Begroting 2024 definitief
Tekst van het document
Gemeentelijke infrastructuur
Relatie met taakveld(en): 8.2 De knelpunten in de gemeentelijke infrastructuur worden onderzocht en zullen dienen als onderlegger voor het programma wegreconstructies en civieltechnische kunstwerken
77
C. Wat mag het kosten? Exploitatie 8
REK.
Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing
BEGR.
MJR.
Bijgesteld
Primair
2023
2024
2022
2025
2026
2027
LASTEN 8.1 Ruimtelijke ordening
456
513
451
451
445
445
8.2 Grondexpl. (niet-bedr.terreinen)
697
1.644
981
168
23
23
8.3 Wonen en bouwen
7.266
6.437
3.316
3.291
3.239
3.227
TOTAAL LASTEN
8.420
8.594
4.747
3.909
3.706
3.695
98
71
29
29
29
29
8.2 Grondexpl. (niet-bedr.terreinen)
1.069
1.797
1.229
416
168
168
8.3 Wonen en bouwen
4.899
3.144
545
550
516
521
TOTAAL BATEN
6.065
5.011
1.802
995
713
718
BATEN 8.1 Ruimtelijke ordening
Investeringen Bedrag * € 1.000 TV
Omschrijving
V/U¹ E/M²
2023
2024
2025
2026
2023 2027
2027
I Reguliere investeringen 8.1
280
280
280
280
280
1.400
100
0
0
0
0
100
e/m
0
600
0
0
0
600
m
450
450
450
450
450
2.250
830
1.330
730
730
730
4.350
u
m
8.3
Proj. Volkshuisvestingfonds Herinrichten woonwagenplaatsen
u
e
8.3
Transferium
u
8.3
Gbe Rolduckerveld
u
Totaal Programma 8
¹ V = vervangingsinvestering, U = n uitbreidingsinvestering. ² E = investering met economisch nut, M = investering met maatschappelijk nut.
D. Toelichting op financiële mutaties en overige zaken Financiële mutaties Exploitatie Door prijsstijging van loonkosten en energie- en brandstofkosten is er in programma Volkshuisvestring, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing voor de producten wonen en bestemmingsplannen rekening gehouden met indexering van de kosten. Voor de jaren 2023 en 2024 is hiervoor € 10.000 geraamd en vanaf 2025 is structureel € 5.000 begroot. Leges (8.3) Door enkele grote bouwprojecten binnen de gemeente Kerkrade vallen de legesinkomsten voor 2023 hoger uit dan begroot. Het betreft hier vooral bouwactiviteiten op bedrijventerreinen en enkele projectmatige bouwlocaties van woningstichtingen. Daarnaast is het totaal aantal aanvragen voor omgevingsvergunningen in Kerkrade (conform een landelijke trend) in 2023 toegenomen. Voor 2023 kunnen de leges positief worden bijgesteld met € 600.000. Voor de jaren 2024 tot en met 2027 is de inschatting gemaakt dat de leges met € 50.000 toenemen in 2024 oplopend naar € 65.000 in 2027. 78
Investeringen n.v.t.
Overige vermeldenswaardige zaken
E. Indicatoren Basisset beleidsindicatoren Omschrijving
Bron
Gemiddelde WOZwaarde
CBS
Nieuw gebouwde woningen
BAG
Demografische druk Gemeenschappelijke woonlasten éénpersoonshuishouden Gemeenschappelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
CBS
Eenheid
Periode
€ 1.000 Aantal per 1.000 woningen %
Kerkrade
Nederland
Limburg
2023
200
369
289
2022
2
9,3
6,3
2023
76,4
70,3
75
COELO
€
2023
889
860
893
COELO
€
2023
969
942
967
Overige indicatoren Omschrijving
Bron
Eenheid
algemene kwaliteit van de woonomgeving
burgeronderzoek
score (0 - 10)
gesloopte woningen
BAG
aantal
2018
2019
2020
2021
7,0 300
6
2022
6,9 -
2
1
toegevoegde woningen BAG aantal *: - nieuwbouw 23 59 32 71 159 - verbouwing 11 6 87 9 11 leegstand woningen in BsGW Limburg % 4.4 4,1 3,9 4,2 6,3 relatie tot (woz-registratie) woningvoorraad (1 jan.) leegstand niet-woningen BsGW Limburg % 19,4 22,4 22,7 22,4 19,7 in relatie tot voorraad (woz-registratie) niet-woningen (1 jan.) * De verdeling van de toegevoegde woningen naar nieuwbouw en verbouwing is aangepast. Naast de gerealiseerde nieuwbouwwoningen worden de laatste jaren ook relatief veel bestaande panden verbouwd tot woningen. Voor het krijgen van inzicht in de toename van de woningvoorraad elk jaar is besloten om naast de daadwerkelijk nieuw gebouwde woningen ook de toename middels verbouwing bestaande panden inzichtelijk te maken.
79
80
Paragrafen
81
§1. Lokale heffingen
Algemeen In deze paragraaf staan het beleid van en de opbrengsten over de gemeentelijke heffingen en leges. In de jaarlijkse Tarievennota staan de tarieven, uitgangspunten en ontwikkelingen.
a. Beleid lokale heffingen en kwijtschelding Tarieven De tarieven 2024 moeten nog worden vastgesteld voor de diverse belastingen en leges. Bij de behandeling van de Tarievennota 2024 (raad december 2023) zal de raad hierover een besluit nemen. In deze begroting zijn voor een aantal belastingen en heffingen (OZB, leges persoonsdocumenten, burgerlijke stand en rij- en reisdocumenten, afval en riool) voorstellen gedaan. Voor wat betreft de hondenbelasting en precario is vorig jaar reeds besloten om deze met ingang van 2024 aan te passen. De belasting voor de 1e hond vervalt en precario wordt weer op het oude niveau geheven. De reclamebelasting en marktpromotiegelden blijven onveranderd, aangezien deze gelden, opgebracht door de ondernemers,
82
ook ten behoeve van activiteiten voor de ondernemers zijn bestemd. De parkeerboetes worden verhoogd naar het wettelijk maximum. Voor het overige verhogen wij de tarieven met 1,5%. In totaal stijgt de gemiddelde lastendruk naar huidige inzichten met circa 34 euro in 2024 (hetgeen neerkomt op € 2,85 per maand) wat vooral veroorzaakt wordt door hogere kosten afvalverwerking. Wat dit betekent voor onze plaats op de lijst met gemeentelijke woonlasten is nu nog niet te zeggen. Duidelijk is wel dat alle gemeenten te maken gaan krijgen met forse meerkosten voor afvalverwerking hetgeen hoe dan ook in de tarieven tot uiting zal komen. Kwijtschelding Het kwijtscheldingsbeleid wordt uitgevoerd door BsGW. Bij het kwijtscheldingsbeleid wordt de maximale toegestane norm gehanteerd. Dat is 100% van de bijstandsnorm. De landelijke minimale norm is 90%. De kwijtscheldingsregeling beperkt zich tot de onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing (vast tarief) en het rioolrecht. Voor het beoordelen van een verzoek om kwijtschelding worden de criteria van de Invorderingswet 1990 gehanteerd. Vanwege het uitgangspunt van 100% kostendekkendheid, worden de kosten van kwijtschelding voor riool en afval doorbelast. Kostendekkendheid Voor zowel heffingen als rechten geldt dat deze maximaal kostendekkend mogen zijn.
