CConstaterende datKrimpen aan den IJssel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Bestemmingsplan Centrum-Zuid

Gemeenteraad 23 september 2021, gemeente Krimpen aan den IJsselBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen bestemmingsplan Centrum-Zuid23.187 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

53

Bijlage 2 Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling

Rho adviseurs voor leefruimte

172102.20181813

54

Rho adviseurs voor leefruimte

172102.20181813

01 april 2021

1/14

31 maart 2021 172102.20181813 Bestemmingsplan Centrum-Zuid mr. S. Lamkadmi

2/14

3/14

Aan de zuidzijde van het centrum in Krimpen aan den IJssel zal de komende jaren een grootschalige transformatie plaatsvinden. Tussen de C.G. Roosweg, de Nieuwe Tiendweg, de Boerhaavelaan en het Raadhuisplein ligt het plangebied dat wordt aangeduid als ‘Centrum-Zuid‘. Hier zullen door QuaWonen een aantal gebouwen worden vervangen en zullen de bushaltes worden verplaatst naar de C.G. Roosweg en de Boerhaavelaan. Ook de rest van het gebied zal in de loop van de jaren worden herontwikkeld. De herontwikkeling van Centrum-Zuid zal in verschillende stappen plaatsvinden. Dit is al gestart met de eerste sloopwerkzaamheden van de jaren 50 portiekflats van QuaWonen tussen de Boerhaavelaan en de Albert Schweitzerlaan en de voorbereiding van het verplaatsen van de bushaltes naar de locatie aan de N210/C.G. Roosweg. In december 2020 is de Nota van Uitgangspunten voor de ontwikkeling van het plangebied vastgesteld door de gemeenteraad. Dit is het startpunt voor de ontwikkeling van zes appartementencomplexen in het plangebied. Dit is niet passend in het geldende bestemmingsplan. Om de ontwikkeling mogelijk te maken, wordt een nieuw bestemmingsplan opgesteld. Het planvoornemen behoort tot de activiteit ‘stedelijke ontwikkelingsproject’ zoals bedoeld in onderdeel D11.2 van het Besluit milieueffectrapportage.

Voor deze activiteit geldt een m.e.r.-beoordelingsplicht in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: 1. een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2. een aaneengesloten gebied en 2.000 woningen of meer, of 3. een bedrijfsvloeroppervlak van 200.000 m2 of meer. De beoogde ontwikkeling betreft maximaal 280 woningen in een gebied van circa 3 hectare. Er wordt geen drempelwaarde overschreden daarom kan worden volstaan met een zogenaamde ‘vormvrije’ m.e.r.-beoordeling. Dit document bevat die beoordeling.

In een m.e.r.- beoordeling wordt getoetst of een m.e.r. procedure doorlopen moet worden. De wettelijke regeling voor de m.e.r.-beoordeling gaat uit van het principe 'nee, tenzij'. Dat wil zeggen, een volwaardige m.e.r.-procedure is alleen noodzakelijk als sprake is van 'belangrijke nadelige gevolgen' die het betreffende project voor het milieu kan hebben. Daarbij moet het bevoegd gezag rekening houden met de omstandigheden zoals aangegeven in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling, te weten: ● de plaats van het project; ● de omvang van het project; ● de kenmerken van de potentiële milieueffecten (in samenhang met de eerste twee criteria). Het bevoegd gezag dient een m.e.r-beoordelingsbeslissing te nemen, waarin wordt aangegeven of wel of geen MER nodig is, gelet op de omvang van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten en mogelijke mitigerende maatregelen. Deze beslissing wordt als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen.

In hoofdstuk 2 worden de plaats en omvang van het project beschreven. In hoofdstuk 3 worden de verwachte milieueffecten voor de verschillende omgevingsaspecten beschreven. Hoofdstuk 4 bevat de conclusie van de m.e.r.-beoordeling.

4/14

Figuur 2.1 geeft de ligging van het plangebied weer. De noordoostzijde van het plangebied wordt begrensd door de Boerhaavelaan. Aan de noordwestzijde grenst het plangebied aan het Raadhuisplein. Aan de zuidwestzijde vormen de Waardzicht toren en het politiebureau de plangrens. Tot slot is aan de zuidzijde de Nieuwe Tiendweg de plangrens.

