CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Grondgebied en Economische Zaken 17 mei 2023, gemeente Kerkrade40.186 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

20 ontwerp Woonvisie) staat dat het rijk heeft voorgeschreven dat iedere gemeente in 2024 moet beschikken over een woonzorgvisie. Inmiddels is gebleken dat in het wetsvoorstel Versterking regie Volkshuisvesting pas de verplichting geldt per 1-1-2026. Kerkrade is thans bezig met het opstellen van de woonzorgvisie en gaat door met dit proces zodat eind 2023 een document gereed is. Dit behoeft geen aanpassing van de Woonvisie. De gemeenteraad is hierbij wel geïnformeerd over de stand van zaken. In bijlage 3 van de Woonvisie staan de uitgangspunten voor de kwaliteit van woningen. Het voorstel is om het volgende daaraan toe te voegen: ‘Hardheidsclausule: Indien vanwege bijzondere omstandigheden niet kan worden voldaan aan de kwaliteitsrichtlijn woningkwaliteit (o.a. minimaal 75m² g.b.o. woonoppervlakte), dan is in specifieke geval(-en) maatwerk mogelijk. Het college van B&W kan besluiten af te wijken van het bepaalde in de beleidsregel na ontvangst van een uitvoerige gemotiveerde toelichting van initiatiefnemer.’ De titel van de ontwerp Woonvisie zoals in Kerkrade ter inzage was: ‘Ontwerp Regionale Woonvisie Parkstad Limburg, lokale Woonvisie gemeente Kerkrade 2023 t/m 2027’. De Stadsregio heeft de titel ontwerp Regionale en lokale Woonvisie 2023-2028, gemeente Kerkrade. Daarnaast gaan de andere regiogemeenten en de Stadsregio uit van de periode 2023-2028. 5

Om aan te sluiten bij de overige Parkstadgemeenten en de Stadsregio wordt voorgesteld wordt om de titel en periode aan te passen naar ‘Regionale en lokale Woonvisie 2023-2028, gemeente Kerkrade’. d) • • • •

Conclusie v.w.b. voorstel aan de raad de Woonvisie als bouwsteen voor het volkshuisvestingsprogramma aan te merken; de ambtelijke voorstellen te verwerken in de Woonvisie de tekst in de Woonvisie conform aan te passen; de ontwerp Woonvisie conform gewijzigd vast te stellen.

Ter verduidelijking is in bijlage 9 een ‘was-wordt-overzicht’ opgenomen. e) •

Behandeling lokale reacties Na vaststelling van de Nota van reacties en de Woonvisie door de raad, ontvangen alle indieners per brief de Nota van reacties. Daarbij worden ze hartelijk bedankt voor het geven van hun reactie. De BC W&H stuurt deze v.w.b. de regionale reacties en het college v.w.b. de lokale reacties.

Proces totstandkoming Woonvisie De totstandkoming van de ontwerp Woonvisie 2023-2028 is als volgt verlopen: - 1 april 2021: besluit van de Bestuurscommissie Wonen en Herstructurering om voorbereidingen te treffen voor een nieuwe Woonvisie. - 30 september 2021: opdracht aan bureau Circusvis voor het opstellen van een rapportage over de belangrijkste inhoudelijke kwesties die in de aanloop naar en aanvullend op de reguliere elementen in een Woonvisie, zouden moeten worden geadresseerd. - 16 december 2021: Raadsinformatiebijeenkomst inzake voornemen om een nieuwe Woonvisie op te stellen. - Oktober 2021-februari 2022 gesprekken door bureau Circusvis met veel belanghebbenden en bewoners in de wijken en verslaglegging daarvan in een zogenaamde synopsis: een weergave van de 13 belangrijkste onderwerpen waarin voor het maken van de Woonvisie keuzes gemaakt moesten worden. Deze keuzes hebben later in 2022 geleid tot een eerste uitwerking in de zogenaamde contourennotitie voor de ontwerp Woonvisie. Besloten is, om geen besluiten te nemen in de aanloop op de verkiezingen. De Bestuurscommissie hechtte er waarde aan om de nieuwe colleges hierbij in positie te brengen. - Op 3 februari 2022 heeft de Bestuurscommissie Wonen en Herstructurering ingestemd met het Woonbehoefteonderzoek 2022-2032 als één van de bouwstenen voor de Woonvisie.

- Mei-juli 2022: Gedurende deze tussenperiode na de verkiezingen en collegevorming zijn de belangrijke aandachtspunten uit het collegeprogramma geraadpleegd. Verder is er met de ambtenaren wonen van de 7 gemeenten en Parkstad een scenarioanalyse door Circusvis uitgevoerd om te kijken welke maatregelen in ieder geval uitgevoerd zouden kunnen worden (no-regret) en welke maatregelen scenarioafhankelijk van economische en sociale ontwikkelingen zijn en om flexibiliteit vragen. Daarnaast heeft er een Veerkrachtanalyse plaatsgevonden (bijlage 10). - 12 september 2022 Raadsinformatiebijeenkomst Parkstad gemeenten (fysiek en digitaal). - 21 oktober 2022 visiedag van de Bestuurscommissie Wonen en Herstructurering met het Regionaal Overleg Woningcorporaties Parkstad en met het Ministerie van BZK in het teken van de ontwerpversie van de Woonvisie in relatie tot de Regionale Prestatie Afspraken Parkstad (tussen Parkstad, de gemeenten, het ROW en de huurders verenigd in het Regionaal Overleg Huurdersorganisaties), de 6

-

-

-

-

-

-

-

Nationale Prestatieafspraken Corporaties (tussen Aedes, het Rijk en o.m. de VNG), de aanvraag voor de nieuwe Regio Deal en flexwonen. November 2022 en januari 2023: wederom gesprekken van Circusvis met bewoners in diverse wijken en ambtelijke invulling van de lokale onderdelen van de ontwerpversie van de Woonvisie door de gemeente. 25 november 2022 visiedag van de Bestuurscommissie Wonen en Herstructurering over de Contourennotitie van de ontwerpversie van de Woonvisie, over de relatie met de woonruimteverdeling door de corporaties en over de Woondeal Limburg. 15 december 2022 heeft de Bestuurscommissie Wonen en Herstructurering ingestemd met de zogenaamde Contourennota waarin de contouren van de Woonvisie geschetst werden. Daarbij een toelichting voor de wijze waarop aan de 13 kwesties uit de synopsis invulling gegeven is. de ontwerpversie is vervolgens uitgewerkt in een ontwerpversie van de Woonvisie. 20 januari 2023 behandeling van de 1e ontwerpversie van het regionale deel van de ontwerp Woonvisie gedurende een visiedag van de Bestuurscommissie. op 31 januari 2023 een bijeenkomst plaatsgevonden met de besturen van alle huurdersorganisaties van de corporaties in Parkstad. Daarin zijn de contouren van de ontwerp Woonvisie besproken.

Aandachtspunten vanuit de huurders: o De relatie met de woonzorgvisie en de behoefte aan regionale sturing op het proces; o De invloed van de Woonvisie op de lokale prestatieafspraken (lokale proces en inhoudelijke afstemming tussen meerdere corporaties en huurdersorganisaties in een gemeente); o Het betrekken van de particuliere markt; o Sturing op de realisatie van 30% sociaal; o De lokale afstemming over de Woonvisie met de huurdersorganisaties i.h.k.v de besluitvorming: de formele en informele rol daarbij van de huurdersorganisaties. Op 9 februari 2023 is het regionale deel van de ontwerp Woonvisie gepresenteerd aan circa 80 stakeholders uit het bedrijfsleven (ontwikkelaars, makelaars en beleggers), aan de provinciale en rijksoverheid, en aan de huurdersbelangenvertegenwoordiging in Parkstad, aan de corporaties binnen Parkstad, aan Aedes (de landelijke belangenvertegenwoordiging van de corporaties) en aan het programmabureau van Nationaal Programma Heerlen Noord. 16 februari 2023 behandeling van het definitieve ontwerpversie van het regionale deel van de Woonvisie door de Bestuurscommissie Wonen en Herstructurering en het besluit om dit onderdeel voor consultatie op 17 februari te verspreiden onder alle 140 stakeholders met het verzoek om reflectie voor 17 maart 2023. Besloten is dat de formele inspraak via de gemeenten verloopt.

