E.2. Rapport Als je het ons vraagt 2022 def
Tekst van het document
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 28 van 76
Algemeen beeld van wat er beter kan in het leven van kinderen, in percentages 30,0% 25,0% 20,0% 15,0% 10,0% 5,0% 0,0%
Grafiek 9: Thematisch geordende antwoorden op de vraag wat er beter kan in het leven van kinderen
Onbestemd zorgelijk gevoel over de toekomst "Ik maak me zorgen over hoe wij als jongeren later als volwassenen gaan leven. Stel dat we straks geen vrijheid meer hebben en moeten doen wat de overheid zegt en niet meer onze eigen keuzes kunnen maken…!" (jongen uit Zuid-Holland, 15 jaar)
Bij de vraag over de zorgen die kinderen hebben voor de toekomst, zien we dat de actualiteit een duidelijke weerslag heeft op die zorgen. Veel genoemd zijn zaken zoals de oorlog in Oekraïne en in het verlengde daarvan dat deze oorlog naar Nederland komt. Ook zien we antwoorden gericht op het klimaat/milieu of de situatie van de boeren (zie grafiek 10). Hoewel het aantal kinderen relatief klein is, valt toch op dat een deel van de kinderen expliciet aangeeft zich zorgen te maken over de toekomst in het algemeen of zich überhaupt veel zorgen te maken. Hoewel uit de antwoorden niet duidelijk wordt waar deze zorgen zich precies op richten, lijken dergelijke antwoorden er op te duiden dat deze kinderen met weinig vertrouwen in de wereld staan. Hierbij moet aangetekend worden dat het gros van de kinderen zich geen zorgen maakt over de toekomst.
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 29 van 76
Algemeen beeld van thema's waar kinderen zich zorgen over maken, in percentages 45,0% 40,0% 35,0% 30,0% 25,0% 20,0% 15,0% 10,0% 5,0% 0,0%
Grafiek 10: Thematisch geordende antwoorden op de vraag waar kinderen zich zorgen over maken
Inspraak en inclusie als belangrijke nieuwe thema's "Meer zeggenschap in de politiek. Het gaat over onze toekomst." (meisje uit Friesland, 13 jaar)
Kinderen vinden het lastig te zeggen wat zij zouden oppakken als zij Kinderombudsman/-vrouw zouden zijn, afgaande op het aantal kinderen dat deze vraag niet beantwoord of expliciet aangeeft het niet te weten. Het aanpakken van armoede is en blijft een belangrijk thema voor kinderen. Dit geldt ook voor het zorgen voor goed onderwijs. Twee andere thema's – die we in voorgaande jaren minder gezien hebben – steken er nu ook boven uit. Dat zijn de thema's "zorgen voor meer inspraak/vrijheid" en "zorgen dat iedereen er bij hoort". Zie grafiek 11 hieronder. We zien hier ook enkele onderwerpen terugkomen die ook genoemd zijn bij de vraag over de zorgen van kinderen over de toekomst. Onderwerpen zoals zorgen dat er geen oorlog is of het tegenaan van klimaatverandering. De opvang van vluchtelingen en zorgen dat alle kinderen zich veilig voelen zijn twee andere onderwerpen die door een deel van de kinderen genoemd wordt.
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 30 van 76
Algemeen beeld van wat kinderen zouden doen als ze Kinderombudsman waren, in percentages 14,0%
12,0%
10,0%
8,0%
6,0%
4,0%
2,0%
0,0%
Grafiek 11: Thematisch geordende antwoorden op de vraag wat kinderen zouden doen als ze Kinderombudsman waren
5.2 Regionale verschillen in de zorgen die kinderen hebben: een vergelijking tussen de 12 provincies We hebben de antwoorden van de kinderen op de open vragen vergeleken tussen de 12 provincies onderling. We hebben deze ook afgezet tegen de antwoorden die de gehele groep kinderen op deze vraag heeft gegeven. In bijlage 3 zijn verschillende grafieken en tabellen hiervan opgenomen. Deze zijn te groot om in dit hoofdstuk op te nemen. Hier bespreken we alleen de opvallende punten: welke provincies springen er in positieve of in negatieve zin uit en op welke thema's? Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 31 van 76
Weinig verschillen in waar kinderen blij mee zijn "Leuke vrienden en een leuke familie, en kinderen vinden mij leuk. En heel veel verjaardagen." (jongen uit Gelderland, 9 jaar)
Er zijn weinig verschillen tussen de provincies en het algemene beeld in wat er fijn is in het leven van kinderen. Over het algemeen volgen de antwoorden per provincie, de thema's zoals we die ook in het algemene beeld gezien hebben. Flevoland en Friesland springen er op een paar punten tussenuit. Zo zijn kinderen in Flevoland en Friesland erg tevreden over hun thuissituatie en vrije tijdsbesteding. Ze scoren hier boven het landelijke beeld uit. Ook geven ze vaker dan in andere provincies aan dat alles fijn is in hun leven. Tegelijkertijd zien we dat zij bij deze vraag beduidend minder vaak dan de andere provincies aangeven blij te zijn met school. Opvallend is het kleine aantal kinderen in Flevoland dat aangeeft blij te zijn met hun vrienden, ten opzichte van het hoge aantal kinderen in Friesland. Overigens zijn ook de kinderen in Noord-Brabant en Overijssel te spreken over hun vrienden. Met uitzondering van de Noordelijke provincies vinden kinderen dat eigen gedrag en gevoel beter kan "Ik heb soms het idee dat mijn school een beetje veel vraagt en daar krijg ik stress van." (meisje uit Noord-Holland, 16 jaar)
Een vergelijkbaar beeld zien we bij de vraag wat er beter kan in het leven van kinderen. Voor het grootste deel zien we weinig verschillen tussen provincies en verschillen de provincies weinig van het landelijk beeld. Een uitschieter zien we wederom bij Flevoland; kinderen in Flevoland geven vaker dan landelijk gemiddeld aan dat school niet zo fijn is. Ook geven ze vaker aan meer speelmogelijkheden te willen hebben. In Friesland geven kinderen het vaakst aan de ze meer contact willen met leeftijdsgenoten. Een positieve uitschieter zien we in Drenthe waar kinderen vaker dan in andere provincies aangeven dat niets beter hoeft en dat alles goed gaat. Opvallend is ook dat de kinderen uit de drie noordelijke provincies Drenthe, Friesland en Groningen minder vaak dan landelijk gemiddeld aangeven dat hun eigen gedrag of gevoel beter kan. Geen verschillen tussen provincies in zorgen van kinderen "Wat nou als er oorlog in Nederland zou komen? Het leger is heel erg verzwakt en krijgt niet genoeg geld. Nu hebben we het nog niet nodig maar als er oorlog in Nederland zou komen, dan zijn we dus niet goed voorbereid. Wat moeten we dan?" (meisje uit Drenthe, 12 jaar)
Als het gaat om zorgen die kinderen hebben voor de toekomst, zien we weinig verschillen tussen de provincies. Ook niet in vergelijking met het algemene beeld zoals hierboven geschetst. Voor alle provincies geldt dat de meeste kinderen hebben aangegeven zich over niets zorgen te maken voor de toekomst. Zorgen die er wel zijn, betreffen vooral zorgen over de oorlog in Oekraïne en/of dat deze oorlog naar Nederland komt. Flevoland is hierin een uitzondering; hier geven kinderen ook aan zich zorgen te maken over de economie. Het gaat dan om zorgen over de inflatie en/of over huizenprijzen. Dit thema zien we bij de andere provincies vrijwel wel niet genoemd worden.
