12. Bijlage 2. Toelichting BP Kustwerk (9243)
Tekst van het document
Afbeelding: het deel ten noorden van het Uitwateringskanaal (globaal aangegeven met een rode belijning) en het deel ten zuiden (globaal aangegeven met een blauwe contour)
Op deze delen zal nader in worden gegaan in de subparagrafen 3.2.1.2 en 3.2.1.3, voorafgegaan door een algemene beschrijving van de Katwijkse strandvakken.
status: vastgesteld
21
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
3.2.1.1 Algemene beschrijving strandvakken Een groot deel van het strand van Katwijk is verdeeld in strandvakken ,welke door de gemeente privaatrechtelijk worden verhuurd aan strandpaviljoenhouders of strand- en watersportverenigingen. Ook zijn er enkele vrije strandvakken. Voor de strandvakken die geëxploiteerd worden gelden de volgende algemene regels: Strandhoreca (16 strandvakken): 1. Per strandvak mag 1 strandhorecapaviljoen worden gebouwd, bestaande uit een hoofdgebouw en eventuele aan- en bijgebouwen. In beginsel zijn de gebouwen en de daarbij behorende exploitatie alleen tijdens de zomerperiode (1 februari tot 1 november) toegestaan, tenzij er het betreffende strandhorecapaviljoen aan de gestelde voorwaarden voldoet en er is besloten dat het paviljoen jaarrond mag (en dus ook in de winterperiode aanwezig mag zijn). 2. Per strandhorecapaviljoen geldt een minimum bebouwd oppervlak van 275 m² en een maximum bebouwd oppervlak van 600 m², inclusief aan- en bijgebouwen en overdekte terrassen. Voor een strandhorecapaviljoen geldt een maximum breedte van 60 meter en een maximum diepte van 25 meter. Strandhuisjes (zie hierna) tellen niet mee in het maximum bebouwd oppervlak van 600 m². 3. De lange zijde van een strandhorecapaviljoen loopt (nagenoeg) parallel aan de duinvoet.
Een seizoensgebonden strandhorecapaviljoen ligt op minimaal 3 meter en maximaal 8 meter afstand van de duinvoet. Voor jaarrond strandhorecapaviljoens geldt geen maximale afstandsmaat. 4. Om te voorkomen dat een paviljoen het zicht op de zee vanuit de duinzone blokkeert mag een paviljoen uit maximaal één bouwlaag met een kap bestaan (goothoogte van 3 meter, nokhoogte van 5 meter). Daarnaast mag het gebouw in een bepaalde zone niet hoger zijn dan NAP +9,5 m. Kelders zijn niet toegestaan. 5. Een kap is verplicht en heeft een helling van minimaal 15° en maximaal 45°. De nokrichting loopt (nagenoeg) parallel aan de duinvoet. 6. Het totale bedrijfsvloeroppervlak van een strandhorecapaviljoen bedraagt 1.000 m². Dit oppervlak is inclusief het gebouwde oppervlak van het strandhorecapaviljoen en bijbehorende terrassen maar exclusief strandhuisjes, strandcabines en verhuur van strandmeubilair (zie hierna). 7. Per strandvak zijn gedurende de zomerperiode (1 februari tot 1 november) ook strandhuisjes toegestaan. De strandhuisjes worden verhuurd aan toeristen (verblijfsrecreatie). Voor strandhuisjes gelden de volgende voorwaarden: a. per strandhuisje geldt een bebouwd oppervlak van 35 m², aan- en uitbouwen zijn niet toegestaan; b. de voorgevels van strandhuisjes worden binnen een strandvak geplaatst in een rij, dat wil zeggen in dezelfde gevellijn; c.
om te voorkomen dat een strandhuisje het zicht op de zee vanuit de duinzone blokkeert mag een strandhuisje uit maximaal één bouwlaag met een kap bestaan (goothoogte van 3 meter, nokhoogte van 4,5 meter); d. het strandhuisje mag in een bepaalde zone niet hoger zijn dan NAP +9,5 m.; e. een kap is verplicht en heeft een helling van minimaal 25° en maximaal 45°, de nokrichting is haaks op de duinvoet; f. de strandhuisjes zijn gelegen op minimaal 5 meter afstand van een strandhorecapaviljoen, op minimaal 3 meter afstand van andere strandhuisjes en op minimaal 3 en maximaal 8 meter afstand van de duinvoet; g. Voor de strandvakken die zijn gelegen in het Natuurnetwerk Nederland is ter bescherming van het Natuurnetwerk een maximum aantal strandhuisjes opgenomen. Het gaat om de strandvakken 1, 21 en 22. 8. Per strandvak zijn gedurende het badseizoen (1 mei tot 1 oktober) strandcabines aanwezig. Deze strandcabines zijn kleine omkleedcabines die tevens als opbergplek voor strandspullen dienen van Katwijkse families. Strandcabines vallen onder strandmeubilair. 9. Per strandvak wordt er strandmeubilair verhuurd in de vorm van ligbedden, windschermen en parasols. 10. Per strandvak zijn maximaal 5 vlaggenmasten toegestaan waarbij de maximum hoogte van de vlaggenmasten 10 meter bedraagt. Daarnaast zijn per strandvak 3 speel- of sporttoestellen toegestaan tot een maximum hoogte van 4 m.
De toestellen hebben ieder een lengte van maximaal 7,5 m en een maximum oppervlakte van 15 m² waarbij de maximaal 3 toestellen in een aaneengesloten zone van 30 m² dienen te worden geplaatst. Per strandvak is verder 1 (open) buitendouche mogelijk met een maximum hoogte van 3 m en er zijn 12 lichtmasten toegestaan tot de daadwerkelijke bouwhoogte van het strandpaviljoen. 11. Overige bouwwerken geen gebouw zijnde mogen maximaal 2 meter hoog zijn in geval van terrasafscheidingen, 3,5 meter in geval van in de grond verankerde parasols, de nokhoogte van het strandhorecapaviljoen in geval van reclameuitingen, 2 meter voor strandmeubilair (voorwerpen ten
22
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
behoeve van de inrichting van het publiek toegankelijke strand, voor zover er sprake is van een bouwwerk als bedoeld in artikel 1.29), 1,2 meter voor stuifhekken ten behoeve van het beheer van het strand en de duinen of 1 meter bij overige bouwwerken geen gebouwen zijnde. 12. Bij elk strandvak dient de totale breedte van het strandvak voor 25% te worden gebruikt als aaneengesloten open ruimte. Alleen ruimte met een minimale breedte van 10 meter wordt gerekend tot aaneengesloten open ruimte indien er binnen die zone geen bebouwing aanwezig is. De breedte wordt gerekend vanuit de hoogwaterlijn. Strand- en watersportverenigingen (3 strandvakken): 1. Per strandvak mag 1 strand- en watersportaccommodatie worden gebouwd, bestaande uit een hoofdgebouw en eventuele aan- en bijgebouwen. De gebouwen en de daarbij behorende exploitatie zijn alleen tijdens de zomerperiode (1 februari tot 1 november) toegestaan. 2. Per strandvak geldt een maximum oppervlak van 300 m² aan gebouwen, dan wel 600 m² in geval van de Katwijkse Watersportvereniging Skuytevaert. Van het oppervlak mag in alle gevallen maximaal 75 m² worden gebruikt als uitkijkpost. 3. Voor de gebouwen geldt een maximum bouwhoogte van 5,5 meter, met uitzondering van 7,5 meter voor een uitkijkpost. De uitkijkpost mag in een bepaalde zone niet hoger zijn dan NAP +11 m zijn gelegen, de rest van het gebouw niet hoger dan NAP +9,5 m. 4.
