Transcript 21 december 2021.pdf
Tekst van het document
1 Opening door de voorzitter J. Roland voorzitter
Dames en heren, het is inmiddels zeven uur. We zijn vandaag bij elkaar in verband met een Gezamenlijke commissie over de participatie. Ik heet u allen welkom. Ik wil vooraf even tegen u zeggen: mocht u van zin zijn om in deze avond voor kerst een drankje te nuttigen tijdens deze vergadering, doe dat dan alsjeblieft buiten beeld want iedereen kan dit namelijk zien. Ik zie al een interruptie van de heer Ter Horst. Sorry, Voorzitter. Mevrouw Laumann komt iets later. Fractie SP
Dank u wel. J. Roland voorzitter
Dank je. Waarvan akte. Er zijn nog twee andere afmeldingen maar het is een gezamenlijke commissie, maar ik hoef niet op te noemen wie er niet is. Iedereen kon vrijwillig inloggen. Dames en heren, dit is een Commissie overstijgend onderwerp en in de raadswerkgroep Omgevingswet is de voorbereiding opgepakt en het resultaat van die voorbereiding ligt vandaag in deze commissie ter beschikking. De vraag is: hoe denken partijen over participatie? Daar gaan we het vandaag met elkaar over hebben. U kunt uw eigen kijk op het onderwerp geven. Hoe ziet u uw partij participatie? Welke kansen ziet u? Welke zorgen heeft u? Wat is de interpretatie van het onderzoeksresultaat? Wat is het toekomstbeeld? Wat is uw visie? Hoe ziet u de participatie slagen in uw eigen straat of wijk? U kunt alles inbrengen en vervolgens gaat de ambtelijke organisatie aan de slag met alle informatie die vanuit de werkgroep is aangeboden en uit de bespreking in deze commissie om dat uit te werken in een beleidsdocument en een verordening. Het college is ook uitgenodigd en zal vandaag als toehoorder fungeren. Ik heet u ook welkom college. Ik zal nu via de griffier een nummertje trekken om de volgorde te bepalen daar waar we een eerste termijn nodig hebben. Na de eerste termijn werken we met handopsteken. Dat is makkelijker en heeft ook iedereen de gelegenheid om vragen te stellen. Griffier aan u het woord.
Nummer twee D.G.M.G. Franssen griffier
en dat is mevrouw Bremen van Lokaal Alternatief. J. Roland voorzitter
Dan is het Lokaal Alternatief, Ons Kerkrade, de SP, het CDA, de VVD, en dan gaan we naar de buitenring met de Ouderenpartij, BurgerBelangen en tot slot de Partij van de Arbeid. Dan heb ik iedereen gehad en dit is voor de eerste termijn. Dames en heren, bij deze hebben we agendapunt één de opening gehad.
2 Vragenuurtje J. Roland voorzitter
Meneer Paas, u wilt iets zeggen.
1 Opening door de voorzitter J. Roland voorzitter
Voorzitter, uw volgorde was niet helemaal correct. Als we naar de buitenring gaan hebben we eerst BurgerBelangen, dan de Partij van de Arbeid en als laatste de Ouderenpartij. U zette de Ouderenpartij aan het begin van de buitenring. Dat komt, meneer Paas, omdat ik uitga van mijn Commissie Algemene Zaken en daar zit de Ouderenpartij voor BurgerBelangen. Dan heeft u een punt, Voorzitter. Ik heb altijd een punt. Ik schik mij, Voorzitter. Na de VVD ben ik aan de beurt. Dank u wel, Voorzitter. Ik denk niet dat het nog veel uitmaakt of u dan of twee plaatsen later aan de beurt bent. Dames en heren, ik kom bij agendapunt twee en dat is het vragenuurtje.
2 Vragenuurtje J. Roland voorzitter
Daar had niemand zich voor gemeld. Ook niet voor de schriftelijke spreektijd voor het publiek. Dan krijgen we het vaststellen van de agenda.
4 Vaststelling van de agenda J. Roland voorzitter
Ik neem aan de agenda duidelijk voor u is en we daar niet aan hoeven te tornen.
5 Vaststelling van de besluitenlijst van de gezamenlijke commissie van 28 september 2021 J. Roland voorzitter
Dan krijgen we het vaststellen van de besluitenlijst van de gezamenlijke commissie van negenentwintig september. Wil daar nog iemand op- of aanmerkingen maken? Ik zie dat mevrouw Wevers daarop wil reageren. Mevrouw Wevers. Voorzitter, het bevreemdt mij een beetje dat we nu de besluitenlijst Fractie SP
van de commissie krijgen die drieëntwintig september is gehouden. Ik zou de griffie willen verzoeken om de Gezamenlijke commissie ook in de eerstvolgende commissie te bespreken en vast te stellen en niet drie maanden na dato. Ik weet echt niet meer precies of we dit nu zo hebben gezegd. Dat is zo ver weggezakt. Ik denk wel dat ik begrijp waarom hij dat zo wil, want anders moet je in drie commissies afzonderlijk vragen of we het eens zijn met die besluitenlijst. Maar ik vind dit een beetje lastig. Misschien wil de griffie daarover iets zeggen. Ik weet het niet. J. Roland voorzitter
Nee, daar hoeft de griffie niets op te zeggen, daar zeg ik wel wat op. We doen het precies zoals het volgens het reglement hoort. Je stelt de besluitenlijst van een commissie die je gehad hebt in de eerstvolgende commissie vast. Dit is de eerstvolgende commissie na negenentwintig september. U geeft het zelf al aan: anders moeten we in drie commissies iets vaststellen wat niet in die commissie thuis hoort. Dus we doen niets verkeerd, mevrouw Wevers. Wellicht is het een puntje van attentie en ik zal aan de griffier vragen om daar nog eens over na te denken. Ja? Fractie SP
Mag ik er dan nog één ding over zeggen? Ik snap de ratio wel, maar wij zijn nu blijkbaar iets nieuws aan het doen met af en toe Gezamenlijke commissies. Als we die maandelijks hebben, is het geen probleem om dit zo te doen. Maar als dat maar twee keer in het jaar is, wordt het wel een probleem. Dus daar graag even wat aandacht voor. J. Roland voorzitter
Ja? Dat was het. Zoals ik reeds zei zal ik dit met de griffier overleggen en kijken of we daar ergens in tegemoet kunnen komen. Dames en heren, dan ben ik aan agendapunt zes.
6 Presentatie Toponderzoek: resultaten Kerkrade aan het woord J. Roland voorzitter
Onderzoekers Martijn Hulsen en Sergo Stijnen geven nu een presentatie over het onderzoek Kerkrade aan het woord. Er is ruimte om vragen te stellen en in gesprek te gaan met de onderzoeker. U heeft kunnen zien
dat de onderzoekers de presentatie hebben opgedeeld in blokken. Op een gegeven moment wordt er dan aan u gevraagd of u vragen heeft. Ik wil met u afspreken dat we de blokken afmaken en als er vragen in beeld komen, mag u wat mij betreft uw vragen stellen en dat doen we met hand opsteken. Bewaar uw politieke kijk voor het volgende agendapunt: dus stel hierover vragen en houdt uw politieke zaken voor agendapunt acht. Daar komt het ruimschoots aan de orde en kunnen we erover praten. Ik geef het woord aan Sergo of Martijn. Wie wil er eerst? Martijn? Spreker Extern
We doen het beiden. Ik ben Martijn Hulsen van Toponderzoek en Sergo Stijnen SSSHIFT. We hebben samen dit onderzoek mogen uitvoeren. Het onderzoek staat online. U heeft het van tevoren kunnen inlezen en wij gaan op hoofdniveau de bevindingen en wat wij eruit hebben gehaald presenteren. Kerkrade aan het woord: u bent bezig met het maken van een passend participatiebeleid. De vraag is steeds: wat is passend? U kunt zelf de vraag invullen maar u kunt ook eerst rating opstarten bij de burgers/inwoners: hoe staat u erin? Dat is dit project Kerkrade aan het woord. We hebben in de buitenwereld kwantitatief opgehaald hoe ze aankijken tegen participatie in de brede zin van het woord om dit vervolgens kwalitatief te duiden. Ik begin dadelijk de presentatie met de positieve resultaten, de vragenlijst. Daarna gaat Sergo Stijnen door met het kwalitatief gedeelte. We hebben gekeken of hetgeen we opgehaald hebben ook kwalitatief kunnen duiden en dit hebben we in de vorm van groepsinterviews gedaan. Allereerst het onderzoek: Sergo Stijnen gaat me helpen met het delen van de presentatie. Dat is altijd heel spannend met de techniek. Ik ga er vanuit dat het voor kerst nog allemaal lukt en anders gaan we vooral doorpraten. Als het goed is, Martijn, zien de commissieleden op dit moment de presentatie in beeld. Klopt dat? Wat mij betreft wel. Prima! Dankjewel.
