CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1_Ontwerp Omgevingsvisie Kerkrade 2050

Gemeenteraad 28 mei 2025, gemeente KerkradeBij agendapunt: Ontwerpbesluit Omgevingsvisie Kerkrade 2050: Verrassend Kerkrade, 't sjunste óp de welt19.878 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Recreëren en ontmoeten in koele groengebieden dichtbij huis Een goede balans tussen zon en schaduw is belangrijk in de woonomgeving. We gebruiken de hittestresskaart om vast te stellen waar de toegang tot groen, schaduw en wijkparken onvoldoende is en er dus extra inzet nodig is. Prioritair voor het uitvoeren van deze regel zijn gebieden en routes dichtbij functies voor de alleroudsten of allerjongsten.

Droombeeld: Eygelshoven Centrum in een meergeneratie stad

Omgevingsvisie Kerkrade

41

Kaart: Meergeneratiestad, een goede stad voor 8 en 80 jarigen

Gezondheid en brede welvaart Als we ontwerpen voor de allerjongsten en alleroudsten, ontwerpen we een stad die goed is voor iedereen. Een meergeneratiestad betekent een zorgzame samenleving met sociale cohesie en waar mensen elkaar kennen en naar elkaar omkijken. Werken aan de meergeneratiestad sluit aan op de kernwaardes #1: Rookvrije omgeving, #2: Aantrekkelijke plekken, #3: Gezond gewicht, #6: Actief vervoer, #8: Gezond binnenklimaat, #9: Prettig wonen en #10: Geschikte woningen. We zorgen in Kerkrade dat de diversiteit van woningtypes, -grootte en woonvormen verbreed zodat meer doelgroepen een geschikte plek kunnen vinden. Bijvoorbeeld door ruimte te maken voor ouderenwoningen dichtbij zorg en andere voorzieningen. Tegelijkertijd letten we op veilige, prettige routes door de buurt om zelfstandigheid en autonomie te vergroten. De luchtkwaliteit wordt verbeterd door de wettelijke normen te hanteren en samen te werken met het Rijk, de provincie en grote bedrijven in onze gemeente binnen het Schone Lucht Akkoord. Van belang is dat de impact voor de woonomgeving, vooral voor geluid en luchtkwaliteit, zoveel mogelijk wordt beperkt. Wat betreft de luchtkwaliteit is Kerkrade afhankelijk van het buitenland, o.a. dichtbij grote stedelijke agglomeraties zoals Aken, Luik en het Ruhrgebied. De laatste jaren nemen de klachten over het stoken van hout toe.

Houtstook leidt tot schadelijke stoffen in de lucht en kan overlast geven voor omwonenden. Gemeenten kunnen beleid maken en regels opstellen voor het gebruik van houtkachels en open haarden. Rondom geluid is het van belang om bij ontwikkelingen van geluidgevoelige gebouwen zoals een woning of school binnen de aandachtsgebieden goed te onderzoeken of er voldaan wordt aan de wettelijke (minimale) normen. Landschap Een belangrijke rol spelen de koele groengebieden die cruciaal zijn voor een prettige woonomgeving. Kleine buurtparken van minimaal 200 m2 op maximaal 300 meter afstand van iedere woning. Deze hoeven niet verbonden te zijn met de grotere landschappelijke structuren. De buurtparken zijn te bereiken via een veilige en schaduwrijke route. Op deze routes en in deze groengebieden geven we bomen de ruimte om volwassen te worden, en zo de meeste gezondheidsvoordelen opleveren. Erfgoed Binnen de woongebieden liggen her en der kleine structuren en gebouwen die verschillende tijdsperiodes in de gemeente laten zien. Denk aan de opgraving van de Romeinse Villa Kaalheide, middeleeuwse hoeves, mijnwerkerskolonie De Hopel, de Schacht Nulland of hedendaags erfgoed als Superlocal. Deze plekken bieden kansen om verhalen te vertellen voor bewoners en bezoekers. Sommige van deze plekken liggen erg verscholen.

Routes gekoppeld aan andere interessante plekken en goede bewegwijzering kan hier uitkomst bieden. Ook is communicatie vanuit de gemeente van belang, dit kan bijvoorbeeld door het gebruik van storytelling. Energiezekerheid Energiezekerheid is essentieel voor een stad die goed is voor alle generaties. Een betrouwbare energievoorziening garandeert dat woningen, scholen, zorgvoorzieningen en recreatieplekken veilig en comfortabel zijn, ongeacht leeftijd of levensfase. Door in te zetten op lokale, duurzame energieopwekking en betaalbaarheid, wordt voorkomen dat kwetsbare groepen onevenredig worden geraakt door energieprijzen of tekorten. Slimme oplossingen, zoals energie-efficiënte woningen en buurtgerichte warmtevoorzieningen, ondersteunen de behoeften van jong en oud.

Omgevingsvisie Kerkrade

43

3.4 Klimaatbestendige stad, wonen in een sterk landschappelijk raamwerk Het landschap van Kerkrade is van hoge kwaliteit, het eerste stuk waar de Eifel in Nederland echt zichtbaar is. In het Wormdal en de Anstelvallei is voor Nederlandse begrippen nog echt wilde natuur te vinden dichtbij de stad. Ook is vanuit alle delen van de gemeente het mogelijk om dit landschap te ontdekken. Een landschap waarin sporen uit het verleden te vinden zijn: met de holle wegen en Romeinse villa’s, een oud abdijcomplex, een middeleeuws kerkje, een kasteel, carréhoeves en wegkruisen, de imposante en originele mijnschacht Nulland en het enige stuwmeer van Nederland. Hiermee is Kerkrade niet alleen een trekpleister voor toerisme gericht op onder meer natuurbeleving, maar biedt het ook een uniek en afwisselend landschappelijk raamwerk om in te wonen en te recreëren. Bij een sterk landschappelijk raamwerk staan de volgende principes centraal: Ondersteunen van de ecologische basis Het is nodig om naar de toekomst toe bestaande bos- en natuurgebieden robuuster te maken door deze te vergroten en onderling te verbinden. Daarin wordt het beleid vanuit de structuurvisie voortgezet. Daarvoor versterken we landschappelijke kwaliteiten, worden ecologische corridors aangewezen die het ecologische systeem ondersteunen en komen er duidelijke overgangen tussen beek- en droogdalen en (bos)hellingen.

De verwachting is dat de komende jaren het bos- en natuurgebied in Kerkrade verder wordt uitgebreid met onder andere een levensbomenbos bij abdij Rolduc en de voormalige speeltuin aan de Nieuwenhagerweg in Eygelshoven. Een ecologische basis betekent ook een goed bodem- en landschapsbeheer, met een positieve bijdrage aan de waterkwaliteit. Dat vraagt een omslag bij de agrarische bedrijven naar een natuurinclusieve bedrijfsvoering, waarbij rekening wordt gehouden met omgevingskwaliteiten en de maatschappelijke ontwikkelingen. Voor intensieve productielandbouw is op termijn geen toekomst meer in Kerkrade. Kerkrade is geen landbouwgemeente. De omgeving is sterk verstedelijkt, maar vertegenwoordigt wel hoge natuur- en landschapswaarden. Behoud en versterking van deze waarden krijgen een hogere prioriteit dan het in stand houden van productielandbouw. Dit betekent niet dat agrariërs op de korte termijn volledig uit de gemeente verdwijnen. De ambitie is om samen met de agrariërs toe te werken naar een natuur-inclusieve vorm van landbouw, die integraal onderdeel uitmaakt van het landschappelijk raamwerk. De gemeente zal hier actief op sturen bij het verpachten van de eigen gronden. Wilde natuur verbonden met het stedelijk weefsel De huidige regels rondom stedelijke uitbreiding in het buitengebied worden in hoofdlijn gehandhaafd: geen rood voor groen.

