Kadernota 2024.pdf
Tekst van het document
Kadernota 2024
Zaaknummer: 19311081667
Behorend bij raadsbesluit nr: 1108895
2
Documentnummer: 1110772
INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding ..................................................................................................................................................... 5 1.1 Incidentele dekking ten laste van reserves ................................................................................ 7 1.2 Opbouw kadernota ..................................................................................................................... 7 2. Vertrekpunt meerjarenbegroting 2024-2027 ............................................................................................. 8 2.1 Saldo vertrekpunt kaders 2024 .................................................................................................. 8 2.2 Aanpassingen ............................................................................................................................. 9 2.3 Algemene dekkingsmiddelen ................................................................................................... 10 2.4 Risicobeheersing ...................................................................................................................... 12 3. Aanpassingen meerjarenbegroting 2024-2027 .......................................................................................
13 3.1 Bestuur en ondersteuning ........................................................................................................ 13 3.2 Veiligheid .................................................................................................................................. 18 3.3 Verkeer, vervoer en waterstaat ................................................................................................ 20 3.4 Economie .................................................................................................................................. 22 3.5 Onderwijs, sport, cultuur en recratie......................................................................................... 26 3.6 Sociaal domein ......................................................................................................................... 31 3.7 Volksgezondheid en milieu ....................................................................................................... 38 3.8 Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing ...................................................... 42 4. Indeling begroting ....................................................................................................................................
47 4.1 Taakvelden ............................................................................................................................... 47 4.2 Paragrafen ................................................................................................................................ 47 5 Kaders voor de begroting 2024 ................................................................................................................ 48 5.1 Financieel toezicht .................................................................................................................... 48 5.2 Uitgaven ................................................................................................................................... 48 5.3 Inkomsten ................................................................................................................................. 49 5.4 Personele lasten ....................................................................................................................... 49 5.5 Investeringen ............................................................................................................................ 50 5.6 Verbonden partijen ...................................................................................................................
53 5.7 Financiering .............................................................................................................................. 53 5.8 Subsidies .................................................................................................................................. 54 5.9 Omgevingswet .......................................................................................................................... 55 6. Lokale heffingen ...................................................................................................................................... 56 6.1 Onroerende-zaakbelastingen (OZB) en overige ongebonden heffingen ................................. 56 6.2 Gebonden heffingen ................................................................................................................. 56 6.3 Ondernemersfondsen ............................................................................................................... 57 6.4 Overzicht lokale lastendruk ...................................................................................................... 57 3
Bijlagen ........................................................................................................................................................ 58 Bijlage 1 - Toelichting op nieuw beleid ........................................................................................... 58 1.1 Exploitatie .................................................................................................................... 58 1.2 Investeringen ............................................................................................................... 63 Bijlage 2 - Nieuw beleid naar categorie .......................................................................................... 66
4
1. INLEIDING “Het college biedt de raad een nota aan met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenbegroting op een zodanig tijdstip, dat deze nota voor het zomerreces vastgesteld kan worden” (artikel 4 - Financiële verordening gemeente Krimpenerwaard 2022). Met het vaststellen van deze “kaders 2024” geeft de gemeenteraad richting mee aan het college voor het opstellen van de meerjarenbegroting 2024-2027. De laatste jaren verschuift de rol van de kadernota binnen de planning & controlcyclus van onze gemeente; ze neemt een steeds prominentere plaats in. Meer dan in het verleden het geval was, maakt de gemeenteraad bij de behandeling van de kadernota keuzes over de inzet van de beperkt beschikbare middelen voor de komende jaren. Dit maakt het nodig om al bij het behandelen van de kadernota een zo reëel en compleet mogelijk beeld te hebben van de ontwikkelingen en onderwerpen die we voor 2024 voorzien en de financiële gevolgen die daar voor onze gemeente mee zijn gemoeid zijn. U zult begrijpen dat dit gezien het grote aantal ontwikkelingen en onzekerheden waar wij, net als alle andere gemeenten in Nederland, op dit moment mee te maken hebben geen eenvoudige opgave is.
Toch zijn wij ervan overtuigd dat wij u met deze kadernota een document aanbieden dat een goede basis en inzicht geeft om uw richting en keuzes voor 2024 op te kunnen baseren. Ontwikkelingen Het beleid en de financiën van gemeenten worden beïnvloed door constant veranderende maatschappelijke ontwikkelingen. In het bijzonder de oorlog in Oekraïne heeft impact. Het leidt tot een vluchtelingenstroom en de uitdaging voor gemeenten om voor voldoende opvang te zorgen. Ook heeft de oorlog impact op de economie. Denk aan de gestegen energiekosten als een aanjager van de inflatie en schaarste van materiaal waardoor projecten vertraging oplopen. Daarnaast laat de coronacrisis nog haar sporen na. Als laatste noemen we de krapte op de arbeidsmarkt, welke impact heeft op de arbeidsmarkt in het algemeen en op onze organisatie in het bijzonder. Naast de maatschappelijke en economische onzekerheden zijn het ook op financieel gebied ongewisse tijden voor gemeenten. Eind 2021 is bij het vaststellen van het nieuwe coalitieakkoord Rutte IV "Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst" besloten na 2025 een nieuwe financieringssystematiek te ontwikkelen voor de lagere overheden. Hierbij wordt een eventuele mogelijkheid voor de uitbreiding van het lokaal belastinggebied betrokken. Op dit moment is nog niet bekend hoe de nieuwe financieringssystematiek eruit gaat zien.
Het voornemen van het kabinet is om voor de zomer van 2023 een uitvoeringsplan met tijdpad naar de Kamer te sturen. de VNG zet namens de gemeenten in op voorwaarden rondom verruiming belastinggebied op basis van een advies van de commissie Financiële ruimte. Het Rijk heeft al voorgesorteerd op de nieuwe financieringssystematiek door de algemene uitkering met ingang van 2026 te verlagen. In de septembercirculaire heeft het Rijk voor 2026 eenmalig € 1 miljard extra beschikbaar gesteld om de verlaging van de algemene uitkering gedeeltelijk te compenseren. Het accres wordt vanaf 2026 enkel aangepast voor de loon- en prijsontwikkelingen. Vertrekpunt en aanpassingen De basis voor deze kaders wordt gevormd door de op 8 november 2022 vastgestelde begroting 2023 met de meerjarenraming. Deze begroting is structureel sluitend, waarbij vanaf de jaarschijf 2026 wel sprake is van een negatief saldo. Voor deze kadernota betekent dit dat de jaarschijven 2024 en 2025 een positief en de jaren 2026 en 2027 een negatief saldo als vertrekpunt hebben. Vanuit dit vertrekpunt is geïnventariseerd op welke onderdelen bijstelling nodig is, waar we verwachten dat inkomsten en uitgaven gaan veranderen en welke investeringen op ons afkomen. De aanvragen zijn ingedeeld in de volgende categorieën: 1. Collegeprogramma : betreft invulling en uitwerking van de beleidsspeerpunten uit het Collegeprogramma 2.
Noodzakelijk : betreft aanpassingen op basis van wettelijke voorschriften, reeds aangegane verplichtingen en/of reeds genomen besluiten. Dit kan zowel bestaand als nieuw beleid betreffen. 3. Beleidskeuze : betreft aanvragen die niet onder de andere categorieën vallen.
5
Door de hele kadernota heen zijn de aanvragen telkens met bovenstaande kleuren weergegeven, zodat duidelijk is tot welke categorie ze behoren. In bijlage 2 is een overzicht van alle aanvragen per categorie opgenomen. Ook de investeringen voor de komende jaren zijn op basis van dezelfde hiervoor genoemde driedeling opgenomen in de kadernota. De hieruit voortvloeiende lasten in verband met rente en afschrijving (kapitaallasten) zijn ook verwerkt, voor zover deze van invloed zijn op het saldo van de exploitatie. Voor een aantal investeringen geldt dat het investeringen betreft die ten laste worden gebracht van voorzieningen of worden gedekt door tarieven. De structurele effecten vanuit de jaarrekening 2022 zijn, voor wat betreft de kapitaallasten (= rente en afschrijving), in lijn met voorgaande jaren, nu nog niet meegenomen. Zodra de jaarrekening 2022 door uw raad is vastgesteld, worden de kapitaallasten geactualiseerd en rechtstreeks verwerkt in de 2e tussentijdse rapportage 2023. Naast de saldi uit de meerjarenraming van de begroting 2023, zijn ook de financiële effecten uit de 1e tussentijdse rapportage 2023 meegenomen. Deze laat in alle jaarschijven vanaf 2024 een negatief saldo zien. Dit heeft verschillende oorzaken.