Het gaat hier om de Rioolheffing, Afvalstoffenheffing, Markt- en marktpromotiegelden, Leges en Lijkbezorgingsrechten. Bij de berekening van de kostendekkendheid wordt rekening gehouden met directe kosten, salariskosten en kosten van overhead. De kosten van overhead zijn gebaseerd op de naar de producten toegerekende uren. • Rioolheffing en Afvalstoffenheffing In onderstaande tabellen is een indicatief overzicht opgenomen naar de inzichten van juli 2023. Ten behoeve van de definitieve vaststelling van de tarieven 2024 zullen de cijfers worden geactualiseerd. De geraamde mutaties van de voorziening en reserve kunnen dus nog wijzigen. Kostendekkendheid riool
2023
Directe kosten*
1.576.300
Kapitaallasten Mutatie in voorziening Doorbelastingen vanuit andere taken** Totaal kosten
1.556.600 60.300 2.511.800 5.705.000
Rioolheffing
5.702.800
Overige opbrengsten
2.200
Totaal opbrengsten 5.705.000 Kostendekkendheid percentage 100% * Dit betreft kosten van inspecties en onderhoud (€ 692.000), BSGW (€ 177.000), salarissen en sociale lasten (€ 268.100), Waterschapslasten (€ 86.200), kolkenzuigen (€ 65.200), ongediertebestrijding (€ 58.600), onderhoud ZLbassins (€ 71.000), recognities (€ 43.000) en overige kosten (€ 115.200) ** Dit betreft overhead (€ 602.400), straatreiniging (€ 419.200), rente oude investeringen (€ 826.700), kwijtschelding (€ 580.100), en toerekening compensabele btw (€ 83.400)
Kostendekkendheid afval
2024
Directe kosten*
5.505.600
Doorbelastingen vanuit andere taken**
1.509.500
Totaal kosten
7.015.100
Afvalstoffenheffing– vastrecht variabele opbrengst Dividend RD 4 NV
6.984.100 31.000
Totaal opbrengsten
7.015.100
Kostendekkendheid percentage 100% * Directe uren (€ 196.500), kosten Rd4 (€ 4.982.800), kosten BSGW (€ 326.000) en overige kosten (€ 300) ** Overhead (€ 237.000), straatreiniging (€ 151.800), kwijtschelding (€ 477.900) en (toerekening) compensabele btw (€ 642.800)
83
• Overige rechten en heffingen Kostendekkendheid Marktgelden/ -promotie
2024
Directe kosten
122.000
Loonkosten en overhead
273.800
Totaal kosten
395.800
Opbrengsten
129.200
Totaal opbrengsten
129.200
Kostendekkendheid percentage
33%
Kostendekkendheid Lijkbezorgingsrechten
2024
Directe kosten
92.400
Loonkosten en overhead
140.700
Totaal kosten
233.100
Opbrengsten
54.300
Totaal opbrengsten
54.300
Kostendekkendheid percentage
23%
Kostendekkendheid Leges
2024 Titel 1*
Titel 2*
Titel 3*
Totaal
Directe kosten
203.900
35.000
1.000
239.900
Loonkosten en overhead
743.800
382.500
166.700
1.293.000
Totaal kosten
947.700
417.500
167.700
1.532.900
Opbrengsten
437.300
386.700
51.200
875.200
Totaal opbrengsten
437.300
386.700
51.200
875.200
Kostendekkendheid percentage 46% 93% 31% 57% * Titel 1 Algemene dienstverlening, Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning, Titel 3 Dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn.
b. Raming opbrengsten uit heffingen (overzicht op hoofdlijnen) bedragen * €1.000
Taakveld
Opm.
2024
2025
2026
2027
0.2
3
Leges persoonsdoc., burg.stand, rij/reisdocumenten
0.61/0.62
1
Onroerendezaakbelastingen
14.046
14.256
14.463
14.654
0.63/2.2
1, 4
Parkeergelden/boetes
550
680
680
680
0.64
1
Hondenbelasting
89
89
89
89
0.64
1
Reclamebelasting
54
54
54
54
0.64
1
Precariorechten
83
83
83
83
1.2 3.3 3.4
1
3.4
403
420
466
489
Diverse leges uitvoering bijzondere wetten Marktgelden en marktpromotiegelden Toeristenbelasting en retributies GaiaZoo
51
51
51
51
115
115
115
115
199
199
199
199
Kermissen
34
34
34
34
7.2
2
Rioolheffing
5.703
5.708
5.728
5.736
7.3
2
Afvalstoffenheffing
6.684
6.972
6.975
6.991
84
7.5
Lijkbezorgingsrechten
54
54
54
54
8.3
Leges omgevingsvergunning
387
392
397
402
Div.
Diverse leges
25
25
25
25
28.477
29.132
29.413
29.656
Totaal
1. Niet bestedingsgebonden en geen eisen m.b.t. kostendekkendheid. 2. Verloopt budgettair neutraal via de egalisatiereserve riolen resp. egalisatiereserve afvalverwerking. 3. Onder aftrek van de af te dragen rijksleges. 4. Inclusief opbrengsten parkeergarages welke privaatrechtelijk worden geïnd.
Voor een toelichting op de diverse belastingen en heffingen wordt verwezen naar de jaarlijkse Tarievennota.
c. Lokale lastendruk Als we het hebben over de lokale lastendruk, wordt hiermee bedoeld de woonlasten voor de burger. Onder de woonlasten vallen de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing (vastrecht en diftar). De lokale lastendruk 2023 is door COELO (bronhouder) gemiddeld becijferd op € 969 voor een Kerkraads gezin (woonlasten eigenaar-bewoner, meerpersoonshuishouden). Volgens COELO is dit landelijk gemiddeld € 944 en in Limburg gemiddeld € 963. De mediaan is het middelste getal in een (oplopende) getallenreeks. De mediaan is € 950, dat wil dus zeggen dat het gemiddelde beïnvloed wordt door uitschieters aan de onderkant en bovenkant. Volgens COELO liggen in 79% van de Nederlandse gemeenten de gemiddelde woonlasten tussen de € 800 en € 1.100. Op de Limburgse ranglijst neemt Kerkrade in 2023 (plaats 15) ten opzichte van de andere gemeenten een beduidend gunstigere positie in als in 2022 (plaats 23). Tot 2022 ging COELO bij de berekening van de gemiddelde OZB aanslag uit van de gemiddelde waarde van koop-en huurwoningen tezamen. Met ingang van 2022 gebruikt COELO hiervoor alleen de gemiddelde waarde van koopwoningen, waardoor het beeld t.o.v. voorgaande jaren wordt vertekend. Gemeenten moeten uiteraard bij hun tariefstelling wel rekening houden met de waarde van de huurwoningen.
Een overzicht van de lokale woonlasten 2023 in de Parkstadgemeenten is opgenomen in onderstaande tabel. bedrag * € 1 voor meerpersoonshuish.
Jaar 2023
Woonlasten
Rioolheffing
Afval/ reinigingsheffing
Gemiddelde OZB woningen
Beekdaelen Brunssum Heerlen Landgraaf Kerkrade Simpelveld Voerendaal
994 913 964 975 969 1045 1141
300 244 190 267 229 278 345
287 304 370 321 321 290 304
407 365 404 387 419 477 492
Gemiddelde waarde woning
(voorlopig) 343 258 262 292 247 305 376
Via de 'lokale lasten meter' kunnen de inwoners hun woonlasten berekenen op basis van hun eigen specifieke situatie. De link naar de lokale lastenmeter is https://kerkrade.lokalelastenmeter.nl/. Middels de jaarlijkse Tarievennota stelt de raad steeds in december de tarieven vast. In het najaar wordt een inschatting gemaakt van de gegevens die nodig zijn om de tarieven te bepalen. Er is sprake van een doorlopende ontwikkeling, o.a. als gevolg van definitieve afronding taxatieprocessen voor de wet WOZ en bezwaar en beroep. Tenslotte wordt opgemerkt dat in de landelijke cijfers van de basisset (COELO) op onderdelen standaard uitgangspunten worden gehanteerd voor de berekeningen, o.a. bij het hanteren van DIFTAR. De uiteindelijke lastendruk kan achteraf anders uitvallen. In Kerkrade zijn er bijvoorbeeld, in verband met het ledigingsschema van de Rd4, minder ledigingen mogelijk dan waar COELO standaard van uitgaat.
