Transitievisie Warmte 1.0 Kerkrade_interactief_versie definitief.pdf
Tekst van het document
Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding Lagetemperatuur (LT) warmtenet
44
Een LT-warmtenet heeft een temperatuur van tussen de 30 en 55°C. De temperatuur is te laag om direct warm tapwater te maken en ook voor ruimte¬verwarming zijn aanpassingen nodig. Bij LT-warmte wordt het water meestal verwarmd met LT-restwarmtebronnen zoals rioolwaterzuiveRelevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 ringsinstallaties, supermarkten en datacenters. voor voorde deJGZ JGZ Voor het verwarmen van gebouwen met deze temperatuur moet de woning eerst goed geïsoleerd worden. Ook zijn er vaak aanpassingen nodig aan het warmteafgiftesysteem en is naverwarming nodig voor warm tapwater. Dit kan collectief (voor een groep gebouwen) of individueel (in de woning). In de Startanalyse worden varianten doorDe Deambities ambities 99 gerekend op basis van vanhet het NCJ NCJvan label B (met levering op 30, 50 en 70 graden) en D (met levering op 70 graden). 3.1.3 Strategie 4 en 5: hernieuwbaar gas Bij de laatste twee strategieën wordt het aardgasnet gebruikt voor het transport van andere soorten gas dan aardgas. Het belangrijkste voordeel is dat de huidige gasleidingen en de huidige Cvketels en radiatoren behouden kunnen blijven. Hierdoor zijn veel minder aanpassingen aan de infrastructuur en woningen nodig.
Strategische Strategische thema’s thema’s Groen gas (strategie 4) Warmte voor ruimteverwarming en warm tapwater wordt geleverd door een hybride warmtepomp gecombineerd met een standaard HR-ketel óf alleen door een standaard HR-ketel. In het geval dat warmte door een hybride warmtepomp in combinatie met een standaard HR-ketel geleverd wordt, wordt de HR-ketel ingezet als het vermogen van de warmtepomp ontoereikend Impactvolle Impactvolle praktijk praktijk is. 1111Dit kan bijvoorbeeld in koude maanden nodig zijn. Een hybride warmtepomp maakt gebruik van een buitenunit die is bevestigd aan het gebouw of die dicht bij het gebouw staat. Buitenlucht en gas zijn de belangrijkste energiebronnen. In de Startanalyse worden varian¬ten doorgerekend op basis van de labels B en D.
Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13 Waterstof (strategie 5) Deze strategie is vergelijkbaar met strategie 4 (groen gas) en werkt ook met een hybride warmtepomp en/of een HR-ketel. In deze variant moeten de warmtepomp en HR-ketel wel geschikt zijn of worden gemaakt voor het gebruik met waterstof. Net als bij groen gas zijn ook voor waterstof varianten doorgerekend opsamenwerking basis van de labels Slimme Slimme samenwerking 15 15 B en D.
27 27
17 17 Organisatorische Organisatorische De huidige beschikbaarheid van groen gas en inbedding inbeddingen en water- stof is beperkt. Ook is nog onduidelijk hoe randvoorwaarden randvoorwaarden de beschikbaarheid zich in de toekomst ontwikkelt. Dit hangt af van het op gang komen van een (internationale) waterstofmarkt, technische ontwikkelingen zoals opschaling en de aanleg van een hoofdinfrastructuur en de vraag vanuit verschillende sectoren zoals de industrie en mobiliteit. Deze strategieën kunnen we daarom het beste reserveren voor plaatsen waar afkoppeling van het aardgasnet lastig is en je liever niet de grond in gaat, bijvoorbeeld bij kwetsbare gebouwen en monumenten. Ondanks de onzekerheid rondom de beschikbaarheid van groen gas en waterstof, zijn strategie 4 en 5 wel doorgerekend in de analyse van gemeente Kerkrade. Dit is gedaan om nu al in beeld te brengen voor welke buurten duurzame gassen in de toekomst mogelijk een alternatief zijn.
Inhoud Inleiding
4
3.2 Resultaten Startanalyse voor Kerkrade
Strategische thema’s De uitkomsten van deze analyse zijn weergegeven in de figuur op de volgende pagina.
Om een richtinggevend beeld te geven van de warmteopties per buurt, is het landelijke model aangevuld met lokale data. De gebruikte lokale data is afkomstig van de gemeente en van lokale en regionale stakeholders zoals woningcorporaties 5 Relevante ontwikkelingen en netbeheerder Enexis. Door middel van lokale voor de JGZ data worden uitkomsten betrouwbaarder en sluiten beter aan bij de lokale situatie in onze gemeenten. In totaal zijn er drie scenario’s doorgerekend op basis van de beschikbaarheid van restwarmte en groen gas tot 2030:
De ambities Scenario • van het1:NCJ
label B of hoger en voldoende restwarmte beschikbaar • Scenario 2: label D of hoger en beperkt restwarmte beschikbaar • Scenario 3: label D of hoger zonder groen gas
9
Als er voldoende restwarmte beschikbaar is (scenario 1), is een warmtenet met MT- of HTbron gecombineerd met isolatie naar label B in veel buurten het goedkoopste scenario. In het geval er echter onvoldoende restwarmte beschikbaar is, en woningen tot een11lager label Impactvolle praktijk (D) geïsoleerd worden (scenario 2), stijgt het aantal buurten waarvoor groen gas het beste alternatief is. Omdat de hoeveelheid groen gas in de komende jaren slechts beperkt beschikbaar is, is in scenario 3 de optie groen gas buiten beschouwing gelaten. Daarbij komt de optie ‘all-electric’ voor de meeste buurten als voorkeursoplossing uit devakmanschap Startanalyse. 13 Waardevol De resultaten uit de drie scenario’s zijn een vertrekpunt voor de verdere uitwerking van de TVW 1.0 naar de Transitievisie 2.0 en voor concrete wijkuitvoeringsplannen.
Slimme samenwerking 15
Organisatorische inbedding en Warmtenet randvoorwaarden
28
All-electric
17
Inhoud Inleiding
4
Strategische thema’s
Warmteopties per buurt op basis van Startanalyse en beschikbaarheid warmtebronnen Scenario 1: label B of hoger en voldoende restwarmte beschikbaar
Scenario 2: label D of hoger en beperkte hoeveelheid restwarmte beschikbaar
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
5
De ambities van het NCJ
9
Impactvolle praktijk
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden Scenario 3: label D of hoger, tot 2030 zonder groen gas.
11
Waardevol vakmanschap 13
Slimme samenwerking 15 Noot: Op basis van de nationale kosten in het rekenmodel Vesta-MAIS is waterstof tot 2030 geen realistische optie voor de gebouwde omgeving. Scenario 5 (S5) komt daarom niet zichtbaar terug in bovenstaand figuur.
29
17
Inhoud Inhoud 44 Inleiding Inleiding Het onderzoeksbeeld per buurt kan in de loop der jaren nog wijzigen onder invloed van (technologische) ontwikkelingen, de verdere onderzoeken op het gebied van (toekomstige) beschikbaarheid van warmtebronnen, nader pandonderzoek en afwegingen of voorkeuren van gebouweigenaren, bewoners en belangrijke stakeholders.
Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 voor voorde deJGZ JGZ De focus zal in Kerkrade voorlopig liggen op de
buurten waar met een grote mate van zekerheid een logisch en betaalbaar alternatief voor aardgas beschikbaar is in de vorm van individuele oplossingen of een warmtenet. Gelet op de beperkte beschikbaarheid van hernieuwbaar gas, speelt ditDe tot ambities 2030 vooralsnog geen rol van betekenis99 in De ambities devan wijkplannen. In buurten waar uit de analyse van het hetNCJ NCJ blijkt dat hernieuwbaar gas de laagste nationale kosten heeft, kan worden ingezet op tussenstappen als isolatie en hybride warmtepompen. .
