D25.324169 Beleidsplan wegen 2025-2034 v3.1 (Definitief) Beleidsplan Wegen 2025-2034 v3.1
Tekst van het document
RAPPORT Kapelle op pad naar strategisch wegbeheer Beleidsplan Wegen 2025 - 2034 Klant:
Gemeente Kapelle
Referentie: BI8304-MI-RP-230523-1453 Status:
Definitief/3.1
Datum:
7 februari 2025
Open
HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.
Laan 1914 no.35 3818 EX Amersfoort Netherlands Mobility & Infrastructure
Telefoon: +31 88 348 20 00 Fax: +31 33 463 36 52 Email: info@rhdhv.com Website: royalhaskoningdhv.com
Titel document: Kapelle op pad naar strategisch wegbeheer Ondertitel: Beleidsplan Wegen 2025 - 2034 Referentie: BI8304-MI-RP-230523-1453 Uw kenmerk Status: Definitief/3.1 Datum: 7 februari 2025 Projectnaam: Beleidsplan Wegen 2025 - 2034 Projectnummer: BI8304 Auteur(s): Peter den Otter
Opgesteld door: Peter den Otter Gecontroleerd door: Marijn Wildeboer Datum: 7 februari 2025 Goedgekeurd door: Raymond Vroon Datum: 7 februari 2025
Classificatie Open
Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat mogelijk persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V.. Voordat publicatie plaatsvindt (of anderszins openbaarmaking), dient dit document te worden geanonimiseerd of dient toestemming te worden verkregen om dit document met persoonsgegevens te publiceren. Dit hoeft niet als wet- of regelgeving anonimiseren niet toestaat. 7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
ii
Open
Inhoud Samenvatting
2
1
Inleiding
6
2
Kaders voor beheer
7
2.1 2.2 2.3 2.4
Wet- en Regelgeving Doelstellingen gemeente Kwaliteitsniveau Beheersystematiek
7 7 8 9
3
Beheerstrategie
11
4
Huidige situatie
14
4.1 4.2
Areaal Kwaliteit
14 15
5
Onderhoudsplanning
19
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10
Integrale aanpak Voorziening groot onderhoud en exploitatiebudget Onderhoudsplanning groot onderhoud Duurzaamheidsbouwstenen Teerhoudend asfalt Klein onderhoud Investeringen en kapitaallasten Inspecties, onderzoeken en advisering Niet beïnvloedbare kosten Samenvatting kosten
19 19 19 20 21 21 22 22 22 23
6
Financiën
24
6.1 6.2 6.3 6.4 6.5
Kaders vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) Benodigde budgetten Vergelijk met beschikbare budgetten Conclusie Consequenties
24 25 25 26 27
7
Organisatie
28
8
Risicoparagraaf
29
Bijlagen 1. Wettelijke Kaders 2. Investeringen 3. Financiële uitgangspunten
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
1
Open
Samenvatting Kaders voor wegbeheer - De gemeente moet voldoen aan landelijke wet- en regelgeving. Deze zijn opgenomen in bijlage 1. - Daarnaast wil de gemeente een duurzame, aantrekkelijke, inclusieve en veilige leefomgeving. Dit vertaalt zich voor wegen naar een goede bereikbaarheid, goed onderhouden en veilige verhardingen. - In de “Duurzaamheidsagenda 2022” zijn bouwstenen ontwikkeld voor de grote 'nieuwe' overstijgende opgaven, zoals de energietransitie, ordening van de ondergrondse infrastructuur, duurzaamheid en klimaatadaptatie. Hierbij heeft ook wegbeheer een inbreng. De uitvoeringsprogramma’s voor deze bouwstenen zijn vastgesteld en geïmplementeerd in wegenbeheerplan. - Daarnaast heeft de gemeente in haar inkoopbeleid 2022-2026 onder andere “Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI)” opgenomen en daarop haar ambities vastgesteld. Ambitie kwaliteitsniveau - Op basis van de Nota ruimtelijke kwaliteit uit 2016, wordt in dit plan het gewenste beeldkwaliteitsniveau voor de verhardingen aangehouden op: o A voor de historische dorpskernen, lintbebouwing en begraafplaatsen. o B voor de woongebieden, sport- en recreatieterreinen. o C voor de bedrijventerreinen. Beheerstrategie - De gemeente hanteert de landelijk gebruikte Wegbeheersystematiek van het CROW. - Extra aandacht is er voor veilige schoolroutes en borgen van de veiligheid op de langzaam verkeersroutes.
- Momenteel werkt de gemeente nog op basis van instandhouding, waarbij de huidige verhardingen technisch in goede staat worden gehouden. De gemeente is bezig met een transitie om op tijd met beheercollega’s, beleidsmedewerkers, mogelijke partners en inwoners in gesprek te gaan over welke beleidsopgaven meegenomen kunnen worden bij werkzaamheden in de openbare ruimte. Het betekent een andere manier van (samen)werken en de inrichting daarvan kost tijd. - De beheerstrategie richt zich verder op strategieën voor de informatie, inspectie, onderhoud, vervanging en financiering Huidige situatie - De gemeente beheert ongeveer 685.000 m2 aan wegen. Het grootste deel van de verhardingen bestaan uit elementen en asfalt. De kapitaalswaarde van al deze wegen samen bedraagt ca. € 60 miljoen. - De kwaliteit is voor het gehele areaal momenteel gemiddeld beeldkwaliteit B. Dit is voornamelijk het gevolg van investeringen, die de laatste jaren in de wegen zijn gedaan.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
2
Open
-
Op basis van de inspectiecijfers vanaf 2016 blijkt dat de kwaliteit de afgelopen jaren aan het afnemen is. Het percentage Hoog neemt af, terwijl het percentage Matig/Laag toeneemt. Doordat kwaliteitsafname over het algemeen logaritmisch verloopt, kan de achteruitgang op termijn steeds sneller gaan. Bij voldoende budget en structureel aandacht voor het uitvoeren van groot onderhoud zal dit te voorkomen zijn.
Onderhoudsplanning - Het groot onderhoud wordt momenteel nog betaald vanuit een exploitatiebudget en het grootschalig groot onderhoud wordt geactiveerd. Omdat de kosten voor het uitvoeren van groot onderhoud per jaar kan fluctueren wil de gemeente hiervoor een voorziening inrichten, op grond van artikel 10 van de Financiële verordening Gemeente Kapelle. - Kosten die geen onderdeel zijn van het groot onderhoud, zoals klein onderhoud, inspecties, salariskosten, blijven betaald worden vanuit het exploitatiebudget. - De inspectieresultaten zijn vertaald naar een meerjarenplanning voor de periode 2025 t/m 2028. Hierbij heeft, conform de beheerstrategie, een integrale afstemming plaatsgevonden en is een toets op de maatregel uitgevoerd. - Het bij het groot onderhoud meenemen van kleinschalige aanpassingen voor de duurzaamheidsagenda vragen om extra middelen. Op basis van huidige ervaringen binnen andere gemeenten worden de extra kosten voor klimaat en duurzaamheid geschat op ca. 3% van het gemiddeld groot onderhoud. - Op basis van de maatregeltoets en de integrale afstemming worden vervangingen en vernieuwingen vastgesteld en opgenomen in de investeringslijst. Voor de periode 2025-2028 zijn deze bekend. Voor de periode na 2028 is het jaarlijkse investeringsbedrag indicatief bepaald op basis van de Life-Cycle Costing (LCC).
De aankomende jaren worden in de integrale afstemming de werkelijke vervangingen en vernieuwingen in beeld gebracht en de investeringslijst geactualiseerd. De investeringen worden geactiveerd en meerjarig afgeschreven, wat leidt tot kapitaalslasten. Deze kapitaallasten zijn meegenomen in de exploitatiebegroting. - In onderstaande grafiek zijn alle kosten opgenomen.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
3
ploitatie
Voorziening
Open
Financiën - Grootschalig groot onderhoud werd geactiveerd en dat is niet wenselijk conform de BBVwetgeving. Daarom zijn de benodigde middelen bepaald voor de te realiseren voorziening (groot onderhoud), exploitatie (klein onderhoud en overige kosten) en voor de investeringen op basis van technische noodzaak (rehabilitatie) voor de verhardingen. De investeringen zijn de basis voor de kapitaalslasten. - Onderdeel van de niet beïnvloedbare kosten zijn de weguitkeringen aan het waterschap. Hierin is, op basis van verwachting van het waterschap, een jaarlijkse indexatie van 2,5% meegenomen, welke nog niet in de begroting van de gemeente zijn voorzien. - De financiële uitgangspunten bij het vaststellen van de budgetten zijn opgenomen in bijlage 3.