Ten eerste leiden de lagere uitkeringen uit het gemeentefonds, vanuit de september- en decembercirculaire 2022 tot een nadeel in de 1e tussentijdse rapportage 2023. Ten tweede zien we dat verschillende ontwikkelingen vragen om inzet van structurele capaciteit en daarmee van structureel hogere lasten. Tenslotte is sprake van een aantal relatief kleinere aanpassingen en aanvragen die per saldo tot hogere lasten leiden. Al deze mutaties samen maken dat in de rapportage sprake is van een structureel nadelig saldo. Tezamen met de andere bouwstenen van deze kadernota leidt dat tot het onderstaande meerjarige beeld. Om u zo goed mogelijk in staat te stellen om bij de kadernota afwegingen te maken en prioriteiten te stellen is het nodig dat de kadernota een zo reëel mogelijk financieel beeld geeft richting het opstellen van de begroting 2024. Daarom is, vooruitlopend op de nog te verschijnen meicirculaire 2023, ook een voorzichtige inschatting meegenomen van de gevolgen van deze circulaire. Zowel aan de baten- als aan de lastenkant. Omschrijving
2024
2025
2026
2027
Structureel saldo meerjarenbegroting 2023
2.293
4.155 -4.767
-4.767
Amendementen
-10
-10
-10
-10
Correcties incidentele lasten en baten
-195
50
431
431
-
-
-
-
4.195 -4.346
-4.346
Begrotingswijzigingen 2023 Structureel saldo meerjarenbegroting 2023 na wijzigingen
2.088
Structureel saldo 1e Tussentijdse rapportage 2023
-2.159 -2.919
-494
-494
-70
1.276 -4.839
-4.839
Collegeprogramma
-350
-352
-52
-52
Noodzakelijk
107 -1.586 -2.294
-2.449
Beleidskeuze
-2.123 -2.769 -2.614
-3.081
Totaal aanpassingen kadernota
-2.366 -4.707 -4.960
-5.582
Structureel saldo kaders
-2.436 -3.431 -9.799
-10.421
Saldo meerjarenbegroting 2023 na 1e Tussentijdse rapportage Aanpassingen beleid:
Bedragen x € 1.000
Zoals uit het voorgaande wel blijkt geven de meerjarige saldi zoals gepresenteerd in deze kadernota nog geen zekerheid ten aanzien van het uiteindelijke saldo van de meerjarenbegroting 2024-2027. Het is op basis van de op dit moment bekende gegevens een reële inschatting Richting de begrotingsbehandeling in november worden de nu gepresenteerde saldi verder uitgewerkt en geactualiseerd.
6
1.1 Incidentele dekking ten laste van reserves De afgelopen jaren is de beleidslijn gehanteerd dat alle incidentele lasten worden gedekt uit hiervoor beschikbare bestemmingsreserves of de algemene reserve vrij vermogen. Deze lijn sluit niet helemaal meer aan op de landelijke regelgeving ten aanzien van het omgaan met incidentele lasten en baten. Niet de periode van de lasten of baten is leidend, maar de aard. Dit betekent dat per betreffende last/baat een nadere analyse nodig is van de aard van de post om te bepalen of deze in de aard wel of niet incidenteel is. Om geen onterecht positief beeld te geven van het nu verwachte structurele saldo voor 2024 en verder dekken we daarom vooralsnog geen incidentele lasten uit een reserve. Indien daar aanleiding toe is zullen we dit in de begroting alsnog aanpassen.
1.2 Opbouw kadernota Voor de opzet van de kadernota 2024 is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij voorgaande kadernota’s. Eerst laat hoofdstuk 2 de financiële opbouw van het saldo van deze kadernota zien. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de aanpassingen op de meerjarenbegroting en de gevolgen die deze hebben. Dit betreft zowel beleidsmatige als financiële aanpassingen. Hoofdstuk 4 gaat in op de indeling van de begroting. Vervolgens worden in hoofdstuk 5 de bij het opstellen van de meerjarenraming 2024 te hanteren kaders en aandachtspunten toegelicht. Deze vinden hun oorsprong zowel in door externe partijen opgelegde regels als in interne, door ons zelf opgelegde, criteria. Tenslotte wordt in hoofdstuk 6 ingegaan op de lokale heffingen. Daarna volgt nog een aantal bijlagen.
7
2. VERTREKPUNT MEERJARENBEGROTING 2024-2027 2.1 Saldo vertrekpunt kaders 2024 De voorliggende Kadernota 2024 brengt in beeld welke ontwikkelingen en voorstellen van invloed zijn op de nog op te stellen begroting 2024-2027. Het vertrekpunt voor het opstellen van de begroting 2024 is de jaarschijf 2024 uit de meerjarenbegroting 2023. In deze jaarschijf is, net als in de jaarschijf 2025, sprake van een positief saldo. Zoals eerder toegelicht, worden wij vanaf 2026, net als alle gemeenten, geconfronteerd met een forse daling van de uitkering uit het gemeentefonds. Vanaf dat moment is sprake van het spreekwoordelijke "ravijn" en laat de begroting een tekort zien. Daarnaast leiden meerdere grote opgaven en onzekerheden ertoe dat het meerjarige beeld de nodige financiële uitdagingen met zich meebrengt. Voor deze kadernota betekent dit dat de jaarschijven 2026 en 2027 een negatief saldo als vertrekpunt hebben. Ten opzichte van de saldi uit de meerjarenbegroting 2023-2026 is er vervolgens een aantal mutaties die leiden tot een bijgesteld structureel saldo voor de jaren 2024-2027. Deze mutaties betreffen ten eerste de correcties in verband met dekking van incidentele lasten en baten, zoals hiervoor toegelicht bij 1.1. Ten tweede zijn er de structurele effecten uit de 1e Tussentijdse rapportage 2023. In onderstaand overzicht zijn deze mutaties en de structurele saldi weergegeven.
Jaarschijf
2024
2025
2026
2027
Structurele ruimte
2.293
4.155
-4.767
-4.767
Amendement A22-023 toeristenbelasting
-8
-8
-8
-8
Amendement A22-030 marktgelden
-2
-2
-2
-2
2.283
4.145
-4.777
-4.777
-195
50
431
431
-
-
-
-
2.088
4.195
-4.346
-4.346
-2.159
-2.919
-494
-494
-70
1.276
-4.839
-4.839
Saldo meerjarenbegroting 2023 Mutaties begroting Correcties incidentele lasten en baten Begrotingswijzigingen 2023 Structureel saldo meerjarenbegroting 2023 na wijzigingen 1e Tussentijdse rapportage 2023 Saldo 1e tussentijdse rapportage 2023 Structureel saldo begroting 2024 - 2027 Bedragen x € 1.000
2.1.1 Prijsontwikkeling Als gevolg van meerdere factoren zien we de prijzen van nagenoeg alle producten en diensten de afgelopen jaren flink stijgen (=inflatie). Tijdens de coronacrisis in 2020 kwam de economie tot stilstand. Toen de economie daarna weer opstartte en de vraag naar allerlei producten en diensten toenam, konden bedrijven niet snel genoeg aan materialen en mensen komen om die te kunnen leveren. Daardoor ontstond een groot tekort aan producten en diensten. Vervolgens zorgde de oorlog in Oekraïne voor nog meer tekorten, vooral aan gas, olie en bepaalde soorten voedsel. Door zowel de nasleep van corona als de oorlog was de vraag naar veel producten en diensten groter dan het aanbod. Dit drijft de prijzen verder op. In de begroting voor 2023 is op basis van de meicirculaire 2022 gerekend met een inflatiecorrectie van 3%, wat neerkomt op een bedrag van bijna € 2,2 miljoen. Zoals inmiddels bekend, is de werkelijke inflatie over 2023 tot nu toe hoger. De verwachting is vooralsnog dan ook dat we in de meicirculaire 2023, net als vorig jaar, hiervoor voor een deel worden gecompenseerd. In de meicirculaire 2023 wordt het voor de begroting van 2024 te hanteren percentage voor prijsstijgingen bekend. De gestegen prijzen raken de exploitatielasten van de hele gemeentelijke begroting.
