CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Kwaliteitsmonitor concept SD 2022 en 2023 (bijlage bijeenkomst 3 december 2024)

Beeldvorming SBBV (vergaderzaal 1.6) 11 februari 2025, gemeente Krimpenerwaard25.119 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Figuur 28 Totale- en gemiddelde kosten per cliënt Wmo

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 38

10 7,5. Ook vindt het overgrote deel van de respondenten de ondersteuning passend bij hun hulpvraag. Aandachtspunt blijft de bekendheid van de mogelijkheden tot onafhankelijke cliëntondersteuning en dat niet iedereen weet waar hij/zij terecht kan met een hulpvraag. Beide aandachtspunten worden betrokken bij de inrichting van de integrale lokale toegang.

Participatie en schulddienstverlening Cijfers: hoe staan we ervoor in de Krimpenerwaard?

Figuur 29 Unieke cliënten en indicaties Wmo

Het aantal signalen Wmo stabiliseert We meten het aantal signalen dat binnenkomt bij het loket. Onder signalen verstaan we niet alleen meldingen met betrekking tot een maatwerkvoorziening, maar ook korte contacten, informatie en adviesvragen en mutaties en beëindigingen. In de afgelopen jaren (2021 t/m 2023) zien we kleine schommelingen in aantallen, maar overall lijken de aantallen te stabiliseren. Effectiviteit van Wmo ondersteuning Wanneer we de effectiviteit van hulp willen monitoren, dan kijken we het liefst naar cliënttevredenheid, uitval, doelrealisatie en het aantal cliënten dat zonder hulp verder kan. We beschikken nog over onvoldoende monitoringsmogelijkheden om over al deze aspecten iets te kunnen zeggen. Het meten van cliëntervaring doen we sinds 2023 continue, in plaats van jaarlijks. De oude systematiek had als nadeel dat we geen actuele cliëntervaring konden meten wat ten koste ging van de betrouwbaarheid van de gegevens. In de huidige systematiek worden cliënten in ieder kwartaal bevraagd op hun ervaringen. Op deze manier kunnen we als gemeente tussentijds de uitvoering bijsturen op basis van de input van de inwoners. Het overgrote gedeelte (88 – 93%) van de responsgroep in 2023 is tevreden over het resultaat van de ondersteuning en geeft aan zich daardoor beter zelfstandig te redden.

De kwaliteit van de geboden ondersteuning (door zorgaanbieders) krijgt gemiddeld een

Figuur 30 Participatie en schulddienstverlening

Instroom Aantal mensen in de bijstand fluctueert licht Gedurende 2022 bleef het aantal mensen in de bijstand gelijk. In de voorafgaande jaren (met name 2020) kon door de coronamaatregelen onvoldoende worden ingezet op de begeleiding van mensen naar werk. Intensieve begeleiding is veelal nodig voor de bijstandsdoelgroep en blijft een kritische succesfactor in reductie van het uitkeringsbestand. In 2023 stijgt het aantal inwoners met een bijstandsuitkering weer langzaam. Dit is een l

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 39

10 andelijke trend. De grootste groep inwoners die een beroep doet op bijstand, heeft vaak te maken met multiproblematiek, waardoor zij moeilijk uitstromen naar werk. Ook zijn er meer statushouders die instromen in de bijstand. De instroomredenen zijn divers van aard en moeilijk te beïnvloeden omdat zij buiten de invloedssfeer van gemeenten liggen. Wel zijn er afspraken met het UWV om de doorstroom vanuit een WW-uitkering zoveel mogelijk te beperken.

Aantal mensen dat gebruik maakte van een minimaregeling nam toe sinds 2021 Het aantal aanvragen voor een minimaregeling laat in 2022 een forse stijging zien ten opzichte van het jaar daarvoor. In die periode werd contact gelegd met inwoners die een aanvraag voor de energietoeslag hadden gedaan en daarvoor geen andere aanvragen hadden ingediend. Hierdoor werd het bereik van de doelgroep en daarmee de aanvragen groter. In 2023 daalt het aantal weer, maar is nog altijd hoger dan in 2021.

Kijkend naar de kenmerken van het klantenbestand valt op dat 52% van de klanten ouder is dan 45 jaar. Het percentage jongeren onder 27 jaar dat bijstand ontvangt is stabiel:10,3% van het totale bijstandsbestand. In dit percentage zitten ook jongeren met een arbeidsbeperking. Het aantal statushouders laat een stijging zien en bedraagt in 2023 25,76% (in 2022 was dit 20,42%) van het totale bijstandsbestand.

Op basis van de KWIZ-Armoede Index schatten we het totaal aantal minimahuishoudens (inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum) in de gemeente Krimpenerwaard op 1.608 huishoudens, 6,5% van alle huishoudens in de gemeente. Op 1 november 2022 heeft de gemeente Krimpenerwaard 1.356 van de minima-huishoudens in beeld, de overige 252 huishoudens zijn niet in beeld, omdat zij van geen enkele minimaregeling gebruikmaken of een uitkering vanuit de Participatiewet ontvangen.

Figuur 31 In- en uitstroompercentage bijstand

Figuur 32 Aantal aanvragen minimaregelingen per 1.000 inwoners en toegewezen aanvragen minimaregelingen

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 40

10 Afname in aantal inwoners dat hulp vraagt bij een schuldensituatie Na een stijging van het aantal inwoners bij schulddienstverlening in 2021 en 2022, zien we in 2023 weer een daling. De stijging in 2022 kan verklaard worden door de energiecrisis en inflatie, wat leidde tot stijgende lasten voor veel inwoners. Het aantal inwoners dat zich in 2022 meldde bij het gemeentelijk loket voor hulp bij een schuldensituatie was 176. In 2023 daalde dit aantal naar 110. Inschatting is dat deze daling te herleiden is naar de positieve effecten van vroegsignalering. Ook de inzet van het Geldpunt heeft daar mogelijk in bijgedragen. Het aandeel huishoudens met problematische schulden is daarnaast de afgelopen 2 jaar gestegen. Dit is een landelijke trend. De daling in het aantal hulpvragen is ook een landelijke trend en vindt onder andere een oorsprong in de toeslagenaffaire waardoor wantrouwen is ontstaan naar overheidsorganisaties.

