CConstaterende datKatwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

9. Brief van de rekenkamercommissie van 21 juni 2023 inzake onderzoeksrapport naar de legitimiteit en bevoegdheden raad in aanpak coronacrisis (2986355)

Raad 6 juli 2023, gemeente KatwijkBij agendapunt: A.Voor kennisgeving aan te nemen:13.263 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

REKENKAMERCOMMISSIE

Postbus 589 – 2220 AN Katwijk

Contactpersoon:

Gemeenteraad Postbus 589 2220 AN Katwijk

Mevrouw mr. A. van Schaik – van der Wiel Afdeling:

Griffie Te bereiken op:

06-12454567 rekenkamercommissie@ katwijk.nl Ons kenmerk:

2986355 Bijlage(n): Verzenddatum:

1 21 juni 2023

Uw kenmerk: Onderwerp: Katwijk, 21 juni 2023

Geachte leden van de raad, Zoals bekend is de rekenkamercommissie eind oktober 2022 een onderzoek gestart naar de legitimiteit en bevoegdheden van de raad in de aanpak van de coronacrisis. Voor de uitvoering van het onderzoek wordt de rekenkamercommissie bijgestaan door onderzoeksbureau BBSO uit Nijmegen. De centrale onderzoeksvraag is als volgt geformuleerd: “Is bij de besluitvorming over de coronamaatregelen de gemeenteraad voldoende in staat gesteld zijn kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol uit te oefenen?” Om deze vraag te kunnen beantwoorden zijn gesprekken gevoerd, vragenlijsten gebruikt en is een documentenstudie uitgevoerd. De verzamelde informatie is geanalyseerd en geïnterpreteerd en verwerkt tot een rapport. Het onderzoek is afgerond. De bevindingen van het onderzoek zijn in het kader van het ambtelijk wederhoor aan de organisatie voorgelegd om onderling overeenstemming te krijgen over de geconstateerde feiten. Per brief van 27 maart 2023 is de eindrapportage voor bestuurlijk wederhoor aangeboden bij het college. De reactie van het college van 23 mei treft u integraal opgenomen als bijlage bij het onderzoeksrapport. Wij spreken de hoop uit dat het rapport u handvatten geeft om in tijden van crisis beter voorbereid te zijn en het helpt bij het vergroten van het inzicht en uw kaderstellende- en controlerende rol.

Indien gewenst, zijn wij uiteraard van harte bereid om een en ander mondeling verder toe te lichten.

gemeente Katwijk: Koningin Julianalaan 3, 2224 EW Katwijk, Postbus 589, 2220 AN Katwijk, website: www.katwijk.nl, (T) 071 - 406 5000, (F) 071 - 406 5065, IBAN: NL13BNGH0285120271, BIC: BNGHNL2G, KvK: 27.37.09.56 Op alle opdrachten zijn, tenzij anders overeengekomen, de algemene inkoopvoorwaarden leveringen en diensten gemeente Katwijk 2017 van toepassing. Deze zijn te raadplegen op www.katwijk.nl en www.overheid.nl

2/2

Ons kenmerk:

Vertrouwende u hiermee naar behoren te hebben geïnformeerd. Rekenkamercommissie gemeente Katwijk,

De voorzitter, Mark van Hesteren

Bijlage(n): - Onderzoeksrapport naar de legitimiteit en bevoegdheden raad in aanpak coronacrisis

Legitimiteit en bevoegdheden van de raad in aanpak coronacrisis gemeente Katwijk

Onderzoek Rekenkamercommissie Katwijk

Rapport

Nijmegen, maart 2023

Voorwoord Het doel van de Rekenkamercommissie Katwijk is om de controlerende en kaderstellende rol van de gemeenteraad te versterken. Daarnaast vergroot de Rekenkamercommissie de transparantie van het beleid naar de inwoners. Dit doet zij door onderzoek uit te (laten) voeren naar de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde beleid. De commissie streeft er expliciet naar dat met de onderzoeksresultaten meer inzicht wordt verkregen in het besturen van de gemeente, en dat van daaruit leerprocessen worden opgestart die leiden tot verbeteringen. De rekenkamercommissie Katwijk heeft, in het licht van de genomen maatregelen in de bestrijding van de coronacrisis, een onderzoek ingesteld naar de informatie-uitwisseling tussen college en raad en, daarmee samenhangend, naar de positie en rol van de raad in de coronacrisis. De aanpak van de coronacrisis vormt voor de rekenkamercommissie Katwijk een reden te onderzoeken welke besluiten de gemeente hieromtrent heeft genomen en hoe de raad hierop heeft gereageerd. Inzicht in dit proces zou mede kunnen leiden tot mogelijke richtlijnen bij de besluitvorming en informatie-uitwisseling tussen college en raad bij nieuwe maatschappelijke crisissituaties. De Rekenkamercommissie Katwijk heeft om hier zicht op te krijgen aan BBSO gevraagd een onderzoek uit te voeren.

Het voorliggende rapport is het resultaat van een uitgebreide dossieranalyse van documenten die betrekking hebben op de aanpak van corona in Katwijk, van interviews met het bestuur en beleidsmedewerkers en van interviews met raadsleden van vijf fracties in de gemeenteraad van Katwijk. Het rapport is uitgebreid en het resultaat van een gedegen onderzoek, maar pretendeert niet, met name vanwege het laatste gegeven, een volledig beeld te kunnen presenteren, vooral als het gaat om de ervaring van de raadsfracties met de informatie-uitwisseling over de corona-aanpak door de gemeente. BBSO Nijmegen, maart 2023

2

Inhoud

1. 1.1 1.2 1.3

Inleiding De coronapandemie en publieke maatregelen Doel en vraagstelling van het onderzoek Aanpak van het onderzoek

4 4 4 6

2. 2.1 2.2 2.3 2.4

De aanpak van corona op landelijk, regionaal en lokaal niveau De aanpak van corona op landelijk niveau De aanpak van corona op regionaal niveau De aanpak van corona op lokaal niveau Interne organisatorische aanpak corona in de gemeente

8 8 8 9 12

3. 3.1 3.2 3.3 3.4

Informatie corona-aanpak college van B&W en gemeenteraad Informatie-uitwisseling tussen College en Raad Katwijk Praktische invulling informatie-uitwisseling College en Raad Coronasteunpakketten, informatie in de P&C-stukken en budgetrecht Ervaringen met het proces

13 13 18 20 22

4 4.1 4.2

Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Samenvatting bevindingen Conclusies en aanbevelingen

25 25 28

Bijlage

Corona en de rol van de gemeenteraad

3

1

Inleiding

1.1

De coronapandemie en publieke maatregelen

De wereld is in februari 2020 geconfronteerd met de uitbraak van het coronavirus, dat zich vervolgens tot een wereldwijde pandemie heeft ontwikkeld. Ook in Nederland verspreidde het coronavirus zich al snel, waardoor ingrijpende nationale maatregelen noodzakelijk werden om de gevolgen van de coronapandemie te verminderen. De pandemie heeft in de periode maart 2020 - maart 2022 tot een veelheid aan maatregelen geleid, waarin ook een aantal golfbewegingen zat. Na de eerste maanden met een verlenging van maatregelen en de aankondiging en uitbreiding van het testbeleid, volgde in juli 2020 de ‘anderhalvemeter zomer’. Vervolgens bleek in september dat toch aangescherpte maatregelen nodig waren en een tweede golf van besmettingen volgde in het najaar. Dit leidde eerst tot een gedeeltelijke lockdown en vervolgens verzwaring en verlenging van de gedeeltelijke lockdown. Tijdens de feestdagen was er een lockdown, aangescherpt met de invoering van een avondklok in januari 2021. Ook startte begin 2021 de eerste vaccinatieronde. In februari-maart is sprake van oplopende besmettingen leidend tot een derde golf, gevolgd door het voorjaar (mei-juni 2021) waarin de besmettingen teruglopen en de samenleving weer open gaat. Na het openingsplan en de zomer 2021 worden geen aanvullende maatregelen meer genomen en gaat het hoger onderwijs weer open.