De 7 gemeenten leggen elk de integrale Woonvisie ter inzage conform de bij de gemeenten geldende inspraakprocedure. 16 februari 2023: tevens besluitvorming van de Bestuurscommissie Wonen en Herstructurering over de Woondeal Limburg 9 maart 2023: Ondertekening van de Woondeal Limburg met het Rijk, de Provincie en de corporaties door de voorzitter van de Bestuurscommissie (wethouder Weijers). 30 maart 2023 behandeling van de 6 reacties van stakeholders op het regionale deel van de ontwerp Woonvisie en beslissing dienaangaande van de Bestuurscommissie ten aanzien van het al dan niet verwerken van de reacties naar de definitieve versie. De reacties hebben inhoudelijk geen aanleiding gevormd om het regionale deel van de ontwerpversie van de Woonvisie aan te passen (zie bijlage 4Nota van Reacties). Wel heeft dit geleid tot een meer uitgebreide toelichting in voorliggend raadsvoorstel.

7

-

25 april 2023 behandeling van het definitieve ontwerp van het lokale deel van de Woonvisie door het college van Burgemeester en wethouders en het besluit om de ontwerp Woonvisie voor inspraak vrij te geven conform de vigerende gemeentelijke inspraakprocedure. De inspraak is ingegaan op 16 maart 2023 en duurde tot en met 12 april 2023. De ingekomen reacties hebben inhoudelijk geen aanleiding gevormd om het lokale deel van de ontwerpversie van de Woonvisie aan te passen (zie bijlage 4 Nota van Reacties). Verder heeft het college het besluit genomen de ontwerpversie van de Woonvisie ter besluitvorming voor te leggen aan de gemeenteraad en in de aanloop daarnaar op 17 mei 2023 te behandelen in de commissie GEZ. De gemeenteraad neemt dan een besluit over de ontwerpversie en de voorgestelde aanpassingen n.a.v. de ingekomen reacties. Tezamen wordt dit verwerkt in een definitieve versie van de Woonvisie.

Rechtmatigheid: 1) Woningwet Sinds 1 januari 2022 staat in de Woningwet dat iedere gemeente verplicht is om een actuele Woonvisie te hebben. Deze mag maximaal over 5 jaar gaan. De Woonvisie vormt de basis voor prestatieafspraken tussen de gemeente, corporaties en de huurdersorganisaties. 2) Wetsvoorstel Versterking Regie Volkshuisvesting i.r.t. Woonvisie Het Rijk heeft het Wetsvoorstel Versterking regie Volkshuisvesting in voorbereiding. De wet zal naar verwachting in 2026 in werking treden. Overleg met het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over dit wetsvoorstel en de impact hiervan op de ontwerp Woonvisie, leidt tot volgende bepaling: De Woonvisie kan worden vastgesteld als bouwsteen en inbegrepen worden in het volkshuisvestingsprogramma. Na vaststelling van de Omgevingsvisie door de gemeenteraad en na het in werking treden van de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting, dient de gemeente vanaf 2026 een volkshuisvestingsprogramma uit te werken. Het college van B&W stelt dit volkshuisvestingsprogramma vast. De Woonvisie kan volgens het Ministerie van BZK worden aangemerkt als één van de bouwstenen voor dit volkshuisvestingsprogramma. Een andere bouwsteen zal bijvoorbeeld de nog op te stellen woonzorgvisie zijn. 3) Inspraak De ontwerp Woonvisie heeft ter inzage gelegen conform de ‘Inspraakverordening gemeente Kerkrade 2004’, artikel 4 lid 1 en 2.

(De nieuwe Participatieverordening was ten tijde van inzage nog niet vastgesteld) 4) Bevoegdheden • De Bestuurscommissie Wonen en Herstructurering van de Stadsregio Parkstad Limburg is conform de ‘Gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling Stadsregio Parkstad Limburg’ annex het ‘Instellingsbesluit bestuurscommissies 2014’ bevoegd om regionaal beleid voor te bereiden en vervolgens ter vaststelling aan te bieden aan de gemeenteraden van de 7 Parkstadgemeenten. • Het college van Burgemeester en Wethouders is bevoegd om lokaal beleid voor te bereiden en vervolgens ter vaststelling aan te bieden aan de gemeenteraad. • Het vaststellen van kaderstellend beleid met doorwerking naar gemeenten, als bijvoorbeeld voorliggende Woonvisie, is een bevoegdheid van de afzonderlijke gemeenteraden. 5) Openbare kennisgeving 8

• •

Na vaststelling wordt een wettelijk verplichte openbare kennisgeving (publicatie) geplaatst conform de procedure afd. 3.4 van de Awb. De Woonvisie treedt de dag na publicatie in werking.

6) Reikwijdte Woonvisie • Deze woonvisie vervangt de Regionale Woonvisie Parkstad Limburg, Lokale woonvisie gemeente Kerkrade 2017-2021. Aan uw gemeenteraad wordt gevraagd in beslispunt 3 om deze oude visie officieel in te trekken. • De ‘Herstructureringsvisie voor de woningvoorraad Parkstad Limburg’ vastgesteld door de Parkstadraad in december 2009, bleef vigerend bij vaststellen van de Woonvisie 2017-2021, maar wordt vervangen door de nieuwe Woonvisie. Aan uw gemeenteraad wordt derhalve gevraagd om de herstructureringsvisie in te trekken. Dit staat in beslispunt 4. • De ‘Regionale woningmarktprogrammering 2019-2022’ blijft vigerend. Jaarlijks vindt sinds 2019 een update plaats met de plannen die lopende het jaar zijn toegevoegd of afgerond en of afgevoerd. Dit wordt voortgezet en neemt juist aan belang toe met het oog op de afspraken in de Woondeal Limburg en de ambities en opgaven in de ontwerp Woonvisie 2023-2028. • De ‘Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg’ is op 28 september 2016 door uw gemeenteraad vastgesteld. Dit beleid blijft vigerend. Aanvullend op dit kader zijn in de jaren 2017 tot en met 2022 diverse beleidsregels door de Bestuurscommissie vastgesteld en een handreiking opgesteld, die gelden als toelichting of duiding van de afspraken in de Structuurvisie Wonen Zuid Limburg.

Verder zijn er ook beleidsregels vastgesteld, die tot versoepeling van de kaders van de Structuurvisie hebben geleid. In bijlage 5 treft u onder de kop Zuid Limburg informatie over alle geldende kaders en beleidsregels aan die ook voor de andere 15 gemeenten in Zuid Limburg gelden. Kanttekeningen Niet van toepassing. Financiën Niet van toepassing. Communicatie 1) Regionaal De indieners van de reacties op de regionale delen van de ontwerp Woonvisie worden door de voorzitter van de Bestuurscommissie Wonen en Herstructurering geïnformeerd over het voorstel dienaangaande aan uw gemeenteraad in bijlage 4 Nota van Reacties. 2) Lokaal • De indieners van de reacties op de lokale delen van de ontwerp Woonvisie worden door de wethouder geïnformeerd over het voorstel dienaangaande aan uw gemeenteraad in bijlage 4 Nota van Reacties. • Na vaststelling wordt een kennisgeving geplaatst als openbare bekendmaking. De Woonvisie treedt de dag na publicatie in werking. • Zodra de gemeenteraad de Woonvisie heeft vastgesteld wordt met ‘Beleef Kerkrade’ bekeken op welke manier de Woonvisie gecommuniceerd kan worden. • Het uitvoeringsprogramma betreft vooral de projecten van het Woonoffensief. Deze worden regelmatig via Beleef Kerkrade gecommuniceerd. Dit wordt gedaan in afstemming met de verantwoordelijke portefeuillehouder. 9

Burgerparticipatie Bij het opstellen van de Woonvisie zijn meerdere momenten geweest waarbij o.a. stakeholders, bewoners, raadsleden en collega’s zijn betrokken: - Interviews stakeholders (corporaties, ontwikkelaars, makelaars etc.). - Straatinterviews met bewoners bij o.a. de AH XL, weekmarkt Simpelveld zowel in de fase van het opstellen van de Synopsis als in de fase van het opstellen van de Woonvisie. - Regionale raadsinformatiebijeenkomst. - Regionale bijeenkomst met huurdersorganisaties. - Presentatie ontwerpversie aan college van B&W. - Regionale stakeholdersbijeenkomst (o.a. corporaties, projectontwikkelaars, makelaars) - Lokale stakeholdersbijeenkomst (o.a. corporaties, projectontwikkelaars, makelaars, huurdersorganisaties, collega’s). - Regionale bijeenkomst met ambtenaren van andere disciplines. - Behandeling ontwerpversie in college. - Lokale vergaderingen en afstemming met collega’s van andere disciplines. Uitvoering 1) Publicatie Nadat de gemeenteraad de Woonvisie heeft vastgesteld, zal deze openbaar bekend gemaakt worden (publicatie). 2) Regionaal activiteitenprogramma In bijlage 7 is het activiteitenprogramma van de Stadsregio Parkstad opgenomen. Hierin staan de activiteiten waarmee voor bepaalde onderdelen al voorbereidingen getroffen worden op of invulling wordt gegeven aan het beleid in de ontwerp Woonvisie.

