Kadernota 2024.pdf
Tekst van het document
Deze aanvragen kunnen niet uit het fonds worden gedekt, maar de extra inzet is wel nodig om hier een versnelling aan te brengen. 5.5.3 Vervangingsinvesteringen Voor een goed financieel beleid is het van belang dat de lasten van de vervangingsinvesteringen opgenomen zijn in de meerjarenbegroting. Voor vrijwel alle vervangingsinvesteringen zijn inmiddels beheerplannen opgesteld die financieel vertaald zijn in de huidige meerjarenbegroting. Voorbeelden hiervan zijn IBOR-beheerplannen, IHP, ICT, Facilitair en materieelplan buitenruimte. Het beheerplan gemeentelijk vastgoed wordt geactualiseerd. 5.5.4 Vrijval kapitaallasten Vrijval van kapitaallasten ontstaat indien een volledig afgeschreven actief nog in gebruik is en in de begroting kapitaallasten voor het (vervangend) actief zijn opgenomen. Daarnaast kan het ook zo zijn dat een volledig afgeschreven actief nog in gebruik is en er in de begroting nog geen rekening is gehouden met vervanging van het betreffende actief. In beide gevallen ontstaat er ruimte in de exploitatie. In het eerste geval gedurende het begrotingsjaar en in het tweede geval bij het opstellen van de begroting voorafgaand aan het begrotingsjaar. Hoewel het tweede geval aantrekkelijk lijkt doordat er ruimte ontstaat in de begroting, kan het in de toekomst tot onwenselijke situaties leiden.
Immers, als vervanging van het betreffende actief wel aan de orde is, is het hiervoor bestemde budget (kapitaallasten) al als vrije ruimte ingezet voor andere doeleinden. Om onbedoelde en ongewenste fluctuaties in de omvang van de kapitaallasten tegen te gaan zullen we er in de begroting voor zorgen dat de betreffende ruimte beschikbaar blijft voor kapitaallasten. Tenzij er daadwerkelijk geen sprake is van vervanging van het betreffende actief.
52
5.6 Verbonden partijen In de begroting 2024-2027 worden de begrotingen van de gemeenschappelijke regelingen waarbij de gemeente Krimpenerwaard is aangesloten verwerkt. Met de “financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen Hollands-Midden” bepalen de gemeenten in de regio Hollands-Midden vooraf een uniform financieel kader voor de jaarlijks toe te passen prijsindexatie in de begrotingen van de gemeenschappelijke regelingen in deze regio. De begrotingen van alle gemeenschappelijke regelingen waaraan de gemeente Krimpenerwaard deelneemt worden getoetst aan deze vastgestelde kaders. De kaders voor de begroting 2024 zijn op 27 oktober 2022 in de ambtelijke werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke regelingen van de gemeenten in Hollands Midden besproken. Daarbij is de indexering voor 2024 zoals deze in 2020 is opgezet en is vastgesteld door de bestuurlijke werkgroep FKGR bepaald. Het betreft een variant met een waardevaste indexering. Hierbij wordt de indexering voor 2024 gecorrigeerd voor de ontwikkelingen in het jaar 2022 en 2023 (gebaseerd op indices uit Centraal Economisch Plan, septembercirculaire 2022).
De kaders voor de begroting 2024 betreffen: • De indexatie op basis van een jaarlijkse groei gebaseerd op de prijs overheidsconsumptie beloning werknemers 6,4% en de prijs overheidsconsumptie netto materieel 9% zoals opgenomen in de publicaties van het CPB. • Het opnemen van een nieuwe algemene taakstelling in de begrotingen 2024 is niet toegestaan. • In de begrotingen en jaarrekeningen dient standaard een paragraaf op te worden genomen over de toepassing van de vastgestelde indexering. Deze paragraaf dient te worden verdeeld naar economische categorieën (% personeel, % materieel en % overige) en een paragraaf met een analyse van de risico's in relatie tot de omvang van het weerstandsvermogen. De financiële kaderstelling is opgesteld door de regio gemeenten. Voor de gemeenschappelijke regelingen waar de regio gemeenten bestuurlijk een meerderheid vormen gelden de afspraken als dwingend. Dit betreft de volgende gemeenschappelijke regelingen: • Veiligheidsregio Hollands Midden • Omgevingsdienst Midden-Holland • Hecht (vh RDOG Hollands Midden) De overige gemeenschappelijke regelingen waarbij de regio gemeenten geen meerderheid in het bestuur vormen maar waaraan de gemeente Krimpenerwaard wel deelneemt zijn geïnformeerd over de vastgestelde kaders.
Daarbij zijn deze gemeenschappelijke regelingen er op gewezen dat hun begrotingen zullen worden getoetst aan de hiervoor genoemde kaders. 5.6.1 Stedin Met een raadsinformatiebrief (d.d. 29 maart jl.) bent u geïnformeerd over de lange termijn kapitaalbehoefte van Stedin. Deze behoefte is gestegen, onder andere als gevolg van de energietransitie, economische ontwikkelingen en nieuwe inzichten. In de komende periode onderzoekt Stedin door wie en op welke wijze de kapitaalbehoefte van in totaal ca. € 1,75 miljard kan worden ingevuld. Hierbij wordt nadrukkelijk ook gekeken naar het Rijk en de niet-aandeelhoudende gemeenten en provincies binnen het verzorgingsgebied van Stedin. Als er na eventuele toetreding van Rijk en/of gemeenten nog een deel van de kapitaalbehoefte resteert, zal de aandeelhouderscommissie van Stedin een nieuw advies uitbrengen over de omvang en mogelijke invulling van de kapitaalbehoefte. Uitgangspunt is dat bestaande aandeelhouders, waaronder onze gemeente, gezien worden als ‘last resort’ en dat elke bestaande aandeelhouder individueel een keuze heeft om een extra bijdrage te leveren.