Daarna wordt de verplichte anderhalvemeter-maatregel in september losgelaten. De coronabesmettingen lopen vervolgens echter weer op en er volgen meer coronamaatregelen en een avondlockdown in november 2021, gevolgd door een harde lockdown vanwege zorgen om de omikronvariant. In 2022 werden de coronamaatregelen langzaam weer versoepeld na een harde lockdown. Uiteindelijk vervielen de laatste maatregelen in maart 2022. Vanaf voorjaar 2022 verschuift de aandacht voor corona steeds meer naar de achtergrond maar wordt wel rekening gehouden met het mogelijk ontstaan van nieuwe coronagolven.

1.2

Doel en vraagstelling van het onderzoek

Vanaf de eerste coronabesmetting in Nederland eind februari 2020, is Nederland in een crisissituatie beland en deze coronacrisis heeft bijna twee jaar in belangrijke mate het private en publieke leven beïnvloed. Dit geldt ook voor de inwoners, instellingen, bedrijven en zelfstandig ondernemers in de gemeente Katwijk. Naast het voorkomen van de verspreiding van het virus vanwege het belang van de volksgezondheid, worden ook landelijke, regionale en lokale maatregelen vanuit het Rijk, de provincies en de gemeenten ingezet om getroffenen van de crisis te ondersteunen.

4

De snelheid en ernst waarmee de pandemie zich verspreidt, vraagt om een snelle politieke besluitvorming en ingrijpende bestuurlijke acties. In deze situatie, waarbij noodmaatregelen worden genomen gebaseerd op het GRIP4-niveau1, is sprake van een voor eenieder nog onbekende context in de besluitvorming die ook de positie en taken van de gemeenteraden heeft beïnvloed. De geschetste ontwikkeling en aanpak van de coronacrisis dienen volgens de Rekenkamercommissie mede tot een bezinning te leiden op de rol van de gemeenteraad ten tijde van langduriger crises, zoals de coronacrisis. Het gaat er dan onder meer om wat de gemeenteraad in crisistijd formeel mag, maar ook wat de door de raadsleden genomen en gewenste rol van de raad is. Dit geeft zicht op de drie bekende rollen van de gemeenteraad: kaderstellend voor beleid, controlerend op de uitvoering van beleid en volksvertegenwoordigend. Inzicht in de informatievoorziening in brede zin tussen college en raad geeft een beeld van de wijze waarop in deze crisis door college en raad is geacteerd en geeft mogelijk aanwijzingen, c.q. handvatten, voor de informatie-uitwisseling en besluitvorming bij andere maatschappelijke crises die ook op het lokaal niveau van Katwijk spelen of in de toekomst mogelijk kunnen gaan spelen.

Relevante vragen daarbij zijn met name hoe de raad over de uitvoering van de corona-aanpak is geïnformeerd, hoe de raad bij de besluitvorming over uitvoering is betrokken en of de raad zelf actief vragen heeft gesteld en van haar bevoegdheden gebruik heeft gemaakt2. Daarbij kan het om de ‘klassieke’ instrumenten van de raad gaan, waaronder het stellen van mondelinge en schriftelijke vragen, indienen van moties of van amendementen, maar bijvoorbeeld ook het geven van een opdracht aan het college voor het uitwerken van een voorstel voor het instellen van een coronafonds. In de bijlage van dit rapport is een overzicht opgenomen van de taken en bevoegdheden van de gemeenteraad in het licht van de coronapandemie en de verdeling van bestuurlijke bevoegdheden op landelijk, regionaal en lokaal niveau.

1 Op 12 maart 2020 heeft de minister van Volksgezondheid alle voorzitters veiligheidsregio een aanwijzing gegeven

om, op basis van artikel 7 Wpg en met inachtneming van artikel 39 Wvr, hun bevoegdheden op het terrein van openbare orde en veiligheid in te zetten om de verdere verspreiding van Covid-19-virus tegen te gaan. In regionale crisisstructuur betekent dit, het toepassing geven aan artikel 39 Wvr, een opschaling naar het hoogste regionaal crisisniveau: de Gecoördineerde Regionale IncidentbestrijdingsProcedure 4 (GRIP4). Op basis van artikel 39 Wvr is de voorzitter veiligheidsregio bij uitsluiting bevoegd toepassing te geven aan een aantal bevoegdheden in de crisisbeheersing in de gehele veiligheidsregio (voor zover noodzakelijk bij de betreffende crisis). Het betreft hier bevoegdheden die normaliter bij de burgemeester zijn belegd, zoals de noodbevoegdheden op grond van artikel 172 – 177 Gemeentewet (Gw). 2 Het vragenrecht biedt bijvoorbeeld de basis voor veel van de informatieverwerving door de raad. In de gemeente Katwijk bestaan afspraken, vastgelegd in het Reglement van orde van de raad, over de wijze waarop raadsleden vragen kunnen stellen aan het college en de wijze waarop deze worden behandeld en beantwoord.

5

De centrale onderzoeksvraag luidt: Heeft de gemeenteraad bij de besluitvorming over de coronamaatregelen haar kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol actief uitgeoefend? Onderzoeksvragen Om tot een beantwoording van de centrale vraag te kunnen komen zijn de volgende onderzoeksvragen opgesteld: 1. Welke landelijke, regionale en lokale coronasteunmaatregelen zijn op welk moment en met welk doel genomen? 2. Wie heeft het besluit daarover genomen? 3. Welke afwegingen en beslissingen hebben een rol gespeeld? Zijn daarbij risico’s onderkend wat betreft de invloed op toekomstige beleidskeuzes en zijn daarvoor passende maatregelen getroffen? 4. Zijn er mondelinge en/of schriftelijke vragen gesteld naar aanleiding van de raadsbrieven met corona-informatie die het college aan de raad heeft gestuurd of hoe is er verder over de zaken gecommuniceerd (is dit vooraf of achteraf na besluitvorming en uitvoering)? 5. Is in de (raads)commissies aandacht besteed aan de coronabesluitvorming en informatie in de P&C-stukken? 6. Op welke wijze en op welk moment is de gemeenteraad in positie gebracht met betrekking tot de uitvoering van hun kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende taken? 7. Hoe hebben de gemeenteraad, het bestuur en beleidsambtenaren het proces ervaren?

1.3

Aanpak van het onderzoek

Het onderzoek omvat een drietal elementen en fasen: a. Deskresearch; documentverzameling en -analyse b. Interviews bestuur en beleid c. Interviewronde raadsleden A. Deskresearch; documentverzameling en -analyse Er is een uitgebreide inventarisatie gemaakt van beschikbare en relevante documentatie zoals die rondom de aanpak van corona, mede betrekking hebbend op de gemeente Katwijk en de Veiligheidsregio Hollands Midden, is opgesteld. Het gaat met name om informatie over de beleidscontext en uitvoering. Er is voor de vraag naar de informatie aan en vanuit de raad onderzoek verricht naar alle relevante documenten die er bij de gemeente zijn gebruikt en aan de raad zijn toegestuurd. Het gaat om Raadsinformatiebrieven (RIB’s), maar ook nota’s en voortgangsverslagen. Ook gaat het hier om documenten die voortvloeien uit de informatievraag vanuit de raad zelf; vragen, moties, amendementen, opdrachten, et cetera. Deze inventarisatie heeft tot doel zicht te krijgen op welke wijze besluitvorming over maatregelen heeft plaatsgevonden, welke belangen

6

zijn meegenomen, als ook wat de rol van de gemeenteraad van Katwijk is geweest bij besluitvorming over de maatregelen en hoe zij in positie is of kan worden gebracht. In hoofdstuk drie wordt uitgebreid ingegaan op deze informatie-uitwisseling. De griffie en de secretaris van de Rekenkamercommissie hebben specifiek ten behoeve van het onderzoek een overzicht van de informatiestroom over de periode maart 2020 - maart 2022 opgesteld. B. Interviews bestuur en beleid Om zicht te krijgen op de bestuurlijke en beleidsmatige ervaringen met de aanpak van corona op lokaal en regionaal niveau en hun visie en opvattingen hierover, zijn interviews afgenomen met: - de burgemeester - de gemeentesecretaris - de griffier - senior beleidsmedewerker Openbare Orde gemeente Katwijk - bestuursadviseur gemeente Katwijk (ten tijde van corona, nu ambtelijk opdrachtgever en adviseur strategie en regio) - manager Strategie en Beleid Veiligheidsregio Hollands Midden. Mede op basis van deze interviews is onder meer inzichtelijk geworden wat regionaal vanuit de veiligheidsregio besloten is en wat ook op de gemeente betrekking had en is toegepast (al dan niet overeenkomstig de genoemde gripstrategie en niveau van besluitvorming). C.

