CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Achterliggend document - Eindrapport Strategische Visie Krimpenerwaard_S_17-0014262_1.PDF

Raadsvergadering 30 mei 2023, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: (B) Toekomstperspectief Vitaal Krimpenerwaard22.108 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De Rijksoverheid tracht met het Actieplan Bevolkingsdaling regio’s met afnemende populatie voor te bereiden en te begeleiden. Het maakt een onderscheid in negen krimpregio’s en elf anctipicipeerregio’s. De Krimpenerwaard is aangewezen als anticipeerregio (een traject dat bewustwording en beleidsaanpassingen beoogt). De gemeente verzet zich tegen deze status vanwege de negatieve beeldvorming die het oproept.

Niet alleen de leeftijdsopbouw verandert, ook het aantal inwoners. De natuurlijke groei (geboorte min sterfte) van het gebied ligt rond het nulpunt en zal verder dalen. Er is sprake van een negatief migratiesaldo. Vooral jongvolwassenen verruilen de Krimpenerwaard voor de stad. Dit leidt ertoe dat de bevolking sinds de piek in 2005 licht krimpt. Er is nog geen sprake van krimp van het aantal huishoudens: de trend naar kleinere huishoudens maakt dat dit aantal nog groeit. Er is daarom nog geen dreigend kwantitatief woningoverschot in de Krimpenerwaard. De bestaande voorraad kent een relatief groot aandeel van - populaire - eengezinswoningen.

Als gevolg van de demografische verandering komen voorzieningen onder druk te staan. Sommige dreigen te verdwijnen. Dit vraagt om een slimme oplossingen in het beheer ervan: door samenvoegen en combineren kunnen voorzieningen blijven bestaan, ook als het draagvlak ervoor afneemt.

Woningvoorraad en voorzienngen onder druk Een groot deel van de woningen – zowel in Krimpenerwaard als in Krimpen aan den IJssel - stamt uit de jaren zestig en zeventig en dient gerenoveerd te worden om bij te dragen aan de nationale besparingsambities (20% minder CO2 uitstoot in 2020). In combinatie met de veranderende behoeftes van de vergrijzende bevolking, telt dit op tot een grote transformatieopgave voor de woningen in beide gemeentes.

Druk op leefbaarheid De samenhangende demografische veranderingen (ontgroening, vergrijzing, krimp) kunnen belangrijke gevolgen hebben voor de leefbaarheid van de Krimpenerwaard en vragen om aandacht in de visie op het toekomstig woningaanbod. Een vergrijzende bevolking heeft behoefte aan ondersteuning en zorg, die in toenemende mate aan huis geleverd wordt. Als gevolg van de kleiner wordende beroepsbevolking staat het economisch potentieel van de Krimpenerwaard onder druk. Dit heeft gevolgen voor de vitaliteit van het gebied. 84

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

Krimp- en anticipeergebieden in Nederland

Leeftijdsopbouw van bewoners van de Krimpenerwaard in 1980, 2015 en 2040 STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

Bevolkingsontwikkeling van de Krimpenerwaard, Zuid-Holland en Nederland 85

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

WONEN & VOORZIENINGEN bouwstenen Op woongebied staat de Krimpenerwaard voor een aantal uitdagingen. De bevolking vergrijst, ontgroent en neigt naar krimp, terwijl tegelijkertijd de huishoudensgrootte afneemt. Dit leidt tot veranderingen in de woningvraag. Ingrijpend is de opgave van de energietransitie: woningen dienen aangepast te worden om de energievraag terug te dringen. Aanpassingen op beide terreinen zullen de woon- en leefkwaliteit in Krimpen aan den IJssel en in de Krimpenerwaard verder kunnen vergroten. De investering in de energieopgave zou, door er tijdig op te anticiperen, ten goede moeten komen aan de werkgelegenheid en de lokale (bouw)economie. Herstructurering Gezien de demografische veranderingen en de klimaatopgave, die dwingt tot grote energiebesparingen bij met name de verwarming van woningen, staat de Krimpenerwaard voor een grote transformatieopgave. De historische kernen en de uitbreidingswijken uit de jaren zestig en zeventig hebben veel woningen met lage energielabels, die gerenoveerd moeten worden. Woningcoöperatie QuaWonen heeft de ambitie om een energieneutrale woningvoorraad te hebben in 2035. In de praktijk betekent dit dat de gehele voorraad minimaal energielabel B dient te hebben. De gemeente Krimpenerwaard richt zich in haar concept Woonvisie op het halveren van het energieverbruik in 2030 ten opzichte van 2015.

