BIJL - Nota Zienswijzen Omgevingsvisie Krimpenerwaard - 86954.pdf
Tekst van het document
No ta zie nsw ijze n e n w ijziginge n Om gev ings v is ie Kr im pe ne rw aa r d
C ONC EPT
=Inhoudsopgave 1
Inleiding
6
2
Algemene beantwoording
7
2.1
Bodemdaling en peilverhoging
7
2.2
Bestrijding onkruid/storingssoorten
7
2.3
Derogatie
7
2.4
Gangbare landbouw
7
2.5
Schaalvergroting/Intensivering
8
2.6
Bebouwing
8
2.7
Trots
8
2.8
Natuurgebieden
8
2.9
Zonnevelden
8
3
Zienswijzen met als thema agrarisch
9
3.1
Inspreker 1
9
3.2
Inspreker 2
11
3.3
Inspreker 3
13
3.4
Inspreker 4
14
3.5
Inspreker 5
14
3.6
Inspreker 6
15
3.7
Inspreker 7
16
nota zienswijzen en wijzigingen Omgevingsvisie - 3 mei 2021
4
3.8
Inspreker 8
16
3.9
Inspreker 9
17
3.10
Inspreker 10
19
3.11
Inspreker 11
20
3.12
Inspreker 12
21
3.13
Inspreker 13
22
3.14
Inspreker 14: Agrarisch Jongeren Kontakt Krimpenerwaard
24
3.15
Inspreker 15
24
3.16
Inspreker 16: Vereniging Duurzame Waterbeheersing en Landbouw in de Krimpenerwaard
26
3.17
Inspreker 17
28
3.18
Inspreker 18
30
3.19
Inspreker 19
30
3.20
Inspreker 20: LTO Noord regio West
31
3.21
Inspreker 21
33
3.22
Inspreker 22
34
3.23
Inspreker 23
35
3.24
Inspreker 24
36
3.25
Inspreker 25
36
3.26
Inspreker 26
37
3.27
Inspreker 27
38
3.28
Inspreker 28
39
3.29
Inspreker 29
39
Zienswijzen van inwoners
41
4.1
41
Inspreker 1
nota zienswijzen en wijzigingen Omgevingsvisie - 3 mei 2021
5
6
4.2
Inspreker 2
43
4.3
Inspreker 3
45
4.4
Inspreker 4
45
4.5
Inspreker 5Inspreker 6
46
4.6
Inspreker 7
47
4.7
Inspreker 8
48
4.8
Inspreker 9
48
4.9
Inspreker 10
51
4.10
Inspreker 11
51
4.11
Inspreker 12
52
4.12
Inspreker 13
52
4.13
Inspreker 14
53
4.14
Inspreker 15
56
4.15
Inspreker 16
56
4.16
Inspreker 17
57
Zienswijzen van stakeholders
61
5.1
Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR)
61
5.2
Dunea
61
5.3
Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard (HHSK)
62
5.4
TenneT
63
5.5
Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM)
65
Zienswijzen van verenigingen
67
6.1
67
Vereniging 'Geluidoverlast Motorfietsen in de Krimpenerwaard'
nota zienswijzen en wijzigingen Omgevingsvisie - 3 mei 2021
7
6.2
Stichting Cultuur Historisch Overleg Krimpenerwaard en de Historische Verenigingen van de Krimpenerwaard
6.3
Watersportvereniging Smit
69
6.4
Natuur en Vogelwerkgroep Krimpenerwaard
70
6.5
Stichting Admiraal de Ruytergroep
72
6.6
TeVoet en Wandelnet
73
Zienswijzen van buurgemeenten
75
7.1
Gemeente Krimpen aan den IJssel
75
7.2
Gemeente Bodegraven-Reeuwijk
76
7.3
Gemeente Ridderkerk
77
nota zienswijzen en wijzigingen Omgevingsvisie - 3 mei 2021
69
1
waarin ruimte was voor toelichting op de Omgevingsvisie en het stellen van
Inleiding
vragen. In het kader van de ter inzagelegging zijn 60 zienswijzen binnengekomen.
Na een proces van totstandkoming van de Omgevingsvisie van een aantal jaren, is de ontwerp Omgevingsvisie met ingang van 1 december 2020 gedurende zes
Na deze fase van formele ter inzagelegging wordt de Omgevingsvisie door de
weken ter inzage gelegd. Tijdens het proces van totstandkoming is veel ruimte
gemeenteraad vastgesteld. Er zijn geen mogelijkheden voor verder bezwaar of
gegeven
beroep. Dat komt mede doordat de Omgevingsvisie alleen bindend is voor het
aan
inwoners,
organisaties,
ondernemers,
verenigingen,
(ke-
ten)partners etc. etc. om hun inbreng te leveren. Daar is ook in ruime mate ge-
orgaan dat de visie vaststelt, de gemeenteraad dus.
bruik van gemaakt. Regelmatig hebben we met elkaar van gedachten gewisseld over de toekomst van de Krimpenerwaard. Alle inbreng is samengebracht in de
Ten slotte wordt opgemerkt dat de Omgevingsvisie geen statisch document is,
ontwerp Omgevingsvisie.
maar regelmatig zal worden geëvalueerd en aangepast waar dat nodig is.
Diezelfde betrokkenheid zien we terug bij de binnengekomen zienswijzen. Daar zijn we als gemeente erg blij mee. Het maakt duidelijk dat heel veel mensen
Opbouw nota
willen bijdragen aan een visie die ons helpt samen te blijven werken aan een
In de verschillende zienswijzen komen een aantal onderwerpen bij meerdere
uniek gebied waar het prettig wonen, werken, ondernemen en recreëren is. De
indieners van zienswijzen terug. Daarom is er voor gekozen om deze meer al-
binnengekomen zienswijzen helpen ons om de Omgevingsvisie (nog) duidelijker
gemene punten eerst te behandelen in hoofdstuk 2.
te maken en op onderdelen aan te scherpen. Om die reden wordt de Omge-
In hoofdstukken daarna zijn de zienswijzen gegroepeerd per type indiener. Met
vingsvisie ook op onderdelen aangepast.
de volgende volgorde:
Ook vanuit de gemeente zelf hebben we gezien dat de tekst van de visie op on-
3.
Landbouw
derdelen nog scherper en duidelijker kan. Daarom hebben we hier en daar de
4.
Inwoners
tekst nog wat aangepast, zonder dat dit invloed heeft op de essentie van de visie.
5.
Stakeholders
De aanpassingen zijn terug te vinden in de separate bijlage bij deze nota, waarin
6.
Verenigingen
7.
Buurgemeenten
De ontwerp Omgevingsvisie heeft van 1 december 2020 tot 19 januari 2021 ter inzage gelegen. In deze periode zijn (digitale) ontmoetingen georganiseerd
Nota zienswijzen en wijzigingen Omgevingsvisie Krimpenerwaard - 11 mei 2021
6
2
Algemene beantwoording
2.3
Derogatie
Landelijke en Europese klimaatplannen zijn gericht op minder uitstoot van
2.1
broeikasgassen. Dit kan in de toekomst leiden tot minder ruimte voor mest-
Bodemdaling en peilverhoging
plaatsing in de veenweidegebieden. In de Omgevingsvisie geeft de gemeente
Het is een feit dat de bodem in de Krimpenerwaard daalt. Gemeente Krimpe-
aan dat het verstandig is om bij het maken van plannen voor ontwikkeling en
nerwaard heeft in 2019 onderzoek laten doen naar de aard en de omvang van
verduurzaming van agrarische bedrijven hiermee rekening te houden.
bodemdaling en passende maatregelen per gebied. De belangrijkste oorzaak in het buitengebied is veenoxidatie. In de kernen is zetting een oorzaak. Veenoxidatie kan plaats vinden bij een lage grondwaterstand als gevolg van het water-
2.4
Gangbare landbouw
beheer maar ook wegzijging naar de Zuidplaspolder. Dit laatste wordt
De afgelopen decennia heeft de landbouw zich mee ontwikkeld met de maat-
opgenomen in de Omgevingsvisie. De bodemdaling is niet overal even groot,
schappelijke vraag. De afgelopen decennia lag de nadruk op schaalvergroting,
maar de belangrijkste rem is het grondwaterpeil op niveau houden. Dit is nood-
efficiency en intensivering. Dat uitte zich in grotere veestapels en grotere ge-
zakelijk om de kosten voor het waterbeheer en de schade door bodemdaling in
bouwen en intensiever landgebruik door o.a. het gebruik van kunstmest, me-
te perken. De landbouw kan hier een positieve bijdrage aan leveren. Voorbeel-
chanisatie en automatisering. Tegelijkertijd kent de landbouw in de
den daarvan worden genoemd in de Omgevingsvisie. O.a. via Proeftuin Krimpe-
Krimpenerwaard (melkveehouderij) een grote verscheidenheid aan bedrijven,
nerwaard wordt onderzocht welke maatregelen effectief zijn en bijdragen aan
bijv. qua bedrijfsgrootte. Daarnaast is voor veel zgn. 'gangbare' bedrijven in de
de toekomst van de landbouw.