85
§2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Algemeen Deze paragraaf geeft informatie over de weerstandscapaciteit, de risico's, het beleid, diverse kengetallen en een beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken en alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De weerstandscapaciteit wordt onderscheiden in een incidentele en structurele component. Onder de incidentele component wordt verstaan de algemene reserve, de post onvoorzien incidenteel, de stille reserves en de incidentele begrotingsruimte. Uitgangspunt is dat de bestemmingsreserves niet worden gekwalificeerd als incidentele weerstandscapaciteit. Onder de structurele component wordt verstaan de onbenutte belastingcapaciteit, de post onvoorzien structureel en de structurele begrotingsruimte.
a. Weerstandsvermogen De ratio voor het weerstandsvermogen is voor het begrotingsjaar 2024 en de meerjarenraming weergegeven in onderstaande tabel. De ratio is het resultaat van de verhouding tussen de (in onderdeel b. Weerstandscapaciteit) berekende weerstandscapaciteit en de (in onderdeel c. Risico’s) gekwantificeerde restrisico’s. 2024
2025
2026
2027
1.6
1.7
1.5
1.6
Ratio weerstandsvermogen
De norm die de gemeente Kerkrade gebruikt, is gebaseerd op de risicomatrix van de Universiteit Twente. Er is geen landelijke “norm” waaraan voldaan moet worden. De tabel geeft alleen een relatieve indicatie waarbij waarderingsscore A het hoogst haalbare is en waarderingsscore F de slechtste score is. Waarderings-score A B C D E F
Ratio
Betekenis
>= 2.0 1.4 < 2.0 1.0 < 1.4 0.8 < 1.0 0.6 < 0.8 <0.6
Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
86
De gemeente Kerkrade neemt op die schaal als (gewenst) risicoprofiel een middenpositie in: risico’s worden voor zover mogelijk vermeden of afgedekt. Anderzijds moet een ondernemende gemeente risico’s durven te nemen en kan het vormen van reserves geen doel op zich zijn. Volgende bovenstaande tabel is het weerstandsvermogen van de gemeente Kerkrade in 2024 ruim voldoende.
b. Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit is voor het Begrotingsjaar 2024 en de meerjarenraming weergegeven in onderstaande tabel. Algemene Reserve Bedrag * € 1.000 per ultimo jaar
2024
2025
2026
2027
Algemene Reserve Algemene Reserve OBK Reserve exploitatie (vrije ruimte) Totaal
7.965 1.250 2.855 12.070
8.715 1.250 5.280 13.632
9.465 1.250 5.280 14.382
10.215 1.250 5.280 15.132
Voor wat betreft de algemene reserve geldt dat altijd een bepaalde omvang noodzakelijk is, bijvoorbeeld om risico's of een (onverwacht) negatief jaarrekeningresultaat op te kunnen vangen. Stille reserves Van stille reserves is sprake indien de reële marktwaarde van de activa (bezittingen) de boekwaarde daarvan overstijgt. Daarvan is bijvoorbeeld sprake als het bezit al geheel of gedeeltelijk afgeschreven is, maar nog wel bruikbaar voor een geïnteresseerde koper. Vaak worden als stille reserves genoemd gronden, gebouwen en aandelen. Praktisch gezien moeten deze bezittingen ook verkoopbaar zijn, willen zij dienen als weerstandsvermogen. Als dat zo is, doet zich tot slot nog het probleem voor van waardebepaling. De gemeente Kerkrade heeft nog diverse gronden, gebouwen en aandelen in bezit waarvan de marktwaarde de boekwaarde zou kunnen overstijgen. De meeste daarvan zijn echter niet verkoopbaar, bijvoorbeeld de gronden in een aangewezen groengebied, het raadhuis of het stadskantoor. In het verleden zijn verkoopbare stukken groen en gebouwen die als niet-strategisch werden beschouwd reeds gedeeltelijk afgestoten. Deze beleidslijn wordt doorlopend voortgezet. Er is geen sprake van een bedrag uit stille reserves dat bij de weerstandscapaciteit wordt betrokken. Begrotingssaldo Een begrotingsoverschot mag tot de weerstandscapaciteit worden gerekend.
Van structurele begrotingsruimte is sprake als de begroting en de meerjarenraming structureel sluit met een positief saldo. Overige ruimte wordt aangemerkt als incidentele ruimte. Voor een overzicht van het begrotingssaldo wordt verwezen naar Financiële begroting, 1. Overzicht van lasten en baten, a. Totaaloverzicht begrotingssaldo. Voor de berekening van het weerstandsvermogen laten wij deze post vooralsnog buiten beschouwing, omdat begrotingsoverschotten nog ingezet kunnen worden. Onvoorzien en onvermijdbaar In de begroting is in de exploitatie opgenomen de jaarlijkse post “onvoorzien”. Dit betreft een structurele post van in totaliteit € 282.100. Daarnaast is in het investeringsprogramma een jaarlijkse post “onvermijdbaar” opgenomen van € 58.000. Dit vergroot de beschikbare middelen voor onvoorziene omstandigheden. Deze posten kunnen worden ingezet ten behoeve van de dekking van de in de loop van het jaar opkomende incidentele niet voorziene uitgaven resp. investeringen. In de bijlage 'Overige risico's' van dit document is een tabel opgenomen waaruit blijkt dat deze bedragen separaat worden meegenomen ter afdekking van de risico’s van de bedrijfsvoering c.q. het dagelijks handelen. Ze worden daarom niet nog eens betrokken bij de weerstandscapaciteit.
Onbenutte belastingcapaciteit Indien er ruimte bestaat om belastingen en heffingen te verhogen, betekent dit een mogelijkheid om tegenvallers op te vangen. In de praktijk wordt hiervoor ook vaak gekeken naar de lastendruk ten opzichte van andere gemeenten. Meer informatie over de lastendruk is jaarlijks opgenomen in de paragraaf Lokale
87
heffingen van de begroting en rekening. Deze mogelijke extra ruimte wordt vooralsnog buiten beschouwing gelaten voor de berekening van het weerstandsvermogen. Overig Daarnaast zijn er nog twee posten die niet tot de weerstandscapaciteit gerekend mogen worden, maar wel op hun eigen wijze risico's afdekken, te weten: bestemmingsreserves en voorzieningen. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves zijn reserves waaraan de raad een bepaalde bestemming heeft gegeven (artikel 43 BBV). Bestemmingsreserves worden niet gekwalificeerd als weerstandscapaciteit. Deze worden dus niet meegenomen in de berekening van de weerstandscapaciteit. Een andere aanwending van deze reserves kan beleidsmatige of financiële gevolgen hebben omdat er sprake is van verplichtingen of omdat zij een egaliserende werking hebben. Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd voor verplichtingen, verliezen en risico’s die redelijkerwijs te schatten zijn en die hun oorsprong vinden in het huidige of eerdere begrotingsjaren. Een voorziening moet groot genoeg zijn om het risico of de verplichting te dekken, dus niet te laag, maar ook niet te hoog. Daarom worden voorzieningen niet gerekend tot de weerstandscapaciteit.
c. Risico's Een risico is een gebeurtenis die een (negatief) gevolg voor de gemeente met zich mee kan brengen. Per risico wordt aangegeven of sprake is van een bestaande dekking. Indien de schatting is dat de bestaande dekking voldoende is, vindt geen kwantificering plaats. Het eventuele (rest)risico wordt gekwantificeerd. De gekwantificeerde risico's, die van belang zijn voor de berekening van het weerstandsvermogen, zijn weergegeven in onderstaande tabel. Bedrag * € 1.000
Risico's Algemene uitkering Sociaal domein Ontwikkelingsbedrijf Kerkrade (OBK) Parkstad Limburg Stadion (PLS) / Roda JC Kerkrade Beheer kapitaalgoederen Algemeen Totaal
1.600 1.200 0 1.600 1.200 1.500 7.100
Enkele overige risico’s onder andere van de bedrijfsvoering (het dagelijks handelen) zijn opgenomen in de bijlage §2. Weerstandsvermogen: 'Overige risico's' van de begroting. Hieronder volgen de risico's. Algemene uitkering Toelichting Het Rijk brengt jaarlijks voor het gemeentefonds drie circulaires uit: in mei, september en december. Soms zijn er ook berichten tussendoor. De circulaires hebben gevolgen voor de gemeentefinanciën. Deze gevolgen worden berekend en opgenomen in de meerjarenbegroting. Een circulaire kan leiden tot tegenvallers of meevallers. De verschillen zijn soms groot. De bevriezing van het volume-accres (het deel van de algemene uitkering ter compensatie van meer/ minder uitgaven van het Rijk) voor de jaren 2022 t/m 2025 en de nieuwe financieringssystematiek vanaf 2026 moeten zorgen voor meer stabiliteit. Bestaande dekking Bij de berekeningen van de AU wordt uitgegaan van actuele basisgegevens. De omvang van de algemene uitkering loopt gelijk met de ontwikkeling van de uitgaven van de verschillende ministeries. Als de uitgaven van de ministeries stijgen, groeit het gemeentefonds mee. Als de uitgaven van de ministeries dalen door bijvoorbeeld bezuinigingen, dan krimpt het gemeentefonds. Dit
88
wordt de “samen-trap-op-trap-af”-systematiek genoemd. De schommelingen houden vooral hiermee verband. Als sprake is van financiële tegenvallers op de korte termijn, is het voor de gemeente moeilijker om nog met oplossingen te komen. Bij financiële tegenvallers op de lange termijn is dit beter mogelijk. Daarom houden wij in het weerstandsvermogen rekening met een bedrag om dit risico (voor de korte termijn) af te dekken. Kwantificeren (rest)risico In lijn met de historische negatieve schommelingen gaan wij uit van een bedrag van afgerond € 1,6 miljoen. Dit is ongeveer 2% van de recente algemene uitkering. Sociaal Domein (SD) Toelichting Ten gevolge van het gegeven, dat de regelingen in het sociaal domein open-eind regelingen zijn, kunnen er grote schommelingen in de uitgaven optreden. Bestaande dekking Bij de overgang van de taken van het Rijk naar de gemeente was de aandacht vooral gericht op het laten doorgaan van de zorg. Nu de taken al enkele jaren bij de gemeente liggen, is de focus gericht op het beheersen van de uitgaven. Kwantificering (rest)risico Schommelingen aan zowel de inkomsten- als uitgavenkant zullen blijven. Op basis van de gegevens van de afgelopen jaren, houden wij rekening met een risico van afgerond 1,2 miljoen.
