Bijlage 1. Nota beantwoording zienswijzen
Tekst van het document
Nota van beantwoording zienswijzen naar aanleiding van het ter inzage leggen van de ontwerp-omgevingsvergunning en bijbehorende documenten van het McDonalds-restaurant inclusief McDrive op het perceel C.G. Roosweg 20 te Krimpen aan den IJssel
Gemeente Krimpen aan den IJssel 19 mei 2026
1
Inhoud 1. Leeswijzer 2. Gevolgde procedure 3. Lijst van reclamanten 4. Samenvatting inhoud zienswijzen en reactie van de gemeente 5. Lijst van (ambtshalve) wijzigingen
2
1. Leeswijzer In de hiernavolgende hoofdstukken worden de door reclamanten ingediende zienswijzen behandeld. Hoofdstuk 2 beschrijft de gevolgde procedure. In hoofdstuk 3 is de (geanonimiseerde) lijst van reclamanten opgenomen. In dat hoofdstuk is ook beoordeeld of de ingediende reacties aan alle formele eisen voldoen en daarom ontvankelijk zijn. In hoofdstuk 4 zijn de zienswijzen samengevat (in kolom 1), volgt de inhoudelijke beantwoording daarvan (in kolom 2) en wordt aangegeven in hoeverre de ontwerp-omgevingsvergunning (inclusief ruimtelijke onderbouwing) wordt aangepast (in kolom 3). Tot slot volgt in hoofdstuk 5 een samenvatting van alle (ambtshalve) wijzigingen en aanbevelingen zoals aangegeven in hoofdstuk 4.
2. Gevolgde procedure De terinzagelegging van de ontwerp-omgevingsvergunning, met de daarbij behorende stukken voor het realiseren van een McDonald’srestaurant inclusief McDrive op het perceel C.G. Roosweg 20 te Krimpen aan den IJssel, is op 12 juni 2025 bekendgemaakt in het Gemeenteblad (nummer 255270). De ontwerp-specifieke verklaring van geen bedenkingen (hierna: ontwerp-SVVGB) is gelijktijdig met de ontwerp-omgevingsvergunning en de onderliggende stukken ter inzage gelegd, conform de artikelen 3:11 en 3:15 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De ontwerp-omgevingsvergunning en de ontwerp-SVVGB hebben van 12 juni 2025 tot en met 23 juli 2025 ter inzage gelegen. Gedurende deze periode is eenieder in de gelegenheid gesteld om zowel schriftelijk als mondeling een zienswijze naar voren te brengen.
3. Geanonimiseerde Lijst van reclamanten In deze Nota beantwoording zienswijzen zijn de NAW-gegevens (naam, adres en woonplaats) van bepaalde reclamanten weggelaten. Dit weglaten – de zogenoemde anonimiseringsverplichting – vloeit voort uit de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Daarin is bepaald dat persoonsgegevens van natuurlijke personen niet zonder grondslag elektronisch openbaar mogen worden gemaakt. Deze verplichting geldt niet voor ondernemingen met rechtspersoonlijkheid (zoals een BV of NV) en evenmin voor personen die beroepsmatig bij de procedure zijn betrokken. De NAW-gegevens van alle reclamanten zijn uiteraard wel bij de gemeente bekend. Uit de Nota van beantwoording zienswijzen kan worden afgeleid op welke locatie de desbetreffende zienswijze betrekking heeft. Dit is noodzakelijk om de zienswijzen inhoudelijk correct te kunnen beantwoorden en de daarbij behorende belangen zorgvuldig te kunnen afwegen.
3
Van het recht om een zienswijze in te dienen is gebruikgemaakt door de volgende reclamanten: 1. Reclamant 1, ingekomen op 20-05-2025 2. Reclamant 2, ingekomen op 27-06-2025 3. Reclamant 3, ingekomen op 29-06-2025 4. Reclamant 4, ingekomen op 21-07-2025 5. Reclamant 5, ingekomen op 23-06-2025 6. Reclamant 6, ingekomen op 16-06-2025 7. Reclamant 7, ingekomen op 11-6-2025 8. Reclamant 8, ingekomen op 27-05-2025 9. Reclamant 9, ingekomen op 27-06-2025 10. Reclamant 10, ingekomen op 22-06-2025 11. Reclamant 11, ingekomen op 08-05-2025 12. Reclamant 12, ingekomen op 07-07-2025 13. Reclamant 13, ingekomen op 17-06-2025 14. Reclamant 14, ingekomen op 14-06-2025 15. Reclamant 15, ingekomen op 16-06-2025 16. Reclamant 16, ingekomen op 16-06-2025 17. Reclamant 17, ingekomen op 10-06-2025 18. Reclamant 18, ingekomen op 23-07-2025 19. Reclamant 19, ingekomen op 23-07-2025. Aanvulling binnengekomen op 01-08-2025 20. Reclamant 20, ingekomen op 15-07-2025 21. Reclamant 21, ingekomen op 21-07-2025 22. Reclamant 22, ingekomen op 27-05-2025 23. Reclamant 23, ingekomen op 09-07-2025. Brief (aanvullend) 14-02-2024 24. Reclamant 24, ingekomen op 09-01-2024 25. Reclamant 25, ingekomen op 10-06-2025 26. Reclamant 26, ingekomen op 04-07-2025
4
Ontvankelijkheid De zienswijzen zijn binnen de daartoe gestelde termijn ingediend en derhalve ontvankelijk. De aanvullende brief van reclamant 23 (d.d. 14-022024) is, hoewel deze geen zelfstandige zienswijze vormt, in het kader van een zorgvuldige besluitvorming bij de beoordeling betrokken.
5
Samenvatting zienswijzen en de reactie van de gemeente 4.1 Zienswijzen Hieronder wordt per zienswijze een samenvatting gegeven van de ingediende zienswijzen, de reactie van het bevoegd gezag daarop en de conclusie of deze reactie aanleiding geeft tot aanpassing van het plan en de ontwerpomgevingsvergunning. Reclamant 1 Zienswijze 1A Reclamant voert aan dat de vestiging van McDonald’s negatieve gevolgen kan hebben voor de volksgezondheid, met name voor jongeren en ouderen, vanwege het ongezonde karakter van het aangeboden voedsel.
Reactie Bij de beoordeling van een aanvraag voor een omgevingsvergunning kijkt het bevoegd gezag alleen naar ‘een goede ruimtelijke ordening’. Het begrip ‘een goede ruimtelijke ordening’ bepaalt uiteindelijk of nieuwe plannen mogelijk zijn. Aan de hand van verschillende factoren wordt ‘een goede ruimtelijke ordening’ al dan niet vastgesteld. Factoren die meespelen kunnen bijvoorbeeld verkeersbewegingen zijn die toenemen, geluid(soverlast), luchtkwaliteit en de natuur. (Volks)gezondheid is an sich geen onderdeel van dit toetsingskader, want het is niet ruimtelijk relevant. Uit de rechtspraak blijkt dat het bevoegd gezag risico’s voor de volksgezondheid wel mag meewegen als hier een ruimtelijke component bij komt kijken.1 Uit de rechtspraak blijkt dat de gevolgen van de activiteit die ziet op volksgezondheid ruimtelijk van aard of locatiegebonden moeten zijn. Bijvoorbeeld: als een bedrijf schadelijke stoffen uitstoot die de luchtkwaliteit in de buurt verslechtert, kan dat wel een rol spelen2. Het verkopen van ongezond voedsel, zoals bij een fastfoodrestaurant als McDonald’s, is op zichzelf geen ruimtelijke activiteit. Daarom mag het bevoegd gezag een fastfoodrestaurant niet verbieden om warme frituursnacks te verkopen, alleen omdat deze ongezond zijn3.