De gemeente Krimpen aan den IJssel heeft de ambitie, conform landelijk beleid, energieneutraal te zijn in 2050.

Uitbreiding Naast het renoveren van de bestaande woningvoorraad kan er gekozen worden om nieuwe woningen bij te bouwen. In de concept Woonvisie van de gemeente Krimpenerwaard wordt met deze keuze rekening gehouden door te stellen dat uitbreiding van de plancapaciteit noodzakelijk is, onder andere om doorstroming van scheefwoners mogelijk te maken. De invulling van deze uitbreiding dient volgens de Woonvisie gezocht te worden in innovatieve woonmilieus met nieuwbouw op bepaalde locaties in het buitengebied. Om dit buitengebied niet te verrommelen, dient er compact gebouwd te worden. Het gaat om kleinschalige uitbreidingen van de dorpskernen en geconcentreerde nieuwbouw in en om Krimpen aan den IJssel Het is ook mogelijk op kleinere schaal unieke woningen te bouwen die de kwaliteiten van het buitengebied omarmen, zoals wonen in een boerderij of wonen op het water.

Naast de opgave van de energietransitie biedt herstructurering van de woningvoorraad kansen om de leefbaarheid te vergroten en jongeren een goed alternatief voor de stad te bieden. Daarmee blijft de Krimpenerwaard vitaal en behoudt ze haar economische draagkracht. Dit zou aanleiding moeten zijn om de mogelijkheden om jongeren aan te trekken actief na te jagen bij het vormgeven van de renovatie- en transformatieplannen.

86

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

Herstructurering bestaande woningvoorraad STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

Nieuwbouw 87

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

Energieneutraal? ‘Oude huizen zijn juist geschikt.’

In de gemeente Zaanstad staat sinds een paar jaar de energieneutrale woning van Milda en Rik Mooi. Het huis is gebouwd in 1929, maar volgens Milda en Rik zijn het juist de oude huizen die geschikt zijn voor het energieneutraal maken. Via het initiatief ‘Thuisbaas’ van organisatie Urgenda is het mogelijk om voor maximaal €35.000,een huis energieneutraal te maken. Dit houdt in dat de investeringskosten in 15 jaar kunnen worden terugverdiend, uitgaande van een gemiddeld huishouden. Rik en Milda wilden vooral een duurzamere samenleving en energieverbruik zonder kosten. Daarvoor is het huis uitgerust met zonnepanelen, speciale panelen die voor warmte en elektriciteit zorgen, een warmtepomp en een lage temperatuur radiator. “Al met de eerste aanpassingen zagen we de energiekosten teruglopen en werd het wooncomfort hoger.”

Foto Act Impact / Chantal Bekker

88

BOUWSTEEN: HERSTRUCTURERING

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

DE WAARD IN ACHT THEMA’S BOUWSTEEN: UITBREIDING Genieten van de voordelen van de stad in een rustige en groene omgeving: in de nieuwbouwwijk Waterrijk in Woerden is het mogelijk. De natuur van het Groene Hart is binnen handbereik, net als alle voorzieningen. Dat alles maakt de wijk tot een uniek stukje Woerden met een sterke identiteit. Kwaliteit, creativiteit, water en groen zijn de kernwaarden van Waterrijk. De woonwjik bestaat uit twee delen: een villapark met vrijstaande villa’s en een appartementengebouw, en vier wooneilanden met een meer stedelijk karakter. De stedelijke sfeer wordt echter wel verbonden aan de sfeer van de Nederlandse wateren. De verschillende typen huizen hebben allemaal een fantastisch uitzicht over het water. Ook is er veel ruimte voor kinderen om te spelen in het groen.

