BIJL 2.4 bouwhistorische quickscan 4 juli 2019
Tekst van het document
BOUWHISTORISCHE QUICKSCAN BOERENERF 'DEN DIKKEN BOOM' IJSSELDIJK NOORD 123 TE OUDERKERK AAN DEN IJSSEL
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Bouwhistorische quickscan 'Den Dikken Boom' IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
Colofon Opdrachtgever: Familie Vonk Noordegraaf Uitgevoerd door: Bureau Helsdingen te Vianen Helsdingse Voorweg 2 4133 ND Vianen advies@bureauhelsdingen.nl www.bureauhelsdingen.nl tel. 0347-370651 Bureau Helsdingen is een onderzoeks- en adviesbureau op het gebied van Monumenten en Bouwhistorie, gespecialiseerd in boerderijen. Samenstelling: Ing. P.T. den Hertog Ing. J.H. Doornenbal Dhr. H. den Hertog Status: Definitief Datum: 4-07-2019
Pagina 2 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
INHOUDSOPGAVE 1.
Inleiding
p.4
2.
Projectgegevens
p.5
3.
Cultuurhistorisch kader 3.1 Omgevingsgeschiedenis 3.2 Cultuurhistorische waardering
p.7 p.7 p.9
4.
De bouw- en gebruiksgeschiedenis
p.10
5.
Beschrijving 5.1 Het erf 5.2 Hoofdgebouw 5.3 Schuur 5.4 Spoelhuis 5.5 Overige bijgebouwen en erf
p.17 p.17 p.18 p.37 p.58 p.61
6.
Waardestelling 6.1 Motivering waardestelling 6.2 Waardestelling uitgewerkt in plattegrond
p.81 p.81 p.82
7.
Samenvatting, conclusie en aanbeveling
p.83
8.
Bronnen
p.84
Pagina 3 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
1 INLEIDING Aanleiding In deze bouwhistorische quickscan wordt de cultuurhistorische waarde van het erf aan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel, beter bekend als Den Dikken Boom, beschreven. Aanleiding voor dit onderzoek is het verzoek van de eigenaar om de huidige agrarische bestemming te verbreden of om te zetten naar een andere bestemming. In het kader van de toegekende herbestemmingsubsidie worden daartoe de mogelijkheden onderzocht. Voor een wijziging in het bestemmingsplan is het wenselijk om de historie van het erf en de opstallen te kennen. Het doel van dit rapport is het inventariseren en waarderen van de karakteristieke erfelementen. Zo willen wij een cultuurhistorisch verantwoorde erfindeling stimuleren die het historische verhaal van Den Dikken Boom laat zien en tegelijkertijd voldoet aan de huidige functionele eisen.
Leeswijzer Dit rapport is als volgt opgebouwd. Na de projectgegevens wordt in hoofdstuk drie allereerst de omgeving van de boerderij gesproken, deze is vaak bepalend voor de wordingsgeschiedenis en het uiterlijk van een pand. In het vierde hoofdstuk volgt kort de bouwgeschiedenis van het complex. In het vijfde hoofdstuk worden het exterieur en het interieur van de boerderij beschreven en met foto's ondersteund. De unieke kenmerken, de afwijkingen van de standaard typologie en de zichtbare bouwsporen worden per onderdeel genoemd en waar mogelijk gedateerd. In hoofdstuk zes volgt ten slotte een waardestelling waarin de cultuurhistorische waarde de gebouwde elementen op het erf worden beoordeeld.
Uitvoering De resultaten van dit onderzoek worden gepresenteerd in de vorm van een bouwhistorische verkenning. Een bouwhistorische verkenning is een vorm van bouwhistorisch onderzoek aan een object, waarbij het onderzoek wordt uitgevoerd op basis van de bestaande toestand, zonder sloopwerk. De opbouw en de reikwijdte van dergelijke rapporten zijn beschreven in de brochure 'Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek.1
1 Richtlijnen voor bouwhistorisch onderzoek, gezamenlijke uitgave van o.a. de Rijksdienst voor het Cultureel erfgoed, de
Stichting Bouwhistorie, de Rijksgebouwendienst, Den Haag, 2009. Te bekijken via http://www.rijksvastgoedbedrijf.nl/documenten/richtlijn/2014/06/24/richtlijnen-bouwhistorisch-onderzoek . Pagina 4 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
2 PROJECTGEGEVENS Opdrachtgever
: Familie Vonk Noordegraaf
Eigenaars
: Familie Vonk Noordegraaf IJsseldijk Noord 123 2935 BK Ouderkerk aan den IJssel
Objectgegevens Adres
: IJsseldijk Noord 122 / 123 2935 BK Ouderkerk aan den IJssel Objectnaam : Den Dikken Boom Gemeente : Krimpenerwaard Kadastraal adres : ODK04 B 3433 Coördinaten : 51º56'58.44" N 4º38'26.88" O Ligging : Landelijk buiten bebouwde kom Status : Rijksmonument (hoofdgebouw) Monumentnummer: 31993 Omschrijving in het monumentenregister: "Boerderij uit de eerste helft der 19e eeuw, op T-vormige plattegrond. Pannen zadeldak, vensters met 6-ruitsschuiframen." Oorspronkelijke bestemming : Steenplaats Huidige bestemming : Zorg - en recreatieboerderij Bouwjaar : Eerste helft 19e eeuw Bouwstijl : Streekeigen en traditioneel Actuele kaartgegevens/ situering Topografische ligging van het pand ten noorden van Ouderkerk aan den IJssel.
Bron: Google Maps
Pagina 5 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Detail van de bovenstaande foto.
Bron: Google Maps De ligging van de boerderij aan het dijklint. De schuren staan evenwijdig aan de kavelrichting. Het hoofdgebouw staat vrijwel haaks op de dijk.
Bron: Bing Maps
Pagina 6 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
3 CULTUURHISTORISCH KADER
3.1 Omgevingsgeschiedenis De boerderij ligt aan de IJsseldijk Noord aan de rivier de Hollandse IJssel in het dorp Ouderkerk aan den IJssel. Deze plaats wordt voor het eerst als Oudekerke genoemd in een akte uit 1263 van de Utrechtse St. Salvatorkerk of Oudmunster.2 Bij archeologische opgravingen onder de huidige kerk zijn de restanten van een 12e eeuwse voorloper gevonden. Mogelijk was deze kerk de 'moederkerk' van Capelle en Nieuwerkerk aan den IJssel.3 De Keizer en Lans opperden de mogelijkheid dat het dorp al sinds de 10e eeuw bewoond is, met de Nessepolder als vroegmiddeleeuwse dorpskern.4 Het dorp heeft zich ontwikkeld langs de IJssel en had van oudsher een agrarisch karakter. Het is tevens, dankzij de ligging aan de rivier, tot op de dag van vandaag een schippersdorp. De omgeving van Ouderkerk bestond vóór het jaar 950 uit moerassige veengebieden. Vanaf circa dat jaar begonnen mensen het land in het gebied te ontginnen en het zo geschikt te maken voor de landbouw.5 Deze periode duurde in de Krimpenerwaard tot de 16e eeuw en staat bekend als de Grote Ontginning.6 Het land in de Krimpenerwaard dat men ontgon, was voornamelijk in handen van de Utrechtse kapittelkerken van St. Maarten, St. Marie en St. Salvator. Degenen die land ontgonnen, kregen van de proost van de kapittelkerk een cope-overeenkomst.