Interviews raadsleden In het kader van het onderzoek zijn alle negen fracties van de gemeenteraad benaderd met de vraag of de fractievoorzitter of een (burger)raadslid van de fractie bereid zou zijn voor medewerking aan een interview. Het betreft raadsleden die bij het onderwerp betrokken zijn of zijn geweest en/of woordvoerders voor het onderwerp in de raad waren. Het verzoek tot deelname aan het onderzoek heeft geleid tot individuele interviews met vijf raadsleden (van de PvdA, VVD, D’66, DURF en CU). Een fractievoorzitter van een van de andere partijen heeft aangegeven niet aan het onderzoek te willen meewerken (Kies Katwijk achtte het onderwerp van het rekenkameronderzoek van onvoldoende belang om medewerking te verlenen) en de overige drie fracties hebben, ondanks een drietal verzoeken hiertoe van de rekenkamercommissie/onderzoekers, niet op de mogelijkheid van een interview gereageerd (CDA, GemeenteBelangen en SGP). In de interviews is gevraagd naar de beoordeling van de informatie-uitwisseling tussen raad en college over de corona-aanpak en hoe de gemeenteraad het proces heeft ervaren. Daarmee is zicht verkregen op de wijze en het moment waarop de gemeenteraad in positie is gebracht met betrekking tot de uitvoering van hun kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende taken. Ook is daarbij de vraag gesteld wat de gemeenteraad (i.c. het raadslid) zelf wil.

7

2

De aanpak van corona op landelijk, regionaal en lokaal niveau

2.1

De aanpak van corona op landelijk niveau

Publieke maatregelen In de aanpak van corona stelde de rijksoverheid in maart 2020 eerst een ‘intelligente lockdown’ in, later in het jaar werd dat een algehele lockdown van het openbare leven. Inwoners moesten thuis blijven, winkels/ondernemingen en openbare instellingen moesten dicht, het openbare leven kwam grotendeels tot stilstand. Naast financiële gevolgen voor bedrijven en burgers, waren ook de gevolgen voor het maatschappelijke leven groot: de reguliere zorg werd afgeschaald dan wel gestopt, verpleeghuizen gingen op slot, evenementen werden afgeblazen en ook sportverenigingen, buurthuizen, theaters, et cetera sloten de deuren. De coronacrisis heeft daarin duidelijke gevolgen gehad voor de samenleving, in economisch en financieel opzicht, en op verscheidene maatschappelijke gebieden. Coronasteunmaatregelen Om de acute financiële problemen van bedrijven en ondernemers op te vangen, zette de Rijksoverheid vanaf begin maart 2020 financiële coronasteunmaatregelen in ter ondersteuning van zwaar geraakte bedrijfssectoren. Het gaat met name om de volgende regelingen3: - de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) - de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud (NOW) - de Tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren (TOGS), later Tegemoetkoming vaste lasten MKB (TVL) genoemd.

2.2

De aanpak van corona op regionaal niveau

De coronapandemie en de maatregelen die de rijksoverheid in het kader van de bestrijding van deze crisis in de afgelopen jaren heeft genomen, hebben een grote impact op de samenleving en op de economie gehad. In eerste fase van de pandemie was een snelle besluitvorming over de aanpak gewenst en zijn onder meer het Veiligheidsberaad, regionale bestuurslagen (de Veiligheidsregio’s) en lokale overheden geïnformeerd over de te nemen maatregelen om de verspreiding van het coronavirus onder inwoners tegen te gaan4.

3 Zie voor een overzicht ook: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-financiele-regelingen/overzicht-financiele-regelingen 4 Gemeenten hebben de komende jaren een belangrijke rol bij de aanpak van de effecten van de coronacrisis. Daarbij gaat het onder meer om beleid om de sociale en economische gevolgen van deze crisis aan te pakken. In dit kader is een eindrapport van het expertiseteam COVID-19 van de VNG verschenen, met de titel en boodschap ‘Voorbij de crisis in coronatijd, Lange termijnstrategie COVID-19 vanuit lokaal perspectief’ (VNG, juni 2022).

8

Een belangrijk deel van de uitvoering van de corona-aanpak omvat het inregelen en uitvoeren van landelijk beleid op lokaal en regionaal niveau. Daarbij ging het onder meer om de handhaving van de lockdown, toepassing van de anderhalf-metermaatregel, de handhaving van de avondklok, het aanbod van test- en priklocaties, et cetera. Regionale sturing corona-aanpak In de coördinatie en uitvoering van de landelijk bepaalde maatregelen in de corona-aanpak is een belangrijke rol toegekend aan de Veiligheidsregio’s. De voorzitter van de veiligheidsregio heeft op basis van de grip-strategie bij de corona-aanpak (GRIP4) vanaf 12 maart 2020 de bestuurlijke leiding, ondersteund door een Regionaal Beleidsteam (RBT). Zo is de voorzitter van de Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM), i.c. de burgemeester van Leiden, bestuurlijk belast met de uitvoering van de landelijk voorgeschreven maatregelen voor, onder meer, de gemeente Katwijk. De voorzitter van de veiligheidsregio is daarmee bevoegd toepassing te geven aan een aantal bevoegdheden in de crisisbeheersing in de gehele veiligheidsregio en het betreft bevoegdheden die normaliter bij de burgemeester zijn belegd (zoals de noodbevoegdheden)5. Alle burgemeesters uit de Veiligheidsregio nemen deel aan het RBT om actuele zaken te bespreken en af te stemmen.

Er zijn, volgens mededelingen van de gemeente Katwijk, in het kader van de bespreking van de corona-aanpak in totaal 56 RBT-vergaderingen geweest in de periode maart 2020 – maart 2022. Het RBT wordt beleidsmatig en in de uitvoering ondersteund door een Regionaal Operationeel Team (ROT), een team functionarissen bestaande uit vertegenwoordigers van alle hulpdiensten (waaronder de gemeente) [zie verder paragraaf 3.1.4 voor de noodmaatregelen die vanuit de VRHM werden afgekondigd tegen de verspreiding van het coronavirus].

2.3

De aanpak van corona op lokaal niveau

De gemeente Katwijk heeft eind maart 2020 maatregelen aangekondigd om specifieke noden in hun gemeente te lenigen. De eerste lokale maatregelen van het college zijn in een Raadsinformatiebrief van 27 maart 2020 aan de raad kenbaar gemaakt6. Vervolgens zijn de maatregelen eenmaal per maand via Raadsinformatiebrieven7 bij de raad onder de aandacht gebracht.

5 De voorzitter is volgens artikel 39 Wvr bij uitsluiting bevoegd om aan de genoemde bepalingen uit de Gemeentewet toepassing te geven. Dat betekent dat de bevoegdheden van de lokale burgemeesters ter bestrijding van het Coronavirus beperkt zijn. De lokale burgemeesters blijven echter wel degelijk betrokken. Zij hebben zitting in het door de voorzitter bijeen te roepen regionaal beleidsteam (RBT) (artikel 39 lid 2 Wvr). De voorzitter neemt alleen een besluit nadat hij het RBT daarover heeft geraadpleegd (tenzij de vereiste spoed zich daartegen verzet). Een burgemeester kan in het RBT schriftelijk bezwaar doen aantekenen indien hij van mening is dat het voorgenomen besluit het belang van zijn gemeente onevenredig schaadt (artikel 39 lid 4 Wvr). Daarnaast blijft de lokale burgemeester bevoegd om maatregelen te nemen voor onderwerpen die in het kader van de coronacrisis spelen. Het gaat daarbij om onderwerpen die van alleen lokaal belang zijn en buiten het bereik van de noodverordening van de voorzitter van de veiligheidsregio vallen (bron: VNG.) 6 Brief van het college van B&W van 27 maart 2020 inzake stand van zaken in aanpak Corona (1628972). 7 Brief van het college van 24 april 2020 inzake stand van zaken aanpak coronacrisis (1642847); Brief van het college van 26 mei 2020 inzake stand van zaken coronamaatregelen (1673796).