Waterrijk wonen in Woerden

Tot slot zijn er tevens vrije kavels en waterwoningen. De aangrenzende recreatiegebieden zorgen ervoor dat het natuurgevoel sterk aanwezig is. STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

89

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

Een model voor duurzaam leven op het platteland

Afbeelding: Karres +Brands 90

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

BOUWSTEEN: HERSTRUCTURERING In Helsinge wordt in 2017 en 2018 het ‘Dorp van de toekomst’ gebouwd. Helsinge ligt op Seeland, het grootste eiland van Denemarken. Het Dorp van de toekomst komt tegemoet aan de wens van jonge gezinnen om naar het platteland te verhuizen en zo dichter bij de natuur te zijn. Het dorp biedt frisse lucht, betaalbare huisvesting en een betere omgeving voor kinderen. Door intensief agrarisch landgebruik en een prioritering van autovervoer is het landschap in dit gebied grotendeels ontoegankelijk geworden voor de plattelandsbevolking. De bestaande huizen zijn veelal gedateerd en ze voldoen niet aan de woonwensen van jonge gezinnen. Veel stadsbewoners twijfelen er dan ook over om de grote stap te nemen en naar dit gebied te verhuizen. De afstand naar de arbeidsmarkt, het gebrek aan voldoende openbaar vervoer en het gebrek aan

DE WAARD IN ACHT THEMA’S alternatieve woonvormen is daar debet aan. Maar nu het concept ‘werk’ aan verandering onderhevig is en lokale werkgelegenheid en transportverbindingen in de toekomst een steeds minder grote rol spelen, zijn er weer kansen voor de stedelijk-rurale beweging. Het Dorp van de toekomst is zo een mogelijkheid. Het dorp is een voorstel voor een nieuwe samenlevingsvorm op het Deense platteland, die een sterke connectie heeft met omringende landschappen, een eigen identiteit bezit en gebaseerd is op gemeenschapsgevoel. Het Dorp van de toekomst is opgezet in clusters, die een groot aantal gemeenschappelijke ruimtes hebben. Er wordt veel ‘gedeeld’, waardoor het samenleven duurzamer wordt. Het masterplan is ontwikkeld met ecologische, sociale en economische duurzaamheid als de drie belangrijkste pijlers in gedachten. Deze pijlers scheppen samen nieuwe mogelijkheden om een gezonder, zelfvoorzienend leven te leiden, in nauwe relatie met het landschap – en op reisafstand van Kopenhagen.

Darius Reznek, projectleider Karres+Brands, vertelt over de achterliggende gedachte: ‘Door de groeiende rol van de stad wordt het platteland uitgedaagd om zichzelf opnieuw te ontdekken en uit te vinden. Als het platteland deze concurrentiestrijd aan wil gaan moet het voordeel trekken uit zijn unieke kwaliteiten en plek bieden voor experimenten. Het Dorp van de toekomst is een plek waar natuur en zelfvoorziening samenkomen op een manier die relevant is voor hedendaagse jonge gezinnen.’

Afbeelding: Karres +Brands STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

91

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

ENERGIETRANSITIE wat speelt er? Nationaal beleid legt op den duur een opgave op Krimpenerwaard: de ambitie om 80% minder CO2 uit te stoten ten opzichte van 1990. Hiervoor is het nodig om enerzijds te besparen in de bestaande bebouwing (o.a. door te isoleren) en mobiliteit (door elektrificeren van het wagenpark), anderzijds om hernieuwbare energie op te wekken. In de Krimpenerwaard is het door een relatief lage bevolkingsdichtheid gemakkelijker dan in andere delen van de Randstad om energie op te wekken. De Trias Energetica legt in drie eenvoudige stappen uit hoe we de energietransitie moeten benaderen. Hoe minder energie verbruikt wordt, hoe minder opgewekt hoeft te worden. Aangezien besparing vaak kosteneffectief is, weinig zichtbaar is en weinig invloed heeft op ons dagelijks leven (denk aan spouwmuurisolatie, ledverlichting, elektrisch rijden) is dit makkelijker realiseerbaar dan het plaatsen van meer en meer windturbines of zonnepanelen. Daarbij telt elke bespaarde joule dubbel: in de omzetting en het transport van fossiele brandstoffen naar elektriciteit (energiecentrales, kabels en leidingen) vinden verliezen plaats. Een bespaarde joule elektriciteit spaart dus ook nog een joule uit in deze hele keten.