Krimpenerwaard het inpassen van natuurbeheer heel gewoon.
2.2
Momenteel worden we ons steeds meer bewust van de beperkingen maar voor-
Bestrijding onkruid/storingssoorten
al ook de kansen van een uniek veenweidegebied dicht tegen de randstad. We
In de Omgevingsvisie wordt benoemd dat we het gebruik van gewasbescher-
willen dat de landbouw nog meer wordt afgestemd op die unieke kenmerken
mingsmiddelen zoveel mogelijk te willen beperken. Bij een verder invulling van
van de Krimpenerwaard. Daarnaast wordt al enige tijd Europees en landelijk
het beleid in het kader van het bevorderen van de biodiversiteit of natuurbeheer
ingezet op duurzaamheid, minder uitstoot van broeikasgassen en meer aan-
kan specifiek de bestrijding van storingssoorten/ onkruid aan de orde zijn.
dacht voor biodiversiteit, waterkwaliteit, gesloten kringlopen. Dit vraagt aanpassing, ontwikkeling en innovatie van de landbouw. Met de
Nota zienswijzen en wijzigingen Omgevingsvisie Krimpenerwaard - 11 mei 2021
7
bouw die beter past in het Veenweide gebied en die toekomstbestendig is. We
2.7
Trots
hebben dit adaptieve landbouw genoemd. Hierdoor kan de agrarische sector een afslag nemen naar een duurzame toekomst in de Krimpenerwaard.
2.5
In de Omgevingsvisie geeft de gemeente aan dat in het buitengebied de melkveehouderij de belangrijkste agrarisch sector is en dat wereldberoemde Goudse Kaas voor een deel afkomstig is uit de Krimpenerwaard. Hiermee verwoord de
Schaalvergroting/Intensivering
De afgelopen decennia heeft de landbouw zich mee ontwikkeld met de maatschappelijke vraag. De afgelopen decennia lag de nadruk op schaalvergroting, efficiency en intensivering. Dat uitte zich in grotere veestapels en grotere gebouwen en intensiever landgebruik door o.a. het gebruik van kunstmest, mechanisatie en automatisering. Het buitengebied van de Krimpenerwaard bestaat uit een kleinschalig cultuurhistorisch landschap waarin boeren en burgers sa-
gemeente haar trots op het ondernemerschap van de agrariërs in de Krimpenerwaard. Landelijke en Europese ontwikkelingen vragen om stappen te zetten naar een duurzame klimaatneutrale bedrijfsvoering waarmee ook een bijdrage wordt geleverd aan versterking van biodiversiteit, en waterkwaliteit. Een nieuwe uitdaging die een beroep doet op het ondernemerschap en de innovatiekracht van de agrariërs in de Krimpenerwaard. Deze duurzame agrarische ontwikkelingen stimuleert de gemeente (pag. 66).
men wonen en werken. Schaalvergroting en intensivering van bedrijven op één plek zorgt voor belasting van de fysieke omgeving maar heeft ook invloed op
2.8
Natuurgebieden
het sociale leefklimaat. De gemeente ziet een toekomst voor bedrijven die waarde toevoegen aan hun omgeving. Deze waarde kan sociaal, fysiek en economisch zijn. We juichen verbredingsactiviteiten, nieuw ondernemerschap, nieuwe producten en diensten toe.
In de Omgevingsvisie is middels een vlekkenkaart de natuurgebieden aangegeven. Deze gebieden waren in de ontwerp Omgevingsvisie globaal ingetekend. Het was hiermee niet de bedoeling om nieuwe gebieden aan te wijzen. Deze vlekken zijn aangepast aan de geplande natuuropgave.
2.6
Bebouwing
2.9
Zonnevelden
Op het gebied van landbouw en klimaat spelen veel ontwikkelingen. Europees en landelijk wordt ingezet op minder uitstoot van broeikasgassen en meer aandacht voor biodiversiteit, waterkwaliteit, gesloten kringlopen en dierenwelzijn. Dit stelt andere eisen aan stallen en erven. Deze duurzame ontwikkeling vraagt om maatwerk. Uitgangspunt hierbij is niet meer dieren op gelijkblijvend areaal (ha).
Duurzame energie opwekken d.m.v. zonnepanelen is van belang om in de toekomst te voorzien in de behoefte aan duurzame energie. De voorkeur gaat hierbij uit naar zon op dak en kleinschalig op het erf. Dit is echter waarschijnlijk niet voldoende om te voorzien in de toekomstige behoefte. In het proces van de regionale energie strategie wordt dit nader uitgewerkt. Bij het kijken naar initiatieven worden de landschappelijke effecten meegewogen.
Nota zienswijzen en wijzigingen Omgevingsvisie Krimpenerwaard - 11 mei 2021
8
3
Zienswijzen met als thema agrarisch 3.1
Inspreker 1
Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 1.1
visie Inspreker is het niet eens met het feit dat gesteld wordt dat grootscha-
Met grootschalige bebouwing wordt in de Omgevingsvisie bebou-
lige agrarische bebouwing niet aansluit bij identiteit van gebied.
wing bedoeld die veel groter is dan de kenmerkende historische bebouwing. Deze maat bebouwing doet afbreuk aan het kleinschalige cultuurhistorisch landschap en de openheid van het landschap.
1.2
Inspreker wil graag dat er ruimte geboden wordt aan intensivering van
Zie algemeen antwoord schaalvergroting/intensivering
bedrijven. Deze veroorzaken de minste co2 uitstoot. Niet enkel inzet op extensivering 1.3
Inspreker vindt het jammer dat de agrarische sector negatief wordt
Zie 1.2
afgebeeld, terwijl deze als negatief aangemerkte punten ook positieve neveneffecten hebben (bijv. grotere machines, maar deze hebben minder uitstoot) 1.4
derogatie wordt gezien als bedreiging, terwijl dit juist ook kansen biedt
Zie algemeen antwoord derogatie
volgens de inspreker (quote: De derogatie zorgt ervoor dat wij juist meer aandacht besteden aan plannen van bemesting alsmede het monsteren en draagt bij aan de kringloop.) Dit graag meenemen in de visie 1.5
Wijziging van de
Inspreker waardeert de creativiteit rondom minder bodembelastende
De Omgevingsvisie beslaat een periode tot 2040. In deze periode
mobiliteit. Vervoer van melk per buisleiding wat hier genoemd wordt,
staat de gemeente open voor technische ontwikkelingen die bijdra-
ziet inspreker niet als reëel.
gen aan minder bodemdaling.
1.6
1.7
Inspreker beveelt aan om in het kader van een goede waterkwaliteit
In de Omgevingsvisie worden de belangrijke partijen genoemd
ook in te zetten op kennisoverdracht naar burgers. Agrariërs zijn hier
waarmee de gemeenten wil samenwerken om de waterkwaliteit te
volgens de inspreker vaak al doelbewust mee bezig.
verbeteren. Via deze partijen worden ook burgers bereikt.
Inspreker geeft aan dat in het kader van gezondheidsbevordering
in 3.5.6 van de Omgevingsvisie staat o.a. "Gezonde inrichting van
wellicht sporttoestellen in de kernen en het buitengebied geplaatst
woonwijken" en "De omgeving nodigt uit tot bewegen. Beweeg-
kunnen worden.
voorzieningen dragen hieraan bij." Dit sluit aan op het huidige beleid en de ambities die daarin geformuleerd zijn. Bij herontwikkelingen wordt dus afgewogen hoe de buitenruimte ingericht wordt.
1.8
Inspreker geeft aan dat zij duurzame energie graag zelf willen opwek-
Duurzame energie opwekken d.m.v. zonnepanelen is van belang
ken, maar dat hier wel een interessant verdienmodel tegenover moet
om in de toekomst te voorzien in de behoefte aan duurzame ener-
staan. Vaak draagt dit nu niet bij aan verdienmodellen van agrariërs.
gie. De voorkeur gaat hierbij uit naar zon op dak. Dit is echter waarschijnlijk niet voldoende om te voorzien in de toekomstige behoefte. In het proces van de regionale energie strategie wordt dit nader uitgewerkt. Bij het kijken naar initiatieven wordt de landschappelijke inpassing meegenomen.