1 vgl. RvS, 08-07-2020, ECLI:NL:RVS:2020:1591. 2 vgl. RvS, 08-07-2020, ECLI:NL:RVS:2020:1591; Rb. NH, 02-08-2023, ECLI:NL: RBNNE:2023:3177. 3 vgl. Rb. NH, 02-08-2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:3177.
6
Conclusie Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Verder houdt McDonald’s bij het samenstellen van het voedselaanbod rekening met het gemeentelijke beleid op het gebied van gezondheid en stimuleert het een bewustere leefstijl en meer variatie in voeding, met de richtlijn Gezonde Eetomgeving van het Voedingscentrum als uitgangspunt4. Het menu wordt verbeterd met gezondere keuzes, vleesloze alternatieven en salades, nudging wordt toegepast, de eiwittransitie wordt doorgevoerd (55% van de menukaart uit vis, kip of vegetarisch in 2024) en water is standaard in het Happy Meal, waardoor gasten vaker een gezondere keuze maken.
1B
Reclamant stelt dat zwerfafval, voordat dit wordt opgeruimd, in de nabijgelegen surfplas terecht kan komen. In dit kader sluit reclamant zich aan bij de insprekers tijdens de gemeenteraadsvergadering.
Verder is al sprake van een bestaande horecabestemming op het perceel. Het aangeboden voedsel past hierbinnen. McDonald’s is zich bewust van de zorg die in de zienswijze wordt geuit over zwerfafval dat, voordat het wordt opgeruimd, in de surfplas of de directe omgeving van het restaurant terecht zou kunnen komen. Ter voorkoming en beperking van zwerfafval wordt een zwerfafvalconvenant gesloten tussen de gemeente Krimpen aan den IJssel en McDonald’s. Dit convenant is ook als vereiste opgenomen in de ruimtelijke onderbouwing en wordt als voorwaarde geborgd.5 McDonalds voert schoonmaakwerkzaamheden uit in de omgeving van de projectlocatie en ook in de verwachte hotspots in het recreatiegebied Krimpenerhout. Tevens neemt McDonalds diverse aanvullende maatregelen om afval te reduceren en effectief te beheren, waaronder:6 • Monitoring en reduceren van afval en maximale recycling van restafval door bron- en nascheiding. Toewerken naar circulariteit. • Meermaal daags opruimen in de ruime omgeving (ook buiten het terrein restaurant).
4 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 28. 5 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, paragraaf 3.3.2. 6 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 25.
7
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
• •
1C
Reclamant geeft aan zich aan te sluiten bij de insprekers tijdens de gemeenteraadsvergadering waarin het onderwerp veiligheid aan de orde is gesteld. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat de zienswijze betrekking heeft op sociale veiligheid en verkeersveiligheid.
Adoptie van afvalbakken op openbaar terrein. Verpakkingen zonder zware plastics en volledig recyclebaar in 2024.
Met deze afspraken en maatregelen wordt aangesloten bij de ambities uit het gemeentelijke afvalscheidingsbeleid. De voorschriften in het convenant borgen voldoende dat het woon- en leefklimaat in de omgeving van de McDonald’s en de openbare orde niet op ontoelaatbare wijze nadelig worden beïnvloed door (zwerf)afval. Daarnaast wordt een exploitatievergunning opgesteld waarin de afspraken uit het convenant worden vastgelegd7. Hiermee is voldoende geborgd dat ontoelaatbare overlast als gevolg van afval wordt voorkomen8. De door McDonald’s getroffen maatregelen ter naleving van de zorgplicht met betrekking tot zwerfafval in de directe omgeving, in combinatie met de contractueel vastgelegde verplichtingen en afspraken in het convenant en de exploitatievergunning, worden als passend en voldoende beschouwd om de door reclamant geuite zorgen over zwerfafval weg te nemen. Mogelijke problemen zoals criminaliteit of sociale onveiligheid spelen geen rol bij de beoordeling van een omgevingsvergunning. Dit volgt uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de Wet ruimtelijke ordening (Wro), en is bevestigd in de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 23 januari 20239. Sociale veiligheid valt onder openbare orde en veiligheid. Wanneer deze wordt aangetast, kan sprake zijn van een strafbaar feit.
De regels hierover richten zich voornamelijk op individueel gedrag dat de openbare orde verstoort. De burgemeester is verantwoordelijk voor het handhaven van deze regels en kan, wanneer dat nodig is, ingrijpen via het strafrecht of door bestuursrechtelijke maatregelen. Als aspecten
7 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, paragraaf 3.3.2. 8 vgl. Rb. Overijssel, 11 april 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:2254.
9
vgl. ABRvS 23 januari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:235, maar ook: Rb. Overijssel, 11 april 2024, ECLI:NL:RBOVE:2025:2254.
8
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
van sociale veiligheid of mogelijke overlast zouden meetellen in de toetsing op grond van de Wabo of Wro, zou dit kunnen leiden tot een doorkruising van de bevoegdheden van de burgemeester en tot onduidelijkheid over de vraag bij welke rechter tegen handhavingsmaatregelen kan worden opgekomen. Daarom spelen opmerkingen over sociale veiligheid, gebrek aan sociale controle of mogelijke overlast – ook wanneer deze zijn gebaseerd op ervaringen met soortgelijke initiatieven – geen rol bij de beoordeling van een aanvraag voor een omgevingsvergunning. Daarbij heeft reclamant in ieder geval niet aannemelijk gemaakt dat het woon- of leefklimaat of de openbare orde onaanvaardbaar wordt aangetast. De sociale veiligheid wordt mede gewaarborgd door de aan de nog aan te vragen exploitatievergunning verbonden voorschriften en het door initiatiefnemer op te stellen veiligheidsplan.10 Dit veiligheidsplan wordt, ter borging van een aanvaardbare exploitatie, voor ingebruikname van het restaurant vastgesteld. De vergunning strekt niet tot het toestaan van handelingen die tot overlast leiden. Indien zich desalniettemin overlast in de vorm van criminaliteit voordoet, kan dit niet aan de vergunning worden toegerekend. Voor wat betreft de verkeersveiligheid wordt verwezen naar de beantwoording van zienswijzen 2A en 4A.
1D
Reclamant stelt dat inwoners zijn betrokken bij het meedenken over een groen, leefbaar,
Kortom, het woon- en leefklimaat en de openbare orde in de omgeving van het pand zijn op deze wijze voldoende geborgd.11 In het geldende bestemmingsplan is de locatie voorzien van een horecabestemming, waarbinnen een fastfoodrestaurant mogelijk is.
10 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 47. 11 Rb. Overijssel, 11 april 2024,
ECLI:NL:RBOVE:2025:2254.
9
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de
mooi en gezond Krimpen en voert aan dat een vestiging van McDonald’s hiermee niet verenigbaar is. Reclamant 2 2A Reclamant vreest voor verkeersproblemen en verkeersonveiligheid bij de al als gevaarlijk ervaren oversteeklocatie nabij de rotonde aan de Breeka.
ontwerpomgevingsvergu nning.