Hiermee kregen de ontginners toestemming om het land te ontginnen en het recht de grond te gebruiken. Ontginningen op basis van een cope-overeenkomst worden cope-ontginningen genoemd. Zij kenmerken zich door regelmatige, lange smalle kavels. De standaard kavels zijn circa 115 meter breed en 1250 meter lang. Dit wordt een 'hoevemaat' genoemd.7 Men begon de ontginningen vanaf een ontginningsas en ontgon richting het achterliggende land. Langs de kavels werden parallelle sloten gegraven om het water af te kunnen voeren. Aan de achterzijde van de percelen werd een kade opgeworpen om als waterkering of als landscheiding te dienen.8 Op de kop van de kavels werden boerderijen geplaatst in de richting van de kavel. Op deze wijze ontstonden de kenmerkende boerderijlinten in het landschap. Het polderlandschap met copeontginningen rondom ''Den Dikken Boom'' op de topografisch-militaire kaart van 1850. Op de kaart is te zien dat de boerderij in 1850 ook al als ''Den Dikke Boom'' bekend stond. De grootste verandering in het landschap is de drooglegging van de Prins Alexanderpolder in de periode 18651874. Bron: topotijdreis.nl 2 B. de Keizer en C.C.J. Lans, De bouwgeschiedenis van het dorp Ouderkerk a/d IJssel (Rotterdam: Ons Voorgeslacht, 1980), 12. 3 www.hvouderkerck.nl geraadpleegd op 25-03-19.
4 De Keizer, De bouwgeschiedenis van het dorp Ouderkerk a/d IJssel, 9 5 De Keizer, De bouwgeschiedenis van het dorp Ouderkerk a/d IJssel, 9
6 Catharina L. van Groningen, De Krimpenerwaard: de Nederlandse monumenten van geschiedenis en kunst (Zwolle: Waanders, 1995),
25. 7 Klaas-Hemke van Meekeren, red., Linten in de leegte: Handboek groene bebouwingslinten in de Utrechtse Waarden. Deel 1 Beeldkwaliteit en ontwikkeling (Montfoort: Gemeente Montfoort, 2008), 22. 8 Van Meekeren, Linten in de leegte, 24. Pagina 7 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Vanaf de 12e eeuw wordt het voor de Utrechtse kapittelkerken steeds lastiger hun machtspositie ten westen van de Vlist te behouden. Dit komt voornamelijk vanwege de aanwezigheid van de graaf van Holland en zijn leenmannen, die eveneens hun gebied uitbreiden door de wildernis te ontginnen. In de Krimpenerwaard krijgen de heren Van der Lecke, leenmannen van de graaf van Holland, steeds meer invloed. Zij stichten aan weerszijden van de Lek de heerlijkheid van de Lek, waar Ouderkerk aan den IJssel een onderdeel van was.9 Pieter van der Leck was in 1326 ambachtsheer van Ouderkerk aan den IJssel.10 In de 17e eeuw komt de heerlijkheid van de Lek in handen van de familie Van Nassau la Lecq, een bastaardtak van prins Maurits. De dorpen aan de Hollandse IJssel hebben zwaar te lijden gehad onder oorlogsgeweld. In de jaren '20 van de 15e eeuw en in de jaren '70 van de 16e eeuw werd Ouderkerk aan den IJssel verwoest in respectievelijk de Hoekse en Kabeljauwse twisten en de Nederlandse Opstand. Dit verklaart, samen met de vele overstromingen en dijkdoorbraken, waarom de ontginning van de Krimpenerwaard relatief laat was voltooid.11 Dankzij de nabijheid van de Hollandse steden had zich in Ouderkerk aan den IJssel vanaf de 15e eeuw een geldeconomie kunnen ontwikkelen.
De boeren gingen steeds meer voor de markt produceren, wat in combinatie met een steeds drassiger wordende ondergrond, leidde van een verschuiving van akkerbouw (koren) naar veeteelt (runderen). Van de akkerbouwproducten werd hennep (ten behoeve van scheepstouw en zeilen) het populairste gewas. De hennepteelt liet haar sporen na in het slotenpatroon in de polders. Tot halverwege de 19e eeuw bleef de hennepteelt een belangrijke inkomstenbron voor de boeren in de Krimpenerwaard, daarna verloor het product vanwege de omschakeling van zeil- naar stoomschepen zijn relevantie.12 Behalve de landbouw waren ook de nijverheid en de scheepsvaart belangrijke bestaansmiddelen voor Ouderkerk aan den IJssel. De aanwezigheid van timmerwerkplaatsen, steenbakkerijen en scheepswerven zorgden ervoor dat het dorp Ouderkerk in de Gouden Eeuw vergeleken met een eeuw daarvoor meer dan twee keer zo groot was.13 Vanaf de 18e eeuw nam de bevolking in heel Holland, Ouderkerk inbegrepen, af. De dorpskern van Ouderkerk had toen ca. 340 inwoners. Halverwege de 19e eeuw begint de bevolking weer langzaam op te lopen.14 In de jaren '30 van de 20ste eeuw ontstaat de bebouwing aan de Kerkweg, de Lageweg en de IJssellaan. Eind jaren '50 begon met de aanleg van de Wilhelminastraat een proces van komvorming, een proces dat nog steeds gaande is.15 Ouderkerk aan den IJssel telde in 2011 ca. 5700 inwoners.
9 De Keizer, De bouwgeschiedenis van het dorp Ouderkerk a/d IJssel, 3. 10 De Keizer, De bouwgeschiedenis van het dorp Ouderkerk a/d IJssel, 163. 11 De Keizer, De bouwgeschiedenis van het dorp Ouderkerk a/d IJssel, 20. 12 De Keizer, De bouwgeschiedenis van het dorp Ouderkerk a/d IJssel, 14. 13 Van Groningen, De Krimpenerwaard, 32.
14 De Keizer, De bouwgeschiedenis van het dorp Ouderkerk a/d IJssel, 33. 15 www.topotijdreis.nl geraadpleegd op 25-03-19.
Pagina 8 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
3.2 Cultuurhistorische waardering Het pand staat als object niet op zichzelf, maar is een onderdeel van een groter historisch en ruimtelijk geheel, met tal van relaties in de tijd en de ruimte. Cultuurhistorie wordt gezien als het totaal van archeologie, (historisch) landschap en bebouwingsstructuren. Dit wordt hieronder verklaard.
Archeologie Het erf is voor het grootste gedeelte gelegen in de bufferzone van de stroomgordel van de Hollandse IJssel. De oever van de rivier wordt al bewoond sinds de vroege middeleeuwen. Deze zone heeft daarom ook een hoge archeologische verwachtingswaarde onder het maaiveld, tot meer dan vijf meter diep. De bufferzone wordt beschouwd als een archeologisch waardevolle zone. Dieper de polder in ligt een komafzetting met veen met een lage archeologische waarde.16
Landschappelijk De boerderij ligt in de Krompolder, een onderdeel van de polder Kromme, Geer en Zijde, direct achter de dijk langs de Hollandse IJssel. De Hollandse IJssel is een riviersysteem en historische vaarweg van voor 1500 van hoge waarde. De dijk is een landschappelijke lijn met een hoge waarde. De polder Kromme, Geer en Zijde is een veenontginning van hoge waarde. Tot slot ligt de boerderij in het inundatiegebied van de Oude Hollandse Waterlinie. 17
Nederzetting / monumentaal De boerderij ligt aan een dijklint uit de periode vóór 1850. Dit lint heeft een hoge waarde en tevens heeft de relatie van het lint met het achterliggende landschap een hoge waarde.18
16 Cultuurhistorische waardekaart Zuid-Holland 2017 17 Cultuurhistorische waardekaart Zuid-Holland 2017 18 Cultuurhistorische waardekaart Zuid-Holland 2017
Pagina 9 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
4 DE BOUW- EN GEBRUIKSGESCHIEDENIS In dit hoofdstuk wordt de bouwgeschiedenis van het erf en de gebouwen in verschillende fasen besproken. Gebouwen zijn meestal diverse keren aangepast en zijn daarom niet aan één bouwjaar te koppelen. Zeker als een gebouw van functie is veranderd, is er sprake van meerdere ontwikkelingen en is een gebouwencomplex bijna nooit in één fase gebouwd. Hetzelfde geldt voor het erf als geheel. Het erf is als het ware opgebouwd uit verschillende historische lagen op elkaar. Een nieuwe laag kan de vorige laag vervangen of bedekken. Daarbij is de nieuwe laag vaak gebaseerd op de oudere, onderliggende laag. Soms zijn sporen van de oude laag herkenbaar in de nieuwere laag.
