CConstaterende datKrimpen Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4. Halfjaar Nota 2025

Gemeenteraad 16 oktober 2025, gemeente Krimpen Ad IjsselBij agendapunt: Raadsvoorstel 3e begrotingswijziging 2025 en 1e begrotingswijziging 2026 Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond22.935 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Wat willen we bereiken? Bevolkingszorg realiseert een hoogwaardige gemeentelijke crisisorganisatie in deze regio om zo blijvend passende zorg aan en met de inwoners te kunnen leveren. Hierbij werken de gemeenten binnen Rotterdam Rijnmond op regionaal niveau samen waar het kan en wordt op lokaal niveau versterkt waar het moet

Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Wat hebben wij al bereikt in 2025

De huidige overlegstructuren zijn herijkt en Eind 2025 ligt er een plan voor structurele sommige overleggen worden al vanaf regionale vormgeving van deze rol en september ingevoerd. Daarnaast worden gemeentelijke taken, zodat er een betere scenario’s uitgewerkt in het kader van de regionale samenwerking en coördinatie is, structurele capaciteit voor een robuustere meer hybride organisatievorm bevolkingszorgtaken. Er is een uitgebreid staat, er een sterkere kolom bevolkingszorg opleidingstraject uitgerold. Daarnaast is er een is en een duidelijkere positie en proces concept regionaal beleidsplan communicatie crisiscommunicatie is. opgesteld en een hand-out communicatiemiddelen voor gemeenten. 1.4.9

Programma Versterken weerbaarheid van de samenleving

Algemeen Er is de afgelopen jaren steeds meer aandacht voor maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht bij crises en rampen. Militaire en hybride dreigingen, uitval van vitale processen en de effecten van klimaatverandering onderstrepen de urgentie hiervan. Onder een weerbare samenleving verstaan we een maatschappij waarin overheid, publieke en private partners, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen en inwoners zoveel mogelijk voorbereid zijn op maatschappelijke ontwrichting en het vermogen hebben deze te weerstaan, op te vangen en ervan te herstellen. Op dit thema lopen zowel landelijk als regionaal al veel initiatieven, maar de samenhang kan hierin beter. Dit vraagt om een goede rolverdeling tussen gemeenten, veiligheidsregio’s en het Rijk en een brede weerbaarheidsaanpak gericht op verschillende typen dreigingen. Met dit programma beoogt de VRR om haar netwerkpartners en inwoners beter voor te bereiden en uit te rusten om bedreigingen het hoofd te bieden en snel te kunnen herstellen na een calamiteit of crisis. Onderdelen van het programma zijn bijvoorbeeld: - Een uitwerking van de rolverdeling en verantwoordelijkheden van netwerkpartners - Resilience-pilots op wijkniveau in enkele gemeenten - Minimaal twee VRR-locaties inrichten als steunpunt/toevluchtsoord - Overige initiatieven ter stimulering van een weerbare samenleving.

Halfjaarnota 2025

27

Wat willen we bereiken? Invulling geven aan de gezamenlijke opgave van gemeenten, de veiligheidsregio en netwerkpartners tot het versterken van de weerbaarheid van de samenleving

Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Wat hebben wij al bereikt in 2025

Opstellen en uitvoering geven aan het programmaplan in lijn met de bestuurlijke opdracht van het Veiligheidsberaad en de Landelijke Agenda Crisisbeheersing. Er zal gestart worden met “resilience-pilots” op wijkniveau en het inrichten van minimaal twee VRR locaties als steunpunt/toevluchtsOord. Daarnaast zullen overige initiatieventer stimulering van een weerbare samenleving worden uitgewerkt.

Het programmaplan Weerbaarheid wordt in samenwerking met de Veiligheidsregio ZuidHolland Zuid opgesteld. De kick-off zal in september plaatsvinden. Het eerste coördinerend noodsteunpunt wordt in september geopend. Ook wordt er gewerkt aan een bedrijfscontinuïteitsplan voor de interne weerbaarheid. Daarnaast wordt samen met partners in de vorm van een planningsstaf voorbereid op een acute situatie.

Wat mag het programma Risico- en Crisisbeheersing en GHOR kosten? Hieronder vindt u de totale kosten voor het programma Risico- en Crisisbeheersing en GHOR. Een uitgebreide toelichting vindt u in hoofdstuk 3. Risico- en crisisbeheersing ( x € 1.000) Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

Halfjaarnota 2025

Realisatie tot en met 30-6 7.567 8.558 991

2e BW 2025 16.241 18.421 2.180

Wijzigingen -585 244 829

3e BW 2025 15.656 18.665 3.009

Begroting 2026

Wijzigingen

1e BW 2026

14.589 16.853 2.265

1.725 -1.345 -3.070

16.314 15.509 -805

28

2 Paragrafen 2.1 Bedrijfsvoering Onder invloed van ontwikkelingen in de samenleving zoals de klimaatverandering, de energietransitie en de onrust in de wereld, veranderen de risico’s in onze regio’s. Dit kan leiden tot (on)gekende crises die geen rekening houden met onze regiogrenzen. Veiligheidsregio’s hebben elkaar dus nodig om zich voor te bereiden op deze veranderingen. Naast de veranderende risico’s in onze omgeving zijn er ook zorgen over de continuïteit van onze organisatie, zoals door krapte op de arbeidsmarkt. Aanleiding genoeg om de samenwerking met Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid te verstevigen. De samenwerking zal zich vooral richten op de onderwerpen weerbaarheid, Artificiële Intelligentie, Piketorganisaties, HRM-processen, opleiden brandweerpersoneel en inkoop. Op de gebieden van inkoop en HRM lopen ook landelijk samenwerkingstrajecten. Denk hierbij aan gezamenlijk inkopen en het beleid rondom PTSS. 2.1.1. Wendbare organisatie Om de doelen uit het beleidsplan de komende jaren te behalen, zal op het gebied van bedrijfsvoering voor een goede ondersteuning gezorgd moeten worden. De wendbaarheid die we van de organisatie vragen, heeft zijn weerslag op het type personeel dat hiervoor nodig is. De vraagstukken op het gebied van o.a.

piket, vakbekwaamheid, het Veiligheid Informatie Knooppunt , het aantrekken van medewerkers voor de Brandweer en van verpleegkundigen voor de Ambulancezorg vragen om een meer strategische personeelsplanning. Het personeel dat de VRR hiervoor nodig heeft, is deskundig, benaderbaar, verbindend en onderscheidend. Continue deskundigheidsbevordering moedigt medewerkers hierbij aan om hun prestatie continu aan te passen en te verbeteren. Daarnaast is het belangrijk om als organisatie midden in de maatschappij te staan. De regio Rotterdam-Rijnmond kenmerkt zich door een hoge diversiteit aan culturen, kennis en ervaringen, maar ook zienswijzen. Deze diversiteit willen wij als VRR omarmen, omdat deze verschillen juist bijdragen aan de kwaliteit van onze dienstverlening. Om de wendbare organisatie te bereiken, wordt ingezet op de volgende drie pijlers: 1. 2. 3.

Aantrekkelijk en goed werkgeverschap Leren en ontwikkelen Diversiteit

Wat willen we bereiken? (Wendbare organisatie) De VRR is een wendbare organisatie: zij kan gemakkelijk schakelen tussen het dagelijks werk en de vraagstukken van de toekomst. De VRR geeft talent de ruimte en stimuleert ontwikkeling in een steeds veranderende omgeving.

Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Wat hebben wij al bereikt in 2025

De VRR profileren als een zichtbare, herkenbare, aantrekkelijke en inclusieve werkgever op de externe arbeidsmarkt.

In het eerste half jaar heeft de focus gelegen op het nog gerichter inzetten van sociale media. In 2024 is het werkgeversmerk opgesteld. In de tweede helft van 2025 wordt onderzocht hoe er effectieve product-markt combinaties kunnen worden gemaakt. Daarnaast wordt er een koppeling gezocht met landelijke initiatieven.

Halfjaarnota 2025

29

Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Wat hebben wij al bereikt in 2025 In de eerste helft van 2025 zijn verdere stappen gezet in het stimuleren van de ontwikkeling van de medewerkers. Het leiderschapsprogramma is dusdanig ontwikkeld dat het organisatie overstijgend en cultuurdragend leiderschap stimuleert. Hiermee is een stevige basis gelegd voor de continue ontwikkeling van onze leidinggevenden en in het verlengde hiervan de vitaliteit en duurzame inzetbaarheid van alle medewerkers.

