CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

1.25 RIB Lokale Ontwikkelingsstrategie LEADER 2023-2027.pdf

Raadsvergadering 30 mei 2023, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Informatie van het college16.705 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Provinciaal/nationaal: Het ligt voor de hand om samenwerking te zoeken met andere (LEADER)-gebieden waar aan vergelijkbare thema’s wordt gewerkt. In de voorbereidingsfase is afgestemd met LEADER Hollandse Plassen en UtrechtWest op welke thema’s samenwerking kansrijk is. Met LEADER Hollandse Plassen zullen we de kansen onderzoeken voor samenwerking op het thema circulair-biobased in relatie tot o.a. natte (vezel)teelten en rond het thema voedselsoevereiniteit. Onze ambitie is om met de andere Lokale Actie Groepen die binnen het Groene Hart actief zijn, Alblasserwaard, Hollandse Plassen en West-Utrecht, een samenwerkingsproject te starten c.q. initiatieven te ondersteunen die gericht zijn op het vermarkten van de producten en diensten uit het Groene Hart.

•

Internationaal: Internationale samenwerking en kennisuitwisseling verruimt kaders en inspireert. Binnen Europa zijn meerdere regio’s met vergelijkbare thematiek. Gezien de korte programmaperiode, heeft de LOKALE ACTIE GROEP niet de ambitie om in deze periode een internationaal samenwerkingsproject op te zetten. Wel staat de LOKALE ACTIE GROEP open voor het leggen van internationale contacten en uitwisseling ter voorbereiding op eventuele projecten in een volgende periode. Hierbij wordt het in de voorgaande programmaperiode opgebouwde internationale netwerk benut. Ook de faciliteiten die het European Network for Rural Development (ENRD) en het Europese LEADER Netwerk ELARD biedt, zullen we benutten. De LOKALE ACTIE GROEP ziet wel mogelijkheden om een verkenning uit te voeren naar mogelijkheden tot samenwerking. Kosten voor uitwisselingsbezoeken worden betaald uit het budget voor Beheer- en Uitvoeringskosten. Daarnaast zal de LOKALE ACTIE GROEP ook organisaties en partijen uit het gebied motiveren om initiatieven

18

te nemen tot het ontwikkelen van internationale samenwerking of uitwisseling rondom de genoemde subthema’s .

4.3 Aanjaagactiviteiten in het gebied Ervaring uit voorgaande programmaperiodes leert dat het belangrijk is om LEADER proactief onder de aandacht te brengen in het gebied en potentiële aanvragers op verschillende manieren te benaderen en stimuleren hun ideeën nader uit te werken en aan de LOKALE ACTIE GROEP voor te leggen. Om tot goede projecten en succesvolle aanvragen te komen, is het nodig verschillende aanjaagactiviteiten te organiseren, zowel in de aanloop naar de eerste openstelling, als gedurende de uitvoering: •

•

•

• •

•

In de aanloop naar de 1e openstelling: de verwachting is dat in de loop van het 4e kwartaal van 2023 het openstellingsbesluit wordt gepubliceerd. Vanaf dat moment kunnen nieuwe aanvragen officieel worden ingediend. In de periode van het opstellen van de LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE, hebben zich tijdens het gebiedsproces al verschillende initiatieven gemeld. In de periode tussen indienen van de LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE en de startdatum van de openstelling, gaat de LOKALE ACTIE GROEP in oprichting verder met deze initiatieven in gesprek om te kijken of ze kansrijk genoeg zijn om uitgewerkt te worden tot een formele aanvraag. Op deze manier zorgen we voor een gevulde “projectenfunnel” in de aanloop naar de openstelling; LEADER bijeenkomsten: in de eerste helft van het eerste uitvoeringsjaar, 2024, wordt een tweetal LEADERbijeenkomsten georganiseerd verspreid over het gebied om iedereen de gelegenheid te geven om kennis te nemen van het nieuwe programma en de voorwaarden en criteria voor het indienen van een aanvraag.

Zoals bij de paragraaf Deskundigheidsbevordering is aangegeven, worden daarnaast nog instructiebijeenkomsten georganiseerd voor potentiële aanvragers om ze op weg te helpen met het schrijven van een projectplan en het voorbereiden van de aanvragen Inzet LOKALE ACTIE GROEP-leden: de leden van de LOKALE ACTIE GROEP zijn onder meer geworven op basis van hun netwerken in het gebied. De LOKALE ACTIE GROEP-leden worden dan ook als ambassadeurs van LEADER ‘op pad’ gestuurd om het LEADER-programma binnen hun netwerken onder de aandacht te brengen, tekst en uitleg te geven over de subsidiemogelijkheden en initiatieven door te verwijzen naar de coördinator; Lokale en andere relevante media: vooruitlopend op de eerste openstelling wordt er op een passende locatie in het gebied een bijeenkomst georganiseerd voor de lokale en andere relevante media (b.v. agrarische pers). Promotie tijdens bijeenkomsten van derden: de secretaris en LOKALE ACTIE GROEP-leden bekijken op ad hoc basis aan de hand van binnenkomende uitnodigingen van events van derden of het zinvol is om daar vanuit LEADER Krimpenerwaard aanwezig te zijn en ons programma onder de aandacht te brengen. Netwerkend werken: in de Krimpenerwaard wordt op verschillende wijze aan de maatschappelijke opgaven gewerkt, waar ook LEADER aan bijdraagt (bijvoorbeeld binnen NPLG processen).

Daar zullen we de mogelijkheden die LEADER biedt doorlopend onder de aandacht brengen.

4.4 Deskundigheidsbevordering Om te komen tot kwalitatief goede bottom-up projecten is het van belang dat aanvragers over voldoende kennis en kunde beschikken voor het doorlopen van het LEADER proces. De LOKALE ACTIE GROEP faciliteert de bevordering van de deskundigheid van de aanvragers. In de operationele jaarplannen beschrijft de LOKALE ACTIE GROEP ieder jaar de activiteiten die hiertoe ondernomen zullen worden en aan het einde van het jaar vindt een evaluatie van de effectiviteit plaats. Activiteiten die, afhankelijk van de behoefte van de aanvragers, zullen worden ingezet zijn: • Instructiefilmpje of animatie op de website • Bijeenkomsten voor (potentiële) aanvragers, met workshops over het schrijven van projectplan/buisinessplan en eventueel ook trainingen organiseren op het gebied van bijvoorbeeld ambassadeurschap, sociale media, nieuwe verdienmodellen etc. • Individuele begeleiding van aanvragers bij het proces door de coördinator • Inzet van deskundigen vanuit de beschikbare netwerken bij de inhoudelijke ondersteuning van aanvragers bij het ontwikkelen van projecten. • Excursies en studiebezoeken • Benutten aanbod van het GLB-netwerk en LEADER Netwerk Nederland

19

Doordat de LOKALE ACTIE GROEP een professionelere en meer actieve rol krijgt en daarbij meer verantwoordelijkheden krijgt, is ook deskundigheidsbevordering van de LOKALE ACTIE GROEP-leden zelf een belangrijk aspect. In de operationele jaarplannen wordt de capaciteitsopbouw van de LOKALE ACTIE GROEP-leden opgenomen. Te denken valt aan activiteiten als: • Kick-off met een LEADER introductie en training door deskundige(n) • Werksessies/training rondom specifieke onderwerpen • Studiebezoeken naar andere projecten, organisaties • Deelname aan conferenties, bijeenkomsten, symposia etc. • Evaluatiesessies • Intervisie • Benutten aanbod van het GLB-netwerk en LEADER Netwerk Nederland

4.5 Communicatie De communicatie is enerzijds gericht op het bekendmaken aan alle stakeholders en inwoners in het gebied wat het LEADER-programma is en welke mogelijkheden LEADER biedt. De LOKALE ACTIE GROEP maakt het LEADER-programma breed bekend, zodat iedereen in het gebied in de gelegenheid wordt gesteld initiatieven te ontwikkelen. Anderzijds zal de communicatie gericht zijn op de informatievoorziening over de uitvoering en resultaten van de projecten en de voortgang van de uitvoering van het LEADER-programma. De lokale bevolking wordt geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld te reageren op of aan te haken aan de initiatieven. Daarnaast worden de LEADER-projecten op deze manier tot inspirerende voorbeelden voor organisaties en inwoners in het gebied. Om stakeholders op de hoogte te brengen en te houden wordt een actief communicatiebeleid gevoerd. In de jaarlijks op te stellen operationele plannen is “Communicatie” als specifiek onderwerp opgenomen. Jaarlijks worden communicatieactiviteiten- en producten vastgesteld door de LOKALE ACTIE GROEP. Transparantie is uitgangspunt. (jaar)plannen, activiteiten, procedures, criteria, besluiten, rapportages en andere relevante informatie wordt via de website gepubliceerd. Via periodieke rapportages zal regelmatig een transparante verantwoording van tijd, middelen en resultaten aan alle stakeholders worden afgelegd.