Bepalen dotatie aan de voorziening en vergelijk exploitatiebudget In onderstaande tabel is voor de voorziening het jaarlijks dotatiebedrag weergegeven en is het benodigde exploitatiebudget vergeleken met het beschikbare budget. Omdat er momenteel nog geen voorziening ingericht is, is als stand op 1 januari 2025 uitgegaan van € 0. Bij het instellen kan de gemeente een keuze maken om wel een initiële storting te doen.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
4
Open
-
Uitgangspunt is dat het huidige beschikbare budget voor groot onderhoud (€ 176.000) als dotatie voor de voorziening wordt ingesteld. De gemiddelde uitgaven bedragen € 365.100 (uitleg Peter hoe tot stand gekomen?) Het tekort aan de dotatie bedraagt daardoor € 190.000. Bij het instellen van een voorziening voor groot onderhoud verplicht de gemeente zich om deze te voorzien van een voor aankomende jaren voldoende hoge dotatie van € 366.000. De vergelijking van het exploitatiebudget geeft een oplopend verschil, wat wordt veroorzaakt door de 2,5% inde atie (jaarlijks ca. € 10.000, cumulatief) van de weguitkering aan het waterschap (zie hoofdstuk 5.9 en een aanvullend bedrag voor klein onderhoud (afgerond € 8.000 per jaar).
Risico’s - In de risicoparagraaf wordt ingegaan op enkele risico’s, welke samenhangen met beheer en onderhoud aan wegen. De kans op optreden van de risico’s en de financiële gevolgen zijn momenteel niet in te schatten. Als dit optreedt zal wegbeheer onderbouwd extra budget vragen om de veiligheid en bereikbaarheid niet in gevaar te laten komen. Actualisatie 2028 Het beleidsplan heeft een looptijd van 2025 tot en met 2034 (10 jaar). Omdat de huidige beschikbare budgetten vastgesteld zijn tot 2028 zal in dat jaar het plan worden geactualiseerd.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
5
Open
1
Inleiding
Gemeente Kapelle is verantwoordelijk wegbeheerder De gemeente Kapelle is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van het gemeentelijke wegennet. Het betreft hier de openbare wegen, waar de gemeente ook onderhoudsplichtige is. Het totale wegennet bestaat voornamelijk uit asfalt en elementen en heeft een oppervlakte van ca. 685.000 m2. De kapitaalswaarde van al deze wegen samen bedraagt ca. € 60 miljoen. Wegenbeleidsplan De gemeente heeft in 2017 een wegenbeleidsplan opgesteld voor de periode 2017-2021, maar dit niet vastgesteld. Daarom wordt de huidige stand opgemaakt via dit beleidsplan. Doel van dit plan is om het bestuur inzicht te geven in de ambities met betrekking tot de wegen en de actuele stand van zaken. Het beleidsplan heeft een looptijd van 2025 tot en met 2034 en wordt in 2028 geactualiseerd. Het geeft inzicht in: - Wat wil de gemeente bereiken en waarom. - Waar staat de gemeente nu. - Wat moet er de komende 5 jaren gedaan worden, inclusief een doorkijk voor de lange termijn. - Wat is daarvoor nodig (middelen) en hoe organiseren en financieren we dat. Dit plan geeft inzicht in: - De kaders voor het beheer (hoofdstuk 2). - De beheerstrategie (hoofdstuk 3). - Het areaal en de actuele onderhoudstoestand van de wegen (hoofdstuk 4). - De onderhoudsplanning, integrale aanpak en overige kosten (hoofdstuk 5).
- De benodigde budgetten en financiële gevolgen (hoofdstuk 6). - De benodigde organisatie in fte (hoofdstuk 7) - Risicoparagraaf (hoofdstuk 8). Het rapport gaat over: •
•
Het dagelijks beheer en (groot) onderhoud aan de wegen; o Met wegen bedoelen we de verharde wegen en verharde paden (asfalt, beton of klinkers/tegels). Onderhoud aan onverharde wegen.
Het gaat niet over: • • • • •
Verkeersstructuur. Straatmeubilair. Gladheidsbestrijding. Onkruidbestrijding. Inrichting van de openbare ruimte.
Uiteraard heeft het rapport raakvlakken met één of meerdere van bovengenoemde aspecten. Die benoemen we.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
6
Open
2
Kaders voor beheer
2.1
Wet- en Regelgeving
De gemeente heeft geen volledige vrijheid in het vaststellen van haar beleid voor wegbeheer. Het beheer van wegen is namelijk (deels) in nationaal geldende wetten en besluiten geregeld. Zij geven de kaders aan voor het beheer. De belangrijkste wet- en regelgeving: -
Grondwet Wegenverkeerswet (WVW) Wegenwet Burgerlijk Wetboek (BW) Wet Milieubeheer
-
Code Milieu Verantwoord Wegbeheer Wet Geluidshinder (WGh) Europese Richtlijn Omgevingslawaai Arbeidsomstandighedenwet (Wet Arbo) Gemeentewet Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)
Meer informatie over deze wet- en regelgeving is opgenomen in bijlage 1.
2.2
Doelstellingen gemeente
Coalitieprogramma De gemeente, winkeliers, bedrijven en gebruikers hebben, naast een gezamenlijk belang met de openbare ruimte, een individueel belang. De gebruikers zijn het belangrijkst, zij maken dagelijks gebruik van de wegen en paden en vervullen ook een participatierol. De bedrijven zijn belangrijk voor onder andere de werkgelegenheid in de lokale economie. De gemeente wil een aantrekkelijke, inclusieve en veilige leefomgeving, waarbij het prettig wonen is. In de Contourennota 2023 – 2026, het Strategisch Kompas (2019) en de omgevingsvisie 2040 (in ontwikkeling) zijn de relevante doelstellingen voor het beheer van de verhardingen bepaald: - Bereikbaarheid: Kapelle moet goed bereikbaar zijn en goede doorstroming is belangrijk. Daarnaast streeft de gemeente naar vitale kernen en goede toegankelijkheid voor recreatieverkeer. Dit door lopen en fietsen aantrekkelijk te maken via goede fiets- en looproutes. - Leefbaarheid en aanzien: Kapelle is een woon- en recreatiegemeente en streeft naar een goed onderhouden, aantrekkelijke, groene en gezonde openbare ruimte met goed bereikbare voorzieningen. - Veiligheid: in Kapelle moeten mensen zich vrij en veilig kunnen bewegen. Belangrijke aandachtspunten daarbij zijn veilige schoolroutes voor kinderen en goed onderhouden en obstakelvrije routes voor de vergrijzende bevolking.
Comfort en aanzien van de weg spelen hierbij een beperkte rol. Duurzaamheidsagenda - Bouwsteen mobiliteit: In aanbestedingen van werken met een omvang van meer dan € 500.000 worden criteria bepaald om CO2 te reduceren en het gebruik van fossiele brandstoffen terug te dringen. Inschrijvende partijen kunnen hierop punten scoren in een MVI-aanbesteding; - Bouwsteen Klimaatbestendige leefomgeving: Bij onderhoud aan verhardingen bepalen wat de mogelijkheden zijn om een bijdrage te leveren aan een waterrobuuste en klimaatbestendige leefomgeving. Dit op basis van het nog op te stellen overzicht van de kwetsbaarheden met betrekking tot wateroverlast, hitte en droogte in Kapelle - Bouwsteen natuur en biodiversiteit: Bij onderhoud bepalen wat de mogelijkheden zijn om een bijdrage te leveren aan 10% meer groen in de kernen in 2030. Basis hiervoor wordt het nog op te stellen groenstructuurplan in 2026. - Bouwsteen Circulaire gemeente: (nog in ontwikkeling). 7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
7
Open
Integraliteit met andere beleidsterreinen Waar mogelijk worden werkzaamheden integraal opgepakt. Daarom zijn ook de overig “vastgestelde” beleidsdocumenten van belang bij het bepalen van het juiste onderhoud en onderhoudsmoment. De meest belangrijke voor beheer van verhardingen zijn hierbij: - Groenbeleidsplan 2017-2021: Met name voor onkruid op verharding en boomwortelopdruk. - Wegenplan 2021: Bevat de gewenste functie en snelheden van de wegen en aanpassingen voor het verhogen van de verkeersveiligheid. - Verbreed gemeentelijk rioleringsplan 2024-2028: met name voor het integraal vervangen van riolering en verharding.