Iets vergelijkbaars gaat op voor de overstap naar elektrisch rijden: een brandstofmotor in de auto is zeer inefficiënt in vergelijking met groene stroom die omgezet wordt in aandrijving. De energie die na de besparing nog nodig is, wekken we voor 90% duurzaam op. Dit aandeel is gebaseerd op landelijke scenario’s waarbij een afweging is gemaakt voor de energiemix in het land. De hernieuwbare energie wordt opgewekt uit een mix van energiebronnen: zon en wind zijn in een balans nodig, zodat wanneer het niet waait of wanneer de zon niet schijnt, de andere bron wel elektriciteit genereert. Biogas en diepe geothermie zijn meer continu in te zetten bronnen van elektriciteit om een tekort aan zonne- en windstroom op te vangen. Opslag in de vorm van batterijen en waterstof zal hier ook belangrijk voor zijn. Vanwege deze uitgebalanceerde mix is voor de Krimpenerwaard een overzicht gegeven van de aantallen en het ruimtebeslag van de bronnen. Een voordeel aan een mix is ook dat de ene bron rendabeler is dan de andere bron, en dat de ene bron beter is in te passen dan de andere. Vergelijk hiervoor bijvoorbeeld windturbines die een goed financieel rendement bieden maar 92

zeer in het zicht staan, versus zonnepanelen die goed in te passen zijn op bijvoorbeeld bedrijfsdaken, maar een langere terugverdientijd hebben. Er zal een aandeel fossiele energie nodig blijven om bijvoorbeeld tekorten te overbruggen, hoge temperaturen op te kunnen wekken en mobiliteit deels aan te drijven. De derde stap van de Trias Energetica stelt dat dit gebruik zo efficiënt mogelijk moet zijn om verbruik én uitstoot te beperken.

De energietransitie in 3 stappen: beperk het energieverbruik, maak maximaal gebruik van hernieuwbare energie, en tot slot: maak zo efficiënt mogelijk gebruik van fossiele brandstoffen.

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

Dit Sankey-diagram laat de energiebehoefte per sector in 2015 en in 2050 zien, inclusief de verwachte besparing, en wat de bijbehorende mix van energiebronnen in de huidige situatie en in 2050 wordt. Dit is gebaseerd op het RLI-95% scenario dat een CO2 besparing van 95% t.o.v. 1990 beoogt. STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

93

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

ENERGIETRANSITIE bouwstenen Het is zaak te anticiperen op de opgave die uiteindelijk gerealiseerd moet worden door op tijd een visie te vormen waar en hoe de hernieuwbare energie in de samenleving en in het gebied te laten landen. Jaarlijks betalen huishoudens in de Krimpenerwaard ongeveer 35 miljoen euro aan energie; een bedrag dat naar de energiemaatschappijen buiten het gebied gaat. Het is mogelijk om dit geld in de Krimpenerwaard te houden en daarmee de kosten van de winning van hernieuwbare energie te financieren en te profiteren van de opbrengsten van hernieuwbare energie. Zo kan een windturbine €250.000,- per jaar opleveren; geld dat in de gemeenschap gestoken kan worden om voorzieningen in stand te houden, het landschap te verfraaien, woningen te verduurzamen, korting te geven op de energierekening et cetera. De gemeenschap kan hier zelf over beslissen. Een gebiedsproces is belangrijk voor het opstellen van een visie voor de energietransitie. Dit zorgt ervoor dat inwoners mede-eigenaar worden van het probleem, maar ook profiteren van de kansen die oplossing van het energievraagstuk op het grondgebied van de Krimpenerwaard biedt. Er is veel weerstand tegen windturbines en grote zonneparken in het landschap. Die wordt veroorzaakt doordat men een verslechtering van de leefomgeving ervaart.