Samen met lokale media wordt een communicatiestrategie opgesteld waarbij enerzijds de informatievoorziening over de ontwikkelingsstrategie en de mogelijkheden van LEADER onder de aandacht wordt gebracht en anderzijds de projecten en goede voorbeelden in het nieuws worden gebracht gedurende de programmaperiode. Internet en sociale media zullen daar een belangrijke rol in spelen. Doelgroepen • Potentiële aanvragers/initiatiefnemers, met name (agrarische) ondernemers en hun organisaties • Overige inwoners van de regio • Betrokken overheden (provincie, gemeenten, Waterschappen) • Relevante sectorale en maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen • Collega-Lokale Actie Groepen Communicatiemiddelen die in ieder geval ingezet zullen worden: • Startbijeenkomst met uitleg over LEADER en de mogelijkheden • Website • Media (Lokaal, regionaal, provinciaal) • Sociale media • Digitale projectenkaart 20 jaar LEADER Zuid-Holland • Formele rapportages en verslagen • (Digitale) Nieuwsbrieven • Netwerkbijeenkomsten/gebiedscafé ’s etc.

20

4.6 Administratie De financiële administratie over de besteding en verantwoording van de Beheer- en Uitvoeringskosten LOKALE ACTIE GROEP wordt uitgevoerd door de wettelijk vertegenwoordiger van de LOKALE ACTIE GROEP, Gemeente Krimpenerwaard in nauwe samenspraak met de secretaris van de LOKALE ACTIE GROEP. Gemeente Krimpenerwaard zorgt voor de organisatie en documentatie van aanbestedingstrajecten, verstrekken van opdrachten, het doen van betalingen, het uitkeren van vergoedingen aan LOKALE ACTIE GROEP-leden en het voorbereiden en indienen van financiële rapportages en declaratie bij de provincie Zuid-Holland c.q. de betaalautoriteit. De overige administratie valt onder verantwoordelijkheid van de secretaris van de LOKALE ACTIE GROEP. Hij/zij zorgt voor het uitschrijven van de vergaderingen, de verslaglegging, inclusief de verslaglegging van de beoordeling van aanvragen, opstellen van voortgangsrapportages en jaarverslagen. De secretaris zorgt ook voor een eenduidige archivering, zowel digitaal als op papier. De secretaris houdt verder een logboek bij van alle contacten met initiatiefnemers en de status van aanvragen (voorbereiding, aanvraag, beoordeling, beschikking, uitvoering, vaststelling).

21

5 Organisatie 5.1 Positie, taken en bevoegdheden Lokale Actie Groep Deze Lokale Ontwikkelingsstrategie vormt het strategisch kader waarbinnen de komende jaren projecten worden uitgevoerd. Dit document is opgesteld voor en door de burgers en organisaties in het gebied. Uit het verleden is gebleken dat een aanpak van onderaf, waarbij mensen en organisaties uit de streek zelf projecten indienen én het beoordelingsproces eveneens in de streek plaatsvind, zeer succesvol is. Voor de uitvoering van Leader binnen het Nationaal Strategisch Plan is voorschreven dat er een Lokale Actie Groep vanuit het gebied moet worden samengesteld, die verantwoordelijk is voor het opstellen en uitvoeren van de Lokale Ontwikkelingsstrategie en voor het beoordelen van subsidieaanvragen binnen dit kader, uitmondend in besluit over de toekenning van aangevraagde subsidies. Positie De LOKALE ACTIE GROEP krijgt een meer centrale positie in de uitwerking van de lokale ontwikkelingsstrategie en heeft hierin meer verantwoordelijkheid en bevoegdheden dan voorheen.

De positie, taken en bevoegdheden van de LOKALE ACTIE GROEP vloeien voort uit het Gemeenschappelijk Strategische Kader (artikel 33 van de Verordening (EU) 2021/1060 van 24 juni 2021): Lid 3: De volgende taken worden uitsluitend door de plaatselijke actiegroepen verricht: a) Opbouw van de capaciteit van lokale actoren om concrete acties te ontwikkelen en uit te voeren; b) Het opstellen van een niet-discriminerende en transparante selectieprocedure en van criteria, waardoor belangenconflicten worden vermeden en wordt gewaarborgd dat niet één belangengroep alleen de controle heeft over selectiebeslissingen; c) Het opstellen en publiceren van oproepen tot het indienen van voorstellen; d) De selectie van concrete acties en de vaststelling van de steunbedragen, alsmede het voorleggen van voorstellen aan de instantie die verantwoordelijk is voor de definitieve verificatie van de subsidiabiliteit vóór goedkeuring; e) De monitoring van de vorderingen met het bereiken van de doelstellingen van de strategie; f) Tussentijds evalueren en monitoring, opstellen van jaarplannen en -verslagen ten behoeve van de voortgang en waar nodig bijstellen van het Ontwikkelingsplan. g) De eindevaluatie van de uitvoering van de strategie.

h) Stimuleren, genereren, activeren van het gebied om te komen tot het indienen van aanvragen die meetbaar bijdragen aan de thema’s en doelen uit het Ontwikkelingsplan; i) Voorleggen van aanvragen aan het betaalorgaan in verband met de EU-conformiteitstoets; j) Begeleiden en beoordelen van ingediende projecten op basis van de selectie- en beoordelingscriteria (zie paragraaf 7.2); k) Begeleiden van de goedgekeurde projecten; l) Verzorgen van communicatie en voorlichtingsactiviteiten; m) Samenwerken en overleg voeren met gebiedspartijen inzake thema’s uit het Ontwikkelingsplan; n) Terugkoppelen naar de eigen netwerken; o) Participeren in provinciale, landelijke (GLB-netwerk, LEADER Netwerk Nederland) en EU-netwerken (ELARD, CAP-EU Network);

Ad a): Zie hiervoor paragraaf 4.4 Ad b): De selectiecriteria en -procedure worden verder uiteengezet in paragraaf 7.3 Ad c): Dit houdt in de praktijk in dat de LOKALE ACTIE GROEP de teksten van de openstellingen voorbereid, inclusief subsidieplafond, subsidiabiliteit van de kosten en de steunpercentages, in overleg met de verantwoordelijk medewerkers binnen de provincie Zuid-Holland en de betaalautoriteit (RVO). De Provincie Zuid-Holland is het orgaan dat de Openstellingsbesluiten publiceert, terwijl RVO zorgdraagt voor het vertalen van de relevante elementen uit het Openstellingsbesluit naar het portal waar initiatiefnemers hun aanvraag kunnen indienen. Met de LEADER-coördinator van de provincie Zuid-Holland vindt eenmaal per kwartaal overleg plaats om procedurele kwesties en de voortgang van het programma te bespreken.

22

Ad d): De LOKALE ACTIE GROEP is het orgaan dat de ingediende aanvragen beoordeelt, selecteert en, indien nodig, rangschikt. De provincie Zuid-Holland, als formeel beschikkende instantie neemt het besluit van de LOKALE ACTIE GROEP over. Dit kan worden beschouwd als een bindend advies van de LOKALE ACTIE GROEP aan GS Zuid-Holland. RVO voert de EU-conformiteitstoets uit en beoordeelt de subsidiabiliteit en de redelijkheid van de opgevoerde kosten. In Hoofdstuk 3 is al aangegeven dat de LOKALE ACTIE GROEP wil werken met verschillende categorieën aanvragen en daarbij behorende maximum steunbedragen. Omdat het gaat om maximum bedragen, behoudt de LOKALE ACTIE GROEP zich wel het recht voor om gedurende de uitvoering van het programma deze bedragen te wijzigen binnen de algemeen geldende kaders van het NSP en de Europese staatssteunregels. Ad e): Zie paragraaf 7.4 Ad f): Zie paragraaf 7.5. Wettelijke vertegenwoordiging van de LOKALE ACTIE GROEP De LOKALE ACTIE GROEP heeft zelf geen juridische rechtsvorm. Gemeente Krimpenerwaard treedt op als wettelijk vertegenwoordiger van de LOKALE ACTIE GROEP.