Kostenontwikkeling Kostenontwikkeling van bijstand laat stijgende trend zien Gemeenten ontvangen voor het uitkeren van bijstand een bijstandsbudget van de Rijksoverheid (BUIG, Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorzieningen Gemeenten). Naast bijstandsuitkeringen worden hier ook bijstandsgerelateerde uitkeringen (in het kader van de Participatiewet (BBZ, IOAW, IOAZ en loonkostensubsidie) van bekostigd. De kostenontwikkeling met betrekking tot uitkeringen laat een stijgende trend zien van € 10,8 miljoen in 2022 naar € 12,2 miljoen in 2023. Dit wordt verklaard door een lichte toename van het aantal mensen in de bijstand en deels ook een stijging van het minimumloon, wat van invloed is op de hoogte van de bijstands- en bijstandsgerelateerde uitkeringen.

Effectiviteit Uitstroom naar werk vooral voor inwoners die kortdurend in bijstand zitten Voor de monitoring van onze dienstverlening aan de groep bijstandsgerechtigden is de uitstroom naar werk een belangrijke wegingsfactor. Andere uitstroomredenen zijn het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd, overlijden, verhuizing, relatie en detentie. De uitstroom naar werk werd met name gerealiseerd binnen de groep die net was ingestroomd in de bijstand tot en met de groep die ongeveer één jaar bijstand ontvangt. De begeleiding van de groep die langer afhankelijk is van een bijstandsuitkering zal, door de mismatch tussen de openstaande vacatures en de bijstandsgerechtigden met (multi) problematiek, steeds intensiever en langduriger worden om succesvolle uitstroom naar de arbeidsmarkt te kunnen realiseren. Tegelijkertijd moet ook vastgesteld worden dat een deel van de mensen die langdurig in de bijstand zit niet meer aan het werk zal komen. Voor deze groep moeten andere vormen van passende participatie worden gevonden. Door minimaregelingen meer mogelijkheden voor sociale participatie De gemeentelijke regelingen zorgen ervoor dat huishoudens (meer) ruimte overhouden voor het doen van vrije bestedingen.

Dit komt met name alleenstaanden en paren (met en zonder kinderen) op bijstandsniveau ten goede, die zonder de gemeentelijke regelingen geen budget zouden overhouden voor vrije bestedingen en daardoor niet sociaal kunnen participeren.

Kostenontwikkeling minimaregelingen en schulddienstverlening stabiel De kosten voor schuldhulpverlening en bewindvoering zijn stabiel en laten geen significante stijging zien. De kosten voor minimaregelingen laten een licht stijgende trend zien maar groeien in gelijke mate mee met het beschikbare budget. In totaal is er in 2022 € 1.753.338 uitgegeven aan minimaregelingen (exclusief energietoeslag)

Doorlooptijden De helft van de bijstandsgerechtigden heeft langdurig een uitkering Wat betreft de duur van de bijstand ontvangt 44% van het klantenbestand langer dan vijf jaar een uitkering. Het aantal uitkering dat wordt verstrekt aan inwoners korter dan een jaar in de bijstand laat in 2023 (17,71%) een lichte stijging zien ten opzichte van 2022 (14,97%). De gemeente Krimpenerwaard wijkt hierin niet af van het landelijke beeld. Inwoners met hulpvraag op gebied van schulden of een aanvraag minimaregeling worden snel geholpen De gemiddelde wachttijd voor een gesprek voor schuldhulpverlening is korter dan 3 dagen. De duur van een schuldhulpverleningstraject is afhankelijk van de ernst en aard van de schuldenproblematiek. 97% van de aanvragen voor schuldhulpverlening wordt binnen de wettelijke termijn afgehandeld.

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 41

11 Slotbeschouwing 11.1 Toepassen van data en kennis

In voorgaande hoofdstukken beschreven we de ontwikkelingen in de Krimpenerwaard. In deze slotbeschouwing kijken we naar het totaal van onze bevindingen, koppelen we deze aan de kennis van nu over het werken in het Sociaal Domein en reflecteren daarmee op ons Integraal beleidskader Sociaal Domein (verder: IBK). Zijn onze ambities uit het IBK nog passend bij de huidige ontwikkelingen en onze aanpak? Wat nemen we mee naar de toekomst? En wat vraagt om verandering?

1. Reflectie In het IBK (2021) staat beschreven dat gemeente Krimpenerwaard streeft naar een samenleving waarin alle inwoners zich thuis voelen, zelfredzaam zijn en naar vermogen kunnen meedoen, en waarin jeugdigen gezond en veilig kunnen opgroeien. Een inclusieve samenleving waarin inwoners oog hebben voor elkaar en waar eenzaamheid zoveel als mogelijk wordt tegengegaan. We richten de omgeving daarvoor fysiek en sociaal zo in dat iedereen kan meedoen en gebruik kan maken van de beschikbare voorzieningen binnen de beschikbare budgetten. Daarvoor leggen we verantwoordelijkheid bij inwoners zelf voor hun welzijn en geluk. De gemeente Krimpenerwaard faciliteert inwoners en maatschappelijk partners in de ondersteuning. In onze aanpak staat de doorontwikkeling van de basisvoorzieningen en de juiste zorg op de juiste plek centraal. Dit doen we door inzet op normaliseren, preventie en vroegsignalering. In ons IBK schrijven we al: het Sociaal domein is breed en veelomvattend. We benaderen het sociaal domein integraal en hebben oog voor complexe hulpvragen van onze inwoners die soms gaan over meerdere levensgebieden.

Lukt het om met deze preventieve en integrale aanpak ook onze ambities waar te maken? 1.1 Met de meeste inwoners gaat het goed, maar ook drie grote opgaven en stapeling van problemen Het grootste deel van onze inwoners geeft aan gelukkig te zijn en 75% van onze inwoners ervaart zijn of haar gezondheid als goed. Zij zijn tevreden met hun leven, voelen zich veerkrachtig en zijn in staat de draad weer op te pakken bij tegenslagen. Maar er zijn ook punten waarop Krimpenerwaard minder gunstig scoort, waar een negatieve trend zichtbaar is of waarop verschillen tussen groepen zichtbaar zijn. Wanneer we kijken naar de maatschappelijke en sociaal-economische trends en ontwikkelingen die zich aftekenen onder onze inwoners, dan verschilt de Krimpenerwaard niet veel van andere gemeenten. Ondanks dat 75% zijn of haar leven als gezond ervaart, zijn dit minder inwoners dan voorheen. Gezond samenleven staat onder druk. Dit blijkt onder andere uit het afnemende vertrouwen in de toekomst bij zowel ouderen als jongeren, stijgende cijfers ten aanzien van het ervaren van stress, angst- en depressie én het zorggebruik. Eenzaamheid blijft een veel voorkomend probleem.