In de kadernota 2023 is hier uitgebreid toegelicht dat dit onder andere energielasten, ICT-middelen en exploitatielaten voor de buitenruimte betreft. Maar ook diverse gestarte en voorgenomen investeringen worden geraakt door de
8
gestegen prijzen. Ditzelfde geldt ook voor de uitvoering van diverse beheerplannen zoals IBOR, vGRP en Gebouwen. De prijsstijgingen werken ook door in de ontwikkeling van lonen en van de rente. Loonontwikkeling Werknemers willen gecompenseerd worden voor het verlies in koopkracht. Vakbonden zijn daarom hogere looneisen gaan stellen en er worden cao's afgesloten met hogere lonen. Ook de krapte op de arbeidsmarkt leidt tot stijgende lonen. Bij 5.4 Salarisontwikkelingen is de verwachte cao-ontwikkeling voor 2024 opgenomen. Ontwikkeling rente De Europese Centrale Bank (ECB) probeert de inflatie omlaag te krijgen door middel van haar rentebeleid. In dit geval door rente als rempedaal van de economie in te zetten. De inflatie is (te) hoog en dat blijft voorlopig zo. Daarom wil de ECB de vraag afremmen met een hogere rente. De ECB heeft de beleidsrente in 2022 al drie keer verhoogd. In 2023 is de ECB doorgegaan met het verhogen van de rente. Gevolg hiervan is dat het duurder wordt om geld te lenen, ook voor onze gemeente. Dit zien we dan ook terug in de cijfers in deze kadernota.
2.2 Aanpassingen Ten opzichte van de begroting 2023 is sprake van een aantal aanpassingen. Dit betreft zowel exploitatie als investeringen. In het onderstaande worden de totalen per jaarschijf gepresenteerd. Een nadere toelichting op de individuele posten is opgenomen in bijlage 1. 2.2.1 Exploitatie Onderstaand is eerst een totaaloverzicht opgenomen van de lasten en dekking per programma. Lasten Bestuur en ondersteuning Veiligheid Verkeer, vervoer en waterstaat Economie Onderwijs, sport, cultuur en recreatie
2024
2025
2026
2027
-2.546
-4.952
-5.385
-6.439
-282
-2.402
-3.280
-4.518
-
-
-
-
-11
-16
-36
-36
-
-
-
-
-88
-90
-90
-71
-1.562
-1.841
-1.676
-1.511
Volksgezondheid en milieu
-180
-180
-180
-180
Volkshuisvesting, leefbaarheid en stedelijke vernieuwing
-423
-423
-123
-123
Dekking
180
245
425
857
0
65
245
677
Sociaal Domein
Bestuur en ondersteuning Volksgezondheid en milieu Eindtotaal
180
180
180
180
-2.366
-4.707
-4.960
-5.582
Bedragen x € 1.000
2.2.2 Investeringen Onderstaand is per programma een overzicht opgenomen van het totaal van de investeringen per programma. Het betreft zowel nieuwe als vervangingsinvesteringen. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten zijn, voor zover van toepassing, verwerkt binnen onderdeel 2.2.1. Exploitatie.
9
Investering
2024
2025
2026
2027
Incidenteel Bestuur en ondersteuning
-9.482 -1.888 -2.034 -4.279 -1.281
Veiligheid Verkeer, vervoer en waterstaat
-
-
-
-
-
-1.000
-200
-800
-
-
-
-
-
-
-
-50
-50
-
-
-
Economie Onderwijs, sport, cultuur en recreatie Sociaal Domein Volksgezondheid en milieu
-
-
-
-
-
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
-
-
-
-
-
Volkshuisvesting, leefbaarheid en stedelijke vernieuwing Eindtotaal
-10.532 -2.138 -2.834 -4.279 -1.281
Bedragen x € 1.000
2.3 Algemene dekkingsmiddelen Dekking van uitgaven kan op verschillende manieren plaatsvinden. Incidentele lasten kunnen incidenteel worden gedekt uit reserves of incidentele baten. Structurele lasten worden gedekt door structurele baten, tenzij expliciet anders vermeld. Voor uitgaven die betrekking hebben op periodiek onderhoud aan onze kapitaalgoederen (onder andere wegen, gebouwen en openbare verlichting) wordt jaarlijks ‘gespaard’ door toevoeging van een bedrag aan de betreffende voorziening. In de begroting presenteren wij u een volledig overzicht van de uitgaven, inkomsten en dekking, waarbij wordt ingegaan op het structurele of incidentele karakter ervan. Het belangrijkste onderdeel van de dekking van de uitgaven zijn de algemene uitkering en de opbrengst van gemeentelijke belastingen. 2.3.1 Algemene uitkering Volgens de provinciale kaders moet in de begroting 2024 minimaal uitgegaan worden van de in de meicirculaire 2023 gepresenteerde gegevens. Deze circulaire verschijnt over het algemeen pas eind mei of begin juni, waardoor het niet meer mogelijk is om de hierin opgenomen gegevens nog in deze kadernota te kunnen presenteren. U wordt daarom afzonderlijk over de meerjarige gevolgen van deze circulaire geïnformeerd, zodat u deze wel kunt betrekken bij de beraadslagingen over deze kadernota.
Uiteraard worden de uitkomsten wel meegenomen bij het opstellen van de begroting 2024. Onderstaand kort een toelichting op een aantal onderdelen die nader worden uitgewerkt in de komende circulaires. Vooraankondiging extra prijsbijstelling Het kabinet heeft in de Najaarsnota 2022 aangekondigd een extra prijsbijstelling over 2022 uit te keren in verband met de uitzonderlijke prijsstijgingen voor 2022. Het gaat om circa € 300 miljoen per jaar tot en met 2025 en circa € 400 miljoen vanaf 2026. De definitieve bedragen volgen bij de Voorjaarsnota 2023 en de verdeling wordt in de meicirculaire 2023 bekend. Tot die tijd blijft het onzeker of de gemeenten achteraf het hogere accres voor loon- en prijsontwikkeling van uitkeringsjaar 2022 krijgen. Daarnaast heeft het Centraal Planbureau (CPB) op 9 maart 2023 het Centraal Economisch Plan (CEP) 2023 gepubliceerd. Het CPB raamt in het CEP 2023 een hogere loonstijging en een hogere prijsstijging voor consumptie en investeringen. Op basis van het voorgaande hebben we een voorzichtige inschatting gemaakt voor de compensatie achteraf voor de hogere loon- en prijsontwikkeling van uitkeringsjaar 2022 en het verwachte accres voor loon- en prijsontwikkeling voor de jaren 2023 tot en met 2027. Voor onze gemeente betekent dit een structurele aanpassing van ca. € 4,8 miljoen.
Vooruitlopend op de komende meicirculaire is deze aanpassing al meegenomen in deze kadernota. Er is nog geen rekening gehouden met de uitkomsten van de inmiddels verschenen Voorjaarsnota 2023 van het Rijk, waarin naast volume-indexatie sprake is van een structurele toevoeging aan het Gemeentefonds van € 1 miljard vanaf 2027. Ravijnjaar vanaf 2026 De algemene uitkering uit het gemeentefonds laat in de jaren tot en met 2025 een flinke stijging zien ten
10
opzichte van eerdere jaren. Deze stijging is het gevolg van de stijgende rijksuitgaven in verband met de grote maatschappelijke opgaven en (gedeeltelijke) compensatie voor gestegen lonen en prijzen. Anders ligt het voor de jaren vanaf 2026. Op de lange termijn zijn er namelijk wel degelijk zorgen. Zo is de opschalingskorting voor 2026 nog steeds van kracht, ligt de compensatie voor de jeugdzorg in 2026 weer onder het niveau van 2021 (en blijven de kosten stijgen) en groeit het accres vanaf dat jaar niet meer mee met de omvang van de Rijksuitgaven. Daarnaast drukken de hoge inflatie en de krapte op de arbeidsmarkt hun stempel op de gemeentebegroting.