Figuur 2.1: Ligging plangebied (bron: Arcgis luchtfoto)

Archeologie Conform het huidige bestemmingsplan 'Kortland' kent het plangebied een dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 4’. Voor deze dubbelbestemming geldt voor alle bodemverstorende activiteiten met een oppervlakte groter dan 10.000 m2 en bodemingrepen dieper dan 1 meter een archeologische onderzoeksplicht. Natuur Het plangebied is geen onderdeel van een natuur- of groengebied met een beschermde status, zoals Natura 2000. Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000-gebied Biesbosch ligt op circa 15,2 kilometer. Het plangebied maakt ook geen deel uit van het Natuurnetwerk Nederland/Natuurnetwerk Zuid-Holland. Het dichtstbijzijnde onderdeel van het NNN bevindt zich op een afstand van circa 680 meter (figuur 2.2). Verder is het project niet gelegen binnen waterwin-, grondwaterbeschermings- en/of milieubeschermingsgebieden (figuur 2.3).

5/14

Figuur 2.2 Ligging plangebied (rode cirkel) t.o.v. beschermde natuurgebieden (bron: Provincie Zuid-Holland)

Figuur 2.3: Ligging projectgebied t.o.v. waterwin- en grondwaterbeschermingsgebieden (bron: Atlas Leefomgeving)

6/14

De beoogde ontwikkeling betreft de realisatie van een waterrijk woongebied, bestaande uit zes appartementencomplexen met maximaal 280 woningen. In december 2020 zijn de stedenbouwkundige uitgangspunten voor de ontwikkeling van Centrum-Zuid vastgesteld door de gemeenteraad. Deze uitgangspunten zijn de basis voor voorliggend bestemmingsplan. Figuur 2.4 geeft een impressie van de beoogde ontwikkeling weer.

Figuur 2.4: Impressie beoogde ontwikkeling (bron: Ruimtelijke Uitgangspunten Centrum Zuid, Rho Adviseurs)

De ontwikkeling van Centrum-Zuid sluit aan op het verkeerbesluit van 19 feb 2020 – verbetering doorstroming – Algera Corridor. De C.G. Roosweg is de belangrijkste ontsluiting en entree van Krimpen aan den IJssel. Vanaf de C.G. Roosweg slaat men af naar de Nieuwe Tiendweg en spiraalt de ontsluiting via de nieuwe Boerhaavelaan, Raadhuisplein, het Waardzicht het plangebied in. Hierbij neemt de intensiteit van de rijwegen met iedere bocht af. De nieuwe Boerhaavelaan vervangt de Albert Schweitzerlaan als nieuwe ontsluitings- en busroute van het centrum, waaronder Centrum-Zuid.

In de notitie 'Parkeren herontwikkeling Centrum-Zuid' van Goudappel Coffeng (bijlagen bij het bestemmingsplan) wordt ingegaan op het aspect parkeren. De parkeerbehoefte van de ontwikkeling wordt daarbij berekend aan de hand van de gemeentelijke parkeernormen, waarbij specifieke parkeernormen zullen gelden voor woningen met een doelgroep waarbij een lager autobezit geldt.

7/14

Bewonersparkeren bij de koopappartementen wordt vrijwel geheel in het gebouw zelf gerealiseerd en de benodigde parkeerruimte voor de sociale woningbouw en het bezoekersparkeren worden in de openbare ruimte gerealiseerd. Daarbij wordt de restcapaciteit die beschikbaar is op het Raadhuisplein benut. Binnen het plangebied worden circa 180 openbare parkeerplaatsen gerealiseerd. Dit is voldoende om te voorzien in de behoefte van toekomstige bewoners en bezoekers van het plangebied, waarbij rekening wordt gehouden met dubbelgebruik van de verschillende parkeerplaatsen. De maximale parkeervraag van de nieuwe appartementen in Centrum-Zuid en de bestaande woningen van Waardzicht zal namelijk 170 parkeerplaatsen op het maatgevende moment (werkdagavond) bedragen. Binnen het gebied zullen verder voldoende mogelijkheden voor het opladen van elektrische auto's en mogelijke elektrische fietsen worden gerealiseerd. Er worden tevens conform de CROW-kencijfers mindervalide parkeerplekken gerealiseerd.

Met betrekking tot cumulatie is in de directe omgeving van het plangebied de ontwikkeling van de Grote Kruising relevant. Dit betreft de herinrichting van de bestaande ontsluitingswegen. Dit project valt niet onder een activiteit zoals genoemd in het Besluit m.e.r. Er is dan ook geen sprake van relevante cumulatie.

