1. Bijlage Ontwerp programmabegroting 2022 Gemeenschappelijke regeling VRHM ontvangen op 25 maart 2021 (1901457)
Tekst van het document
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
Concept Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 tm 2025 Datum
26 Juni 2021
Auteurs
E. Breider W. Zantinga Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
2
Inhoud 1
2
Bestuurlijke samenvatting
4
1.1 1.2
10 12
Begroting 2022 in één oogopslag Vaststellingsbesluit Programmabegroting 2022
Beleidsbegroting
14
2.1 2.2
Programmaplan Fysieke Veiligheid Programmataak Meldkamer
14 20
2.2.1 Interview 2.2.2 Wat doen we 2.2.3 Wat gaan we verbeteren 2.2.4 Wat gaan we oppakken 2.2.5 Risico’s 2.2.6 Raming van de baten en lasten meldkamer
21 22 22 23 24 25
2.3
Programmataak Risico- en Crisisbeheersing 2.3.1 Interview 2.3.2 Wat doen we 2.3.3 Wat gaan we verbeteren 2.3.4 Wat gaan we oppakken 2.3.5 Nieuwe ontwikkelingen 2.3.6 Risico’s 2.3.7 Raming van de baten en lasten risico- en crisisbeheersing
2.4
Programmataak GHOR 2.4.1 Interview 2.4.2 Wat doen we 2.4.3 Wat gaan we verbeteren 2.4.4 Wat gaan we oppakken 2.4.5 Risico’s 2.4.6 Raming van de baten en lasten GHOR
2.5
2.6
Programmataak Bevolkingszorg
2.5.1 Interview 2.5.2 Wat doen we 2.5.3 Wat gaan we verbeteren 2.5.4 Wat gaan we oppakken 2.5.5 Nieuwe ontwikkelingen 2.5.6 Risico’s 2.5.7 Raming van de baten en lasten bevolkingszorg
Programmataak Brandweerzorg 2.6.1 Interview 2.6.2 Wat doen we 2.6.3 Wat gaan we verbeteren 2.6.4 Wat gaan we oppakken 2.6.5 Risico’s 2.6.6 Raming van de lasten brandweerzorg
26
27 28 28 29 30 30 31
2.7
2.8
2.9 2.10 2.11
3
4
39
40 41 41 42 43 44 45
46
47 48 49 50 52 53
55 56 56 58 58 59
Overzicht Van De Algemene Dekkingsmiddelen 2.8.1 Gemeentelijke bijdragen 2.8.2 Brede doel uitkering rampenbestrijding (bdur) 2.8.3 Overige bijdragen
32
33 34 35 36 37 38
54
Programmataak Bedrijfsvoering 2.7.1 Interview 2.7.2 Wat doen wij 2.7.3 Wat gaan we oppakken 2.7.4 Nieuwe ontwikkelingen 2.7.5 Risico’s 2.7.6 Raming van de lasten bedrijfsvoering
5
Kosten van de Overhead Heffing van de Vennootschapsbelasting Onvoorzien
60
61 63 63
64 65 65
Paragrafen
67
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6
67 67 73 76 80 80
Lokale heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen
Financiële begroting
82
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
85 86 87 88 89
Overzicht van baten en lasten en toelichting Verdeling naar de verschillende taakvelden Geprognosticeerde balans Structurele en incidentele baten en lasten De financiële positie en toelichting
Bijlagen
90
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6
91 92 93 94 96 97
Overzicht inwonersbijdrage meerjarig per gemeente Overzicht baten en lasten incl. Overhead Details meerjaren investering plan 2022 – 2025 Begroting naar produkten Overzicht naar iv-3 rapportage Overzicht toegepaste beleidsnotities
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
3
Context Sinds 1 oktober 2010 is de Wet veiligheidsregio’s (Wvr) van kracht. Het doel van de wet is het realiseren van een efficiënte en kwalitatief hoogwaardige organisatie van de brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening, rampenbestrijding en crisisbeheersing onder één regionale bestuurlijke regie. De verantwoordelijkheid voor veiligheid is op gemeentelijk niveau belegd. Het college van B&W is primair verantwoordelijk voor de organisatie hiervan. De burgemeester voert het bevel als zich in zijn of haar gemeente een incident, ramp of crisis voordoet. De voorzitter van de veiligheidsregio heeft de leiding bij rampen of crises die de gemeentegrens overschrijden of meer dan een plaatselijke betekenis hebben. Binnen de veiligheidsregio werken verschillende organisaties in de regio samen. Voor de aanpak van incidenten hebben zij een gezamenlijke crisisorganisatie ingericht. De organisatie van deze regionale rampenbestrijding en crisisbeheersing is belegd bij de veiligheidsregio, een openbaar lichaam, dat bestuurd wordt door een bestuur van de burgemeesters van de verschillende gemeenten in het grondgebied. Dat bestuur heeft een vaste voorzitter, bij koninklijk besluit benoemd uit de burgemeesters van de gemeenten in de regio. De veiligheidsregio wordt bij gemeenschappelijke regeling ingesteld. Het instellen van een veiligheidsregio is verplicht.
De minister van Justitie en Justitie (JenV) is verantwoordelijk voor het stelsel van rampenbestrijding en crisisbeheersing. Het Veiligheidsberaad is gesprekspartner van de minister van JenV. Het Veiligheidsberaad bestaat uit de voorzitters van de 25 veiligheidsregio’s die met elkaar van gedachten wisselen over strategische en integrale veiligheidsvraagstukken en -ontwikkelingen van nu en in de toekomst. Ook neemt het Veiligheidsberaad landelijk bestuurlijke standpunten in namens de veiligheidsregio’s.
De Inspectie JenV is op grond van de Wvr, onder gezag van de minister van JenV, belast met het toezicht op de taakuitvoering door de veiligheidsregio’s. De Inspectie beoordeelt de veiligheidsregio’s met het wettelijk kader als uitgangspunt. De Inspectie rapporteert daarover richting de minister in het periodiek beeld crisisbeheersing en rampenbestrijding en het periodiek beeld brandweerzorg. Het Algemeen Bestuur stelt de hoofdlijnen voor het te voeren beleid van de veiligheidsregio vast en de financiële kaders na overleg met de gemeenteraden. Ook controleert het Algemeen Bestuur het Dagelijks Bestuur. De belangrijkste instrumenten van het Algemeen Bestuur zijn: ■ vaststellen en wijzigingen van de begroting ■ vaststellen van de jaarstukken (jaarrekening) ■ vaststellen en wijzigen van het risicoprofiel ■ vaststellen en wijzigen van het crisisplan ■ vaststellen en wijzigen van het beleidsplan ■ vaststellen en wijzigen van jaarplannen De rol van de betrokken gemeenteraden is vastgelegd in de Wet veiligheidsregio’s, de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden. Naast de formele rol van gemeenteraden bij het vaststellen van de begroting en de jaarstukken, hebben de gemeenteraden ook een taak bij het opstellen en vaststellen van het regionaal risicoprofiel en het regionaal beleidsplan.
Hun controlerende taak voeren de gemeenteraden uit via het college van burgemeester en wethouders en hun burgemeester, als bestuurder van de VRHM.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
4
1. Bestuurlijke samenvatting
1. Bestuurlijke samenvatting
De Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) is opgericht door de gemeenten in Hollands Midden op 8 oktober 2010. De taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de VRHM zijn vastgesteld in de Wet veiligheidsregio’s (Wvr) en in de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden. Het gaat hierbij om de volgende taken die namens de achttien1 deelnemende gemeenten worden uitgevoerd: ■ meldkamerfunctie voor brandweer, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening ■ risicobeheersing, rampenbestrijding en crisisbeheersing ■ GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio) ■ coördinatie gemeentelijke crisisbeheersing (bevolkingszorg) ■ brandweerzorg
Naast bovenstaande wettelijke taken voert de VRHM ook een aantal niet-wettelijke taken uit. Zij adviseert gevraagd en ongevraagd over de risico’s in de regio. Hiermee wordt bereikt dat veiligheid adequaat en tijdig wordt meegenomen in bestuurlijke afwegingen over ruimtelijk gebruik en ruimtelijke ontwikkeling. Dit onder meer op het gebied van evenementenveiligheid en in het kader van het (nieuwe) omgevingsrecht. Op basis van bestuurlijke besluitvorming en in goede afstemming met de Regionale Ambulance Voorziening (RAV) voert de brandweer de niet-wettelijke taken uit van Brandweer First Responder en het afhijsen van patiënten. Ook biedt de VRHM een bestuurlijk platform voor sociaal-maatschappelijke veiligheidsthema’s voor de gemeenten in de regio, uiteraard in goede afstemming met andere gremia. De VRHM faciliteert dit platform zodat bestuurlijke afstemming kan plaatsvinden over gezamenlijke thema’s.