1.9
Inspreker geeft aan dat de visie nog versterkt kan worden d.m.v. uit-
Het tegengaan van bodemdaling is als speerpunt benoemd in de
In 3.5.19 is de
breiding van het deel over bodemdaling in kernen. Ook wegzijging
Omgevingsvisie. In combinatie met het terugdringen van de CO2-
wegzijging
richting Zuidplas polder wordt nu gemist.
uitstoot ligt er in het buitengebied een grote uitdaging. Voor de
ting de Zuidplas-
kernen is de klimaatadaptieve inrichting een speerpunt, daarmee
polder toegevoegd
wordt ook ingezet op het tegengaan van bodemdaling. De wegzijging richting de Zuidplaspolder is toegevoegd in 3.5.19
rich-
3.2
Inspreker 2
Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 2.1
Wijziging van de visie
Inspreker vindt het verontrustend dat er enkel 1,5 alinea over de agra-
Uw suggestie w is verwerkt in 2.2.1
In
2.21. is
het
rische sector wordt weergegeven in de visie. Dit is naar zijn inzien heel
onderdeel 'karak-
weinig.
teristiek agrarisch zuivelgebied gevoegd.
toeHierin
wordt de waarde van de agrarische sector
voor
de
Krimpenerwaard beschreven. 2.2
Inspreker suggereert dat de visie met een 'linkse/sociale bril' is ge-
zie algemeen antwoord gangbare landbouw
schreven waarbij geen rekening wordt gehouden met de agrarische sector. Dit schetst een somber beeld voor boeren. 2.3
Inspreker maakt zich zorgen over de aanwezigheid van weidevogels in
In de Omgevingsvisie wordt genoemd dat weidevogels onlosmake-
de Krimpenerwaard. Door roofvogels en vossen ed. verdwijnen deze
lijk met de Krimpenerwaard verbonden zijn en we deze willen be-
vogels.
houden. Roofvogels en vossen vormen hierbij inderdaad een bedreiging.
2.4
Inspreker heeft een warm hart voor de Krimpenerwaard, maar ziet
Vervelend dat u door deze visie de toekomst somber in ziet. Op
naar aanleiding van de visie zijn toekomst als boer somber in, ook voor
basis van deze visie wil de gemeente juist samen met de boeren
de volgende generaties.
zoeken naar oplossingen zodat het boerenbedrijf een positieve bijdrage kan leveren aan de Krimpenerwaard.
2.5a
Inspreker zou graag de volgende punten verwerkt zien in de visie:
De Omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen. Dit is zelfbindend
-Ons vrije land, ons eigendom ingekleurd voor actieve recreatie. Duur-
voor de gemeente. De Omgevingsvisie is geen bestemmingsplan die
zame energie opwekking weer ongedaan maken.
bestemmingen vast legt. Om dit te onderstrepen hebben we de titel van de richting en ruimte kaart aangepast naar de kansen kaart. Dit geeft aan waar we in deze gebieden kansen voor zien en waar we ons als gemeente voor in willen zetten. Dit heeft geen direct effect op het gebruik van uw grond.
2.5b
Geen uitbreiding van/of nieuwe natuurgebieden, in het agrarische
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
weidegebied dit is juist veel botanische en weidevogel natuur. 2.5c
Geen zonneweides
zie 6.7 Zonnevelden en windmolens zijn beide nodig om te voorzien in de duurzame energiebehoefte. Dit wordt nader uitgewerkt in het trajecten van de regionale energie strategie
2.5d
Derogatie behouden in het gebied, en de mest rijden zonder onwerk-
Zie algemeen antwoord derogatie
bare 20 graden regeling 2.5e
behoud van gangbare landbouw (niet alleen adaptieve landbouw), de
Zie algemeen antwoord gangbare landbouw
landbouw is immers de goedkoopste en duurzaamste landschapbeheerder. zelf hebben we gekozen voor biologische bedrijfsvoering van ons melkvee. Ik ben daarvan overtuigd en geloof ook dat toekomst perspectief heeft. Het past bij onze manier van werken. Echter moet u wel weten dat dit niet bij ieder bedrijf past en dat de afzet naar de consument ook niet groot genoeg is om de hele melkveehouderij biologisch te maken. 2.5f
bestrijding storingssoorten moet te allen tijde mogelijk blijven
Zie algemeen antwoord onkruid/ storingssoorten
2.5g
behoud huidige drooglegging, geen hoger oppervlaktewaterpeil
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
3.3
Inspreker 3
Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 3.1
Wijziging van de visie
Inspreker complimenteert de raad voor het overzichtelijke document
Dank voor uw compliment.
en de aandacht voor landbouw 3.2
Een knelpunt is dat er weinig vraag is naar extensief geproduceerde
De Omgevingsvisie beslaat een periode tot 2040. In deze periode wil
producten. Een agrariër kan hier geen goed verdienmodel mee cre-
de gemeente samen met agrariërs en partijen werken aan nieuwe
eren. Ook de verdwijning van vruchtbare landbouwgrond draagt hier
verdienmodellen.
niet aan bij. Met behoud van deze landbouwgrond kan er sneller geëxtensiveerd worden wanneer de vraag hiernaar rijst. De wil bij agrariërs is er wel. 3.3
Inspreker ziet graag dat er verder ingezet wordt op innovatieve oplos-
Zie algemeen antwoord derogatie
singen tegen bodemdaling. Inspreker geeft aan dat derogatie voorlopig nodig blijft, dit voorkomt dat chemische stikstof aangevoerd moet worden. 3.4
Inspreker is bezorgd om het gebied bij Lekkerkerk wat ingetekend
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
staat als Actieve recreatie en Natuur. Het kan niet zo zijn dat deze
op de kaart aan-
grond zomaar van de eigenaren wordt afgenomen die daarmee de
gepast.
kost verdienen 3.5
Natuurgebieden
Inspreker en zijn collega agrariërs staan open voor samenwerking. Dit moet wel realistisch zijn en perspectief bieden voor langere termijn.
zie antwoord 3.2
3.4
Inspreker 4
Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 4.1
Wijziging van de visie
Inspreker geeft aan dat een melkveehouder zoals hij een belangrijke
Zie algemeen antwoord derogatie
taak vervult in de landschapsverzorging van de Krimpenerwaard. Van belang is dan ook dat hij als melkveehouder toekomstperspectief heeft. Het derogatieverdrag is hierbij van groot belang. Dit verdrag geeft aan dat er meer dierlijke mest in plaats van kunstmest uitgereden mag worden, hetgeen wordt bestreden op pagina 67 van de visie. Inspreker is het hier niet mee eens. Door het uitrijden van dierlijke mest worden transporten met kunstmest bespaard, wat bijdraagt aan het voorkomen van zware transportbewegingen. Inspreker vraagt om dit onderdeel scherp onder de loep te nemen en aan te passen.
3.5
Inspreker 5
Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 5.1
Wijziging van de visie
Inspreker geeft aan dat de landbouw zijn best doet zich aan te passen
Op het gebied van landbouw en klimaat spelen veel ontwikkelin-
aan de huidige situatie i.c.m. natuurbeheer. Ook zetten de veehouders
gen. Europees en landelijk wordt ingezet op minder uitstoot van
in op het tegengaan van bodemdaling.
broeikasgassen en meer aandacht voor biodiversiteit, waterkwaliteit, gesloten kringlopen. We ondersteunen de agrarische sector bij
5.2
Op pagina 38 is een gebied ingetekend voor natuur. Het gebied betreft
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
Natuurgebieden
goede agrarische grond waar acht gezonde jonge agrarische familie-
op de kaart aan-
bedrijven zitten. Inspreker snapt niet dat hier zomaar natuur wordt
gepast.
gepland.
5.3
Inspreker geeft aan dat derogatie niet zomaar aan de kant geschoven
Zie algemeen antwoord derogatie
kan worden. 5.4
Inspreker geeft aan dat er niet meer dan 2450 Ha natuur zou komen in
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
de Krimpenerwaard. Dat er nu weer een groot natuurgebied is ingete-
op de kaart aan-
kend, is onbegrijpelijk.
gepast.
3.6
Inspreker 6
Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 6.1
Natuurgebieden
Wijziging van de visie
Inspreker vindt dat de gangbare landbouw ook behouden moet wor-
Zie antwoord 2.2
den. Niet enkel inzetten op adaptieve landbouw. 6.2
De huidige drooglegging moet behouden blijven. Er moet geen hoger
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
oppervlaktewaterpeil komen. 6.3
derogatie moet behouden blijven
Zie algemeen antwoord derogatie
6.4
Bestrijding van storingssoorten moet te allen tijde mogelijk blijven
Zie algemeen antwoord onkruid/ storingssoorten
volgens inspreker. 6.5
Inspreker wil niet dat er meer vaarroutes door het agrarisch gebied
Het aanleggen van nieuwe vaarroutes of uitbreiding van bestaande
komen naast de bestaande routes
routes zal in overleg gebeuren. Het is bekend dat dit een aandachtspunt is.