Voor andere onderdelen zullen regionaal en/of lokaal wel nog extra activiteiten moeten worden uitgerold. Deze activiteiten worden in het Jaarplan van de Stadsregio opgenomen en zijn ook middelen voor beschikbaar. De BC W&H is verantwoordelijk voor de uitvoering hiervan. 3)

Lokaal uitvoeringsprogramma: het ‘Woonoffensief’

In bijlage 2 van deze raadsnota is het lokaal uitvoeringsprogramma opgenomen. Het uitvoeringsprogramma betreft enerzijds de nieuwbouwplannen en -projecten. Dit is het ‘Woonoffensief’. Anderzijds staan er andere soorten (beleids)activiteiten in die de komende jaren uitgevoerd gaan worden. Het uitvoeringsprogramma Kerkrade is een dynamisch document. Wat nu bij uw gemeenteraad voorligt, zijn de projecten en activiteiten die bekend zijn op moment van opstellen van deze nota. Het uitvoeringsprogramma wordt thans 1 keer per 2 maanden met de wethouder besproken en dan ook geactualiseerd. 4) Opstellen Lokale prestatieafspraken De Woonvisie vormt de basis voor het opstellen van prestatieafspraken tussen de woningcorporaties, de huurdersorganisaties en het college van B&W. 5) Regionale prestatieafspraken Ook op regionaal niveau zijn door de BC W&H in 2019 regionale prestatieafspraken gemaakt met de 7 gemeenten, de 9 aanwezige woningcorporaties en de huurdersorganisaties. Deze gaan over kwesties waarbij 10

het meerwaarde heeft om regionaal af te stemmen. Dit jaar wordt met alle partijen bekeken om deze te actualiseren. 6) Samenwerking onmisbaar • De Woonvisie biedt een belangrijk eerste volkshuisvestelijk kader in de verdere concretisering van het lokale, regionale, provinciale en rijksprogramma. • De uitvoering zal op onderdelen ook samen met partners buiten de overheid worden opgepakt. Zo zijn markt- en zorgpartijen bijvoorbeeld betrokken bij gesprekken over herstructureringsopgaven in de wijken en wordt onderzocht hoe innovatie in de bouwsector kan helpen bij de versnelling van de woningbouw, zonder daarbij op lange termijn weer leegstand te veroorzaken. • Soms vinden de gesprekken voor alle 7 gemeenten tegelijk plaats op regionaal niveau, in andere gevallen op lokaal niveau om concreet aan te sluiten op specifieke vraagstukken of bijvoorbeeld locaties binnen de gemeente. Soms alleen door de Stadsregio. • Zoals ook onder kopje ‘argumenten, punt 2’ is weergegeven, hebben alle ontwikkelingen en de programmalijnen van het rijk steeds meer dwarsverbanden tussen allerlei beleidsvelden. De samenwerking binnen de gemeentelijke organisatie over de afdelingen en domeinen heen is dan ook van groot belang. Iedereen dient, vanuit zijn eigen discipline, samen te werken aan het beter en mooier maken van onze stad, zodat iedereen hier prettig kan wonen.

Soms ligt de lead bij het beleidsveld wonen. Soms is dat bij andere beleidsvelden. Belangrijk is dat er goede afstemming is. Gezondheid en Vitaliteit De thema’s gezondheid en vitaliteit zijn verwerkt in de Woonvisie. Bijlagen: 1. Ontwerp Regionale en lokale Woonvisie 2023-2028, gemeente Kerkrade 2. Uitvoeringsprogramma / Woonoffensief gemeente Kerkrade 3. Samenvatting lokale Woonvisie. 4. Nota van reacties bij de Regionale en lokale Woonvisie 2023-2028, gemeente Kerkrade 5. Beleidskaders en wetten 6. Relevante bronnen 7. Regionale activiteitenoverzicht Woonvisie 8. Begrippenlijst definitief 9. Was-wordt overzicht Woonvisie 10. Veerkrachtanalyse Parkstad

11

ONTWERP Regionale Woonvisie Parkstad Limburg Lokale woonvisie gemeente Kerkrade 2023 t/m 2027 Kansrijk wonen voor iedereen, nu en in de toekomst (vastgesteld college B&W 7 maart 2023)

Inhoudsopgave 1

2

3

4

5

6

Inleiding ........................................................................................................................................ 2 1.1

Wonen in Kerkrade .............................................................................................................. 2

1.2

Leven in Parkstad Limburg ................................................................................................ 2

1.3

Regionale woonvisie met lokale invulling ....................................................................... 2

1.4

Leeswijzer ............................................................................................................................. 4

Wonen in Parkstad Limburg .................................................................................................. 5 2.1

De kracht van samenwerking ........................................................................................... 5

2.2

Nieuwe uitdagingen beantwoorden ................................................................................. 5

2.3

Samenwerken voor resultaat ............................................................................................ 5

2.4

Anticiperen en alert blijven ............................................................................................... 6

2.5

De ontwikkelende woningmarkt ....................................................................................... 7

2.6

Een veranderende samenleving ....................................................................................... 7

2.7

De uitvoering ........................................................................................................................ 8

Kansrijk wonen voor iedereen, nu en in de toekomst ................................................ 9 3.1

Het oogmerk ......................................................................................................................... 9

3.2

De betekenis van ‘kansrijk wonen voor iedereen’ ........................................................ 9

3.3

De betekenis van ‘nu en in de toekomst’ ..................................................................... 10

Een woning voor iedereen ................................................................................................... 11 4.1

Door nieuwbouw die aansluit bij wensen van de huidige en nieuwe bewoners .. 11

4.2

Door herstructurering en transformatie ....................................................................... 15

4.3

Door passende woningen voor bijzondere doelgroepen en wonen met zorg ....... 19

4.4

Door betaalbaar wonen .................................................................................................... 23

Kansrijke woonomgeving voor iedereen ....................................................................... 27 5.1

Door variatie en balans in het woningaanbod ............................................................. 27

5.2

Door goede verhuur van woningen ............................................................................... 28

Nu en in de toekomst ............................................................................................................. 31 6.1

Kwalitatief en duurzaam .................................................................................................. 31

6.2

Waardevol voor nu en in de toekomst .......................................................................... 34

Bijlagen .............................................................................................................................................. 43

1

1 Inleiding 1.1 Wonen in Kerkrade Wie in Kerkrade is begrijpt direct waarom veel mensen hier graag wonen. Met aan de ene kant het Limburgse heuvellandschap en aan de andere kant veel Duitse natuur, met binnen haar gemeentegrenzen prachtige historische bebouwing zoals de abdij Rolduc, het Raadshuis en kasteel Erenstein. Met haar rijke verenigingsleven en met het gevarieerde voorzieningenaanbod in de stadskern en rondom het voetbalstadion. En dan ligt Kerkrade ook nog op een korte afstand van grote steden als Aken, Maastricht en Luik, met voldoende werkgelegenheid en de nabijheid van het Europese wegen- en luchtverkeersnet. Wie vanaf de Kerkradersteenweg omlaag rijdt en op de kruising beneden linksaf de Brugmolenweg omhoog draait, waant zich op vakantie. Eerst het stuk tussen de bomenrijen door, boven Erenstein en de Craneweyer langs, tot in Chevremont. Rechts over de Sint Pieterstraat en dan naar het centrum. De bebouwing is divers in woningtype en bouwjaar. Van monumentale straten tot moderne bouwwerken en van wijken met voornamelijk grondgebonden woningen tot wijken met juist veel gestapelde bouw. De tevredenheid van de bewoners verschilt per wijk, maar over een punt zijn de bewoners het eens: hier voelt men zich thuis.