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 32 van 76
Weinig verschillen tussen provincies, met uitzondering van een paar provincies buiten de Randstad "Dat elk kind evenveel geld heeft en dat iedereen gelukkig kan leven." (meisje uit Limburg, 9 jaar)
Over het algemeen zien we weinig verschillen tussen de provincies in wat kinderen aan zouden pakken als ze Kinderombudsman of -vrouw zouden zijn. Zo geven de kinderen in alle provincies aan dat zij armoede aan zouden pakken en vinden ook vrijwel alle kinderen het belangrijk dat kinderen voldoende aandacht krijgen. We zien een paar provinciale verschillen die het benoemen waard zijn, en die vooral voor de Noordelijke provincies gelden. Zo zien we dat opvallend weinig kinderen in Drenthe, Flevoland en Overijssel aangeven dat zij zouden zorgen dat het onderwijs goed is, maar Drenthe zien we er bovenuit steken als het gaat om de aanpak van pesten, zorgen voor een veilig thuis voor kinderen (samen met Utrecht) en zorgen voor meer speelplekken (samen met Overijssel). Flevoland zou, samen met Groningen, zich juist inzetten voor een betere mentale gezondheid van kinderen. Friesland valt op doordat in deze provincie veel kinderen een antwoord hebben gegeven dat past in de twee nieuwe thema's die naar voren zijn gekomen, namelijk "zorgen dat iedereen er bij hoort" en "meer inspraak/vrijheid". Ook is het voor Friese kinderen belangrijk dat alle kinderen zich veilig voelen, al domineert dit thema vooral in Zeeland.
5.3 Rode draad in de bevindingen Als we de antwoorden op de vier open vragen in samenhang bekijken, dan zien we dat er eigenlijk weinig grote verschillen tussen de provincies bestaan. De kinderen in de 12 provincies van Nederland zijn – over het algemeen – blij met dezelfde dingen in hun leven, vinden dat dezelfde dingen beter kunnen en maken zich over dezelfde dingen zorgen. Ook zouden zij hetzelfde aanpakken als zij Kinderombudsman of vrouw zouden zijn. Bij alle open vragen zien we ook een paar verschillen, in positieve dan wel negatieve zin. Het betreft dan vooral Flevoland en de drie Noordelijke provincies Friesland, Groningen en Drenthe. Zo zien we dat de kinderen in Flevoland minder tevreden zijn over school en dit ook een van de thema's is waarvan ze aangeven dat dit beter zou kunnen in hun leven. Opvallend is ook dat de kinderen in de drie Noordelijke provincies juist weinig aangeven dat hun eigen gedrag en/of gevoel beter kan – een thema dat we dit jaar voor het eerst zien in dit periodiek onderzoek. In de andere provincies van Nederland komt dit thema vrij prominent naar voren. Twee andere thema's die dit jaar voor het eerst veelvuldig genoemd zijn, zijn "zorgen dat iedereen erbij hoort" en "inspraak/vrijheid". Deze thema's zagen we in voorgaande jaren minder vaak, maar domineren nu meer in het algemene beeld.
Hierbij zien we dat deze thema's vooral door Friese kinderen genoemd worden.
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 33 van 76
Provincies uitgediept: Kinderen uit Groningen die hun leven een onvoldoende geven In Groningen hebben 185 kinderen de vragenlijst van de Kinderombudsman ingevuld. Deze kinderen geven hun leven gemiddeld een 7,6. Dit is bijna net zo hoog als het landelijk gemiddelde van 7,7. Maar niet alle kinderen in Groningen zijn zo tevreden over hun leven. Zo geeft 20,7% van de kinderen hun leven een onvoldoende, namelijk gemiddeld een 4. Dit is een veel hoger percentage dan het landelijke percentage van 13,3%. Aan de hand van de informatie die de kinderen uit Groningen ons in de vragenlijst gegeven hebben, proberen we een verklaring te vinden voor dit hoge percentage kinderen dat hun leven een 5 of lager geeft. Uit de vragenlijst wordt onder meer duidelijk dat kinderen uit Groningen die de vragenlijst hebben ingevuld te maken hebben met veel kwetsbaarheden. Zowel in hun thuissituatie als in hun persoonlijke ontwikkeling. In de thuissituatie valt op dat veel kinderen opgroeien met weinig geld (12%). Ook groeien ze vaker dan in andere provincies op met ouders met psychische problemen (7%). Ook hebben kinderen in Groningen zelf vaak psychische problemen (19%). En meer dan in andere provincies hebben kinderen laten weten gevlucht te zijn uit een ander land (6%). Bij de kinderen die hun leven een onvoldoende geven, zien we hier een iets ander beeld.
Over de thuissituatie geven deze kinderen namelijk vooral aan dat er vaak sprake is van ruzie thuis, waarbij soms gescholden en geslagen wordt (33,3%) en/of dat één van hun ouders een lichamelijk ziekte heeft (22,2%). Maar liefst 48,1% van deze groep kinderen geeft aan zelf psychische problemen te hebben. Van de 14 omgevingsvoorwaarden die noodzakelijk zijn voor een goede ontwikkeling, zijn de kinderen in Groningen gemiddeld genomen negatiever dan de kinderen in Nederland. De kinderen in Groningen zijn, vergeleken met de andere provincies, het minst positief over de 7 omgevingsvoorwaarden over de bredere sociale omgeving. Het gaat dan vooral om 'contact met vrienden' en 'ervaren zekerheid in het leven'. Ook de kinderen in Groningen die hun leven een onvoldoende geven zijn het minst positief over de ervaren zekerheid in hun leven; bijna 67% vindt deze matig of slecht. Ook vindt 48,1% van deze kinderen het contact met vrienden matig of slecht. Daarnaast zijn er nog een aantal andere voorwaarden, waar de kinderen die hun leven een onvoldoende geven in Groningen niet zo tevreden over zijn: 40,7% van deze groep kinderen is namelijk matig tot niet tevreden over: de structuur thuis, de interesse van ouders, hun school en vrijetijdsbesteding, het voorbeeld dat ze krijgen in hun omgeving en het respect dat ze ervaren. Uit de antwoorden op de open vragen zien we eenzelfde beeld terug.
Als punten die beter kunnen in het leven, zien we bijvoorbeeld dat deze kinderen aangeven minder ruzie te willen of meer vertrouwen en duidelijkheid voor de toekomst te willen hebben. Als Kinderombudsman zouden de kinderen in Groningen die hun leven een onvoldoende geven, zich er voor inzetten dat alle kinderen een fijn leven hebben en dat zij de (jeugd)zorg krijgen die ze nodig hebben. We kunnen uit de vragenlijst niet afleiden waarom de kinderen in Groningen zo vaak psychische klachten hebben en op een vrij breed scala aan omgevingsvoorwaarden maar matig tevreden zijn. We weten wél dat bijvoorbeeld de afwikkeling van de aardbevingsschade in Groningen voor veel stress heeft gezorgd in gezinnen, en dat gezinnen daar ook emotioneel onder geleden hebben.12 Ook weten we dat volwassenen (18+) in Groningen, vergeleken met de andere provincies, het minst gelukkig of tevreden zijn. Dit wordt gerelateerd aan het gemiddeld lager inkomen van de volwassenen in Groningen.13 Hoewel weinig geld thuis voor de gehele groep kinderen uit Groningen die de vragenlijst heeft ingevuld geldt, zien we bij de kinderen die hun leven een onvoldoende geven dat ruzie thuis een groter probleem lijkt te zijn. Het meemaken of getuige zijn van ruzie of geweld thuis kan leiden tot angstklachten en psychische problemen.14
12 Postmes, T., LeKander, B., Stroebe, K., Greven, F., & Broer, J. (2017). Aardbeving en Gezondheid 2016:
Resultaten van de GGD gezondheidsmonitor 2016. GGD Groningen. 13 CBS (2020, 30 november) Regionale verschillen in geluksbeleving en tevredenheid met het leven in 2013-2019. Geraadpleegd via www.cbs.nl 14 NJI – Kinderen die getuigen zijn van huiselijk geweld. Geraadpleegd op 1 november 2022, via www.nji.nl Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 34 van 76
Provincies uitgediept: Kinderen uit Friesland die hun leven een onvoldoende geven In Friesland hebben 109 kinderen de vragenlijst van de Kinderombudsman ingevuld. Deze kinderen geven hun leven gemiddeld een 7,2. Dit is lager dan het landelijk gemiddelde cijfer van 7,7 en het laagste cijfer van alle provincies in Nederland. Ook geeft 16,2% van de kinderen in Friesland hun leven een onvoldoende, wat hoger is dan het landelijk gemiddelde van 13,3%. Deze groep kinderen geeft hun leven gemiddeld een 3,2. Aan de hand van de informatie die de kinderen uit Friesland ons in de vragenlijst gegeven hebben, proberen we een verklaring te vinden voor dit hoge percentage kinderen dat hun leven een 5 of lager geeft. Uit de vragenlijst wordt duidelijk dat kinderen in Friesland te maken hebben met bijzonder veel kwetsbaarheden in met name de thuissituatie, in vergelijking met de kinderen in andere provincies. Zo hebben kinderen in Friesland die de vragenlijst hebben ingevuld te maken met weinig geld in de thuissituatie (12%), met ruzie in de thuissituatie (19%), met gescheiden ouders (14%) en met ouders met psychische problemen (7%). Friese kinderen zelf hebben vaak te maken met Jeugdhulp of Jeugd-GGZ (15%). Bij de kinderen die hun leven een onvoldoende geven zien we het zelfde beeld terugkomen, alleen zijn de percentages nog hoger.