Strategische Strategischethema’s thema’s
3.3 Selectiecriteria en puntenwaardering voor kansrijke buurt(en) in Kerkrade Kerkrade wordt tussen nu en 2050 aardgasvrij. We kunnen niet overal in de gemeente tegelijk aan de slag. Dat is geen wenselijk scenario en vergt te veel van alle betrokkenen. Bovendien zou daarmee geen ruimte ontstaan voor een leereffect Impactvollekennis praktijk praktijk 1111 waarmee weImpactvolle opgedane en ervaringen van gebied tot gebied kunnen meenemen. Het is daarom belangrijk dat we duidelijke keuzes maken om te komen tot kansrijke gebieden en een realistisch tijdspad waarin gebieden aardgasvrij worden gemaakt. Om werkzaamheden in de tijd te faseren en om te Waardevol vakmanschap vakmanschap 13 13 bepalen inWaardevol welke volgorde gebieden aardgasvrij worden, hebben we de uitgangspunten uit hoofdstuk 1 vertaald naar een voorstel voor selectiecriteria die bepalen of een buurt kansrijk is om te starten. De selectiecriteria hieronder zijn al tijdens bijeenkomsten op regionaal niveau samen met verschillende stakeholders bepaald. Stakeholders zijn bijvoorbeeld woningcorporaties, netbeheerder Enexis en Waterleiding Maatschappij Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15 Limburg (WML).
30 30
Organisatorische Organisatorische inbedding inbeddingen en randvoorwaarden randvoorwaarden
17 17
Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
44
De mogelijke selectiecriteria zijn verdeeld in vier hoofdgroepen:
1. Bewoners en participatiegroepen Een belangrijk vertrekpunt bij de bepaling van kansrijke buurten is het draagvlak onder bewoners en/of initiatieven van bewonersgroepen die Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 er al zijn. De gemeente Kerkrade vindt het voor voor de deJGZ JGZ belangrijk om de mening, actiebereidheid en wensen van huurders en eigenaren over wonen zonder aardgas mee te nemen bij het maken van de plannen. Daarom is ieder huishouden in de gemeente uitgenodigd om mee te doen aan het draagvlak-onderzoek MoVe2030. Metambities de uitkomsten van die draagvlakmonitor De De ambities 99 (bijlage 1) hebben van van het het NCJ NCJ we een eerste beeld over het draagvlak onder de inwoners van Kerkrade over de warmtetransitie. De uitkomsten worden meegenomen in de verdere uitwerking richting de Transitievisie Warmte 2.0 en in de daarop- volgende uitvoeringsplannen die per buurt of wijk worden gemaakt. 2. De gebouwde omgeving. Bij gebouwen wordt gekeken naar het aandeel corporatiebezit. Woningcorporaties worden
Strategische Strategischethema’s thema’s
gezien als de startmotor van de energietransitie. Als gemeente maken we afspraken met woningcorporaties en huurdersbelangenorganisaties over het verduurzamen van de portefeuille van woningcorporaties en over duur- zaamheidseisen van nieuwbouwwoningen. De overheid zelf heeft een voorbeeldrol als het gaat om verduurzaming van gebouwen. DaarImpactvolle praktijk praktijk 1111 om wordt Impactvolle ook het aandeel overheidsgebouwen in een gebied opgenomen als selectiecriterium. Tot slot is ook de homogeniteit van een buurt relevant. Als er veel gelijksoortige woningen zijn of veel gebouwen met ongeveer dezelfde leeftijd of warmte- en koudevraag, is het wel- licht mogelijk om delen van de buurt van een zelfde soort oplossing te voorzien. Dat vergemakkelijkt de warmtetransitie en bespaart Waardevol Waardevol vakmanschap vakmanschap 13 13 kosten.
17 17 Organisatorische Organisatorische zijn als er bronnen voorhanden zijn, of groen inbedding inbedding en en gas zodra dit beschikbaar en betaalbaar is. randvoorwaarden randvoorwaarden 3. Koppelkansen. Bij koppelkansen wordt gekeken naar de werk zaamheden die in de komende jaren in de buurt op de planning staan en die gecombineerd kunnen worden met de verduurzaming van de buurt. Daarbij gaat het om ondergrondse werk- zaamheden als vervanging van de riolering of waterleiding, maar ook om bovengrondse werkzaamheden zoals herinrichting van de buurt of vernieuwing van straten en wegen. Als het gas- net al aan vervanging toe is in een buurt, dan is dit wellicht een mooie gelegenheid om over te gaan naar een warmte-alternatief. Waar mogelijk wordt ook een combinatie met andere opgaven in de gemeente gemaakt (sociaal maat- schappelijk).
Als in een buurt een beschermd stadsgezicht is of deze veel monumenten telt, heeft dit doorgaans een negatief effect op de mogelijkheden om te verduurzamen. Het aangezicht
4. Planning en suggesties van lokale stakeholders. De uitkomsten van de kansrijke gebieden op
mag niet veranderd worden. Dat bemoeilijkt het verduurzamen van het gebouw. Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15 Een mid- dentemperatuur-warmtenet kan een oplossing
basis van de selectiecriteria zullen besproken worden met stakeholders zoals Enexis, HEEMwonen, Wonen Limburg en de WML.
31 31
Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
44
Dit kan leiden tot relevante aanvullende inzichten, die van invloed zijn op de keuze van de buurt waar we beginnen met een uiteindelijk uitvoeringsplan Een belangrijk aandachtspunt hierbij is het aandeel corporatiebezit. De overheid vervult een voorbeeldrol als het gaat om verduurzamen van publieke gebouwen. Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 Er wordt gekeken naar koppelkansen in deze voor voor de deJGZ JGZ buurten. Verder spelen de diversiteit van types woningen, de aanwezigheid bedrijven- terreinen en renovatieplannen een belangrijke rol om te komen tot een kansrijke gebied. De selectiecriteria kunnen in het proces richting deDe TVW 2.0 verder worden aangescherpt of aanDe ambities ambities 99 gevuld. Op van vanhet hetbasis NCJ NCJvan de selectiecriteria kunnen gebieden in de gemeente geselecteerd worden op ‘kansrijkheid‘ via een puntenwaardering. Op het moment dat een gebied aan een van de selectiecriteria voldoet, krijgt deze een punt. Andersom kan een gebied ook een ‘minpunt’ scoren wanneer er bijvoorbeeld sprake is van beschermd stads- en dorpsgezicht.
Strategische Strategischethema’s thema’s
belangrijk hulpmiddel bij de verkenning en selectie van kansrijke gebieden. De uitkomsten van deze analyse zullen worden voorgelegd aan alle stakeholders. Samen maken wij de keuze waar wij in Kerkrade vóór 2030 willen starten, en waar het beter is om nog even te wachten. We gaan eerst aan de slag met een verdiepende verkennings- en planstudiefase en pas daarna met de uitvoering. Impactvolle Impactvollepraktijk praktijk 1111
3.4 Kansrijke buurt(en) in Kerkrade tot 2030 In het Klimaatakkoord is afgesproken dat iedere gemeente in de Transitievisie Warmte beschrijft hoe zij samen met stakeholders de warmtevraag in de gebouwde omgeving op een aardgasvrije en duurzame manier gaatvakmanschap invullen en in welk Waardevol Waardevol vakmanschap 13 13 tempo dat zal verlopen. Ook moet worden aangegeven in welke buurt(-en) voor 2030 wordt gestart met de overstap van aardgas op andere warmtebronnen, en welke potentiële alternatieve warmtebronnen er zijn. Voor de overige buurten moeten de gemeenten in hun Transitievisie een globaal tijdspad opnemen.
Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15 De selectiecriteria en puntenwaardering zijn een
32 32
Organisatorische Organisatorische inbedding inbeddingen en randvoorwaarden randvoorwaarden
17 17
Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
We wij zen nu nog geen gebieden aan die van het aardgas afgaan.