1.2 Leven in Parkstad Limburg Tijdens de vele andere gesprekken die in de aanloop naar de woonvisie zijn gevoerd met bewoners, komt naar voren dat mensen niet alleen in kernen en wijken van Kerkrade wonen, maar ook beseffen onderdeel te zijn van de regio Parkstad. Bewoners noemen als meerwaarde van de regio, niet alleen het voorzieningenniveau, maar ook het woningaanbod. Gezinnen die graag ruimer en rustiger willen wonen, vinden in de dorpen en de meer suburbane gebieden van Parkstad een woning in een ontspannen setting. Andersom bieden de stedelijke gebieden in de regio passend aanbod voor jongeren op zoek naar reuring, opleiding en vertier. In Parkstad Limburg versterken de steden, dorpen en wijken elkaar. Het is die verscheidenheid en nabijheid, van gebieden en functies, binnen en buiten Kerkrade, die door bewoners wordt genoemd als de reden waarom het hier goed leven is. Die bewoners zijn meestal wel verknocht aan hun woning, hun wijk en hun dorp, maar trekken zich als woningzoekende en hun dagelijkse bezigheden maar weinig aan van de gemeentegrens. De mensen wonen in Kerkrade, ze leven in Parkstad.

1.3 Regionale woonvisie met lokale invulling Om dat wonen en leven goed te houden en te blijven verbeteren, stelt de gemeente iedere vijf jaar een woonvisie op. In de woonvisie wordt beschreven wat de gemeente voor ogen heeft op het gebied van wonen en hoe ze daar samen met bewoners en andere partners aan wil gaan werken. Bijzonder aan de woonvisie van Kerkrade is dat deze gezamenlijk is gemaakt met de andere gemeenten in de regio Parkstad Limburg, te weten Beekdaelen, Brunssum, Heerlen, Landgraaf, Simpelveld en Voerendaal. In plaats van zeven losse woonvisies is een gezamenlijke woonvisie in

2

Parkstad Limburg gemaakt die vervolgens door elke gemeente lokaal is uitgewerkt. Hiermee wordt aangesloten bij de beleving van de bewoners en van de andere belanghebbenden, dat deze gemeenten sterk met elkaar verbonden zijn. Daarmee wordt tevens geborgd, dat de beleidskeuzes op elkaar zijn afgestemd. Samen kunnen bovendien ambities worden verwezenlijkt die de gemeenten zelfstandig niet kunnen waarmaken. Samen komen we verder. De woonvisie voor Kerkrade 2023 – 2027 is daarom grotendeels gelijk aan de nieuwe woonvisie van de andere gemeenten van Parkstad Limburg. Deze Woonvisie komt in de plaats van de Regionale Woonvisie Parkstad Limburg 2017 – 2021 onderdeel Kerkrade en heeft de status van ‘Volkshuisvestingsprogramma’ volgens het Wetsvoorstel Regie op de Volkshuisvesting. De Woonvisie vormt onder meer de basis voor prestatieafspraken met woningcorporaties en huurdersorganisaties. De Woonvisie wordt onderdeel van het vigerend volkshuisvestelijk beleid, waar bijvoorbeeld ook de Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg en de beleidsregel ‘Ruim baan voor goede woningbouwplannen’ onderdeel van zijn. Daarnaast wordt er rekening gehouden met het provinciaal woonbeleid, dat anno 2022 vertaald is in de Limburgse Agenda Wonen 2020 – 2023 en de Omgevingsverordening Limburg. De nieuwe Woonvisie wordt in samenhang met andere thema’s en maatschappelijke vraagstukken opgenomen in de Omgevingsvisie.

De meeste van de woonvraagstukken die in Parkstad spelen, hebben ook de aandacht van het Rijk. Daar is men anno 2022 voortvarend aan de slag met een nationale woon- en bouwagenda. De woonvisie bevat daarom behalve regionale en lokale keuzes, ook een doorvertaling van nationale programma’s op het gebied van woningbouw, een thuis voor iedereen, wonen en zorg voor ouderen, leefbaarheid en veiligheid, betaalbaar wonen en de verduurzaming van de gebouwde omgeving. Er is rekening gehouden met de Rijksprioriteiten Volkshuisvesting, de Nationale Prestatieafspraken corporaties en de Regionale Woondeal. Later hierover meer.

3

1.4 Leeswijzer Samen werken de gemeenten de komende jaren aan kansrijk wonen voor iedereen, nu en in de toekomst. Dit is de gezamenlijke regionale ambitie. Hoofdstuk 2 beschrijft hoe de zeven samenwerkende gemeenten aankijken tegen het wonen in Parkstad: de opgaven die er liggen, wat er gaande is in de woningmarkt en de samenleving als geheel. In hoofdstuk 3 wordt beschreven welke betekenis het oogmerk van de woonvisie voor de zeven gemeenten heeft (het ‘waarom’). In de hoofdstukken 4 tot en met 6 wordt beschreven op welke wijze de in Parkstad Limburg samenwerkende gemeenten hieraan vorm en inhoud willen gaan geven (het ‘hoe’). In deze hoofdtukken bestaan alle paragrafen uit een regionaal en een lokaal deel. Hoofdstuk 4 beschrijft op welke wijze wordt gewerkt aan een ‘een passende woning voor iedereen’. Daarbij worden drie hoofdlijnen onderscheiden die tevens de titels zijn van de paragrafen in dit hoofdstuk: ‘door nieuwbouw (4.1), ‘door herstructurering en transformatie’ (4.2), ‘door huisvesting van bijzondere doelgroepen en wonen met zorg’ (4.3) en door ‘betaalbaarheid van wonen’ (4.4). Iedere paragraaf start met regionale hoofdlijnen en zoomt daarna – in een kader – in op de specifieke lokale uitgangspunten voor Kerkrade. Hoofdstuk 5 beschrijft op welke wijze wordt gewerkt aan ‘een kansrijke woonomgeving voor iedereen’.

Dat willen we doen ‘door variatie en balans in het woningaanbod’ (5.1) en ‘door goede verhuur van woningen’ (5.2). Hoofdstuk 6 beschrijft op welke wijze de gemeenten in Parkstad Limburg nú willen bijdragen aan goed wonen voor iedereen en dat dit ook in de toekomst mogelijk blijft ‘kwalitatief, duurzaam en waardevol’ (6.1)

4

2 Wonen in Parkstad Limburg 2.1 De kracht van samenwerking Jaren geleden zagen de in Parkstad Limburg verbonden gemeenten al dat samenwerken sterker maakt dan alleen. Niet alleen op het gebied van wonen, maar ook op daarmee samenhangende thema’s zoals economie, duurzaamheid, mobiliteit en het sociaal domen. Soms is dat binnen de gemeenschappelijke regeling van Parkstad Limburg en soms erbuiten, maar samenwerken loont. De gezamenlijke koers op wonen heeft er de afgelopen jaren toe geleid dat een impuls is gegeven aan de leefbaarheid door de herstructurering van gebieden, de bouw van soms zelfs innovatieve projecten en de transformatie van leegstaande gebouwen. Door samen op te trekken zijn deze plannen van de grond gekomen en zijn onder meer manieren gevonden voor hoe om te gaan met krimp en hoe de kwaliteit van kwetsbare woningen van particuliere eigenaren kan worden verbeterd. Door samen op te trekken in de sturing op de woningmarkt en in het verbeteren van de leefbaarheid, is van Parkstad een aantrekkelijkere regio gemaakt. Dat is zichtbaar in de toenemende vraag naar woningen.

2.2 Nieuwe uitdagingen beantwoorden Er is de laatste jaren namelijk wel het een en ander veranderd. Niet alleen binnen de regio, maar ook landelijk en internationaal. Krapte op de woningmarkt is inmiddels niet alleen meer een Randstedelijk probleem. Ook in Parkstad voelen bewoners dat het moeilijk is om een passende woning die betaalbaar is te vinden. De samenleving vergrijst, in Parkstad nog net iets sneller. Mensen worden ouder en blijven graag vertrouwd thuis of in de buurt wonen. De behoefte aan zorg is bovengemiddeld. Voor de handen die er nodig zijn op de arbeidsmarkt komen steeds meer arbeidsmigranten naar Parkstad. De noodzaak om te verduurzamen met specifieke aandacht voor de verouderde beschermde gebieden in de regio, was al eerder onderkend, maar is niet eerder zo sterk gevoeld als sinds de oorlog in Oekraïne. De energiekosten zijn hoog. Ondertussen zijn de toch al grote verschillen in leefbaarheid tussen de gebieden van Parkstad groter geworden. Om ervoor te zorgen dat iedereen nu en in de toekomst goed kan wonen, moeten op deze grote uitdagingen samen antwoorden worden gevonden.