9

Lokale coronasteunmaatregelen Katwijk Door de gemeente is, net als in andere gemeenten, met name gekozen voor coronasteunmaatregelen die aanvullend zijn op de maatregelen die door het Rijk zijn genomen, waaronder: • liquiditeitsondersteuning van bedrijven en instellingen • het faciliteren van bedrijven en instellingen om het inkomstenverlies te beperken en vaak minder op directe financiële ondersteuning (zoals door het Rijk geboden). De gemeente Katwijk heeft op diverse momenten van het Rijk coronamiddelen ontvangen, de zogeheten coronasteunpakketten. Deze middelen zijn via de circulaires van het Rijk over de gemeenten verdeeld. Na het eerste landelijke noodpakket ‘banen en economie’ (maart 2020), gevolgd door het tweede steunpakket voor ondernemers (vanaf juni 2020), is in de septembercirculaire 2020 aan de gemeenten eenmalig compensatiegelden toegekend als derde steunpakket. Door het college is eind maart 2020 aan de raad gecommuniceerd dat de gemeente onder meer de lokale ondernemers wilde ondersteunen (RIB, 27 maart 2020). Veel van de economische steunmaatregelen hebben in Katwijk betrekking op aspecten rondom toerisme, horeca en economie8. Voor de gemeente Katwijk betekende het derde steunpakket een ondersteuning ter waarde van € 1.897.0009.

Het college heeft 26 januari 2021 besloten de bedragen van het derde steunpakket te reserveren en in de begroting te verwerken via de voorjaarsbestuurs-rapportage 202110. Op 23 februari 2021 heeft het college ingestemd met het besteden van een deel van de middelen van dit derde steunpakket11. In april 2021 is het vierde steunpakket met eenmalige middelen beschikbaar gekomen, voor Katwijk ter waarde van € 780.00012. Het college heeft op 25 mei 2021 besloten dit geld te reserveren en de organisatie te vragen met voorstellen voor besteding van deze middelen te komen13. In een notitie vanuit de organisatie aan het college en ter kennisname aan de raad, is voorgesteld een deel van de middelen beschikbaar te stellen voor cultuur, jeugd en jongerenwerk, armoede, eenzaamheid en begeleiding van kwetsbare groepen, en de budgettaire consequenties van dit voorstel te verwerken in de najaarsbestuursrapportage 202114.

8 Waaronder de maatregelen rondom het uitzetten van de terrassen door de horeca, het bezoek aan de strandhuisjes, het twee uur gratis parkeren in het winkelgebied. Zelfstandig ondernemers en zzp’ers die woonachtig zijn in Katwijk en in financiële moeilijkheden raakten door de maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus, konden via de gemeente Katwijk aanspraak maken op bijstand. Voor ondernemers is meer informatie over de lokale regelingen beschikbaar gesteld via een pagina op de gemeentelijke website (www.katwijk.nl/ondernemers). Specifieke aandacht was er ook voor ondernemers in de tuinbouw (met een Taskforce Financiën van de crisisorganisatie Coronacrisis Tuinbouw). 9 Septembercirculaire 2020 (1764658). 10 https://katwijk.raadsinformatie.nl/document/9657345/1#search=%221842748%20%22 11 https://katwijk.raadsinformatie.nl/document/9777605/6#search=%221870404%22 12 Compensatiepakket coronacrisis medeoverheden maart 2021 (1920659). 13 Compensatiepakket coronacrisis medeoverheden maart 2021 (4e tranche) 14 Voorstel afdeling Beleid Sociale Leefomgeving (2 juli 2021) Besteding 3e en 4e steunpakket corona (48979).

10

Begin 2021 is de TONK-regeling geïntroduceerd. De TONK voorziet huishoudens, die te maken hebben met een inkomensterugval en daardoor de noodzakelijke kosten niet meer kunnen betalen uit het inkomen, van een tegemoetkoming. Omdat de TONK binnen het juridisch kader van de bijzondere bijstand wordt uitgevoerd heeft het college te voldoen aan de reguliere voorwaarden van de bijzondere bijstand. Het college heeft in dit kader de Beleidsregels Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (TONK) Katwijk op 25 mei 2021 vastgesteld15 en ter kennisname aan de raad verstuurd. Voor de TONK is in 2021 voor Katwijk in totaal € 188.923 beschikbaar gesteld. Publieke coronamaatregelen in Katwijk De landelijk voorgeschreven corona-aanpak is, eerst na regionaal overleg in het RBT, in Katwijk op lokaal niveau vertaald in een groot aantal maatregelen en acties die, naast de economie, ook andere beleidsterreinen beslaan.

Er zijn door de gemeente onder meer maatregelen opgesteld en ingezet ten aanzien van: • de openbare orde en veiligheid: de uitvoering van de landelijke maatregelen/regionale noodverordeningen vroeg lokaal om extra handhaving, waaronder extra surveillance door boa’s, afsluiting toegangswegen en parkeerterreinen, extra controle op het strand en boulevard; • zorg en welzijn: op dit terrein zijn verscheidene initiatieven ondernomen en acties uitgezet om gezinnen, maar ook verenigingen te ondersteunen. Zo is, volgens de informatie van het college, een werkwijze opgezet die inzichtelijk maakt welke interventie het beste ingezet kan worden voor kwetsbare kinderen; een team ‘verenigingen’ samengesteld op het gebied van sport en cultuur, is regelmatig contact gezocht met het AZC en is samen met het Welzijnskwartier en vrijwilligers een boodschappendienst opgezet. Er zijn vanuit de Wmo acties uitgezet om gezinnen te ondersteunen, communicatie met aanbieders te onderhouden, et cetera. • dienstverlening: binnen de dienstverlening en beheer vanuit de gemeente is beoordeeld op welke wijze maatregelen in de 1,5 meter-samenleving doorgevoerd konden worden; • communicatie. Zo is informatie via internet beschikbaar gesteld voor diverse doelgroepen op www.katwijk.nl/coronavirus, via sociale media kanalen van de gemeente, persberichten, advertenties in lokale media en abri’s.

Gedurende de coronacrisis is hierbinnen op een aantal aspecten meer inzet en aandacht geweest om de aandacht voor de noodzaak tot naleving van de maatregelen door organisaties en burgers te versterken. Zo is ook gezien de relatief hoge besmettingsgraad van het coronavirus in Katwijk op een aantal momenten en de relatief lage vaccinatiegraad onder inwoners extra aandacht gegaan naar de communicatie in de vorm van een lokale campagne voor burgers. Naast het aanbieden van extra informatie zijn ook aanvullende praktische maatregelen genomen, waaronder het (succesvol) inzetten van een mobiele vaccinatiebus door de GGD (juli 2021). 15 Beleidsregels Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) Katwijk (11614).

11

2.4

Interne organisatorische aanpak corona in de gemeente

De start van de coronapandemie heeft ook vanuit de behoefte aan een intern crisismanagement tot een aantal maatregelen binnen de ambtelijke organisatie van de gemeente Katwijk geleid. Een hoofdtaak bij deze crisisbestrijding achtte men ervoor te zorgen dat de reguliere dienstverlening zoveel mogelijk in stand bleef en daarover gecommuniceerd kon worden. Om de dienstverlening van de gemeentelijke organisatie draaiende te houden, konden medewerkers van de gemeente thuis hun werkzaamheden via mail, telefoon, WhatsApp en Microsoft Teams voortzetten. Voor de “buitendienst” van de gemeente (Boa’s, wijkbeheerders, vuilnismannen) is gewezen op het belang van het in acht nemen van de RIVM-richtlijnen. In Katwijk is het Team Bevolkingszorg (TBz) de spil in de crisisbestrijding en de verbindingslijn met de veiligheidsregio. Bij het begin van de ‘intelligente lockdown’ is bovendien vanwege “allerlei vragen en knelpunten die op dat moment ontstonden” een aantal (tijdelijke) teams samengesteld om overzicht te houden op wat er speelt en vraagstukken op korte en lange termijn integraal aan te pakken: •

•

• • •

Continuïteitsteam: bewaakt en bevordert de gang van zaken binnen de gemeente in relatie tot de noodverordeningen en de crisisorganisatie. Het team volgt de kernprocessen om de continuïteit te waarborgen en zo snel mogelijk in te spelen op eventuele knelpunten. Coronavragenteam: maakt op basis van een apart ingesteld mailadres voor ondernemers en burgers een centraal overzicht van crisis-gerelateerde vragen en antwoorden van externen, bewaakt de voortgang van beantwoording en zet acties uit richting de organisatie. Ondernemersteam: helpt, begeleidt en ondersteunt ondernemers en bij de economische gevolgen van de coronacrisis. Team verenigingen: helpt, informeert en verbindt verenigingen op het gebied van sport en cultuur en overige (zoals buurtverenigingen). Beleidsteam: zicht en grip krijgen, vanuit lokale en landelijke ontwikkelingen, op de langere termijn consequenties voor de gemeente, de organisatie en de begroting.

De aanpak van corona in de beginperiode heeft ervoor gezorgd dat op dat moment een deel van de gemeenteambtenaren bezig was om, samen met verschillende betrokkenen, de gevolgen en de impact van de maatregelen in kaart te brengen, de hulpvragen te inventariseren, oplossingen te zoeken en informatie beschikbaar te stellen (een van de geïnterviewden van de organisatie spreekt in dit kader van “alle hens aan dek” in de organisatie van de kernprocessen)16. Het college heeft de raad onder meer over dit onderdeel van de corona-aanpak vanaf 27 maart 2020 via een raadsinformatiebrief geïnformeerd17.

16 De gemeente Katwijk heeft vanaf eind maart 2020 een groot aantal brieven en e-mails van bewoners, raadsleden en organisaties ontvangen over ‘corona’ (in totaal circa 280 brieven en e-mails). In deze brieven en e-mails zijn verscheidene vragen gesteld en opmerkingen gemaakt over het coronavirus en de omgang daarmee. Uit gesprekken met beleidsmedewerkers van de gemeente begrijpen we dat de beantwoording van meerdere brieven en e-mails ambtelijk is afgehandeld. 17 Brief van het college van B&W van 27 maart 2020 over stand van zaken in aanpak Corona (1628972).

12

3

Informatie corona-aanpak college van B&W en gemeenteraad

3.1

Informatie-uitwisseling tussen College en Raad Katwijk

Een hoofdvraag in het Rekenkameronderzoek betreft de informatie-uitwisseling tussen college en raad en, daarmee samenhangend, de vraag naar de positie en rol van de raad in de coronacrisis. De bespreking van de, vooral schriftelijke en digitale, informatie-uitwisseling tussen college en raad is in het volgende rondom enkele deelthema’s binnen het brede ‘corona-onderwerp’ gegroepeerd. Het gaat om: - algemene informatie inzake de aanpak van corona; - de maatschappelijke gevolgen; - financiële aspecten en economische gevolgen van de coronamaatregelen; - informatie over de noodmaatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus. In de tekstkaders is per paragraaf een korte samenvatting van de bevindingen gegeven. 3.1.1

Corona algemeen

Informatie in eerste coronajaar In de eerste drie maanden van de coronapandemie heeft het college van B&W van Katwijk de gemeenteraad met een drietal (maandelijkse) brieven geïnformeerd over de stand van zaken in de aanpak van corona (Raadsinformatiebrieven van 24 maart, 24 april en 26 mei 2020)18. Vervolgens heeft vanaf juni 2020 (na de eerste drie RIB’s) een beantwoording van schriftelijke vragen, ex. artikel 41 RvO van de raad plaatsgevonden. Een eerste beantwoording van een raadsvraag (van de VVD-fractie) vond 4 juni plaats en had betrekking op de handhaving van de 1,5 meter-maatregel bij het gebruik van het strand in de zomer. Begin juni 2020 zijn tevens negen informatieve vragen door de Raad gesteld (door de CDA-fractie) en door het College beantwoord over de coronacrisis. Deze vragen hadden met name betrekking op de noodmaatregelen inzake de toegang tot het strand op feestdagen, de handhaving hieromtrent en inzake de mogelijkheden van de horeca19. Tevens is een tweede nota van beantwoording van de informatieve vragen over de coronacrisis door het college aangeboden naar aanleiding van een groot aantal vragen van de Raad (in totaal 71 vragen, van met name de CDA-fractie)20.

18 Brief van het college van B&W van 27 maart 2020 inzake stand van zaken in aanpak Corona (1628972); Brief van

het college van 24 april 2020 inzake stand van zaken aanpak coronacrisis (1642847); Brief van het college van 26 mei 2020 inzake stand van zaken coronamaatregelen (1673796). 19 Nota van beantwoording over de coronacrisis (1673796); 2 juni 2020; raadscommissie van 4 juni 2020. 20 Tweede nota van beantwoording over de coronacrisis (1673796); raadscommissie van 4 juni 2020.

13

Op 4 juni 2020 heeft een eerste uitgebreide, oordeelsvormende commissievergadering plaatsgevonden waarin de informatie en meningen over ‘corona’ en de verschillende deelonderwerpen hierbinnen voor het eerst mondeling (via Teams) zijn uitgewisseld. In het najaar 2020 zijn door de Raad op twee momenten schriftelijke vragen ex. artikel 41 RvO gesteld: over de coronaveiligheid van ventilatiesystemen (beantwoording door college op 22 september 2022) en over het Rijksvaccinatieprogramma voor het coronavirus (beantwoording door college 8 december 2020). Invoering Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 Op 1 december 2020 is de ‘Tijdelijke wet maatregelen Covid-19’ in werking getreden. Deze wet verving de regionale noodverordeningen (op basis van GRIP4) en is onder andere opgesteld in het streven meer democratische borging van de maatregelen rondom de bestrijding van het coronavirus te realiseren. Veiligheidsregio Hollands Midden heeft een ‘Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19’ opgesteld. Het doel van dit kader is de lokale bevoegdheden die de nieuwe tijdelijke wet geeft en de regionale afstemming zo goed mogelijk op elkaar aan te laten sluiten. Dit regionaal toepassingskader is met de gemeenteraad van Katwijk besproken (op 3 en 10 december 2020).

De Raad besluit op 17 december 2020 (gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Katwijk van 17 november 2020) kennis te nemen van het concept Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 van de Veiligheidsregio Hollands Midden21. Ook besluit de Raad op dat moment (volgens het vastgelegde besluit) geen wensen en bedenkingen in te dienen op de inhoud en werkwijze van het concept Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 van de Veiligheidsregio Hollands Midden. Informatie tweede coronajaar Op 22 januari 2021 zijn schriftelijke vragen ex. art.41 RvO (CU-fractie) over de tijdelijke ondersteuning van getroffenen van de coronacrisis aan het college gesteld. Deze vragen zijn 16 februari 2021 door het college beantwoord. Het College heeft een vierde RIB Coronamaatregelen aan de Raad aangeboden op 10 februari 202122. Hierin is naast de maatregelen ook ingegaan op de vormgeving van de ‘crisismanagement’ binnen de gemeentelijke organisatie als reactie op de coronacrisis en de eerste ‘intelligente lockdown’. In de periode maart - oktober 2021 is door het college met name informatie verstrekt over de (financiële) ondersteuning van huishoudens en bedrijven. Dit betreft de beleidsregels inzake

21 Raadsbesluit Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen COVID-19 (1800904), vastgesteld door de

raad op 17 december 2020. 22 Brief van het college van B&W van 10 februari 2021 inzake coronamaatregelen (1824171), ingekomen stuk A.22 van de raad van 11 maart 2021 (12).