2.3
Kwaliteitsniveau
Voor het bepalen van de kwaliteit van het verhardingen en het op basis daarvan opstellen van het onderhoudsprogramma gebruikt wegbeheer de landelijk gehanteerde CROW-Wegbeheersystematiek, vastgelegd in CROW-publicaties 146 en 147 (zie paragraaf 2.4). Deze systematiek geeft de technische kwaliteit van de verhardingen aan. In de gemeente wordt de beeldkwaliteitssystematiek, zoals vastgelegd in de Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte van het CROW (publicatie 380) gebruikt. Op basis van de Nota ruimtelijke kwaliteit uit 2016, wordt in dit plan het gewenste beeldkwaliteitsniveau voor de verhardingen aangehouden op: - Beeldkwaliteit A: voor de historische dorpskernen, lintbebouwing en begraafplaatsen. - Beeldkwaliteit B: voor de woongebieden, sport- en recreatieterreinen. - Beeldkwaliteit C: voor de bedrijventerreinen.
Figuur 1: Beeldkwaliteitsgebieden (nota Ruimtelijke Kwaliteit 2016
Tussen de technische kwaliteit en de beeldkwaliteit is een relatie aangebracht door het CROW. De onderstaande tabel 1 laat de relatie zien tussen de beeldsystematiek en de wegbeheersystematiek.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
8
Open
Beeldkwalitei t CROW
Handboek Beeldkwaliteit
A+
Nagenoeg ongeschonden. Goed verzorgd en schoon beeld en in een verkeersveilige situatie
Voldoende
Er is geen schade, de verharding is (zo goed als) nieuw.
A
Mooi en comfortabel. Goed verzorgd en schoon beeld en in een verkeersveilige situatie
Voldoende
Er is enige schade, maar de waarschuwings-grens is nog niet overschreden.
B
Functioneel. Verzorgd en schoon beeld en in een verkeersveilige situatie
Voldoende
De waarschuwingsgrens is overschreden: er is klein onderhoud nodig of binnen vijf jaar is groot onderhoud nodig.
C
Onrustig beeld. Discomfort en/of enige vorm van hinder
Matig
De richtlijn is overschreden: er is binnen twee jaar groot onderhoud nodig.
D
Kapitaalvernietiging, uitlokking van vernieling, functieverlies, juridische aansprakelijkstelling of sociale onveiligheid
Onvoldoende
De richtlijn is meer dan één klasse overschre-den: er is direct groot onderhoud nodig.
Technische kwaliteit (147)
Voorbeeld
Tabel 1: Classificatie beeldkwaliteit
2.4
Beheersystematiek Voor het onderhouden van de verhardingen zijn richtlijnen ontwikkeld, die een hulpmiddel zijn om tot de meest optimale meerjarenplanning te komen. Deze wegbeheersystematiek is vastgelegd in publicaties 146 en 147 van het CROW. Deze landelijk gebruikte systematiek bestaat al sinds 1986 en is sinds die tijd in samenwerking met diverse gemeenten verder ontwikkeld. Het is gebaseerd op een praktische benadering die ‘voorspelt’ hoe een weg in de toekomst slijt. Op basis van de technische urgentie wordt een planning opgesteld voor het uitvoeren van onderhoud. Hierbij houdt men zo goed mogelijk rekening met de behoefte van de belanghebbenden (ambities), de wet- en regelgeving en overige zaken die specifiek zijn voor de gemeente. De technische urgentie is gebaseerd op het effect van schade op de aspecten veiligheid, bereikbaarheid, duurzaamheid en beeldkwaliteit.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
9
Open
Daarnaast wordt door het CROW het onderhoud aan verhardingen vanuit technisch en financieel oogpunt onderscheiden naar de volgende typen: Groot onderhoud: (Voorziening) Gepland, ingrijpend onderhoud aan een groot deel van het object na langere periode van gebruik om het object op het gewenste kwaliteitsniveau te brengen. Klein onderhoud: (Exploitatie) Maatregelen en dagelijkse reparaties om het object in goede werkende en veilige staat te houden op het gewenste kwaliteitsniveau. Dagelijks / regulier onderhoud (Exploitatie) Maatregelen die regulier en/of dagelijks worden uitgevoerd. Hieronder vallen o.a. het vegen van verhardingen op onkruid en vuil (het ruimen van het zwerfvuil valt niet onder verantwoordelijkheid van wegbeheer). Vervangingen / Reconstructies / Herinrichtingen: (Investeringen) Hieronder wordt het vervangen van het complete object aan het einde van de levensduur verstaan. Dit gaat vaak gepaard met herinrichtingen.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
10
Open
3
Beheerstrategie
De gemeente Kapelle staat de komende jaren voor grote opgaven in de openbare ruimte. De energietransitie doet een beroep op de schaarse ondergrondse ruimte, meer ruimte is nodig voor fiets en voetganger en vergroening is nodig om opgewassen te zijn tegen de gevolgen van klimaatverandering. Al deze opgaven vragen om actie in de uitvoering. Dat is niet makkelijk. Het vraagt om flinke inspanningen, investeringen en afstemming. Het betaalbaar realiseren van opgaven als vergroening en vernatting is alleen mogelijk als dit gecombineerd wordt met het reguliere beheer en onderhoud. Concreet betekent dit dat de gemeente bij groot onderhoud, vervangingen en herinrichtingen telkens kijkt welke andere werkzaamheden meteen meegenomen kunnen worden. Daarmee kan een impuls gegeven worden aan enerzijds de beheer- en onderhoudsopgave en anderzijds de ambities voor een sociale, leefbare en groene gemeente uit het coalitieakkoord en de duurzaamheidsagenda. Door op het moment dat er een schop in de grond gaat ook andere opgaven integraal mee te nemen, vermindert bovendien het aantal keer dat de gemeente in een straat of buurt moet zijn. Met als resultaat minder overlast voor omwonenden en minder onnodige kosten. Momenteel werkt de gemeente nog op basis van instandhouding, waarbij de huidige verhardingen technisch in goede staat worden gehouden.
Het is dus nodig om op tijd met beheercollega’s, beleidsmedewerkers, mogelijke partners en inwoners in gesprek te gaan over welke opgaven meegenomen kunnen worden bij werkzaamheden in de openbare ruimte. Het betekent een andere manier van (samen)werken en de inrichting daarvan kost tijd. Ook zijn nog niet van al het beleid concrete doelen, maatregelen en/of locaties bekend. Betrokken partijen moeten gedefinieerd worden en processen moeten anders ingericht worden. De komende jaren zal de gemeentelijke organisatie zich hierop richten. Ter voorbereiding daarop en om het gesprek goed te kunnen voeren, wordt tot 2032 inzichtelijk gemaakt welk onderhoud aan de verhardingen uitgevoerd moet worden. Tot 2028 concreet op basis van de weginspectie, de jaren daarna voornamelijk voor verwachte vervangingen op basis van theoretische modellen. Met name vervangingen bieden een grote kans om beleidsopgaven (integraal) mee te nemen. Het gewenste proces is in figuur 2 weergegeven. De strategie is onder te verdelen in een aantal hoofdpunten, die hieronder worden uitgewerkt. Figuur 2: Programmatisch werken
Informatiestrategie: Voor de verhardingen houden we informatie bij, variërend van aanlegjaar tot oppervlakte en kwaliteit van de assets. De eenvoudigste manier is om dit vast te leggen in een beheersysteem. Inspectiestrategie: De verhardingen worden eens per 2 jaar geïnspecteerd. Om zo de kwaliteit te kunnen bepalen en vervolgens de maatregelen te bepalen waarmee we assets die niet voldoen aan de kwaliteitseisen weer op het afgesproken kwaliteitsniveau brengen.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
11
Open
Onderhoudsstrategie: Voor verhardingen geldt dat zij worden onderhouden, middels klein- en groot onderhoud. Dit om ervoor te zorgen dat de geplande levensduur wordt bereikt. Vanuit duurzaamheidsgedachte en circulaire economie is de insteek op hergebruik van materialen. Het onderhoud wordt zoveel mogelijk integraal uitgevoerd en kansen om gelijk beleidsambities mee te nemen worden meegenomen. Het groot onderhoud wordt via bestekken op de markt gezet en aanbesteed bij een (regionale) aannemer, volgens inkoop- en aanbestedingsbeleid van de gemeente. Het klein onderhoud wordt uitgevoerd via een raamovereenkomst door een (lokale / regionale) aannemer. Vervangingsstrategie: Voor verhardingen geldt dat, net zoals bij de onderhoudsstrategie, bij het vervangen aan einde levensduur wordt gekeken naar integraal uitvoeren van de werkzaamheden. Transities, ambities, trends, functieverandering etc. worden, indien van toepassing en benodigd, tijdens de vervanging meegenomen. Ook wordt waar mogelijk aangesloten bij de ontwikkelingen in de gemeente en de wensen van de bewoners. Financieringsstrategie: De financiering van het onderhoud en vervanging wordt afgestemd met de betreffende controllers. Rekening houdend met eisen vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) wordt er gebruik gemaakt van exploitatiebudgetten en investeringsbudgetten.