5.7 Financiering In de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) zijn kaders gesteld voor een verantwoorde, prudente en professionele inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden. De gemeente streeft ernaar benodigde leningen tegen een zo laag mogelijk rentepercentage aan te trekken en tegelijkertijd de renterisico’s te beheersen. Daartoe wordt bij het afsluiten van leningen
53
rekening gehouden met de liquiditeitsbehoefte, rentevisie, kasgeldlimiet (financiering voor een periode van maximaal 1 jaar) en renterisiconorm (financiering periode langer dan 1 jaar). De ontwikkeling van de financieringspositie is bepalend voor de toekomstige ontwikkeling van de omvang van de leningenportefeuille. Tijdens de raadsbijeenkomst van 7 december 2022 is een financiële doorkijk gegeven ten aanzien van de ontwikkeling van grote projecten. Hierbij zijn voor de periode 2022-2028 het meerjaren investeringsoverzicht, de liquiditeitsprognose en de ontwikkeling van de schuldpositie besproken. De financieringsbehoefte van lopende en toekomstige investeringen werden als volgt worden gespecificeerd: - Lopende projecten en voorbereiding nieuwe projecten € 68 miljoen - Actualisatie IBOR, VGRP en vastgoed € 71 miljoen - Grote projecten € 98 miljoen De grote projecten bestaan met name uit investeringen in de bouw Schoonhovens College en sporthal De Meent, aanleg milieustraat, nieuwbouw scholen, nieuwbouw gemeentekantoor en 2e brug Hollandse IJssel (zie ook 5.5 Investeringen). Op basis van de meest recente liquiditeitsprognose wordt rekening gehouden met het aantrekken van langlopende geldleningen van in totaal € 152,5 miljoen in de periode 2024-2027.
Daarbij is rekening gehouden met de ervaring dat de realisatie van een gedeelte van de investeringsbudgetten in een later jaar plaatsvindt dan gepland. In 2022 is de kapitaalmarktrente flink opgelopen met name door een hoge inflatie. Vooralsnog wordt uitgegaan van een marktrente van 3,25% bij het aantrekken van leningen in de periode 2024-2027. Op grond van regelgeving wordt rente toegerekend aan taakvelden. De meest recente berekening resulteert in een rentepercentage van 0,9%. Deze omslagrente wordt voorlopig gehanteerd voor de meerjarenbegroting 2024-2027. Tijdens het proces van het opstellen van de nieuwe meerjarenbegroting wordt nog een actuele berekening gemaakt op basis van de dan meest actuele gegevens. Indien hieruit blijkt dat het percentage wijzigt, wordt de te hanteren omslagrente alsnog aangepast. De uitgangspunten en richtlijnen voor het treasurybeleid zijn vastgelegd in de Financiële verordening. De regels voor de uitvoering van de treasuryfunctie zijn opgenomen in het door het college in 2020 vastgestelde Treasurystatuut. In het statuut wordt onder andere inzicht gegeven in de inrichting en borging van de financieringsfunctie en de uitgangspunten van het risicobeheer. Bij de eerstvolgende actualisatie van het treasurystatuut zal het gemeentelijk beleid verder worden verfijnd.
Uitgangspunten Kadernota 2024 • In 2023 wordt er geen nieuwe langlopende geldlening aangetrokken (eventuele financiering met kortlopende geldleningen). • Nieuwe geldleningen in: 2024: € 80,0 miljoen per 01-10-2024 met looptijd van 40 jaar en rente van 3,25% 2025: € 40,0 miljoen per 01-07-2025 met looptijd van 20 jaar en rente van 3,25% 2026: € 32,5 miljoen per 01-07-2026 met looptijd van 20 jaar en rente van 3,25% 2027: Geen nieuwe lening.
•
Bij het bepalen van de financieringsbehoefte is aangesloten op de planning van de grote projecten zoals die op 7 december aan de gemeenteraad is gepresenteerd. Bij het opstellen van de begroting wordt de planning van de uitvoering van projecten en daaruit voortvloeiende financieringsbehoefte geactualiseerd. Boekwaarde gerealiseerde investeringen met rentetoerekening per 01-01-2024 van € 150 miljoen (boekwaarde 01-01-2021 € 132,8 miljoen / boekwaarde 01-01-2022 € 132,5 miljoen).
5.8 Subsidies De gemeenteraad heeft op 8 november 2022 het subsidiebudget voor 2024 en verder vastgesteld. Op basis van het in de meicirculaire 2023 opgenomen indexeringspercentage voor 2024 stellen we de subsidieplafonds 2024 bij. Daarnaast wordt de budgetruimte voor 2025 voorgelegd. Dit budget vormt de basis voor de jaarlijkse subsidieverlening. Tevens heeft de gemeenteraad het college gemandateerd tot het verdelen van dit budget over de diverse subsidieregelingen. 54
De basis voor de plafonds van het opvolgende jaar wordt gevormd door de vastgestelde plafonds van het jaar ervoor. Eventuele (incidentele) wijzigingen worden binnen de P&C-cyclus meegenomen. Voor instellingen die zich om uiteenlopende redenen niet lenen voor subsidiëring vanuit een van de subsidieregelingen wordt gewerkt met begrotingssubsidies. Ontwikkelingen Zowel landelijk als lokaal zijn er signalen dat de, meer dan gemiddelde, inflatie en CAO-ontwikkelingen in diverse sectoren vergaande gevolgen hebben voor de begrotingen 2023 en 2024 van onze subsidiepartners. De vraag ligt voor om de subsidiebijdrage te verhogen om de activiteiten op het gewenste niveau te houden. Het college komt na het beoordelen van de meicirculaire 2023 met een raadsvoorstel over de mogelijkheden om onze maatschappelijke instellingen en sport- , cultuur- en buurtverenigingen in 2023 en verder extra te ondersteunen. Dit voorstel wordt geagendeerd voor de raad van 4 juli 2023, gelijktijdig met de p&c-documenten. Daarnaast zijn er ontwikkelingen bij subsidiepartijen (o.a. bibliotheek locatie Bergambacht, Zilvermuseum) die mogelijk zullen vragen om een verhoging van het plafond van de betreffende begrotingssubsidies. Concreet zullen de aan te passen subsidieplafonds 2025 bij de vaststelling van de begroting 2024 zijn uitgewerkt of uiterlijk bij de Kadernota 2025.