Bijvoorbeeld op plekken waar de beek en droogdalen de entree van het buitengebied vormen is er aanleiding om natuur en recreatieve routes het stedelijk gebied in te trekken. Of door uitzichten weer de ruimte te geven die ze verdienen. Momenteel zien we dat diverse uitzichtpunten met lintbebouwing worden gesloten. Dat levert fantastische woningen op, maar privatiseert unieke plekken in de gemeente. Versterken van de sponswerking en waterhuishouding van het gehele systeem Hoewel er een uniek waterafvoersysteem in de gemeente is, moet aanvullend daarop de sponswerking worden versterkt, zowel op de plateaus (‘daar waar de druppel valt’) als op de plateauranden (water vasthouden door middel van soortenrijke begroeiing). Waar mogelijk wordt het regenwater hergebruikt of geïnfiltreerd en daarnaast is er ruimte nodig voor waterberging en vertraagd afvoeren via het oppervlak of via een gescheiden riool. Van belang is dat de oppervlakte van verharding niet verder toeneemt of zelfs verkleint, zodat regenwater de bodem in kan. Dit betekent op veel plekken het weghalen van (overbodige) verharding en vergroening van het

44 Omgevingsvisie Kerkrade

stedelijk gebied, zeker op de hoger gelegen plateaus. Dit is een opgave die de gemeente ook samen met inwoners wil oppakken met de projecten “Steenbreek” en het “NK Tegelwippen”. Tevens draagt de vergroening van de stad bij aan de aanpak van hittestress. Kerkrade heeft vanwege de eerder genoemde opbouw te maken met het zogenaamde hitte-eiland-effect. Dit betekent dat in lange warme periodes de stad nauwelijks afkoelt. Ontwikkeling van hoogwaardig toerisme Kerkrade heeft diverse toeristische attracties, maar een eenzijdig aanbod voor meerdaags verblijf, dat niet goed aansluit bij de toeristische doelgroep waar wij ons op richten, namelijk families met kinderen. Dat vraagt om samenwerking tussen toeristische ondernemers en een diversificatie van verblijfsmogelijkheden. Bijvoorbeeld het bieden van ruimte aan een natuurcamping. Het recreatie- en natuurgebied kan verder ontsloten worden met routes over de grens naar Duitsland. Hiervoor zijn een aantal ontbrekende schakels nodig om de ontwikkeling van het netwerk mogelijk te maken en is het van belang om in te zetten op fietsverhuur en langere fietsroutes. De start daarvoor is al gemaakt met de Parkstadroute die dwars door de gemeente Kerkrade loopt, het “knopenlopen” en de start van de route van de Dutch Mountain Trail in onze gemeente. Hier liggen kansen voor recreatie en toerisme.

Beleefbaar, recreatief stadsgroen Door bewoners te stimuleren meer gebruik te maken van het ‘dagelijks groen’, belangrijk voor een rondje met de hond bijvoorbeeld, kunnen we de recreatieve druk op het buitengebied beperken. Dat betekent dat we moeten zorgen voor een goede bereikbaarheid en programmering van het groen binnen en rondom elke buurt. Denk aan buurtparken en speelplekken, zoals het Stadspark, Park West en het Laurapark, maar ook aan grotere groengebieden aan de randen van de buurt, zoals het Berenbos en Carisborg die meer voor recreatief gebruik ingericht kunnen worden door ruimte te maken voor kleinschalige horeca (gezonde voeding en drinkwater), toiletten, rustplekken en speel- en sportmogelijkheden. Droombeeld: Dr. Ackensplein in Bleijerheide in een klimaatbestendige stad

Omgevingsvisie Kerkrade

45

Kaart: Klimaatbestendige stad, wonen in een sterk landschappelijk raamwerk

Gezondheid en brede welvaart Een aantrekkelijke groene omgeving vertegenwoordigt het natuurlijk kapitaal. Dit zijn plekken waar mensen graag wonen (de groenste buurten zijn immers vaak ook de duurste buurten en de armste vaak de warmste buurten) en om een gezonde omgeving te maken is een sterk landschappelijk raamwerk een randvoorwaarde. Zowel op kleine schaal in de buurten, als grotere structuren voor recreatie en ontspanning. Natuur in en om de stad zorgt voor rust in de reuring en het brengt gezondheidsvoordelen dichtbij, ook voor mensen die het niet snel zelf opzoeken. Binnen de Omgevigsvisie werken we aan het versterken en uitbreiden van het landschappelijk raamwerk, zodat de voordelen (aantrekkelijke omgeving, verkoeling, schone lucht) ervan ook binnen de woonomgeving meer gevoeld worden. Daarnaast wordt er gewerkt aan een betere bescherming van de natuur, zodat we deze ook de ruimte geven om volwassen te worden. Er liggen kansen om bewegen in de openbare ruimte te stimuleren op groene plekken, een belangrijk speerpunt van het programma Vie. Bijvoorbeeld door belangrijke fiets- en wandelroutes in het groen te organiseren of als aanleiding te gebruiken voor een vergroeningsstrategie. En door parken meer te benutten voor activiteiten rondom sport en spel. De klimaatbestendige stad is gekoppeld aan de kernwaarden #2: Aantrekkelijke plekken en #9: Prettig wonen.

Vanuit een verdelingsvraagstuk moeten we zorgen voor een gelijkwaardige verdeling en bereikbaarheid van de groene omgeving. Enkele buurten kampen specifiek met hitteproblematiek. Hier zal gestart moeten worden met werken aan een groene, gezonde en klimaatadaptieve leefomgeving. Erfgoed Enkele grote erfgoedlocaties van Kerkrade zijn te vinden in het buitengebied. Deze vormen ook belangrijke bestemmingen met (inter)nationale bekendheid, zoals Abdij Rolduc en Kasteel Erenstein. Met het oog op toerisme en recreatie is het belangrijk dergelijke locaties te blijven beschermen en toegankelijk te houden. Maar het is interessant om de erfgoedblik ook te werpen op andere type structuren. Bijvoorbeeld erfgoed dat een nutsfunctie heeft en had zoals het stuwmeer of het Miljoenenlijntje. Ook kunnen bomen, beeklopen of landschapselementen een erfgoedwaarde hebben. Energiezekerheid Energiezekerheid is een belangrijke bouwsteen voor een klimaatbestendige stad, waarin wonen werken en recreëren in balans staat met natuur en landschap. Door in te zetten op duurzame energieopwekking, worden niet alleen fossiele brandstoffen vervangen, maar wordt ook het natuurlijke landschap versterkt. Slimme energie-infrastructuur, geïntegreerd in het groenblauwe raamwerk, draagt bij aan veerkracht tegen extreme weersomstandigheden zoals hitte, droogte en wateroverlast.

Lokale oplossingen, zoals energieopslag en klimaatadaptieve gebouwen, verminderen de druk op de omgeving en versterken de samenhang tussen bebouwing en natuur.

Omgevingsvisie Kerkrade

47

4

Van visie naar handelings perspectief 4.1 Centrumgebieden 4.2 Woongebieden 4.3 Werkgebieden

4.4 Landschappelijk raamwerk 4.5 Ruimte voor mobiliteit

De verhalen en ambities van de Omgevingsvisie zijn duidelijk, maar om de visie ook makkelijker te kunnen uitvoeren, vertalen we deze naar een strategie waarin gebieden verder gedefinieerd worden. Van de hoofdfuncties zoals we deze nu kennen in het tijdelijke omgevingsplan (woongebied, centrumgebied, werkgebied, buitengebied), naar een rijker palet aan gebiedskarakters die ieder een andere werkwijze, andere maatregelen of programma’s vragen. Daarmee bouwt de Omgevingsvisie aan een nieuwe omgevingsbeleidstructuur die steeds verder ingevuld kan worden met nieuwe maatregelen gekoppeld aan specifieke gebieden binnen de gemeente. Per gebied is gedefinieerd welke karakters we heir aantreffen en hoe we met deze plekken in de stad om willen gaan. Waar nodig zijn er beleidsmaatregelen gekoppeld aan gebieden of gebiedskarakters. En er is een beschrijving hoe nieuwe initiatieven binnen deze gebieden worden behandeld of waar zij aan moeten voldoen. De teksten worden vergezeld van kaartbeelden die duidelijk laten zien welke plekken bedoeld worden en ook hoe deze begrensd zijn.

50 Omgevingsvisie Kerkrade

Omgevingsvisie Kerkrade

51

4.1 Centrumgebieden

Het principe: we koesteren de meerkernigheid van Kerkrade. Daarvoor moeten we kansen benutten die helpen om deze buurtcentra te versterken. We kijken breder dan alleen detailhandel.