In de Krimpenerwaard kan de balans tussen lusten en lasten anders komen te liggen, door duidelijk in beeld te brengen wat de energietransitie kan opleveren voor de inwoners, bedrijven, voorzieningen en het landschap. Naast de financiële opbrengsten dient ook de ruimtelijke inpassing van o.a. zon en wind in beeld gebracht te worden. In deze kaartjes is te zien hoeveel windturbines ingezet kunnen worden door rekening te houden met de afstand tot de huizen. Door verschillende mogelijkheden te verkennen en te verbeelden, en de opbrengsten voor de gemeenschap inzichtelijk te maken kan gezamenlijk een afweging gemaakt worden voor de mix van hernieuwbare energie in het gebied. Per sector verschilt het potentieel voor besparing. In verkeer en vervoer en in de gebouwde omgeving kan procentueel én absoluut het meeste bespaard worden. 94

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

In de Krimpenerwaard kan tot 2050, in lijn met algemene scenario’s voor de energietransitie, 43% bespaard worden door o.a. isolatie van gebouwen en elektrificatie van voertuigen. Van de resterende energiebehoefte kan 90% duurzaam opgewekt worden door een mix van o.a. zon, wind, biomassa, geothermie en omgevingswarmte.

ΰ

ΰ

De opbrengsten van energie gaan naar energieproducenten buiten de Krimpenerwaard.

Door lokaal energie op te wekken kan de lokale gemeenschap meeprofiteren van de energietransitie.

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

95

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

3k

m

6 Geothermiedoubletten (5 MW)

1 ,5 k m

+

0,9 PJ

1 ,2

1 ,2

km

0,3 PJ

50 meter

+

+

57 Erf-turbines (1,1 MW)

0,5 PJ +

0 ,5 k m

km

150 ha. zonneveld

19 Turbines (3,3 MW)

0,5 PJ +

15.000 woningen met zonnedaken

+

( helft van bestaande aantal woningen)

0,15 PJ 3

m ,5 k

10 co-vergisters (mest&reststromen)

3 ,5

km

+

1300 ha. biomassateelt (wilg)

0,2 PJ

0,25 PJ Voor de 2800 TJ die nodig is om de Krimpenerwaard van duurzame energie te voorzien is dit een mogelijke mix. Als er gekozen wordt om minder van de ene bron te plaatsen, is er meer nodig van andere bronnen. Voor windturbines is een eerste vingeroefening gedaan (zie ook volgende pagina) voor de plaatsing in relatie tot de afstand tot woningen. Door dit verder te verbeelden ontstaat zicht op de (on)wenselijkheid van elke bron en de energie-opbrengst die behaald kan worden. Aan elke bron hangt ook een kosten- en opbrengstenplaatje, dat in deze keuze meegenomen dient te worden. Ook is er onderzoek nodig naar de haalbaarheid van alle bronnen en de beschikbaarheid van oppervlakte (zon, wind), grondstoffen (biomassa) of bodemwarmte (geothermie).

96

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

DE WAARD IN ACHT THEMA’S

te ontwikkelen windmolens in Stormpolder

WONINGEN

AFSTAND=200m 209

AFSTAND=400m 108

AFSTAND=600m 48

AFSTAND=800m 13

AFSTAND=1000m 4

Verschillende afstanden van windmolens (3,3MW) tot woningen leiden tot verschiillend aantal windmolens. De Provincie Zuid-Holland en de gemeente Krimpen aan den IJssel zijn van plan twee windmolens in de Stormpolder te plaatsen.

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

97

DE WAARD IN ACHT THEMA’S GOEREE-OVERFLAKKEE

Stille, groene revolutie op gelovig eiland 98

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

Goeree-Overflakkee verbruikt jaarlijks 4.100 terajoule (TJ) energie. Het grootste deel (38 procent) als brandstof voor vervoer. Bijna een derde in de vorm van warmte en stroom voor huishoudens. Ook voor 2020 wordt uitgegaan van een verbruik van 4.100 TJ, aangenomen dat toenemend energieverbruik en energiebesparing elkaar in evenwicht zullen houden. Om dat op te wekken wordt onder andere 225 MW aan windmolens opgesteld, 78 MW aan zonnepanelen en de geplande getijdencentrale zou een capaciteit krijgen van tegen de 30 MW. Goeree-Overflakkee is niet de enige gemeente die een concreet doel heeft gesteld om energieneutraal te zijn. Ameland hanteert ook 2020 als streefdatum. Maar de doelen verschillen: Groningen noemt bijvoorbeeld 2035, Boxtel 2040 en PijnackerNoordorp 2050.