8/14

In dit hoofdstuk worden de belangrijkste milieueffecten van de beoogde ontwikkeling beschreven. Het is gebruikelijk de milieueffecten van de beoogde situatie te vergelijken met de referentiesituatie. De referentiesituatie bestaat uit de huidige situatie inclusief autonome ontwikkelingen.

Het plan zorgt er op basis van de CROW kengetallen voor dat er 817 motorvoertuigbewegingen per etmaal (weekdaggemiddeld) extra dienen te worden afgewikkeld over de ontsluitingswegen in het gebied. De verkeerstoename op een gemiddelde werkdag bedraagt dan 898 motorvoertuigbewegingen per etmaal. De afwikkeling is het drukste uur (ochtend- en avondspits) op een gemiddelde werkdag is doorgaans maatgevend bij het beoordelen van de verkeersafwikkeling. Een vuistregel is dat in het drukste uur doorgaans niet meer van 10% van de etmaalwaarde van woonfuncties wordt afgewikkeld. Dat betekent dat de ontwikkeling in het drukste uur zorgt voor een toename van circa 89 voertuigbewegingen, wat bij een gelijkmatige verdeling over het uur neerkomt op een toename van 1 á 2 voertuigbeweging per minuut. Deze toename is relatief beperkt. Het verkeer van en naar het plangebied dient te worden afgewikkeld over de interne ontsluitingswegen, Nieuwe Tiendweg en C.G. Roosweg (N210). Deze wegen beschikken over voldoende capaciteit om de verkeertoename van circa 89 voertuigbewegingen (drukste uur) ten behoeve van de beoogde ontwikkeling af te wikkelen. Op de Nieuwe Tiendweg en N210 is de dagelijkse verkeersintensiteit dermate hoog dat de toename ten behoeve van de ontwikkeling aldaar zal opgaan in het heersende verkeersbeeld.

Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen zodoende worden uitgesloten.

Ten behoeve van de beoogde ontwikkeling is akoestisch onderzoek uitgevoerd door Rho Adviseurs met als doel na te gaan of kan worden voldaan aan een (blijvend) goed woon- en leefklimaat ter plaatse van de nieuwe woningen. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat de geluidbelasting van de Nieuwe Tiendweg, Boerhaavelaan, C.G. Roosweg en het Raadhuisplein (30 km/uur) bij verschillende woningen hoger is dan de voorkeursgrenswaarde, respectievelijk richtwaarde van 48 dB. Er zijn geen doelmatige maatregelen mogelijk om de geluidbelasting te reduceren, of deze maatregelen stuiten op bezwaren van stedenbouwkundige en landschappelijke aard. De gemeente Krimpen aan den IJssel beschikt niet over beleid inzake het vaststellen van hogere waarden. Voor dit plan zijn daarom afspraken gemaakt over het beoordelen van de aanvaardbaarheid van het akoestisch klimaat. Uit eerder onderzoek van Rho Adviseurs blijkt dat, door het toepassen van binnentuinen, verhoogde borstweringen en loggia’s, kan worden voldaan aan deze afspraken. De uiteindelijke uitvoering van deze maatregelen zal deel uitmaken van het te ontwikkelen bouwplan. Dit betekent dat de afspraken geborgd moeten worden in de planregels, zodat bij de boordeling van de aanvraag omgevingsvergunning bouwen kan worden getoetst of bij alle woningen sprake is van een aanvaardbaar akoestisch klimaat.

Er worden hogere waarden aangevraagd voor de ontwikkeling. Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen zodoende worden uitgesloten.

9/14

De beoogde ontwikkeling voorziet in de realisatie van maximaal 280 woningen. Dit aantal valt ruim onder de drempelwaarde van 1.500 woningen die is vrijgesteld van toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit. Het plan draagt dan ook 'niet in betekenende mate' bij aan de concentraties stikstofdioxide en fijn stof in de lucht. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is een indicatie van de luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied gegeven. Dit is gedaan aan de hand van de NSL-monitoringstool 2020 (http://www.nsl-monitoring.nl/viewer/) die bij het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit hoort. De dichtstbijzijnde maatgevende weg betreft de Nieuwe Tiendweg direct ten zuiden van het plangebied. Uit de NSL-monitoringstool blijkt dat in 2020 de jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide en fijn stof langs deze weg ruimschoots onder de grenswaarden lagen. De concentraties luchtverontreinigende stoffen bedroegen in 2020; 26,4 µg/m³ voor NO2, 19,8 µg/m³ voor PM10 en 12 µg/m³ voor PM2,5. Het aantal overschrijdingsdagen van de 24-uur gemiddelde concentratie PM10 bedroeg 7,5 dagen. Hierdoor is er ter plaatse van het plangebied sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen zodoende worden uitgesloten.

