Agendabundel
Tekst van het document
-Ik zeg dat omdat we ooit hebben afgesproken dat we bij grote projecten, dit lijkt me er een, evaluatiecriteria meteen vastleggen op het moment dat wij akkoord gaan met het project. En ook dat we meteen al zeggen wanneer die evaluatie komt en aan welke voorwaarden die voldoet. Misschien kan de wethouder met zo'n voorstel kan komen richting de raad. We kunnen dat dan tijdens de raad nog even aftikken. Dat zou mooi zijn. Het spijt me heel erg dat ik het moet zeggen. Ik ben nu eigenlijk alleen maar meer in verwarring geraakt door de verhalen. Dat komt ook omdat ik er zelf onvoldoende Arie Gramsma
goed over na heb gedacht voor die tijd, want anders had ik dit kunnen weten. Ik ben namelijk altijd van de veronderstelling uitgegaan SP Kerkrade
dat alle scholen al maatschappelijk werk hebben in de school. Nu blijkt dat er nog iets bijkomt. Ik dacht dat deze het misschien niet hadden. Ik heb dat dus niet goed gedaan. Als ik goed beluister wat de ambtenaar net zei, hebben we dadelijk een ondersteuningsteam. In dat team zitten een maatschappelijk werker, een zorgmedewerker, René van Drunen
een preventiemedewerker en een ondersteuningsmedewerker die zich allemaal op dat kind storten. Ik vraag me nu af of dat niet een beetje veel is. Wat is er gebeurd met de schoolmaatschappelijk werker die als taak heeft om te praten met die kinderen waar de docenten tegenaan lopen? De maatschappelijk werker gaat naar het huis, gaat kijken in het gezin wat er aan de hand is. Arie Gramsma
Die kijkt of eventueel zwaardere hulp nodig is en gaat dat dan opschalen. Zo hoort het te gaan. Ik ben jarenlang coördinator geweest Jo Schlangen
van een schoolteam op een middelbare school. Zo deden we dat altijd. Mijn vraag is nu wat die zorgmedewerker en die preventiemedewerker extra gaan doen als er al schoolmaatschappelijk werk is? Deze functie wordt helemaal door het maatschappelijk werk gedaan. Wat gaat er dan niet goed dat dit extra moet? Ik snap dat niet zo goed. Ik hoor graag wat we eigenlijk met die proeftuin willen. Volgens mij is dit een standaardconcept op alle scholen. Los hiervan heb ik nog een punt waarop ik de collega-raadsleden wil wijzen. Als raads- en commissieleden is het onze taak om de belangen van kinderen, gezinnen en scholen te bewaken. Indien de zorgen over jeugdzorg en onderwijsproblematiek die we nu gedeeld hebben, gemeend zijn, hoort daar ook een consequent handelen bij. Dat betekent dat leden zich niet kunnen beperken tot het lokaal pleisters plakken, maar ook tijdens de landelijke verkiezingen een bewuste keuze moeten maken voor partijen die structureel beleid voorstaan dat armoede, ongelijkheid... Arie Gramsma
Ik ga ingrijpen. Mevrouw Wevers, wij gaan dit nu niet doen. We blijven bij dit onderwerp. -Ik ben bij dit onderwerp. Ik roep mijn raadsleden... -Nu geen discussie. Ik breek dit af. U zit sowieso in het rood. Ik ga door naar uw buurman. -Ik ben nog niet klaar, meneer Gramsma. gemeente Kerkrade
U gaat niet over mijn woorden. -U bent nu wel klaar. Ik ben helemaal niet klaar. -U bent klaar. Mevrouw Wevers, die discussie is nu ten einde. U bent klaar. U staat dik in het rood. Ik ga door naar uw buurman. -Ik doe een ordevoorstel, voorzitter. Mijn ordevoorstel luidt: ik wil van de raad weten of ik mijn twee zinnen af mag maken en of het een voorzitter van deze commissie geoorloofd is om een partij het woord te ontnemen? Dat kan gewoon niet. -De vraag is helder. Ik vraag het nu in de commissie. Mag mevrouw Wevers de laatste twee zinnen afmaken van het betoog waar ze net aan begonnen is? Wie is voor? Dan ben ik nu ook voor. Dank u wel. Ja, twee zinnen. Ik was gebleven bij: structureel beleid voorstaan dat armoede, ongelijkheid en taalachterstanden daadwerkelijk aanpakt. Alleen dan zijn de beloften aan kinderen en scholen geloofwaardig. Dat was het, voorzitter. Dank u wel. Ik ga naar uw buurvrouw. -Dank u wel, voorzitter. Wat ons betreft was de toelichting en de beantwoording duidelijk. Het heeft zaken verhelderd. Wij zijn akkoord. De evaluatie zien wij graag tegemoet. Er hoeven van ons nu geen harde criteria op papier te worden gezet. Dat laten wij aan de scholen zelf over. Die zullen echt wel in staat zijn om met een goed verhaal hierover te komen. Voorzitter, ik heb een vraag aan Lokaal Alternatief.
Volgens mij was het een voorstel van Lokaal Alternatief om die evaluatie structureel te borgen in deze raad. Natuurlijk gaan scholen zelf ook evalueren. Ik neem aan dat dat straks een onderdeel gaat worden van de evaluatie voor de raad. -Mevrouw Szalata, antwoord. Volgens mij heb ik niet gezegd dat we de evaluatie niet structureel gaan borgen. Ik heb iets gezegd over de criteria. Volgens mij is dat wat anders. -Dat is... We gaan niet welles-nietes doen. Bent u klaar? Dan ga ik door naar PvdA. Ik heb een opmerking hierover. Ik kan haar het stuk laten zien waarin Lokaal Alternatief expliciet heeft gevraagd om van tevoren criteria op te stellen, zodat het niet een wassen neus blijft, zoals we zo vaak hebben gehad. Het was uw voorstel! Oké, maar we gaan niet welles-nietes... -Waarom niet? We gaan niet welles-nietes doen. Mevrouw Szalat zegt nee, u zegt ja. Ik stel voor dat u na de vergadering bij elkaar gaat zitten en uitvogelen wie wat gezegd heeft. -Voorzitter, mag ik een ordevoorstel doen? Meneer Gorissen. -Ik wil voorstellen dat na afloop van de commissievergadering, in voorbereiding op de raadsvergadering, de griffie nakijkt of dit onderwerp valt onder datgene wat de raad heeft vastgesteld. Als de raad iets vaststelt, moeten we er ons aan houden En zo niet, dan niet. Heel simpel. Dank u wel. Ik kijk naar de PvdA.
Wie wil nog iets zeggen in de tweede termijn?Nee, ik had PvdA gezegd. -Ik kan er niks aan doen. Ik mag toch vragen stellen, voorzitter? -Een hele korte dan. Weer heel kort. -Ga nu niet die discussie aan, stel die vraag. -Ik wil van Lokaal Alternatief weten of zij bekend zijn met het verhaal dat ik net vertelde. Het hele verhaal over hoe het zit met schoolmaatschappelijk werk, de preventiemedewerker enzovoort. Zijn zij bekend met het feit dat op alle scholen al maatschappelijk werk aanwezig is? Of gaan wij dat nu met die proeftuin op drie scholen introduceren? Ik had begrepen dat u dat zo had begrepen. -Nee, helemaal niet. Ik ben ervan op de hoogte dat op alle scholen bijna wekelijks schoolmaatschappelijk werk aanwezig is. Schoolmaatschappelijk werk heeft een andere rol dan de mensen die nu op school komen. Schoolmaatschappelijk werk is er één keer per week voor een paar uurtjes. Zij zijn er niet om in klassen mee te draaien. Dat gaat een preventiemedewerker bijvoorbeeld wel doen om te kijken hoe het pedagogisch klimaat is en hoe dat verbeterd kan worden. Het is een hele andere rol. Arie Gramsma
Het bijt elkaar niet, het vult elkaar aan. Het kan er alleen maar beter van worden. -Dank u wel. Ik kijk naar mevrouw Van Drunen. -Mevrouw Szalata had misschien beter daar kunnen zitten. Grapje. Ik heb geen toevoeging. We zijn blij wat de financiering betreft. We krijgen hopelijk minder kinderen in de jeugdzorg. Daar gaat het ons om. Wie dat financiert? Uiteindelijk komt dat toch terecht bij de gemeente. Jeugdzorg is een taak die we gekregen hebben van de landelijke overheid. Als we minder kinderen in de jeugdzorg hebben, helpt ons dat. Dus als wij degenen zijn die nu hier het voortouw nemen, denk ik: doen. Het gaat om de kinderen. Dank u wel. Ik kijk naar de heer Struver. -Voorzitter, ik heb een vraag aan de Partij van de Arbeid. -Luister eens, mevrouw Wevers. Ik vind het debat prima, maar er zitten mensen van de financiële commissie al een uur te wachten. We kunnen zeggen dat het een andere commissie is en dat we er niets mee te maken hebben. Maar ik neem nu mijn rol als voorzitter. Ik wil het gewoon afmaken. Punt. -Ik heb een vraag. Ik ga nu naar Ons Kerkrade. -Ik heb een vraag aan de Partij van de Arbeid. -Ik ga nu naar ons Kerkrade. Het is krankzinnig hier. -Dank u wel, voorzitter. Wij hebben niet veel nieuwe toevoegingen. In de eerste ronde hebben we onze mening gegeven over de impliciete criteria van de evaluatie. Wij kunnen het voorstel van de PvdA steunen.