Zoals ik al zei, beginnen we nu met de kwantitatieve resultaten. Dat is ook het eerste document wat u online kunt vinden. Daarbij hebben we informatie opgehaald bij de inwoners, dus letterlijk Kerkrade aan het woord. De vragenlijst die we hebben uitgesteld, hebben we afgestemd en ook samen opgesteld met de werkgroep Omgevingswet en Participatie. Het was een coproductie en we hebben samen afgetast als we deze vraag stellen, jullie er dan ook wat mee kunnen. We hebben één à twee keer bij elkaar gezeten. Op zeventien november hebben we de methodiek afgestemd en zijn er een tiental vragen uitgekomen. De eerste vraag ging over de inwoner zelf en daarna over de participatie. Over het veldwerk: we hebben dit breed uitgezet via de communicatiekanalen van de gemeente, in de krant gepresenteerd, op de markt gaan staan, op social media campagnes uitgedraaid en gebruik gemaakt van het burgerpanel TipKerkrade. We hebben een brede groep van iets meer dan 600 mensen kunnen bereiken. Daar waren we heel blij mee. De eerste resultaten hebben we op de volgende sheet staan. De eerste vraag die we gesteld hebben aan de inwoners is: hoe betrokken voelt u zich bij de gemeente Kerkrade? Bij de introductie van de vragen hadden we vermeld dat de gemeenteraad de opdrachtgever is. Jullie willen heel graag een passend participatiebeleid maken met de inwoners als deelgenoten.
Als deze vraag letterlijk aan de inwoners wordt gesteld, zegt maart liefst 65 procent: ik voel me betrokken tot zeer betrokken bij de gemeente. Naar onze mening is dat een mooie basis om op verder te bouwen. Tegelijkertijd is er twaalf procent die zich totaal niet betrokken voelt bij de gemeente. Dat is een andere groep in Kerkrade. De tweede vraag: hoe belangrijk vindt u het om te weten wat er in de gemeente gebeurt? Daar zegt een overgrote meerderheid - dat zien we niet vaak - van maar liefst 94 procent: ik vind het belangrijk om te weten wat er in Kerkrade gebeurt. De schaal wijkt echt uit en dat is heel positief. U kan trouwens alle resultaten online teruglezen en hebben deze uitgesplitst op verschillende subdoelgroepen. Gezien de tijd, zijn dit de resultaten op hoofdniveau. Uiteraard willen we best vragen beantwoorden. Enerzijds voelen mensen zich betrokken en willen graag geïnformeerd worden. Als je daarna vraagt of ze zich voldoende geïnformeerd voelen, zegt één op drie dat dit zo is. Daarbij is er een verschil tusen jongeren en ouderen. De jongeren voelen zich wat minder goed geïnformeerd dan de ouderen. Bij vraag drie ziet u aan de rechterkant het document. In het cirkeldiagram ziet u hoeveel inwoners zich voldoende geïnformeerd voelen en maar negen procent voelt zich niet goed geïnformeerd.
Dan zitten we bij de presentatie en er staat letterlijk: respondenten zijn in verschillende mate bereid om samen met gemeente Kerkrade aan de slag te gaan. Als vraag vier hebben we letterlijk gevraagd: bent u bereid om samen met de gemeente aan de slag te gaan met plannen en ideeën rondom het beter werken, leven en wonen? Er zitten verschillende gradaties in hoe mensen mee willen doen. Ook hier zien we dat mensen er echt voor openstaan en met name - en dat is waarschijnlijk ook de hypothese die wat ingewilligd is - voor de meer lokale onderwerpen: des te lokaler de onderwerpen, des te groter de bereidheid tot participatie. Lokaal is de straat en iets minder lokaal is de gemeente. Daarin zijn er verschillende gradaties: wilt u op straat-, wijk- en gemeenteniveau mee praten? Er zat trouwens één buurt tussen. Des te algemener het wordt, des te minder mensen bereid zijn om te participeren. Tegelijkertijd hebben we ook gevraagd of inwoners de afgelopen vijf jaar hebben geparticipeerd - daarnet was het houding en nu gedrag - en dan zien we dat 25 procent zegt niet betrokken te zijn geweest bij projecten of onderwerpen. Enerzijds willen ze wel, maar anderzijds waren ze de afgelopen vijf jaar niet
betrokken. Als ze betrokken zijn geweest, was dit vooral op gemeenteniveau en niet op straatniveau. Dat is het leuke aan wat er gebeurt. Als je vervolgens aan de bewoners vraagt op welke thema's ze graag willen participeren - dit was een open vraag, mensen konden het zelf invullen en wij hebben het gecategoriseerd komen deze vijf categorieën naar voren, waarbij verkeer en groenvoorziening er echt bovenuit springt. Drie is de buurt, vier de leefbaarheid en vijf is veiligheid, onderhoud en centrum, dus drie categorieën die evenveel scoren. Mensen willen dus het meeste over verkeer en groenvoorziening doorpraten. Dit was heel kort de informatie over het kwantitatief gedeelte. We hebben ook aan de mensen gevraagd of ze op de hoogte willen gehouden worden over een voor- en participatietraject. Er zijn een twintigtal mensen uitgekomen die kwalitatief wilde doorpraten. Die heeft Sergo als interview overgenomen om te kijken of we daar een stukje duiding aan kunnen geven. Sergo. Dank u wel, Martijn. Wellicht goed voor de commissieleden om even een moment van bezinning in te lassen. Wellicht zijn er vragen over het eerste deel en ik denk dat dit nu een passend moment is. Ik zie non verbaal al wat beweging ontstaan. Zoals afgesproken tijdens de opening, als u nu uw hand opsteekt geef ik u het woord en kan alles via de Voorzitter lopen. Ik zie een handje van de heer Charlier.
Ja, Voorzitter. Bedankt voor het onderzoek en de presentatie. Ik had deze ook al van tevoren gelezen en het was zeer interessant. Ik vraag me af - en het zou kunnen dat dit zo dadelijk in het vervolg naar voren komt - of er ook verdiepingsvragen zijn gesteld. Tien procent vult het onderzoek in maar geeft aan geen interesse te hebben. Dan zou mijn verdiepingsvraag zijn: als je geen interesse hebt, waarom vul je dan het onderzoek in? Bij de mensen onder de 40 die aangeven minder goed geïnformeerd te zijn, zou het mij erg interesseren op welke wijze zij hun informatie zouden willen krijgen, anders dan de kanalen die op dit moment gebruikt worden? Goede vraag. Als onderzoekers willen wij een brede afspiegeling krijgen van de inwoners in Kerkrade. We hebben Facebook en Instagram gebruikt, letterlijk op straat gestaan om te vragen of de mensen mee wilden denken met ons vraagstuk. Dan krijg je ook mensen die iets minder betrokken zijn en dit ook zo aangeven. Onderzoekstechnisch zijn we daar blij mee omdat we die brede afspiegeling willen. Alleen hoe ga je dan om met die tien procent? Dat is een politieke vraag. We hebben gekeken naar het verschil tussen jong en oud. Volgens mij bedoelde u vraag twee: hoe betrokken voelt u zich? Dit is een interessante opmerking van meneer Charlier. Als je een dergelijke vragenlijst invult, zou je kunnen veronderstellen dat je ook betrokken bent.