14

de TONK, aan de raad ter kennisname aangeboden, en documenten over de besteding van de coronasteunpakketten (besteding van het derde en vierde steunpakket corona). Eind 2021 is door de Raad een motie ingediend (18 november 2021) inzake handhaving van de coronapas in zwembaden; deze motie is verworpen23. Informatie derde jaar (tot maart 2022) Het College heeft een vijfde informatiebrief over de coronamaatregelen aan de Raad aangeboden op 25 januari 202224. Hierin is specifiek ingegaan op de besteding van de coronamiddelen. In reactie op het voorstel van het college van 21 december 2021, heeft de gemeenteraad het Raadsbesluit Vorming Bestemmingsreserve Coronamiddelen genomen en vastgesteld op 3 februari 202225. Daarbij is aangegeven het verwachte resterende bedrag coronamiddelen van ongeveer € 1,8 miljoen toe te voegen aan de bestemmingsreserve ten laste van de algemene reserve en bij de bestemming van het jaarrekening resultaat 2021 terug te storten in de algemene reserve. Een van de elementen in dit raadsbesluit is tevens, in afwijking van artikel 5 lid 3 van de financiële verordening “gezien de huidige coronasituatie”, in te stemmen met de besteding van de resterende coronamiddelen door het college in 2022 zonder dit vooraf te melden aan de raad en deze achteraf te laten autoriseren door de raad via de reguliere P&C documenten.

Het amendement om in dit kader een ‘grotere rol van de raad bij de besteding van de Coronamiddelen’ te geven is daarbij door de raad verworpen26. De raad is in de periode maart 2020 - maart 2022 vijfmaal op basis van een RIB door het College geïnformeerd over de algemene corona-aanpak. Ook is de raad ingelicht over de invoering van het ‘Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19’ waarover eind 2020 ook tweemaal raadsbesprekingen hebben plaatsgevonden. De raad heeft na de eerste periode van drie maanden in de coronacrisis (een groot aantal) schriftelijke vragen gesteld over de aanpak van corona, in een later stadium zijn op drie momenten in 2020-2021 schriftelijke vragen gesteld door de raad. Er zijn in het eerste coronajaar geen moties, amendementen of anderszins door de Raad ingediend. In de onderzochte periode is door de Raad in totaal éénmaal een motie en éénmaal een amendement inzake de lokale corona-aanpak ingediend. 3.1.2

Corona en maatschappelijke gevolgen

Onder de noemer ‘maatschappelijke gevolgen van corona’ zijn brieven van verscheidene maatschappelijke organisaties aan het college en ter kennisname aan de raad gericht. Het gaat met name om correspondentie die verwijst naar de financiering van Wmo-aanbieders, de gemeenschappelijke regeling van de Werkbedrijven, de noden van eenzame ouderen, van jongeren in 23 In de onderzochte coronaperiode (tot maart 2022) is door de Raad in totaal éénmaal een motie ingediend. 24 Brief van het college van 25 januari 2022 over besteding coronamiddelen (2793798 en 2779012).

25 Raadsbesluit Vorming bestemmingsreserve coronamiddelen (2779012), vastgesteld door de raad op 3 februari 2022. 26 Amendement van 3 februari 2022 van raadsfractie Hart voor Katwijk.

15

de corona-tijd, naar de tegemoetkoming van commerciële huurders van gemeentelijk vastgoed en naar een verzoek voor opschorting controle coronatoegangsbewijs bij zwemlesouders. De raad heeft over de maatschappelijke gevolgen van corona (in de periode mei 2020 - april 2021) driemaal schriftelijke vragen ex. artikel 41 RvO aan het college gesteld. De vragen van de raad hadden betrekking op ‘verdwenen leerlingen’ (niet op school aanwezig), ‘jeugdzorg en corona’ en ‘coronasteun culturele sector’. Deze vragen zijn schriftelijk door het college beantwoord. 3.1.3

Financiële aspecten en economische gevolgen van de coronamaatregelen

Over de financiële aspecten van de coronamaatregelen zijn in de periode mei 2020 – februari 2022 met name brieven en circulaires van de rijksoverheid aan de raad voor kennisgeving ter beschikking gesteld. Het betrof onder meer de Financiering WMO-regelingen in coronatijd, een Kamerbrief van de minister van BZK over compensatiepakket coronacrisis, een brief van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over extra rijksmiddelen voor de lokale cultuur, de Septembercirculaire 2020, Meicirculaire 2021 en de Septembercirculaire 2021 en een tweede brief van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over extra rijksmiddelen voor de lokale cultuur. In de periode maart 2020 - juni 2021 zijn zesmaal schriftelijke vragen ex. artikel 41 RvO door de Raad gesteld en door het college beantwoord over economische gevolgen van corona. Het betrof vragen inzake gevolgen van de coronamaatregelen voor lokale ondernemers, het recreatief gebruik van strandhuisjes, gebruik van het strand in de zomer, de af- en opbouw van de strandpaviljoens in de winterperiode, de tegemoetkoming coronamaatregelen detailhandel en vragen over het corona-herstelplan. Het college heeft daarnaast in dit verband onder meer informatie verstrekt over de kaders voor het gebruik van het openbare gebied (mei 2020).

Bovendien heeft de gemeente over de economische gevolgen van de coronamaatregelen zesmaal schriftelijke vragen en reacties ontvangen van particuliere organisaties die werkzaam zijn in de horecabranche en detailhandel (over het gebruik van strandpaviljoens en de zondagsopenstelling van winkels). De raad heeft informatie van de rijksoverheid over financiële aspecten van de coronamaatregelen ter kennisname ontvangen. Over de economische gevolgen van de coronamaatregelen heeft de raad zesmaal schriftelijke vragen gesteld die met name betrekking hadden op ondersteuning van lokale ondernemers en op regels inzake toerisme en gebruik van strandvoorzieningen.

16

3.1.4

Corona en noodmaatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus

De informatie over de noodmaatregelen inzake corona is in de periode maart 2020 - december 2020 door de Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) opgesteld en onder de betreffende gemeenten van de regio, waaronder Katwijk, verspreid. De Veiligheidsregio heeft in deze periode via brieven en e-mails in totaal 18 noodverordeningen naar (onder meer) de gemeenteraad van Katwijk verzonden. Dat betroffen ‘Noodverordening(en) van de voorzitter van de veiligheidsregio Hollands Midden houdende voorschriften ter voorkoming van verdere verspreiding van het coronavirus/COVID-19’. Deze noodverordeningen zijn met name in het najaar 2020 opgesteld. Ook zijn in de genoemde periode door de voorzitter van de VRHM 12 Raadsinformatiebrieven aan de betreffende gemeenteraden verzonden om hen op de hoogte te houden van het verloop van de gebeurtenissen tijdens deze crisis (inclusief medisch beeld) en de besluiten die de voorzitter had genomen27. Daarnaast hebben in de periode juli - december 2020 vier gezamenlijke digitale bijenkomsten (via Teams) met de betreffende gemeenteraden plaatsgevonden waarin de voorzitter en medewerkers van de VRHM met name informatie aan de raden hebben overgedragen28. Op 1 december 2020 is de ‘Tijdelijke wet maatregelen Covid-19’ in werking getreden.

Deze wet verving de regionale noodverordening en is onder andere opgesteld om meer democratische borging van de maatregelen rondom de bestrijding van het coronavirus te realiseren. Veiligheidsregio Hollands Midden heeft een ‘Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19’ opgesteld. Het doel van dit kader is de lokale bevoegdheden die de nieuwe tijdelijke wet geeft en de regionale afstemming zo goed mogelijk op elkaar aan te laten sluiten. Het regionaal toepassingskader is op 3 en 10 december 2020 met de gemeenteraad van Katwijk besproken. De Raad heeft vervolgens op 17 december 2020 het besluit genomen kennis te nemen van het concept Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 van de Veiligheidsregio Hollands Midden. Ook besluit de Raad (volgens dit formeel besluit) geen wensen en bedenkingen in te dienen op de inhoud en werkwijze van het concept Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 van de Veiligheidsregio Hollands Midden (27). Het Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 van de Veiligheidsregio Hollands Midden is vervolgens 22 december 2020 door alle burgemeesters van de VRHM definitief vastgesteld.