De in te richten voorziening is bestemd voor het over de jaren heen fluctuerende benodigde groot onderhoud. De begroting is conform CROW-richtlijnen afgevlakt om de uitgaven en daardoor belasting op de organisatie zo gelijkmatig te houden. Desondanks kan fluctuatie ontstaan. Bijvoorbeeld door projecten die vertraging oplopen. Deze fluctuaties zijn binnen een voorziening op te vangen, waarbij jaarlijks een vaste dotatie plaats vindt. Het streven is naar voldoende budget om de verhardingen in stand te houden en aan het einde van de levensduur te vervangen. In beide gevallen ramen we waar mogelijk ambities en transities mee om bijvoorbeeld klimaatadaptatie meer vorm te geven in de stad. In tabellen 2 en 3 staat meer in detail beschreven hoe men invulling geeft aan de beheertaken. Algemene doelstellingen
Beheermaatregel/actie
Wet- en regelgeving Grondwet: Zorgen voor een goede weginfrastructuur
De weginfrastructuur is in de gemeente goed ingedeeld op de verhardingen, met extra oog voor prioritering van de aandachtsgebieden.
Burgerlijk wetboek: Aansprakelijkheid
De gemeente voert weginspecties uit op basis waarvan ze planmatig onderhoud uitvoeren. Door de CROW-methodiek te volgen wordt het risico op aansprakelijkheidsstellingen geminimaliseerd.
Wegenwet en Wegenverkeerswet
De zorgplicht (Wegenwet artikel 15 en Wegenverkeerswet artikel 2) is geborgd door het ingestelde proces voor beheer en onderhouden van wegen.
Wet milieubeheer: Regels rondom vrijkomende materialen
Onderhoudswerkzaamheden wordt of via de raamovereenkomst of (bij grotere projecten) via bestekken op de markt uitgezet, waarin is opgenomen dat vrijkomende materialen conform de wet Milieubeheer worden behandeld, zoals teerhoudend asfalt en vervuilde grond.
Code Milieu verantwoord Wegbeheer: Verwijderen teerhoudend asfalt
De gemeente werkt conform de richtlijnen voor het onderzoeken en verwijderen van teer en andere verontreinigingen uit de asfaltketen.
Wet geluidhinder (WGh): bestrijden en voorkomen van geluidshinder ten gevolge van wegverkeer, railverkeer en industrie
Voor wegen is dit onder andere bij de aanleg en wijzigingen van een weg, en de bouw van nieuwe woningen nabij de wegen. Per geval wordt bekeken wat de mogelijkheden zijn om geluid reducerende maatregelen toe te passen.
Tabel 2: Beheerstrategie t.a.v. wet- en regelgeving
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
12
Open
Doelstelling belanghebbenden
Beheermaatregel/actie
Politiek Bereikbaarheid
Er wordt zo goed mogelijk rekening gehouden met de bereikbaarheid bij het prioriteren van het onderhoud en er worden projectmatig omleidingsroutes ingesteld. Onderhoud doet de gemeente zo integraal als mogelijk om het aantal onderhoudsmomenten (en dus belemmering van de doorstroming) te beperken.
Kwaliteit op peil houden
De kwaliteit van de verhardingen op ambitie houden. Dit betekent dat het percentage wegen met matige en lage (onvoldoende) kwaliteit, bij voldoende beschikbare middelen, alleen incidenteel mag voorkomen. Daarnaast heeft de gemeente extra aandacht voor de (recreatieve) fiets- en voetpaden.
Veiligheid
De gemeente borgt de veiligheid door het onderhoud te prioriteren. Hierbij is de hoogste prioriteit de asfaltwegen (vanwege kapitaalvernietiging). Daarna de fietspaden en voetpaden en vervolgens de straten en parkeervakken met elementenverharding.
Duurzaamheidsagenda
De gemeente past indien mogelijk duurzame materialen toe, gerelateerd aan de levensduur van de wegen. Hierbij worden de bekende strategische beleidsdoelen en de wensen vanuit de praktijk waar mogelijk meegenomen. Daarnaast wordt gestuurd op zo min mogelijk onderhoudsmomenten gedurende de levensduur van de wegen. Bij onderhoud is de insteek om niet herbruikbaar (rest)materiaal zoveel als mogelijk te voorkomen.
Bedrijven Bereikbaarheid
Bij het uitvoeren van onderhoud raakt de bereikbaarheid in meer of mindere mate belemmerd. Het uitvoeren van onderhoud gebeurt in goed overleg en met goede communicatie met de betreffende betrokkenen.
Inwoners Vlot en veilig bewegen
Voor het herstel van gaten in asfalt, verzakking van straatwerk en door boomwortels omhoog gedrukte trottoirtegels voert een aannemer op regiebasis kleinschalig onderhoud uit. De gemeente verzorgt snelle afhandeling van meldingen en levert duidelijke communicatie op basis van de binnenkomende meldingen van het meldingssysteem. En zij levert informatie aan de inwoners over tijdelijke stremming van weggedeelten als gevolg van groot onderhoud.
Tabel 3: Beheerstrategie t.a.v. belanghebbenden
Jaarschema activiteiten
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
13
Open
4
Huidige situatie
4.1
Areaal
De gemeente beheert ongeveer 685.000 m2 aan wegen. Het grootste deel van de verhardingen bestaan uit elementen en asfalt. In tabel 4 staat per verhardingstype de totale oppervlakte. De elementenverharding bestaat uit gebakken- en betonmateriaal. Gebakken materiaal is duurzamer. Diet percentage Verhardingstype
Areaal in m2
Percentage
Asfalt
221.189
32%
Elementen
455.074
66%
Beton
2.878
0%
Half- en Onverhard
10.886
2%
Totaal
690.027
100%
Tabel 4: Gegevens areaal per verhardingstype in 2023
Zoals in hoofdstuk 2.3 aangegeven hanteert de gemeente verschillende ambities voor het beeldkwaliteitsniveau van de verhardingen. Deze ambities zijn, naast de groen- en rioolbeheer ambities, bepalend voor het prioriteren en vaststellen van het uit te voeren onderhoud. In onderstaande figuur zijn de arealen per ambitiekwaliteit aangegeven.
Figuur 3: Areaalverdeling per ambitie beeldkwaliteitsniveau en verhardingstype
In onderstaande figuren zijn ook de verdelingen van het areaal per woonkern en per gebruiksfunctie van de weg weergegeven.
Figuur 4: Areaalverdeling per woonkern en gebruiksfunctie
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
14
Open
Om verdere keuzes te kunnen maken zijn binnen de gemeente de wegen opgesplitst in de CROWwegtypen. In tabel 5 is de verdeling weergegeven. Wegtype
Voorbeeld
Percentage
3. Gemiddeld belaste wegen
5%
4. Licht belaste wegen
5%
5. Wegen in woongebied
63%
6. Wegen in verblijfsgebied (Voetpaden)
23%
7. Fietspaden
4%
Tabel 5: Gegevens areaal per wegcategorie in 2023
De verhardingen van wegtype 3 en 4 zijn van groot belang voor de bereikbaarheid. Zij bestaan voornamelijk uit asfalt met een hoge verkeersintensiteit. Ook gaan de routes voor openbaar vervoer over deze wegen. Ze zijn van vitaal belang voor de afwikkeling van het lokale en doorgaande verkeer. De uitvoering van onderhoud aan deze wegen heeft een grote invloed op de verkeersafwikkeling. De verhardingen van wegtype 6 en 7 zijn belangrijk, omdat dit voornamelijk de voet- en fietspaden zijn en de gemeente hieraan extra aandacht geeft vanwege de (verkeers)veiligheid en comfort.
4.2
Kwaliteit
De laatste visuele weginspectie is in 2023 afgerond. In tabel 6 is de geconstateerde beeldkwaliteit van de wegen afgezet tegen de landelijk gehanteerde bandbreedtes, waarbinnen het areaal de beoogde beeldkwaliteit moet hebben om te voldoen aan beeldniveau B. Deze bandbreedtes zijn op basis van ervaringen binnen CROW en vele gemeenten tot stand gekomen.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
15
Open
Kwaliteit
Status Kwaliteit Kapelle
Norm
Hoog (A+ - A)
88%
77%-87%
Voldoende (B)
6%
9%-14%
Matig (C )
2%
0%-9%
Laag (D)
4%
0%-9%
Tabel 6: Kwaliteit totaal
Kwaliteit per verhardingstype De kwaliteitsverhouding per verhardingstype laat zien dat de kwaliteit Laag (D) voornamelijk bij elementen (5%) voorkomt.
Figuur 5: Kwaliteit per verhardingstyype
Kwaliteitsverloop sinds 2018 In onderstaande grafiek is het kwaliteitsverloop sinds 2018 weergegeven voor Hoog, Voldoende en Onvoldoende. Hieruit blijkt dat de kwaliteit afneemt.
Figuur 6: Kwaliteitsverloop sinds 2016
Algemeen geldt dat de percentages Matig (C) en Onvoldoende (D) nooit 0% zullen worden. Dit als gevolg van bewuste keuzes om geen grootschalig onderhoud uit te voeren, doordat bijvoorbeeld op korte termijn grootschalige herinrichtingen plaats gaan vinden. Wegbeheer kiest er dan voor om met plaatselijk onderhoud de verhardingen veilig en bereikbaar te houden tot het moment van herinrichting. Kwaliteit per ambitiegebied De huidige kwaliteit is in onderstaande tabel en figuur weergegeven voor de verschillende ambities voor het beeldkwaliteitsniveau van de verhardingen.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
16
Open
Ambitieniveau
Hoog (A+ - A) Voldoende (B) Matig (C) Laag (D)
CROW 90% norm
Conclusie
historische dorpskernen en lintbebouwing (A)
76%
15%
0%
9%
B
Onder ambitie
woongebieden, buitengebied, sport- en recreatieterreinen (B)
89%
6%
2%
4%
B
Op ambitie
Bedrijventerreinen (C)
97%
1%
0%
2%
A
Boven ambitie
Tabel 7: Kwaliteit in ambitiegebieden
Figuur 7: Kwaliteit in ambitiegebieden
Voor het bepalen van de gemiddelde kwaliteit per ambitiegebied is hier gekeken naar de 90% norm van het CROW. Dit betekent dat 90% van het areaal in het ambitiegebied moet voldoen aan minimaal de ambitie. Uit de cijfers is te herleiden dat in het ambitiegebied “A” deze norm niet gehaald wordt en in ambitiegebied “C” de huidige kwaliteit hoger is dan de ambitie. Het grootste areaal ligt in ambitiegebied “B” en is gemiddeld op gewenst niveau. Kwaliteit per wegtype De huidige kwaliteit is in onderstaande figuur tevens weergegeven voor de verschillende wegtypes van de verhardingen.
Figuur 8: Kwaliteit per wegtype
Hieruit blijkt dat de wegen in verblijfsgebieden (voetpaden/wandelgebieden) op niveau “B” zijn, de overige zijn niveau “A”. Doordat de wegen in verblijfsgebieden het grootste deel van het areaal betreft is de algehele kwaliteit niveau B.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
17
Open
De kwaliteit is voor het gehele areaal momenteel gemiddeld beeldkwaliteit B. Dit is voornamelijk het gevolg van investeringen, die de laatste jaren in de wegen zijn gedaan. De kwaliteit van de verharding in de gebieden met ambitieniveau “A” is met gemiddeld niveau “B” lager dan de ambitie. Door meer aandacht aan het onderhoud in deze gebieden te geven kan de kwaliteit snel op orde worden gebracht, wat positief is voor de doelstellingen van de gemeente, met name op veiligheid, leefbaarheid en aanzien. Op basis van de inspectiecijfers vanaf 2016 blijkt dat de kwaliteit de afgelopen jaren wel aan het afnemen is. Het percentage Hoog neemt af, terwijl het percentage Laag toeneemt. Doordat kwaliteitsafname over het algemeen logaritmisch verloopt, kan de achteruitgang op termijn steeds sneller gaan. Bij voldoende budget en structureel aandacht voor het uitvoeren van groot onderhoud zal dit te voorkomen zijn.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
18
Open
5
Onderhoudsplanning
5.1
Integrale aanpak
Integrale projecten komen voort uit ruimtelijke projecten zoals herinrichting, functiewijziging en groot onderhoud. Vaak zijn rioolvervangingsprojecten of actuele thema’s aanleiding tot een complete herinrichting van de straat. Door gebiedsgericht de verouderde openbare ruimte compleet te vernieuwen en her in te richten, waarbij maximaal wordt ingestoken op een integrale aanpak, tezamen met maatregelen voor verkeer (duurzaam veilig) en actuele thema’s (klimaat, energie, circulair) worden grote effecten bereikt. Op deze manier wordt een integrale aanpak van de openbare ruimte verkregen. De planning van het groot onderhoud is hierop zoveel mogelijk aangesloten. In geval van reconstructie wordt het gehele reconstructieproject opgevoerd als investering. Wegbeheer levert hierbij geen financiële bijdrage. Bij onderhoudswerkzaamheden wordt, indien mogelijk, wel kleinschalige aanpassingen meegenomen (werk met werk) zoals groenaanpassingen of verkeersaanpassingen.
5.2
Voorziening groot onderhoud en exploitatiebudget
Het groot onderhoud wordt momenteel nog betaald vanuit een exploitatiebudget. Omdat de kosten voor het uitvoeren van groot onderhoud per jaar kan fluctueren wil de gemeente hiervoor een voorziening inrichten, op grond van artikel 10 van de Financiële verordening Gemeente Kapelle. Zie hiervoor ook de "Notitie activering, waardering en afschrijving vaste activa gemeente Kapelle, 2020", paragraaf 6.6. In dit rapport wordt rekening gehouden met de inrichting van de voorziening. Kosten die geen onderdeel zijn van het groot onderhoud blijven betaald worden vanuit het exploitatiebudget. In de volgende paragrafen wordt per onderdeel aangegeven waaruit de kosten worden betaald.
5.3
Onderhoudsplanning groot onderhoud
De inspectieresultaten zijn vertaald naar een meerjarenplanning voor de periode 2025 t/m 2028. Hierbij is een toets op de maatregel en een analyse op risico’s uitgevoerd. De planning is een lijst, waarop per wegvak is aangegeven welk onderhoud uitgevoerd moet worden en in welk jaar. Het betreft zowel het groot- als het klein onderhoud. Bij de toets op de maatregel wordt beoordeeld of deze aansluit op de werkelijke situatie buiten. Hierbij is een risicoanalyse op veiligheid van de weggebruiker en technische levensduur uitgevoerd. Zo zijn de prioriteiten bepaald en wordt het onderhoud als eerste uitgevoerd op de wegen met het grootste risico. Ook wordt gekeken naar de uitvoerbaarheid van de maatregel en het effect op de restlevensduur van de verharding. Bijvoorbeeld de maatregel 30% herstraten is een moeilijk uitvoerbare maatregel. Hier kan gekozen worden om de ernstige schade door middel van klein(schalig) onderhoud op te lossen, zodat de veiligheid is geborgd. Over een aantal jaren zal dan het wegdeel in aanmerking komen voor 100% herstraten. Door deze maatregeltoets is de veiligheid geborgd en wordt het onderhoud zo economisch mogelijk uitgevoerd. Op deze manier is het operationele plan opgesteld. Het gemiddeld benodigd jaarbedrag voor groot onderhoud bedraagt daardoor € 348.000 in de periode 2025-2028.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
19
Open
Budgetten periode 2029 en verder De onderhoudskosten voor de periode 2029 en verder zijn gebaseerd op theoretische levensduren van 60-80 jaar en onderhoudsmodellen, die landelijk worden gehanteerd en zijn afgestemd op de lokale ervaringen. Hierbij geldt als uitgangspunt dat het areaal evenredig verdeeld is qua ouderdom. Het theoretisch benodigd budget voor groot onderhoud is berekend op € 351.000. Bij de actualisatie van het plan in 2028 worden de werkelijke benodigde budgetten opnieuw bepaalt. Het groot onderhoud wordt betaald vanuit de onderhoudsvoorziening.