Goudappel heeft met diverse (aanvullende) mobiliteitsonderzoeken overtuigend aangetoond dat voor het autoverkeer geen sprake is van een verkeersprobleem, waarbij het begrip verkeersprobleem is geïnterpreteerd als knelpunten in de verkeersafwikkeling.12 Ook vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid is geen sprake van een problematische situatie. Hoofdstuk 4 – Objectieve verkeersveiligheid rotonde en omgeving gaat nader in op de verkeersveiligheid rondom de rotonde. De analyse van de geregistreerde ongevallen is daarbij navolgbaar en zorgvuldig onderbouwd. De meest risicovolle oversteek voor langzaam verkeer betreft de oversteek van de N477 (de zuidelijke tak van de rotonde). Voor deze oversteek was eerder geen middeneiland beschikbaar. Inmiddels is (overigens los van de beoogde ontwikkeling) dit middeneiland aangelegd, met als gevolg dat de veiligheid voor langzaam verkeer is verbeterd.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
De verwachte toename van het verkeersaanbod als gevolg van de ontwikkeling is bovendien beperkt13 en doet zich voornamelijk voor buiten de uren waarin scholieren gebruikmaken van de fietsroute. Hierdoor is de verandering in de verkeersveiligheidssituatie minimaal en niet zodanig dat er kan worden gesproken van een verslechtering.
12 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 8 oplegnotitie verkeersonderzoeken met alle achterliggende documenten (bijlage 1:
Goudappel, d.d. 1 april 2025). 13 4.326 motorvoertuigen per werkdagetmaal. Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 8 oplegnotitie verkeersonderzoeken met alle achterliggende documenten (bijlage 1: Goudappel, d.d. 1 april 2025, pagina 6).
10
2B
2C
Reclamant stelt dat de ontwikkeling een negatieve invloed zal hebben op de rust in en rondom het aangrenzende natuurgebied.
Reclamant stelt dat het aan de projectlocatie grenzende natuurgebied negatief wordt beïnvloed door vervuiling afkomstig van de McDrive. Reclamant 3 3A Reclamant vreest voor verkeersproblemen en verkeersonveiligheid bij de al als gevaarlijk ervaren oversteeklocatie nabij de rotonde aan de Breeka. Daarnaast stelt reclamant dat een aanzienlijk deel van het verkeer dat door de vestiging van McDonald’s wordt aangetrokken, zal bestaan uit jongeren die onder invloed van alcohol of drugs met een (elektrische) fatbike naar het restaurant komen, hetgeen volgens reclamant de verkeersonveiligheid verder zal vergroten. 3B Reclamant voert aan dat de producten van de fastfoodketen ongezond zijn en dat de vestiging daarvan een negatieve invloed kan
Het projectgebied ligt naast het recreatiegebied Krimpenerhout. Ook maakt het geen deel uit van een beschermd natuurgebied (zoals Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland (NNN)). De afstand tot NNN is 50 meter. Het NNN kent in de provincie Zuid-Holland geen externe werking, wat betekent dat handelingen buiten de begrenzing van het NNN niet worden getoetst op effecten op dat netwerk14. Daarnaast ligt het projectgebied in een gebied waar de recreatie- en geluidsdruk al relatief hoog is, onder meer door de aanwezigheid van bestaande infrastructuur (N210) en het recreatieve gebruik. Negatieve effecten op het NNN zijn dan ook uitgesloten. Verwezen wordt naar de beantwoording van zienswijzen 1B, 5D en 9A.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 2A. Ten aanzien van het argument van de reclamant dat een groot deel van het extra verkeer uit jongeren onder invloed van alcohol of drugs zou bestaan, geldt dat dit niet aannemelijk is gemaakt door de reclamant.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1A.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
14 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 38.
11
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
3C
3D
hebben op de gezondheid van met name jongeren. Reclamant wijst op het risico van een toename van zwerfafval en geeft aan dat in de omgeving al sprake is van zwerfafval afkomstig uit nabijgelegen gebieden. Reclamant stelt dat de vestiging van een grootschalige fastfoodketen afbreuk doet aan het uiterlijk en de kwaliteit van de groene omgeving.
3E
Reclamant stelt dat in de gemeente al voldoende snackbars aanwezig zijn.
3F
Reclamant stelt dat de vestiging van een McDonald’s met McDrive zal leiden tot extra
Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1B.
Momenteel is de ruimtelijke kwaliteit van de projectlocatie laag. Het terrein bestaat grotendeels uit een verhard oppervlak met asfalt dat sterk is verwaarloosd. De beoogde ontwikkeling levert daarom een verbetering van de situatie op, zowel wat betreft het uitzicht als de functionaliteit van de locatie. Om te waarborgen dat de ruimtelijke kwaliteit op een duurzaam en acceptabel niveau wordt gebracht, is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld15. Het plan is hiermee zorgvuldig ingepast in het bestaande (groene) landschap en levert hierop zodoende geen negatieve impact. Initiatiefnemer heeft aangetoond dat de hoeveelheid horecaruimte in Krimpen aan den IJssel beperkt is in vergelijking met het landelijke gemiddelde.16 Het beoogde restaurant met Mc drive voorziet daarnaast in doelgroepen en gebruiksmogelijkheden waarin momenteel nog niet (flexibel) wordt voorzien.17 Voor recreanten in het gebied rondom het restaurant is in de directe omgeving geen concurrerende horecagelegenheid aanwezig; de dichtstbijzijnde horeca ligt ongeveer 2 kilometer verderop bij de surfplas. Bovendien heeft deze horecagelegenheid een ander karakter en een andere prijsstelling. Tevens is deze stelling niet ruimtelijk relevant. Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 2A.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning. Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de
15 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 13: landschappelijk inpassingsplan d.d. 1-12-2025. 16 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 23. 17 Beantwoording zienswijze provincie Zuid-Holland, Buro SRO, d.d. 1 december 2025 en Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 22.
12
verkeersbewegingen op een locatie die al als verkeersonveilig wordt ervaren. Reclamant 4 4A Reclamant stelt dat de vestiging van een McDonald’s met McDrive, geopend tot 02.00 uur, zal leiden tot een verkeersonveilige situatie voor met name langzaam verkeer ter hoogte van de rotonde N210 richting Krimpen aan de Lek. Volgens reclamant is de bestaande oversteekvoorziening niet ontworpen voor een toename van fietsers, voetgangers en vooral jongeren die zowel overdag, ’s avonds als ’s nachts gebruikmaken van alternatieve vervoersmiddelen, zoals steps, scooters en brommers. Deze extra verkeersbewegingen verhogen het risico op (ernstige) (afdek)ongevallen. 4B Reclamant voert aan dat de vestiging zal leiden tot een onevenredige milieubelasting van de direct aangrenzende natuur- en recreatiegebieden Loetbos en Krimpenerhout. Daarbij wordt gewezen op verstoring van flora en fauna door o.a. toename van verlichting, geluid en menselijke activiteiten, met name in de avond- en nachturen (22.00 – 02.00 u).
ontwerpomgevingsvergu nning. Afdekongevallen18 zijn inderdaad een risicofactor op turborotondes. Uit de analyse van Goudappel blijkt echter dat de te verwachten toename van overstekend langzaam verkeer beperkt is. Deze toename is dusdanig beperkt dat geen sprake is van een fundamenteel gewijzigde verkeersveiligheidssituatie.19 De rotonde is vormgegeven in overeenstemming met de richtlijnen voor een turborotonde, inclusief de oversteekvoorzieningen voor langzaam verkeer. Daarnaast vinden de extra verkeersbewegingen die door McDonald’s in de nachtelijke uren worden veroorzaakt plaats op momenten waarop de verkeersintensiteit, zowel van gemotoriseerd als langzaam verkeer, zeer beperkt is.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Zie verder de beantwoording bij zienswijze 2A.