Een seizoensgebonden accommodatie ligt op minimaal 3 en maximaal 8 meter afstand van de duinvoet. Voor jaarrond accommodaties geldt geen maximale afstandsmaat. Training en scholing (1 strandvak): 1. In het betreffende strandvak mag 1 accommodatie voor training en scholing worden gebouwd, bestaande uit een hoofdgebouw en eventuele aan- en bijgebouwen. De gebouwen en de daarbij behorende exploitatie zijn alleen tijdens de zomerperiode (1 februari tot 1 november) toegestaan. 2. Per strandvak geldt een maximum oppervlak van 100 m² aan gebouwen. 3. Voor de gebouwen geldt een maximum bouwhoogte van 5,5 meter. Het gebouw mag in een bepaalde zone niet hoger zijn dan NAP +9,5 m. 4. Een accommodatie ligt op minimaal 3 meter afstand van de duinvoet. Jaarlijks worden in opdracht van de gemeente stuifschermen (winterperiode 1/11 tot 1/5) op het strand geplaatst om te veel duingroei tegen te gaan en om voldoende zand in het zandbanket parallel aan de boulevard in stand te houden. Het zandbanket is 35 m en 4,5 m + NAP. Op deze wijze groeien de paviljoens niet boven de duinen uit. De gemeente heeft hiervoor een watervergunning van Rijnland (wordt om de vijf jaar verlengd c.q. herzien). In deze vergunning zit ook het pad aan de zeezijde van de paviljoens, het pad naar de reddingsposten en de watersportaccommodaties.
3.2.1.2 Strandzone ten noorden van het Uitwaterkingskanaal De strandzone ten noorden van het Uitwateringskanaal bevat 2 strandvakken die zijn verhuurd voor strandhoreca (strandvakken 21 en 22) en 1 strandvak dat is verhuurd aan een strand- en watersportvereniging (strandvak 23). De rest van deze noordelijke strandzone bestaat uit vrije strandzones. De 3 strandvakken zijn bereikbaar via een wandelpad vanaf parkeerterrein De Noordduinenen en via enkele strandopgangen door de duinen. Strandvak 21 (Willy Noord) en strandvak 22 (Het Wantveld) bevinden zich aan weerszijden van een strandopgang. Deze strandopgang komt uit op een 30,5 meter brede vrije ruimte. Strandvak 21 heeft een breedte van 165 meter, strandvak 22 een breedte van 172 meter. Beide strandvakken zijn bebouwd met een éénlaags strandhorecapaviljoen met een kap waarbij de noklijn van de kap evenwijdig aan de duinvoet ligt. Beide strandhorecapaviljoens hebben een onoverdekt bebouwd terras. In beide gevallen staan ten noordoosten van de strandhorecapaviljoens enkele strandhuisjes gedurende de zomerperiode (1 februari tot 1 november). Deze strandhuisjes zijn ook éénlaags met een kap, waarbij de noklijn van de kap haaks op de duinvoet is gesitueerd. De strandhuisjes staan in een rechte gevellijn De strandhuisjes worden verhuurd aan toeristen (verblijfsrecreatie).
Daarnaast zijn er in de beide strandvakken gedurende het badseizoen (1 mei tot 1 oktober) nog strandcabines aanwezig en wordt er strandmeubilair verhuurd. De strandcabines zijn kleine omkleedcabines die tevens als afsluitbare opbergplek voor strandspullen dienen van Katwijkse families. De verhuur van strandmeubilair betreft strandbedden en parasols.
status: vastgesteld
23
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Afbeeldingen: strandhorecapaviljoen Het Wantveld met terras in strandvak 22 (links) strandhorecapaviljoen Willy Noord met terras en naastgelegen strandhuisjes in strandvak 21 (rechts)
en
Strandvak 23 heeft een breedte van 48 meter en is verhuurd aan Kitesufvereniging Airtime. De bebouwing van de vereniging bestaat uit enkele gestapelde en geschakelde containers die worden gebruikt als kantoor, kantine, omkleedruimte en voor de opslag van materialen. 3.2.1.3 Strandzone ten zuiden van het Uitwateringskanaal De strandzone ten zuiden van het Uitwateringskanaal is onderverdeeld 14 strandvakken voor strandhoreca (strandvakken 1, 2, 3, 3A, 6, 6A, 8, 9, 11, 12, 14, 16, 18 en 19), twee strandvakken voor strand- en watersportverenigingen (strandvak B en 4) en enkele vrij strandzones. Ook zijn er twee reddingsposten aanwezig. De strandzone zal hierna van noord naar zuid worden beschreven. Direct ten zuiden van het Afwateringskanaal is de noordelijke reddingspost aanwezig. Het gebouw is tweelaags (geen kap) en heeft een uitkijkfunctie voor de KRB. Verder bevat het gebouw omkleedruimtes, kantoorruimte en stallingsruimte van voertuigen en materieel van de hulpdiensten. Nabij de reddingspost bevindt zich een klein éénlaags gebouw van Surfschool Katwijk. In dit gebouw vindt voornamelijk opslag van lesmaterialen plaats. De Surfschool is via een tijdelijke vergunning op de locatie gevestigd. Deze herziening voorziet in een permanente seizoenslocatie voor de surfschool (zie paragraaf 4.2.2 en bijlage 1).
Afbeeldingen: de noordelijke reddingspost met daarnaast het kleine gebouw van de surfschool, het strandhorecapaviljoen D(e)ining 19 en de andere andere zijde van de strandopgang gelegen strandhuisjes (links) en het strandhorecapaviljoen van Paal 14 (rechts)
Het strand ten zuiden van de noordelijke reddingspost bestaat uit 4 aaneengesloten strandvakken. Het eerste strandvak ten zuiden van de noordelijke reddingspost, strandvak 19 (D(e)ining 19), heeft een breedte van 110
24
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
meter waarbij de strandopgang in het midden van het strandvak uitkomt. Het strandhorecapaviljoen bevindt zich ten noorden van de strandopgang, de strandhuisjes ten zuiden van de strandopgang. Net als in de noordelijke strandzone is het strandvak bebouwd met een éénlaags strandhorecapaviljoen met een kap waarbij de noklijn van de kap evenwijdig aan de duinvoet ligt. Achter het strandhorecapaviljoen bevindt zich een container die is voorzien van een kap. Ook is er een onoverdekt bebouwd terras aanwezig. De gedurende de zomerperiode (1 februari tot 1 november) aanwezige strandhuisjes zijn éénlaags met een kap, waarbij de noklijn van de kap haaks op de duinvoet is gesitueerd. Ook deze strandhuisjes staan in een rechte gevellijn. Verder staan er gedurende het badseizoen (1 mei tot 1 oktober) strandcabines in het strandvak en wordt er strandmeubilair verhuurd. Ten aanzien van de strandvakken 18, 16 en 14 geldt het volgende: Strandvak 18 (Paal 14) grenst direct aan strandvak 19 en 16 en heeft een breedte van 112 meter. De strandopgang komt uit op de zuidelijke grens van het strandvak. Strandvak 16 (Surf & Beach) is gelegen tussen strandvakken 18 en 14 en heeft een breedte van 184 meter. De strandopgang bevindt zich aan de zuidkant van het strandvak. Strandvak 14 (Key West) is gelegen tussen strandvak 16 en een vrije strandzone. Het strandvak heeft een breedte van 112 meter.
De strandopgang bevindt zich aan de zuidkant van het strandvak. Net als bij de eerder beschreven strandvakken voor strandhoreca is bij de strandvakken 18, 16 en 14 sprake van een éénlaags strandhorecapaviljoen met terras, strandhuisjes, strandcabines en verhuur van strandmeubilair.
Afbeeldingen: het strandhorecapaviljoen Surf & Beach met de naastgelegen strandhuisjes (links) en het strandhorecapaviljoen Key West met naastgelegen strandhuisjes (rechts)
Tussen de strandvakken 12 en 14 bevindt zich een vrije strandzone van 40 meter. Strandvak 12 ('t Centrum) heeft een breedte van 112 meter. De strandopgang naar het strandvak bevindt zich aan de noordkant van het strandvak maar aan de zuidkant is ook een centrale strandopgang aanwezig, ter plaatse van het strandplein (zie de beschrijving in subparagraaf 3.2.2). In het verlengde van deze centrale standopgang is een vrije strandzone van 7 meter breed aanwezig. Het aan de andere zijde van deze vrije strandzone gelegen strandvak, strandvak 11 (Zee en Zon), heeft een breedte van 122 meter. De strandopgang komt uit op de zuidelijke grens van het strandvak. Zowel strandvak 12 als strandvak 11 zijn in gebruik als strandhoreca met de daarbij behorende bebouwing (zie de voorgaande beschrijvingen van de andere strandvakken).
status: vastgesteld
25
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Afbeeldingen: het strandhorecapaviljoen 't Centrum (links) en het strandhorecapaviljoen Zee en Zon met naastgelegen strandhuisjes (rechts)
Direct ten zuiden van strandvak 11 bevindt zich strandvak 9 (Zomers), welke een breedte heeft van 71 meter. De strandopgang komt uit op de zuidelijke grens van het strandvak. Vanwege de relatief beperkte breedte van het strandvak is er 1 strandhuisje aanwezig naast het strandhorecapaviljoen. Dit strandhuisje maakt onderdeel uit van de rij strandhuisjes in het naastgelegen strandvak 8 (Het strand). Dit strandvak heeft een breedte van 106 meter. Ook hier komt de strandopgang uit op de zuidelijke grens van het strandvak. In beide strandvakken zijn verder de bij strandhorecabebouwing behorende bouwwerken aanwezig.