Aanmoedigen van medewerkers om zich Ook Door010 wordt ingezet om te zorgen voor blijvend te ontwikkelen door aandacht voor een duurzamere inzetbaarheid en persoonlijke opleiden, werkplekleren, vitaliteit en duurzame ontwikkeling van medewerkers. inzetbaarheid. Bij de nieuwe aanbesteding voor arbodienstverlening zijn eisen gesteld die aansluiten bij de huidige aanpak rondom verzuim. Vanuit het beleidsplan PTSS/mentale overbelasting zijn de Mental Check Up gesprekken volledig ingevoerd. Daarnaast zijn in de eerste helft van 2025 de vruchten geplukt van de jarenlange voorlopersrol op het gebied van PTSS door middel van het akkoord op de landelijke PTSS regeling. Diversiteit en inclusie krijgen consequent Aandacht voor diversiteit en inclusie binnen de aandacht. Dit gebeurt op meerdere vlakken en is vooral zichtbaar bij recruitment en het organisatie leiderschapsprogramma.

Halfjaarnota 2025

30

Vitaliteit:

Toelichting In het eerste halfjaar is een proces ingericht waardoor een betere analyse en versnelde begeleiding van dreigend langdurig ziekteverzuim mogelijk wordt. Dit zal in het komende halfjaar verfijnd worden. Vanaf 2026 kan gerapporteerd worden op de voortgang en effecten. Dit zorgt voor een verbeterde mogelijkheid om te kunnen sturen ten aanzien van het ziekteverzuim. Agressiemeldingen

Aantal meldingen 1e halfjaar Aantal melding van agressiviteit tegen medewekers Waarvan bij de ambulancedienst Waarvan bij de brandweer

2021

2022

2023

2024

2025

30

37

32

45

43

25

35 2

32 0

44 1

38 5

5

Ten opzichte van 2024 is er niet langer een duidelijke stijging te zien. De incidenten bestaan vooral uit een combinatie van fysiek en verbaal geweld. Wat opvalt bij de incidenten is, dat er dit jaar meerdere keren sprake is geweest van bijt-incidenten, waarbij patiënten onder invloed van alcohol en drugs ambulancemedewerkers hebben gebeten. Deze incidenten hebben grote impact op de medewerkers gelet op gezondheidsrisico’s door besmettingen, zoals hepatitis, HIV etc. De betreffende medewerkers hebben dan ook bloedonderzoek laten doen en medicijnen gekregen om infectierisico’s te beteugelen. Het lijkt erop, dat de locaties waar agressie en geweld plaats aan het verschuiven is. De verhouding tussen thuissituatie en buitenshuis is gewijzigd. Er wordt onderzocht waar dit door veroorzaakt wordt. Gekeken wordt of er een toename is van het aantal dak- en thuislozen en/of een toename van personen die “onbegrepen gedrag” vertonen.

Halfjaarnota 2025

31

2.1.2. Doorontwikkeling informatievoorziening en informatiebeveiliging Om de crisis van de toekomst te kunnen beheersen is beschikbaarheid van de juiste informatie cruciaal. Goede informatievoorziening zorgt ervoor dat de medewerkers van de VRR hun werk effectiever en veiliger kunnen doen. De VRR beschikt op dit moment deels over de benodigde technische voorzieningen om haar hulpverleners van informatie te kunnen voorzien. De manier waarop dit nu is ingericht, is echter nog te weinig professioneel om hierop te kunnen vertrouwen. De huidige voorzieningen zijn heel kwetsbaar terwijl de hulpverleners op straat afhankelijk zijn van deze voorzieningen om effectief en veilig hun werk te kunnen doen. Hiernaast is er ook een grote informatiebehoefte bij bestuurders, burgers en de pers. Zowel real-time tijdens een incident of crisis om de juiste besluiten te kunnen nemen, als na afloop om verantwoording af te leggen. Informatieanalyse is hard nodig om de incidenten van de toekomst het hoofd te kunnen bieden. Om in deze behoeftes te voorzien, gaan wij stappen zetten in de informatie-huishouding van de VRR. Er zal in de komende jaren geïnvesteerd worden in zowel ICT-ers, functioneel beheerders en professionele technische voorzieningen. Daarnaast gaan wij goede informatiebeveiliging realiseren.

Wat willen we bereiken? (Doorontwikkeling informatievoorziening en informatiebeveiliging) De VRR voorziet haar medewerkers van de juiste informatie en tools om hun werk effectief en veilig te kunnen doen en zorgt voor adequate informatiebeveiliging.

Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Wat hebben wij al bereikt in 2025

ICT ondersteuning 24/7 beschikbaar onder meer door een SOC (alarmering op mogelijke dreigingen, zodat je je beveiliging kan verhogen) en een CERT (een crisisteam in geval van een cybercrisis) paraat te hebben.

Het CERT is gereed en werkend. Er is een SOC paraat gedurende kantoortijden. Voor een 24/7 beschikbaar hebben van een SOC gaan wij aansluiten bij het landelijke initiatief.

Uitvoering geven aan de visie op operationele informatievoorziening.

Met name vanuit landelijke initiatieven zoals KCR2 , IGV en het VIK krijgt de visie steeds meer vorm. De visie en de invulling daarvan wordt zoveel als mogelijk door de VRR gevolgd.

Halfjaarnota 2025

32

2.1.3. Duurzaamheid Zowel nationaal als internationaal zijn afspraken gemaakt op het gebied van duurzaamheid. Ook de VRR heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan. Dit blijkt onder andere uit het de ondertekening van het manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen. Deze ondertekening houdt in dat de VRR naast de inkoopsprijs ook nadrukkelijk ook heeft voor de effecten van inkoop op de omgeving (klimaat, milieu, grondstoffen) en sociale aspecten. De VRR-brede duurzaamheidsambitie is om een klimaat neutrale en circulaire organisatie te zijn in 2040. De komende jaren werkt de VRR aan drie aandachtspunten, te weten mens, klimaatbewust en circulair. Met deze aandachtspunten wil de VRR duurzaamheid onderdeel maken van ons DNA en het handelen van de VRR.

Wat willen we bereiken? (Duurzaamheid) De VRR wil dat in 2027 duurzaamheid onderdeel is van ons DNA en ons handelen en in 2040 wil de VRR een inclusieve, circulair en klimaat neutrale organisatie zijn.

Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Wat hebben wij al bereikt in 2025 De implementatie van de laadpalen is in volle gang. De helft van de 52 laadpalen is inmiddels geplaatst. Daarnaast zijn op dit moment 16 dieselvoertuigen vervangen door elektrische voertuigen.

Inbedden van "duurzaamheidsdenken" in de organisatie en uitvoering geven aan ons programma

Halfjaarnota 2025

Om die duurzaamheidstransitie te versnellen zijn er op basis van wetenschappelijk onderzoek 44 interventies vastgesteld. Uit een eerste meting blijkt dat het voor bijna 20% van de respondenten steeds duidelijker wordt, hoe zij vanuit hun functie bij kunnen dragen aan de verduurzaming.

33

2.2

Openbaarheidsparagraaf

De Wet open overheid (Woo) zal de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) vervangen. Het doel van de Woo is een meer transparante en actief openbaar makende overheid. Veel meer dan de Wob verplicht de Woo tot het actief, uit eigen beweging, openbaar maken van documenten. Daarnaast is er de verplichting tot het op orde brengen van de informatiehuishouding van het bestuursorgaan

Wat willen we bereiken? (Openbaarheidsparagraaf / WOO) Voldoen aan de Woo

Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Wat hebben wij al bereikt in 2025

Implementeren plan informatiehuishouding (email, tekstberichten, informatiebeheer en archivering op orde brengen)

In de afgelopen periode is voornamelijk ingezet op de implementatie van het classificeren van data. Dit is één van de zaken die in het kader van BIO dienen te gebeuren en bijdragen aan deugdelijk informatiebeheer.

Woo-verzoeken

t/m juni 2023

Aantal ontvangen woo-verzoeken Aantal openbaar gemaakte documenten Aantal ontvangen zienswijze verzoeken Aantal geen bezwaar openbaar making n.a.v. zienwijze verzoeken

t/m juni 2024 t/m juni 2025

1

3

3

6

5

9

6

5

4*

* In 5 gevallen waren er nog persoonsgegevens te zien in de documenten. Die zijn voor openbaarmaking alsnog weggelakt.