Zo heeft 20% van deze groep te maken met weinig geld thuis en/of ruzie in de thuissituatie. Ook heeft 30% te maken met gescheiden ouders en/of ouders met een verslaving of psychische problemen. 10% kinderen heeft te maken met een ouder met een lichamelijke aandoening. Wat betreft kwetsbaarheden in de eigen ontwikkeling zien we dat 10% van de kinderen uit deze groep gevlucht is uit een ander land en dat 20% te maken heeft met Jeugdhulp/Jeugd-GGZ en/of zelf een lichamelijke aandoening heeft. Van de 14 omgevingsvoorwaarden die noodzakelijk zijn voor een goede ontwikkeling, zijn de kinderen in Friesland over het algemeen negatiever dan het landelijk gemiddelde. Zij scoren hierbij het laagst van alle provincies. Hierbij scoren vooral 'ervaren zekerheid in het leven' en 'school en vrijetijdsbesteding' laag. Bij de kinderen uit Friesland die hun leven een onvoldoende geven springt geen van de omgevingsvoorwaarden er echt uit qua negatieve beoordeling. De omgevingsvoorwaarden die door de meeste van deze kinderen (50%) matig tot slecht beoordeeld worden zijn 'aandacht van ouders', 'interesse van ouders' en ook 'school en vrijetijdsbesteding' en 'ervaren zekerheid in het leven'. De antwoorden op de open vragen geven weinig duiding aan de ervaringen van kinderen in Friesland die hun leven een onvoldoende geven.
Zo wordt een onderwerp als vrijetijdsbesteding juist genoemd bij wat er fijn is in hun leven. Ouders worden wel genoemd bij wat er beter kan in hun leven. Het gaat dan specifiek over de acceptatie van ouders van de seksuele voorkeur van hun kinderen, en minder ten aanzien van hun algemene opvoedstijl. Als deze groep kinderen Kinderombudsman zouden zijn, zouden zij zich wel onder meer inzetten voor minder strenge ouders of een beter leven thuis. Op basis van de informatie uit de vragenlijst lijkt het lage cijfer dat kinderen in Friesland in het algemeen aan hun leven geven, en het hoge percentage kinderen dat hun leven een onvoldoende geeft, vooral te wijten te zijn aan de problemen die kinderen in de thuissituatie ervaren. Kinderen ervaren weinig interesse en aandacht van hun ouders. De problemen van ouders, zoals psychische of lichamelijke problemen of een vechtscheiding, kunnen dusdanig veel aandacht van ouders opeisen dat dit een negatief effect heeft op de opvoeding.15
15 Trimbos – Kinderen van ouders met psychische of verslavingsproblemen. Geraadpleegd op 17
november 2022 via www.trimbos.nl/kennis/kopp-kov/ Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 35 van 76
Provincies uitgediept: Kinderen uit Limburg die hun leven een onvoldoende geven In Limburg hebben 278 kinderen de vragenlijst van de Kinderombudsman ingevuld. Deze kinderen geven hun leven gemiddeld een rapportcijfer van 7,8. Dit is weliswaar iets hoger dan het landelijk gemiddelde rapportcijfer van 7,7, maar we zien ook dat maar liefst 17,6% van deze kinderen hun leven een onvoldoende geeft. Deze groep kinderen geeft hun leven een gemiddeld rapportcijfer van 4,6. Aan de hand van de informatie die de kinderen uit Limburg ons in de vragenlijst gegeven hebben, proberen we een verklaring te vinden voor dit hoge percentage kinderen dat hun leven een 5 of lager geeft. Uit de vragenlijst komt naar voren dat kinderen in Limburg te maken hebben met een aantal kwetsbaarheden, zowel in de thuissituatie als in hun eigen ontwikkeling. Zo zien we dat kinderen in Limburg best vaak te maken hebben met ruzie in de thuissituatie (17,6%) en/of met complexe scheidingen (10%). Ook maken veel kinderen gebruik van speciaal onderwijs (20,1%) en/of ontvangen ze Jeugdhulp/Jeugd-GGZ (12,2%). Ook de kinderen die hun leven een onvoldoende geven, geven aan dat ze te maken hebben met ruzie thuis (36,7%). Daarnaast geven ze vaak aan dat er sprake is van weinig geld thuis (30%).
Bij kwetsbaarheden in hun eigen ontwikkeling zien we dezelfde tendens als bij de gehele groep kinderen uit Limburg: Ook de groep kinderen die hun leven een onvoldoende geeft, gaat vaak naar het speciaal onderwijs (33,3%) en/of ontvangt Jeugdhulp/Jeugd-GGZ (33,3%). Op de 14 omgevingsvoorwaarden die noodzakelijk zijn voor een goede ontwikkeling, scoren de kinderen in Limburg iets lager dan de landelijk gemiddelde score. Dit speelt zowel op de zeven omgevingsvoorwaarden die gaan over de thuissituatie als over de zeven omgevingsvoorwaarden die gaan over de bredere sociale omgeving. Bij de voorwaarden die gaan over de thuissituatie zien we dat vooral de omgevingsvoorwaarden 'veiligheid thuis', 'structuur in de opvoeding' en 'goed voorbeeld van ouders' er negatief uitspringen ten opzichte van de andere provincies. Bij de omgevingsvoorwaarden over de bredere sociale omgeving zijn het vooral 'veiligheid in de buurt', 'hulp van andere volwassenen' en 'goed voorbeeld van andere volwassenen' die er negatief uitspringen ten opzichte van de andere provincies. Voor de kinderen die hun leven een onvoldoende geven zien we op wat uitzonderingen na een soortgelijk beeld. Deze groep kinderen scoort vooral laag op 'ervaren zekerheid in hun leven', welke door 56,7% van deze kinderen als matig of slecht beoordeeld wordt.