Afbeeldingen: het strandhorecapaviljoen Zomers (links) en het strandhorecapaviljoen Het strand met de tussen de beide strandpaviljoens in gelegen strandhuisjes (rechts) Tussen strandvak 8 en strandvak 6A is een vrije strandzone van 40 meter breed. Strandvak 6A (Zand) is 129 meter breed en grenst aan strandvak 6 (Zilt), welke een breedte heeft van 164 meter. Strandvak 6A heeft een strandopgang in het midden van het strandvak en een strandopgang aan de zuidkant van het strandvak. Strandvak 6 heeft een strandopgang in het midden van het strandvak. Ook in deze strandvakken is de bij strandhoreca behorende strandbebouwing aanwezig.
26
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Afbeeldingen: het strandhorecapaviljoen Zand met de naastgelegen strandhuisjes (links) en het strandhorecapaviljoen Zilt (rechts) De 100 meter brede zone ten zuiden van strandvak 6 is voor de helft (50 meter) in gebruik als strandvak voor de Katwijkse Branding Surfclub (KBS) en voor de andere helft (50 meter) een vrije strandzone. Het gebouw van de KBS is een éénlaags opgetild gebouw met daaronder diverse containers voor de opslag van materialen. Deze containers worden in de winterperiode (1 november tot 1 februari) van het strand gehaald.
Afbeeldingen: de bebouwing van KBS (links) en het strandhorecapaviljoen KW 104 met naastgelegen strandhuisjes(rechts)
Ten zuiden van het strandvak van de KBS en de vrije strandzone ligt strandvak 3A. Dit strandvak (KW 104) heeft een breedte van 110 meter. Het naastgelegen en aangrenzende strandvak, strandvak 3 (Sand C Bar), heeft een breedte van 100 meter. Beide strandvakken hebben een strandopgang in het midden van het strandvak. Tussen deze beide strandopgangen bevinden zich de strandhuisjes en aan weerszijden van de strandopgangen ook de strandhorecapaviljoens met terras, strandcabines en verhuur van strandmeubilair. Direct ten zuiden van strandvak 3 staat de zuidelijke reddingspost. Het gebouw van deze reddingspost is gelijk aan die van de noordelijke reddingspost (zie begin van deze subparagraaf). Het strandvak van de reddingspost is 55 meter breed en grenst ook aan strandvak 2. Het strandvak van de reddingspost heeft een strandopgang in het midden.
status: vastgesteld
27
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Afbeeldingen: het strandhorecapaviljoen Sand C Bar met naastgelegen strandhuisjes en de zuidelijke reddingspost (links) en de strandhorecapaviljoens Strandhuys Katwijk en Willy Zuid aan weerszijden van een vrije strandzone (rechts)
De zuidelijke strandopgang vanaf de Boulevard heeft aan weerszijden een strandvak. Het strandvak ten noorden, strandvak 2 (Strandhuys Katwijk), is 100 meter breed terwijl het ten zuiden gelegen strandvak 1 (Willy Zuid) een breedte heeft van 200 meter. Tussen de beide strandvakken bevindt zich een vrije zone met een breedte van 35 meter. In beide strandvakken zijn verder de bij strandhorecabebouwing behorende bouwwerken aanwezig. Tenslotte bevindt zich ten zuiden van strandvlak 1 een vrije strandzone van 135 meter breed en het strandvak B met een breedte van 415 meter. Strandvak B wordt gebruikt voor de Katwijkse Watersportvereniging Skuytevaert. Deze vereniging oefent diverse sportactiviteiten uit als zeilen, motorbootvaren en vissen. Opslag van materialen vindt plaats in containers.
Afbeelding: het strandvak van watersportaccommodatie Skuytevaert met containers voor opslag
3.2.2
Duinzone
De duinzone die tot dit plangebied behoort is gelegen tussen het Uitwateringskanaal en de zuidelijke strandopgang vanaf de Boulevard en heeft een breedte die varieert van circa 30 tot 120 meter. Deze duinzone is enkele jaren geleden heringericht naar aanleiding van de nieuwe waterkering en de ondergrondse parkeergarage die beide onder het duin zijn gerealiseerd. In de duinzone is nu een stelsel van wandelpaden, zitgelegenheden en strandopgangen aanwezig. De hoogte van de in subparagraaf 3.2.1 beschreven strandhorecapaviljoens is zodanig dat de zee zichtbaar blijft als men vanuit de duinzone over de strandhorecabebouwing heen kijkt.
28
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Afbeelding: zicht vanuit de duinzone richting zee
Centraal in de duinzone bevindt zich een ondergrondse parkeergarage, met zowel een noordelijke als een zuidelijke in- en uitrit. De parkeergarage heeft een capaciteit van 663 parkeerplaatsen en enkele entreegebouwen voor voetgangers.
Afbeeldingen: de noordelijke in- en uitrit van de ondergrondse parkeergarage (links) en een entreegebouw (rechts, bron: https://www.google.nl/maps)
In het midden van de duinzone ligt in het verlengde van de Voorstraat tenslotte een brede strandopgang. De opzet van deze strandopgang is zodanig dat deze als strandplein fungeert voor het organiseren van evenementen.
status: vastgesteld
29
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Afbeelding: het strandplein in het verlengde van de Voorstraat
3.3
Natuurnetwerk Nederland
Een deel van het plangebied is door de provincie aangewezen als Natuurnetwerk Nederland (zie paragraaf 2.2.1). Het gaat daarbij om de Natura 2000-gebieden 'Coepelduynen' en 'Meijendel & Berkheide' en de aangrenzende stranden.
30
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Afbeelding: Natura 2000-gebieden rondom Katwijk
3.3.1
Coepelduynen
De Coepelduynen omvatten de smalle strook kustduinen tussen Noordwijk en Katwijk en heeft een omvang van 188 hectare. Het relatief kleine gebied heeft een gevarieerd duinlandschap dat reliëfrijk en landschappelijk zeer afwisselend is. Het gebied behoort tot de kalkrijke jonge duinen. Er is geen duidelijke binnenduinrand aanwezig, waardoor de overgang naar het polderlandschap vrij abrupt is. Delen zijn in het verleden door de mens beïnvloed en gebruikt voor het drogen van netten, het weiden van vee en als duinakkers. Hierdoor is een specifiek open duinlandschap ontstaan met een afwisseling van duingraslanden, struwelen en bos waarin waardevolle flora en fauna voorkomt. Zo zijn er twee duinvalleien, Guytendel en Spijkerdel. Van 1890 tot 1965 werden deze duinpannen gebruikt als aardappelveld. Recent zijn hier natuurherstelmaatregelen getroffen door de valleien uit te graven tot op het grondwaterniveau.Er komen op grote schaal goed ontwikkelde, kalkrijke duingraslanden voor die kenmerkend zijn voor het zeedorpenlandschap, met daarin veel zeldzame plantensoorten. De voorkomende habitattypen zijn witte duinen, grijze duinen (kalkrijk), duidoornstruwelen en vochtige duinvalleien.