5.9 Omgevingswet De datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet is 1 januari 2024. Deze datum biedt alle betrokken partijen duidelijkheid en bovenal meer tijd voor het inregelen en oefenen met nieuwe systemen en de nieuwe manier van werken van de wet. Dat geldt ook voor de gemeente Krimpenerwaard. Ondanks dat wij al aan veel eisen voldoen, gebruiken we de tijd dit jaar nog om verder te werken aan het casco voor het omgevingsplan en de toepasbare regels. Ook werken we verder aan om bedrijfsvoering aan te passen aan de nieuwe werkwijze onder de Omgevingswet. Elders in deze kadernota (zie onderdelen 3.8 en 6.2) is toegelicht welke gevolgen de invoering van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging met zich meebrengen en waar dit gevolgen heeft voor de bedrijfsvoering en begroting. Een aantal van deze gevolgen blijken pas na invoering. We houden de ontwikkelingen in de gaten. Indien noodzakelijk verwerken we wijzigingen in de begroting 2024.
55
6. LOKALE HEFFINGEN 6.1 Onroerende-zaakbelastingen (OZB) en overige ongebonden heffingen Onroerende-zaakbelastingen en toeristenbelasting zijn algemene belastingen. Dit betekent dat de opbrengst van deze belastingen vrij besteedbaar is. De gemeenteraad bepaalt waarvoor de opbrengsten uit deze belastingen worden ingezet, de opbrengsten zijn niet gelabeld. 6.1.1 Onroerende-zaakbelastingen (OZB) De OZB wordt geheven over de waarde van de onroerende zaken in de gemeente, de zogenoemde WOZ-waarde. De opbrengst, en niet de tarieven, van de OZB wordt jaarlijks verhoogd met de inflatie. Bij de OZB gaan we uit van de totale opbrengst van het voorgaande jaar bij een gelijkblijvend areaal. 6.1.2 Toeristenbelasting Bij de toeristenbelasting wordt jaarlijks het tarief verhoogd op basis van de inflatiecorrectie. Als gevolg van het aangenomen amendement A22-023 zal in 2023 een onderzoek plaatsvinden naar de mogelijkheid om in 2024 gedifferentieerde tarieven te gaan hanteren. Ook zal de mogelijkheid onderzocht worden om in de toekomst alleen toeristenbelasting te heffen van personen ouder dan 12 jaar. Uitgangspunt hierbij is een gelijkblijvende opbrengst toeristenbelasting.
6.2 Gebonden heffingen Algemeen Afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges, lijkbezorgingsrechten, marktgelden en havengelden zijn gebonden heffingen. Uitgangspunt is dat deze heffingen kostendekkend zijn, tenzij de tarieven dan aanzienlijk hoger zijn dan bij vergelijkbare gemeenten in de regio. Kostendekkendheid houdt in dat de tarieven zodanig vastgesteld worden dat de geraamde baten niet uitgaan boven de geraamde lasten. Deze wettelijke eis van maximale kostendekkendheid betekent niet dat de afzonderlijke tarieven per heffing maximaal 100% kostendekkend mogen zijn. Een individueel tarief kan meer dan 100% kostendekkend zijn, maar daar staat dan een ander tarief met een lager percentage tegenover. In de begroting nemen wij een overzicht op met de berekening van de mate van kostendekkendheid per heffing. De wijze van de berekening van de overhead bij de tarieven is bepaald in de financiële verordening. 6.2.1 Afvalstoffenheffing Bij de berekening van de tarieven voor de afvalstoffenheffing gaan we uit van 100% kostendekkende tarieven. Eventuele structurele gevolgen uit de tussenrapportages 2023 worden ook verwerkt in het tarief 2024. 6.2.2 Rioolheffing Bij de berekening van de tarieven voor de rioolheffing gaan we uit van 100% kostendekkende tarieven. Op basis van de verwachte inwerkingtreding van de Omgevingswet is het Omgevingsprogramma Riolering en Klimaatadaptatie opgesteld.
Dit is de vervanger van het huidige vGRP. De gevolgen van de investeringen vGRP 2024-2027 worden meegenomen in de tarieven rioolheffing. Ook kunnen eventuele structurele gevolgen uit de tussenrapportages kostenverhogend werken. 6.2.3 Leges Op 1 januari 2024 treden de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen in werking. De inwerkingtreding van deze wetten heeft gevolgen voor de fysieke leefomgeving en daardoor voor de 56
legesheffing. De gevolgen voor de legesheffing worden verwerkt in de legesverordening 2024 en de bijbehorende tarieventabel. 6.2.4 Havengelden In 2023 wordt een onderzoek gedaan naar mogelijke heffing van havengelden in de Noodhaven in Schoonhoven met ingang van 1 januari 2024.
6.3 Ondernemersfondsen Ondernemers in een winkelgebied of een bedrijventerrein kunnen voor het financieren van gezamenlijke initiatieven een ondernemersfonds oprichten. Financiering kan in de vorm van een BIZ-heffing op grond van de Wet op de bedrijveninvesteringszones (Wet BIZ). Als de gemeente akkoord gaat met het door de ondernemers opgestelde BIZ-plan en er is voldoende draagvlak, heft de gemeente een BIZ-bijdrage van de ondernemers in het betreffende gebied. De gemeente keert de opbrengst uit aan het BIZ-bestuur. Wij hebben een BIZ Bergambacht Centrum, een BIZ Bergambacht Bedrijventerrein De Wetering en een BIZ Schoonhoven Centrum. De BIZ Schoonhoven Centrum loopt dit jaar af. Er zijn wel plannen voor een nieuwe BIZ Schoonhoven Centrum per 2024. Daarnaast zijn er plannen voor een BIZ voor bedrijventerrein Zevender-Thiendenland in Schoonhoven per 2024.