Steenfabrieken Den Dikken Boom is van origine een steenplaats of steenfabriek. Hier werden tussen 1561 en 1916 de voor de Krimpenerwaard zo kenmerkende IJsselsteentjes gebakken.19 De oude veldovens waarin dit gebeurde zijn verdwenen maar er zijn nog elementen in het landschap en op het erf te herkennen die ons helpen herinneren aan dit productieproces wat langs de Hollandsche IJssel zo'n grote rol heeft gespeeld. Steenproductie was sinds de middeleeuwen een nevenactiviteit van rijke herenboeren en de landadel. Het werk was sterk seizoensgebonden en de werknemers waren vaak rondreizende arbeiders. Aangezien het bakken van steen slechts een nevenactiviteit was, werden de fabrieken in tijden van een slechte conjunctuur zonder veel problemen (voor de eigenaar; de arbeiders werden op straat gezet) tijdelijk gesloten. Veel van hen kwamen uit het vorstendom Lippe maar ook voor de lokale bevolking werd hier werkgelegenheid geboden.20 Van de mannelijke werknemers in de steenfabriek werd geacht dat zij ook hun familieleden in de fabriek lieten werken. Er zijn verhalen bekend van meisjes die een betere carrière als dienstbode hebben moeten opgeven om hun vaders te helpen in de steenfabriek. Kinderarbeid was zeer gebruikelijk in de steenfabricage.
De arbeiders werden in de meeste gevallen ondergebracht in kleine huisjes op het fabrieksterrein, dit in verband met de lange werkdagen van ongeveer 15 uur.21 Vanaf circa 1870 begon de industriële revolutie het productieproces van de steenbakkerijen te beïnvloeden. Als eerst deden stoomlocomotiefjes hun intrede in Gelderland ten behoeve van het delven van klei. Steenpersmachines werden ongeveer tien jaar later geïntroduceerd. Deze innovaties kwamen echter veel te laat om de ontwikkelingen in het buitenland bij te benen. Ook namen de deeltijdondernemers, die de industrie bleven domineren, weinig initiatief tot vernieuwing; zij hadden vaak voldoende andere inkomstenbronnen om niet van de steenproductie afhankelijk te zijn. Het gevolg van deze late industrialisatie was het aantal steenfabrieken in Nederland met 1/7 afnam in de jaren '80 van de 19e eeuw. Vanaf de eeuwwisseling gaat een nieuw slag ondernemers de concurrentiestrijd aan met de traditionele steenbakkers. Zij introduceren het gemechaniseerde grootbedrijf en beschouwden steenbakken als een voltijd beroep in plaats van een bijverdienste. Door de introductie van de ringovens konden bakstenen nu ook het hele jaar door gebakken worden. Het gevolg van deze ontwikkelingen was overproductie, wat de prijs van bakstenen naar beneden drukte.
Dit, gepaard met de kapitaalintensieve investering die nodig was voor een ringoven, was een serieuze bedreiging voor veel traditionele steenfabrieken.22 Behalve van de algemene economische ontwikkelingen hadden de steenfabrieken langs de Hollandse IJssel ook veel last van de achteruitgang van de kwaliteit van het slib uit de rivier. Dit proces begon vanaf het begin van de 19e eeuw de steenfabricage te bemoeilijken en werd veroorzaakt door de kanali19 D.W. Hoogendijk, C.C.J. Lans, en J. Bakker, “De steenbakkerijen,” Historische Encyclopedie Krimpenerwaard 4, nr. 3 (1979):
54.
20 http://www.jenneken.nl/bekijk/1900STEENBAKKERIJ.htm geraadpleegd op 21-03-19. 21 Hoogendijk, Lans, en Bakker, “De steenbakkerijen,” 68.
22 http://www.jenneken.nl/bekijk/1900STEENBAKKERIJ.htm geraadpleegd op 21-03-19.
Pagina 10 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
satie van de Hollandse IJssel en door de watervervuiling dankzij het opkomende motorbootverkeer en de toegenomen industrie langs de rivier. Een andere factor die de vraag naar IJsselstenen deed afnemen was het kleine formaat, wat er voor kon zorgen dat deze stenen bij zijdelingse druk eerder uit het wegdek gedrukt konden worden dan stenen van groter formaat. In 1814 raadde inspecteur-generaal van de Waterstaat ir. Jan Blanken Jansz. het gebruik van IJsselstenen af en na de Franse tijd wordt het gebruik van IJsselstenen in openbare werken zelfs verboden.23 Niet geheel toevallig erfde Blanken in 1822 een steenfabriek in de Middelwaard bij Vianen van zijn zwager Arie van Lakerveld.24 Daar werden van roodbakkende klei bakstenen en klinkers geproduceerd van grotere afmetingen dan de IJsselsteentjes. Tot slot had ook de Woningwet van 1901 negatieve gevolgen voor de vraag naar IJsselstenen. Deze wet verplichtte gemeentes om voorschriften op te stellen die betrekking hadden op de volkshuisvesting. Deze voorschriften verschilden per gemeente. Vrijwel alle gemeenten begonnen aanvullende eisen te stellen aan de fundering en dikte van de muren van nieuw te bouwen woningen. Sommige gemeenten stelden vereisten aan de te gebruiken materialen.
Zo verplichtte gemeente Rotterdam het gebruik van harde klinkers in het trasraam.25 Per saldo hadden deze verschillende gemeentelijke voorschriften voor de vraag naar IJsselstenen een negatief effect. Het lot van Den Dikken Boom is exemplarisch voor deze ontwikkelingen; Den Dikken Boom staakte de steenproductie in 1916. Vanaf dat jaar werd het een boerenbedrijf. Referentiebeeld 1
De nabijgelegen steenfabriek De Molenplaats in de buurt van Den Dikken Boom met rechts de steenovens, omgeven door turfschuren. Bron: izi.travel.nl
23 Hoogendijk, Lans, en Bakker, “De steenbakkerijen,” 65.
24 http://www.kasteleninutrecht.eu/Vijverlust.htm geraadpleegd op 27-03-19. 25 Mr. dr. F. Sleutelaar, Woningwet: met Inleiding en Aanteekeningen benevens tekst der Gezondheidswet en der algemene maatregelen van
bestuur tot uitvoering van beide wetten (Haarlem: De erven F. Bohn, 1902), 92. Pagina 11 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Referentiebeeld 2
Steenplaats en steenovens Klein Hitland in Nieuwerkerk aan den IJssel aan de overzijde van de IJssel gelegen. De turfschuren hebben een kenmerkende vorm met een schuin dak. Bron: Omroep Zuidplas
Referentiebeeld 3
Eén van de steenovens op Klein Hitland in Nieuwerkerk aan den IJssel. In het midden bevindt zich de oven en links en rechts bevinden zich de houten turfschuren waar vanuit de ovens werden gestookt. Bron: Adri den Boer
Referentiebeeld 4
Klein Hitland. De binnenzijde van een oven met onderin de zijwanden de stookgaten van waaruit van buitenaf de oven werd gestookt (vanuit de aangebouwde houten turfschuren). De bovenzijde van de oven is open en werd tijdens het bakproces met losse stenen dichtgestapeld. Bron: Rob Stolk 2013 wikipedia.nl
Pagina 12 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Hoewel steenfabrieken, in tegenstelling tot bijvoorbeeld boerderijen of kerken, geen specifieke typologische kenmerken hebben, zijn er wel degelijk enkele specifieke elementen die de steenfabrieken langs de Hollandsche IJssel met elkaar gemeen hebben. Ten eerste de locatie: steenfabrieken hadden rivierklei nodig als grondstof. Bovendien was ook brandstof nodig; hier was turf heel geschikt voor. Tot slot moesten de gedroogde klei en de bakstenen ook vervoerd worden. Gezien het gewicht van de goederen was vervoer over het water het meest efficiënt. Deze drie factoren maakten een ligging aan een rivieroever in een veenweidegebied optimaal. Het winnen van rivierklei gebeurde op buitendijks land, binnen zogenaamde zellingen, stukken grond die met rietkragen waren afgezet waar het slib zich in verzamelde. Gemiddeld had een steenfabriek voor 2,5 hectare aan zellingen. Een ander element dat algemeen voorkwam was de karrestoep. Een karrestoep is een berijdbare doorgang, dwars door de dijk en even diep als het binnendijkse terrein. De karrestoep had als doel om de klei gemakkelijk van de rivieroever naar het fabrieksterrein, waar de ovens stonden, te vervoeren. Vanzelfsprekend waren deze karrestoepen zwakke plekken in de dijkbescherming. Sinds het begin van de 20ste eeuw zijn ze dan ook allemaal verdwenen. Zoals gezegd stond de steenoven binnendijks.