6.6
De natuurgebieden moeten niet verder uitgebreid worden.
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
Natuurgebieden op de kaart aangepast.
6.7
Inspreker wenst geen zonneweides
Duurzame energie opwekken d.m.v. zonnepanelen is van belang om in de toekomst te voorzien in de behoefte aan duurzame energie. De voorkeur gaat hierbij uit naar zon op dak. Dit is echter waarschijnlijk niet voldoende om te voorzien in de toekomstige behoefte. In het proces van de regionale energie strategie wordt dit nader uitgewerkt. Bij het kijken naar initiatieven wordt de landschappelijke inpassing meegenomen.
3.7
Inspreker 7
Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
Inspreker geeft aan dat hij zich zorgen maakt over het behoud van het
Het dorpse landelijke karakter is een van de waarden zoals be-
dorpse karakter van de kernen in de toekomst. Inspreker zou graag
schreven in 2.2.1. Deze waarden zijn vertrekpunt en inspiratie om
zien dat hoogbouw zo min mogelijk gerealiseerd wordt in de kernen.
te werken aan een toekomstgerichte gemeente. De uitwerking van
Mocht er niet aan te ontkomen zijn dan zou inspreker graag een
de bouwhoogte is per plek, initiatief en project verschillend.
nr. 7
Wijziging van de visie
maximum bouwhoogte van 12 meter terug zien.
3.8
Inspreker 8
Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 8.1
Wijziging van de visie
Inspreker is blij dat er met trots gesproken wordt over de Krimpenerwaard. Inspreker mist nog wel de trots op de agrarische sector. De agrarische sector wordt in zijn ogen vooral als probleem gezien.
Zie algemeen antwoord trots
8.2
Inspreker merkt op dat schaalvergroten als een spook wordt gezien,
Het buitengebied van de Krimpenerwaard bestaat uit kleinschalig
terwijl dit wel een gegeven is als gevolg van stoppende ondernemers
cultuurhistorisch landschap waarin boeren en burgers samen wo-
zonder opvolging. Kavelruil of meerdere locaties runnen kunnen hier
nen. Schaalvergroting en intensivering van bedrijven op één plek
zorgen voor een beperking in transportbewegingen. Hierbij kan even-
zorgt voor belasting van de fysieke omgeving maar heeft ook in-
tueel ook gedacht worden aan de aanleg van mesttransportleidingen.
vloed op de sociale cohesie in buurten. Gemeente stimuleert kavelruil of spreiding over meerdere locaties om dergelijke negatieve ontwikkeling te voorkomen.
8.3
Inspreker merkt op dat er weinig bestrijdingsmiddelen gebruikt wor-
Zie algemeen antwoord onkruid/ storingssoorten
den in de Krimpenerwaard. 8.4
Inspreker geeft aan dat de groeiende agrarische bedrijven steeds va-
Bedankt voor deze verduidelijking. Ook waarderen wij het dat de
ker personeel inhuren die een afstand hebben tot de arbeidsmarkt.
agrarische sector op deze wijze mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt helpt.
3.9
Inspreker 9
Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 9.1
visie Inspreker geeft aan dat het wenselijk is dat de gemeente het landelijke
Zie algemeen antwoord derogatie
beleid m.b.t derogatie volgt. 9.2
Inspreker geeft aan dat de opmerking over schaalvergroting niet rele-
Zie algemeen antwoord schaalvergroting/intensivering
vant is. Schaalvergroting is tegenwoordig overal terug te zien, zelfs bij fuserende gemeentes. 9.3
Wijziging van de
Landbouwverkeer is volgens inspreker niet als enige het probleem in
Gevaarlijke situaties ontstaan vaak door de combinatie van ver-
het buitengebied. Ook vervoersbewegingen van bewoners dragen
schillende vervoersmiddelen. Voor de structuurverbetering van de
hieraan bij. Daarnaast wil de inspreker graag dat landbouwverkeer op
landbouw denken wij dat het nadenken over alternatieve routes
elke weg mag gaan rijden, ook provinciale wegen.
voor landbouwverkeer een bijdrage hieraan kan leveren. De snelheidsverschillen tussen landbouwverkeer/tractoren en de 80 km op de provinciale weg is te groot om dit verantwoord te doen.
9.4
Inspreker acht een extra brug over de Hollandse IJssel noodzakelijk
Wij zetten als gemeente in op extra verbindingen, maar dat vraagt
om de kern Haastrecht te ontlasten.
keuzen op het gebied van prioriteit en financiën. In het kader van de herontwikkeling van Galgoord bestuderen we tevens de mogelijkheid voor een extra oeververbinding om de bestaande niet extra te belasten.
9.5
Natte teelten en lichtere koeien is wensdenken en niet reëel volgens
De Omgevingsvisie beslaat een periode tot 2040. Natte teelten en
de inspreker.
lichtere koeien lijken nu nog ver weg. Met deze voorbeelden geeft de gemeente aan dat zij inzet op ontwikkelingen die bijdragen aan minder bodemdaling.
9.6
9.7
9.8
Inspreker vindt dat over energietransitie mooie woorden staan maar
zie 6.7 De gemeente staat positief tegenover kleine windmolens
geen oplossingen. Zonnepanelen moeten eerst op daken komen i.p.v.
en werkt, waar mogelijk, mee aan het verlenen van vergunningen.
zonneweides, of op gemeentegronden, wellicht zijn bermen oplossin-
Dit is nog niet overal mogelijk en zal nader worden uitgewerkt in
gen hiervoor. Ook wil inspreker graag dat haast gemaakt wordt met
het proces van de regionale energie strategie. Recent is de eerste
het toestaan van kleine windmolens.
kleine windmolen in de Krimpenerwaard gerealiseerd.
De burgers moeten volgens de inspreker ook een bijdrage leveren aan
Speerpunt 'klimaatadaptieve kernen' gaat in op het tegengaan van
wateroverlast. Dit kan door de tuinenminder te verharden.
wateroverlast buiten het agrarisch gebied
Inspreker geeft aan dat je voorzichtig moet zijn met het verhogen van
Zie 1.6 en algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
het waterpeil. Dit kan resulteren in de uitstoot van meer broeikasgassen. Schoon water vindt de inspreker ook belangrijk. Wel vindt de inspreker belangrijk om te weten of het water uit het bebouwd gebied ook schoon is. Daar kan ook veel vuil in zitten. 9.9
Inspreker geeft aan: de realisatie van het Natuurnetwerk Nederland
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
Natuurgebieden
wordt uitgebreid genoemd en op pagina 35 en 44 staan plattegron-
op de kaart aan-
den/ kaartjes afgebeeld. Hierbij staan percelen grasland in polder
gepast.
Stein donker ingekleurd voor het NNN. Volgens de inspreker ligt er geen NNN verplichting op deze percelen. Dit moet daarom aangepast worden
3.10 Inspreker 10 Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 10.1
visie Inspreker is bang dat, wanneer de Omgevingsvisie uitgevoerd wordt, er
De Omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen om richting te geven
Dit is verduidelijkt
veel beperkingen bijkomen waardoor het exploiteren van een agra-
aan de toekomst van de Krimpenerwaard. De gemeente wil in deze
in 1.2..
risch bedrijf onmogelijk wordt. Omdat het in de toekomst te duur
visie inzetten op behoud van de kwaliteiten in de Krimpenerwaard
wordt om het geheel als natuurgebied in stand te houden, verwacht
maar ook inspelen op (toekomstige) ontwikkelingen. Hierbij wordt
inspreker dat er voor een economische insteek worden gekozen: het
gezocht naar oplossingen met zo veel mogelijk meerwaarde. De
gebied wordt een overloopgebied van Rotterdam met veel nieuwe
Omgevingsvisie heeft (conform de omgevingswet) geen eindda-
woonwijken, een vuilstort en een kerncentrale.
tum. Het is een dynamisch document voor de lange termijn dat in de loop van de tijd, (op onderdelen), kan worden geactualiseerd / aangepast wanneer dit nodig is.