Zie de beantwoording bij zienswijze 2B. De effecten op natuur en ecologie zijn onderzocht in de QuickScan flora en fauna.20 Hieruit blijkt dat in en rondom het projectgebied geen beschermde soorten of waardevolle habitats worden aangetast.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Ten aanzien van verlichting geldt dat zowel in het verleden, door de aanwezige horecafunctie, als in de huidige situatie, door het verkeer op de N210 ook in de nachtelijke uren, al sprake is van verlichting in de directe omgeving. De beoogde ontwikkeling leidt daarom niet tot een
18 Afdekongevallen zijn risicovolle verkeerssituaties waarbij een weggebruiker (vaak motorrijders) onzichtbaar is voor anderen doordat ze ‘afgedekt’ is door
een ander voertuig, zoals een vrachtwagen of bus. Dit kan leiden tot onverwachte botsingen. 19 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 8 oplegnotitie verkeersonderzoeken met alle achterliggende documenten (bijlage 4: Reactie op zienswijzen Rho en Provincie Zuid-Holland, Goudappel, d.d. 29 augustus 2025). 20 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 5 Quickscan natuur_04-03-2025, d.d. 4 maart 2025.
13
Volgens reclamant stemt dit niet overeen met de ambities die de gemeenten Krimpen aan den IJssel en de Krimpenerwaard, onder andere zoals verwoord in de Omgevingsvisie Krimpenerwaard, hebben met betrekking tot een groene en gezonde leefomgeving voor hun inwoners.
4C
Reclamant stelt dat, omdat de McDrive vereist dat gekochte producten elders worden geconsumeerd, verpakkingsmateriaal en overtollig voedsel mogelijk in de natuur- en recreatie(gebieden) terechtkomen hetgeen negatieve gevolgen kan hebben voor aanwezige zoogdieren, organismen en lokale ecosystemen, ondanks de inspanningen van restauranthouders om dit te voorkomen.
significante toename van de lichtuitstraling ten opzichte van de bestaande situatie. In het landschappelijke inpassingsplan is uitgegaan van natuurvriendelijke verlichting, om zo lichthinder voor fauna te voorkomen. De verlichting wordt later uitgewerkt in een verlichtingsplan, dat als voorwaarde wordt gekoppeld.21 Daarnaast ligt het projectgebied in een gebied waar de geluidsdruk al relatief hoog is, onder meer door de aanwezigheid van bestaande infrastructuur (N210) en het recreatieve gebruik. Gezien deze bestaande verstoringsfactoren zal de beoogde ontwikkeling niet leiden tot een significante toename van geluid of extra verstoring in de omgeving. De visie en beleidsambities van de gemeente Krimpenerwaard zijn niet van toepassing op het grondgebied van de gemeente Krimpen aan den IJssel. De vestiging van McDonald’s wordt getoetst aan de binnen de gemeente Krimpen aan den IJssel geldende beleidskaders en regelgeving. Deze worden, gelet op hoofdstuk 3 van de ruimtelijke onderbouwing, als toereikend beschouwd. Voorts betreft het een solitair en uniek perceel dat op grond van het geldende bestemmingsplan is bestemd voor horecagebruik. Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1B. Door het treffen van de daarin opgenomen maatregelen worden geen negatieve effecten op flora en fauna in de omgeving verwacht.
21 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 38.
14
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
4D
4E
Reclamant stelt dat de ontwikkeling kan leiden tot een toename van verlichting in de nachtelijke uren, onder andere door de McDrive en mogelijk extra verlichting langs momenteel onverlichte fietspaden. Volgens reclamant zou deze verlichting negatieve effecten kunnen hebben op vleermuizen, uilen en andere dieren in de omgeving. Daarnaast merkt reclamant op dat zich op korte afstand van het projectgebied reeën, vogels en kleine dieren bevinden, die mogelijk door de extra verlichting worden beïnvloed. Reclamant stelt dat onvoldoende is onderbouwd dat de ontwikkeling geen problemen zal veroorzaken met betrekking tot sociale veiligheid en overlast voor omwonenden, met name door jongeren. Reclamant wijst erop dat bij andere McDrives, onder meer in RotterdamAlexander en Ede, sprake is geweest van geluids- en sociale overlast. Daarnaast voert reclamant aan dat de locatie zich in een uithoek bevindt waar weinig sociale controle aanwezig is en waar zich gemakkelijke uitwegen bevinden, waardoor handhaving bemoeilijkt zou kunnen worden.
Zowel in het verleden, door de bestaande horecafunctie, als in de huidige situatie, door het verkeer op de N210, is al sprake van verlichting in de omgeving. De beoogde ontwikkeling voorziet niet in extra verlichting langs de momenteel onverlichte fietspaden, en noch de gemeente noch de initiatiefnemer is voornemens deze te realiseren. De ontwikkeling leidt daarom niet tot een significante toename van lichtuitstraling ten opzichte van de huidige situatie. Er zijn daarnaast geen verblijfplaatsen of essentieel leefgebied van de genoemde soorten (zoals vleermuizen en uilen) te verwachten, zodat lichtverstoring geen rol speelt voor de genoemde soorten22.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Zie verder de beantwoording bij zienswijze 4B. In het kader van sociale veiligheid en overlast, alsmede het treffen van eventuele maatregelen, wordt verwezen naar de beantwoording bij zienswijze 1C. Verder organiseert initiatiefnemer een bewonersavond in 2026, waarin verschillende door bewoners gesignaleerde knelpunten aan de orde komen. De gemeente is hiervoor niet verantwoordelijk.
Reclamant stelt dat tot op heden geen concrete beheers- of mitigatiemaatregelen zijn voorgesteld en dat eventuele 22 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 5 Quickscan natuur_04-03-2025, d.d. 4 maart 2025.
15
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
maatregelen pas aan de orde zouden komen nadat overlast zich daadwerkelijk voordoet.
4F
Daarnaast stelt reclamant dat sinds de omwonendebijeenkomst in 2023 de gemeente en/of de ontwikkelaar geen contact meer heeft opgenomen om de door omwonenden gesignaleerde knelpunten rondom dit thema te bespreken. Reclamant stelt dat het mogelijk is een restaurant te exploiteren zonder McDrive en met reguliere openingstijden, waardoor de genoemde nadelen mogelijk kunnen worden voorkomen.
Eerdere initiatieven voor horecagelegenheden zonder drive-throughformule bleken op deze locatie niet haalbaar. Een dergelijk restaurant zonder drive-through-formule lijkt economisch niet rendabel vanwege de combinatie van: • • • •
4G
Reclamant geeft aan dat de voordelen van de vestiging zich beperken tot
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
de noodzakelijke bodemsanering, de aanvullende technische maatregelen en monitoring, de herinrichting van het terrein, en de landschappelijke inpassing.
Deze combinatie maakt dat sprake is van een substantiële investering in de herontwikkeling van deze locatie. Een regulier restaurant zonder drive-through-formule genereert op deze locatie onvoldoende omzetpotentieel om de hiervoor genoemde investeringen te kunnen dragen. Daarnaast sluit de vestiging van McDonald’s met drive-through met beter aan bij de marktvraag en het karakter van de locatie, waar vooral passanten en recreanten worden bediend.23 Een omgevingsvergunningsaanvraag voor een activiteit als bedoeld in art. 2.1, eerste lid, aanhef en onder c van de Wet algemene bepalingen
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de
23 Synovate heeft onderzocht dat 55% van de bezoekers van een McDonalds dit bezoek aflegt tussen een verschillende herkomst en bestemming, en het
bezoek dus als een tussenstop gezien kan worden. Bovendien gaat 7% van de bezoekers van McDonalds naar een recreatieplek, terwijl 5% er juist vandaan komt. Zie ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 8 oplegnotitie verkeersonderzoeken met alle achterliggende documenten (bijlage 1: Goudappel, d.d. 1 april 2025, pagina 12).