Over het algemeen waren het rechthoekige, vrijstaande bakovens. Ze hadden een schoorsteen en waren aan één kant geheel of gedeeltelijk open. De wanden waren één tot anderhalve meter breed en de vloer was bedekt met gebakken steen of steenstukken. Vaak waren ze deels ingegraven. In de korte wand waren boogvormige openingen van 30 cm breed en 80 cm hoog, hiervandaan werd het vuur aangestoken.26 De directeurswoningen stonden vaak aan de dijk in de nabijheid van de fabriek maar waren hier geen onderdeel van; hier vond geen productie plaats. Typologisch gezien zijn het woonhuizen. Het meest voor de hand liggende materiaal - IJsselstenen - werd hier vaak, maar soms ook juist niet, toegepast. Aan de ene kant waren IJsselstenen gemakkelijk verkrijgbaar en was het optrekken van het eigen huis met eigen stenen een goede manier van gratis reclame maar er waren ook steenbakkers die voor een andere, exclusievere steensoort kozen om hun sociale positie te onderstrepen. Referentiebeeld
De directeurswoning van steenfabriek ''De Molenplaats'', eveneens in Ouderkerk aan den IJssel. Het herenhuisachtige dijkhuis werd in 1885 in eclectische stijl met neoclassicistische elementen gebouwd in opdracht van de heer Capelle van Hogendijk. De steenfabriek was mogelijk al in 1453 in gebruik. Bron: Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard.
Fase ca. 1600 Boerderij Den Dikken Boom is gelegen aan de IJsseldijk Noord te Ouderkerk aan den IJssel. De boerderij is gevestigd op een voormalige steenplaats waarbij de naam verwijst naar een historische boom op het 26 Hoogendijk, Lans, en Bakker, “De steenbakkerijen,” 58-65.
Pagina 13 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
erf.27 De eerste vermelding van een steenplaats in Ouderkerk stamt uit 1453 en betreft mogelijk De Molenplaats in de Zijdepolder (zie bovenstaande afbeelding). In 1467 wordt melding gemaakt van een steenplaats in de Krompolder. Of dit over Den Dikken Boom gaat, is onbekend. De eerste vermelding van Den Dikken Boom dateert uit 1561. In de Krompolder en de Geerpolder stonden toen de steenplaatsen Den Dikken Boom, De Groeneboom en De Groeneplaats die samen één complex vormden.28 Als eigenaars treffen we afwisselend de families Verbie en Rijkaart. Rond 1600 bevinden zich op het terrein van Den Dikken Boom twee steenovens op 2 morgen en 50 roe land waarvan de familie Verbie eigenaar is. In 1655 wordt Adriaan Antonis Verbie vermeld als eigenaar, tevens behoorde tot zijn eigendom een steenplaats in Haastrecht en één in Nieuwerkerk aan den IJssel.29
Fase 18de eeuw De volgende vermelding van Den Dikken Boom dateert uit 1734. In dat jaar is de fabriek eigendom van J. Rijkaart en Co. Van De Groeneboom en De Groeneplaats wordt in dat jaar geen melding gedaan. Gezien de aard van de steenproductie is het goed mogelijk dat deze fabrieken in dat jaar tijdelijk op non-actief stonden. In hoeverre Den Dikken Boom gedurende de geschiedenis operationeel is geweest, is onbekend.30 In 1740 is meester-steenbakker Gerrit Verbie (geb. 1701) eigenaar. In 1740 krijgt hij vergunning om een stuk rietveld uit te graven en het slib te vervoeren.
Situatie begin 19de eeuw; kadastrale minuut ca. 1828 De kadastrale minuut geeft de situatie weer op het moment dat werd begonnen met het kadaster. Deze kaarten zijn samengesteld in de periode 1811-1832. In 1832 kregen de kaarten hun juridische status. Voor de bouwhistorie zijn deze kaarten belangrijk omdat het de oudste kaarten zijn waarop elk gebouw betrouwbaar staat weergegeven, als een momentopname. De kadasterkaarten zijn in de Krimpenerwaard tot stand gekomen in de jaren 1828-1829.31 In 1832 was weduwe Ary Rijkaart eigenaar van de steenplaats die twee ovens telde.
27 www.dendikkenboom.nl geraadpleegd op 25-03-19. 28 Hoogendijk, Lans, en Bakker, “De steenbakkerijen,” 54.
29 https://grofkeramiek.nl/grofkeramiek/show/zho-475 geraadpleegd op 25-03-19. 30 Hoogendijk, Lans, en Bakker, “De steenbakkerijen,” 54. 31 Van Groningen, De Krimpenerwaard p. 339.
Pagina 14 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De kadastrale minuut, met behulp van QGis, geprojecteerd op een recente kadasterkaart. De kaart geeft duidelijk aan: 'Steenplaats genaamd den Dikken Boom'. De Rood omkaderde gebouwen langs de dijk zijn de twee turfschuren met daartussen de oven. Het voorhuis aan de dijk is min of meer in dezelfde vorm reeds aanwezig. Het huidige achterhuis heeft hier breder dan het huidige achterhuis. Op de plaats van de huidige oude schuur staat een kleine schuur. Het grootste deel van het terrein is onbebouwd en zal dienst hebben gedaan voor het drogen van de stenen zoals is te zien op referentiebeeld 2. Bron: Beeldbank RCE
Fase eind 19de eeuw Vanaf 1887 was Martinus Rijkaart eigenaar. Na het overlijden van Martinus zetten de kinderen Jan en Neeltje Rijkaart de steenplaats voort onder de naam J. Rijkaart & Co. De huidige eigenaar, heer G. Vonk Noordegraaf, weet uit overlevering dat op de locatie vóór de huidige ligboxenstal een droogschuur voor de stenen stond.
Fase begin 20ste eeuw In 1906 kocht Antonie Vonk Noordergraaf de steenplaats van de familie Rijkaart voor zijn zoon Pieter die was getrouwd met Francina Anna Rijkaart. Omstreeks 1915 sloot Antonie Vonk Noordegraaf de steenfabriek. Zijn kleinzoon; wederom een Antonie, startte op deze plek een boerderij. Daarna begon de agrarische fase van deze locatie. Het voormalige directeurshuis werd de boerenwoning en kon in tweeën bewoond worden. De grote schuur die nu achter het huis staat werd de veestal. Het is niet geheel duidelijk of deze stal speciaal als veestal is gebouwd. Vanwege geschatte ouderdom en vanwege de vorm, die afwijkt van een veestal, is het aannemelijk dat deze schuur nog dateert uit de fase van de steenfabricage en daarna is verbouwd tot veestal.
Pagina 15 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Steenfabriek Den Dikken Boom rond 1900 toen deze nog in gebruik was als steenfabriek. Links op de foto het woonhuis dat nog bestaat. Rechts naast het woonhuis zijn de twee ovens zichtbaar die zich half in de dijk bevonden met aangebouwde houten turfschuren. Bovenop de oven is een houten hekwerk zichtbaar zodat er op de oven veilig kon worden gelopen tijdens het volstapelen van de oven. Aan de overzijde van de weg aan de rechter zijde op de foto werden de goederen aan- en afgevoerd. Op de bovenstaande afbeelding is te zien dat de dijk ter plaatse van Den Dikken Boom een stuk lager is dan achteraan op de foto. Dat geeft aan dat dit de plaats was van de 'karrestoep'. Bron: Hollandsche IJsseldijk Toen en nu. Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard. In deze agrarische fase zijn achter deze stal varkensschuren toegevoegd, en is het spoelhuis gebouwd. Op de meeste boerderijen in de Krimpenerwaard werd kaas gemaakt en dat was hier niet anders. In het hoofdgebouw bevindt zich nog het betegelde 'wringhuis' waar de kaas werd gemaakt. Het afvalproduct van de kaasbereiding was wei, en dit was een uitstekend varkensvoer. Daarom hielden in de Krimpenerwaard de zelfkazende boeren altijd ook varkens. Deze varkensschuren zijn inmiddels gesloopt, maar zijn nog te zien op de luchtfoto uit hoofdstuk 5.