Ook zien we dat 'veiligheid in de buurt' door 53,3% van deze kinderen als matig of slecht beoordeeld wordt. Daarnaast beoordeeld 40% van de kinderen zowel het goede voorbeeld van ouders als van andere volwassenen als matig of slecht. Een gelijk percentage beoordeeld de structuur in de opvoeding als matig of slecht. In de antwoorden op de open vragen die in de vragenlijst zijn opgenomen komt een soort gelijk beeld naar voren. Zowel bij de vraag over wat er beter kan in hun leven, als de vraag wat zij zouden doen als Kinderombudsman worden door de kinderen antwoorden gegeven die betrekking hebben op de veiligheid thuis en/of de veiligheid in de buurt. Wáárom de ervaren veiligheid in Limburg door deze groep kinderen zo slecht beoordeeld wordt, kan uit de antwoorden niet verklaard worden. Wel zien we dat deze kinderen ook opgroeien in thuissituaties waarin sprake is van weinig geld. Dit kan zorgen voor opvoedstress bij ouders, maar betekent mogelijk ook dat ze in minder goede buurten in Limburg wonen. In meer algemene zin geldt dat Limburg, vanwege zijn ligging, meer last heeft van drugs en drugsgerelateerde criminaliteit vanwege de grenzen met België en Duitsland.
Onderzoek laat zien dat in Limburg 1 op de 3 jongeren in aanraking komt met criminaliteit.16 En van de volwassenen in Limburg voelt 15,3% zich weleens onveilig in de buurt en nemen vaak preventieve maatregelen tegen criminaliteit.17
16 NOS (2022, 8 juni) Aanpak jeugdcriminaliteit: 'Normen en waarden aangeven'. Geraadpleegd via
www.nos.nl 17 CBS (2022, 1 maart) Veiligheidsmonitor 2021. Geraadpleegd via www.cbs.nl Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 36 van 76
6 Conclusies Dit onderzoek richt zich op het welzijn van kinderen in de 12 provincies van Nederland. De Kinderombudsman wil namelijk weten wat er speelt in de levens van kinderen in Nederland. Iedere twee jaar geven we een stand van zaken over het welzijn van kinderen, en willen we zicht krijgen op welke kinderrechten in Nederland onder druk staan. Er is nog weinig bekend over regionale verschillen in het welzijn van kinderen, terwijl veel beleid dat kinderen raakt steeds meer op gemeentelijk niveau bepaald wordt. Met dit onderzoek waarbij we inzoomen op het niveau van provincies, doen wij een eerste aanzet tot inzicht in lokale verschillen. Als Kinderombudsman is het onze taak om de kinderrechten in Nederland te bevorderen. We kijken naar hoe kinderen zich kunnen ontwikkelen en welke kansen ze krijgen en of hun belangen voldoende worden meegewogen in beleidskeuzes. De vier kernartikelen; 2, 3, 6 en 12 van het Kinderrechtenverdrag (IVRK) vormen hierbij een belangrijke focus. Deze kernartikelen gaan over het recht op gelijke behandeling (art. 2 IVRK), het belang van het kind als eerste overweging (art. 3 IVRK), het recht op leven en ontwikkeling (art. 6 IVRK) en het recht gehoord te worden (art. 12 IVRK). Zo biedt dit onderzoek de mogelijkheid voor kinderen om hun stem te laten horen over zaken die voor hen belangrijk zijn (art. 12 IVRK).
Op basis van de resultaten van dit onderzoek komen we tot vijf kernconclusies die we in dit hoofdstuk nader toelichten. •
•
• •
•
Conclusie 1: o Kinderen in Nederland zijn over het algemeen blij, maar er zijn grote verschillen tussen provincies waarbij Groningen, Friesland en Limburg er negatief uitspringen. Conclusie 2: o Kinderen zijn opvallend negatief over de steun die zij krijgen van volwassenen buiten hun gezin. Ook vinden ze dat deze volwassenen niet altijd een goed voorbeeld geven. Conclusie 3: o Kinderen vinden inspraak en inclusiviteit belangrijk, dit geldt vooral voor Friese kinderen. Conclusie 4: o Kinderen zijn opvallend gefocust op het verbeteren van hun eigen gedrag en gevoel. Daarnaast vinden ze het aanpakken van armoede een heel belangrijk thema. Conclusie 5: o Kinderen maken zich het meeste zorgen over de oorlog in Oekraïne en het klimaat.
Conclusie 1: Kinderen in Nederland zijn over het algemeen blij, maar grote verschillen tussen provincies waarbij Groningen, Friesland en Limburg er het meest negatief uitspringen De 2347 kinderen die de vragenlijst hebben ingevuld, vertellen ons dat het over het algemeen goed gaat met de kinderen in Nederland. Ze geven hun leven een hoog rapportcijfer (7,7) en zijn over het algemeen tevreden over de kwaliteit van hun leven. Net als voorgaande jaren zijn kinderen over het algemeen blij met hun thuissituatie en het contact met mensen om hun heen. We zien echter ook dat een substantieel deel van de kinderen hun leven een onvoldoende geeft (13,3%). Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 37 van 76
Wanneer we naar de verschillen tussen provincies kijken valt een aantal provincies op. De kinderen in Drenthe en Overijssel zijn overwegend positief over hun leven en ontwikkeling in deze provincies. In Friesland, Groningen en Limburg daarentegen, zijn kinderen beduidend negatiever. Zo zit er bijna één heel cijfer verschil tussen de provincie met het hoogste rapportcijfer – Drenthe (8,1) – en de provincie met het laagste rapportcijfer, Friesland (7,2). Zoals beschreven in de drie uitgediepte profielen, zien we dat de kinderen in de drie genoemde provincies meer kwetsbaarheden ervaren, negatiever scoren op de omgevingsvoorwaarden over de kwaliteit van hun leven, een lager cijfer aan hun leven geven en hun leven ook vaker een onvoldoende geven. Eerder onderzoek door het CBS laat dergelijke verschillen in geluksbeleving ook zien bij volwassenen. Al blijkt uit dat onderzoek dat volwassenen in Friesland juist het meest gelukkig of tevreden zijn.18 De overige provincies laten geen opvallende scores zien. Hier kunnen verschillende redenen aan ten grondslag liggen. Zo zijn Utrecht, Noord-Holland en Zuid-Holland de rijkste provincies van Nederland.19 Dit biedt veel mogelijkheden om te investeren in huisvesting, onderwijs, speelgelegenheden en in het gehele sociale domein, waardoor kinderen hier meer kansen kunnen krijgen.
Conclusie 2: Kinderen zijn opvallend negatief over de steun die zij krijgen van volwassenen buiten hun gezin. Ook vinden ze dat deze volwassenen niet altijd een goed voorbeeld geven. Bij de 14 omgevingsvoorwaarden zien we dat over het algemeen kinderen minder positief zijn over het sociaal netwerk van andere volwassenen, school en vrije tijd, en ervaren zekerheid in hun leven. De lage scores op school en vrije tijd en op ervaren zekerheid zijn herkenbaar uit eerdere jaren dat we dit onderzoek gedaan hebben. In voorgaande jaren hebben we gezien dat kinderen zich altijd meer zorgen maken over deze onderwerpen en dat terug te zien is in de beoordeling van de omgevingsvoorwaarden.20 Opvallend dit jaar is de negatieve beoordeling over de omgevingsvoorwaarden die betrekking hebben op de rol die volwassenen in het leven van kinderen hebben – zowel op het gebied van geboden steun als het goede voorbeeld dat zij (niet) geven. Dit is in andere jaren niet zo sterk naar boven gekomen.