Ontwikkelingsbedrijf Kerkrade (OBK) Toelichting Het grondbeleid volgt het ruimtelijk beleid en richt zich daarmee op het ontwikkelingsprogramma woningbouw en op het ontwikkelingsprogramma bedrijventerreinen. De resultaten van het Grondbedrijf betreffen de winsten en verliezen uit grondexploitaties. In de periode 2023-2027 zijn voor een bedrag van ongeveer € 0,45 miljoen aan resultaten te realiseren. Hier kunnen bepaalde risico’s zijn. Er kan sprake zijn van tegenvallers aan de inkomstenkant maar ook aan de uitgavenkant. Een toelichting op de risico’s van de grondexploitatie staat in de paragraaf grondbeleid. Bestaande dekking Het bedrag van de algemene reserve OBK is apart betrokken bij de weerstandscapaciteit. De reserve grondexploitatie OBK (werkreserve grondbedrijf) is o.a. bedoeld voor verliezen uit de grondexploitaties. Het saldo wordt eind 2027 geschat op ongeveer € 1,8 miljoen. Voor elke grondexploitatie worden overeenkomsten gesloten. Eerst wordt hiervoor onderzocht wat de financiële effecten zijn. Daar waar mogelijk, worden de risico’s van een grondexploitatie zoveel mogelijk neergelegd bij de andere partij. De ontwikkelingen worden de hele tijd in de gaten gehouden. Wanneer een risico onverwacht werkelijkheid wordt, worden er maatregelen genomen of voorstellen gedaan om de effecten van het risico te verkleinen.
Kwantificering (rest)risico Als de resultaten grondexploitatie tegenvallen, dan wordt de werkreserve OBK niet of minder of minder snel aangevuld. Met het geschatte saldo van de reserve is dan nog een goede buffer beschikbaar voor de resterende risico's. Gelet op deze ruimte wordt het restrisico berekend op € 0. Parkstad Limburg Stadion (PLS)/ Roda JC Kerkrade Toelichting Gemeente Kerkrade had eind 2022 nog een langdurende vordering van ongeveer € 18,5 mln op Holding Stadion Kerkrade BV. Of het geld binnenkomt, is afhankelijk van het betalen van de huur voor het PLS door Roda JC. Over dit onderwerp heeft de raad 1 juli 2020 een besluit genomen voor de periode tot en met 2023.
89
Met het raadsbesluit van 12 juli 2023 is een nieuwe richting gekozen in samenhang met de ontwikkeling 'Kaalheide Bruist / ontwikkeling sportpark Kaalheide'. Dit leidt naar verwachting tot een afname van het huidige risicoprofiel, waarbij de inbaarheid van de lening veel minder afhankelijk wordt van één huurder (Roda JC). In afwachting van de feitelijke ontwikkelingen handhaven wij vooralsnog de risico-inschatting. Deze blijft dan gebaseerd op de situatie dat voor een leeg stadion (een) nieuwe huurder(s) of een nieuwe bestemming moet wordt gezocht. Dat kost tijd. Vanuit het toezichtkader kan hiervoor een periode van vier jaren worden uitgetrokken. Pas wanneer in die periode geen zicht is op een oplossing, komt een afboeking van de vordering in beeld. Dit is het slechtste (worst case) scenario. Bestaande dekking Roda ontvangt (o.a.) mediagelden vanuit de KNVB. Met Roda en de KNVB is overeengekomen via een zogenaamde 'akte van cessie' dat de KNVB de door Roda te betalen bedragen rechtstreeks overmaakt aan Stadion/Gemeente Kerkrade. Dit gebeurt steeds in maart, mei, oktober en december, of vaker indien nodig. Er zijn op het moment van schrijven (september 2023) geen achterstanden in deze betalingen. De cessie zal nog worden aangepast naar de nieuwe situatie naar aanleiding van het besluit van 12 juli 2023. Er blijft echter sprake van onzekerheden.
Ook is in de begroting rekening gehouden met de kosten van onderhoud. Als het stadion tijdelijk leegstaat, kan dit mogelijk op een lager niveau gebeuren. Kwantificering (rest)risico De kans dat moet worden overgegaan tot afboeking van de vordering is niet onderbouwd in te schatten. De nieuwe ontwikkeling kan deze kans verkleinen. Als het stadion leeg zou komen te staan moet PLS/de gemeente de eigenaarslasten betalen, mist de gemeente de rentevergoeding, zal ook een deel van de gebruikerslasten door de gemeente moeten worden betaald en ontstaat er extra druk op de financieringslasten. Verder kan nog sprake zijn van een eenmalig nadeel van circa € 0,1 mln in verband met de vordering onroerendezaakbelastingen oude jaren op Roda JC. Vooralsnog blijven wij uitgaan van een bedrag van in totaal € 1,6 miljoen voor dit risico, om deze kosten gedurende de genoemde periode van vier jaren te dekken. Afhankelijk van de feitelijke ontwikkelingen de komende jaren zal dit risico steeds opnieuw worden beoordeeld en zonodig bijgesteld worden. Beheer kapitaalgoederen Toelichting Voorbeelden van de kapitaalgoederen zijn wegen, riolering, groen, gebouwen, verlichting en civieltechnische kunstwerken. Deze kapitaalgoederen moeten onderhouden worden op een bepaald niveau. De kosten van riolen zijn deel van het riooltarief. Deze kosten zijn geen risico voor de begroting.
Voor het onderhoud van de overige kapitaalgoederen is ongeveer € 4,8 miljoen in de begroting opgenomen (excl. kosten groenteams en energie). Voorbeelden van risico’s zijn een onderhoudsachterstand, incidentele schade door storm of toenemende kosten door uitbreiding van het aantal of omvang van kapitaalgoederen. Bestaande dekking In beheerplannen worden afspraken gemaakt over het niveau van onderhoud. Ook wordt rekening gehouden met de kosten hiervan. Deze kosten zijn opgenomen in de begroting. Dit kan zijn in de exploitatie, het investeringsprogramma of via de inzet van reserves. Daarnaast werkt de gemeente aan het verkleinen van gemeentelijke vastgoedportefeuille. Dit kan zijn door sloop of verkoop. De aandacht gaat naar strategisch vastgoed. Aan niet-strategisch vastgoed wordt alleen onderhoud uitgevoerd dat echt niet uitgesteld kan worden. Onderhoud vindt vaak plaats op basis van inspecties en rekening houdend met ontwikkelingen in de directe omgeving (efficiency). Ook met eventuele sloopkosten wordt in de begroting rekening gehouden. Na sloop kan het zijn dat de nieuwe plek ergens anders voor gebruikt wordt dat geld oplevert. De kosten van de sloop vallen dan weg tegen de nieuwe inkomsten. Jaarlijks wordt de boekwaarde van het vastgoed vergeleken met de waarde daarvan. Er wordt dan nagegaan of de boekwaarde niet te hoog is.