Ongeveer 1 op de 10 van onze inwoners verleent mantelzorg en het beroep op mantelzorg wordt in de toekomst nog vele malen groter. Daarnaast kent Krimpenerwaard veel vrijwilligers, die zich inzetten bij clubs, verenigingen en maatschappelijke organisaties: essentieel voor het bereiken/behouden van een goede sociale basis. Meest opvallende ontwikkelingen in Krimpenerwaard ten opzichte van regiogemeenten of landelijk, is de afname van het percentage inwoners dat voldoet aan de beweegnorm, de toename van het middelengebruik en de dalende vaccinatiegraad. Weliswaar zijn het geen nieuwe aandachtsgebieden, maar het is voor partijen in de sociale basis de afgelopen jaren lastig gebleken dit positief te beïnvloeden. We zien een toename van het aantal huishoudens dat te maken krijgt met financiële zorgen/ problemen. Zowel vanuit het veld als uit eigen cijfers blijkt dat de bestaanszekerheid van steeds meer mensen onder druk staat. Uit landelijk onderzoek is bekend dat deze aspecten vaak samenhangen met andere problemen, zoals slechtere gezondheid en minder participeren. In gezinnen met kinderen heeft dit ook zijn weerslag op het opgroeien en opvoeden van de kinderen. We weten dat de omgeving waarin iemand geboren wordt en opgroeit, nog altijd bepalend is voor de kansen later. En we zien de verschillen tussen arm en rijk toenemen.

Kortom: er tekenen zich ook in de Krimpenerwaard drie grote maatschappelijke opgaven af: 1. Het herstellen van bestaanszekerheid; 2. Vergroten van kansengelijkheid; en 3. Het makkelijker maken van gezond leven door het versterken van de sociale basis. De groeiende groep inwoners met een stapeling van problemen in Krimpenerwaard is landelijk een herkenbaar beeld. Het Sociaal Cultureel Planbureau concludeert dat één op de zes volwassen Nederlanders met multiproblematiek te maken heeft. Deze mensen hebben bijvoorbeeld weinig financiële middelen, moeite om zelfstandig hun huishouden te voeren en een klein sociaal netwerk. We leven in een sterk veranderende samenleving waarin ook de situatie van nu zelf- en samenredzame inwoners, ineens kan veranderen. Hoewel niet iedereen in een kwetsbare situatie ondersteuning nodig heeft, moeten mensen, waar nodig, terug kunnen vallen op het vangnet van het sociaal domein. Dit vraagt van ons als gemeente om een brede blik op het dagelijks leven van onze inwoners en zo nodig domeinoverstijgende ondersteuning en maatwerk bieden.

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 42

11 2. Status van het IBK Als uitgangspunt voor het IBK hebben we gekozen voor het concept ‘Positieve gezondheid’ van Machteld Huber. We hebben dit gedachtegoed omgezet in beleidsraderen. Deze raderen vormen beleidsknoppen die we als gemeente willen en kunnen beïnvloeden door tal van beleidsinterventies. Het radermodel laat zien dat je eigenlijk niet aan één rad kunt draaien zonder ook de andere raderen in beweging te brengen, ofwel in samenhang te investeren. Daarnaast doen we in het IBK een groot beroep op de (individuele) verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid van inwoners om zelf het voortouw te nemen, al dan niet in een kwetsbare situatie. Een nadere analyse leert dat veel gezondheidsproblemen (in brede zin) sterk samenhangen met maatschappelijke factoren, zoals de situatie waarin mensen opgroeien, wonen en werken. Het zijn opgaven die de individuele problemen van inwoners overstijgen. Daarmee past het grote beroep op zelfredzaamheid uit het IBK niet meer helemaal bij de kennis van nu. Ondanks dat het belangrijk blijft dat inwoners regie nemen over hun gezondheid, zullen er altijd mensen zijn die het niet alleen redden. Zij hebben steun nodig vanuit de gemeenschap, en dit vraagt om meer aandacht voor samenredzaamheid in plaats van enkel zelfredzaamheid. Maar behalve oplossingen op het niveau van de samenleving, vragen de opgaven om integrale samenwerking.

Ook als gemeente zijn we niet in staat om deze vraagstukken in z’n geheel aan te pakken. Deze liggen in meer of mindere mate buiten de invloedssfeer van de gemeente. Het vraagt om investeren in en aanbrengen van samenhang door het hele systeem, en een nauwere samenwerking tussen sociaal domein, fysiek domein en medisch domein. Ondanks een gewijzigde kijk op zelfredzaamheid en de groeiende noodzaak tot samenwerking tussen domeinen, kunnen we concluderen dat ons beleidskader nog steeds actueel is. De drie eerder geadresseerde grote maatschappelijke opgaven hangen sterk met elkaar samen en vragen een langjarige en niet vrijblijvende samenwerking van de overheid en alle maatschappelijke partners in en rondom het sociaal domein. Het radarmodel uit ons IBK benadrukt eveneens die noodzakelijke samenhang. Ondanks onze inspanningen zijn de ambities uit het IBK nog niet volledig behaald, is het nog niet/onvoldoende gelukt om inwoners met de grootste (gezondheids)risico’s effectief te bereiken en weten we nog onvoldoende de beweging te maken naar collectieve oplossingen voor individuele problemen. Tegelijkertijd moeten we ook realistisch zijn. Veel externe factoren hebben zijn weerslag op de ervaren gezondheid. Zo hebben de afgelopen jaren wel uitgewezen met een Coronapandemie en een energiecrisis als gevolg van politieke spanningen op mondiaal niveau.

Daar hebben we als lokale overheid weinig tot geen invloed op. Daarmee zijn de resultaten van nu wellicht de maximaal haalbare geweest. Met dat als gegeven, moeten we onszelf de vraag stellen: “Welke stappen kunnen we dan wel zetten?”