6.4 Overzicht lokale lastendruk Bij de lokale lastendruk nemen we de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing mee in de berekening. In onderstaand overzicht worden de woonlasten 2023 van Krimpenerwaard vergeleken met omliggende gemeenten. Deze woonlasten zijn berekend met behulp van de Lokale Lasten Calculator 2023 van het COELO (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden). Bij de berekening is uitgegaan van de gemiddelde WOZ-waarde, een driepersoonshuishouden met de gemiddelde hoeveelheid afval en indien de rioolheffing afhankelijk is van het waterverbruik, het gemiddelde waterverbruik. 2023 Gemeente
OZB
Afvalstoffenheffing
Rioolheffing
Woonlasten
Krimpenerwaard
€387
€269
€269
€925
Bodegraven-Reeuwijk
€614
€354
€337
€1.306
Gouda
€326
€373
€477
€1.175
Krimpen aan den IJssel
€367
€430
€319
€1.116
Molenlanden
€367
€370
€243
€980*
Oudewater
€552
€314
€335
€1.201
Waddinxveen
€386
€368
€209
€963
Zuidplas
€488
€322
€197
€1.006
Landelijk gemiddelde
€429
€310
€224
€963
*Gemeente Molenlanden hanteert nog wel een heffingskorting ad €30
57
BIJLAGEN Bijlage 1 - Toelichting op nieuw beleid 1.1 Exploitatie Bestuur en ondersteuning Rijlabels
2024
2025
2026
2027
Structureel
-282
-2.337
-3.035
-3.841
Beleidskeuze
-800
-1.162
-1.152
-1.784
Afschrijvingslasten grote projecten
-20
-357
-357
-964
Op 7 december 2022 is de raad geïnformeerd over de grote projecten die de komende jaren door de gemeente uitgevoerd gaan worden. In totaal is hierbij sprake van een totale investering van ca. € 110 miljoen (9 projecten). De hiermee gemoeide kapitaallasten zijn grotendeels al in de meerjarenbegroting opgenomen, maar nog niet volledig. De afschrijvingen worden nu bijgesteld. De extra rentelasten zijn onderdeel van de separate aanvraag hiertoe.
-20
-357
-357
-964
Inrichting nieuw gemeentehuis (afschrijving)
-
-25
-45
-70
Voor de inrichting van het nieuwe gemeentehuis wordt een bedrag van €700.000 gevraagd. Basis hiervoor is de kostenraming die gemaakt is op basis van zoveel mogelijk hergebruik van het bestaande meubilair. Hierbij is rekening gehouden met reparatiekosten, refurbishment en nieuw aan te schaffen meubilair.
-
-25
-45
-70
MJOP ICT 2024 - 2027 (afschrijving)
-
-
-
-
Aanvraag budget ten behoeve van de investeringen vanuit het MJOP ICT.
-
-65
-245
-414
Dekking R205 Egalisatiereserve ICT
-
65
245
414
Inventaris werkplekken
-150
-150
-150
-150
De lasten voor aanschaf van nieuw meubilair bij de herindeling zijn destijds gedekt vanuit de bijdrage voor de frictiekosten die we als gemeente ontvingen. Dit meubilair is op termijn aan vervanging toe. Om de lasten die hieruit volgen jaarlijks gelijkmatig over de exploitatie te verdelen wordt voorgesteld om vanaf 2024 structureel € 150.000 toe te voegen aan de reserve Dekking kapitaallasten. Voorafgaand aan het opstellen van de begroting wordt het vervangingsschema nog geactualiseerd op basis van aantallen, vervangingsjaren en verwachte prijsontwikkeling. Indien dit leidt tot bijstelling van het te storten bedrag, passen we dit aan in de begroting.
-150
-150
-150
-150
Opslag overhead
-630
-630
-600
-600
Om te voorkomen dat er bij iedere aanvraag voor uitbreiding van formatie of inhuur ook direct budget moet worden aangevraagd voor ondersteunende formatie en budgetten, werken we met een opslag bij aanvragen voor extra capaciteit. Per extra fte formatie en inhuur bedraagt deze opslag respectievelijk € 25.000 en € 10.000 de opslag wordt centraal geraamd op het taakveld overhead binnen het programma Bestuur en ondersteuning. Vanuit deze opslag kunnen de extra kosten aan ondersteuning worden gedekt. Hiermee kan ca. 5 fte aan ondersteunende formatie, inclusief bijkomende budgetten worden gedekt.
-630
-630
-600
-600
Noodzakelijk
518
-1.175
-1.883
-2.057
Rente leningen
94
-1.653
-2.439
-2.747
Op basis van de meest recente liquiditeitsprognose wordt rekening gehouden met het aantrekken van langlopende geldleningen van in totaal € 152,5 miljoen in de periode 20242027. Vooralsnog wordt uitgegaan van een marktrente van 3,25% bij het aantrekken van leningen in de periode 2024-2027. Met een deel van de aan te trekken leningen was al rekening gehouden in de meerjarenbegroting 2023. De hogere rentelasten vloeien voort uit de geplande investeringen enerzijds en een stijging van de marktrente anderzijds.
94
-1.653
-2.439
-2.747
Bijdragen gemeenschappelijke regelingen
-822
-768
-690
-556
De meerjarenbegrotingen van de gemeenschappelijke regelingen waarin onze gemeente deelneemt worden op dit moment voorbereid en daarna bestuurlijk voorgelegd. Vooruitlopend hierop zijn de nu bekende en verwachte bijstellingen van de bijdragen opgenomen. Na bestuurlijke vaststelling worden de definitieve bedragen verwerkt in de meerjarenbegroting 2024.
-822
-768
-690
-556
58
Rijlabels
2024
2025
2026
2027
Algemene uitkering
4.800
4.800
4.800
4.800
Het kabinet heeft in de Najaarsnota 2022 aangekondigd een extra prijsbijstelling over 2022 uit te keren in verband met de uitzonderlijke prijsstijgingen voor 2022. Het gaat om circa € 300 miljoen per jaar tot en met 2025 en circa € 400 miljoen vanaf 2026. De definitieve bedragen volgen bij de Voorjaarsnota 2023 en de verdeling wordt in de meicirculaire 2023 bekend. Tot die tijd blijft het onzeker of de gemeenten achteraf het hogere accres voor loon- en prijsontwikkeling van uitkeringsjaar 2022 krijgen. Daarnaast heeft het Centraal Planbureau (CPB) op 9 maart 2023 het Centraal Economisch Plan (CEP) 2023 gepubliceerd. Het CPB raamt in het CEP 2023 een hogere loonstijging en een hogere prijsstijging voor consumptie en investeringen.
4.800
4.800
4.800
4.800
Vervangen wagenpark (afschrijving)
-
-
-
-
Een groot deel van het bestaande wagenpark is in 2026 afgeschreven en aan vervanging toe.