DE WAARD IN ACHT THEMA’S Ze willen niet wachten op de rest van Nederland. Het eiland Goeree-Overflakkee regelt zijn eigen energietransitie. Niet in 2050 – het streven van Den Haag – maar al in 2020 wil Goeree-Overflakkee energieneutraal zijn. Dan wekken de 48.000 bewoners van het Zuid-Hollandse eiland minstens evenveel energie duurzaam op als ze verbruiken. En zelfs meer, want het eiland ziet ook een toekomst voor zichzelf als leverancier van duurzame energie en grondstoffen: waterstof voor het wegtransport, groene stroom voor de Rotterdamse haven, biogas voor verwarming, ammoniak voor de productie van kunstmest. Er moet er nog veel gebeuren, nu wordt slechts 40 procent van het verbruik zelf duurzaam opgewekt. Op het gemeentehuis in Middelharnis – het hele eiland tussen het Haringvliet en de Grevelingen vormt sinds 2013 één gemeente – somt wethouder Arend Jan van der Vlugt (CDA) bevlogen op wat er allemaal nog op stapel staat: windparken, zonneparken, een getijdencentrale in de Brouwersdam en besparing, heel veel besparing van energie door isolatie en ledverlichting. Van valse bescheidenheid heeft Goeree-Overflakkee geen last. In 2015 reisde Van de Vlugt met een delegatie naar de klimaatconferentie in Parijs om de ambitieuze plannen te delen met de wereld.

Het eiland waar de SGP de grootste politieke partij is en het begrip ‘rentmeesterschap’ gekoesterd wordt, heeft een rotsvast vertrouwen dat het zal lukken: de bewoners zien zichzelf als nuchter, hardwerkend én zakelijk. En gemotiveerd: in ieder gesprek met de betrokkenen op het eiland komt de Watersnoodramp van 1953 voorbij. De ramp zette nagenoeg het hele eiland onder water en kostte aan 488 bewoners het leven. Ze kennen de gevaren van het klimaat en hun eiland opnieuw inrichten hebben ze al eens eerder gedaan. Schrikken van de gevolgen Maar hoe gemotiveerd ze ook zijn, soms is het even slikken. Zelfs als je heilig gelooft in duurzaamheid, kan

de energietransitie flink pijn doen. In zijn duurzame kozijnenfabriek begint Kees Lambert meteen over de windmolens die rond zijn dorp, Oude-Tonge, gepland zijn. Ruim vijftig „Euromasten” rond een dorp van nog geen vijfduizend inwoners. Het Krammerwindpark, waar 34 turbines komen te staan, ligt weliswaar nog net in Zeeland, op de Philipsdam, maar wel vol in het zicht van de Oude-Tongenaren die de zon voortaan zullen zien ondergaan in een bos van 186 meter hoge windmolens. Nog dichterbij, aan de zuidkant van Goeree-Overflakkee zelf, verrijzen ook grote jongens van 150 meter op de plaats waar eerst kleinere windmolens stonden. „Wij hebben zitten slapen”, verwijt Lambert zichzelf gefrustreerd en boos. „Pas toen we op een foto zagen wat ons te wachten stond, zijn we wakker geworden.” Hij verwijt de gemeente dat er onvoldoende is uitgelegd wat er staat te gebeuren. Als ze dat hadden geweten, hadden ze eerder gereageerd en dan was er misschien nog een kans geweest om een deel van de windmolens op een andere plek te krijgen. Maar nu is het te laat. „Wij achten een haalbaar alternatief op zeer korte termijn onwaarschijnlijk”, reageert wethouder Frans Tollenaar (SGP) op vragen van de krant. Afgesproken is afgesproken, de rug recht houden is een traditie. Ook als het schuurt.