3. Perspectief door een gewijzigde aanpak 3.1 Sociale basis als vertrekpunt De sociale basis is er en is waardevol vanuit zichzelf. De sociale basis is van mensen en gemeenschappen waarin

inwoners kunnen floreren. Binnen de sociale basis ontmoeten mensen elkaar en voelen zij zich gezien, gehoord en erkend. Inwoners bouwen relaties met elkaar en bieden elkaar steun en hulp. Dit is de gewenste beweging van zelfredzaam naar samenredzaam. De sociale basis en de vrijwillige inzet daarbinnen, leveren een enorme bijdrage aan vele maatschappelijke vragen en opgaven vanuit sterke verbindingen in de buurt. Aangezien niet iedereen over een sterk sociaal netwerk beschikt, pleit de Raad Volksgezondheid en Samenleving voor het versterken van een sociale basis. Door wijken en buurten te versterken, helpen we de beweging van individuele naar collectieve oplossingen. Passende oplossingen met en voor inwoners ontstaan zoals eerder aangegeven vanuit domeinoverstijgende samenwerking tussen welzijn en zorg, kinderopvang en onderwijs, werk en inkomen, wonen, sport en cultuur. Het aandeel van ons als gemeente in de sociale basis is aandacht hebben voor de gemeenschappen die er zijn, investeren om verbindingen en voorzieningen in de buurt te versterken, waar nodig ondersteund door professionals. 3.1.1 Samen werken aan kansen voor onze jeugd Op het fundament van de eerste duizend dagen van het kind tijdens de zwangerschap en in de eerste twee jaar na de geboorte wordt de kiem gelegd voor een goede gezondheid, welzijn en maatschappelijke participatie in het latere leven.

De omgeving waarin een kind wordt geboren, opgroeit en zich ontwikkelt tijdens de eerste duizend dagen, bepaalt in grote mate de kansen voor later. Omgekeerd ontstaan ook dan al de verschillen in sociaaleconomische gezondheid. Problemen van ouders die spelen bij de vroege start van een kind, leiden (vaak) tot problemen bij kinderen. Landelijk ervaart ruim vier op de tien ouders zorgen of problemen die betrekking hebben op de gezinssituatie. Bijvoorbeeld op het gebied van wonen, (mentale) gezondheid of schulden, of omdat zij niet beschikken over een sterk sociaal netwerk. Dan lopen kinderen (verhoogd) risico ook zelf problemen te ontwikkelen. Deze kinderen doen vaker een beroep op jeugdhulp dan kinderen die opgroeien in een gezin waarin deze problemen niet spelen. Nog meer dan voorheen zijn we ons bewust van de noodzaak om systemisch en integraal te werken en duurzame oplossingen te vinden voor de problemen van ouders om daarmee jeugdhulp te voorkomen. Om kinderen, jongeren en hun ouders te ondersteunen in opvoeden en opgroeien en kansengelijkheid te vergroten, is een sterke pedagogische basis nodig (als onderdeel van de sociale basis). Dit biedt beschermende factoren in de wereld waarin onze jeugd nu opgroeit.

Een wereld waarin jeugdigen zich zorgen maken over en de gevolgen ondervinden van de problemen in het onderwijs, de prestatiedruk, complexe scheidingen, de woningmarkt, economie en het klimaat. Naast een sterke pedagogische basis vraagt dit om de aanpak van de achterliggende oorzaken van problemen. Jeugdhulp is lang niet altijd het meest passende antwoord bij opvoed- en opgroeiproblemen. De oorzaak ligt vaak/ook op andere (ouder)domeinen en daar moet de oplossing op gericht zijn. Vaak wordt pas rekening gehouden met de belangen en het welzijn van kinderen als het water aan de lippen staat. Terwijl deze situaties juist voorkomen moeten worden. Dit vraagt om ongelijke investeringen om kansengelijkheid te vergroten. Een goede samenwerking met kinderopvang, onderwijs en andere maatschappelijke partners (van preventief tot gedwongen kader) is daarbij noodzakelijk. 3.2 Sleutelrol voor welzijnspartners Versterken van verbindingen en voorzieningen Als gemeente moeten we investeren met aandacht en middelen in sterke verbindingen in de wijk, vroegsignalering

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 43

11 en preventie, een gezonde leefomgeving, in het voeren van een maatschappelijk gesprek over hoe we samenwonen en samenleven, verbinding tussen sociaal domein en zorg en de toegang tot steun, hulp en zorg. Om dat ook praktijk te maken, is de samenwerking met betrouwbare en professionele welzijnspartners cruciaal. Zij zetten politieke ambities om verbindingen en voorzieningen te versterken bijvoorbeeld om in de organisatie van eettafels, buurtkamers, lotgenotengroepen en activiteiten en trainingen. Voor kinderen en jongeren, maar ook ouders en andere opvoeders is dit informele aanbod nog beperkt. Dit vraagt in de komende periode aandacht. De mogelijkheid faciliteren om elkaar te ontmoeten, kennis en ervaringen te delen en steun aan elkaar te bieden, draagt bij aan het vergroten van veerkracht, versterken van ouderschap en ouderlijk welbevinden. Bereiken van meest kwetsbare inwoners en inzet van veelal collectieve ondersteuning Voor de toegang tot steun, hulp en zorg geldt dat het belangrijk is dat mensen betere toegang tot ondersteuning hebben en dat de drempels die mensen ervaren om in aanmerking te komen voor voorzieningen in het sociaal domein worden weggenomen. Daarbij moet de informatievoorziening breder toegankelijk en eenvoudiger zijn. Informatie is soms alleen digitaal beschikbaar, aanvraagformulieren zijn ingewikkeld en het stelsel is complex (SCP 2023b).

Alleen laagdrempelige loketten zijn niet voldoende voor het bereiken van kwetsbare inwoners. Het vraagt tevens om een omslag te maken van een reactieve houding naar een actieve houding, waarbij er vaker op mensen wordt afgestapt. Alleen op die manier worden mensen met complexe problemen goed bereikt en geholpen en kan verergering van hun problemen worden voorkomen. De toegang is ook een instrument om te investeren in verbindingen door het hanteren van het uitgangspunt “collectief tenzij…”. Ofwel, er wordt per persoon gekeken of het mogelijk is om passende ondersteuning in een groep te krijgen. Terwijl nu nog veelal basisondersteuning individueel wordt ingezet. Uit onderzoek blijkt dat groepsgerichte ondersteuning bijdraagt aan sociale kwaliteit van mensen, doordat ervaringen worden gedeeld, er van elkaar geleerd wordt, sociale contacten worden opgedaan, eigen talenten en kwaliteiten worden ingezet en kennis en vaardigheden worden vergroot. Door de integrale Toegang tot zorg en ondersteuning in Krimpenerwaard in te richten samen met de partners van het Sociaal Preventieteam, bundelen we de krachten. Gemeentelijk consulenten zetten hun kennis en expertise in bij veelal complexere casuïstiek.