De meerkernigheid (vele buurten) van de gemeente biedt een kans om het dagelijkse voorzieningenniveau op peil te houden in complete buurtknooppunten op loopafstand van iedere woning. Knooppunten waar naast enkele winkels ook ruimte is voor voorzieningen, gemeenschapsruimte, een mobiliteitshub of ontmoetingsruimte. Daarom wordt ingezet op het intensiveren van alle bestaande centra. De meerkernigheid van Kerkrade is een van de kwaliteiten die gekoesterd moet worden. Een herkenbaar buurtcentrum met eigen voorzieningen geeft identiteit en gemeenschapszin. Zeker hier in Kerkrade, omdat de buurtcentra vaak ook beschikken over cultuurhistorische elementen die verhalen meedragen en eigenheid geven. Er is wel noodzaak om de definitie van buurtcentrum los van enkel detailhandel te zien, omdat dit een te beperkt aanbod is voor de levendigheid die we voor ogen hebben en gemeenschap definieert vanuit een commerciële blik. Liever spreken we van buurtknooppunt een plek waar mensen, werkgelegenheid, voorzieningen, winkels en landschap elkaar kruisen. Een kwalitatieve omgeving waar het prettig vertoeven is en een logische plek om elkaar te ontmoeten. Verder blijven we inzetten op het versterken van de entrees naar de centrumgebieden. Momenteel is er een goed voorzieningenniveau in Kerkrade en dat willen we graag zo houden.

Er is wel een verschil in schaalniveau tussen debuurtknooppunten dat ook houvast biedt bij het maken van ruimtelijke keuzes. Daarmee legt de Omgevingsvisie net een ander accent op de verschillende centra dan in de huidige Structuurvisie Ruimtelijke Economie Zuid-Limburg (SVREZL) is vastgelegd. Zo willen we ook het behoud en verbetering van de leefbaarheid in de buurten nastreven. Stadscentrum Het huidige stadscentrum vormt een buurtcentrum voor de woningen daaromheen, maar biedt ook overstijgende functies op het gebied van cultuur (Rodahal, HUB, bibliotheek en theater), onderwijs (Het Martin Buber, muziekschool), sport (VIE, sporthal en binnen zwembad), openbaar vervoer ontsluiting (bus en treinstation), zorginstellingen, detailhandel en horeca. In de verschillende buurtcentra, maar met name rondom het stadscentrum is ook ruimte voor werkgelegenheid in het MKB, dienstverlening en (overheids)zorgvoorzieiningen. Dit is een grote kwaliteit die bijdraagt aan het dynamische karakter van het centrum, daarom wordt de werkgelegenheid behouden en versterkt. Er liggen echter nog steeds opgaven en kansen op het gebied van woningbouw, de verbinding met het bus- en treinstation

52 Omgevingsvisie Kerkrade

en vergroening. Ook ligt in het stadscentrum momenteel geen supermarkt of buurtwinkel; een voorziening die vanuit de rol als buurtknooppunt wel zou passen. Daarnaast wordt het kernwinkelgebied van het stadscentrum steeds compacter om leegstand tegen te gaan. Aanloopstraten zoals de Einderstraat, Marktstraat en Hoofdstraat zullen richting 2030 voor een gedeelte worden omgevormd tot woonstraten. Buurtcentra De grootste opgave ligt op dit moment in de buurtcentra zoals het Carboonplein, Hertogenlaan, Maria Gorettiplein en Eygelshoven. Het behoud van voorzieningen is een grote opgave richting 2050. Verder is het de opgave om (waar mogelijk) parkeerpleinen terug te geven aan de gemeenschap, door te werken aan mobiliteitshubs elders, en de openbare ruimte in te richten als verblijfsplek om te ontmoeten en spelen. Een goed voorbeeld daarvan is het plein rondom het Socio Project in Eygelshoven, op zaterdagen wordt het plein benut als markt, de rest van de week alleen als parkeerplek. Vaak ligt er in de dichtbijheid van deze buurtcentra een school en zorgvoorziening. Door deze te koppelen aan het winkelgebied en ruimte te zoeken voor nieuwbouw en vergroening ontstaat er meer reuring en meer logica om te spreken van een knooppunt. Daarbij dient opgemerkt te worden dat er voldoende parkeerruimte moet zijn bij een supermarkt.

• In kaart brengen van architectonische kwaliteiten in de buurtcentra en op de historische linten. Het hoeft geen erfgoedstatus te krijgen, maar wel aansturen op het zorgdragen dat kwaliteit en bijzondere uitstraling niet verloren gaan. Daarnaast kunnen er ook nieuwe tijdlagen worden toegevoegd aan het erfgoed. Net zoals kerken dat in het verleden hebben gedaan, kunnen scholen of buurthuizen met een zorgvuldig architectonisch ontwerp zorgen voor een ander gezicht van de gehele buurt. • Het ontwikkelen van veilige en gezonde schoolomgevingen. • Klimaatadaptieve maatregelen nemen bij de meest kwetsbare functies voor het tegengaan van hittestress (zorg, senioren, scholen, kinderopvang, speelplekken, sportcomplexen, maatschappelijke voorzieningen, treinstations en bushaltes) uitgaan van de menukaart hitte met drie pijlers: gezondheid/gedrag (individu), gebouw (klimaatadaptief, natuurinclusief bouwen) en gebied (het ontstenen en vergroenen van de stad). Met name deze laatste maatregel heeft ook een positief effect op de waterhuishouding, omdat water de grond in kan trekken en langer wordt vastgehouden in het gebied. • De leefwereld van de Kerkradenaar gaat over de landgrens heen. Ook verbindingen naar bijvoorbeeld Herzogenrath via fiets en trein moeten hoogwaardig zijn, zodat voorzieningen gedeeld kunnen worden.

Kleine (voormalige) buurtcentra Er zijn ook nog enkele kleinere plekken waar sprake is van een cluster zoals het Piusplein (Terwinselen), Dr Ackensplein (Bleijerheide) en het gebied rondom de Heiveldstraat en Kapelweg (Kaalheide) of kleine ontmoetingsplekken. Op het Piusplein wordt ingezet op het behoud van de voorzieningen voor de woonbuurt Terwinselen. Op de overige locaties is het niet nodig om voorzieningen toe te voegen, maar wel om oog te blijven houden op een aantrekkelijke en groene ruimte waar ook andere generaties een plek krijgen.

Omgevingsvisie Kerkrade

53

Randvoorwaarden voor nieuwe initiatieven • Het initiatief toont respect voor de aanwezige beeldbepalende en/of cultuurhistorische elementen. Aanwezige erfgoedwaarden worden behouden, uitgebreid en versterkt; • We zetten in op het behoud van religieus erfgoed. Leegstaande kerken krijgen een nieuwe functie. Kerken worden pas gesloopt als er geen andere optie is. De recentelijk opgestelde Kerkenvisie is richtinggevend voor de toekomst van alle kerken in de gemeente Kerkrade; • Pleinen dienen multifunctioneel ingezet te worden, momenteel is parkeren de primaire functie. Er dient ruimte te zijn voor sport, bewegen, spel en ontmoeting; • Nieuwe initiatieven voor (kleinschalige) verblijfsrecreatie dienen plaats te vinden dichtbij recreatieve-toeristische voorzieningen of in beeldbepalende, cultuurhistorisch waardevolle gebouwen. Ingezet wordt op kwalitatief hoge verblijfsrecreatie; • Nieuwe (maatschappelijke) voorzieningen vestigen zich bij voorkeur in de centrumgebieden; • Scholen, speeltuinen en kinderopvang worden niet gerealiseerd aan drukke doorgaande wegen. Naast deze randvoorwaarde is er sprake van minimaal 30% groen in de schoolomgeving en parkeren gebeurt op afstand. Daarnaast wordt de openbare ruimte rondom en naar de scholen beweegvriendelijk ingericht, kinderen worden zoveel mogelijk gestimuleerd om lopend of fietsend naar school te komen.

Ook speelt bij de locatiekeuze de aanwezigheid van ongezonde voorzieningen (bijvoorbeeld snackbars en coffeeshops) een rol en willen wij zorgen voor rookvrijezones. • De parkeernormen in centrumgebieden, dichtbij voorzieningen en openbaar vervoer (trein- en busstations) dienen op lange termijn te worden verlaagd vanwege schaarste ruimte. We willen meer ruimte voor langzaam verkeer, ontmoeting en groen; • Nieuwe ontwikkelingen dienen bij te dragen aan een aantrekkelijke, groene en klimaatadaptieve leefomgeving. •

54 Omgevingsvisie Kerkrade

Kaart centrumgebieden

Omgevingsvisie Kerkrade

55

4.2 Woongebieden

Het principe: Nieuwbouw moet bijdragen aan een evenwichtige en diverse voorraad. Door slim na te denken waar we bouwen, kunnen we met nieuwbouw de huidige buurten een impuls geven.