16
werkgelegenheid en de economische belangen van de ontwikkelaar en exploitant, terwijl daar aanzienlijke nadelen tegenover staan op het gebied van verkeersveiligheid, milieu en leefbaarheid.
omgevingsrecht (Wabo) kan slechts worden verleend als geoordeeld wordt dat de voorgenomen activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening (art. 2.12, lid 1 Wabo). Hierbij heeft het bevoegd gezag beleidsruimte en moeten de betrokken belangen worden afgewogen.24
Reclamant concludeert dat het toestaan van een McDonald’s met McDrive op deze locatie in strijd zou zijn met het voorzorgsprincipe, dat vereist dat alles wordt gedaan om verslechtering van situaties te voorkomen, en stelt de vraag of het economische belang van de ontwikkeling zwaarder mag wegen dan het natuurbelang.
Aspecten van het voorzorgsbeginsel kunnen worden gelezen in onder meer de algemene zorgplichtbepalingen, zoals een 'goede ruimtelijke ordening'.25 Gelet op de volledige, grondige en evenredige belangenafweging, zoals uitgewerkt in hoofdstuk 7 van de ruimtelijke onderbouwing, kan worden geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling past binnen de kaders van een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant 5 5A Reclamant maakt zich zorgen over de mogelijke verspreiding van zwerfafval in de omgeving als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling. 5B Reclamant geeft aan dat de McDrive zou leiden tot een toename van CO₂-uitstoot, fijnstofuitstoot en geluid, en dat dit in strijd zou zijn met het gemeentelijke beleid op het gebied van duurzaamheid en klimaatadaptatie.
ontwerpomgevingsvergu nning.
Voorts wordt onder meer verwezen naar de beantwoording bij zienswijzen 1B, 2A, 5D, 9A en 11. Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1B.
Er wordt voldaan aan de richtafstand (10 meter, restaurant waar de drive-through ook onder valt) zoals opgenomen in de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering. De afstand tot de dichtstbijzijnde plek waar een bedrijfswoning is toegestaan bedraagt meer dan 20 meter, en tot de dichtstbijzijnde woningen 130 tot 250 meter.26 Hiermee is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor omliggende gevoelige functies ten aanzien van geluid.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
24 Vgl. ABRvS 23 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:556, ro. 4.2. 25 Vgl. ABRvS 23 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:556, ro. 4.2; ABRvS 18 december 2019, ECLI:NL:RVS:2019:4210, JM 2020/19, m.nt. F. Arents &
J.H.K.C. Soer. 26 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 39.
17
Ten aanzien van de luchtkwaliteit is met behulp van de NIBM-tool (Niet In Betekenende Mate) en de gegevens uit de mobiliteitsstudie onderzocht in hoeverre de verkeersaantrekkende werking van de ontwikkeling bijdraagt aan de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen. Hieruit blijkt dat de toename (waaronder fijnstof) niet in betekenende mate bijdraagt aan een verslechtering van de luchtkwaliteit.27
5C
Reclamant stelt dat goedkeuring van de beoogde ontwikkeling precedentwerking kan veroorzaken, waardoor vergelijkbare initiatieven in beschermde of rustige gebieden mogelijk worden.
5D
Reclamant stelt dat het betreffende gebied een waardevol stukje natuur betreft met een rijke biodiversiteit, waar flora en fauna afhankelijk zijn van rust, ruimte en schone lucht. Volgens reclamant vormt de komst van een fastfoodrestaurant, inclusief de
Het gebouw wordt onder meer volledig gasloos en verwarmd met warmtepompen. Het draait op 100% groene stroom afkomstig van Nederlandse windparken en is uitgerust met LED-verlichting en energiezuinige apparatuur. Daarnaast worden snellaadpunten voor elektrische voertuigen gerealiseerd. Dankzij onder meer deze maatregelen is de CO₂-uitstoot minimaal, waardoor de ontwikkeling aansluit bij het gemeentelijke beleid voor duurzaamheid en klimaatadaptatie.28 De stelling van reclamant is niet juist. Elk plan wordt afzonderlijk beoordeeld op zijn bijdrage aan een goede ruimtelijke ordening. Het gaat hier bovendien om een solitair, uniek perceel dat in het bestemmingsplan is bestemd voor horecagebruik. Buiten de gemeente Krimpen aan den IJssel maken andere bevoegde gezagen hun eigen afwegingen op basis van hun eigen beleid en toetsingskaders. Een voorgenomen ontwikkeling in Krimpen aan den IJssel kan daarom niet als precedent voor andere locaties worden beschouwd. De reclamant stelt dat de ontwikkeling ten koste gaat van de natuur. Het projectgebied maakt geen onderdeel uit van een beschermd natuurgebied of groengebied met een wettelijke status, zoals Natura 2000 of het Natuurnetwerk Nederland (NNN)29.
27 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 36-37. 28 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 27-28. 29 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 38.
18
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
bijbehorende verkeersstromen, verlichting en afvalproductie, een directe bedreiging voor deze kwetsbare ecologische balans. Daarbij worden verstoring van broedgebieden, geluidsoverlast en bodemvervuiling als mogelijke gevolgen genoemd.
De effecten op natuur en ecologie zijn onderzocht in de QuickScan flora en fauna.30 Hieruit blijkt dat in en rondom het projectgebied geen beschermde soorten of waardevolle habitats worden aangetast, waaronder mogelijke broedgebieden. Ten aanzien van de luchtkwaliteit is onderzocht in hoeverre de verkeersaantrekkende werking van de ontwikkeling bijdraagt aan de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen. Hiervoor is gebruikgemaakt van de NIBM-tool (Niet In Betekenende Mate) in combinatie met de gegevens uit de mobiliteitsstudie. Uit dit onderzoek blijkt dat de toename van verkeer, waaronder de bijdrage aan fijnstof, niet in betekenende mate bijdraagt aan een verslechtering van de luchtkwaliteit31. Van aantasting van ‘schone lucht’ is daarom geen sprake. Met betrekking tot rust en verstoring wordt opgemerkt dat het projectgebied is gelegen langs de N210, een bestaande verkeersroute met een hoge verkeersintensiteit. Al in de huidige situatie is sprake van een verhoogde geluids- en lichtbelasting. Gelet op deze bestaande omstandigheden leidt de voorgenomen ontwikkeling niet tot een significante toename van verstoring. In de beantwoording van zienswijze 4B is nader ingegaan op het aspect verlichting. Voor wat betreft afvalstromen wordt verwezen naar de beantwoording bij zienswijze 1B.
Ten aanzien van bodemkwaliteit geldt dat de bodem in het kader van de ontwikkeling wordt gesaneerd32. Daarmee verbetert de bodemkwaliteit ten opzichte van de huidige situatie. De voorgenomen ontwikkeling maakt geen bodemvervuilende activiteiten mogelijk.
30 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 5 Quickscan natuur_04-03-2025, d.d. 4 maart 2025. 31 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 36-37. 32 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 34.
19
5E
Reclamant stelt dat de bouw van een McDrive niet past binnen het karakter, de bestemming of de uitstraling van het gebied. Volgens reclamant staat de commerciële ontwikkeling niet in harmonie met de recreatieve, educatieve en landschappelijke functie van de locatie, waarbij natuurbeleving ondergeschikt zou worden gemaakt aan commerciële belangen.