Van hen wordt verwacht dat zij in goede verbinding staan met de inwoner en ketenpartners als het onderwijs en huisartsen en optimaal gebruik weten te maken van de collectieve oplossingen die in het preventief domein worden geboden. Van het Sociaal Preventieteam wordt verwacht dat zij hun deskundigheid en ervaringen voor het bevorderen van collectieve oplossingen, het outreachend werken en het preventief en normaliserend werken weten toe te voegen en laten floreren. Opvangen verschuiving van medisch domein naar sociaal domein Met een fors vergrijzende bevolking, toenemende druk op mentale gezondheid en minder beweging, grote personeelstekorten in de regio Midden-Holland en te weinig samenhang in zorg en welzijn hebben we een forse transformatieopgave om de toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid van de zorg te kunnen waarborgen in de toekomst. De veranderopgave in onze regio richt zich op het versterken van gezondheid en preventie, het anders organiseren van een groeiende en veranderende zorg- en hulpvraag en het normaliseren van mentale klachten

en het bevorderen van de mentale veerkracht. In samenwerking met het medisch domein werkt de gemeente aan deze veranderopgave. Onder aan de streep, betekent dit een verschuiving van het medisch domein naar het sociaal domein met een (nog) groter beroep op onder andere de partners van het Sociaal Preventieteam. 3.3 Andere rol en houding van lokale overheid Van ‘focus op zelfredzaamheid en voorkomen van voorzieningengebruik’ naar ‘bereiken van meest kwetsbare doelgroep en de inwoner meer zeggenschap geven’ We weten als lokale overheid nog niet al onze inwoners die zorg en ondersteuning nodig hebben goed te bereiken. Daardoor kan een groep kwetsbare inwoners erger in de problemen komen dan nodig is. Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) onderzocht wat de oorzaak is en wat gemeenten en dienstverleners kunnen doen om dit te verbeteren. Uit dit onderzoek blijkt dat er een perspectiefwisseling nodig is in het denken en onze werkwijze: van niet-gebruik van voorzieningen naar bereik van mensen die ondersteuning het meest nodig hebben. Parallel vraagt dit om kritisch zijn wanneer die ondersteuning echt nodig is om een groeiend voorzieningengebruik te voorkomen.

We willen immers dat de beschikbare voorzieningen juist toekomen aan de inwoners die dat het hardst nodig hebben.We moeten accepteren dat het leven niet maakbaar is en we moeten ons vaker afvragen: “Wanneer is het goed genoeg?” Soms is even afwachten een oplossing, of zijn er mogelijkheden in het gewone leven. Dit vraagt om investeren in een sterke sociale basis. Vragen die thuishoren in het gewone leven kunnen daar dan ook beantwoord worden. Dat vraagt tevens om duidelijkheid over welke vragen in het gewone leven horen, en welke vragen specialistische ( jeugd)hulp nodig hebben (afbakening jeugdhulp)/ Uit onderzoek van het SCP blijkt dat we als gemeente nog altijd aanbodgericht denken. Uit onderzoek blijkt tevens dat beleidsmakers niet altijd van realistische mensbeelden uitgaan. Beleidsmakers projecteren eigen waarden en logica op hoe mensen handelen als zij problemen hebben en bij de gemeente om hulp vragen. Vanuit de gedachte dat er voorzieningen en loketten zijn waar mensen naartoe gaan om hulp en ondersteuning te vragen. In de afgelopen periode is gebleken dat we de zelfredzaamheid van inwoners soms overschatten. Mensen die geen ondersteuning krijgen, zien we vaak als niet-gebruikers. Nog te weinig staan we stil bij de vraag waarom sommige inwoners niet worden bereikt en wat de behoeften van deze mensen zijn, die mogelijk anders zijn dan het bestaande aanbod.

Het vraagt van ons actief op zoek te gaan naar mensen die zelf niet vragen om ondersteuning of niet weten hoe ze hulp kunnen aanvragen. Tegelijkertijd vraagt het ook om op “de bijrijdersstoel” plaats te nemen en onze inwoners meer invloed en zeggenschap geven, ook als een inwoner (tijdelijk) niet zelfredzaam. Zij weten immers als geen ander wat zij nodig hebben. Het is aan de gemeente om daarbij aansluiting te vinden en dienstbaar te zijn. Als de behoefte van mensen meer centraal komt te staan, wordt duidelijker welke zorg en ondersteuning nodig is en hoe de juiste zorg bij mensen komt. 3.4 Focus op wat het werk oplevert voor inwoner en maatschappij Datagedreven werken in het sociaal domein helpt gemeenten het hulpgebruik en de kosten beter te voorspellen, monitoren en verantwoorden. Dit is voor de gemeente Krimpenerwaard niet nieuw. Zo kan de periodieke kwaliteitsmonitor alleen maar ontstaan door veel verschillende data te bundelen en te analyseren. Ook aan het

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 44

11 opstellen van de P&C documenten gaat datagedreven werken vooraf. Zo zien we in 2024 in de tussenrapportages dat we gedurende het jaar betrouwbare inzichten hebben op de kostenontwikkelingen Jeugdhulp, Wmo, Participatie en Schulddienstverlening, wat ons in staat stelt om eerder risico’s te signaleren en daarop te kunnen interveniëren. Concreet kan het gebruik van deze data bijdragen aan o.a. het verbeteren van de dienstverlening van de toegang, het analyseren van zorgpaden of het ondersteunen van contractmanagement. Dit maakt dat datagedreven werken binnen het sociaal domein van meerwaarde is. Het gebruik van data moet gericht zijn op wat het werk oplevert voor onze inwoners en de maatschappij. Met behulp van een power BI kunnen we data in de nabije toekomst gemakkelijker omzetten in visuele rapportages. Het ook goed kunnen combineren van data, analyseren en interpreteren vraagt de nodige tijd en aandacht. In de ontwikkeling van de integrale toegang heeft monitoring van de effecten en het werken met de opgehaalde data een belangrijke plek. Data die we opdoen in bijvoorbeeld de gemeentelijke maatwerkteams en de in oprichting zijnde toegangsteams, is belangrijke input voor onze partners in het preventief domein om betere en gerichtere interventies te kunnen doen. Door in het sociaal werk goed te monitoring kan impact worden aangetoont en kwaliteit worden verbetert.