Volgens mij heeft de wethouder al een veelzeggend knikje gegeven. Misschien dat er nog wat extra's aankomt bij de raadsvergadering. Dat is prima. Ik kom terug op de laatste twee zinnen van het betoog van de SP. Ik ben benieuwd of u mij uw objectieve mening kunt geven over welke partij het beste programma heeft voor de jeugdzorg. We kunnen er misschien na de vergadering over praten. Dat was het, voorzitter. -Dank u wel. Ik kijk naar BurgerBelangen. Ik heb een vraag. -U mag een hele korte vraag stellen met een kort antwoord. Geen inleiding, gewoon de vraag. Ik heb een vraag aan de Partij van de Arbeid. Als dit structureel wordt ingezet, kost dat 1,3 miljoen op jaarbasis. Dan kan prima zijn. Ik heb me niet uitgelaten VVD Kerkrade
over dat het niet goed is. Je kan zeggen dat we wel zien waar we het vandaan halen, maar het moet wel ergens van gedekt worden. -Mevrouw Van Drunen, wilt u daarop antwoorden? -Zeker. Volgens mij zijn we daar nog niet. Als dat 1,3 miljoen kost, maar ons bijvoorbeeld 2 miljoen oplevert, dat weten we nu nog niet, dan zeg ik: spendeer die 1,3 miljoen. Je houdt dan 7 ton over. Daar gaat het om. We doen die proeftuin en dan kijken we of we er iets uithalen. We gaan daar als raad over. We moeten met zijn allen Arie Gramsma
daarover het debat aangaan. -Het antwoord Is helder. Jo Schlangen
Ik ga door naar BurgerBelangen. -Dank u wel, voorzitter. We hebben geen verdere toevoegingen. -Voorzitter, sorry ordevoorstel. Er worden buiten de microfoon allemaal dingen over mij gezegd. Arie Gramsma
Voordat BurgerBelangen verder gaat, gemeente Kerkrade
het volgende. In ons postvak hebben we allemaal een boekje gevonden. Mevrouw Szalata heeft het in de handen. Daarin staan de omgangsvormen. Ik wil jullie erop wijzen om dat te lezen. Misschien staan er dingen in waarvan je denkt dat het normaal is, die toch niet normaal zijn. Meer zeg ik er niet over. Ik geef alleen het advies om het te lezen. Ik ga nu naar BurgerBelangen. -Dank, voorzitter. Nogmaals, we hebben geen verdere toevoegingen. Ook wij vinden evaluatie een belangrijk punt. Arie Gramsma
We hebben dat in onze vragen laten terugkomen. CDA Kerkrade
Wat ons betreft, is dat naar tevredenheid beantwoord. We staan nog steeds positief ten opzichte van de pilot. Tot zover. Dank u wel. De heer Schlenter. -Voorzitter, ook wij hebben geen toevoegingen. Ik had in de eerste termijn al aangegeven Arie Gramsma
dat we dit voorstel steunen. De vragen zijn wat ons betreft René van Drunen
naar tevredenheid en volledig beantwoord. Dank u wel. Dank u wel. Ik kijk naar meneer Otten. -Daar heb ik niks aan toe te voegen, voorzitter. Dank u. -Goed, ik sluit deze tweede termijn af. Dat klopt. Ik heb het vingertje gezien. -We hebben nog antwoorden tegoed naar aanleiding van de SP-fractie, maar ik ga niet in
herhaling vallen. Mevrouw Szalata heeft uitgelegd wat ik heb willen vertellen als reactie op de inzet van schoolmaatschappelijk werk en de verwarring over overlappingen daarin. Niet alle scholen hebben evenveel uren voor schoolmaatschappelijk werk. Arie Gramsma
Schoolmaatschappelijk werk heeft een andere intentie. De preventiemedewerker gaat aan de voorkant VVD Kerkrade
heel anders kijken naar een kind dan de schoolmaatschappelijk werker. CDA Kerkrade
Die heeft veel minder rollen en zit in een groep die samenwerkt om achter de voordeur te komen. In eerste instantie is de preventiemedewerker op school de eerste aanzet voor het kind wat uit de school of klas gaat. Arie Gramsma
Daarmee blijft de rust in de klas bestaan. De leerkracht hoeft niet meer naar buiten. SP Kerkrade
Dat is de intentie van dit verhaal. Terugkomende op de evaluatie en wat het gaat kosten, dat zullen we zien. De evaluatie zal uitsluitsel geven over wat het oplevert. Als het geld oplevert in de jeugdzorg, heb je een verdienmodel en mag je misschien het geld dat je verdient, inzetten voor uitbreiding naar de scholen toe. Daar wil ik het bij laten, voorzitter. -Dank u wel. Daar wil ik toch aanvullend een vraag over stellen en tegelijk ook een opmerking richting wat de Partij van de Arbeid net zei. Natuurlijk is het heel fijn als we daar geld mee kunnen verdienen. Ik geloof erin dat als je preventie goed is, je kunt voorkomen dat kinderen nodeloos in dure jeugdzorg terechtkomen. Dat is waar. Maar het structurele probleem waardoor al die andere problemen ontstaan, namelijk armoede, los je niet op door jaarlijks 1,3 miljoen in de scholen te steken. Daar kun je misschien een beetje mee terugwinnen, maar dat probleem los je daarmee niet op. Dat wou ik toch wel even gezegd hebben en vragen aan de wethouder of die het daar mee eens is. -De heer Schlangen. Ik ben roerend eens met mevrouw Wevers. We moeten zeker aandacht besteden aan de problematieken thuis en in de wijken waar kinderen het slachtoffer van worden of mee te maken hebben op school. We moeten zeker denken aan armoede, schulden, zaken als laaggeletterdheid in de wijk. Dat mensen begrijpen wat we allemaal vertellen.
U heeft groot gelijk dat we daarnaar moeten kijken. -Dat is een mooie afsluiter. Ik sluit deze tweede termijn af. Ik vraag aan de commissie: gaat dit door als akkoordstuk of als bespreekstuk? Wie wil het als bespreekstuk naar de raad? Dat is één partij, de SP. Dan gaat het als akkoordstuk naar de raad. Ik ben nog niet klaar. We krijgen nog agendapunt 8, de lijst van toezeggingen. Zijn er vragen of opmerkingen over de lijst van toezeggingen? Nee. Dan zijn we bij de sluiting. Ik dank u voor deze levendige vergadering. Ik wil de financiële commissie mijn excuses aanbieden dat het zo laat is geworden. Veel succes bij de volgende vergadering.
Vragen SP vragenuurtje B&S 09-09-2025 m.b.t. gratis reizen regeling Arriva Mensen met een inkomen tot en met 100% van het sociaal minimum komen in aanmerking voor het zogenaamde Dal Vrij Limburg-abonnement, waarmee je buiten de spitsuren gratis kunt reizen met Arriva in Limburg. Iedere bijstandsgerechtigde krijgt van de gemeente een brief met de informatie voor de aanvraag van een gratis chipkaart. De SP heeft de volgende vragen hierover: 1) Waar kunnen mensen zich melden, als ze deze brief niet hebben ontvangen? In de vervolgfase kunnen ook andere mensen die geen bijstandsuitkering hebben, maar minder inkomen hebben dan 1500 euro bruto per maand, zich melden bij een provinciaal daarvoor ingesteld loket. 2) Is de portefeuillehouder het met de SP eens, dat het risico bestaat, dat mensen niet op de hoogte zijn van deze regeling en daardoor deze regeling voor gratis reizen missen? 3) Is de portefeuillehouder het eens met de SP, dat met het oog op de armoedebestrijding in Kerkrade, het gemeentebestuur er alles aan moet doen, om ook mensen die niet bekend zijn bij de gemeente maar wel recht hebben op deze regeling van gratis vervoer, te informeren m.b.t.
deze regeling? 4) Is de portefeuillehouder het met de SP eens, dat er via alle mediakanalen van Kerkrade bekendheid moet worden gegeven aan deze regeling, eerst in fase 1 en daarna ook in fase 2? Kan de portefeuillehouder hier een toezegging in doen? Namens SPK; Marianne Laumann, fractievoorzitter Drs. Carin Wevers, raadslid
SPK/vragenuurtje gratis vervoer/ 09-2025
1
Agenda Commissie Burgers en Samenleving Nr. 25it01393 Datum
09-09-2025
Tijd
19:00 - 22:00
Locatie
Raadzaal
Voorzitter
Arie Gramsma
Toelichting
Commissieleden kunnen voorafgaand ook vragen stellen. Stuur uw vragen naar de griffie. Vragen en antwoorden worden ook opgenomen bij het betreffende agendapunt.
