6. Voorlopige jaarstukken 2025 SPL
Tekst van het document
In 2025 is de integratie van Decos-JOIN en iBabs gerealiseerd waarmee het digitaal beheer van archiefbescheiden en de openbaarmaking van documenten wordt bevorderd. Wanneer
57
-
Decos-JOIN organisatie-breed in gebruik is gaat dit bijdragen aan het actief openbaar maken van informatie. Het lag in de bedoeling om in 2025 een keuze voor een publicatie-platform te maken. Omdat de VNG in samenwerking met Logius (KOOP/PLOOI) is gestart met het opzetten van een zogenaamd handmatig aanleverloket (HAL) voor kleinere overheidsorganisaties die jaarlijks maximaal zo’n 200 documenten actief openbaar moeten maken. Omdat dit ook van toepassing is op SPL heeft SPL zich in 2025 bij de ontwikkeling van HAL aangesloten. Omdat voor HAL gebruik wordt gemaakt van een softwaresysteem van de rijksoverheid zal na het besluitvormingsproces in 2026 HAL in gebruik worden genomen en gaat SPL hiervan gebruik maken.
Financiën Op het gebied van financiën zijn diverse ontwikkelingen te melden: -
-
Voor de accountantscontrole boekjaren 2026-2029 wordt, met in acht name van de vereiste zorgvuldigheid, een formele aanbestedingsprocedure gevolgd. Deze is eind 2025 opgestart. Na de gunning c.q. opdrachtverlening aan de nieuwe accountant voor de accountantscontrole boekjaren 2026-2029 zal vervolgens een intensieve dossieroverdracht aan deze nieuwe accountant moeten gaan plaatsvinden. Eind 2025 hebben de eerste verkennende gesprekken plaatsgevonden inzake een mogelijke toekomstige uitvoering van de salarisadministratie door de gemeente Heerlen. EFK respectievelijk BDO hebben een cursus gegeven met betrekking tot BTW respectievelijk WKR. Daarnaast is enerzijds het Interne Controleplan 2025 opgesteld waarmee de aanvullende interne controles als basis kunnen blijven dienen voor de rechtmatigheidsverantwoording en anderzijds het controleprotocol voor de accountantscontrole op de jaarrekening 2025 vervaardigd om de reikwijdte van de accountantscontrole vooraf transparant vast te leggen. Er zijn tevens diverse verordeningen geactualiseerd: Beleid weerstandsvermogen en risicobeheersing, de Financiële Verordening en de Frauderisicoanalyse. Hiermee wordt eveneens opvolging gegeven aan de adviezen van de accountant.
Human Resources Op het gebied van HR zijn in 2025 stappen gezet zoals het verder ter hand nemen van vitaliteit binnen de organisatie naar aanleiding van de CAO-verplichting om een beleidsplan vitaliteit op te stellen en een nieuw opleidingsbeleid. In samenwerking met de Parkstadgemeenten is wederom het arbeidsmarktevent ‘Parkstad werkt’ georganiseerd. Deze netwerkbijeenkomst had onder andere wederom als doel om mensen kennis te laten maken met de werkzaamheden bij de deelnemende gemeenten en de Stadsregio Parkstad Limburg.
Begroting 2025
Begroting 2025 na 1e wijziging
Realisatie 2025
Verschil
Huisvesting
143
143
135
8
ICT
87
87
83
4
Bedrijfsvoering
Facilities
70
70
58
12
Administratie en planning en control
133
133
134
-1
Personeelskosten en hrm
120
120
147
-27
Totale bedrijfsvoeringskosten
553
553
557
-4
58
Toelichting In de begroting 2025 is een bedrag van € 553.000 voor bedrijfsvoering en huisvesting opgenomen. De gerealiseerde kosten voor bedrijfsvoering en huisvesting zijn op begrotingsniveau uitgekomen.
5.2 Loonkosten, formatie en bezetting Kernformatie en bezetting De loonkosten van de kernformatie moeten als één geheel gezien worden. De onderverdeling naar programma’s en overhead is op last van het BBV gemaakt. Begroting 2025 2.521
Begroting 2025 na 1e wijziging 2.521
Realisatie 2025 2.289
Verschil -232
Loonkosten kernformatie overhead
1.421
1.421
1.300
-122
Totaal
3.942
3.942
3.588
-354
Loonkosten totaal Loonkosten kernformatie programma activiteiten
De realisatie is € 354.000 lager dan begroot. De lagere loonkosten zijn het gevolg van (het later invullen van) vacatures voor een programma-adviseur duurzaamheid, een programma-adviseur GROS, een HR-adviseur en de coördinator Programma overstijgende activiteiten en subsidies. Tegenover de lagere personeelskosten van € 354.000 staan lagere bijdragen aan de personeelskosten vanuit de VAT RD2 (€ 205.000), RES (65.000) en frictiereserve (€ 21.000).
Totaal kernformatie FTE kernformatie programma activiteiten
Begroting 2025 20,0
Begroting 2025 na 1e wijziging 20,0
Realisatie 2025 19,2
Verschil -0,8
13,6 33,6
13,6 33,6
13,0 32,2
-0,6 -1,4
FTE kernformatie overhead FTE kernformatie
Het aantal medewerkers kernformatie per 31 december 2025 is 32.2 fte. In 2025 hebben er 5 uitdiensttredingen (4,72 FTE) plaatsgevonden. Hiervan zijn 1,83 fte (2 personen) met pensioen gegaan. In dienst zijn 3,5 FTE gekomen. De invulling van de in september 2025 vertrokken HR-functionaris heeft pas per 1 februari 2026 plaatsgevonden. Dit verklaart het verschil bij de overhead. Ook de vacature van de programma-adviseur Gros als gevolg van pensioen is pas begin 2026 ingevuld.
5.3 Frictiebudget In 2025 is er het volgende beroep op de frictiekosten gedaan.
Begroting 2025
Begroting 2025 na 1e wijziging
Realisatie 2025
Verschil
Eenmalige financiering 2,5 fte subsidieafhandeling
32
32
11
-21
Totale bedrijfsvoeringskosten
32
32
11
-21
Inzet frictiegelden
Voor 2025 waren eenmalig € 32.000 gebudgetteerd voor 2,5 fte subsidieafhandeling. Door de latere invulling
59
van vacatures wordt een deel van de kosten en de compenserende inzet van het frictiebudget doorgeschoven naar toekomstige jaren.
Beschikbaar 31-12-2025
Verwachte uitgaven na 2025
Eenmalige financiering subsidieafhandeling
112
112
Totale bedrijfsvoeringskosten
112
112
Inzet frictiegelden
6. Bedrag heffing vennootschapsbelasting Op basis van een inventarisatie van activiteiten is geconcludeerd dat Stadsregio Parkstad Limburg niet vpbplichtig is. Dit is bevestigd door de belastingdienst.
7. Onvoorzien In 2025 is er een post onvoorzien begroot van € 50.000. Hiervan is € 24.604 gebruikt voor onder andere luchtkwaliteitmeters, vergader- en presentatieschermen en een btw-onderzoek.
8. Mutatie reserves Begroting 2025
Begroting 2025 na 1e wijziging
Realisatie 2025
Verschil
241 0 0 0
241 0 0 5.620
241 0 0 2.675
0 0 0 -2.946
Totale stortingen
241
5.862
2.916
-2.946
Onttrekkingen aan reserves - Reserve Ringwegen - Organisatie op Orde - Frictiereserve - Investeringsreserve verbouwing - Reserve werkbudgetten flexibele schil - Reserve werkbudgetten
174 0 32 7 0 0
174 0 32 7 0 4.428
174 0 11 7 0 2.126
0 0 -21 0 0 -2.302
Totale ontrekkingen
213
4.641
2.318
-2.323
Gerealiseerde resultaat
-28
-1.221
-598
623
Mutatie reserves Stortingen in reserves - Reserve Ringwegen - Investeringsreserve verbouwing - Reserve werkbudgetten flexibele schil - Reserve werkbudgetten
60
9. Paragrafen 9.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf wordt ingegaan op de ontwikkeling van het weerstandsvermogen en de voorgeschreven financiële kengetallen. Op 17 december 2025 heeft het Parkstad-bestuur ingestemd met het geactualiseerde ‘Beleid Weerstandsvermogen en risicobeheersing’. Deze beleidsnotitie vormt de basis voor de risicobeheersing. Het weerstandsvermogen geeft de verhouding aan tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s. De door beheersmaatregelen afgedekte risico’s (via bijvoorbeeld voorzieningen of verzekeringen of andere maatregelen) hebben geen invloed op het weerstandsvermogen. De weerstandscapaciteit bestaat uit incidentele en structurele weerstandscapaciteit. De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve, stille reserves en incidentele begrotingsruimte. De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit onvoorzien structureel en structurele begrotingsruimte. Aangezien SPL geen stille reserves, geen incidentele begrotingsruimte en geen structurele begrotingsruimte heeft, bestaat de weerstandscapaciteit uit de algemene reserve en onvoorzien structureel. De post onvoorzien structureel was voor het jaar 2025 op € 50.000 bepaald. De post onvoorzien structureel is met ingang van Begroting(sjaar) 2026 jaarlijks op € 1.000 bepaald. Deze post wordt aangehouden voor onvoorziene uitgaven met een structureel karakter.
Het Dagelijks Bestuur is bevoegd de post onvoorzien als dekkingsmiddel aan te wenden voor uitgaven met een structureel karakter, waarvoor geen dekking kan worden gevonden binnen geautoriseerde budgetten en die kunnen worden aangemerkt als onvoorzienbaar, onvermijdbaar en niet uitstelbaar. Wanneer het Dagelijks Bestuur van deze bevoegdheid gebruik maakt, wordt daarover in de eerstvolgende bestuursrapportage c.q. het eerstvolgende jaarverslag verantwoording afgelegd. De algemene reserve heeft een omvang van € 115.000. Deze reserve wordt aangehouden voor onvoorziene uitgaven met een incidenteel karakter. Het Dagelijks Bestuur is bevoegd de algemene reserve als dekkingsmiddel aan te wenden voor uitgaven met een incidenteel karakter, waarvoor geen dekking kan worden gevonden binnen geautoriseerde budgetten en die kunnen worden aangemerkt als onvoorzienbaar, onvermijdbaar en niet uitstelbaar. Wanneer het Dagelijks Bestuur van deze bevoegdheid gebruik maakt, wordt daarover in de eerstvolgende bestuursrapportage c.q. het eerstvolgende jaarverslag verantwoording afgelegd. De Stadsregio Parkstad Limburg houdt geen verder eigen vermogen aan als weerstandsvermogen voor nietstructurele financiële risico’s, met het oog op de continuïteit van de organisatie en de taakvervulling. Dit risico wordt op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen gedragen door de deelnemende gemeenten.
Dat betekent dat Stadsregio Parkstad Limburg slechts dient te beschikken over enige financiële ruimte om tussentijdse incidentele financiële calamiteiten uit de eigen begroting af te kunnen dekken. Een algemene reserve van € 115.000 voldoet aan dit criterium. Dat ontslaat het regiobureau niet van de plicht tot een adequate risicobeheersing om de risico’s zoveel mogelijk te beperken. Risicobeheersing handelt over het rationeel beheersen van de risico’s. Voorwaarde daarvoor is het op systematische wijze inzicht verkrijgen in de risico’s die het regiobureau loopt: de risicoanalyse. Onderstaande risico’s worden thans onderkend:
61
Omschrijving
Kans
Totale omvang Impact (€) (€)
Toelichting
PM
PM
PM Generiek werkt SPL in de cloud bij een externe leverancier die op basis van de genomen continuïteits-maatregelen voldoende maatregelen (o.a. certificering ISO 27001 en NEN 7510) heeft genomen. Daarnaast heeft SPL nog een aantal minder kritische applicaties bij andere leveranciers in de cloud.
Complexiteit van de projecten
0,5
50.000
25.000 De complexiteit van de projecten wordt groter. Denk aan het innovatieve project Inpondmakelaar waar gebruik wordt gemaakt van een revolverend fonds, het grensoverstijgende project Velocity en de toenemende SISA-verantwoording voor specifieke uitkeringen zoals het Volkshuisvestingsfonds en Regio Deal II. Waar nodig wordt hiervoor specialistische kennis ingehuurd. Ook voor de interne organisatie heeft dat consequenties. Risico is dat hier additioneel 0,5 fte voor moet worden ingezet.
Ziekte
0,25
100.000
25.000 SPL is niet verzekerd voor het ziekterisico. Ingeval van uitval van kritische functionarissen zal externe ondersteuning ingehuurd moeten worden. De kosten hiervan zijn hoger dan de ziekteuitkering.
WW
0,25
100.000
25.000 SPL is eigenrisicodrager voor de WW. In het P-budget is normaliter enige ruimte om dit op te vangen. Gezien de beperkte omvang van de organisatie is de wet van de grote getallen voor SPL niet van toepassing. Indien een medewerker langdurig in de WW gaat, is dat niet gedekt door de begroting
Onrechtmatige betaling van facturen
0,25
20.000
5.000 De kans op onrechtmatige betaling van facturen, waaronder het opzettelijk niet volgen van het inkoop en aanbestedingsbeleid om zelf onrechtmatig voordeel te verkrijgen', wordt als laag ingeschat. Zaken worden binnen SPL breed gedeeld en er zijn veel dwarsverbanden. Materiële onterechte betalingen zouden gelijk opvallen.
Cyberrisico
De totaal berekende omvang van de risico’s bedraagt € 80.000. De weerstandscapaciteit bedraagt € 115.000. Dit leidt tot een weerstandsratio van nagenoeg/afgerond 1,4. SPL streeft in principe naar een minimale weerstandsratio van 1,0. Dit vooral door de risico’s zoveel mogelijk te mitigeren. Zoals in bovenstaand relaas aangegeven worden de risico’s uiteindelijk gedragen door de deelnemende gemeentes en wordt de genoemde weerstandsratio van 1,0 gehanteerd als minimale streefwaarde en niet als harde norm. Vanaf de begroting 2026 is een post onvoorzien structureel opgenomen van € 1.000 per jaar.
Financiële kengetallen Netto Schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van Stadsregio Parkstad Limburg ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Ter duiding van het kengetal geeft de VNG aan dat een kengetal boven de 100 een aanleiding voor alertheid is, een waarde boven de 130 is een signaal om in te grijpen. Het kengetal ‘netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen’ wijkt niet af van de netto schuldquote, omdat SPL geen leningen heeft verstrekt.
62
Solvabiliteitsratio Dit is de verhouding tussen het eigen vermogen en het balanstotaal en geeft inzicht in de mate waarin Stadsregio Parkstad Limburg in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid. Als signaalwaarde geldt een percentage van 20%. Structurele exploitatieruimte Om te bepalen of er sprake is van een structureel sluitende begroting worden in dit kengetal de structurele lasten uitgedrukt als percentage van de totale structurele baten (voor mutaties reserves) van een jaar. Een percentage kleiner dan 0% betekent dat de structurele baten ontoereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Realisatie 2024
Begroting 2025
Realisatie 2025
Norm
Netto schuldquote
20%
22%
18%
<100%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
20%
22%
18%
<100%
Solvabiliteitsratio
74%
91%
73%
>=20%
Structurele exploitatie
37%
0%
38%
>=0%
Kengetal
De netto schuldquote 2025 is ten opzichte van 2024 gedaald als gevolg van aflossing op de langlopende lening en lager dan de begroting doordat de verwerking van de cofinanciering op projecten als pm post in de begroting is opgenomen. De solvabiliteitsratio heeft een evenwichtig karakter. Het verschil tussen de realisatie van de structurele exploitatie ten opzichte van de begroting ontstaat met name doordat de rentebaten niet in de initiële begroting zijn opgenomen. De kengetallen van Stadsregio Parkstad Limburg vertonen een positief financieel beeld ten opzichte van de gebruikelijke normen.
9.2 Financiering Berekening Kasgeldlimiet per kwartaal
Q1
Q2
Q3
Q4
6.650
6.650
6.650
6.650
545
545
545
545
545
545
545
545
Totaal gemiddelde netto vermogen schuld
-89.356
-78.962
-71.183
-88.095
Ruimte (+) / overschrijding (-)
89.901
79.508
71.728
88.641
Begrotingslasten totaal Toegestane kasgeldlimiet: 8,2% van het begrtotingstotaal met een minumum van € 300.000 Toets kasgeldlimiet Toegestane kasgeldlimiet
De wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) geeft kaders voor de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden zoals voor liquiditeitsbeheer, financiering, uitzetting van gelden en renterisicobeheer. SPL heeft de navolgende instrumenten op het gebied van treasury: het treasurystatuut, de financieringsparagraaf in de begroting, de bestuursrapportages en het jaarverslag. In het treasurystatuut zijn uitgangspunten en kaders opgenomen ten aanzien van het risicobeheer inzake uitgezette gelden, het renterisicobeheer, het koersrisicobeheer, het kredietrisicobeheer, het intern liquiditeitsbeheer en het valutarisicobeheer. Financiering Stadsregio Parkstad Limburg SPL beschikt over één langlopende annuïteitenlening met een oorspronkelijke hoofdsom van € 5.800.000 met een resterende hoofdsom per 31 december 2025 van € 1.433.553. De lening heeft een totale looptijd van 23 jaar en is met een resterende looptijd van 4 jaar in 2029 geheel afgelost.
63
Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is de norm, gesteld in de Wet Fido, voor het maximumbedrag waarmee SPL de bedrijfsvoering met kortlopende middelen mag financieren. Het begrotingstotaal bedraagt de totale lasten volgens de begroting inclusief toevoegingen aan de reserves. De liquiditeitspositie van Stadsregio Parkstad Limburg is zodanig dat in 2025 geen beroep is gedaan op kasgeldfinanciering. Renterisiconorm De renterisiconorm beoogt het risico van rentewijziging bij herfinanciering te beheersen. Er worden geen renteherziening, herfinanciering van bestaande leningen dan wel nieuwe financieringen verwacht. De langlopende lening van SPL heeft uitsluitend betrekking op de voorfinanciering van de Buitenring. De renterisiconorm is dan ook niet overschreden in 2025. Berekening Renterisiconorm
2025
Renteherzieningen
€ 0,0 miljoen
herfinanciering
€ 0,0 miljoen
Totaal renterisico
€ 0,0 miljoen
Renterisiconorm (20% van begrotingstotaal)
€ 1,3 miljoen
Ruimte onder renterisiconorm (norm minus risico)
€ 1,3 miljoen
Schatkistbankieren Het prudent beleid met betrekking tot uitzettingen, zoals is opgenomen in het treasury statuut, bestaat uit het uitvoeren van het Schatkistbankieren. De maximaal toegestane liquiditeit op de eigen rekening van Stadsregio Parkstad Limburg is als gevolg van de regels van het Schatkistbankieren € 1.000.000. Een dergelijk bedrag is nodig voor het reguliere betalingsverkeer en kan niet rentedragend worden uitgezet. Het ‘spaarsaldo’ bij de schatkist is vanaf Q3-2022 weer rentegevend.
9.3 Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering wordt ingevuld via een mix van uitbesteden van taken op het terrein van huisvesting, facilitaire dienstverlening en ICT in combinatie met het in beperkte mate in eigen beheer uitoefenen van taken die dicht bij het primaire proces staan zoals secretariaat, communicatie, officemanagement, hrm, administratie en controlling. Het budget voor de bedrijfsvoering bedroeg in de oorspronkelijke begroting 2025 € 553.000. Voor onvoorzienbare en onvermijdbare uitgaven is een algemene reserve van € 115.000 in de cijfers van SPL opgenomen. Tevens is in 2025 ook een post “onvoorzien” van € 50.000 opgenomen. De gemeenten dragen op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen het financiële risico van niet structurele financiële risico’s van de GR SPL.
9.4 Verbonden Partijen Er zijn geen verbonden partijen.
64
9.5 Wet Open Overheid De Wet Open Overheid (Woo) vergroot voor iedereen de toegang tot overheidsinformatie, bevordert de actieve openbaarmaking, actualiseert de regels voor openheid en openbaarheid en heeft de verplichting om de informatiehuishouding van bestuursorganen op orde te brengen. De Woo stelt o.a. de verplichting om 17 gespecificeerde informatiecategorieën actief openbaar te maken. Deze verplichting zal gefaseerd (per informatiecategorie) in werking treden om organisaties (waaronder ook de Stadsregio Parkstad Limburg) de tijd te geven om de openbaarmaking van de verschillende categorieën voor te bereiden en in te richten. SPL streeft ernaar te voldoen aan de Woo door in ieder geval de op dat moment verplichte informatiecategorieën openbaar te maken. De in november 2024 verplicht gestelde categorieën zijn door SPL op de website gepubliceerd. In de Woo-index is, naast algemene informatie over en contactgegevens van de Stadsregio Parkstad Limburg, de locatie te vinden van de openbaar gemaakte en te maken informatiecategorieën. Voor SPL betreft deze tot op heden de eigen website. Omdat de website van SPL niet is toegerust op de publicatie van alle actief te openbaren informatie is in 2024 onderzoek gedaan naar een publicatie-platform. Het lag in de bedoeling om in 2025 een keuze voor een publicatie-platform te maken.
Omdat de VNG in samenwerking met Logius (KOOP/PLOOI) is gestart met het opzetten van een zogenaamd handmatig aanleverloket (HAL) voor kleinere overheidsorganisaties die jaarlijks maximaal zo’n 200 documenten actief openbaar moeten maken. Omdat dit ook van toepassing is op SPL hebben wij ons bij de ontwikkeling van HAL aangesloten. Omdat voor HAL gebruik wordt gemaakt van een softwaresysteem van de rijksoverheid zal na het besluitvormingsproces HAL in gebruik worden genomen en gaat SPL hiervan gebruik maken. De actieve openbaarmakingsplicht vergt ook een aanpassing van de interne informatiehuishouding en de administratieve processen binnen de organisatie Het op 12 april 2023 door het DB vastgestelde beleidsplan Beleid informatiebeheer 2023 - 2026 wordt in 2026 geactualiseerd naar de periode 2026 - 2030. Het doel is en blijft om het informatiebeheer in brede zin binnen SPL te verbeteren, transparanter te maken en om het bewustzijn van de omgang met informatie bij medewerkers te vergroten en in het werk van SPL te verankeren. Er wordt gestreefd om de kloof tussen het beheren van papieren- en digitale informatie, alsook de kloof tussen gestructureerde (gericht op database beheer) en ongestructureerde informatie (gericht op documentbeheer) te dichten.
Het implementatietraject van Decos-JOIN als Document Management Systeem voor het digitaal beheer van archiefbescheiden is in 2024 gestart en zal volgens actuele planning in 2026 worden afgerond. Dit systeem gaat SPL in staat stellen om documenten efficiënt en effectief digitaal te beheren gedurende hun hele levenscyclus (documenten veilig, digitaal opslaan, gemakkelijk vinden, delen, bewerken en archiveren). Met de ingebruikname van iBabs in 2024 voor de vergaderingen van o.a. AB/DB en Bestuurscommissies worden de vergaderstukken (agenda’s en onderliggende stukken) digitaal beschikbaar gesteld. In 2025 is de integratie van Decos-JOIN en iBabs gerealiseerd, waarmee de openbaarmaking van documenten wordt bevorderd. Zodra Decos-JOIN organisatie-breed in gebruik is gaat dit bijdragen aan het actief openbaar maken van informatie.
65
9.6 Rechtmatigheidsverklaring In de rechtmatigheidsverantwoording worden fouten en/of onduidelijkheden opgenomen welke de verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten (exclusief toevoeging aan de reserve) overschrijden. Daarnaast dienen alle fouten en/of onduidelijkheden gelijk aan of groter dan €50.000 gerapporteerd te worden in de paragraaf bedrijfsvoering. Begrotingscriterium Het Dagelijks Bestuur heeft de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. De toe te passen normen zijn gebaseerd op artikelen 189, 190 en 191 van de Gemeentewet welke onder andere nader geduid zijn in de financiële verordening van Stadsregio Parkstad Limburg. De financiële beheershandelingen van Stadsregio Parkstad Limburg dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de toereikendheid van het begrotingsbedrag alsmede het begrotingsjaar van belang zijn. De lastenoverschrijdingen zijn per programma in de jaarrekening opgenomen. Bij de rechtmatigheidscontrole van de begroting door het Dagelijks Bestuur zijn geen fouten of onduidelijkheden vastgesteld die groter of gelijk aan de rapportagegrens van € 50.000 zijn. Voorwaardencriterium Het Dagelijks Bestuur heeft op basis van het voorwaardencriterium de rechtmatigheid gecontroleerd. Daarbij zijn de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen van Stadsregio Parkstad Limburg in acht genomen.
In het kader van het proces inkopen betrekken wij de naleving van de Europese aanbestedingsregels in onze controle. De interne aanbestedingsregels maken geen deel uit van de rechtmatigheidscontrole. De rechtmatigheidscontrole van het proces inkopen heeft in 2025 geen onrechtmatigheden opgeleverd. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium In december 2024 is de notitie misbruik en oneigenlijk gebruik geaccordeerd door het Algemeen Bestuur. Uit de rechtmatigheidscontrole misbruik en oneigenlijk gebruik zijn in 2025 geen onrechtmatigheden gebleken.
9.7 Ondernemingsraad De Ondernemingsraad (OR), opgericht in maart 2024 in het kader van de groei en professionalisering van de organisatie, heeft in 2025 zijn positie verder verstevigd. De OR bestaat uit drie werknemers en werkt op basis van het OR-convenant en het eigen reglement, waarin de onderlinge afspraken en werkwijze zijn vastgelegd. In het jaarplan van de OR zijn organisatieontwikkeling, strategisch personeelsbeleid en vitaliteitsbeleid als speerpunten vastgelegd. In 2025 is de overlegstructuur met de WOR-bestuurder gecontinueerd via reguliere overlegvergaderingen. Daarnaast heeft een overleg plaatsgevonden conform artikel 24 van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) met de portefeuillehouder personeel en organisatie van het Dagelijks Bestuur, gericht op de algemene gang van zaken en toekomstige ontwikkelingen binnen de organisatie. Een belangrijk aandachtspunt voor de OR in 2025 was de adviserende rol bij de werving en selectie van een nieuwe directeur. De OR is hierbij in een vroeg stadium betrokken en heeft input geleverd voor het opstellen van het functieprofiel en het verdere wervingsproces. Gedurende het wervingsproces heeft de OR haar adviesrol vervuld conform de bepalingen van de WOR. Het traject om te komen tot een beleidsplan vitaliteit, zoals opgenomen in de cao SGO en eerder in gang gezet in samenwerking met HR en het MT, heeft in 2025 vertraging opgelopen.
De OR blijft dit onderwerp
66
echter als een belangrijk speerpunt zien en beschouwt de verdere uitwerking en vaststelling van het vitaliteitsbeleid als prioriteit voor de komende periode. Naast deze trajecten heeft de OR ook in 2025 regelmatig intern overleg gevoerd. De vastgestelde verslagen van zowel de interne overleggen als de overlegvergaderingen met de WOR-bestuurder zijn intern beschikbaar gesteld. De OR blijft zich inzetten voor een constructieve samenwerking met bestuurder, MT en medewerkers, met als doel bij te dragen aan een gezonde en professionele organisatie.
67
10. Balans (Bedragen x € 1.000) Activa
31-12-2025
31-12-2024
Vaste Activa
5.664
5.941
Immateriële Vaste activa Bijdragen aan activa eigendom van derden
5.619 5.619
5.883 5.883
45 45
58 58
Vlottende Activa
89.060
94.903
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen
88.587
94.179
495
478
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
88.092
93.697
Overige vorderingen
0
4
Liquide middelen Kassaldi Banksaldi
3 0 3
2 0 2
Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel: - Europese Overheidslichamen (EU) - Overige Nederlandse overheidslichamen
470
722
0 0
0 17
Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
470
705
94.724
100.844
Materiële Vaste activa Investeringen met een economisch nut
Totaal Activa
68
Passiva
31-12-2025
31-12-2024
Vaste Passiva
13.387
13.246
Eigen vermogen
11.752
11.361
Algemene Reserve
115
115
Bestemmingsreserves
11.605
10.837
Gerealiseerde resultaat
33
409
Voorzieningen
201
128
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's
201
128
1.434
1.757
Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
1.434
1.757
Vlottende Passiva
81.337
87.597
Netto vlottende schulden met een rentetypische
6.756
476
0
0
Overige schulden
6.756
476
Overlopende Passiva
74.581
87.121
281
110
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen van:
looptijd korter dan één jaar Banksaldi
Verplichtingen die in een begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren: -
Europese Overheidslichamen
17
15
-
Het Rijk
837
612
-
Overige Nederlandse overheidslichamen
797
695
Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende
72.649
85.689
94.724
100.844
begrotingsjaren komen Totaal Passiva
69
11. Overzicht baten en lasten 2025
Begroting 2025
Begroting 2025 na 1e wijziging
Realisatie 2025
Verschil
4.385
5.452
5.728
276
0
48
48
0
4.385
5.500
5.776
276
- Programma kerntaken
901
3.336
2.955
-381
- Programma fexibele schil
0
48
48
0
901
3.384
3.003
-381
-3.484
-2.116
-2.773
-657
Omschrijving Lasten programma's - Programma kerntaken - Programma fexibele schil Totale lasten programma's Baten programma's
Totale baten programma's Gerealiseerd saldo van baten en lasten programma's Lasten divers: - Algemene dekkingsmiddelen
0
0
0
0
- Overhead
1.974
1.974
1.857
-117
- Onvoorzien
50
50
25
-25
- Vennootschapsbelasting
0
0
0
0
2.024
2.024
1.881
-143
Totale lasten divers Baten divers: - Algemene dekkingsmiddelen
4.955
4.955
4.953
-2
- Bijdragen gemeenten uitbreiding Duurzaamheid
134
134
133
-1
- Bijdragen gemeenten Water en klimaatadaptatie
237
237
237
0
- Bijdrage RES uitbreiding Duurzaamheid
134
134
69
-65
- 10% rentebaten
76
-99
-106
-7
- Vennootschapsbelasting
0
0
0
0
Totale baten divers
5.536
5.361
5.285
-76
Gerealiseerd saldo van baten en lasten divers
3.512
3.337
3.404
67
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten
28
1.221
631
-590
Stortingen in reserves - Reserve Ringwegen
241
241
241
0
- Investeringsreserve verbouwing
0
0
0
0
- Reserve werkbudgetten flexibele schil
0
0
0
0
- Reserve werkbudgetten Dagelijks Bestuur
0
5.620
2.675
-2.946
241
5.862
2.916
-2.946
- Reserve Ringwegen
174
174
174
0
- Organisatie op Orde
0
0
0
0
- Frictiereserve
32
32
11
-21
- Investeringsreserve verbouwing
7
7
7
0
- Reserve werkbudgetten Bestuurscommissies
0
4.428
2.126
-2.302
Totaal onttrekkingen aan reserves
213
4.641
2.318
-2.323
Saldo stortingen en onttrekkingen aan reserves
-28
-1.221
-598
623
0
0
33
33
Totaal stortingen in reserves Onttrekkingen aan reserves
Resultaat
70
12. Toelichtingen 12.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording Provincies en gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het Algemeen Bestuur de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. Alle bedragen in de jaarrekening, tabellen en de toelichtingen daarop zijn genoteerd in duizendtallen tenzij anders vermeld. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben.
Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijkse terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken toegekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Met betrekking tot de werkbudgetten, projectlasten, projectbaten en bestemmingsreserves van de bestuurscommissies geldt het volgende: baten en lasten opgenomen naar rato van de voortgang van het werk. Tekorten en overschotten worden verwerkt in de bestemmingsreserve werkbudget van de betreffende bestuurscommissie. Per saldo is het gerealiseerde resultaat -net als in de begroting- nihil.
BALANS Vaste activa Immateriële vaste activa Algemeen De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- c.q. vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. Eventuele van derden verkregen specifieke investeringsbijdragen worden in mindering gebracht op het geactiveerde bedrag (artikel 62 lid 2 BBV). Hierbij wordt de verkregen bijdrage als bate verantwoord. Bijdragen aan activa in eigendom van derden Bijdragen aan activa van derden worden conform artikel 62 en 63 BBV gewaardeerd tegen het bedrag van de verstrekte bijdragen, verminderd met afschrijvingen. Bijdragen aan activa in eigendom van derden, worden geactiveerd in overeenstemming met art. 61 BBV als: • er sprake is van een investering door een derde; • de investering bijdraagt aan de publieke taak;
71
• •
de derde zich heeft verplicht tot het daadwerkelijk investeren, op een wijze zoals is overeengekomen en de bijdrage kan worden teruggevorderd, indien de derde in gebreke blijft of de derde anders recht kan doen gelden op de activa die samenhangen met de investering.
Alleen als de bijdrage aan alle voorwaarden voldoet wordt deze verantwoord onder de immateriële vaste activa (art. 36 BBV). De verleende bijdragen worden afgeschreven in de periode waarin het betrokken actief van de derde op basis van de door de Provincie Limburg gestelde voorwaarden moet bijdragen aan de publieke taak. Na afstemming met de Provincie Limburg bedragen de gehanteerde afschrijvingstermijnen in jaren: • Asfaltconstructie 15 • Funderingsconstructie 40 Het totale bedrag van de afschrijving van de Buitenring is door de Provincie verdeeld op basis van percentages: • Asfaltconstructie 28% • Funderingsconstructie 72%
Materiële vaste activa Algemeen De materiële activa zijn gewaardeerd op basis van de verkrijgingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en bijkomende kosten. Materiële activa kleiner dan € 15.000 zijn niet geactiveerd, maar direct verantwoord als lasten in het lopende boekjaar. Dit is conform het Besluit van het Dagelijks Bestuur van 15 december 2021. Het startmoment van de afschrijvingen is vastgelegd in de destijds geldende door het Dagelijks Bestuur vastgestelde Financiële verordening Stadsregio Parkstad Limburg 2011 d.d. 21 februari 2011. De verbouwing (bedrijfsgebouwen) wordt vanaf 2022 lineair in 8 jaar afgeschreven zonder restwaarde. De afschrijvingen starten in het boekjaar volgend op het jaar van ingebruikname. Investering met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs. Bij de waardering is, waar nodig, rekening gehouden met een (verwachte) duurzame waardevermindering.
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen De vorderingen (waaronder debiteuren) worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.
72
Vaste passiva Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de algemene- en de bestemmingsreserves, alsmede het nog te bestemmen resultaat van de jaarrekening. Het nog te bestemmen resultaat over het afgesloten boekjaar wordt afzonderlijk gepresenteerd als onderdeel van de algemene reserve. Na besluitvorming door het Algemeen Bestuur wordt de resultaatbestemming verwerkt in het daaropvolgende boekjaar. Voorzieningen Voorzieningen zijn de op het moment van opstellen van de jaarrekening voorzienbare verplichtingen, verliezen en/of risico’s voor zover de omvang hiervan redelijkerwijs is in te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
12.2 Toelichtingen op de balans per 31 december 2025 Activa Vaste Activa Immateriële vaste activa Omschrijving
31-12-2025
31-12-2024
Bijdragen aan activa in eigendom van derden
5.619
5.883
Totaal
5.619
5.883
Het aandeel van Stadsregio Parkstad Limburg in de financiering van de buitenring bedraagt € 7.204.000. Dit bedrag is eind 2006 betaald aan de Provincie Limburg en wordt afgeschreven vanaf 2020, een jaar nadat de Buitenring gereed is.
Bijdragen aan activa in eigendom van derden
Boekwaarde 31-12-2024
Investeringen
Desinvesteringen
Afschrijvingen
Bijdragen van derden
Afwaarderingen
Boekwaarde 31-12-2025
Buitenring asfaltconstructie
1.346
0
0
134
0
0
1.212
Buitenring funderingsconstructie
4.537
0
0
130
0
0
4.407
Totaal
5,883
0
0
264
0
0
5,619
73
Materiële vaste activa Omschrijving Bedrijfsgebouwen Machines, apparaten en installaties Totaal Bijdragen aan activa in eigendom van derden Bedrijfsgebouwen Machines, apparaten en installaties Totaal
31-12-2025 30 15 45
31-12-2024 37 21 58
Boekwaarde 31-12-2024 37
Investeringen 0
Desinvesteringen 0
Afschrijvingen 7
Bijdragen van derden 0
Afwaarderingen 0
Boekwaarde 31-12-2025 30
21
0
0
6
0
0
15
58
0
0
13
0
0
45
Besteed t/m 2024
Werkelijk besteed in 2025
Cumulatief besteed t/m 2025
Bedrijfsgebouwen (Verbouwing C200 en J300)
56
0
56
Printer
19
0
19
Belcellen
17
0
17
Totaal
92
0
92
Omschrijving
Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd < 1 jaar De specificatie van deze post luidt als volgt:
Omschrijving Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar Overige vorderingen Totaal
Boekwaarde 31-12-2025
Voorziening
Boekwaarde 31-12-2025
Boekwaarde 31-12-2024
495
0
495
478
88.092
0
88.092
93.697
0
0
0
4
88.587
0
88.587
94.180
Vorderingen op openbare lichamen Openstaande debiteuren op openbare lichamen Dit betreffen vorderingen op openbare lichamen, zoals gemeenten en de Provincie. Deze vorderingen hebben in het algemeen een ander risicoprofiel dan de privaatrechtelijke vorderingen en zijn nagenoeg geheel begin 2025 ontvangen. Op basis van individuele beoordeling is er geen voorziening debiteuren benodigd per 31 december 2025.
74
Omschrijving
31-12-2025
31-12-2024
Openstaande debiteuren
13
69
Voorziening dubieuze debiteuren
0
0
Te vorderen BTW
482
409
Totaal
495
478
Uitzettingen in ’s Rijksschatkist met een rente typische looptijd < 1 jaar Het verplichte schatkistbankieren schrijft voor dat (tijdelijke) kasoverschotten boven het drempelbedrag moeten worden aangehouden bij het Rijk. Het drempelbedrag voor Stadsregio Parkstad Limburg is € 1.000.000. De toetsing hierop vindt plaats op basis van de gemiddelde banksaldi per kwartaal. In 2025 is de norm voor schatkistbankieren niet overschreden zoals blijkt uit het volgende overzicht. Benutting drempelbedrag schatkistbankieren 2025
Q1
Q2
Q3
Q4
Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen
1
4
2
1
1.000
1.000
1.000
1.000
999
996
998
999
0
0
0
0
Drempelbedrag Ruimte onder drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Berekening drempelbedrag Begrotingstotaal verslagjaar
6.650
Het deel van het begrotingsjaar kleiner of gelijk aan € 500 miljoen
6.650
Het deel van het begrotingsjaar dat de € 500 miljoen te boven gaat Drempelbedrag 2025
0 1.000
Overige vorderingen Omschrijving
31-12-2025
31-12-2024
Te vorderen personeelskosten
0
4
Totaal
0
4
Liquide middelen De samenstelling van de post liquide middelen is als volgt: Omschrijving 31-12-2025
31-12-2024
Bank
3
2
Kas
0
0
Totaal
3
2
EMU-saldo Het EMU-saldo (rekeningsaldo) is het verschil tussen de inkomsten en de uitgaven van de overheid (de Rijksoverheid, sociale fondsen en de decentrale overheden) van een bepaald land in een bepaald jaar. Er kan een tekort of een overschot op de begroting zijn. Decentrale overheden dienen het EMU-saldo te berekenen,
75
zodat op macroniveau het EMU-saldo voor Nederland kan worden bepaald. Het EMU-saldo van de Stadsregio Parkstad Limburg voor de jaarrekening 2025 is in het volgende overzicht weergegeven. EMU saldo Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17) Afschrijvingen ten laste van de exploitatie Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op de exploitatie verantwoord Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan) Baten bouwgrondexploitatie (niet op de exploitatie verantwoord) Lasten op balanspost Voorzieningen voor zover deze transacties met derden betreffen Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten) Verkoop van effecten (verwachte boekwinst) Berekend EMU saldo
2024
2025
2026
2027
2028
3.487
631
-126
-114
-98
5
6
0
0
0
82
73
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0 3.574
0 710
0 -126
0 -114
0 -98
Overlopende activa Omschrijving
31-12-2025
31-12-2024
- Europese Overheidslichamen (EU)
0
0
- Overige Nederlandse overheidslichamen
0
17
Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
470
705
Totaal
470
722
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel:
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel.
76
Europese Overheidslichamen (EU)
31-12-2025
Ontvange n bedragen
Vrijgevallen bedragen / terugbetalingen
Balansverschuiving
31-12-2024
Interreg EMR RE-USE *
1
1
0
0
0
Totaal
1
1
0
0
0
31-12-2025
Ontvangen bedragen
Vrijgevallen bedragen / terugbetalingen
Balansverschuiving
31-12-2024
Isolatie en verduurzamingsprogramma
0
0
17
0
17
Totaal
0
0
17
0
17
Omschrijving
* Project omgeslagen naar overlopende passiva
Omschrijving
Isolatie en verduurzamingsprogramma € 0 en € -17 Met vaststelling van de Transitievisie Warmte 1.0 hebben diverse Parkstad-gemeenten aangegeven een regionaal isolatie- en verduurzamingsprogramma op te willen stellen voor (particuliere) huishoudens in Parkstad. Het budget werd gerealiseerd met cofinanciering vanuit een provinciale subsidie. Per 31 december 2024 bedroeg de boekwaarde € - 17. Na afronding van alle subsidieverplichtingen is het project in 2025 financieel afgerond, waarbij het tekort is gedekt vanuit het werkbudget isolatie en verduurzamingsprogramma. Per 31 december 2025 bedroeg de boekwaarde € 0.
Omschrijving
31-12-2025
31-12-2024
Overige nog te ontvangen bedragen
402
679
Overige vooruitbetaalde bedragen
68
26
MoNUment
0
0
470
705
Totaal
Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Het overzicht van het eigen vermogen luidt als volgt: Omschrijving
31-12-2025
31-12-2024
115
115
Bestemmingsreserves
11.605
10.837
Gerealiseerd resultaat
33
409
11.752
11.361
Algemene reserve
Totaal
77
In onderstaand overzicht zijn de mutaties van de reserves weergegeven.
Boekwaarde 31-12-2024
Balansverschuiving
Toevoeging
Onttrekking
Bestemming resultaat vorig boekjaar
115
0
0
360
360
0
115
115
0
0
360
360
0
115
36
0
0
7
0
0
29
Egalisatie frictiekosten
123
0
0
11
0
0
112
Ringwegen Städte Region Aachen / EGTS Werkbudget Algemeen Bestuur Werkbudget Dagelijks Bestuur
3.885
0
219
0
0
152
3.952
8
0
0
0
0
0
8
15
0
0
0
0
0
15
3.214
0
2.103
665
49
0
4.701
Omschrijving Algemene reserve Parkstad Totaal algemen reserves Investeringsreserve verbouwing
Vermindering ter dekking van afschrijving
Boekwaard e 31-122025
Werkbudget BC SES
59
0
20
26
0
0
53
Werkbudget GROS Werkbudget BC Duurzaamheid
105
122
35
87
0
0
176
513
0
78
119
0
0
472
Werkbudget BC RuMo Werkbudget BC Wonen en Herstructurering Werkbudget BC Economie en Toerisme Werkbudget Organisatie Op Orde Totaal bestemmingsreserve
464
142
48
0
0
559
1.912
0
104
1.019
0
0
997
438
0
192
162
0
0
467
65
0
0
0
0
0
65
10.837
122
2.894
2.145
49
152
11.605
Gerealiseerd resultaat
409
0
33
0
-409
0
33
Totaal gerealiseerde resultaat
409
0
33
0
-409
0
33
11.361
122
2.926
2.505
0
152
11.752
Totaal
Algemene Reserve Het Dagelijks Bestuur is bevoegd de algemene reserve als dekkingsmiddel aan te wenden voor onvoorziene en onvermijdbare uitgaven met een incidenteel karakter. In 2025 is van deze bevoegdheid geen gebruik gemaakt. Balansverschuivingen De balansverschuiving betreft een bedrag van € 122.000. Vanuit de bestuurscommissie E&T is in 2025 geconstateerd dat het project Destinatiemarketingplan 'Dit is Parkstad: Duitse markt' geclassificeerd dient te worden als werkbudget GROS. Het project heeft een omvang van € 122.000. Investeringsreserve verbouwing De Investeringsreserve verbouwing dient ter afdekking van de afschrijvingskosten van de verbouwing van de locaties C200 en J300. De jaarlijkse afschrijvingskosten zijn € 7.016. Reserve Egalisatie frictiekosten Het resterende frictiebudget wordt ingezet voor de eenmalige financiering van subsidieafhandeling in komende jaren. Reserve Ringwegen De reserve ringwegen dient ter afdekking van de afschrijvingskosten van de investeringsbijdrage van € 7,2 miljoen van Stadsregio Parkstad Limburg op basis van het bestuursconvenant Binnen- en Buitenring Parkstad Limburg van 15 november 2005. De afschrijvingen lopen door tot 2060. Tot en met 2034 dragen de Parkstadgemeenten bij aan de afschrijvingskosten van de Buitenring en de rentelasten van de daarvoor aangegane
78
lening. Voor 2025 is de bijdrage € 400.000. In de periode 2026-2034 is de jaarlijkse bijdrage € 200.000. De lening loopt tot 2030. In 2035 volgt nog een restbijdrage van € 2.648. Het verschil tussen de bijdrage van de Parkstadgemeenten en de afschrijvingskosten en rentelasten wordt aan de reserve Buitenring toegevoegd voor de dekking van de afschrijvingskosten na 2034. Reserve Städte Region Aachen/ EGTS Deze reserve is door de resultaatbestemming jaarrekening 2009 en 2010 gevormd uit budgetoverschotten van de AG Charlemagne (de voorloper naar een EGTS). Het doel is de aanloop naar de vorming van een EGTS mogelijk te maken. In 2025 heeft hier geen mutatie op plaatsgevonden. De verwachting is dat deze reserve nog aangesproken gaat worden in de toekomst. Reserve Werkbudget Algemeen Bestuur Bij het instellen van de reserve (12 oktober 2016) is besloten dat de in enig jaar niet bestemde middelen van de werkbudgetten van de bestuurscommissies en het dagelijks bestuur kunnen worden toegevoegd aan de reserve werkbudget Algemeen Bestuur. Reserves Werkbudgetten Dagelijks Bestuur en bestuurscommissies Om aansluiting te vinden met het BBV worden vanuit de balans voor de projecten op basis van het realisatiebeginsel en matchingprincipe de baten en lasten naar rato van de voortgang van het project verantwoord in de exploitatie.
Baten en lasten worden in de staat van baten en lasten opgenomen naar rato van de voortgang van het werk. Tekorten en overschotten worden verwerkt in de bestemmingsreserve “Werkbudgetten bestuurscommissies”. Organisatie op orde Per 31 december 2024 is het restant van de reserve organisatie op orde, afgerond € 65.000. De reserve is in 2025 niet gewijzigd en het restant bedraagt per 31-12-2025 eveneens € 65.000. De verwachting is dat deze middelen in 2026 en verder benodigd zullen zijn. Werkbudget Dagelijks Bestuur Werkbudget Dagelijks Bestuur Winstbestemming 2022 en 2023 Project Symposium Brede Welvaart Project Veiligheid 25 jaar Parkstad Nationaal Programma Vitale Regio's (NPVR) Opstart traject Culturele Hoofdstad Handlingskosten Regio Deal Programma overstijgende activiteiten Cofinanciering rente 2023 (90%) Cofinanciering rente 2024 Cofinanciering rente 2025 Dagelijks Bestuur
Boekwaarde 31-12-2024 234
Balansverschuiving 0
Toevoeging 0
Onttrekking 0
Bestemming resultaat vorig boekjaar 0
Boekwaarde 31-12-2025 234
9
0
0
0
0
9
5 26
0 0
0 0
0 0
0 0
5 26
0
0
343
0
0
343
0
0
122
0
0
122
79
0
0
0
0
79
256
0
0
97
49
207
446 2.158 0 3.214
0 0 0 0
0 0 1.638 2.103
446 122 0 665
0 0 0 49
0 2.036 1.638 4.701
Nationaal Programma Vitale Regio's (NPVR) € 343 (€ 0) In het Nationaal Programma Vitale Regio’s (NPVR) werken rijk en regio in 11 gebieden in Nederland aan het vergroten van de brede welvaart. Elke regio maakt een plan met daarin de visie op de regio voor 2045 en stelt vervolgens een uitvoeringsagenda op met daarin de concrete activiteiten die rijk en regio de komende vier jaar zullen uitvoeren om een bijdrage te leveren aan de gestelde doelen. Voor de ontwikkeling van de regioplannen en uitvoeringsagenda’s en de opstart van de uitvoering stelt het ministerie van BZK voor elke regio € 350.000 per jaar ter beschikking, voor een periode van drie jaar (2025, 2026 en 2027).