Afbeelding: Natura 2000-gebied Coepelduynen op Katwijks grondgebied, het aangrezende strand is niet aangewezen als Natura 2000-gebied (bron: www.natura2000.nl)
Uit de kaart behorende bij het aanwijzigingsbesluit blijkt dat het aangrezende strand niet is aangewezen als Natura 2000-gebied.
status: vastgesteld
31
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
3.3.2
Meijendel & Berkheide
Meijendel en Berkheide is gelegen tussen Katwijk en Den Haag bestaat uit een brede duinstrook met een gevarieerd en uitgestrekt, kalkrijk duinlandschap, dat reliëfrijk en landschappelijk zeer afwisselend is. Het duingebied heeft een omvang van 2.878 hectare. Het zuidelijke deelgebied Meijendel is een relatief laag gelegen gebied met grote 'uitgestoven duinvlakten', dat in het zuidelijk deel minder reliëfrijk is. In het noordelijke deelgebied Berkheide liep het zand vast in de oorspronkelijk natte stroombedding van de oude Rijn. Het is gevormd door overstuiving van oude duinen, waardoor het een relatief hooggelegen duinmassief is. Hier is de kweldruk dan ook groter dan in Meijendel. Het landschap heeft een kenmerkende opbouw van evenwijdige duinenrijen met opeenvolgende hoge paraboolduinen en moerassige laagten met struweel, waarin grote valleien liggen zoals Kijfhoek, Bierlap en de vallei Meijendel. Dit zijn duinakkers die nu vooral uit bos bestaan; het gebied kent dan ook een aantal goed ontwikkelde bostypen. Plaatselijk, zoals in de Libellenvallei, komen soortenrijke duinvalleibegroeiingen voor. Na grootschalig herstel van een aantal valleien bij de Wassenaarse Slag breiden deze begroeiingen zich uit.
In Berkheide is, met name in de buurt van Katwijk, een groot areaal goed ontwikkeld kalkrijk duingrasland aanwezig, ontstaan door het eeuwenlange menselijke gebruik van het zogenaamde zeedorpenlandschap. De voorkomende habitattypen zijn witte duinen, grijze duinen (kalkrijk), grijze duinen (kalkarm), duinbossen (droog)- berken-eikenbos, duinbossen (droog)-overig,duinbossen (binnenduinrand), vochtige duinvalleien (open water)-oligo- tot mesotrofe vormen, vochtige duinvalleien (kalkrijk), leefgebied mantel en droog struweel van de duinen.
Afbeelding: Natura 2000-gebied Meijendel en Berkheide op Katwijks grondgebied, het aangrezende strand is niet aangewezen als Natura 2000-gebied (bron: www.natura2000.nl)
Uit de kaart behorende bij het aanwijzigingsbesluit blijkt dat het aangrezende strand niet is aangewezen als Natura 2000-gebied.
32
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Hoofdstuk 4 4.1
Planopzet
Ambitie/ Doelstelling van het plan
Het geldende bestemmingsplan wordt herzien voor wat betreft de strandzone en de duinzone tussen het strand en de Boulevard. Uitgangspunt is dat de bestaande gebruiks- en bouwregels gehandhaafd blijven maar dat deze regels op sommige onderdelen worden verduidelijkt. De wijzigingen die ten opzichte van het geldende bestemmingsplan zijn opgenomen betreffen daarom voornamelijk wijzigingen die al mogelijk zijn gemaakt met vrijstellingen, ontheffingen, omgevingsvergunningen of wijzigingen ten gevolge van een andere manier van bestemmen. Daarnaast is het beleid, zoals genoemd in hoofdstuk 2, verwerkt in het plan.
4.2
Stedenbouwkundige opzet
De stedenbouwkundige opzet van het plangebied is onderhevig aan nieuw beleid, verleende bouwvergunningen, nieuwe ontwikkelingen en initiatieven. In deze paragraaf worden relevante veranderingen, ontwikkelingen en initiatieven beschreven en toegelicht op welke wijze deze al dan niet gevolgen hebben voor de herziening van het nieuwe bestemmingsplan Kustwerk Katwijk.
4.2.1
Veranderingen
Verleende omgevingsvergunningen De verleende vergunningen in het plangebied gedurende de lopende bestemmingsplanperiode zijn geïnventariseerd. De in afwijking van het vigerende bestemmingsplan verleende vergunningen zijn (grotendeels) positief bestemd in het nieuwe bestemmingsplan, tenzij nieuwe inzichten uitwijzen dat sprake is van een ongewenste ontwikkeling. Kustpact Op basis van de afspraken in het Kustpact dient de al toegestane bebouwing scherp te worden begrensd in toegestane zones. Ten tijde van het opstellen van het geldende bestemmingsplan was nog niet bekend waar de diverse strandvakken exact zouden komen waardoor de plek van de strandvakken en de gebouwen vrij is gelaten. Inmiddels liggen de diverse strandvakken privaatrechtelijk vast en worden deze door de gemeente verhuurd aan de diverse exploitanten. Deze strandvakken kunnen daarom ook worden vastgelegd in de voorliggende herziening. Dat geldt ook voor de functie van de strandvakken (strandhoreca, strand- en/of watersport of reddingsposten) en de zones van de strandvakken waarbinnen de gebouwen zijn toegestaan (de zogenaamde bouwvlakken). Op die manier wordt invulling gegeven aan de afspraken die zijn gemaakt in het kader van het Kustpact.
Praktijkervaring Naar aanleiding van de praktijkervaring op het strand zijn in de voorliggende herziening de volgende veranderingen mogelijk gemaakt: - Uitzonderingen aaneengesloten open ruimte strandvak In het geldende bestemmingsplan is bepaald dat minimaal 25% van de breedte van een strandvak uit aaneengesloten open ruimte dient te bestaan. Onder aaneengesloten open ruimte wordt een onbebouwde strook van minimaal 10 meter breed verstaan. Een onbebouwde strook van minder dan 10 meter wordt daarmee dus niet als aaneengesloten onbebouwde strook aangemerkt. Dit is van belang omdat anders de situatie kan ontstaan, dat verspreid over het strandvak bebouwing aanwezig is, met steeds één of enige meters open ruimte daartussen. Er zou dan voldaan worden aan de ‘25% eis’, maar visueel gezien zal het dan aandoen alsof het gehele strandvak is bebouwd. Door de formulering in het geldende bestemmingsplan heeft de regeling ten aanzien van aaneengesloten open ruimte betrekking op alle bebouwing. Vanuit de praktijkervaring is het wenselijk om de regeling enigszins te versoepelen door strandmeubilair (inclusief strandcabines), speel- en/of sporttoestellen en buitendouches buiten beschouwing te laten bij het bepalen van aaneengesloten open ruimte.
Indien zich in een open ruimte dus één van de genoemde bouwwerken of objecten bevinden dan heeft dat dus geen invloed op de vraag of er sprake is van een aaneengesloten open ruimte als bedoeld in het
status: vastgesteld
33
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
bestemmingsplan. Deze bouwwerken en objecten tellen daarin niet mee. Benadrukt wordt dat erfsfscheidingen en bouwwerken op terrassen niet zijn uitgezonderd. Dergelijke bouwwerken tellen dus wel mee bij het bepalen van aaneengesloten open ruimte. - Verhouding strandpaviljoens-strandhuisjes Strandhoreca is van belang voor de uitstraling, de gastvrijheid en kwaliteit van het Katwijkse strand. De laatste jaren zijn er veel strandhuisjes ten behoeve van verblijfsrecreatie gerealiseerd. De gemeente juicht dit toe maar wil wel voorkomen dat de huidige balans doorslaat. Daarom is als voorwaarde vastgelegd dat strandhuisjes alleen zijn toegestaan indien er in hetzelfde bouwvlak ook een strandpaviljoen aanwezig is (dan wel wordt gebouwd) en dit strandpaviljoen gedurende het badseizoen in stand wordt gehouden. Een strandpaviljoen dient daarbij een minimum oppervlak van 275 m² te hebben. Ook zijn er minimummaten voor de breedte en diepte van het strandpaviljoen aangegeven (voorheen alleen maximummaten). - Afwijkende maatvoering strandvakken In het geldende bestemmingsplan is de bouwregel opgenomen dat de onderlinge afstand tussen strandpaviljoens in naastgelegen strandvaken minimaal 10 m dient te te bedragen. Op het Katwijkse strand zijn echter enkele strandvakken die minder dan 80 m breed zijn.
Een onderlinge afstand van 10 m in combinatie met de '25% eis' vanwege aaneengesloten open ruimte is in dergelijke situaties niet goed mogelijk. In de praktijk zijn de strandpaviljoens in dergelijke strandvakken daarom op minder dan 10 m van elkaar gesitueerd. In de herziening is rekening gehouden met deze praktijksituatie doordat de bestaande afstandsmaten als minimum gelden (in plaats van 10 m). - Bijgebouwen strandpaviljoen Op dit moment mag een strandpaviljoen bestaan uit een hoofdgebouw met eventuele aan- en uitbouwen. Bij sommige strandpaviljoens is het echter de wens om (ook) een bijgebouw te realiseren ten behoeve van opslag. Een bijgebouw is een zelfstandige eenheid die niet bereikbaar is vanuit het hoofdgebouw. Dergelijke bijgebouwen worden mogelijk gemaakt binnen het maximum bebouwd oppervlak van 600 m² voor strandhoreca. Op de kwaliteit op het strand te bewaken zijn daarbij wel enkele voorwaarden opgenomen. Zo is een bijgebouw ten behoeve van strandhoreca uitsluitend toegestaan achter een hoofdgebouw en mag er geen sprake zijn van een vrijstaand bijgebouw. Het bijgebouw dient dus aan de achtergevel te worden gebouwd. Net als het hoofdgebouw dient het bijgebouw te worden voorzien van een kap met een helling van tenminste 15° en maximaal 45° zodat het in dezelfde stijl als het hoofdgebouw wordt gerealiseerd en er sprake is van één geheel.
- Verbod kelders en souterrains bij strandhuisjes en strand- en watersportverenigingen In het geldende bestemmingsplan is bepaald dat strandpaviljoens geen kelder mogen maken. Een dergelijke bepaling ontbreekt bij de strandhuisjes en strand- en watersportverenigingen. Ter verduidelijking is deze bepaling nu ook opgenomen in de voorliggende herziening zodat kelders en souterrains in beginsel niet zijn toegestaan. - Aanvulling bouwregels bouwwerken geen gebouwen zijnde De in het geldende bestemmingsplan opgenomen bouwregels voor bouwwerken geen gebouwen zijnde hebben alleen betrekking op maximum bouwhoogtes. De bouwregels voor bouwwerken geen gebouw zijnde zijn aangepast in de voorliggende herziening om enerzijds een wildgroei aan bouwwerken geen gebouwen zijnde te voorkomen en anderzijds om rekening te houden met de wens om bepaalde bouwwerken mogelijk te maken, zoals bijvoorbeeld grotere speeltoestellen. In de bouwregels is nu bepaald dat bouwwerken geen gebouw zijnde alleen nog in een bouwvlak zijn toegestaan waarbij ook maxima (aantallen en eventueel oppervlaktes) zijn opgenomen. De bouwhoogtes voor speel- of sporttoestellen, parasols op het terras van een strandpaviljoen en verlichtingsmasten en reclameuitingen zijn verruimd. Ook zijn bouwwerken in de vorm van hekwerken, picknicktafels en parasols toegestaan in de zone van 5 m vanaf de voorgevel van een strandhuisje.
Tenslotte zijn bouwwerken ten behoeve van terrassen (zoals terrasschermen) en in de grond verankerde parasols alleen toegestaan binnen het bouwvlak. Dit om er voor te zorgen dat dergelijke bouwwerken zoveel mogelijk geclusterd worden met het strandpaviljoen.
4.2.2
Ontwikkelingen en initiatieven
In het kader van het afgesproken participatieniveau (infomeren en consulteren) zijn in de afgelopen periode door de betrokken stakeholders van de betreffende accommodaties, strandpaviljoens, watersportaccommodaties en reddingsposten wensen en initiatieven kenbaar gemaakt. Hieronder is aangegeven hoe één en ander in het bestemmingsplan is verwerkt.
34
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Containers ingraven voor opslagruimte in hoogseizoen RWS is verantwoordelijk voor de kustveiligheid en wil geen kelders of ingegraven containers op het strand. Ontgravingen dragen niet bij aan een veilig kustfundament. Het ingraven van containers voor opslagruimte in het hoogseizoen is daarom niet wenselijk. Het beleid van de gemeente is niet meer bebouwing op het strand. Meer opslagruimte moet gezocht worden binnen het bestaande bouwwerk (inpandig), dan wel gebruik te maken van verkleining van het paviljoen, binnen de toegestane minimale oppervlakte. Strandmeubilair (inclusief strandcabines), speel- en/of sporttoestel en buitendouche in de 25% zone Genoemde voorzieningen als strandcabines zijn vergunningsvrij onder voorwaarde dat ze binnen de regelgeving van het bestemmingsplan passen. Vanuit de praktijkervaring is de 25% regeling in het herziene bestemmingsplan enigszins versoepeld door strandmeubilair (inclusief strandcabines) , licht- en vlaggenmasten en speel- of sporttoestellen in deze zone toe te staan. Wel is het aantal objecten begrensd. Extra terrassen in het zand à 500 m2 De wens voor extra terrassen in het zand kan, gelet op het beschikbare oppervlak strand in relatie tot het omvangrijke strandbezoek niet worden gehonoreerd.
Voor verharde en onverharde terrassen bij de paviljoens blijft de bestaande regel - een maximum oppervlakte van 1.000 m², met dien verstande dat de bebouwde oppervlakte van het strandpaviljoen en bouwwerken geen gebouwen zijnde in mindering dient te worden gebracht op het maximum oppervlakte voor terrassen - gehandhaafd. Het maximum oppervlakte aan terrassen mag worden benut voor verharde of onverharde terrassen. Bouwwerken ten behoeve van terrassen dienen daarbij wel in het bouwvlak te worden gerealiseerd (zie subparagraaf 4.2.1). Openbare toiletvoorziening Strandbezoekers moeten (al dan niet tegen betaling) gebruik kunnen maken van de toiletvoorzieningen in de paviljoens. Dit getuigt van goed gastheerschap. Gezien de spreiding van de paviljoens over het strand, is sprake van een goede bereikbaarheid voor de strandbezoekers en is aanvullende solitaire toiletbebouwing niet noodzakelijk. Katwijkse Branding Surfclub De KBS wenst 2 tot 4 containers extra en heeft hiertoe een voorstel ingediend. Met het plaatsen van 2 tot 4 containers extra aan de achterzijde van het paviljoen wordt het toegestane maximale bebouwingsoppervlak overschreden. Aan dit verzoek wordt geen gehoor gegeven, een dergelijke aanpassing is vanuit precedentwerking niet wenselijk.
De gemeenteraad heeft zich tijdens de Algemene beschouwingen in het najaar 2017 uitgesproken om zeer terughoudend te zijn bij het toestaan van extra bebouwing op het strand buiten de bestaande cabines, strandhuisjes en paviljoens. Surfschool Katwijk Voor de Surfschool Katwijk is in het kader van de herziening van het bestemmingsplan gezocht naar een permanente seizoensaccommodatie. Vanuit een integrale invalshoek zijn de vrije strandvakken beoordeeld op ruimtelijke inpassing, relevant beleid, ruimtelijke zonering en bereikbaarheid voor de doelgroep. Uit contacten met provincie en rijk blijkt handhaving op de huidige locatie de beste optie, zodat het herziene bestemmingsplan hierin voorziet (zie ook bijlage 1 van deze toelichting). Kitesurfvereniging Airtime Deze vereniging heeft plannen voor het omzetten van de huidige seizoensaccommodatie (strandvak 23) naar een jaarrondaccommodatie. Separaat loopt er een aanvraag voor een omgevingsvergunning. Watersportvereniging Skuytevaert Doortrekking van het bestaande stelconplaten pad dat nu tot paviljoen Willy Zuid loopt, is een mogelijkheid om de toegankelijkheid van de accommodatie te verbeteren. Aangezien dit strandvak ook binnen het gebied van Natuurnetwerk Nederland valt, dient de haalbaarheid van een dergelijk pad onderzocht te worden in het kader van een aanvraag omgevingsvergunning voor een dergelijk pad.
KNRM en Reddingsbrigades Noord- en Zuidposten Opgemerkt wordt dat auto's, campers en fietsen parkeren op het toegangspad aan de Uitwatering. Vooral op drukke dagen is dit hinderlijk voor de bereikbaarheid van hulpdiensten. Overigens speelt dit ook in mindere mate bij de overige strandopgangen. Daar komt bij dat laden en lossen van paviljoen De Watering (voormalig Beach) op de strandopgang plaatsvindt. Binnen dit bestemmingsplan is dit op te lossen door bij het paviljoen aan de
status: vastgesteld
35
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
linkerkant van het toegangspad, enkele stelconplaten toe te voegen. Uitvoering door eigenaar van paviljoen De Watering (voormalig Beach). Het bestemmingsplan staat parkeren op deze toegangen niet toe. Dit is een aspect van handhaving. Voorstel voor verbeteren van het toegangspad is binnen het bestemmingsplan te realiseren.
4.3
Strandhoreca
In totaal worden 16 strandvakken op het Katwijkse strand gebruikt voor strandhoreca (zie ook paragraaf 3.2). Deze bestaande strandvakken zijn in de voorliggende herziening aangeduid als 'specifieke vorm van recreatie strandvak' en als 'specifieke vorm van recreatie - strandhoreca'. Binnen dergelijke strandvakken is dus strandhoreca toegestaan in de zomerperiode (1 februari tot 1 november), tenzij er voor een strandvak separaat toestemming is gegeven voor jaarrond gebruik (dus ook in de winterperiode). Aan het eind van deze paragraaf is met schematische afbeeldingen weergegeven welke bouwmogelijkheden er voorheen waren en wat de bouwmogelijkheden zijn op basis van de voorliggende herziening.
4.3.1
Exploitatievlak
Binnen elk strandvak voor strandhoreca mag maximaal 1.000 m² worden geëxploiteerd ten behoeve van een strandhorecapaviljoen met bijbehorende terrassen. Van dat exploitatievlak van 1.000 m² mag maximaal 60% worden bebouwd met een strandhorecapaviljoen, inclusief aan- en uitbouwen en overdekt terras. De totaaloppervlakte aan gebouwen en overdekt terras mag deze 600 m² niet overschrijden, met dien verstande dat de in hetzelfde strandvak gelegen strandhuisjes niet meetellen in het oppervlakte van het strandhorecapaviljoen. De niet-bebouwde ruimte van het exploitatievlak (minimaal 40% = 400 m², afhankelijk van of er minder dan 600 m² strandhorecapaviljoen is gerealiseerd) mag alleen benut worden voor exploitatie van een onoverdekt terras. Een onoverdekt terras is een volledig openluchtterras, voorzien van tafels, banken, stoelen, en/of in de grond verankerde parasols. Het onoverdekte terras mag verhard en/of onverhard zijn en kan desgewenst afgebakend worden met vrijstaande terrasschermen die niet overdekt mogen worden. Bouwwerken ten behoeve van een terras (zoals terrasschermen en in de grond verankerde parasols) zijn daarbij uitsluitend toegestaan binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak (zie ook de navolgende subpargraaf). Bestaande terrassen groter dan 400 m² zijn alleen toegestaan indien hiervoor door de gemeente op een eerder moment een vergunning is verleend.
De huidige terrassen die als gevolg van de Corona-beperkingen tijdelijk groter zijn dan 400 m² blijven daardoor buiten beschouwing aangezien voor deze grotere terrassen geen vergunning is verleend maar een melding is gedaan.
4.3.2
Strandhorecapaviljoens
Zoals in de subparagraaf hiervoor is aangegeven mag een strandhorecapaviljoen een omvang hebben van maximaal 600 m². Dit betreft een totaaloppervlak voor gebouwen, zoals een paviljoen, keuken, sanitair, berging, overige units, zeecontainers en (semi-)overdekte terrasruimte. Met semi-overdekt terras wordt bedoeld: een beweegbare, niet-permanente terrasoverkapping c.q. demontabele dakconstructie, die tegen een paviljoenbebouwing is gemonteerd en (delen van) het terras volledig overspant en afsluit c.q. kan afsluiten. Om te voorkomen dat de balans tussen strandhorecapavilljoens en strandhuisjes negatief uitslaat is in de herziening een minimum oppervlak van 275 m² opgenomen voor strandhorecapaviljoens. Een strandpaviljoen mag maximaal 60 meter breed zijn en maximaal 25 meter diep waarbij de lange zijde van een strandpaviljoen (nagenoeg) parallel aan de duinvoet dient te zijn geplaatst. De achtergevel van het strandpaviljoen dient verder op een afstand van minimaal 3 en maximaal 8 meter van de duinvoet te zijn gelegen. In geval van een jaarrond strandhorecapaviljoen geldt geen maximale afstandsmaat van 8 meter tot de duinvoet. Om het zicht op de zee vanuit het achterliggende gebied te handhaven mag het strandhorecapaviljoen uit maximaal één bouwlaag met een flauwe kap bestaan. De maximum goothoogte bedraagt 3 meter, de maximum nokhoogte 5 meter.
Voor een strook geldt aanvullend nog dat de hoogte niet boven NAP +9,5 meter mag uitkomen om te voorkomen dat het gebouw het zicht vanuit het achtergelegen duin blokkeert. Een flauwe kap met een helling van minimaal 15° en maximaal 45° is verplicht. De nokrichting van de kap dient daarbij (nagenoeg) parallel aan de duinvoet te lopen. Kelders en souterrains zijn niet toegestaan. Een strandhorecapaviljoen dient op minimaal 5 meter tot eventuele strandhuisjes te zijn gelegen en op minimaal 10 meter tot strandpaviljoens in naastgelegen strandvakken (tenzij er in de bestaande situatie sprake is van een
36
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
korte afstand vanwege een beperkte breedte van het strandvak). In de herziening is binnen het strandvak tenslotte een bouwvlak aangegeven waarbinnen het strandhorecapaviljoen en de strandhuisjes (zie hierna) dienen te worden gerealiseerd. Per bouwvlak is maximaal één strandhorecapaviljoen toegestaan. Bij de situering van de bouwvlakken is rekening gehouden met de duinvoet doordat de naar de duinvoet gekeerde bouwgrens op 3 meter afstand van deze duinvoet is geplaatst. Op 17 mei 2021 heeft een inmeting van de duinvoet plaatsgevonden om zo een actueel beeld van de duinvoet te verkrijgen. De diepte van de bouwvlakken bedraagt 50 meter, gerekend vanaf de naar de duinvoet gekeerde bouwgrens (welke dus op 3 m van de duinvoet is gesitueerd).
4.3.3
Strandhuisjes
Binnen een strandvak van een strandhorecapaviljoen zijn ook strandhuisjes toegestaan ten behoeve van verblijfsrecreatie. De strandhuisjes horen bij het strandhorecapaviljoen maar tellen niet mee in het totaaloppervlak van 600 m². Om te voorkomen dat de onwenselijke situatie zou ontstaan dat een strandvak op een gegeven moment alleen nog maar strandhuisjes bevat is de eis opgenomen dat strandhuisjes alleen mogen worden gebouwd indien er ook een strandhorecapaviljoen is of wordt gebouwd en dit paviljoen gedurende het badseizoen in stand wordt gehouden. Elk strandhuisje heeft een maximum oppervlak van 35 m². Een strandhuisje bestaan uit maximaal één bouwlaag met een flauwe kap waarbij kelders en souterrains niet zijn toegestaan. De maximum goothoogte bedraagt 3 meter, de maximum nokhoogte 4,5 meter. Voor een strook geldt aanvullend nog dat de hoogte niet boven NAP +9,5 meter mag uitkomen om te voorkomen dat het gebouw het zicht vanuit het achtergelegen duin blokkeert. Een flauwe kap met een helling van minimaal 25° en maximaal 45° is verplicht. De nokrichting van de kap en de lange zijde van een strandhuisje dienen haaks op de duinvoet te lopen. Een kap van een strandhuisje mag niet worden doorbroken voor bijvoorbeeld een dakkapel. Een doorbreking van de kap door bijvoorbeeld een schoorsteen of ander ondergeschikt bouwdeel mag wel.