Daarnaast worden afvalstromen gereguleerd, zodat ook via die weg geen risico op bodemverontreiniging ontstaat. Het perceel heeft al een horecabestemming in de vigerende bestemmingsplannen. Het gebruik als drive-through valt, omdat maaltijden vaak elders worden geconsumeerd, mogelijk buiten het reguliere gebruik ter plaatse. Om dit gebruik mogelijk te maken wordt de uitgebreide procedure toegepast, zoals opgenomen in artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 3 van de Wabo. De ruimtelijke onderbouwing voorziet in de onderbouwing en toetsing die voor deze procedure vereist is.33
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Zie verder de beantwoording bij zienswijzen 3D en 4G. Reclamant 6 6A Reclamant voert aan dat de vestiging van de McDonald’s gevolgen kan hebben voor de gezondheid van de Krimpense jeugd. 6B
6C
6D
Reclamant stelt dat zwerfafval in de aangrenzende natuur terecht kan komen, ook als afspraken worden gemaakt om dit te voorkomen. Reclamant stelt dat de McDonald’s in een (beschermd) natuurgebied zou worden gevestigd en dat dit niet passend zou zijn.
Reclamant maakt zich zorgen dat financieel gewin doorslaggevend zal zijn, terwijl de
Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1A.
Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1B.
Het door reclamant gestelde is onjuist. De beoogde ontwikkeling vindt plaats op een perceel dat in het bestemmingsplan is bestemd voor horeca en zelf weinig tot geen natuurwaarde heeft. Het projectgebied maakt geen deel uit van een beschermd natuurgebied of een groengebied met een wettelijke status, zoals Natura 2000 of het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 4G.
33 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 9.
20
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de
belangen van de omgeving hierdoor mogelijk onvoldoende worden meegewogen. Reclamant 7 7A Reclamant noemt 'div kruisingen van wandel- en fietspaden'.
7B
Reclamant stelt dat er risico bestaat op verpaupering van het gebied, bijvoorbeeld door activiteiten gerelateerd aan drugs. Daarnaast voert reclamant aan dat kwaadwillenden relatief gemakkelijk toegang zouden hebben tot de surfplas en het Krimpenerhout. Reclamant 8 8A Reclamant stelt dat de vestiging van een McDonald’s negatieve gevolgen kan hebben voor de gezondheid en het welzijn van inwoners. 8B Reclamant stelt dat de voorgenomen ontwikkeling negatieve gevolgen heeft op de natuur.
ontwerpomgevingsvergu nning. Het is niet duidelijk wat reclamant precies bedoelt met de opmerking over de genoemde kruisingen van wandel- en fietspaden. Een landschappelijk inpassingsplan is opgesteld om de ruimtelijke kwaliteit van het plan duurzaam en op een acceptabel niveau te borgen. Dit plan legt de inrichting van de projectlocatie vast, onder andere voor de aansluiting op de bestaande wandel- en fietspaden. Het door reclamant genoemde risico op verpaupering en drugsgerelateerde activiteiten, waaronder activiteiten door kwaadwillenden, is niet onderbouwd met concrete feiten of objectieve gegevens. Er zijn geen aanwijzingen dat de beoogde ontwikkeling leidt tot dergelijke effecten.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Zie verder de beantwoording bij zienswijze 1B en 4E. Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1A.
Het projectgebied maakt geen onderdeel uit van een beschermd natuurgebied of groengebied met een wettelijke status, zoals Natura 2000 of het Natuurnetwerk Nederland (NNN). De effecten op natuur en ecologie zijn onderzocht in de QuickScan flora en fauna.34 Hieruit blijkt dat in-en-rondom het projectgebied geen beschermde soorten of waardevolle habitats worden aangetast. Daarnaast is met de AERIUS Calculator onderzocht of de ontwikkeling leidt tot stikstofeffecten op beschermde Natura 2000-gebieden. Er is sprake van een depositie van 0,00 mol N/ha/jaar en daarom zijn er
34 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 5 Quickscan natuur_04-03-2025, d.d. 4 maart 2025.
21
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
8C
Reclamant maakt zich zorgen over extra drukte.
Reclamant 9 9A Reclamant stelt dat de vestiging van een McDonald’s naast een natuurgebied, dat gedeeltelijk onder beheer staat van Staatsbosbeheer en de Groenalliantie/Gemeente Krimpen aan den IJssel, het gebied ernstig onder druk zal zetten. Volgens reclamant zal zwerfafval, waaronder verpakkingen en etensresten, vervuiling veroorzaken en een bedreiging vormen voor vogels en andere aanwezige dieren. Reclamant wijst daarnaast op het risico van een toename van ratten in de omgeving. Ook als de exploitant aangeeft het afval te beheren, voorziet reclamant dat dit buiten het terrein onvoldoende effectief zal zijn, zoals gebleken uit ervaringen bij andere vestigingen.
geen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden wat betreft stikstof.35 Het stikstofonderzoek, inclusief de AERIUSberekening, is beoordeeld door DCMR Milieudienst Rijnmond. Hieruit blijkt dat voldoende is aangetoond dat de plannen geen negatieve effecten hebben op beschermde natuur, en ook dat geen vergunningplicht voor een Natura 2000-activiteit geldt. De effecten van de extra drukte op diverse aspecten, zoals verkeersveiligheid, geluidshinder en lichthinder, zijn onderzocht en zorgvuldig afgewogen. Er is geen sprake van onevenredige effecten op de omgeving. Gezien alle relevante aspecten kan worden geconcludeerd dat de vestiging past binnen een goede ruimtelijke ordening.36 Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1B. Er is daarnaast geen aanleiding om aan te nemen dat de ontwikkeling leidt tot een toename van ratten. De opslag en verwerking van afval vindt plaats in overeenstemming met de geldende hygiëne- en afvalvoorschriften. Daarnaast wordt afval frequent afgevoerd en worden afvalbakken regelmatig geleegd, zodat geen omstandigheden ontstaan die ongedierte aantrekken. Zie voor de effecten op de fauna verder de beantwoording van zienswijze 8B.
35 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 38. 36 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 50.
22
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
9B
9C
9D
Reclamant stelt dat de vestiging van een McDonald’s met McDrive zal leiden tot een aanzienlijke toename van stikstofuitstoot in het naastgelegen natuurgebied. Volgens reclamant lijdt het gebied, mede door de ligging nabij de N210, al onder stikstofdepositie, hetgeen zichtbaar is aan de overmatige groei van bepaalde plantensoorten. Gezien de noodzaak tot vermindering van stikstof, met name in de nabijheid van natuurgebieden, acht reclamant een vestiging op deze locatie onacceptabel en in strijd met de regelgeving gericht op stikstofreductie. Reclamant stelt dat in de ruimtelijke onderbouwing bij het onderdeel luchtkwaliteit onvoldoende rekening is gehouden met de extra uitstoot als gevolg van stilstaand en wachtend verkeer in de McDrive. Volgens reclamant is hierdoor ten onrechte geconcludeerd dat geen milieueffectrapportage noodzakelijk is.
