CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

1.187 RIB Jaarlijkse monitor discriminatie 2024

Raadsvergadering 18 november 2025, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Informatie van het college14.458 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

RAADSINFORMATIEBRIEF

VAN HET COLLEGE VAN B&W VOOR CC DATUM ONDERWERP

de gemeenteraad 7 oktober 2025 Jaarlijkse monitor discriminatie 2024

Beste meneer, mevrouw, Eerder dit jaar hebben we van onze antidiscriminatievoorziening iDb de Monitor Discriminatie 2024 ontvangen. In deze rapportage doet onze antidiscriminatievoorziening (ADV) verslag van het aantal en soort meldingen van discriminatie die deze over het afgelopen jaar heeft ontvangen en de landelijke en regionale trends op dit gebied. Een van deze trends is dat alle landelijke ADV's zijn sinds 2024 aangesloten bij het landelijk discriminatiepunt Discriminatie.nl. Er zijn afgelopen jaar diverse campagnes geweest om dit bekend te maken. Ook lokaal hebben we, via diverse kanalen, meer bekendheid gegeven aan ons discriminatiemeldpunt. Dit heeft resultaat opgeleverd, in augustus 2024 waren er al meer meldingen dan er in de twee voorgaande jaren in een heel jaar waren. Deze meldingen hebben betrekking op hun hele werkgebied, de regio’s Midden-Holland en Haaglanden. Ook de discriminatiemeldingen die bij de politie en het College voor de Rechten van de Mens zijn binnengekomen staan in deze rapportage vermeld. Hieronder volgt een samenvatting m.b.t. de meldingen vanuit onze gemeente. • • • • • • • •

In 2024 zijn er 18 meldingen bij onze ADV binnengekomen. Dat is twee keer zoveel als de afgelopen twee jaren (2023 en 2022) toen er 9 meldingen bij onze ADV binnenkwamen. De meeste meldingen (10) hadden betrekking op de discriminatiegrond herkomst/huidskleur en en op maatschappelijke terreinen arbeidsmarkt (3) en media/reclame (3) en onbekend (4). De meest voorkomen aard van de discriminatievoorvallen was vijandige bejegening (12). In de meeste gevallen heeft onze ADV deze meldingen behandeld door deze alleen te registreren (9) of door advies en informatie te geven (7). Het aantal geregistreerde meldingen per 1000 inwoners was in 2024 0,31%. Van in het hele werkgebied van iDb was dit gemiddeld 0,89% per 1000 inwoners. Onze gemeente scoort hierbij lager dan het gemiddelde. Net als afgelopen jaren laat het aantal meldingen bij de politie een stijgende lijn zien. In 2024 zijn er 25 meldingen binnengekomen tegenover 23 in 2023 en 17 in 2022. In de meeste gevallen (16) ging het hierbij om de discriminatiegrond herkomst/huidkleur. De aard van de meeste discriminatievoorvallen (17) betrof hier uitlating. Het aantal geregistreerde meldingen, bij de politie, per 1000 inwoners was in 2024 0,43%. Van in het hele werkgebied van iDb was dit gemiddeld 0,69% per 1000 inwoners. Onze gemeente scoort hierbij ook lager dan het gemiddelde.

Ook in 2025 laat het aantal meldingen, tot op heden, een stijgende lijn zien. In 2026 wordt u hierover, via een Monitor Discriminatie over 2025 van ons discriminatiemeldpunt en een raadsinformatiebrief, nader over geïnformeerd. Wij gaan er vanuit u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Bijlagen RIB: Monitor Discriminatie 2024 1669391 / 1669486 gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,

de burgemeester,

J. Hennip

ir. J. Beenakker

pag. 2/2

1 Stichting Ono Inclusie & discriminatiebestrijding

Aan het College van Burgemeester en Wethouders Gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk

Datum 25 april 2025 Kenmerk UP2022SO420 - AS Betreft : Aanbieding monitor 2024

INGIEKOPIEN KRIMFENERWAARD 3 0 APR 2025

:

:

-

arocc

— \1

J

Zeer geachte leden van het College van B&W, De Monitor Discriminatie Haaglanden en Hollands Midden is op 24 april gelijktijdig met 9 andere regionale rapporten en het landelijk rapport uitgebracht. In de monitor zijn de registratiegegevens van Stichting iDb, de politie, het College voor de Rechten van de Mens en het meldpunt Discriminatie.nl denhaag verwerkt. De digitale versie van de monitor is op 22 april onder embargo doorgespeeld aan onze contactambtenaar bij uw gemeente.

/

De registratiegegevens geven een indicatie van de aard en omvang van de geregistreerde discriminatie en bieden ook aanknopingspunten voor beleid en interventies. Omdat de stichting in 2024 veel werk heeft verzet om meldingen die door de stichting worden getypeerd als collectieve meldingen op to vangen en to behandelen, is in hoofdstuk S extra aandacht besteed aan de betreffende meldingen.

De monitor is, zoals bekend, in het kader van de multi - agencyrapportage uitgebracht. Hierdoor zijn gemeenten, die de uitvoering van de wettelijke taken aan Stichting iDb hebben toevertrouwd, vrijgesteld van de rapportageverplichting aan de minister van Binnenlandse Zaken inzake uitvoering van de Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen. Ik ben gaarne bereid om vragen to beantwoorden en aanvullende informatie to verstrekken.

Met vriendelijke groet,

De heer drs. A.D.R. Sandvliet

Directeur

n

Kantoor Koninginnegracht 12b 2514 AA Den Haag Tel. 070 302 86 86 :

Postadres Stichting iDb Postbus 598 2501 CN Den Haag

stichtingidb.nl info@stichtingidb.nl KvK : 67479480 Bank : NL841NGB0007440057

-0

Discriminatie.nl H

—den m Hollands Midden

Onderdeelvan Stichting Mb

De Monitor Discriminatie 2024 is opgesteld in samenwerking met onze partners politie-Eenheid Den Haag en Discriminatie.nl/denhaag

2024

Monitor Discriminatie Haaglanden en Hollands Midden Onderdeel van Stichting iDb

Monitor Discriminatie 2024 Haaglanden en Hollands Midden De regio Haaglanden en Hollands Midden is het verzorgingsgebied van de politie-Eenheid Den Haag

Colofon Stichting iDb, Den Haag, april 2025 Opsteller: Atlin Sandvliet

Vormgeving: LenShape

Fotografie: Loesje Praktijken

Partners

politie-Eenheid Den Haag

Onderdeel van Stichting iDb

In deze monitor zijn de cijfers verwerkt die inzicht verschaffen in de aard en omvang van de geregistreerde ervaren discriminatie binnen de regio’s Haaglanden en Hollands Midden. De cijfers zijn ter beschikking gesteld door politie-­Eenheid Den Haag, Stichting iDb, Discriminatie.nl/denhaag en het College voor de Rechten van de Mens. De Monitor Discriminatie 2024 verschijnt gelijktijdig met 9 andere regionale rapporten en het landelijke rapport Discriminatiecijfers 2024. Het landelijk rapport Discriminatiecijfers 2024 en alle regionale rapporten zijn te vinden op de website van de landelijke vereniging van ADV’s www.discriminatie.nl.

Inhoud

1

2

Voorwoord

5

De context

6

1.1

Inleiding 

6

1.2

Toelichting op de gebruikte bronnen en gegevens in de monitor  7

De aard en omvang van de ­geregistreerde ervaren discriminatie  2.1

De cijfers die een indicatie geven van de aard en omvang op het landelijk niveau

8

2.2

De situatie binnen Haaglanden en Hollands Midden

8

2.3

Verzoeken om een oordeel voor het College voor de Rechten van de Mens

3

5

10

De door de ADV’s geregistreerde meldingen

12

3.1

Inleiding 

12

3.2

De discriminatiegronden

13

3.3

De maatschappelijke terreinen

14

3.4

De wijze van discriminatie

16

3.5

De opvang en afwikkeling van de geregistreerde meldingen

17

3.5.1

Inleiding

17

3.5.2

De wijze van afwikkeling van de geregistreerde meldingen

4

8

17

De door de politie geregistreerde discriminatie

19

4.1

Inleiding 

19

4.2

De samenwerking binnen de strafrechtelijke keten

19

4.3

De aard en omvang van de incidenten en voorvallen 

20

4.4 De wijze van discriminatie

23

Collectieve meldingen in 2024

25

5.1

Inleiding 

25

5.2

Terugkijkend op de zes gebeurtenissen in 2024

26

5.3

Conclusies en aanbevelingen

35

1

Bijlagen

36

Klacht- en incidentregistraties

46

1.1

2

Meldingen en klachten bij een antidiscriminatievoorziening (ADV)

46

1.2

Incidenten geregistreerd door de politie

47

1.3

Verzoeken om een oordeel bij het College voor de Rechten van de Mens 

48

Juridisch getoetste situaties

48

Voorwoord Het afgelopen jaar was om verschillende redenen een bijzondere periode voor partijen die actief zijn binnen het krachtenveld dat van belang is voor het bestrijden van discriminatie. Op 9 januari 2024 vond in Den Haag de lancering plaats van het landelijk meldpunt Discriminatie.nl. De lancering van het meldpunt en de campagne die ter ondersteuning van de lancering is gevoerd, leidden tot een forse toename van het aantal meldingen. Uit de landelijke cijfers van de ADV’s (de antidiscriminatievoorzieningen) blijkt dat in 2024 sprake was van een toename van 133% ten opzichte van 2023. Dit vergelijkingscijfer lag binnen Haaglanden en Hollands Midden aanmerkelijk hoger, namelijk op 181%. Ook uit de cijfers van de politie blijkt een toename van het aantal meldingen van discriminatie. De stijging ten opzichte van 2023 was op het landelijk niveau 7%. Binnen de regio Haaglanden en Hollands Midden, het werkgebied van politie-Eenheid Den Haag, was sprake van een toename van 22%. Uit een nadere kijk op de cijfers blijkt dat de forse toename van het aantal collectieve meldingen een belangrijke verklarende factor is voor de forse stijging van het aantal incidenten en voor­ vallen dat in 2024 is geregistreerd. In dit stadium worden verschillende begrippen gehanteerd om de betreffende meldingen te typeren.

Sommige typeringen, zoals bulkmeldingen en oneigenlijke meldingen, doen geen recht aan de ernst van de grieven van personen en groepen die melding maken van u ­ itlatingen en voorvallen die zij als discriminerend ervaren. Omdat de betreffende uitlatingen en voorvallen ook negatieve effecten kunnen hebben op het vertrouwen in de overheid en instituties alsook op het vertrouwen tussen burgers onderling, is het van belang om daarop te acteren m ­ iddels beleid en interventies. Hoofdstuk vijf bevat interessante informatie over de collectieve meldingen. In de monitor wordt op basis registratiegegevens van Stichting iDb, de politie, de ADV Discriminatie.nl/denhaag en het College voor de Rechten van de Mens, inzicht verschaft in de aard en omvang van de geregistreerde discriminatie in 2024. In hoofdstuk 5 is bijzondere aandacht geschonken aan de netgenoemde collectieve meldingen. Er zijn ook voorstellen gedaan voor beleid en interventie. Bij het opstellen van de monitor heb ik, evenals in het afgelopen jaar, kunnen rekenen op de waarde­volle inbreng van Mark van de Sande, de contactpersoon voor de ADV’s bij politie-­ Eenheid Den Haag, en mijn collega’s Mireille Bijnsdorp en Aroena Moennalal. Defne Agar van de ADV Discriminatie.nl/denhaag heeft ook medewerking verleend door aanvullende gegevens te ­verstrekken over de registreerde meldingen in de gemeente Den Haag.

Ik hoop dat de gepresenteerde cijfers, de voorbeelden uit de praktijk van de klachtbehandeling en de toegepaste interventies inzicht verschaffen in het werk dat vanuit verschillende invalshoeken en door verschillende partijen wordt verzet om discriminatie te bestrijden. Atlin Sandvliet

Directeur van Stichting voor

Inclusie en discriminatiebestrijding

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

5

1

De context

1.1

Inleiding Personen die met discriminatie worden geconfronteerd kunnen hiervan meldingen maken bij een Antidiscriminatievoorziening (een ADV) of aangifte doen bij de politie. Men kan ook op eigen ­initiatief of met ondersteuning van een ADV het College voor de Rechten van de Mens (CRM) benaderen met het verzoek om een oordeel over een situatie waarbij ongelijke behandeling is ervaren. In deze monitor zijn de gegevens opgenomen en verwerkt die betrekking hebben op de meldingen, aangiften en verzoeken om een oordeel. Het gaat om incidenten en voorvallen die door inwoners uit de regio Haaglanden en Hollands Midden zijn ervaren of door een medewerker van een ADV zijn waargenomen. In 2024 ging het in totaal om het 3.238 gevallen, een forse stijging van 77% ten opzichte van het totaal van 2023. In de monitor over 2023 werd nog een stijging van 20% ten opzichte van 2022 gesignaleerd. De forse stijging was zowel bij de ADV’s als bij de politie merkbaar. In 2023 registreerde de politie-­ Eenheid Den Haag, de eenheid die verantwoordelijk is voor de regio Haaglanden en Hollands Midden, 1140 incidenten en voorvallen met een discriminatoir karakter. Dit aantal werd in 2024 ruim overschreden en steeg naar 1.389, een toename van 22% ten opzichte van 2023.

Als de registraties van de ADV’s nader worden bekeken dan blijkt dat 2024, voor wat betreft de omvang van het aantal meldingen van ervaren discriminatie, een bijzonder jaar was. Op het ­landelijk niveau werden in totaal 14.796 meldingen van ervaren of gesignaleerde discriminatie opgevangen en behandeld, een stijging van 133% ten opzichte van 2023. Het percentage lag in de regio Haaglanden en Hollands Midden aanmerkelijk hoger, namelijk op 181%. In 2023 registreerden de ADV’s binnen deze regio in totaal 635 meldingen en in 2024 een totaal van 1.787. Verklarende factoren voor de extreme toename van het aantal registraties zijn: – De inrichting van het landelijk meldpunt Discriminatie.nl: de start van het meldpunt in januari 2024 heeft geleid tot vergroting van de naamsbekendheid van de ADV’s en, in het verlengde daarvan, tot vergroting van de bereidheid om ervaren discriminatie te melden. – De effecten van de campagne die tijdens en na de lancering van het landelijk meldpunt is gevoerd. Op grond van signalen uit de binnengekomen meldingen mag de conclusie worden getrokken dat de toegenomen meldingsbereidheid een sterke invloed heeft gehad op de omvang en aard van de meldingen die worden getypeerd als collectieve meldingen.

Dat zijn meldingen als gevolg van gebeurtenissen die verontwaardiging, bezorgdheid of maatschappelijk onrust veroorzaken binnen de samenleving en in het bijzonder onder personen of groepen die zo’n gebeurtenis als een uiting van ongelijke behandeling ervaren. Omdat het aantal collectieve meldingen in 2024 extreem hoog was, wordt in hoofdstuk 6 van de monitor nader inzicht verschaft in de aard en omvang alsook in de wijze waarop de betreffende meldingen zijn opgevangen en behandeld.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

6

In de monitor van 2023 is verwezen naar gegevens uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistieken (het CBS) die inzicht verschaffen in de wijze waarop personen, die discriminatie ­ervaren, hulp en ondersteuning zoeken. Recente gegevens die inzicht verschaffen in dit hulpzoekgedrag bevestigen het beeld dat een kleine, en wellicht een selecte, groep ervaren discriminatie buiten de persoonlijke sociale basis meldt. Uit de cijfers van het CBS blijkt het volgende: – Een kwart van de Nederlanders van 15 jaar en ouder had in 2023 discriminatie ervaren. – Van de netgenoemde groep heeft 11% dit gemeld bij de politie of een ADV 1. Het gesignaleerde hulpzoekgedrag en de lage meldingsbereidheid vragen om nuancering van ­conclusies die op grond van de registraties van de politie en de ADV’s kunnen worden getrokken. De cijfers die in deze monitor zijn verwerkt geven dan ook een indicatie van de aard en omvang van discriminatie in gemeenten binnen de regio’s Haaglanden en Hollands Midden.

1.2

Toelichting op de gebruikte bronnen en gegevens in de monitor In bijlage 10 van de monitor zijn de bronnen, die bij het opstellen van deze monitor zijn gebruikt of geraadpleegd, toegelicht. Hiertoe behoren de registratiegegevens van de ADV’s, in dit geval Stichting iDb en Discriminatie.nl/denhaag , en de registraties van meldingen en aangiften die ­politiefunctionarissen in het bedrijfsprocessensysteem BVH hebben ingevoerd. Deze gegevens zijn, na screening door materiedeskundigen van de Nationale Politie ter beschikking gesteld. Er is ook gebruik gemaakt van gegevens van het CRM. Deze gegevens hebben betrekking op zaken die personen uit de regio’s Haaglanden en Hollands Midden ter beoordeling hebben voorgelegd aan het CRM.

1

CBS, ervaren discriminatie in Nederland, december 2024.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

7

2

2.1

De aard en omvang van de ­geregistreerde ervaren discriminatie De cijfers die een indicatie geven van de aard en omvang op het landelijk niveau In 2024 registreerden de ADV’s en de politie op het landelijk niveau in totaal 24.409 meldingen/ aangiften van incidenten en voorvallen met een discriminatoir karakter. Ten opzichte van 2023 was sprake van een forse stijging, met name bij het aantal registraties door de ADV’s. In 2024 registreerden de ADV’s in totaal 14.796 meldingen. Dit betekent dat ten opzichte van 2023 sprake is geweest van een toename van 133%. De forse stijging van het aantal registraties door de ADV’s is sterk beïnvloed door de inrichting van het landelijk meldpunt Discriminatie.nl en door de campagne die rondom de lancering van het meldpunt is gevoerd. Deze activiteiten hebben geleid tot vergroting van de naamsbekendheid hetgeen een positief effect kan hebben op de meldingsbereidheid bij ervaren en gesignaleerde discriminatie. In hoofdstuk 5 van de monitor wordt aandacht besteed aan de collectieve meldingen die, zowel op het landelijk als lokaal niveau, sterk zijn toegenomen. Hiertoe behoren meldingen naar aanleiding van gebeurtenissen die, door de bedoelde of onbedoelde ongelijke behandeling of dreiging, grote impact hebben of kunnen hebben op personen en groepen die de betreffende gebeurtenissen als discriminerend ervaren.

Bij de registraties van de politie was ook sprake van een stijging, zij het dat deze minder extreem was dan de forse toename bij de ADV's. In 2023 registreerde de politie op het landelijk niveau in totaal 8.990 incidenten en voorvallen en in 2024 een totaal van 9.613, een stijging van 7%. Evenals in voorgaande jaren was herkomst/huidskleur de discriminatiegrond die het meest is geregistreerd, zowel door de politie als de ADV’s. Discriminatie op grond van seksuele gerichtheid/ identiteit was evenals in voorgaande jaren een van de meest geregistreerde discriminatiegronden. Dit blijkt vooral uit de cijfers van de politie. Bij de ADV’s kwam het aantal registraties waarbij sprake was van discriminatie op de netgenoemde grond overeen met 7% van het totaal in 2024. Voor meer informatie over de landelijke cijfers wordt verwezen naar de landelijke rapportage die gelijktijdig zal worden uitgebracht met dit regionale rapport.

2.2

De situatie binnen Haaglanden en Hollands Midden In tabel 1 zijn de door de politie en de ADV’s geregistreerde incidenten en voorvallen in 2024 en 2023 opgenomen alsook de verzoeken van inwoners uit Haaglanden en Hollands aan het CRM om een oordeel over hun zaak. Zowel bij de politie als bij de ADV’s werden in 2024 meer incidenten en voorvallen geregistreerd dan in 2023. De stijging ten opzichte van 2023 lag bij de politie in Haaglanden en Hollands Midden procentueel een stuk hoger dat het landelijk percentage van 7%. In 2023 registreerde de politie in totaal 1.140 incidenten en voorvallen en in 2024 een totaal van 1.389 hetgeen overeenkwam met een stijging van 22%.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

8

Ook bij de registraties van de ADV’s was procentueel sprake van een sterkere stijging ten opzichte van 2023 dan op grond van het landelijk beeld mocht worden verwacht. Op het landelijk niveau was sprake van een stijging van 133% procent. Dit percentage werd in Haaglanden en Hollands Midden sterk overschreden. De stijging van 635 registraties in 2023 naar 1.787 in 2024 kwam overeen met 181%. Uit de cijfers die betrekking hebben op de gevraagde oordelen door het CRM vertonen eveneens een stijging ten opzichte van 2023. In 2023 werden in totaal 52 zaken ter beoordeling voorgelegd aan het college en in 2024 ging het om 62 zaken.

Tabel 1: Het aantal geregistreerde incidenten, voorvallen en verzoeken om een oordeel door ­personen uit Haaglanden en Hollands Midden, in 2024 en 2023

2024

2023

DOOR DE ADV’S GEREGISTREERDE MELDINGEN

1.787

635

DOOR DE POLITIE GEREGISTREERDE INCIDENTEN EN VOORVALLEN 2

1.389

1.140

62

52

INSTROOM VAN VERZOEKEN OM EEN OORDEEL DOOR HET COLLEGE VOOR DE RECHTEN VAN DE MENS

2

Dit is inclusief het aantal geregistreerde incidenten en voorvallen waarbij politiefunctionarissen zelf slachtoffer waren van discriminatie.

Er is ook gekeken naar eventuele verschillen in de aard van de discriminatie tussen de landelijke ­cijfers en de cijfers die betrekking hebben op de regio Haaglanden en Hollands Midden. De verschillen die in het oog springen zijn: – De ADV’s in Haaglanden en Hollands Midden registreerden in 2024 relatief minder meldingen over discriminatie op basis van herkomst/huidskleur en seksuele gerichtheid/identiteit en meer op niet-wettelijke gronden. – In 2024 zijn in Haaglanden en Hollands Midden relatief meer incidenten en voorvallen ­geregistreerd op de maatschappelijke terreinen buurt/wijk, commerciële dienstverlening, horeca/amusement en minder op de maatschappelijke terreinen collectieve voorzieningen en openbare ruimte/publiek domein.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

9

2.3

Verzoeken om een oordeel aan het College voor de Rechten van de Mens In 2024 heeft het CRM 62 verzoeken om een oordeel ontvangen van inwoners uit Haaglanden en Hollands Midden en 18 oordelen uitgesproken over verzoeken die in 2024 of daarvoor waren ingediend door inwoners van Haaglanden en Hollands Midden. Het aantal verzoeken in 2024 lag hoger dan in 2023; 62 in 2024 en 52 in 2023. In 2024 heeft het CRM 17 uitspraken gedaan naar aanleiding van verzoeken die, ter beoordeling, waren ingediend door inwoners van gemeenten binnen de regio Haaglanden en Hollands Midden. Bij 10 van de betreffende zaken was, volgens het CRM, sprake van verboden onderscheid/strijdig met de wet. De toename van het aantal zaken dat door inwoners van Haaglanden en Hollands Midden aan het CRM was voorgelegd was vooral te merken bij verzoeken om een oordeel over ongelijke behandeling op grond van ras (9 verzoeken in 2023 tegenover 18 in 2024) en geslacht (9 in 2023 tegenover 13 in 2024). Alleen bij nationaliteit was sprake van een afwijkende ontwikkeling, een daling van het aantal verzoeken van 10 in 2023 naar 4 in 2024. Bij de maatschappelijk terreinen vallen de volgende ontwikkelingen op: – Het aantal verzoeken dat betrekking had op arbeid-aangaan en beëindiging arbeidsrelatie steeg van 9 naar 16.

– Het aantal verzoeken op het terrein van sociale bescherming, een maatschappelijk terrein dat vanaf 2022 wordt geregistreerd, daalden van 10 in 2023 naar 2 in 2024. Als de discriminatiegronden en de maatschappelijk terreinen aan elkaar worden gekoppeld, dan blijkt dat de ervaren ongelijke behandeling op grond van ras in 2024 vooral werd ervaren op het maatschappelijk terrein goederen en diensten. Dit gold voor bijna de helft van de verzoeken. In 2022 ging het nog om 16%. Bij deze discriminatiegrond valt ook op dat het aantal verzoeken om een oordeel over ongelijke behandeling op het terrein van sociale bescherming sterk is afgenomen. In 2023 ging het nog om 9 verzoeken en in 2024 om 4. Opmerkelijk is wel dat alle verzoeken om een oordeel over ongelijke behandeling op dit terrein betrekking hadden op de discriminatiegrond ras. In 2023 hadden de verzoeken om een oordeel over discriminatie op de netgenoemde grond vooral betrekking op het terrein goederen en diensten, 7 van de 9 verzoeken. Uit de cijfers van 2024 blijkt dat het terrein goederen en diensten nog steeds het vaakst voorkomt maar dat de toename van het aantal verzoeken vooral het gevolg is van de stijging op het maatschappelijk terrein sociale bescherming. In 2024 ging het bij een kwart van de verzoeken om een oordeel over ervaren ongelijke behandeling op grond van ras.

Opmerkelijk is ook dat alle verzoeken om een oordeel op het terrein van sociale bescherming in 2024 betrekking hadden op discriminatiegrond ras. Ervaren discriminatie op grond van geslacht had in 2024 vooral betrekking op het maatschappelijk terrein arbeid- aangaan en beëindiging arbeidsrelatie. Bij 9 van de 13 verzoeken die betrekking hadden op de discriminatiegrond geslacht ging het om discriminatie op het terrein aangaan en beëindiging arbeidsrelatie, een behoorlijke afwijking ten opzichte van 2024. Toen ging het vooral om arbeids­omstandigheden, arbeid overig en het terrein goederen en diensten.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

10

Tabel 2:

Verzoeken om een oordeel door het College voor de Rechten van de Mens, in 2024 en 2023

DISCRIMINATIEGROND

2024

2023

ARBEIDSUUR

2

2

BURGERLIJKE STAAT

1

1

GESLACHT

13

9

GODSDIENST

2

4

HANDICAP/CHRONISCHE ZIEKTE

15

13

HERKOMST/HUIDSKLEUR

18

9

LEEFTIJD

4

2

LEVENSOVERTUIGING

0

0

NATIONALITEIT

4

10

POLITIEKE OVERTUIGING

0

1

SEKSUELE GERICHTHEID/IDENTITEIT

1

0

WAZO-VERLOF

1

1

OVERIGE

0

0

GROND ONBEKEND

1

2

GEEN GROND

0

1

TOTAAL

62

52

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

11

3

3.1

De door de ADV’s geregistreerde meldingen Inleiding In de monitor van 2022 werd al melding gemaakt van een toename van het aantal meldingen op niet-wettelijke discriminatiegronden. De toename was vanaf 2020 zichtbaar en de stijgende trend heeft zich in 2024 voortgezet. In 2024 registreerden de ADV’s 397 meldingen waarbij sprake was van niet-wettelijke gronden. Dit aantal kwam overeen met een vijfde van alle ­registraties. In hoofdstuk 5 wordt, zoals toegezegd, extra aandacht besteed aan het groot aantal ­meldingen op niet-wettelijke gronden dat in 2024 is opgevangen en behandeld. Als de netgenoemde categorie van meldingen buiten beschouwing worden gelaten dan blijkt dat er, bij een vergelijking van de cijfers van 2024 en 2023, geen grote verschillen zijn waar te nemen bij de percentages die betrekking hebben op de onderscheiden discriminatiegronden. Het percentage van discriminatie op grond van herkomst/huidskleur is weliswaar licht gedaald maar ­desondanks is ervaren discriminatie op de netgenoemde grond nog steeds de meeste voor­ komende registratie.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

12

3.2

De discriminatiegronden

Tabel 3:

Door de ADV’s geregistreerde incidenten en voorvallen naar discriminatiegrond in 2024 en 2023

DISCRIMINATIEGROND

2024

2023

ANTISEMITISME3

13

10

ARBEIDSCONTRACT

5

5

ARBEIDSDUUR

1

0

BURGERLIJKE STAAT

4

5

GESLACHT

183

62

GODSDIENST

145

51

HANDICAP/CHRONISCHE ZIEKTE

111

75

HERKOMST/HUIDSKLEUR

766

308

LEEFTIJD

34

21

1

6

NATIONALITEIT

78

21

POLITIEKE GEZINDHEID

11

5

SEKSUELE GERICHTHEID/IDENTITEIT

80

36

NIET-WETTELIJKE GRONDEN

397

70

ONBEKEND

69

23

TOTAAL4

1.898

698

LEVENSOVERTUIGING

3

Antisemitische incidenten vallen juridisch gezien onder discriminatie op grond van godsdienst en/ of onder discriminatie op grond van ras. Omdat dit onderscheid bij de registratie lastig is te maken, hebben de ADV’s besloten om antisemitisme apart weer te geven.

4

Het aantal registraties op basis van discriminatiegrond ligt hoger dan het totaal van de opgevangen meldingen in 2024 (namelijk 1.787) omdat er bij sommige meldingen sprake kan zijn van meerdere discriminatiegronden.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

13

Op basis van de cijferopstelling in tabel 3 en de onderliggende stukken kunnen de volgende ­conclusies worden getrokken: – Het aantal meldingen waarbij sprake was van niet-wettelijke gronden vervijfvoudigde tussen 2023 en 2024. De stijging was vooral te merken bij de meldingen die betrekking hadden op het maatschappelijk terrein collectieve voorzieningen. Bij de ervaren ongelijke behandeling werd vaak de toegankelijkheid van voorzieningen genoemd. – Discriminatie op grond van geslacht is tussen 2023 en 2024 verdrievoudigd (een toename van 191%) en dit geldt ook voor discriminatie op grond van godsdienst, vooral gericht tegen moslims (een toename van 184%). – Discriminatie op grond van herkomst/huidskleur was, evenals in voorgaande jaren, de meest geregistreerde discriminatiegrond. Bij 40% van alle meldingen in 2024 ging het om ervaren discriminatie op grond van herkomst/huidskleur. – De stijging van discriminatie op grond van seksuele gerichtheid/identiteit lag procentueel welis­ waar lager maar de verdubbeling van het aantal meldingen ten opzichte van 2023 vraagt om bijzondere aandacht, vooral vanwege de toenemende incidenten en voorvallen waarbij uit­latingen gepaard gaan met geweld.

3.3

De maatschappelijke terreinen Bij de maatschappelijke terreinen was arbeidsmarkt gedurende een zeer lange periode het maatschappelijk terrein waarover de meeste meldingen van discriminatie werden geregistreerd. In 2020 en 2021 waren de meldingen die over dit maatschappelijk terrein gingen nog steeds hoog maar door de coronacrisis en de maatregelen die werden genomen om de crisis te bestrijden, stegen de meldingen van discriminatie op de terreinen collectieve voorzieningen en commerciële dienst­ verlening naar ongekende hoogte. Uit de cijfers die betrekking hebben op het jaar 2021 blijkt bijvoorbeeld dat bijna 40% van de meldingen die toen bij de ADV’s binnenkwamen betrekking had op de netgenoemde twee maatschappelijke terreinen. Het aantal meldingen over discriminatie op de arbeidsmarkt kwam toen overeen met slechts 15% van het totaal. In 2023 vertoonde de verdeling naar maatschappelijke terreinen weer veel overeenkomsten met de precorona periode, de periode vóór 2021: discriminatie op de arbeidsmarkt werd weer het meeste geregistreerde maatschappelijk terrein. De situatie zou in 2024 drastisch veranderen, want toen was discriminatie op het terrein van collectieve voorzieningen verreweg het meest geregistreerde maatschappelijk terrein, namelijk 27% van het totaal.

Als de meest voorkomende discriminatiegronden, in dit geval herkomst/huidskleur, niet-wettelijke gronden, geslacht en godsdienst, worden gekoppeld met de onderscheiden maatschappelijke terreinen, blijkt het volgende: – De meeste meldingen van discriminatie op grond van herkomst/huidskleur vond plaats op de terreinen collectieve voorzieningen (24%), media/reclame (15%) en arbeidsmarkt (11%). – Discriminatie op niet-wettelijke gronden werd vooral ervaren op het terrein van collectieve voorzieningen (61% van de 397 registraties die vooral betrekking hebben op coronamaatregelen en de effecten daarvan op het sociaal maatschappelijk functioneren). – De meeste meldingen van discriminatie op grond van geslacht (64% van de 181 meldingen) vond plaats op de arbeidsmarkt. – Discriminatie op grond van godsdienst werd vooral ervaren op het terrein van publieke/politieke opinie (22% van de 145 meldingen), arbeidsmarkt (15%) en media/reclame (13%). Meer informatie over de relatie tussen de discriminatiegronden en maatschappelijk terreinen is te vinden in bijlage 5 van de monitor.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

14

Tabel 4: Door de ADV’s geregistreerde klachten en meldingen naar maatschappelijk terrein in

2024 en 2023

MAATSCHAPPELIJK TERREIN

2024

2023

298

129

BUURT/WIJK

92

58

COLLECTIEVE VOORZIENINGEN

512

117

COMMERCIËLE DIENSTVERLENING

138

88

HORECA/AMUSEMENT

80

21

HUISVESTING

37

18

MEDIA EN RECLAME

146

11

ONDERWIJS

64

43

OPENBARE RUIMTE /PUBLIEK DOMEIN

82

59

POLITIE /OPENBAAR MINISTERIE/VREEMDELINGENDIENST

37

22

PRIVÉSFEER

34

17

PUBLIEKE/POLITIEKE OPINIE

108

17

SPORT EN RECREATIE

71

24

OVERIG/ONBEKEND

88

11

1.787

635

ARBEIDSMARKT

TOTAAL

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

15

3.4

De wijze van discriminatie In tabel 5 is een verdeling gemaakt naar de wijze waarop de ervaren en gesignaleerde discriminatie had plaatsgevonden. Uit de gegevens blijkt dat bij verreweg de meeste incidenten en voorvallen sprake was van omstreden behandeling en vijandige bejegening. Ruim de helft (52%) van de geregistreerde discriminatie vond plaats door omstreden behandeling en bij 38% was sprake van discriminatie door vijandige bejegening. Omstreden behandeling werd vooral geregistreerd bij meldingen over discriminatie op de terreinen collectieve voorzieningen en commerciële dienstverlening. De extreem hoge toename van het aantal incidenten en voorvallen waarbij discriminatie gepaard ging met bedreiging is zorgwekkend. Dit vraagt om nader onderzoek naar de wijze waarop effect kan worden opgetreden, vooral bij commune delicten met een discriminatie aspect.

Tabel 5:

De geregistreerde meldingen naar wijze van discriminatie

WIJZE VAN DISCRIMINATIE

2024

2023

BEDREIGING

122

35

GEWELD

41

32

OMSTREDEN BEHANDELING

996

328

VIJANDIGE BEJEGENING

731

276

OVERIGE/ONBEKEND

32

16

1.922

687

TOTAAL*

*

Ook hier geldt dat het totaal hoger ligt dan het aantal meldingen dat in 2023 is geregistreerd (namelijk 1787) omdat een melding betrekking kan hebben op meerdere wijze van discriminatie.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

16

3.5

De opvang en afwikkeling van de geregistreerde meldingen

3.5.1

Inleiding Het opvangen en behandelen van meldingen en klachten verloopt conform wettelijke eisen, het klachtenprotocol die leden van de landelijke vereniging van de ADV’s (Discriminatie.nl) volgen en volgens aanvullende kwaliteitscriteria van Stichting iDb. De aanvullende kwaliteitscriteria van Stichting iDb zijn afgeleid van het dienstenmodel waarin het aanbod van de organisatie is genormeerd en geharmoniseerd. Per deeltraject is aangegeven waaraan de eerste opvang en het vervolg van de dienstverlening moeten voldoen. Op het landelijk niveau zijn afspraken gemaakt over de basiskwaliteitseisen waaraan de opvang en klachtbehandeling van de aangesloten ADV’s moet voldoen. De cijferopstelling in tabel 6 geeft inzicht in de wijze waarop het aanbod in 2024 werd afgestemd op de vraag van de melders. Voor de goede orde wordt gewezen op het feit dat de eigen waar­ nemingen en signalen, die Stichting iDb in het kader van het HSV-project en andere voorliggende voorzieningen heeft geregistreerd, niet in de tabel zijn opgenomen. De eigen waarnemingen en signalen zullen wel aan de orde komen in de inhoudelijke jaarverslagen die aan de gemeenten zullen worden aangeboden en in het signaleringsrapport dat jaarlijks in oktober wordt uitgebracht.

3.5.2

De wijze van afwikkeling van de geregistreerde meldingen Het voornemen van de ADV’s om meer in te zetten op bemiddeling en om de deskundigheid van de medewerkers op dit gebied te bevorderen, was nodig om een adequate wijze in te spelen op de forse toename van het aantal zaken waarbij de klachtbehandelaars hun kennis en deskundigheid moesten inzetten op het gebied van bemiddeling. Het totaal van deze zaken was, vergeleken met het totaal van de meldingen in 2024 weliswaar niet hoog maar tussen 2023 en 2024 werd bij ruim driemaal meer meldingen bemiddeld dan in 2023. Opmerkelijk is wel dat het aantal zaken waarbij is doorverwezen flink is afgenomen, zowel qua aantal als qua percentage.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

17

Tabel 6: De door de ADV’s geregistreerde ­meldingen naar de wijze van opvang en ­behandeling

2024

2023

ADVIES EN INFORMATIE

815

385

ALLEEN REGISTRATIE

733

213

BEÏNVLOEDING BELEID

15

14

BEMIDDELING

78

22

BIJSTAAN IN PROCEDURES

8

5

DOORVERWIJZING

125

161

EIGEN ONDERZOEK/OVERIG

30

5

1.804

805

TOTAAL

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

18

4

4.1

De door de politie geregistreerde discriminatie Inleiding Elke burger die slachtoffer of getuige is van strafbare discriminatie kan daarvan melding maken bij de politie of aangifte doen. Ook politiefunctionarissen kunnen uit eigen beweging proces-verbaal opmaken wanneer zij getuige of zelf slachtoffer zijn van discriminatie. Alle meldingen en aangiften die de politie ontvangt worden in principe geregistreerd in het bedrijfsprocessensysteem BVH. Dit systeem wordt op het landelijk niveau door de politie doorzocht naar incidenten en voorvallen met een mogelijk discriminatoir karakter. De incidenten en voorvallen worden vervolgens door materiedeskundigen gescreend en voorzien van aanvullende informatie over de discriminatiegrond, de wijze van discriminatie en of het slachtoffer van de geregistreerde discriminatie een werknemer met een publieke functie betrof, bijvoorbeeld een politiefunctionaris. De gegevens worden op het landelijk niveau verwerkt in zaakoverzichten. Deze overzichten worden op eenheidsniveau ter beschikking gesteld aan de contactpersonen bij de politie en aan de daarvoor aangewezen medewerkers van de ADV’s die de betreffende informatie vertrouwelijk moeten behandelen.

Het afstemmingsoverleg op het operationeel niveau tussen de politie, het openbaar ministerie en de ADV’s, dat door het openbaar ministerie wordt voorgezeten, leent zich bij uitstek voor het bespreken van de gegevens in de zaakoverzichten en voor het uitwisselen en delen van informatie over belangwekkende ontwikkelingen. Dit is een voorwaarden voor de gewenste proactieve opstelling en gerichte aanpak bij zaken die een gebundelde aanpak vereisen, zoals discriminatie binnen de directe woonomgeving en andere commune delicten met een discriminatieaspect. Gegevens die in het kader van deze aanpak worden verzameld kunnen worden gebruikt om de informatiepositie van de politie en de ADV te verbeteren, vooral omdat discriminatie op maatschappelijke terreinen sinds enkele jaren niet meer uit het registratiesysteem van de politie is te halen.

4.2

De samenwerking binnen de strafrechtelijke keten In de monitor van 2023 is al melding gemaakt van de relevante intermediërende rol die de aandachtfunctionaris discriminatie bij de politie-Eenheid Den Haag vervult. Dankzij de inbreng van deze functionaris kan snel en gericht worden gehandeld bij meldingen en aangiften waarbij een gebundelde aanpak vanuit het perspectief van de melder/het slachtoffer of in het belang van de kwaliteit van de dienstverlening van de samenwerkingspartners, gewenst is. De goede samen­ werking op het operationeel niveau is in 2024 voorgezet. Op basis van de informatie die met partners binnen de strafrechtelijke keten is uitgewisseld en gedeeld over belangwekkende ontwikkelingen en gewenste interventies zijn in 2024 verschillende activiteiten uitgevoerd en initiatieven ontplooid, zoals: – Het verzorgen van een training aan medewerkers van het Regionaal Service Centrum (het RSC) van de politie zodat zij over de kennis, vaardigheden en houding beschikken die hen in staat stelt om zorg te dragen voor een betekenisvolle eerste opvang en doorverwijzing, zowel intern als extern, bij meldingen die binnenkomen over discriminatie of commune delicten met een discriminatieaspect. Tijdens de training is bijzondere aandacht besteed aan gespreksvoering in situaties waarbij ervaren discriminatie grote gevolgen kan hebben voor een persoon.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

19

– In goed overleg met de politie-eenheid is bijdrage verleend aan een training voor hulpofficieren om de sensitiviteit en handelingsvaardigheden te vergroten bij commune delicten met een ­discriminatieaspect. Doel van de training was om handreikingen te doen zodat de hulpofficieren alert zijn en het discriminatieaspect scherp in beeld krijgen en daarop kunnen acteren. – Het managementteam van de politie van de Eenheid Den Haag, waaronder de eenheidsleiding, is in september 2024 geïnformeerd over de werking van de ADV. Tijdens de bijeenkomst is gesproken over de wijze waarop gesignaleerde knelpunten binnen het samenwerkingsverband tussen de politie en de ADV’s kunnen worden opgelost. De bereidheid is uitgesproken om bij zaken, waarbij doorverwijzing naar de ADV of de politie gewenst is, zorg te dragen voor een warme doorverwijzing en overdracht. In november 2024 hebben de leden van het Regionaal Discriminatieoverleg (het RDO), i.c. het openbaar ministerie, de politie en de ADV’s, afgesproken dat er in 2025 maandelijks een online operationeel overleg zal worden gehouden.

4.3

De aard en omvang van de incidenten en voorvallen In 2024 registreerde de politie in totaal 1.389 voorvallen en incidenten. Ten opzichte van 2023, toen 1.140 incidenten en voorvallen werden geregistreerd, was sprake van een toename van 22%. Dit percentage lag aanmerkelijk hoger dan het percentage dat betrekking heeft op de landelijke ­cijfers. Op het landelijke niveau was in 2023 sprake van 8.990 registraties. In 2024 ging het om 9.613, een toename van 7%. De toename van het aantal registraties was in kwantitatief opzicht vooral te merken bij de incidenten en voorvallen waarbij sprake was van discriminatie op grond van herkomst/huidskleur. Discriminatie op grond van herkomst/huidskleur is al jarenlang de meeste voorkomende discriminatiegrond. In 2023 ging het nog om 464 incidenten en voorvallen, 41% van de totale registraties in dat jaar, en in 2024 om 608 gevallen. Discriminatie op grond van herkomst/huidskleur gebeurde vooral door uitlating of door uitlating in combinatie met geweld. In 2024 ging het om 80% van alle incidenten en voorvallen waarbij sprake was van discriminatie op de netgenoemde grond. Deze ervaring kan grote impact hebben op personen die daarmee worden geconfronteerd, zoals bij de onderstaande ingrijpende gebeurtenis:

Een vrouw gaat samen met haar nichtje naar een supermarkt in Den Haag. Na binnenkomst in de supermarkt wil ze een boodschappenmandje pakken, maar dit gaat niet omdat een man voor de mandjes staat. Aangeefster vraagt de man of hij aan de kant wil gaan, zodat zij een mandje kan pakken. Als reactie roept de man “kanker Marokkaan” naar haar, en blijft voor de ingang van de winkel staan. Wanneer de man vervolgens de winkel in loopt en een winkelmandje pakt, gaat aangeefster ook naar binnen. De man slaat haar met het winkelmandje in haar gezicht. Het nichtje van aangeefster zegt dat aangeefster bloed op haar gezicht heeft, en aangeefster belt de politie. Voordat de politie aankomt spreekt aangeefster kort met de man, die in de winkel is blijven staan, ook omdat er beveiligers en andere mensen naar hen toe zijn gekomen. De man geeft aan dat hij niets heeft gedaan.

Het verloop van de zaak: De verdachte is aangehouden en er is proces-verbaal opgemaakt.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

20

Omdat discriminatiezaken qua aanleiding en wijze van discriminatie kunnen verschillen en daardoor specifieke eisen stelt aan het optreden van de politie, wordt soms gekozen voor een aanpak waarbij een inbreng van anderen wordt verwacht. De relevantie van de gebundelde aanpak blijkt uit de onderstaande casus waarbij discriminatie op grond van godsdienst heeft plaatsgevonden op het maatschappelijk terrein onderwijs en door vijandige bejegening:

Een vijftienjarig meisje, afkomstig uit Syrië, wordt regelmatig op school lastiggevallen. Ze heeft eerder in vertrouwen haar vriendinnen een filmpje gestuurd waarop ze zonder hoofddoek te zien is. Dit mag zij aan haar vriendinnen laten zien, maar uit geloofsovertuiging wil zij niet dat mannen haar zonder hoofddoek zien. Dit filmpje is op TikTok terecht gekomen. Het meisje wordt sindsdien regelmatig na school opgewacht, waarbij er wordt geprobeerd om haar hoofddoek van haar hoofd te trekken.

Verloop van de zaak: De politie heeft verschillende gesprekken met de schooldirectie gevoerd. De school heeft een zorgmelding opgemaakt en melding gedaan bij Veilig Thuis Haaglanden.

Discriminatie op grond van seksuele gerichtheid/identiteit was, evenals in 2023, de op een na meest voorkomende discriminatiegrond. Bij bijna een kwart van de registraties (335 van de 1.389) ging het om discriminatie op de netgenoemde grond. Achter de geregistreerde incidenten en voorvallen zitten vaak verhalen die zeer pijnlijk zijn en een grote impact kunnen hebben, zoals de ervaring van een man die zeer vijandig werd bejegend en geslagen binnen de openbare ruimte:

Een man die ’s nachts na een bezoek aan een bar, in het centrum van een stad, naar huis fietst wordt door een groepje van vijf jongens uitgescholden voor “kankerhomo”. Er ontstaat een lichte woordenwisseling, en de man wordt door een van de jongens in zijn gezicht geslagen. Hij vlucht naar huis en belt zijn moeder over wat hem was overkomen. De moeder belt de politie en de man doet enkele dagen later aangifte van mishandeling.

Verloop van de zaak: Na de aangifte heeft de politie een buurtonderzoek gestart. Ook zijn camerabeelden gevorderd van een geldautomaat in de omgeving waar de mishandeling heeft plaatsgevonden.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

21

Tabel 7:

Door de politie geregistreerde incidenten naar ­discriminatiegrond in Haaglanden en Hollands Midden in 2024 en 2023

DISCRIMINATIEGROND

2024

2023

225

189

GESLACHT

17

10

GODSDIENST

69

36

9

14

HERKOMST/HUIDSKLEUR

608

464

SEKSUELE GERICHTHEID/IDENTITEIT

335

287

ONBEKEND/OVERIG

126

140

1.389

1.140

ANTISEMITISME5

HANDICAP/CHRONISCHE ZIEKTE

TOTAAL

5

Antisemitische incidenten vallen juridisch gezien onder discriminatie op grond van herkomst en/of onder discriminatie op grond van godsdienst.

De cijfers die ter beschikking staan ten behoeve van de monitor zijn niet toereikend om een gedegen analyse te maken van de aard en omvang van de discriminatie op grond van seksuele gerichtheid en seksuele identiteit maar er kunnen wel conclusies worden getrokken die om actie vragen op het gebied van veiligheid en bescherming. Uit de cijfers van de politie over 2024 blijkt bijvoorbeeld dat: – Personen uit de LHBTIQ+ gemeenschap in 2024 vaak werden geconfronteerd met discriminatie waarbij sprake is van uitlating in combinatie met geweld: bij een op de zes (16%) registreerde zaken waarbij sprake was van discriminatie op grond van seksuele gerichtheid/identiteit ging het om geweld terwijl het gemiddelde bij alle zaken op 11% lag. – Het bij een op de zeven (13%) geregistreerde incidenten en voorvallen van discriminatie op grond van seksuele gerichtheid of identiteit ook ging om bedreiging. Het gemiddelde bij alle zaken lag op 10%.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

22

Het bedreigen, intimideren en discrimineren van personen uit de LHBTIQ+ gemeenschap wordt in toenemende mate erkend als een maatschappelijk probleem dat breed moet worden aangepakt. Dit geldt zeker voor het geweld tegen transgender personen. Gegevens uit onderzoek, registraties van de politie en de ADV’s en de dagelijkse ervaringen van de transgender personen met intimidatie, discriminatie en uitsluiting geven aan wat nodig is om hun leefsituatie en perspectief te verbeteren. Veel transgender personen voelen zich niet vrij om openlijk te zijn wie ze zijn en uiting te geven aan hun seksuele identiteit. Uit gegevens die een indicatie geven van de situatie blijkt het volgende: – 45% van de transgender personen in Nederland geeft aan dat zij nooit of zelden open zijn over hun gender­identiteit. Bij de jongeren ligt het percentage iets hoger, namelijk 50%. – Onder de jongeren vindt een minderheid dat leerlingen op hun school open kunnen zijn over hun seksuele oriëntatie. – Een overgrote meerderheid van de transgender personen (88%) verbergt hun genderidentiteit voor ­collega’s en sommigen nemen zelfs ontslag. – Iets minder dan de helft van de transgender personen (45%) wordt geconfronteerd met verbaal geweld.

– De eenzaamheid, die door tweederde van de transgender personen wordt ervaren, wordt versterkt door ervaren problemen op het gebied van veiligheid, gezondheid, werk en inkomen6.

4.4

De wijze van discriminatie In het registratiesysteem van de politie zijn acht wijzen van discriminatie, inclusief de categorie onbekend/overig, onderscheiden. De categorie uitlating is al jaren de meest voorkomende wijze van discriminatie. Jaarlijks gaat het om 60% tot ruim 66% van alle geregistreerde incidenten en voorvallen. In 2024 was bij 64% van de 1.389 registraties sprake van uitlating. Op basis van een vergelijking van de cijfers die betrekking hebben op 2024 met de cijfers van 2023 kunnen de volgende conclusies worden getrokken: – Het aantal gevallen waarbij sprake was van discriminatie door uitlating in combinatie met geweld is toegenomen in 2024, zowel in kwantitatief opzicht als relatief (van 10% naar 11% van alle registraties). – Bij 76% van de incidenten en voorvallen van discriminatie op grond van antisemitisme ging het om uitlating en bij 7% van het totaal om bedreiging. – De door de politie geregistreerde discriminatie op grond van godsdienst gebeurde vooral door uitlating (bij 61% van de registraties) en bedreiging (10% van het totaal).

6

Oosterhout, E. van (2019), Overal op je hoede: geweld tegen transgender personen in Nederland, Amsterdam. Terpstra, F., L. Dekkers, S. Schers en S. Dekker (2022), Trans, intersekse en non-binaire mensen aan het werk in Nederland: een nationaal rapport.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

23

Tabel 8:

Door de politie geregistreerde incidenten en ­voorvallen naar de wijze van discriminatie in 2024 en 2023

VORM VAN DISCRIMINATIE

2024

2023

BEDREIGING

132

105

BEKLADDING

59

69

BESPUGEN

15

14

GEWELD

7

2

GEWELD, IN COMBINATIE MET UITLATING

155

119

PESTERIJ

26

710

UITLATING

894

753

VERNIELING

59

45

WEIGERING

11

9

OVERIG/ONBEKEND

31

17

1.389

1.140

TOTAAL

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

24

5

Collectieve meldingen in 2024

5.1

Inleiding In 2024 hebben zes voorvallen of incidenten grote invloed gehad op het aantal meldingen over discriminatie. De aanleiding om daarover melding te doen kan verschillend zijn, maar over het algemeen gaat het om gebeurtenissen die verontwaardiging of bezorgdheid oproepen binnen de samenleving en in het bijzonder onder personen of groepen die zo’n gebeurtenis als een uiting van ongelijke behandeling ervaren. De ADV’s hebben op het landelijk niveau afspraken gemaakt die van belang zijn voor een adequate en effectieve opvang en behandeling van de betreffende meldingen. De collectieve meldingen worden, met het oog op de gemaakte afspraken, als volgt afgewikkeld: – Alle binnengekomen meldingen worden conform het klachtenprotocol geregistreerd en de ­melders worden voorzien van informatie over de wet en mogelijkheden van de ADV. – Op basis van de uitgewisselde en gedeelde informatie worden, waar nodig, binnen de landelijke vereniging van de ADV’s afspraken gemaakt over vervolgstappen en over de wijze waarop de melders daarover worden geïnformeerd. In 2024 heeft Stichting iDb in totaal 468 collectieve meldingen opgevangen, geregistreerd en behandeld. Waar mogelijk zijn vervolgstappen ondernomen om de ervaren ongelijke behandeling bespreekbaar te maken en daarop te acteren.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

25

5.2

Terugkijkend op de zes gebeurtenissen in 2024

1

Het coronabeleid van de overheid

De aanwezigheid van minister De Jonge van Binnenlandse Zaken tijdens de lancering van het landelijk meldpunt Discriminatie.nl op 9 januari 2024 maakte veel los bij personen die sommige maatregelen, die tijdens de coronapandemie werden genomen, als ingrijpend en discriminerend hadDISCRIMINATIEGROND Niet-wettelijke grond

den ervaren. Als vicepremier en minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport vervulde de heer De Jonge een belangrijke rol bij het doorvoeren van de maatregelen ten tijde van de coronapandemie en in die hoedanigheid was hij verantwoordelijk voor de bestrijding ervan. Tijdens de coronapandemie

AARD Omstreden behandeling, vijandige bejegening, bedreiging

TERREIN Collectieve voorziening en/of­ Publieke/politieke opinie, Horeca/amusement, Politie, Sport/recreatie, Arbeid, Commerciële diensteverlening, Privé

voelden veel mensen zich onrechtvaardig behandeld door de invoering van het coronatoegangsbewijs, welke leidde tot beperkingen in hun dagelijks leven. Stichting iDb ­registreerde alle 253 meldingen uit het werkgebied. De meldingen werden geregistreerd als ‘niet-wettelijke grond’: onderscheid op vaccinatiestatus valt niet onder een van de wettelijk verboden discriminatiegronden. Dit betekent echter niet dat de ervaring van discriminatie niet stevig gevoeld kan worden. Veel melders gaven aan dat zij het overheidsbeleid als onrechtvaardig onderscheid tussen gevaccineerde en niet-gevaccineerde personen hebben ervaren en dat men zich, door de overheid en de samenleving, onder druk gezet voelde om zich te vaccineren, zelfs wanneer ze dat niet wilden. De verontwaardiging en dreiging werd ook versterkt door de toon van de boodschap van de overheid, zoals uitspraken van de toenmalige minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport: “We blijven vaccineren. Dat doen we wijk voor wijk, deur voor deur, arm voor arm” en “We weten inmiddels vrij goed en vrij precies per postcode waar ze wonen”, ­hebben veel mensen opgevat als een bedreiging.

Er waren ook melders die weinig verwachtten van het melden van de ervaren ongelijke behandeling omdat men de ADV’s als verlengstuk van de overheid ziet. Het lijkt alsof de melding werd gedaan om een signaal af te geven en uiting te geven aan het onbehagen en ongenoegen over het overheidsbeleid en aan het wantrouwen jegens instituties, zoals de melder zijn misnoegen als volgt uitte: ‘Ik weet al dat u niets met mijn melding gaat doen. Want deze site is alleen bedoeld

voor […] politiek correcte meldingen. Maar ik doe het toch. Zodat u niet kunt zeggen

dat u niet op de hoogte was van de meest schandalige, meest grootschalige en meest misdadige discriminatie sinds de Tweede Wereldoorlog’.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

26

Interventies:

1. Discriminatie.nl, de landelijke vereniging van de

2. In de reactie heeft de staatssecretaris benadrukt

ADV’s, heeft het ministerie van Volksgezondheid,

oog te hebben voor de grieven van de melders

Welzijn en Sport op de hoogte gesteld van de

en aangegeven dat de overheid in de toekomst

omvang en aard van de binnengekomen meldin-

het nodige zal doen om negatieve effecten van

gen en op de impact die de betreffende meldin-

maatregelen te beperken.

gen hebben gehad op het persoonlijk en sociaal

3. Stichting iDb heeft een notitie opgesteld en ver-

maatschappelijk functioneren van personen en

spreid waarin handreikingen zijn gedaan op basis

groepen die de maatregelen als stigmatiserend

van de binnengekomen meldingen en opgevan-

en discriminerend hebben ervaren.

gen signalen. 4. Melders zijn door de ADV’s geïnformeerd over de gelijke behandelingswetgeving en over de wijze waarop hun melding en signalen zullen worden opgepakt.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

27

2

Uitspraken ­ ediapersoonlijkheid m

In april 2024 deed mediapersoonlijkheid Johan Derksen in zijn televisiepraatprogramma een uitspraak over een Tweede Kamerlid die zich inzet voor de Friese taal en cultuur. Volgens de genoemde media persoonlijkheid heeft het lid van de Tweede Kamer geen recht van spreken omdat hij een donker DISCRIMINATIEGROND Ras

huidskleur heeft en geen Fries is. Deze opmerking, waarover lacherig werd gedaan aan de tafel van het programma, was voor 1100 personen aanleiding om een klacht in te dienen bij de verschillende ADV’s. Stichting iDb registreerde 68 meldingen, waar onder de onderstaande:

AARD Vijandige bejegening

TERREIN Media/reclame

“Johan Derksen vertelde op televisie dat Kamerlid Habtamu de Hoop geen recht heeft om over de Friese taal te praten, omdat hij er niet is geboren. Maar hij is

opgegroeid op een boerderij in Wommels. Opgevoed door twee Friese ouders, waar hij kaatste, voetbalde, trekker reed, schaatste, molk en stront schepte. Wat is hij dus? Een trotse Fries! Puur racisme op nationale tv, goedgekeurd door Talpa.”

Discriminatie.nl heeft namens de aangesloten ADV’s aangifte gedaan vanwege het belang om aan te kaarten hoe de uitspraken van de genoemde mediapersoonlijkheid verdeeldheid in de samenleving hebben veroorzaakt en personen met een migratieachtergrond of van kleur als minderwaardig neerzetten. Na het beoordelen van de aangiftes en de uitspraken van de mediapersoonlijkheid komt het openbaar ministerie tot de conclusie dat zijn uitspraken in de betreffende uitzending beledigend zijn. Naar het oordeel van het openbaar ministerie is het Tweede Kamerlid neergezet als iemand die ongeschikt is om in de discussie rond subsidies voor de Friese taal een standpunt als parlementariër in te nemen, simpelweg vanwege zijn veronderstelde herkomst. Dat schendt volgens het openbaar ministerie zijn eer en goede naam. Het openbaar ministerie is daarnaast van mening dat de uitspraken niet bijdragen aan het maatschappelijke debat over subsidies voor de Friese taal. De opmerking was namelijk niet gericht op de inhoud van het onderwerp, maar op de huidskleur en afkomst van het Tweede Kamerlid. Het in twijfel trekken van de standpunten van een parlementariër vanwege zijn veronderstelde herkomst, wordt volgens het openbaar ministerie niet beschermd door de vrijheid van meningsuiting. Daarnaast komt het openbaar ministerie tot de conclusie dat er geen sprake is van discriminatie van een groep.

De uitspraken waren alleen gericht tegen het Tweede Kamerlid en niet tegen een groep waartoe het Tweede Kamerlid zou behoren. Het artikel in het wetboek dat over groepsbelediging gaat (art. 137c Sr), is daarom niet van toepassing.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

28

Interventies:

1. Discriminatie.nl heeft in Friesland aangifte

­binnengekomen reacties en uitgenodigd voor een gesprek. Talpa gaf aan hier niet op in te gaan

gedaan. Het openbaar ministerie beschouwt

zolang het strafrechtelijk onderzoek loopt.

de uitingen als beledigend maar niet als een

3. Door de informatie, die breed is verspreid, is

groepsbelediging. Omdat het Tweede Kamerlid

de bekendheid vergroot over het feit dat het

zelf geen aangifte heeft gedaan is het Openbaar

veel geclaimde recht op vrije meningsuiting

Ministerie niet overgegaan tot vervolging.

geen vrijbrief is om personen te beledigen en te

2. Omdat de gelijke behandelingswetgeving het

­discrimineren.

maken van onderscheid op grond van ras door

4. Melders zijn door de ADV’s geïnformeerd over de

aanbieders van diensten en goederen verbiedt,

gelijke behandelingswetgeving en over de wijze

heeft Discriminatie.nl Talpa, het omroepbedrijf

waarop hun melding en signalen zullen worden

dat verantwoordelijk is voor het betreffende

opgepakt.

programma, per brief geïnformeerd over de

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

29

3

Uitspraken politicus

In mei heeft een lid van de Tweede Kamer uitspraken op televisie gedaan die voor veel beroering hebben gezorgd binnen de moslimgemeenschap. De uitspraken werden gedaan tijdens een praatprogramma waarbij het kamerlid aanschoof om het hoofdlijnenakkoord van de nieuwe regering toe te lichten. DISCRIMINATIEGROND Godsdienst

Ze vertelde dat er strengere eisen zullen worden gesteld om de integratie te bevorderen en dat nieuwkomers tijdens de inburgeringscursus nadrukkelijk zullen worden geïnformeerd over de Holocaust. Het kamerlid, dat later tot de regering is toegetreden, zei dat veel nieuw­ komers uit landen met een islamitisch geloof komen en dat daar (in dit geval

AARD Vijandige bejegening

in de genoemde landen) jodenhaat bijna onderdeel is van de cultuur. Bij Stichting iDb kwamen twaalf meldingen binnen als reactie op de uitspraken, waaronder van een melder die het volgende stelde:

TERREIN Publieke/politieke opinie

‘Op televisie zegt ze dat mensen uit islamitische landen jodenhaat in hun cultuur hebben. Op mij komt het over alsof wij hier in Europa dus niet welkom zijn.”

Ze is haat aan het zaaien tegen moslims. Ze is aan het beweren dat jodenhaat, dus antisemitisme, bij moslims wordt meegegeven in de Islam... Moslims hebben de

Holocaust niet veroorzaakt dus hou op met haatzaaien. We zijn allemaal mensen ongeacht geloof afkomst ras etc’.

Er is aangifte gedaan tegen en via verschillende kanalen is aandacht gevraagd voor de ontwrichtende werking van dergelijke uitspraken, vooral waar het gaat om de aanjagende werking daarvan op discriminatie van moslims. Het openbaar ministerie heeft naar aanleiding van de aangiftes gesteld dat de uitspraken beledigend zijn en dat het kamerlid onvoldoende verantwoordelijkheid heeft genomen om te voorkomen dat haar uitspraken zouden kunnen aanzetten tot onverdraagzaamheid. Het betreffend kamerlid heeft zich volgens het openbaar ministerie schuldig gemaakt aan geroepsbelediging maar desondanks is besloten om niet over te gaan tot vervolging. Dit besluit is onderbouwd door te stellen dat vervolging van het kamerlid in strijd zou zijn met de vrijheid van meningsuiting en dat vervolging andere politici ervan kan weerhouden hun mening te uiten.

Interventies:

1. Binnen Discrminatie.nl (de landelijke vereniging

2. Bij meldingen die niet anoniem waren binnenge-

van de ADV’s) zijn afspraken gemaakt over de

komen zijn de melders geïnformeerd over rele-

wijze waarop de binnengekomen meldingen het

vante aspecten van bestaande wetgeving, over

beste kunnen worden opgevangen en afgewik-

de vervolgstappen die zullen worden onderno-

keld alsook over de ondersteuning bij eventuele

men en de wijze waarop signalen uit de binnen-

vervolgstappen.

gekomen meldingen zullen worden opgepakt.

MONITOR DISCRIMINATIE 2024

30

4

Vacature omroep

In juni 2024 plaatste omroep Ongehoord Nederland een vacature waarin gezocht werd naar een journalistiek zwaargewicht: m/v, geen “x”. Stichting iDb ontving 41 meldingen van mensen die deze tekst onnodig provocerend en kwetsend vonden en verontwaardigd waren over het openlijk discrimineDISCRIMINATIEGROND Geslacht

ren op basis van seksuele identiteit. Begin februari 2025 is de directeur van de betreffende omroeporganisatie als verdachte door de politie verhoord vanwege aangiften over de vacaturetekst. Dit leidde tot kamervragen van drie Tweede Kamerleden van de PVV die dit

AARD Omstreden behandeling

geen juiste gang van zaken vonden. Een melder benaderde Stichting iDb om het volgende voor te leggen: ‘Er staat op een vacaturewebsite van Ongehoordnederland.nl een discriminerende

TERREIN Arbeid

vacature, waar expliciet gender diverse mensen/ non-binaire mensen worden buitengesloten. Ik kan hier dus niet op solliciteren….”

Interventies:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=3ce9073a-87b2-4030-a5a5-22397ca9706b