44
Strategische Strategischethema’s thema’s
De voorliggende Transitievisie Warmte 1.0 Relevante Relevante ontwikkelingen ontwikkelingen omvat een belangrijk eerste inzicht vanuit de 55 voor voor de devoorhanden JGZ JGZ data die nu is, de uitkomst van Impactvolle Impactvollepraktijk praktijk 1111 de Startanalyse en de gesprekken en sessies met stakeholders. Maar dit is nog niet het eindbeeld van hoe de warmtetransitie in de gemeente Kerkrade gaat verlopen en in welke kansrijke gebieden we starten met wijkuitvoeringsplannen. Er zijn wel uitgangspunten de energie-infrastructuur, plannen voor beheer, De De ambities ambities 99 onderhoud en renovatie) kunnen verschillen en een geformuleerd voor de warmtetransitie (hoofdvan vanhet hetNCJ NCJ stuk 1), er is inzicht in het huidige energie‘totaalscore’ op het niveau van de wijk/buurt doet Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13 gebruik en de voorhanden zijnde regionale geen recht aan dit heterogene karakter. restwarmtebronnen (hoofdstuk 2), en er is een eerste beeld van de potentiële warmteKortom, de onderzoeken zijn tot dusver te grofmazig alternatieven op buurt- en wijkniveau (hoofdom te komen tot definitieve keuzes voor wijken stuk 3). Dit laatste beeld beperkt zich tot het en buurten (en daarmee wijkuitvoeringsplannen).
detailniveau van wijken en buurten op grond Een meer gedetailleerde studie naar deze plaatsevan de administratieve grenzen uit de CBSlijke kenmerken binnen buurten en wijken levert naar indeling. Maar de plaatselijke kenmerken verwachting een meer heterogeen kleurenpalet op Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15 binnen een wijk of buurt (zoals gebouwtypes, - ten opzichte van figuur op pagina 29 - als het gaat bevolkingssamenstelling, inkomensverdeling, om de potentiële warmtealternatieven en daarmee
33 33
Organisatorische Organisatorische inbedding inbeddingen en randvoorwaarden randvoorwaarden
17 17
een gefundeerd handelingsperspectief voor de uitvoering. Bovendien zou een dergelijk, meer gedetailleerd inzicht ertoe kunnen leiden dat delen van buurten, over de CBS-grenzen heen, juist als kansrijk worden gezien om mee te starten. We werken daarom deze Transitievisie Warmte 1.0 uit in een Transitievisie Warmte 2.0. Deze komt er in 2022. Daarin verwerken we dit gedetailleerdere inzicht zodat we als gemeente op basis daarvan de keuze kunnen maken met welke gebieden wordt gestart met wijkuitvoeringsplannen. Hoe dit proces vorm krijgt, is beschreven in het volgende hoofdstuk.
Inhoud
Inleiding
4
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
5
De ambities van het NCJ
9
Strategische thema’s
Impactvolle praktijk
11
Van een Transitievisie Warmte 1.0 naar een Transitievisie Warmte 2.0 en Uit voeringsplannen. Waardevol vakmanschap 13
Slimme samenwerking 15
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
34
17
4. Van visie naar uitvoering Inhoud Inhoud 44 Inleiding Inleiding De TVW wordt door veel gemeenten gebruikt om
Strategische Strategische thema’s thema’s van de TVW 2.0. Hoofdstuk 5 eindigt met een
hun ambities en doelstellingen ten aanzien van de warmtetransitie te delen, en in een tijdspad aan te geven in welke wijken en buurten zij tot 2030 van start gaan. Daarbij wordt ook per wijk en buurt aangegeven aan welk duurzaam warmtealternatief gedacht wordt.
overzicht waarin staat beschreven hoe en op welke manier de gemeenteraad betrokken is bij de totstandkoming en uitvoering van de TVW 2.0.
Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 voor voorde deJGZ JGZ In deze TVW 1.0 worden vooralsnog geen wijken
of buurten geselecteerd. De reden hiervoor is dat in de startanalyse nog onvoldoende rekening gehouden is met de lokale mogelijkheden en onmogelijkheden bij bepaalde wijken, buurten of zelfs gebieden over de gemeentegrenzen. Op dit moment bestaat de behoefte om samen met beDe Deambities ambities 99 langhebbenden en adviseurs een verdiepingsslag van vanhet hetNCJ NCJ op pandniveau te maken. Het resultaat hiervan moet een duidelijker en meer gedragen beeld geven van de buurten, wijken of clusters van gebouwen, de beste warmteopties en de potentie om hiermee voor 2030 aan de slag te gaan. In paragraaf 4.1 staat beschreven wat we moeten doen om tot een TVW 2.0 te komen. Ook staat beschreven hoeveel capaciteit dit vraagt van de gemeente. In paragraaf 4.2 is toegelicht hoe een vervolg kan worden gegeven aan de uitvoering
4.1 Van de TVW 1.0 naar een TVW 2.0 Om tot een TVW 2.0 te komen, moeten we enkele belangrijke stappen zetten, onderzoeken doen en Impactvolle Impactvolle praktijk praktijk 1111 politiek-bestuurlijke afstemming bereiken over het beoogde proces en de opgave. Deze zaken worden in paragraaf 4.1 in meer detail beschreven. 4.1.1. Pand- en clusteranalyse In paragraaf 3.4 is toegelicht dat een meer gedetailleerd technisch-economisch onderzoek van belang is om tot definitieve keuzes te13 komen voor Waardevol Waardevol vakmanschap vakmanschap 13 plangebieden (en daarmee uitvoeringsplannen). Daarmee wordt het beeld uit de TVW 1.0 waarin we uit zijn gegaan van het detailniveau op basis van de wijk- en buurtindeling van CBS verder onderbouwd en eventueel aangescherpt of gewijzigd. De nadere verdieping gaat uit van een pand- en clusteranalyse waarin fijnmaziger de potentie voor een duurzaam warmtealternatief Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15inzichtelijk wordt gemaakt. Deze analyse bestaat uit:
35 35
17 17 Organisatorische Organisatorische • Verdere verrijking van de Startanalyse en inbedding inbedding en en Handreiking voor lokale analyse randvoorwaarden randvoorwaarden • Controle op volledigheid van de parameters voor het bepalen van warmtestrategieën en -varianten • Bepalen van afgebakende clusters op basis van de in de Startanalyse en Handreiking voorgestelde warmtestrategieën en -varianten. De pand- en clusteranalyse wordt door een externe adviseur uitgevoerd, en inhoudelijk afgestemd met de ambtelijke organisatie en belangrijke stakeholders. 4.1.2. Haalbaarheid warmtebronnen en warmtenetten onderzoeken Warmtebronnen en warmtenetten zijn belangrijk om het elektriciteitsnetwerk te ontlasten en om woningen te verwarmen. In de TVW 1.0-fase is onderzoek gedaan naar de beschikbaarheid van grotere (rest-)warmtebronnen binnen de regio. Het aansluiten van huizen op warmtebronnen is afhankelijk van de technische en financiële haalbaarheid, ruimtelijke mogelijkheden en draagvlak. In de komende periode zullen wij dit nader onderzoeken. Dit doen we door het uitvoeren van een
Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
44
Strategische Strategische thema’s thema’s haalbaarheidsstudie. Zo zorgen we ervoor dat we richting de TVW 2.0 de juiste keuzes maken.
Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen voor voorde deJGZ JGZ
55
De Deambities ambities van vanhet hetNCJ NCJ
99
4.1.3. Selectiecriteria De pand- en clusteranalyse levert een nauwkeuriger beeld op van de technisch-economische en duurzaamheidsgevolgen van een warmte-alternatief in een gebied. Simultaan aan deze analyse worden de selectiecriteria om totpraktijk een overzicht Impactvolle Impactvolle praktijk 1111 van voorkeursgebieden te komen nader beschouwd. Ook de onderlinge weging van deze selectiecriteria wordt in deze analyse bepaald. De afstemming van de selectiecriteria en de weging ervan vinden intern en extern met belangrijke stakeholders plaats.
We stimuleren Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13 ‘no-regret’ isolatiemaat regelen in woningen.
Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15
36 36
17 17 Organisatorische Organisatorische 4.1.4. Contouren schetsen voor een inbedding inbeddingen en isolatie- en verduurzamingsprogramma randvoorwaarden randvoorwaarden De gemeente Kerkrade wil een isolatie-/verduurzamingsprogramma in het leven roepen voor de periode tot 2030, met de mogelijkheid voor een verlenging tot 2050. Dit programma richt zich op het verbeteren van het isolatieniveau en het verduurzamen van particuliere woningen door nauwkeurig geselecteerde maatregelen, en zal zich daarnaast ook op gemeentelijk vastgoed richten. Isolatiemaatregelen betreffen doorgaans eenvoudige, bewezen technieken, mede omdat daardoor het financiële aspect beheersbaar kan blijven. Het programma is nodig om te voldoen aan de technische voorwaarden voor een specifieke warmtestrategie. Als een ‘no-regret’ tussenstap wordt hierdoor direct de energievraag van de gebouwde omgeving verminderd, zonder dat dit leidt tot een desinvestering met het oog op de gewenste eindsituatie in 2050. Door het verduurzamingsprogramma wordt de energiebehoefte direct verminderd. Dit leidt ertoe dat minder duurzame energie opgewekt hoeft te worden, waardoor minder nieuwe boven- en ondergrondse infrastructuur, en dus schaarse ruimte, nodig is.
Inhoud Inhoud
44 Inleiding Inleiding Bovendien is het bestaan van een succesvol
Strategische Strategischethema’s thema’s
verduurzamingsprogramma een randvoorwaarde voor een succesvolle en vlotte warmtetransitie. Veel duurzame warmtestrategieën kunnen simpelweg niet worden toegepast als het isolatieniveau van de gebouwde omgeving niet op orde is.
Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen
De verwachting is dat in veel woningen en gebouwen verschillende maatregelen nodig zijn om te voldoen aan het isolatie- en installatieniveau dat bij een specifieke warmtestrategie hoort. Of de omvang van het programma toelaat dat woningen direct aardgasvrij voorbereid zijn of dat dit in stappen gebeurt, wordt in de nadere uitwerking verduidelijkt. Desalniettemin stelt de gemeente Kerkrade maatregelen voor die een-
17 17 Organisatorische Organisatorische minimaal energielabel C vanaf 2023 en minimaal inbedding inbeddingen en energielabel A vanaf 2030. In ieder geval dienen randvoorwaarden randvoorwaarden de Meerjarige Onderhoudsplannen (MJOP’s) van het gemeentelijk vastgoed te worden herzien en aanpast in duurzame MJOP’s.
55
Een eerste opzet van het isolatie-/verduurzamingsvoor voorde deJGZ JGZ programma wordt nader uitgewerkt en toegelicht in / parallel aan de TVW 2.0. Afhankelijk van de resultaten die worden geboekt en de ervaring die opgedaan wordt, kan het programma in de toekomst uitgebreid of gewijzigd worden. Periodiek onderzoekt de gemeente de noodzaak enDe actualiteit van het programma en het voortbeDe ambities ambities 99 staan ervan de periode vanaf 2030. van van het hetvoor NCJ NCJ
Impactvolle Impactvollepraktijk praktijk 1111
voudig toe te passen zijn, schaalbaar zijn, een groot effect hebben vakmanschap op energiebesparing en Waardevol Waardevol vakmanschap 13 13 daardoor een gunstig rendement hebben. Met betrekking tot het gemeentelijk vastgoed moet op pandniveau altijd onderzocht worden of de voorgestelde maatregelen op een ‘natuurlijk moment’ kunnen worden toegepast en/of overeenkomen met bestaande beheerplannen. Zo kunnen er bijvoorbeeld voor kantoorgebouwen al Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15 plannen zijn om te voldoen aan de wettelijke eis:
37 37
Om het verduurzamingsprogramma te laten slagen, denkt de gemeente Kerkrade aan samenwerking met de WoonWijzerWinkel Limburg en de andere Parkstad-gemeenten en de Stadsregio Parkstad, de provincie en het (op te richten) communicatieen participatieteam (zie paragraaf 4.1.5). Samen met deze organisaties worden de details uitgewerkt. Dit kan bijvoorbeeld betrekking hebben op de maatregelen, technisch haalbare materiaalkeuzes, communicatie op basis van de warmteanalyses, financieringsmogelijkheden (met aantrekkelijke terugbetaalregelingen), collectieve inkoop en subsidieregelingen. 4.1.5 Communicatie en participatie Om te komen tot een kwalitatief goed communicatie- en participatieproces, worden heldere uitgangspunten gehanteerd. Door deze uitgangspunten in acht te nemen, wordt bereikt dat alle bewoners en stakeholders kunnen meepraten en
Inhoud Inhoud 44 Inleiding Inleiding meedoen, dat er inzicht is in relevante gegevens,
Strategische Strategische thema’s thema’s de gemeente enerzijds en de bewoners in het
regelingen en stukken en dat bekend is wat er op een bepaald moment kan, gaat of moet gebeuren.
plangebied anderzijds. Buurtteams vertegenwoordigen hun eigen buurt; ze informeren en betrekken bewoners wanneer dit nodig is. Het mandaat van de organisatie en de afspraken die met gemeenten en andere belanghebbenden worden gemaakt, kunnen formeel vastgelegd worden in een samenwerkingsovereenkomst of een intentieverklaring. Over dit punt11 wordt in de Impactvolle Impactvolle praktijk praktijk 11 TVW 2.0 meer duidelijkheid geboden.
In de komende periode worden de uitgangspunten ten aanzien van het communicatie- en participatieproces geformuleerd. Als onderdeel hiervan wordt Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 bepaald of de gemeente meer bereid is om van voor voorde deJGZ JGZ start te gaan in plangebieden op het moment dat bewoners en stakeholders relatief gezien meer interesse tonen in de warmtetransitie of hierbij (actief) betrokken willen zijn. De TVW 2.0 geeft dus een antwoord op de vraag of interesse in de warmtetransitie en actieve betrokkenheid in een gebied selectiecriteria zijn voor de benoeming99 De Deambities ambities van voorkeursgebieden. van van het hetNCJ NCJ Verder lichten we in de TVW 2.0 toe hoe bewoners van de betreffende (voorkeurs)gebieden vertegenwoordigd worden in het transitieproces. Hiervoor wordt nader onderzocht hoe het proces van het organiseren van bewonersvertegenwoordiging eruit ziet en wie de regie neemt. Een mogelijkheid met veel potentie is bijvoorbeeld het oprichten van zogenaamde buurtteams van vertegenwoordigers. Deze buurtteams zijn de schakel tussen
Het vergt de nodige tijd en capaciteit om het proces van communicatie en participatie met bewoners en stakeholders goed te organiseren. Om deze reden gaat de gemeente Kerkrade samen met de andere gemeenten in de regio Parkstad onderzoeken of hier een gezamenlijk Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13 team voor opgericht kan worden. Het beoogde communicatie- en participatieteam stemt de werkzaamheden af met de projectleiders of coördinatoren warmtetransitie uit de deelnemende gemeenten. Verder houdt het team de projectleiders of coördinatoren warmtetransitie op de hoogte van de inzet, ervaringen en resultaten. Door het team met meerdere gemeenten op te Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15richten, ontstaat één centrale plek waar veel kennis en
38 38
17 17 Organisatorische Organisatorische kunde ontstaat over de thema’s communicatie inbedding inbeddingen en en participatie bij warmtetransitie. Daar kunnen randvoorwaarden randvoorwaarden we de komende jaren enorm van profiteren; het maakt de regio Parkstad onafhankelijk van externe adviseurs met betrekking tot deze disciplines. Een ander voordeel is dat veel gemeenten in deze eerste fase van de transitie wellicht voorzichtig zullen zijn met het toekennen van middelen. Door te investeren in een gezamenlijk team, wordt de drempel kleiner en komen we wel direct uit de startblokken. Het team kan in eerste instantie uit ten minste één communicatie- en één participatieexpert bestaan. Het idee is dat de capaciteit gaandeweg uitgebreid wordt. Bijvoorbeeld op het moment dat meerdere projecten opgestart worden of wanneer dit vanuit het proces wenselijk wordt. Hierover vindt gezamenlijke en interne afstemming plaats, waarna het besluit in de TVW 2.0 wordt beschreven. Tot slot wordt er een informatiepunt ingericht, waar iedereen informatie kan vinden over de warmtetransitie. Dit kan een website zijn maar bijvoorbeeld ook een fysiek informatiepunt. Het doel van het informatiepunt is dat er één herken-
Inhoud Inhoud
44 Inleiding Inleiding baar verhaal verteld wordt naar de buitenwereld,
Strategische Strategische thema’s thema’s financiële middelen. Hoe een gemeente invulling
dat stakeholders weten waar de gemeente mee bezig is en wat zij van de gemeente kunnen verwachten en dat bekend is wat, wanneer en waar gebeurt. Het informatiepunt moet zo snel mogelijk operationeel zijn en periodiek worden voorzien van actuele informatie.
geeft aan de regierol heeft zijn weerslag op hoe de organisatie wordt ingericht, hoe met stakeholders wordt samengewerkt, op het communicatieproces en op de benodigde competenties van medewerkers.
Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen voor voorde deJGZ JGZ 4.1.6. Uitvoeringsplanning
55
In het verlengde van het benoemen van plangebieden, maken we in deze periode ook een voorlopige uitvoeringsplanning tot 2030. Daarnaast wordt ook een (model-)stappenplan opgesteld om te komen tot een breed gedragen uitvoeringsplan. Bij het opstarten van een 99 De Deambities ambities gebied ditNCJ model/format gebruikt worden van vanzal het het NCJ om een gedegen projectplan op te stellen. 4.1.7. Regierol Als gemeente kun je op verschillende manieren invulling geven aan de regierol in het proces om te komen tot een Transitievisie Warmte (TVW) en Uitvoeringsplan (UP). De keuze is onder andere afhankelijk van inhoudelijke afwegingen, de wijze waarop de gemeente wil omgaan met de omgeving en de beschikbaarheid van capaciteit en
In de aanloop naar de 2.0-versie wordt onderzocht wat deImpactvolle gewenste regierol voor11 de gemeente Impactvolle praktijk praktijk 11
Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13
Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15
39 39
17 17 Organisatorische Organisatorische is. Vervolgens doet het college in de TVW 2.0 inbedding inbeddingen en een voorstel aan de gemeenteraad, inclusief de randvoorwaarden randvoorwaarden bijbehorende gevolgen van deze rol. 4.1.8 Werksessies stakeholders In de aanloop naar de TVW 2.0 onderzoekt de gemeente of en hoe zij (gethematiseerde) werksessies gaat organiseren. Deze werksessies zijn bestemd voor de stakeholders in het planproces en worden in het kader van een specifiek te bespreken onderwerp georganiseerd. Dit kan op het schaalniveau van de regio of gemeente zijn, maar zich ook specifiek richten op stakeholders en vraagstukken in een plangebied. De werksessies zijn een communicatiehulpmiddel waarmee transparantie ontstaat over doelstellingen, belangen, mate van invloed, financiële middelen, onderlinge verhoudingen en uitdagingen die bij de stakeholders spelen en aanwezig zijn. Het doel van de werksessies met vooraf geselecteerde en belangrijke actoren is dat zij verheldering en uiteindelijk procesversnelling opleveren.
Inhoud Inhoud 44 Inleiding Inleiding Voorbeelden van mogelijke vragen voor de werk-
Strategische Strategische thema’s thema’s • inzicht verkrijgen in de actoren, waardoor
sessies zijn: • Hoe sluiten we een specifiek gebied of zoveel mogelijk gebouwen aan op het vooraf gekozen warmtealternatief? • Hoe zorgen we ervoor dat zoveel mogelijk stakeholders meedoen? Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 • Zijn er gedeelde belangen of doelstellingen? voor voorde deJGZ JGZ • Hoe ziet de gewenste samenwerking eruit en welke rol en verantwoordelijkheden horen daarbij? • Welke samenwerkingsvorm spreken we met elkaar af? • Op welke manier leggen we afspraken vast en zijn de voorwaarden? wat De Deambities ambities 99 • van Hoe stemmen van het hetNCJ NCJwe de gezamenlijke communicatie af?
een passend communicatieplan opgesteld kan worden; • input verkrijgen voor de nog op te stellen uitvoeringsplannen en -planning; • transparantie creëren richting en tussen alle actoren.
De inzichten en ervaringen die we in de sessies opdoen, worden direct meegenomen in de planontwikkeling en haalbaarheidsstudies. Andere doelen van de werksessies zijn: • ophalen van nauwkeurige en aanvullende (data)gegevens voor de modellen, die de basis vormen van de warmtestrategiebepaling in een gebied;
4.1.9 Ambtelijke organisatie Impactvolle Impactvolle praktijk praktijk 1111 In het licht van de geplande werkzaamheden is er binnen de ambtelijke organisatie meer capaciteit nodig en moeten we aanvullende disciplines intern betrekken. Dat geldt zowel voor de werkzaamheden die voorafgaan aan de TVW 2.0 als de werkzaamheden die daarna uitgevoerd moeten worden.
Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13 Na het vaststellen van de TVW 1.0 wordt daarom geanalyseerd of een multidisciplinair team geformeerd moet worden en welke organisatiestructuur daarbij gewenst is. Deze analyse geeft uitsluitsel of dit team op gemeentelijk niveau, op regionaal niveau of op beide niveaus moet worden ingericht. Het formeren van een multidisciplinair team is vanSlimme belang in relatie tot de efficiëntie van Slimmesamenwerking samenwerking 15 15 de werkzaamheden en interne afstemming.
40 40
17 17 Organisatorische Organisatorische Bovendien is daardoor beter inzichtelijk wie verinbedding inbeddingen en antwoordelijk zijn voor bepaalde werkzaamheden randvoorwaarden randvoorwaarden en waar specifieke kennis aanwezig is. In dat kader is de opzet en inhoud van de TVW 1.0-documenten van alle Parkstad-gemeenten gestoeld op dezelfde methodiek. Daar waar sprake is van vergelijkbare acties om te komen tot de TVW 2.0, zal zoveel mogelijk worden samengewerkt. Dit geldt in ieder geval voor de pandanalyse en de opzet voor sessies met stakeholders en gemeenteraden, waarbij aandacht is voor de lokale situatie (‘couleur locale’). Via Stadsregio Parkstad Limburg wordt op bestuurlijk (Bestuurscommissie Duurzaamheid) en ambtelijk (Broedkamer PALET) niveau sinds 2013 samengewerkt om de energie- en warmtetransitie in deze regio vorm te geven. In deze samenwerking staat de afstemming en harmonisatie van beleid (waaronder PALET, de Regionale Energie Strategie (RES) Zuid-Limburg en de Transitievisie Warmte) centraal en het vertalen daarvan in uitvoeringsprogramma’s. Nadat de TVW 1.0 is vastgesteld wordt ook onderzocht welke vraagstukken van de warmtetransitie door de gemeenten samen
Inhoud Inhoud 44 Inleiding Inleiding worden opgepakt, welke op het niveau van individuele gemeenten, en wat de organisatorische consequenties hiervan zijn. 4.1.10 Inschatting benodigde middelen intern In het volgende overzicht is een opsomming geplaatst van de hierboven beschreven werkRelevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 zaamheden om te komen tot de TVW 2.0. voor voorde deJGZ JGZ Daarnaast is een inschatting gemaakt van de interne ambtelijke uren die daarvoor nodig zijn. Als randvoorwaarde geldt dat er voldoende capaciteit en middelen beschikbaar moeten komen om tempo te kunnen maken nadat de warmtevisie door de gemeenteraad is vastgesteld. De Deambities ambities 99
van vanhet hetNCJ NCJ
Strategische Strategischethema’s thema’s
17 17 Organisatorische Organisatorische inbedding inbeddingen en Inschatting uren intern randvoorwaarden randvoorwaarden
Paragraaf
Werkzaamheden
5.1.1
Pand- en clusteranalyse
5.1.2
Selectiecriteria en uitvoeringsplanning
64 uur
5.1.3
De details van een isolatie- en verduurzamingsprogramma
80 uur
5.1.4
Uitgangspunten communicatie en participatie
24 uur
5.1.4
Impactvolle Impactvollepraktijk praktijk 1111
40 uur
Mate van invloed en invloedsmogelijkheden
24 uur
5.1.4
Organisatie van bewonersvertegenwoordiging
48 uur
5.1.4
Communicatie- en participatieteam
48 uur
5.1.4
Algemeen informatiepunt / algemene informatieverstrekking
80 uur
5.1.5
Regierol
64 uur
Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13
5.1.6
Werksessies stakeholders
24 uur
5.1.7
Generieke aanpak/stappenplan uitvoeringplannen
64 uur
5.1.8
Multidisciplinaire teams
48 uur
5.1.8
Rol en opzet Broedkamer PALET
48 uur 656 uur
Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15
41 41
Inhoud 4 Inleiding 4.2 Vanaf de vaststelling van de TVW 2.0:
Strategische thema’s Stap 1 - Wijkanalyse
uitvoeringsplannen
de eerste stap bestaat uit een analyse van de bestuurlijke, financiële en technische kaders en de fysieke en sociale kenmerken van een gebied. Het vormt de onderbouwing voor een bestuurlijke opdracht om een uitvoeringsplan op te stellen voor een gebied. Stap 2 - Projectplan Op basis van de wijkanalyse kan een specifiek Impactvolle praktijk 11projectplan projectplan worden opgesteld. In het leg je het proces vast om tot een uitvoeringsplan voor het betreffende gebied te komen.