Reclamant stelt dat de ruimtelijke kwaliteit, luchtkwaliteit en toegankelijkheid van het recreatiegebied zullen verslechteren, hetzij door het gebouw zelf, hetzij door het benodigde grote parkeerterrein. Volgens
Het gebied dat grenst aan het projectgebied betreft geen Natura 2000gebied met stikstofgevoelige habitats waarvoor een beoordeling van de stikstofeffecten verplicht is. In de beantwoording bij zienswijze 8B is ingegaan op de mogelijke effecten van stikstofemissies op Natura 2000gebieden. Het stikstofonderzoek, inclusief de AERIUS-berekening, is beoordeeld door DCMR Milieudienst Rijnmond. Hieruit blijkt dat voldoende is aangetoond dat de ontwikkeling geen negatief effect heeft op beschermde natuur, en ook dat geen vergunningplicht voor een Natura 2000-activiteit geldt.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
In de beantwoording bij zienswijze 5B is ingegaan op de luchtkwaliteit. Stationair draaiend verkeer (stilstaand en wachtend verkeer) wordt niet afzonderlijk ingevoerd in de NIBM-tool. Dit komt doordat de in de NIBM-tool gehanteerde emissiefactoren zijn gebaseerd op gemiddelde rij- en verkeerssituaties, waarin ook stilstaand en wachtend verkeer is meegenomen. Gelet op het voorgaande leidt dit niet tot andere conclusies en draagt de ontwikkeling ‘niet in betekenende mate’ bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit.37 Er wordt voldaan aan de geldende wet- en regelgeving. Er is geen sprake van significant negatieve effecten op de luchtkwaliteit. Een milieueffectrapportage is niet noodzakelijk. Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijzen 3D, 5B en 19B.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Zie voor de effecten op de fauna verder de beantwoording van zienswijze 8B.
37 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 36-37.
23
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
9E
reclamant wordt hierdoor het natuur- en recreatiegebied bedreigd. Reclamant geeft aan het opvallend te vinden dat de gemeenteraad van Krimpen aan den IJssel een positieve intentieverklaring heeft afgegeven, mede gelet op het feit dat een wethouder ook medebestuurslid is van de Groenalliantie.
Reclamant 10 10A Reclamant vreest dat het door de realisatie van de McDonald’s nog drukker met auto’s wordt en dat roekeloos zal worden gereden bij het invoegen op de rotonde.
10B
10C
Reclamant stelt dat de vestiging kan leiden tot een toename van zwerfafval, zowel rondom het restaurant als in het aangrenzende natuurgebied, wat kan leiden tot overlast, het aantrekken van ongedierte en negatieve gevolgen voor de aanwezige fauna.
Reclamant stelt dat de vestiging kan leiden tot overlast door hangjongeren, waarbij
De gemeenteraad van Krimpen aan den IJssel heeft de ontwerp specifieke verklaring afgegeven op basis van een zorgvuldige afweging van de ruimtelijk relevante belangen. De betrokkenheid van een wethouder bij de Groenalliantie, met een andere portefeuilleverantwoordelijkheid, heeft geen invloed gehad op de besluitvorming. De besluitvorming heeft plaatsgevonden binnen de geldende wettelijke kaders en met inachtneming van de vereiste objectiviteit en transparantie.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
De te verwachten toename van verkeer leidt niet tot een onacceptabele verslechtering van de verkeersafwikkeling; dit is overtuigend aangetoond door Goudappel.38 Niet duidelijk is waarom de beoogde ontwikkeling zou kunnen leiden tot roekeloos rijgedrag. Zie voor een bespreking van de verkeersveiligheid de beantwoording bij zienswijze 2A. Ter voorkoming en beperking van zwerfafval wordt een zwerfafvalconvenant gesloten tussen de gemeente Krimpen aan den IJssel en McDonald’s.39 Ook wordt verder verwezen naar de beantwoording bij zienswijze 1B.
Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Door de gestructureerde inzameling en afvoer van afval wordt voorkomen dat afval langdurig in de openbare ruimte blijft liggen. Hierdoor wordt voorkomen dat ongedierte wordt aangetrokken en dat negatieve effecten op fauna ontstaan. Hierbij wordt verwezen naar de beantwoording bij zienswijze 9A. Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijzen 1B en 4E.
Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van
38 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 8 oplegnotitie verkeersonderzoeken met alle achterliggende documenten (bijlage 1:
Goudappel, d.d. 1 april 2025). 39 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, paragraaf 3.3.2.
24
10D
bezoekers met het eten het natuurgebied ingaan en afval achterlaten, al dan niet in afvalvoorzieningen. Reclamant stelt dat de beoogde ontwikkeling Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 3D. niet past in de omgeving.
10E
Reclamant stelt dat de voorkeur gegeven zou moeten worden aan de realisatie van een regulier restaurant, omdat volgens reclamant hierbij naar verwachting minder overlast door hangjongeren en zwerfafval zou ontstaan. Reclamant 11 11 Reclamant stelt dat er geen behoefte bestaat aan een dergelijk restaurant in de natuur.
De gemeente kan deze suggestie niet overnemen. Er is momenteel geen initiatief voor een regulier restaurant. De beoordeling richt zich op de ontwikkeling die daadwerkelijk is ingediend en of deze past binnen een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant geeft hiervoor geen onderbouwing. Dat initiatiefnemer en McDonald’s bereid zijn om voor eigen rekening en risico fors te investeren in de realisatie van het beoogde restaurant, vormt een sterke aanwijzing dat hiernaar wel degelijk vraag is. Initiatiefnemer heeft bovendien aangetoond dat de hoeveelheid horecaruimte (aanbod) in Krimpen aan den IJssel benedengemiddeld is in vergelijking met het landelijke gemiddelde.40 Het beoogde restaurant met Mcdrive voorziet daarnaast in doelgroepen en gebruiksmogelijkheden waarin momenteel nog niet (flexibel) wordt voorzien.41 Voor recreanten in het gebied rondom het restaurant is in de directe omgeving geen concurrerende horecagelegenheid aanwezig; de dichtstbijzijnde horeca ligt op ongeveer 2 kilometer afstand bij de surfplas. Deze horeca heeft bovendien een ander karakter en een andere prijsstelling.42
40 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 23. 41 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO,
paragraaf 3.2.2, pagina 22.
42 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, pagina 22.
25
de ontwerpomgevingsvergu nning. Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning. Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Zie verder de beantwoording bij zienswijze 3D.
Reclamant 12 12 Reclamant stelt dat een vestiging van een McDonald’s met McDrive in de nabijheid van een kwetsbaar natuurgebied waarschijnlijk zal leiden tot zwerfafval in de omgeving en het natuurgebied, ondanks eventuele afspraken met de exploitant over opruimen. Volgens reclamant is de structurele oplossing gelegen in gedragsverandering van bezoekers, zodat afval op de juiste manier wordt afgevoerd. Reclamant doet daarom het voorstel om het kenteken van voertuigen die de McDrive bezoeken op de verpakkingen te registreren (niet zichtbaar of gecodeerd), zodat bij veelvuldig aantreffen van zwerfafval gericht handhavings- of educatieve maatregelen kunnen worden genomen. Reclamant acht dit technisch haalbaar, uitvoerbaar binnen
Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1B. Het idee om kentekens van voertuigen die de McDrive bezoeken te registreren, is juridisch niet uitvoerbaar. Een kenteken is een persoonsgegeven in de zin van artikel 4, lid 1, van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). Dit is bevestigd in nationale jurisprudentie en door de Autoriteit Persoonsgegevens, die meerdere malen heeft geoordeeld dat kentekens persoonsgegevens zijn omdat zij – direct of indirect – tot een natuurlijk persoon te herleiden zijn. Ook het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft verduidelijkt dat gegevens die (indirect) tot een persoon te herleiden zijn, onder de bescherming van het begrip ‘persoonsgegeven’ vallen. Dit volgt onder meer uit het arrest Breyer (HvJ EU 19 oktober 2016, C-582/14), waarin werd bepaald dat ook gegevens die slechts via derden tot een persoon te herleiden zijn, als persoonsgegevens kwalificeren.