10.2
Inspreker zou graag zien dat agrarische bedrijven worden aangemoe-
Zie algemeen antwoord gangbare landbouw
digd te bloeien. Daarom zou er niet ingezet moeten worden op adaptieve landbouw of landbouw zonder derogatie. Vaak is dit te duur. 10.3
Inspreker wil dat het waterpeil optimaal blijft voor de landbouw. Het
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
moet in ieder geval niet nog hoger worden. Tevens gaat dit tegen het eigendomsrecht in volgens de inspreker. Daarnaast wordt hierdoor de methaanuitstoot verhoogd. 10.4
Wijziging van de
Inspreker ziet graag dat agrarische bedrijven kunnen verbreden, maar
De Omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen een geeft richting
voelt zich daarbij tegengewerkt door de gemeente, gelet op het feit dat
aan initiatieven die niet binnen het bestemmings-/omgevingsplan
hij enkele ontwikkelingen niet mogelijk kon maken door de gemeente.
passen. Om een integrale afweging te kunnen maken worden naast de Omgevingsvisie ook wet en regelgeving, inhoudelijke kennis van specialisten, inbreng van de omgeving en andere beleidsdocumenten meegewogen. Op basis hiervan wordt een zorgvuldige afweging gemaakt. Dit betekent dat niet alle ontwikkelingen mogelijk zijn.
3.11 Inspreker 11 Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr.
Wijziging van de visie
11.1
Inspreker is te spreken over de mooie vormgeving van het rapport
Dank voor uw compliment.
11.2
Inspreker onderschrijft het punt dat landbouwverkeer zwaarder wordt
Wij zijn met u eens dat vooral het breder (en niet het zwaarder)
in 2.2.3 en 3.5.13
niet. Wel wordt het verkeer breder, dit dient uiteindelijk om schade
worden van het landbouwverkeer leidt tot extra gevaarlijke situa-
is benoemd dat
aan de bodem te voorkomen, en dit draagt bij aan he voorkomen van
ties. Voor de structuurverbetering van de landbouw denken wij dat
het landbouwver-
bodemverdichting, tevens een punt uit de visie. Toerisme in het bui-
alternatieve routes voor landbouwverkeer een bijdrage hieraan
keer breder wordt.
tengebied zorgt juist ook voor onveilige situaties.
kan leveren. Ons inziens wordt er echter ook aslast toegevoegd bij de toepassing van bredere of meerder banden. Juist de combinatie van vervoersmiddelen en stromen leiden tot onveilige situaties, daar is toerisme onderdeel van. Toerisme is overigens ook een mogelijke drager voor een toekomstbestendig agrarisch beheer.
11.3
11.4
In het kader van bodemdaling wordt er niet ingegaan op wegzijging
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
In 3.5.19 is de
aan de noordrand van de Krimpenerwaard, wat juist de grote veroor-
wegzijging
zaker van bodemdaling is. De geringe drooglegging van smalle perce-
ting de Zuidplas-
len zou volgens inspreker hier weinig invloed op hebben.
polder toegevoegd
derogatie zorgt voor minder gebruik van kunstmeststoffen. Wanneer derogatie vervalt, neemt het gebruik van kunstmest toe, wat minder goed is voor het milieu. Tevens draagt dit bij aan meer verkeersgeneratie. Inspreker is het niet eens met de stop van derogatie.
Zie algemeen antwoord derogatie
rich-
11.5
Inspreker mist de 'propaganda' over het proces van koe naar zuivel-
De Omgevingsvisie is een visie op de toekomst van de Krimpener-
In
2.21. is
het
producten. Boeren uit de Krimpenerwaard hebben een groot aandeel
waard. In deel 2 worden de waarden en identiteit van de Krimpe-
onderdeel 'karak-
in lokale boerenproducten, hier mag best meer waardering voor wor-
nerwaard beschreven. Hierin worden streekproducten waaronder
teristiek agrarisch
den uitgesproken.
kaas benoemd. Deze waarden zijn vertrekpunt en inspiratie om te
zuivelgebied
werken aan een toekomstgerichte gemeente.
gevoegd.
toeHierin
wordt de waarde van de agrarische sector
voor
de
Krimpenerwaard beschreven. 11.6
De intekening van het nieuwe NNN-gebied is niet nauwkeurig en gaat
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
over agrarische gronden heen.
Natuurgebieden op de kaart aangepast.
3.12 Inspreker 12 Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 12.1
visie Inspreker verzoekt ook gangbare landbouw te behouden en niet enkel
Zie algemeen antwoord gangbare landbouw
op adaptieve landbouw in te zetten. Gangbare landbouw is de goedkoopste en duurzaamste manier van landbeheer. 12.2
Inspreker geeft aan dat een hoger waterpeil niet haalbaar is voor de
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
gangbare landbouw. 12.3
Wijziging van de
Het bestrijden van onkruid, maar ook van wild, moet ten alle tijd mogelijk blijven om overlast te voorkomen volgens de inspreker
Zie algemeen antwoord onkruid/ storingssoorten
12.4
Inspreker geeft aan dat het agrarisch gebied niet gebaat is bij extra
De overlast voor vee en landschap is inderdaad een aandachtspunt
vaarroutes omdat toeristen voor overlast zorgen voor het vee en het
bij het aanleggen van nieuwe vaarroutes. Het aanleggen van nieu-
landschap.
we vaarroutes of uitbreiding van bestaande routes zal in overleg gebeuren. Hierbij worden de verschillende belangen en kansen afgewogen
12.5
Zonneweides dragen tevens niet bij aan het landschap volgens inspre-
zie 6.7
ker. 12.6
De bodemdaling wordt ook veroorzaakt door wegzijging naar de Zuid-
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
plaspolder. Dit wordt niet genoemd in de omgevingsvisie.
3.13 Inspreker 13 Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 13.1
visie Inspreker geeft aan dat gangbare landbouw behouden moet blijven
Zie algemeen antwoord gangbare landbouw
naast adaptieve landbouw. De gangbare landbouw is de goedkoopste en duurzaamste manier van landschapsbeheer. 13.2
Bovenstaande eist behoud van drooglegging. Het waterpeil moet niet
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
verhoogd worden. 13.3
Inspreker geeft aan dat derogatie behouden moet blijven.
Zie algemeen antwoord derogatie
13.4
Inspreker wil geen uitbreiding van vaarroutes door agrarisch gebied.
Het aanleggen van nieuwe vaarroutes of uitbreiding van bestaande routes zal in overleg gebeuren. Hierbij worden de verschillende belangen en kansen afgewogen
13.5
De bestrijding van storingssoorten moet te allen tijde mogelijk blijven.
Zie algemeen antwoord onkruid/ storingssoorten
13.6
Er moet geen uitbreiding of nieuwe natuurgebieden komen. In het
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
weidegebied zijn al veel natuurwaarden te vinden. 13.7
Wijziging van de
Er moeten geen zonneweides in de Krimpenerwaard worden aangelegd.
zie 6.7
13.8
Wegzijging naar de zuidplaspolder is een grote oorzaak van bodemda-
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
In 3.5.19 is de
ling geeft inspreker aan, dit wordt echter niet in de omgevingsvisie
wegzijging
rich-
genoemd.
ting de Zuidplaspolder toegevoegd
3.14 Inspreker 14: Agrarisch Jongeren Kontakt Krimpenerwaard Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 14.1
Wijziging van de visie
Inspreker geeft aan dat niet elke jonge agrariër van de toekomstige
Zie algemeen antwoord schaalvergroting/intensivering
generatie zich kan vinden in extensieve en adaptieve landbouw. Inspreker vindt dat een agrariër de keuze moet hebben om zijn bedrijf op een zodanige manier in te richten, en niet dat dit verplicht wordt vanuit een visie. 14.2
14.3
Inspreker ziet de kracht van veel agrarische bedrijven in de Krimpe-
De Omgevingsvisie verwoord trots van de gemeente op de bestaan-
nerwaard dat ze al relatief extensief produceren, natuurbeheer rege-
de melkveehouderij in het gebied en de mooie producten die zij
len en nevenactiviteiten oppakken. Deze verhouding is groter dan in
maken. In de periode naar 2040 wil de gemeente samen met agra-
Nederland als geheel. Een economisch gezond bedrijf is daar de basis
riërs en andere partijen werken nieuwe vormen van landbouw. Bij
van, met deze visie vervalt de zekerheid van economisch gezond be-
toekomstige ontwikkelingen vormt een gezonde economisch basis
drijf.
uitgangspunt.
Inspreker ziet het als van groot belang dat agrarische ondernemers in
Zie algemeen trots
de Krimpenerwaard ontwikkelingsruimte overhouden in welke vorm dan ook. Als de toekomst adaptieve landbouw betreft voorziet inspreker geen rendabele toekomst meer.