5.4
Duurzaamheidsbouwstenen
Grote 'nieuwe' overstijgende opgaven, zoals de energietransitie, ordening en verzwaring van de ondergrondse infrastructuur (zoals kabels en leidingen) vanwege steeds intensiever gebruik van de ondergrond, duurzaamheid en klimaatadaptatie zijn uitdagingen waar de gemeente voor staat en waarin ook vanuit wegbeheer een inbreng is. Hiervoor heeft de gemeente de “Duurzaamheidsagenda 2022” met daarin diverse bouwstenen ontwikkeld (zie pagina 2). De vanuit de verschillende duurzaamheidsbouwstenen vastgestelde beleidskeuzes zijn geïmplementeerd in het reguliere wegbeheer. Zo bestaat circa 55% van de elementenverhardingen op de wegen uit gebakken klinkers. Deze hebben een veel langere levensduur (gemiddeld 120 jaar) dan betonstraatstenen (gemiddeld 40 jaar), waardoor ze vaker hergebruikt kunnen worden. In vergelijkbare gemeenten ligt het percentage met gemiddeld 20% veel lager. Daarnaast heeft de gemeente in haar inkoopbeleid 2022-2026 onder andere “Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI)” opgenomen en daarop haar ambities vastgesteld. De gemeente kiest voor de volgende, voor wegbeheer van belang zijnde, speerpunten: 1. Klimaatneutraal inkopen: Inkopen met een neutraal of zelfs positief effect op het klimaat en de natuur, zoals CO2-reductie, duurzame energie, schone lucht, biodiversiteit, waterbestendig maken. 2.
Circulair inkopen: Inkopen zonder afval te generen door hergebruikte producten te kopen of producten te vragen die herbruikbaar zijn. Rekening wordt gehouden met onderhoud, retourname aan het einde levensduur en inbouwen van financiële prikkels om te toezeggingen te borgen. 3. Biobased inkopen: Stimuleren van de markt om producten aan te bieden die zijn gemaakt van hernieuwbare, organische grondstoffen in plaats van fossiele grondstoffen. Bij elk project zoekt wegbeheer naar de mogelijkheden om invulling te geven aan deze speerpunten. Vanuit onderhoud is er geen budget beschikbaar. Bij grotere aanpassingen zal er daarom extra geld gevraagd worden. Een aantal kansen zijn hieronder weergegeven, waarbij wordt aangegeven dat veel mogelijkheden pas bij herinrichtingen uitvoerbaar zijn: Klimaatadaptatie: - Bij projecten kijken naar mogelijkheden voor omvorming asfalt naar elementenverharding. - Asfalt voorzien van een lichte kleur wat positief bijdraagt aan verminderen van de hittestress. - Verhard oppervlak verminderen zodat er meer ruimte voor groen/bomen ontstaat. - Bij projecten kiezen voor waterdoorlatende verharding in de parkeerstroken en combineren met groen (groen parkeren), kolken of waterbergende fundering. - Op specifieke punten veranderen van afschot om te stimuleren dat water op plekken komt waar we het willen hebben.
Duurzaamheid: - Circulair inkopen: o Hergebruik van materiaal of reststoffen. 7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
20
Open
-
-
o Gebruik van 100% circulaire materialen. CO2-reductie: o Bij aanbestedingen van onderhoud kiezen voor een lage Milieukosten Indicator (MKI): bijvoorbeeld door hoge mate van hergebruik (PR) of door laagtemperatuur asfalt (LTA). Hierdoor wordt de uitstoot van CO2- beperkt. o Alleen nog materieel met lage uitstoot, dus hoge klasse van emissiereductie (minimaal euro 6) opnemen in onderhoudsbestekken (CO2-prestatieladder). Het onderhoud beperken door robuust ontwerp, maar ook robuust onderhoud. Afvoer materialen op duurzame wijze, zodat zoveel mogelijk voor hergebruik in aanmerking komt. De werkwijze zo nodig op aanpassen: bijvoorbeeld apart frezen van teerhoudende asfaltlagen.
De mogelijke bijdragen zullen extra middelen vragen. Het extra benodigd bedrag is afhankelijk van de kansen en mogelijkheden. Nieuwe technologieën, die nu nog onbekend of in ontwikkeling zijn, gaan daarin op termijn een belangrijke rol spelen. De maatregelen worden genomen tijdens het uitvoeren van groot onderhoud. Door de huidige inflatie en prijsstijgingen, als gevolg van tekort aan grondstoffen en hogere energieprijzen, is het moeilijk in te schatten wat de extra kosten werkelijk gaan bedragen. Op basis van huidige ervaringen binnen andere gemeenten worden de extra kosten voor klimaat en duurzaamheid geschat op ca. 3% van het gemiddeld groot onderhoud derhalve ca. € 10.500 per jaar. Door aankomende jaren de werkelijke kosten te monitoren moet op termijn duidelijk worden wat het werkelijke bedrag is. Doordat de kosten onderdeel zijn van het groot onderhoud worden ze betaald vanuit de in te richten onderhoudsvoorziening.
5.5
Teerhoudend asfalt
Voor wegen is er tot 1991 teer gebruikt als bindmiddel bij de aanleg en onderhoud van asfaltwegen. Dit is sinds die tijd verboden, omdat teer kankerverwekkend is. Zolang de wegverharding onaangetast blijft is er geen risico, echter wanneer een weg wordt opgebroken verandert dit. Omdat bekend moet zijn hoeveel teerhoudend asfalt vrijkomt, dient er te worden onderzocht of de wegen een of meerdere lagen met teer bevatten. Op ruim 25% van de asfaltverhardingen is een restlevensduur- en teerhoudendheid onderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat naar verwachting ca. 10% van het asfalt teerhoudend is en dient bij onderhoud het asfalt te worden gereinigd. Dit leidt tot kostenverhoging van het project. Deze extra kosten zijn gemiddeld 15% van het groot onderhoud op de asfaltverhardingen. Dit is € 6.600 jaar. Doordat de kosten onderdeel zijn van het groot onderhoud worden ze betaald vanuit de in te richten onderhoudsvoorziening.
5.6
Klein onderhoud
Klein onderhoud is gericht op wegwerken van plaatselijke schades (kleiner dan 50 m2) en geven een tijdelijke kwaliteitsimpuls, waardoor uitstel van uitvoering van groot onderhoud mogelijk wordt. Het is essentieel voor het waarborgen van de veiligheid van de wegen. De kosten voor het klein onderhoud bestaan onder andere uit: - Asfaltreparaties. - Vullen van scheuren in asfalt. - Kleinschalig onderhoud aan de elementenverhardingen. - Verbeteren van graskeien in de bermen van wegen. - Herstel van markeringen. Het CROW adviseert voor het uitvoeren van klein onderhoud bij de huidige kwaliteit een bedrag van circa 10% tot 15% van het groot onderhoud te reserveren. De gemeente gaat, vanwege de goede actuele
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
21
Open
kwaliteit, uit van 10%. Dit komt uit op een bedrag van € 35.000 per jaar en wordt betaald uit het exploitatiebudget.
5.7
Investeringen en kapitaallasten
Op basis van de maatregeltoets en de integrale afstemming worden vervangingen en vernieuwingen vastgesteld en opgenomen in de investeringslijst. Voor de periode 2025-2028 zijn deze bekend. Voor de periode na 2027 is het jaarlijkse investeringsbedrag indicatief bepaald op basis van de Life-Cycle Costing (LCC). De aankomende jaren worden in de integrale afstemming de werkelijke vervangingen en vernieuwingen in beeld gebracht en de investeringslijst geactualiseerd. Deze lijst wordt jaarlijks aan de raad voorgelegd voor vaststelling. Zie voor de vastgestelde investeringen en de doorkijk na 2028 bijlage 2. De investeringsbedragen zijn ook opgenomen in hoofdstuk 6.1. Deze investeringen worden geactiveerd en meerjarig afgeschreven, wat leidt tot kapitaalslasten. Deze lasten worden vanuit het exploitatiebudget wegbeheer betaald. Het betreft de volgende jaarbedragen:
Tabel 8: Kapitaalslasten 2025 – 2034
5.8
Inspecties, onderzoeken en advisering
Naast het onderhoud aan de verhardingen zijn ook financiële middelen nodig voor aanvullende activiteiten. Dit zijn kosten weginspecties (1 x 2 jaar), externe advisering, onderzoekskosten, adviesdiensten door derden en onvoorziene kosten (calamiteiten) en worden betaald uit het exploitatiebudget.