Fase midden 20ste eeuw Gerrit en Pieta Vonk Noordegraaf namen in 1977 het melkveebedrijf over. In die periode zijn de huidige stallen en schuren gebouwd: De huidige ligboxenstal ca. 1990 en de huidige kapschuur / wagenberging in 2008 op de plaats van de varkensschuren. In 2010 stapte de familie van melkvee over naar Lakenvelder vleesvee koeien. De agrarische activiteiten werden uitgebreid met zorg en recreatie. Daartoe werd achter de wetering een recreatiewoning gebouwd, op de plaats van gesloopte bebouwing. Het erf toont als het ware de gelaagde opbouw, waarbij van elke laag uit het verleden in het heden nog sporen te vinden zijn. De fase van de steenplaats blijkt uit de het huis en de grote stal. De fase van het traditionele zelfkazende boerenbedrijf gaf een verandering van schuur naar veestal en de toevoeging van elementen als de boenstoep, de silo's en de varkensschuren. De schaalvergroting in de agrarische sector betekende specialisatie naar melkveehouderij en zorgde voor toevoeging van een nieuwe stal en de bouw van een machineloods als vervanging van de varkensstallen.
Pagina 16 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
5 BESCHRIJVING
5.1 Het erf Op het erf aan de IJsseldijk Noord 123 staat tegen de dijk de boerderij. De boerderij is bereikbaar via een verhard pad vanaf de dijk dat rechts naast de boerderij uitkomt. De boerderij staat met de voorgevel opvallend genoeg niet parallel aan de achterliggende kavels en ook niet haaks op de dijk. Het pad gaat over in een klinkerpad dat het erf opgaat en waaraan aan beide zijden schuren gesitueerd zijn. De kavel waarop de boerderij staat bestaat uit grasland met enkele rijen knotbomen en een boomgaard. Achter de wetering ligt het achtererf, bereikbaar via een brug. Op het achtererf staat een recente recreatiewoning. Langs de recreatiewoning ligt een pad naar de achtergelegen weilanden. De kavels worden van de percelen van de buren gescheiden door een sloot.
Luchtfoto van het erf. Bron: fam. Vonk Noordegraaf. Datering ca. 2000. Opvallend is de grootte van het oorspronkelijke erf en de veelheid aan traditionele bijgebouwen over een lange strook vrijwel aaneengesloten geplaatst. Het erf is sindsdien weinig gewijzigd. Op de plaats van de varkensstallen (achter de beide silo's) is de wagenloods gebouwd. Het bebouwde oppervlak van het erf is daarmee afgenomen.
Pagina 17 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Luchtfoto van het erf, rood omkaderd. Bron: Verstoep
5.2 Hoofdgebouw De bouwmassa Het woonhuis bestaat uit een voorhuis en een achterhuis met een rechthoekige bouwmassa van één laag met een kapverdieping. Het voorhuis is met het zadeldak vrijwel evenwijdig aan de dijk gelegen. Het achterhuis is met het dak haaks op het voorhuis geplaatst. Het voorhuis is ouder dan het achterhuis. Het voorhuis is vermoedelijk gebouwd tegen het einde van de 18de eeuw zo rond 1800 en is ook terug te vinden op de kadastrale minuut van 1811-1832. Het tegenwoordige achterhuis is jonger en vermoedelijk gebouwd rond 1850.
De voorgevel Het metselwerk van deze symmetrische gevel bestaat uit een gele baksteen (IJsselformaat) in kruisverband gemetseld. Op de begane grond bevinden zich vier zesruit schuifvensters in empirestijl. Boven deze vensters bevinden zich anderhalfsteens hoge strekken van een rode (duurdere, als statussymbool) IJsselsteen. In het midden van de gevel bevindt zich een voordeur met een bovenlicht. Deze voordeur is een 19eeeuwse paneeldeur met een bewerkt gietijzeren rooster die waarschijnlijk niet authentiek is. De voordeur en het bovenlicht zijn omgeven door een gepleisterde omlijsting van cementstuc. De gootconstructie maakt tegenwoordig onderdeel uit van de classicistische lijstgevel, wordt gedragen door houten klossen en is afgetimmerd met een houten kroonlijst in de vorm van een ojief. De oorspronkelijke goot had ook een ojiefvorm maar was vermoedelijk van gietijzer.
Pagina 18 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Voorgevel in de huidige toestand van het woonhuis aan de IJsseldijk Noord 123.
Een oude afbeelding van de voorgevel van het woonhuis in 1968 met nog de originele voordeur en gootconstructie van gietijzer met smeedijzeren gootbeugels. Bron: Beeldbank cultureel erfgoed, G.J. Dukker 101968
Pagina 19 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De linker zijgevel De linker zijgevel van zowel het voorhuis als het achterhuis bestaat uit gele IJsselsteen gemetseld in kruisverband. De linker zijgevel van het voorhuis eindigt bovenaan in een tuitgevel. In deze gevel bevinden zich een tweetal keldervensters van het souterrain en een tweetal zoldervensters in de topgevel. Verder is de zijgevel van het voorhuis een blinde gevel. De gevel van het achterhuis ligt iets terug t.o.v. de gevel van het voorhuis. In de zijgevelgevel van het achterhuis bevinden zich vier vensteropeningen. Een tweetal vierruits schuifvensters van het souterrain en een tweetal zesruit schuifvensters voor de bel-etage. Een oude afbeelding van de linker zijgevel van het woonhuis in 1968 met nog de originele schoorsteen als geveltuit op het dak. Tegenwoordig is de schoorsteen niet meer aanwezig. Bron: Beeldbank cultureel erfgoed, G.J. Dukker 101968.
Pagina 20 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De linker zijgevel van het achterhuis springt iets terug ten opzichte van de linker zijgevel van het voorhuis.
In de oksel bevindt zich een authentieke toegangsdeur naar het souterrain onder het voorhuis. De deur bestaat uit een boven- en een onderhelft en bevindt zich in een zwaar kozijn.
Pagina 21 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De linker zijgevel van het achterhuis met aan de onderzijde een tweetal vierruit schuifvensters het souterrain. Daarboven een tweetal van het oudste type zesruit schuifvensters in empirestijl met een verticale brede middenroede (18201860).
De achtergevel De achtergevel wordt gevormd door de huidige achtergevel van het huidige jongere achterhuis uit de 19de eeuw. De achtergevel wordt bekroond met een tuitgevel en in de gevel bevindt zich een asymmetrische vensterindeling. De achtergevel is gemetseld met gele IJsselstenen is in één bouwfase tot stand gekomen. Boven de vensteropeningen bevinden zich anderhalfsteens hoge strekken eveneens van gele IJsselstenen. Daarmee is deze gevel eenvoudiger dan de voorgevel en de zijgevels van het oudere voorhuis waarbij de strekken van rode steen zijn.
Pagina 22 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De achtergevel in de huidige toestand. Tegen deze gevel was een schoorsteen gemetseld in de vorm van een buitenpijp. Dat blijkt uit de bouwsporen tussen de onderste vensters en dat verklaart de roetsporen tegen de muur.