Woningbouw is een belangrijk strategisch element bij stadsplanning. Zodra er woningen ontwikkeld worden investeren we in plekken. We zien die investeringen het liefste daar landen waar we opgaven hebben zodat er koppelkansen ontstaan. Woningbouw als hefboom voor de buurt. Daarom verkiezen we herontwikkeling en inpassing van nieuwe woningen in bestaande buurten boven nieuwbouw in het buitengebied. Woningbouw is er niet alleen maar om de gemeente te laten groeien. Woningen maken de stad, omdat zij de (nieuwe) bewoners huisvesten die samen de gemeenschap gaan vormen. Maar ook omdat een ruimtelijke investering kan helpen bij het werken aan ambities en doelen. Woningbouw als hefboom om daarmee ook de openbare ruimte te vergroenen (tegengaan van hittestress), klimaatbestendiger te maken (wateroverlast verminderen), ruimte voor energietransitie, voorzieningen toe te voegen, ontmoetingsruimte aan te leggen of diversiteit aan woningen te brengen (wooncarrière). Momenteel kent Kerkrade een hoog percentage sociale huur. Ruim 46% van het totaal aantal woningen. Waar in andere gemeente de opgave speelt om te komen tot 30% sociale huur, is de opgave in Kerkrade andersom, in de gemeente moet een afname van het aandeel sociale huur ontstaan. De focus ligt daarom in de toekomst op woningbouw in andere en duurdere segmenten zodat er meer diversiteit in de woningvoorraad komt.

Dit heeft ook te maken met de groeiende economie in Kerkrade, het aantal banen is in de afgelopen jaren gestegen. Zo zijn er in 2023 738 banen bijgekomen. In het volkshuisvestelijk programma wordt uitgewerkt welke woningen erbij kunnen worden gebouwd op basis van de behoefte. Tot 2030 worden er minimaal 1300 nieuwe woningen in Kerkrade gebouwd. Daarbij is het nodig om de transformatie naar levensloopbestendige woningen en de bereikbaarheid van zorgvoorzieningen mee te nemen. Vooral de komende 10-15 jaar, wanneer de vergrijzingspiek in zicht komt is dit van belang. Door het bouwen van levensloopbestendige woningen wordt de doorstroming op gang gebracht en komen er woningen uit de bestaande voorraad vrij voor starters en gezinnen. In de afgelopen jaren heeft er grootschalige herstructurering in de woonbuurten Heilust en Bleijerheide (SUPERLOCAL) plaatsgevonden. De komende tien jaar is de herstructurering van Rolduckerveld en een deel van Bleijerheide nog in uitvoering. Op de langere termijn komen onder andere de locaties Mucherveld (zuidelijk deel van het centrum) en Eygelshoven in beeld. Vitale en veerkrachtige woonbuurten met zelfredzame bewoners vormen de basis. Daarbij zijn duurzaam en circulair ontwerpen, slopen en bouwen bij toekomstige plannen van belang.

56 Omgevingsvisie Kerkrade

De bevolkingsdaling is de afgelopen jaren minder hard en zelfs stabiel geworden. Dit leidt tot meer vraag naar nieuwe woningen. Het “Nieuwe Narratief” van de stadsregio Parkstad: “Parkstad Limburg biedt ruimte!” zet hierop in. Kerkrade volgt deze ontwikkeling, met de bouw van nieuwe woningen ontstaat er naast herstructurering een kans deze investering te richten op plekken die daar baat bij hebben. De juiste woning op de juiste plek is daarbij een belangrijk principe. Bij voorkeur wordt er ruimte gezocht voor nieuwbouw in de eerste vijf benoemde gebieden hieronder. Voor de eerste vijf gebieden is er geen sprake van een strikte voorkeursladder. Buurtknooppunten In het hart van de buurten is nog ruimte voor woningbouw. We zien daar met name kansen voor ouderenhuisvesting om dichtbij voorzieningen en gezelligheid te kunnen wonen. Voorwaarde is het ontwikkelen van een veilige verkeersomgeving, toegankelijke openbare ruimte en een goede leefbaarheid. Stationslocaties Station Eygelshoven Markt en Kerkrade Centrum bieden kansen voor woningbouw. In Euregionaal verband wordt een onderzoek(Transregioexpress) uitgevoerd naar de ontwikkelkansen van de stationsomgevingen gelegen aan het tracé van de Drielandentrein tussen Aken, Zuid-Limburg en Luik. Voor de gemeente Kerkrade is met name deze ontwikkeling zijn voor de stations Kerkrade Centrum en Eygelshoven Markt interessant.

Historische linten Benutten bestaande architectonische parels en toevoegen van nieuwe parels op leegstaande kavels om de historische kwaliteit van deze plek weer opnieuw tot leven te brengen. Voorwaarde hiervoor is een verandering van de verkeersstructuur (meer groen, meer ruimte voor fietsverkeer, minder lawaai en onveiligheid). De linten worden daardoor ook weer een aantrekkelijke plek om te wonen. Het verder verbouwen van voormalige commerciële panden, zoals winkels, cafés en kantoren tot woningen vormt onderdeel van deze strategie. We zien de voorzieningen immers het liefst gebundeld in de buurtcentra. Binnen de bestaande woonbuurten Er zijn diverse plekken in de gemeente waar onbenut potentieel is of het ruimtegebruik extensief. Zo zijn er diverse grote parkeerplaatsen, lege binnenterreinen of stukjes restgroen die mogelijk ook anders ingericht kunnen worden. Ook waar ruimte is aan de randen van bestaande woonbuurten kan een ‘straatje’ erbij worden ontwikkeld, met aantrekkelijke woningen voor gezinnen. Het plan aan de Kaffebergsweg is daar een voorbeeld van. Werkgebieden Enkele werkgebieden in en aan de rand van de stad lenen zich mogelijk voor enige verkleuring vanwege hun dichtbijheid tot woongebieden, treinstations en voorzieningen. Bijvoorbeeld de Sportstraat (dichtbij sportpark Kaalheide) en het terrein van het slachthuis aan de Hammolenweg.

Uitleglocaties Naast de bovenstaande vijf gebieden kan onder voorwaarden een uitleglocatie in of aan de rand van het landschappelijk raamwerk worden gerealiseerd. Op dergelijke locaties zien we onder andere ook kansen voor het bouwen van woningen. In het bijzonder lenen deze locaties zich ook voor een hogere segment woningtypologie. Binnen het stedelijk gebied is voor dergelijke woningen vaak minder ruimte (onder andere door beperkt eigendom), omdat de lage dichtheid niet aansluit bij de ambities van de meer stedelijke woningbouwlocaties (diversiteit woningen, draagvlak voor voorzieningen, andere segmenten en kwalitatieve openbare ruimte).

Omgevingsvisie Kerkrade

57

Randvoorwaarden voor nieuwe initiatieven • Als vuistregel mag bij nieuwe ontwikkelingen het verharde oppervlak niet toenemen ten opzichte van de huidige situatie. Bij een grootschalige binnenstedelijke herontwikkeling is het streven om 10% reductie van het verhard of bebouwd oppervlak te realiseren. In totaal voor de gemeente Kerkrade toewerken naar 20% minder verharding in 2050 ten opzichte van 2025. • Inzet op het vasthouden en waar mogelijk verwerken van hemelwater op eigen terrein, zeker op de hoger gelegen plateaus. Voor een klimaatbestendige inrichting geldt de maatgevende bui 80mm in twee uur (met een beschikbaarheid/leegloop binnen 24 tot 72 uur). In de toekomst kan de maatgevende bui wijzigen als gevolg van steeds extremer weer en dit betekent extra ruimtebeslag waarmee we rekening moeten houden. De horizon voor de Omgevingsvisie is 2050. Rondom wateroverlast zullen we bij nieuwe (bouw)plannen langer vooruit moeten kijken (richting 2100) voor een waterrobuuste en klimaatbestendige leefomgeving. • Bij nieuwe woningbouwplannen dient rekening te worden gehouden met de beschikbaarheid van een netaansluiting en drinkwatervoorziening, dit zijn harde randvoorwaarden voor nieuwe woningbouwplannen. Belemmeringen rondom netcongestie zijn momenteel al merkbaar, na 2030 dreigt er ook een schaarste aan drinkwater.