De VRHM is hiermee in feite een uitvoeringsorganisatie voor deze taken van de gemeenten. Deze taken voert zij uit voor de veiligheid en continuïteit van de samenleving in de regio en haar 809.000 inwoners. Anders dan soms wordt verondersteld behoren de politietaken niet tot de taken van de veiligheidsregio. De politie is een landelijke organisatie. Wel is de politie een belangrijke en betrokken hulpverlenings- en veiligheidspartner voor de veiligheidsregio. Samen met de gemeenten, GHOR en brandweer vormt de politie de kern van de crisisbeheersing.
1 Alphen aan den Rijn, Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Krimpenerwaard, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten, Waddinxveen, Zoeterwoude en Zuidplas.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
5
1. Bestuurlijke samenvatting
Wat doen wij
Het regionaal risicoprofiel is een inventarisatie en analyse van de in de veiligheidsregio aanwezige risico’s, inclusief relevante risico’s uit omliggende regio’s. Op basis van dit inzicht voert het bestuur strategisch beleid om de aanwezige risico´s in de toekomst te voorkomen en te beperken en om de crisisorganisatie op specifieke risico´s voor te bereiden. Het Regionaal Risicoprofiel komt tot stand in samenwerking met gemeenten, partners, experts en betrokken hulpdiensten. Ook worden trends en ontwikkelingen beschouwd, die van invloed kunnen zijn op de risico’s. Uit het huidige risicoprofiel blijkt dat vier onderwerpen de komende jaren van grote invloed zijn op de risico’s: ■ Klimaatadaptatie ■ Energietransitie ■ Cybersecurity ■ Continuïteit Conform artikel 15, lid 3 en 4 Wvr stelt het bestuur van de veiligheidsregio het risicoprofiel vast na overleg met de raden van de deelnemende gemeenten en betrokken partners, waarbij het bestuur tevens verzoekt wensen kenbaar te maken omtrent het in het beleidsplan op te nemen beleid.
Het regionaal beleidsplan van Hollands Midden De Wet veiligheidsregio’s schrijft voor dat het bestuur van de veiligheidsregio ten minste eenmaal in de vier jaar een beleidsplan vaststelt (art. 14 Wvr). Dit beleidsplan dient mede gebaseerd te zijn op een door het bestuur van de veiligheidsregio vastgesteld risicoprofiel (art. 15 Wvr).
Naar aanleiding van nieuwe ontwikkelingen en veranderende risico’s in de samenleving wordt in het huidige Regionaal Beleidsplan de koers bepaald voor de periode 2020-2023. Gelet op de netwerkfunctie van de veiligheidsregio vormt het beleidsplan niet alleen de beleidsagenda van de VRHM, maar ook van de gemeenten en de overige partners. Naast de beleidsdoelen op de vijf taken van de VRHM (meldkamer, risico- en crisisbeheersing, bevolkingszorg, GHOR en brandweerzorg), zijn in het beleidsplan ook gezamenlijke doelen benoemd die gelden voor de gezamenlijke taakuitvoering over alle taken voor de periode 2020-2023: ■ Wij kennen en duiden de risico’s uit het regionaal risicoprofiel en vertalen deze naar maatregelen voor de hele veiligheidsketen. ■ Wij maken burgers meer zelfredzaam en richten ons op risicogroepen. ■ Wij zijn competente adviseurs binnen het nieuwe omgevingsrecht. ■ Wij maken meer en slimmer gebruik van informatie. ■ Wij vergroten het inzicht in ons presteren. ■ Wij kennen onze partners (partnerprofiel). ■ Wij werken met en voor gemeenten aan (fysieke) veiligheid. De doelen in het beleidsplan worden elk jaar nader uitgewerkt en geconcretiseerd in het jaarplan. In het jaarplan wordt aangegeven welke activiteiten worden gedaan om de doelen te realiseren. Het beleidsplan is door de burgemeesters besproken met hun gemeenteraden (conform vereiste artikel 14, lid 2a Wvr).
Het beleidsplan is ook formeel afgestemd met de aangrenzende veiligheidsregio’s, de waterschappen en de politie eenheid (conform vereiste artikel 14, lid 3 Wvr).
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
6
1. Bestuurlijke samenvatting
Het regionaal risicoprofiel van Hollands Midden
MAATSCHAPPELIJKE OPDRACHT
• Wet veiligheidsregio’s • Besluit veiligheidsregio’s • Besluit personeel veiligheidsregio’s
ONS PLAN
• Beleidsplan • Crisisplan • Risicoprofiel en • Dekkings-
spreidingsplan
ONZE CAPACITEIT
ONZE INZET
Operationele paraatheid
Operationele inzet
• personeel opgeleid • personeel beschikbaar • materieel inzetbaar • teams geoefend • informatie actueel
Maatschappelijke capaciteit
• • crisisbeheersing
risicobeheersing
• uitruk • inzet • coördinatie • crisiscommunicatie Maatschappelijke inzet
• • voorlichting • netwerksamenwerking veiligheidsadvisering
MAATSCHAPPELIJK EFFECT
• Minder branden • Minder slachtoffers • Minder schade • Groter veiligheidsgevoel
PRESTATIEAFSPRAKEN LEREN EN ONTWIKKELEN
In bijlage 5.4 is ‘Onze capaciteit’ vertaald in een Productenbegroting voor de VRHM.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
7
1. Bestuurlijke samenvatting
Presterend vermogen veiligheidsregio’s
Wat gaat het kosten
De bronnen voor de financiering in 2022 van de Veiligheidsregio Hollands Midden zijn:
1 gemeenten Rijksbijdrage (Brede Doeluitkering 2 Rampenbestrijding, BDuR) 3 Overige baten Gemeentelijke bijdragen van 18
Totaal
Het financiële kader betreffende indexering voor 2022 wordt gevormd door de Financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen Hollands-Midden (FKGR) voor begrotingen 2022, opgesteld door het financieel overleg van gemeenten in Hollands-Midden onder voorzitterschap van wethouder Michiel Bunnik (Gouda). De toegestane prijsindexatie voor 2022 bedraagt 1,4% voor beloning werknemers en 1,1% voor netto materieel. Voor de VRHM betekent dit een (gewogen) indexering van de gemeentelijke bijdragen van 1,3% t.o.v. 2021. De bronnen voor de financiering in 2022 van de GHOR zijn: Gemeentelijke bijdragen van 18 gemeenten
€2.253.600
(99,89%)
Overige baten
€2.500
(0,11%)
€51.883.220
(87,63%)
€6.386.102
(10,79%)
Voor de GHOR is een gewogen indexering van 1,34% t.o.v. 2021 gehanteerd. In het algemeen bestuur RDOG Hollands Midden van 9 december 2020 is deze indexering vastgesteld. In het algemeen bestuur RDOG Hollands Midden van 7 april 2021 worden de uitgangspunten voor de begroting 2022 RDOG Hollands Midden vastgesteld.