Figuur 3.1 Uitsnede professionele risicokaart met het plangebied groen gemarkeerd Overeenkomstig de professionele risicokaart waarin relevante risicobronnen getoond worden, zijn er in de omgeving van het plangebied geen risicovolle inrichtingen te vinden met een externe werking (figuur 3.1). Ook vindt er in de omgeving van het plangebied geen transport van gevaarlijke stoffen plaats via het spoor of door buisleidingen.

10/14

Water De vaarwegroute Corridor Rotterdam - Duitsland bevindt zich op een afstand van circa 1,3 kilometer ten westen van het plangebied. Het invloedsgebied van de vaarroute wordt bepaald door stofcategorie GT3 en bedraagt 1.070 meter. Het plangebied bevindt zich niet in het invloedsgebied. Weg Ten westen van het plangebied bevindt zich de A16 waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Het invloedsgebied van deze weg bedraagt meer dan 4 kilometer. Met een afstand van circa 3 kilometer bevindt het plangebied zich in het invloedsgebied. Omdat de beoogde ontwikkeling voor het wegtraject op meer dan 200 meter afstand ligt, hoeven volgens het Basisnet in principe geen beperkingen te worden gesteld aan het ruimtegebruik ter plaatse van het plangebied. Desalniettemin is vanwege de ligging binnen het invloedsgebied een beknopte verantwoording noodzakelijk. Op een afstand van circa 131 meter bevindt zich de N210 waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Het invloedsgebied van deze weg wordt bepaald door stofcategorie GF3 en bedraagt 355 meter. Het plangebied bevindt zich in het invloedsgebied. De oriëntatiewaarde wordt niet overschreden en het groepsrisico neemt niet met meer dan 10% van de oriëntatiewaarde toe. De afstand is voldoende en het aantal personen laag. Er kan worden volstaan met een beknopte verantwoording, deze is in het bestemmingsplan opgenomen.

Daaruit blijkt dat de bereikbaarheid, bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid voldoende zijn. De beoogde ontwikkeling betreft geen risicobron en zal dan ook geen negatief effect hebben op omliggende (beperkt) kwetsbare objecten. Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen zodoende worden uitgesloten.

Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling zijn bodemonderzoeken uitgevoerd. Deze onderzoeken zijn toegevoegd aan de bijlagen bij het bestemmingsplan. Volgens de onderzoeken zijn er in de bodem en het grondwater enkele lichte verontreinigingen aangetroffen. De aangetoonde gehaltes zijn dermate laag dat nader onderzoek niet noodzakelijk wordt geacht. De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van het gebruik en de ontwikkeling van de locatie tot woonbestemming. Negatieve effecten door, en ten gevolge van, de beoogde ontwikkeling kunnen worden uitgesloten.

Ter voorkoming van diffuse verontreinigingen van het oppervlakte- en grondwater worden duurzame, niet-uitloogbare materialen gebruikt, zowel gedurende de bouw- als de gebruiksfase. In het plangebied bevinden zich geen watergangen. Ten oosten en zuiden bevinden zich hoofdwatergangen, ten westen bevindt zich overig water. Verder ligt het plangebied niet binnen de kern- en/of beschermingszone van een waterkering. In de toekomstige situatie is sprake van een vermindering van verharding. In het plangebied wordt meer groen en meer water toegevoegd dan in de huidige situatie aanwezig is. Verder wordt het afvalwater aangesloten op het gemeentelijk rioolstelsel. Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling op het watersysteem ter plaatse kunnen dan ook worden uitgesloten.

De ontwikkeling betreft de ontwikkeling van een woonlocatie in bestaand stedelijk gebied. Daarnaast is er sprake van een vermindering van verharding. Risico’s op rampen door klimaatverandering nemen ten gevolge van de beoogde ontwikkeling dan ook niet toe.