Dat houdt in dat de gemeente Krimpenerwaard budgethouder is van de lopende kosten van de LOKALE ACTIE GROEP, zorgt voor de benodigde inzet van het eigen personeel, voor aanbestedingen en opdrachtverstrekkingen aan derden, het betalen van facturen, het uitbetalen van vergoedingen aan LOKALE ACTIE GROEP-leden die daar recht op hebben en het indienen van declaraties.

5.2 Profiel en samenstelling Lokale Actie Groep Het profiel van de LOKALE ACTIE GROEP en haar leden is gebaseerd op professionaliteit, capaciteit, deskundigheid en ook de netwerken die nodig zijn om de gekozen ambitie en strategie goed uit te kunnen voeren. De LOKALE ACTIE GROEP-leden vullen elkaar aan en versterken elkaars competenties en vaardigheden. Profiel LOKALE ACTIE GROEP De Lokale Actie Groep (LOKALE ACTIE GROEP) is een evenwichtige en representatieve vertegenwoordiging van de relevante stakeholders in het gebied in relatie tot de in de strategie beschreven thema’s en doelstellingen. Voor een stabiele samenstelling is een goede spreiding van LOKALE ACTIE GROEP-leden vanuit het gebied geborgd. Daarnaast is gelet op een evenwichtige man/vrouw verdeling en zijn in de LOKALE ACTIE GROEP verschillende leeftijdsgroepen vertegenwoordigd zodat de LOKALE ACTIE GROEP een goede afspiegeling van de bevolking vormt. De LOKALE ACTIE GROEP bestaat uit vertegenwoordigers van de publieke en private lokale sociaaleconomische belangen, waarbij noch de overheden, gedefinieerd conform de nationale regels, noch één belangengroep meer dan 49 % van de stemrechten voor de besluitvorming hebben. De leden zijn geselecteerd op basis van competenties, deskundigheid, geslacht en achtergrond (publiek of privaat).

LOKALE ACTIE GROEP leden zijn lid op persoonlijke titel en afkomstig uit de diverse relevante sectoren/thema’s. Hierdoor hebben zij inhoudelijke kennis van zaken, beschikken zij over een groot netwerk en weten zij zich verzekerd van draagvlak. De LOKALE ACTIE GROEP-leden zijn ongebonden, maar wel betrokken bij het gebied. Ze hebben een lange adem, willen wel enkele jaren op reis met de projecten. Profiel LOKALE ACTIE GROEP-lid: • Is woonachtig en/of werkzaam in het gebied danwel in aangrenzend stedelijk gebied • Heeft een brede belangstelling voor plattelandsontwikkeling • Weet zich verzekerd van draagvlak in het gebied • Bezit relevante kennis en deskundigheid op minimaal één van de benoemde thema’s • heeft relevante kennis van het gebied de Krimpenerwaard • Beschikt over een relevant netwerk binnen en/of buiten het gebied • Is een verbinder, pro-actief, communicatief, attent in delen van informatie • Heeft financieel inzicht en is in staat om financiële en bedrijfseconomische gegevens op waarde te beoordelen • Denkt vanuit algemeen belang, in meerwaarde voor het gehele gebied • Is in staat om voorbij het eigen of sectorale belang te denken, te oordelen en te handelen en om aanvragen te beschouwen in het licht van de geformuleerde doelstellingen en criteria

23

• • • •

Is in staat om samen te werken en in gezamenlijkheid te komen tot een afgewogen oordeel met mensen met verschillende achtergronden en met uiteenlopende belangen; respecteren elkaars mening en standpunten; Beschikt over goede communicatieve vaardigheden Is bereid naast reguliere vergaderingen in te zetten voor deelactiviteiten en afvaardigingen. Is eerlijk, open, integer, objectief

Op voorhand is niet gekozen voor een maximum aantal leden, zodat er ruimte blijft om meer geschikte kandidaten te selecteren uit de open werving als we dat wenselijk vinden. We achten een minimumaantal van 9 leden passend bij de omvang van het gebied, de breedte van het programma en de veelheid aan betrokken gebiedspartijen, een zo goed mogelijke vertegenwoordiging te kunnen waarborgen. Om er voor te zorgen dat in vergaderingen van de LOKALE ACTIE GROEP, bij de beoordeling van subsidieaanvragen, vertegenwoordigers van overheden nooit de meerderheid kunnen vormen, hebben private partijen tenminste een twee-derde meerderheid in de samenstelling van de LOKALE ACTIE GROEP. Bij een omvang van minimaal 9 leden, betekent dat de LOKALE ACTIE GROEP maximaal 3 vertegenwoordigers telt vanuit lokale overheden (gemeenten en Waterschappen). Om er voor te zorgen dat de relevante private gebiedspartijen, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties voldoende vertegenwoordigd zijn, zijn vijf van de overige minimaal negen plaatsen voorbehouden aan vertegenwoordigers van de volgende sectoren: • Twee leden namens de agrarische sector • Een lid namens de sector recreatie en toerisme • Een lid namens het overige bedrijfsleven • Een lid namens natuur-, landschap- en milieuorganisaties De overige leden zijn personen afkomstig uit het gebied, die voldoen aan het profiel.

De beoogde leden van de Lokale Actie Groep zijn weergegeven in bijlage 2. Agendalid Naast leden van de Lokale Actie Groep, bestaat de mogelijkheid om als agendalid bij de Lokale Actie Groep aangesloten te zijn. Dit kan bijvoorbeeld van toepassing zijn als de kennis, ervaring en het netwerk van de specifieke stakeholders wenselijk is, maar de betreffende partij/persoon niet in de gelegenheid is actief als lid van de Lokale Actie Groep te participeren. Een agendalid ontvangt wel de agenda, voorbereidende vergaderstukken en notulen, maar woont de reguliere vergaderingen niet bij. Een agendalid heeft geen formele rol en is uitgesloten van besluitvorming. Wel kan een agendalid gevraagd en ongevraagd advies geven met betrekking tot de geagendeerde onderwerpen. Wijze van werving LOKALE ACTIE GROEP-leden De lokale overheden (gemeenten en Waterschappen) is gevraagd om vertegenwoordigers af te vaardigen. Hetzelfde geldt voor de werving van de vertegenwoordigers namens de agrarische sector, het bedrijfsleven en namens de natuur, landschap- en milieuorganisaties. De overige leden zijn geworven door middel van een wervingsprocedure via het plaatsen van een oproep in de lokale media, de eigen website en via de netwerken van de leden van de initiatiefgroep.

5.3 Organisatie van de uitvoering Ondersteuning van de LOKALE ACTIE GROEP Voor de uitvoering van de LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE wordt de LOKALE ACTIE GROEP ondersteund door: • • • • •

De secretaris/coördinator van de Plaatselijke Groep De provinciale LEADER-coördinator van de provincie Zuid-Holland RVO als Beheer- en Betaalautoriteit De Regieorganisatie GLB LEADER Netwerk Nederland

De LOKALE ACTIE GROEP wordt primair ondersteund door een secretaris en een coördinator. Deze functies kunnen in een persoon worden verenigd. Verder krijgt de LOKALE ACTIE GROEP en de secretaris/coördinator back office ondersteuning vanuit de gemeente Krimpenerwaard.

24

De secretaris/coördinator heeft de volgende taken: • Is algemeen aanspreekpunt over LEADER voor relevante gebiedspartijen en projectaanvragers • Zorgt voor afstemming met aanverwante programma’s en activiteiten • Doet de eerste oriëntatie op projectideeën aan de hand van intake gesprekken • Ondersteunt de vergaderingen van de LOKALE ACTIE GROEP. Hieronder vallen voorbereiding agenda, bijwonen van vergaderingen, notulering, procesbewaking en advisering • Begeleidt projectaanvragen vanaf projectidee tot en met vaststelling • Rapporteert over de voortgang van projecten. • Houdt het financieel overzicht bij over de uitputting van deelbudgetten en het totale budget; • Organiseert de voorlichting, communicatie en PR. • Stuurt de monitoring en evaluatie over de voortgang van de Lokale Ontwikkelingsstrategie aan • Stelt jaarplannen en jaarverslagen op, met daarin uitgevoerde en geplande projecten en activiteiten.

Doet, indien nodig, voorstellen voor het bijstellen van het programma Het profiel van de secretaris bestaat in ieder geval uit de volgende kwalificaties: • Heeft kennis van het gebied • Beschikt over een goed en relevant netwerk in het gebied en daarbuiten • Heeft een degelijke en gebleken ervaring met de Leaderaanpak • Is in staat om aanvragers te begeleiden bij het vertalen van hun projectideeën naar Leaderwaardige aanvragen • Heeft de noodzakelijke kennis van de technische en juridische aspecten van het POP- programma en/of weet de hiervoor relevante instanties te benaderen en in te schakelen • Heeft kennis van relevante gemeentelijke procedures, met name rond vergunningaanvragen en/of weet de hiervoor relevante instanties te benaderen en in te schakelen. Zodra de LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE door GS Zuid-Holland is goedgekeurd, zal de LOKALE ACTIE GROEP samen met de provincie starten met het voorbereiden van de openstelling, de communicatie en het begeleiden van initiatieven bij het voorbereiden van aanvragen. Hiervoor wordt indien noodzakelijk een extern expert als kwartiermaker ingezet. Parallel hieraan start gemeente Krimpenerwaard een aanbestedingstraject voor de werving van de secretaris/coördinator.

Wettelijk vertegenwoordiger van de LOKALE ACTIE GROEP Wat betreft de beheerkosten van de LOKALE ACTIE GROEP (zie ook hoofdstuk 6) zal gemeente Krimpenerwaard optreden als aanvrager en is uit hoofde daarvan ook verantwoordelijk voor het financieel beheer en de administratie van deze kosten. Dit houdt in dat vanuit gemeente Krimpenerwaard capaciteit ingezet wordt ten behoeve van het doen van aanbestedingen, verstrekken van opdrachten, voldoen van facturen, het uitbetalen van vergoedingen aan LOKALE ACTIE GROEP-leden die daar recht op hebben, het bijhouden van de administratie en het aanleveren van informatie en documenten ten behoeve van rapportages.

25

6 Financiering 6.1 Begroting Voor LEADER Krimpenerwaard is voor de periode 2023-2027 een budget € 2,2 miljoen aan publieke middelen beschikbaar, bestaande uit € 1,1 miljoen Europese middelen uit het ELFPO en € 1,1 miljoen nationale middelen aan provinciale cofinanciering. Dit bedrag is als volgt tot stand gekomen: Nederland heeft in haar NSP 5% van het budget voor LEADER gereserveerd, dit komt neer op € 58,67 miljoen (afgerond) aan Europese middelen bestemd voor LEADER in de periode 2023-2027. Voor de provincie Zuid-Holland is hiervan in totaal € 4,4 miljoen beschikbaar. De cofinancieringsverplichting voor LEADER bedraagt minimaal 20%. De provincie Zuid-Holland heeft gekozen voor een top up en stelt eveneens € 4,4 miljoen aan cofinanciering beschikbaar. Er is in deze periode geen verplichte cofinanciering van gemeenten en Waterschappen. In het GS besluit van 14 maart 2023 wordt gesteld dat “LEADER gebieden kunnen wat betreft de subsidie voor de uitvoering van de strategie uitgaan van een indicatief bedrag van € 2.2 mln. voor de gehele periode, bestaande uit € 1.1 mln. Europese middelen en € 1.1 mln. middelen van de provincie.” De begroting voor deze strategie is hierop gebaseerd. De Europese Verordening 2021/1060 bepaalt dat maximaal 25% van deze middelen besteed mag worden aan de kosten voor het beheer, de monitoring en de evaluatie van de Lokale Ontwikkelingsstrategie.

Dit komt neer op een bedrag van maximaal € 550.000. Zoals in Hoofdstuk 3 beschreven, wordt het resterende budget ingezet op twee categorieën concrete acties: Budget voor innovatieve ideeën/kleine projecten, die passen bij de doelen en thema’s van de Lokale Ontwikkelingsstrategie. Het gaat om het toekennen van relatieve kleine subsidiebedragen (minder dan € 25.000) aan initiatieven die in potentie kansrijk kunnen zijn, maar waarvoor eerst nog zaken moeten worden uitgezocht of onderzocht alvorens een volledig uitgewerkt plan, inclusief investeringsbegroting en businessplan kan worden ontwikkeld. Het steunpercentage voor deze categorie aanvragen bedraagt maximaal 80%. We gaan ervan uit dat er in de hele periode minimaal 8 van deze categorie aanvragen ondersteund worden Investeringssubsidies: de ‘klassieke’ aanvragen/projecten, zoals we die kennen uit de afgelopen (POP3) periode. Het gaat hierbij om volledig uitgewerkte plannen inclusief investeringsbegroting en businessplan. Voor deze aanvragen gaat het om een steunpercentage van 40% en subsidiebedragen tussen de minimaal € 25.000 en maximaal € 200.000,Op basis van deze uitgangspunten en de in de strategie geformuleerde doelstellingen en activiteiten, is de begroting voor de periode 2023-2027: Submaatregel

Kosten/investeringen

%

Projectideeën/kleine projecten

275.000

6,25

Investeringssubsidies voor projecten

3.575.000

81,25

Beheer- en uitvoeringskosten LOKALE ACTIE GROEP*

550.000

12,50

Totaal

€ 4.400.000

100

* Onder beheer en uitvoeringskosten LOKALE ACTIE GROEP vallen onder meer de vergoedingen van LOKALE ACTIE GROEP-leden, kosten voor secretaris/coördinator, kosten voor back office support, beheer, vergoedingen voor LOKALE ACTIE GROEP-leden, kosten voor deskundigheidsbevordering, activering, communicatie, monitoring en evaluatie.

6.2 Dekkingsplan De bijdrage van Zuid-Holland is gelijk aan het budget dat vanuit ELFPO beschikbaar is. Voor de ondersteuning van ideeën en kleine projecten is het steunpercentage maximaal 80% en moet dus minimaal 20% uit private middelen worden bijdragen. De subsidie is minder dan € 25.000. Voor de projecten geldt een steunpercentage van 40%. Dit betekent dat minimaal 60% van de investeringskosten uit private middelen moeten komen. Verder gelden voor de projecten een minimum subsidiebedrag van € 25.000 en een maximum van € 200.000.

26

De dekking van de beheerkosten wordt geheel gedaan uit publieke middelen: de helft uit het ELFPO en de helft door nationale cofinanciering door de provincie. Aan de hand van deze uitgangspunten, ziet het dekkingsplan er als volgt uit. Submaatregel Projectideeën/pilots/experimenten

ELFPO 110.000

PZH 110.000

Privaat 55.000

Totaal 275.000

Investeringssubsidies voor projecten Beheer- en uitvoeringskosten LOKALE ACTIE GROEP*

715.000

715.000

2.145.000

3.575.000

275.000

275.000

0

550.000

1.100.000 25

1.100.000 25

2.200.000 50

4.400.000 100

Totaal %

Voorwaarde voor een succesvolle uitvoering van de geselecteerde aanvragen, inclusief beheerkosten, is dat alle aanvragers gebruik kunnen maken van de voorschotregeling, waarbij 50% van de toegekende publieke steun bij aanvang van de uitvoering van het project beschikbaar wordt gesteld aan de aanvrager. Dit zal worden opgenomen in de openstellingsbesluiten die door de Lokale Actie Groep worden voorbereid.

27

Deel II Reglement 7 Beheer- en toezichtregeling/beschrijving van de openstellings- en selectieprocedure 7.1 Werkwijze Lokale Actie Groep en verantwoording Het vergaderritme van de LOKALE ACTIE GROEP is primair gekoppeld aan de indieningsmomenten van aanvragen. Zie hiervoor paragraaf 7.2. Dit betekent dat de LOKALE ACTIE GROEP in beginsel viermaal per jaar bij elkaar komt, telkens ongeveer vier weken na afloop van een indieningsmoment. Het beoordelen van de binnengekomen aanvragen vormt dan ook het belangrijkste punt op de agenda van een LOKALE ACTIE GROEP-vergadering. In de aanloop naar een vergadering stelt de secretaris samen met de voorzitter een conceptagenda op en verspreidt deze onder de overige LOKALE ACTIE GROEP-leden voor aanvullingen. Voordat een aanvraag ingediend en beoordeeld wordt, is er al op meerdere momenten contact geweest met de initiatiefnemer(s). Zodra de aanvraag positief beschikt is, neemt de secretaris-coördinator contact op met de initiatiefnemer om de beschikking door te nemen. Hiervoor wordt ook een handleiding aan de initiatiefnemer aangereikt, zodat de uitvoering, rapportages en verantwoording op een goede manier kunnen worden voorbereid. Tijdens de uitvoering worden een of twee LOKALE ACTIE GROEP-leden aan een project gekoppeld.

Deze ambassadeurs bezoeken tijdens de uitvoering het project minimaal tweemaal en zijn op verzoek van de initiatiefnemer ook beschikbaar voor raad & daad. Voor de procedurele zaken rond rapportages en verantwoordingen kan een beroep worden gedaan op de secretaris-coördinator. Verantwoording De LOKALE ACTIE GROEP legt op twee manieren verantwoording af m.b.t. de uitvoering van de LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE en de selectie van aanvragen: 1. Middels publicatie van een Jaarverslag: hierin wordt verslag gedaan van de vier indieningsrondes (wijze van organisatie, communicatie en indieners), gerapporteerd over de beoordeling- en selectieprocedures en de uitkomsten daarvan. Ook wordt de stand van zaken weergegeven van de in voorgaande jaren geselecteerde projecten en behaalde resultaten. Verder wordt aangegeven hoe deze zich verhouden tot doelstellingen van het programma als geheel. Tenslotte wordt verslag gedaan van de ondernomen activiteiten op het gebied van deskundigheidsbevordering, communicatie, kennisdeling en netwerkvorming; 2. Door middel van informatieverstrekking op de eigen website: er wordt verslag gedaan van de LOKALE ACTIE GROEP-vergaderingen en van elk goedgekeurd project wordt op een aparte projectpagina informatie gegeven.

7.2. Wijze van openstellen en plafond bepalen Vanaf de start van het programma wordt gekozen voor een doorlopende openstelling. Dit houdt in dat subsidieaanvragen doorlopend kunnen worden ingediend. Om in de eerstvolgende LOKALE ACTIE GROEP vergadering door de LOKALE ACTIE GROEP beoordeeld te worden, moeten aanvragen op of voor vier vaste data in het jaar worden ingediend. Dit wordt in het openstellingsbesluit vastgelegd. Een doorlopende openstelling houdt ook in dat het subsidieplafond bestaat uit het totale budget dat voor de hele periode (tot en met 31 december 2027) beschikbaar is voor projecten. Wel worden er twee deelplafonds aangehouden: een voor de projectideeën/pilots/experimenten en een voor de investeringsprojecten. Aanvragen die bij de beoordeling door de LOKALE ACTIE GROEP het minimum aantal punten behalen, worden door de LOKALE ACTIE GROEP geselecteerd voor een bijdrage. De LOKALE ACTIE GROEP gaat onmiddellijk na goedkeuring van de LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE aan de slag om in overleg met de Provincie Zuid-Holland en RVO de tekst van het Openstellingsbesluit voor te bereiden. Vervolgens wordt de provincie verzocht om het Openstellingsbesluit te publiceren in het Provinciaal Blad.

28

Tijdens de jaarlijkse evaluatie van het programma, bekijkt de LOKALE ACTIE GROEP of er aanleiding is om het Openstellingsbesluit op onderdelen aan te passen.

7.3. Selectiecriteria en selectieprocedure steunaanvragen Uitgangspunten: • Op de meeste efficiënte en doelmatige, maar tegelijkertijd open en transparante wijze komen tot de selectie van goede, ‘LEADER-waardige’ projecten • We maken een onderscheid tussen als LOKALE ACTIE GROEP faciliteren van initiatieven aan de ene kant en de formele indiening, beoordeling en selectie van aanvragen aan de andere kant. • Te allen tijde voorkomen van (de schijn van) belangenverstrengeling • Waar we niet aan bijdragen: o Als een initiatief gebaseerd is op de traditionele, fossiele economie. Gebruik van duurzame energiebronnen is een gegeven; o Als het initiatief uitgaat van de principes van de lineaire economie: make – use – waste en niet gestoeld is op de principes van de circulaire economie; o Als het initiatief geen verdienpotentieel heeft. De LOKALE ACTIE GROEP leden tekenen voor de startdatum van de openstelling een geheimhoudingsverklaring, waarin zij uitdrukkelijk verklaren geen informatie in de projectdossiers voor eigen voordeel zullen gebruiken of aan derden ter beschikking zullen stellen. Na indiening van een aanvraag voert RVO eerst een ontvankelijkheidstoets uit, voordat het dossier wordt toegestuurd aan de LOKALE ACTIE GROEP leden. De LOKALE ACTIE GROEP leden beoordelen voor de vergadering ieder individueel de ingediende aanvragen en vullen het scoreformulier in.

Bij elk criterium motiveren zij schriftelijk hun score. De ingevulde en ondertekende formulieren worden uiterlijk een werkdag voor de LOKALE ACTIE GROEP-vergadering opgestuurd naar de secretaris. Niet tijdig, niet ondertekende of niet juist ingevulde scoreformulieren worden ongeldig verklaard en worden uitgesloten. De scores van de geldige formulieren worden door de secretaris verzameld en door toepassing van de wegingsfactoren wordt voor elk criterium een gemiddelde score berekend. De scores per criterium worden vervolgens bij elkaar opgeteld. Tijdens de vergadering dient voorafgaand aan de bespreking en selectie van de aanvragen eerst het volgende protocol te worden gevolgd: • Een LOKALE ACTIE GROEP-lid dat een direct of indirect belang heeft bij een aanvraag, dient bij de behandeling van deze aanvraag in de LOKALE ACTIE GROEP-vergadering de vergadering te verlaten. Dit wordt door de secretaris opgenomen in het verslag. Het LOKALE ACTIE GROEP-lid neemt op geen enkele wijze deel aan overleg, bespreking, oordeelsvorming en besluitvorming t.a.v. deze aanvraag • De vraag of een LOKALE ACTIE GROEP-lid een direct of indirect belang heeft bij de aanvraag, is ter beoordeling van de LOKALE ACTIE GROEP als geheel, waarbij de voorzitter de beslissende stem heeft.

Indien de voorzitter een direct of indirect belang heeft bij een aanvraag, wordt hij/zij bij de behandeling van deze aanvraag tijdelijk als voorzitter vervangen door een ander LOKALE ACTIE GROEP-lid dat geen direct of indirect belang bij de aanvraag heeft; • Het aantal LOKALE ACTIE GROEP-leden dat ter vergadering gerechtigd is een oordeel te geven, dat kan en mag worden meegewogen, moet tenminste 51% bedragen van het totaal aantal LOKALE ACTIE GROEP-leden; • De scores van LOKALE ACTIE GROEP-leden die niet aanwezig zijn bij de vergadering, maar die wel tijdig en correct het scoreformulier hebben ingediend, worden meegewogen bij de bepaling van de gemiddelde scores; • Ten hoogste 49% van de ter vergadering aanwezige LOKALE ACTIE GROEP-leden wiens oordeel kan en mag worden meegewogen, mag bestaan uit vertegenwoordigers van overheids- of semioverheidsinstanties. Vervolgens presenteert de secretaris aan de LOKALE ACTIE GROEP-leden per aanvraag een overzicht van alle scores en de gemiddelde scores. Aangegeven wordt ook, indien van toepassing, op welke criteria en/of onderdelen een aanvraag onvoldoende punten ten opzichte van het gestelde minimum heeft behaald. Tijdens de vergadering wordt besproken of er gegronde redenen zijn aan te voeren om scores op bepaalde criteria naar boven of naar beneden bij te stellen.

Indien LOKALE ACTIE GROEP-leden in meerderheid het eens zijn om een score naar beneden of naar boven bij te stellen, dan wordt zodoende de definitieve score bepaalt. Vervolgens wordt aan de hand van deze definitieve score bepaalt of een aanvraag al dan niet voldoet aan de minimumvereisten.

29

Van de beoordeling en de bespreking van de scores door de LOKALE ACTIE GROEP wordt door de secretaris verslag gemaakt. In het verslag worden ook de gemiddelde scores op elk criterium vermeld. Het verslag wordt langs elektronische weg voorgelegd aan de LOKALE ACTIE GROEP-leden. Deze hebben maximaal tien werkdagen de tijd om, uitsluitend redactioneel, op het verslag te reageren. Aangedragen redactionele aanpassingen worden in door de secretaris in het verslag verwerkt. Het aldus vastgestelde verslag wordt toegestuurd aan GS Zuid-Holland. Voldoet een aanvraag niet aan de minimumvereisten, dan wordt GS Zuid-Holland gevraagd de aanvraag negatief te beschikken. De aanvrager kan op basis van de aanvraag beroep en bezwaar aantekenen. De aanvrager kan er ook voor kiezen om een nieuwe, aangepaste aanvraag in te dienen. Aanvragen die voldoen aan de minimumvereisten worden doorgestuurd aan GS Zuid-Holland met het verzoek om de aanvraag positief te beschikken onder voorwaarde van de toetsing van de opgegeven projectkosten op rechtmatigheid en redelijkheid door RVO. Normaliter vindt er dus geen rangschikking van aanvragen plaats, zoals dit bij een reguliere tenderprocedure wel het geval is: aanvragen die voldoen aan de minimumvereisten en minimumscores worden geselecteerd.

De enige uitzondering hier op is wanneer er aan het eind van het programma meer aanvragen worden ingediend, die voldoen aan de minimumvereisten, dan er nog aan beschikbaar budget resteert om alle aanvragen volledig te kunnen honoreren. In die situatie is er wel sprake van rangschikking, dat wil zeggen dat in de vergadering door de LOKALE ACTIE GROEP de definitieve scores van alle aanvragen op volgorde van hoogste naar laagste totaal score rangschikt. Het nog resterende budget wordt toegewezen aan de aanvragen met de hoogste score. Selectiecriteria Vanwege de verschillen in karakter en reikwijdte van de projectideeën en de projecten, worden beide typen aanvragen ook anders beoordeeld. In zijn algemeenheid geldt dat bij de beoordeling van alle aanvragen er drie sets van beoordelingscriteria worden gebruikt: 1. Inhoudelijke criteria die voortvloeien uit de thema’s en doelen van de LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE, d.w.z. de bijdrage aan één of meer van de geformuleerde doelstellingen en outputindicatoren (mate van effectiviteit); 2. De LEADER criteria; 3. De kwaliteit van de aanvraag en de aanvrager. Ad 1 De inhoudelijke criteria hebben betrekking op: • De bijdrage van de aanvraag aan de sociaaleconomische versterking van de regio.

Bij aanvragen in het kader van het projectideeën moet inzichtelijk worden gemaakt welke intentie en/of potentie het innovatie-idee heeft om bij te dragen aan de sociaaleconomische versterking van de regio • De specifieke bijdrage van de aanvraag aan tenminste een van de twee oplossingsrichtingen, zoals beschreven in hoofdstuk 3: 1) vitale groene regio; 2) Waarde(n) van de Waard. • Op de vraag of eventuele negatieve effecten van de aanvraag op mens of omgeving zijn onderzocht en of maatregelen worden getroffen om deze effecten te voorkomen dan wel te compenseren • De wijze waarop er aandacht wordt besteed aan gendergelijkheid en inclusiviteit en het versterken van de positie van jongeren in het gebied. Ad 2 De LEADER-criteria houden in dat in de aanvragen de zes basisprincipes van de LEADER-aanpak in voldoende mate worden toegepast. Deze zes basisprincipes van LEADER zijn: 1. Bottom-up werkwijze; 2. Gebiedsgerichte benadering; 3. Bevorderen van samenwerking tussen de gebiedsactoren: dit houdt in dat bij elke aanvraag tenminste twee gebiedspartijen betrokken moeten zijn. 4. Versterken van duurzame netwerken in het gebied; 5. Integrale of multisectorale aanpak; 6. Voorbeeldwerking. Ad 3 30

Hierbij worden aspecten beoordeeld en gewogen als de algehele kwaliteit van de aanvraag, de kennis en ervaring die nodig is om het project op een goede manier uit te kunnen voeren, de haalbaarheid en tijdige uitvoerbaarheid en de kosten in relatie tot de verwachte resultaten. Voor projecten wordt daarbij ook gekeken of aan de hand van het business plan het initiatief potentie heeft om ook na de subsidiefase gecontinueerd te worden. De LOKALE ACTIE GROEP zal bepaalde criteria een zwaarder gewicht meegeven, b.v. voor de projecten zal een criterium als concrete, meetbare bijdrage aan de regionale economie een hogere wegingsfactor krijgen, net als typische LEADERcriteria, zoals het bottom-up gehalte. Voor de project ideeën ligt het voor de hand dat het criterium Innovatief gehalte een hoge wegingsfactor krijgt. Uiteraard geldt hierbij steeds dat dit wordt bekeken in het licht van de gekozen inhoudelijke thema’s. In bijlage 4 zijn voorbeelden opgenomen van hoe de beoordelingsformulieren er voor de twee categorieën aanvragen uit zouden kunnen zien. Zodra de LOKALE ACTIE GROEP formeel is ingesteld en vooruitlopend op de invulling van de tekst van het Openstellingsbesluit zal de LOKALE ACTIE GROEP op basis hiervan komen tot een nadere invulling en concretisering van de criteria en tot het bepalen van de wegingsfactor voor elk criteria en de minimumscores.

Steunbedragen en steunpercentages Behalve het op bovenbeschreven wijze beoordelen van de aanvragen, stelt de LOKALE ACTIE GROEP ook de steunbedragen en steunpercentages vast. Ook hier wordt weer onderscheid gemaakt in ideeën en projecten. Zoals in Hoofdstuk 6 al is aangegeven, gaat het bij de eerste categorie aanvragen om het toekennen van relatieve kleine steunbedragen (minder dan € 25.000) aan initiatieven die in potentie kansrijk kunnen zijn, maar waarvoor eerst nog zaken moeten worden uitgezocht of op haalbaarheid onderzocht voordat een volledig uitgewerkt plan, inclusief investeringsbegroting en businessplan kan worden ontwikkeld. Het steunpercentage voor deze categorie aanvragen bedraagt 80%. Dit budget is nadrukkelijk niet bedoeld voor reguliere voorbereidingskosten. Bij de projectideeën/kleine projecten gaat het om een eenmalige investeringssubsidie. Voor deze aanvragen geldt een steunpercentage van 40% en subsidiebedragen tussen minimaal € 25.000 en maximaal € 200.000. Door voor projectideeën een maximum van € 25.000 te hanteren vallen zij binnen de voorwaarden van RUS 1 en kunnen dienovereenkomstig met een lichte toets gelijk worden afgedaan. De LOKALE ACTIE GROEP stelt wel als verplichting dat de aanvrager de resultaten van het projecten publiek maakt en actief deelt in het gebied.

Met deze systematiek wordt tegemoetgekomen aan de van de grootste bezwaren die door initiatieven is aangedragen tijdens de POP3-periode, namelijk de disproportionele administratieve lastendruk. Ook wordt het nu weer mogelijk om het programma open te stellen voor kleine projecten (minder dan € 25.000 subsidie). Dit in combinatie met de mogelijkheid om bij de start van de uitvoering aanspraak te maken op een voorschot van 50% van de verleende subsidie, zal de uitvoerbaarheid van het programma zeer ten goede komen. Voor de projecten (vanaf € 25.000 euro subsidie) blijft het reguliere regime van financiële verantwoording van kracht. Wel krijgen alle aanvragen de mogelijkheid om gebruik te maken van een van de twee Vereenvoudigde Kosten Opties, Berekening Personeelskosten en Berekening Totale overige kosten. Rol van de LOKALE ACTIE GROEP tijdens de uitvoering van projecten Ook nadat een aanvraag verleend is, heeft de LOKALE ACTIE GROEP nog een rol tijdens de uitvoering. Aan elk project worden een of twee LOKALE ACTIE GROEP-leden als ambassadeur toegewezen. Zij houden de vinger aan de pols bij de uitvoering door contact met de initiatiefnemer en projectbezoeken. Maar de LOKALE ACTIE GROEP als geheel heeft gedurende de uitvoering ook een formele rol.