3.15 Inspreker 15 Sub nr.
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
Wijziging van de visie
15.1
Inspreker geeft aan dat er geen balans is tussen economie en bekoor-
In de deel 2 van de Omgevingsvisie worden de waarden en identi-
lijkheid in de Omgevingsvisie. Van de ontginning af is in het agrarisch
teit van de Krimpenerwaard beschreven. Deze waarden zijn ver-
veenweidegebied de toen en nog steeds gangbare landbouw de eco-
trekpunt en inspiratie om te werken aan een toekomstgerichte
nomische basis geweest waar de streekeigen natuur, streekeigen
gemeente. Bij uitwerking van initiatieven en beleid wordt gezocht
landschap en de andere bekoorlijke eigenheden zich hieruit hebben
naar een balans tussen bestaande waarden en toekomstgerichte
gevormd. De boer was en is immers die landschapsbeheerder, inhe-
ontwikkelingen.
rent aan de bedrijfsvoering. Toegegeven dat door algehele ontwikkelingen, ook in de landbouw, een stimulans voor agrarisch natuurbeheer vanuit de agrarische natuurvereniging een goede in- en aanvulling geeft. 15.2
Inspreker geeft aan dat de visie op volgende punten aangepast zou moeten worden. Daarbij moet ten eerste opgemerkt worden dat deze ontwikkelingen zeker ook duurzaam kunnen zijn.
15.2a
Faciliteren van de gangbare landbouw.
zie antwoord 'gangbare landbouw'
15.2b
Extra water vast houden boven het huidige peil in natte periodes voor
Bij de concrete uitwerking van dit speerpunt zal onderzocht moe-
gebruik in droge periodes moet geschrapt worden omdat dit leidt tot:
ten worden hoe dit in de praktijd gerealiseerd kan worden. Hierbij
Wateroverlast bij laaggelegen bebouwde kavels. Schade aan botani-
wordt uiteraard gekeken naar wateroverlast en eventuele schade
sche natuurwaarden in de oevers van de sloten. Schade aan de land-
aan natuurwaarden of aan de landbouw.
bouw. 15.2c
Behouden van de al geringe drooglegging van de agrarische gronden.
zie algemeen antwoord Bodemdaling en peilverhoging
15.2d
Geen aanplant van nieuw bos, dit geeft extra predatie bij de weidevo-
Realisatie van nieuw bos heeft zowel positieve effecten op de bio-
gelpopulatie.
diversiteit als negatieve effecten. Bij de keuze voor realisatie van nieuw bos wordt het effect op de weidevogelpolulatie meegewogen.
15.2e
Geen extra hectares landbouwgrond toevoegen aan nieuwe natuurin-
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
richting zoals NNN- gebied. 15.2f
Behoud van stikstofderogatie op de agrarische gronden
Zie algemeen antwoord derogatie
15.2g
Geen zonnevelden
zie algemeen antwoord zonnevelden
15.2h
Het blijven toestaan van toepassing van pleksgewijze gewasbescher-
zie algemeen antwoord Bestrijding onkruid/ storingssoorten
mingsmiddelen. 15.2i
Een trachten tegen te gaan van de bodemdaling op de juiste manier
Het tegengaan van bodemdaling is maatwerk. Per gebied zal gezocht moeten worden naar de meest optimale oplossingen.
- baten analyse met betrekking tot de in te zetten maatregel.
3.16 Inspreker 16: Vereniging Duurzame Waterbeheersing en Landbouw in de Krimpenerwaard Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 16.1
16.2
16.3
Wijziging van de visie
Inspreker vindt dat de Omgevingsvisie inhoudsloos is. Door een inte-
De Omgevingsvisie geeft richting op hoofdlijnen. Het zet de koers
grale aanpak wil de gemeente het beste voor iedereen zolang dit past
voor de toekomst zoals we die nu zien. Dit is een belangrijke basis
binnen de vigerende opvattingen en inzichten. Dit leidt juist tot een
voor de verdere uitwerking van gemeentelijke beleid voor de leef-
vage visie die overtuigingskracht mist en bepaalde belangrijke zaken
omgeving. In deel 2 worden de waarden en identiteit van het bui-
niet benadrukt. In dit geval wordt het buitengebied zeer gemist in de
tengebied beschreven. In 3.4 wordt beschreven waar de gemeente
visie.
voor de toekomst op wil inzetten in het buitengebied.
Het ingetekende NNN gebied is niet duidelijk of dit als definitief of als
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
Natuurgebieden
inschetsing gezien moet worden. Het kan niet zijn dat er zomaar gron-
op de kaart aan-
den aan natuur worden toegevoegd.
gepast.
In het kader van bodemdaling wordt er niet ingegaan op wegzijging aan de noordrand van de Krimpenerwaard, wat juist de grote veroorzaker van bodemdaling is. Van belang is dat dit op een juiste manier benaderd wordt waarbij gebruik wordt gemaakt van de te onderzoeken gegevens zoals genoemd in 15.2.
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
16.4
Inspreker is tegen het aanplanten van nieuw bos. Dit faciliteert de
In de Omgevingsvisie wordt genoemd dat weidevogels onlosmake-
predatie van weidevogels. Bovendien is bosaanplant niet streekeigen.
lijk met de Krimpenerwaard verbonden zijn en we deze willen behouden. Bij uitwerking van plannen voor bosaanplant is dit een belangrijke randvoorwaarde.
16.5
Het verhogen van het waterpeil is geen optie volgens inspreker omdat:
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
- Vanwege de gemiddelde geringe drooglegging de laag gelegen bebouwde kavels waterschade ondervinden; - Vanwege de al gemiddeld geringe drooglegging de vegetatie in de oevers van de graslanden door inundatie doodgaat en de oevers vervolgens instorten. Op blz.18 van het ontwerp komt juist naar voren dat natuurwaarde is te vinden langs de oevers van de sloten; - Vanwege de al gemiddeld geringe drooglegging komt de landbouw nog meer in problemen. 16.6
16.7
Mest in het water op blz. 75 is misleidend. De huidige wet- en regelge-
Wet- en regelgeving is van invloed op het toepassen van mest. Sa-
ving rond het bemesten zorgt ervoor dat de exacte hoeveelheid mest
men met de agrarische sector wordt gekeken hoe we hier nog opti-
in het optimale seizoen op de juiste afstand van het oppervlaktewater
maler mee om kunnen gaan uit oogpunt van de bedrijfsvoering als
wordt aangebracht.
wel het milieu.
Met betrekking tot gewasbeschermingsmiddelen (blz75) wijst inspre-
Zie algemeen antwoord onkruid/ storingssoorten
ker op het feit dat de praktijk ons leert dat het minste gebruik van gewasbeschermingsmiddelen wordt bereikt indien de jaarlijkse pleksgewijze toepassing blijft bestaan. Op die manier is namelijk te voorkomen dat volveldse bespuiting moet worden toegepast. 16.8
Inspreker merkt op dat er in veel plaatsen in de visie waardering is voor de landbouw. Inspreker vraagt zich af of dit ook duurzame waardering is.
Zie algemeen antwoord trots
16.9
Op de vraag Hoe om te gaan met ontwikkelingen in de landbouw op
Zie algemeen antwoord gangbare landbouw
blz. 38 geeft inspreker het volgende antwoord: De landbouw in de Krimpenerwaard is een bedrijfstak die op economische basis voornamelijk zuivel en vlees produceert ten behoeve van een snelgroeiende (wereld) bevolking. Op dat fundament zijn ook nu al rijkelijk botanische- en weidevogelnatuur en landschapswaarden, met inbegrip van extensieve recreatie, gevestigd. Zo ontstaat ook zeer effectief en efficiënt beheer en onderhoud van het buitengebied. Dit lijkt dan ook het meest duurzaam. Zoals in het ontwerp is opgemerkt is in de Krimpenerwaard al sprake van extensieve bedrijfsvoering bij een geringe drooglegging. Op dit gebied is de melkveehouderij in de Krimpenerwaard zijn tijd vooruit en dat verdient waardering en koestering. Op veel bedrijven nemen behoud en versterking van botanische waarden een vaste plek in. Ook de zorg voor de weidevogels neemt bij veel agrariërs al een belangrijke plaats in. Door alleen maar in te zetten op niet gangbare landbouw, met zijn wankele bedrijfseconomische basis, zijn grote problemen te verwachten. Van een duurzame ontwikkeling is dan geen sprake meer en een verloedering van het buitengebied ligt op de loer.
3.17 Inspreker 17 Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 17.1
Wijziging van de visie
Inspreker geeft aan dat het voor bedrijfsverbreding en agrarisch natuurbeheer het noodzakelijk is dat er ontwikkelingsperspectief en ruimte wordt geboden. Dit voor zowel verbreding in activiteiten maar ook in bedrijfsgrootte.