Kwantificering (rest)risico Voor het opvangen van de risico's wordt rekening gehouden met een bedrag van afgerond € 1,2 mln. Dit is ongeveer 25% van het budget voor het jaarlijks onderhoud van de kapitaalgoederen exclusief de riolen.
90
Algemeen Toelichting In de gemeente zijn nog verschillende andere risico's. Van die risico's is het lastig in te schatten wat het financieel effect kan zijn en ook de kans op dat het risico gebeurt. Om niet aan deze risico's voorbij te gaan wordt een stelpost bepaald. Voorbeelden van deze risico's zijn de gevolgen van wetswijzigingen, de btw-uitkering Regeling specifieke uitkering stimulering sport (SPUK), de stikstofuitspraak, privacy-incidenten of de stijgende energiekosten met name door de oorlog in de Oekraïne. Wat voor effect deze laatste heeft op de economie en werkgelegenheid valt nu nog niet in te schatten. Een recessie kan bijvoorbeeld effect hebben op gemeentelijke projecten en op te betalen uitkeringen. De effecten hangen sterk af van hoe de situatie nog voortduurt en zijn nu onmogelijk te bepalen. Een voorbeeld van een ingrijpende verandering van wet- en regelgeving waarvan het uiteindelijke effect nog onduidelijk is, is de invoering van de Omgevingswet (Ow) en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). De Raad wordt hierover apart op de hoogte gehouden via de Commissie Grondgebied en Economische Zaken. Bestaande dekking Het kan zijn dat kosten hoger uitvallen dan gedacht of minder opbrengsten gehaald worden. Binnen de gemeente is hier doorlopend aandacht voor. Ook worden maatregelen genomen om de kansen op of gevolgen van risico's te verkleinen.
Zo is de organisatie anders gaan werken door de Coronapandemie, is er een projectgroep gevormd om de gemeente voor te bereiden op de Omgevingswet en zijn er maatregelen genomen die moeten leiden tot een verminderd energieverbruik. Kwantificering (rest)risico Voor het weerstandsvermogen wordt uitgegaan van € 1,5 miljoen. Rekening houdend met de bedragen die al meegenomen zijn in het weerstandsvermogen voor de algemene uitkering, het sociaal domein, het OBK en het beheer van kapitaalgoederen, is dit ongeveer 2% van het resterende bedrag aan gemeentelijke lasten per jaar plus 2% van het resterende bedrag aan gemeentelijke baten per jaar (exclusief reserves).
d. Diverse kengetallen Op landelijk niveau zijn vijf kengetallen benoemd om de financiële positie van gemeenten beter weer te geven en te kunnen vergelijken. Deze worden hierna uitgewerkt. Kengetallen Ultimo jaar in %
2022 REK
2023 BEGR
2024 BEGR
1a
67,4
98,8
102,3
53,8
83,2
87,5
19,7 -0,8 0,9
12,0 0,0 0,1
12,6 -1,1 0,8
109.1
109,1*
**
1b 2 3 4 5
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishouden
* Geactualiseerde cijfers op basis van COELO. Op basis van de achterliggende rekenmethodiek bedraagt het landelijk gemiddelde kengetal 111,6 in 2022 en 104,42 in 2023. De lokale lastendruk zelf ligt iets boven het gemiddelde (zie ook paragraaf lokale lasten). ** Nog niet bekend. In de raad van december 2023 worden alle tarieven 2024 vastgesteld op basis van de dan bekende ontwikkelingen. Deze worden vervolgens afgezet tegen de landelijke cijfers.
Nadere toelichting op de financiële kengetallen: • Kengetal 1a en 1b weerspiegelen het niveau van de schuldenlast van de gemeente t.o.v. de eigen middelen. • Kengetal 2 geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is (ineens) aan haar financiële verplichtingen te voldoen.
91
• Kengetal 3 geeft inzicht in de boekwaarde van de voorraden grond die nog moet worden terugverdiend door toekomstige verkopen. • Kengetal 4 geeft inzicht in de verhouding van de structurele baten versus de structurele lasten. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel. • Kengetal 5 geeft inzicht in de ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen, gerelateerd aan de totale gemiddelde woonlasten. De formule gaat uit van de gemiddelde woonlasten jaar t, gedeeld door de gemiddelde woonlasten van jaar t-1. Dat kan een enigszins vertekend beeld geven. De landelijke tendens is dat de gemiddelde woonlasten stijgen. Het gemeenschappelijk financieel toezichtkader (GTK) dat de provincie hanteert voor het toezicht op gemeenten is hieronder weergegeven. Er zijn landelijk per kengetal drie categorieën benoemd, namelijk A, B, C en zgn. signaleringswaarden. Hieraan is geen absolute betekenis toegekend. In het algemeen kan worden gesteld dat categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest. Van belang is nog dat de waarden in hun onderlinge samenhang moeten worden bezien. De GTK-waarde die overeenkomt met begroting 2024 is geel gearceerd. Omdat de belastingcapaciteit nog niet bekend is voor 2024, is hier de waarde van 2023 genomen. Kengetallen in %
Cat. A
Cat. B
Cat. C
1a 1b 2 3 4 5
<90 <90 >50 <20 >0 <95
90-130 90-130 20 - 50 20 - 35 0 95 - 105
> 130 > 130 < 20 > 35 <0 > 105
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshh.
BDO, een gerenommeerd accountantskantoor, heeft een methodiek ontwikkeld waarmee per gemeente één (gewogen) rapportcijfer voor de financiële kengetallen wordt gegeven. Dit geeft een breder beeld dan enkel een vergelijking op specifieke getallen. BDO kent in die methodiek de hoogste waarde toe aan het getal solvabiliteit, daarna aan de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, gevolgd door de grondexploitatie, de structurele exploitatieruimte en de belastingcapaciteit. Als een gemeente voor alle kengetallen in categorie A valt, dan scoort de gemeente 100 van de 100 punten en daarmee een rapportcijfer "10". Als een gemeente voor alle kengetallen in categorie C valt, dan krijgt de gemeente het rapportcijfer "3". Op basis van deze methodiek krijgt Kerkrade het rapportcijfer 7,1.
92
§3. Onderhoud kapitaalgoederen
Algemeen Voor deze paragraaf zijn de volgende beleids- en beheersplannen relevant: Beleids- en beheersplannen Wegbeheer gemeente Kerkrade: Uitvoeringsprogramma Watertakenplan 2020-2024 Groen; Onderhoud en beheerprogramma’s(grotendeels door groepsdetachering WSP-groen) Gebouwenbeheer (jaarlijks plan passend binnen financiële kaders) Openbare verlichting uitvoeringsprogramma Civieltechnische kunstwerken onderhoud op basis van inspecties Speelvoorzieningen regulier onderhoud
De gemeente is verantwoordelijk voor een goed onderhoud en beheer van de openbare ruimte. In die openbare ruimte vinden we de zogenaamde ‘kapitaalgoederen’ die samen de infrastructuur vormen. Voorbeelden daarvan zijn de wegen, het openbaar groen, riolen, bruggen, tunnels en de openbare verlichting. De wegen werken als aders voor het vervoer van mensen en goederen. Riolen zorgen voor het transport van afvalwater en het openbaar groen (bijvoorbeeld de bomen langs straten en in parken) zorgt voor voldoende zuurstof. Bruggen en tunnels vormen als gewrichten belangrijke verbindingen voor het verkeer. De gemeente moet de infrastructuur als een goede ‘huisvader’ onderhouden zodat deze veilig en duurzaam (beter voor het milieu) kan worden gebruikt. Dat is in het belang van onze inwoners, bezoekers en bedrijven. Een vitale (gezonde) stad kan niet zonder een vitale infrastructuur. In deze paragraaf komen de belangrijkste onderdelen aan de orde. Klimaat en weer De afgelopen jaren hebben weer en klimaat het onderhoud van de kapitaalgoederen beïnvloed. Na de ernstige wateroverlast van 2021 en 2022 heeft zware regenval ook in de zomer van dit jaar (2023) weer plaatsgevonden. Daarnaast werd de voorzomer van dit jaar gekenmerkt door langdurige droogte en hoge temperaturen.