Voor strandhuisjes gelden dezelfde minimale afstanden tot de duinvoet als bij strandhorecapaviljoens. De minimale afstand tot een strandhorecapaviljoen bedraagt 5 meter, terwijl de afstand tot een ander strandhuisje minimaal 3 meter bedraagt. Hierdoor zijn verstuivingsprocessen mogelijk, deze zijn belangrijk voor aanwas en natuurlijke ontwikkeling van duinen. Deze vrije ruimte van respectievelijk 3 en 5 meter moet daarom vrij zijn van obstakels die de verstuiving tegen kunnen gaan (stuifschermen, windschermen en andere dingen). De afstand tot de duinvoet is gewaarborgd door de situering van de bouwvlakken (zie de uitleg in de vorige subparagraaf). Tenslotte is een maximum aantal strandhuisjes vastgelegd voor de strandvakken die zijn gelegen binnen het Natuurnetwerk Nederland. Het maximum aantal is daarbij gebaseerd op het bestaande aantal. Het vastleggen van het maximum aantal strandhuisjes is ter bescherming van het Natuurnetwerk Nederland.
4.3.4
Strandcabines
Tijdens het badseizoen staat er in een strandvak van een strandhorecapaviljoen een (minimum) aantal strandcabines, welke worden verhuurd aan Katwijkse families. Deze kleine cabines hebben ieder een omvang van minimaal 1,0 m² en maximaal 3,25 m² en een bouwhoogte van minimaal 1,8 meter en maximaal 2,2 meter. Strandcabines maken onderdeel uit van de strandhoreca in een strandvak maar doordat deze cabines niet duurzaam met de grond verbonden zijn worden deze voorwerpen niet als bouwwerken beschouwd. Voor de strandcabines zijn daarom geen bouwregels in het bestemmingsplan opgenomen. De strandcabines zijn gereguleerd in de Strandnota, de APV en in de huurovereenkomsten.
4.3.5
Verhuur strandmeubilair
In het strandvak vindt verhuur van strandmeubilair aan badgasten plaats, zoals ligbedden en verhuurbare parasols. Deze verhuur is binnen het gehele strandvak toegestaan, met uitzondering van in de grond verankerde verhuurbare parasols. Dergelijke parasols mogen alleen in het bouwvlak worden gerealiseerd.
status: vastgesteld
37
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
4.3.6
Open ruimte(s) strandvak
Op het strand is een zekere mate van openheid wenselijk en dient er een zekere afwisseling van onbebouwde en bebouwde ruimte aanwezig te zijn. Een volledig dichtgebouwd strand waarbij paviljoens en strandhuisjes aaneengeschakeld staan over de volle lengte van de strandreep tast de kleinschaligheid aan en leidt tot een onwenselijk ruimtelijk beeld vanaf het strand gezien. Als criterium voor de beoordeling van de bouwmogelijkheden geldt daarom de verhouding tussen onbebouwde en bebouwde ruimte, gezien vanaf het vrije strand richting de duinvoet en vanaf de duinvoet richting de zee. Op alle verhuurde strandvakken geldt daarom de voorwaarde dat 25% van de breedte van het strandvak open dient te worden gehouden met aaneengesloten open ruimte. Op het overige deel (75%) van het strandvak is wel bebouwing toegestaan. De toevoeging dat het om aaneengesloten open ruimte moet gaan is belangrijk, omdat anders de situatie kan ontstaan, dat verspreid over het strandvak bebouwing aanwezig is, met steeds één of enige meters open ruimte daartussen. Er zou dan voldaan worden aan de '25% eis', maar visueel gezien zal het dan aandoen alsof het gehele strandvak is bebouwd. Onder een aaneengesloten open ruimte wordt verstaan een onbebouwde strook die tenminste 10 meter breed is.
Strandmeubilair (waaronder strandcabines), buitendouches en speeltoestellen maken geen onderdeel van de bebouwing waarop de voorwaarde van 25% van toepassing is. Deze bouwwerken tellen daarom niet mee in de '25% eis' (zie ook subparagraaf 4.2.1). Benadrukt wordt dat erfsfscheidingen en bouwwerken op terrassen niet zijn uitgezonderd. Dergelijke bouwwerken tellen dus wel mee in de '25% eis'. De meest gewenste situatie is die situatie waarbij de bebouwing (paviljoens/strandhuisjes) geclusterd wordt op het strandvak. Een strandvak kan echter in principe ook uit twee aparte aaneengesloten stroken onbebouwde ruimtes bestaan. Zo mag bijvoorbeeld bij de berekening van het percentage de onbebouwde ruimte worden meegeteld die links en rechts van de bebouwing aanwezig is, zolang deze minimaal 10 meter breed is.
4.3.7
Schematische weergave bebouwingsmogellijkheden strandhoreca
Afbeelding: schematische weergave bebouwingsmogelijkheden strandhoreca tot zomer 2013
38
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Afbeelding: schematische weergave bebouwingsmogelijkheden strandhoreca volgens het geldende bestemmingsplan (vanaf zomer 2013)
Afbeelding: schematische weergave bebouwing strandhoreca in de praktijk (huidige gebruik) NB: Strandcabines en strandmeubilair staan bij een aantal paviljoens ook naast de paviljoens in de 25% zone. Terrassen in zand en containers/bijgebouwen (roze kleur) wordt op gehandhaafd. Terrasjes(voor en achter) en hekwerken bij de strandhuisjes (rode kleur) wordt niet op gehandhaafd.
status: vastgesteld
39
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Afbeelding: schematische weergave bebouwing strandhoreca in de praktijk (herzien bestemmingsplan) NB: Strandcabines, strandmeubilair, licht- en vlaggenmasten en speel- of sporttoestellen zijn (in aantal begrensd) ook naast de paviljoens toegestaan, maken geen deel uit van de 25% zone. Zandterrasjes voorzijde huisjes en hekwerken zijn toegestaan. Bijgebouwen, containers zijn één geheel met het paviljoen.
4.4
Strand- en watersportverenigingen
In totaal worden 3 strandvakken op het Katwijkse strand gebruikt voor strand- en watersportverenigingen (zie ook paragraaf 3.2). Deze bestaande strandvakken zijn in de voorliggende herziening aangeduid als 'specifieke vorm van recreatie - strandvak' en als 'sport'. Binnen dergelijke strandvakken is dus een strand- en watersportvereniging toegestaan in de zomerperiode (1 februari tot 1 november), tenzij er voor een strandvak separaat toestemming is gegeven voor jaarrond gebruik (dus ook in de winterperiode). Per strandvak is maximaal één sportaccommodatie toegestaan. Voor de sportaccommodatie van Skuytevaert geldt daarbij een maximum bebouwd oppervlak van 600 m², voor de overige twee sportaccommodaties geldt een maximum bebouwd oppervlak van 300 m². Van de maximum bebouwde oppervlaktes mag maximaal 75 m² worden gebruikt als uitkijkpost. Ook ondergeschikte horeca is mogelijk, mits er wordt voldaan aan artikel 1.54. De maxima in deze begripsbepaling hebben in beginsel ook betrekking op een terras.
Een terras en de binnen een gebouw aanwezige ondergeschikte horeca mogen daarom gezamenlijk in beginsel niet meer dan 30% van de vloeroppervlakte van de andere functie bedragen, met een maximum van 35 m² (indien de ondergeschikte horeca in hoofdzaak bestaat uit het verstrekken van dranken voor gebruik ter plaatse en waar het verstrekken van maaltijden daaraan ondergeschikt is) of 12 m² (in overige gevallen). Doordat enkele terrassen bij strand- en watersportverenigingen al een vergunning voor een groter terras hebben zijn deze terrassen ook als uitzondering toegestaan, op voorwaarde dat het oppervlak van het terras niet mag worden verruimd. De achtergevel van een sportaccommodatie dient op minimaal 3 en maximaal 8 meter uit de duinvoet te zijn gelegen. De bouwhoogtes zijn maximaal 7,5 meter ter plaatse van een uitkijkpost en 5,5 voor de rest van een gebouw. Voor een strook geldt aanvullend nog dat de hoogte niet boven NAP +9,5 meter mag uitkomen om te voorkomen dat het gebouw het zicht vanuit het achtergelegen duin blokkeert. Alleen de uitkijkpost mag wat hoger zijn gelegen, namelijk NAP+11 meter.