-
-
-
-263
Dekking exploitatie-vervanging
-
-
-
263
Cao-gevolgen
-2.000
-2.000
-2.000
-2.000
De huidige cao heeft een relatief korte looptijd tot en met 1 januari 2024. De salarisontwikkelingen voor 2024 zijn dan ook nog niet bekend. Wel wordt op basis van ervaringscijfers van de afgelopen jaren én op basis van ontwikkelingen van andere sectorale cao’s die aanzienlijke stijgingen over 2023 én 2024 laten zien, rekening gehouden met een stijging van 4% over 2024. Voor de pensioenlasten wordt rekening gehouden met een stijging van 3%.
-2.000
-2.000
-2.000
-2.000
Indexering lasten
-2.200
-2.200
-2.200
-2.200
Er vindt een aanpassing van de uitgaven plaats op basis van de inflatiecorrectie zoals die is opgenomen in de meicirculaire 2023 van het gemeentefonds. Het Centraal Planbureau (CPB) heeft op 9 maart 2023 het Centraal Economisch Plan (CEP) 2023 gepubliceerd. Hierin gaat het CPB voor de jaarschijf 2024 uit van een indexering van de prijzen met 3% ten opzichte van 2023. In deze kadernota hanteren wij vooralsnog deze prijsindex.
-2.200
-2.200
-2.200
-2.200
Indexering baten
800
800
800
800
Er vindt een aanpassing van de inkomsten plaats op basis van de inflatiecorrectie zoals die is opgenomen in de meicirculaire 2023 van het gemeentefonds. Net als aan de uitgavenkant hanteren we in deze kadernota vooralsnog het in het CEP gepresenteerde prijsindexcijfer van 3% voor 2024 om de baten mee aan te passen. We hebben de baten voor Ozb, riool- en afvalstoffenheffing in de berekening betrokken.
800
800
800
800
Informatiebeleid en -veiligheid
-154
-154
-154
-154
In het kader van informatiebeleid en -veiligheid is het noodzakelijk dat een organisatie beschikt over onafhankelijke functionarissen: -Chief Information Security Officer (CISO) -Functionaris Gegevensbescherming (FG) en een -Privacy Officer (PO). Deze functionarissen hebben een eigen takenpakket en werken nauw samen op het terrein persoonsgegevens en gegevensverwerking. PO heeft een uitvoerende rol en is verantwoordelijk voor het ontwikkelen en bewaken van privacy beleid van de gemeentelijke organisatie en het ondersteunen van de uitvoering. FG heeft onder andere als taak om de gemeentelijke organisatie te informeren en te adviseren over de verplichtingen op grond van de AVG, de Uitvoeringswet AVG en andere privacywetgeving en toetsing werkzaamheden PO CISO heeft onder andere als taak om te adviseren over technologie en beveiliging over gegevensverwerking en informatiebeleid. Is een onafhankelijk adviseur van de Directie. Op dit moment is hiervoor 1,2 fte beschikbaar. Om de uitvoering van taken goed te kunnen borgen is het nodig om dit uit te breiden met in totaal 1,4 fte.
-154
-154
-154
-154
Eindtotaal
-282
-2.337
-3.035
-3.841
Bedragen x € 1.000
Veiligheid Voor dit programma zijn geen aanvullende aanvragen opgenomen.
59
Verkeer, vervoer en waterstaat Rijlabels
2024 2025 2026 2027
Structureel
-11
-16
-36
-36
Beleidskeuze
-
-5
-25
-25
Verkeersveiligheidsmaatregelen Veerweg Bergambacht (afschrijving)
-
-5
-25
-25
De N-208, lokaal bekend als de Veerweg in Bergambacht heeft in belangrijke mate betekenis als ontsluiting van de woonwijken aan de westzijde Bergambacht. De lokale functie zal door meerdere ontwikkelingen zoals de komst van maatschappelijke functies naar het gebied ten westen van de Veerweg (w.o. het gemeentehuis) gaan toenemen en daarmee ook kde behoefte om deze weg veilig te maken voor alle verkeersdeelnemers o.a. door het doorvoeren van een snelheidsbeperking. Om dit laatste prioriteit te kunnen geven is de Provincie gevraagd mee te werken aan een beheersoverdracht van de weg aan de gemeente die in 2023 moet leiden tot besluiten.
-
-5
-25
-25
Noodzakelijk
-11
-11
-11
-11
Vervanging verouderde en vervuilende voertuigen (afschrijving)
-11
-11
-11
-11
Dit betreft de afschrijving van de vervanging van verouderde en vervuilende voertuigen.
-11
-11
-11
-11
Eindtotaal
-11
-16
-36
-36
Bedragen x € 1.000
Economie Voor dit programma zijn geen aanvullende aanvragen opgenomen.
Onderwijs, sport, cultuur en recreatie Rijlabels
2024 2025 2026 2027
Incidenteel
-38
-38
-38
-19
Noodzakelijk
-38
-38
-38
-19
Tijdelijke locatie bibliotheek Bergambacht
-38
-38
-38
-19
De bibliotheek in Bergambacht is na de verhuizing van de Meidoornstraat naar de Pleinstraat meer huur en servicekosten gaan betalen voor de locatie. Deze (tijdelijke) verhoogde kosten worden door de gemeente gecompenseerd. Het gaat hierbij om een kwartaalbedrag van € 9.391,79. Tot eind 2023 zijn hiervoor middelen gereserveerd. Omdat de bibliotheek nog even op deze tijdelijke locatie moet blijven zitten, tot zeker half 2027, moet deze kwartaalbijdrage verlengd worden tot half 2027.
-38
-38
-38
-19
Structureel
-50
-52
-52
-52
Collegeprogramma
-50
-52
-52
-52
Toevoegen recreatieve voorzieningen buitengebied
-50
-50
-50
-50
Om toeristisch en recreatief bezoek en verblijf te stimuleren is het van belang om het buitengebied beter beleefbaar en toegankelijk te maken. Hiervoor wordt structureel budget gevraagd, voor bijvoorbeeld de aanleg van wandelpaden, uitkijkschermen en bebording.