€938.800
(1,59%)
Belangrijkste aandachtspunten / risico’s
■ Taakdifferentiatie brandweer - taakdifferentiatie tussen vrijwilligers
€ 59.208.122
Veiligheidsregio Hollands Midden wordt als gemeenschappelijke regeling met name gefinancierd door de deelnemende gemeenten (€ 51,9 mln., € 64,14 per inwoner). Daarnaast levert het Rijk door middel van een Rijksbijdrage (€ 6,4 mln.) een financiële bijdrage. De Rijksbijdrage is een specifieke uitkering die door het Ministerie van JenV rechtstreeks aan de veiligheidsregio’s wordt uitgekeerd. De regio’s ontvangen één bedrag (lumpsum) voor een aanvulling in de bekostiging van de taken op de beleidsterreinen.
en beroepsmedewerkers et Veiligheidsberaad laat onderzoek uitvoeren naar een H passende rechtspositie voor brandweervrijwilligers. Bij de uitwerking van de Wnra is geconstateerd dat de rechtspositie van brandweervrijwilligers in strijd is met Europese wet- en regelgeving en het gelijkheidsbeginsel in het algemeen. De reden hiervan is dat werkzaamheden en aanstellingseisen van beroepskrachten en vrijwilligers gelijk zijn, zodat brandweervrijwilligers op grond van het gelijkheidsbeginsel door hun werkgevers – de veiligheidsregio’s – feitelijk als deeltijdwerkers beschouwd zouden moeten worden. Er bestaat dus een reëel risico dat brandweervrijwilligers als deeltijdmedewerkers moeten worden aangemerkt. Dat betekent dat zij een arbeidscontract moeten hebben, pensioen opbouwen, etcetera.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
8
1. Bestuurlijke samenvatting
Bij het opstellen van het nieuwe beleidsplan 2020-2023 is door het bestuur als financieel kader meegegeven, dat het beleidsplan moet passen binnen de bestaande programmabegrotingen van de VRHM en de GHOR. Dit is dan ook het uitgangspunt, waarbij wel het belang van een waardevaste programmabegroting voor de huidige en toekomstige taakuitvoering wordt benadrukt. Op basis van het principe van ‘nieuw voor oud’ zullen noodzakelijke beleidsontwikkelingen zo veel als mogelijk worden gerealiseerd. Indien dit niet mogelijk is, bijvoorbeeld als gevolg van autonome of exogene ontwikkelingen, wordt het bestuur hierover tijdig geïnformeerd.
■ Evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s
december 2020 heeft de evaluatiecommissie Wet 4 veiligheidsregio’s het eindrapport aangeboden aan de minister van JenV. De commissie evalueerde in opdracht van de minister van JenV de doeltreffendheid en effecten van de Wet veiligheidsregio’s (Wvr, 2010). De commissie concludeert in haar rapport dat vernieuwing van de Wet veiligheidsregio’s noodzakelijk is. De veiligheidsregio’s functioneren goed als het gaat om regionale branden, incidenten en crises. Maar omdat crises ingewikkelder worden en regionale grenzen overschrijden, is meer samenwerking nodig; tussen veiligheidsregio’s, met crisispartners en met het Rijk. De aard en omvang van een crisis moeten leidend zijn voor de organisatie van de crisisbeheersing, en niet de regio waar een crisis plaatsvindt. Het Veiligheidsberaad heeft een bestuurlijke reactie op het rapport geformuleerd. Op 3 februari 2021 heeft het kabinet een standpunt op hoofdlijnen aan de Tweede Kamer aangeboden. De Tweede Kamer heeft dit onderwerp controversieel verklaard en neemt de kabinetsreactie en het rapport evaluatie Wet veiligheidsregio’s na de kabinetsformatie in behandeling.
■ Omgevingswet
Naar verwachting treedt de Omgevingswet op 1 januari 2022 in werking. De Omgevingswet bundelt en vereenvoudigt de regels voor ruimtelijke projecten. Met behulp van 1 digitaal loket wordt het makkelijker om ruimtelijke projecten te starten. De voorbereidingen voor de implementatie van de Omgevingswet zijn, ook in Hollands Midden, in volle gang. Medewerkers worden opgeleid, documenten met richtlijnen voor de medewerkers worden geschreven en met de verschillende partners worden werkafspraken gemaakt. De verwachting is dat ook na 1 januari 2022 de behoefte zal bestaan om mensen te trainen en op te leiden, om zo de dienstverlening samen met de gemeenten en de partners te verbeteren.
■ Project Overdracht werkgeverschap centralisten
brandweermeldkamer Hollands Midden van politie naar Veiligheidsregio Haaglanden De Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) en de Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) willen komen tot een gezamenlijke (en verbeterde) meldkamer voor de brandweer, onder éénhoofdige aansturing waarin ook het werkgeverschap is opgenomen. Voor de politie geldt dat de werkgeversrol voor niet-politiecentralisten (centralisten van de brandweermeldkamer Hollands Midden zijn in dienst bij de politie) het werk van leidinggevenden compliceert en voortdurend leidt tot onduidelijkheid over de positie van de medewerkers. Het huidige construct is mogelijk (gebleken), maar niet ideaal, vandaar dit project. Centralisten van de brandweermeldkamer Hollands Midden komen dan in dienst van de VRH (de centralisten van de brandweermeldkamer Haaglanden zijn in dienst bij de VRH), die als werkgever zal fungeren voor de brandweercentralisten van beide veiligheidsregio’s. Centralisten die in dienst blijven van de politie zullen politiewerk moeten gaan verrichten.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
9
1. Bestuurlijke samenvatting
Het Veiligheidsberaad en de minister van JenV hebben een denktank opgericht om de mogelijkheden te onderzoeken om een fundamenteel onderscheid te maken tussen brandweervrijwilligers en beroepsmedewerkers. Deze denktank heeft een denkrichting, taakdifferentiatie, uitgewerkt en in alle 25 veiligheidsregio’s onderzocht op consequenties. De resultaten en implicaties zijn in het Veiligheidsberaad en Bestuurlijke Adviescommissie (BAC) Brandweer van februari 2021 besproken. Het uitgangspunt blijft het behoud van het hybride stelstel van vrijwilligheid en beroepsmedewerkers en dus om vrijwilligheid als essentiële basis voor de brandweer te behouden. Het thema taakdifferentiatie raakt vrijwel alle repressieve brandweermensen en vraagt derhalve om zorgvuldigheid en nader onderzoek.
Brand
1.598
Automatische brandmelding
1.317
Ongeval en Dienstverlening
3.782
Ongeval gevaarlijke stoffen
1
Waterongeval
150
First Responder
184
Risico- en Crisisbeheersing
Adviezen Omgevingsveiligheid (WABO) Adviezen Evenementenveiligheid
Bevolkingszorg Meldkamer
1.473 406
Adviezen Bereikbaarheid tbv repressie
1.729
Adviezen overig
1.699
Controles brandveiligheid
1.239
Hercontroles brandveiligheid Gecertificeerde crisisfunctionarissen Vakbekwame gemeentelijke crisisfunctionarissen
Onze inzet
Brandweerzorg
1.1 Begroting 2022 in één oogopslag
132 7 1.500
intake gesprekken burgers en automatische meldsystemen
67.870
spoed (incl. Haaglanden)
22.921
seconden gemiddelde opnametijd
11,4
GHOR
> 95% adviezen evenementen binnen 10 werkdagen > 90% GHOR crisisfunctionarissen per 31-122022 volgens planning opgeleid > 95% van het totaal aantal gealarmeerde crisisfunctionarissen vanaf GRIP1 voldoen aan de vastgestelde verplichet opkomsttijden 100% GHOR GRIP incidenten genalyseerd
43
beroepspersoneel (12 ploegen) vrijwilligers (45 ploegen) kantoor
141,00 fte
autoladders
8
hulpverleningsvoertuigen
4
waterongevallenvoertuig
5
first responder
28
brandweerhulpboot
14
Risico- en Crisisbeheersing 67,00 fte
3,56 fte
Directie & Staf 11,62 fte
Bedrijfsvoering kantoorpersoneel
€ 5.981.270 Bevolkingszorg € 701.690 Meldkamer € 1.127.253 GHOR
Bevolkingszorg
kantoorpersoneel
Risico- en Crisisbeheersing
92,75 fte 52
kantoorpersoneel
€ 51.292.987
987
tankautospuiten
kantoorpersoneel
(incl. Management & Ondersteuning)
56,00 fte
€ 2.253.636
Gemeente
aantal Gemeentelijke inwoners bijdrage VRHM 1-1-2020 VRHM
Alphen aan den Rijn
111.897
GHOR
6.698.778
Bodegraven-Reeuwijk
34.872
2.288.295
97.158
Gouda
73.427
4.818.758
204.578
Hillegom
22.209
1.245.267
61.877
Kaag en Braassem
27.297
1.795.264
76.053
Katwijk
65.753
3.640.371
183.197
Krimpenerwaard
56.319
3.463.676
156.913
Leiden
125.099
10.489.220
348.544
Leiderdorp
27.056
1.729.066
75.382
Lisse
22.955
1.479.547
63.956
Nieuwkoop
28.811
1.636.751
80.272
Noordwijk
43.508
3.040.972
121.220
Oegstgeest
24.840
1.375.773
69.208
Teylingen
37.440
2.054.478
104.313
Voorschoten
25.596
1.418.674
71.314
Waddinxveen
29.291
1.555.875
81.609
Zoeterwoude
8.605
684.937
23.975
Zuidplas
43.885
2.467.518
122.270
Eindtotaal
808.860
51.883.220
2.253.600
Rijksbijdrage (BDuR)
€ 6.386.102
Overige bijdragen
€ 938.800
TOTAAL BATEN
€ 59.208.122
Meldkamer kantoorpersoneel
14,00 fte
GHOR kantoorpersoneel
13,00 fte
crisisfunctionarissen
30 mdw
311.761
Programmabegroting 2021 en Meerjarenraming 2022 - 2024
11
Waar komt ons geld vandaan?
4
vrijwilligers kazernes
Brandweerzorg
Onze taakgebieden
beroepskazernes
Onze capaciteit
Brandweerzorg
1.2 Vaststellingsbesluit Programmabegroting 2022
Besluit: I. Vast te stellen de lasten en baten voor het jaar 2022 voor de programma’s:
Programma Fysieke Veiligheid
Lasten
-1.127.253
1.127.253
0
5.981.270
5.981.270
Saldo
-701.690
701.690
0
Brandweerzorg
-57.379.179
31.881.472
-25.497.707
Management & Ondersteuning Directie en Staf
4.495.243
4.495.243
Bedrijfsvoering
15.171.195
15.171.195
59.358.123
150.000
-59.208.122
Lasten
-2.256.100
2.296.100
Saldo 40.000
Totaal
-2.256.100
2.296.100
40.000
II. Vast te stellen de volgende mutaties voor 2022 in de algemene reserves en de bestemmingsreserves: Mutaties Reserves Fysieke Veiligheid
Programmabegroting 2022 Dotatie
Onttrekking -
Saldo
Samenwerken loont
-
Resterende expl. Lasten MKHM
-
-150.000
-150.000
-
Totaal
-
-150.000
-150.000
III. Kennis te nemen van de volgende mutatie in de Reserves GHOR: Programmabegroting 2022 Onttrekking
Saldo
Bestemmingsreserves
-
-40.000
-40.000
Totaal
-
-40.000
-40.000
IV. Vast te stellen de in de Programmabegroting 2022 opgenomen paragrafen;
Baten
Bevolkingszorg
Programmataken Totaal
Baten GHOR
Dotatie
Programmabegroting 2022
Risico -en Crisisbeheersing
Programmabegroting 2022
Mutaties reserves GHOR
Programmataken Meldkamer
Programmataak GHOR
V. Kennis te nemen van de meerjarenramingen 2023 tot en met 2025; VI. Kennis te nemen van de in de Programmabegroting 2022 opgenomen risico’s;
1.2 Vaststellingsbesluit Programmabegroting 2022
Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden; ■ Gelezen de Begrotingscirculaire 2022-2025 Gemeenschappelijke regelingen, januari 2021; ■ Gezien het voorstel van het Dagelijks Bestuur van 26 maart 2021, ■ Overwegende dat het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden de programmabegroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025 aan de gemeenteraden van de aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten heeft aangeboden; ■ Overwegende dat het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling RDOG Hollands Midden na een positief advies van het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden de programmabegroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025 programma GHOR finaal vaststelt; ■ Dat is voldaan aan het bepaalde in artikelen 36 en 48 van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden.
VII. B eschikbaar te stellen de voorgenomen kredieten voor de investeringen en ingevolge het bepaalde in het Financieel Statuut, vastgesteld door het AB, d.d. 16 maart 2017, machtiging te verlenen tot het aantrekken van de benodigde financiering voor gedekte vervangingsinvesteringen VIII. E en positief advies te verstrekken aan het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling RDOG Hollands Midden voor de begroting 2022 programma GHOR en mutatie bestemmingsreserve ten finale vaststelling ervan in de vergadering van het Algemeen Bestuur RDOG Hollands Midden op 30 juni 2021. Aldus besloten in de openbare vergadering van het AB van 25 Juni 2021. De secretaris, De voorzitter,
ing. J.J. Zuidijk
drs. H.J.J. Lenferink
Ingezonden op 1 juli 2021 aan het College van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
13
2.1 Programmaplan Fysieke Veiligheid In ons Regionaal Beleidsplan 2020-2023 ‘Veiligheid in samenhang’ hebben we zeven gezamenlijke doelen benoemd. Vanuit alle organisatieonderdelen van de veiligheidsregio wordt hieraan invulling gegeven. In dit hoofdstuk beschrijven we op hoofdlijnen welke activiteiten we in 2022 uitvoeren op basis van deze gezamenlijke doelen. De concrete uitwerking van de activiteiten vindt plaats in het jaarplan 2022.
Wij kennen en duiden de risico’s uit het regionaal risicoprofiel en vertalen deze naar maatregelen voor de hele veiligheidsketen In het regionaal risicoprofiel zijn vier thema’s naar voren gekomen die voor de komende jaren van grote invloed zijn op de risico’s in onze regio. Het is ons doel om de (nieuwe) risico’s als gevolg van de vier thema’s (klimaatadaptatie, energietransitie, digitale ontwrichting en continuïteit) uit het regionaal risicoprofiel te kennen, te duiden en waar nodig te vertalen naar veiligheidsmaatregelen waarbij de veiligheidsregio de ondergrenzen van veiligheid aangeeft op basis van haar kennis en expertise. Daar komt bij dat we, door te investeren op deze thema’s, specifieke risico’s uit het risicoprofiel effectief kunnen en willen beïnvloeden.
Hierin slagen wij als: ■ Onze adviseurs beschikken over de positie, kennis en kunde om in een vroegtijdig stadium met het bevoegd gezag mee te denken en te adviseren over de (fysieke) veiligheidsaspecten op risico’s in het algemeen en specifiek op de risico’s die voortkomen uit de vier thema’s (klimaatadaptatie, energietransitie, digitale ontwrichting en continuïteit). ■ We burgers bewust hebben gemaakt van deze (nieuwe) risico’s en concrete handelingsperspectieven hebben aangereikt waarbij de veerkracht van burgers en samenleving wordt benut. ■ Onze hulpdiensten en crisisorganisatie kennis hebben van deze (nieuwe) risico’s, zodat zij veilig en vakbekwaam met de juiste middelen kunnen optreden. Aangezien de thema’s complex en vaak ook veiligheidsregio overschrijdend zijn, is in 2020 en 2021 gewerkt aan het opbouwen van een goed netwerk met relevante partijen zoals experts, buurregio’s, gemeenten en Provincie. Dit netwerk zal ook in 2022 verder onderhouden en uitgebouwd moeten worden. In 2021 zijn de opgedane inzichten voor wat betreft de risico’s vertaald naar concrete producten van risico- en crisisbeheersing en brandweerzorg. Zo zijn de thema’s nadrukkelijk meegenomen in de advisering, (Brand) Veilig Leven, website Hollandsmiddenveilig. nl, OTO-programma, planvorming en inzetprotocollen van brandweerzorg.
In 2022 zitten we nog meer dan nu het geval is aan de ‘voorkant’ bij advisering en zijn we een zichtbare, benaderbare en betrouwbare adviespartner. De ontwikkelingen rondom de thema’s volgen elkaar bovendien in een razend tempo op. Het is daarom van belang om ook in 2022 kennis en kunde goed bij te houden zodat onze adviespositie en vakbekwaamheid op niveau blijven. Natuurlijk zullen in 2022 ook producten waar nodig herijkt, verder uitgebouwd en verdiept worden.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
14
2. Beleidsbegroting
2. Beleidsbegroting
Het veiligheidsbewustzijn van burgers, maar ook van bedrijven en instellingen moet vergroot worden. Zij zijn medeverantwoordelijk voor hun eigen veiligheid. Immers, onze hulpdiensten zijn, ondanks onze grote inspanningen, niet altijd direct ter plaatse. Aan de andere kant voelen wij ons extra verantwoordelijk voor specifieke risicogroepen (burgers met fysieke, sociale en/of psychische kwetsbaarheden). Het is ons doel om de zelfredzaamheid van burgers, maar ook van bedrijven en instellingen, in onze regio te bevorderen, waarbij wij ons extra inzetten om de risicogroepen te ondersteunen.