26
Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning. Het verplicht afdrukken van kentekens op verpakkingen is in strijd met de AVG en met Europese rechtspraak over de bescherming van persoonsgegevens.
de privacyregels (AVG) en een middel om zowel het imago van McDonald’s te verbeteren als de lokale leefomgeving en kwetsbare natuur te beschermen. Volgens reclamant kan deze ontwikkeling een voorbeeldfunctie hebben voor andere afhaalrestaurants en bijdragen aan een schonere omgeving, maatschappelijke verantwoordelijkheid van de exploitant en bescherming van de natuur voor huidige en toekomstige generaties. Reclamant 13 13A Reclamant stelt dat de locatie aan een druk verkeersknooppunt (N210/Breekade) nabij een rotonde ligt en dat de toename van verkeer door de McDrive leidt tot extra verkeersdruk, wachtrijen en een verhoogd risico op ongevallen, met name voor voetgangers, fietsers en lokaal verkeer in spitsuren.
13B
Reclamant stelt dat de vestiging van een fastfoodrestaurant ongezonde
Ook een gecodeerde of niet-zichtbare registratie van een kenteken op een verpakking maakt hierbij geen verschil: het blijft een persoonsgegeven omdat het indirect tot een persoon te herleiden is. Het verwerken van kentekens door het bevoegd gezag ten behoeve van mogelijke opsporing van afvaldumpingen kent geen wettelijke grondslag en kan evenmin worden gebaseerd op een gerechtvaardigd belang van de restauranthouder. Bovendien is een dergelijke maatregel niet proportioneel of noodzakelijk en in strijd met het beginsel van dataminimalisatie (artikel 5 AVG).
Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 2A. Meer specifiek heeft Goudappel berekend dat de wachttijd voor fietsers bij het oversteken afgerond op hele seconden niet toeneemt.43 Uit de analyse van Goudappel blijkt dat de verwachte toename van overstekend langzaam verkeer beperkt is, en dat deze toename dusdanig gering is dat geen sprake is van een fundamenteel gewijzigde verkeersveiligheidssituatie.44 De rotonde is vormgegeven volgens de richtlijnen van een turborotonde, ook wat betreft de oversteekvoorzieningen voor langzaam verkeer. De piekuren van de McDonalds vallen volgens de mobiliteitsonderzoeken ten slotte voornamelijk buiten de reguliere spitsuren, namelijk ’s avonds en in het weekend. Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1A.
Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de
43 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 8 oplegnotitie verkeersonderzoeken met alle achterliggende documenten (bijlage 4: Reactie
op zienswijzen Rho en Provincie Zuid-Holland, Goudappel, d.d. 29 augustus 2025). 44 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 8 oplegnotitie verkeersonderzoeken met alle achterliggende documenten (bijlage 4: Reactie op zienswijzen Rho en Provincie Zuid-Holland, Goudappel, d.d. 29 augustus 2025).
27
13C
13D
13E
eetgewoonten stimuleert, met name bij jongeren en scholieren, en bijdraagt aan overgewicht, diabetes type 2 en andere gezondheidsproblemen. Daarnaast wijst reclamant erop dat de aantrekkingskracht van McDonald’s op jongeren, zeker in de nabijheid van scholen, sportclubs of jeugdvoorzieningen, een ongewenst maatschappelijk signaal afgeeft en indruist tegen beleidsdoelen op het gebied van gezondheid en welzijn. Reclamant stelt dat fastfoodvoorzieningen structureel zwerfafval veroorzaken, wat leidt tot aantasting van de openbare ruimte en belasting van gemeentelijke reinigingsdiensten. Doordat de locatie grenst aan recreatiegebieden, vormt dit ook een bedreiging voor natuur en landschap. Reclamant stelt dat een landelijke keten een verarming van het lokale horecalandschap veroorzaakt.
Reclamant merkt op dat de ligging vlak bij de gemeentegrens ertoe kan leiden dat Krimpen aan den IJssel mogelijk niet volledig zelfstandig over deze ontwikkeling kan beslissen. De provincie zou hierin een coördinerende rol kunnen hebben.
ontwerpomgevingsvergu nning.
Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 1B en 10B. Door de gereguleerde inzameling en afvoer van afval blijft het afval niet langdurig in de openbare ruimte liggen. Hierdoor is geen sprake van bedreiging van natuur en landschap.
De beoogde toename van horeca-areaal ten opzichte van het bestemmingsplan is dermate beperkt dat van verarming van het lokale horecalandschap geen sprake kan zijn. Zie verder de beantwoording bij zienswijze 11. In een vroeg stadium zijn de plannen gedeeld met de buurgemeente Krimpenerwaard. Vanuit de gemeente Krimpenerwaard is aangegeven dat men vertrouwen heeft in een zorgvuldige afhandeling van dit initiatief. Wel is door de buurgemeente aandacht gevraagd voor het aspect zwerfafval. Dit aspect wordt afdoende afgedekt door het zwerfafvalconvenant tussen de gemeente Krimpen aan den IJssel en McDonald’s, evenals door de nog aan te vragen exploitatievergunning. Hierdoor is voldoende gewaarborgd dat mogelijke hinder door zwerfafval wordt beperkt en is een coördinerende rol van de provincie niet nodig.
28
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning. Deze zienswijze leidt tot een aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
13F
Reclamant stelt dat de negatieve effecten op gezondheid, verkeersveiligheid, leefbaarheid, milieu, lokale economie en jeugd zwaarder wegen dan de vermeende maatschappelijke of economische voordelen van een nieuwe fastfoodvestiging op deze locatie. Reclamant 14 14A Reclamant vreest dat het verkeer aanzienlijk zal toenemen op de rotonde en dat hierdoor extra gevaar ontstaat voor wandelaars en schoolgaande fietsers.
14B
Reclamant stelt dat scholieren en pubers dagelijks langs de locatie van en naar school fietsen of rijden, en dat de aanwezigheid van een McDonald’s hen actief verleidt tot ongezonde voedingskeuzes. Volgens reclamant draagt dit bij aan het landelijke probleem van obesitas onder jongeren en de daarmee samenhangende zorgkosten op de langere termijn.
Zie hiervoor de beantwoording bij zienswijze 4G.
Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Uit het verkeerskundig onderzoek van Goudappel blijkt dat de te verwachten toename van verkeer niet leidt tot een onacceptabele verslechtering van de verkeersveiligheid en verkeersafwikkeling. Daarnaast vindt de drukste verkeersperiode bij de McDonald’s voornamelijk ’s avonds en in het weekend plaats, terwijl de piekmomenten van wandelaars en schoolgaande fietsers in de ochtend en middag liggen.45 De turborotonde is vormgegeven volgens de richtlijnen voor turborotondes. Er is geen aanleiding om aan te nemen dat de ontwikkeling leidt tot een onveilige situatie voor langzaam verkeer op de rotonde. Dat scholieren en pubers dagelijks langs de locatie komen, vormt geen relevant toetsingskader voor de beoordeling van de voorgenomen ontwikkeling.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de ontwerpomgevingsvergu nning.
Het voedingsaanbod van McDonald’s en de mogelijke effecten daarvan op obesitas onder jongeren en daarmee samenhangende zorgkosten vallen buiten het ruimtelijk-planologische toetsingskader. Deze aspecten kunnen daarom niet worden betrokken bij de beoordeling van de ontwikkeling. Verwezen wordt naar de beantwoording bij zienswijze 1A.
45 Ruimtelijke onderbouwing d.d. 05-05-2026, Buro SRO, bijlage 8 oplegnotitie verkeersonderzoeken met alle achterliggende documenten (bijlage 1: