Agendabundel
Tekst van het document
COS/U202000957 Lbr. 20/084 Telefoon
070 3738393 Bijlage(n)
Onderwerp
Actuele ontwikkelingen coronacrisis
Samenvatting In deze ledenbrief informeren wij u over de volgende actuele ontwikkelingen rond de coronacrisis: het overzicht van coronacompensatie per gemeente, de problematiek bij combinatie NOW en huurkortingen, heroriëntatie van ondernemers binnen de Tozo-regeling, venstertijden voor bevoorrading supermarkten en openstelling zelfbedieningsgroothandels en lancering van de webpagina met informatie over de Tijdelijke wet maatregelen COVID-19.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
(vng)
alleen samen) krijgen we corona ondercontrole VNG ledennieuwsbrief Coronacrisis
Aan de leden
Datum
24 november 2020 Kenmerk
COS/U202000957 Lbr. 20/084 Telefoonnummer
070 3738393 Bijlage(n)
Onderwerp
Actuele ontwikkelingen coronacrisis
Geacht college en gemeenteraad, In deze ledenbrief informeren wij u over de volgende actuele ontwikkelingen rond de coronacrisis: het overzicht van coronacompensatie per gemeente, de problematiek bij combinatie NOW en huurkortingen, heroriëntatie van ondernemers binnen de Tozo-regeling, venstertijden voor bevoorrading supermarkten en openstelling zelfbedieningsgroothandels en lancering van de webpagina met informatie over de Tijdelijke wet maatregelen COVID-19. Overzicht coronacompensatie per gemeente beschikbaar Op verzoek van de VNG heeft het ministerie van BZK een overzicht samengesteld van de compensatie die gemeenten ontvangen voor het eerste en het tweede pakket coronacompensatie. Het overzicht geeft niet alleen aan hoeveel de compensatie bedraagt per individuele gemeente, maar ook de onderwerpen waarvoor de compensatie is bedoeld. Kijk hier voor het overzicht: https://vng.nl/nieuws/overzicht-coronacompensatie-per-gemeente-beschikbaar Afspraken over compensatie meerkosten Jeugd en Wmo verlengd De afspraken tussen het Rijk en de VNG over de meerkosten van zorginstellingen door coronamaatregelen, zijn verlengd tot 1 januari 2022. Ook voor deze verlengde periode geldt de oproep aan gemeenten om zorginstellingen passend te compenseren. Het Rijk vergoedt deze meerkosten vervolgens aan gemeenten.
Naast compensatie voor meerkosten is gemeenten eerder verzocht om de omzet onverminderd (10007o) door te betalen aan zorginstellingen, ook als er sprake was van vraaguitval. De generieke bestuurlijke afspraak over deze continuïteit van financiering gold tot 1 juli 2020. Sindsdien geldt de oproep om maatwerk te bieden als zorginstellingen in de knel dreigen te komen.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
Meer informatie: https://vnq.nl/artikelen/continuiteit-financierinq-meerkosten-en-compensatiesociaal-domein. Problematiek bij combinatie NOW en huurkortinqen De VNG en culturele instellingen hebben bij de ministers van SZW en OCW aangekaart dat bij de vaststellinq van de NOW1 een probleem ontstaat omdat subsidies en huurkortinqen die door overheden zijn verleend, tot de omzet moeten worden qerekend. Inmiddels heeft de minister van OCW de Tweede Kamer in haar brief aan de Kamer van 16 november jl. aanqeqeven dat ontvanqen huurkortinqen of huurkwijtscheldinqen niet tot het omzetbeqrip qerekend worden in het kader van de NOW-reqelinq. Wij hebben er bij het ministerie van SZW op aanqedronqen dat deze verduidelijkinq er ook komt voor sportinstellinqen. Extra middelen qemeenten voor heroriëntatie ondernemers binnen Tozo-reqelinq Per 1 januari 2021 kunnen qemeenten, als onderdeel van de Tozo-reqelinq, zelfstandiq ondernemers ondersteunen bij heroriëntatie op de arbeidsmarkt. Gemeenten krijqen extra middelen waarmee ze samen met de zelfstandiq ondernemers inventariseren of en welke ondersteuninq nodiq is. De Participatiewet biedt qemeenten de moqelijkheden om dit maatwerk te bieden.
Gemeenten hebben de nodiqe beleidsvrijheid bij de wijze waarop de heroriëntatie wordt inqevuld en kunnen dit onder andere ook in samenhanq met de reqionale crisisdienstdienstverleninq van werk naar werk oppakken. Deze crisisdienstverleninq wordt de komende maanden in alle arbeidsmarktregio’s opgestart. Om qemeenten te ondersteunen bij de voorbereidinq op deze taak zijn de inhoudelijke en financiële kaders en informatie over wat qemeenten kunnen doen ter voorbereidinq op een rij qezet. Medio december wordt er per arbeidsmarktreqio een overzicht aanqeboden met (potentieel) in te zetten reqionale en landelijke instrumenten voor heroriëntatie. Overzicht van middelen die kunnen worden ingezet voor heroriëntatie, in miljoen euro's: 2020
Extra budget voor gemeenten (in mln) Intensivering re-integratiebudget gemeenten
2021
40
90
Impuls voor de nieuwe instroom in de bijstand
50
Aanvullend maatwerk voor zelfstandigen
6,5
Extra budget voor arbeidsmarktregio's (in mln) Versterken samenwerking amr/zelfstandigenloketten Regionale mobiliteitsteams en extra crisisdienstverlening in de arbeidsmarktregio's (gezamenlijk budget voor alle samenwerkende partijen in amr) Praktijkleren
2020
2021
2022
109
75
1
11
63
Meer informatie: https://vnq.nl/nieuws/herorientatie-ondernemers-als-onderdeel-van-tozo-reqelinq
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/5
Venstertijden bevoorrading supermarkten en openstelling zelfbedieningsgroothandels Om de drukte door de inkoop van levensmiddelen in december te reguleren hebben gemeenten diverse mogelijkheden. Het is aan de gemeente om te bepalen of het al dan niet noodzakelijk is. In de huidige uitzonderlijke situatie kunnen gemeenten overwegen om: venstertijden voor supermarkten te verruimen om zo de levering van voldoende voedsel mogelijk te maken de openstelling van zelfbedieningsgroothandels met vers voedsel voor consumenten mogelijk te maken. Om dit formeel mogelijk te maken heeft de VNG twee model-gedoogbeslissingen geactualiseerd die gemeenten kunnen gebruiken om dit te regelen. Meer informatie: vindt u op onze website: https://vng.nl/artikelen/vragen-en-antwoorden-corona-inwoners-enondernemers#Ondernemers en/ of https://vng.nl/artikelen/vragen-en-antwoorden-coronagemeenteliike-organisatie#Besluitvorming07o20en07o20bevoegdheden Juridische vraagbaak Tijdelijke wet maatregelen COVID-19 Op 1 december a.s. treedt de Tijdelijke wet maatregelen COVID-19 (Twm) in werking. De huidige noodverordeningen worden dan vervangen door deze tijdelijke wet met een daaraan gekoppelde ministeriële regeling. In samenspraak met BZK heeft de VNG een webpagina geopend waar u de volgende informatie vindt over de betekenis en implementatie van de tijdelijke wet: ^
Juridische helpdesk
^
Handreiking
•
Voorbeeld-beleidskaders
•
Vragen en antwoorden
•
VNG Dialoog in coronatijd
Deze pagina wordt regelmatig geactualiseerd en aangevuld. Voor vragen over de wet kunt u terecht bij de Juridische vraagbaak: JURIDISCHE VRAGEN OVER DE UITVOERING VAN DE TIJDELIJKE WET MAATREGELEN COVID-19
GEMEENTE MET EEN VRAAG
RAADPLEEG HELPDESK
ANTWOORD
BZK
VWS
J&V
(vnģ) covidl9@vng.nl
Jsm gemeentelijke specialisten. ^ NCB en andere y n. organisaties Jŗ'
HELPDESK
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
4/5
Wij wensen u veel succes bij de aanpak van de problemen waarvoor de coronacrisis ons stelt en zullen u in de komende periode op de hoogte houden van actuele ontwikkelingen. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
5/5
8.4 Informatiebrief d.d. 30 november 2020 van burgemeester Dassen-Housen (20u0038884) inzake Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 en verantwoording GRIP 4. 1 20u0038884.pdf
Bestuursdienst Bezoekadres:
leden van de Raad, leden van de commissie AZM en het College van Burgemeester & Wethouders Markt 1 6461 EB KERKRADE
Markt 33, 6461 EC Kerkrade Ambtenaar
M.A.G. Andriolo Telefoonnummer
14 045 Telefax
045-5676395 Zaaknummer
Uw brief van
Uw kenmerk
Ons kenmerk
Datum
-
-
20u0038884 *20u0038884*
30 november 2020
Onderwerp
informatie Tijdelijke wet maatregelen COVID-19 en verantwoording GRIP 4 Bijlage(n) 1
Geachte leden van de Gemeenteraad , leden van de commissie AZM en leden van het College van Burgemeester en Wethouders, Morgen zal de Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 (Twm) in werking treden. Hierover heb ik u reeds op 16 november 2020 schriftelijk geïnformeerd. De Covid19-crisis duurt voort, ook bij de introductie van de Twm. Daarmee is de crisis waarin we verkeren niet veranderd, er treedt alleen een verschuiving in de bevoegdheden van de burgemeesters op. De urgentie om de crisis regionaal te bestrijden met het landelijke pakket maatregelen blijft in ZuidLimburg echter uitdrukkelijk aanwezig: het aantal besmettingen en ziekenhuisopnames, de grensligging, de hoge bevolkingsdichtheid en de sociale verwevenheid over gemeentegrenzen heen laten deze urgentie ook voelen. Het uitgangspunt van de Twm is dat maatregelen ter bestrijding van de epidemie voortaan centraal bij ministeriële regeling, worden vastgesteld. De burgemeesters krijgen vrijwel alle bevoegdheden terug, die voorheen bij de voorzitter van de Veiligheidsregio waren komen te liggen. Samenwerking Veiligheidsregio Zuid-Limburg onder Twm De 16 gezamenlijke burgemeesters van de veiligheidsregio Zuid-Limburg hebben uitgesproken om toepassing van de Twm zoveel mogelijk met elkaar af te stemmen en uniformiteit voor de regio na te streven.
De praktische uitwerking van deze aanpak onder de Twm vindt u terug in bijgevoegde notitie ‘Samenwerking binnen VRZL onder Twm’. De notitie gaat in op de aangepaste overleg- en ondersteuningsstructuur in Zuid- Limburg en is op 27 november 2020 besproken in het Regionale Beleidsteam (RBT) en het burgemeestersoverleg heeft ermee ingestemd. Om de Zuid-Limburgse aanpak verder toe lichten wordt in januari 2021 een informatief en interactief webinar voor u georganiseerd. Voor meer inzicht in de werking van de Twm kunt u ook nu nog de VNGwebinar terugkijken via: https://vng.nl/artikelen/tijdelijke-wet-maatregelen-covid-19.
Postbus 600 6460 AP Kerkrade Telefoon 045 – 567 67 67 Telefax 045 – 567 63 95
E-mail gemeentehuis@kerkrade.nl IBAN NL49 BNGH 0285 0044 84 BIC BNGHNL2G 1
Verantwoording voorzitter De voorzitter van Veiligheidsregio Zuid-Limburg dient verantwoording af te leggen aan de gemeenteraden over de gemaakte keuzes in de GRIP 4 situatie, die vandaag eindigt. Op korte termijn kunt u deze verantwoording door de voorzitter Veiligheidsregio Zuid-Limburg verwachten. In januari 2021 zal ook hierover een webinar voor u worden georganiseerd. Conform afspraak zal ik op een nog nader te bepalen moment gedurende het eerste kwartaal van 2021 het thema Twm bij de commissie AZM agenderen om te spreken over de eerste ervaringen rond de Twm, de manier waarop ik omga met de gewijzigde bevoegdheden op grond van de Twm en de wijze waarop ik het College en de Raad aangehaakt zal houden.
Ik vertrouw erop u hiermee voor dit moment afdoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet,
De burgemeester van Kerkrade,
Dr. T.P. Dassen-Housen
Postbus 600 6460 AP Kerkrade Telefoon 045 – 567 67 67 Telefax 045 – 567 63 95
E-mail gemeentehuis@kerkrade.nl IBAN NL49 BNGH 0285 0044 84 BIC BNGHNL2G 2
1 Samenwerking binnen VRZL onder Twm.pdf
Samenwerking binnen Veiligheidsregio Zuid-Limburg onder de Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 (Twm)
Samenwerking binnen VRZL onder Twm
Intro De Covid19-crisis duurt voort, ook bij de introductie van de Twm ten faveure van de noodverordeningen. Daarmee is de crisis waarin we verkeren niet veranderd, er treedt alleen een verschuiving in de bevoegdheden op. De urgentie om de crisis regionaal te bestrijden met het landelijke pakket maatregelen blijft in Zuid-Limburg uitdrukkelijk aanwezig: de grensligging, de hoge bevolkingsdichtheid en de sociale verwevenheid over gemeentegrenzen heen laten deze urgentie voelen. Afwijkende maatregelen in een individuele gemeente hebben al snel een gemeentegrens overschrijdend effect. Sinds maart 2020 zitten we in een crisis die wereldwijd grote impact heeft op de hele samenleving. Om die reden is in maart van dit jaar opgeschaald naar GRIP 4 en is artikel 39 Wvr in werking gesteld. Vervolgens is binnen korte tijd een passende ondersteuningsstructuur gebouwd voor de crisisorganisatie van VRZL (zie tussentijds verslag Voorzitter VRZL). In deze notitie wordt samenwerking onder de Twm geduid binnen het gebied van VRZL. Achtereenvolgens wordt ingegaan op de veranderende bevoegdheden, de nieuwe samenwerkingsstructuur en de operationalisering van beide voorgaande items.
Twm De Twm is opgehangen aan infectieziektebestrijding binnen de Wet publieke gezondheid (Wpg). Hiermee wordt verdergaand de wettelijke basis van de virusbestrijding van deze Aziekte bewerkstelligd. Dat betekent dat de minister van VWS zorg draagt voor de bestrijding van de infectieziekte (Wpg art.7) en de voorzitter Veiligheidsregio verantwoordelijk is voor de regionale bestrijding van een epidemie van een infectieziekte behorend tot groep A (art. 6, vierde lid Wpg). COVID-19 is aangewezen als infectieziekte A. De tot nu gebruikte noodverordeningen die de voorzitter Veiligheidsregio vaststelde op basis van aanwijzingen van de minister van VWS worden vervangen door ministeriële regelingen gebaseerd op artikel 58c van de Wpg. In de Nota van Wijzingen op de Twm is opgenomen dat artikel 39 Wvr van kracht blijft, daarmee blijft het RBT in stand. De minister blijft verantwoordelijk en bevoegd tot het vaststellen van maatregelen, maar de lokale burgemeester wordt bevoegd en verantwoordelijk voor het verlenen van ontheffingen van de landelijke regels en het geven van aanwijzingen en bevelen en handhaving inzake de bestrijding van het coronavirus. In de praktijk zal naar verwachting de lokale ruimte beperkt blijven, zeker zo lang een regio zich in een hoog risiconiveau bevindt. Zo kan er geen ontheffing verleend worden voor het niet in acht nemen van de afstandsnorm van 1,5 m.
Veranderende bevoegdheden Met de inwerkingtreding van de Twm verandert de rol van zowel de voorzitter VR als de burgemeester. Een schematisch overzicht van de veranderende bevoegdheden na de inwerkingtreding van de Twm is weergegeven in Bijlage bevoegdheden onder Twm. Een deel van de bevoegdheden van de voorzitter VR gaan naar de burgemeester. Desondanks blijft de voorzitter VR leidend: • Bij de bestrijding van de infectieziekte;
2
Samenwerking binnen VRZL onder Twm •
In de coördinerende rol bij regionale crisisbeheersing. Hierin zijn inbegrepen de regionale afstemming in de prioritering van handhaving, kaderstelling, uniformiteit, en inzet capaciteit. • Informatievoorziening voor het deel publieksbereik ten aanzien van de maatregelen en publieksgedrag. • Crisiscommunicatie voor het deel van de infectieziektebestrijding. Bij bovenlokale effecten van eventuele (te verlenen) ontheffingen heeft de voorzitter VR alsnog een bevoegdheid op basis van de Twm.
Ontheffingen Met de Twm komen burgemeesters meer in positie en verschuift de focus van regionaal naar intergemeentelijk. Burgemeesters kunnen ontheffingen van beheersmaatregelen verlenen. Deze ontheffingen zijn gebonden aan criteria: 1. Er moet sprake zijn van een bijzondere omstandigheid; 2. Er is een zwaarwegend (positief) advies van de GGD vereist; 3. Het belang van de ontheffing mag niet strijdig zijn met het belang van de bestrijding van het virus; In de praktijk zal (naar verwachting) de lokale ruimte beperkt blijven, zeker zo lang een regio zich in een hoog risiconiveau bevindt. Aangetekend wordt daarbij dat lokale ontheffingen kunnen leiden tot een ongewenst (intergemeentelijk) waterbedeffect en toenemende maatschappelijke en bestuurlijke druk om ontheffingen te verlenen: dit is niet wenselijk in het kader van de infectieziektebestrijding.
Nieuwe Samenwerkingsstructuur Gelet op landelijke berichtgeving (het verlenen van ontheffingen dient zeer terughoudend te worden toegepast) en gezien de schaal van Zuid-Limburg is de verwachting dat ontheffingen zeer beperkt aan de orde zullen zijn. Ontheffingen dienen lokaal, in gemeenten, te worden opgesteld en zijn onderworpen aan een adviesplicht van de GGD. Burgemeesters hebben uitgesproken dat uniformiteit op Zuid-Limburgse schaal zeer wenselijk is om (bestuurlijk en maatschappelijk) draagvlak te borgen. Qua structuur onder de Twm wordt gekoerst op het behoud van de goede elementen uit de eerste 8 maanden Covid19-bestrijding in Zuid-Limburg. Daarnaast wordt ingezet op een effectieve en efficiënte ondersteuning voor de bestuurders in charge, waarbij wordt voorkomen dat de lokale gemeentelijke en regionale apparaten overvraagd worden. Het RBT blijft in stand voor de infectieziektebestrijding en als adviserend orgaan voor het lokale bevoegde gezag en het burgemeestersoverleg betreffende kaderstelling, communicatie en informatievoorziening. Het burgemeestersoverleg komt 2-wekelijks bij elkaar voor afstemmingsvraagstukken en wordt wekelijks geïnformeerd over gegeven adviezen vanuit het RBT aan lokale burgemeesters. De ambtelijke adviesgroep gaat een andere rol innemen, die ziet op intergemeentelijke regievoering.
Daarmee wordt de AA toeleverend naar het RBT en het burgemeestersoverleg. Specifiek gaat het dan om afstemming van maatregelen (o.a. interpretatie Ministeriële 3
Samenwerking binnen VRZL onder Twm Regelingen), om monitoring processen (o.a. ontheffingen en handhaving) en om voorbereiding (gemeentelijke) communicatie. Het ROT wordt vervangen door het OKO (operationeel kernoverleg) nu de basis voor regionale operationele doorzettingsmacht is weggevallen. Het OKO gaat zich concentreren op excesbestrijding en informatiemanagement primair gericht op infectiebestrijding. Aanvullend daarop is de interactie van het OKO naar euregionale, interregionale en nationale gremia (bijvoorbeeld VRLN, EMRIC en LOT-C).
4
Samenwerking binnen VRZL onder Twm Schematisch ziet dit als volgt uit: AA
Gemeenten/Bgm’s
RBT TwmZL GGD
OKO
Een overzicht van rol- en taakinvulling is weergegeven in Bijlage operationalisering taken en rollen. Daarnaast gelden de volgende praktische afspraken: 1. Communicatie en verantwoording a. Publiekscommunicatie met als doel (regionale) gedrag(-sverandering) vindt plaats door RBT. b. Communicatie richting gemeenteraden wordt voorbereid door de AA met input van OKO en RBT. Feitelijke communicatie via de burgemeesterslijn na sondering in Burgemeesters-overleg ZL. c. Verantwoording richting gemeenteraden wordt voorbereid door de AA met input van OKO en RBT. Feitelijke verantwoording via de burgemeesterslijn na sondering in Burgemeesters-overleg ZL. 2. Informatievoorziening RBT a. RBT ontvangt informatie vanuit OKO en AA. 3. Ontheffen/aanwijzen van plaatsen a. Specifieke omstandigheden (lokaal/regionaal/landelijk) worden regionaal vertaald en afgestemd. 4. Handhaving a. Met alle mogelijkheden en beperkingen van handhavingsmiddelen is de koers dat de Twm en de bijbehorende AMvB’s lokaal gehandhaafd worden op basis van een regionaal handhavingskader. 5. Evenementen a. Advisering zoveel mogelijk laten aansluiten bij reguliere structuur LMAE/ RMAE-Covid19/LEO in het licht van de crisis en de Twm. (Aandachtspunt is de beschikbaarheid van hulpdiensten). 6. Openbare manifestaties a.
Openbare manifestaties worden gemonitord door AA en OKO; vanuit dat perspectief dienen deze gemeld te worden door de lokale bestuursorganen. Monitoring is relevant in verband met eventuele verdeling van schaarste van openbare orde-inzet en uniformiteit te borgen. 7. Bezwaar en beroep
5
Samenwerking binnen VRZL onder Twm a. Eventuele bezwaren tegen burgemeestersbesluiten dienen lokaal te worden afgehandeld. Binnen de AA wordt hiervoor (externe) expertise opgebouwd om inhoudelijk te ondersteunen bij dergelijke procedures.
6
Samenwerking binnen VRZL onder Twm
Bijlage bevoegdheden onder Twm Voor invoering Twm
Na invoering Twm
Bevoegdheid
Voorzitter VR
Burgemeester
Voorzitter VR
Verlenen ontheffingen van landelijke regels
Noodverordening
Verlenen van ontheffingen van algemene maatregelen (art. 58e), verbod tot groepsvorming in een aangewezen plaats, openstellen van een publieke plaats (art.58h), houden van een evenement (art. 58i)
Niet bevoegd, tenzij voorzittersbevoegdheid (art. 58d: dreigende gevolgen van meer dan plaatselijke betekenis)
(algemeen: art. 3.1) (apart studenten: art. 2.14)
Vooraf is davies van de GGD verplicht. Geven van aanwijzingen en bevelen
Noodverordening
Handhaving
Art. 39 Wvr: bestuurlijk bevel, sluiting, LOD
Bevoegdheden bestrijding infectieziekten
Maatregelen gebouwen en personen treffen (artt 34 lid 4, 47, 51, 54, 55, 56 Wpg)
Bevoegdheden Vz. op grond van art. 6, lid 4 Wpg
Regionale coördinatie
Via RBT, coördinerende voorzittersrol bij afstemming over lokale besluiten en bestuurlijke handhaving
RBT blijft in stand. Dit leidt tot het behouden van de coördinerende rol van de voorzitter bij afstemming over lokale besluiten en bestuurlijke handhaving daarvan. (MvT Twm)
Informatievoorziening
De vz is verantwoordelijk voor informatievoorziening over de oorsprong, de
De vz blijft verantwoordelijk voor informatievoorziening over de oorsprong, de omvang
(art.2.5)
Bij uitvoering toezicht zoals is bepaald in de Gemeentewet. (artt. 58k, 58l, 58m, 58n)
Niet bevoegd, tenzij voorzittersbevoegdheid (art. 58d: dreigende gevolgen van meer dan plaatselijke betekenis)
Verantwoordelijk voor bestuurlijk handhaving (art 58u, artt. 125, 176 Gemwet)
Niet bevoegd, tenzij voorzittersbevoegdheid (art. 58d: dreigende gevolgen van meer dan plaatselijke betekenis)
Maatregelen gebouwen en personen treffen (artt 34, lid 4, 47, 51, 54, 55, 56 Wpg)
7
Samenwerking binnen VRZL onder Twm
Bevoegdheid
Voor invoering Twm
Na invoering Twm
Voorzitter VR
Burgemeester
omvang en de gevolgen van de epidemie (art.7 Wvr) Afleggen Verantwoording
De vz legt verantwoording aan de betreffende gemeenteraden af na beëindiging crisis ramp (art 40 Wvr)
Voorzitter VR en de gevolgen van de epidemie (art. 59s, volgt uit art. 7 Wvr)
Bgm legt verantwoording af over zijn aandeel in de bestrijding covidvirus aan de gemeenteraad. Wijze van verantwoording kan door gemeente en burgemeester in samenspraak worden bepaald.
De vz VR legt verantwoording af aan de gemeenteraden niet alleen ná de crisis, maar ook tijdens deze crisis. De vz’s leggen verantwoording af binnen een maand na inwerkingtreding van de Twm.
8
Samenwerking binnen VRZL onder Twm
Bijlage operationalisering taken en rollen taak
bemensing
verandering
Gem/Bgm
• • •
Lokaal bepalen
Van lokaal uitvoerend naar lokaal bepalend en uitvoerend1
GGD
•
Burgemeestersoverleg ZL
•
• • • •
Van signalerend naar adviserend Van signalerend naar sonderend en afstemmend
RBT
•
AC-GZ Procesleider IZB 16 bgm’s Vertegenwoordiging AA • Vertegenwoordiging OKO Standaard
• • • •
2 sec’s 3 OOV’ers 2 juristen Regisseur gemeenten VRZL Regisseur communicatie VRZL Achtervang organiseren
Van interpretatie (reactief) noodverordening naar regievoering (pro-actief)
OL, IM, HCC Uitgebreid met AC-GZ, AC-P, AC-BZ, EMRIC Optioneel AC-B, KMAR, Defensie en
Van regievoerend naar monitoring en exces/incidentbeheersing
• •
•
AA
• •
•
•
OKO (operationeel kernoverleg)
• •
• • •
•
Verlenen ontheffingen Bestuurlijke handhaving Verantwoording uitvoering Twm Advisering t.b.v. ontheffingen Afstemmend op strategie en praktijk
Coördinerend en regionaal afstemmend op geheel Crisiscommunicatie Verantwoording over GRIP4 -periode (door de voorzitter) Verantwoording over Twm Intergemeentelijke regievoering Afstemming maatregelen (o.a. interpretatie Ministeriële Regelingen) Monitoring processen (o.a. ontheffingen en handhaving) Voorbereiding (gemeentelijke) communicatie Aanpak van excessen (obv WPG) Informatiemanagement (regionale in interregionale impact) Ontwikkelen scenario’s Landelijke afstemming Ondersteuning proces ontheffingen en evenementen / voorportaal voor GGD monitoring/analyse ontheffingen en handhaving
• •
• •
•
Van regievoerend en bepalend naar coördinerend en regionaal afstemmend
1
De rol van de burgemeester verandert feitelijk niet buiten het feit dat een lichte (lokale) ontheffingsbevoegdheid wordt toegevoegd op basis van de Twm.
9
8.5 Schrijven d.d. 30 november 2020 van de provincie Limburg (20i0028480) met oproep inzet voor cultuur van de ontvangen Rijksmiddelen voor cultuur. 1 20i0028480 schrijven provincie Limburg met oproep inzet voor cultuur van de ontvangen Rijksmiddelen voor cultuur.pdf
provincie limburq
meente meerite Kerkrats Kerkrat ÎNGEKOMEN INGEKOMEN
G.P.J, Koopmans Lid Gedeputeerde Staten
^
0 î DEC. 2020 No.; Gemeenteraden Limburgse gemeenten Gescand nummer: 20İ0028480
Cluster
Cultuur
Behandeld
K.L. Reynţjens
Ons kenmerk
DOC-00112158
Telefoon
+31 6 15 46 26 52
Maastricht
30 november 2020
2
Verzonden
30 november 2020
Uw kenmerk Bijlage(n)
Onderwerp Oproep inzet voor cultuur van de ontvangen Rijksmiddelen voor cultuur
Geachte leden van de Gemeenteraad, Dankzij diverse maatregelen van het Rijk in relatie tot Corona ontvangt uw Gemeente via het gemeentefonds middelen ter ondersteuning van de culturele infrastructuur. De Limburgse gemeenten ontvangen hierdoor samen in totaal G 17,06 mln. voor cultuur voor de periode 2020-2021. Een overzicht per gemeente is terug te vinden in bijlage 1. Minister van Engelshoven spreekt in de Kamerbrief 'Uitwerking maatregelen tweede specifieke pakket voor de culturele en creatieve sector’ van 16 november 2020 haar vertrouwen uit dat de gemeenten deze extra middelen daadwerkelijk zullen inzetten ter ondersteuning van culturele instellingen en zo de culturele infrastructuur in stand houden. Voor 2020 ontvangen de Limburgse gemeenten middelen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) voor de borging van de lokale en regionale culturele infrastructuur. Deze organisaties missen onder andere inkomsten uit kaartverkoop en horeca, terwijl de vaste lasten zoals huisvesting en beveiliging doorlopen. Deze compensatie wordt via het Gemeentefonds uitgekeerd aan de gemeenten en is niet geoormerkt. Provinciale Staten heeft in de vergadering van 13 november 2020 haar zorg uitgesproken over de inzet van deze middelen op basis van signalen dat Limburgse gemeenten de besteding van deze middelen ten behoeve van de culture sector onvoldoende oppakken.
Zoals ook in de mededeling van Gedeputeerde Koopmans aan Provinciale Staten inzake ‘Inzet vanwege Corona van maatregelen en middelen voor cultuur en erfgoed in Limburg’ van 13 oktober 2020 (bijlage 2) aangegeven en in navolging van Minister van Engelshoven roept de Provincie Limburg dan ook de Limburgse gemeenten op om deze middelen niet op “de grote hoop” te plaatsen alsook niet in het “grote gat” te laten verdwijnen, maar om deze middelen daadwerkelijk in te zetten ten behoeve van de lokale en regionale culturele infrastructuur.
V Bezoekadres: Limburglaan 10 NL-6229 GA Maastricht
Postbus 5700 NL-6202 MA Maastricht postbus@prvlimburg.nl
Tel 4- 31 43 389 99 99 Fax + 31 43 361 80 99 vnvw.limburg.nl
IBAN -nummer: NL08RABO0132575728 BIC-code: RABONL2U
provincie iimburg Zelf heeft de Provincie Limburg via de compensatiepakketten van BZK voor de periode van medio maart tot en met 1 juni 2020 een compensatie van ongeveerd 1,1 mln. ontvangen. In bijgevoegde mededeling Gedeputeerde Koopmans aan Provinciale Staten wordt de inzet van deze middelen toegelicht. Additioneel investeert de Provincie Limburg vanwege Corona onder de noemer “Investeren in overleven” in totaal C 1,67 mln. eigen middelen in de Limburgse culturele en creatieve sector. Voor 2021 ontvangen de Limburgse gemeenten middelen via het tweede specifieke pakket voor de culturele en creatieve sector van OCW om lokale en culturele instellingen en voorzieningen te ondersteunen. De verdeling van deze middelen wordt toegelicht in de Kamerbrief ‘Uitwerking maatregelen tweede specifieke pakket voor de culturele en creatieve sector’ van 16 november 2020. Tot slot, sinds medio maart 2020 maakt de Provincie Limburg zich samen met het Rijk en de Gemeenten sterk om de Limburgse culturele en creatieve sector en de erfgoedsector te helpen bij het overleven van de Coronacrisis en om de gevolgen daarvan zo draaglijk mogelijk te maken. Net als Minister van Engelshoven doet in haar brief van 16 november 2020, vragen wij u nadrukkelijk om de extra middelen van het Rijk ter ondersteuning van de culturele infrastructuur daadwerkelijk voor dit doel in te zetten.
Alleen zo kunnen wij er samen voor zorgen dat de culturele en creatieve sector in uw gemeente en in Limburg in staat wordt gesteld om het hoofd te bieden aan de crisis en de veerkracht kan ontwikkelen om de culturele infrastructuur en het cultureel ecosysteem in Limburg wendbaar en weerbaar te maken voor de toekomst.
G.P.J. Koopmans
2
provincie limburg Provinciale Staten van Limburg
Cluster
CULT
Ons kenmerk Uw kenmerk Bijlage(n)
2020/41383 1
Behandeld Telefoon Maastricht Verzonden
L.G.D.C. Meijer +31 6 52 72 31 98 13 oktober 2020 13 oktober 2020
Onderwerp Mededeling portefeuillehouder inzake Inzet vanwege Corona van maatregelen en middelen voor cultuur en erfgoed in Limburg
Geachte Staten, Sinds medio maart 2020 maken wij ons sterk om de Limburgse culturele en creatieve sector en de erfgoedsector te helpen bij het overleven van de Coronacrisis en om de gevolgen daarvan zo draaglijk mogelijk te maken. Door middel van de voortgangsberichten inzake ‘Provinciale maatregelen tegen de gevolgen van het Coronavirus’ en hun bijlagen bent u regelmatig geïnformeerd over onze aanpak en de stand van zaken. In deze mededeling zetten wij de tot nu toe genomen maatregelen voor u op een rij en informeren wij u over de concrete inzet voor de Limburgse cultuur- en erfgoedinstellingen van de door het Rijk en door ons vanwege de Coronacrisis beschikbaar gestelde middelen. De mededeling heeft de volgende indeling: 1. Rijksmaatregelen en -middelen 1.1 Eerste specifieke steunpakket van OCW 1.2 Tweede specifieke steunpakket van OCW 1.3 Compensatiepakketten van BZK 2. Provinciale maatregelen en middelen 2.1 Provinciale maatregelen 2.2 Provinciale middelen vanwege Corona: “Investeren in overleven” 3. Besluitvorming landelijke culturele Basisinfrastructuur
Bezoekadres:
Limburglaan 10 NL-6229 GA Maastricht
Postbus 5700 NL-6202 MA Maastricht postbus@prvlimburg.nl
Te! t 31 43 389 99 99 Fax + 31 43 361 80 99 www.limburg.ni
IBAN -nummer: NL08RABO0132575728 BIC-code: RABONL2U
provincie limburg 1.
Riiksmaatreoelen en -middelen
Zoals u bekend heeft het Rijk de afgelopen maanden een aantal algemene en specifieke steunpakketten opengesteld, waarop (ook) de culturele en creatieve sector en erfgoedsector een beroep hebben kunnen doen of nog kunnen doen om de gevolgen van de Coronacrisis op te vangen en te verlichten. Naast de generieke maatregelen van het Kabinet en de algemene coulancemaatregelen ten aanzien van door het Rijk gefinancierde culturele instellingen heeft het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) in april en augustus twee specifieke steunpakketten ter ondersteuning van de culturele en creatieve sector aangekondigd. Waar dat kon, hebben wij in het traject van opstelling en concrete uitwerking daarvan, zowel bij het Ministerie van OCW als bij de Rijkscultuurfondsen, ervoor gepleit en erop geacteerd dat zo veel mogelijk middelen hiervan worden ingezet ter ondersteuning van de Limburgse culturele en creatieve sector en erfgoedsector. Wij zetten steeds in op het maximaal benutten van de Rijksregelingen. Daar waar medefinanciering door het Rijk als een voorwaarde is gesteld, hebben wij te kennen gegeven daartoe financieel bij te dragen. Ook gemeenten zijn daartoe door ons gestimuleerd. Wij hebben de Minister van OCW onze brief d.d.
13 mei 2020 “Investeren in overleven, inzet Provincie Limburg voor de vitale regionale infrastructuur” (kenmerk 2020/19761) gestuurd en regelmatig bestuurlijk overleg gevoerd in het kader van de Cultuurregio’s en het Interprovinciaal Overleg (IPO). Hiernaast heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) als compensatie lagere overheden voor de gevolgen van de Coronacrisis op het gebied van cultuur dit jaar C 120 mln. gereserveerd voor gemeenten en een eerste schijf van C 8 mln. voor de provincies. In dat kader hebben wij binnen het Bestuurlijk Overleg Financiële verhoudingen (BOFv) een claim ingediend. Om die claim te kunnen opstellen, was het nodig om de gevolgen van de Coronacrisis bij de Limburgse cultuur- en erfgoedinstellingen in beeld te krijgen. Wij hebben daartoe gegevens opgehaald bij 27 instellingen in relatie tot het provinciaal Cultuurplan en de Subinfrastructuur (die niet door het Rijk of de Rijkscultuurfondsen gesubsidieerd worden), bij de 3 provinciale musea, bij 6 organisaties op het gebied van erfgoed en bij 8 regionale theaters. Pop in Limburg heeft ons op verzoek van en in samenwerking met de Limburgse poppodia een inzicht gegeven van de financiële impact van de Coronacrisis op de Limburgse poppodia.
Wij hebben steeds intensieve samenwerking met de belangrijkste 8 partnergemeenten voor de regionale culturele infrastructuur: Venlo, Venray, Roermond, Weert, Sittard-Geleen, Heerlen, Kerkrade en Maastricht. Hierbij is in het kader van medefinanciering steeds aandacht voor ieders primaire verantwoordelijkheden en voor een evenwichtige verdeling van vanwege Corona beschikbare overheidsgelden over de regionale culturele infrastructuur. Hierna gaan wij nader in op onze inzet van via het Rijk verkregen middelen. Daarbij hebben wij rekening gehouden met al eventuele eigen provinciale inzet voor de instelling op andere fronten, alternatieve inkomsten voor de instelling van de gemeentelijke overheid of met inmiddels door de instelling zelf georganiseerde oplossingen.
provincie limburg 1.1 Eerste specifieke steunpakket van OCW Niet voor alle onderdelen van de algemene en specifieke steunpakketten van het Rijk ten behoeve van de culturele en creatieve sector en de erfgoedsector is provinciale betrokkenheid en/of besluitvorming nodig. Waar passend hebben wij partijen gestimuleerd om zelf van deze steunpakketten gebruik te maken en steunfunctieorganisaties zoals het Huis voor de Kunsten Limburg, Pop in Limburg en het Limburg Film Office daartoe in stelling gebracht. Verder is er rechtstreekse inzet van middelen vanuit het Ministerie van OCW voor de producerende instellingen in de landelijke Basisinfrastructuur 2017-2020 en voor de instellingen en festivals die meerjarige subsidie ontvangen van de zes Rijkscultuurfondsen in de periode 2017-2020, omdat het Ministerie van OCW de primaire verantwoordelijkheid voor deze instellingen draagt. In de bijlage (blz. 3) kunt u zien welke instellingen welke bijdragen van wie ontvangen. Onderdeel van het eerste steunpakket van de Minister van OCW d.d. 15 april 2020, uitgewerkt in haar brief d.d. 27 mei 2020, vormt 6 48,5 mln. beschikbaar gesteld ter investering in de vitale regionale infrastructuur voor een beperkt aantal cruciale regionale musea, podia en filmtheaters.
Bij deze, via regelingen van de Rijkscultuurfondsen, vrijgekomen middelen, heeft de Minister van OCW als extra voorwaarde gesteld dat de gemeente of provincie medefinanciert. Op basis van diverse door de Rijkscultuurfondsen opengestelde regelingen is voor de vitale regionale infrastructuur in Limburg een Rijksbijdrage ontvangen van ruim 6 2,5 mln. (zie de bijlage; blz. 3). Wij hebben in het kader van de Compensatieregeling Coronacrisis Musea ž 100.000 bezoekers van het Mondriaanfonds in dit verband een bijdrage verleend aan Museumplein Limburg van C 346.091,00 en aan het Bonnefantenmuseum van C 358.237,00. De medefinanciering voor podia (theaters en poppodia) en filmtheaters is primair een verantwoordelijkheid van de gemeenten. Betrokken gemeenten hebben hierbij dus eenzelfde bijdrage geleverd als het Rijk. De bijdragen zijn medebepalend geweest voor onze besluitvorming inzake “Investeren in overleven", zoals in het vervolg van deze mededeling is opgenomen. 1.2 Tweede specifieke steunpakket van OCW De Minister van OCW heeft in een brief d.d. 28 augustus 2020 een tweede steunpakket aangekondigd ter ondersteuning van culturele en creatieve sector in de eerste helft van 2021. De uitwerking van dit pakket dient nog te gebeuren en de Provincie Limburg is hier zowel in IPO-verband als via de Cultuurregio’s bij betrokken. Onderdeel van dit tweede pakket is C 150 mln.
voor gemeenten ter ondersteuning van de cruciale lokale culturele infrastructuur. Dit geld komt pas in 2021 beschikbaar. 1.3 Compensatiepakketten van BZK De Minister van BZK heeft d.d. 29 mei en 31 augustus 2020 vanwege de gevolgen van de Coronacrisis op vlak van cultuur twee compensatiepakketten voor medeoverheden beschikbaar gesteld. Het gaat om C 120 mln. voor de gemeenten voor de lokale en regionale culturele infrastructuur voor de periode van 15 maart 2020 t/m 31 december 2020. In totaal komt er voor alle Limburgse gemeenten samen ongeveer C 7,5 mln. beschikbaar (zie de bijlage blz. 2; door ons berekend aan de hand van de Septembercirculaire 2020 en bijhorend rekenmodel).
3
provincie limburg Wij hebben met enkele gemeenten een gesprek gevoerd met als doel inzicht te krijgen in de Rijksmiddelen die gemeenten ontvangen ter compensatie van de gevolgen van de Coronacrisis op het gebied van cultuur, onder welke voorwaarden deze middelen worden overgemaakt aan de gemeenten en op welke wijze gemeenten deze middelen (zullen) inzetten ter ondersteuning van de cultuur- en erfgoedsector. De compensatie wordt via het Gemeentefonds uitgekeerd aan de gemeenten en is niet geoormerkt. Wij roepen de Limburgse gemeenten daarom op om deze middelen niet op “de grote hoop” te plaatsen alsook niet in het “grote gat” te laten verdwijnen, maar om deze middelen in te zetten ten behoeve van de lokale en regionale culturele infrastructuur zoals bepaald in de brief van Minister van BZK. Zoals eerder in deze mededeling genoemd is voor de provincies in dit kader C 8 mln. beschikbaar gesteld voor de periode tot 1 juni 2020. Wij verwachten daarvan ongeveer C 1,1 mln. op korte termijn via een specifieke uitkering te ontvangen, op basis van de door ons ingediende claim gebaseerd op de door de instellingen door middel van onze inventarisatie aangeleverde gegevens. Wij maken ons via het BOFv sterk om ook voor de periode van 1 juni t/m 31 december 2020 een dergelijke uitkering te krijgen, net zoals de gemeenten hebben gekregen.
Wij hebben het Rijk nadrukkelijk gevraagd om snel inzicht te geven in de bijdragen van het Rijk en de middelen spoedig en met zo beperkt mogelijke criteria door te zetten naar de provincies en gemeenten. In de bijlage (blz.1) treft u het overzicht aan van onze inzet van deze middelen. Wij hebben besloten om deze middelen in de meeste gevallen conform de ingediende claim te beschikken aan de cultuur- en erfgoedinstellingen. Bij een aantal cultuur- en erfgoedinstellingen wijken wij om redenen hier vanaf, oormerken wij middelen of verbinden wij hieraan voorwaarden. Dit betreffen: Bonnefantenmuseum Bonnefantenmuseum heeft in het kader van matching van de Compensatieregeling Coronacrisis Musea 00.000 bezoekers dus al een provinciale bijdrage ontvangen van C 358.237,00. Gelet hierop oormerken wij van de BZK-middelen die aan het Bonnefantenmuseum toegerekend kunnen worden ter hoogte van C 131.000,00, C 14.173,00 voor indexeringskosten van de provinciale matching voor 2021 van de BIS-aanvraag van het Bonnefantenmuseum, in navolging van de Minister van OCW. De resterende BZK-middelen van C 116.827,00 reserveren wij voor dit museum ten behoeve van de matching van toekomstige extra activiteiten, in lijn met de aanpak “Investeren in overleven”.
Museumplein Limburg Museumplein Limburg, heeft in het kader van matching van de Compensatieregeling Coronacrisis musea ^100.000 bezoekers dus al een provinciale bijdrage ontvangen van C 346.091,00. Gelet op de forse bezuinigingen die Museumplein Limburg desondanks heeft moeten doorvoeren en het ontbreken van reserves voor toekomstige tegenvallers, zullen wij de BZK-middelen die aan Museumplein Limburg kunnen worden toegerekend ter hoogte van C 69.674,00 voor dit museum reserveren ten behoeve van mogelijke toekomstige gevolgen van de Coronacrisis. Hiervan oormerken wij reeds C 24.000,00 als bijdrage in de eenmalige transitiekosten waarvoor Museumplein Limburg is komen te staan als gevolg van de noodzakelijke koerswijziging.
provincie limburg Monumentenwacht Limburg en Stichting Restauratie Atelier Limburg In de Mededeling portefeuillehouder d.d. 14 juli 2020 inzake ‘de impact van de Coronacrisis op aankomende besluiten op het gebied van Cultuur en Erfgoed’ (kenmerk 2020/29421)) hebben wij al aangegeven dat een deel van onze erfgoedinstellingen, met name de Monumentenwacht Limburg (MWL) en de Stichting Restauratie Atelier Limburg (SRAL), kampt met de gevolgen van de Coronacrisis, gepaard met een al eerder ervaren moeilijke financiële situatie: De MWL heeft over 2019 een financieel tekort van 6 268.493,00 geschreven, onder andere veroorzaakt door een betalingsachterstand inzake salarissen, langdurig zieke medewerkers en diverse ongedekte uitgaves. De nieuwe directeur heeft in een Meerjarenbegroting transitiekosten in kaart gebracht die voortkomen uit een vooralsnog onafwendbaar negatief resultaat ook in 2020 mede vanuit de actuele situatie én uit de maatregelen die hij in combinatie met bezuinigingen nodig acht om dit om te buigen en zelf tering naar de nering te kunnen zetten. Voor 2020 levert dit een verwacht tekort op van C 140.000,00.
Wij hebben besloten MWL in staat te stellen de bedrijfsvoering structureel te verbeteren en de transitiebegroting te ondersteunen door het tekort over 2019 ten laste te brengen van het Begrotingsresultaat 2020, en de 6 140.000,00 over 2020 ten laste te brengen van onderhavige BZKmiddelen, gegeven de actuele Coronasituatie. Ook bij de SRAL heeft de Coronacrisis het probleem versterkt. Ook hier is de opgave tering naar de nering te zetten. Uit een eerste verkenning is gebleken dat er kansrijke financiële en inhoudelijke perspectieven voortkomen uit samenwerking tussen SRAL en de Stichting Restaura, die inhoudelijk complementair is. Gelet hierop hebben wij besloten voor de nadere uitwerking van de samenwerking een incidentele projectsubsidie van C 25.000,00 te verlenen. Uit de uitwerking moeten kostenbesparingen ten opzichte van de huidige situatie, financiële levensvatbaarheid en een duurzaam perspectief op continuïteit blijken. Deze C 25.000,00 is reeds uit beleidsmiddelen toegekend. Aanvullend zullen wij ook vanuit onderhavige BZK-middelen nog C 25.000,00 toekennen aan SRAL om het actuele verlies aan inkomsten te verlichten. Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij: Conform de opgevoerde schade en daaropvolgende bestuurlijke afspraken ontvangt de Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij uit de BZK-middelen C 250.000,00. Cultuurfonds i.o.
Wij reserveren een bijdrage van C 50.000,00 voor het initiatief vanuit Cultuur in Bedrijf Limburg om te komen tot de inrichting bij het Prins Bernard Cultuurfonds van een Cultuurfonds voor makers, waarbij het idee is dat ook andere partijen zoals het bedrijfsleven, theaters en de Cultuurregio’s hieraan gaan bijdragen. Deze C 50.000,00 brengen wij voor č 35.000,00 ten laste van de BZK-middelen en voor 6 15.000,00 ten laste van “Investeren in overleven” (zie hierna). Wij stellen daarbij voor als voorwaarde dat het om makers genrebreed moet gaan: beeldende kunst, podiumkunst, creatieve industrie en urban, en dat onze bijdrage is gericht op verviervoudiging van dit bedrag door middel van een multiplier effect. De BZK-middelen gaan wij, zo nodig vooruitlopend op formele ontvangst van het Rijk, zo snel mogelijk beschikken. Wij gaan bekijken hoe wij dit kunnen doen met zo weinig mogelijk bureaucratische lastendruk in- en extern in het kader van snelle afhandeling en coulance.
provincie limburg De middelen zijn ter dekking van gemiste inkomsten, opgetreden tekorten of andere geleden schade die in relatie staat tot de Coronacrisis. De inzet van deze middelen is gekoppeld aan de primaire inzet onder de noemer “Investeren in overleven” (zie onder 2.2 van deze mededeling). Hierdoor is het dus soms mogelijk dat de omvang van deze middelen in relatie staan tot de opgevoerde schade, maar in de besteding daarmee geen relatie hebben. De financiële verwerking van onze besluitvorming loopt via de reguliere P&C cyclus. 2.
Provinciale maatregelen en middelen
2,1 Provinciale maatregelen Hierna volgt een overzicht van de maatregelen die wij hebben genomen binnen ons eigen beleid. 1.
Wij hebben inzake ons subsidiebeleid: direct coulancemaatregelen genomen. Wij gaan coulant om met de geldende regels waar het gaat om de bevoorschotting, project(duur)wijzigingen en vaststellingen. Cultuur- en erfgoedinstellingen mogen de aan hun verleende subsidies behouden als prestatieafspraken vanwege de Coronacrisis niet kunnen worden nagekomen, waarmee wij hun een belangrijke steunmaatregel bieden; de Stimuleringsregeling Bovenlokale Evenementen 2020-2023 gewijzigd vastgesteld naar aanleiding van de motie 2611 Gewijzigd Jenneskens c.s. inzake ‘Laat Limburg (be)leven ook digitaal’, zodat subsidieaanvragen ook toegekend kunnen worden als de evenementen digitaal plaatsvinden en/of als subsidieaanvragen worden ingediend door individuele makers en kleine collectieven; de Nadere subsidieregels lokale en regionale musea 2020-2021 opengesteld, waardoor, lokale en regionale musea in onze provincie de mogelijkheid hebben om met ondersteuning van de Provincie Limburg in te zetten op de toekomstbestendigheid van hun publieksactiviteiten voor bezoekers.
Onder toekomstbestendig wordt daarbij ook verstaan het weerbaar maken van de organisatie naar aanleiding van de Coronacrisis, zoals bijvoorbeeld het verbreden van gangpaden om 1,5 meter afstand tussen bezoekers te borgen, het ontwikkelen van audiotours, het ontwikkelen of het betaald gebruik van een online systeem voor ticketverkoop; de Nadere subsidieregels Participatie opengesteld, waardoor wij projecten ondersteunen die erop zijn gericht om de samenredzaamheid en/of participatie in de samenleving van een kwetsbare doelgroep te vergroten en/of de problematiek van een kwetsbare doelgroep bespreekbaar te maken, bijvoorbeeld door middel van activiteiten op het gebied van cultuur (archeologie, immaterieel erfgoed, kunsten en/of monumenten). Op basis van deze regeling kan een aanvullend subsidiebedrag van 15aZo worden verstrekt, als met het project (ook) het verminderen van negatieve sociaalmaatschappelijke gevolgen van de Coronacrisis wordt
2.
beoogd. Wij hebben om crowdfundingsacties via voordekunst.nl en cinecrowd.nl te laten slagen, onze provinciale bijdrage respectievelijk voor de periode tot 1 september 2020 en voor de periode t/m 31 december 2020 verhoogd van 30o7o naar 50oZo. Beide platforms bieden voor genoemde periodes makers en instellingen die de gevolgen van de Coronamaatregelen financieel merken ook de mogelijkheid om een actiecampagne te starten. Wij ondersteunen deze actiecampagnes eveneens. Bij een actiecampagne bieden makers en instellingen in ruil voor een donatie speciale tegenprestaties aan.
6
provincie limburg Op deze manier kan de actiecampagne ingezet worden om, ondanks de Coronamaatregelen, publiek te blijven bereiken en tijdelijk extra inkomsten te genereren. In de periode maart- september 2020 werden via voordekunst 13 crowdfunding- en 2 actiecampagnes gestart. Hieraan werd tot dusver C 177.166,00 gedoneerd, waarvan wij C 69.862,00 hebben bijgedragen. In de periode maart-september 2020 werden via Cinecrowd 6 crowdfundingcampagnes gestart. Hieraan werd 6 56.533,00 gedoneerd, waarvan wij 3.
C 21.250,00 hebben bijgedragen. Wij hebben het HKL gevraagd extra in te zetten op het ondersteunen van de amateurkunsten- en erfgoedsector bij het overleven van de Coronacrisis en in het vinden van nieuwe/aangepaste praktijken voor de nabije toekomst. Reeds bij het HKL geoormerkte middelen van ruim C 125.000,00 voor verenigingsondersteuning dient het HKL primair hiervoor in te zetten. Verder hebben wij het HKL gevraagd ons te informeren over problematieken en oplossingen die hieruit afgeleid kunnen worden ten behoeve van onze beeldvorming over de situatie in de
4.
amateursector. Wij hebben ons voornemen kenbaar gemaakt om, onder de noemer “Investeren in overleven”, ruim C 1,5 mln. provinciale Cultuurmiddelen in te zetten. Hierna gaan wij in op de specifieke inzet van deze middelen.
2.2 Provinciale middelen vanwege Corona: “Investeren in overleven” Als aangegeven, gaan wij vanwege Corona onder de noemer “Investeren in overleven” provinciale Cultuurmiddelen inzetten ten laste van de nog vrije financiële ruimte binnen het Beleidsprogramma Cultuur 2020-2021 “Ruimte voor Cultuur”, zowel de middelen gereserveerd voor 2020 als deels voor
2021. Wij hebben daarbij een aantal uitgangspunten gehanteerd: de primaire verantwoordelijke overheid is eerst aan zet om instellingen te ondersteunen bij het overleven van de Coronacrisis. Waar verantwoord treden wij dus niet in verantwoordelijkheden van Rijk en gemeenten; benutten voor benodigde provinciale medefinanciering vanwege de Rijksmaatregel gericht op investering in de vitale regionale infrastructuur; hanteren als hefboomconstructie om door gezamenlijke overheidsinzet meerwaarde te creëren; waar mogelijk inzetten passend in (de beleidslijn van) het Beleidsprogramma Cultuur 2020-2021 “Ruimte voor Cultuur”: met aandacht voor diversiteit, spreiding over de Provincie met bijzondere aandacht voor Noord- en Midden-Limburg, de positionering van de makers, regionaal of lokaal draagvlak en een reëel toekomstperspectief. In de bijlage (blz. 4) treft u onze concrete inzet aan. Het gaat in totaliteit om C 1.669.328,00, waarvan C 1.204.328,00 ten laste van de vrije financiële ruimte. De overige 6 465.000,00 is gekoppeld aan reeds in het Beleidsprogramma Cultuur 2020-2021 geoormerkt budget. Hierdoor resteert uiteindelijk toch nog een, weliswaar zeer beperkte, “vrije” financiële ruimte in het Beleidsprogramma Cultuur voor 2021 van ongeveer C 175.000,00.
De ervaring leert dat deze nog noodzakelijk zullen zijn om te kunnen inspelen op actualiteiten die zich gedurende het jaar zullen voordoen in de culturele en creatieve sector.
7
provincie limburg gğ In aanvulling op de bijlage nog het volgende wat betreft de genoemde inzet van: č 500.000,00: wij reserveren hiervan Ç 261.000,00 voor theaters of podia, onderdeel van de vitale regionale infrastructuur van de belangrijkste 8 partnergemeenten, die met in aanmerking zijn gekomen voor de Rijksondersteuning via eerdergenoemde regeling van het Fonds Podiumkunsten. Onze ondersteuning in verband met gederfde inkomsten als gevolg van Coronamaatregelen bedraagt voor de Schouwburg Venray maximaal C 186.000,00 en voor het Munttheater Weert maximaal C 75.000,00, op voorwaarde van medefinanciering door de betreffende gemeente. Het restant zijnde ten minste 6 239.000,00 wordt gereserveerd voor (toekomstige) Coronaproblematiek bij de vitale regionale infrastructuur van de partnergemeenten in 2021. 6 250.000,00: een nog nader te bepalen deel van deze middelen reserveren wij voor de Jan van Eyck Academie. De Jan van Eyck Academie heeft geen gebruik kunnen maken van het eerste Rijkssteunpakket voor de cultuursector omdat postacademische instellingen hiervan waren uitgesloten. Ook de generieke maatregelen die de Rijksoverheid neemt, bieden geen uitkomst voor de academie. De Jan van Eyck is echter wel hard geraakt in haar eigen inkomsten die hoofdzakelijk komen uit de horeca, verhuur/evenementen/hotel, opbrengsten uit de werkplaatsen en de opbrengsten van de deelinstituten.
Gelet op het belang van het instituut voor onze regio geven wij een bijdrage als tegemoetkoming voor de geleden schade. Het restant van de 6 250.000,00 reserveren wij vervolgens voor (toekomstige) Coronaproblematiek bij instellingen uit het provinciaal Cultuurplan en de Subinfrastructuur, die ņjeţ in aanmerking komen voor Rijksondersteuning in het kader van de specifieke steunpakketten van OCW. C 30.000,00 ten behoeve van urban initiatieven in Weert en Heerlen. In Weert is de provinciale bijdrage ingezet ter ondersteuning van Het Zuilen Kabinet (aan de Boshoverbrug), die zich ontwikkelt tot een vrijplaats voor street art, en de Urban Culture functionaris/kwartiermaker van de gemeente. In Heerlen is mede dank zij de provinciale bijdrage een project ontwikkeld waarbij verschillende hiphopstromingen, disciplines (dans, muziek, kunst, spoken word), makers en culturele instellingen in verbinding worden gebracht en bezoekers worden uitgenodigd om weer actief te participeren in het culturele leven.
3.
Besluitvorming landelijke culturele Basisinfrastructuur
Wij informeren u door middel van deze mededeling nog over een aantal zaken samenhangend met landelijke culturele Basisinfrastructuur (BIS). Het Ministerie van OCW heeft op Prinsjesdag de toekenningen in het kader van de landelijke culturele BIS 2021-2024 bekend gemaakt. Wij verwijzen u hiervoor naar de bijlage (blz.3). De Minister heeft toen ook bekend gemaakt C 15 mln. extra toe te kennen aan het Fonds Podiumkunsten, waardoor instellingen met een positief advies die eerder door een tekort aan budget waren afgewezen alsnog gehonoreerd kunnen worden. Hierdoor ontvangt Theatercollectief Het Geluid toch een bijdrage van het Fonds Podiumkunsten.
8
provincie limburg gļļ Daarnaast heeft onze lobby, in het kader van een meer evenwichtiger regionale spreiding van Rijkscultuurmiddelen over het land, ertoe geleid dat de Minister heeft besloten om C 2 mln., die de Minister in petto had voor een matchingsregeling Verbreding en Vernieuwing voor de Cultuuregio’s, te verdelen over de provincies Flevoland, Friesland, Overijssel, Drenthe, Zeeland en Limburg. Daarmee volgt de Minister het advies van de Raad voor Cultuur om een extra impuls te geven aan de culturele infrastructuur in de provincies Flevoland, Friesland, Drenthe, Zeeland en Limburg en voegt de Minister hier omwille van een vergelijkbare positie Overijssel aan toe. De Raad voor Cultuur stelt in haar advies dat aanvragen in het kader van de landelijke BIS vanuit genoemde provincies binnen de categorie Ontwikkelinstellingen onvoldoende overtuigen op het gebied van genre- en/of talentontwikkeling, maar wel van belang zijn voor de verdere ontwikkeling van de culturele infrastructuur; hetgeen voor de dóórontwikkeling van de Cultuurregio’s van belang kan zijn. In Limburg betreft het de aanvraag van VIA ZUID. Wij zijn dan ook voornemens om een deel van de middelen die wij in dat kader gaan ontvangen, in te zetten voor ontwikkelinstelling VIA ZUID, waardoor deze middelen bijdragen aan de ontwikkeling van makers in Limburg.
Daarnaast zien wij dat de aanvragen van Hoge Fronten en Musica Sacra, die onderdeel uitmaken van de provinciale culturele basisinfrastuctuur, niet of sterk ondergewaardeerd worden door het Fonds Podiumkunsten waardoor de impact van deze spelers in de regio in het geding komt. Het overige deel van deze middelen worden dan ook ingezet ten behoeve van Hoge Fronten en Musica Sacra. Hoge Fronten heeft een relevante publieksfunctie in de Stedelijke Cultuurregio Zuid en ook Musica Sacra heeft zich stevig geworteld in de culturele infrastructuur. Beide instellingen vormen met hun eigen signatuur en aanpak een (potentieel) interessante aanvulling op het landelijke palet. Met een aanvullende bijdrage voor deze twee instellingen, die ook beide relevante partner zijn van VIA ZUID, moedigen wij de verdere ontwikkeling van deze instellingen aan, hetgeen hen ook in staat moet stellen om over vier jaar succesvol mee te dingen naar ondersteuning door het Fonds Podiumkunsten. De bestedingen voor de drie instellingen VIA ZUID, Hoge Fronten en Musica Sacra worden dus precies aan die instellingen beschikt, omdat dit aansluit bij de besluitvorming van de Minister en/of de onderwaardering in de compensatie door de Rijkscultuurfondsen.
Inmiddels is in IPO-verband een ambtelijke werkgroep opgestart, waarin Limburg ook participeert, om te komen tot een advies aan de Minister van OCW ten behoeve van de volgende periode 2025-2028 inzake aanpassing van het landelijk cultuurbestel, waardoor meer recht wordt gedaan aan de positie van Cultuurregio’s en aan al genoemde evenwichtiger regionale spreiding van Rijkscultuurmiddelen over het land.
Wij beogen door onze provinciale inzet vanwege Corona van maatregelen en middelen de Limburgse cultuur- en erfgoedinstellingen in deze bijzondere periode daadwerkelijk verder te helpen in hun overlevingsstrijd en bij te dragen aan hun toekomstperspectief. De aanscherping per 29 september 2020 van de landelijke maatregelen, gericht op het tegen gaan van de verdere verspreiding van het Coronavirus, laat zien dat deze toekomst buitengewoon onzeker is en er nog veel van de flexibiliteit en creativiteit van de cultuur- en erfgoedinstellingen gevraagd gaat worden.
9
provincie limburg De inzet van de Provincie Limburg zoals in deze mededeling toegelicht, vormt hierbij alvast een belangrijke steun in de rug. Tegelijkertijd is het van belang op te merken dat alleen de terugkeer van bezoekers naar musea, theaters, overige culturele instellingen en voorstellingen kan leiden tot de terugkeer naar een normale (financieel gezonde) situatie bij culturele instellingen en organisaties.
Gedeputeerde Staten van Limburg namens dezen,
G.P.J. Koopmans
'JgZK CompensaíFe 2Ö20 - ŵîio.
I
Bonnefantenmuseum Buitenplaats Kasteel Wijlre Cultuurfonds i.o. voor makers Destination Unknown Fashionclash Jera on Air Limburgs Museum Mediaprofessionals Limburg( Cinesud) Monumentenwacht Limburg Moving Mountains (Dutch Mountain Film Festival) Museumplein Limburg Nederlandse Dansdagen Odapark Opera Compact SCHUNCK Sociaal Historisch Centrum voor Limburg Stichting Restauratie Atelier Limburg Theatercollectief Het Geluid Videopower Vocallis Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij (Miljoenenlijn)
6 131.000,00 6 4.572,00 6 35.000,00 6 3.000,00 6 33.110,00 6 19.210,00 6 175.000,00 6 12.500,00 6 140.000,00 6 8.200,00 C 69.674,00 C 13.250,00 6 5.500,00 6 78.851,00 6 51.000,00 6 15.400,00 6 25.000,00 6 7.000,00 6 4.750,00 6 9.150,00 6 250.000,00
Totaal
61.091.167,00
= onder oormerking/voorwaarden (toelichting zie in Mededeling portefeuillehouder)
fêlïC Cŵìĩpertšŝtfë 2Q2Ŵ* ĈuííuUf » LittŴírgsé GéŵiéětâXKĒĘ&ĘļP
Berekening door de Provincie Limburg aan de hand van de Septembercirculaire 2020 en bijhorend rekenmodel. Gemeenten kunnen voor deze berekening ook “eigen berekende aantallen” hanteren waardoor onderstaande bijdragen in beperkte mate worden bijgesteld.
Beek Beekdaelen Beesel Bergen Brunssum Echt-Susteren Eijsden-Margraten Gennep Gulpen-Wittem Heerlen Horst aan de Maas Kerkrade Landgraaf Leudal Maasgouw Maastricht Meerssen Mook en Middelaar Nederweert Peel en Maas Roerdalen Roermond Simpelveld Sittard-Geleen Stein Vaals Valkenburg aan de Geul Venlo Venray Voerendaal Weert Totaal Compensatie Gemeenten 2020 - cultuur AANDEEL LIMBURG
C c c e e c e c e c c c e c c c c c c c e e c c c c ţ
c e c e
89.031,89 184.269,49 71.585,50 70.919,80 183.999,53 194.511,83 129.369,84 102.912,15 69.615,04 675.822,20 246.378,14 315.779,76 244.199,34 195.918,71 135.977,63 991.629,32 102.424,88 40.669,29 98.127,41 248.293,03 111.451,43 445.429,78 55.606,18 691.138,05 151.496,59 59.284,96 94.682,04 757.889,83 291.051,18 61.496,35 353.862,79 C 7.464.823,98
e 120.000.000,00 6,2207o
OCW Regeling aanvullende ondersteuning culturele en creatieve sector COVID-19 Producerende BIS-insteilingen (OCW) Het Laagland Marres Nederlandse Dansdagen Opera Zuid philharmonie zuidnederland Toneelgroep Maastricht
« 130.000,00 «80.000,00 « 189.110,00 « 222.000,00 « 980.700,00 «611.200,00
Meerjarige fondsinstelling Fonds voor Cultuurparticipatie Notorious IBE WMC
6 68.800,00 «0,00
Mondriaan Fonds x Nederlands Fonds voor de Film x Fonds voor Podiumkunsten Cultura Nova Hoge Fronten Musica Sacra Sally Dansgezelschap Maastricht Step by Step (SchriMmacher)
«395.500,00 6 75.300,00 C 52.500,00 6 79.500,00 « 102.200,00
Nederlands Letterenfonds x Stimuleringsfonds Creatieve Industrie Bureau Europa
6 28.580,00
Cruciale regionale instellingen Mondriaan Fonds Bonnefantenmuseum Museumplein Limburg
« 358.237,00 «346.091,00
Fonds voor Podiumkunsten De Maaspoort, Venlo Poppodium Grenswerk, Venlo De Bosuil, Weert ECI, Roermond De Domijnen, Sittard Parkstad Limburg Theaters, Heerlen/Kerkrade Muziekgieterij, Maastricht Theater aan het Vrijthof, Maastricht