93
Deze situaties kosten de gemeente vaak veel geld. Denk bijvoorbeeld aan schades aan civieltechnische kunstwerken, aan het openbaar groen of aan bomen. Zo hebben met name beukenbomen zwaar te lijden onder langdurige droogte. De gevolgen daarvan worden soms pas enkele jaren later zichtbaar. Daarnaast moet vaak extra personeel en materieel (bijvoorbeeld machines) worden ingezet. Wij verwachten dat deze zaken ook de komende jaren invloed hebben op het onderhoud en beheer. In 2024 gaat Kerkrade door met de samenwerking met de Parkstad-gemeenten, de Provincie Limburg, het Waterschap en het WML. Onderwerpen waaraan speciale aandacht gegeven moet worden zijn: • Klimaatadaptatie (hoe passen wij onze stad zo goed mogelijk aan aan het veranderende klimaat); • Wateroverlast • Droogte; • Extreme warmte (hittestress); • Duurzaamheid (hoe gaan we goed om met onze natuur); • Ruimtelijke ordening (hoe delen we onze ruimte in). Zowel de portefeuilles Openbare Ruimte alsook de portefeuille Duurzaamheid zijn hierbij nauw betrokken.
a. Wegen Beleid en uitvoering In Kerkrade hebben we ruim 200 km aan wegen en straten. Dat zijn hoofdwegen zoals de Kaalheidersteenweg en woonstraten zoals de Van Beethovenstraat, de Kleingraverstraat of de Anselderlaan. Ook zijn er nog speciale gebieden zoals het centrum en de bedrijventerreinen. Het is de taak van de gemeente Kerkrade om de wegen en straten in orde te houden. Dan kunnen de burgers er veilig gebruik van maken. Daarmee houden we Kerkrade bereikbaar voor iedereen. De gemeente kijkt niet alleen of een weg “mooi” is, maar vooral of een weg vlak is en of het regenwater goed kan weglopen. De gemeente maakt gebruik van een geautomatiseerd systeem, het wegbeheersysteem. Met informatie uit dat systeem wordt een beheerplan gemaakt. Dat beheerplan is het draaiboek om het onderhoud en beheer van de wegen uit te voeren. Elke twee jaar worden de wegen geïnspecteerd. Met de uitkomst kan dan elke twee jaar een nieuw beheerplan worden gemaakt. Elke 5 jaar wordt er een beleidsplan gemaakt, dat de gemeenteraad moet goedkeuren. Zo weet de gemeenteraad wat de kwaliteit van de wegen nu en in de toekomst is. Bij het onderhoud van de wegen worden ook kleine problemen verholpen, bijvoorbeeld gaten in de weg. Als er teveel kleine dingen zijn om te repareren wordt de hele weg vervangen. Dat noemen we reconstructie. Een reconstructie kan soms ook nodig zijn als een weg nog goed is.
Bijvoorbeeld als er een probleem is met het verkeer. Meer informatie hierover staat in programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat. De wegen in Kerkrade zijn gemiddeld vrij oud. Daardoor is er veel werk te doen. Budgetten Voor onderhoud van wegen, trottoirs en pleinen asfalt en wegmarkeringen is in 2024 € 1.093.800 beschikbaar. In het investeringsprogramma is voor 2024 € 3.684.000 begroot. Vanaf 2025 is jaarlijks € 3.184.000 beschikbaar. Risico’s Een punt van aandacht blijft de gewenste kwaliteit van de wegen en het geld dat voor het onderhoud beschikbaar is. Omdat Kerkrade vrij oude wegen heeft en we niet overal tegelijk kunnen werken, moet er gekozen worden waar wel en waar niet gewerkt wordt. Soms kan dat betekenen dat een slechte weg nog wat langer slecht blijft. Omdat veel wegen oud zijn zouden we meer wegen moeten vervangen dan we kunnen doen. We noemen dat een achterstand. Door de extra bedragen zoals die ook voor 2024 weer door het college worden ingezet kunnen we wel al meer doen en kan een deel van deze achterstand worden ingelopen. De achterstand zal daardoor minder snel groter worden. Het werk aan de weg wordt steeds duurder als gevolg van ontwikkelingen waar de gemeente zelf geen invloed op heeft. Zo zijn er steeds meer wetten waar rekening mee gehouden moet worden. Bijvoorbeeld moeten er dure onderzoeken voor het milieu worden gedaan.
Maar ook de bouwstoffen worden steeds duurder. Dit zal de komende jaren mogelijk nog toenemen. Met name de oorlog in de Oekraïne heeft
94
gezorgd voor veel hogere prijzen voor de uitvoering. Denk daarbij vooral aan de brandstofkosten. De prijzen zijn met ca 20% gestegen. Wegen en riolen horen bij elkaar. Net als wegen en verkeer. Bij werkzaamheden aan de wegen zal er vaak tegelijkertijd aan het riool gewerkt worden. Als er meer geld is voor wegen kunnen we meer wegen vervangen. We doen dan dus ook meer aan riolen. Daar is dan ook meer geld voor nodig. Meer informatie hierover staat in §3 Onderhoud kapitaalgoederen, onderdeel b. Riolering en water.
b. Riolering en water Beleid en uitvoering Het beleid op het gebied van de riolering is vastgelegd in het Watertakenplan 2020-2024 Instandhouding riolering Het afvoeren van vuilwater (rioolwater) is belangrijk voor de volksgezondheid omdat dit ziekten voorkomt. Regenwater moet worden afgevoerd om overstromingen te voorkomen. Het buizenstelsel en de afvoerkanalen die hiervoor in de grond liggen moeten goed onderhouden worden. Elk jaar worden buizen en afvoerkanalen daarom schoongemaakt, vervangen en gerepareerd. Waterkwaliteit oppervlaktewater In het watertakenplan 2020 – 2024 staat dat de gemeente moet voldoen aan de basisinspanning. In de basisinspanning is bepaald hoeveel vuilwater via het vuilwaterriool in het oppervlaktewater terecht mag komen. Dit kan gebeuren als grote hoeveelheden regenwater in het vuilwaterriool terechtkomen. Hierdoor loopt het vuilwaterriool over, waardoor het water terecht komt in het oppervlaktewater. Enkele delen van Haanrade en Eygelshoven voldoen nog niet geheel aan de eisen van de basisinspanning. Uit nieuwe hydraulische berekeningen moet blijken welke de meest efficiënte maar ook uitvoerbare maatregelen zullen zijn om aan de basisinspanning te voldoen. De gemeente Kerkrade moet ook voldoen aan de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Deze richtlijn stelt strengere eisen aan de waterkwaliteit van met name de kleinere beken.
Met name de overstorten op de Vloedgraaf en Anstelerbeek zullen moeten worden verminderd. De gemeente Kerkrade verwacht dat de krimp van de bevolking leidt tot een kleiner verhard oppervlak en dat de daardoor vrijgekomen ruimte benut kan worden om water te bergen. Bij de aanleg van de buitenring is in dit kader alvast een perceel aan de Krichelbergsweg verworven om in de toekomst een zogenaamde groene buffer naast het bestaande berg beznk bassin te kunnen aanleggen. In 2019 is de stimuleringsregeling ''afkoppelen verhard oppervlak'' van start gegaan. Inwoners worden zo gestimuleerd het regenwater op eigen erf te houden door te infiltreren. Ook op die wijze wordt de belasting op de riolering verminderd. In het Watertakenplan 2020 -2024 wordt ook berekend welke gevolgen de kosten van het onderhoud van de riolering en waterlopen hebben voor de tarieven die de burger moet gaan betalen. Waterkwantiteit regenwater Als gevolg van een veranderend klimaat vallen er steeds zwaardere regenbuien. De ernstige wateroverlast in 2021 staat nog altijd in ons geheugen gegrift. Maar ook in juni 2023 vielen wederom buien die plaatselijk tot grote overlast hebben geleid. Op tal van plekken worden in de komende periode aanpassingen aan de infrastructuur uitgevoerd om de loop van het water te reguleren en waar mogelijk tijdelijk vast te houden in aan te leggen bergingen.