• Nieuwbouw dient een bijdrage te leveren aan een evenwichtige woningvoorraad in Kerkrade: de juiste woning op de juiste plek, kwaliteit in woningtypologie, prijs en doelgroep. Momenteel kent Kerkrade al een hoog percentage sociale huur (46%). De focus zal daarom eerder liggen op woningbouw in andere segmenten zodat er meer diversiteit in de voorraad ontwikkeld wordt. In een volkshuisvestelijk programma zal verder uitgewerkt moeten worden hoeveel en wat voor soort woningen op welke plek kunnen worden gebouwd. Daarbij is het ook nodig om de transformatie naar levensloopbestendige woningen en de bereikbaarheid van zorgvoorzieningen mee te nemen. • De gemeente staat voor een adequate huisvesting van verschillende doelgroepen. • Het streven naar gelijke kansen en een gezonde generatie in 2040 vraagt om ongelijk investeren en ons te richten op gebieden waar gezondheid, veerkracht en leefbaarheid het minste is zoals in delen van Kerkrade-West en -Oost. Op dergelijke plekken zetten we in op een samenhangende gebiedsaanpak (domeinnoverstijgend en samen met partners). Aanpak of transformatie van de historische linten, het tegengaan van structurele leegstand, regie op de vele achterterreinen in het stedelijk gebied en andere inrichting van de openbare ruimte. • Vrijkomende of leegstaande bedrijfspanden gevestigd in woongebieden dienen een nieuwe functie te krijgen.

Bij voorkeur wonen of groen. de bouw van nieuwe garageboxen en opslag / bergingen zijn niet gewenst; • Het initiatief draagt bij aan het realiseren van een gemengde wijk waar verschillende type woningen en doelgroepen bij elkaar wonen. Een gezonde mix van vragers en dragers is daarbij essentieel. • Nieuwe woningen moeten in massa, hoogte en ruimtelijke kwaliteit passend zijn in de omgeving. We zetten in op de verbetering van de kwaliteit en leefbaarheid van de bestaande leefomgeving. • Er wordt een bijdrage geleverd aan een evenwichtige woningvoorraad die inspeelt op de (toekomstige) behoeften qua typologie en prijsklasse. • Vanwege de toenemende ruimte schaarste zetten we in op meervoudig ruimtegebruik en houden we aandacht voor hoogbouw en meerlaagse bebouwing (minimaal 3 bouwlagen). • Nieuwe woningen voldoen aan de geldend duurzaamheideisen en worden klimaatbestendig gebouwd (ook rekening houden met oververhitting binnenshuis). • Sportvelden (van verenigingen), schoolpleinen en speeltuinen zijn zoveel mogelijk openbaar, zodat bewegen ook kan worden gefaciliteerd buiten openingstijden. •

58 Omgevingsvisie Kerkrade

Kaart woongebieden

Omgevingsvisie Kerkrade

59

4.3 Werkgebieden

Het principe: Om Kerkrade weer een sterke woon-werkidentiteit te geven is het nodig om te spreken van werkgebieden in diverse kleuren. Gebieden die door hun positionering ieder een eigen focus krijgen.

We zien verschillende werkgebieden in Kerkrade met ieder specifieke kwaliteiten. De ene keer is dat een uitmuntende Euregionale verbondenheid. De andere keer is het de dichtbijheid van de stad, de trein en de natuur. Daarom zetten we in op het diversifiëren van de bedrijventerreinen. Zodat de economische profilering van de gemeente breder wordt. Doordat veel werkgebieden in Kerkrade als een bedrijventerrein zijn ingericht, is er veel eenvormigheid in de werkomgeving. Een bedrijventerrein wordt vanuit ruimtelijk ontwerp nauwelijks als onderdeel van de stad beschouwd, maar enkel als commercieel uitgeefbare ruimte, waardoor de meer ‘stedelijke’ opgaven als bereikbaarheid, vergroening, verbondenheid geen onderdeel uitmaken van de opzet. Een sterke woon-werkidentiteit voor Kerkrade maakt gebruik van diverse werkomgevingen. Door hun ligging aan netwerken en het stedelijk gebied zijn er kansen voor een meer specifieke typering en inrichting. Daarbij moet worden opgemerkt dat er net buiten de gemeente, in de gemeente Heerlen, grote bedrijventerreinen liggen voor logistiek en MedTech (Trilandis, Beitel, Avantis). In Kerkrade wordt gezocht naar een typering van gebieden die hierop aansluit. Ook het Amerikaans defensieterrein in Eygelshoven biedt werkgelegenheid. Gezien de geopolitieke situatie biedt dit kansen voor meer werkgelegenheid.

Richting 2050 is er nog altijd de ambitie delen van dit gebied terug te geven aan de natuur van het Wormdal. Ruimte voor logistiek en Defensie Willem Sophia en Dentgenbach Zuid. Deze gebieden liggen enigszins afgesloten van het stedelijk gebied in groene buffers en zijn goed bereikbaar voor logistiek verkeer, dichtbij de Buitenring Parkstad (N300). In deze gebieden is aandacht voor klimaatadaptatie om een gezonde werkomgeving voor werknemers te waarborgen. Kennisindustrie Dentgenbach Noord en een deel van Julia. Dit zijn landschappelijke campussen waar het buitengebied naar binnenkomt, zodat via deze gebieden recreatieve routes van de stad naar het buitengebied kunnen worden gecreëerd. De gebieden zijn goed verbonden met een dichtbijgelegen treinstation en er is ruimte voor een ontmoetingsplek voor werknemers. Voor bedrijventerrein Julia betekent dat ook een verlaging van de milieucategorie. Dit gebied is moeilijk bereikbaar voor

60 Omgevingsvisie Kerkrade

logistiek transport en het ligt aan het natuurgebied (Wormdal). Het huidige gebruik met nu zware industrie is daar niet op de juiste plek. Lokaal MKB Spekholzerheide en Beitel/Locht. Gebieden met op enkele locaties een mix van wonen en werken. Er is aandacht voor een kwalitatieve inrichting van de openbare ruimte ook met betrekking tot verkeersdrukte en verkeersveiligheid. Op deze locaties dient er ruimte te blijven voor de MKB sector en heeft het de voorkeur om kleinere bedrijfspercelen te realiseren. Sport en leisure Rodaboulevard. De Rodaboulevard is een speciale locatie tussen een werkgebied en een centrumgebied in. Enerzijds een gebied dat is gericht op ontspanning en anderzijds gericht op grootschalige retail. Het is een succesvol veel bezochte locatie die publiek uit de hele Euregio aantrekt. Op het gebied van uitstraling is er veel te winnen. Door nog sterker in te zetten op de kenmerken sport en leisure willen we daar samen met de grondeigenaren verandering in brengen. We streven naar ruimte voor buitensporten, meer groen en een goede fietsvoorzieningen op de Rodaboulevard met een goede een veilige verbinding naar de aangrenzende woongebieden in Kerkrade (Kerkrade-West) en Heerlen (Heerlerbaan).

Omgevingsvisie Kerkrade

61

Randvoorwaarden voor nieuwe initiatieven • Mobiliteitstransitie doorvoeren op de werkgebieden: De gebieden moeten beter bereikbaar zijn met fiets en openbaar vervoer. • Bij nieuwe bedrijfsontwikkelingen wordt ook rekening gehouden met klimaatadaptatie en mobiliteit. Daarnaast moet er meer aandacht zijn voor de uitstraling en landschappelijke inpassingen van bedrijfsgebouwen, dit dient aan te sluiten op de omgeving en het landschap. • In Kerkrade zijn de bedrijventerreinen de grootgebruikers van energie (36% van de vraag). Vanwege netcongestie zullen, in ieder geval de komende tijd, grote initiatieven zoveel mogelijk zelf moeten voorzien in de eigen energieopwekking en -opslag. De vraag is of dit haalbaar is omdat er ook uitdagingen liggen met betrekking tot geluid en stikstof. Bij nieuwbouw blijft het verplicht om het dakoppervlak te benutten voor zonnepanelen in combinatie met groene daken (voor het vasthouden van regenwater en het beperken van hittestress). Daarin kan ook samenwerking worden opgezocht om toe te werken naar collectieve energiehubs op de terreinen. Op Dentgenbach starten de bedrijven met een pilotproject om opwek en verbruik met elkaar af te stemmen (ook wel bekend als energiehub). Als dit succesvol blijkt kan een dergelijke aanpak ook elders worden opgepakt.