De rechter zijgevel De rechter zijgevel van zowel het voorhuis als het achterhuis bestaat uit gele IJsselsteen gemetseld in kruisverband. De linker zijgevel van het voorhuis eindigt bovenaan in een tuitgevel. In deze gevel bevinden zich een tweelicht keldervenster van het souterrain, een drietal schuifvensters voor de bel-etage en een tweetal zoldervensters in de topgevel. Verder is de zijgevel van het voorhuis een blinde gevel. De gevel van het achterhuis ligt vrijwel gelijk met de gevel van het voorhuis. In de zijgevel van het achterhuis bevindt zich naast een entreedeur met een bovenlicht, een viertal vensteropeningen. Een tweetal vierruit schuifvensters van het souterrain en een tweetal zesruit schuifvensters voor de bel-etage.
Pagina 23 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De complete rechter zijgevel van het voorhuis en het achterhuis.
De rechter zijgevel van het voorhuis. In de gevel bevindt zich een authentiek dubbel keldervenster. Dit keldervenster is mogelijk ouder dan de rest van het gebouw. Het venster is afwijkend en zit niet op één lijn met de overige vensters in de gevel.
Pagina 24 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Het rechter raam heeft nog een origineel diefijzer. Bij het linker venster is het diefijzer verdwenen. Er zijn nog wel sporen waar te nemen waar het diefijzer heeft gezeten.
De dijk is een aantal malen verhoogd. Dit is te zien bij de rechter zijgevel en de voorgevel waar zich een trap en een keermuur bevind.
Pagina 25 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De rechter zijgevel van het achterhuis. In deze gevel bevindt zich aan de linker zijde een ingang met een bovenlicht (op de bel-etage). Aan de rechter zijde een tweetal vierruit schuifvensters voor het souterrain en daarboven een tweetal zesruit schuifvensters in empirestijl voor de beletageverdieping. Bovenaan de zijgevel een viertal muurankers waarvan de middelste twee gekoppelde ankers zijn. Hierachter bevinden zich de twee kapspanten.
Het dak Zowel het voorhuis als het achterhuis heeft een zadeldak dat gedekt is met grijs gesmoorde Oudhollandse dakpannen. Op de nok bevinden zich echter grijs gesmoorde vorsten van de verbeterde Hollandse dakpannen. De nokvorsten zijn dus niet authentiek en dus een keer vervangen. Het metselwerk van de tuitgevels (linker en rechter zijgevel en achtergevel) zijn bekleed met zink om het metselwerk te beschermen tegen inwateren. Het zadeldak van het voorhuis is gedekt met grijs gesmoorde Oudhollandse dakpannen. Op de nok van het dak bevonden zich oorspronkelijk twee schoorstenen die onderdeel uitmaakten van de linker en rechter geveltuit. De linker schoorsteen is echter verdwenen.
Pagina 26 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Opvallend is dat bij het achterhuis de gootconstructie zich op de muurplaat bevind.
Een oude afbeelding van de achtergevel van het achterhuis. Op het dak bij de achtergevel bevinden zich een tweetal schoorstenen links en rechts achter de geveltuit. De schoorstenen hebben op deze afbeelding nog de originele hoogte.
Pagina 27 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Interieur De kelder en het souterrain Onder het rechter gedeelte van het voorhuis bevindt zich een kelder. Onder het linker gedeelte van het voorhuis bevind zich een kelderruimte waar vanaf 1915 voor lange tijd kaas is gemaakt. Deze ruimte is via een aparte toegangsdeur vanaf buiten te bereiken en werd ook wel het wringhok genoemd. Onder het achterhuis bevindt zich een groot souterrain met verschillende ruimtes. De ruimte langs de rechter zijgevel is in gebruik als woonkamer. In deze ruimte bevindt zich ook een restant van een tongewelf wat waarschijnlijk het restant is van een oudere kelder uit de 17de eeuw. Onder het rechter deel van het voorhuis bevindt zich een kelder. Houten keldertrap die toegang geeft tot een kelderruimte. De rode plavuizenvloer is in halfsteensverband gelegd.
Kelderruimte met de rode plavuizenvloer (estrikken) en een grenenhouten balklaag als boven gelegen vloerconstructie. Rechts een kruipgat om in de kruipruimte onder de naastgelegen houten vloerconstructie terecht te komen.
Pagina 28 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De kruipruimte onder het voorhuis. Naast de kelder bevindt zich een kruipruimte met een boven gelegen grenenhouten vloerconstructie die met steenwol en folie is nageïsoleerd. In het muurwerk van de kruipruimte bevindt zich een voormalige opening of ventilatiegat(?) die in een recent verleden met oude IJsselsteentjes is dichtgemaakt (links op de foto).
De betegelde kelderruimte, ook wel wringhok genoemd in het souterrain van het voorhuis waar oorspronkelijk kaas werd gemaakt. (Waarschijnlijk vanaf 1915 toen het pand de functie als boerderij kreeg). De ruimte is betegeld met machinaal vervaardigde witjes van 15 x 15 cm. Die in halfsteens verband zijn aangebracht. Waarschijnlijk zijn de tegels uit de jaren 40 of 50 van de twintigste eeuw.
Pagina 29 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Een authentieke opgeklampte deur geeft van buitenaf toegang tot het wringhok waar kaas gemaakt werd. Deze deur stamt vermoedelijk uit de 18de eeuw (uit de bouwtijd van het voorhuis) en heeft nog het authentieke handgesmede hang- en sluitwerk.
Het souterrain onder het achterhuis troggewelfjes met houten balken als zoldering. Het achterste gedeelte van het souterrain heeft een stenen tongewelf. Dit gedeelte stamt vermoedelijk uit de 17de eeuw en is mogelijk een restant van een oudere kelder van de voorganger van het huidige gebouw.
Pagina 30 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Begane grond / bel-etage De begane grond (vanaf de dijk beschouwd) bestaat uit verschillende ruimten. De indeling is waarschijnlijk nog oorspronkelijk. Een schoorsteenmantel in empirestijl in het achterhuis (linker schoorsteen).
Het meest linker schuifvenster in de linker zijgevel van het achterhuis op de bel-etage. Het schuifraam is vermoedelijk een keer vervangen omdat de roeden niet meer geprofileerd zijn.
Pagina 31 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Een authentieke inbouwkast op de bel-etage in de hoek van de linker zijgevel en de achtergevel.
In verschillende vertrekken zijn de authentieke houten plafonds uit de 19de eeuw bewaard gebleven. Deze plafonds bestaan uit geprofileerde schroten met een brede licht geprofileerde platte omlijsting langs de wanden.
Pagina 32 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De boezem van de schouwen zijn aan de bovenkant bij de plafonds voorzien van een zwaar geprofileerde klassieke kroonlijst van hout.
Eerste verdieping Zolder voorhuis De zolder van het voorhuis bestaat uit twee verschillende ruimten. Het dakbeschot is authentiek en bestaat uit brede planken van grenenhout. De zolder van het voorhuis is te betreden via een steile houten steektrap. Bovenaan de trap bevindt zich een authentieke houten balustrade met traphek uit de 19de eeuw.
Pagina 33 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Zowel de balustrade als het traphek zijn voorzien van fraai bewerkte gietijzeren trapspijlen. Het traphek sluit in het verstek op de balustrade aan en kan met een fraaie gesmede grendel worden gesloten.
De zolder van het voorhuis heeft fraaie authentieke kapspanten van grenenhout die zijn voorzien van telmerken. Opvallend is dat deze telmerken over twee onderdelen heenlopen. Een dergelijk plaatsing van de telmerken is uitzonderlijk.
Pagina 34 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Zolder achterhuis De zolder van het achterhuis bestaat uit één grote open ruimte met bij de trap een kleine afgetimmerde ruimte wat vermoedelijk een dienstbodekamer is geweest. Het dakbeschot is niet authentiek en bestaat tegenwoordig uit platen van underlayment. De zolder van het achterhuis is net zoals de zolder van het voorhuis voorzien van een balustrade met een traphek rond het trapgat. De balustrade met het traphek zijn geheel anders dan in het voorhuis. In plaats van gietijzeren trapspijlen is er houten invulling met een ruitjespatroon. De trap met de balustrade sluit aan de achterzijde aan op een houten afgetimmerde ruimte met een authentieke deur toegangsdeur met een glaspaneel. Deze ruimte is waarschijnlijk oorspronkelijk een dienstbodekamer geweest. De kapconstructie van het achterhuis bestaat een gordingenkap met kapspanten van grenenhout. De kapspanten zijn een stuk ranker dan in het voorhuis. Het dakbeschot is niet (meer) authentiek en bestaat uit platen van underlayment. Aan de balken van de kapspanten zijn houten haken aangebracht die lange ronde houten stokken dragen waarover de was kan worden gelegd om op zolder te drogen. (Zie ook de vorige foto.)