1
Opening door de voorzitter
2
Vragenuurtje
3
Spreektijd voor het publiek
4
Vaststelling van de agenda
5
Vaststelling van de besluitenlijst commissie B&S van 13 mei 2025 vragen of wijzigingsvoorstellen dienen vooraf bij de griffie te worden ingediend
6
Akkoordstukken
7
Bespreekstukken
7.1
Ontwerpbesluit proeftuin leeromgeving voor basis- en voortgezet onderwijs
8
Lijst van toezeggingen Lijst van toezeggingen: https://portal.ibabs.eu/ListReport/View/cadde85a-f243-4e34-92ab2b12cc1629dd
9
Sluiting
Raadsgriffie Bezoekadres:
Alle leden van de Raadscommissies en leden van het college B&W
Markt 1 Ambtenaar
Griffie Telefax Zaaknummer Uw brief van
Uw kenmerk
Ons kenmerk
Datum
27 augustus 2025 Onderwerp
Uitnodiging portefeuillehouders commissies 8, 9 en 10 september 2025 Bijlage(n) -0-
Onder verwijzing naar artikel 19 RvO–commissies worden de volgende portefeuillehouders uitgenodigd de vergaderingen bij te wonen:
Commissie AZM maandag 8 september aanvang 19.30 uur Ontwerpbesluit beleidsplan grensoverstijgende samenwerking (GROS)
Ontwerpbesluit weerbaarheidsprogramma gemeente Kerkrade Commissie B&S dinsdag 9 september aanvang 19.00 uur Ontwerpbesluit proeftuin leeromgeving voor basis- en voortgezet onderwijs
Financiële commissie dinsdag 9 september aanvang 19.30 uur Ontwerpbesluit uitgangspunten Europese aanbesteding accountantscontrole
Commissie GEZ woensdag 10 september aanvang 19.00 uur Ontwerpbesluit beleidsstukken parkeren Ontwerpbesluit wensen en bedenkingen verkoop grond aan VRZL t.b.v. nieuwe brandweerkazerne Ontwerpbesluit Cofinanciering VHF 4
Postbus 600 6460 AP Kerkrade Telefoon 045 – 567 67 67 Telefax 045 – 567 63 95
ING Bank Kerkrade 67.31.10.672 Postbank 1031755 BNG 28.50.04.484
burgemeester Dassen, wethouder Roland en wethouder van Drunen burgemeester Dassen
wethouder Schlangen en wethouder van Drunen
wethouder Paas
wethouder Vinken wethouder Geers wethouder Geers
Raadsgriffie BESLUITENLIJST RAADSCOMMISSIE BURGERS EN SAMENLEVING 13 mei 2025 Nr. 25it01390 Voorzitter: Dhr. S.H.G. Gorissen (PvdA) Aanwezige raadsleden: Dhr. R.F.A.C. Creusen (VVD) Dhr. M.A.G.H. Hermans (Burgerbelangen) Dhr. N. Krasovec (Ons Kerkrade) Mw. M.A.K.J. Laumann (SP) Dhr. A.R.J. Otten (Hart voor Vrijheid) Mw. C.E. Paul-Ubachs (Burgerbelangen) Dhr. L.H.J.F. Schlenter (Ouderenpartij Kerkrade) Dhr. M.C. Struver (Ons Kerkrade) Mw. C.J.A. Szalata-Thomas (Lokaal Alternatief) Afwezig: Mw. L. Bacher (Hart vor Vrijheid) Dhr. D.H.L. Douma (Ons Kerkrade) Dhr. A. Gramsma (Burgerbelangen) Dhr. M. Meijer (CDA) Mw. A.C. Wevers (SP) Mw. I. Wiermans (Burgerbelangen)
Aanwezige niet-raadsleden: Dhr. P.A.J. Bree van (Burgerbelangen) Dhr. P.J. Caumon (CDA) Dhr. L.J.M. Christiani (Burgerbelangen) Dhr. J.P.M. Dautzenberg (Burgerbelangen) Mw. J.M.L.W. van Drunen (PvdA) Dhr. J.H.M. Hanssen (Lokaal Alternatief) Dhr. E. ter Horst (PvdA) Mw. G.M.C. Kortland (Ons Kerkrade) Mw. E.M.C. Kroon-Schoonhen (Burgerbelangen) Dhr. A.G. van der Sleen (Ouderenpartij Kerkrade) Eveneens aanwezig Wethouder van Drunen Mw. I. Consten-Abels (gemeente Kerkrade) Mevr. D. Broeders (gemeente Kerkrade) Dhr. D. Franssen (griffier) Mevr. J. Wetzelaer (commissiegriffier)
Videoverslag kunt u terugvinden: Agenda Kerkrade - Commissie Burgers en Samenleving dinsdag 13 mei 2025 19:00 - 22:00 - iBabs Publieksportaal 1 Opening door de voorzitter De voorzitter opent de vergadering om 19.00 uur. 2 Vragenuurtje Er zijn geen vragen ingediend. 3 Spreektijd publiek Er is geen aanmelding voor de spreektijd voor publiek. 4 Vaststelling van de agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 5
Vaststelling van de besluitenlijst van de commissievergadering B&S van 11 maart 2025 De besluitenlijst wordt ongewijzigd vastgesteld. . 6 AKKOORDSTUKKEN Er zijn geen akkoordstukken 7
BESPREEKSTUKKEN
7.1
Ontwerpbesluit regionaal Gezondheidsbeleid 2025-2030
1
Portefeuillehouder van Drunen is aanwezig. Hij wordt bij de beantwoording van de gestelde vragen, ambtelijk ondersteund door mevrouw Consten-Abels. Naar de raad: ja, als akkoordstuk na beraadslaging in 2 termijnen De commissie adviseert de raad het volgende besluit te nemen: I. in te stemmen met het definitieve concept Regionaal Gezondheidsbeleid 2025-2030 ‘Gezondheid nu, voor later!’ Toezeggingen: Openstaande vragen: Fractie van de SP ontvangt graag de brief van de AMO behorende bij het rapport. De griffie heeft op 14 mei de brief in BCC doorgestuurd naar de commissieleden B&S plus deze ter informatie toegevoegd aan de commissiestukken. Van: KRD Griffie <griffie@kerkrade.nl> Verzonden: woensdag 14 mei 2025 12:41 Aan: KRD Griffie <griffie@kerkrade.nl> Onderwerp: Openstaande vraag cie B&S inz. regionaal Gezondheidsbeleid 2025-2030 Aan de commissieleden B&S, Vanuit de behandeling van agendapunt 7.1 ontwerpbesluit regionaal gezondheidsbeleid 20252030 in de commissie B&S gisteren staat nog 1 vraag open. De fractie van de SP had namelijk gevraagd naar de brief van de AMO behorende bij het rapport. Zojuist hebben we deze brief met bijlage van de portefeuillehouder ontvangen. Graag verwijzen we naar de bijlagen. De openstaande vraag is hiermee afgehandeld. Met vriendelijke groet,
7.2
Ontwerpbesluit instellen klankbordgroep Martin Buber
Vanuit de griffie zijn de heer Franssen en mevrouw Broeders aanwezig voor de beantwoording van de gestelde vragen. Naar de raad: ja, als bespreekstuk na beraadslaging in 2 termijnen De commissie adviseert de raad het volgende besluit te nemen: I. II. III.