Zie algemeen antwoord schaalvergroting/intensivering
17.2
Inspreker geeft aan dat het noodzakelijk is om verder te kijken dan de
zie 9.5
waan van de dag in een dergelijke visie. De melkkoe moet niet alleen geroemd worden, er moet verder gekeken worden. Als de visie enkele jaren eerder was opgesteld werd er waarschijnlijk veel aandacht besteed aan de cranberry's of de lisdodde. 17.3
Inspreker geeft aan dat derogatie behouden moet blijven voor het
Zie algemeen antwoord derogatie
waarborgen van duurzame agrarische bedrijven. 17.4
17.5
Inspreker geeft aan dat er erg veel wordt ingegaan op te zwaar en te
Gevaarlijke situaties ontstaan vaak door de combinatie van ver-
in 2.2.3 en 3.5.13
breed landbouwverkeer. Dat zou wat minder mogen. De combinatie
schillende vervoersmiddelen. Voor de structuurverbetering van de
is benoemd dat
tussen grootte en snelheid geeft de meeste overlast. Daarnaast geven
landbouw denken wij dat het nadenken over alternatieve routes
het landbouwver-
hard rijdende bestelbusjes of gehaaste ouders met kinderen net zo-
voor landbouwverkeer een bijdrage hieraan kan leveren. Ook het
keer breder wordt.
veel overlast.
onthaasten - voor alle verkeer - kan een deel van de oplossing zijn.
Inspreker vindt de lay-out van het geheel er mooi uit zien.
Dank u voor uw compliment.
3.18 Inspreker 18 Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 18.1
Wijziging van de visie
Volgens inspreker ontstaat Door het indelen van de Krimpenerwaard
De Krimpenerwaard is een groot gebied met verschillende delen. In
in verschillende gebieden en daar verschillende waarden aan te kop-
de verschillende gebieden van de Krimpenerwaard liggen verschil-
pelen, een situatie dat in het ene gebied bedrijven wel aan de vraag
lende kansen en uitdagingen. Daarom zijn aan de verschillende
van de markt kunnen voldoen en zich op tijd kunnen aanpassen en
gebieden ook verschillende waarden en speerpunten gekoppeld.
groeien en in het andere gebied niet. Deze ongelijkheid is niet wense-
Dit kan betekenen dat in het ene gebied andere kansen liggen dan
lijk. Inspreker verzoekt om een aanpassing hiervan.
in het andere gebied.
3.19 Inspreker 19 Sub
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
nr. 19.1
visie Inspreker geeft aan dat derogatie behouden moet blijven. Dit zorgt
zie algemeen antwoord derogatie
voor een verantwoord gebruik van mest en van de ondergrond 19.2
Waterpeil moet niet verhoogd worden, omdat de drooglegging van de
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
Krimpenerwaard belangrijk is. 19.3
Wijziging van de
De schoonheid van de Krimpenerwaard is te danken aan de boeren
Het landschap van de Krimpenerwaard is mooi in vele opzichten.
die het actief onderhouden. De aanleg van meer natuur wordt de
Dat is te danken aan boeren, inwoners, ondernemers en natuurbe-
Krimpenerwaard volgens inspreker niet mooier van.
heerders en hun samenwerking.
19.4
Inspreker vindt het van belang dat er respect is voor eigendom van de
De Omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen en geeft hiermee
inwoners. Er kan niet zomaar over een gebied besloten worden zonder
richting voor de toekomst. De Omgevingsvisie is zelfbindend voor
dat er overleg met de eigenaren heeft plaatsgevonden.
de gemeente maar heeft geen juridische consequenties voor eigenaren. De Omgevingsvisie is geen bestemmingsplan / omgevingsplan waarin bestemmingen van gebieden planologisch / juridisch zijn vastgelegd. Wanneer er een voorstel ligt om bestemmingen te wijzigen dan worden inwoners hierover geïnformeerd.
3.20 Inspreker 20: LTO Noord regio West Sub nr.
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
Wijziging van de visie
20.1
Inspreker onderschrijft veel punten uit de visie, echter biedt de visie
Zie algemeen antwoord gangbare landbouw
voor agrarische bedrijven geen rooskleurig toekomstbeeld. 20.2
Inspreker geeft aan dat hij niet achter extensivering als de toekomst
zie 20.1
voor de landbouw staat. Extensivering in de visie ondermijnt in de eerste instantie het bestaansrecht van de agrarische sector. Bovendien is de agrarische sector in de Krimpenerwaard niet per se intensief, enkel grondgebonden. 20.3
20.4
Inspreker is van mening dat adaptief vervangen dient te worden
Adaptief is een term die een duurzame ontwikkeling weergeeft in de
door 'een toekomstbestendige land- en tuinbouw', en extensivering
landbouw. Er zijn meer termen die hier op van toepassing zijn. In de
door 'een gezonde rendabele grondgebonden landbouw'.
Omgevingsvisie is gekozen voor 'adaptief'
Inspreker geeft aan dat derogatie behouden moet blijven. Dit zorgt
zie algemeen antwoord derogatie
voor een verantwoord gebruik van mest en van de ondergrond
20.5
Inspreker geeft aan dat het voor agrariërs niet wenselijk is dat het
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
waterpeil verhoogd wordt. Dit komt de bedrijfsvoering niet ten goede. Een flexibeler peilbeheer dan tot nu toe kan mogelijk wel bijdragen aan het tegengaan van bodemdaling 20.6
De rode lijn bodemdaling lijkt zich vooral te richten op de agrarische
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
gronden. Inspreker is van mening dat bodemdaling overal, ook in stedelijk gebied en natuur optreedt. Maatregelen nemen tegen bodemdaling is goed, maar dan dient dit wel op de goede plek te gebeuren met de goede maatregelen. 20.7
Inspreker mist de onderbouwing om inzichtelijk te maken wat de
Door veenoxidatie is er uitstoot van CO2. Er is echter onvoldoende
CO2 uitstoot per ha agrarische grond is. Transparantie wordt daarbij
kennis om de uitstoot nauwkeuriger te onderbouwen. In het Natio-
van groot belang geacht. Co2 uitstoot uit veengrond die enorm is als
naal Onderzoeksprogramma Broeikasgassen Veenweiden (NOBV)
hoofdreden opgeven vindt inspreker te kort door de bocht.
wordt onderzoek gedaan naar de uitstoot per veensoort. Op basis van dit onderzoek kan de uitstoot nauwkeuriger worden gekwantificeerd. Uitkomsten van het onderzoek wordt in 2022/2023 verwacht.
20.8
Het ingetekende natuurgebied is naar inzien van de inspreker te
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
voorbarig ingetekend.
Natuurgebieden op de kaart aangepast.
20.9
Inspreker geeft aan dat de visie doet vermoeden dat biodiversiteit
In de Omgevingsvisie is een apart speerpunt opgenomen over bio-
bijna niet meer aanwezig is in de Krimpenerwaard. Hier is hij het niet
diversiteit, omdat biodiversiteit van invloed is op alles wat leeft in
mee eens. Biodiversiteit is zeker nog aanwezig. Het evenwicht in
de Krimpenerwaard. Het natuurlijk evenwicht hiervan mogen we
flora en fauna bewaren is lastig, en deze ontbreekt nu ook op plaat-
niet uit het oog verliezen.
sen in de Krimpenerwaard
20.10
Inspreker geeft aan dat het plaatsen van zonnepanelen op agrari-
Duurzame energie opwekken d.m.v. zonnepanelen is van belang
sche grond niet wenselijk is in de eerste instantie. Zonnepanelen
om in de toekomst te voorzien in de behoefte aan duurzame ener-
moeten het liefst op daken komen. Daarnaast zou het netwerk van
gie. De voorkeur gaat hierbij uit naar zon op dak. Dit is echter
Stedin nog niet toereikend zijn voor dit soort ontwikkelingen. Voor
waarschijnlijk niet voldoende om te voorzien in de toekomstige
kleine windmolens in agrarisch gebied worden er wel kansen gezien
behoefte. In het proces van de regionale energie strategie wordt dit
door inspreker.
nader uitgewerkt. Hierbij wordt ook gekeken naar de mogelijkheden om op eigen erf energie op te wekken door bijvoorbeeld kleine windmolens.
20.11
Enkele zaken in de Omgevingsvisie worden als onrealistisch gezien
Zie antwoord 9.5
zoals het telen van veenbessen, lisdodde, kleinere koeien en het transport van melk door leidingen. Dit dient aangepast te worden. 20.12
Zaken zoals landbouwverkeer zullen in wederzijds overleg opgelost
Bedankt voor uw inbreng. Het oplossen van verkeersproblematiek
moeten worden waarbij acceptabel beleid wordt opgesteld. Ruilver-
vraagt inderdaad om oplossingen op verschillende gebieden. Ruil-
kaveling kan een oplossing zijn voor de vermindering van verkeer.
verkaveling kan hier inderdaad aan bijdragen.