2.3 Samenwerken voor resultaat Het is belangrijk om rekening te houden met de veranderingen in de wereld en mede vorm te geven aan de landelijke ambities en richtlijnen op het gebied van wonen. Ook de context waarin gemeenten sturing geven aan het wonen verandert. In het wonen zijn resultaten steeds meer het resultaat van samenwerken. Daarbij zijn de inwoners van de gemeenten, dezelfde mensen als de huurders van de woningcorporaties, de cliënten van zorgorganisaties, de klanten van de supermarkt en de medewerkers van bedrijven en instanties binnen en buiten de regio. Gemeenten kunnen hun ambities alleen samen waar maken: met elkaar, met andere organisaties, met bedrijven en bovenal met de bewoners.

5

De ambitie om goed samen te werken en op elkaar aan te sluiten geldt tussen de verschillende partijen in de regio, maar zeker ook binnen de gemeente zelf tussen de domeinen. Daarom is het zaak om integraal te werken en is het nodig dat verschillende disciplines – zowel in het fysieke, het economische als het sociale domein – goed met elkaar zijn verbonden. Daarom zijn verschillende partijen betrokken bij het opstellen van deze visie, bij de uitwerking en de realisatie daarvan. Want niemand maakt het verschil alleen. Samenwerken tussen gemeenten ligt voor de hand, omdat op de woningmarkt woongebieden in elkaar overlopen en gemeentegrenzen simpelweg geen doorslaggevende rol spelen. Bewoners vinden het belangrijk dat er in de regio wat te kiezen is en dan moeten gemeenten niet los van elkaar allemaal hetzelfde aanbieden of juist helemaal niet aanbieden. In Parkstad geldt daarom het adagium: elkaar niet tegenwerken, maar elkaar juist versterken en daarmee desinvesteringen voorkomen. Andersom vinden bewoners, woningcorporaties, projectontwikkelaars en andere voor wonen relevante partijen het vervelend als visie, beleid en regelgeving op het gebied van wonen een paar kilometer verderop helemaal anders is.

Samenwerken tussen gemeenten is vanzelfsprekend omdat de partijen waarmee gemeenten gewend zijn samen te werken – de woningcorporaties, de huurdersorganisaties, de zorg- en de welzijnsorganisaties, de veiligheidspartners, de energiebedrijven, de financiers en de ontwikkelaars – ook in meerdere gemeenten opereren. Als gemeenten schouder aan schouder gaan staan en hun krachten bundelen, zijn ze een interessante partner voor al deze partijen en andersom. Er is sprake van regionale samenwerking, maar de precieze vormgeving van het woonbeleid kan in Kerkrade iets anders betekenen dan in bijvoorbeeld Heerlen of Voerendaal. Binnen de regio zijn er verschillen. Iedere gemeente heeft zijn eigen sterke en zwakke punten. Daarom wordt regionaal samengewerkt aan hetzelfde oogmerk, vanuit dezelfde kaders en doelen, maar met oog en vrijheid voor lokaal maatwerk.

2.4 Anticiperen en alert blijven De afgelopen jaren laten zien wat er in korte tijd kan veranderen. Nationaal zei een minister van wonen een aantal jaar geleden, dat ‘de woningmarkt draait als een zonnetje’, maar nu spreekt men van ‘een wooncrisis’. Er kwam met Covid een pandemie, er begon een oorlog in Oekraïne en de economie veranderde rigoureus en het energielandschap veranderde. Veel ontwikkelingen waren eerder niet te voorspellen en zo zal het naar alle waarschijnlijkheid de komende jaren ook gaan. Er blijven zaken veranderen, soms onverwacht en rigoureus. Er is sprake van meerdere en op elkaar ingrijpende crises tegelijk en het zijn ontwikkelingen waarvan de afloop maar moeilijk is in te schatten. Met name de demografische en economische ontwikkelingen hebben een grote impact op het wonen in Parkstad. Bepaalde ontwikkelingen zijn door ons maar beperkt te beïnvloeden. Die onzekerheid ontslaat de gemeenten natuurlijk niet van de plicht nu te doen wat ze kunnen, alert te blijven en samen met de partners te anticiperen waar mogelijk. Gemeenten worden immers geacht een sturende rol te nemen als het gaat om wonen (Woningwet). Tegelijkertijd dwingt de realiteit – de complexiteit, de veranderlijkheid en de omvang van de opgaven – tot enige bescheidenheid over wat wel en niet maakbaar is voor gemeenten en de regionale samenwerking.

6

Voor het opstellen van deze woonvisie is gekeken naar de verschillende scenario’s die kunnen ontstaan door demografische en economische ontwikkelingen en welke maatregelen in ieder scenario nodig zijn - zoals inzet op kwaliteit, duurzaamheid en leefbaarheid - en bij welke er eerder bijgestuurd moet worden, bijvoorbeeld via de woningbouwprogrammering.

2.5 De ontwikkelende woningmarkt De afgelopen jaren is conform de Regionale Woonvisie 2016 – 2021 ingezet op het begeleiden van de bevolkingsdaling en versterking van de woonmilieus, door minder maar wel betere woningen. Een toen verstandige keuze, die heeft geleid tot een verbetering van onze woningvoorraad en het terugdringen van overschotten, getuige het grootschalige herstructureringsprogramma van de afgelopen jaren. Inmiddels is de geprognotiseerde bevolkingsontwikkeling gekanteld. Met name de migratie is steviger dan voorzien. Natuurlijk beïnvloedt dat de woningmarkt, maar er is meer veranderd. Toen de vorige woonvisie werd opgesteld bestond het beeld, dat een pas op de plaats nodig was met de woningbouw vanwege de verwachte afname van de vraag en was een ander aanbod nodig vanwege de vergrijzing van de bevolking. Achteraf blijkt dat een verstandige keuze en ook vandaag de dag heeft de regio zich te verhouden tot deze demografische trend. Als de bevolking vergrijst, is er minder natuurlijke aanwas in onze regio. Dat is een natuurverschijnsel. Echter, ergens gaan wonen of juist vertrekken is dat niet. Dat is gedrag. Aantrekkelijk woningaanbod kan dat gedrag wel degelijk beïnvloeden.

De visie van de Parkstadgemeenten is dat een gezonde regio kansrijk wonen biedt voor iedereen, dat het sociale stijgers – vaak jongere gezinnen – een reden geeft te blijven en mensen van buiten een reden geeft om zich in de regio te vestigen. De gemeenten in de regio Parkstad willen daarbij dat de woningmarkt bijdraagt aan een samenleving die in balans is. De regio heeft de kwaliteiten die dit streven rechtvaardigen. De samenwerkende gemeenten pakken de handschoen op om – vanuit de kracht die er is – dat (verhuis)gedrag in het voordeel van Parkstad te beïnvloeden. Dat is nadrukkelijk een keuze voor een nieuw verhaal. In plaats van sec de demografische trends te volgen, gaat Parkstad proactief en verstandig (ver)bouwen aan de toekomst. De demografische ontwikkeling is daarmee één van de ontwikkelingen waarmee rekening wordt gehouden, maar er wordt niet uitsluitend gestuurd op basis van die demografische ontwikkeling.

2.6 Een veranderende samenleving In een kansrijke regio kent iedere wijk en elk dorp, een goede balans tussen mensen in een kwetsbare positie die ondersteuning nodig hebben (vragers) en mensen die de ruimte hebben die ondersteuning te bieden (dragers). Helaas kan worden geconstateerd dat die balans in sommige delen in de regio verstoord is. In een aantal wijken van Parkstad is sprake van een (toenemende) concentratie van bewoners in een kwetsbare positie1. In de meeste van deze wijken gaat die concentratie samen met meer overlast en onveiligheid. Hier staat de leefbaarheid structureel onder druk. Deze ontwikkeling is ongewenst. Ook door te sturen op wonen kan worden bijdragen aan veerkrachtige wijken en een samenleving waarin we elkaar blijven ontmoeten.