Dat haal ik uit uw opmerking. Op pagina acht van de rapportage staat de uitsplitsing naar geslacht en leeftijd en hoe mensen op die vraag geantwoord hebben. Hoe reageert bijvoorbeeld man of een jongere? We hebben daarover een toelichting gegeven en dit Excel bestand heb ik aan de griffie aangeleverd. Daarin kan u terugkijken wat de mensen hebben ingevuld. Bij dit kwantitatief gedeelte willen we voornamelijk op hoofdniveau ophalen hoe de mensen erin staan en bij het kwalitatief gedeelte hebben we een stukje duiding aangebracht. Dus uw redenatie klopt. De heer Paas. Dank u wel, Voorzitter. Ik zag in de presentatie dat 94 procent van de ondervraagden Fractie Ouderenpartij
het belangrijk vond te weten wat er speelt binnen de gemeente. Verder in het onderzoek zien we dat we die 94 procent niet bereiken. Bij mij kwam de gedachte op: wat doen wij nu met die gegevens? We weten dus dat er kennelijk veel mensen het belangrijk vinden te weten wat er speelt, maar we krijgen ze niet betrokken. Hoe bereiken we hen? Moeten we meer aan communicatie doen? Moet onze afdeling communicatie uitgebreid worden? Graag daar even een reactie op. Spreker Extern
Dank u wel. Vanuit onderzoekspunt zaten we samen met de werkgroep te kijken wat nu de gemeente is. Wat voor u de gemeente Kerkrade is, kan voor een burger of wie dan ook een instituut of de samenleving zijn. In één van de eerste versies hadden we de 'gemeenschap Kerkrade' staan. Dus het kan zijn dat mensen op de hoogte willen gehouden worden over wat er in de gemeente Kerkrade gebeurt en dat hoeft niet altijd de overheidsinstantie te zijn. Het kan vooral de definitie zijn en hoe ermee om te gaan, daar kan u iets van vinden. Dat hebben we niet exact uitgevraagd. Wel een kwalitatief gedeelte. J. Roland voorzitter
Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Van Beek. Dank u wel, Voorzitter. Voorzitter, door het hele onderzoek komt een tiental keer de zin voor Fractie SP
'bent u...' rondom beter werken, leven, wonen. Ik kijk er even als burger naar en vraag me af wat die participatie rondom leven en wonen inhoudt. Ik kan me voorstellen wat dat wonen en leven is, maar wat is dat beter werken? Ik kan me niets voorstellen bij de betekenis hiervan in deze context. Als burgers zich dit ook zo afvragen, denken wij dat ze misschien eerder geneigd zijn om neutraal te antwoorden. We weten het niet zo goed, omdat we die vraag rond 'beter werken' niet zo goed begrijpen. Misschien heeft dat ook wel
invloed gehad op de uitkomst van het onderzoek. Dus wat betekent dat 'beter werken' in deze context? Ook een goede vraag. Dank u wel. Spreker Extern
U bedoelt vraag vier: bent u bereid om samen met de gemeente aan de slag te gaan met plannen en ideeën rondom beter werken, leven en wonen? Ons startpunt is dat we op zoek zijn naar een antwoord op hoe we een passend participatiebeleid maken. Het woordje 'participatie' is heel moeilijk uit te leggen, zeker voor de buitenwereld en dus mensen die niet betrokken zijn bij de overheid. Samen met de afdeling communicatie en de werkgroep, hebben we gekeken naar hoe we de teksten zo toegankelijk mogelijk kunnen presenteren. Daardoor werd het platter. Ik ben het eens met wat u zegt: wat is leven, wonen en werken? Maar soms moet je de vraag platter stellen om een antwoord te krijgen. Als je gaat afbakenen 'als gemeente doen we dit of dat' of bepaalde plannen al gaat voorprogrammeren, krijgen we andere antwoorden maar we wilden eerst op hoofdniveau binnenhalen hoe mensen er tegenaan kijken. Wat voor u wonen is, kan voor mij anders zijn. Maar het woordje 'beter' geeft aan: hoe kan ik mijn woonsituatie of woonomgeving verbeteren? Dat is de insteek van de vraag geweest. Op toegankelijke wijze. Fractie SP
Mag ik nog een verhelderende vraag stellen? Ik begrijp het leven en wonen wel, maar ik vind het 'beter werken' een hoog abstractieniveau hebben. Wat betekent het in deze context? Moeten de mensen de schop in de hand pakken en gaan ze daardoor beter werken? Ja, ik vind het heel erg abstract en hoe gaan de mensen daar dan mee om? Ze moeten toch enige houvast hebben om daar een betekenis aan te kunnen geven? Het kan vele betekenissen hebben waardoor ik me afvraag: wat vraag je aan de mensen en welk antwoord krijg je? Het is zo onspecifiek. U begrijpt wat ik bedoel? Ik vind het heel erg breed getrokken. Dat is mijn punt. Met andere woorden, meneer Van Beek, u wilt zeggen J. Roland voorzitter
dat het doel met deze vraagstelling gemist is? Fractie SP
Dat wil ik niet zeggen, maar ik vraag me af of het niet in de weg staat om het doel te bereiken wat we wilden bereiken. Als je met een hele vage vraag komt.... Spreker Extern
Mag ik daar misschien op reageren? Martijn geeft aan dat we dit onderzoek samen gedaan hebben. Stel, we draaien het om en hadden voor meer concretie en gerichtheid gekozen, had je ervoor gekozen om wellicht een deel van dat wat men beleefd uit te sluiten. En dat is een hele gevaarlijke, want dan zou je zomaar eens terecht kunnen komen in een suggestie en zou je suggestief misschien gaan vragen: hoe kan je dit ten alle tijden voorkomen? Omgekeerd in positieve zin, geeft deze hogere abstractie - zoals u die duidt - de mogelijkheid aan mensen om in hun eigen leven breed te kijken naar wat er op dit moment speelt. En dat te laten terugkomen in deze vraag als antwoord. Dat betekent dat je mensen de ruimte geeft. Dat zijn we met elkaar misschien niet altijd gewend, want we willen heel graag duidelijke kaders hebben. Maar soms is het ook goed om iets los te laten en mensen aan het woord te laten vanuit een bredere optiek en dat is in deze gebeurd. Dat is de argumentatie achter de vraagkeuze. En mede ook dat wat Martijn aangeeft, het toegankelijk moet zijn qua taalniveau. Dat komt dus uit de koker van de afdeling communicatie. Wij hebben dit ter harte van hen aangenomen, want daar ligt niet per se onze expertise op de eerste plaats. Mag ik nog één laatste vraag stellen? Fractie SP
Als ik aan vraag wat u bedoelt met 'beter werken', welk antwoord Spreker Extern
kan u dan aan mij geven? Ik kan u daar geen persoonlijk antwoord op geven, want ik ben de onderzoeker. Maar als ik terugkijk naar de open antwoorden van de respondenten, betekent beter werken: ik heb een baan in de gemeente Kerkrade, ga iedere dag naar die baan en daarin kom pik een aantal dingen tegen in relatie tot mijn werk en werkgever en daar vind ik wat van. Bijvoorbeeld: als ik kijk naar hoe ik mij moet voort bewegen binnen de gemeentegrenzen om mijn baan goed te kunnen uitvoeren, kan ik hinder ondervinden van bepaalde zaken binnen de gemeente en daarover zou ik graag mee willen praten. Daar ligt dan mijn betrokkenheid op het vlak van participatie. In het onderdeel kwalitatief onderzoek kan je dit als één van de voorbeelden van een open antwoord terugvinden. Als je naar 'beter leven' kijkt - die vraag kan je ook stellen - geven mensen aan dat ze opmerken dat er in hun directe omgeving veel wordt geklaagd en dat hun