27 2 maart 2020, 13 maart 2020, 14 maart 2020, 18 maart 2020, 30 maart 2020, 8 april 2020, 5 mei 2020, 18 juni 2020, 17 juli 2020, 22 september 2020, 11 oktober 2020 en 10 december 2020. 28 15 juli 2020, 29 september 2020, 15 oktober 2020 en 3 december 2020.

17

Verantwoording VRHM Een maand na inwerkingtreding van de Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 (per 1 december 2020) heeft de voorzitter van de Veiligheidsregio een schriftelijk verantwoordingsverslag uitgebracht aan de raden van de getroffen gemeenten over het verloop van de gebeurtenissen en de besluiten die hij heeft genomen over de periode maart -december 2020 (conform artikel 40 Wet veiligheidsregio’s). Dit schriftelijk verslag (in de vorm van een brief aan de gemeenteraden 30 december 2020) is een formele afsluiting van deze GRIP4-periode en van de bevoegdheden van de voorzitter van de VRHM hierbinnen29. De gemeenteraden zijn in de gelegenheid gesteld schriftelijke vragen te stellen over dit verslag. Daarvan hebben raadsleden van enkele andere gemeenten (dan Katwijk) gebruik gemaakt. Tot slot heeft een laatste gezamenlijke digitale bijeenkomst met gemeenteraadsleden plaatsgevonden met een toelichting van de voorzitter van de VRHM op het schriftelijk verslag (op 19 januari 2021). De voorzitter van de VRHM heeft tot slot verslag gedaan van zijn beantwoording van de ingekomen schriftelijke vragen van gemeenteraadsleden in de regio (brief 18 februari 2021). De informatie van de burgemeester van Katwijk over de vergaderingen in het RBT van de VRHM is rechtstreeks aan de raad verstuurd.

Daarover is niet meer door de raad vergaderd, behalve in december 2020 (in het licht van het regionaal toetsingskader). Ook de brieven van de VRHM zijn rechtstreeks aan de raad verstuurd. De informatie van de VRHM is, zoals aangegeven, via een RIB verstrekt dan wel in enkele raadsvergaderingen bekend gemaakt. De raad is door de Veiligheidsregio Hollands Midden in 2020 regelmatig op de hoogte gesteld van de noodverordeningen om verspreiding van het coronavirus te voorkomen. Ook heeft de raad in 2020 twaalf RIB’s van de VRHM ontvangen en is vijfmaal informatie gedeeld door middel van online-vergaderingen. De raad heeft eind 2020 ingestemd met het Regionaal toepassingskader Tijdelijke wet maatregelen Covid-19. De raad heeft verantwoordingsinformatie van de voorzitter VRHM ontvangen en daar geen vragen meer over gesteld. Dit geldt eveneens voor de informatie van de burgemeester over de afspraken in het RBT van de Veiligheidsregio.

3.2

Praktische invulling informatie-uitwisseling college en raad

De maatregelen rondom de coronacrisis hebben tot grote praktische beperkingen geleid voor de uitvoering van het raadswerk. Er konden in eerste instantie geen raadsvergaderingen meer in fysieke vorm plaatsvinden, waardoor men samen met de griffie naar verscheidene technische en ruimtelijke aanpassingen heeft gezocht.

29 Brief van Veiligheidsregio Holland Midden van 30 december 2020 inzake schriftelijk verslag GRIP4 Covid-19 (1840884).

18

Voor een groot deel hebben raadsvergaderingen digitaal (via Teams) plaatsgevonden30. In bepaalde periodes gedurende de twee coronajaren is, mede afhankelijk van de beschikbaarheid en geschiktheid van de ruimte (ook gezien een verbouwing van het gemeentehuis), wel fysiek in een aangepaste zaal op een andere locatie (in het Heerenhuys) en vervolgens in de hal van het gemeentehuis vergaderd met inachtneming van de anderhalf-meter maatregel. Fysieke bijeenkomsten waren derhalve, mede afhankelijk van de lockdowns, in sommige periodes wel, sommige periodes niet mogelijk en daarin heeft men naar mogelijkheden gezocht in de beschikbare nevenlocatie van het gemeentehuis en later in de hal van het gemeentehuis om te vergaderen. Er is op enkele momenten wel ruimte genomen om in de raad en met het college uitgebreider van gedachten te wisselen. Dat gold met name na de eerste drie maanden van de start van de coronacrisis voor de eerste raadscommissievergadering op 4 juni 2020 over de impact van corona voor de samenleving en vervolgens in december 2020 in een debat over het Regionaal Toetsingskader inzake de regionale maatregelen en de mogelijkheden voor lokale ondernemers.

Daarnaast is het aantal malen dat door de gemeenteraad voltallig vergaderd kon worden verminderd, is het aantal onderwerpen per vergadering verlaagd en is er een ‘aanpassingsperiode’ geweest waarin raadsleden bekend moesten worden met de digitale techniek (van Teams) om functioneel te kunnen deelnemen aan de digitale vergaderingen. Hierin zijn ook hand- en spandiensten geleverd door de griffie die aandacht en energie hebben gevraagd. Om het stemmen van de raadsleden tijdens de digitale vergaderingen te vereenvoudigen, is bovendien een daartoe ontwikkelde digitale app toegepast (die bij de start van het systeem ‘kinderziektes’ vertoonde en de procedure rondom het stemmen beïnvloedde). Ook is het gehanteerde BOB-vergadermodel van de raad (eerst beeldvorming/informatief, dan oordeelsvorming en besluitvorming) aangepast, waarbij de eerste fase van informatie anders is ingevuld door de te stellen vragen vooraf schriftelijk te laten indienen. Bovendien is gevraagd om ‘het debat’ zo mogelijk te beperken in het aantal interrupties vanwege de door raadsleden ervaren intensiteit van een deelname aan Teams-vergaderingen (in de aandacht en energie die het vergt). Tevens is afgesproken mogelijke amendementen en moties al voorafgaand aan de commissievergaderingen schriftelijk in te dienen zodat andere raadsleden daarmee niet tijdens de vergaderingen werden verrast.

Zoals aangegeven is het aantal ingediende moties en amendementen in de gehele onderzochte coronaperiode beperkt gebleven (tot 1 motie en 1 amendement). De coronamaatregelen hebben daarnaast voor een sterke beperking van de onderlinge (politieke) contacten op het gemeentehuis en elders tussen fracties en individuele fractieleden geleid, waardoor het politieke fractieoverleg onderling is verminderd.

30 Digitaal vergaderen werd tijdens de coronacrisis mogelijk gemaakt door de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming. Deze wet was geldig vanaf 9 april 2020 tot 1 juli 2022.

19

Ook de volksvertegenwoordigende taak van de raad werd verminderd, omdat ook de contacten met de achterban op verscheidene vlakken minder intensief waren. Bovendien was er geen toegang voor het publiek tijdens raadsvergaderingen. Er zijn in de beschikbare documenten van de raad of van het college geen vragen of opmerkingen te herkennen die (direct) verwijzen naar de (mogelijke of geconstateerde aantasting van de) volksvertegenwoordigende rol van de raad. Er kan, samenvattend, worden geconstateerd dat de ingezette coronaprocedures rondom de vergaderingen van de gemeenteraad een sterk beperkende invloed hebben gehad op ‘het politieke debat’. De toepassing van coronamaatregelen hebben tot grote praktische beperkingen geleid voor de uitvoering van het raadswerk. De informatie-uitwisseling tussen college en raad, en raad onderling, is in de coronaperiode sterk bepaald door restricties in de vergadercultuur en de afspraken die de raad daarover heeft gemaakt. Het digitaal vergaderen en daarmee samenhangende afspraken over onder meer lengte van de vergaderingen, over interrupties en het indienen van moties en amendementen, hebben hun weerslag gehad op verschillende aspecten van het politieke debat.