79
Opstart traject Culturele Hoofdstad € 122 (€ 0) In 2026 zal duidelijk moeten blijken in hoeverre kandidaatstelling voor Culturele Hoofdstad 2033 aan de orde is en wat de gevolgen voor de Parkstad gemeenten zijn. Programma overstijgende activiteiten € 207 (€ 256) Voor programma-overstijgende activiteiten is geen ruimte in het reguliere werkbudget van Parkstad. In de jaarrekening 2023 is een incidenteel budget/reserve budget DB van € 367.000 opgenomen uit de vrijval van het restant budget project Super Circular Estate (€ 256.000), de vrijval van de reserve stortplaatsen (€ 65.000), de reserve werkbudget voorgaande jaren (€ 6.000) en winstbestemming 2022 (€ 40.000). Deze middelen worden ingezet voor programma overstijgende activiteiten zoals het Nieuw narratief, Jongerenperspectief, Jongerenparticipatie, Energierechtvaardigheid en uitvoering van Regio Deals. Cofinanciering rente 2023/2024/2025 € 0, € 2.036 en € 1.638 (€ 0, € 446 en € 2.158) Sinds Q4 2022 ontvangt Stadsregio Parkstad Limburg rente over de uitstaande gelden in de schatkist. In diverse overleggen is deze ontwikkeling aan bod gekomen en het Algemeen Bestuur heeft op 13 december 2023 besloten om 90% van de rentebaten 2023, in zijn geheel in te zetten om de kostenstijgingen van projecten van de Regio Deal en het Volkshuisvestingsfonds (gedeeltelijk) te dekken.
In 2025 zijn de rentebaten over 2023 aan specifieke projecten toegerekend. In de loop van 2026 zal een besluit worden voorbereid om ook de rentebaten van 2024 en 2025 aan specifieke projecten toe te wijzen. Werkbudget bestuurscommissie SES
Projecten SES
Boekwaarde3112-2024
Platformfunctie SES
43
Onderwijs Arbeidsmarkt
11
Rijke Schooldagen
0
Onderzoek en monitoringeffecten SES aanpak
3
Gezondheid en Vitaliteit ism VIE
2
Projecten SES
59
Balansverschuiving 0 0 0 0 0 0
Toevoeging
Onttrekking
0
16
0
11
7
0
6
0
7
0
20
26
Bestemming resultaat vorig boekjaar
Boekwaarde 31-12-2025 28
0
0
0
7
0
9
0
9
0 0
53
Platformfunctie SES € 28 (€ 43) Binnen de post “Platformfunctie” zijn er middelen ingezet ten behoeve van het ontwerp en drukkosten van de infobladen SES, zijn er kosten gemaakt ten behoeve van de inzet van een ervaringswerker tijdens een bijeenkomst en is de deelname aan het Divosa congres door twee programma medewerkers bekostigd. Onderwijs Arbeidsmarkt € 0 (€ 11) Op de post Onderwijs Arbeidsmarkt zijn de middelen besteed aan de inhuur van een projectleider en voor een stakeholdersbijeenkomst ten behoeve van de voorbereiding van het LOB-programma. Rijke schooldagen € 7 (€ 0) Ten aanzien van de post Rijke schooldagen zijn er middelen ingezet t.b.v. de resultaatsdoelstellingen bij de actielijnen uit de EAP. Onderzoek en Monitoring effecten SES en aanpak € 9 (€ 3) Op de post “Onderzoek en Monitoring effecten SES-aanpak” zijn er middelen besteed aan de ontwikkeling van de Onderwijs en Kindmonitor middels opdrachtverlening aan ABF en de UM.
80
Gezondheid en vitaliteit in samenwerking met VIE €9 (€ 2) Tot slot zijn er middelen besteed aan het partnerschap met Gezond in Mijnstreek en middelen ingezet voor de focussprint inzake de Gezonde Regio in relatie tot het Toekomstverhaal “Parkstad biedt Ruimte 2040!”. Werkbudget bestuurscommissie GROS
Onttrekking
Bestemming resultaat vorig boekjaar
Boekwaarde 31-12-2025
1
0
0
12
0
0
5
0
0
15
0
0
15
0
0
Expo Real Munchen 2023
0
0
0
0
0
0
AG Charlemange
0
0
0
0
0
0
Uitwerking Visie Aken - Parkstad
10
0
3
0
0
13
Voorbereiding Interreg projecten
30
0
0
5
0
25
Dit is Pakstad: Duitse Markt
0
122
0
29
0
93
Expo Real 2025
0
0
11
0
0
11
Gros beleid/lobby
0
0
20
0
0
20
Expo Real Munchen 2024
18
0
0
18
0
0
Samenwerking met Aken en Heinsberg
15
0
0
15
0
0
Projecten GROS
105
122
35
87
0
175
Boekwaarde 31-12-2024
Balansverschuiving
Toevoeging
Platformfunctie GROS
12
0
Kosten uitwerking 3e termijn Regio Deal
5
Ontwikkeling GIS
Projecten GROS
Platfomfunctie GROS € 12 (€ 12) Vanuit deze post worden allerlei praktische kosten zoals catering voor GROS-gerelateerde bijeenkomsten/overleggen gefinancierd. Kosten uitwerking 3e termijn Regio Deal € 0 (€ 5) Budget was gemaakt om voorbereidingskosten voor Regio Deal projecten te financieren. Ontwikkeling GIS €0 (€ 5) Deze post hoort bij het Regio Deal project GROS GIS. Uitwerking Visie Aken – Parkstad € 13 (€10) Halfjaarlijkse workshops met Aken en andere kosten die worden gemaakt in het kader van de totstandkoming van één grensoverschrijdende visie.
Voorbereiding Interreg projecten € 25 (€30) Voorbereidingskosten voor Interreg-projecten, zoals bijeenkomsten organiseren, kleine onderzoekjes enz. Dit is Pakstad: Duitse Markt € 93 (€ 0) Regio Deal project. Expo Real 2025 € 11 (€ 0) Jaarlijks bezoek aan de vastgoedbeurs in München.