tot het instellen van de klankbordgroep Het Martin Buber; de opdracht en afspraken vast te stellen zoals in dit besluit opgenomen; de volgende leden te benoemen als lid van de klankbordgroep: 1. 2. 3. 4. 5. plv. voorzitter van de gemeenteraad, dhr. Leo Jongen
Opdracht en afspraken klankbordgroep Het Martin Buber Opdracht De klankbordgroep Het Martin Buber voert namens de gemeenteraad, die extern toezichthouder is, het gesprek met het college van bestuur en de raad van toezicht van de stichting SKOOL (hierna; Het Martin Buber) over de relevante onderwerpen die de externe toezichthouder treffen op basis van de statuten en onderwijswetgeving. Rolverdeling 1. De klankbordgroep is zich bewust van de zelfstandige positie van Het Martin Buber en het belang van een goed en onafhankelijk intern toezicht. De extern toezichthoudende
2
rol van de gemeenteraad, met inzet van de klankbordgroep, ziet dan ook in het bijzonder op de continuïteit van de instandhouding van de school en de wezenskenmerken van het openbaar onderwijs voortvloeiend uit de wettelijke en statutaire bevoegdheden van de gemeenteraad. 2. Het college van bestuur van Het Martin Buber is als vertegenwoordiger van het bevoegd gezag het eerste en formele aanspreekpunt voor de gemeenteraad. 3. De portefeuillehouder onderwijs van het college van burgemeester en wethouders is het eerste en formele aanspreekpunt voor Het Martin Buber behalve in de gevallen dat Het Martin Buber de externe toezichthouder aanspreekt, dan is de klankbordgroep het aanspreekpunt. Samenstelling klankbordgroep 1. De klankbordgroep bestaat uit vijf raadsleden, waarbij zowel coalitie als oppositie twee leden afvaardigen. Het vijfde lid is de plaatsvervangend voorzitter van de gemeenteraad die tevens voorzitter van de klankbordgroep is. Het lidmaatschap eindigt wanneer het raadslidmaatschap stopt, op verzoek van het lid of de raad het besluit tot benoeming intrekt. 2. De leden van de klankbordgroep worden benoemd door de gemeenteraad voor de duur van de raadsperiode. Werkwijze 1. De klankbordgroep spreekt minimaal 2x per jaar (mei/juni en september/oktober) met Het Martin Buber op uitnodiging van het college van bestuur met toezending van een agenda en onderliggende stukken.
2. Extra bijeenkomsten zijn mogelijk op uitnodiging van Het Martin Buber of indien de meerderheid van de klankbordgroep dit nodig acht. 3. De klankbordgroep wordt ondersteund door de griffie en stelt een verslag op van haar activiteiten en bevindingen en deelt dit met de gemeenteraad. 4. De klankbordgroep kan via de griffier een beroep doen op ambtelijke bijstand die aanwezig mag zijn bij de vergaderingen van de klankbordgroep. De klankbordgroep kan tevens de portefeuillehouder onderwijs uitnodigen om aanwezig te zijn. Informatie 1. De gemeenteraad ontvangt alle relevante informatie van Het Martin Buber die nodig is in zijn rol als externe toezichthouder. 2. De klankbordgroep informeert, indien nodig, actief de gemeenteraad. 3. De gemeenteraad kan de klankbordgroep om informatie vragen Voorbereiden van en adviseren over besluitvorming De klankbordgroep kan raadsvoorstellen waartoe de raad bevoegd is als externe toezichthouder voorbereiden of de gemeenteraad adviseren indien een raadsvoorstel door het college van B&W wordt aangeboden. Toezeggingen: Openstaande vragen: 8 Lijst van toezeggingen De lijst van toezeggingen wordt conform vastgesteld. 9 Sluiting De voorzitter sluit de vergadering om 19.45 uur.
3
Behandelbrief Registratienummer: 25it01373 Het Presidium van de gemeente Kerkrade, handelend met mandaat van de gemeenteraad – ex artikel 3a lid 1 van het Reglement van orde voor de vergaderingen van de raadcommissies ter voorbereiding van de vergaderingen van de raad der gemeente Kerkrade – stelt de hieronder gekozen commissie(s) voor om in de openbaarheid te doen behandelen, het onderwerp:
Onderwerp: Proeftuin leeromgeving voor het basis- en voortgezet onderwijs 2025/2026.
Algemene informatie Dit onderwerp is toegekend aan de commissie: Burgers en Samenleving Te behandelen d.d.: 9 september 2025 Aanleiding / toelichting Aanvragen voor extra zorg en ondersteuning van de scholen: 1. 2. 3.
De Diabolo De Steltloper Het Martin Buber
Met de pilots ondersteunen we scholen zodat kinderen in een vroeg stadium de juiste hulp krijgen. Door preventiemedewerkers en zorgprofessionals in en om de klas in te zetten, kunnen we signalen sneller oppakken en laagdrempelig ondersteunen. Daarmee voorkomen we zoveel mogelijk dat problemen escaleren en kinderen in de zwaardere jeugdzorg of het speciaal onderwijs terechtkomen. We richten ons op: • • • •
Vroegtijdig signaleren en ondersteunen van sociaal-emotionele en gedragsproblemen. Voorkomen van zware jeugdzorg door lichte, preventieve hulp op school. Versterken van leerkrachten met praktische handvatten zodat zij beter met complex gedrag kunnen omgaan. Creëren van een veilige leeromgeving waarin kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen, samen met ouders.
Kortom: investeren aan de voorkant, zodat kinderen zich goed kunnen ontwikkelen en latere zwaardere zorg zoveel mogelijk wordt voorkomen. Kader / afbakening Programma 6 Sociaal Domein
Financiële Verordening ex. art. 212 Gemeentewet Wet passend onderwijs en Jeugdwet Wijze van behandelen Doel: Ter besluitvorming door de Raad Aard van het onderwerp: Eigen/ nieuw beleid Vorm: Schriftelijke stukken: Reeds toegezonden Mondelinge toelichting: Ja
Tijdsduur 5 minuten
Presentatie: Nee
Tijdsduur minuten
Anders, namelijk:
Tijdsduur minuten
Bestuurlijke verantwoordelijke(n) Wethouder SchlangenWethouder van Drunen Ambtenaren en externen Aanwezig zullen zijn: Externen: Ambtenaren: De heren V. van Straaten en J. Schillings. Bijlage(n) • • • •
Aanbiedingsbrief Nota van toelichting Concept Raadsbesluit Werkwijze/afwegingskader
Gemeente kerkrade Afdeling Griffie Telefoon 045-5676767 Email gemeentehuis@kerkrade.nl
Postadres 600 6460 AP Kerkrade Bezoekadres Markt 1 6461 EB Kerkrade
Agendapunt nr.: Registratienummer: 25it01359 Kerkrade, 18 augustus 2025 Sector: Burger
Aanbiedingsbrief aan de raad. Nr.: 25it01359 Hierbij bieden wij u ter overweging en beslissing een ontwerpbesluit, nr. 25Rb061, inzake een proeftuin leeromgeving voor het basis- en voortgezet onderwijs 2025/2026 aan. In de nota van toelichting, nr. 25Tl055, die het ontwerpbesluit vergezelt, zijn de overwegingen en nadere gronden aangegeven waarop het ontwerpbesluit berust.
Het college,
De secretaris,
dr. T.P. Dassen-Housen
R.M.J.S. Stijns
Ontwerpbesluit Nr.: 25Rb061
De raad van de gemeente Kerkrade; overwegende, het voornemen van het college om een proeftuin voor de scholen De Diabolo, De Steltloper en Het Martin Buber in de vorm van pilots schoolarrangementen gedurende het schooljaar 20252026 te bekostigen, ter hoogte van een bedrag van maximaal € 335.000, -kennis genomen hebbende van, de nota van toelichting, nr. 25Tl055, behorende bij dit besluit; de beraadslagingen in de commissie burgers en samenleving d.d. 9 september 2025 gelet op, programma: Programma 6 Sociaal Domein gemeentelijk/regionaal beleidskader: Financiële Verordening ex. art. 212 Gemeentewet Wet passend onderwijs en Jeugdwet besluit: 1.
2. 3.
In te stemmen met het voornemen van het college om een proeftuin voor de scholen De Diabolo, De Steltloper en Het Martin Buber in de vorm van pilots schoolarrangementen gedurende het schooljaar 2025-2026 te bekostigen, ter hoogte van een bedrag van maximaal € 335.000, -In te stemmen de kosten ten laste te brengen van de budgetten onderwijsachterstandenbeleid (de basisscholen) en jeugdzorg (Het Martin Buber) Eventuele wensen en bedenkingen aan het college kenbaar te maken
Aldus vastgesteld door de raad der gemeente Kerkrade in zijn openbare vergadering d.d. 24 september 2025. De voorzitter van de raad,
De griffier,
dr. T.P. Dassen-Housen.
mr. drs. D.G.M.G. Franssen.