Er is nog geen duidelijkheid over de financiering van gemeenten na 2025. Ondanks de toezegging van € 1 miljard in 2026 wacht er zonder ingrijpen nog steeds een forse terugval in inkomsten. Zeker omdat gemeenten jaarlijks een sluitende vierjarige meerjarenbegroting moeten indienen, hangt 2027 als een zwaard van Damocles boven de begroting van 2024, die dit jaar wordt opgesteld. Het ravijn waar de VNG steevast voor waarschuwt, is dus niet verdwenen, maar hooguit een jaar naar achteren geschoven. Financieringssystematiek medeoverheden Met de koepels (VNG, IPO en Unie van Waterschappen) wordt in een gezamenlijk proces met een onafhankelijk begeleider gewerkt om te komen tot een nieuwe financieringssystematiek voor 2026 en verder. Daarbij wordt ook gekeken naar de zorg die gemeenten en provincies ervaren over hun financiën in 2026 en verder. De opdracht is om te komen tot een analyse van de financiële gevolgen van het Coalitieakkoord voor gemeenten en provincies. Daarnaast zal naar oplossingen gezocht worden voor de korte en lange termijn. BTW compensatiefonds Er is een directe financiële koppeling tussen het BCF en het Gemeentefonds. Het is aan de gemeenten zelf om een reële meerjarenraming voor het BCF op te nemen. Hierbij geldt dat de realisatie 2022, zoals deze is opgenomen in de circulaire 2023, uitgangspunt is voor de raming.
Voor alle genoemde onderwerpen geldt dat de financiële gevolgen voor onze gemeente nog niet duidelijk zijn. Zodra er meer duidelijkheid is, nemen we dit mee bij het opstellen van de P&C documenten. 2.3.2 Ombuigingen Indien er binnen een jaarschijf sprake is van een financieel tekort als gevolg van nieuw beleid en/of investeringen, dan wordt een oplossingsrichting gehanteerd waarbij het uitgangspunt is dat ruimte wordt 11
gezocht binnen de bestaande begroting of nieuwe inkomsten. Wanneer dit niet mogelijk blijkt, wordt bij de begroting 2024-2027 een voorstel gedaan om een structureel sluitende meerjarenbegroting vast te kunnen stellen. Dit binnen de kaders van ons eigen financieel beleid en de vereisten van de toezichthouder. Zoals ook besproken met de Auditcommissie zal, indien de meerjarencijfers uit de begroting 2024 daar aanleiding toe geven, richting de kadernota 2025 tijdig een traject worden gestart om ook bij de meerjarenbegroting 2025-2028 een structureel sluitende begroting te kunnen presenteren.
2.4 Risicobeheersing Op 1 november 2016 is de nota Risicomanagement vastgesteld door de gemeenteraad. In deze nota is bepaald dat er twee keer per jaar een volledige actualisatie van de risico’s wordt gedaan. Bij deze inventarisatie worden risico’s in beeld gebracht en zo mogelijk worden beheersmaatregelen geïmplementeerd. Begin 2023 is een volledig nieuwe risico-inventarisatie uitgevoerd. De uitkomsten zijn opgenomen in de jaarrekening 2022. Voor de begroting 2024 vindt opnieuw een actualisatie plaats. 2.4.1 Gevolgen coronacrisis In de begrotingen 2021, 2022 en 2023 hebben wij een aparte paragraaf COVID-19 uitgewerkt. We zien echter dat de inspanningen niet altijd meer specifiek toe te wijzen zijn aan (de gevolgen van) corona, maar onderdeel zijn geworden van onze “reguliere” werkzaamheden. Vanaf 2024 zal er dan ook geen paragraaf COVID-19 meer opgenomen worden in de P&C-documenten. 2.4.2 Gevolgen Oekraïnecrisis Nog steeds woedt de oorlog in Oekraïne voort. We zien dan ook nog steeds Oekraïense vluchtelingen instromen in de gemeentelijke opvang. Vanuit zowel de particuliere als ook de gemeentelijke opvang zijn de signalen over de opvang positief en er is een overzichtelijke en duidelijke organisatie opgericht om de instroom, huisvesting en begeleiding van de Oekraïense vluchtelingen vorm te geven.
Dit vraagt echter nog dagelijks een behoorlijke inspanning van het ambtelijk apparaat. De lange termijn impact van deze vluchtelingenstroom blijft ook, zolang de oorlog voortduurt, ongewis. Recente peilingen onder de Oekraïense vluchtelingen geven wel een indicatie dat een steeds grotere groep ook na afloop van de oorlog het liefst in Nederland zou willen blijven. Men heeft hier inmiddels ook een leven opgebouwd met werk, school voor de kinderen en een eigen sociaal netwerk. De mogelijke impact hiervan op de voorzieningen in bijvoorbeeld het sociaal domein of de woningmarkt zijn nu nog onzeker. Tot op heden kunnen we wel stellen dat de Rijksoverheid ons conform belofte compenseert voor geleverde inspanningen om de opvang te realiseren en er daarmee geen directe druk op de begroting van de gemeente ontstaat. Voor de langere termijn is dit echter minder zeker. Naast de Oekraïense vluchtelingen is ook de druk op de reguliere asielvoorzieningen nog immer hoog. De aangekondigde spreidingswet asielzoekers zorgt nog voor veel discussie en er is dan ook nog geen overeenstemming over de daadwerkelijke invoering hiervan. Ook op dit onderwerp is het zeer lastig in te schatten welke consequenties dit zal hebben voor ons als gemeente. Via de tussentijdse rapportages en de periodieke raadsinformatiebrieven wordt u zo spoedig mogelijk over ontwikkelingen geïnformeerd.
Voor de begroting 2024 zullen op basis van de inzichten over 2022 en 2023 voorlopige budgetten opgenomen worden met betrekking tot onder meer de opvanglocaties.
12
3. AANPASSINGEN MEERJARENBEGROTING 2024-2027 In dit hoofdstuk worden per begrotingsprogramma de cijfermatige aanpassingen voor de jaarschijven 2023-2026 weergegeven. Voor ieder programma geldt dat in wordt gegaan op de volgende onderdelen. Eerst is er een korte beschrijving van de inhoud van het programma, conform de voorgaande begrotingen. Daaronder worden per programma kort de voorziene ontwikkelingen voor de komende periode weergegeven. Deze leiden in enkele gevallen nu al tot nieuwe aanvragen en/of bijstelling van beleid. Vervolgens is er per programma een overzicht opgenomen met daarin de financiële meerjarige gevolgen voor de exploitatie, inclusief kapitaallasten en, indien van toepassing, een overzicht met de meerjarige investeringen. Bij de gevolgen voor de exploitatie is een onderscheid gemaakt tussen lasten en dekking en tussen incidenteel en structureel. Tevens zijn de lasten, zoals reeds toegelicht in de inleiding, ingedeeld in 2 categorieën: noodzakelijk en beleidskeuze. Een nadere toelichting op de afzonderlijke posten is opgenomen in bijlage 1.
3.1 Bestuur en ondersteuning Dit programma behandelt de overkoepelende taakvelden van het bestuur, de ondersteuning daarvan door de gemeentelijke organisatie en de relatie tussen de burger en het bestuur van de gemeente Krimpenerwaard. Betrokken en betrouwbaar in dienstverlening staat hierin centraal. De gemeente Krimpenerwaard staat voor een inwonergedreven dienstverlening. Speerpunten zijn: de vraag van de inwoner is leidend, snel, digitaal waar het kan en op maat waar nodig of gewenst. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor burgerzaken, dienstverlening, bestuurlijke samenwerking en ondersteuning van het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad. Ontwikkelingen Algemene (landelijke/regionale) ontwikkelingen Op zowel ruimtelijk als sociaal gebied spelen verschillende ontwikkelingen. De nasleep van de coronapandemie met toenemende druk op de (jeugd)zorg en landelijke demografische veranderingen treffen ook de Krimpenerwaard. De toenemende vergrijzing en de komst van vluchtelingen vragen om weerbaarheid van onze inwoners en doen een beroep op de sterke sociale cohesie in de kernen. Tegelijkertijd staat de woningbouw onder druk vanwege de stikstofopgave en de ecologische opgaven voor ons gebied. Vanwege deze ontwikkelingen is het belangrijk om te investeren in de vitaliteit van de Krimpenerwaard en dit uit te dragen richting andere overheden.