1 Zie bijlage 2 voor de Veerkrachtkaart Parkstad

7

Wonen is belangrijk en biedt kansen om te sturen, maar een over de hele linie kansrijke regio vraagt veel meer dan wat met een woonvisie kan worden georganiseerd. Het vraagt iets van (en draagt bij aan) het onderwijs, van de veiligheid, van de werkgelegenheid, van de zorg en van de maatschappelijke ondersteuning. Bovendien, kennen de in Parkstad verenigde gemeenten natuurlijk hun plek. Het is mogelijk zaken te stimuleren en te voorkomen, maar er zijn ook andere krachten die niet of maar heel beperkt te beïnvloeden zijn. Denk aan de economie, de markt en natuurlijk ook de andere overheden. Maar de visie van Parkstad is duidelijk: waar mogelijk wordt bijgedragen aan kansrijk wonen voor iedereen en daarom wordt gestuurd op de balans in wijken en dorpen. Later hierover meer.

2.7 De uitvoering Bij de totstandkoming van deze Woonvisie is meermaals beklemtoond dat ambities mooi zijn, maar dat het uiteindelijk wel gaat om de resultaten. Hierbij zijn twee zaken cruciaal. Ten eerste dat de opgaven vragen om samenwerking en dat de grote ambities in de regio alléén waargemaakt kunnen worden samen met de andere partijen, zoals de marktpartijen, de woningcorporaties en de bewoners(initiatieven). De relatie met de woningcorporaties en de huurdersorganisaties wordt ook de komende jaren naar verwachting weer jaarlijks bekrachtigd in prestatieafspraken (lokaal én regionaal). De gemeenten in Parkstad beschouwen de woningcorporaties als partner in wonen, voor zowel het lagere als middensegment woningen. Ook marktpartijen die willen investeren in de regio zijn belangrijk, zeker voor initiatieven in het hogere (midden)segment. Marktpartijen die bijdragen aan het maatschappelijk belang worden omarmd. Ongewenste ontwikkelingen op de markt worden bijgestuurd door bijvoorbeeld de inzet van het gemeentelijke instrumentarium. Door goed samen te werken binnen de regio, tussen gemeenten en met marktpartijen en corporaties kan de lokale uitvoering, kracht worden bijgezet. De manier waarop zich dat uit, kan per gemeente verschillen. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor wat betreft de rol van bewonersinitiatieven.

De gemeenten staan hier allemaal positief tegenover, maar de gemeenten geven hier zelf lokaal invulling en uitwerking aan.

8

3 Kansrijk wonen voor iedereen, nu en in de toekomst 3.1 Het oogmerk De zeven gemeenten in de regio Parkstad – Beekdaelen, Brunssum, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Simpelveld en Voerendaal – kiezen in deze woonvisie voor ‘kansrijk wonen voor iedereen, nu en in de toekomst’. Dit oogmerk geeft richting aan alles wat de gemeenten op het gebied van wonen de komende jaren gaan stimuleren en verbieden, gaan doen en laten, gaan betogen en uitwerken. Dit oogmerk geeft richting, maar laat ook ruimte.

3.2 De betekenis van ‘kansrijk wonen voor iedereen’ Het vertrekpunt is dat iedereen die in Parkstad wil wonen, een kans moet hebben op de woningmarkt om een passende woning te vinden. Denk aan jongeren die willen starten op de woningmarkt of bijvoorbeeld ouderen die graag een vervolgstap willen maken naar een woning met zorg. Denk aan bijzondere doelgroepen die graag mee willen doen in de samenleving, maar moeite hebben een zelfstandige woning te bemachtigen in een wijk die past. Denk ook aan mensen – van binnen of buiten de regio - die zich ontwikkelen en meer te besteden krijgen, maar voor wie er geen verleidelijk aanbod is. Kansrijk wonen gaat ook over de kansen die een woonomgeving biedt. De plek waar iemand woont, mag niet beperkend zijn voor de kansen die hij of zij heeft om zich te ontwikkelen. Denk aan bewoners die in een buurt wonen waar ze zich onveilig voelen en overlast ervaren. Een buurt waar ze het gevoel hebben niet mee te doen en er niet toe te doen. Waar ze wonen in een woning die henzelf of hun kinderen niet de kans biedt zich te ontplooien. Bijvoorbeeld omdat de woning te klein is, te weinig kwaliteit heeft of te duur is. Waar in de buurt weinig samenredzaamheid is en weinig positieve voorbeelden zijn. Kansrijk wonen gaat dus ook over de wijk of over het dorp en het samen leven aldaar. Kansrijk gaat tenslotte over de regio als geheel.

De gemeenten in Parkstad hebben de overtuiging elkaar op de woningmarkt te kunnen versterken, door te verschillen. Bewoners geven aan dat juist de nabijheid van het dorpse, het suburbane en het stedelijke wonen, Parkstad zo aantrekkelijk maakt om te wonen. Parkstad biedt ieder wat wils en zoveel mensen, zoveel smaken. Echter, we willen elkaar nog wel tegen blijven komen. Scheidslijnen tussen rijk en arm of tussen kwetsbaar en succesvol, moeten worden voorkomen. Een kansrijke regio is een regio waar in iedere wijk en dorp, een goede balans is tussen mensen in een kwetsbare positie die ondersteuning nodig hebben (vragers) en mensen die de ruimte hebben die ondersteuning te bieden (dragers).

9

3.3 De betekenis van ‘nu en in de toekomst’ De woorden ‘nu en in de toekomst’ gaan over het bovengemiddeld aandacht hebben voor de toekomstbestendigheid van wonen in de brede zin. Woningen zijn geen producten die je weggooit als de mode verandert. Sterker nog, vastgoed gaat decennia en soms zelfs eeuwen mee. Dit is juist in Parkstad op vele plekken zichtbaar, zoals bij de vaak historische bebouwing in de dorpskernen, de vakwerkhuizen, de mijnkoloniën, de kloosters en de kerken. Stuk voor stuk tastbare bewijzen dat bouwwerken die de mensen dierbaar zijn, lang meegaan en dus tijdloos zijn. Juist omdat vastgoed zo lang meegaat, is het zaak om bij alles wat wordt toegevoegd, afgebroken of veranderd, goed na te denken over de kwaliteit waar morgen vraag naar is. Naar de duurzaamheid van woningen en de woonomgeving en naar de mogelijkheden voor ander of flexibel gebruik. Rekening houden met nu en de toekomst gaat voor de Parkstadgemeenten over woningbouw die passend is voor de bewoners van nu en later en in materiaal- en energiegebruik duurzaam is. Deze woonvisie is daarmee voor de bewoners van nu, maar nadrukkelijk ook voor die van de toekomst.

Op de Knip

10

4 Een woning voor iedereen De ambitie ‘een woning voor iedereen’ gaat over de beschikbaarheid, de geschiktheid, de kwaliteit en de betaalbaarheid van woningen. En hoe ervoor gezorgd wordt dat er voor verschillende type bewoners een geschikte woning is. Vanzelfsprekend is nieuwbouw hierbij een belangrijk onderdeel (4.1). Het gaat ook over het aanpakken van de woningen die er al staan maar die niet meer goed passen bij de eisen van deze tijd en de toekomst (4.2). Tenslotte is er aandacht voor de beschikbaarheid van woningen voor verschillende doelgroepen van wie de huisvesting extra aandacht nodig heeft omdat ze bijvoorbeeld zorg nodig hebben (4.3) en doelgroepen voor wie de betaalbaarheid van wonen onder druk staat (4.4).

4.1 Door nieuwbouw die aansluit bij wensen van de huidige en nieuwe bewoners De afgelopen jaren is er in het woonbeleid veel aandacht geweest voor de destijds voorspelde bevolkingsdaling en gekoerst op minder maar wel kwalitatief betere woningen. Daarbij was de ambitie om de verschillende woonmilieus in de regio te versterken. Dit laatste uitgangspunt is onveranderd, maar wat betreft de bevolkingsdaling is de situatie op de woningmarkt en de visie daarop wél veranderd. De visie is dat een gezonde regio kansrijk wonen biedt voor iedereen. Dat het sociale stijgers – vaak jongere gezinnen – een reden geeft te blijven en mensen van buiten om zich te vestigen. Met deze Woonvisie wordt ingezet op het versterken van de kwaliteiten van wonen in onze regio. Als gevolg van de vergrijzing verdunnen huishoudens eerst alvorens het aantal afneemt. Omdat in de afgelopen jaren veel mensen naar Parkstad verhuisden, lijkt het aantal huishoudens de komende jaren niet af te nemen. De effecten van de vergrijzing in onze regio worden daarmee opgevangen. Dat wordt nu en de komende jaren gemerkt door een grotere vraag naar woningen. Onder de huidige bewoners van Parkstad neemt het aantal 65-plussers de komende tien jaar sterk toe. Overige doelgroepen, zoals jonge gezinnen en starters, nemen af.