• De verwachting is dat de energietransitie met onder meer het ontwikkelen van grootschalige energieopslagsystemen (bijvoorbeeld batterijopslag), op bedrijventerreinen zal gaan plaatsvinden. Hiervoor moet ruimte worden gereserveerd. Daarbij houden we ook rekening met omgevingsveiligheid. Denk aan het risico op brand- en explosiegevaar en aan de locatiekeuze van deze systemen in de omgeving van (zeer) kwetsbare functies, zoals scholen, zorgcentra en woningen. • De aanvrager van het initiatief is zich bewust van mogelijke veiligheids- en milieurisico’s en treft hiervoor de nodige (mitigerende) maatregelen. Het thema externe veiligheid krijgt een nadere uitwerking in het nieuwe omgevingsplan.. De gemeente zet in op lichtere industrie, een groei van zware industrie is niet gewenst. Daarbij dient tegelijkertijd rekening gehouden te worden met het (groeiende) aantal werknemers op de bedrijventerreinen en het bijbehorende groepsrisico. Voor werknemers dient de veiligheid te worden geborgd. • Richting 2050 wordt verder ingezet op bedrijven met een verlaagde milieucategorie ten opzichte van 2025. Nieuwe locaties voor zware industrie zijn niet wenselijk. • Nieuwe kleinschalige bedrijvigheid (met een mogelijk effect op de leefomgeving) vinden bij voorkeur plaats op de bedrijventerreinen en niet in de woongebieden.

Binnen de centrumgebieden is er wel ruimte voor dienstverlening en MKB ondernemerschap. • Grootschalige bedrijvigheid (met een mogelijk effect op de leefomgeving) vindt altijd plaats op een van de bedrijventerreinen, passend bij het profiel van het bedrijventerrein. • Het initiatief draagt bij aan circulariteit. Door vermindering van afvalstromen of het hergebruik van reststromen in de gemeente Kerkrade en de regio Parkstad.

62 Omgevingsvisie Kerkrade

Kaart werkgebieden

Omgevingsvisie Kerkrade

63

4.4 Landschappelijk raamwerk

Het principe: Het prachtige landschap van Kerkrade staat onder druk. Er is een krachtigere bescherming nodig. Zowel van plekken volledig voor de natuur, als plekken waar andere functies een rol spelen.

Het landschap in en om de stad is van grote waarde, voor nu en voor de toekomst. Om de inwoners een groene en gezonde omgeving te bieden. Om bezoekers naar de stad te trekken. En om plek te geven aan water en aan meer verschillende soorten dieren en planten (verhoging van de biodiversiteit). Daarom zetten we in op het beschermen van het buitengebied en haar functies en het groen in de stad. Het landschap in en rondom Kerkrade is de belangrijkste troef die de gemeente in handen heeft. Het maakt dat de leefomgeving kwalitatief en gezond is. Voor Nederlandse begrippen is het een uniek stuk natuur en landschap. Maar zoals eerder is beschreven staat ook het buitengebied nog steeds onder druk. Er is een begrenzing van het buitengebied nodig. Zowel van plekken volledig voor natuur, als van plekken waar andere functies een rol spelen. Het bestaande beleid wordt doorgezet. In beginsel zijn geen rode ontwikkelingen mogelijk in het groen. Daarnaast kennen we aan gebieden een beschermingsstatus toe, waarbij het Nationaal Natuurnetwerk Nederland (NNN) leidend is. Het landschappelijk raamwerk is onderdeel van de groenblauwe dooradering en een essentieel onderdeel van een waterrobuuste en klimaatbestendige stad.

We onderscheiden binnen het landschappelijk raamwerk, dat voor het merendeel in het buitengebied is gelegen, de onderstaande deelgebieden: Kwetsbare natuur Er zijn enkele plekken in Kerkrade waar de natuur met specifieke planten en diersoorten zo kwetsbaar en waardevol zijn dat we deze we deze gebieden niet recreatief toegankelijk maken. Het gaat hier met name om delen van het Wormdal en kleinere natuurgebieden met bron- en kwellocaties (zoals het bronbos van de Vrouwezijp bij Rolduc, bronnen nabij het stuwmeer, de Dentgenbacherbeek, Crombacherbeek en delen van de Bleijerheiderbeek/Peschbeemden). verspreid over de gemeente. Deze gebieden maken onderdeel uit van Natuurnetwerk Nederland. Wilde natuur De noord-zuidverbindingen langs het Wormdal en de Anselderbeekdal zijn onderdeel van het NNN en vormen een belangrijke schakel in de Europese ecologische hoofdstructuur. De natuurrijke, wilde plekken koesteren en versterken we, zodat deze als robuuste structuur behouden blijft. Binnen deze

64 Omgevingsvisie Kerkrade

gebieden is recreatief medegebruik in de vorm van wandelen en op diverse plekken fietsen mogelijk . De Groene Long (Anstelvallei), Carisborg, Berenbos, Hambos en Peschbeemden en het gebied bij abdij Rolduc vormen de voedingsgebieden voor deze structuren. Deze voedingsgebieden zien we terug in andere landschapstypes met ook een andere beschermde status. Het is belangrijk om zeker voor het NNN de diverse landschappen in samenhang te blijven zien en onderling te verbinden en te versterken. Recreatieve natuur Holzkuil/Carisborg, Berenbos, Bergbos en Schouffertsbos. Vormen een belangrijke schakel tussen het bebouwde gebied en de natuur eromheen. Deze gebieden zijn cruciaal om een gezonde leefomgeving te waarborgen. Hier is ruimte voor meer gebruiksfuncties zoals sport en spel. Dit zijn ook plekken waarlangs het natuurgebied de stad verder in kan komen. Zo ontstaat een sterkere binding met en beleving van het prachtige landschap. Overig buitengebied en landbouw Landbouwgebieden zullen we altijd behouden als integraal onderdeel van het landschappelijke raamwerk. De manier waarop die landbouw wordt bedreven zal wel veranderen - van intensieve productielandbouw naar een meer natuurinclusieve vorm. De steile hellingen worden omgevormd tot grasland met aanleg van kleine landschapselementen.. Natuur en landbouwgrond kunnen met respect voor elkaar naast elkaar bestaan.

Deze variatie maakt het buitengebied interessant als groene ruimte. De grotere landbouwgebieden bevinden zich in de Anstelvallei, de Ham, het gebied ten noorden van Eygelshoven, bij Baalsbruggen en abdij Rolduc. Juist de afwisseling tussen open en gesloten natuur, de doorzichten en valleien maken de natuur van Kerkrade aantrekkelijk. Het agrarisch beheer is een belangrijke instandhouder van het landschap. Dat agrarisch beheer moet in principe natuur inclusief en beter toegankelijk voor recreatief gebruik zodat er goede routes naar buiten gemaakt kunnen worden . De gemeente wil haar gronden in het landschappelijk raamwerk strategisch inzetten (heroverweging pachtovereenkomsten en een actiever grondbeleid met aan- en/of verkoop van gronden) om een duurzamere, een meer natuur inclusieve landbouw mogelijk te maken, gericht op landschapsversterking en verbetering van de biodiversiteit. Stichting Limburgs Landschap (eigenaar en beheerder van gronden rondom het stuwmeer Cranenweyer) heeft momenteel al de wens uitgesproken om de landbouwgronden extensiever te willen beheren om het landschap aantrekkelijker te maken voor recreatie. Daarnaast wordt de voormalige jaren ‘30 agrariërderij ‘de Klarenanstel’ herontwikkeld tot een vernieuwende en ecologische hotspot. Bezoekers kunnen hier in de toekomst terecht om te leren over de natuur.

Parken Naast landschappelijk groen beschikt Kerkrade ook over stedelijk groen in de vorm van stadsparken. Stadsparken zijn een belangrijke “stapsteen” om vanuit de eigen woonomgeving in het groen te gaan recreëren. De parken zijn biodivers en klimaatbestendig ingericht. In de parken is ook plaats voor activiteiten en festiviteiten door ruimte te maken voor kleinschalige horeca, toiletten en rustplekken en speel- en sportmogelijkheden. Buurtgroen Natuur en groen is niet alleen te vinden in afgebakende plekken als parken of het buitengebied. In iedere wijk dragen kleine groenelementen bij aan het totale systeem. Deze kleine elementen zijn niet noodzakelijk verbonden met grotere structuren, maar spelen wel een belangrijke rol in het zorgdragen voor een basiskwaliteit natuur in de gehele gemeente. De voorkeur gaat daarom uit naar een beplanting met inheemse soorten.

Omgevingsvisie Kerkrade

65

Cultuurhistorische elementen De aanwezige cultuurhistorische en kleine landschapselementen willen we (beter) beschermen. Daarbij kijken we niet alleen naar de gebouwen, maar bijvoorbeeld ook naar holle wegen, kerkpaden, hagen, graften, struwelen, religieus erfgoed (kapellen en wegkruizen) en statige bomenlanen.

