond deze categorie in hunwordt meerjarenbegroting exploitatie van hebben 10% of hoger beschouwd als aanzienlijke kwetsbaar. tekorten opgenomen, terwijl een groot deel al maatregelen heeft genomen. Voor 35geeft gemeenten categorie van hebben De belastingcapaciteit aan hoeindedeze mogelijkheid wij nader geanalyseerd. Daaruit blijktzich datverhoudt 20 gemeenten eendit gemeente om belastingen te heffen tot voor 2026 al gemiddelde.
maatregelenDe hebben getroffen om het tekort het landelijk belangrijkste belastingen die te beperken, ombuigingen, het verhogen van inkomsten gemeentenzoals heffen zijn de onroerendezaakbelasting op of financieel-technische Voor geldt dat 8 huizen en bedrijfspanden,ingrepen. en de rioolen2027 afvalstoffenheffing. gemeenten dezelaag maatregelen continueren zelfs intensiveren. Als dit kengetal is, betekent het dat eenofgemeente Vooral in 2028, wanneer incidentele rijksmiddelen wegvallen, meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. lopen de tekorten verder op. In de praktijk vallen deze tekorten tot nu toe vaak mee, doordat investeringen worden vertraagd en de uitvoeringscapaciteit tekortschiet, waardoor geplande uitgaven niet of pas later tot realisatie komen. Solvabiliteit Van alle categorieën gemeenten hebben de gemeenten met 25.000 tot 50.000 inwoners de hoogste solvabiliteit: 41,6%. Dat is net iets meer dan vorig jaar (41,0%) en bijna 5,0% meer dan de grootste gemeenten.
Klik op de grafiek voor meer categorieën
S Grafiek olvabiliteit Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie Solvabiliteit Nederlandse gemeenten, (2010–2024) gemiddeld en naar groottecategorie 25.000 - 50.000 inwoners
Overige categorieën
50%
40%
30%
20%
’10
’11
’12
’13
’14
’15
25.000 25.000- 50.000 25.000 - Gemiddeld 50.000
’16
’17
’18
50.000 - 100.000
’19
’20
’21
100.000
’22
’23
’24
Gemiddeld
45 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN 25.000-50.000 INWONERS
‘Van alle categorieën gemeenten hebben de gemeenten met 25.000 tot 50.000 inwoners de hoogste solvabiliteit: 41,6%’