Om vorm te geven aan de gezamenlijke doelen voor VRHM is voor Veilig Leven een beleidsplan en uitvoeringsprogramma (2020-2023) vastgesteld. Aan deze speerpunten wordt via uitvoeringsplannen invulling gegeven. Zo zijn in 2021 actief ambassadeurs Veilig Leven geworven en concrete projecten binnen Leiden en Alphen opgepakt. Ook is er in 2021 een gezamenlijke integrale visie zelf- en samenredzaamheid ontwikkeld. Deze visie vormt de basis voor een gezamenlijk en integraal op te stellen uitvoeringsprogramma voor gemeenten, hulpdiensten en crisisorganisatie welke in 2022 wordt uitgewerkt.
Hierin slagen wij als: ■ We uitvoering geven aan een programma (uitgewerkt in het beleidsplan Veilig leven 2020 - 2023) dat gericht is op het vergroten van het (brand)veiligheidsbewustzijn en (brand)veilig gedrag van onze burgers, bedrijven en instellingen. ■ We op basis van een doelgroepenbenadering specifieke aanpakken uitvoeren. Deze aanpakken richten zich op het zoveel mogelijk zelfredzaam maken van burgers als ook op het mobiliseren van (tot nu toe) verborgen hulpverleningscapaciteit van burgers (samenredzaamheid). ■ Onze hulpdiensten en crisisorganisatie beschikken over informatie over locaties met specifieke risicogroepen, de hierop afgestemde procedures en middelen en de beschikbare burgerhulpverleningscapaciteit.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
15
2. Beleidsbegroting
Wij maken de burgers meer zelfredzaam en richten ons op risicogroepen
Al een aantal jaar bereiden wij ons als veiligheidsregio voor op de komst van de nieuwe omgevingswet. De planning is dat deze in 2022 in werking zal treden, maar er zijn ook geluiden dat deze (nogmaals) wordt uitgesteld. Het gedachtegoed van de nieuwe omgevingswet wordt, afgezien van de inwerkingtreding, echter nu al omarmd. Dit nieuwe denken, namelijk de integrale benadering en het zoeken van een balans tussen benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving, stellen nieuwe eisen aan onze taak als adviseur van het bevoegd gezag. Het toenemende meervoudig ruimtegebruik, gelet op de complexheid hiervan voor ons repressief optreden, versterkt dit nog verder. Het is ons doel om als competente adviseur op te treden binnen het nieuwe omgevingsrecht, waarbij we de ondergrens van de (fysieke) veiligheid (en daarmee van ons operationeel optreden) bewaken. Hierin slagen wij als: ■ we binnen onze adviesrol de gevolgen voor de fysieke leefomgeving kunnen duiden, kunnen aangeven hoe negatieve gevolgen beperkt kunnen worden en wat de mogelijkheden en onmogelijkheden van ons operationeel optreden zijn. Hierover hebben we procesafspraken gemaakt met gemeenten, GGD en omgevingsdiensten. ■ we zijn aangesloten op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). ■ we in een vroegtijdig stadium betrokken zijn bij ruimtelijke ontwikkelingen.
■ we ons deskundig en onafhankelijk opstellen in onze
advisering, zonder de belangen van partners en onze eigen hulpverleningsbelangen uit het oog verliezen. Wij beschikken over netwerkvaardigheden. ■ we veranderingen binnen de fysieke leefomgeving vertalen naar operationele voorbereiding van hulpdiensten en crisisorganisatie. Zoals hierboven is aangegeven vraagt het gedachtegoed van de Omgevingswet en het risicogericht adviseren andere competenties van onze adviseurs. In 2020 en 2021 zijn medewerkers hierin (individueel en collectief) verder getraind. Gedurende 2021 zal duidelijk worden wat dit concreet gaat betekenen voor eventuele vervolgtrajecten en loopbaanontwikkeling in 2022. Het jaar 2022 zal bovendien, met de kennis van nu, het eerste uitvoeringsjaar van het nieuwe omgevingsrecht zijn. De implementatie van de Omgevingswet is een meerjarig traject (2022-2029). Ook als de Omgevingswet officieel van kracht wordt, zullen we met elkaar tegen zaken aanlopen. Aangezien we nog geen goed zicht hebben wat dit precies is en wat dat van ons vraagt, is het belangrijk om hiervoor in 2022 en langer budget te reserveren. Nieuwe inzichten uit bijvoorbeeld het regionaal risicoprofiel, brandonderzoek, multi-inzetevaluatie en landelijk onderzoek moeten immers in de toekomstige advisering worden meegenomen.
Opgeleverde producten moeten op basis van opgedane ervaringen worden herijkt, evenals de afspraken zoals neergelegd in het convenant tussen VRHM, RDOG, ODWH, ODMH en politie. En tenslotte zal ook het Digitaal Stelsel Omgevingswet moet blijven aansluiten op de praktijk.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
16
2. Beleidsbegroting
Wij zijn competente adviseurs binnen het nieuwe Omgevingsrecht
Voor onze taakuitvoering wordt adequate en actuele informatie steeds belangrijker. Niet alleen voor ons operationeel optreden, maar ook om goed te kunnen adviseren over risico’s en inzicht te geven in onze prestaties. Ons doel is om te beschikken over een goede informatiepositie binnen ons netwerk. Hierin slagen wij als: ■ Als we onze informatiebehoeften kennen, de juiste data verzamelen en deze data omzetten in informatie (business intelligence). Het gaat hierbij ook om informatie(behoefte) van onze partners. ■ Wij kunnen de juiste informatie op het juiste moment bij de juiste persoon leveren, in zowel de koude, de lauwe (dreiging van ontwrichtende situatie in/buiten de regio) als de warme fase. ■ Als we beschikken over een goede informatievoorziening die verweven is in onze bedrijfsprocessen.
Voor wat betreft crisisbeheersing is in 2021 gewerkt aan de doorontwikkeling van het Multi Actueel Beeld (MAB) naar een breder Veiligheid Informatie Centrum (VIC) en het verrijken van de content op de website HollandsMiddenveilig.nl. Ook is gekeken waar de uitwisseling van data met diverse partners (politie, waterschappen, vitale infrastructuursector) kan bijdragen aan de verbetering van de informatiepositie van de veiligheidsregio. Dit zal in 2022 verder geconcretiseerd worden. In 2021 is bovendien, met behulp van concrete pilots, gekeken naar een model om van risico’s naar data en van data naar risico’s te kunnen redeneren. Dit is belangrijk omdat data en de analyse ervan de veiligheidsregio ondersteunt in de onderbouwing van beleid en te nemen maatregelen. Met opgedane inzichten zal in 2022 verder gegaan worden.
Een belangrijk nieuwe ontwikkeling komt voort uit de impact van de COVID-19 crisis. De verwachting is dat na deze crisis medewerkers structureler thuiswerken en digitale informatie steeds belangrijker wordt. De urgentie wordt hoger om snel de juiste informatie bruikbaar en veilig binnen handbereik te krijgen. Het meer en slimmer gebruik maken van informatie is zowel van toepassing binnen de sector Bedrijfsvoering (Informatiemanagement) als Risico en Crisisbeheersing. Binnen Informatiemanagement is in 2021 de nadruk gelegd op het realiseren van een basis Business Intelligence infrastructuur en het opzetten van een dedicated BI-competence center.
Zowel landelijke IV ontwikkelingen als technologische ontwikkelingen hebben invloed op de projectenkalender van Informatiemanagement en daarmee op de strategische doelen van het RBP. Het grootste risico is dat projecten die in 2021 gereed moeten zijn vertraging oplopen waardoor de in 2022 geplande projecten niet tijdig gerealiseerd kunnen worden.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
17
2. Beleidsbegroting
Wij maken meer en slimmer gebruik van informatie
Wij vergroten het inzicht in ons presteren
Wij kennen onze partners (partnerprofiel)
Onder bestuurlijke verantwoordelijkheid en met gemeenschappelijke middelen werken wij aan een veilige samenleving. Het is dan ook belangrijk dat wij inzage geven in en ons verantwoorden over operationele prestaties, beleidsontwikkelingen en financiële bestedingen. Vanuit de gemeenten komt de wens om een verdere verbetering hierop. Het is ons doel om meer en overzichtelijker inzicht te geven in de operationele prestaties, en de samenhang tussen beleidsontwikkelingen en financiële bestedingen.