Dit is met name het geval wanneer de initiatiefnemer aangeeft dat er (mogelijk) belangrijke wijzigingen gaan optreden in de uitvoering of in de beoogde resultaten. In die gevallen kan de LOKALE ACTIE GROEP besluiten tot een volledige herbeoordeling van het project op basis van de voorgestelde wijzigingen. Als de herbeoordeling leidt tot een dusdanig lagere score, dat een of meer van de gestelde minimumscores niet worden behaald, kan de LOKALE ACTIE GROEP besluiten om GS te verzoeken de subsidieverlening alsnog in te trekken dan wel lager vast te stellen.

31

7.4. Monitoring Op zowel rijks-, provinciaal als lokaal niveau is er sprake van monitoring en evaluatie. Dit is noodzakelijk om de uitvoering en realisatie, zowel financieel als wat betreft de outputindicatoren, te kunnen volgen en waar nodig tussentijds bij te sturen. Bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, die optreedt als Beheer- en betaalautoriteit, worden beschikte LEADER-aanvragen in het daarvoor ontwikkelde IT-systeem ingevoerd. Het gaat hierbij niet alleen om committering van het budget, maar ook en vooral om het registreren van de in de aanvraag benoemde resultaten en outputindicatoren. Deze indicatoren moeten in het voorafgaande proces van beoordeling en selectie door de LOKALE ACTIE GROEP aansluiten bij de indicatoren, zoals benoemd in de LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE. We willen hierbij ook nadrukkelijk de aanbevelingen betrekken die gedaan zijn door bureau Ecorys. Ecorys heeft in 2022 in opdracht van de twee Zuid-Hollandse LEADER-gebieden, die in de POP3 periode actief waren, LEADER Polders met Waarden en LEADER Holland Rijnland, een externe evaluatie uitgevoerd.

In het rapport is specifiek met betrekking tot de rol van de LOKALE ACTIE GROEP in de uitvoering en monitoring van de projecten een aantal aanbevelingen gedaan: - Zorg in samenspraak met de initiatiefnemers voor een adequate definiëring van de beoogde output van het project, zoals deze ook opgenomen wordt in de beschikking - Versterk de begeleiding van de beschikte projecten in de uitvoering. Hier is primair een rol weggelegd voor de coördinator, die in nauw contact staat met initiatiefnemers in het traject op weg naar een aanvraag. De aanbeveling is dat de coördinator ook het eerste aanspreekpunt wordt voor projecten bij de uitvoering, declaraties en eindverantwoording. De coördinator krijgt zodoende meer de positie van accountmanager die initiatieven op weg helpt, begeleid en adviseert vanaf het allereerste contact tot en met de vaststelling. Verder vervullen de LOKALE ACTIE GROEP-leden die als ambassadeur aan projecten verbonden zijn, ook een rol in het onderhouden van contacten met ‘hun’ projecten. Gedurende de uitvoering en bij de afronding bezoeken zij een project minimaal tweemaal en brengen hierover schriftelijk verslag uit aan de overige leden van de LOKALE ACTIE GROEP aan de hand van een vast format.

7.5. Effectmeting en evaluatie Effectmeting begint bij het aan de voorkant scherp definiëren en afbakenen van de doelen, resultaten en indicatoren van het eigen programma, zoals weergegeven in Hoofdstuk 3. Stap 2 is om bij de subsidieaanvragen in overleg met de initiatiefnemers de doelen, resultaten en indicatoren van ieder project zo helder en eenduidig mogelijk te bepalen. Stap 3 is het organiseren van de projectgewijze monitoring, zoals in de vorige paragraaf beschreven. Dit is een samenspel van RVO, Provincie, coördinator en LOKALE ACTIE GROEP-leden die optreden als projectambassadeurs. Op het niveau van de LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE als geheel heeft de voltallige LOKALE ACTIE GROEP de taak om er op toe te zien dat het geheel aan geselecteerde aanvragen leidt tot realisatie van de geformuleerde doelstellingen en indicatoren en uitputting van de beschikbare middelen. In elke vergadering van LOKALE ACTIE GROEP zorgt de secretaris voor een overzicht van de geselecteerde aanvragen, de stand van de uitvoering, de beoogde en de behaalde resultaten en de stand van uitputting van het budget. Input voor deze rapportage komt uit de voortgangsrapportages van de projecten, de verlenings- en vaststellingsbeschikkingen en de rapportages van de projectambassadeurs. Deze periodieke rapportages vormen ook weer de basis voor de jaarverslagen.

Aan de hand van het jaarverslag evalueert de LOKALE ACTIE GROEP jaarlijks de voortgang in de realisatie van de doelen, resultaten en indicatoren en uitputting van de beschikbare middelen. Dit moment wordt ook gebruikt om te reflecteren op de gebruikte werkprocessen en -methoden, het functioneren van de LOKALE ACTIE GROEP en de coördinator, de communicatie naar het gebied en de werkrelatie en communicatie tussen en met Provincie en RVO: leiden de gekozen werkwijzen, de ingezette communicatie- en activeringsmiddelen en de manier waarop aanvragen zijn geselecteerd en beoordeeld tot de meest efficiënte en effectieve uitvoering van het programma en tot de beoogde resultaten? Als daar aanleiding toe is, zullen op onderdelen verbeteringen worden doorgevoerd.

32

Vanwege de (deels) nieuwe samenstelling van de LOKALE ACTIE GROEP, de nieuwe inhoudelijke thema’s en de nieuwe werkwijze, zal de LOKALE ACTIE GROEP met name in het begin van de uitvoering (zomer en herfst 2023) een beroep doen op externe deskundigheid. B.v. via het Netwerk Platteland/Regiebureau POP zal gevraagd worden om één of meerdere mensen de LOKALE ACTIE GROEP-vergaderingen bij te wonen en feedback te geven. Ook zal voor de start van de openstelling een bezoek worden gebracht aan een collega-LOKALE ACTIE GROEP waar al langer ervaring is met de LEADER-werkwijze. Verder zal halverwege het programma (2025) een mid term evaluatie worden uitgevoerd. Tenslotte zal een eindevaluatie worden georganiseerd. In tegenstelling tot eerdere periodes, zullen we in deze periode geen eigenstandige externe evaluatie laten uitvoeren, maar sluiten we aan bij de evaluaties die landelijk worden opgezet en uitbesteed. Aan het eind van de periode zullen we aan de hand van de resultaten een interactieve projectenkaart en een infographic laten maken en binnen onze netwerken verspreiden.