Er speelt veel in Nederland en de wereld: de crisis in de jeugdzorg, de asielcrisis, het conflict tussen de boeren en de overheid, de toeslagenaffaire, de gaswinning in Groningen, de omgangvormen in de Tweede Kamer, de veelheid aan complexe scheidingen, de polarisatie rondom de coronamaatregelen, toenemende armoede en de stijgende kosten van het levensonderhoud, de oorlog in Oekraïne en de klimaatverandering. Al deze thema's gekoppeld aan de manier waarop volwassenen het maatschappelijk debat met elkaar voeren kan een negatieve impact hebben op de ontwikkeling van kinderen en het beeld dat kinderen van volwassenen hebben. De Jeugdmonitor van het CBS laat eenzelfde trend zien onder jongvolwassenen (18 tot 25 jaar): In vergelijking met 25-plussers nam het persoonlijk welzijn van jongvolwassenen in 2022 het meest af op het gebied van vertrouwen in instituties zoals de Tweede Kamer, rechters en de politie. 21 18 CBS (2020, 30 november) Regionale verschillen in geluksbeleving en tevredenheid met het leven in
2013-2019. Geraadpleegd via www.cbs.nl 19 CBS open data, geraadpleegd op 1 november 2022, via www.opendata.cbs.nl/statline 20 De Kinderombudsman (2016). Als je het ons vraagt. De Kinderombudsman op Kinderrechtentour, rapportnummer KOM018/2016; De Kinderombudsman (2018). Als je het ons vraagt. Kinderrechtentour 2018, rapportnummer KOM009/2018; De Kinderombudsman (2020). Als je het ons vraagt. Thuis in 2020, rapportnummer KOM009/2020. 21 CBS (2022, 9 november) Jongvolwassenen voor het eerst een lager persoonlijk welzijn dan 25 plussers. Geraadpleegd via www.cbs.nl Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 38 van 76
De negatieve impact van het gebrek aan steun, of goed voorbeeld, van volwassenen is groter als kinderen extra kwetsbaarheden in hun leven ervaren. Dit kan een verklaring zijn voor de zorgelijke scores die we in vooral Groningen, Friesland en Limburg zien, waar in verhouding tot andere provincies meer kinderen hebben aangegeven kwetsbaarheden te hebben. Ook kan meespelen dat dit provincies zijn die zich aan de spreekwoordelijke randen van Nederland bevinden, waar andere problematiek speelt dan in de Randstad, zoals het krimpen van de bevolking22 en/of drugsgerelateerde criminaliteit langs de landsgrenzen. Daarnaast voelen inwoners zich mogelijk niet gehoord of gezien in het landelijk beleid dat vooral vanuit Den Haag en de Randstad gevoerd wordt.23 Dit krijgen kinderen in hun opvoeding mee. Conclusie 3: Kinderen vinden inspraak en inclusiviteit belangrijk, vooral Friese kinderen Als kinderen in Nederland Kinderombudsman waren, zouden ze zich inzetten voor meer inclusiviteit en inspraak van kinderen. Dit is opvallend omdat deze onderwerpen in eerdere jaren van dit onderzoek niet zo prominent naar voren zijn gekomen. Deze wensen spiegelen de ontwikkelingen in onze samenleving, waarin ook steeds meer aandacht besteed wordt aan deze onderwerpen.
Dit zien we bijvoorbeeld bij Black Lives Matter, klimaatacties en de toegenomen inzet van jongerenpanels, kinderburgemeesters en kinderraden. Vooral de Friese kinderen geven aan inclusiviteit en inspraak belangrijke onderwerpen te vinden. Mogelijk hangt deze wens ook samen met de problemen die in hun leven spelen. Friesland heeft het hoogste percentage kinderen dat problemen in de thuissituatie ervaart en/of jeugdhulp ontvangt. We weten uit eerdere onderzoeken dat het voor kinderen belangrijk is om inspraak te hebben in de zorg en ondersteuning die zij krijgen.24 Conclusie 4: Kinderen opvallend gefocust op het verbeteren van hun eigen gedrag en gevoel Voor het eerst geven kinderen in de vragenlijst aan dat hun eigen gedrag en/of gevoel beter kan (moet). Dit lijkt er op te duiden dat kinderen weliswaar tevreden zijn met het leven om hun heen, maar minder tevreden zijn over hun eigen functioneren. Ze leggen de verantwoordelijkheid voor problemen bij zichzelf in plaats van dat ze vinden dat hun omgeving hier ook een rol in kan spelen. Dit thema wordt in bijna alle provincies genoemd, op Friesland, Groningen en Drenthe na. Op basis van de informatie die we hebben opgehaald kunnen we geen sluitende verklaring geven voor deze uitkomst.
Wel weten we uit bijvoorbeeld het onderzoek van het HBSC25 van dit jaar, dat kinderen een hogere prestatiedruk en meer mentale problemen ervaren dan in de afgelopen 20 jaar. Onze samenleving is de afgelopen decennia steeds individualistischer geworden. Hierin worden kinderen opgevoed met
22 CBS dossier Verstedelijking – Waar groeit op krimpt de bevolking? Geraadpleegd op 1 november 2022,
via www.cbs.nl 23 De Voogd, J. & Cuperus, R. (2021). Atlas van Afgehaakt Nederland. Over buitenstaanders en gevestigden.; De Groene Amsterdammer (2021, 13 oktober) Hoe Den Haag uit Nederland verdween. Geraadpleegd via www.groene.nl 24 De Kinderombudsman (2019). Pleegkinderen aan het woord, rapportnummer KOM007/2019 & De Kinderombudsman (2021). Mijn zorg, mijn zaak!?, rapportnummer KOM002/2021. 25 Boer, M., Van Dorsselaer, S., De Looze, M., De Roos, S., Brons, H., Van den Eijnden, R., Monshouwer, K., Huijnk, W., Ter Bogt, T., Vollebergh, W. & Stevens, G. (2022). HBSC 2021 Gezondheid en welzijn van jongeren in Nederland. Utrecht: universiteit Utrecht. Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 39 van 76
het idee dat zij het moeten maken, wat een grote verantwoordelijkheid neerlegt bij henzelf. Hierdoor vinden ze zichzelf mogelijk nooit goed genoeg. 26 Als we onze conclusies over het gebrek aan vertrouwen in volwassenen, de roep om inspraak en de focus op het eigen functioneren naast elkaar leggen, ontstaat hierin een rode draad: het gebrek aan steun of goed voorbeeld van volwassenen kan er toe leiden dat kinderen het gevoel krijgen dat ze vooral op zichzelf aangewezen zijn. En dat ze zelf verantwoordelijk zijn voor de oplossing van de problemen die ze ervaren, zoals hierboven is benoemd. Een andere consequentie kan zijn dat kinderen juist vragen om meer inspraak. Of deze inspraak zelf op touw zetten, zoals we gezien hebben bij de aandacht die kinderen, door verschillende acties, vragen voor het klimaat.27 Conclusie 5: Kinderen maken zich het meeste zorgen over de oorlog in Oekraïne en het klimaat Ook kinderen krijgen het nieuws en de ontwikkelingen in de wereld mee. We zien dat vooral de oorlog in Oekraïne veel impact maakt. Een peiling van Unicef laat zien dat de oorlog kinderen angstig en/of verdrietig maakt.
Kinderen zijn bang dat de oorlog naar Nederland komt.28 Het is goed om met kinderen over de oorlog te praten en hun angsten en zorgen serieus te nemen.29 De zorgen van kinderen over het klimaat zien we de afgelopen jaren ook terugkomen in de diverse klimaatacties, waarbij kinderen zelf het voortouw nemen. Kinderen voelen zich niet gehoord in de vele discussies rondom het klimaat, terwijl het om hun toekomst gaat. 30 We zien dat beide issues in alle provincies in Nederland een belangrijk thema zijn. Zorgen van kinderen over de toekomst gaan dus vooral over problemen op wereldniveau en in mindere mate over persoonlijke problemen. Eindconclusie Over het algemeen gaat het goed met de kinderen in Nederland. Echter vanwege de verschillen tussen provincies, maakt de Kinderombudsman zich zorgen over kansenongelijkheid in Nederland voor kinderen om zich goed te kunnen ontwikkelen (art. 2 en 6 IVRK). Hoewel kinderen over het algemeen blij zijn over hun thuissituatie en vrijetijdsbesteding, maken kinderen zich zorgen over de oorlog in Oekraïne en het klimaat. Opvallend is dat kinderen weinig tevreden zijn over de hulp en ondersteuning die zij krijgen van volwassenen (anders dan hun ouders) en het voorbeeldgedrag van volwassen. Ook zien we dat kinderen nog steeds niet voldoende inspraak- en participatiemogelijkheden ervaren, terwijl ze deze behoefte wel hebben (art. 12 IVRK).