De veiligheidsregio heeft een netwerkfunctie binnen risico- en crisisbeheersing. Voor het uitvoeren van onze taken zijn wij dan ook mede afhankelijk van de inzet van een veelvoud aan partners. Het is aan ons om al onze partners te kennen en te weten wat we aan elkaar hebben, omdat wij op deze manier elkaar versterken in het uitvoeren van onze taken.
Hierin slagen wij als: ■ Als we onze operationele prestaties inzichtelijk maken en duiden, zodat deze een goed beeld geven van onze inzet en resultaten. Hierbij kijken we ook naar de effecten van onze inzet. ■ In onze begroting en de verdere planning en control-cyclus geven wij inzicht in de (beleids)doelen, resultaten en bijhorende financiële kosten (beleidsgestuurde begroting). Dit vraagt om verdere vertaling van het huidige beleidsplan. ■ De informatieproducten uit onze planning en control-cyclus brengen colleges van burgermeesters en gemeenteraden tijdig in positie over de beleidsmatige en financiële stand van zaken van de veiligheidsregio. Het inzicht in prestaties leveren wij overzichtelijk en actueel aan (dashboardgedachte).
Hierin slagen wij als: ■ Als we overzicht hebben bij welk risico- en/of crisistype welke partners betrokken zijn, wat hun taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn. Wij weten onze behoeften en rol te duiden per crisistype en op basis hiervan kunnen wij aangeven wat wij verwachten van onze partners (en vice versa). Dit wordt geborgd via het partnerprofiel, door het maken van samenwerkingsafspraken per partner en door gezamenlijk te oefenen. ■ Het partnerprofiel is het startpunt voor relatiemanagement. Wij beschikken over netwerkvaardigheden om hierbinnen te opereren.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
18
De afgelopen twee jaar is van ongeveer 100 partners het profiel en samenwerkingsrelatie bepaald. In 2021 zijn met de top 50 partners gesprekken gevoerd om gezamenlijk te bepalen hoe de samenwerking voor de toekomst verder vorm gegeven gaat worden. We hebben daarmee het accounthouderschap verder verstevigd. Ook in 2022 gaan we door met het investeren in en uitbouwen van netwerken en partnerschappen behorende bij het regionaal risicoprofiel en bij onze opgave van coördinatie van de voorbereiding op de crisisbeheersing. Daarbij zullen we onze medewerkers ook moeten trainen in hun netwerkvaardigheden en alliantievermogen. Tenslotte continueren we de samenwerking met omliggende veiligheidsregio’s in West4 en sluiten actief aan bij landelijke netwerken.
De veiligheidsregio voert gemeentelijke taken uit op regionale schaal. Het is ons doel om de veiligheidsregio beter te positioneren als verantwoordelijk adviseur en uitvoerder van gemeentelijke veiligheidstaken op regionaal niveau. Hierin slagen wij als: ■ Als we aangesloten zijn bij ruimtelijke, sociale en veiligheidsontwikkelingen binnen gemeenten en ook vroegtijdig betrokken zijn. ■ Wij brengen en houden het lokaal bestuur c.q. de burgemeester in beleidsmatig en financieel opzicht in positie. Dit geldt ook voor hun verantwoordelijkheid voor de openbare orde en veiligheid (opperbevelhebber) waarbij wij zorgen voor een goede informatiepositie. ■ Wij zijn in staat om gezamenlijke veiligheidsdoelen vast te stellen als veiligheidsregio en gemeenten. Wij zijn in staat om bij onze regionale taakuitvoering ook rekening te houden met maatwerk per gemeente. ■ Wij hebben de gevolgen van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen in beeld en passen deze ordentelijk in. We hebben bij alle gemeenten in onze veiligheidsregio input geleverd bij de totstandkoming van het gemeentelijke Integraal Veiligheids Plan (IVP). In 2020 is de Wet gemeenschappelijke regelingen gewijzigd. Om te voldoen aan de gewijzigde wet zijn in 2021 de consequenties van de wetswijziging in kaart gebracht en voorzien van een advies zodat in 2022 conform de nieuwe wet gewerkt kan worden.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
19
2. Beleidsbegroting
Wij werken met en voor gemeenten aan (fysieke) veiligheid
2.2 Programmataak Meldkamer
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
20
Erwin Verhart / Meldkamer Brandweer
‘Burger meer eigentijds bedienen’ ‘Slimmer en efficiënter werken’
‘Toegankelijker worden’ “Hoe kunnen we de burger beter bedienen, op een manier die past bij deze tijd? Daar kan de Meldkamer nog wat slagen in te maken. Zo communiceren wij nu voornamelijk via de telefoon. Jongeren doen dat alleen nog als ze hun opa of oma willen spreken. De opgave is dat we toegankelijker gaan worden voor de burger. Dat s nodig wat die burger wordt steeds kritischer en verwacht dat ook echt van ons. Passend bij de mogelijkheden van nu. Via apps, slimme automatisering en door de adaptie van nieuwe technologieën.”
‘Klantgerichtheid in meldproces’ “Ik vergelijk het weleens met hoe we vanuit huis tegenwoordig een pizza bestellen. Dat doen we via een app, waarbij we via de telefoon zelf alle ingrediënten toevoegen die we lekker vinden. Via die app kunnen we bovendien onze bestelling betalen en zelfs zien of de pizza nog in de oven zit of al onderweg is. De uitdaging is om diezelfde klantgerichtheid ook meer in ons meldproces te krijgen. Zodat – om maar wat te noemen - een melder straks ook via een app of anderszins kan zien of de brandweerwagen al onderweg is.”
“Het mooie van deze opgave is dat we twee vliegen in een klap kunnen slaan: de burger beter bedienen én onze hulpverlening slimmer en efficiënter organiseren. Neem de automatische brandmeldingsinstallaties in objecten en gebouwen. De informatie die wij via die installaties krijgen is vaak heel beperkt. We weten weliswaar dat er iets aan de hand is, maar niet of de brand groot of klein is. Dat moet, met de huidige stand van de technologie, beter kunnen. Zo helpt het al enorm als we weten welke rookmelders er in welk gedeelte van een object afgaan. Dan kunnen we onze inzet daar gerichter op afstemmen. Dat is goed voor de melder en goed voor onze hulpverlening ”
‘Kritische zelfanalyse’ “We gaan uiteraard ook kritisch kijken naar ons eigen product. Hoe doen we het? We zijn het gewend om reactief te opereren. Is er iets aan de hand, dan komen wij in actie. Soms is het goed om ook eens een stap achteruit te zetten en te analyseren welk product we eigenlijk precies leveren. We zijn dat aan onze burgers verplicht. Met als lonkend perspectief dat we beter gaan aansluiten bij de behoeften van die burgers. Tevens een mooie kans om onze dienstverlening naar een nog hoger plan te tillen.”
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
21
2.2 Programmataak Meldkamer Wat doen we
Wat gaan we continueren
In de meldkamer werken brandweer, ambulance en politie samen. De meldkamer is belast met het ontvangen, registreren en beoordelen van alle acute hulpvragen ten behoeve van de brandweer, de geneeskundige hulpverlening, de daadwerkelijke ambulancezorg en de politie. Daarnaast het bieden van een adequaat hulpaanbod en het begeleiden en coördineren van de hulpdiensten. De ontwikkelrichting voor de meldkamers is met het Transitieakkoord Meldkamer van de toekomst, de Heroriëntatie, het Uitwerkingskader en de Wijzigingswet Meldkamers bepaald. Momenteel wordt toegewerkt naar een virtueel genetwerkte organisatie van alle meldkamers met maximaal tien meldkamerlocaties die werken volgens een gestandaardiseerde werkwijze. Het onderdeel ‘Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS)’ binnen de politie ondersteunt deze organisatie. De landelijke meldkamer heeft de volgende doelen: ■ De burger zoveel mogelijk in het eerste contact helpen door intake; ■ Een landelijk kwaliteitsniveau waardoor de burger kan rekenen op dezelfde dienstverlening van de meldkamer ongeacht de locatie van de noodhulpvraag; ■ Het verbeteren van de bereikbaarheid van de meldkamerlocaties tijdens piekbelastingen; ■ Het verbeteren van de uitwijkmogelijkheden van meldkamerlocaties bij uitval; ■ Een verbetering van de informatie-uitwisseling tussen hulpverleningsdiensten en tussen verschillende regio’s.