-50
-50
-50
-50
Huisvestingsprogramma 2024 (afschrijving)
-
-2
-2
-2
Op basis van de verordening onderwijshuisvesting hebben scholen aanvragen ingediend voor het huisvestingsprogramma (HVP) 2024, betreft herstel constructiefout.
-
-2
-2
-2
-88
-90
-90
-71
Eindtotaal Bedragen x € 1.000
60
Sociaal Domein Rijlabels
2024
2026
2027
Structureel
-1.562 -1.841 -1.676
2025
-1.511
Collegeprogramma
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
Herijking minimabeleid
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
Op dit moment wordt het minimabeleid herijkt om de bestaanszekerheid van inwoners te garanderen. De verwachting is dat voor de uitvoering vanaf 2024 extra structurele middelen benodigd zijn. Dit zal bij de begroting 2024 bekend zijn en derhalve dan opgenomen.
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
-1.200 -1.479 -1.314
-1.149
Beleidskeuze Subsidieplafond 2024 - beleidsaanpassing
-131
-131
-131
-131
De uitbreidingen zijn noodzakelijk voor het stimuleren van ontmoeting, samenwerken en normaliseren en past daarmee binnen de opgave van de Maatschappelijke Agenda. De plafonds stijgen met € 166.000 er is dekking voor € 35.000.
-131
-131
-131
-131
Indexering subsidieplafonds
-
-205
-205
-205
Conform door de gemeenteraad vastgesteld beleid wordt de indexering voor het totaal van de subsidieplafonds voor 2025 meegenomen in de begroting 2024. Op basis van de septembercirculaire 2022 is gerekend met een indexering van 2,5% ten opzichte van de voor 2024 begrote bedragen. (Let op: nu nog geen rekening gehouden met structurele aanpassingen vanaf 2023)
-
-205
-205
-205
Toegang Sociaal Domein
-1.069 -1.143
-978
-813
Via een RIB bent u geïnformeerd over de verschillende ontwikkelingen in de toekomstbestendige toegang van het sociaal domein. In totaliteit vragen we vanaf 2024 € 1 miljoen aan oplopend tot € 1,4 miljoen in 2025 (17,5 FTE). Genoemde bedragen wijken iets af van de RIB, omdat ze zijn gecorrigeerd voor Cao-gevolgen. Vanaf 2027 is de eerste inschatting dat we daarvan circa € 600.000 terug zullen verdienen. Voor de cijfers die nu vanaf 2025 zijn opgenomen geldt dat we deze richting de kadernota 2025 zullen actualiseren en indien nodig bijstellen.
-1.069 -1.143
-978
-813
Noodzakelijk
-362
-362
-362
-362
Decentralisatie Beschermd Wonen
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
Per 2024 vindt een doordecentralisatie plaats van beschermd wonen Hierbij zullen de middelen voor beschermd wonen met een objectief verdeel model en een ingroeipad van 10 jaar herverdeeld worden van de centrum gemeenten naar alle gemeenten. Er is in afstemming met de gemeenten in Midden-Holland eerder afgesproken om de toegang voor beschermd wonen (wonen in een instelling met 24/7 toezicht in de nabijheid) door de gemeente Gouda te laten uitvoeren (zoals nu ook het geval is). De financiële afspraken zoals die zijn vastgelegd in de Regiovisie worden naar verwachting in 2024 gecontinueerd. Dit zou betekenen dat de beschikbare middelen regionaal samen worden gevoegd. Gemeenten besluiten gezamenlijk jaarlijks over de inzet van deze middelen middels een regionale begroting beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Financiële risico’s worden samen gedragen, waardoor fluctuaties in instroom per jaar per gemeente gedempt worden. Daarnaast worden momenteel scenario’s uitgewerkt voor het werken met een cliëntvolgende bekostiging, om op basis van een vergelijking van de scenario’s te beslissen of bovenstaand besluit in stand blijft of dat er toch een andere keuze wordt gemaakt. Bij de begroting 2024 is hier meer duidelijkheid over en zal deze ontwikkeling worden meegenomen.
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
Subsidiejaarplan 2024 indexering
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
Als gevolg van het tussentijds aanpassen van de CAO's en hoge inflatie kan het nodig zijn om de subsidieplafonds van het subsidiejaarplan 2024 aan te passen.
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
61
2024
2025
2026
2027
Formatie statushouders
-92
-92
-92
-92
De landelijke vluchtelingencrisis raakt ook ons. Naast onze wettelijk taken op grond van de recent ingevoerde nieuwe Wet inburgering (gericht op inburgering en huisvesting van statushouders), hebben we ook moeten handelen in de noodopvang van Oekraïners. Maar daarmee is het nog niet af. Met de komst van de Spreidingswet moeten er meer opvangplakken voor vluchtelingen en asielzoekers worden gecreëerd ter aanvulling op de huidige asielzoekerscentra in ons land. Op dit moment worden de taken die uit voornoemde ontwikkelingen voortvloeien grotendeels op incidentele basis uitgevoerd. Echter deze problematiek is niet (meer) van tijdelijke aard, maar vraagt structurele capaciteit vanuit de gemeente. Hiertoe is structurele uitbreiding van de formatie met 1 fte in het Sociaal Domein noodzakelijk. Mogelijk dat we (een deel van) de kosten kunnen dekken uit vergoedingen die we hiervoor krijgen vanuit het Rijk. Op dit moment is daar echt nog onvoldoende zekerheid over om de dekking al in te kunnen boeken.
-92
-92
-92
-92
Verstevigen regionale werkorganisatie (RWO)
-270
-270
-270
-270
De vijf gemeenten in de regio Midden-Holland kennen een goede samenwerking rondom het sociaal domein. De afgelopen periode is gewerkt aan het verstevigen van deze samenwerking, zowel op bestuurlijk als ambtelijk vlak. Ook inhoudelijk zijn er veel ontwikkelingen en wordt er toegewerkt naar een nieuwe meerjarige inkoopperiode voor de inkoop van zorg voor onze inwoners.