3.3

Coronasteunpakketten, informatie in de P&C-stukken en budgetrecht

In de P&C-cyclus van de gemeente Katwijk gaat het met name om de Kadernota, de begroting, de Voorjaarsbestuursrapportage, de Najaarsbestuursrapportage, gevolgd door de Jaarrekening. De raad is door het college geïnformeerd over de besteding van de diverse coronasteunpakketten van het Rijk die de gemeenten in staat stelt om de gevolgen van de coronacrisis op te vangen. Het college heeft besloten (26 januari en 25 mei 2021) om de bedragen van het 3e en 4e steunpakket te reserveren en aan de organisatie is vervolgens gevraagd voorstellen te doen voor de besteding van deze middelen. Daarbij zijn voorstellen gedaan om een deel van de middelen beschikbaar te stellen voor cultuur, jeugd en jongerenwerk, armoede, eenzaamheid en begeleiding van kwetsbare groepen. Het college heeft op 16 juli 2021 een besluit genomen over het Advies bij Besteding 3e en 4e steunpakket corona en dit collegebesluit ter kennisname aan de raad aangeboden. Het steunpakket betekende een ruime verdubbeling van de baten in 2021. De gemeente heeft aan de raad aangegeven dat de ontvangen coronamiddelen steeds worden gereserveerd voor de doelen waarvoor ze zijn bedoeld. Dit betekende in de praktijk dat voor de besteding van de coronamiddelen eerst vanuit de organisatie voorstellen ter besluitvormig aan het college zijn voorgelegd. Na deze besluitvorming zijn de budgetten in de begroting

20

verwerkt en via de P&C-cyclus voor autorisatie aan de raad voorgelegd. Dit proces heeft in 2020 en in 2021 een aantal keren plaatsgevonden3132. Een deel van het laatste ‘compensatiepakket corona medeoverheden’ is door de gemeente Katwijk in de laatste fase van de coronapandemie ingezet voor gerichte acties, mede vanuit de ‘Maatschappelijke Agenda’, ten behoeve van jongeren, armoede, eenzaamheid, kwetsbare groepen en cultuur33. Ook is door het college voorgesteld (21 december 2021) een ‘bestemminsgreserve coronamiddelen’ te vormen waarbij het verwachte resterende bedrag coronamiddelen van ongeveer €1,8 min wordt toegevoegd aan deze bestemmingsreserve ten laste van de algemene reserve en bij de bestemming van het jaarrekening resultaat 2021 terug te storten in de algemene reserve. Dit voorstel leidt tot een raadsbesluit van 3 februari 2022 om de budgettaire consequenties van het beslispunt in de begroting 2022 te verwerken. Gebruik van budgetrecht Ook besluit de raad, in afwijking van artikel 3 lid 5 van de financiële verordening, “gezien de huidige coronasituatie, in te stemmen met de besteding van deze middelen door het college in 2022 zonder dit vooraf te melden aan de raad en deze achteraf te laten autoriseren door de raad via de reguliere P&C documenten”34.

Dit leidde, met verwijzing naar de vastgestelde Financiële verordening gemeente Katwijk 2019, tot het volgende advies van de griffie inzake het budgetrecht van de raad en de rechtmatigheid van dit besluit (1 september 2021): “Het verdient aanbeveling het college te verzoeken de raad op korte termijn een voorstel aan te bieden zodat de raad kan besluiten over de wijziging van de begroting in verband met de extra middelen uit de coronasteunpakketten”. Bovendien verdiende het, volgens het advies, aanbeveling de accountant een advies te vragen over een helder toepasbaar financieel afwijkingenbeleid. In een reactie op het advies van de griffie geeft het college aan dat naar haar mening “formeel gezien geen sprake (is) van aantasting van het budgetrecht van de raad dan wel een niet rechtmatig genomen collegebesluit” en verwijst naar de invulling van de najaarsbestuursrapportage 2021. De raad heeft hierop geen vragen gesteld en ook is het betreffende onderwerp niet in de auditcommissie besproken. Wel is, zoals reeds aangegeven, in een later stadium een amendement ingediend voor een grotere rol van de raad bij de besteding van (resterende) coronamiddelen (dit amendement van 3 februari 2022 is verworpen).

31 Waaronder in de Najaarsbestuursrapportage 2020 (van 18 november 2020, besproken in de raad 3 december

2020) en de Najaarsbestuursrapportage 2021 (van 23 november 2021 en besproken in de raadscommissie op 25 november 2021). Ook zijn de Voorjaarsbestuursrapportages 2020 en 2021 aan de raad voorgelegd en in de raadscommissie besproken. 32 Het college heeft de gemeenteraad over de besteding van de coronamiddelen op 25 januari 2022 een brief gestuurd (Besteding coronamiddelen, 2793798). 33 Idem. 34 Raadsbesluit Vorming Bestemmingsreserve Coronamiddelen (2779012), 3 februari 2022.

21

Dit overzicht geeft weer dat door de raad in commissieverband is gesproken over de bestuursrapportages en rekeningen en het college door de raad is bevraagd over bepaalde handelingen. De controlerende taak is door de Raad uitgeoefend maar in beperktere zin aangezien de situatie als geheel ook deze beperking voorschreef. De gewoonte om gezamenlijk aan tafel met ambtenaren, en zo mogelijk de accountant, de P&C-documenten door te nemen en toelichting te geven is deels komen te vervallen. Deze procedure is op een afgeleide, digitale wijze uitgevoerd. Men heeft hier een ‘afgeleide’ variant voor gekozen door Teams in te zetten als digitale informatiebron. Uit de interviews met raadsleden komt naar voren dat men, globaal gesteld, van men mening is dat zij goed geïnformeerd zijn over de inzet van middelen en dat voorstellen hierover voldoende besproken zijn. De corona-maatregelen en de invloed daarvan op de financiële huishouding van de gemeente zijn niet in de auditcommissie aan de orde gesteld. De raad is schriftelijk door het college geïnformeerd over de besteding van de diverse coronasteunpakketten van het Rijk die de gemeente in staat stelde om de gevolgen van de coronacrisis op te vangen. Na besluitvorming zijn de budgetten in de begroting verwerkt en via de P&C-cyclus voor autorisatie aan de raad voorgelegd.

Dit proces heeft in 2020 en in 2021 een aantal keren schriftelijk plaatsgevonden. De raad heeft geen gebruik gemaakt van haar budgetrecht inzake de wijziging van de begroting in verband met de extra middelen uit de coronasteunpakketten. De controlerende taak is door de Raad uitgeoefend maar in beperktere zin en is op een afgeleide (digitale) wijze toegepast. Geïnterviewden van de raad geven aan goed geïnformeerd te zijn over de inzet van middelen en dat voorstellen hierover voldoende besproken zijn.

3.4

Ervaringen met het proces

Uit de interviews met verschillende betrokkenen komt naar voren dat er In de eerste periode van de coronacrisis een algemeen gevoel was dat iedereen (raad, college, beleidsmedewerkers) “overvallen was door de situatie”. De bepaling van het GRIP4-niveau in de crisisaanpak leidde tot andere bestuurlijke verhoudingen en een systeem van noodverordeningen die betrokkenen in de raad in eerste instantie het gevoel hebben gegeven “buiten spel gezet te zijn”. De landelijke maatregelen en de doorvertaling daarvan in de veiligheidsregio, met een centrale rol van de voorzitter van de VRHM, vormden het bepalende kader waarbinnen de besluitvorming plaatsvond (“de regio bepaalt” en “dat maakt de raad in zekere zin stuurloos”). In eerste drie maanden van de crisis heeft het college de raad niet actief betrokken bij de besluitvorming. Het college nam de besluiten in de eerste crisisperiode en de raad is eenmaal per maand hierover via een RIB achteraf geïnformeerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12903227/2