Kinderen maken zich zorgen over de oorlog in Oekraïne en het klimaat. Maar als kinderen het voor het zeggen zouden hebben, dan zouden ze de armoede in Nederland willen aanpakken.
26 Trouw (2021, 31 januari) Argwanend of naïef? Je jeugd bepaalt je vertrouwen in de ander. Geraadpleegd
via www.trouw.nl 27 Jonge klimaatbeweging presenteert toekomstvisie aan minister jetten (2022, 30 september). Geraadpleegd via www.jongeklimaatbeweging.nl en Kinderen en kinderrechtenorganisaties trekken aan de bel over klimaat bij de VN (2021, 8 oktober). Geraadpleegd via: www.kinderrechten.nl 28 Unicef (2022, 6 april). Nederlandse kinderen angstig door oorlog in Oekraïne. Geraadpleegd via www.unicef.nl 29 NJI (2022, 6 april). Oorlog in Oekraïne maakt kinderen bang. Geraadpleegd via www.nji.nl 30 Jonge klimaatbeweging presenteert toekomstvisie aan minister jetten (2022, 30 september). Geraadpleegd via www.jongeklimaatbeweging.nl Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 40 van 76
7 Aanbevelingen Het uitgangspunt van het Kinderrechtenverdrag is dat ieder kind recht heeft op een goede ontwikkeling en dat elk kind daarin gelijk behandeld wordt. De resultaten van dit onderzoek geven een zorgelijk beeld over de gelijke kansen die kinderen krijgen binnen de verschillende provincies en daarmee de mogelijkheden om zich goed te ontwikkelen. Het onderzoek biedt dan ook voldoende aanleiding en urgentie om verder te kijken naar de regionale verschillen in het welzijn van kinderen. Pas als duidelijk is waar bij gemeenten de grootste belemmeringen bestaan voor de ontwikkeling van kinderen, kunnen de gemeenten en eventueel het Rijk deze belemmeringen adresseren. Om hier goed zicht op te krijgen is het noodzakelijk om op gemeentelijk niveau onderzoek te doen naar de ontwikkelkansen van kinderen. Als Kinderombudsman zullen we de resultaten van dit onderzoek meenemen in het bepalen van onze aandachtspunten. We zien ook een taak weggelegd voor gemeenten en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Uiteindelijk hebben alle volwassenen in de samenleving een rol in het bieden van steun aan kinderen en het geven van een goed voorbeeld, bijvoorbeeld in hoe je met elkaar omgaat en in het oplossen van conflicten. Dat betekent dat iedereen een verantwoordelijkheid heeft in de ontwikkeling van kinderen.31 Aan alle gemeenten in Nederland 1.
Onderzoek wat kinderen nodig hebben Dit rapport schetst een beeld over het welzijn van kinderen in provincies. Gezien hun verantwoordelijkheid voor het welzijn en de ontwikkeling van kinderen, zijn gemeenten nu aan zet. Zij dienen te achterhalen wat kinderen nodig hebben en aan de knoppen te draaien om het welzijn van kinderen te verbeteren. Bij een dergelijk onderzoek moeten kinderen betrokken worden: zowel bij het nagaan waar de problemen liggen als bij het formuleren en bepalen van beleid en oplossingen. 2. Maak werk van kinder- en jongerenparticipatie Als Kinderombudsman vinden we het belangrijk dat alle kinderen gelijke kansen krijgen, en inspraak hebben bij belangrijke beslissingen die hen raken. Het wetsvoorstel Wet versterking participatie op decentraal niveau verbreedt de mogelijkheden voor inwoners om op decentraal niveau te participeren, maar voorziet niet expliciet in een aanpak voor kinder- en jongerenparticipatie.32 Wij vragen gemeenten – ook als de wet hierin niet gaat voorzien – hier een eigen aanpak voor te ontwikkelen. Er zijn gemeenten die al flinke stappen hebben gezet in het realiseren van kinder- en jongerenparticipatie, zoals de gemeente Utrecht (als kinderrechtenstad), Apeldoorn en Alphen aan de Rijn.33 Hier kunnen andere gemeenten van leren. Als Kinderombudsman zullen wij input leveren op dit wetsvoorstel. 3.
Bed het gebruik van een kinderrechtentoets structureel in We vragen gemeenten om het gebruik van een kinderrechtentoets structureel in te bedden bij de ontwikkeling van beleid en regelgeving. Een 31 NJI (2010). De kracht van de pedagogische civil society. Utrecht: NJI. 32 Kamerstukken II 2022/2023, 36.210 33 Kinderrechten.nl dossier Gemeenten, geraadpleegd op 1 november 2022 via www.kinderrechten.nl
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 41 van 76
kinderrechtentoets biedt de mogelijkheid om de impact van beleid of regeling op de ontwikkeling van kinderen in kaart te brengen. Hiermee kunnen kinderschendingen worden voorkomen. Dit is ook in naleving van het VNKinderrechtenverdrag.
Aan het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport We spreken het ministerie niet alleen aan als stelselverantwoordelijke voor de (mentale) gezondheid van kinderen, maar ook als coördinator van de verwezenlijking van de rechten uit het Kinderrechtenverdrag in Nederland. 1. Neem het gebrek aan steun die kinderen van volwassenen ervaren mee in de aanpak 'Mentale gezondheid: van ons allemaal' Het ministerie is bezig met de bevordering van de mentale gezondheid van alle inwoners van Nederland. Hierbij is het van belang oog te hebben voor de weinige steun die kinderen ervaren van de volwassen om hun heen en het (slechte) voorbeeld dat ze krijgen. Dit geeft hen weinig vertrouwen in een goede aanpak van hun problemen. We vragen het ministerie daarom deze (veranderende) rol van volwassenen om kinderen heen mee te nemen in hun aanpak 'Mentale gezondheid: van ons allemaal'.34 2. Stimuleer het structureel gebruik van een kinderrechtentoets op Rijks- en decentraal niveau Het toetsen van de impact van beleid, wet- en regelgeving op de verwezenlijking van kinderrechten is op dit moment nog niet structureel ingebed. Als coördinator vragen wij het ministerie zich in te zetten voor een betere naleving van het VN-Kinderrechtenverdrag door Rijks- en decentrale overheid te stimuleren een kinderrechtentoets (Child Rights Impact Assessment (CRIA)) structureel uit te voeren.
Een verbetering ter bescherming, bevordering en handhaving van kinderrechten volgt ook uit de EU-strategie voor de rechten van het kind.35 Een kinderrechtentoets draagt hieraan bij. In januari van dit jaar heeft de Kinderombudsman het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport gevraagd het verzamelen en beschikbaar stellen van, onder andere, regionale data over het welzijn van kinderen te stimuleren. 36 Met dit onderzoek wordt wederom duidelijk dat zicht op regionale verschillen van belang is om goed beleid te kunnen ontwikkelen en implementeren. We willen deze noodzaak hierbij wederom onder de aandacht brengen.
34 Aanpak 'Mentale gezondheid: van ons allemaal' 35 Europese Commissie (2021, 24 maart) EU strategie voor de rechten van het kind. 36
https://www.kinderombudsman.nl/publicaties/brief-aan-vws-over-dataverzameling-over-welzijn-en-deontwikkeling-van-kinderen Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 42 van 76
GRONINGEN Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Groningen in 2022 op hoofdlijnen.