Het uitvoeringsplan is een concretisering van de TVW 2.0 en komt tot stand via intensief overleg en samenwerking met belangrijke stakeholders in een betreffend plangebied. Gestreefd wordt naar een plan dat breed draagvlak geniet onder de 5 Relevante ontwikkelingen betrokkenen. voor de JGZ In het uitvoeringsplan moet gedetailleerd worden beschreven hoe de transitie naar aardgasvrij gaat verlopen, wat er allemaal moet gebeuren, wie wat gaat doen en hoe e.e.a. gefinancierd gaat worden. Het uitvoeringsplan beschrijft ook op welk duurzaam Dewarmtealternatief ambities het plangebied overgaat, 9 pervan wanneer, welke maatregelen nodig zijn om het en NCJ tot de gewenste situatie te komen. In het uitvoeringsplan staat een totaaloverzicht van de stappen die door diverse partijen gezet gaan worden om het gekozen alternatief voor aardgas voor het plangebied te realiseren. Een uitvoeringsplan is een soort contract voor en met de bebouwde omgeving dat door de gemeenteraad getoetst en bekrachtigd wordt. Het planmatig isoleren van woningen en andere gebouwen kan een onderdeel zijn van een uitvoeringsplan. Op hoofdlijnen komen we in vier stappen tot een uitvoeringsplan:
Waardevol vakmanschap 13
Slimme samenwerking 15
42
17 Organisatorische Stap 3 - Uitvoeringsplan inbedding en Vervolgens kun je het uitvoeringsplan opstellen. Hetrandvoorwaarden opstellen van een uitvoeringsplan vraagt om keuzes langs verschillende sporen: bestuurlijk, juridisch, ruimtelijk, communicatie, participatie, technisch en financieel. Stap 4 - Vaststellen De laatste stap is het vaststellen van het uitvoeringsplan als programma onder de Omgevingswet door het college van B en W en de gemeenteraad. In het onderstaande schema zijn de vier stappen van het Uitvoeringsplan beschreven en zien we dat het uitwerkingsniveau richting realisatie gedetailleerder en duidelijker wordt.
Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
44
4.2.1 Mate van invloed en invloedsmogelijkheden In de periode na het vaststellen van de TVW 2.0 inventariseren we de invloedsmogelijkheden in het transitieproces en geven we de mate van invloed aan op basis van de participatieladder. De TVW 2.0 geeft antwoord op de vraag of bewoners en stakeholders meer invloedsmogelijkheden en Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 invloed krijgen, als zij relatief gezien meer interesse voor voorde deJGZ JGZ in de warmtetransitie hebben en actiebereidheid tonen. Op het moment dat deze vraag bevestigend beantwoord wordt, heeft dit een positief effect op de mate van invloed die bewoners en stakeholders krijgen.
Strategische Strategischethema’s thema’s • bepalen van de strategie ten aanzien van het • • • • • • •
4.2.2 De DeCommunicatieambities ambities en participatieteam 99 Invan de aanloop naar de TVW 2.0 wordt de oprichvan het hetNCJ NCJ ting van een communicatie- en participatieteam verkend. De uitkomst hiervan wordt in de TVW 2.0 beschreven en daarmee aan de gemeenteraad voorgelegd. Zodra het communicatie- en participatieteam operationeel is, bestaan de eerste taken uit het verder inrichten van het communicatie- en participatieproces. De werkzaamheden bestaan onder meer uit:
taalgebruik en het verhaal; bepalen hoe we dit naar buiten brengen (incl. communicatiemiddelen); bepalen wanneer we informatie naar buiten brengen; bepalen waar we informatie naar buiten brengen; ondersteuning bieden bij het ophalen van interne enImpactvolle externe informatie; Impactvolle praktijk praktijk 1111 inrichten van de gethematiseerde werksessies met stakeholders; input aanleveren voor de projectplan voor de disciplines communicatie en participatie; input aanleveren voor de Uitvoeringsplannen voor de disciplines communicatie en participatie.
Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13 4.2.3 Werksessies stakeholders Met het uitbrengen van de TVW 2.0 wordt duidelijk of en hoe de gemeente werksessies gaat organiseren met belangrijke stakeholders. De werksessies beogen het proces te ondersteunen om tot het Uitvoeringsplan van een gebied te komen. De sessies kunnen bijvoorbeeld voorbereid en uitgewerkt door het 15 op Slimme Slimmeworden samenwerking samenwerking 15 te richten communicatie- en participatieteam i.s.m. de
43 43
17 17 Organisatorische Organisatorische projectleider of coördinator warmtetransitie van inbedding inbeddingen en de gemeente. randvoorwaarden randvoorwaarden Het maken van een stakeholderanalyse is één van de eerste voorbereidingsstappen van deze beoogde werksessies. Dit wordt gedaan om een volledig beeld te krijgen van de belanghebbende partijen en eventuele experts die over bruikbare kennis beschikken. Nadat de (belangrijke) stakeholders in een specifiek gebied bekend zijn, worden zij genodigd. Uiteenlopende thema’s, die op dat moment relevant of belangrijk zijn, kunnen worden besproken. 4.2.4 Zichtbaarheid en herkenning De zichtbaarheid en herkenning van de warmtetransitie zijn een belangrijk onderdeel van de opgave. In het landelijke Programma Aardgasvrije Wijken wordt volop geëxperimenteerd met verschillende methoden. Zo zouden we ongerustheid van bewoners bijvoorbeeld kunnen wegnemen door inloopwoningen in te richten. In samenwerking en afstemming met woningcorporaties zien en ervaren bewoners dan wat het aardgasvrij maken van een woning betekent. De beschikbaarheid van leegstaande woningen over een bepaalde
Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
44
periode, de financiële consequenties en de bereidheid van de woningcorporaties speelt hierbij een rol.
Ook is het van belang dat bewoners en geïnteresseerden met hun vragen over de warmtetransitie, energiebesparing en verduurzaming terecht kunnen Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 bij informatiepunten op een centrale plek. Zichtvoor voorde deJGZ JGZ baarheid en aantrekkingskracht van de informatiepunten zijn belangrijk. Deze informatiepunten zouden kunnen worden voorzien bij of in locaties als gemeentehuizen, scholen, winkelcentra, buurthuizen of sportverenigingen, omdat hier een natuurlijke toestroom van bewoners is. Voor de concrete invulling van dit onderdeel zoeken wij99 De Deambities ambities devan samenwerking van het hetNCJ NCJmet de WoonWijzerWinkel Limburg, aangezien zij hier veel kennis en ervaring mee hebben opgebouwd en deze reeds het fysieke energieloket is van de gemeenten in de regio Parkstad. In de plangebieden waar we willen beginnen, kunnen we op strategische plekken banners en borden ophangen met informatie over de warmtetransitie. Zo kunnen mensen zien en ervaren dat er iets staat te gebeuren. Ze worden geïnfor-
Strategische Strategischethema’s thema’s
17 17 Organisatorische Organisatorische Na het vaststellen van de TVW 2.0 wordt onderinbedding inbeddingen en zocht welke methoden de gemeente gaat toepasrandvoorwaarden randvoorwaarden sen en met welke intensiteit. De keuzes zullen enerzijds afhangen van de effectiviteit van de methoden en anderzijds van de beschikbare interne en externe capaciteit en middelen.