Lokale ontwikkelingen Voor een vitale Krimpenerwaard is het van belang te investeren in vitale inwoners, vitale gemeenschappen en vitale kernen. Het moet goed wonen, werken en leven zijn in de Krimpenerwaard. Sociaal-maatschappelijke opgaven zoals een sterke sociale basis (informele netwerken en maatschappelijke voorzieningen), bestaanszekerheid en de gevolgen van vergrijzing (o.a. vraag/behoefte aan vrijwilligers en mantelzorgers, personeelstekorten) hangen samen met ruimtelijke opgaven als de woningnood, mobiliteit, de energie- en landbouwtransitie. Deze samenhang is zichtbaar in het toekomstperspectief dat we naar aanleiding van het collegeprogramma opstellen en motiveert de noodzaak voor een duurzame ontwikkeling. Dit toekomstperspectief doet een dringend appèl op andere overheden om hierin met ons mee te bewegen.
13
Beleidsspeerpunten X AMBITIE
Het is onze ambitie dat inwoners, ondernemingen en organisaties ook echt een verschil gaan merken in onze dienstverlening. We denken vanuit onze inwoners en streven naar meer nabijheid. We richten ons met name op zoveel mogelijk persoonlijk contact tussen bestuur, inwoners, organisaties en ondernemers. We zetten in op het eenvoudiger en sneller aanvragen van (digitale) producten en diensten.
ER-DOEL
We werken proactief aan een dienstverlening die meer op de vraag gericht is.
WE METEN
De klanttevredenheid via KlantinFocus. Algemene indicator is de driejaarlijkse burgerpeiling.
INSPANNINGEN 2024
We werken doorlopend aan een toegankelijke website voor iedereen. We gaan (nog) meer processen en formulieren ook digitaal aanbieden. We bekijken bij elke klacht wat we er van kunnen leren om onze dienstverlening te verbeteren.
INSPANNINGEN 2024 - 2027
Als de vraag naar onze dagelijkse dienstverlening toeneemt, zetten we meer mensen in op de uitvoering.
MIDDELEN 2024
-
X Burger- en overheidsparticipatie X AMBITIE
Betere en meer gedragen besluitvorming door burger- en overheidsparticipatie.
ER-DOEL
We betrekken inwoners en ondernemers meer en beter bij initiatieven.
WE METEN
Het al dan niet realiseren van het digitaal participatieplatform. Het aantal ontwikkelde participatie-instrumenten. Het aantal burger- en overheidsparticipatietrajecten per jaar via het platform.
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We implementeren burger- en overheidsparticipatie als vast onderdeel van beleid, initiatieven en projecten.
MIDDELEN 2024
-
Realisatie nieuw gemeentekantoor
14
X AMBITIE
Het realiseren van een nieuwe huisvesting voor de gemeentelijke organisatie, gunstig gelegen en goed bereikbaar voor alle inwoners van de Krimpenerwaard.
ER-DOEL
We starten uiterlijk 2024 (onder voorbehoud van bezwaar en beroep) met de bouw van een ‘Huis voor de gemeente’ als centrale werk- en ontmoetingsplek.
WE METEN
De realisatie van de nieuwe huisvesting waarbij we rekening houden met de vastgestelde uitgangspunten.
INSPANNINGEN 2024
Op 24 maart 2023 heeft de raad een krediet beschikbaar gesteld voor de realisatie en oplevering van een nieuw gemeentehuis. Na vaststelling van het bestemmingsplan en na het doorlopen van de naar verwachting nog komende beroepsprocedures zal worden gestart met de daadwerkelijke realisatie.
INSPANNINGEN 2024 - 2027
Realisatie en bouw van het nieuwe gemeentehuis.
MIDDELEN 2024
-
X Structureel sluitende begroting X AMBITIE
We maken continu de afweging tussen inzet om onze ambities te bereiken, uitvoering van wettelijke taken, redelijke lasten voor onze inwoners en een gezonde financiële positie. Bij eventuele bezuinigingsscenario’s zijn participatie en draagvlak van belang.
ER-DOEL
We blijven een financieel stabiele en gezonde gemeente.
WE METEN
Structurele exploitatieruimte =0% Netto schuldquote =100%
INSPANNINGEN 2024
Verbeteren informatie p&c-documenten door implementatie nieuw financieel pakket
INSPANNINGEN 2024 - 2027
Vanaf januari 2025 zal er gewerkt gaan worden met de nieuwe applicatie.
MIDDELEN 2024
De invloed op de prijsstelling is bij aanbesteding vooraf niet in te schatten. Als de prijsstelling bij gunning hoger is dan de huidige budgetten zal dat verwerkt worden in begroting 2024.
X Samenwerking met andere overheden X AMBITIE
De gemeente Krimpenerwaard werkt positief, vanuit een zelfbewustzijn en met oog voor eigen ambities, samen met andere overheden. Om zo doelen op het gebied van woningbouw en werkgebieden, de toekomst van het landelijk gebied, bereikbaarheid en gezamenlijke taken op het gebied van het sociaal domein dichterbij te brengen.
ER-DOEL
We bereiken meer samen met andere overheden.
WE METEN
-
INSPANNINGEN 2024
We (blijven) participeren in regionale samenwerking, lobbyen en proactief samen optrekken met andere overheden
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We (blijven) participeren in regionale samenwerking, lobbyen en proactief samen optrekken met andere overheden om voor nu en in de toekomst Krimpenerwaard vitaal te houden.
MIDDELEN 2024
-
15
X Aantrekkelijk werkgeverschap X AMBITIE
Door zich te profileren als een aantrekkelijk werkgever wil de gemeente Krimpenerwaard nu en in de toekomst goed personeel behouden en werven.
ER-DOEL
We zijn een aantrekkelijker werkgever.
WE METEN
De instroom, doorstroom en uitstroom van personeel. Medewerkerstevredenheid.
INSPANNINGEN 2024
De keuzes en projecten uit strategisch P&O plan (opgesteld in 2023) komen in 2024 tot uitvoering. Eventueel aanvullende middelen die hiervoor nodig zijn worden bij de begroting van 2024 meegenomen.
INSPANNINGEN 2024 - 2027
Verdere uitrol van onderdelen van strategisch P&O plan die een bijdrage leveren aan het aantrekkelijk werkgeverschap.