Pagina 35 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Tegen de achtergevel bevinden zich aan weerszijden van het vierruits schuifvenster een tweetal grote conisch verlopende schoorstenen. De schoorstenen zijn min of meer symmetrisch aan elkaar en beiden zijn voorzien van een houten veeg- of rookluik. Tussen de twee schoorstenen bevindt zich boven het schuifvenster een zoldertje.
De linker schoorsteen met het houten veeg- of rookluik. Deze schoorsteen is in een recent verleden een keer aangepast voor de cv-ketel.
Pagina 36 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
5.3 Schuur Deze schuur is vermoedelijk gebouwd als bijgebouw voor de steenplaats, mogelijk schuur voor extra opslag van turf of andere grondstoffen. Eind 19de eeuw of begin 20ste eeuw is een wagenschuur aangebouwd (in chaletstijl). Vanaf 1917 krijgt de schuur een agrarische functie toen Den Dikken Boom een boerderij is geworden.
De bouwmassa De schuur heeft een trapeziumvormige plattegrond met een afgewolfd zadeldak met golfplaten. Bij de linker zijgevel loopt het dak verder door naar beneden dan bij de rechter zijgevel. De rechter zijgevel (de erfzijde) is veel hoger dan de linker zijgevel. De gevels zijn grotendeels van steen, met daarboven rabatdelen die nu aan het zicht zijn onttrokken door beplating. De achtergevel heeft bekleding van potdeksewerk. De aangebouwde wagenschuur heeft een lessenaarsdak. De gevels van deze schuur bestaan op begane grondniveau uit een voetmuur van metselwerk. Daarboven uit een houtskelet met opvulling dat momenteel aan het zicht wordt onttrokken door een metalen gevelbekleding. Oude foto van de schuur uit de jaren 50 met een deel van de achtergevel en de aangebouwde houten wagenschuur nog in originele staat. De grote schuur heeft ventilatieopeningen vlak onder de dakrand. De wagenschuur is rond 1900 gebouwd in chaletstijl. De wanden bestaan uit een vakwerkconstructie. De wagenschuur heeft twee authentieke grote toegangsdeuren die zich nog steeds in de achtergevel bevinden. Opvallend is het stelsel van verticale stijlen gecombineerd met regels en diagonale vakwerken. Deze vormen het kader voor de keperboogvormige ramen en deuren. Bron: fam. Vonk Noordegraaf
Pagina 37 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Referentiebeeld
Houten chalet met houten wanden die bestaan uit een vergelijkbare vakwerkconstructie. Deze dateert van rond 1900 bij de buitenplaats ''Prins Hendrikoord'' in Den Dolder. (Waarschijnlijk als prefab huis vervaardigd door: Wolgaster Actien-Gesellschaft für Holzbearbeitung Pommern, Duitsland) Bron: www.utrechtsebuitenplaatsen.nl
De voorgevel Het metselwerk van deze asymmetrische gevel bestaat uit schoon metselwerk met een rode machinaal vervaardigde vormbaksteen (Waalformaat) die in kruisverband is gemetseld. Het gemetselde deel van de voorgevel is waarschijnlijk jonger dan de rest van het metselwerk dat verder is gepleisterd. De voorgevel en een gedeelte van de rechter zijgevel van de schuur. Het bovenste houten deel van de gevel is met groene stalen damwandplaten ingepakt waardoor momenteel de originele gevel grotendeels aan het zicht is onttrokken. De authentieke houten gevelbekleding is plaatselijk nog onder de stalen damwandplaten aanwezig.
Pagina 38 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De originele gevels van de aangebouwde wagenschuur zijn eveneens grotendeels met stalen damwandplaten bekleed. Voor de aangebouwde wagenschuur bevindt zich nog een originele oude klinkerstraat.
In de voorgevel bevinden zich twee opgeklampte toegangsdeuren en twee verschillende stalvensters. Het rechter stalvenster is een halfrond venster van gietijzer.
Pagina 39 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Het linker stalvenster is rechthoekig en van beton. Het betonnen stalvenster stamt uit de jaren 50 en is waarschijnlijk een keer geplaatst ter vervanging van een stalvenster van gietijzer. Tegen de voorgevel van de stal een melkbussenrek.
De linker zijgevel De linker zijgevel is een lage zijgevel die direct grenst aan de kavelsloot. In deze gevel bevinden zich een groot aantal halfronde gietijzeren stalvensters. Van deze gevel zijn geen foto's.
De achtergevel De achtergevel van de schuur verkeert nog het meest oorspronkelijke vorm omdat deze niet is bekleed met stalen damwandplaten. De gevel is echter niet meer authentiek omdat er een grote schuifdeur in is gemaakt om in de schuur landbouwvoertuigen te kunnen stallen. De complete achtergevel in de huidige toestand.
Pagina 40 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
In de achtergevel bevindt zich een grote schuifdeur. Deze schuifdeur is niet authentiek. Deze deur is in een recent verleden aangebracht om in de schuur grote landbouwvoertuigen te kunnen stallen. Daarvoor is er in de schuur zelf ook de eerste verdiepingsvloer verwijderd. Aan de binnenzijde van de zijgevels zijn de afgezaagde balkkoppen nog aanwezig. De deuren van de aangebouwde wagenschuur zijn nog uit de bouwtijd.
De topgevel is geheel van hout het bestaat uit een authentieke gevelbekleding van gepotdekselde planken. Dit is de enige gevel waarbij de originele houten gevel nog aan de buitenzijde zichtbaar is.
Pagina 41 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
In de topgevel bevindt zich een dubbel (hooi)luik met daarboven een ijzeren hijsbalk met een hooigrijper het hooi naar boven te kunnen hijsen. Links en rechts van de luiken zijn bovenaan, net onder de dakrand twee ronde uilengaten aanwezig. Deze dienden om de uilen de gelegenheid te geven om op de hooizolder muizen te vangen.
De rechter zijgevel De rechter zijgevel bestaat uit metselwerk en het grootste deel van deze rechter zijgevel is gepleisterd. Daarboven bevindt zich houtskeletconstructie met rabatdelen afgedekt door een metalen beplating. Metalen beplating en een dak van asbestcement golfplaten.
Pagina 42 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
In de rechter zijgevel bevinden zich muurankers die de gevel koppelen aan de horizontale balken van de stalzolder. Tussen de muurankers bevinden zich ventilatieopeningen. In deze gevel twee halfronde gietijzeren stalvensters die overeenkomen met de stalvensters in de linker zijgevel.
Interieur Het interieur van de schuur wordt beschreven, uitgesplitst naar de delen: interieur hoofdmassa, verdieping hoofdmassa en interieur wagenschuur. Omdat de eerste verdiepingsvloer grotendeels is verwijderd is er in de schuur één grote hoge ruimte ontstaan om landbouwmachines te kunnen stallen.
Pagina 43 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Idem
De constructie bestaat uit hoge gebintstijlen. De houten gebintstijlen zijn versterkt met ronde metalen buizen die zijn toegepast als kolommen voor de ondersteuning van de grote overspanning.
Pagina 44 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De balklaag van de verdiepingsvloer rust op een gebintkoppelbalk. Deze ligt horizontaal tussen de (verticale) gebintstijlen. De gebintstijlen zijn aan weerszijden verstevigd met een stalen buiskolom die deze gebintkoppelbalk draagt.
De gebintstijlen zijn geplaatst op een stenen poer (gemetseld of natuursteen). Daartussen is een houten plankje geplaatst om het optrekkend vocht tegen te gaan. Dit plankje wordt een kussen genoemd.