Impactvolle Impactvollepraktijk praktijk 1111
meerd en geïnspireerd om zelf te participeren als zij dit willen. Ook moeten we goed nadenken over extra contactmomenten met en in het 13 plangebied. Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 We kunnen bijvoorbeeld warmtetransitie-medewerkers fysiek en herkenbaar uitnodigingen laten bezorgen in het plangebied. De gemeente zou ook personeel met kennis van de warmtetransitie aanwezig kunnen laten zijn bij evenementen en bijeenkomsten. De veronderstelling is dat deze fysieke aanwezigheid in het plangebied positief zal uitpakken. Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15
44 44
4.2.5 Beschikbaarheid middelen uitvoering In 2020 heeft de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) een onderzoek verricht naar de uitvoeringslasten van het Klimaatakkoord bij decentrale overheden voor de periode 2022-2030. In het onderzoek is gekeken naar de hoogte van de uitvoeringslasten, de verdeling van het budget tussen gemeenten en de organisatie van de uitvoering. In het rapport worden vooralsnog géén uitspraken gedaan over de daadwerkelijke toekenning van middelen. Na de coalitieonderhandelingen van een nieuw kabinet in 2021 wordt bekend of - en zo ja hoeveel - middelen de gemeenten ontvangen voor deze taken. Deze middelen zullen op zijn vroegst in 2022 ingezet kunnen worden.
Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
44
Het is duidelijk dat er binnen de gemeente(n) extra middelen en capaciteit nodig zijn om de plannen voor de warmtetransitie uit te kunnen voeren. Als op termijn onvoldoende middelen beschikbaar zijn, kan dit ertoe leiden dat de afspraken in het Klimaatakkoord niet in zijn geheel of niet in het gevraagde tempo uitgevoerd kunnen worden. Dit kan Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen 55 bijvoorbeeld resulteren in het niet of niet direct voor voorde deJGZ JGZ realiseren van de benodigde en gewenste organisatiestructuur. Maar in feite hangen alle intenties, doelstellingen, werkwijzen en benodigde organisatorische wijzigingen zoals beschreven in deze Transitievisie Warmte hiervan af.
4.3 Betrokkenheid De De ambities ambities van de gemeenteraad 99
van vanhet hetNCJ NCJ
In het onderstaande overzicht is aangegeven wanneer de gemeenteraad betrokken is bij het formele besluitvormingsproces. In de linker kolom worden de documenten en onderdelen weergegeven, waarover besluitvorming nodig is. De besluitvorming staat weergegeven in de volgorde van het proces.
Strategische Strategischethema’s thema’s
Politiek-bestuurlijk draagvlak voor de plannen moet breed ingezet worden. Om deze reden is besloten om het projectplan en de Uitvoeringsplannen door het college van B en W én de gemeenteraad te laten vaststellen. De gemeenteraad is betrokken bij het vaststellen van de Transitievisies Warmte. Eind 2021 wordt Impactvolle Impactvolle praktijk praktijkWarmte 1111 versie 1.0 van de Transitievisie ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad.
17 17 Organisatorische Organisatorische In de loop van 2022 volgt versie 2.0 en daarna inbedding inbedding en en zal tenminste iedere 5 jaar een update opgeleverd randvoorwaarden randvoorwaarden worden. Politiek-bestuurlijk draagvlak voor de plannen moet breed ingezet worden. Om deze reden zal het projectplan en het uitvoeringsplan door het college van B en W én de gemeenteraad worden vastgesteld.
Documenten/onderdelen warmtetransitie
Besluitvorming
Vaststellen Transitievisie Warmte
College van B&W en gemeenteraad
Updaten en vaststellen Transitievisie Warmte (minimaal iedere 5 jaar)
College van B&W en gemeenteraad
Waardevol Waardevol vakmanschap 13 13 Vaststellen projectplanvakmanschap
College van B&W en gemeenteraad
Vaststellen uitvoeringsplan(nen)
College van B&W en gemeenteraad
Vaststellen omgevingsplan
Gemeenteraad
Aanbesteding uitvoerende partijen
College van B&W
Uitvoeringscontracten
College van B&W
Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15
45 45
Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen voor voorde deJGZ JGZ
De Deambities ambities van vanhet hetNCJ NCJ
44
55
99
Strategische Strategischethema’s thema’s
Naast haar rol in het formele besluitvormingsproces wordt de gemeenteraad in raadsconferenties en/of via een thematische klankbordgroep om inhoudelijke input gevraagd. De opvattingen en standpunten van de gemeenteraad worden als zeer waardevol beschouwd, omdat zij in deze fase van de transitie een afspiegeling vormen van de maatschappelijke opinie. Momenteel zijn de Impactvolle Impactvolle praktijk 1111 volgende onderwerpen enpraktijk bespreekpunten in beeld: • afstemming van selectiecriteria en hun onderlinge weging; • een isolatie- en verduurzamingsprogramma voor woningen en gemeentelijk vastgoed; • afstemmen van de uitgangspunten voor communicatie en participatie; • het effect van interesse en actieve13 betrokkenWaardevol Waardevol vakmanschap vakmanschap 13 heid op de mate van invloed en de invloeds- mogelijkheden van bewoners en stakeholders; • de organisatie van bewonersvertegenwoordiging; • oprichting van een communicatie- en participatieteam door de gemeenten van de regio Parkstad;
Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15
46 46
17 17 Organisatorische Organisatorische • de regierol van de gemeente tijdens de warmteinbedding inbedding en en transitie en de gevolgen hiervan voor de randvoorwaarden randvoorwaarden organisatiestructuur, externe samenwerking, communicatie en benodigde competenties; • de organisatie van (gethematiseerde) werksessies met bewoners en belangrijke stake holders; • benodigde middelen voor het opstellen van de TVW 2.0 en de realisatie van uitvoeringsprogramma’s.
Inhoud
Inleiding
4
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
5
De ambities van het NCJ
9
Strategische thema’s
Impactvolle praktijk
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
11
Waardevol vakmanschap 13
Stap voor s tap naar een duurzame toe koms t. Slimme samenwerking 15
47
17
Bijlage 1: Uitkomsten enquête draagvlak MOVE2030 Inhoud V1 - Bent u eigenaar van de woning?
Inleiding
4
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
5
V2 - In wat voor type woning woont u?
Strategische thema’s
Impactvolle praktijk
11
V3 - In hoeverre vindt u het plezierig wonen in uw buurt?
De ambities van het NCJ
9
V4 - Als u denkt aan uw buurt, wat waardeert u dan wel?
Waardevol vakmanschap 13
Slimme samenwerking 15
48
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
17
Bijlage 1: Uitkomsten enquête draagvlak MOVE2030 Inhoud
V5 - Als u denkt aan uw buurt, wat waardeert u dan niet?
Inleiding
4
Strategische thema’s
V6 - Wat doet u om energie te besparen en uw woning te verduurzamen?
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
5 Impactvolle praktijk
11
V7 - Welke van de volgende maatregelen overweegt u voor de komende drie jaar?
De ambities van het NCJ
9 Waardevol vakmanschap 13
V8 - Wat helpt om uw woning verder te verduurzamen?