leefgeluk dempt. Ze zijn op zoek naar een veel constructievere manier om met elkaar als gemeenschap om te gaan. Dus 'beter leven' zou kunnen betekenen: laten we met als gemeenschap de dialoog voeren en wat minder zeuren want dat helpt ons niet verder. Dat is een voorbeeld wat ik u kan geven als duiding voor 'beter leven'. Wellicht helpt u dat wat. Dank u wel. J. Roland voorzitter
Ik denk dat we de opmerkingen van de heer Van Beek moeten meenemen als leermoment voor een volgende keer, zodat we daar met elkaar van te voren goed over kunnen stoeien. Ik geef het woord aan mevrouw Laumann. Voorzitter, mag ik daarop nog even reageren? Want dat zou bijna de suggestie wekken dat dit onvoldoende gebeurd is. Spreker Extern
Ik wil toch nog even benadrukken dat er, voorafgaand aan de vragenlijst, ruim gekeken is naar hoe we die vragenlijst gingen insteken en al deze zaken zijn wel in overweging genomen. J. Roland voorzitter
Dank u wel. Wat ik daarmee wilde zeggen is dat je op ieder moment leert en je het een volgende keer nog beter kan doen. Absoluut! Dat ben ik helemaal met u eens. Dan gaan we nu luisteren naar mevrouw Laumann. Fractie SP
Dank u wel, Voorzitter. Fijn dat deze vragen gesteld zijn en ik wil bedanken voor dit onderzoek. Alleen vind ik het hele onderzoek een beetje summier. Dit zeg ik niet om het af te kraken, want je moet ergens beginnen. Maar mij stuit het een beetje tegen de borst - en dat is bij veel onderzoeken zo - dat je alleen zwart of wit kan antwoorden en niet genuanceerd. Wat bedoel ik daarmee? Als tien procent zegt zich niet betrokken te voelen bij deze gemeente, zou ik willen weten waarom niet. Ik snap dat je niet alles in een onderzoek kan vragen. Ik ben blij dat er maar tien procent zegt niet geïnteresseerd te zijn, zodat we ook weten dat deze mensen de enquête invullen. Het kunnen er ook best meer zijn, want dit zijn enkele de mensen die het ingevuld hebben. Ik vind die verdieping een beetje jammer, en meneer Van Beek zei dit net ook al. En dat geldt ook voor de overige vragen. Nogmaals, ik kan me voorstellen dat je niet meteen een verdiepingsslag kan maken. Maar als je wil weten wat erin de gemeente speelt, wat bedoel je daar dan mee? Gaat dat dan over mijn straat, de gemeentepolitiek, de markt? Het is zo groot en breed. Dus je moet er vanuit gaan dat mensen weten wat er gevraagd wordt. Dat kan veel kanten uit. Hoe kijkt u daar zelf tegenaan? Spreker Extern
Mogen wij u nog even een vraag ter verduidelijking stellen alvorens wij antwoord geven? U heeft de volledige onderzoeksresultaten gezien? Ja, en ik heb hem zelf ook ingevuld trouwens. Heel fijn! Dank u wel voor de medewerking en betrokkenheid in het kader van betrokkenheid. Martijn. Dank u wel voor de aanvulling. Wat hebben wij gedaan? Enerzijds hebben wij het participatiebeleid zo toegankelijk mogelijk proberen te presenteren aan een zo breed mogelijke groep. Met de werkgroep wilden we vijf à acht vragen stellen. Het zijn er uiteindelijk tien geworden. De rapportage ziet er eenvoudig uit, maar er zit een hele denkwijze achter. Bij vragen één twee en drie zoemen we heel gericht op die man of vrouw in: hoe staat u erin? Voelt u zich betrokken? Bent u voldoende geïnformeerd? Vindt u het belangrijk wat er gebeurt in uw gemeente? Die vragen hebben we vergeleken met de vragen die erop volgen. Als de eerste drie vragen invloed hebben op de vragen die daarna komen, worden ze ook gerapporteerd want dat zijn dan significante resultaten. Die motivatie, is het kip en ei verhaal. Ik snap en voel heel goed wat u zegt. Wij zijn van bovenaf begonnen, hebben breed gekeken naar wat er speelt en zijn dan de verdieping ingegaan. Daarin ging Sergo de vraagstelling verduidelijken. We moesten ergens beginnen en dit is ons begin. Nu gaan we dadelijk verder de diepte in.
Er komt dus nog een vervolg waarin alles nog meer gedefinieerd wordt? Fractie SP
Ja, zo dadelijk nog. In de verduidelijking. Spreker Extern
Als u dan van uw zijde de antwoorden nog niet heeft gevonden die u nodig heeft, kan dat een constatering zijn waar mogelijk een vervolg aan hangt. Wij gaan ons daar op dit moment niet over uitlaten, want dat leggen we heel graag terug bij u. Maar ik denk dat de resultaten tot nu toe u verleiden tot dit soort vragen en daar zijn wij op zich al heel erg blij mee. Dank u wel. Nog één aanvulling: vragen vijf en zes waren twee open vragen wat wil zeggen dat de antwoorden niet voorgeprogrammeerd zijn. De mensen mochten zelf iets invullen. Bij de andere vragen mocht dat ook, maar dan in de vorm van een toelichting. De toelichtingen
hebben we in Excel verwerkt en via de griffie gaan we die ook aan u presenteren. Dus vraag vijf: waarover wilt u praten? Aan welke projecten wil u mogelijks meewerken? Dat was die top vijf die ik net gepresenteerd heb. Vraag zes - die hebben we niet genoemd - is: welke tip wilt u meegeven aan de gemeente? Dat zijn allemaal tips, losse teksten en verbeterpunten die jullie zouden kunnen oppakken, maar als we die hier zouden droppen, wordt het hele verhaal uit zijn verband getrokken. [crosstalk 00:49:27] Ik neem in de rest van de presentatie daar een voorschot op en hopelijk wordt u dan op uw wenken bediend. Ik wacht in spanning af. Het beste is als de communicatie via de Voorzitter loopt J. Roland voorzitter
want anders wordt het straks een Poolse landdag. Ik geef het woord aan mevrouw Moberts. Fractie Burgerbelangen
Dank u wel, Voorzitter. Ik vond het een fijne presentatie, moet ik zeggen, waarbij mij is opgevallen dat de meeste mensen die deelgenomen hebben aan die enquête, twee belangrijke items hebben aangegeven, namelijk groenvoorziening en verkeer. Dat duidt voor mij dat mensen met name interesse hebben in wat er gebeurt rond hun eigen woonplekje. Alles wat er bij hun in de straat en omgeving is, vinden ze het meest belangrijke. Dat vind ik heel erg fijn om te horen, omdat je daaruit weer een conclusie kan trekken. Dat is punt één. Ik denk zelf dat we daar al een leerschool uit moeten trekken, namelijk: als er iets is zoals groenvoorziening of verkeer, we de mensen uit die buurt moeten informeren over dat er bijvoorbeeld een voetgangersoversteekplaats, stoplicht of een groen veldje komt. Informeer de burgers dat er iets gaat gebeuren. Dat zou fijn zijn, dus wat dat betreft al een leerschool uit die enquête. Er valt mij ook nog iets anders op: we hebben het over taal B1. Ik woon zelf in de wijk Spekholzerheide. Niet alles is hier een B1 niveau. Ik kan jullie nu al zeggen dat het woord 'participatie' hier heel moeilijk is. Als je bij de enquête zou plaatsen dat het gaat over deelnemen, mee doen of meedenken over hetgeen in je wijk gaat plaatsvinden, denk ik dat er veel meer mensen gaan deelnemen aan de enquête. Dat is een tip voor in het vervolg.