De komende jaren zullen eveneens in samenwerking met het Waterschap Limburg projecten worden uitgevoerd om wateroverlast vanuit het buitengebied in de toekomst te voorkomen. Hiertoe zal het basis rioleringsplan wijksgewijs worden geactualiseerd waarna het stelsel hydraulisch kan worden doorgerekend en maatregelen worden bepaald. In 2019 is de klimaatatlas Parkstad (www.parkstad.klimaatatlas.net) ook voor burgers digitaal ter beschikking gekomen. Hierop staat onder andere aangegeven welke wegen en woningen bij een bui van 60 mm per uur overlast kunnen ondervinden. In 2019 is de campagne Waterklaar opgestart. Inwoners van Kerkrade worden via diverse media periodiek geïnformeerd over de mogelijkheden duurzaam met water (zowel drink- als regenwater) om te gaan.
95
Samenwerking Parkstad Al in 2011 is in Parkstad een onderzoek gestart naar het antwoord op de vraag of samenwerking met betrekking tot stedelijk (afval)water voordelen oplevert. In 2013 hebben de colleges in Parkstad een intentieverklaring ondertekend om op diverse onderdelen in de waterketen te gaan samenwerken. Het meest concrete project is het gezamenlijk uitvoeren van reliningsprojecten onder regie van de gemeente Kerkrade. Voor het uitvoeren van hydraulische berekeningen is in 2017 een samenwerkingsovereenkomst gesloten met de gemeenten Heerlen, Landgraaf, Voerendaal en Nuth om de gemeente Heerlen deze berekeningen te laten uitvoeren. Daarnaast worden de gemeentes bij toerbeurt ambtelijk vertegenwoordigd in diverse overleggroepen zodat niet van iedere gemeente een deelnemer vereist is. Collegenota’s worden gezamenlijk voorbereid om de werkdruk te verminderen. Budgetten Voor het onderhoud van de riolering en waterlopen is in 2024 € 1.308.200 beschikbaar. In het investeringsprogramma is voor 2024 € 2.400.000 begroot. Vanaf 2025 is structureel € 2.300.000 geraamd. Bij de evaluatie van het watertakenplan in het 4e kwartaal van 2024 wordt het investeringsprogramma jaarlijks geactualiseerd.
Risico’s Door de verandering van het klimaat zullen er extra maatregelen noodzakelijk zijn in zowel het vasthouden van water in droge periodes en het voorkomen van wateroverlast bij hevige neerslag. Het rijk stelt hiervoor vanaf 2023 flinke bedragen als subsidie ter beschikking.
c. Groen Beleid en uitvoering De groenvoorzieningen zijn de longen van de stad. Goed onderhoud is daarom belangrijk. We willen de bestaande groengebieden duurzaam behouden, verder uitbreiden en verbinden met het groen buitengebied aan de randen van de stad. Het onderhoud van het openbaar groen is opgedeeld in het stedelijk groen, groen in het buitengebied en bomen. De meeste groenvoorzieningen in de stad en in de wijken onderhoudt de gemeente ook in 2024 met eigen medewerkers. De bosgebieden in Kerkrade worden onderhouden door een bedrijf (Bosgroep Zuid-Nederland). Budgetten Voor de groenteams van WSP is in 2024 € 671.700 beschikbaar. Voor zaaigoed, inboet, uitbesteed groen, bos- en bomenbeheer en onderhoud bermen straatbomen en het maaien van gazons is in 2024 € 1.167.000 in de begroting begroot. In het investeringsprogramma is voor openbaar groen vanaf 2024 structureel € 500.000 geraamd. Risico’s De risico’s voor het openbaar groen worden met name veroorzaakt door de steeds extremere weersomstandigheden. Zo leiden zowel langdurige hitte / droogte als wateroverlast tot grote schade aan beplanting en aan bomen.
d. Gebouwen Beleid en uitvoering De gemeente Kerkrade bezit momenteel 106 gebouwen. Deze panden worden onder meer gebruikt door de gemeente zelf, diverse (sport)verenigingen, stichtingen en scholen. Ook heeft de gemeente gebouwen voor toerisme, recreatie en cultuur zoals Schacht Nulland, Botanische Tuin Kerkrade, Kasteel Erenstein, Rodahal, HuB (theater en bibliotheek), Vie (zwembad en sporthal) een muziekschool en speeltuinen. Tevens beschikt de gemeente over accommodaties die van groot belang zijn in een wijk, zoals ’t Westhoes, ‘t Sjevemethoes en het Flexiforum. Deze accommodaties hebben een belangrijke sociaal-maatschappelijke functie. Het zijn locaties welke fungeren als smeltkroes en hebben een belangrijke rol waar mensen elkaar ontmoeten en gezamenlijk activiteiten ontplooien. Juist in een tijd van economische recessie vormt het maatschappelijk vastgoed een belangrijke katalysator
96
voor een maatschappelijke en economische structuurversterking. In een afnemend particulier initiatief kan juist door de versterking en ontwikkeling van het maatschappelijk vastgoed de leefbaarheid in wijken worden versterkt. Naast bovengenoemde voorzieningen heeft de gemeente zes eengezinswoningen, vier woonwagens, dertig woonwagenstandplaatsen, drie parkeergarages en een winkelpassage in bezit. Onderhoud De afdeling Vastgoed is verantwoordelijk voor het onderhoud en beheer van de gemeentelijke vastgoedportefeuille. Uitgangspunt is hierbij dat de gebouwen op peil worden gehouden waarbij de uitvoering sober maar doelmatig plaatsvindt. Voorop staat dat in het kader van veiligheid ten alle tijden onderhoud wordt uitgevoerd. Daarnaast zorgt de afdeling Vastgoed voor het verkopen en verhuren van grond en panden van de gemeente. Getracht wordt om leegstand zoveel mogelijk te voorkomen. Dit doen we door het slopen of verkopen of het slimmer gebruiken van bestaande panden. Op basis van een integraal inzicht in de investerings - en exploitatiekosten van het gemeentelijk vastgoed wordt een transparante afweging gemaakt tussen het maatschappelijke belang en de financiële gevolgen van het in eigendom hebben van gemeentelijk vastgoed.
Om het gemeentelijk vastgoed in stand te houden en in het kader van maatschappelijk belang is het belangrijk dat ook de belangen binnen het krachtenveld van de diverse Domeinen binnen de gemeenten bij elkaar komen. In deze vindt integrale afstemming met Domen Burger plaats. Net als voorgaande jaren is de lijn van een proactief vastgoedbeheer voortgezet. Dit betekent sturing op efficiënte en effectieve vastgoedvoorraad door het doorvoeren van portefeuillemanagement, met niet alleen aandacht voor technische kwaliteit van het gemeentelijk vastgoed, maar ook voor efficiency en financiën. Belangrijke zaken voor 2024 •
Voor de ontwikkeling van het Sancta Maria gebouw als onderdeel van Flexiforum is in 2023 door de raad € 2.131.000 beschikbaar gesteld. Uitvoering van dit ontwikkelingsplan zal grotendeels plaatsvinden in 2024; Het Flexiforum heeft sinds de heropening een bloeiend platform geboden voor bedrijven van diverse disciplines. Het succes ervan heeft geleid tot een groeiende vraag naar extra ruimte. Om aan deze toenemende behoefte te voldoen, is besloten om het Sancta Maria gebouw te integreren in het Flexiforum. Dit is een strategische zet die niet alleen de ruimte vergroot, maar ook synergie tussen verschillende initiatieven bevordert. Wat dit nog specialer maakt, is het respect voor de historische waarde en maatschappelijke betekenis van het oude schoolgebouw. Hierdoor heeft de gemeente Kerkrade besloten tot een grondige renovatie en herbestemming van het gebouw. Dit initiatief benadrukt niet alleen de groeiende behoefte aan ruimte voor innovatie en samenwerking, maar ook de inzet om het verleden te koesteren. Door het samenbrengen van oude en nieuwe elementen, wordt het gebied een dynamische plek waar geschiedenis en vooruitgang samenkomen. Vanaf 1 november 2023 zullen de werkzaamheden gaan starten waarbij begin 2025 de verwachting is om op te leveren.