Slimme samenwerking 15
49
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
17
Inhoud
Bijlage 1: Uitkomsten enquête draagvlak MOVE2030 V9 - In hoeverre staat u positief of negatief tegenover de 4 maatregel om Nederland aargasvrij te maken?thema’s Inleiding Strategische
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
V10 - Stel dat uw buurt op korte termijn aardgasvrij wordt5ghemaakt in uw gemeente. In hoeverre staat u hier positief of negatief tegenover? Relevante ontwikkelingen voor de JGZ Impactvolle praktijk 11
V12 - Stel dat uw buurt op korte termijn aardgasvrij wordt gemaakt. Welke van de volgende omschrijvingen past het beste bij u? (Voorgelegd aan eigenaren)
De ambities van het NCJ
9
Waardevol vakmanschap 13
V12 - Stel dat uw buurt op korte termijn aardgasvrij wordt gemaakt. Welke van de volgende omschrijvingen past het beste bij u? (Voorgelegd aan huurders)
Slimme samenwerking 15
50
17
Inhoud
Bijlage 1: Uitkomsten enquête draagvlak MOVE2030 4volgende manieren om V14 - In hoeverre staat u positief of negatief tegenover de uw woning aardgasvrij te maken? Inleiding Strategische thema’s
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
5 Impactvolle praktijk
11
De ambities 9 V15 - Stel, dat u of uw verhuurder uw eigen woning aardgasvrij gaat maken. Hoeveel moeite verwacht u dat u dit gaat kosten? van het NCJ Waardevol vakmanschap 13
Slimme samenwerking 15
51
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
17
Inhoud
Bijlage 1: Uitkomsten enquête draagvlak MOVE2030 4 maken van uw woning, V16 - Kunt u uitleggen waarom u verwacht dat het aardgasvrij u of uw verhuurder moeite gaat kosten? Inleiding Strategische thema’s
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
5 Impactvolle praktijk
11
Extra vraag - Hoe comfortable is de situatie in uw woning?
De ambities van het NCJ
9 Waardevol vakmanschap 13
Slimme samenwerking 15
52
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
17
Inhoud
Bijlage 1: Uitkomsten enquête draagvlak MOVE2030 Inleiding Figuur 1 - Actiebereidheid huurders (links)
4
Strategische thema’s
en eigenaren (rechts)
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
Figuur 2 - Opinie maatregelen huurders (links) en eigenaren (rechts)
De ambities van het NCJ
5 Impactvolle praktijk
11
9 Waardevol vakmanschap 13
Slimme samenwerking 15
53
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
17
Inhoud
Bijlage 1: Uitkomsten enquête draagvlak MOVE2030 Inleiding Figuur 3 - Opinie alternatieven huurders (links)
4
Strategische thema’s
en eigenaren (rechts)
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
Figuur 4 - Moeite om woning aardgasvrij te maken huurders (links) en eigenaren (rechts)
De ambities van het NCJ
5 Impactvolle praktijk
11
9 Waardevol vakmanschap 13
Slimme samenwerking 15
54
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
17
Bijlage 2: Partners Transitievisie Warmte 1.0 Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
44
Bij de totstandkoming van deze Transitievisie Warmte gemeente Kerkrade 1.0 zijn de volgende partijen betrokken:
Strategische Strategischethema’s thema’s
Stakeholders: Wonen Limburg HEEMWonen Relevante Relevante ontwikkelingen ontwikkelingen Wonen Zuid voor voorde deJGZ JGZ Enexis Enpuls Waterleidingmaatschappij Limburg Inwoners gemeente Kerkrade
55 Impactvolle Impactvollepraktijk praktijk 1111
Samenwerkingspartners:
De Deambities ambities Stadsregio Parkstad van vanhet het NCJ NCJ Limburg Gemeente Beekdaelen Gemeente Brunssum Gemeente Heerlen Gemeente Landgraaf Gemeente Simpelveld Gemeente Voerendaal
99 Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13
Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15
55 55
Organisatorische Organisatorische inbedding inbeddingen en randvoorwaarden randvoorwaarden
17 17
Bijlage 3: Wijk- en buurtindeling CBS gemeente Kerkrade Inhoud Inhoud Inleiding Inleiding
44
Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen voor voorde deJGZ JGZ
55
De Deambities ambities van vanhet hetNCJ NCJ
99
Wijk- en buurtindeling
Strategische Strategischethema’s thema’s
Impactvolle Impactvollepraktijk praktijk 1111
Waardevol Waardevolvakmanschap vakmanschap 13 13
Born: ‘Kerncijfers gemeente Kerkrade 2020’
Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15
56 56
Organisatorische Organisatorische inbedding inbeddingen en randvoorwaarden randvoorwaarden
17 17
Inhoud Inhoud
Bijlage 4: Warmtestrategieën en varianten Startanalyse
Korte omschrijving van codes, strategieën en varianten in de Startanalyse
Inleiding InleidingOmschrijving strategie Strategiecode S1
S2
Individuele elektrische warmtepomp
B+
Bodemwarmtepomp
Warmtenet met
S2a
B+
MT-restwarmte
midden- tot hogetemperatuurbron
S2b
B+
MT-geothermie
S2c
B+
MT-geothermie overal*
S2d
D+
Mt-restwarmte
S2e
D+
MT-geothermie
S2f
D+
MT-geothermie overal*
B+
LT-warmtebron, levering 30°C
S5
55
Impactvolle Impactvollepraktijk praktijk 1111
Warmtenet met
S3a
lagetemperatuurbron
S3b
B+
LT-warmtebron, levering 70°C
S3c
B+
WKO, levering 70°C hele buurt*
S3d
B+
WKO, levering 50°C
S3e
B+
TEO + WKO, levering 70°C
S3f
D+
LT-warmtebron, levering 70°C
S3g
D+
WKO, levering 70°C hele buurt*
S3h
D+
TEO + WKO, levering 70°C
De Deambities ambities van vanhet hetNCJ NCJ
S4
Strategische Strategische thema’s thema’s Omschrijving variant Organisatorische Organisatorische Variantcode Label inbedding inbeddingen en S1a B+ Luchtwarmtepomp randvoorwaarden randvoorwaarden S1b
Relevante Relevanteontwikkelingen ontwikkelingen voor voorde deJGZ JGZ S3
44
Groen gas
Waterstof
99
S4a
B+vakmanschap Waardevol Waardevol vakmanschap 13 13
Hybride warmtepomp
S4b
B+
hr-ketel
S4c
D+
Hybride warmtepomp
S4d
D+
hr-ketel
S5a
B+
Hybride warmtepomp
S5b
B+
hr-ketel
S5c
D+
Hybride warmtepomp
S5d
D+
hr-ketel
Slimme Slimmesamenwerking samenwerking 15 15 * De varianten (S2c en S2f) en (S3c en S3g) zijn doorgerekend om voor iedere buurt inzicht te geven in de verschillende kostenposten van warmtenetten. Daartoe is verondersteld dat geothermie respectievelijk WKO in iedere buurt mogelijk is. Omdat dit in werkelijkheid niet zo hoeft te zijn, doen deze varianten niet mee in de selectie van varianten met de laagste nationale kosten voor strategie S2 respectievelijk S3.
57 57
17 17
Inhoud Inleiding
4
Relevante ontwikkelingen voor de JGZ
5
De ambities van het NCJ
9
Strategische thema’s
Impactvolle praktijk
Organisatorische inbedding en randvoorwaarden
11
Waardevol vakmanschap 13
De Transitievisie Warmte Gemeente Kerkrade (Versie 1.0, 12-2021) is een uitgave van de gemeente Kerkrade, en is tot stand gekomen onder verantwoordelijkheid van afdeling Milieu en Bouwen, domein Stad.
Uitsluitend met uitdrukkelijke bronvermelding is het toegestaan de informatie uit dit document geheel of gedeeltelijk op enigerlei wijze over te nemen en/of te verspreiden. Vormgeving: Margret Reijnders - creatieve communicatie
Postbus 600, 6460 AP Kerkrade Telefoon: 14 045 Fax: (045) 56 76 356
15 menwerking
vakmanschap 13
lle praktijk
11
gemeentehuis@kerkrade.nl www.kerkrade.nlSlimme samenwerking
58
17
15