Pagina 45 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Langs de wand (rechterzijgevel) is de weggezaagde verdiepingsvloer te zien van de verdwenen eerste verdieping. Boven de gemetselde wand op begane grondniveau bevindt zich een houtskelet constructie met een gebint. De afgezaagde balkkoppen zijn nog in de muur van de oude zijgevel aanwezig.
In de oorspronkelijke rechter zijgevel bevinden zich authentieke lage toegangsdeuren tussen de grote schuur en de aanbouw. Daarboven afgezaagde balkkoppen.
Pagina 46 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
In de aangebouwde wagenschuur is de oude voormalige rechter zijgevel (buitengevel) van de schuur te zien. Deze gevel bestaat op begane grondniveau uit steens metselwerk van gele IJsselsteentjes met halfronde stalramen van gietijzer. Een eerste en tweede verdieping van houten wanden met rabatdelen en luiken voor het laden en lossen van goederen (waarschijnlijk hooi of turf). De luiken voor de eerste en tweede verdieping zijn boven elkaar geplaatst. Het onderste luik is te zien op de vorige foto. In het voorste gedeelte van de schuur bevindt zich nog een restant van de eerste verdiepingsvloer die verder in de gehele schuur is verwijderd.
Pagina 47 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De schuur heeft een open kapconstructie met dakspanten, dakgordingen en vierkante daksporen. Op de daksporen liggen de dakplaten.
In de linker zijgevel bevinden zich eveneens afgezaagde balkkoppen van de verdwenen verdiepingsvloer en ventilatiegaten.
Pagina 48 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Eén van de halfronde stalramen in de linker zijgevel van binnenuit gezien. De stalramen kunnen worden opengezet. De vensters zijn aan de buitenkant voorzien van traliewerk met siersmeedpunten.
De ankerbalkgebintconstructie van de schuur. Te zien is de verticale gebintstijl, de horizontale ankerbalk en de diagonale korbeel. Op de ankerbalk staat het onderste deel van het spantbeen van het kapspant. Het onderste deel van het korbeel is te zien vanaf de begane grond.
Pagina 49 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Detail van de gebintconstructie van de schuur: gebintstijl, ankerbalk, korbeel, gebintdekplaat windschoren en spantbeen.
De vloerconstructie is met trekstangen verstevigd die zijn bevestigd aan de gebintdekbalk.
Pagina 50 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
In de nok van het dak hangt een oude hooigrijper die in de schuur is geplaatst nadat deze een agrarische functie kreeg. De grijper hangt aan een 'loopkat' en kon heen en weer bewegen van voor tot achter lopende geleiderail. De hooigrijper diende om 'los hooi' van de hooiwagen naar de winteropslag op zolder te transporteren. Deze constructie werd aangedreven met paardentractie.
De schuur heeft traditionele dakspanten die op de ankerbalkgebinten rusten. Van dit dakspant is de hanenbalk doorgezaagd omdat deze een belemmering vormde voor de hooigrijper. Ter ondersteuning zijn er twee schoren aangebracht die op de ankerbalk rusten.
Pagina 51 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Het interieur van de aangebouwde wagenschuur. De vensters zijn vervangen door vierkante ramen en hebben niet meer de oorspronkelijke vorm met een keperboog. Opvallend is dat alleen de stijlen van de vakwerkconstructie in de wanden naar binnen doorlopen in het metselwerk. Het regelwerk en de diagonalen lopen niet door naar binnen.
De binnenzijde van één van de twee authentieke toegangsdeuren met keperboogvorm aan de bovenzijde in de zijgevel van de aangebouwde wagenschuur.
Pagina 52 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De aangebouwde wagenschuur van binnenuit gezien. Authentieke inrijdeuren, originele gordingenkap met dakbeschot en vakwerkconstructie met muurstijlen met daartussen een opvulling van metselwerk aan de binnenzijde.
De authentieke inrijdeuren van de aangebouwde wagenschuur hebben een boven en een onderhelft die afzonderlijk van elkaar kunnen worden geopend. Aan de bovenzijde kunnen de deuren met een draaiboom / slagerboom worden vastgezet.
Pagina 53 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De oorspronkelijke rechter zijgevel van de schuur bevindt zich in de later aangebouwde wagenschuur. De gevel is nagenoeg nog in oorspronkelijke staat en bestaat op begane grond niveau uit een muur van steens metselwerk met daarboven een houtskelet constructie die bekleed is met horizontale houten rabatdelen. In het houten gedeelte van de rechter zijgevel bevinden zich enkele luiken boven elkaar voor laden en lossen van goederen vanaf langsrijdende wagens. Dat de luiken twee aan twee boven elkaar gesitueerd zijn heeft te maken met het feit dat de schuur als een pakhuis oorspronkelijk in meerdere verdiepingen was verdeeld voor de opslag van goederen. In de oorspronkelijke rechter zijgevel bevinden zich op begane grondniveau boven de stalramen een groot aantal ventilatiegaten. Mogelijk had de schuur een droogfunctie. Ook op de verdieping, onder de dakrand waren ventilatieopeningen aanwezig.
Pagina 54 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
Het metselwerk boven deze dubbele toegangsdeur is vervangen / vernieuwd. Deze deur is later toegevoegd of aangepast.
In het dak van de aangebouwde wagenschuur zijn in het oorspronkelijke dakbeschot lichtopeningen gemaakt. Deze lichtopeningen met doorzichtige dakplaten zijn niet oorspronkelijk.
Pagina 55 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De binnenzijde van de zijgevel van de aangebouwde wagenschuur. De plint bestaat uit een dikke muur van steens metselwerk. Boven de plint verjongt de muur aan de binnenzijde van steens naar halfsteens metselwerk. Vanaf de plint is er sprake van een houten vakwerkconstructie dat is opgevuld met halfsteens metselwerk bestaande uit gele IJsselsteentjes.
In het voorste gedeelte van de aangebouwde wagenschuur is een vide/verdieping gemaakt met daaronder een werkplaats voor metaalbewerking.
Pagina 56 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
De authentieke toegangsdeur met originele grendels.
In de oorspronkelijke rechter zijgevel van de grote schuur bevindt zich een authentieke opgeklampte toegangsdeur met handgesmede staartgehengen op duimen. Nadat de wagenschuur is aangebouwd, is de deur omgedraaid. De zijde met de klampen is altijd de binnenzijde.
Pagina 57 van 84
Bouwhistorische quickscan IJsseldijk Noord 123 te Ouderkerk aan den IJssel
versie: def
5.4 Spoelhuis Voor de zuivelbereiding en het kaasmaken was hygiëne cruciaal. Dit betekende voor de boerin dat de melkbussen iedere dag grondig schoongemaakt moesten worden met slootwater. In de 19e eeuw en daarvoor was het slootwater hier nog schoon genoeg voor. Bovendien waste men met zand, groene zeep en soda waardoor er ook geen chemische verontreiniging optrad.32 Aanvankelijk gebeurde dit schoonmaken op een houten, later betonnen vlondertje aan de sloot; de boenstoep. Vanaf circa 1850 begint men deze boenstoepen te overdekken en spreekt men van een boenhuis, stoephok op spoelhuis. Bij voorkeur werden zij ter hoogte van de keukentravee, achter de brandmuur, tegen de zijgevel van de boerderij aangebouwd. Als de afstand tussen de boerderij en de sloot te groot was, werd een losstaand spoelhuis gebouwd.33 De meeste spoelhuizen, zowel de losstaande als de aangebouwde, zijn grotendeels van rabatdelen uitgevoerd, doorgaans op een stenen voet. Latere spoelhuizen uit de jaren twintig en dertig zijn vaak opgetrokken van baksteen. Spoelhuizen hebben over het algemeen een flauw lessenaarsdak maar ook spoelhuizen met zadeldak komen voor. Vanwege dit flauwe lessenaarsdak werden de daken met pannen gedekt; de helling was te flauw voor een rieten dak. Bovendien werden spoelhuizen vaak voorzien van een stookplaats.