Documentnummer: 25Rb061
Nota van toelichting Kerkrade, 18 augustus 2025 Nummer: 25Tl055 Behorend bij ontwerpbesluit nummer: 25Rb061
Onderwerp Proeftuin leeromgeving basis- en voortgezet onderwijs 2025/2026.
Beslispunten 1.
2. 3.
In te stemmen met het voornemen van het college om een proeftuin leeromgeving voor de scholen De Diabolo, De Steltloper en Het Martin Buber in de vorm van pilots schoolarrangementen gedurende het schooljaar 2025-2026 te bekostigen, ter hoogte van een bedrag van maximaal € 335.000, -In te stemmen de kosten ten laste te brengen van de budgetten onderwijsachterstandenbeleid (de basisscholen) en jeugdzorg (Het Martin Buber) Eventuele wensen en bedenkingen aan het college kenbaar te maken
Samenvatting Met de proeftuin ondersteunen we scholen zodat kinderen in een vroeg stadium de juiste hulp krijgen. Door preventiemedewerkers en zorgprofessionals in en om de klas in te zetten, kunnen we signalen sneller oppakken en laagdrempelig ondersteunen. Daarmee voorkomen we zoveel mogelijk dat problemen escaleren en kinderen in de zwaardere jeugdzorg of het speciaal onderwijs terechtkomen. We richten ons op: • • • •
Vroegtijdig signaleren en ondersteunen van sociaal-emotionele en gedragsproblemen. Voorkomen van zware jeugdzorg door lichte, preventieve hulp op school. Versterken van leerkrachten met praktische handvatten zodat zij beter met complex gedrag kunnen omgaan. Creëren van een veilige leeromgeving waarin kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen, samen met ouders.
Kortom: investeren aan de voorkant, zodat kinderen zich goed kunnen ontwikkelen en latere zwaardere zorg zoveel mogelijk wordt voorkomen.
Aanleiding a.
Aanvragen voor extra zorg en ondersteuning van de scholen:
1. 2. 3.
De Diabolo (10 juni 2025) De Steltloper (20 juni 2025) Het Martin Buber (29 april 2025)
Ad 1 De Diabolo. 1
Aanvraag voor extra zorg en ondersteuning 20 uur per week tijdens 40 lesweken door zorgmedewerker van jeugdhulpaanbieder Xonar. Geraamde kosten € 81.480, -Ad 2 De Steltloper. Aanvraag voor integrale aanpak in groepen van de onderbouw 30 uur per week tijdens 40 lesweken door preventiemedewerker van Impuls en zorgmedewerker (jeugdhulpaanbieder nader te bepalen). En vier themagerichte bijeenkomsten. Geraamde kosten € 121.418, --. Ad 3 Het Martin Buber. Aanvraag voor extra zorg op school 20 uur per week tijdens 40 lesweken door zorgmedewerker van jeugdhulpaanbieder Xonar. Geraamde kosten € 82.000, --. b.
Financiële Verordening ex. art. 212 Gemeentewet
In artikel 8 van de Financiële Verordening staat het volgende: Het college informeert de raad in elk geval vooraf en stelt de raad in de gelegenheid zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen, voorzover het betreft niet bij begroting vastgestelde afzonderlijke verplichtingen inzake: a. investeringen, aankopen van goederen en diensten, of toekennen van subsidies groter dan € 250.000, --.
Inleiding In het onderwijs wordt in toenemende mate gesignaleerd dat een groeiend aantal leerlingen gedrag vertoont dat duidt op sociaal-emotionele problematiek, vaak veroorzaakt door een combinatie van armoede, instabiele thuissituaties, trauma en taalachterstanden. Kinderen die zich terugtrekken, sterk ontregeld raken, of juist externaliserend gedrag vertonen zoals agressie of impulsiviteit. Deze situaties leiden tot onrust in de klas, belemmeren het leerproces en vragen om intensieve ondersteuning die de ondersteuningsstructuur van de scholen vaak niet meer kan bieden. Tegelijkertijd wordt er van het onderwijs een steeds grotere inzet gevraagd op het gebied van signalering, begeleiding en het aangaan van gesprekken met ouders. Dit legt extra druk op leerkrachten en intern begeleiders, die zich bovendien steeds vaker handelingsverlegen voelen in het omgaan met complexe gedragsvraagstukken. Al met al forse uitdagingen voor het onderwijs. De behoefte aan aanvullende, structurele ondersteuning en deskundigheid binnen de schoolomgeving neemt daardoor sterk toe. De ingediende aanvragen hebben hiermee te maken.
Context en bijzondere omstandigheden om rekening mee te houden. Voordat concreet wordt ingegaan op de drie aanvragen staan we eerst stil bij een aantal zaken waar bij de beoordeling van de aanvragen rekening mee moet worden gehouden: 1. 2. 3. 4. 5.
Wet passend onderwijs of Jeugdwet? Hervorming jeugdzorg Inclusief onderwijs Nog te ontwikkelen (regionaal) beleid met betrekking tot passend/inclusief onderwijs en pedagogische basis Werkwijze/afwegingskader subsidieverzoeken voor extra zorg en ondersteuning op scholen
Deze zaken geven weer in welke context de aanvragen moeten worden gezien. En met welke bijzondere omstandigheden rekening moet worden gehouden. Ze worden hier genoemd om de juiste afwegingen te kunnen maken. 1. Wet passend onderwijs of Jeugdwet? In het algemeen geldt het volgende: 2
Om elk kind een passende onderwijsplek te bieden hebben scholen een zorgplicht (Wet passend onderwijs). Noodzakelijke ondersteuning die primair gericht is op het doorlopen van het onderwijsprogramma valt onder de zorgplicht van de Wet Passend Onderwijs. Het gaat hierbij om ondersteuning gericht op het volgen van onderwijs en om de leerling verder te helpen in zijn onderwijsontwikkeling. Dat de ondersteuning een bijdrage kan leveren aan de ontwikkeling op andere leefgebieden, doet daar niet aan af. Is extra ondersteuning ook op andere gebieden nodig? Dan kan de gemeente verantwoordelijk zijn (Jeugdwet). Samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp moet de preventie van belemmeringen in opvoeden en opgroeien versterken. De jeugdhulp kan bijdragen aan het versterken van de basisondersteuning die scholen bieden. En scholen kunnen bijdragen aan het versterken van het preventieve aanbod aan voorzieningen in de wijk of gemeente. Grijs gebied: Op sommige punten binnen de twee wetten lopen de verantwoordelijkheden van het onderwijs en de gemeenten in elkaar over. Dit leidt tot onduidelijkheden bij onderwijs en gemeente over inzet en financiering van extra ondersteuning aan jeugdigen. De afbakening tussen de zorgplicht van het onderwijs en de jeugdhulpplicht van de gemeenten is niet altijd even duidelijk. Wat niet wegneemt dat onze kinderen hier niet de dupe van mogen worden.