-270
-270
-270
-270
Eindtotaal
-1.562 -1.841
-1.676 -1.511
Bedragen x € 1.000
Volksgezondheid en milieu Rijlabels
2024
2025 2026
2027
Structureel
-
-
-
-
Beleidskeuze
-
-
-
-
2 FTE Programma Riolering en Klimaatadaptatie
-
-
-
-
-165 -165
-165
Uitbreiding 2 fte formatie ten behoeve van het uitvoeren van het Programma Riolering & Klimaatadaptatie. Het betreft 1 fte klimaatadviseur (50% kostentoerekening aan Riolering en 50% Algemene Middelen) en 1 fte medewerker riolering (100% kostentoerekening aan Riolering).
-165
Dekking exploitatie
41
41
41
41
Dekking tarieven
124
124 124
124
Noodzakelijk
-
-
-
-
Vervanging verouderde en vervuilende voertuigen (afschrijving)
-
-
-
-
Dit betreft de afschrijving van de vervanging van verouderde en vervuilende voertuigen.
-15
-15
-15
-15
Dekking tarieven
15
15
15
15
-
-
-
-
Eindtotaal Bedragen x € 1.000
62
Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Rijlabels
2024 2025 2026 2027
Incidenteel
-300 -300
-
-
Collegeprogramma
-300 -300
-
-
Inhuur t.b.v. realisatie wonen en bedrijventerreinen
-300 -300
-
-
In de begroting van 2023 heeft u de ambitie uitgesproken om initiatieven vanuit de kernen die aansluiten bij -300 -300 de behoefte en identiteit van de eigen kern te stimuleren en dat de gemeente hierbij faciliteert. Daarbij heeft u aangegeven aan de randen van onze kernen ruimte te maken voor wonen en werken. Om daar uitvoering aan te geven vindt in 2023 besluitvorming plaats over het strategisch toekomstperspectief, de woonvisie en de lokale bedrijventerreinenstrategie. Deze worden uitgewerkt in een uitvoeringsagenda en uiteindelijk in concrete projecten. Deze volgende fase vergt specifieke inzet en capaciteit. Wanneer we overgaan tot uitvoering van concrete projecten kunnen we de inzet van extra capaciteit dekken uit o.a. bijdragen van ontwikkelaars en grondexploitaties.
-
-
Structureel
-123 -123 -123 -123
Beleidskeuze
-123 -123 -123 -123
VTH administratieve ondersteuning
-123 -123 -123 -123
Afgelopen anderhalf jaar hebben we onze processen en werkzaamheden ingericht op de komst van de -123 -123 -123 -123 Omgevingswet en Wkb. Daaruit blijkt dat wij meer administratieve taken erbij krijgen zowel op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving. Daarnaast zijn de laatste anderhalf jaar meer taken en werkzaamheden op ons afgekomen zoals op het gebied van BAG, ondermijning, etc.. Voor de administratieve taken wordt nu structureel 2 fte aangevraagd onder meer om de handhavers te ontlasten. In hoeverre we deze lasten kunnen dekken uit de opbrengsten van de betreffende tarieven onderzoeken we bij het opstellen van de begroting. Eindtotaal
-423 -423 -123 -123
Bedragen x € 1.000
1.2 Investeringen De in het onderstaande genoemde investeringsbedragen hebben niet direct invloed op het saldo van de exploitatie. De investeringen worden in een aantal jaren afgeschreven en dit leidt tot jaarlijkse kapitaallasten (rente + afschrijving) die in de exploitatie worden meegenomen. Voor een aantal investeringen geldt dat de kapitaallasten kunnen worden gedekt, ten laste van reserves, tarieven of anderszins. Eventuele dekking is bij de toelichting op de investering aangegeven.
63
Bestuur en organisatie Rijlabels
2024
2025
2026
2027
Incidenteel
-1.888
-2.034 -4.279
-1.281
Beleidskeuze MJOP ICT 2024 - 2027
-263
-884
-553
-223
Aanvraag budget ten behoeve van de investeringen vanuit het MJOP ICT.
-263
-884
-553
-223
Inrichting nieuw gemeentehuis
-200
-250
-250
-
Voor de inrichting van het nieuwe gemeentehuis wordt een bedrag van €700.000 gevraagd. Basis hiervoor is de kostenraming die gemaakt is op basis van zoveel mogelijk hergebruik van het bestaande meubilair. Hierbij is rekening gehouden met reparatiekosten, refurbishment en nieuw aan te schaffen meubilair.
-200
-250
-250
-
-1.425
-900 -1.476
-1.058
De gemeente beschikt over diverse, openbareDekking) en niet openbare gebouwen. In de -1.425 begroting wordt voor deze gebouwen rekening gehouden met groot onderhoud. In het kort komt het er op neer dat er geen achterstallig onderhoud mag ontstaan. In 2022 heeft de gemeenteraad het "Beheerplan Vastgoed 2022" vastgesteld. Dit vormt de beleidskader voor het onderhoud aan het gemeentelijk vastgoed voor de komende jaren. In het raadsbesluit in november 2022 is reeds aangeven dat voor het verrichten van groot onderhoud aan de gemeentelijke vastgoedobjecten in 2024 € 1.425.000 nodig is.
-900 -1.476
-1.058
-
Noodzakelijk Groot onderhoud gemeentelijk vastgoedobject 2024
Vervangen wagenpark
-
- -2.000
Een groot deel van het bestaande wagenpark is in 2026 afgeschreven en aan vervanging toe.
-
- -2.000
-
-1.888
-2.034 -4.279
-1.281
Eindtotaal Bedragen x € 1.000
Veiligheid Voor dit programma zijn er geen aanvullende investeringen opgenomen.
Verkeer, vervoer en waterstaat Rijlabels
2024
2025
2026 2027
Incidenteel
-200
-800
-
-
Verkeersveiligheidsmaatregelen Veerweg Bergambacht
-200
-800
-
-
De N-208, lokaal bekend als de Veerweg in Bergambacht heeft in belangrijke mate betekenis als ontsluiting van de woonwijken aan de westzijde Bergambacht. De lokale functie zal door meerdere ontwikkelingen zoals de komst van maatschappelijke functies naar het gebied ten westen van de Veerweg (w.o. het gemeentehuis) gaan toenemen en daarmee ook kde behoefte om deze weg veilig te maken voor alle verkeersdeelnemers o.a. door het doorvoeren van een snelheidsbeperking. Om dit laatste prioriteit te kunnen geven is de Provincie gevraagd mee te werken aan een beheersoverdracht van de weg aan de gemeente die in 2023 moet leiden tot besluiten.