Ondanks zijn verzet tegen de windmolens is Lambert een van de voorbeeld-ondernemers als het gaat om verduurzaming. Het dak van het familiebedrijf waarvan hij directeur is, ligt vol met zonnepanelen, voldoende om op zonnige dagen in de zomer de hele fabriek van stroom te voorzien. De verwarming komt van een ketel die brandt op ‘mot’, het zaagsel uit de fabriek. Het is geen zweverig idealisme. „Duurzaam is mooi, vertelt Lambert terwijl hij tussen de gecertificeerde hardhouten kozijnen loopt, maar „we moeten natuurlijk wel geld verdienen”. Het label ‘duurzaamheid’ geeft zijn product extra waarde in de concurrentieslag met kozijnen van kunststof. Maar als hij erop had moeten toeleggen, had hij het niet gedaan, zegt hij eerlijk. STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

Enthousiaste ondernemers Goeree-Overflakkee als duurzame merknaam, daar kun je geld mee verdienen. Dat duurzaam „meer is dan een kostenpost”, heeft architect Krijn Ratsma bedacht, voorzitter van de stichting Energieke Regio. Hij helpt ondernemers zoals Lambert om energie te besparen en CO2-neutraal te worden. Want hoe doe je dat en hoe hou je er geld aan over? Gemiddeld hebben de ondernemers op het eiland ongeveer anderhalve ton uitgegeven aan energiebesparing en -opwekking, een bedrag dat ze in ongeveer zeven jaar terugverdienen. Opnieuw: geld toeleggen op duurzaamheid is niemand hier van plan. Wat de energiebesparing precies bijdraagt aan de verduurzaming? Ratsma: „Wij rekenen in euro’s en niet zozeer in CO2.” Ook de vrachtwagens die straks waterstof komen tanken op de boerderij van Tonnie van Peperstraten, zullen door het hele land rijden. Van Peperstraten maakt zijn landbouwbedrijf van 300 hectare duurzaam door er – naast tal van andere maatregelen – een pompstation aan te leggen: Greenpoint Zuid-Holland-Zeeland. De werkzaamheden zijn net begonnen en deze zomer al staat er een batterij pompen naast elkaar: fossiele brandstoffen als benzine, diesel en gasproducten, maar ook elektrische laadpalen en waterstof. Op het weidse land tussen Ouddorp en Ooltgensplaat ruiken ze de kansen die de klimaatafspraken van Parijs bieden.

Ze kennen de weg naar de subsidies die rijk en provincie beschikbaar stellen om de doelen te halen. Ze beseffen dat ze zich als ‘duurzaam’ eiland onderscheiden van de andere Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden, dat ze de leegloop kunnen stoppen en groen toerisme aantrekken.

Ingekorte versie van NRC artikel ‘Stille, groene revolutie op gelovig eiland, 18 maart 2017 99

DE WAARD IN ACHT THEMA’S BOUWSTEEN: ERFMOLEN Lukas en Hanneke Westra, winnaars van de prijs ‘De Meest Duurzame Jonge Boer’, investeren met hun bedrijf ‘De Betonpleats’ in duurzame bedrijfsvoering. Terwjil het bedrijf als melkveebedrijf is gestart, wordt inmiddels de helft van de omzet uit duurzame energie gehaald. In totaal zijn er drie vormen van duurzame energieproductie aanwezig op het land: zonneenergie, windenergie en biomassa. De hoeveelheid opgewekte groene stroom is voldoende voor 3500 huishoudens.

Duurzaam ondernemen - de Betonpleats 100

STRATEGISCHE VISIE KRIMPENERWAARD

Het bedrijf heeft een groene uitstraling door de productie van groene stroom uit de natuur. Daarnaast wordt er geprobeerd kringlopen te sluiten. De kwaliteiten van het landschap worden nog eens extra benadrukt door het uitkijkpunt naast de boerderij, het Seedykkiekje. Bezoekers genieten hier niet alleen van het uitzicht, maar leren tegelijkertijd over het bedrijf en het landschap. Op deze wijze voorzien Lukas en Hanneke zichzelf in het boeren nu en in de toekomst.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=dfc152d1-2255-481a-91b8-40c2535bde4f