Tabel 9: Inspectie- en advieskosten 2025 – 2032
5.9
Niet beïnvloedbare kosten
Tenslotte zijn er ook niet beïnvloedbare kosten, die ten laste komen van het budget voor wegbeheer. Het betreft de kosten voor schadegevallen, salariskosten en afdrachten aan belasting en erfpacht. Onderdeel hiervan zijn de weguitkeringen aan het waterschap. Hierin is, op basis van verwachting van het waterschap, een jaarlijkse indexatie van 2,5% meegenomen, welke nog niet in de begroting van de gemeente zijn voorzien.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
22
Open
Tabel 10: Niet beïnvloedbare kosten 2025 – 2034
Deze kosten worden betaald uit het exploitatiebudget.
5.10
Samenvatting kosten
ploitatie
Voorziening
Samenvattend is in onderstaande figuur en tabel 11 de begroting voor de periode 2025-2032 weergegeven.
Figuur 9: Benodigde budgetten 2025-2034
Tabel 11: Benodigde budgetten per type dekking 2025 – 2034
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
23
Open
6
Financiën
Dit hoofdstuk maakt de benodigde onderhoudsbudgetten voor de begrotingsjaren 2025 t/m 2032 inzichtelijk, conform de kaders van de Notitie Materiele Vaste Activa van de commissie BBV. De budgetten zijn nodig om aan de kwaliteitseisen en ambities van de gemeente te voldoen. De benodigde middelen zijn bepaald voor de voorziening (groot onderhoud), exploitatie (klein onderhoud en overige kosten) en voor de investeringen op basis van technische noodzaak (rehabilitatie) voor de verhardingen. Er is bij de exploitatie en vaste kosten rekening gehouden met de kosten van de interne ambtelijke uren (salariskosten). De financiële uitgangspunten bij het vaststellen van de budgetten zijn opgenomen in bijlage 3.
6.1
Kaders vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)
Investeringen Het BBV stelt dat investeringen in wegen vallen onder maatschappelijk nut: wegen genereren geen middelen en hebben daarom geen economisch nut. Investeringen in wegen leiden tot grote waarde voor de gemeente: leefbaarheid, veiligheid, bereikbaarheid, etc. Investeringen in wegen zijn typisch investeringen die veel kosten met zich meebrengen. Investeringen in wegen zullen geactiveerd en meerjarig afgeschreven worden, afhankelijk van de financiële positie van de gemeente. Investeringen mogen alleen gebruikt worden bij aanleg en vervangingen, niet voor onderhoud. Vervangingen betreffen het compleet vernieuwen van de (delen van de) wegconstructies. Groot onderhoud De kosten voor groot onderhoud mogen niet als te activeren investering beschouwd worden. Voor groot onderhoud mág wel een exploitatiebudget of een voorziening gehanteerd worden. De kosten voor groot onderhoud worden óf in hetzelfde jaar ten laste van de exploitatie gebracht (gelijk aan kosten klein (dagelijks) onderhoud), óf uit een voorziening betaald (eveneens in hetzelfde jaar van realisatie). Het betreft een voorziening conform BBV-artikel 44 lid 1c. Groot onderhoud betreft bijvoorbeeld het herstraten van elementenverhardingen of het vervangen van asfaltdeklagen. Momenteel maakt de gemeente gebruik van een exploitatiebudget.
Klein (dagelijks) onderhoud Voor klein (dagelijks) onderhoud geldt dat de kosten in hetzelfde jaar ten laste van de exploitatie gebracht moeten worden. Dit betreft bijvoorbeeld het herstellen van verzakkingen in klinkerwegen en/of het repareren van gaten in asfaltwegen. Kapitaalvernietiging en onveilige situaties Het BBV verplicht tot het inrichten van een voorziening wanneer er sprake is van kapitaalvernietiging of wanneer er sprake is van onveilige situaties. Bij elementen is de kans van optreden van kapitaalvernietiging verwaarloosbaar. Alleen bij asfaltverharding is dit in theorie mogelijk. In dat geval betreft het een voorziening voor achterstalligheid conform BBV-artikel 44 lid 1a. In de gemeente komt deze situatie niet voor.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
24
Open
6.2
Benodigde budgetten
Zoals ook in hoofdstuk 5 aangegeven worden de kosten vanuit een onderhoudsvoorziening of een exploitatiebudget betaald. In onderstaande tabel 12 zijn de benodigde bedragen per jaar weergegeven om de wegen in de periode 2025-2028 op ambitieniveau te krijgen. Ook zijn de investeringsbedragen opgenomen, die de basis zijn voor de kapitaallasten.
Tabel 12: Benodigd budget onderhoud
6.3
Vergelijk met beschikbare budgetten
Beschikbaar exploitatiebudget De huidig beschikbare budgetten voor onderhoud zijn in tabel 13 weergegeven.
Tabel 13: Beschikbare budgetten
Het beschikbare bedrag, van € 176.000, voor dotatie aan de voorziening van groot onderhoud is het huidige beschikbare bedrag in de exploitatie. De beschikbare middelen zijn in de gemeentelijke begroting vastgelegd tot 2028. Hierin is de verwachte indexatie van 2,5% bij de weguitkering aan het waterschap niet opgenomen. Tevens bevat de begroting nog niet de bedragen voor de periode 2028-2032. Om toch een indicatie te geven zijn in die jaren de beschikbare middelen eenduidig geëxtrapoleerd. In 2027 wordt een nieuwe doorkijk gemaakt voor de periode 2028-2032.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
25
Open
Bepalen dotatie aan de voorziening en vergelijk exploitatiebudget In onderstaande tabel 14 is voor de voorziening het jaarlijks dotatiebedrag weergegeven en is het benodigde exploitatiebudget vergeleken met het beschikbare budget.
Tabel 14: Bepalen dotatie voorziening en vergelijk exploitatie
6.4
Conclusie
Om het voorgenomen groot onderhoud uit te voeren blijkt het beschikbare bedrag van € 176.000 ontoereikend om de voorziening niet negatief te laten worden. Om de verwachte uitgaven tot 2029 te dekken is een extra jaarlijkse dotatie van € 190.000 berekend. Het totaalbedrag voor de dotatie bedraagt daardoor € 366.000. De totale dotatie kan lager worden als bij het instellen van de voorziening een initiële storting wordt gedaan. De vergelijking van het exploitatiebudget geeft een oplopend verschil, wat wordt veroorzaakt door de 2,5% inde atie (jaarlijks ca. € 10.000, cumulatief) van de weguitkering aan het waterschap (zie hoofdstuk 5.9 en een aanvullend bedrag voor klein onderhoud (afgerond € 8.000 per jaar). Het tekort aan middelen voor het uitvoeren van groot onderhoud bedraagt tot 2029 € 190.000 en dit kan de verklaring zijn waarom de kwaliteit langzaam afneemt. Er is de afgelopen periode geprofiteerd van diverse vernieuwingen en vervangingen (investeringen), maar er is minder structureel groot onderhoud uitgevoerd (zie hoofdstuk 4.2). Bij het instellen van een voorziening voor groot onderhoud verplicht de gemeente zich om deze te voorzien van een voor aankomende jaren voldoende hoge dotatie van € 366.000. De vergelijking van het exploitatiebudget geeft een oplopend verschil, wat wordt veroorzaakt door de 2,5% inde atie (jaarlijks ca.
€ 10.000, cumulatief) van de weguitkering aan het waterschap (zie hoofdstuk 5.9 en een aanvullend bedrag voor klein onderhoud (afgerond € 8.000 per jaar). Door de goede kwaliteit van de verhardingen is de verwachting dat het berekende bedrag van klein onderhoud op basis van de CROW-normen hoger is dan werkelijk benodigd. Indien de indexatie van de weguitkering aan het waterschap in de begroting wordt voorzien, is het beschikbare exploitatiebudget voldoende voor de verwachte uitgaven. Er is geen ruimte om het exploitatiebedrag te verminderen.
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
26
Open
6.5
Consequenties
Het blijkt dat de benodigde budgetten voor groot onderhoud structureel hoger liggen dan het nu beschikbare budget in de exploitatie. Hierdoor ontstaat het risico dat het onderhoud niet volledig kan en/of met beperkte maatregelen moet worden uitgevoerd. Over het algemeen kunnen de gevolgen van een tekort op onderhoud in een aantal fasen worden onderscheiden. In onderstaande figuur zijn de verschillende fasen weergegeven, die in de praktijk zijn getoetst. Indicatie oplopende schaal gevolgen en effecten door achterblijvend beheer en onderhoud De ambitie is gerealiseerd.