Wij blijven de huidige taken van de meldkamerfunctie voor brandweer, geneeskundige hulpverlening en crisisbeheersing uitvoeren. Samen met de meldkamers politie en ambulancezorg en de LMS, het landelijk politieonderdeel waar het technisch beheer van de meldkamer is belegd, blijven wij ons inzetten voor een goed functioneren (zowel technisch als organisatie) en samenwerken van de drie meldkamers op onze gezamenlijke meldkamer Den Haag (De Yp). Onze meldkamer is 24/7 bereikbaar en in staat om bij opschaling van de crisisorganisatie (GRIP, Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdings Procedure) haar rol hierin te pakken. De 24/7 aanwezigheid van de Calamiteiten Coördinator (CaCo), noodzakelijk om uitvoering te geven aan de multidisciplinaire coördinatie van de meldkamerprocessen tijdens een (dreigende) crisissituatie (GRIP), is gegarandeerd conform de wettelijke verplichting. Om een indruk te geven van onze prestaties. In 2020 hebben wij onder meer 67.870 intakes verwerkt van burgers en automatische meldsystemen, waarvan 22.291 spoed (voor zowel Hollands Midden als Haaglanden). De gemiddelde opnametijd is 11,4 seconden.
2.2.3
Wat gaan we verbeteren
Verbeterplan infrastructuur LMS De conclusies en aanbevelingen in het gezamenlijke Verbeterplan Triple A van de LMS en de Dienst ICT politie hebben geleid tot onderstaande maatregelen en resultaten op gebied van architectuur, techniek, proces, en mens & organisatie.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
22
2.2 Programmataak Meldkamer
2.2.2
2.2.4
Wat gaan we oppakken
Wij zijn een sterke meldkamer samen met de Veiligheidsregio Haaglanden en de LMS Landelijke meldkamerontwikkelingen De ontwikkelrichting voor de meldkamers is met het Transitieakkoord Meldkamer van de toekomst, de Heroriëntatie, het Uitwerkingskader en de concept Wijzigingswet Meldkamers bepaalt. Momenteel wordt toegewerkt naar een virtueel genetwerkte organisatie van alle meldkamers met maximaal tien meldkamerlocaties die werken volgens een gestandaardiseerde werkwijze. Met als doel om nu en in de toekomst inwoners in nood nog sneller, efficiënter en effectiever te helpen. Het onderdeel ‘Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS)’ binnen de politie ondersteunt deze organisatie.
ICT-aansluiting op de LMS (inclusief huisvestingsvraagstukken) De technische aansluiting van de GMK Den Haag op de infrastructuur van de LMS is voorzien in juli 2022. Dit is een project dat vanuit de LMS wordt aangestuurd. Het is niet ondenkbaar dat de aansluiting als consequentie heeft dat er verbouwingen moeten worden uitgevoerd in de meldkamer en een herinrichting moet plaatsvinden.
Beleids- en bestedingsplan LMS 2022 Het beleids- en bestedingsplan is o.a. voor de LMS de ‘opdracht’ vanuit het ministerie van J&V en de partijen die verantwoordelijk zijn voor de meldkamerfuncties Ambulancezorg, Brandweer, KMaR, Politie en Veiligheidsregio’s. Deze ‘opdracht’ komt tot stand door inbreng vanuit de disciplines zèlf, de directieteams van de meldkamerlocaties en het ministerie. De LMS heeft nu en de komende jaren veel omhanden, waarbij het om fundamentele zaken gaat. Daarbij valt te denken aan: ■ Het betrouwbaar werkend krijgen van het nieuwe C2000 netwerk en het in beheer nemen van de vernieuwde radiobediening, ■ Het realiseren, vernieuwen en borgen van een stabiel IV/ICT netwerk voor de meldkamers, waardoor het aansluit- en samenvoegingsproces voortgang kan vinden, ■ Het verder inrichten en op orde krijgen van het beheer (de zogenaamde ‘bouwplaats’) na de overdracht op 1 januari 2020 door de veiligheidsregio’s, ■ De (Cyber)beveiliging van de meldkamer IV/ICT, ■ De vernieuwing van GMS door NMS. Wettelijk is vastgelegd dat het Beleids- en bestedingsplan 2022 vóór 1 september 2021 moet worden vastgesteld door het Bestuurlijk Meldkamerberaad.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
23
2.2 Programmataak Meldkamer
Er wordt onderscheid gemaakt in drie verschillende fases. ■ Stabiliseren (eind Q1-2021) Maatregelen die op de korte termijn uitgevoerd worden waarmee de grootste risico’s op uitval gemitigeerd worden en meldkamers stabiel kunnen aansluiten. ■ Optimaliseren (eind Q4-2021) Maatregelen voor de middellange termijn, gericht op het verbeteren van de infrastructuur. ■ Moderniseren (2022 en verder) Maatregelen voor de langere termijn, waarbij de architectuur wordt gemoderniseerd op basis van wat de meldkamerfunctie vraagt.
Project Overdracht werkgeverschap centralisten brandweermeldkamer Hollands Midden van politie naar Veiligheidsregio Haaglanden De Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) en de Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) willen komen tot een gezamenlijke (en verbeterde) meldkamer voor de brandweer, onder éénhoofdige aansturing waarin ook het werkgeverschap is opgenomen. Voor de politie geldt dat de werkgeversrol voor niet-politiecentralisten (centralisten van de brandweermeldkamer Hollands Midden zijn in dienst bij de politie) het werk van leidinggevenden compliceert en voortdurend leidt tot onduidelijkheid over de positie van de medewerkers. Het huidige construct is mogelijk (gebleken), maar niet ideaal, vandaar dit project. Centralisten van de brandweermeldkamer Hollands Midden komen dan in dienst van de VRH (de centralisten van de brandweermeldkamer Haaglanden zijn in dienst bij de VRH), die als werkgever zal fungeren voor de brandweercentralisten van beide veiligheidsregio’s. Centralisten die in dienst blijven van de politie zullen politiewerk moeten gaan verrichten. Uitgangspunt voor de VRHM en de VRH is dat het werkgeverschap door de VRH wordt georganiseerd en dat de aansturing van de meldkamer Brandweer (MKB) een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid is voor beide veiligheidsregio’s.
Als dit uitgangspunt wordt gevolgd, zal geen sprake zijn van een beheerovereenkomst of een SLA zoals thans tussen VRHM en politie is opgesteld, maar van een convenant waarin deze gemeenschappelijke verantwoordelijkheid (en bijvoorbeeld ook de verdeelsleutel voor de personeelskosten) geregeld wordt.
De overgang beperkt zich niet slechts tot het één op één overgaan van de brandweercentralisten naar de VRH, maar maakt onderdeel uit van een verbeterde organisatie inrichting van de MKB (Project Realisatie Toekomstbestendige meldkamerfunctie brandweer / veiligheidsregio). Daarin wordt dan ook aandacht besteed aan verbetering van de efficiency, aansluiting op de primaire processen van de brandweer van de VRHM en de VRH, ontwikkelingen rondom het Operationeel Centrum Brandweer (OCB), etc. De CaCo-rol wordt vanaf april 2021 24/7 ingevuld op de meldkamer binnen de meldkamer brandweer / veiligheidsregio.