-200
-800
-
-
IBOR investeringen 2024
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
Bedragen volgen bij de begroting. Per saldo budgettair neutraal, de bedragen worden gedekt vanuit de voorziening IBOR.
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
Eindtotaal
-200
-800
-
-
Beleidskeuze
Noodzakelijk
Bedragen x € 1.000
64
Economie Voor dit programma zijn er geen aanvullende investeringen opgenomen.
Onderwijs, sport, cultuur en recreatie Rijlabels
2024
Incidenteel
-50
2025 2026 2027 -
-
-
Collegeprogramma
-50
-
-
-
Huisvestingsprogramma 2024
-50
-
-
-
Op basis van de verordening onderwijshuisvesting hebben scholen aanvragen ingediend voor het huisvestingsprogramma (HVP) 2024, betreft herstel constructiefout.
-50
-
-
-
Eindtotaal
-50
-
-
-
Bedragen x € 1.000
Sociaal domein Voor dit programma zijn er geen aanvullende investeringen opgenomen.
Volksgezondheid en milieu Rijlabels
2024
2025 2026 2027
Incidenteel
P.M.
P.M. P.M.
P.M.
Noodzakelijk
P.M.
P.M. P.M.
P.M.
VGRP investeringen 2024
P.M.
P.M. P.M.
P.M.
Bedragen volgen bij de begroting. Per saldo budgettair neutraal, de bedragen worden gedekt vanuit de tarieven rioolheffing.
P.M.
P.M. P.M.
P.M.
Eindtotaal
P.M.
P.M. P.M.
P.M.
Bedragen x € 1.000
Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Voor dit programma zijn er geen aanvullende investeringen opgenomen.
65
Bijlage 2 - Nieuw beleid naar categorie In deze bijlage zijn alle nieuwe aanvragen uit deze kadernota nogmaals opgenomen. Ditmaal zijn ze overzichtelijk gesplitst naar de 3 categorieën: Collegeprogramma, Noodzakelijk en Beleidskeuze. Per categorie is een tabel opgenomen. Binnen deze tabellen is onderscheid gemaakt in exploitatie (incidenteel en structureel) en investering. Collegeprogramma Rijlabels
2024
2025
2026
2027
Collegeprogramma
-400
-352
-52
-52
Exploitatie
-350
-352
-52
-52
Incidenteel
-300
-300
-
-
Inhuur t.b.v. realisatie wonen en bedrijventerreinen
-300
-300
-
-
Structureel
-50
-52
-52
-52
Herijking minimabeleid
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
Toevoegen recreatieve voorzieningen buitengebied
-50
-50
-50
-50
0
-2
-2
-2
Investering
-50
-
-
-
Incidenteel
-50
-
-
-
Huisvestingsprogramma 2024
-50
-
-
-
Eindtotaal
-400
-352
-52
-52
Huisvestingsprogramma 2024 (afschrijving)
Bedragen x € 1.000
66
Noodzakelijk Rijlabels
2024
2025
2026
2027
Noodzakelijk
-1.318
-2.486
-5.770
-3.507
Exploitatie
107
-1.586
-2.294
-2.449
Incidenteel
-38
-38
-38
-19
Tijdelijke locatie bibliotheek Bergambacht
-38
-38
-38
-19
Structureel
145
-1.548
-2.256
-2.430
Decentralisatie Beschermd Wonen
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
Subsidiejaarplan 2024 indexering
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
94
-1.653
-2.439
-2.747
Rente leningen Bijdragen gemeenschappelijke regelingen
-822
-768
-690
-556
Algemene uitkering
4.800
4.800
4.800
4.800
Cao-gevolgen
-2.000
-2.000
-2.000
-2.000
Indexering lasten
-2.200
-2.200
-2.200
-2.200
Indexering baten
800
800
800
800
Informatiebeleid en -veiligheid
-154
-154
-154
-154
Formatie statushouders
-92
-92
-92
-92
Verstevigen regionale werkorganisatie (RWO)
-270
-270
-270
-270
Vervanging verouderde en vervuilende voertuigen (afschrijving)
-11
-11
-11
-11
Investering
-1.425
-900
-3.476
-1.058
Incidenteel
-1.425
-900
-3.476
-1.058
IBOR investeringen 2024
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
VGRP investeringen 2024
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
-1.425
-900
-1.476
-1.058
-
-
-2.000
-
-1.318
-2.486
-5.770
-3.507
Groot onderhoud gemeentelijk vastgoedobject 2024 Vervangen wagenpark Eindtotaal Bedragen x € 1.000
67
Beleidskeuze Rijlabels
2024
2025
2026
2027
Beleidskeuze
-2.786
-4.703
-3.417
-3.304
Exploitatie
-2.123
-2.769
-2.614
-3.081
Structureel
-2.123
-2.769
-2.614
-3.081
-131
-131
-131
-131
-
-
-
-
-20
-357
-357
-964
Inrichting nieuw gemeentehuis (afschrijving)
-
-25
-45
-70
MJOP ICT 2024 - 2027 (afschrijving)
-
-
-
-
Verkeersveiligheidsmaatregelen Veerweg Bergambacht (afschrijving)
-
-5
-25
-25
Subsidieplafond 2024 - beleidsaanpassing 2 FTE Programma Riolering en Klimaatadaptatie Afschrijvingslasten grote projecten
Indexering subsidieplafonds
-
-205
-205
-205
-1.069
-1.143
-978
-813
VTH administratieve ondersteuning
-123
-123
-123
-123
Inventaris werkplekken
-150
-150
-150
-150
Opslag overhead
-630
-630
-600
-600
Investering
-663
-1.934
-803
-223
Incidenteel
-663
-1.934
-803
-223
Verkeersveiligheidsmaatregelen Veerweg Bergambacht
-200
-800
-
-
MJOP ICT 2024 - 2027
-263
-884
-553
-223
Toegang Sociaal Domein
Inrichting nieuw gemeentehuis Eindtotaal Bedragen x € 1.000
68
-200
-250
-250
-
-2.786
-4.703
-3.417
-3.304