MIDDELEN 2024
-
16
Financieel overzicht EXPLOITATIE Rijlabels Structureel Beleidskeuze
2024 -282 -800
2025 -2.402 -1.227
2026 -3.280 -1.397
2027 -4.518 -2.198
Afschrijvingslasten grote projecten Inrichting nieuw gemeentehuis (afschrijving) Inventaris werkplekken MJOP ICT 2024 - 2027 (afschrijving) Opslag overhead Noodzakelijk Algemene uitkering Bijdragen gemeenschappelijke regelingen Cao-gevolgen Indexering baten Indexering lasten Informatiebeleid en -veiligheid Rente leningen Vervangen wagenpark (afschrijving) Eindtotaal Bedragen x € 1.000
-20 -150 -630 518 4.800 -822 -2.000 800 -2.200 -154 94 -282
-357 -25 -150 -65 -630 -1.175 4.800 -768 -2.000 800 -2.200 -154 -1.653 -2.402
-357 -45 -150 -245 -600 -1.883 4.800 -690 -2.000 800 -2.200 -154 -2.439 -3.280
-964 -70 -150 -414 -600 -2.320 4.800 -556 -2.000 800 -2.200 -154 -2.747 -263 -4.518
2024 0 0
2025 65 65 65
2026 245 245 245
2027 677 414 263 677
2024 -1.888 -463 -200 -263 -1.425 -1.425 -1.888
2025 -2.034 -1.134 -250 -884 -900 -900 -2.034
2026 -4.279 -803 -250 -553 -3.476 -1.476 -2.000 -4.279
2027 -1.281 -223 -223 -1.058 -1.058 0 -1.281
Dekking Rijlabels Structureel Bestemmingsreserve Exploitatie Eindtotaal Bedragen x € 1.000 INVESTERINGEN Rijlabels Incidenteel Beleidskeuze Inrichting nieuw gemeentehuis MJOP ICT 2024 - 2027 Noodzakelijk Groot onderhoud gemeentelijk vastgoedobject 2024 Vervangen wagenpark Eindtotaal Bedragen x € 1.000
17
3.2 Veiligheid Binnen dit programma staat de gemeente Krimpenerwaard samen met bewoners, bedrijven en partners voor een gemeente die veilig is en voelt op het gebied van wonen, werken en leven. In het veiligheidsdomein heeft de gemeente vooral een regierol; de gemeente kan het echter niet alleen. Naast de hulpverleningsorganisaties, zoals politie en brandweer, hebben bedrijven en inwoners ook een eigen verantwoordelijkheid. Daarnaast is de gemeente verantwoordelijk voor onder andere het organiseren van de crisisbeheersing. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor onder andere onze deelname aan de Veiligheidsregio Hollands Midden, handhaving APV en crisisbeheersing. Ontwikkelingen Algemene (landelijke/regionale) ontwikkelingen Binnen het veiligheidsveld zien wij dat de aanpak van ondermijning een steeds grotere plaats inneemt. Voorbeelden hiervan zijn witwassen, criminaliteit rondom verdovende middelen maar ook de aankoop van vastgoed en bedrijven met crimineel verkregen middelen. Een effectieve aanpak vraagt een georganiseerde overheid die alle middelen en instrumenten inzet die tot haar beschikking staan. Lokale ontwikkelingen Begroting Veiligheidsregio Binnenkort vindt besluitvorming plaats over het Regionaal Beleidsplan VRHM 2024-2027.
Direct noodzakelijke investeringen in het beleidsplan worden verwerkt in de meerjarenbegroting 2024-2027 van de VRHM en betekenen voor Krimpenerwaard in 2024 een nadeel van 158.000. Over overige investeringen uit het beleidsplan wordt besloten tijdens de behandeling van het beleidsplan in het tweede halfjaar 2023. Laatstgenoemde investeringen worden naar verwachting opgenomen in de meerjarenbegroting 2025-2028 van de VRHM. Daarnaast vindt er, naast de jaarlijkse indexering, een aanpassing van de gemeentelijke bijdrage plaats naar aanleiding van een nieuwe verdeling van het gemeentefonds (voordeel Krimpenerwaard € 211.000). Binnenkort volgt een extra ingelaste vergadering van het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio over bovengenoemde onderwerpen. Op basis hiervan wordt de definitieve begroting 2024-2027 vastgesteld. Ondermijning De komende jaren zetten wij in op het tegengaan en het aanpakken van ondermijnende criminaliteit. Vanaf 2023 is er structureel 1 fte beschikbaar om in te zetten op ondermijning. Een succesvolle aanpak vraagt veel inzet van capaciteit. Dat is ook aan de orde bij het team VTH. Voor ondermijningszaken werken de teams OOV en VTH samen in zowel de voorbereiding als in de afhandeling. Wanneer er meer wordt ingezet op ondermijning zal dit voor beide teams effect hebben op de capaciteit.
Voor een succesvolle afhandeling lijkt de capaciteit op dit moment onvoldoende.
18
Beleidsspeerpunten Ondermijning X AMBITIE
Wij borgen de structurele aanpak van ondermijnende criminaliteit.
ER-DOEL
We pakken ondermijning structureel beter aan.
WE METEN
Het percentage bestuurlijke rapportages, afkomstig van de politie, dat in behandeling wordt genomen.
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We nemen 100% van de bestuurlijke rapportages van de politie in behandeling. We brengen Meld Misdaad Anoniem meer onder de aandacht bij inwoners en bedrijven. We geven voorlichting aan collega’s over de verschillende onderwerpen op het gebied van ondermijning. Ook brengen we de aandachtsfunctionaris mensenhandel onder de aandacht.
Middelen 2024
-
X Betrekken van inwoners en bedrijven bij veiligheid X AMBITIE
Samen werken aan veiligheid met inwoners, bedrijven, organisaties en partners, waarbij de boa’s het visitekaartje zijn van de gemeente op het gebied van schoon, heel en veilig.
ER-DOEL
We nemen gezamenlijk meer verantwoordelijkheid voor veiligheid.
WE METEN
Groei aantal werkgroepen Samen Veilig Ondernemen (voorheen Keurmerk Veilig Ondernemen). Het aantal WhatsApp groepen Het aantal deelnemers aan burgernet
INSPANNINGEN 2024-2027
We onderzoeken per kern of het mogelijk is om een Werkgroep Samen Veilig Ondernemen op te richten. In 2023 starten we minimaal 1 nieuwe werkgroep. De boa’s werken projectmatig en kerngericht. Ook brengen zij veiligheid onder de aandacht op sociale media. We vragen blijvend aandacht voor WhatsAppbuurtpreventie, Burgernet, Meld Misdaad Anoniem en andere burgerparticipatiemogelijkheden op het gebied van veiligheid. We gebruiken daarvoor onze socialemediakanalen actiever.
Middelen 2024 X
-
Digitale veiligheid X AMBITIE
Vergroten van de bewustwording en weerbaarheid op het gebied van digitale veiligheid.
ER-DOEL
We vergroten de bewustwording en weerbaarheid op het gebied van digitale veiligheid.
WE METEN
Het aantal deelnemers aan het online spel HackShield.
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We hebben jaarlijks minimaal 3 activiteiten op het gebied van digitale veiligheid. Wij gaan door met het aanbieden van HackShield. Eind 2023 heeft HackShield 525 deelnemers. We vragen op onze sociale media aandacht voor de verschillende onderwerpen op het gebied van digitale veiligheid, waaronder HackShield. Ook is digitale veiligheid een onderwerp bij de werkgroepen Samen Veilig Ondernemen. We onderzoeken hoe we de doelgroep ouderen en andere kwetsbare volwassen inwoners effectief voor kunnen lichten over digitale veiligheid.
Middelen 2024
-
19
Financieel overzicht EXPLOITATIE Voor dit programma zijn geen aanvullende aanvragen opgenomen. INVESTERINGEN Voor dit programma zijn er geen aanvullende investeringen opgenomen.
3.3 Verkeer, vervoer en waterstaat Binnen dit programma werkt de gemeente Krimpenerwaard samen met inwoners en bedrijven aan een zo goed mogelijk bereikbare en verkeersveilige gemeente voor alle vormen van vervoer. Door het versterken van het netwerk, beter benutten van de bestaande infrastructuur met aandacht voor de verkeersveiligheid en duurzame mobiliteit wordt een balans gevormd tussen bereikbaarheid en omgevingskwaliteit en duurzame mobiliteit in een gastvrije Krimpenerwaard. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor het uitvoeren van het verkeersbeleid en het onderhouden en in stand houden van de wegen, parkeervoorzieningen, openbare verlichting, civiele kunstwerken en de havens. Ontwikkelingen Algemene (landelijke/regionale) ontwikkelingen We volgende de landelijke ontwikkelingen zoals opgenomen in het nationale Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030. Hierin is een gezamenlijke visie op aanpak verkeersveiligheidbeleid opgenomen. Mogelijkheden voor de Gemeente Krimpenerwaard worden bekeken, beoordeeld en opgenomen in het nog op te stellen Gemeentelijk Verkeersbeleidsplan. We hechten veel waarde aan de verkeersveiligheid in onze gemeente. Onderwerpen die hierin de aandacht hebben zijn onder andere veilige schoolfietsroutes, een adequate aanpak van onveilige situaties en het vergroten van het bewustzijn onder inwoners.
Lokale ontwikkelingen Op verschillende plekken vindt planvorming rond dijkverbetering plaats; dit heeft gevolgen voor de wegprofielen op de dijk.
De mogelijkheid tot overname van een wegvak van de N478 tussen rotonde Bergambacht en Veerstoep Bergambacht wordt onderzocht. Team Verkeer heeft hierin een adviserende rol.