Het is dus zaak dat onderwijs en gemeenten samenwerken en gezamenlijk voor een zo goed mogelijk onderwijs- en opvoedklimaat zorgen. 2. Hervorming/Reikwijdte jeugdzorg Te veel kinderen krijgen momenteel jeugdzorg (1 op de 7 kinderen onder de 18 jaar). We hebben de opdracht te voorkomen dat jeugdzorg nodig is. En de jeugdzorg zelf moeten we verbeteren en houdbaar maken voor de toekomst, Dit vraagt om stevige keuzes en een hervorming van het stelsel. Maar bovenal vraagt dit een andere manier van denken over jeugdzorg en anders handelen. De landelijke Hervormingsagenda Jeugd bevat een groot aantal afspraken dat deze ‘beweging naar voren’ concreet moet maken. We hebben onder andere als opdracht om ons in te zetten voor: • • • •
Preventie: vroeg signaleren en ondersteunen ter voorkoming van. Jeugdhulp zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig Normaliseren in plaats van problematiseren Oplossingen in de brede context van het gezin (niet alleen de jeugdigen maar ook de omgeving)
Ter ondersteuning hiervan wordt momenteel gewerkt aan het wetsvoorstel Reikwijdte jeugdhulp (naar verwachting wordt dat in 2026 bij de Tweede Kamer ingediend). De huidige Jeugdwet bevat een verplichting voor gemeenten om jeugdhulp in te zetten wanneer een jeugdige dat nodig heeft. Op dit moment betreft dit een open norm, waarbij niet is gedefinieerd of ingekaderd wat dit precies inhoudt. Dit is één van de oorzaken voor de grote stijging van jeugdhulp. In het wetsvoorstel Reikwijdte wordt deze open norm ingevuld en wordt de toegang tot de jeugdhulp beter ingericht door een scherpere selectie aan de poort. Het voornemen is om een minimumniveau van pedagogische basisvoorzieningen vast te leggen. Daarnaast wordt verplicht om een visie op te stellen over de pedagogische basis in samenwerking met alle relevante partijen zoals jeugdigen, onderwijs, lokale teams, kinderopvang en jeugdgezondheidszorg in de gemeente. Het nu veelomvattende begrip jeugdhulp wordt nader gedefinieerd. Het voornemen is onderscheid aan te brengen tussen (pedagogische) basisvoorzieningen, basishulp (die wordt geboden door of namens lokale teams) en aanvullende jeugdhulp. De bedoeling is dat er een sterke eerste lijn komt waarbij aanvullende hulp alleen wordt ingezet wanneer dat nodig is. 3
De hervorming en definiëring van de reikwijdte van de jeugdhulp is ook relevant voor de gevraagde extra ondersteuning en zorg op de scholen. Er zullen meer kinderen ondersteund moeten worden door voorzieningen die aan de voorkant worden georganiseerd. Meer preventieve inzet, bijvoorbeeld via de lokale teams en scholen, waardoor gezinnen met lichte hulpvragen niet in specialistische jeugdhulptrajecten terecht hoeven komen. Hoe kunnen we problemen op de scholen voorkomen? Wat is daar dan voor nodig? En bepaalde situaties en problemen horen bij het leven (ook op school). Soms is een heel andere oplossing dan (jeugd)hulp op school, de beste oplossing. 3. Inclusief onderwijs Inclusief onderwijs is onderwijs waarbij alle kinderen en jongeren naar een school dichtbij huis kunnen. Een school waar iedereen meetelt, meedoet en gelijkwaardig is en waar samen geleerd wordt. De overheid streeft ernaar dat in 2035 de meeste scholen de overgang naar inclusief onderwijs hebben gemaakt. Inclusief onderwijs is een gedeelde verantwoordelijkheid van onderwijsinstellingen, gemeenten en andere betrokken partijen. Gemeenten spelen een cruciale rol bij het bevorderen van inclusief onderwijs, onder andere door het faciliteren van samenwerking, het stimuleren van inclusief beleid en het waarborgen van een goede aansluiting tussen onderwijs, jeugdhulp en andere voorzieningen. 4.
Nog te ontwikkelen (regionaal) beleid met betrekking tot passend/inclusief onderwijs en pedagogische basis. Dit nog te ontwikkelen beleid zal van invloed zijn op de wijze waarop o.a. gemeenten en het onderwijs zullen gaan samenwerken t.b.v. opgroeiende en schoolgaande kinderen en jeugdigen. Beleid dat samen met alle relevante partijen en gemeenten in de regio vorm moet worden gegeven. Dat betekent dat er nu geen structurele/onomkeerbare invulling van ondersteuning en zorg op scholen kan worden gemaakt. Wel kunnen we vooruitlopend hierop een werkwijze tijdelijk uitproberen (die wellicht in de toekomst kan worden gebruikt als goed voorbeeld voor het te ontwikkelen beleid). En hiermee al tegemoetkomen aan concrete wensen en behoeftes vooruitlopend op wat nog komen gaat. Het onderwijs (de samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs) en de gemeenten in Parkstad/Zuid-Limburg hebben ook al op hun gezamenlijke agenda staan om voor alle scholen voor primair en voortgezet onderwijs schoolarrangementen1 af te spreken. Dit ter versterking van de basisondersteuning op alle locaties basis- en voortgezet onderwijs. Het opstellen van een schoolarrangement gericht op preventie is een complexe opgave.
Daarvoor is interprofessionele samenwerking nodig tussen verschillende partners (scholen, gemeente, jeugdhulpverlening, jeugdgezondheidszorg, schoolmaatschappelijk werk, etc.) die gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor onderwijs en zorg aan kinderen. 5. Werkwijze/afwegingskader subsidieverzoeken voor extra zorg en ondersteuning op scholen (zie bijlage) Om de drie ontvangen aanvragen op een zorgvuldige, uniforme en rechtvaardige wijze te kunnen beoordelen is een werkwijze/afwegingskader opgesteld. Dit was er nog niet. De versie die er nu ligt is een eerste versie die nog niet uitontwikkeld is. Voor nu bruikbaar als een richtinggevend kader (ook mede vooruitlopend op het onder punt 4 genoemd nog te ontwikkelen beleid).
Vergelijkbaar met de doelgroep arrangementen in het speciaal onderwijs, met dien verstande dat de schoolarrangementen voor het regulier onderwijs een meer preventieve functie zullen hebben. 1
4
Dit biedt flexibiliteit en ruimte om op basis van praktijkervaringen bij te sturen, maar brengt tegelijkertijd de noodzaak met zich mee om duidelijke afspraken te maken over toetsingscriteria, rollen en verantwoordelijkheden. Transparantie in het proces is essentieel om verwachtingen te managen, willekeur te voorkomen en verantwoording mogelijk te maken. In de pilotfase is het daarom wenselijk om enerzijds ruimte te laten voor maatwerk en leren, en anderzijds richting te geven aan een meer gestandaardiseerde beoordeling, zodat bij een eventuele opschaling naar andere scholen uniforme werkwijze beschikbaar is. Door in 1 nota de drie aanvragen aan de orde te stellen, kan een algehele en allesomvattende afweging worden gemaakt.
Doelstelling De extra ondersteuning en zorg hebben als doel: 1. 2. 3.
4.
Preventie (scholen ondersteunen en versterken in het voorkomen, signaleren en vroeg oppakken van (hulp)vragen en problemen) Zorg (hulpverlening in het geval van aanwezig problematisch gedrag op school) Versterken van de ondersteuningsstructuur van de scholen. Kennis en vaardigheden overdragen en bijdragen aan (en samen (door)ontwikkelen van) een multidisciplinair ondersteuningsteam op school Scholen wegwijs maken in de mogelijkheden van voorzieningen aan de voorkant
De beoogde inzet richt zich nadrukkelijk ook op het versterken van de ondersteuningsstructuur in het onderwijs en het voorkomen van escalatie van sociaal-emotionele en gedragsmatige problematiek bij leerlingen. De centrale doelstellingen voor zowel het basis- als ook het voortgezet onderwijs in relatie tot deze problematiek zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Het bevorderen van sociaal-emotioneel functioneren en weerbaarheid van leerlingen Het voorkomen van verwijzingen naar zwaardere jeugdhulpvoorzieningen of het speciaal onderwijs Het versterken van de handelingsbekwaamheid van leerkrachten in het omgaan met complexe klassenproblematiek Het vroegtijdig signaleren van problematiek en het faciliteren van een passende ondersteuning via de school Het creëren van een veilige, stabiele leeromgeving, waarin leerlingen zich optimaal kunnen ontwikkelen Ouders betrekken bij deze ondersteuning
Dit alles in samenhang met gezinssituatie, schoolomgeving en maatschappelijke factoren. We betrekken ouders en leerkrachten actief in de aanpak, en richten ons op het versterken van de verbinding tussen kind, thuis en school.
Argumenten In het algemeen geldt, dat de signalen en hulpvragen op de drie scholen divers van aard zijn. Dat vraagt ook om een overeenkomstige aanpak. Die valt onder de zorgplicht van het onderwijs (een passende leerplek bieden), de jeugdhulpplicht van de gemeente en het grijze gebied waar de verantwoordelijkheden van het onderwijs en de gemeenten in elkaar overlopen. Een gezamenlijke opdracht dus waarbij een kritische blik op elkaars verantwoordelijkheden hoort maar ook een gezamenlijk verantwoordelijkheidsgevoel op zijn plaats is in verband met het grijze gebied. 1.
De Diabolo
Terugblik op pilot schooljaar 2024-2025 5
De afgelopen jaren is op basisschool De Diabolo met bekostiging vanuit NPO-middelen een pilot uitgevoerd waarin extra zorgondersteuning werd geboden binnen de schoolomgeving (gr. 1 t/m gr. 8). Deze aanpak, die zich kenmerkt door de fysieke aanwezigheid van een externe zorgprofessional op school, heeft aantoonbaar bijgedragen aan vroeg signalering van problematiek, laagdrempelige ondersteuning, het voorkomen van escalatie van gedrag, versterking van de sociale infrastructuur rond kinderen en minder/geen thuiszitters. Door de inzet van de zorgprofessional in en om de klas wordt een brug geslagen tussen onderwijs, preventie en zorg, waardoor er gezamenlijk en integraal kan worden gewerkt aan het versterken van het pedagogisch klimaat, het tijdig ondersteunen van leerlingen en het voorkomen van zwaardere trajecten buiten de school. Dit sluit ook aan bij de gedeelde verantwoordelijkheden van school en gemeente op het gebied van Passend Onderwijs en jeugdzorg (toekomstig inclusief onderwijs en de hervorming van de jeugdhulp). De inzet vraagt op voorhand echter wel een substantiële investering zodat meer specialistische vormen van ondersteuning en hulp en uitval worden voorkomen. Daarmee dragen we eraan bij dat elke leerling een passende plek heeft in het onderwijs en de kans krijgt om zich optimaal te ontwikkelen.