185 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Groningen vulden de vragenlijst in
Wat gaat goed? • Thuis is het fijn • De mensen om mij heen zijn fijn
18,9% van de kinderen heeft zelf psychische problemen
Wat kan beter? • School is niet zo fijn • Meer of betere speelgelegenheden
15,7% van de kinderen volgt speciaal onderwijs
11,3% heeft weinig geld thuis
11,4% heeft een ouder met een lichamelijke ziekte Rapportcijfer: 7,6 • 20,7% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 4,0 Minder tevreden over 1. Interesse van ouders 2. Hulp van andere volwassenen 3. Vrienden
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Armoede stoppen Onderwijs beter maken
De oorlog in Oekraïne Het klimaat/milieu
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 43 van 76
FRIESLAND Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Friesland in 2022 op hoofdlijnen.
109 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Friesland vulden de vragenlijst in
Wat gaat goed? • Thuis is het fijn • Mijn vrienden zijn fijn
19,3% van de kinderen heeft ruzie thuis
Wat kan beter? • Contact met leeftijdsgenoten • School is niet zo fijn
17,4% van de kinderen volgt speciaal onderwijs
15,6% ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ 14,7% heeft gescheiden ouders die niet normaal met elkaar omgaan Rapportcijfer: 7,2 • 16,2% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 3,2 Minder tevreden over 1. Vrienden 2. School en vrije tijd 3. Hulp van andere volwassenen
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Ik zou zorgen voor meer inspraak Dat iedereen erbij hoort, meer inzetten op inclusiviteit
De oorlog in Oekraïne Het klimaat/milieu
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 44 van 76
DRENTHE Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Drenthe in 2022 op hoofdlijnen.
125 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Drenthe vulden de vragenlijst in
Wat gaat goed? • Thuis is het fijn • De mensen om mij heen zijn fijn
29,6% van de kinderen volgt speciaal onderwijs
Wat kan beter? • Ik word gepest • Thuis is niet zo fijn
12% heeft veel ruzie thuis
11,2% heeft een ouder met een lichamelijke ziekte
9,6% heeft zelf psychische problemen Rapportcijfer: 8,1 • 10,5% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 2,5 Minder tevreden over 1. Hulp van andere volwassen 2. Zekerheid in mijn leven 3. Veiligheid in mijn buurt
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Het onderwijs verbeteren Dat iedereen een goed leven heeft
De oorlog in Oekraïne De toekomst / mijn kansen
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 45 van 76
OVERIJSSEL Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Overijssel in 2022 op hoofdlijnen.
182 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Overijssel vulden de vragenlijst in
Wat gaat goed? • Mijn vrienden zijn fijn • De mensen om mij heen zijn fijn
30,2% van de kinderen volgt speciaal onderwijs
Wat kan beter? • Mijn eigen gedrag / gevoel • Thuis is niet zo fijn
12,6% heeft zelf psychische problemen
11% heeft weinig geld thuis
10,4% ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ
Rapportcijfer: 8,0 • 9,6% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 4,1 Minder tevreden over 1. Zekerheid in mijn leven 2. Veiligheid in mijn buurt 3. Hulp van andere volwassenen
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
•
Armoede stoppen Meer of betere speelgelegenheden
De oorlog in Oekraïne Het klimaat/milieu
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 46 van 76
FLEVOLAND Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Flevoland in 2022 op hoofdlijnen.
73 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Flevoland vulden de vragenlijst in
Wat gaat goed? • Thuis is het fijn • Alles in mijn leven is fijn
13,7% van de kinderen ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ
Wat kan beter? • School is niet zo fijn • Meer of betere speelgelegenheden
12,3% heeft zelf psychische problemen
12,3% heeft weinig geld thuis 11% heeft een ouder met een lichamelijke ziekte
Rapportcijfer: 7,3 • 14,4% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 2,9 Minder tevreden over 1. Vrienden 2. School en vrije tijd 3. Hulp van andere volwassenen
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Armoede stoppen Zorgen dat alle kinderen voldoende aandacht krijgen en leuke dingen kunnen doen
De oorlog in Oekraïne De economie (huizenprijzen, inflatie, energierekening)
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 47 van 76
GELDERLAND Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Gelderland in 2022 op hoofdlijnen.
176 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Gelderland vulden de vragenlijst in
Wat gaat goed? • Thuis is het fijn • Wat ik in mijn vrije tijd kan doen is fijn
15,9% van de kinderen heeft zelf psychische problemen 12,5% ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ
Wat kan beter? • Thuis is niet zo fijn • School is niet zo fijn
11,9% heeft ruzie thuis
9,7% volgt speciaal onderwijs
Rapportcijfer: 7,6 • 13% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 3,4 Minder tevreden over 1. Zekerheid in mijn leven 2. School en vrije tijd 3. Vrienden
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Onderwijs beter maken Dat iedereen een goed en gelukkig leven leeft
De oorlog in Oekraïne Het klimaat/milieu
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 48 van 76
UTRECHT Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Utrecht in 2022 op hoofdlijnen.
182 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Utrecht vulden de vragenlijst in
Wat gaat goed?
• •
16,5% van de kinderen volgt speciaal onderwijs
De mensen om mij heen zijn fijn Thuis is het fijn
15,9% heeft een ouder met een lichamelijke ziekte
Wat kan beter? • Mijn eigen gedrag / gevoel • Contact met leeftijdsgenoten
14,3% heeft gescheiden ouders die niet normaal met elkaar omgaan
11% ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ Rapportcijfer: 7,7 • 9,6% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 4,1 Minder tevreden over 1. Zekerheid in mijn leven 2. Het goede voorbeeld van volwassenen in mijn omgeving 3. Veiligheid in mijn buurt
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Armoede stoppen Dat alle kinderen een veilig thuis hebben
De oorlog in Oekraïne Het klimaat/milieu
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 49 van 76
NOORD-HOLLAND Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Nood-Holland in 2022 op hoofdlijnen.
296 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Noord-Holland vulden de vragenlijst in
12,5% van de kinderen volgt speciaal onderwijs
Wat gaat goed? • Thuis is het fijn • De mensen om mij heen zijn fijn
9,8% ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ
Wat kan beter? • Mijn eigen gedrag / gevoel • Thuis is niet zo fijn
8,8% heeft gescheiden ouders die niet normaal met elkaar omgaan
8,1% heeft zelf psychische problemen Rapportcijfer: 7,8 • 12,6% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 4,1 Minder tevreden over 1. Zekerheid in mijn leven 2. School en vrije tijd 3. Respect
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Onderwijs beter maken Armoede stoppen
De oorlog in Oekraïne Het klimaat/milieu
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 50 van 76
ZUID-HOLLAND Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Zuid-Holland in 2022 op hoofdlijnen.
375 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Zuid-Holland vulden de vragenlijst in
9,6% van de kinderen heeft gescheiden ouders die niet normaal met elkaar omgaan
Wat gaat goed? • De mensen om mij heen zijn fijn • Thuis is het fijn
8,5% ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ
Wat kan beter? • School is niet zo fijn • Mijn eigen gedrag / gevoel
7,7% heeft weinig geld thuis
6,9% volgt speciaal onderwijs
Rapportcijfer: 7,7 • 11,2% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 3,8 Minder tevreden over 1. Zekerheid in mijn leven 2. Hulp van andere volwassenen 3. School en vrije tijd
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Armoede stoppen Onderwijs beter maken
De oorlog in Oekraïne Het klimaat/milieu
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 51 van 76
ZEELAND Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Zeeland in 2022 op hoofdlijnen.
95 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Zeeland vulden de vragenlijst in
Wat gaat goed? • De mensen om mij heen zijn fijn • Thuis is het fijn
10,5% van de kinderen heeft ruzie thuis
Wat kan beter? • Thuis is niet zo fijn • Mijn eigen gedrag / gevoel
9,5% heeft een ouder met een lichamelijke ziekte
7,4% heeft zelf psychische problemen
7,4% ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ Rapportcijfer: 7,8 • 16,7% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 4,2 Minder tevreden over 1. Zekerheid in mijn leven 2. School en vrije tijd 3. Hulp van andere volwassenen
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Onderwijs beter maken Armoede stoppen
De oorlog in Oekraïne Corona of andere enge ziekten
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 52 van 76
NOORD-BRABANT Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Noord-Brabant in 2022 op hoofdlijnen.