40
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
4.5
Surfschool
In totaal wordt 1 zone op het Katwijkse strand gebruikt voor een srufschool waar training en scholing plaatsvindt (zie ook paragraaf 3.2). Dit gebeurde tot op heden op basis van een tijdelijke vergunning. Het strandvak is in de voorliggende herziening aangeduid als 'specifieke vorm van recreatie - strandvak' en als 'sportschool'. Binnen dit strandvakk is dus een surfschool toegestaan in de zomerperiode (1 februari tot 1 november). Binnen het strandvak is maximaal één trainings- en scholingsaccommodatie toegestaan. Voor deze accommodatie geldt een maximum bebouwd oppervlak van 100 m². Ook ondergeschikte horeca is niet toegestaan. De achtergevel van de accommodatie dient op minimaal 3 en maximaal 8 meter uit de duinvoet te zijn gelegen. De bouwhoogte is maximaal 5,5 meter.
4.6
Reddingsposten
De strandvakken van de twee bestaande reddingsposten op het Katwijkse strand zijn in de voorliggende herziening aangeduid als 'specifieke vorm van recreatie - reddingspost'. Binnen elk strandvak is gedurende het gehele jaar één reddingspost toegestaan. De bouwregels voor deze reddingsposten zijn een maximum oppervlak van 150 m² en een bouwhoogte van maximaal NAP+12m.
4.7
Overig
4.7.1
Hoogte
Net als in het geldende bestemmingsplan wordt de hoogte van de diverse bebouwing gemeten direct aansluitend op het laagste aansluitend afgewerkt (=huidig) maaiveld (=hoogte strandbanket). De hoogte van het strand kan fluctueren. De kustlijn kan daarom niet als peil worden gehanteerd. Maar ook de voorzijde van een paviljoen kan al een lager niveau van het strand hebben dan de achterzijde. Door het laagste punt te nemen, ontstaat geen strijd met het bestemmingsplan en het wensbeeld t.a.v. hoogtes. Aanvrager dient indien nodig een dwarsdoorsnede te overleggen om aan te tonen waar dat laagste aansluitend maaiveld zich op dat moment bevindt. Aanvullend is bepaald dat de hoogte niet hoger mag zijn dan NAP + 9,5 m in de zone langs de duinenrij die is aangelegd in het kader van de Kustversterking.
4.7.2
Evenementen
Op het strandplein in het verlengde van de Princestraat zijn jaarlijks drie meerdaagse muziekevenementen toegestaan met een totaal van maximaal 15 dagen (in/exclusief opbouw). Het aantal bezoekers aan een evenement bedraagt maximaal 6.000 per dag.
status: vastgesteld
41
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Hoofdstuk 5
Milieu & omgevingsaspecten
Gelet op het voorgaande zijn er op voorhand geen gevolgen voor het milieu. Er is slechts sprake van technische aanpassingen van de huidige planologische regeling dan wel het planologisch vastleggen van een al bestaande situatie (surfschool). In de praktijk zijn er daardoor geen gevolgen voor het milieu. Ook andere omgevingsaspecten zijn vanwege de technische aanpassing en het planologisch vastleggen niet relevant.
42
status: vastgesteld
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
Hoofdstuk 6 6.1
Juridische planbeschrijving
Algemeen
De herziening van het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels zijn juridisch bindend. De toelichting moet hierbij gezien worden als een uitleg wat met de verbeelding en de regels wordt beoogd. De regels bevatten het juridische instrumentarium voor het regelen van de functies en vorm in het bestemmingsplangebied. De verbeelding heeft een rol voor toepassing van de regels alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen. De Wet ruimtelijke ordening (Wro) bepaalt dat ruimtelijke plannen digitaal beschikbaar moeten zijn. Dit brengt met zich mee dat bestemmingsplannen digitaal uitwisselbaar zijn en op vergelijkbare wijze moeten worden gepresenteerd. Met het oog hierop stellen de Wro en de onderliggende regelgeving eisen waaraan digitale plannen moeten voldoen. Zo bevatten de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) bindende afspraken waarmee bij het maken van bestemmingsplannen rekening moet worden gehouden. De SVBP kent (onder meer) hoofdgroepen van bestemmingen, een lijst met functie- en bouwaanduidingen, gebiedsaanduidingen en een verplichte opbouw van de planregels en het renvooi. Planvorm Het strand heeft een grote recreatieve functie en is een belangrijk onderdeel van de economische sector en het toerisme in Katwijk.
De herziening van het bestemmingsplan biedt voor de bestaande strandbebouwing en de voorzieningen in de duinzone een consolidatie- en beheerfunctie. De juridische planvorm is afgestemd op de hoofdlijnen van het beleid dat erop gericht is de aanwezige functies te behouden. De herziening van het bestemmingsplan betreft een technische aanpassing en is te karakteriseren als een consoliderend bestemmingsplan. De gehanteerde planvorm maakt het mogelijk alle aanwezige functies in het plangebied te voorzien van een zodanige bestemmingsregeling dat de ruimtelijke kwaliteit van het strand als zodanig kan worden beheerd en behouden maar er tegelijkertijd voldoende mogelijkheden zijn voor de exploitanten van de strandvakken. Bij de opstelling van deze herziening van het bestemmingsplan is de huidige regeling in het geldende bestemmingsplan als basis genomen waarbij uit de praktijk gebleken onduidelijkheden zijn aangepast. Per strandvak zijn de toegestane gebruiks- en bouwmogelijkheden aangegeven. Deze toegestane gebruiks- en bouwmogelijkheden zijn als de maximaal aanvaardbare stedenbouwkundige functie variant te beschouwen. Dit betekent concreet dat perceelsgewijs de maximale bouwmogelijkheden en gebruiksvormen via de herziening van het bestemmingsplan vastliggen.
Hieruit volgt dat er in beginsel geen ruimte is om, met de mogelijkheden die de wet daarvoor biedt, nog andere bouwmogelijkheden en/of gebruiksvormen toe te staan. Alleen in uitzonderlijke gevallen, waarin sprake is van onvoorziene ontwikkelingen, zal worden overwogen van de herziening van het bestemmingsplan af te wijken. In paragraaf 2.3.2 is vermeld dat de jaarrondbebouwing op het strand is vastgelegd in de watervergunning van Rijnland voor het betreffende paviljoen. De gemeente is verantwoordelijk voor de locatiebepaling en handhaving van de seizoensbebouwing op het strand. Verbeelding en regels Uitgangspunt is dat de digitale verbeelding zoveel mogelijk informatie geeft over de in acht te nemen maten en volumes. De regels geven duidelijkheid over de bestemmingsomschrijving, de bouwregels en de specifieke gebruiksregels. In de regels zijn eventuele afwijkings- en wijzigingsregels opgenomen. Bestemmingsvlak en bouwvlak In het plangebied zijn bestemmingsvlakken en bouwvlakken toegepast. Het bestemmingsvlak geeft aan waar een bepaald gebruik toegestaan is. Het bouwvlak is een gebied dat op de digitale verbeelding is aangeven waarvoor de mogelijkheden om gebouwen te bouwen in de regels zijn aangegeven. Zowel het bestemmingsvlak als het bouwvlak zijn op de digitale verbeelding voorzien van aanduidingen die betrekking hebben op het gebruik dan wel de maatvoering.
Aanduidingen Op de digitale verbeelding is een onderscheid gemaakt in verschillende aanduidingen. Een aantal functieaanduidingen is gebruikt om de gebruiksmogelijkheden binnen een bestemming of een gedeelte daarvan
status: vastgesteld
43
Toelichting behorende bij bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Kustwerk Katwijk"
nader te specificeren. Het kan hierbij gaan om een nadere specificatie van de gebruiksmogelijkheden, een expliciete verruiming daarvan of juist een beperking. Voorbeelden hiervan zijn "specifieke vorm van recreatie = strandhoreca en verblijfsrecreatie", "specifieke vorm van recreatie - strandvak", "sport", etc. Alle aanduidingen met betrekking tot de wijze van bouwen en de verschijningsvorm van bouwwerken, worden bouwaanduidingen genoemd. Opbouw planregels De regels van het bestemmingsplan bestaan uit de volgende onderdelen: Inleidende regels; Bestemmingsregels; Algemene regels; Overgangs- en slotregels.