In de pilot op Bs De Diabolo zijn bij 12 leerlingen individuele zorgtrajecten voorkomen, wat resulteerde in zowel een financiële als inhoudelijke meerwaarde. Er werd een potentiële besparing van ongeveer € 38.000 behaald en de ondersteuning vond op school in een bekende en veilige omgeving van het kind plaats i.p.v. ergens bij een organisatie niet dicht bij huis. De werkwijze sluit aan bij de gemeentelijke visie op integrale samenwerking binnen het sociaal domein, bij voorkeur in de wijk. De structurele betrokkenheid van vaste gezichten vanuit zorg en preventie draagt bij aan vertrouwen en continuïteit en zorgt voor een duurzame samenwerking tussen onderwijs-zorg. De leerkrachten ontvangen praktische ondersteuning en concrete handvatten om effectief om te gaan specifieke ondersteunings- en hulpvragen van leerlingen en daaraan gerelateerde onderwijsbehoeften, waardoor hun kennis en vaardigheden op dit gebied worden versterkt. Waarbij rekening wordt gehouden met het gezin en de schoolcontext. Hiermee wordt breder ingezet op het versterken van het normale leven in de wijk en het doorbreken van intergenerationele problematiek. Deze inzet is aanvullend op het bestaande schoolmaatschappelijk werk (5 uur/week). De nadruk ligt op de dagelijkse presentie in de klas en het vroegtijdig signaleren van gedrag en sociaalemotionele problematiek bij kinderen.
Het schoolmaatschappelijk werk is doorgaans meer casusgericht en wordt veelal ingezet bij al zichtbare problematiek. De aanvullende inzet via deze pilot biedt juist laagdrempelige ondersteuning in een eerder stadium, dicht bij het kind, in samenwerking met ouders en leerkrachten. Door duidelijke afstemming en samenwerking binnen de ondersteuningsstructuur van de school neemt ieder zijn eigen rol in, waardoor overlap wordt voorkomen en de ondersteuning elkaar versterkt. Beoordeling rekening houdend met eerder beschreven context en bijzondere omstandigheden: •
Met de extra ondersteuning en zorg zoals omschreven in de aanvraag loopt de school al vooruit op de ontwikkelingen in het kader van passend/inclusief onderwijs en de hervorming van de jeugdzorg (meer kinderen kunnen terecht bij voorzieningen aan de voorkant in plaats van specialistische jeugdhulp)
Beoordeling aan de hand van het richtinggevend afwegingskader:
6
• • • • • •
Met de evaluatie van de pilot en de gesprekken die op school hierover hebben plaatsgevonden is de ondersteuningsbehoefte voldoende aangetoond Het subsidieverzoek is voldoende onderbouwd Er is sprake van een preventieve focus De gevraagd extra ondersteuning en zorg is aanvullend op bestaande voorzieningen Er wordt voldaan aan de in het kader opgenomen uitgangspunten Er wordt voldaan aan de in het kader opgenomen afwegingscriteria
Vanwege de positieve ervaringen wordt nu voorgesteld om deze werkwijze in schooljaar 20252026 te continueren.
7
2.
De Steltloper
De situatie op de basisschool De Steltloper is vergelijkbaar met die van de basisschool De Diabolo. Anders is dat De Steltloper de afgelopen schooljaren nog niet kon beschikken over extra ondersteuning en zorg zoals in De Diabolo het geval is geweest. Eind 2024 heeft de school contact opgenomen en aangegeven ook extra ondersteuning voor hun leerlingen nodig te hebben. Afgesproken werd eerst een goede analyse te maken om te kunnen bepalen welke ondersteuning nodig en passend is. De aanvraag die nu voorligt is daar het resultaat van. Daaruit blijkt dat de ondersteuningsbehoefte van de school zowel preventie als zorg betreft. Aanvullend op het bestaande schoolmaatschappelijk werk (5 uur per week). En aanvullend op de rol van de brugfunctionaris (PO). Waar de brugfunctionaris zich primair richt op het verbeteren van de samenwerking tussen school en ouders – met een focus op het versterken van ouderbetrokkenheid en het overbruggen van drempels naar hulpverlening – ligt de nadruk bij deze inzet op de dagelijkse presentie in de klas en het vroegtijdig signaleren van gedrag en sociaalemotionele problematiek bij kinderen. Het schoolmaatschappelijk werk is doorgaans meer casusgericht en wordt veelal ingezet bij al zichtbare problematiek.
De aanvullende inzet via deze pilot biedt juist laagdrempelige ondersteuning in een eerder stadium, dicht bij het kind, in samenwerking met ouders en leerkrachten. Door duidelijke afstemming en samenwerking binnen de ondersteuningsstructuur van de school neemt ieder zijn eigen rol in, waardoor overlap wordt voorkomen en de ondersteuning elkaar versterkt. Vandaar ook de vraag voor bekostiging van een preventiemedewerker (Impuls) en zorgmedewerker (jeugdhulpaanbieder). Deze medewerkers zullen deel gaan uitmaken van een multifunctioneel ondersteuningsteam. Dit bevordert de samenwerking tussen school, welzijn, preventie en zorg. Waarmee kennis duurzaam wordt overgedragen en de ondersteuningsstructuur op school wordt verbeterd. Daarnaast nog 4 themagerichte bijeenkomsten van 3 uren te organiseren voor ouders en leerkrachten. Beoordeling rekening houdend met eerder beschreven context en bijzondere omstandigheden: •
Met de extra ondersteuning en zorg zoals omschreven in de aanvraag loopt de school al vooruit op de ontwikkelingen in het kader van passend/inclusief onderwijs en de hervorming van de jeugdzorg (meer kinderen kunnen terecht bij voorzieningen aan de voorkant in plaats van specialistische jeugdhulp)
Beoordeling aan de hand van het richtinggevend afwegingskader: • • • • • •
Gesprekken met de school hebben de ondersteuningsbehoefte voldoende aangetoond Het subsidieverzoek is voldoende onderbouwd Er is sprake van een preventieve focus De gevraagd extra ondersteuning en zorg is aanvullend op bestaande voorzieningen Er wordt voldaan aan de in het kader opgenomen uitgangspunten Er wordt voldaan aan de in het kader opgenomen afwegingscriteria
Daarom het voorstel om akkoord te gaan met de aanvraag van de basisschool De Steltloper. 3.
Het Martin Buber
8
Het Martin Buber (HMB) bestaat pas 1 jaar. De school is begrijpelijkerwijs in ontwikkeling. En heeft naast de hiervoor beschreven (maatschappelijke) omstandigheden ook nog te maken met de uitdagingen van een nieuwe school en een nieuw team. Sinds de start van de school ervaart het team dat de leerlingen veel extra aandacht en ondersteuning nodig hebben. Op individueel- en groepsniveau en vanwege problematieken die spelen binnen het sociaal netwerk (thuis- en omgeving) van het kind. Het gaat over zaken van uiteenlopende aard (sociale vaardigheden, gedrag, sociaal-emotioneel, GGZ-problematiek, dyslexie, trauma, gameverslaving en hoogbegaafdheid). De school vraagt in verband hiermee om een “jeugd-expert” ter versterking van hun eigen basisondersteuning (docenten/coaches, stamgroepcoach, kernteam (met ondersteuner) en schoolmaatschappelijk werk. Dit is aanvullend op het schoolmaatschappelijk werk van 10 uur per week. Medewerkers van Impuls en ons team jeugdhulp is gevraagd om hier nadere betekenis aan te geven. Hetgeen op school wordt gezien is herkenbaar en niet uitzonderlijk. Andere scholen hebben hier ook mee te maken. Wellicht is het wel zo, dat HMB met zijn specifieke inrichting van het onderwijs ervoor zorgt dat dergelijke problemen eerder en meer opvallen en worden gesignaleerd.