Maar ik vind het een prachtige enquête en heb er zelf veel informatie uitgehaald. Dank u wel. J. Roland voorzitter
Fijn, we zullen de zaken die u aangeeft meenemen. Dan ga ik naar het laatste handje en dat is van mevrouw Wevers. Ik hoop dat u nog iets nieuwers heeft dan uw twee collega's reeds gezegd hebben. Fractie SP
Dat heb ik zeker. Mijn complimenten voor de uitwerking van het onderzoek. Ik heb zelf ook meegedaan en had hetzelfde als iedereen bij de vragen, namelijk dat ik het wat genuanceerder wilde beantwoorden. Wat mij vooral opviel wat de grote discrepantie tussen de 94 procent die heel graag betrokken wil zijn en de mate waarin de mensen zich betrokken voelen. Die was heel laag in verhouding. Mijn vraag: is deze discrepantie normaal bij dit soort onderzoeken? Is dit jullie ook opgevallen? Hoe duiden jullie die discrepantie? Ligt daar een rol voor ons als raad om iets mee te gaan doen? Dat als eerste en het tweede sluit aan bij dat wat mevrouw Moberts net zei: in hoeverre weten mensen dat participatie ook over de sociale agenda gaat? Dus dat de gemeente gaat over het uitkeringenbeleid en de belastingtarieven? Willen de mensen hierin ook meer beslissingsbevoegdheid hebben of komt dit niet bij hen op en is het meer voor de hand liggend om aan je eigen straat te denken? Hebben jullie daar een idee van? Martijn, wei van ons beiden start met de beantwoording? Ik geef Martijn het woord en daarna Sergo. J. Roland voorzitter
Dank je wel mevrouw Moberts voor de antwoorden. Over het B1 taalniveau: het onderzoek heet niet 'participatieonderzoek' maar 'Kerkrade aan het woord'. Daar hebben we bewust voor gekozen: willen mensen Spreker Extern
al dan niet aan het woord zijn? 'Het woord' is ook weer zoiets en dat heeft met de definitie te maken. Het woord 'participatie' is door ons in de vraagstelling maximum drie keer vernoemd. In de rapportage vaker omdat we al die kruisingen gingen maken. In de enquête is daar rekening mee gehouden. Fijn proces, ja, dat ben ik met u eens en dit komt doordat we dit met de werkgroep hebben mogen oppakken. Er zijn ook gemeenten die een werkmodel van de VNG nemen, dit toevoegen en daarna de burgers raadplegen of ze dit goed vinden. Hier is het precies andersom: je gaat eerst ophalen wat mensen willen, dan ga je beleid maken en daarna nog even terug of het dit is wat ze willen. Dus vanuit mij en Sergo complimenten. Die 94 procent die het heel belangrijk vindt wat er in de gemeente gebeurt - waar mevrouw het net over had - hebben we niet kunnen herleiden. Er zitten geen kruisverbanden onder, wat niet wil zeggen dat jongeren anders denken dan ouderen of mannen of vrouwen. En als ik u goed begrepen heb, in vergelijking tot vraag één: hoe
betrokken voelt u zich tot de gemeente? En dat is 25 procent. Die 94 procent willen altijd... sorry, ik zie... Ik bedoelde in relatie tot het niet gehoord voelen. Fractie SP
Ze voelen zich heel goed betrokken, maar hebben weinig te zeggen. Ik geloof dat het die besluitvormingsvraag was en was 34 procent of zo. Ik vond dat apart: je voelt je betrokken maar hebt het idee dat je niets te zeggen hebt. Spreker Extern
Dankjewel voor de duiding. Dat was die vraag vijf: heeft u de afgelopen vijf jaar meegedaan met een project? Als mensen niet de mogelijkheid krijgen, maken ze er wel of geen gebruik van. Dat is de context. Mensen zeggen dat ze het niet gedaan hebben - daar ben ik het mee eens - terwijl ze het wel willen en er ligt dus potentie qua betrokkenheid, informatievoorziening en weten wat er gebeurt. Alleen moeten ze de mogelijkheid krijgen tot en dat zijn twee mooie items. Ik vul hem nog heel graag aan. Ik ben blij met uw opmerking. Ik denk dat uw vraag heel veelzeggend is. Mensen geven aan dat ze willen meedoen maar niet altijd de kans hiertoe zien. Martijn geeft het goed aan: is die kans geboden? Maar er is een verschil tussen betrokkenheid en invloed. Op het moment dat ik het gevoel hebt dat ik betrokken ben, impliceert dat heel vaak - en dat is wat wij wel vaker zien in onderzoeken - dat ik geen invloed heb. Dat maakt mensen vaak machteloos en roept het gevoel op dat zij heel graag dicht op het vuur willen zetten of aan de bal willen komen. Ik denk dat je dat terug terugziet in de discrepantie die u zojuist beschrijft. Ik denk ook dat mensen doordat ze onvoldoende in de gelegenheid komen om mee te doen - het niet kunnen overzien waarover zij allemaal mee kunnen denken.
Dat is het tweede antwoord op uw vraag: zien de mensen wel waar wij als gemeente allemaal mee bezig zijn en waarover ze zouden kunnen meedenken in het kader van participatie? Ik twijfel of daar al dan niet een significant antwoord op gaat komen. Voorzitter, mag ik heel kort nog? Heel kort en dan wil ik dit blokje afsluiten. Fractie SP
Zou het binnen jullie mogelijkheden liggen om te onderzoeken of mensen goed op de hoogte zijn van wat de gemeente allemaal doet en waar ze zich tegen zouden kunnen verzetten of vragen over kunnen stellen? Er zijn verschillende manieren waarop mensen hun stem kunnen laten horen. Spreker Extern
Absoluut! Ik durf uit te gaan van de hypothese dat mensen niet goed op de hoogte zijn, en een goede hypothese kan altijd ontkracht worden anders is het geen goede hypothese. Heel open zouden we die wie hypothese kunnen uitwerken in een onderzoek. Met een aantal vragen kan je aangeven waar precies de crux zit, waar er nog winst te behalen valt en waar de gaten zitten. Ik denk dat uw antwoord op deze vraag vol overtuiging 'ja' is met deze toelichting. Dank u wel. J. Roland voorzitter
Ik wil bij deze het eerste blokje afsluiten. Ik geef één van de heren het woord om het tweede blok op te starten. Mooi! Ik deel wederom mijn scherm met u. Spreker Extern
Als het goed is, ziet u mij en mijn scherm. Heel goed! Even terugkomend op hoe wat ik u ga vertellen ontstaan is. Wij hebben een aantal mensen bereid gevonden om met ons dieper het gesprek aan te gaan. We zijn in drie panels- rondetafelgesprekken zoals wij dat noemen - in gesprek gegaan met 20 mensen. Al die resultaten hebben we bij elkaar gebracht in één document - dat heeft u kunnen lezen - waarin een aantal bevindingen beschreven staan. Zoals u ziet, start iedere alinea met een soort van oproep of advies. En dat advies komt voort uit datgene wat naar boven is gekomen in die rondetafelgesprekken. Overigens Voorzitter, ik zie op dit moment geen handjes zijn. Mochten die er tussentijds zijn, hoor ik dat graag van u. Ik wil het anders doen. J. Roland voorzitter
U heeft aangegeven dat dit ook onderverdeeld is in blokken. Op een gegeven moment er een sheet met 'vragen?' en dan wil ik die gelegenheid geven, want anders gaan we verzanden. Heel goed! Dank u wel. Spreker Extern
Allereerst zijn de burgers heel erg bang voor een mismatch. Men omschrijft het verschil in perspectief tussen de ambtenaren en de burger: kijken we vanuit dezelfde gezichtspunten naar situaties? Daarover twijfelt men en in het kader van participatie kan dat hinderlijk zijn. Daarnaast refereert men in die rondetafelgesprekken
regelmatige naar onsuccesvolle pogingen tot participatie. Men geeft aan dat daar waar een succesvolle poging ontstaat, dit vertrouwen creëert om dit ook weer in de toekomst te doen. En als er geen succesvolle participatie ontstaat, zorgt dat voor wantrouwen. Men roept op om voor continuïteit te gaan en niet voor een incident. Richt participatiemomenten zo goed mogelijk in en kijk naar de toekomst. Zorg voor een goede begeleiding. Doe het vooral goed want anders doe je het beter niet. Negatieve ervaringen werken cumulatief en zorgen voor een toenemend verlies van vertrouwen. Op het moment dat ik geen positieve ervaringen heb, ga ik twijfelen of ik nog wel mee wil doen. Dat hebben we ook terug gehoord in het onderzoek: mensen geven aan dat ze het verschillende malen geprobeerd hebben, hier ook weer aan tafel zitten maar twijfelen ten zeerste of er daadwerkelijk iets gedaan wordt met hun inbreng. Zien of horen ze niet terug wat er gebeurt, neemt de honger om nog deel te nemen aan participatie af. Dat is de aanloop naar wat er op dit moment speelt en wat zou kunnen hinderen. Er zijn nog een aantal andere zaken, maar dit zijn de belangrijkst. Wat roept de burger nu eigenlijk? Participatie is ontzettend breed en er kan op verschillende manieren vorm aan worden gegeven, maar er moet altijd een poging zijn waarin de burger aan het woord komt.
De burger zegt: "Hoor de burger!" en is daar erg eenduidig over. Men zegt ook dat communicatie heel sterk de huidige beleving bepaalt: wanneer ik hoor dat ik mee kan doen en positief word gemaakt aan de voorkant, heb ik enorme verwachtingen. Komen die niet uit, ben ik teleurgesteld. Maar ook communicatie in de zin van: als ik zelf actief wil participeren en daartoe zelf een mogelijkheid toe creëer, wil ik graag die plek vinden binnen de organisatie waar ik met mijn vraag/idee/behoefte om te participeren terecht kan. Dat is 'ben bereikbaar'. 'Bereik' betekent dat men ontzettend hard op zoek is naar momenten waarop men wordt uitgedaagd en geprikkeld om mee te doen. Als panel zegt men ook dat er op dit moment heel wat mensen op de bank zitten, verleidbaar zijn om mee te doen, maar de vraag is of ze op de juiste manier worden bereikt. Op het moment dat dat niet gebeurt, zou je kunnen zeggen dat mensen niet bereid zijn om te participeren. Het panel zegt dat ze wel bereid zijn om te participeren, maar enkel als ze verleid/getriggerd/verleid worden om deel te nemen en daar is goede communicatie voor nodig. In het panel werd er ontzettend gehamerd en met klem verzocht op het feit dat participatie geen trucje of formaliteit mag zijn.