33

Bijlagen Bijlage 1 Samenstelling initiatief groep opstellen LOKALE ONTWIKKELING STRATEGIE Jan Herm Bokdam Agrariër Lisa Goossens Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard Bas Rechtuyt MKB ondernemer Felicia Rook Gemeente Krimpenerwaard Jan Speksnijder Agrariër Durkje Uittenbogaard-Wierda Melkveehouder en Recreatief ondernemer en voormalig bestuurslid St. Promotie Krimpenerwaard Marieke Kok KnowWhy Anneloes Visser Gemeente Krimpenerwaard

Lid Lid Lid Lid / secretaris Lid

Coördinator Agenda Lid

Samenstelling van de beoogde LOKALE ACTIE GROEP : Naam Wethouder Leo Barth (55+)

Namens Publieke Sector

Vacature*5 (18-30)

Publieke Sector

Dolf Heijkoop (18-30)

Agrarische Sector

Durkje Wierda (30-55)

Agrarische Sector

Uittenbogaard-

Bestuurslid Natuur Vogelwerkgroep KW* (55+)

en

Natuurorganisaties

Bote de Vries (55+)

Recreatie & Toerisme

Kandidate (V)* (55+)

MKB

Heidi Doff (30-55)

Culturele sector

Vacature Vacature

Overig Overig

AgendaLid Lisa Goossens

Overheid

Netwerk, profiel en competenties Gemeente Krimpenerwaard, regionale overheden. Portefeuille o.a. Landbouw en economie. Heeft werkervaring in managementfuncties bedrijfsleven (Financiële sector & vastgoed) Jongerenraad Krimpenerwaard, Jongeren in de gemeente, linking-pin tussen overheid en jongeren in het gebied Signaleren wat er leeft onder jongeren, netwerken, Verbinden, strategisch denken LTO / Jonge boeren Jonge Biologische boer uit Stolwijk Weet wat er speelt in de sector en in het gebied Open mindset, verbindend, Landbouw &Toerisme Samen met haar man eigenaar van melkveebedrijf en Farm Camps Stolkse Weide Heeft als lid van het Initiatiefteam bijgedragen aan tot stand komen van de LOS, weet wat er speelt zowel in agrarische sector als in recreatieve sector. Verbindend, enthousiasmerend, communicatief sterk Gedegen kennis van ecologie en van de Krimpenerwaard, breed netwerk

Bestuurslid St. Promotie Krimpenerwaard, Bestuurder/commissaris, ervaren professional in internationale activafinanciering, met een juridische en ‘special credits’ achtergrond, creatief, sterke structureringsvaardigheden en een uitstekend relatienetwerk. Heeft LAG-lidmaatschap in overweging; systemisch procesbegeleider en communicatiecoach in primair en voortgezet onderwijs. Vrouwelijk ondernemerschap, netwerker, verbinder met oog voor de onderstroom, strategisch denken. Directeur Cultuurhuis, breed netwerk in zowel stedelijk als landelijk gebied. Actief binnen netwerken van vrouwelijke ondernemers, Verbinder, strategisch denken.

Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard

5

*Kandidaten zijn benaderd en hebben LAG Lidmaatschap in overweging, echter op moment van insturen LOS nog geen definitief besluit bekendgemaakt.

34

Bijlage 2 Overzicht potentiële projecten (niet uitputtend): -

Circulaire toepassingen schapenwol in de bouw Circulaire toepassing Kaaswei Ontwikkelen Natuurbeleving rondom NNN gebieden Multifunctionele recreatie & ontmoetingspunten in de nabijheid van de natuur Beleefroutes voor bezoekers op het boerenerf Nieuwe vormen van samenwerking en tegengaan van energieongelijkheid in off-grid oplossingen voor hernieuwbare energie Duurzame voeding voor iedereen Behoud en Beleef Historisch gemaal Haastrecht

35

Bijlage 3 voorbeeld beoordelings- en scoreformulier projectideeën/pilots/experimenten: A. Thema’s, doelstellingen en indicatoren 1

Score Score 0 tot 5

2

Heeft het de potentie om bij te dragen aan de sociaaleconomische positie van de regio? Heeft het project de potentie om bij te dragen aan de versterking van de sociaaleconomische positie van de agrarische sector in het gebied?

3

Heeft de aanvraag betrekking op thema A?

Score 0 tot 5

4

Heeft de aanvraag betrekking op thema B?

Score 0 tot 5

5.

Wordt in het project ook onderzoek gedaan naar mogelijk negatieve effecten op mens, plattelandseconomie en/of omgeving? SUBTOTAAL A. B. Leidende criteria uit de richtsnoeren LEADER

Motivering score

Weging

Minimums core

Motivering score

Weging

Minimum score

Motivering score

Score -5 tot 0 Minimaal: Score

Het project heeft een bottom-up aanpak

Score 0 tot 5

7

Het project heeft een experimenteel/innovatief karakter

Score 0 tot 5

8

Er is sprake van samenwerking

Score 0 tot 5

9

Er is sprake van een integrale/multisectorale aanpak

Score 0 tot 5

SUBTOTAAL B.

Minimaal:

C. Kwaliteitstoets

Score

10

Algemene indruk projectidee en aanvrager

Score 0 tot 5

11

Is de organisatiestructuur duidelijk beschreven? Zijn verantwoordelijkheden tussen betrokken partijen en personen helderzicht beschreven en voldoende afgebakend? Is er voldoende op de uitvoerbaarheid?

Score 0 tot 5

Is voldoende beschreven hoe de resultaten publiek worden gemaakt? SUBTOTAAL C.

Score 0 tot 5

TOTAAL (Subtotalen A + B + C)

Minimaal:

13

Minimum

Score 0 tot 5

6

12

Weging

Score 0 tot 5

Minimaal:

36

Voorbeeld beoordelings- en scoreformulier projecten:

A. Thema’s, doelstellingen en indicatoren

Score

1

Draagt het project bij aan de algemene doelstelling: duurzaam en structureel versterking van de sociaaleconomische positie van de regio? Is de bijdrage aan versterking van de sociaaleconomische positie van de regio gekwantificeerd en onderbouwd in termen van economische spin off (b.v. werkgelegenheid, omzetgroei)

Score 0 tot 5

2.

Draagt het project bij aan de algemene doelstelling: duurzaam en structureel versterking van de sociaaleconomische positie van de agrarische sector in het gebied? Is de bijdrage aan versterking van de sociaaleconomische positie van de agrarische sector gekwantificeerd en onderbouwd in termen van economische spin off?

Score 0 tot 5

3

Wordt bijgedragen aan thema A? Is de bijdrage aan deze doelstelling gekwantificeerd en onderbouwd?

Score 0 tot 5

4

Wordt bijgedragen aan thema B? Is de bijdrage aan deze doelstelling gekwantificeerd en onderbouwd?

Score 0 tot 5

5

Wordt bijgedragen aan participatie voor jongeren in het gebied

Score 0 tot 5

6

Kent het project ook negatieve effecten op mens, plattelandseconomie en/of omgeving en zo ja, worden afdoende maatregelen getroffen om deze negatieve effecten te compenseren?

Score -5 tot 0

SUBTOTAAL A.

Minimum

Weging

Minimums core

Motivering score

Minimaal:

B. Leidende criteria uit de richtsnoeren LEADER

Score

7

Het project heeft een bottom-up aanpak

Score0 tot 5

8

Het project heeft een experimenteel/innovatief karakter

Score 0 tot 5

9

Het project heeft een overdraagbare resultaten

Score 0 tot 5

10

Er is sprake van samenwerking

Score 0 tot 5

11

Er is sprake van een integrale of multisectorale aanpak

Score 0 tot 5

Subtotaal B.

Weging

voorbeeldfunctie

en

Motivering score

Minimaal:

37

C. Kwaliteitstoets

Score

11

Algemene indruk projectplan en aanvrager

Score 0 tot 5

12

Heeft het project een realistische doelstelling, d.w.z. mag verwacht worden dat met de beschikbare middelen, kennis en tijd de beoogde resultaten worden bereikt?

Score 0 tot 5

13

Is de organisatiestructuur duidelijk beschreven? Zijn verantwoordelijkheden tussen betrokken partijen en personen helder beschreven en voldoende afgebakend?

Score 0 tot 5

14

Is er voldoende zicht op de uitvoerbaarheid? Zijn de benodigde vergunningen al afgegeven, is de financiering rond, kan tijdig beschikt worden over de mensen en middelen die nodig zijn voor de uitvoering? Is de planning haalbaar en realistisch?

Score 0 tot 5

15

Is er voldoende aantoonbare expertise aanwezig bij de aanvrager, bijvoorbeeld aan de hand van CVs of voorbeelden van eerdere ervaringen?

Score 0 tot 5

16

Levert het project ‘waar voor zijn geld, d.w.z. staan de resultaten in verhouding tot de investeringen in tijd, geld en arbeid?

Score 0 tot 5

17

Is de continuïteit van de resultaten gewaarborgd, bijvoorbeeld middels een meerjarig exploitatiebegroting en/of beheerplan?

Score 0 tot 5

SUBTOTAAL C.

Minimaal:

TOTAAL (Subtotalen A + B + C)

Minimaal:

Weging

Minimum score

Motivering score

38

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=50d946b3-c71c-4d7b-b1ec-fa1ee88b33e0