Versterking van de samenwerking met het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard.
20
Beleidsspeerpunten AMBITIE
Voor de vitaliteit van het gebied, voor bewoners en voor ondernemers, is een betere doorstroming van de ontsluitingen richting Gouda en Rotterdam belangrijk. We zetten in op een duurzame en complete aanpak van de mobiliteitsvraag. We hebben speciale aandacht voor specifieke en kwetsbare groepen in het kader van toegankelijkheid van het openbaar vervoer.
ER-DOEL
We versterken onze samenwerking om bereikbaarheid in brede zin te verbeteren.
WE METEN
Veranderingen in het aanbod van de wegcapaciteit van de auto en veranderingen in het aanbod van capaciteit van de alternatieven voor de auto.
INSPANNINGEN 2024
We bouwen de samenwerking met bovenlokaal netwerk ((Politie, Brandweer, HHSK en Arriva) verder uit, in de vorm van de de Ambtelijke Verkeerscommissie (AVC), met als gezamenlijk doel het verbeteren van de bereikbaarheid. Ook stimuleren en werken we aan intensievere samenwerking met buurgemeenten op gedeelde inhoudelijke dossiers, zoals Algera corridor, ontsluiting Gouda en veerdiensten.
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We brengen bij iedere aanbesteding van concessies voor het openbaar vervoer de belangen in van de Krimpenerwaard en oefenen zoveel mogelijk invloed uit op de uitvraag. Dat doen we in regionaal verband (Midden Holland). We voeren het 10 punten plan bereikbaarheid Krimpenerwaard uit.
Middelen 2024 X
-
Verkeersveiligheid X AMBITIE
We hechten veel waarde aan de verkeersveiligheid van onze gemeente. We zetten daarom in op veilige schoolfietsroutes, een adequate aanpak van onveilige situaties en het vergroten van het bewustzijn onder inwoners.
ER-DOEL
We willen de verkeersveiligheid in de Krimpenerwaard gericht verbeteren.
WE METEN
Ongevallendata (op basis van politieregistratie, gericht op wat er fout is gegaan). Risicobenadering verkeersveiligheid (op basis van studie adviesbureau DTV, gericht op wat er fout kan gaan).
INSPANNINGEN 2024
In 2023 stellen we een Gemeentelijk verkeersbeleidsplan op. In 2024 wordt hier verder opvolging aan gegeven. We brengen naast onderhoudstoestand van het asfalt ook verkeersveiligheid in als criterium voor prioritering van groot onderhoud
INSPANNINGEN 2024 - 2027
Vaststellen en opstellen uitvoeringsprogramma van het Gemeentelijk verkeersbeleidsplan.
Middelen 2024
-
21
Financieel overzicht EXPLOITATIE Rijlabels Structureel Beleidskeuze Verkeersveiligheidsmaatregelen Veerweg Bergambacht (afschrijving) Noodzakelijk Vervanging verouderde en vervuilende voertuigen (afschrijving) Eindtotaal Bedragen x € 1.000
2024 -11 0
2025 -16 -5
2026 -36 -25
2027 -36 -25
-11 -11 -11
-5 -11 -11 -16
-25 -11 -11 -36
-25 -11 -11 -36
2024 -200 -200 -200 P.M. P.M. -200
2025 -800 -800 -800 P.M. P.M. -800
2026 0 P.M. P.M. -
2027 0 P.M. P.M. -
INVESTERINGEN Rijlabels Incidenteel Beleidskeuze Verkeersveiligheidsmaatregelen Veerweg Bergambacht Noodzakelijk IBOR investeringen 2024 Eindtotaal Bedragen x € 1.000
3.4 Economie Met dit programma stimuleert de gemeente het ondernemers- en vestigingsklimaat. In dit programma staan ook activiteiten gericht op het "op de kaart zetten" van de gemeente. Dit doen we samen met ondernemers, organisaties, provincie en andere gemeenten. In dit programma zijn middelen opgenomen voor de dienstverlening aan ondernemers, (samenwerkings)projecten van arbeidsmarkt en onderwijs, de herstructurering van bedrijfslocaties, investeringen in winkelgebieden, het stimuleren van snel internet en de transitie naar een toekomstbestendige landbouw. Ontwikkelingen Algemene (landelijke/regionale) ontwikkelingen De economische situatie is onzeker door geopolitieke ontwikkelingen. Het belang van een volwaardige maakindustrie (en het beperken van strategische afhankelijkheid) wordt steeds meer benadrukt door de Europese Unie. Digitalisering, voldoende vakbekwaam personeel en de circulaire economie vormen belangrijke opgaven. Jongeren zijn meer dan voorheen theoretisch opgeleid. Het tekort aan vakbekwaam personeel in onder andere de (hoogwaardige) maakindustrie, de technische sector en de bouw blijft groot. Dit zijn belangrijke sectoren in Krimpenerwaard. Het is daarom belangrijk om te blijven werken aan een goede aansluiting tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt. Er komen grote opgaven op de landbouwsector af.
Via gebiedsprocessen in het kader van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) wordt gewerkt aan een toekomstbestendig, leefbaar, gezond en vitaal platteland. Door de coronacrisis is het recreëren in eigen land toegenomen en de verwachting is dat dit de komende jaren doorzet. Het unieke landschap van Krimpenerwaard, waarin gewoond, gewerkt en ontspannen wordt, biedt veel kansen op dit gebied. Waarbij ook toekomstperspectief is voor de agrarische sector.
22
Lokale ontwikkelingen We zetten in op krachtig lokaal ondernemerschap in Krimpenerwaard. Dat vraagt onder andere ruimte voor de ontwikkeling van het lokaal gewortelde bedrijfsleven, een goede samenwerking met het onderwijs en een levensvatbare agrarische sector. In 2023 worden de lokale- en regionale bedrijventerreinenstrategieën opgesteld. Het Leerwerkbedrijf Krimpenerwaard wordt verder ontwikkeld om te blijven werken aan het bieden van kansen op de arbeidsmarkt en om zo het tekort aan vakbekwaam personeel in belangrijke sectoren in Krimpenerwaard te verminderen. Via gebiedsprocessen in het kader van NPLG verbinden we onze lokale ambities voor een toekomstbestendig en vitaal platteland aan de doelstellingen van het Rijk en de provincie. Hierbij hebben we aandacht voor korte (voedsel)ketens en economische perspectieven die het buitengebied versterken. We gaan aan de slag met opgaven op het gebied van wonen, werken en duurzaamheid om zo te werken aan vitale gemeenschappen, vitale kernen en een vitaal buitengebied.
23
Beleidsspeerpunten Onderwijs en arbeidsmarkt X AMBITIE
Wij blijven samen met onderwijsinstellingen en het bedrijfsleven sterk inzetten op een goede afstemming tussen het onderwijs, het beschikbare arbeidspotentieel en de lokale werkgevers.
ER-DOEL
We willen de match tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt verbeteren. Dit doen wij samen met onderwijsinstellingen en ondernemersorganisaties.
WE METEN
De resultaten van het gezamenlijke werkprogramma van de 3 O’s: overheid, onderwijs, ondernemingen.
INSPANNINGEN 2024
We zetten de ingezette actie van 2023 voort om de krachten per sector (techniek, transport & logistiek, bouw) te bundelen en mogelijk te verbreden naar een brede, sectoroverstijgende vakopleiding (vakschool) in samenwerking met de bedrijven en de Mbo- en Vmbo-scholen in de regio.
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We bouwen samen met de betrokkenen doorlopende leerlijnen in het beroepsonderwijs uit. Waar nodig vullen we dit aan met andere scholings- en opleidingsmogelijkheden. We onderzoeken de mogelijkheid om het leer-werkbedrijf regionaal op te schalen
Middelen 2024 X
-
Agrarische sector X AMBITIE
We denken mee over de versterking van het verdienmodel van de agrarische sector. Dit doen we samen met de agrarische ondernemers uit het gebied zelf. We werken hierbij intensief samen met provincie en waterschap. We werken samen aan de ontwikkeling naar een toekomstbestendige landbouw, met minder uitstoot van broeikasgassen en stikstof, hogere waterkwaliteit en met aandacht voor biodiversiteit.