Eén van de panelleden zei: "Laat ons geen figurant zijn in een show die nodig is om een een boxje af te vinken of een vinkje te zetten achter participatie. Ben echt intrinsiek gemotiveerd om te luisteren naar wat wij te zeggen hebben." Ga ook op zoek naar wat er in de praktijk gebeurt en ga daarover het gesprek met elkaar aan. Maak het niet te ingewikkeld. Laat daar waar mogelijk de theoretische kaders los en betrek de praktijk, want dat is hetgeen we herkennen en daarmee denken wij, als panel, dat de afstand tussen politiek en gemeenschap verkleind kan worden. Men zegt in het panel dat men vaak de aansluiting mist en niet altijd het idee heeft dat men wordt gehoord of gezien. Men heeft ook niet het idee dat dezelfde terminologie wordt gebruikt of dezelfde problematieken voorbijkomen. De beschrijving is anders of er wordt jargon gebruikt. Dit alles helpt niet mee in het verkleinen van die afstand. Investeer in het terugwinnen van het vertrouwen door naar de mensen toe te gaan. Men roept de gemeente op om de deur open te gooien, naar de gemeenschap toe te gaan en te midden van de gemeenschap een luisterend oor te leggen. Niet af te wachten en de deuren dicht te houden.
Eén van de panelleden zei: "Als de gemeente voor mij niet bereikbaar is of er is een ontzettende drempel opgeworpen om überhaupt naar de gemeente te gaan, schat ik in dat een groot deel van de mensen het zodanig complex vinden waardoor ik niet ga deelnemen aan participatie omdat ik überhaupt al wat schroom heb om mijn mening te laten horen. En dat ontmoedigt mij." Men zegt ook dat het niet gezien en gehoord worden, leidt tot klagen, frustratie, teleurstelling en wantrouwen. Ik heb daar net iets over gezegd en daardoor wordt die afstand groter. Klagen gaat elkaar versterken en dit kan tot enerzijds een vicieuze cirkel leiden van negatief sentiment binnen de gemeenschap en anderzijds zorgt dit voor een blinde vlek bij de gemeente. Men zegt dat er voldoende mensen in de gemeenschap zijn die op hun eigen expertisevlak of door ervaring een hele hoop informatie kunnen aanleveren. Op het moment dat de gemeente ons niet hoort of ziet, kan er een blinde vlek of desinformatie ontstaan. Zorg er als gemeente voor dat je die kennis uit de gemeenschap gaat gebruiken. Bouw samen met de burgers aan de reis van participatie en voer die samen uit, en dit betekent: niet alleen vergezellen op die reis, maar ook samen bedenken waar we naartoe gaan. Gaan we naar de Caraïben, nemen we de zwembroek in de koffer. Gaan we skiën, gaan we met een skibroek en helm.
Als het duidelijk is waar we naartoe gaan, kunnen we nadenken over hoe we ons gaan voorbereiden. Voer samen met ons die reis uit, bepaal samen de stappen en stem de verwachtingen met elkaar af. Kortom, kies een duidelijke ambitie en strategie en deel deze met de gemeenschap. In het woord 'deel' zit 'doe dat samen'. Schep duidelijkheid, want daar is behoefte aan. Maak daarbij vroegtijdig doelen duidelijk, wissel inzichten uit met de gemeenschap en voorkom die blinde vlekken. Hoe gaan we dat aanpakken? Wat willen we daarmee bereiken? Is het voor iedereen duidelijk? Wat zouden we eraan toe kunnen voegen? Wie neemt er welke rol? Waar moeten we opletten? Wat zou mogelijk kunnen leiden tot een minder succesvolle van participatie? We kijken welke rol er nodig is om de gemeenschap te ondersteunen. Sluit aan op die behoefte. Je zult zien dat die rol telkens veranderd omdat de behoeften binnen de gemeenschap telkens zullen veranderen. Maar probeer voortdurend
na te denken over: waar heeft de gemeenschap op dit moment behoefte aan? Is dat doen- of denkkracht of een combinatie van die beiden? Is dit kennis, kunde? Is er motivatie nodig? Denk telkens na over wat de behoefte is en sluit aan door een rol te pakken die op dat moment de participatie helpt. Geef helderheid in wat zij mogen verwachten, want zonder duidelijkheid haken mensen af. De laatste maanden is dit ook vaak genoemd. Voor perspectief op momenten dat het niet duidelijk is wat er gaat gebeuren, zijn mensen huiverig om deel te nemen en haken af. Op het moment dat je weet waar je naartoe werkt en daar duidelijk over hebt, geeft dat veel meer vertrouwen. Misschien een open deur maar omdat het vaak toch nog fout gaat: houd mensen altijd op de hoogte van de status en voortgang over lopende zaken waarbij zij zijn betrokken. Of van informatie over ideeën die ze hebben ingebracht. Kom te alle tijden de afspraken na. Het niet nakomen van afspraken is elementair om te komen tot een vertrouwensrelatie. Dat zal u niet verbazen en juist die relatie staat ontzettend vaak onder druk door het eerder geschetste wantrouwen, maar ook omdat in de praktijk blijkt dat afspraken niet na worden gekomen. Daar hebben we ook letterlijk voorbeelden over horen voorbijkomen.
Het panel geeft ook aan dat op het moment we met elkaar kiezen voor een ambitie, ervoor gaan, meet dan ook of we daaraan voldoen en laat ons samen nadenken aan de voorkant hoe we kunnen meten of we daaraan voldoen. Laten we daar een toerichtingsinstrument voor inrichten, want dan kunnen we met elkaar kijken of we op de juiste weg zijn. Dit was het eerste blokje. J. Roland voorzitter
Heeft iemand op dit moment vragen? Ik zie handjes komen en ik begin bij de heer Charlier. Voorzitter, de heer Stijnen heeft een geweldig verhaal gehouden waarbij ik maar één woord steeds hoor terugkomen en dat is communicatie. Fractie Lokaal Alternatief
Daar schijnt het binnen onze gemeente erg aan te schorten. Ik heb u zelfs horen zeggen, meneer Stijnen, dat burgers die een poging ondernomen hadden om te participeren, negatieve ervaringen hadden omdat ze niet terug hoorden wat er gebeurde. Dat lijkt me dan toch echt wel een kwestie van te weinig communiceren. Wat mij heel erg bezighoudt is een vervolg op mijn eerste vraag, mensen onder de 40 vonden dat ze minder goed geïnformeerd waren. U geeft nu aan dat de gemeente de juiste manier moet gebruiken om de burgers te bereiken. Ook hier weer de vraag: is er de verdiepingsvraag gesteld hoe we de burger - die dit aangeeft - dan kunnen bereiken? Hoe wil die burger bereikt worden? De burger wil bereikt worden in zijn eigen directe omgeving. Dat betekent in de in de dagelijkse patronen die de burger heeft. Spreker Extern
Dus op het moment dat een krantlezer ben en dit 's morgensvroeg doe met een kopje koffie, wil ik daar bereikt worden. Maar ben ik iemand die vijf uur op Facebook zit, wil ik daarop bereikt worden. Ik geef u twee voorbeelden van multi channel strategieën. Communicatie is daar waar het mij raakt in mijn dagelijkse patroon. En dan ook nog het liefst op onderwerpen die specifiek in mijn directe woonomgeving spelen. Dus de trigger is dan: er is iets aan de hand in mijn directe woonomgeving en ik wil daarover iets zien of lezen. Dat maakt dat ik denk: daar moet ik wel iets van vinden en wil ik in meedenken. Het panel zegt dat dit altijd een springplank biedt om over andere onderwerpen ook mee te denken, omdat ik zie dat mijn eerste ervaring - waarin ik heb meegedacht over datgene wat mij aanspreekt - positief is. Fractie Lokaal Alternatief
Het direct benaderen is op wijkniveau via social media erg makkelijk en via de krant iets moeilijker. Maar ik begrijp wat u bedoelt. En ja, het is perfect. Spreker Extern
Dank u wel. Goede vraag. Meneer Paas. Fractie Ouderenpartij
Dank u wel, Voorzitter. Op één van de eerste sheets zag ik staan dat er kennelijk een mismatch is in het perspectief van de ambtenaren en de respondenten. Ik vroeg mij af of het perspectief van die ambtenaren onderzocht is? Op één van de laatste sheets was er sprake van een blinde vlek bij de gemeente en mijn vraag daarover is: wie is dan de gemeente? Zijn dat de ambtenaren of is dat de politiek? Dat waren mijn twee vragen, Voorzitter. Dank u. Spreker Extern
Meneer Stijnen. Dank u wel. Als antwoord op uw eerste vraag: is het perspectief van de ambtelijke organisatie onderzocht? Nee, als onderzoeker zou ik u ten zeerste adviseren wel te doen. Als antwoord op uw tweede vraag wil ik u heel graag een voorbeeld geven ter illustratie over wat ik bedoel met blinde vlek. Ook
om even af te stemmen of wij hetzelfde bedoelen met 'blinde vlek'. Burgers zeggen: als wij niet gehoord of gezien worden, hoe kan de gemeente dan weten wat ons bezighoudt? Op het moment dat ik niet zeker weet dat de gemeente met dezelfde dingen bezig is als ik belangrijk vind, twijfel ik enorm aan het perspectief. Op het moment dat ik twijfel aan het perspectief, vraag ik me af of we over bepaalde dingen hetzelfde denken en of er ook acties worden ondernomen die ik belangrijk vind. Maar ook: in mijn directe woonomgeving wordt een verkeerssituatie gewijzigd. Ik vind daar wat van. Ik wil daar graag in meedenken en krijg daar niet de kans toe. Naderhand zie ik daar dingen gebeuren die naar mijn mening - op basis van de inhoudelijke kennis die ik daarover heb - niet gaan zoals zou moeten, en halverwege het proces krijg ik een kans om betrokken te raken, ik vind er wat van en alsnog worden die zaken aangepast, wat ontzettend zonde is. Als we die blinde vlek op voorhand hadden kunnen wegnemen door met elkaar in gesprek te gaan, hadden we geld en frustratie kunnen besparen. Meneer Paas, is dat voor u duidelijk genoeg? J. Roland voorzitter
Dank u wel. Het is niet helemaal duidelijk. Meneer Stijnen vertelt een verhaalt, maar zou hij kunnen aangeven Fractie Ouderenpartij
of de respondenten het dan hebben over de ambtenaren of de politiek? We worden niet gehoord, 'ze' zien ons niet. Wie ziet die burgers niet? Is de motivatie van de ambtenaren verkeerd? Zijn onze ambtenaren niet proactief? Onze ambtenaren moeten niet achterover leunen en zeggen: "Als die burger iets wil, moet die maar komen. En als die niet komt, hoeven wij niets te doen." Als een burger met een vraag komt, moet de vraag van onze ambtenaren zijn: hoe kunnen we die burger faciliteren? Maar niet gaan kijken hoe wij met alle regeltjes kunnen voorkomen.... ja, dat kan niet. Sorry! Hier zijn regel één, twee en drie. Regel vier zegt dat je uitzonderingen kan maken. Als je dat en dat doet, kan je het wel voor die burger maken. Het is belangrijk dat je ambtenaren hebt die mee willen kijken en positief denken. Hun houding moet positief zijn. Ik ben 34 jaar ambtenaar geweest en wij moeten zorgen voor proactieve ambtenaren. J. Roland voorzitter
Meneer Stijnen, wilt u nog iets toevoegen? Spreker Extern
Ik denk dat ik de vraag niet zorgvuldig beantwoord heb. Excuses daarvoor! De termen politiek en ambtelijke organisatie worden heel vaak - en dat merken wij ook in andere onderzoeken - door de panels verward. Men is snel geneigd om het op één hoop te vegen en te zeggen: "Dé gemeente of dé ambtenaren." Men ziet niet altijd het verschil tussen politiek en ambtelijke organisatie. In het onderzoek wordt er wel gezegd dat er voorbeelden zijn waarbij de politiek specifiek een rol speelt die niet gelukkig is. En idem voor de ambtelijke organisatie. In het voorbeeld van de ambtelijke organisatie worden gemaakte afspraken niet nageleefd door de desbetreffende ambtenaar. Het panel zegt ook dat het vervelend kan worden op het moment dat de politiek zich gaat mengen op het moment dat wij succesvolle initiatieven hebben en deze ideeën van ons overneemt. En dat dan de desbetreffende wethouder of raadslid doet alsof het zijn idee is. Dat is hinderlijk en daar wordt de politiek specifiek benoemd. Misschien nog niet helemaal een antwoord op uw vraag, maar ik hoop dat dit wat meer helderheid geeft. Bent u tevreden, meneer Paas? J. Roland voorzitter
Bijna tevreden. Goed. Dames en heren, we gaan nu kijken naar een zestal sheets alvorens er weer een serie vragen komt. Ik weet niet wie van de twee heren het doet. Ik ga nog even verder als u het goed vindt, Voorzitter. Spreker Extern
Prima! Wat ook ontzettend belangrijk is, is de complexiteit. Men geeft aan dat het vooral simpel, toegankelijk, open en niet te moeilijk moet blijven. Omdat mensen - ik refereerde er daarnet al aan - vaak hun schroom moeten overwinnen om mee te denken. Niet iedereen is ervan overtuigd dat zijn of haar mening/idee/advies van waarde is. Op het moment dat het complex wordt, is er al snel de twijfel en doen ze liever niet mee. Als het laagdrempelig en toegankelijk is, worden ze sneller verleid. Dat zal u niet verrassen. Wat ook ontzettend belangrijk is, is de snelheid waarin gehandeld wordt. De gemeenschap - in dit geval het panel - zegt vaak sneller te handelen dan de gemeente dat kan. Dat zorgt voor hinder omdat de ingezette participatie vertraagd wordt. De gemeenschap wil verder maar wacht nog op antwoorden. Een andere grote uitdaging die het panel onderkent, is een representatieve afspiegeling. Dat is iets wat altijd lastig is. Vind ik een brede vertegenwoordiging in de mensen die meedoen. Dat is vaak moeilijk. Niet iedere doelgroep is
even goed bereid om deel te nemen. Wil of kan dat niet of een combinatie daarvan. Ook hier geldt weer: denk heel goed na over de drempels op het moment dat je aan de voorkant iets opwerpt. Als je die lager maakt, kan die afspiegeling representatiever worden en gemeenschap breed hebben we daar profijt van. Ontwikkel een positieve visie op midden in de gemeenschap staan, voer uit en verbeter de mindset. Daar werd kort ook al naar gerefereerd: mindset is ontzettend belangrijk. Maar ook het hebben van een hele duidelijke en herkenbare visie naar buiten toe, waarin de burger hoort en ziet dat de gemeente Kerkrade zegt: "Wij gaan er echt voor om midden in die gemeenschap te staan. Dit is onze visie en we zijn bereid om deze belofte te doen." De gemeenschap wil heel graag zien dat die beloften worden nagekomen. De burger wijst op het effect van de ambitie van de gemeenteorganisatie en de taakstelling van betrokkenen. Een mooi voorbeeld dat door één van de panelleden werd aangegeven is dat wanneer er bijvoorbeeld meer wordt gevraagd van de gemeenteorganisatie omdat de ambitie op het vlak van participatie hoger is, dit kan betekenen dat de betrokken ambtenaren ook een andere verantwoordelijkheid krijgen. En dat het dan ook ontzettend belangrijk is dat in de taakstelling van die betrokkene daar rekening mee wordt gehouden.