Met deze trends moet rekening gehouden worden bij de bouw en aanpassingen van woningen zodat er zowel geschikte woningen zijn voor wie al in de regio woont als voor mensen die hier komen wonen. Voor nieuwbouw is ook vanuit de landelijke en provinciale overheid veel aandacht. Landelijk is de opgave om tot 2030 bijna een miljoen woningen te bouwen, waarvan minimaal 26.550 in Limburg. Daarnaast heeft de provincie Limburg op verzoek van de regio een extra ambitie aangegeven om daar bovenop 20.000 woningen extra te bouwen. De landelijke richtlijn daarbij is dat twee derde van de nieuwbouwwoningen betaalbaar moet zijn, en uit sociale en middeldure huurwoningen en uit betaalbare koopwoningen moet bestaan. Meer woningen bouwen De gemeenten in de regio Parkstad hebben de gezamenlijke ambitie om de komende 10 jaar minimaal 7.500 nieuwe woningen te bouwen. In de periode 2022 – 2030 gaat het over 6.775 nieuwe woningen. Woningen die in de eerste plaats kwalitatief aansluiten bij de wensen van bestaande bewoners in de regio – starters en doorstromers – en die daarnaast mensen van buiten kunnen aantrekken.

11

Een groot deel van deze nieuwbouw bestaat uit het vervangen van woningen, die niet meer mee kunnen voor de toekomst. Hiermee krijgt de kwaliteit van woningen een flinke impuls. Om daadwerkelijk dit aantal woningen via nieuwbouw en transformatie te kunnen realiseren, wordt er gestreefd naar voldoende plancapaciteit. Aangezien niet alle plannen gerealiseerd zullen worden, hanteert het Rijk een landelijke richtlijn van 130% aan plancapaciteit om de beoogde woningbouw ook daadwerkelijk op te leveren. Daarbij wordt gestuurd op de kwaliteit en de realisatie van de bestaande bouwplannen. In de regionale woningmarktprogrammering wordt verder al jaren gestuurd op de kwaliteit van de planvoorraad, worden lokale plannen toegevoegd. In bepaalde gevallen worden gemeenten ondersteund in de uitvoering van deze plannen. Geconstateerd wordt namelijk, dat de markt niet alles zelf oppakt en is soms hulp geboden. Gevarieerd aanbod aan woningen Het streven is een woningvoorraad en woonmilieus te hebben die aansluiten bij de bevolkingsontwikkeling in regio, die aantrekkelijk is voor huidige bewoners en voor mensen van buiten om naar deze regio te komen. Daarbij wordt een – zowel in woningtype als prijsklasse – gevarieerd woningaanbod beoogd, dat aansluit bij de mogelijkheden en wensen van starters en doorstromers uit de regio en woningzoekenden van buiten de regio.

Bouwen voor de woonbehoefte De woonbehoeften van huidige en nieuwe bewoners zijn veranderlijk. Daarom worden iedere twee jaar de regionale en lokale woningbehoeften en demografische ontwikkelingen gemonitord. Op basis daarvan kan de programmering kwalitatief en kwantitatief worden bijgestuurd. In 2022 laat het meest recente vastgestelde woonbehoefteonderzoek2 zien dat de behoefte vooral bestaat uit levensloopgeschikte nultredenwoningen. Dat geldt zowel voor het sociale huursegment, het segment tussen sociaal en circa 1.000 euro huur per maand en het segment betaalbare koopwoningen met een prijs tot circa 300.000 euro. Dit zijn de typen woningen waar naar verwachting de komende jaren in ieder geval vraag naar zal zijn en waarvan de bouw ‘no-regret’ is. In de beleidsregel “Ruim baan voor goede woningbouwplannen 2021”, wordt voor koopwoningen de NHG-grens (prijspeil 2023: 405.000 euro) gehanteerd, waardoor er beleidsmatig in aantallen ook meer ruimte bestaat voor de prioriteit van betaalbare koopwoningen. Daarnaast is het waarschijnlijk dat de behoefte aan meer woningen in de middenhuur de komende jaren aanhoudt. Dat kunnen woningen zijn in het sociale segment boven de aftoppingsgrenzen en woningen boven de liberalisatiegrens die nog wel betaalbaar zijn met een middeninkomen. Zowel marktpartijen als woningcorporaties kunnen deze woningen realiseren en exploiteren.

Woningcorporaties worden van harte uitgenodigd om in het woningbouwprogramma méér middenhuurwoningen op te nemen. Uitgangspunt is wel dat deze woningen in prijs, kwaliteit en locatie aantrekkelijk zijn voor middeninkomens.

2 Zie bijlage 3 voor het regionaal woonbehoefteonderzoek Parkstad Limburg 2022 - 2032

12

Behouden en aantrekken van bewoners Voor het diversifiëren van het woningaanbod voor huidige bewoners en het aantrekken van nieuwe bewoners is het gewenst om naast woningen in het lagere en middensegment óók woningen toe te voegen in een hoger segment. Voor het behouden én aantrekken van bewoners wordt ook de relatie met het economisch domein gezocht, om zo gezamenlijk een aantrekkelijk woon- en werkklimaat te creëren. Daarbij is het uitgangspunt dat de woningmarkt in balans blijft. Concreet betekent dit dat er naar een goede samenstelling van wijken gekeken wordt en gebieden met een te eenzijdig goedkoop woningaanbod voorkomen en/of gediversifieerd worden. Hiertoe worden lokale plannen regionaal bekeken en opgenomen in de regionale woningmarktprogrammering. Het doel is om de structuur van de regio te versterken en het woonklimaat als geheel aantrekkelijker te maken. Waar mogelijk worden de meer kansrijke ontwikkelingen programmatisch gecombineerd met meer onrendabele projecten in bijvoorbeeld herstructureringsgebieden, zodat wel aan beide noodzakelijke bewegingen richting gegeven kan worden. Versnellen van de woningbouwproductie Binnen de regio ligt niet alleen de focus op het opvoeren van nieuwe realiseerbare kwalitatieve woningbouwplannen, maar ook op de versnelling van de uitvoering van bestaande plannen.

Om het tempo van de realisatie van woningbouw beter te laten aansluiten bij de ambitie van de gemeenten, wordt ingezet op de versnellingsaanpak ‘Parkstad Proactief en Snel’. Deze aanpak focust zich op (1) het verstevigen van de regionale visie op nieuwbouw, (2) het op gang houden van de bouwstroom, (3) het prioriteren van projecten (triage) om sneller tot uitvoering te komen en (4) het maken van massa op regionale schaal. Ook het verkennen van argumenten die voor of tegen het hanteren van een regionaal afgestemde sociale grondprijs pleiten, maakt deel uit van deze aanpak. Inzet van modulair of flexibel bouwen Een deel van de woningvraag is nu urgent, maar de woningbehoefte verandert met de tijd. Het kan zijn dat over enkele jaren toch andere woningen gewenst zijn. Dat laat onverlet dat ook in de huidige woningvraag moet worden voorzien. Voor het invullen van een deel van deze woningbehoefte op korte termijn, kan de bouw van modulaire of flexibele woonvormen uitkomst bieden. Deze woningen kunnen sneller en goedkoper worden gebouwd en in bepaalde gevallen bij afnemende vraag ook weer worden herbestemd, verplaatst of gebruikt als wisselwoning bij bijvoorbeeld herstructureringsprojecten binnen de gemeente of elders in de regio.

In het kader van de Woondeal is gezamenlijk de ambitie uitgesproken om de komende jaren regiobreed minimaal 375 flexibele woningen te realiseren om de vraag in de woningmarkt op korte termijn op te vangen. Het betreft de optelsom van schaal die elke gemeente naar eigen inzicht en ambitie gekozen heeft.