Halfjaarnota 2025

34

2.3 Paragraaf weerstandsvermogen en risicomanagement Het doel van risicomanagement is structureel bij te dragen aan het in control zijn van de VRR. De doelstellingen en de kaders van risicomanagement zijn beschreven in de nota weerstandsvermogen en risicomanagement (vastgesteld door AB 11 december 2024). In de Auditcommissie is afgesproken om de risicoanalyse daar waar mogelijk op te splitsen naar de 3 grootste stakeholders van de organisatie. De stakeholders zijn op basis van de financiering van de veiligheidsregio bepaald en dat zijn de gemeenten, zorgverzekeraars en het Rijk (bij specifieke uitkeringen). Per stakeholder wordt dan de benodigde weerstandscapaciteit bepaald op basis van de risico’s die kunnen optreden. Door deze af te zetten tegen de beschikbare weerstandscapaciteit per stakeholder kan de weerstandsratio per stakeholder worden bepaald. Het scheiden van de risico's is niet altijd mogelijk. In het geval dat splitsen niet mogelijk is zijn de risico's opgenomen bij de stakeholder gemeente. 2.3.1 Benodigde weerstandscapaciteit per stakeholder De benodigde weerstandscapaciteit is gebaseerd op de risico’s die kunnen optreden in de periode 2025 tot en met 2029. Deze risico’s zijn opgenomen in onderstaande tabel.

Risico s = structureel i = incidenteel Risico's stakeholder gemeenten Duurzame piketorganisatie Vakbekwaamheid Claims van onverzekerbare risico's Personele capaciteit brandweer Bouwsteen verplichtend karakter Niet of beperkt verzekerbare schade Fiscale risico's Ontwikkeling GHOR Aanwijzing aanbieder vitale processen Totaal Risico's stakeholder gemeenten

s s s s s s s s s

Risico's Stakeholder Zorgverzekeraar Niet leveren van afgesproken diensten ambulancezorg Niet of beperkt verzekerbare schade Fiscale risico's Totaal Risico's stakeholder zorgverzekeraar

s s s

Risico's Stakeholder Rijk Fiscale risico's Alarmering bevolking Totaal Risico's stakeholder Rijk Totaalbedrag bruto risico's (bedrag x €1.000)

s s

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

115 511

-

-

-

-

PM

PM 532 467 100 750

PM

PM 532 3.400 467 100 750

PM

PM 532 3.400 467 100 750

PM

PM 532 3.400 467 100 750

PM

532 3.400 467 100 750 PM

2.474

5.249

5.249

5.249

5.249

233 100 333

400 233 100 733

400 233 100 733

400 233 100 733

400 233 100 733

50 140 190 6.172

50 140 190 6.172

50 140 190 6.172

50 140 190 6.172

50 50 2.857

Deze totaalbedragen betreffen de bruto-risico’s van dat jaar. Dat wil zeggen dat dit de verwachte kosten zijn als de risico’s zich voordoen zonder dat daar een vergoeding tegenover staat.

Halfjaarnota 2025

35

Er is een aantal risico’s waarvan wordt verwacht dat hier tegenover een financiële compensatie vanuit het Rijk zal staan. Het gaat om de risico’s: -

Bouwsteen verplichtend karakter Alarmering bevolking Ontwikkeling GHOR Niet of beperkt verzekerbare schade

Deze risico’s zijn onderdeel van de risico’s van de stakeholder gemeenten. Als deze verwachte compensatie van het totaalbedrag aan risico’s wordt afgetrokken resteert het nettobedrag aan risico’s: Totaal Risico's Totaalbedrag risico's stakeholder gemeenten (bedrag x €1.000) Totaalbedrag verwachte compensatie (bedrag x €1.000) Totaal netto- risico's stakeholder gemeenten (bedrag x €1.000)

Raming 2025 1.237 -608

Raming 2026 5.249 -4.483

Raming 2027 5.249 -4.483

Raming 2028 5.249 -4.483

Raming 2029 5.249 -4.483

629

765

765

765

765

167 -117 50 25 25 704

733 -167 567 190 -140 50 1.382

733 -167 567 190 -140 50 1.382

733 -167 567 190 -140 50 1.382

733 -167 567 190 -140 50 1.382

Totaalbedrag risico's stakeholder zorgverzekeraar (bedrag x €1.000) Totaalbedrag netto- verwachte risico's stakeholder zorgverzekeraar compensatie (bedrag x €1.000) (bedrag x €1.000) Totaalbedrag risico's stakeholder Rijk (bedrag x €1.000) Totaalbedrag verwachte compensatie (bedrag x €1.000) Totaal netto-risico's stakeholder Rijk (bedrag x €1.000) Totaal netto- risico's (bedrag x €1.000)

De verschillende risico’s zijn hieronder kort omschreven. Duurzame piketorganisatie en vakbekwaamheid Met het aannemen van de Ontwikkelagenda is besloten om te investeren in de piketorganisatie en vakbekwaamheid. De investeringen in het kader van de Ontwikkelagenda zijn in 2023 gestart. Het resterende risico is nu bepaald op basis van het oorspronkelijke bedrag van de risico’s minus de beschikbare gelden vanaf 2024. Vrijwaring van gemeenten voor aansprakelijkheid van niet verzekerbare risico’s Op advies van de Bestuurlijke Auditcommissie (2018) is dit risico als PM-post opgenomen in de risicoinventarisatie. Bij dit risico gaat het om juridische gevolgrisico’s zoals claims. Personele capaciteit brandweervrijwilligers De personele capaciteit van de brandweervrijwilligers staat onder druk. Zeker in kleinere dorpskernen is het lastig om de paraatheid 24 uur per dag, 7 dagen in de week te garanderen. Om het probleem van de capaciteit op de kazernes op te lossen zal mogelijk extra beroepspersoneel ingezet moeten worden. Het inzetten van een beroeps in dagdienst op een kazerne kost ongeveer € 100k per jaar. Vooralsnog is de inschatting dat dit wellicht nodig is op 5 kazernes. De kosten om dit risico op te heffen komen daarmee uit op €500k op jaarbasis. Voor 2025 is dit bedrag gehalveerd, in de 1e helft van dit jaar heeft het risico zich niet voorgedaan.

Halfjaarnota 2025

36

Bouwsteen verplichtend karakter (voorheen Deeltijdregeling brandweervrijwilligers) De positie van de brandweervrijwilligers op grond van de deeltijdrichtlijn is op grond van Europese regelgeving juridisch niet meer houdbaar. Om hiervoor een oplossing te vinden is landelijk onderzocht hoe brandweervrijwilligers te onderscheiden zijn van de beroepskrachten. Hieruit is een denkrichting ontstaan die bestaat uit 4 met elkaar samenhangende bouwstenen waarvan de eerste “Verplichtend karakter” is. Dit betekent o.a. dat een vrijwilliger te allen tijde werkt op basis van vrijwilligheid en niet kan worden verplicht om taken uit te voeren of aanwezig te zijn op een bepaald moment. Verder zijn vormen van kazernering en consignatie van vrijwilligers niet meer aan de orde. Het veiligheidsberaad heeft voor deze eerste bouwsteen een implementatieplan opgesteld dat eind 2022 is gepresenteerd. Landelijk is in kaart gebracht wat de consequenties hiervan zijn waarbij het uitgangspunt is om vanuit een landelijke aanpak te komen tot een vergoeding vanuit het Rijk voor deze consequenties. De meerkosten worden op landelijk niveau ingeschat op € 31.000K. per jaar, en voor de VRR komt het uit op een bedrag van € 3.000K. In het implementatieplan is opgenomen dat de nieuwe werkwijze wordt ingevoerd als er dekking komt voor de extra kosten vanuit het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Als het niet lukt om een vergoeding te krijgen vanuit het Rijk loopt de VRR het risico om de financiële consequenties zelf te moeten betalen. Het is niet de verwachting dat het in 2024 en 2025 nog ingevoerd gaat worden en daarmee is het risico voor die jaren op 0 gezet. Niet of beperkt verzekerbare schade De VRR krijgt steeds meer te maken met extreme premiestijging van verzekeringen. Daarnaast bestaat de kans dat een aantal risico’s niet meer verzekerbaar blijven. Deze ontwikkeling geldt voor alle veiligheidsregio’s. In 2021 heeft het veiligheidsberaad het principebesluit genomen tot oprichting van de stichting expertisebureau risicobeheer en verzekeringen veiligheidsregio’s. Eind 2021 heeft het algemeen bestuur besloten tot deelname aan deze stichting. Deze stichting adviseert de veiligheidsregio’s op het thema risicobeheer in relatie tot ongevallen en schade. De stichting Waarborgfonds is bedoeld voor niet-verzekerbare risico’s in relatie tot personele verzekeringen waaraan alle veiligheidsregio’s een financiële bijdrage zullen leveren. De financiële bijdrage aan de stichting en het waarborgfonds komt dan in de plaats van de verzekeringspremie. Met ingang van 2024 is de stichting Waarborgfonds in werking en heeft een ongevallenverzekering afgesloten voor alle veiligheidsregio’s. Daarmee is het risico van niet-verzekerbare letselschade bij ongevallen gedekt.