ER-DOEL
We faciliteren een meer toekomstbestendige agrarische sector.
WE METEN
Aantal hectare bodemdalingremmende maatregelen (bron: gebiedsprocessen).
X
Aantal agrariërs dat deelneemt aan gebiedsprocessen (bron: gebiedsprocessen).
INSPANNINGEN 2024
We hebben een faciliterende rol bij de gebiedsprocessen voor de planvorming NPLG (klimaat, stikstof, natuur). We verbinden onze lokale ambities aan de doelstellingen van het Rijk en de provincie. We brengen onze lokale ambities in in het NPLG proces. Deze lokale ambities zijn onder andere een toekomstbestendige landbouw en een duurzaam beheer van het buitengebied. Bodemdaling door veenverbranding leidt tot uitstoot van broeikasgassen
X
We brengen ‘Mijn Koers’ in bij de gebiedsprocessen. Dit is een programma uit de Proeftuin.
X
We ontwikkelen een omgevingsprogramma landelijk gebied
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We continueren de faciliterende rol bij de gebiedsprocessen voor de planvorming NPLG (klimaat, stikstof, natuur). We verbinden onze lokale ambities aan de doelstellingen van het Rijk en de provincie. We brengen onze lokale ambities in in het NPLG proces. Deze lokale ambities zijn onder andere een toekomstbestendige landbouw en een duurzaam beheer van het buitengebied. Bodemdaling door veenverbranding leidt tot uitstoot van broeikasgassen
Middelen 2024
-
X Ruimte voor bedrijvigheid
24
X AMBITIE
Wij zetten in op het realiseren van voldoende ruimte voor de ontwikkelingsmogelijkheden van lokale bedrijven. Hiervoor zorgen we voor een heldere bedrijventerreinenstrategie en actieve lobby richting de provincie.
ER-DOEL
We zetten in op meer ruimte voor de duurzame ontwikkeling van lokaal gebonden bedrijven.
WE METEN X
· ·
INSPANNINGEN 2024
We werken de bedrijventerreinstrategie uit in concrete locatie(s)
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We implementeren de bedrijventerreinenstrategie. Zo realiseren we meer ruimte voor de ontwikkeling van lokaal gebonden bedrijven.
Middelen 2024 X
-
Het aantal hectares bedrijventerrein. De (lokale en regionale) behoefte aan bedrijventerreinen.
Korte ketens in de agrarische sector X AMBITIE
Voedselvoorziening is cruciaal, zeker gezien de ontwikkelingen in de wereld. Onze agrariërs hebben, in relatie tot de recreatieve mogelijkheden, hierbij in de gemeente Krimpenerwaard een belangrijke rol. We stimuleren dat meer (voedsel)producten uit ons gebied terecht komen bij onze inwoners. ‘Korte ketens tussen productie en verbruik maken de cirkel rond’.
ER-DOEL
We stimuleren dat meer voedselproducten uit ons gebied direct terechtkomen bij de klant.
WE METEN
-
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We onderhouden een netwerk met: Voedselfamilie Krimpenerwaard, Rotterdam de Boer op en Cheese Valley. We koppelen Initiatieven voor korte ketens aan initiatieven voor recreatie en toerisme (onder andere Stichting Promotie Krimpenerwaard). We kennen (leader)subsidies toe om initiatieven op het gebied van korte ketens en streekproducten te stimuleren.
Middelen 2024 X
-
Vitale winkelgebieden X AMBITIE
Wij zetten in op versterking van de detailhandelstructuur en waar mogelijk het op peil houden van het huidige winkelaanbod.
ER-DOEL
We versterken de beleving en aantrekkelijkheid van onze winkelgebieden.
WE METEN
Het aantal winkels, het aantal vierkante meters winkelaanbod, leegstand, waardering (via tweejaarlijkse koopstromenonderzoek). (bron 2021: kso2021.nl)
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We versterken de (onderlinge) samenwerking van en met winkeliersverenigingen via reguliere overleggen en via de bestaande samenwerkingsverbanden. Hierbij hebben we aandacht voor lokaal kopen. We bepalen in overleg met de winkeliersverenigingen welke acties nodig en haalbaar zijn. Dit doen wij aan de hand van de uitkomsten van het onderzoek. Deze acties voeren wij uit.
Middelen 2024 X
-
25
Bodemdaling X AMBITIE
We zetten ons in om bodemdaling te verminderen en wisselen hierover kennis uit.
ER-DOEL
We zetten binnen en buiten de bebouwde kom in op minder bodemdaling.
WE METEN
-
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We werken samen met waterschappen en provincie om bodemdaling in het landelijk gebied tegen te gaan. We nemen deel aan het platform Slappe Bodem. We experimenteren met de toepassing van (innovatieve) lichte ophoogmaterialen onder wegen en achterpaden. We monitoren de effecten en wisselen actief ervaringen uit met andere gemeenten.
Middelen 2024 X
-
Buitengebied X AMBITIE
Samen met onze partners (waaronder de agrarische sector) zoeken we naar economische perspectieven die het buitengebied versterken. We staan positief tegenover maatwerkoplossingen. Bijvoorbeeld op het gebied van bouwvlakken, windmolens tot een ashoogte tot 15 meter voor eigen energie-opwek, herbestemming van vrijkomende agrarische bebouwing en nevenactiviteiten in onder andere de recreatieve sfeer. Nemen wij maatregelen als wij het buitengebied inrichten? En om te voldoen aan opgaven het Rijk, bijvoorbeeld op het gebied van stikstof? Dan zijn onze ambities hierbij leidend, waarbij wij rekening houden met de belangen van het Rijk.
ER-DOEL
We vinden meer economische perspectieven die het buitengebied versterken.
WE METEN
-
INSPANNINGEN 2024 - 2027
We maken concrete plannen en instrumenten voor het landelijk gebied. We kennen (Leader)subsidies toe om initiatieven te stimuleren die agrariërs economisch perspectief kunnen bieden.
Middelen 2024
-
Financieel overzicht EXPLOITATIE Voor dit programma zijn geen aanvullende aanvragen opgenomen. INVESTERINGEN Voor dit programma zijn er geen aanvullende investeringen opgenomen.
3.5 Onderwijs, sport, cultuur en recratie In dit programma legt de gemeente Krimpenerwaard de basis voor het beleid om kinderen en jongeren gezond en veilig te laten (op)groeien in een stimulerende omgeving, zodat zij hun talenten kunnen ontwikkelen en volwaardig aan de samenleving kunnen deelnemen. De gemeente is verantwoordelijk voor de voor- en vroegschoolse educatie, openbaar basisonderwijs, onderwijshuisvesting, onderwijsbeleid waaronder ook de afstemming van het passend onderwijs en leerlingvoorzieningen.
26
Met dit programma stimuleert de gemeente tevens het culturele en sportieve klimaat. Dit draagt bij aan de goede gezondheid, talentontwikkeling en participatie van inwoners. Ook draagt het bij aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat in de gemeente. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor het uitvoeren van openbaar onderwijs, onderwijshuisvesting, onderwijsbeleid, leerlingzaken, de taakvelden Sportbeleid en activering, Sportaccommodaties, Culturele presentatie, -productie en -participatie, Musea Cultureel erfgoed, Media (waaronder het bibliotheekwerk), Openbaar groen en (openlucht) recreatie. Ontwikkelingen Algemene (landelijke/regionale) ontwikkelingen Het onderwijs heeft de opdracht toe te werken naar inclusiever onderwijs, zodat kinderen hun schoolloopbaan doorlopen binnen het reguliere (basis)onderwijs. In de huidige situatie van personeelstekort is dit een extra uitdaging/opgave voor het onderwijs. Tegelijkertijd staan de gelijke kansen in het onderwijs in toenemende mate onder druk. De vroege selectie voor het vervolgonderwijs lijkt negatieve effecten te hebben voor kinderen en hun doorstroom naar (hoger) vervolgonderwijs. Prestatiedruk en maakbaarheidsdenken leidt in toenemende mate tot schaduwonderwijs, zoals bijlessen en examentrainingen. Kansenongelijkheid leidt tot een tweedeling binnen maatschappelijke groepen (rijkarm, autochtoon-allochtoon).