3.21 Inspreker 21 Sub nr.
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
Wijziging van de visie
21.1
Inspreker snapt niet dat het nieuwe natuurgebied over zijn gronden
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
Natuurgebieden
is ingetekend. Er is hierover geen communicatie geweest en dit heeft
op de kaart aan-
bovendien vergaande gevolgen voor zijn bedrijf. Daarnaast kan er op
gepast.
landbouwgrond ook prima natuurwaarden aanwezig zijn. Er is naar inzien van inspreker geen extra natuur nodig. Bovendien is er recent al 2250 ha agrarisch gebied aan de landbouw onttrokken.
21.2
Wijzigen van landbouwgrond in natuurgrond gaat in tegen het ex-
Omzetting van landbouwgrond naar natuurgrond vindt alleen
tensiveringsvoornemen van de gemeente. Door grondschaarste gaan
plaats binnen het Natuur Netwerk Nederland. Het beheer van
ondernemers in dat geval juist intensiveren.
natuurgrond wordt waar mogelijk ingepast in de agrarische bedrijfsvoering waardoor bedrijven kunnen extensiveren.
21.3
Verbreding van een agrarisch bedrijf moet een keuze zijn van de
Zie algemeen antwoord gangbare landbouw
ondernemer. Niet iets wat in een visie wordt opgelegd. 21.4
Inspreker ziet zijn eigen bedrijf als iets wat prima past binnen de
zie antwoord 21.3
ambities van de gemeente. Met deze visie wordt het hem echter lastig gemaakt om zijn huidige bedrijfsvoering voort te zetten. 21.5
De Co2 uitstoot van veenoxidatie is niet onderbouwd. Op basis hier-
Zie antwoord 20.7
van kan naar inzien van de inspreker geen objectief besluit genomen worden. 21.6
Inspreker vindt het niet wenselijk dat het waterpeil verhoogd wordt.
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
Dit zorgt voor economische schade aan de bedrijven wat vervolgens zal resulteren in planschadeclaims. 21.7
Op de identiteits- en waardenkaart op blz. 20 zijn de huidige land-
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
Aanpassing
na-
bouwgronden rondom Lekkerkerk ten onrechte ingetekend als na-
tuurgebieden
op
tuur. De kaart is het vertrekpunt van nieuwe ontwikkelingen, de
de kaart Aanpas-
huidige situatie zou dan dus het uitgangspunt moeten zijn.
sing natuurgebieden op de kaart
3.22 Inspreker 22 Sub nr.
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
Wijziging van de visie
22.1
Inspreker vindt dat adaptieve landbouw te veel benoemd wordt als oplossing voor alle geschetste problemen.
Zie algemeen antwoord gangbare landbouw
22.2
Bodemdaling wordt genoemd als gevolg van landbouwintensivering,
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
terwijl de bodem harder zakt in bebouwd gebied. De bal voor de oplossing moet dan ook niet geheel bij de agrarische sector gelegd worden. 22.3
Zwaardere landbouwmachines worden als oorzaak genoemd voor
Algemeen antwoord bodemdaling. Gevaarlijke situaties ontstaan
de bodemdaling. Deze machines zijn ver vaak op gericht om schade
altijd door de combinaties van verschillende vervoersmiddelen. Het
aan de bodem te beperken tot een minimum. Tevens neemt het
gaat niet om "wie de oorzaak is", maar welke trends bijdragen aan
aantal agrarische bedrijven af en daardoor zal ook het verkeer af-
de toenemen van het aantal conflictsituaties.
nemen. De toename van verkeer in het buitengebied is vooral te wijten aan burgers. 22.4
Zonneweides zijn niet wenselijk volgens inspreker. Beter kunnen
Duurzame energie opwekken d.m.v. zonnepanelen is van belang
eerst de daken en dijken/ taluds volgelegd worden met zonnewei-
om in de toekomst te voorzien in de behoefte aan duurzame ener-
des. Kleinschalige windmolens moeten ook een plek krijgen in de
gie. De voorkeur gaat hierbij uit naar zon op dak. Dit is echter
visie.
waarschijnlijk niet voldoende om te voorzien in de toekomstige behoefte. In het proces van de regionale energie strategie wordt dit nader uitgewerkt. Hierbij wordt ook gekeken naar de mogelijkheden om op eigen erf energie op te wekken door bijvoorbeeld kleine windmolens.
22.5
Inspreker is blij om te lezen dat er ruimte geboden wordt voor recre-
Bij nieuwe initiatieven worden alle belangen van bedrijven en
atie, dit biedt mogelijkheden voor agrarische bedrijven. Wel moet dit
omwonenden afgewogen.
beperkt blijven tot nevenactiviteiten.
3.23 Inspreker 23 Sub nr.
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
Wijziging van de visie
23.1
Inspreker geeft aan dat zijn land is ingetekend als recreatie/ natuur-
Zie algemeen antwoord natuurgebieden
gebied. Dit vormt een belemmering in zijn bedrijfsvoering.
Natuurgebieden op de kaart aangepast.
23.2
Inspreker geeft aan dat minder kunstmest een goede gedachte is,
Zie algemeen antwoord derogatie
maar dat de afschaffing van derogatie daar haaks op staat.
3.24 Inspreker 24 Sub nr.
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
Wijziging van de visie
24.1
Inspreker brengt in haar zienswijze een stuk grond onder de aan-
Bedankt voor uw suggestie. De Omgevingsvisie is een visie op
dacht wat kan bijdragen aan het oplossen van de opgaven van de
hoofdlijnen. De concrete uitwerking van initiatieven en ideeën valt
gemeente. Met name woningbehoefte, klimaatadaptieve inrichting,
buiten deze visie.
verkeersveiligheid en duurzaamheid zijn speerpunten waar deze grond aan kan bijdragen. 24.2
Inspreker geeft aan dat de voorliggende percelen prima gebruikt
zie 24.1
kunnen worden als locatie voor woningbouwlocatie. 24.3
De locatie kan tevens gebruikt worden voor een nieuwe verkeersin-
zie 24.1
richting. 24.4
De locatie kan tevens gebruikt worden voor klimaatadaptatieve
zie 24.1
doeleinden. 24.5
Inspreker verzoekt om in samenwerking te zoeken naar een goede
zie 24.1
invulling voor het gebied wat bijdraagt aan de doelen.
3.25 Inspreker 25 Sub nr.
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
Wijziging van de visie
25.1
Inspreker geeft aan dat de (melk)veehouderij een belangrijke eco-
Zie algemeen antwoord trots
nomische sector is in de gemeente. 25.2
Inspreker geeft aan dat deze bedrijven onder druk staan door recen-
Op gebied van landbouw en klimaat spelen veel ontwikkelingen.
te ontwikkelingen. De bedrijven doen hun best om daar zoveel mo-
Europees en landelijk wordt ingezet op minder uitstoot van broei-
gelijk aan mee te werken naar een oplossing. Omschakelingen naar
kasgassen en meer aandacht voor biodiversiteit, waterkwaliteit,
andere bedrijfsvoeringen (planetproof, adaptief, biologisch) is echter
gesloten kringlopen. De gangbare landbouw staat hiermee voor
simpelweg niet voor iedereen weggelegd omdat het een te grote
een grote uitdaging en investering. Met agrariërs, overheden, zui-
investering vereist.
velcoöperaties en banken wordt dit erkend en gewerkt aan oplossingen.
25.3
Inspreker geeft aan dat Nederland meer voedsel importeert dan
zie 9.5
exporteert. Daarnaast speelt de factor dat de Krimpenerwaard, gezien de ondergrond, enkel geschikt is voor veehouderij, en niet voor akker- en tuinbouw. 25.4
Inspreker is blij met het feit dat de melkveehouderij nadrukkelijk
Dank u voor uw compliment.
benoemd wordt in de visie. 25.5
Inspreker geeft aan dat het de voorkeur heeft dat de Lek en de IJssel
Doorvaart bieden op zowel IJssel als Lek zien wij ook als belangrijk.
doorvaart blijven bieden zodat bedrijven hun overslag van producten via het water kunnen doen.
3.26 Inspreker 26 Sub nr.
Samenvatting
Reactie op de zienswijze
Wijziging van de visie
26.1
De derogatie moet behouden blijven.
Zie algemeen antwoord derogatie
26.2
Het waterpeil moet zo laag mogelijk blijven zodat boren hun bedrijf
Zie algemeen antwoord bodemdaling en peilverhoging
kunnen blijven voeren. 26.3
Inspreker is tegen de komst van zonneweides en windmolens
zie 6.7 Zonnevelden en windmolens zijn beide nodig om te voorzien in de duurzame energiebehoefte. Dit wordt nader uitgewerkt in het trajecten van de regionale energie strategie
26.4
Inspreker is tegen het volbouwen van dorpen aangezien zij het plat-
De gemeente onderschrijft het belang van behoud en versterken
teland karakter van de Krimpenerwaard waardeert.