Ook in de samenwerking tussen sociaal domein en medisch domein worden data verzameld en gebruikt. Uit beide domeinen worden waardevolle data bij elkaar gepracht op basis waarvan de inspanningen in het kader van IZA en GALA worden bepaald en gemonitord.

4. Vervolg Met het vaststellen van de slotbeschouwing en deze als addendum toevoegen aan het IBK, wordt de geldigheidsduur van het IBK verlengd. Dit heeft echter ook impact op de uitvoering van het beleid en vraagt daarom om vervolgacties. Dit zal in 2025 verder uitgewerkt worden door middel van aanscherping van de maatschappelijke agenda waar nodig en aanscherping van de verschillende subsidieregelingen. Dit helpt ons om beter te sturen op het behalen van doelen in het licht van het aangescherpte perspectief. Deze verdere uitwerking doen we in samenwerking met onze maatschappelijke partners.

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 45

Bijlagen

13 Bijlagen 1. Uitleg indicatoren

In de onderstaande tabel vindt men een uitgebreide uitleg van de indicatoren die in deze kwaliteitsmonitor zijn gebruikt.

Rad

Indicator

Toelichting

Veerkracht

Sociaal vangnet

De mate waarin een inwoner naar alle waarschijnlijkheid voor hulp en zorg kan terugvallen op familie, vrienden of buurtgenoten. Score van 1 tot 10.

Veerkracht

Vertrouwen in de toekomst

Percentage dat aangeeft dat zij vertrouwen heeft in de toekoms

Veerkracht

Vertrouwen in de toekomst 15 en 16 jarigen

Percentage 15-16 jarigen dat op de vragenlijst ‘Gezondheidscheck’ in klas 3/4 van het voortgezet onderwijs aangeeft dat zij vertrouwen heeft in de toekomst (minimaal een 6 op een 10 puntsschaal)

Veerkracht

Eigen kracht

De mate waarin een inwoner in staat is volwaardig deel te nemen aan het maatschappelijk leven en het eigen huishouden kan runnen onder afwezigheid van (matige of ernstige) uitdagingen op enerzijds het lichamelijk en fysiek functioneren en anderzijds het geestelijk en sociaal functioneren. Score van 1 tot 10.

Veerkracht

Percentage vroegtijdig schoolverlaters

Het percentage nieuwe voortijdig schoolverlaters (12 -23 jaar) per schooljaar. Het aantal leerlingen/deelnemers dat gedurende het jaar uitstroomt uit het bekostigd onderwijs zonder diploma op minimaal HAVO- of MBO2-niveau, als percentage van het aantal leerlingen.

Leefstijl

Goed ervaren gezondheid 18 jaar en ouder

Het percentage volwassenen (18 jaar en ouder) dat bij de volwassenen en ouderenpeiling van de GGD aangeeft de gezondheid als (zeer) goed te ervaren.

Leefstijl

Percentage inwoners dat voldoet aan beweegrichtlijn

Percentage inwoners van 19 jaar en ouder dat voldoet aan de beweegrichtlijn 2017

Leefstijl

Jeugd dat wekelijks rookt

Het percentage jeugd (12-17 jarigen) dat minimaal 1 keer per week rookt.

Leefstijl

Percentage inwoners met overgewicht

Percentage inwoners 19+ dat matig of ernstig overgewicht (obesitas) heeft. Dit wordt berekend middels de Body Mass Index (BMI).

Leefstijl Percentage klas 2/4 VO dat recent heeft gedronken

Percentage ondervraagden uit klas 2 en 4 uit VO dat recent (afgelopen maand) alcohol heeft gedronken.

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 47

13 Rad

Indicator

Toelichting

Mentale gezondheid

Inwoners zijn tevreden met hun leven

De mate waarin iemand - over het geheel genomen - tevreden is met zijn/haar leven. Scoren van 1 tot 10.

Mentale gezondheid

Percentage ernstige eenzaamheid 65+

Percentage van de inwoners die een hoge score hebben voor eenzaamheid op de schaal van De Jong-Gierveld. Eenzaamheid is het ervaren van een onplezierige of ontoelaatbaar gemis aan (de kwaliteit van) bepaalde sociale relaties, in de leeftijdsklasse 19-64 jaar.

Mentale gezondheid

Percentage jongeren dat zich vaak of zeer vaak gestresst voelt

Percentage jongeren tussen 12- 17 jaar dat aangeeft vaak of zeer vaak gestresst te voelen door één van de volgende factoren: school of huiswerk, situatie thuis, eigen problemen, wat anderen van hem/haar vinden, alles wat hij/zij moet doen

Mentale gezondheid

Percentage jongeren (12-17 jarigen) met psychische klachten gemeten met de Mental Health Inventory (MHI-5).

Mentale gezondheid

Percentage hoog risico op angststoornis of depressie (19 -64 jaar) Jongeren met psychische klachten

Sociale leefomgeving

Aantal meldingen huiselijk geweld (per 1.000 huishoudens)

Aantal meldingen huiselijk geweld bij Veilig Thuis per 1.000 huishoudens. Vanaf 2019 is de interne registratie aangescherpt, wat een stijging van het aantal meldingen kindermishandeling in 2019 en 2020 tot gevolg heeft.

Sociale leefomgeving

Percentage kindermishandeling

Het percentage meldingen kindermishandeling bij Veilig Thuis t.o.v. de huishoudens met thuiswonende kinderen van 0-17 jaar. Vanaf 2019 is de interne registratie aangescherpt, wat een stijging van het aantal meldingen kindermishandeling in 2019 en 2020 tot gevolg heeft.

Sociale leefomgeving

Verbondenheid met buurt

Een schaalscore die de verbondenheid tussen buurtbewoners aangeeft met daarbij aandacht voor prettige omgang, voor elkaar klaarstaan en onderling vertrouwen.

Sociale leefomgeving

Percentage geen lid van vereniging of organisatie klas 4 VO

Percentage dat geen lid is van een vereniging of organisatie uit klas 4 van de middelbare school.

Sociale leefomgeving

Percentage inwoners dat mantelzorg geeft (19-64)

Het percentage inwoners dat mantelzorg geeft, in de leeftijdsklasse 19-64 jaar.