1 2
Inspectie resultaten worden slechter: lichte achteruitgang kwaliteit, de beheerder merkt het begin van achteruitgang.
3
Onderhoudsachterstanden lopen op en er ontstaat langzamerhand een financieel stuwmeer. Het onderhoud dat vandaag niet wordt uitgevoerd blijft in de planning naar achteren schuiven De zichtbare beeldkwaliteit neemt af, slordig, onverzorgd, sleets, verloedering, etc.
4 5
De verharding geeft een verslechterd beeld, de tevredenheid van de burgers neemt af, er is een toename aan klachten en meldingen.
6
De gevolgen worden ook merkbaar voor gebruikers, (rij)comfort neemt af, plasvorming, steenslag en gaten nemen toe en daardoor kans op schades aan voertuigen.
7
Er ontstaat gevolgschade door bestaande schade. Er is sprake van kapitaalvernietiging, het stuwmeer neemt exponentieel toe. Bereikbaarheid en veiligheid komen in het geding
8
Bereikbaarheid komt onder druk te staan, toename risico's, schade en claims, meer rechtszaken. De aantrekkelijkheid om zich te vestigen neemt af.
9
Calamiteiten, ongelukken door schade aan wegen, gewonden en kans op doden, wegen onbereikbaar/afsluiten
Figuur 10: Fases bij structureel tekort op onderhoud
Op dit moment bevindt de totale gemeente zich ongeveer in fase 1 / 2. Verwacht mag worden dat bij ongewijzigd budget er onvoldoende budget voor groot onderhoud overblijft. De kwaliteit kan dan niet meer op ambitieniveau worden onderhouden en zal na ca. 10 jaar op beeldniveau C uitkomen (fase 4 / 5). Hierbij wordt nog net voldaan aan wet- en regelgeving. Daarbij zullen de gevolgen voor gebruikers dan meer merkbaar worden. Klachten en melden gaan toenemen. De kans op kapitaalvernietiging (kosten van vervolgschade) zal eveneens toenemen. Omdat het huidige budget voor groot onderhoud waarschijnlijk niet voldoende is om de wegen op C-niveau te houden, zal daarna de gemeente richting fase 7 / 8 zakken, waarbij niet overal meer wordt voldaan aan wet- en regelgeving. Een structureel tekort op het beheer en onderhoud van de verhardingen zal op de langere termijn de ambities van de gemeente in gevaar kunnen brengen. Het probleem daarbij is dat een achterstand in onderhoud niet op korte termijn is in te halen, gelet op de enorme bedragen waar het vaak om gaat, de impact op de organisatie (uitvoerbaarheid) en de impact op de gemeente (bereikbaarheid).
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
27
Open
7
Organisatie
De organisatie rondom (weg)beheer verandert landelijk continu. Er wordt nagedacht over nieuwe organisatievormen, vormen van uitbesteding en samenwerkingsverbanden met andere gemeenten en marktpartijen. Iedere gemeente is uniek en heeft het op een eigen manier georganiseerd. Wel blijven onafhankelijk van organisatievormen en samenwerking met andere partijen een aantal kernfuncties overeind. De organisatie functioneert zolang de bestaande, goed op elkaar afgestemde kerntaken steeds opnieuw (kunnen) worden herhaald. Deze kerntaken zijn gebaseerd op Assetmanagement volgens ISO 55002 en weergegeven in figuur 11. Assetmanagement werkt alleen als iedereen er op de afgesproken wijze mee aan de slag gaat. ‘Mens en organisatie’ staat dan ook in het hart, omdat alles om de mensen die de beheertaken uitvoeren draait. Om de beheertaken goed uit te voeren en de regie te houden zijn er voldoende medewerkers nodig. Figuur 11: Kernactiviteiten conform ISO 550002
Benodigde FTE Wegbeheer, gemeente Kapelle Om een indruk te geven van de benodigde capaciteit om de opgave van de gemeente goed in te kunnen vullen, is op basis van het iAMProFIEL1 van het CROW, de huidige werkwijze, landelijke benchmark met vergelijkbare gemeenten en diverse modellen de verwachte benodigde Fte’s in tabel 15 bepaald. Rol
FTE-Kapelle Beschikbaar
Benodigd
Vakbeheerder
0,9
0,6
Vakspecialist
0,9
0,5
Directievoerder
0,9
0,3
Toezichthouder
0,8
0,5
Informatiebeheerder
01
0,3
Totaal fte 3,6 * 2,2 Tabel 15: Benodigde organisatie per rol *(3,6 2025, vanaf 2026 2,6)
De Fte’s zijn gebaseerd op rollen en niet op de functies van medewerkers. De rollen zijn een logische verdeling van het werk dat moet gebeuren in een organisatie. Dit in tegenstelling tot functies, die gaan over de verdeling van mensen over het werk. Functies worden ingevuld door één medewerker en deze kunnen bestaan uit één of meerdere rollen. De reden dat rollen als vertrekpunt zijn genomen is dat rollen meer generiek zijn dan functies. Hierdoor is het mogelijk landelijk dezelfde rollen als basis te nemen. Functies verschillen daarvoor te veel per organisatie.
1
Zie meer op de Kennismodule Assetmanagement - CROW
7 februari 2025
BELEIDSPLAN WEGEN
BI8304-MI-RP-230523-1453
28
Open
8
Risicoparagraaf
In deze paragraaf wordt ingegaan op enkele risico’s, welke samenhangen met beheer en onderhoud aan wegen. Reconstructies Bij reconstructies van wegen wordt goede afstemming met nutsbedrijven gedaan, als zij hun kabels-en leidingen moeten vernieuwen. In verband met steeds meer beperkte ruimte in de tracés geeft dat steeds meer problemen en kan leiden tot oponthoud tijdens een werk. Oponthoud bij de hoofdaannemer kost de gemeente extra geld. Er zijn voorbeelden dat het werk daardoor 5% duurder is uitgevallen. Winter/vorstschade Een niet te verwaarlozen invloed is het weer en dan in het bijzonder die van dooi en vorst op het asfalt. Gaten in het asfalt na een dooi/vorst periode heeft niet alleen te maken met (achterstallig) onderhoud maar ook met het toegepaste type asfalt. Vooral een kwakkelwinter met veel wisselende dooi- en vorstperiodes zorgt voor veel schade. Door vorst zet water in het wegdek uit, met als gevolg dat er scheuren en gaten kunnen ontstaan. Ondanks onderhoud kan dus een (strenge) vorstperiode toch onverwacht veel schade veroorzaken. Momenteel is er geen reservering opgenomen om winterschade op te vangen. Bij een langdurige periode van wisselende dooi- en vorstperiodes kan de schade aanzienlijk zijn. Als dit optreedt zal wegbeheer onderbouwd extra budget vragen om de veiligheid en bereikbaarheid niet in gevaar te laten komen.
Verdroging Het klimaat verandert en zorgt voor forse schade aan verhardingen. De hoge temperaturen zorgen ervoor dat de boomwortels de condens aan de onderzijde van de verhardingsconstructie opzoeken. De boomwortels drukken daardoor de constructie omhoog wat resulteert in oneffenheden. Daarnaast zijn door de temperatuurstijging de grondwaterstanden erg laag. De boomwortels onttrekken door de droogte meer water uit de bodem. Deze factoren zorgen ervoor dat de ondergrond inklinkt. Hierdoor ontstaan schades die vanuit de onderkant van de constructie beginnen. Zowel de schade door boomwortels als de schade door droogte vragen om een forse herstelmaatregel. Om deze schades te herstellen dient de gehele verhardingsconstructie aangepakt te worden wat resulteert in forse onderhoudskosten. De kans dat dit type schade zal optreden lijkt op basis van de huidige klimaatontwikkelingen steeds groter te worden. Daarbij komt kijken dat er voor de bestaande verhardingen geen risicobeheersingsmaatregel voorhanden is om dit type schade te voorkomen. Waterstress Naast verdroging kan er tijdens overvloedige regenbuien ook water op straat blijven staan, wat de bereikbaarheid beïnvloedt. Ook geeft het gezondheidsrisico’s en overlast voor de bewoners. Omdat mogelijke oplossingen vaak een integrale opgave wordt, kan dit leiden tot maatregelen die buiten het reguliere onderhoud vallen.