Randvoorwaarden voor nieuwe initiatieven • In het bebouwde gebied wordt ruimte gezocht voor het weghalen van (overbodige) verhardingen, waarbij wordt gestreefd naar 20% minder verharding in 2050. • De 3-30-300 regel als richtlijn toepassen op alle woongebieden. In beginsel heeft iedere woning zicht op 3 volwassen bomen, minimaal 30% boomkronen bedekking en een koele groene ruimte van minimaal 200 m2 op maximaal 300 meter afstand van iedere woning. • Bij belangrijke wandel- en fietsroutes in de stad wordt gestreefd naar 40% schaduw. • Volwassen en waardevolle bomen(lanen) willen we behouden. Daar waar bomenstructuren een rol spelen vanuit hittemaatregelen krijgen de bomen de ruimte om volwassen te worden. • Nieuwe recreatieve fiets- en wandelroutes zorgen voor verbindingen tussen de verschillende groengebieden en stimuleert een beweegvriendelijke omgeving. • Het initiatief wordt op een goede manier ingepast in het landschap en versterkt de aanwezige landschappelijke kwaliteiten. • Het initiatief kiest voor een robuuste groeninrichting. Bestaand groen wordt zoveel als mogelijk behouden en het uitgangspunt is minimaal 20% groen bij nieuwe (bouw)plannen. • De gekozen groeninrichting draagt bij aan biodiversiteit dankzij een rijke variatie aan inheemse en klimaatbestendige beplanting dat weer aantrekkelijk is voor veel diersoorten.

• Voor ruimtelijke ontwikkelingen zijn water en bodem sturend. Er is voldoende ruimte voor water en groen om hittestress, wateroverlast en droogte tegen te gaan. • De buitenruimte en gebouwen hebben een klimaatbestendige inrichting (licht kleur gebruik en natuurlijke materialen) met voldoende ruimte voor het vasthouden en verwerken van hemelwater op het eigen perceel (maatgevende bui 80mm in twee uur, met beschikbaarheid/leegloop binnen 24 tot 72 uur). • Bij nieuwbouw en renovatie stimuleren we de toepassing van groene daken en gevels voor betere isolatie, waterberging en biodiversiteit. • Het initiatief draagt bij aan verbetering en leidt zeker niet tot een verslechtering van de (grond) waterkwaliteit. •

66 Omgevingsvisie Kerkrade

Kaart landschappelijk raamwerk

Omgevingsvisie Kerkrade

67

4.5 Ruimte voor mobiliteit

Het principe: Van lint voor auto’s naar lint voor levendigheid. Om ruimte voor mobiliteit te maken is het van belang om langzaamverkeer de ruimte te geven en routes te maken tussen belangrijke locaties.

De auto is steeds dominanter geworden in het straatbeeld. Een handig vervoermiddel, maar in het stedelijk gebied laat het weinig ruimte over voor groen, ontmoeting of andere weggebruikers. Daarom zetten we in op het bieden van alternatieven voor de auto, onder andere door een aantal historische linten te transformeren tot wandel- en fietsstraat. Zo werken we toe naar ruimte voor mobiliteit waar de auto wel een plek heeft, maar niet voor iedere reis gebruikt hoeft te worden. We komen uit een lange periode waar de privé-auto op de top van de piramide stond. Het verkeerssysteem is vaak ingericht om de auto zo snel en soepel mogelijk door de stad te leiden. Met de toename van het aantal auto’s inclusief parkeerplaatsen wordt het steeds duidelijker dat dit op diverse plekken leidt tot onwenselijke situaties. Het is gevaarlijk voor kinderen om buiten te spelen, er is overlast van geluid of slechte luchtkwaliteit en er is weinig ruimte voor vergroening. Daarom ontwikkelen we een verkeersysteem met meer hiërarchie en duidelijkheid. Regionale verbindingen De Buitenring Parkstad (N300) is een specifieke autostructuur waar ander verkeer geen ruimte heeft. De snelheid ligt hier hoog (maximaal 100 km/u) om de doorgang te bespoedigen. Doorgaande autoroutes De belangrijkste ontsluitingswegen naar buiten blijven belangrijke routes voor het gemotoriseerd verkeer.

Hier mag maximaal 50 tot 80 km/u gereden blijven worden. Historische linten De historie is op enkele plekken nog voelbaar in Kerkrade, het meeste misschien nog wel als je de stad doorkruist over de oude linten. Verschillende tijdlagen wisselen elkaar steeds weer af. Bijzondere architectuur, kerkgebouwen en historische centra. Overal kleine parels die bijdragen aan de lokale identiteit. Maar deze belangrijke aders zijn door het toegenomen verkeer een drukke, onveilige en ongezonde plek geworden. Dat is ook terug te zien in de toenemende leegstand. Daarom verleggen we hier de focus naar het lint als fietsstraat waar de auto te gast is. Bestemmingsverkeer is mogelijk, maar doorgaand verkeer niet. Op de linten komt meer ruimte

68 Omgevingsvisie Kerkrade

voor de fiets, de voetganger en groen. Hier mag richting 2050 maximaal 30 km/u gereden worden, deze transitie wordt in gang gezet op het historisch lint de Bleijerheiderstraat. Bedrijvigheid en parkeerruimte trekken ongewenst verkeer aan, deze passen daarom minder goed op de lintenstructuur. Op de leegstaande achterterreinen is ruimte om de huidige parkeervoorzieningen (geen toevoeging van garageboxen) in het historisch lint te verplaatsen. Woonbuurten Op de kleinere wegenstructuur wordt de focus gelegd op leefbaarheid. We zorgen voor een lage snelheid en veilige oversteekplaatsen. • Maximum snelheid van 30 km/u op alle niet doorgaande wegen. • Kinderen vanaf 8 jaar kunnen zelfstandig door de buurt fietsen naar voor hun belangrijke bestemmingen (school, sport etc.). • Veilige schoolomgevingen. Toegangsstraten tot ov hubs Belangrijke ov stations (bus en trein) moeten goed te bereiken zijn voor passagiers. De verbinding voor voetgangers, fietsers en mindervalide reizigers heeft op veel plekken aandacht nodig. Kerkrade kent in de huidige situatie vier treinstations maar ziet in de toekomst potentie voor een extra treinstation in Kerkrade-West (ook voor de verbetering van de leefbaarheid). Wandelgebied Rondom buurtcentra inzet op een (groter) voetgangersgebied waar ruimte is voor ontmoeten en spelen. Ook zetten we in op het maken van verbindingen met de aangrenzende groengebieden.

Omgevingsvisie Kerkrade

69

Randvoorwaarden voor nieuwe initiatieven • Het stimuleren van fietsgebruik. Onder andere door het uitbreiden van het deelfiets programma naar andere belangrijke bestemmingen en door inzet op regionale en grensoverstijgende verbindingen. Er liggen kansen voor een fietsverbinding tussen Kerkrade-Noord en Landgraaf. Ook zullen nieuwe verbindingen worden gerealiseerd die aanhaken op de Parkstadroute. Zo is er een vernieuwd fietspad aangelegd tussen Chrevemont-Hopel (Roderlandbaan (N299)) en komt er een fietsbrug bij de rotonde Stationsstraat, Hamstraat, Voorterstraat en Domaniale Mijnstraat. • Programma veilig fietsen en wandelen: onderzoeken waar knelpunten zijn om te komen tot een netwerk van doorfietsroutes, brede stoepen en veilige oversteekplaatsen. • Vastgestelde parkeernormen evalueren en aanpassen. Onderzoeken welke normen passen bij de komende tien jaar. Hoe dichterbij trein- en busstations en buurtcentra, hoe lager de parkeernorm. • Vrijkomende of leegstaande achterterreinen aangrenzend aan de historische linten bieden kansen voor een nieuwe invulling. De terreinen kunnen worden gebruikt als parkeervoorziening, vergroening of kleinschalige woningbouw. Multifunctioneel ruimtegebruik wordt gestimuleerd. • De openbare ruimte wordt waar mogelijk inclusief ingericht, dit betekent dat de behoeften van iedereen zijn meegenomen in het ontwerp van de openbare ruimte.

De openbare ruimte is toegankelijk voor ouders met jonge kinderen, ouderen en mensen met een beperking. Denk hierbij aan rolstoelvriendelijke opritten, (brede) trottoirs zonder losliggende tegels of andere obstakels en oversteekplaatsen met voldoende tijd om over te steken. Kerkrade wil een stad zijn waar iedereen mee kan doen en waar we niemand buitensluiten. • Het initiatief draagt bij aan de mobiliteitstransitie en stimuleert daarmee tot minder autogebruik en meer wandelen, fietsen en OV-gebruik. • We blijven inzetten op het doorrijden van de heuvellandlijn van treinstation Kerkrade-Centrum naar een nieuw treinstation in Kerkrade-West.