Fysieke leefomgeving

Fysieke leefomgevingskwaliteit

De beleving van de gemeenschappelijke ruimte in de eigen buurt. Hieronder verstaan we de aanwezigheid van v oldoende groen, onderhoud aan groenvoorziening, de begaanbaarheid van trottoirs, straten en wegen en de afwezigheid van verloedering. Score van 1 tot 10.

Fysieke leefomgeving

Beweegvriendelijke omgeving

Deze indicator bestaat uit vier deelindicatoren die allen een score van 0 tot en met 100 hebben. De vier deelindicatoren zijn sportaccommodaties, sport- en speelplekken, recreatief groen en blauw, en nabijheid van voorzieningen.

Percentage jongeren (12-17 jarigen) met psychische klachten gemeten met de Mental Health Inventory (MHI-5).

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 48

13 Rad

Indicator

Toelichting

Fysieke leefomgeving

Voorzieningenniveau

Mate waarin het beschikbaar (kwalitatief ) aanbod aan voorzieningen en diensten in de directe nabijheid die het welzijn van inwoners in de buurt ondersteunen ligt. Score van 1 tot 10.

Sociaal economische status

Sociaal economische status

De positie van een persoon in de sociale stratificatie op basis van arbeid, inkomen en opleiding uitgedrukt in een gemiddelde score van 0-10.

Sociaal economische status

Percentage ernstige financiële belemmering

Percentage inwoners dat aangeeft ernstige financiële belemmeringen te ervaren

Sociaal economische status

Percentage laaggeletterdheid

Percentage laaggeletterdheid van personen tussen de 16 en 65 jaar. Laaggeletterdheid wordt vastgesteld aan de hand scores van PIAAC-onderzoek. Hierbij wordt een score van 225 t/m 200 als mild laaggeletterd geclassificeerd en scores lager dan 200 als sterk laaggeletterd.

Sociaal economische status

Slagingspercentage inburgeringsplichtigen

Het percentage statushouders tussen de 18 en 65 dat geslaagd is voor het inburgeringsexamen. Het gaat om de groep die sinds 2014 een status heeft gekregen en is ingeschreven bij de gemeente.

Sociaal economische status

Aantal gerealiseerde garantiebanen

Aantal geplaatste personen met een indicatie Baanafspraak op een arbeidsplaats/fte, gecumuleerd (1 arbeidsplaats/ fte = 25,5 uur per week). Peildatum van een jaar is 1 juli.

Sociaal economische status

Aantal gerealiseerde beschutte werkplekken

Aantal geplaatste personen op een beschutte werkplek met een indicatie Beschut Werk, gecumuleerd (1 beschutte werkplek/fte = 31 uur per week. Peildatum van een jaar is 1 juli.

Lichamelijke gezondheid

Percentage inwoners dat een ernstige lichamelijke belemmering ervaart

Percentage inwoners dat aangeeft lichamelijke belemmeringen te ervaren

Lichamelijke gezondheid

Percentage gebruik eerstelijnszorg huisartsen

Percentage verzekerden dat gebruik maakt van eerstelijnszorg huisarts

Lichamelijke gezondheid

Percentage 2 jarigen volledig gevaccineerd

Percentage 2 jarigen dat het volledige Rijksvaccinatieprogramma op tijd heeft doorlopen

Zorggebruik (Jeugd)

Unieke cliënten Jeugd

Aantal unieke cliënten Jeugd binnen de gemeente Krimpenerwaard. Een cliënt met twee verschillende voorzieningen telt derhalve als één unieke cliënt.

Zorggebruik (Jeugd)

Percentage herhaald beroep jeugdzorg

Percentage jeugdhulptrajecten t.o.v. totaal jeugdhulptrajecten. Jeugdhulptraject in natura is een periode waarin een bepaalde vorm van hulp of zorg wordt verleend, en in natura door de zorgaanbieder wordt geleverd. Wanneer een jongere meerdere vormen van hulp of zorg ontvangt heeft deze ook meerdere trajecten. Jeugdhulp is hulp en zorg zoals beschreven in de Jeugdwet. Herhaald beroep indien betreffende jongere in de vijf jaar voorafgaand aan de verslagperiode jeugdhulp heeft ontvangen. De gegevens komen van het CBS en op den duur wordt deze indicator vervangen door een indicator die direct met eigen gegevens bemeten kan worden.

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 49

13 Rad

Indicator

Toelichting

Zorggebruik (Jeugd)

Unieke cliënten Jeugd

Aantal unieke cliënten Jeugd binnen de gemeente Krimpenerwaard. Een cliënt met twee verschillende voorzieningen telt derhalve als één unieke cliënt.

Zorggebruik (Jeugd)

Percentage herhaald beroep jeugdzorg

Percentage jeugdhulptrajecten t.o.v. totaal jeugdhulptrajecten. Jeugdhulptraject in natura is een periode waarin een bepaalde vorm van hulp of zorg wordt verleend, en in natura door de zorgaanbieder wordt geleverd. Wanneer een jongere meerdere vormen van hulp of zorg ontvangt heeft deze ook meerdere trajecten. Jeugdhulp is hulp en zorg zoals beschreven in de Jeugdwet. Herhaald beroep indien betreffende jongere in de vijf jaar voorafgaand aan de verslagperiode jeugdhulp heeft ontvangen. De gegevens komen van het CBS en op den duur wordt deze indicator vervangen door een indicator die direct met eigen gegevens bemeten kan worden.

Zorggebruik (Jeugd)

Percentage positief tegenover effect ondersteuning (jeugdige)

Antwoord van jeugdige op de stelling: Door de hulp die ik krijg, voel ik mij beter. Per 2020 zijn de vragen en antwoordcategorieën in het cliëntervaringsonderzoek aangepast en wordt antwoord gevraagd op de stelling: Door de hulp voel ik mij beter.

Zorggebruik (Jeugd)

Percentage positief tegenover effect ondersteuning (ouder)

Antwoorden op de stelling: Door de hulp die mijn kind krijg heeft hij/zij betere kwaliteit van leven. Per 2020 zijn de vragen en antwoordcategorieën in het cliëntervaringsonderzoek aangepast en wordt antwoord gevraagd op de stelling: Door de hulp voelt mijn kind zich beter

Zorggebruik (Jeugd)

Aantal meldingen Jeugd

Aantal meldingen Jeugd in een bepaald jaar die zijn verwerkt per full time equivalent

Zorggebruik (Wmo)

Unieke cliënten Wmo

Aantal unieke cliënten Wmo binnen de gemeente Krimpenerwaard. Een cliënt met twee verschillende voorzieningen telt derhalve als één unieke cliënt.