Het risico van onverzekerbare schades aan voertuigen blijft nog wel bestaan. De afgelopen jaren is gemiddeld € 500K. per jaar aan schade geweest aan voertuigen. De huidige verzekeraar heeft het contract voor de voertuigenverzekering opgezegd en er wordt gezocht naar een nieuwe verzekeraar. Vanwege deze situatie is het risico verhoogd met € 200K. omdat de verwachting is dat een nieuwe verzekeraar meer eigen risico bij de veiligheidsregio in rekening zal brengen. Fiscale risico’s Er is regelmatig overleg met de rijksbelastingdienst over diverse fiscale onderwerpen. Voorbeelden hiervan zijn de toepassing van de BTW voor verschillende wettelijke en niet-wettelijke activiteiten en de vennootschapsbelasting. De VRR beschikt niet over fiscaal specialisten om de juiste toepassing van de regelgeving te waarborgen. Landelijk wordt gekeken of deze functie in gezamenlijkheid met alle regio’s kan worden geleverd. De VRR huurt hier nu expertise voor in of vraagt collegiaal advies bij andere veiligheidsregio’s. Toch kunnen er verschillen van inzicht blijven bestaan waarin beroep en bezwaarprocedures van toepassing zijn. De uitkomst van dergelijke trajecten zijn ongewis. Daarnaast vinden er regelmatig controles plaats. Zo hebben we de afgelopen jaren controle gehad op de loonheffing en b.v. het gebruik van dienstvoertuigen. Hier zijn naheffingen uit voortgekomen.

Ondanks afspraken en goede controles is dit niet altijd te voorkomen. Halfjaarnota 2025

37

Alarmering bevolking Het waarschuwings- en alarmeringssysteem (WAS) in Nederland is een netwerk van ongeveer 3.800 sirenes die draadloos en onafhankelijk van elkaar aangezet kunnen worden vanuit de meldkamer. Het wordt gebruikt om te waarschuwen voor (dreigend) gevaar, met name als er gevaarlijke stoffen in de lucht aanwezig (kunnen) zijn. Plannen om het WAS op te heffen en te vervangen door NL-Alert, calamiteitenzenders en sociale media zijn meermaals uitgesteld maar het ministerie van J en V heeft dit jaar aangegeven het WAS per 2025 uit te faseren. Inmiddels heeft de 2e kamer ingestemd met een motie tot behoud van het WAS. Voor de regio Rotterdam-Rijnmond en met name het effectgebied van het havenindustrieel complex heeft het systeem tot heden een duidelijke toegevoegde waarde gehad als het gaat om bijvoorbeeld het waarschuwen bij het vrijkomen van gevaarlijke stoffen. In de kamerbrief geeft de minister aan dat voor hoog risicolocaties er lokaal maatwerk kan worden geleverd. Het is niet duidelijk hoe dit bekostigd gaat worden. Een extra risico dat naar voren is gekomen, betreft het feit dat de huidige leverancier van WAS-palen de productie heeft stopgezet. Dit betekent dat gemeenten geen nieuwe WAS-palen meer kunnen plaatsen. Het risico bij instandhouding van het WAS op risicolocaties is dat de kosten door de VRR zelf gedragen zullen moeten worden.

Gezien het grote aantal locaties in de regio wordt het risico voor de VRR ingeschat op € 140k per jaar vanaf 2025. Dit is gebaseerd op een onderzoek van het WODC (Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum) van het najaar 2021. Ontwikkeling GHOR Op basis van onderzoek is vastgesteld, dat de GHOR voor uitdagingen staat die niet binnen de huidige formatie kunnen worden opgevangen. Uitdagingen die van belang zijn om het openbaar bestuur goed in positie te kunnen brengen en houden in geval van een crisis. Deze uitdagingen zijn ontstaan door een veranderend landschap van wet- en regelgeving en verantwoordelijkheden binnen het veiligheidsdomein en binnen het gezondheidszorgdomein. Er zal versterkt ingezet worden op het thema zorgcontinuïteit en op het ontwikkelen van zorgrisicoprofielen. Daarnaast heeft de Covid-crisis aangetoond, dat het in het belang is van het openbaar bestuur om goed zicht te hebben op de effecten van ernstige verstoringen in de continuïteit van de zorgketen. Dit moet bestendigd worden in de reguliere organisatie van de GHOR. Op dit moment vindt een nadere uitwerking hiervoor plaats. Vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat extra financiële lasten die hiermee gepaard gaan, gedekt zullen worden door het Rijk. Op basis van een verwachte uitbreiding van formatie wordt dit risico nu ingeschat op € 750K. per jaar.

Voor 2025 is het risico verlaagd omdat er in de eerste maanden geen extra kosten zijn geweest. Naar verwachting zal in het 3e kwartaal ene besluit worden genomen over de positionering van de GHOR. Niet leveren van afgesproken diensten ambulancezorg Jaarlijks wordt onderhandeld met zorgverzekeraars over het budget inzake spreiding en beschikbaarheid van de ambulancezorg. Het risico bestaat dat de VRR de gemaakte budgetafspraken met de zorgverzekeraars over het te leveren aantal diensten niet kan nakomen, bijvoorbeeld door schaarste aan personeel. Het leveren van minder diensten kan leiden tot een lager budget. In 2022 en 2023 heeft dit risico zich voorgedaan. Voor 2025 is afgesproken met de zorgverzekeraars dat het budget gebaseerd wordt op het aantal uitgevoerde ritten in plaats van op het aantal uit te voeren diensten. Hierdoor is het risico voor 2025 nihil. Dit is verwerkt in de 3e begrotingswijziging.

Halfjaarnota 2025

38

Aanwijzing aanbieder vitale processen Door het Ministerie van Justitie en Veiligheid zijn de processen Inzet Brandweer, Crisiscoördinatie en besluitvorming en Communicatie- en informatievoorziening hulpdiensten en crisispartners aangewezen als onderdeel van de vitale infrastructuur. Naar verwachting zal met deze aanwijzing de externe druk en het toezicht op deze activiteiten verder toenemen. Zo zullen vanuit het ministerie vitaliteitsbeoordelingen en weerbaarheidsanalyses plaatsvinden, zal de effectiviteit worden getoetst en zal waar nodig worden bijgestuurd. Omdat de implicaties van de aanwijzing aanbieder vitale processen nog niet helemaal helder zijn, hebben we deze opgenomen in de risicoparagraaf met een p.m. waardering. Zodra de vitaliteitsbeoordeling binnen is kunnen we de consequenties specifiek maken. 2.3.2 Ontwikkeling weerstandsvermogen per stakeholder De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve die onderdeel is van het Eigen vermogen. Deze is gesplitst in een deel dat is gefinancierd door de zorgverzekeraars en een deel dat is gefinancierd door de gemeenten. Er is op het moment geen deel van het Eigen vermogen dat is gefinancierd door het Rijk. De ratio weerstandsvermogen (Weerstandsratio) is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit (gekwantificeerde risico’s).

Het weerstandsvermogen geeft de financiële robuustheid aan van de begroting, de jaarrekening en de financiële positie. beschikbare weerstandscapaciteit Weerstandsratio = ---------------------------------------------benodigde weerstandscapaciteit Zoals al in de vorige paragraaf is aangegeven wordt de weerstandsratio bepaald per stakeholder. Dat zijn nu de gemeenten, de zorgverzekeraars en het Rijk. Omdat geen deel van het eigen vermogen door het Rijk gefinancierd wordt is hier geen separate weerstandsratio voor te bepalen. Op basis van de verwachte ontwikkeling van het resultaat de komende jaren (zie hoofdstuk 3) en de inschatting van de netto-risico’s (zie 2.3.1) ontwikkelt de weerstandsratio als volgt:

Halfjaarnota 2025

39

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

Totaal VRR Beschikbaar (x € 1.000) Benodigd, netto-risico's (x € 1.000) Weerstandsratio netto-risico's

4.297 704 6,1

4.791 1.382 3,5

4.791 1.382 3,5

4.791 1.382 3,5

4.791 1.382 3,5

Benodigd, bruto-risico's (x € 1.000) Weerstandsratio bruto risico's

1.429 3,0

6.172 0,8

6.172 0,8

6.172 0,8

6.172 0,8

Stakeholder Gemeente Beschikbaar (x € 1.000) Benodigd, netto-risico's (x € 1.000) Weerstandsratio netto-risico's

1.543 629 2,5

1.543 765 2,0

1.543 765 2,0

1.543 765 2,0

1.543 765 2,0

Stakeholder zorgverzekeraar Beschikbaar (x € 1.000) Benodigd, netto-risico's (x € 1.000) Weerstandsratio netto-risico's

2.754 50 55,1

3.248 567 5,7

3.248 567 5,7

3.248 567 5,7

3.248 567 5,7

Stakeholder Rijk Beschikbaar (x € 1.000) Benodigd, netto-risico's (x € 1.000) Weerstandsratio netto-risico's Norm = 0,8