•
Door onder meer de hoge energiekosten in 2023 is voor de gemeente nog meer gaan inzien dat verduurzaming van het vastgoed een pré is. Hiertoe is een Plan van Aanpak (PvA) opgesteld voor het verduurzamen van kapitaalgoederen. Hierin zijn drie aspecten meegenomen: openbare verlichting, gemeentelijk vastgoed en vervoersmiddelen. In het Plan van Aanpak wordt beschreven op welke wijze deze drie aspecten verduurzaamd kunnen worden. In het najaar van 2023 is begonnen met voorbereidende werkzaamheden uitvoering van het PvA. Tevens wordt elk jaar extra budget vrijgemaakt om niet 1 op 1 vervanging te plegen bij onderhoud van gebouwen, maar ook gekeken kan worden naar duurzamere varianten zoals bijvoorbeeld extra isoleren bij het vervangen van de dakbedekking. In 2024 wordt verder uitvoering gegeven aan dit PvA.
97
Kosten De kosten voor het beheren en onderhouden van onze gebouwen wordt uit het zogenaamde exploitatiebudget betaald. Voor 2024 is hiervoor € 2.000.000 beschikbaar. Het bedrag bestaat daarnaast uit kosten voor energie-, service- en schoonmaak. De huuropbrengsten worden hierin meegenomen. In de meerjarenbegroting zijn de uitgaven meegenomen die nodig zijn. Voor 2024 is het beschikbare investeringsvolume Gebouwen € 1.050.000 om jaarlijks onderhoud te kunnen uitvoeren aan de strategische panden van de gemeente. De opbrengst van wat we verkopen aan onroerende goederen gaat naar het potje voor ‘reserve gebouwen’. Het saldo van deze reserve bedraagt per 1-1-2023 € 683.408. Tot slot is er voor onderwijsvoorzieningen in het investeringsprogramma € 200.000 begroot.
e. Openbare verlichting Beleid en uitvoering Met de openbare verlichting bedoelen we de verlichting die nodig is om de openbare ruimte (zoals de straten) ‘s avonds en ’s nachts te verlichten. Mensen zijn hierdoor op straat goed zichtbaar en kunnen veilig over straat. Het verkeer kan veilig door de straten rijden. Voor de komende jaren ligt de focus op de vervanging van Fluorescentie lampen (PL), als gevolg van een besluit van de Europese Commissie om vanaf 2023 deze lampen niet meer te produceren, omdat zich in deze lampen schadelijk stoffen bevinden die na het einde van de levensduur van de lamp verwerkt moeten worden.In nieuwe armaturen zit LED-verlichting in plaats van lampen. LED-verlichting verbruikt minder energie dan de oude verlichting met lampen. Op deze wijze wordt bij het beheer en onderhoud van de openbare verlichting een bijdrage geleverd aan het beleid op het gebied van zowel (verkeers-) veiligheid alsook duurzaamheid. Budgetten Voor de energiekosten en transportkosten en het onderhoud van de openbare verlichting is in 2024 resp. € 379.500 en € 440.000 beschikbaar. Door de energie crisis zijn de kosten het afgelopen jaar fors gestegen Vanaf 2024 is er in het investeringsprogramma jaarlijks € 300.000 beschikbaar voor het vervangen van lichtmasten en armaturen. Risico’s Oude lichtmasten die getest worden, moeten soms direct worden verwijderd.
Dit gebeurt wanneer de toestand van de lichtmast te slecht is om te laten staan. Hierdoor zal er op die plaats (soms langere) tijd geen verlichting zijn. Afgelopen jaar zijn bij Enexis in meerdere gemeenten diverse storingen opgetreden. Het gaat storingen in de tijden waarop de verlichting in – of uitgeschakeld wordt. Daarnaast treden ook storingen op waarbij de openbare verlichting in een hele straat uitvalt. De gemeente heeft geen directe invloed op deze technische storingen maar onderhoudt hierover directe contacten met Enexis.
f. Civieltechnische kunstwerken Beleid en uitvoering Met civieltechnische kunstwerken bedoelen we constructies zoals bruggen, tunnels, keerwanden, steigers en duikers. In Kerkrade zijn er ongeveer 55 civieltechnische kunstwerken, afwisselend van groot tot klein en afwisselend van een eenvoudige houten brug tot complexe bruggen uit (voorgespannen) beton. De gemeente Kerkrade heeft als taak dat deze kunstwerken veilig blijven functioneren. Dat geldt voor het gebruik door burgers en verkeer, maar ook voor bijvoorbeeld een veilige waterdoorvoer daar waar nodig. De enorme afwisseling in afmetingen en materialen maakt het beheer lastig. Een kleine houten brug zal meer en intensiever onderhoud nodig hebben dan bijvoorbeeld een betonnen brug. Als echter een betonnen brug groot onderhoud nodig heeft dan lopen de kosten snel hoog op. De gemeente bewaakt de situatie van de kunstwerken door deze regelmatig te inspecteren. Op basis van deze inspecties kan ieder jaar het onderhoud worden bepaald en kan er gekeken worden hoeveel geld er
98
moet worden uitgegeven. De hoeveelheid geld die wordt uitgegeven kan van jaar tot jaar verschillen. Vanwege de veiligheid en het blijven functioneren van de kunstwerken zijn er duidelijke regels over de minimale kwaliteit die een kunstwerk moet hebben. Op dit moment is de kwaliteit van de kunstwerken redelijk. In 2024 is het noodzakelijk om te investeren aan een aantal duikers en een aantal kleinere stalen bruggen. Tot slot vormen de kunstwerken meestal een oplossing voor een knelpunt. Zonder bijvoorbeeld de brug over de Worm in de Merksteinstraat is de Worm daar niet te passeren en moet verkeer zeer lange omwegen maken. Budgetten Voor het dagelijkse onderhoud aan civieltechnische werken is er vanaf 2024 structureel € 62.800 beschikbaar. In het investeringsprogramma is vanaf 2024 structureel € 73.000 beschikbaar. Vanuit het budget versnellingsagenda Rijk en subsidie van het Rijk zullen er in 2024 middelen beschikbaar gesteld worden voor het viaduct Sint Pieterstraat. Risico’s Het komt voor dat aanvullende inspecties gedaan moeten worden. De financiële middelen hiervoor blijven een punt van aandacht. Bij dergelijke inspecties is gebleken dat de brug over de St. Pieterstraat op afzienbare termijn vervangen moet worden. De plannen hiervoor zullen in 2023 worden uitgewerkt en naar verwachting in 2024 worden gerealiseerd.
De gemeente heeft nog een zaak bij de rechtbank die niet is afgehandeld. Mogelijk moet er een vergoeding aan een aantal bedrijven op de Locht worden betaald. De gemeente wacht de uitspraak van de rechter af. Naast de kunstwerken van de gemeente zijn er ook nog kunstwerken van andere partijen in de stad. Dit zijn kunstwerken van het waterschap, de provincie en Prorail. Een voorbeeld hiervan is de brug over het spoor in de Toupsbergstraat. De gemeente heeft geen bevoegdheid om beslissingen te nemen over deze kunstwerken, maar onderzoekt wel de mogelijkheden om deze brug in overleg met ProRail te verbeteren.
g. Speelvoorzieningen Beleid en uitvoering Speelvoorzieningen (plaatsen waar kinderen kunnen spelen) zijn belangrijk voor de vitaliteit en gezondheid van jonge kinderen. De speelvoorzieningen zijn aanwezig in de Kerkraadse speeltuinen, maar ook op veel plekken in de openbare ruimte. Het groot onderhoud van de speelvoorzieningen in de speeltuinen is de verantwoordelijkheid van de gemeente. Het dagelijks onderhoud en het beheer worden uitgevoerd door de speeltuinverenigingen of stichtingen zelf. De basis voor deze werkzaamheden is het speelruimtebeleid. De eigen medewerkers verzorgen het grootste gedeelte van de uitvoering. Om de technische kwaliteit van de speelvoorzieningen te waarborgen wordt voorgesteld is exploitatiebegroting afgelopen jaar verhoogd met jaarlijks € 20.000. Daarmee wordt ook ingespeeld op de sterk gestegen kosten van materiaal en onderdelen. Budgetten Voor het onderhouden van openbare speelvoorzieningen en speeltuinen is vanaf 2024 structureel € 34.000 en € 24.000 beschikbaar. Risico’s Het beschikbaar stellen vanvoldoende extra financiële middelen zorgt ervoor dat risico’s zoveel als mogelijk weg worden genomen.
99