Zorggebruik (Wmo)

Zelfstandig wonende 70 plussers per 1.000 inwoners

Aantal zelfstandig wonende personen per 1.000 inwoners. Dit zijn inwoners die niet wonen in een instelling (institutioneel huishouden).

Zorggebruik (Wmo)

Percentage positief tegenover effect ondersteuning

Antwoord op de stelling: door de ondersteuning die ik krijg heb ik een betere kwaliteit van leven. Positief wordt gedefinieerd middels de antwoordcategorieën helemaal mee eens en mee eens.

Zorggebruik (Wmo)

Aantal meldingen Wmo

Aantal meldingen Wmo in een bepaald jaar die zijn verwerkt per full time equivalent

Zorggebruik (Participatie en Schulddienstverlening)

Saldo in- en uitstroompercentage bijstand

Het percentage is het aandeel nieuw toegekende respectievelijke gestopte bijstandsuitkeringen in jaar ten opzichte van het totale bestand aan het einde van jaar t-1. De indicator geeft een saldo weer, waarbij een positief getal betekent dat per saldo meer instroom is dan uitstroom (in %punten).

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 50

13 Rad

Indicator

Toelichting

Zorggebruik (Participatie en Schulddienstverlening)

Aantal personen in schuldhulpverlening (per 10.000 inwoners)

Aantal personen in de schuldhulpverlening per 10.000 inwoners

Zorggebruik (Participatie en Schulddienstverlening)

Percentage door traject meer kans op baan

Antwoord op de stelling: Door mijn traject heb ik (of mijn partner) meer kans op een baan Zorggebruik (Participatie en Schulddienstverlening)

Aantal (toegewezen) aanvragen minimaregelingen

Minimaregelingen omvatten in ieder geval de bijzondere bijstand zoals beschreven in de Richtlijnen

Bijstandsuitkeringenstatisiek (BUS), Maatschappelijke participatieregelingen volwassenen en kinderen, collectieve basiszorgverzekering en resterende minimaregelingen.

Zorggebruik (Participatie en Schulddienstverlening)

Aantal aanvragen minimaregelingen (per 1000 inwoners)

Minimaregelingen omvatten in ieder geval de bijzondere bijstand zoals beschreven in de Richtlijnen Bijstandsuitkeringenstatisiek (BUS), Maatschappelijke participatieregelingen volwassenen en kinderen, collectieve basiszorgverzekering en resterende minimaregelingen.

Zorggebruik (Participatie en Schulddienstverlening)

Percentage toegewezen aanvragen minimaregelingen

Minimaregelingen omvatten in ieder geval de bijzondere bijstand zoals beschreven in de Richtlijnen Bijstandsuitkeringenstatisiek (BUS), Maatschappelijke participatieregelingen volwassenen en kinderen, collectieve basiszorgverzekering en resterende minimaregelingen.

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 51

13 2. Literatuurlijst Benchmark Armoede & Schulden. (z.d.). https://divosa-benchmark.nl/armoede-en-schulden/#!/ CBS Statline. (z.d.). https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/ Dashboard - Burgerpeiling - Aa en hunze. (z.d.). https://www.waarstaatjegemeente.nl/mosaic/dashboard/burgerpeiling Esther Leenhouts. (2022). Jaarverslag 2022. https://welzijnkrimpenerwaard.com/wp-content/uploads/2023/04/WZK_jaarverslag_2022.pdf Factsheet: Huiselijk geweld 2021. (2021, 8 juli). Movisie. https://www.movisie.nl/publicatie/factsheet-huiselijk-geweld-2021

Kwadraad Jaarbeeld ( jaarverslag) - Kwadraad. (2024, 8 april). Kwadraad. https://www.kwadraad.nl/jaarbeeld-jaarverslag/ Landelijke Kwaliteitsmonitor Kinderopvang (LKK). (z.d.). Sardes. https://www.monitorlkk.nl/ Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2024, 17 april). De staat van het Onderwijs 2024. Rapport | Rijksoverheid.nl. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2024/04/17/de-staat-van-het-onderwijs-2024 Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. (2023, 20 december). Druk op de keten. Rapport | Rijksoverheid.nl. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2023/11/30/druk-op-de-keten Mirjam de Klerk, Evelien Eggink, Patricia van Echtelt, & Mariska Kromhout. (2022). Uitdagingen in het sociaal domein (Door Sociaal Cultureel Planbureau).

GeletterdheidInZicht homepage. (z.d.). GeletterdheidInZicht Landingspagina. https://geletterdheidinzicht.nl/

Onderzoeksbureau KWIZ, Ellens, M., & Kooistra- van Der Wijk, J. (2023). Onderzoeksrapport KWIZ B.V.

Gezondheidsmonitor Jeugd 2023. (z.d.). Gezondheidsmonitor. https://www.monitorgezondheid.nl/gezondheidsmonitor-jeugd/2023

PinkRoccade Local Government. (z.d.). ISamenleving. https://www.pinkroccadelocalgovernment.nl/beleidsterreinen/samenlevingszaken/isamenleving/?bu=1249

Hanse, D., Van Paaschen, L., Van Vliet, C., Van Veen, J., Breedveld, P., De Bruin, M., Elshot, C., Onderzoeksteam, & Van Zutphen, R. (2024). Hoe eerder, hoe beter. https://www.nationaleombudsman.nl/system/files/bijlage/Hoe%20eerder%20hoe%20beter_0.pdf

Sociaal Economische Raad. (2024). Perspectief op brede welvaart in 2040: Bouwen aan de economie van de toekomst.

Home | Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2024. (z.d.). https://www.volksgezondheidtoekomstverkenning.nl/

VZINFO | Volksgezondheid en Zorg. (z.d.). https://www.volksgezondheidenzorg.info/

Home - GGD Hollands Midden. (z.d.). https://eengezonderhollandsmidden.nl/

www.leerlingzakenmh.nl. (z.d.). Jaarverslag 2022 – 2023. https://www.leerlingzakenmh.nl/assets/uploads/Jaarverslag-2022-2023.pdf

VNG, Divosa, NDSD, G4, G40, M50, K80, & P10. (2024). De waarde van het sociaal domein. In De Waarde van het Sociaal Domein.

Kwaliteitsmonitor Krimpenerwaard over 2022-2023 - 52

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=7bf5da04-7032-4c6d-8841-e502c1a05844