25 0,8

-

50 0,8

-

-

Weerstandsratio

Halfjaarnota 2025

50 0,8

50

50

0,8

0,8

40

De VRR hanteert voor een gezond weerstandsvermogen een ratio tussen de 0,5 en 0,8 waarbij voor de benodigde weerstandscapaciteit wordt uitgegaan van de netto-risico’s. Door de daling van de netto risico’s in de loop van de jaren komt de ratio voor de netto-risico’s ruim boven deze norm uit. Voor de bruto-risico’s ligt de ratio binnen de bandbreedte van 0,5-0,8. Voor de stakeholder zorgverzekeraar is de weerstandsratio ruim boven de norm. Omdat er voor de stakeholder Rijk geen vermogen beschikbaar is, is er geen ruimte om het risico op te vangen

2.3.3 Kengetallen en beleidsindicatoren Financiële kengetallen Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Halfjaarnota 2025

3e BW 2025 1e BW 2026 Plan 2027 16,7% 16,7% 19,1% -1,4%

23,7% 23,7% 16,0% -1,3%

27,6% 27,6% 14,9% 0,0%

Plan 2028

Plan 2029

27,2% 27,2% 14,3% 0,0%

23,8% 23,8% 14,8% 0,0%

41

Door negatieve resultaten en hogere onttrekkingen aan bestemmingsreserves daalt de solvabiliteitsratio na 2025. Door het incidentele karakter van deze onttrekkingen daalt ook de structurele exploitatieruimte Beleidsindicatoren Beleidsindicatoren taakveld Bestuur & Ondersteuning Apparaatkosten Externe Inhuur Overhead

3e BW 2025 Totaal per inwoner % van Totaal € 2.530.446 1,85 € € 10.003.567 6,0% € € 32.992.000 14,8% €

1e BW 2026 Totaal per inwoner % van Totaal 2.581.055 1,89 5.773.959 3,3% 35.345.000 15,1%

Formatie 2024 Fte per 1.000 Totaal Fte inw. 2.272 1,67

Formatie 2025 Fte per 1.000 Totaal Fte inw. 2.299 1,68

Beleidsindicatoren taakveld Bestuur & Ondersteuning Formatie Bezetting

Halfjaarnota 2025

2.295

1,68

2.351

1,71

42

2.4 Ontwikkeling van de Financiering Voor de uitvoering van de begroting is het essentieel dat de veiligheidsregio beschikt over voldoende financiële middelen. Naast de inkomsten kunnen hiervoor extra middelen worden aangetrokken conform de uitgangspunten en richtlijnen uit het treasurystatuut. Financiering is uitsluitend toegestaan ten behoeve van de publieke taak en wordt zoveel mogelijk beperkt en afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitsplanning. In het volgende overzicht zijn de bestaande leningen gespecificeerd en is tevens een prognose opgenomen van de financiering voor de komende jaren. De VRR verwacht in de komende jaren deze middelen aan te moeten trekken ter financiering van de investeringen. Omschrijving Binnenlandse banken 1 - BNG 2 - BNG 3 - BNG 4 - BNG 5 - BNG 6 - BNG 7 - BNG (2014) 8 - BNG (2015) 9 - BNG (2016) 10 - BNG (2017) 12 - BNG (2020) 13 - BNG (2020) 15 - NWB (2019) 16 - NWB (2021) 17 - Financial Lease RABO 18 - Financial Lease ABN 16 - BNG (2022) Prognose nieuwe lening 2024 Prognose nieuwe lening 2025 Prognose nieuwe lening 2026 Prognose nieuwe lening 2027 Prognose nieuwe lening 2028 Prognose nieuwe lening 2029 Prognose nieuwe lening 2030 Totaal (*€ 1000)

hoofdsom

Rente Saldo 31-12- Saldo 31-12- Saldo 31-12- Saldo 31-12- Saldo 31-12- Saldo 31-12% 2024 2025 2026 2027 2028 2029

1.450 2.340 1.589 2.305 10.000 10.000 7.500 7.500 10.000 5.000 5.000 7.200 8.000 5.000 906 4.130

5,890 3,620 5,400 3,720 2,900 2,930 1,390 1,410 1,195 0,195 0,315 0,585 0,080 0,230 -

338 655 715 1.268 2.667 3.333 3.000 3.500 2.250 3.000 3.000 6.048 5.333 3.500 43 1.828

290 562 675 1.210 2.000 2.667 2.500 3.000 1.250 2.500 2.500 5.760 4.800 3.000 0 1.338

242 468 636 1.153 1.333 2.000 2.000 2.500 250 2.000 2.000 5.472 4.267 2.500 784

193 374 596 1.095 667 1.333 1.500 2.000 1.500 1.500 5.184 3.733 2.000 390

145 281 556 1.037 0 667 1.000 1.500 1.000 1.000 4.896 3.200 1.500 -

97 187 516 980 -0 500 1.000 500 500 4.608 2.667 1.000 -

10.000 5.000 5.000 10.000 5.000 5.000 5.000 5.000

0,755 -

8.000 48.479

7.000 41.051

6.000 10.000 43.604

5.000 9.000 5.000 41.066

4.000 8.000 4.500 5.000 38.282

3.000 7.000 4.000 4.500 5.000 36.055

Rentegevoeligheid Alle bestaande leningen hebben een vaste rente tot het einde van de looptijd. Voor de periode 20262029 wordt rekening gehouden met 4,5% rente voor de nieuw af te sluiten leningen. Over het saldo liquide middelen wordt rente ontvangen. In de eerste 2 kwartalen in 2025 is € 419K. aan rente ontvangen. Voor 2025 wordt nu ingeschat dat de renteontvangsten zullen uitkomen op totaal € 600K. De verwachting voor de totale rentelasten en -baten voor 2025 en 2026 is als volgt: Kredietfaciliteiten Bedragen *€1000 Rentelasten Rentebaten Rente saldo

2025 -534 600 66

2026 -661 400 -261

De VRR heeft geen kredietlimiet op haar rekening-courant. Halfjaarnota 2025

43

Ontwikkelingen schatkistpapier Decentrale overheden zoals de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond mogen hun overtollige geldmiddelen niet bij banken aanhouden. In plaats daarvan moeten deze middelen ondergebracht worden bij de schatkist van het ministerie van Financiën. Dit houdt in dat overtollige gelden alleen op een rekening-courant of via deposito’s bij de schatkist gestald mogen worden of onderling worden uitgeleend aan andere decentrale overheden. Renterisico op korte schuld: de kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Financiering Decentrale Overheden een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. De kasgeldlimiet stelt derhalve dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van een decentrale overheid niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is dus een voorgeschreven sturings- en verantwoordingsinstrument ter beperking van het renterisico op de korte schuld. Als grondslag van de wettelijk toegestane omvang van de kasgeldlimiet wordt de omvang van de jaarbegroting voor het hele verslagjaar aangehouden. Voor de gemeenschappelijke regelingen bedraagt het percentage voor de berekening van de kasgeldlimiet voor het jaar 2025 en verder 8,2%. Kasgeldlimiet 2025-2029

2025

2026

2027

2028

2029

Grondslag: Lasten Begroting in procenten van de grondslag Toegestane netto vlottende schuld :

227.629 8,2% -18.666

230.744 8,2% -18.921

232.970 8,2% -19.104

233.181 8,2% -19.121

233.181 8,2% -19.121

Toetsing : Omvang vlottende schuld (a.) Af: Vlottende vorderingen (b.) Saldo netto vlottende middelen (a+b)

20.838 20.838

8.611 8.611

564 564

309 309

1.816 1.816

Ruimte

39.504

27.532

19.668

19.430

20.937

(bedragen x € 1.000)

Renterisico op langlopende schuld: de renterisiconorm De VRR loopt renterisico op het moment dat nieuwe leningen moeten worden aangetrokken (herfinanciering) of als een renteherziening van toepassing is. Om het renterisico te beheersen is in de Wet Financiering decentrale overheden de renterisiconorm geformuleerd. De renterisiconorm bepaalt dat het bedrag van de langlopende schuld dat binnen een gegeven jaar verplicht moet worden afgelost of waarvan de rente moet worden herzien, maximaal 20% van het begrotingstotaal mag bedragen. Het doel van deze norm is dat de lange leningenportefeuille zodanig over de jaren verdeeld is dat het renterisico dat voortkomt bij herfinanciering en renteherzieningen gelijkmatig over de jaren wordt gespreid.