70 Omgevingsvisie Kerkrade

Kaart ruimte voor mobiliteit

Omgevingsvisie Kerkrade

71

5

De visie in uitvoering 5.1 Uitwerking in instrumenten 5.2 Terugblik structuurvisie 5.3 Uitvoeringsagenda

5.4 Financiering van ambities 5.5 Monitoring 5.6 Regionale samenhang

5.1 Uitwerking in instrumenten

De beleidscyclus is een nieuw onderdeel van de Omgevingswet. De Omgevingsvisie is de start van de beleidscyclus waar de gemeente de stip op de horizon voor de lange termijn aangeeft. De Omgevingsvisie is dan in vergelijking met de structuurvisie geen statisch document meer. De visie zal regelmatig worden geactualiseerd. De ambities en keuzes die voortvloeien uit de Omgevingsvisie worden vervolgens vertaald in omgevingsprogramma’s en in het omgevingsplan.

Beleidscyclus omgevingswet, bron: informatiepunt leefomgeving

Uitwerking omgevingsprogramma’s Voor een bepaald gebied of vraagstuk, zoals dit in de Omgevingsvisie is benoemd, kunnen we een omgevingsprogramma opstellen. Een programma bestaat uit acties die we willen nemen om ons doel te bereiken. Het bevat maatregelen, een planning en wat nodig is aan inzet. In de Omgevingswet zijn een aantal verplichte programma’s opgenomen, waaronder geluid. Ook kunnen vrijwillige omgevingsprogramma’s worden vastgesteld. Naast thematische programma’s, zoals bijvoorbeeld een programma voor gezondheid (Vie) kunnen we ook gebiedsprogramma’s vaststellen voor specifieke gebieden waar ontwikkelingen worden verwacht. In deze programma’s zullen we opgaven domeinoverstijgend, sociaal en fysiek, aanpakken. Bij het opstellen van de programma’s worden de strategische principes per gebiedstype met randvoorwaarden die in hoofdstuk 4 zijn beschreven verder uitgewerkt. Het omgevingsprogramma is een instrument van het college van burgemeester en wethouders. Het opstellen van een programma is vormvrij. Uitwerking Omgevingsplan en omgevingsvergunning Het omgevingsplan beschrijft de regels en de omgevingsvergunning geeft officieel toestemming voor activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Bijvoorbeeld voor het kappen van een boom of het bouwen van een gebouw.

Het omgevingsplan is bindend voor iedereen, de gemeente zal na vaststelling van de Omgevingsvisie aan de slag gaan met een gebiedsdekkend omgevingsplan voor de gehele gemeente (vaststelling voor 2032).

74 Omgevingsvisie Kerkrade

5.2 Terugblik structuurvisie

De huidige langetermijnvisies hebben hun diensten bewezen maar zijn inmiddels verouderd en toe aan vernieuwing. In de periode 2010-2025 is er veel gebeurd in Kerkrade. Diverse grootschalige fysieke projecten zijn afgerond, vaak in samenwerking met andere partijen waaronder woningcorporaties. Duidelijke voorbeelden in het centrum zijn het Centrumplan (winkels, woningen, Martin Buberplein, realisatie Hub (bibliotheek en theater) en Vie (binnenzwembad, sportgelegenheden, Innovatie Hub en parkeergarage)). In de buurt Heilust heeft een grootschalige herontwikkeling plaatsgevonden, waarbij Park West is aangelegd en een MFA is gerealiseerd in de voormalige kerk. In Bleijerheide is de circulaire gebiedsontwikkeling SUPERLOCAL gerealiseerd. De herontwikkeling Rolduckerveld is in volle gang. Ook is de Rodaboulevard (retail- en leisurecluster) verder ontwikkeld, Discovery Museum (Museumplein) uitgebreid en de stationsomgeving opnieuw ingericht, is de dierentuin GaiaZOO uitgebreid en het Stadspark heringericht. Verder hebben diverse kleinere ontwikkelingen plaatsgevonden, waaronder de realisatie van tiny houses en aanplanting van levensbomenbossen op drie locaties in Kerkrade.

Op het gebied van infrastructuur is in de periode van 2015 t/m 2017 de Buitenring Parkstad Limburg (N300) aangelegd, dit is een belangrijke ontwikkeling geweest voor de verbeterde bereikbaarheid van Kerkrade en de gehele regio Parkstad. Vanaf 2018 zijn diverse bedrijventerreinen ook beter ontsloten. Dit heeft ervoor gezorgd voor een afname van leegstaande bedrijfspercelen, een versnelling van de herstructurering van de Kerkraadse bedrijventerreinen, een toename van werkgelegenheid in de Medtech sector en logistiek/distributie vanwege de gunstige ligging in West-Europa.

5.3 Regionale samenhang

Voorheen was er sprake van een regionale structuurvisie op Parkstad niveau, de ‘Intergemeentelijke Structuurvisie Parkstad – 2009’. Met de komst van de Omgevingswet is er alleen nog maar sprake van een Omgevingsvisie op Rijks, provinciaal en gemeentelijk niveau. Daarom is er in de regio Parkstad voor gekozen om een regionaal afstemmingskader op te stellen dat als bouwsteen in elke Omgevingsvisie wordt doorvertaald. Hiermee worden regionale kwaliteiten, opgaven en ambities op een eenduidige wijze geborgd. Het regionale afstemmingskader is in het eerste kwartaal van 2023 vastgesteld door de gemeenteraden. Het regionaal afstemmingskader is geen hard kader met strikte planologische sturingsprincipes, maar een inspirerend vergezicht gericht op het samenbrengen van kwaliteiten en opgaven op regionaal niveau. Daarnaast is het een positioneringsstuk naar de bredere regio: waar zien we kans voor verdere samenwerking en ruimtelijke structuurversterking als een vitale grensregio. Momenteel wordt het regionaal afstemmingskader geactualiseerd op basis van “Parkstad Limburg biedt Ruimte! Ons toekomstverhaal voor 2040”. Naar verwachting volgt in 2026 een nieuwe versie van het regionaal afstemmingskader.

Vanuit de regionale blik zijn er enkele belangrijke voorzieningen, kansen en ontwikkelingen waar de gemeente rekening mee moet houden: • Samenwerking binnen de Parkstad regio voor het ontwikkelen van een ruimtelijke visie op circulaire economie. Dit omvat onder andere het gezamenlijk opstellen van een uitvoeringsprogramma voor een circulair Parkstad in 2050. • Regionale samenwerking in het kader van de Regionale Energiestrategie (RES) Zuid-Limburg, waarbij Kerkrade als onderdeel van de deelregio Parkstad Limburg bijdraagt aan de energietransitie. Deze samenwerking richt zich op energiebesparing, duurzame elektriciteitsopwekking en de warmtetransitie. • Uitbreiding hoogspanningsstation Terwinselen (gemeente Heerlen). • Nieuwe Narratief: “Parkstad Limburg biedt Ruimte! Ons toekomstverhaal voor 2040”.

Omgevingsvisie Kerkrade

75

• • • • • •

•

•

Bouw van een waterstofcentrale Herzogenrath (inclusief uitbreiding van het zonnepark) Zoekgebied bouw van windturbines rondom Aken en Herzogenrath, dichtbij de landsgrens (impact voor het zuidelijk deel van Kerkrade en het noordoostelijk deel van Kerkrade). Goede afstemming op het gebied van woningbouw en werkgelegenheid; het huisvesten van verschillende doelgroepen. Renaturering van de grensrivier de Worm tussen Eygelshoven en Rimburg (gemeente Landgraaf). Nieuwe ontwikkelingen in de gemeenten Heerlen (woningbouw en retail) en Landgraaf (vakantiepark Rouenhof, locaties voor woningbouw aan de Waubacherweg, ten noorden van Eygelshoven). Regionale inzet op “Medlands Parkstad”. In Parkstad bevinden zich meerdere internationale bedrijven in de medische technologiesector die zorgen voor essentiële en geavanceerde zorgmiddelen, medicijnen en apparatuur. De vraag naar deze producten is groot en neemt in de toekomst alleen maar verder toe. Kerkrade werkt samen met partners in Nederland en Duitsland aan het ontwikkelen van een grensoverstijgende samenwerking voor energieprojecten, om gezamenlijk in Eurodeverband te werken aan de energietransitie. Zo ligt net over de grens in de Stadt Herzogerath één van de grootste zonneparken in Nordrhein Westfalen (Nivelsteiner Sandwerke & Sandsteinbruche). De glasfabriek Saint Gobain wil via restwarmte, warmte opwekken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=823114d5-fb79-490c-a62a-d1116f08c19a