2.2.5
Risico’s
Vanuit de politie wordt gesteld dat met het inwerking treden van het Overdrachtsdossier per 1 januari 2020 en de Wijzigingswet, voorzien op 1 juli 2020, de huidige SLA met een lumpsum voor alle kosten tussen VRHM en politie verdwijnt (de beheergelden gaan over naar de LMS). De bezetting van de brandweercentralisten voor Hollands Midden is al jaren (ook al ten tijde van de meldkamer aan de Rooseveltstraat) substantieel hoger dan de begrote formatie. De begroting is hierop nooit aangepast, Multidisciplinaire Intake (MDI) zou de oplossing (efficiency) hiervoor zijn geweest. E.e.a. betekent een substantiële, niet begrote, verhoging van ongeveer € 300.000. Gedurende de huidige beleidsplanperiode kan deze verhoging binnen het financieel kader, als gevolg van verwachte incidentele onderuitputting van kapitaallasten gedurende deze periode, worden opgevangen. Uitkomst van het Project Realisatie Toekomstbestendige meldkamerfunctie brandweer / veiligheidsregio kan dus consequenties hebben op het gebied van Personeel en Financiën. Met de VRH en de Politie-eenheid Den Haag wordt overleg gevoerd over de gewenste organisatie. Op basis hiervan kunnen de financiële consequenties worden bepaald.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
24
2.2 Programmataak Meldkamer
Wij zijn een meldkamer van en voor de brandweer en veiligheidsregio
2.2 Programmataak Meldkamer
2.2.6
Raming van de baten en lasten Meldkamer
Meldkamer
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
(bedragen x € 1.000,00)
2020
2021
2022
2023
2024
2025
Exploitatiebaten
-889
-886
-1.127.253
-1.127
-1.127
-1.127
Gemeentelijke bijdrage
-859
-886
-1.127.253
-1.127
-1.127
-1.127
Meerjarenramingen
Exploitatielasten
1.185
886
1.127.253
1.127
1.127
1.127
Salarislasten
1.185
886
1.127.253
1.127
1.127
1.127
296
-
-
-
-
-
Onttrekking reserves
-
-
-
-
-
Storting reserves
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Geraamde saldo baten en lasten
Geraamde resultaat
296
Toelichting op de cijfers De bijdrage van € 1.127.253 die de VRHM betaalt aan de Meldkamer is specifieke gerelateerd aan de salarislasten van dat deel van de Meldkamer functionerend ten behoeve van de Brandweer Hollands Midden. De stijging in de lasten van € 249.000 ten opzichte van het jaar 2021 wordt veroorzaakt door het inwerking treden van het Overdrachtsdossier per 1 januari 2020 en de Wijzigingswet per 1 juli 2020. De onderliggende SLA zal hierop worden aangepast, hetgeen deze stijging veroorzaakt.
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
25
2.3 Programmataak Risico -en Crisisbeheersing
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
26
Ingrid Nieuwenhuis en Leendert Klok / Risicobeheersing en Crisisbeheersing
‘Informatiepositie op orde houden’ ‘Cyclisch werken’ Ingrid: “Die informatiepositie op orde hebben, is nog niet eenvoudig. Zo zijn we er goed in om in onze eigen kolommen informatie te delen, maar tussen de kolommen is dat nog niet altijd vanzelfsprekend. De uitdaging is dat we meer cyclisch gaan werken. Dat – om maar wat te noemen - Risicobeheersing en Brandweerzorg structureel ervaringen delen om zo het risicomanagement te versterken. Dat is een ongoing process, nodig om nog meer naar de voorkant te komen.”
‘Data-opbouw belangrijk’
‘Risico’s kennen en duiden’ Ingrid: “Klimaatadaptatie en de energietransitie zijn voor mij belangrijke thema’s, de komende jaren. Zo brengen nieuwe energievormen, zowel qua winning als opslag, nieuwe risico’s met zich mee. Aan ons de taak die risico’s te kennen, te duiden en te vertalen naar adviezen aan de voorkant. Maar ook om burgers handelingsperspectieven te geven. Ook is het aan ons om de uitruk duidelijk te maken wat er moet gebeuren als er onverhoopt toch iets mis gaat.”
‘Analytische blik’ Leendert: “Cyberincidenten kunnen de oorzaak zijn van een groot aantal andere risico’s en hebben vaak gevolgen voor zowel veiligheid als continuïteit. Daarnaast neemt de afhankelijkheid van digitale systemen steeds meer toe. Immers, als het gas uitvalt ontstaan er in de samenleving allerlei problemen in bedrijfsprocessen, wat automatisch weer tot veiligheidsproblemen leidt. Ook hierbij is het belangrijk dat we onze informatiepositie op orde hebben, zodat we weten wat de risico’s zijn en hoe te anticiperen. Het vraagt bovendien om een analytische blik.”
Leendert: “Wat ons gaat helpen is dat we een Calamiteitencoördinator op de Meldkamer hebben die een monitorende rol kan vervullen. Verder is het nodig dat we onze partners steeds kritisch blijven bevragen. Andere belangrijke bronnen zijn de politiesystemen en LCMS waarin we bijhouden welke evenementen er zijn. En via de mailbox van het ROT krijgen we informatie van de landelijke overheid.” Ingrid: “Ook data-opbouw is belangrijk, omdat we niet op ons buikgevoel willen afgaan: waar komen incidenten voor en wat leren we ervan? Daar gaan we komende jaren nog meer werk van maken.”
‘Rol in koude fase’ Leendert: “Een blijvende zoektocht is de vraag welke rol we precies in de koude fase moeten spelen en wanner we dus een stapje naar voren zetten. Neem de boerenprotesten: we zagen ze aankomen, maar hadden geen idee hoe groot ze zouden worden. Door van tevoren scenario’s uit te werken kunnen wij daar onze rol pakken. Daar gaan we komende periode verder over nadenken.”
Programmabegroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025
27
2.3 Programmataak Risico- en Crisisbeheersing Wat doen we
2.3.3
De uitvoering van de taak risico- en crisisbeheersing is ondergebracht bij de sector Risico- en Crisisbeheersing van de veiligheidsregio, onder de ambtelijke verantwoordelijkheid van de directeur Risico- en Crisisbeheersing. De ambtelijke eindverantwoordelijkheid is belegd bij de directeur Veiligheidsregio / commandant Brandweer. Binnen de sector zijn de volgende taken/bedrijfsprocessen ondergebracht: ■ Het uitvoeren van risicoanalyses over fysieke veiligheid in de openbare ruimte (risicoduiding, actueel regionaal risicobeeld). ■ Het opstellen van adviezen voor de vergunningverlening en handhaving gericht op de fysieke veiligheid (risicoadvisering omgevingsvisies en -plannen, evenementenveiligheid, externe veiligheid, brandveiligheid). ■ Het uitvoeren van toezicht gericht op fysieke veiligheid. ■ Het coördineren en uitvoeren van de externe communicatie met burgers en bedrijven over risico’s en handelingsperspectief ten tijde van branden, incidenten of bij dreiging (risicocommunicatie, Veilig Leven: voorlichting, informatie en advies, nazorg). ■ Het voorbereiden van de multidisciplinaire samenwerking/ crisisorganisatie op een (dreiging op een) grootschalig incident door planvorming, opleidingen, trainingen en oefeningen: crisisbeheersing.
■ Het inzetten van de multidisciplinaire samenwerking/crisisorganisatie door coördinatie en leiding van een (dreiging op een) grootschalig incident, inclusief informatiemanagement, de risico- en crisiscommunicatie aan burgers en crisisfaciliteiten (vergaderruimtes, voertuigen). ■ Het evalueren van een brand/crisis/ramp (brandonderzoek en inzetevaluaties).
Wat gaan we verbeteren
Het interne sector ontwikkeltraject Expeditie RCB is in 2021 voortgezet en gekoppeld aan het organisatie brede ontwikkeltraject Samen verder. Dit zal ook in 2022 doorlopen. Met Toezicht hebben we in 2021 producten en diensten ontwikkeld die aansluiten op het bevorderen van zelfredzaamheid en het stimuleren van brandveilig gedrag. Hiermee sluiten we ook met Toezicht aan bij het in het Regionaal Beleidsplan doel ‘bevorderen van de zelfredzaamheid en risicogroep benadering’. Daarnaast is in 2021 de nieuwe vorm van Toezicht verfijnd en de ‘norm’ geworden (meer collectief dan individueel, van toezicht moment naar contactmoment). We zullen hier als Toezicht in 2022 de vruchten van kunnen plukken, hoewel evaluatie van aanpak altijd nodig blijft. De nieuwe vorm van Toezicht vraagt een andere manier van communiceren, denk bijvoorbeeld aan risicogroep gerichte communicatiecampagnes. Waterveiligheid is in 2021 verbreed naar het programma Klimaatadaptatie. Ook zijn de cascade effecten van overstromingen in 2021 zowel voor onze regio als bovenregionaal in kaart gebracht. Er is bovendien een start gemaakt met het herijken van planvorming en OTO-activiteiten. Risicoadvisering neemt klimaatrisico’s (overstromingen, droogte, hitte, extreme wateroverlast) standaard mee in de advisering.
In 2022 zal de focus liggen op het verder aanvullen van concrete planvorming en de voorbereiding van een grootschalig OTO- oefening binnen het Samenwerkingsverband Coördinatie Overstroming Randstad (SCOR). De samenwerking met de cultureel erfgoedsector is in 2021 opgestart (risico’s in beeld brengen, bij operationeel optreden aandacht voor nevenschade) en zal in 2022 versterkt worden. In 2021 is de registratie van de vakbekwaamheid van crisisfunctionarissen versterkt, dit loopt door in 2022.