81
Gros beleid/lobby € 20 (€ 0) Budget was opgenomen om allerlei kosten (catering/onderzoek enz.) te dekken in het kader van het GROSbeleid van Parkstad. Expo Real München 2024 € 0 (€ 18) Jaarlijks bezoek aan de vastgoedbeurs in München. Samenwerking met Aken en Heinsberg € 0 (€ 15) Ambitie om de Duitse samenwerking naar Kreis Heinsberg uit te breiden. Nu ondergebracht in een Regio Deal 2 project. Werkbudget bestuurscommissie Duurzaamheid Projecten BC Duurzaamheid
Isolatie en verduurzamingsprogramma Parkstad Limburg Energie Transitie (PALET) Palet 3.0 Pilot Verduurzaming VvE RESZL (Regionale Energie Strategie Zuid-Limburg) Woonwijzerwinkel
Boekwaarde 31-12-2024
Balansverschui ving
Toevoeging
Onttrekking
Bestemming resultaat vorig boekjaar
Boekwaarde 31-12-2025
40
0
0
30
0
10
19
0
11
0
0
30
2
0
0
2
0
0
94
0
0
0
0
94
2
0
6
0
0
8
Warmtetransitie
127
0
0
31
0
97
Circulariteit
34
0
0
3
0
31
Energiebedrijf Uitvoeringsprogramma Parkstad Circulair Kennisdelingsprogramma Parkstad Circulair Uitvoeringsprogramma PALET 3.1
17
0
0
0
0
17
100
0
61
0
0
161
3
0
0
3
0
0
30
0
0
39
0
-9
Doelgroepenaanpak Zon-op-Dak
45
0
0
11
0
34
Projecten BC Duurzaamheid
513
0
78
119
0
472
Isolatie- en Verduurzamingsprogramma € 10 (€ 40) Met vaststelling van de Transitievisie Warmte 1.0 hebben diverse Parkstad-gemeenten aangegeven een regionaal isolatie- en verduurzamingsprogramma op te willen stellen voor (particuliere) huishoudens in Parkstad. Het budget is gerealiseerd met cofinanciering vanuit een provinciale subsidie (zie A2-projecten). Na onttrekkingen bedroeg de boekwaarde per 31 december 2025 €10 in plaats van €40 per 31 december 2024. Parkstad Limburg Energietransitie (PALET) € 30 (€ 19) Vanaf de start van de energietransitie-aanpak in Parkstad, in 2013, is een bedrag toegekend van € 400 voor het project Parkstad Limburg Energie Transitie (PALET). De boekwaarde per 31 december 2024 was €19 en bedraagt, na toevoegingen en onttrekkingen, € 30 per 31 december 2025. Uit dit budget zijn algemene kosten gedekt die aan de orde zijn bij de voorbereiding van PALET-projecten of –trajecten voordat aan de Bestuurscommissie een concreet projectvoorstel wordt voorgelegd. PALET 3.0 Pilot Verduurzaming VvE € 0 (€2) Als onderdeel van PALET is het verduurzamen van Vereniging van Eigenaars (VvE) gekenmerkt als een belangrijk focuspunt. In totaal is € 12 voor een pilot ter beschikking gesteld, waar tot dusver € 10 zijn aangewend. Tussen 2022 en 2025 hebben geen activiteiten plaatsgevonden. Het restantbudget is na
82
besluitvorming door de BC Duurzaamheid overgeboekt naar project doelgroepenaanpak zon-op-dak. De boekwaarde van dit project was daarom per 31 december 2025 € 0. RESZL (Startnotitie Regionale Energiestrategie Zuid-Limburg) €94 (€94) Voor en na het vaststellen van de Regionale Energie Strategie Zuid-Limburg is door de RES ZL budget ter beschikking gesteld voor regionale uitvoering van de RES-ambitie. Na doorbelasting van de salariskosten van de fte zon-op-dak aan gemeente Heerlen en verminderingen voor webhosting was de boekwaarde van dit project per 31 december 2025 €94. WoonWijzerWinkel € 8 (€ 2) Voor het oprichten van de WoonWijzerWinkel is door de Bestuurscommissie € 141 ter beschikking gesteld. In 2024 is opdracht gegeven aan Equipe voor begeleiding voor de werving van een nieuwe algemeen directeur van WoonWijzerWinkel Limburg. Dit traject is in 2025 afgerond. De dekking is georganiseerd middels facturen aan de Parkstad-gemeenten. Na toevoegingen en onttrekkingen bedroeg de boekwaarde van dit project op 31 december 2025 € 8. Warmtetransitie €97 (€ 127) Middelen die uit de decembercirculaire 2019 ter beschikking zijn gesteld voor de bredere warmtetransitie, zijn toegekend aan dit project. Op 31 december 2024 bedroeg de boekwaarde van dit project € 127. Na diverse onttrekkingen (o.a.
juridisch advies inzake warmteprogramma’s Kuiper Compagnons, extra warmtesessies bureau Buitenklank inzake het UVP PALET, regionale kennissessies ActRight en HIER Klimaatabonnement) bedroeg de boekwaarde per 31 december 2025 €97. Energiebedrijf € 17 (€ 17) In 2023 hebben de Parkstad-gemeenten de ambitie uitgesproken om te komen tot een Publiek-Coöperatief Energiebedrijf in Parkstad. In 2024 en 2025 hebben activiteiten plaatsgevonden onder het A2-project PubliekCoöperatief Energiebedrijf en zijn er geen mutaties geweest op deze post. Circulariteit € 31 (€ 34) In 2020 is het thema circulariteit aan het taakveld van de Bestuurscommissie Duurzaamheid toegevoegd. Na de partnerbijdrage aan Cirkelstad en ambtelijke kosten was per 31 december 2025 de boekwaarde van dit project € 31 waar deze op 31 december 2024 nog € 34 bedroeg. Uitvoeringsprogramma PALET 3.1 € -9 (€ 30) Het Uitvoeringsprogramma PALET 3.0 (2016-2020) was het kompas waarlangs de regionale uitwerking, uitvoering en coördinatie van energietransitie-projecten heeft plaatsgevonden. In 2025 is opdracht verleend aan bureau Buitenklank voor ondersteuning bij het opstellen van een nieuw uitvoeringsprogramma voor de periode 2026-2030. Na toevoeging vanuit het jaarplan 2025 en onttrekkingen voor de externe opdrachtverlening, bedroeg de boekwaarde per 31 december 2025.
Dit tekort wordt in 2026 gedekt vanuit het jaarplan 2026 en/of resterend werkbudget. Kennisdelingsprogramma Parkstad Circulair € 0 (€ 3) In 2023 is het Kennisdelingsprogramma Parkstad Circulair vastgesteld. In 2024 is dit programma met inzet van Stantec uitgevoerd. Restantmiddelen zijn in 2025 overgeboekt naar uitvoeringsprogramma Parkstad Circulair. Na onttrekkingen bedroeg de boekwaarde per 31 december 2025 € 0. Uitvoeringsprogramma Parkstad Circulair € 161 (€ 100) In 2023 heeft de Bestuurscommissie Duurzaamheid ingestemd met het opstellen van het Uitvoeringsprogramma Parkstad Circulair. De middelen zijn georganiseerd door middel van een bijdrage per gemeente. In 2025 is uitvoering gegeven aan dit programma, o.a. door communicatie-activiteiten en een regionaal kennisprogramma. Na toevoegingen en onttrekkingen bedroeg de boekwaarde per 31 december 2025 €162.
83
Administratieve eenheid zonnepanelen € 0 (€ 0) Voor het Zonnepanelenproject Parkstad is vanaf 2017 een bedrag van € 742 opgenomen voor de administratieve ontzorging die centraal bij Parkstad is georganiseerd. Dit bedrag is gebaseerd op de deelname van zeven Parkstad-gemeenten. Jaarlijkse kosten voor de administratieve ontzorging en het BTW Instituut worden jaarlijks gefactureerd aan de deelnemende gemeenten. Na toevoegingen en onttrekkingen bedroeg de boekwaarde per 31 december 2025 € 0. Doelgroepenaanpak zon-op-dak € 34 (€ 45) In 2024 is een bedrag toegekend van € 45 voor het ontwikkelen van programmering en beleid rondom de grootschalige opwek van zon-op-dak. Daarbij is ingezet op het ontwikkelen van een doelgroepenaanpak. Na toevoeging vanuit het jaarplan 2025 en onttrekkingen voor een collectieve leertrajecten met Limburgse VvE’s met Energie (LVmE) en WoonWijzerWinkel Limburg, bedroeg de boekwaarde per 31 december 2025 €34 waar deze per 31 december 2024 nog € 45 bedroeg. Werkbudget bestuurscommissie RUMO
Projecten BC RuMo
Boekwaarde3112-2024
Balansverschuiving
Toevoeging
Onttrekking
Bestemming resultaat vorig boekjaar
Omgevingsvisie / Novi
79
0
0
32
0
46
Mobiliteit algemeen
11
0
0
0
0
10
SUMP
90
0
0
5
0
85
Parkstad Bereikbaar
10
0
0
10
0
0
Zuid-Limburg Bereikbaar
15
0
10
0
0
25
Klimaatadaptatie Parkstad Limburg
118
0
110
0
0
228
Landbouw en landschap
0
0
11
0
0
11
Inspirerende aanpak landelijk gebied
22
0
5
0
0
27
Geoinformatie
5
0
7
0
0
12
Facetbestemmingsplan
Boekwaarde 31-12-2025
5
0
0
0
0
5
Bestemmingsreserve Water en Klimaatadaptatie
109
0
0
0
0
109
Projecten BC RuMo
464
0
142
48
0
559
Omgevingsvisie € 46 (€ 79) Kosten gemaakt ter uitvoering van het Ruimtelijk Toekomstverhaal Parkstad (algemeen en onderdelen Regionaal Afstemmingskader en Kansen- en Kwaliteitenkaarten) Mobiliteit Algemeen € 10 (€ 11) Kosten abonnement Mobiliteit.nl en deelname Provada. SUMP € 85 (€ 90) Overboeking naar ander programma i.v.m. overvraag werkbudget 2025. Parkstad Bereikbaar € 0 (€ 10) Restant overgeboekt i.v.m. samenvoegen Zuid-Limburg Bereikbaar-budgetten