13

Nieuwbouw in Kerkrade Nieuwbouwplannen krijgen in Kerkrade ruim baan. Gemeente Kerkrade wil een substantiële bijdrage leveren aan de extra ambitie die de bestuurscommissie Wonen & Herstructurering van de Stadsregio Parkstad heeft uitgesproken: een bijdrage van bruto 1.350 woningen van de bruto 7.500 woningen voor de totale regio. Met het realiseren van die woningbouw, wordt bijgedragen aan een gemeente waar iedereen zich op zijn plek voelt. Kerkrade wil dat de toevoegingen aan de woningvoorraad betaalbaar en toekomstbestendig zijn, in een niet te hoge dichtheid staan en op plekken die goed zijn voor de ontwikkeling van de buurt, wijk en stad. Het streven is tevens dat de woningbouw bijdraagt aan een kwalitatieve en klimaatbestendige woonomgeving. Kerkrade wil met de beoogde woningbouw inspelen op de woningbehoefte zoals die naar voren komt uit het regionale woningbehoefteonderzoek en de twee lokale verdiepingsonderzoeken voor het Centrum en voor Eygelshoven (Kerkrade-Noord) hierop. Die woningbehoefte wordt periodiek regionaal gemonitord en waar nodig op basis van marktontwikkelingen bijgesteld. De woningbehoefteonderzoeken fungeren bij het beoordelen van een bouwplan als leidraad. Als een concreet plan wordt ingediend, dan wordt – naast die leidraad – altijd gekeken naar de woonbehoefte op dat moment: de praktijkbehoefte.

De leidraad voor toetsing woningbouwplannen: In Kerkrade is voornamelijk behoefte aan levensloopgeschikte appartementen en nultreden woningen, in de middeldure huur en koop. Daarnaast: •

Er is een kleine behoefte aan grondgebonden middeldure en sociale huurwoningen.

•

Uitgangspunt is dat alle nieuwbouwwoningen levensloopbestendig (te maken) zijn. Dat houdt in dat alle appartementen voorzien dienen te worden van een lift om te voldoen aan de behoefte aan nultredenwoningen.

•

Alle grondgebonden woningen moeten ruimte hebben op de begane grond voor een slaapkamer en badkamer te realiseren naast de woonkamer en keuken. Bij nieuwbouw waar deze voorzieningen niet direct bij gebouwd worden, dienen kabels, leidingen en constructie reeds aanwezig te zijn zodat bewoners deze voorzieningen zelf kunnen realiseren.

•

Kerkrade houdt als richtlijn de grens van minimaal 75m2 g.b.o. per nieuwe woning aan (maatwerk mogelijk). Dit oppervlakte geldt niet voor woonunits zoals tiny houses en (tijdelijke) flexwoningen.

•

No-regret-keuzes: dit zijn woningen waar altijd behoefte aan is: levensloopgeschikte huurappartementen en nultredenwoningen middelduur en betaalbare levensloopgeschikte koopappartementen en nultredenwoningen.

•

Niet (veel) toevoegen: reguliere grondgebonden koopwoningen en kleine, niet levensloopgeschikte/nultreden appartementen.

Om de woonbehoefte te realiseren is Kerkrade het ‘woonoffensief’ gestart: (stimuleren van het) realiseren van bouwplannen en projecten die bijdragen aan een verantwoorde mix van woningaanbod waaraan nu en in de toekomst behoefte aan is in Kerkrade. Tevens brengt de gemeente Kerkrade de potentiële ontwikkellocaties (gemeentegrond) in kaart, die op een positieve wijze een bijdrage leveren aan de (leef-)omgeving. Daaropvolgend wordt een strategie bepaald om te komen tot een herontwikkeling hiervan.

14

Kerkrade ziet mogelijkheden om ook in de bestaande bebouwing woningen toe te voegen, door het omzetten van bestaande (leegstaande) commerciële panden naar woningen. Daarbij toetst de gemeente of de woningen de juiste kwaliteit hebben en een significante verbetering in uitstraling en gebruik van het pand worden gerealiseerd. Dit is nader geconcretiseerd in de bijlage uitgangspunten woningen en kwaliteit.

Nieuwbouwplan park Heilust (Aster en Lavendel)

De Gemeente onderzoekt de mogelijkheden om plannen te realiseren c.q. te versnellen, zodat gewenste woonontwikkelingen tot stand komen. In Kerkrade staan veel commerciële panden leeg. Eigenaars laten deze langdurig leeg staan en hebben geen concrete gebruiks- en/of verbouwplannen, waardoor de stad op sommige plekken een negatieve aanblik krijgt en verloedert. Als minnelijke trajecten met deze partijen om tot een oplossing te geraken niets opleveren en juridische middelen beperkt zijn, dan overweegt de gemeente meer regie te nemen door bijvoorbeeld een voorbereidingsbesluit te nemen, een omgevingsplan te wijzigen, de Wet Voorkeursrecht Gemeente - WVG te vestigen of zelfs de onroerende zaak aan te kopen. Om het draagvlak voor nieuwbouw onder bewoners te vergroten, wordt waar mogelijk met ontwikkelaars afgesproken de nieuwe woningen eerst een bepaalde tijd aan Kerkraadse bewoners aan te bieden. In 2023 wordt onderzocht of nadere maatregelen wenselijk zijn (zoals bv een huisvestingsverordening).

4.2 Door herstructurering en transformatie

15

Een woning voor iedereen vraagt niet alleen het toevoegen van nieuwe woningen, maar zeker ook het verbeteren of soms slopen van verouderde woningen. Daarbij gaat het over woningen die niet geschikt, niet toekomstbestendig en in overschot aanwezig zijn. Dat begint natuurlijk bij de bouwen woontechnische staat van de woning. Maar ook de kwaliteit van de wijk als geheel speelt daarbij een rol. Parkstad kent voor Nederlandse begrippen omvangrijke aaneengesloten gebieden waar de woonkwaliteit al jaren onder druk staat en de omvang van het aantal kwetsbare particuliere woningen opvallend is. Terwijl er al hard wordt gewerkt aan de verbetering van die gebieden, zijn veel van deze wijken kwetsbaar. Ook landelijk wordt deze opgave herkend en zijn substantiële middelen door het Rijk beschikbaar gesteld voor de aanpak binnen Parkstad. Het Rijk steunt de aanpak om meer kwalitatief goede (dus duurzame) woningen in gemengde wijken te realiseren, waar het veilig en leefbaar wonen is. De gezamenlijke visie is dat gebieden verbeterd kunnen worden met een integrale aanpak, waarbij niet alleen de kwaliteit van de woningen, maar ook de woonomgeving en de sociale situatie van de bewoners wordt verbeterd. Daarmee dienen we meerdere doelen. Met het realiseren van betere woningen kan leegstand worden voorkomen en het woongenot van de huidige bewoners worden verhoogd.

Die verbeterde woningen zijn ook aantrekkelijk voor sociale stijgers uit de buurt die wooncarrière willen maken en voor meer draagkrachtige bewoners van buiten. Hiermee kan worden bijgedragen aan de balans tussen draagkrachtige en minder draagkrachtige bewoners. Herstructurering kan op deze manier een katalysator zijn voor meer investeringen in de leefbaarheid, veiligheid, verduurzaming en openbare ruimte. De Parkstadgemeenten hebben bijzondere aandacht voor particuliere woningen die kwalitatief onvoldoende zijn en waarvan bewoners de draagkracht niet hebben om deze te verbeteren. Opvallend is dat waar de zwakke wijken in Nederland meestal bestaan uit sociale huurwoningen, het in Parkstad vaak de particuliere woningvoorraad betreft. Deze woningen zijn vaak kwalitatief slechter dan de sociale huurwoningen. Kwalitatief verbeteren van buurten met herstructurering De gemeenten zetten zich, in nauwe samenwerking met woningcorporaties en gesteund door het Rijk, in om ook deze woningen juist in deze wijken en dorpen te verbeteren. Bijvoorbeeld door ‘inponden’ (aankopen) van particuliere woningen door woningcorporaties. Datzelfde geldt voor de gezamenlijke renovatie- en verduurzamingsaanpak waarbij particuliere eigenaren meegaan of kunnen meeliften in de aanpak van woningcorporaties.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=5c72b0c7-11c0-4e9b-87ce-d66dc5442aa8