De ondersteuningsstructuur van het HMB (zoals die volgens de Wet Passend Onderwijs op iedere school vorm moet worden gegeven) moet nog verder worden opgebouwd. Om zo goed mogelijk om te kunnen gaan met leerlingen met extra ondersteuningsbehoefte en de weg weten te vinden naar voorliggende voorzieningen en eventueel jeugdhulp. Het afgelopen schooljaar heeft HMB ons regelmatig benaderd voor ondersteuning en zorg voor kinderen van de school. Waaruit is gebleken dat hulp nodig is. In verband hiermee is/wordt HMB al extra ondersteund: • • • •
het maatschappelijk werk op school is/wordt uitgebreid naar 10 uren per week een consulent van ons team jeugdhulp is wekelijks 35 minuten beschikbaar voor informatie en advies men kan bij onze gedragswetenschappers terecht met vragen en dergelijke daarnaast nog incidentele extra hulp en ondersteuning voor specifieke interventies op school (Rots en Water en Sonestra gericht op sociaal-emotionele ontwikkeling en weerbaarheid en sexting)
De signalen vragen niettemin om een meerledige en samenhangende aanpak die niet alleen reactief maar ook preventief en ontwikkelingsgericht is. Zoals hiervoor ook al is vermeld bij de doelstelling van ondersteuning en zorg op school (preventie, zorg, bouwen aan de ondersteuningsstructuur en zoveel mogelijk gebruik maken van de voorzieningen aan de voorkant). En min of meer overeenkomstig de aanpak zoals die voor De Steltloper is bedacht. Een aanpak die ook aansluit op de aanvraag van HMB. Met dien verstande dat een onderscheid wordt gemaakt tussen een preventie- en een zorgmedewerker (beiden 40 weken van 15 uren). En 4 te organiseren themabijeenkomsten voor personeel en ouders. Dit is besproken met HMB en de school kan zich hierin vinden. Maar moet wel nog verder inhoudelijk en financieel worden uitgewerkt. Beoordeling rekening houdend met eerder beschreven context en bijzondere omstandigheden: •
Met de extra ondersteuning en zorg zoals wij die voor ogen hebben (preventie, zorg, bouwen aan de ondersteuningsstructuur en zoveel mogelijk gebruik maken van de voorzieningen aan de voorkant) loopt de school al vooruit op de ontwikkelingen in het kader van passend/inclusief onderwijs en de hervorming van de jeugdzorg (meer kinderen kunnen terecht bij voorzieningen aan de voorkant in plaats van specialistische jeugdhulp). Dit ligt ook 9
in het verlengde van de ambitie van HMB om leerlingen daar waar nodig zoveel mogelijk op school te ondersteunen om schooluitval of verwijzing te voorkomen Beoordeling aan de hand van het richtinggevend afwegingskader: • • • • • •
Gesprekken met de school hebben de ondersteuningsbehoefte voldoende aangetoond Het subsidieverzoek is voldoende onderbouwd. Wat niet wegneemt dat in reactie hierop een andere aanpak is voorgesteld Er is sprake van een preventieve en op de ontwikkeling van het schoolteam gerichte focus als wordt gekozen voor de meerledige aanpak De gevraagd extra ondersteuning en zorg is aanvullend op bestaande voorzieningen Er wordt voldaan aan de in het kader opgenomen uitgangspunten Er wordt voldaan aan de in het kader opgenomen afwegingscriteria
Daarom het voorstel om positief te besluiten in reactie op de aanvraag van HMB. En nader te overleggen over de invulling van extra ondersteuning en zorg op school naar analogie van de aanpak De Steltloper. Daarbij nadrukkelijk aantekenend, dat wordt verwacht dat HMB ook zelf stevig blijft investeren in de eigen ondersteuningsstructuur.
Kanttekeningen Financiën. De inzet vraagt om een forse investering, terwijl de financiële opbrengsten aan de achterkant – met name in termen van voorkomen of verkorten van jeugdhulptrajecten – pas op middellange tot lange termijn zichtbaar zullen zijn. Het effect van vroeg signalering en preventieve ondersteuning laat zich niet direct vertalen in directe kostenbesparing, maar uit zich geleidelijk in minder doorverwijzingen naar gespecialiseerde zorg, minder schooluitval, andere groepsdynamiek in de klas en een afname van multi-problematiek binnen gezinnen. De baten zijn niet alleen financieel van aard, maar ook maatschappelijk en sociaal: kinderen met hulpvragen worden eerder en beter ondersteund op de scholen, kunnen zich daardoor beter ontwikkelen, hebben een passende plek op school en vallen daardoor minder uit. Zodat ze eindelijk zelfstandig als volwassenen kansrijk kunnen meedoen en van betekenis kunnen zijn voor de samenleving. Ouders worden eerder en effectiever ondersteund en leerkrachten ervaren minder handelingsverlegenheid en werkdruk. Dit alles vertaalt zich op de lange termijn toch ook weer in financieel rendement. De voorgestelde pilots op de drie scholen vragen om op basis van vertrouwen en een lange termijnvisie te investeren, terwijl de opbrengsten op de korte termijn niet direct in cijfers terug te zien zullen zijn.
De inzet is op dit moment nog tijdelijk en afhankelijk van incidentele middelen. Dit betekent dat continuïteit op langere termijn niet gegarandeerd is. Om te kunnen spreken van een duurzame aanpak is structurele financiering noodzakelijk, evenals integratie van deze ondersteuning binnen de reguliere onderwijs- en zorgstructuren. Dit vraagt om nadere besluitvorming, niet alleen op gemeentelijk niveau, maar ook in regionaal verband (zie punt 4 onder context en bijzondere omstandigheden). Personele consequenties De uitvoering van deze aanpak staat of valt met de kwaliteit van de zorgprofessionals die laagdrempelig, outreachend, systemisch en zeker ook passend bij de hervorming van de jeugdzorg (normaliseren) kunnen werken binnen de schoolcontext. In de huidige krappe arbeidsmarkt is het echter niet vanzelfsprekend dat dergelijke professionals (direct) beschikbaar zijn, laat staan voor langdurige inzet op vaste scholen. Dit vraagt van betrokken partners – zoals Impuls, de scholen, aanbieders van jeugdhulp en de gemeente – om tijdig samen te werken aan personele planning, scholing en behoud van gekwalificeerd personeel. Daarnaast is het belangrijk om te investeren in 10
het opbouwen van duurzame relaties tussen zorgprofessionals, schoolteams en ouders, wat alleen lukt bij voldoende stabiliteit in bezetting. Een structurele voorziening biedt in dit opzicht meer zekerheid dan projectmatige inzet. Verwachtingen Er zullen zeker meer Kerkraadse scholen zijn die behoefte hebben aan extra ondersteuning en zorg. Gezien het nog te ontwikkelen (regionaal) beleid (zie punt 4 onder context en bijzondere omstandigheden) en de te verwachten financiële consequenties wordt voorgesteld om medewerking te verlenen aan de verzoeken van de basisscholen De Diabolo en De Steltloper en Het Martin Buber in de vorm van pilots. De evaluaties van deze ondersteuning moeten uitwijzen of deze werkwijze ook succesvol is. Voor het schooljaar 2025-2026 zullen de andere basisscholen en het voorgezet onderwijs in Kerkrade van het huidige reguliere zorgondersteuningsaanbod gebruik moeten maken. Met de Kerkraadse scholen en hun besturen zal hierover het gesprek worden gevoerd. HMB en de leerlingen van andere gemeenten De Parkstadgemeenten hebben afspraken gemaakt over het maatschappelijk werk op hun scholen voor voortgezet onderwijs. Dit schoolmaatschappelijk werk is ook een vorm van extra ondersteuning voor de scholen (en kan ook worden gezien als een schoolarrangement).
Kort gezegd houden de regionale afspraken in dat het maatschappelijk werk op de scholen wordt uitgevoerd door de welzijnsorganisatie van de gemeente waar de school is gevestigd. 2 De desbetreffende welzijnsorganisatie verzorgt het schoolmaatschappelijk werk voor alle leerlingen op de desbetreffende school. Dus ook voor de leerlingen van andere gemeenten. De gemeenten verrekenen de kosten hiervan onderling op basis van een overeengekomen norm schoolmaatschappelijk werk en verdeelsleutel op basis van aantal leerlingen. De extra ondersteuning en zorg die nu voor HMB wordt voorgesteld valt vooralsnog niet onder deze afspraken. Dus alle kosten komen voor rekening van de gemeente Kerkrade. Inrichting periodiek casusoverleg tussen onderwijs-gemeente Momenteel worden hierover door ons team jeugdhulp nieuwe afspraken gemaakt met de scholen. Dit betreft structurele aanwezigheid (bepaald aantal uren per week/2 weken/maand op alle scholen voor multidisciplinair overleg op school over ondersteuning en zorg voor leerlingen op school en/of thuis en hun ouders (het zogenaamde knooppuntenoverleg). Dit is aanvullend op de voorgestelde pilots.