271 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Nood-Brabant vulden de vragenlijst in
13,7% van de kinderen volgt speciaal onderwijs
Wat gaat goed? • De mensen om mij heen zijn fijn • Thuis is het fijn
11,8% heeft zelf psychische problemen
Wat kan beter? • School is niet zo fijn • Mijn eigen gedrag / gevoel
11,8% ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ
11,5% heeft weinig geld thuis Rapportcijfer: 7,6 • 11,5% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 3,6 Minder tevreden over 1. Zekerheid in mijn leven 2. Hulp van andere volwassenen 3. Veiligheid in mijn buurt
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Armoede stoppen Dat iedereen een goed en gelukkig leven heeft
De oorlog in Oekraïne Het klimaat/milieu
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 53 van 76
LIMBURG Wij onderzoeken iedere 2 jaar hoe het met de kinderen in Nederland gaat. Op deze pagina lees je de resultaten van de provincie Limburg in 2022 op hoofdlijnen.
278 kinderen
Top 4 kwetsbare situaties
uit Limburg vulden de vragenlijst in
Wat gaat goed? • Thuis is het fijn • Mijn vrienden zijn fijn
20,1% van de kinderen volgt speciaal onderwijs
Wat kan beter? • Meer of betere speelgelegenheden • Mijn eigen gedrag / gevoel
17,6% heeft veel ruzie thuis
12,2% ontvangt Jeugdhulp of Jeugd-GGZ
11,5% heeft zelf een lichamelijke ziekte Rapportcijfer: 7,8 • 17,7% van de kinderen geeft zijn leven een onvoldoende, met een gemiddeld rapportcijfer van 4,6 Minder tevreden over 1. Hulp van andere volwassenen 2. Goed voorbeeld van ouders 3. Zekerheid in mijn leven
Wat zou je doen als jij zelf Kinderombudsman was?
Waar maak jij je in jouw dagelijks leven zorgen over?
• •
• •
Armoede stoppen Ik zou zorgen voor meer inspraak
De oorlog in Oekraïne Het klimaat/milieu
Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 54 van 76
Bijlage 1: Vragenlijst van de Kinderombudsman Fijn dat je ook onze vragenlijst wilt invullen! Wij willen graag weten wat er allemaal speelt in jouw leven. Wat gaat er goed? En wat kan er beter? Met jouw antwoorden kunnen wij ons werk als Kinderombudsman nog beter doen! Hoe lang duurt het? Je krijgt 27 vragen. Het kost je ongeveer 15 minuten om de vragenlijst in te vullen. De antwoorden worden tussendoor opgeslagen. Je hoeft de vragenlijst niet in één keer af te maken. Je kan het op een later moment afmaken. Tot slot; onze vragenlijst vul je anoniem in Wij kunnen dus niet wie de vragenlijst invult en wie welke antwoorden heeft gegeven. Wil je meer weten over onze onderzoeken en wat wij doen met de antwoorden die jij ons geeft? Lees dan verder op onze webpagina "Onderzoek door Kinderombudsman". Zit je er klaar voor? Start de vragenlijst door op de knop "volgende" te drukken. We beginnen de vragenlijst met wat informatie over jou en je leven. * 1. Ik ben een: Jongen Meisje Anders * 2. Hoe oud ben je? Schuifbalk 8 – 18 jaar * 3.
Bij wie woon je de meeste dagen van de week? Bij mijn beide ouders samen Alleen bij mijn vader Alleen bij mijn moeder Bij mijn vader en zijn partner Bij mijn moeder en haar partner Ongeveer de helft van de tijd bij mijn ene ouder en de helft van de tijd bij mijn andere ouder (coouderschap) Bij mijn pleeggezin In een instelling of op een groep Anders, namelijk: * 4. Heb je thuis te maken met één van deze punten? Vink die dan aan. Je kunt meerdere hokjes aanvinken. We hebben thuis weinig geld Er is thuis vaak ruzie, waarbij soms gescholden, geslagen of geschopt wordt Mijn ouders zijn gescheiden. Ze kunnen ook niet meer normaal met elkaar omgaan. Een van mijn ouders heeft een lichamelijke ziekte Een van mijn ouders is verslaafd (niet roken) of heeft een psychische ziekte Geen van deze punten geldt voor mij * 5. Geldt één van deze punten hieronder voor jou? Vink die dan aan. Je kunt meerdere hokjes aanvinken. Ik heb een lichamelijke ziekte of aandoening Ik heb psychische problemen Ik kom uit een ander land en ben naar Nederland gevlucht Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 55 van 76
Ik krijg jeugdhulp of jeugd-GGZ Ik krijg nog geen hulp, maar sta op een wachtlijst Ik ga naar een school voor speciaal onderwijs Geen van deze punten geldt voor mij * 6. In welke provincie woon je? Drenthe Flevoland Friesland Gelderland Groningen Limburg Noord-Brabant Noord-Holland Overijssel Utrecht Zeeland Zuid-Holland * 7. Welk cijfer geef jij aan jouw leven? Schuifbalk 1 - 10 We gaan verder met wat vragen over jouw opvoeding. * 8. Ik vind de liefde en aandacht die ik van mijn ouders of opvoeders krijg... Goed/ Voldoende/ Matig/ Onvoldoende Wil je daar iets over vertellen? tijd voor je als je ze nodig hebt Je hebt een goede band met ze * 9. Ik vind de structuur, regels en ondersteuning die er thuis zijn... Goed/ Voldoende/ Matig/ Onvoldoende Wil je daar iets over vertellen? mee bedoelen we: r is thuis iemand die je helpt als dat nodig is * 10. Ik vind het goede voorbeeld dat mijn ouders of opvoeders geven... Goed/ Voldoende/ Matig/ Onvoldoende Wil je daar iets over vertellen?: ebben werk of doen vrijwilligerswerk * 11. Ik vind de interesse die mijn ouders of opvoeders hebben in wat ik belangrijk vind... Goed/ Voldoende/ Matig/ Onvoldoende Wil je daar iets over vertellen? je vrije tijd mag je zelf kiezen wat jij wilt doen * 12. Ik vind mijn opvoeding...
Goed/ Voldoende/ Matig/ Onvoldoende Wil je daar iets over vertellen? Hiermee bedoelen we: Er wordt altijd goed voor je gezorgd Je bent al bijna op de helft. Heel goed! De volgende vragen gaan over je school en vrije tijd. * 13. School en mijn vrije tijd, vind ik... Goed/ Voldoende/ Matig/ Onvoldoende Wil je daar iets over vertellen? ee bedoelen we: jvoorbeeld sport, muziek, toneel, scouting of skateboarden). * 14. Ik vind het contact met mijn vrienden... Goed/ Voldoende/ Matig/ Onvoldoende Wil je daar iets over vertellen? Hiermee bedoelen we: ouw vrienden houden rekening met wie jij bent * 15. De hulp die ik van andere volwassenen krijg, vind ik... Goed/ Voldoende/ Matig/ Onvoldoende Wil je daar iets over vertellen? Hiermee bedoelen we: zit bij een (sport)club of vereniging Hieronder nog een paar vragen over of er goed voor je gezorgd wordt. * 16. De verzorging die ik krijg, vind ik... Goed/ Voldoende/ Matig/ Onvoldoende Wil je daar iets over vertellen? ermee bedoelen we: Je krijgt genoeg te eten en te drinken Kinderombudsman - Als je het ons vraagt. Onderzoek naar het welzijn van kinderen in de Nederlandse provincies blad 56 van 76