Met andere woorden: is er meer ruimte nodig bij de ambtenaren om zelf beslissingen te nemen, mag het niet zo zijn dat het kader waarbinnen die ambtenaar functioneert knelt, want dan kan niet worden voldaan aan de taakstelling die desbetreffende ambtenaar heeft. Eén van de panelleden had hier lang over nagedacht, want het punt dat hij hier maakte werd bijgevallen door andere panelleden. Maak de gemeenschap bekend met ambtenaren en zorg voor meer pro-activiteit. Het meest illustratieve voorbeeld hierbij was dat het grootste gedeelte van het panel - op één à twee na - niet op de hoogte was van het feit dat er in de wijk mensen rondlopen die specifiek in de wijk aan de slag zijn. Dit betreft de wijkmanager en wijkwethouder en men was niet bekend dat zij de aanspreekpunten voor de wijk zouden kunnen zijn. Door daar meer op in te zetten, kan de gemeente tot betere en mooie successen komen. Benader de wijk en wacht niet af. We gaan even kijken of er handjes zijn voor dit blokje. J. Roland voorzitter
Ik zie er geen, dus dan kunnen we doorgaan met de volgende vijf sheets. Spreker Extern
Dank u wel. Spreek mensen gericht aan en maak de benadering persoonlijk. Het panel zei: "Geef mensen echt het idee dat zij worden uitgenodigd op persoonstitel om deel te nemen en geef aan waarom dat belangrijk is, zodat mensen zich van toegevoegde waarde voelen en het gevoel krijgen dat ze van invloed zijn." Daar hebben we net ook al gerefereerd. Nodig mensen uit om deel te nemen. Benader mensen in hun eigen omgeving en achter de voordeur. Doe dat door samen te werken met de ketenpartners in de wijken. Eén van de panelleden gaf als voorbeeld: "Misschien moeten we met een aantal burgers langs de wijk om als burger aan burgers te vragen van wat zij belangrijk vinden." Een interessant idee. Maar mensen in hun eigen omgeving bereiken, betekent spreek mensen gericht aan - en daar zei ik net ook al wat over - op datgene wat op dat moment in hun omgeving speelt en probeer achter die voordeur te komen door met mensen daar het gesprek over aan te gaan. Breng mensen samen, burgers dienen zich te verenigen en samen te werken. Het panel gaf aan dat ze veel sterker staan als gemeenschap en collectief proberen zaken aan te vliegen. Betwijfelen wel of zij als gemeenschap altijd even goed in staat zijn om zich te verenigen. Daar zou een mooie taak kunnen liggen voor de gemeente.
Op het moment dat zij mensen kan samenbrengen en met een goede begeleiding mensen elkaar weten te vinden op een aantal punten, kan dat zorgen voor een enorme kracht. Kies daarbij altijd voor thema's die gekozen zijn door de gemeenschap. De panelleden gaven aan best in staat te zijn om een aantal thema's te kiezen en te selecteren - zeker als hun een aantal thema's worden voorgehouden - wat zij op dat moment belangrijk vinden. Kijk per thema zeker naar wat het doel is: waar willen uitkomen? We weten dat we daarmee aan de slag moeten, dus zorg dan ook voor een community. Dat betekent dat we ons met een aantal mensen die specifiek met dat thema aan de slag gaan, kunnen verenigen en elkaar weten te vinden. Zo kom je steeds meer richting een community waarin verschillende theoretische kaders wellicht door u worden gezien en aan worden gerefereerd. Maak participatie niet groot, zorgt voor snel succes en creëer een voedingsbodem voor meer. Het mag ook gerust een heel klein succes zijn in een straat, in een wijk misschien maximaal. Maak het gebied niet te groot en zorg ervoor dat je dat succes uitnut om vooral ook de omgeving te laten zien waar participatie toe kan leiden.
En dit zal ongetwijfeld, volgens het panel, zorgen voor meer mensen die geïnteresseerd zijn: "Daar is iets moois gebeuren en daar zou ik graag aan willen meedoen." Maar ook de mensen die al betrokken zijn en participeren vinden daar hun bevestiging om nog verder te gaan. Dat succes is iets waaraan zij hebben bijgedragen en dat zal voor hen in brandstof in de motor zijn. Vragen? Vragen over dit blokje? J. Roland voorzitter
Nee? Dan gaan we door naar het voorlaatste blokje.
Spreker Extern
Start bij mensen die willen participeren en ga aan de slag met problemen van mensen die niet willen. De panelleden gaven aan dat als je start met de mensen die sowieso aangeven mee te willen doen, heb je een mooie massa van mensen zitten. Je zou met elkaar kunnen nadenken over wat de problemen zijn die dat op dat moment spelen binnen de gemeenschaap en van daaruit mensen proberen te bereiken die in eerste instantie misschien wat terughoudend zijn voor participatie. Daarmee krijgen zij het gevoel dat hun problemen in kaart worden gebracht en behandeld. Het panel geeft aan dat ze heel graag willen meedenken over welke problemen dat enerzijds zijn en anderzijds hoe die problemen kunnen benaderd worden en hoe de gemeenschap daarbij betrokken kan worden. Proactieve meedenkende burgers dienen altijd een stem te krijgen, want daar zit een betrokkenheid achter die niet mag worden afgeremd. Dit is niet altijd het geval en niet iedere proactieve meedenkende burger krijgt de kans om mee te denken. Daar is daarnet ook al wat over gezegd, maar nu nog eens expliciet: zorg ervoor dat dat potentieel niet verloren gaat in die gemeenschap. Het panel zei wel om rekening te houden met mensen binnen een gemeenschap die slim weten hoe het spelletje gespeeld moet worden.
Eén van de panelleden gaf aan: "Als ik in gesprek kom, bijt ik me als een pitbull vast in het thema en laat niet meer los." Dat betekent dat mensen binnen een bepaalde doelgroep binnen die gemeenschap die niet die mondigheid hebben, geen netwerk en/of verbaal niet sterk genoeg zijn, overgeslagen zullen worden en dat zou zonde zijn. Help burgers die vragen om hulp bij de uitvoering van hun initiatieven. Denk samen met de burger - die een initiatief neemt - na over hoe we dit vorm kunnen geven. Zeg nooit 'nee' maar altijd 'mits'. Of 'tenzij', maar het liefst 'mits'. Denk samen na over de wegen die mogelijk zijn. Te vaak vinden mensen die met een idee of initiatief komen niet de juiste begeleiding omdat er aan de voorkant nog wel eens gezegd kan worden: "Dit past niet of daar hebben we nu geen tijd voor." Het panel geeft aan dat het belangrijk is om de voorkant aan te geven wat wel en niet kan, maar altijd met goede argumenten. Dus 'mits' met de juiste argumenten. Doordat die goede argumenten nog wel eens wegblijven, geeft het panel aan, is er onbegrip wat leidt tot teleurstelling en frustratie. Dat heb je niet nodig om samen tot de juiste participatie te komen. Blijf met elkaar communiceren, zorg ervoor dat je die goede argumenten gebruikt, maar zorg er ook voor dat je onjuistheid en onduidelijkheid voorkomt. Het panel zegt dat er een mist is in de samenleving.
Mensen horen vaak vaak halve waarheden en denken te weten hoe het zit. Daardoor komen ze tot onjuiste conclusies en dat kan leiden tot weerstand. Zorg ervoor dat je die onduidelijkheid op tijd wegneemt door goed te communiceren. J. Roland voorzitter
Ik zie geen handjes. Dus ik stel voor om de laatste vijf sheets ook te behandelen. Dank u wel. Deel successen, maar loop niet met deze successen te koop. Ik heb daar net al wat over gezegd in het voorbeeld over wat de rol van de politiek zou kunnen zijn en die hinderlijk is ten opzichte van de ambtelijke organisatie. Eén van de panelleden zegt: "Steek niet de schep in de grond tijdens het fotomoment en doe er daarna nooit meer wat mee, gewoon omdat dat een goed PR-moment is." Dat is ontzettend schadelijk. Pak de successen vast, deel die breed en geniet met elkaar van het mooie dat wordt neergezet. Ga op zoek naar bestaande succes in andere gemeenten en landen. De panelleden zeiden dat er ongetwijfeld veel successen zijn die ook hier gebruikt kunnen worden. De vraag is of deze bij ons passen, maar daar moet naar gekeken worden en wellicht kan dit leiden tot inspiratie voor ideeën die wel bij ons passen. Laten we nadenken over wat er al allemaal is. Verlies niet uit het oog dat er ook ontzettend mooie initiatieven lokaal worden opgepakt door mensen die wat willen doen voor hun directe omgeving. Draag deze uit, want deze hele kleine lokale initiatieven kunnen een enorme aanjagende succeswerking hebben. Het is ook mooi dat mensen die zich inzetten voor de gemeenschap daarin bevestigd worden en dit ook graag blijven doen.