11/14

Zoals beschreven in paragraaf 2.1 is het plangebied niet gelegen binnen beschermd natuurgebied, zoals Natura 2000 of Natuurnetwerk Nederland (NNN). Directe effecten zoals areaalverlies en versnippering kunnen hierdoor worden uitgesloten. Gezien de aard en omvang van de ontwikkeling en de afstand tot natuurgebieden kunnen ook verstoring en verandering van de waterhuishouding worden uitgesloten. De beoogde ontwikkeling leidt wel tot een toename van verkeersbewegingen. Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige habitattype Biesbosch ligt op 15,2 kilometer. Ten behoeve van de beoogde ontwikkeling is met behulp van de AERIUS Calculator de stikstofdepositie berekend. Deze is in de bijlage toegevoegd (bijlage 3). Uit de berekening blijkt dat geen sprake is van stikstofdeposities die hoger zijn dan 0,00 mol N/ha/jr. Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling op het nabijgelegen Natura 2000-gebied kunnen daarmee worden uitgesloten.

In de bijlagen bij het bestemmingsplan is de quickscan en de nadere ecologische onderzoeken toegevoegd. Uit het huismus-, gierzwaluw-, en vleermuisonderzoek voor de oostzijde van het plangebied blijkt dat er in de bebouwing binnen de planlocatie 11 nestlocaties zijn gedefinieerd. De werkzaamheden hebben een negatief effect op de gierzwaluw en leiden derhalve tot overtreding van de Wet natuurbescherming. Daarnaast zijn er 4 paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis gedefinieerd. Voor de beoogde werkzaamheden is een ontheffing aangevraagd en inmiddels verleend. Ook aan de westzijde van het plangebied zijn mogelijk beschermde soorten aanwezig. In 2021 wordt nader onderzoek naar het voorkomen van vleermuizen en huismussen uitgevoerd. Indien nodig worden mitigerende maatregelen getroffen.

Zoals beschreven in paragraaf 2.1 zijn in en nabij het projectgebied geen cultuurhistorische waarden aanwezig. Negatieve effecten op deze waarden zijn dan ook uitgesloten.

Zoals aangegeven in paragraaf 2.1 geldt voor het plangebied een archeologische verwachtingswaarde. Ten behoeve van de beoogde ontwikkeling is door Econsultancy een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is in de bijlage bij het bestemmingsplan toegevoegd. Uit dit onderzoek blijkt ter plaatse van het plangebied geen archeologische indicatoren zijn aangetroffen en het plangebied daarmee geen hoge, maar een lage verwachtingswaarde kent. Naar verwachting worden door de voorgenomen werkzaamheden dan ook geen archeologische waarden bedreigd. Significant negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen daarmee worden uitgesloten.

Uit toetsing van de verschillende milieuthema’s op het gebied van leefomgevingskwaliteit en verkeer blijkt dat de beoogde ontwikkeling niet leidt tot een belangrijke toename van risico’s voor de menselijke gezondheid. Er wordt voldaan aan de normen voor geluid, externe veiligheid en luchtkwaliteit.

De sloop- en aanlegwerkzaamheden worden uitgevoerd conform het Bouwbesluit 2012. Hiermee wordt rekening gehouden met de omliggende woningen. Verder worden afvalstoffen vervoerd naar een erkende verwerker. Significant negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen daarmee worden uitgesloten.

12/14

Voor de beoogde ontwikkeling zijn vooralsnog geen aanvullende mitigerende maatregelen noodzakelijk. Het nader ecologisch onderzoek naar huismussen en vleermuizen wordt momenteel uitgevoerd. Indien noodzakelijk worden op basis van de uitkomsten van dit onderzoek mitigerende maatregelen genomen.

13/14

Uit de informatie in deze notitie blijkt dat het projectgebied niet is gelegen in kwetsbaar gebied en/of gebied met een beschermde status. Verder leiden de aard en omvang van het project niet tot belangrijke nadelige milieugevolgen, mits de eventuele mitigerende maatregelen worden uitgevoerd. Met inachtneming van deze maatregelen is het doorlopen van een volledige m.e.r.-procedure niet noodzakelijk.

14/14

55

Bijlage 3 Notitie parkeren

Rho adviseurs voor leefruimte

172102.20181813

56

Rho adviseurs voor leefruimte

172102.20181813

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10479134/2