Halfjaarnota 2025

44

Renterisiconorm 2025-2029 (bedragen x € 1.000)

Netto renteherziening op vaste schuld (o/g./.u/g) Aflossingen Renterisico

2025

2026

2027

2028

2029

7.394 7.394

7.448 7.448

7.538 7.538

7.784 7.784

7.227 7.227

Lasten begroting Percentage cf. regeling Renterisiconorm

227.629 20% 45.526

230.744 20% 46.149

232.970 20% 46.594

233.181 20% 46.636

233.181 20% 46.636

Renterisiconorm Renterisico Ruimte onder renterisiconorm:

45.526 -7.394 38.132

46.149 -7.448 38.701

46.594 -7.538 39.056

46.636 -7.784 38.852

46.636 -7.227 39.409

Halfjaarnota 2025

45

3 Financiën 3.1 Financiële ontwikkelingen Op basis van de realisatie en de ontwikkelingen van de laatste maanden en de prognose 2025 is een 3e begrotingswijziging 2025 en een 1e begrotingswijziging 2026 opgesteld. Hierin zijn alle financiële wijzigingen verwerkt die bij het opstellen van de 2e begrotingswijziging 2025 en begroting 2026 nog niet bekend waren of onvoldoende konden worden ingeschat. In de 3e begrotingswijziging 2025 wordt uitgegaan van een positief resultaat van € 4,9 mio. positief. Dit is 2,3 miljoen meer dan verwacht. Voor het programma Ambulancezorg wordt in 2025 een positief resultaat van € 500K. verwacht. Dit bedrag wordt toegevoegd aan de algemene reserve ten gunste van het programma Ambulancezorg. Voor de overige programma’s verwachten wij dat het resultaat uitkomt op € 4,4 mio. Dit is een verbetering van het resultaat met € 1,8 mio. Voor de 1e begrotingswijziging 2026 wordt voor het programma Ambulancezorg een nihil resultaat verwacht. Voor de overige programma’s wordt een negatief resultaat van € 1,3 mio. verwacht, Dit verschil wordt veroorzaakt door de 10% korting op de BDuR. Op hoofdlijnen worden de mutaties in het resultaat over 2025 veroorzaakt door de volgende factoren: Brede doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR): In juni heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid aangegeven dat deze uitkering voor 2025 wordt geïndexeerd met € 685K.

In de 2e begrotingswijziging is vooruitlopend op de definitieve indexatie al rekening gehouden met € 460K. In de 3e begrotingswijziging is de resterende 225K. verwerkt. Cao-onderhandelingen 2025: De Cao Veiligheidsregio’s loopt tot 1 augustus 2025. In de begroting van 2025 is rekening gehouden met een loonstijging van 6% per augustus. Op basis van de inzetbrieven van zowel werkgever als bonden lijkt de 6% voor 2025 te hoog. De loonstijging is teruggebracht naar 4% wat incidenteel een positief resultaat geeft. Personele inzet: Vanwege de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt lukt het binnen enkele onderdelen van de organisatie niet om alle functies te vervullen. Dit wordt deels opgevangen door inzet van tijdelijk personeel. Desondanks wordt verwacht dat de kosten voor personele inzet in 2025 lager zullen uitvallen dan in de 2e begrotingswijziging 2025 is opgenomen. Kapitaallasten - afschrijvingen: Door de verschuiving van investeringen nemen de afschrijvingslasten in 2025 per saldo af met € 534K. Rente: Door het uitstel van een aantal investeringen zijn er voor 2025 voldoende liquide middelen beschikbaar. Hierdoor hoeft er geen nieuwe financiering te worden aangetrokken, terwijl daar in de 2e begrotingswijziging 2025 nog wel rekening mee was gehouden. Dit leidt tot een verlaging van de rentelasten met € 38K. Daarnaast wordt over de liquide middelen rente ontvangen.

In de 2e begrotingswijziging is rekening gehouden met een renteopbrengst van € 400K. Nu wordt een renteopbrengst van € 600K. ingeschat.

Halfjaarnota 2025

46

Ambulancedienst: De overleggen met de zorgverzekeraars over het definitieve budget voor de ambulancezorg op basis van de “Wet marktordening Gezondheidszorg" zijn afgerond. Naar verwachting worden de gemaakte afspraken binnenkort ondertekend. In deze rapportage is rekening gehouden met de uitkomsten van deze afspraken voor 2025. Een belangrijk onderdeel van de afspraken is, dat het beschikbaarheidsbudget voor ambulancezorg in 2025 wordt gebaseerd op de werkelijke kosten. Dit betekent dat er in 2025 geen verrekening plaatsvindt op basis van het aantal diensten. Op basis hiervan wordt een positief resultaat voor de ambulancedienst verwacht van € 500K. Van dit bedrag zal € 33K. worden onttrokken aan de bestemmingsreserve voor de pilot met de elektrische ambulance die in 2024 van start is gegaan. Voor het budget in 2026 moeten de onderhandelingen met de zorgverzekeraars nog beginnen. In afwachting van de uitkomsten hiervan is in de opbrengsten al rekening gehouden met de verwachte loonstijging. PTSS: De minister van Justitie en Veiligheid heeft de afgelopen jaren sterk aangedrongen op een uniforme PTSS-aanpak voor alle veiligheidsregio’s ten aanzien van PTSS. Op 4 juli 2025 hebben werkgevers en vakbonden een akkoord bereikt over de invoering van de ‘Regeling erkenning en aanspraken PTSS als beroepsziekte’.

Een mijlpaal in de strijd voor een betere en gelijke behandeling van PTSS in alle veiligheidsregio’s. De regeling geldt voor medewerkers en vrijwilligers waarvoor de CAR(-UWO) Veiligheidsregio’s van toepassing is. In het kader van de landelijke regeling kan de VRR aansprakelijk worden gesteld voor kosten zoals gederfde inkomsten, medische uitgaven en andere gerelateerde schade. Bovendien bevat de regeling een uniform aanvraag- en beoordelingsproces. Hiermee zorgen de veiligheidsregio’s voor een gelijke en zorgvuldige aanpak als medewerkers PTSS krijgen. Deze regeling kent een terugwerkende kracht clausule tot vijf jaar. Om toekomstige financiële verplichtingen op te vangen is een bestemmingsreserve gevormd. De hoogte van deze reserve is afgeleid van ervaringscijfers bij de Politie. Er is een dotatie van € 1.500K. opgenomen. Vanaf 2026 zal jaarlijks een bedrag van € 150K. worden onttrokken. Voor de implementatie van de uniforme aanpak wordt, voor het administratieve proces, naar verwachting geld beschikbaar gesteld vanuit het Rijk.

Halfjaarnota 2025

47

3.2 Overzicht van baten en lasten per programma 2025-2029 Programma's ( x € 1.000) Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie Totaal lasten Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie Totaal baten Resultaat voor bestemming Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Toevoeging bestemmingsreserves Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Onttrekking bestemmingsreserves Resultaat na bestemming Nacalculatie gemeentelijke bijdrage Resultaat na nacalculatie

Halfjaarnota 2025

2e BW 2025 72.174 103.769 16.241 120 34.754 572 227.629 78.250 132.189 18.421 120 82 400 229.462 1.833 1.138 1.138 99 1.315 575 1.990 2.685 2.685

Wijzigingen -250 -2.502 -585 -1.762 -38 -5.137 310 17 244 9 200 780 5.916 1.730 575 2.305 -66 -756 -575 -1.398 2.213 2.213

3e BW 2025 71.924 101.267 15.656 120 32.992 534 222.494 78.560 132.206 18.665 120 91 600 230.242 7.748

Begroting 2026 72.273 107.677 14.589 120 35.345 741 230.744 78.250 135.231 16.853 120 85 400 230.940 196

2.868 575 3.443 33 559 592 4.897 4.897

1.133 1.133 199 739 938 0 0

Wijzigingen

1e BW 2026

2.201 443 950 -100 3.494 2.191 -311 -1.345 535 -2.960 30 30 493 1.150 1.643 -1.346 -1.346

74.474 108.120 15.539 120 35.345 641 234.238 80.440 134.920 15.509 120 85 400 231.474 -2.764 1.163 1.163 199 1.232 1.150 2.581 -1.346 -1.346

2027

2028

2029

74.275 107.822 14.581 120 35.340 831 232.970 80.440 135.132 16.793 120 85 400 232.970 930 930 995 995 66 66

74.275 107.793 14.600 120 35.322 1.071 233.181 80.440 135.343 16.793 120 85 400 233.181 647 647 501 501 -146 -146

74.275 107.849 14.529 120 35.297 1.111 233.181 80.440 135.343 16.793 120 85 400 233.181 631 631 928 928 296 296

48

3.3 Verschillenanalyse per programma Verschillenanalyse 2025 De verschillen in 2025 zijn per programma als volgt: Programma's ( x € 1.000) Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie Totaal lasten Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie Totaal baten Resultaat voor bestemming Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Toevoeging bestemmingsreserve Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat na bestemming

2e BW 2025 72.174 103.769 16.241 120 34.754 572 227.629 78.250 132.189 18.421 120 82 400 229.462 1.833 1.138 1.138 99 1.315 575 1.990 2.685

-250 -2.502 -585 -1.762 -38 -5.137 310 17 244 9 200 780 5.916

3e BW 2025 71.924 101.267 15.656 120 32.992 534 222.494 78.560 132.206 18.665 120 91 600 230.242 7.748

1.730 575 2.305 -66 -756 -575 -1.398 2.213

2.868 575 3.443 33 559 592 4.897

Wijzigingen

De verschillen worden per programma toegelicht:

Halfjaarnota 2025

49

Ambulancezorg Totaal Overzicht Ambulancezorg 2025 Ambulancezorg ( x € 1.000) Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

Realisatie tot en met 30-6 32.185 37.365 5.180

2e BW 2025

Wijzigingen

72.174 78.250 6.076

-250 310 560

3e BW 2025 71.924 78.560 6.636

Verschillen Ambulancezorg 2025 Ambulancezorg Hogere personeelslasten Huisvesting Middelen Lagere voorziening dub deb Kapitaalslasten Totaal wijzigingen op de lasten PLB en UWV Afspraken zorgverzekeraars Totaal wijzigingen op de baten Saldo verschillen

Wijzigingen 2025 441 100 -259 -242 -290 -250 140 170 310 560

Incidenteel

Structureel

441 100 -259 -242 40 140 170 310 270

-290 -290

290

Toelichting 2025: Personeelslasten zijn iets hoger dan begroot. Huisvestingskosten vallen iets hoger uit door duurdere onderhoudslasten. Materiële lasten zijn lager dan verwacht door met name lagere brandstofkosten en ICT uitgaven. De voorziening dubieuze debiteuren is verlaagd. Baten uit UWV uitkeringen en uit uren van het Persoonlijk Levensfase Budget (PLB) zijn hoger dan in de vorige begrotingswijziging was opgenomen - Baten van de zorgverzekeraars -

Halfjaarnota 2025

50

Brandweerzorg Totaal overzicht Brandweerzorg 2025 Brandweerzorg ( x € 1.000) Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

Realisatie tot en met 30-6 47.773 66.386 18.613

2e BW 2025 103.769 132.189 28.420

Wijzigingen -2.502 17 2.519

3e BW 2025 101.267 132.206 30.939

Verschillen Brandweerzorg 2025 Brandweerzorg Lagere personeelslasten Vacatureruimte Minder inzet Strandwacht Hoek van Holland CAO Onbenutte kosten reserve Meldkamer Rijvaardigheidstrainingen Kapitaalslasten Totaal wijzigingen op de lasten Minder inzet Strandwacht Hoek van Holland Overige inkomsten Totaal wijzigingen op de baten Saldo verschillen

Wijzigingen 2025 -634 -77 -500 -211 -553 -527 -2.502 -77 94 17 2.519

Incidenteel

Structureel

-634 -77 -500 -211 -553 -1.475 -77 94 17 1.492

-527 -1.027

1.027

Toelichting 2025: - Personeelslasten zijn lager door het later invullen van vacatures. - Voor de plustaak Strandwacht Hoek van Holland wordt minder inhuur van strandwachten verwacht, dit betekent zowel lagere lasten voor deze plustaak als lagere baten. - Op basis van de lopende onderhandeling voor de cao Veiligheidsregio’s is het percentage voor de loonstijging per 1 augustus naar beneden bijgesteld van 6% naar 4%. - In het kader van de overgang naar de Landelijke Meldkamerorganisatie is een terugkeerregeling afgesproken waarvoor een reserve is gevormd. Deze regeling loopt tot eind van 2025. Tot vandaag zijn er geen verzoeken tot terugkeer ingediend. De verwachting is dan ook dat deze reserve komen te vervallen. - Op dit moment is het lastig aan instructeurs te komen. Hierdoor zijn er keuzes gemaakt. Dit betekent, dat er geen extra trainingen gegeven worden ten aanzien van het vakbekwaam blijven op rijvaardigheid. - Door het doorschuiven van investeringen naar 2026 komen de kapitaalslasten lager uit dan oorspronkelijk begroot. - De overige inkomsten zijn hoger met name door ontvangen UWV uitkeringen.

Halfjaarnota 2025

51

Risico- en Crisisbeheersing Totaal overzicht Risico en Crisisbeheersing 2025 Risico- en crisisbeheersing ( x € 1.000)

Realisatie tot en met 30-6

Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

7.567 8.558 991

2e BW 2025

3e BW 2025

Wijzigingen

16.241 18.421 2.180

-585 244 829

15.656 18.665 3.009

Verschillen Risico- en Crisisbeheersing 2025 Wijzigingen 2025

Incidenteel

Nog niet ingezette gelden versterking CB

-575

-575

CAO Personeel derden

-65 147

Kapitaalslasten

-92

Totaal wijzigingen op de lasten Indexbijstelling Brede Doeluitkering

-585 244

-428

-157 244

Totaal wijzigingen op de baten Saldo verschillen

244 829

428

244 401

Risico- en crisisbeheersing

Structureel

-65 147 -92

Toelichting 2025: - De eind 2024 gereserveerde gelden voor de versterking van crisisbeheersing zullen in 2025 nog niet worden aangewend. Deze zijn doorgeschoven naar 2026. - Evenals bij het programma Brandweer is de loonstijging bijgesteld van 6% naar 4% op basis van de lopende cao onderhandelingen. - Door meer inhuur op specifieke kennis, zijn de lasten Personeel Derden iets hoger geprognosticeerd. . - Door het doorschuiven van investeringen naar 2026 vallen de kapitaallasten lager uit. - In juni is de definitieve toekenning van de BDuR-gelden ontvangen. De indexering van de BDuR blijkt hoger dan was aangenomen in de begroting.

Halfjaarnota 2025

52

- Overhead Totaal overzicht Overhead 2025 Overhead ( x € 1.000) Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

2e BW 2025 34.754 82 -34.672

Wijzigingen -1.762 9 1.771

3e BW 2025 32.992 91 -32.901

Verschillen Overhead 2025 Overhead Vertraging ICT projecten CAO Personele lasten Kapitaalslasten Totaal wijzigingen op de lasten Overige inkomsten Totaal wijzigingen op de baten Saldo verschillen

Wijzigingen 2025 -600 -235 -895 -32 -1.762 9 9 1.771

Incidenteel

Structureel

-600 -235 -895 -1.495 1.495

-32 -267 9 9 276

Toelichting 2025: - Door het later invullen van vacatures is er sprake van een uitstel van verschillende ICT-projecten. - Op basis van de lopende onderhandeling voor de cao Veiligheidsregio’s is het percentage voor de loonstijging per 1 augustus naar beneden bijgesteld van 6% naar 4%. - Personeelslasten zijn lager door het later invullen van vacatures

Halfjaarnota 2025

53

Verschillenanalyse 2026 De verschillen in 2026 zijn per programma als volgt:

Programma's Begroting ( x € 1.000) 2026 Ambulancezorg 72.273 Brandweerzorg 107.677 Risico- en Crisisbeheersing 14.589 Weerbaarheid 120 Overhead 35.345 Financieringsfunctie 741 Totaal lasten 230.744 Ambulancezorg 78.250 Brandweerzorg 135.231 Risico- en Crisisbeheersing 16.853 Weerbaarheid 120 Overhead 85 Financieringsfunctie 400 Totaal baten 230.940 Resultaat voor bestemming 196 Ambulancezorg Brandweerzorg 1.133 Risico- en Crisisbeheersing Toevoeging bestemmingsreserves 1.133 Ambulancezorg 199 Brandweerzorg 739 Risico- en Crisisbeheersing Onttrekking bestemmingsreserves 938 Resultaat na bestemming 0 Nacalculatie gemeentelijke bijdrage Resultaat na nacalculatie 0

Wijzigingen

1e BW 2026

2.201 443 950 -100 3.494 2.191 -311 -1.345 535 -2.960 30 30 493 1.150 1.643 -1.346

74.474 108.120 15.539 120 35.345 641 234.238 80.440 134.920 15.509 120 85 400 231.474 -2.764 1.163 1.163 199 1.232 1.150 2.581 -1.346

-1.346

-1.346

De verschillen worden per programma toegelicht:

Halfjaarnota 2025

54

Ambulancezorg 2026 Totaal Overzicht Ambulancezorg begrotingswijziging 2026 Ambulancezorg ( x € 1.000)

Begroting 2026

Wijzigingen

1e BW 2026

72.273 78.250 5.977

2.201 2.191 -10

74.474 80.440 5.966

Incidenteel

Structureel

Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

Verschillen Ambulancezorg begrotingswijziging 2026 Ambulancezorg Personeel: Inrekening CAO verhoging 2026 Kapitaalslasten Totaal wijzigingen op de lasten Afspraken zorgverzekeraars Totaal wijzigingen op de baten Saldo verschillen

Wijzigingen begroting 2026 2.211 -10 2.201 2.191 2.191 -10

-

2.211 -10 2.201 2.191 2.191 -10

Toelichting begrotingswijziging 2026 - De personeelslasten voor 2026 worden hoger ingeschat mede op basis van de verwachte caoverhoging zoals die voortkomt uit de lopende cao-onderhandelingen. Hier tegenover staan hogere inkomsten vanuit de zorgverzekeraars. - De lagere kapitaalslasten van 2025 werken ook door naar de begroting 2026.

Halfjaarnota 2025

55

Brandweerzorg 2026 Totaal overzicht Brandweerzorg begrotingswijziging 2026 Brandweerzorg ( x € 1.000) Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

Begroting 2026 107.677 135.231 27.555

Wijzigingen

1e BW 2026

443 -311 -754

108.120 134.920 26.800

Incidenteel

Structureel

-142 435 293 -293

150

Verschillen Brandweerzorg begrotingswijziging 2026 Brandweerzorg Verwachte extra kosten PTSS Afname tweede loopbaan Reservering bedrijfskleding Totaal wijzigingen op de lasten Inkomsten overheid (incl BDuR) Totaal wijzigingen op de baten Saldo verschillen

Wijzigingen 2026 150 -142 435 443 -311 -311 -754

150 -311 -311 -461

Toelichting Begrotingswijziging 2026 - Kosten voor PTSS vanuit de reserve. - Op dit moment zien we minder aanmelding voor het 2e loopbaantraject, De kosten hiervoor zijn daarom bijgesteld. - De reserve bedrijfskleding is door capaciteitsgebrek doorgezet vanuit 2025 naar 2026 - De inkomsten van de BDuR zijn naar beneden bijgesteld in verband met de 10% bezuiniging.

Halfjaarnota 2025

56

Risico- en Crisisbeheersing 2026 Totaal overzicht Risico en Crisisbeheersing begrotingswijziging 2026 Risico- en crisisbeheersing ( x € 1.000) Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

Begroting 2026

Wijzigingen

1e BW 2026

14.589 16.853 2.265

950 -1.345 -2.295

15.539 15.509 -30

Incidenteel

Structureel

350 600 950 -950

-1.345 -1.345 -1.345

Verschillen Risico- en Crisisbeheersing begrotingswijziging 2026 Risico- en crisisbeheersing Huisvesting: BDuR weerbaarheid Middelen: BDuR weerbaarheid Totaal wijzigingen op de lasten Inkomsten overheid (incl BDuR) Totaal wijzigingen op de baten Saldo verschillen

Wijzigingen 2026 350 600 950 -1.345 -1.345 -2.295

Toelichting Begrotingswijziging 2026 -

Huisvesting en middelen zijn hoger door de vorming van enkele noodsteunpunten hiervoor zijn in 2025 specifieke gelden toegekend waarvoor in 2025 een reserve is gevormd. De inkomsten van de BDuR zijn naar beneden bijgesteld in verband met de 10% bezuiniging.

Halfjaarnota 2025

57

Overzicht van baten en lasten – structureel en incidenteel De incidentele lasten en baten in 2025 en 2026 betreffen de kosten voor opvang ontheemden Oekraïners. Er zijn geen structurele mutaties in de bestemmingsreserves. Incidentele baten en lasten Programma (incl. mutaties bestemmingsreserves) Totale lasten begroting Lasten t.b.v. opvang ontheemden Oekraine R&C Totaal incidentele lasten Totaal Structurele lasten Totale baten begroting Baten t.b.v. opvang ontheemden Oekraine R&C Totaal Incidentele baten Totaal structurele baten Resultaat (* € 1.000,-) Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Begrotingssaldo na bestemming Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) Structureel saldo (* € 1000)

3e BW 2025 222.494 2.504 2.504 219.990 230.242 2.504 2.504 227.738 7.748 3.443 592 4.897 2.851 7.748

1e BW 2026 234.238 501 501 233.737 231.474 501 501 230.973 -2.764 1.163 2.581 -1.346 -1.417 -2.764

2027

2028

2029

232.970

233.181

233.181

232.970 232.970

233.181 233.181

233.181 233.181

232.970 0 930 995 66 -66 0

233.181 0 647 501 -146 146 0

233.181 0 631 928 296 -296 0

-

In 2026 ontstaat er een structureel tekort. Dit komt vooral doordat in 2026 er op de BDuR wordt gekort. Daarnaast zien we een lagere toevoeging aan de reserve . In 2027 gaan we uit van een hogere bijdrage uit de BDuR en laat de VRR weer een saldo zien dat structureel in evenwicht is.

3.5 Overzicht van baten en lasten – taakvelden Taakvelden 3e begrotingswijziging 2025 0.1 Bestuur

0.4 Overhead

0.5 Treasury

3e Begrotingswijziging 2025

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Lasten Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Baten Saldo van baten en lasten (* € 1.000,-)

Halfjaarnota 2025

152 285 79 126 126

-

32.866 32.866

91 91

18 534 71 422 106 1 600

0.10 Mutaties Reserves

0.11 1.1 Resultaat van Crisisde rekening beheersing en van baten en brandweer lasten

1.2 Openbare orde en veiligheid

2.1 Verkeer en vervoer

7.1 Volksgezondheid

8.3 Wonen en bouwen

71.924 2.868 575

3.443 33 559

592

-

4.897

98.449 9.836 120

2.504

108.405

2.504

132.206 16.161 120

2.504

148.487

2.504

1.329

1.490 3.316

1.329

71.924 78.560

4.806

-

78.560

-

58

Taakvelden 1e begrotingswijziging 2026: 0.1 Bestuur

0.4 Overhead

0.5 Treasury

1e Begrotingswijziging 2026

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Lasten Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Baten Saldo van baten en lasten (* € 1.000,-)

168 376 72 128 128

35.217 35.217

-

85 85

0.10 Mutaties Reserves

0.11 1.1 Resultaat van Crisisde rekening beheersing en van baten en brandweer lasten

1.2 Openbare orde en veiligheid

2.1 Verkeer en vervoer

7.1 Volksgezondheid

8.3 Wonen en bouwen

74.474 1.163

25 641 71 263 66

1.163 199 1.232 1.150

-

400

2.581

-1.346

105.245 11.655 120

501

117.020

501

134.920 15.008 120

501

150.048

501

1.355

1.519 3.383

1.355

74.474 80.440

4.902

-

80.440

-

3.6 Ontwikkeling van het Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de Algemene reserve en de Bestemmingsreserves en kan voor de komende jaren als volgt worden weergegeven: Eigen vermogen Algemene reserve gefinancierd zorgverzekeraars Algemene reserve VRR Totaal Algemene reserve Nog te bestemmen resultaat ARR Nog te bestemmen resultaat VRR Nog te bestemmen resultaat Bestemmingsreserves Totaal per ultimo jaar (* € 1.000,-)

Realisatie 2024 1.768 1.182 2.950 986 361 1.347 7.448 11.745

3e BW 2025 2.754 1.543 4.297 494 4.404 4.898 10.299 19.494

Dotatie 2026

Onttrekking 2026

494 494

1.163 1.657

-494 -1.346 -1.840 -2.430 -4.270

1e BW 2026 3.248 1.543 4.791 3.058 3.058 8.881 16.730

Plan 2027

Plan 2028

Plan 2029

3.248 1.543 4.791 3.124 3.124 8.660 16.575

3.248 1.543 4.791 2.978 2.978 8.726 16.495

3.248 1.543 4.791 3.274 3.274 8.430 16.494

Het nog te bestemmen resultaat 2024 (€ 1.347k) van de VRR is toegevoegd aan de Algemene reserve. Het eigen vermogen neemt in 2025 toe, door zowel het verwachte positieve resultaat bij de VRR en de ARR als door een stijging van het saldo van de bestemmingsreserves (zie toelichting verderop). Het positieve resultaat van het programma Ambulancezorg wordt toegevoegd aan de algemene reserve gefinancierd door zorgverzekeraars. In dit overzicht is ervan uit gegaan dat de per saldo positieve resultaten die ontstaan vanaf 2025 bij de veiligheidsregio niet worden toegevoegd aan de reserve van de organisatie. Hierover zal door het Algemeen Bestuur nog besloten worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16057906/1