CConstaterende datKapelle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestuurlijke handvatten - printversie

Raadsvergadering 24 maart 2026, gemeente KapelleBij agendapunt: Afspraken over het vervolgproces13.491 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bibliotheken

Bibliotheek Oosterschelderegio heeft twee vestigingen in onze gemeente: in Kapelle en Wemeldinge. De komende periode hebben we te maken met de volgende ontwikkelingen: het 22

moderniseren van de bibliotheken in lijn met de nieuwe zorgplicht, het vergroten van de toegankelijkheid en functies van de bibliotheken, en ligt de focus op taalontwikkeling, leesplezier en het terugdringen van laaggeletterdheid.

23

4. Economische versnelling en toerisme 4.1

Economische ontwikkelingen en - uitdagingen

De Zeeuwse economie is tussen 2014 en 2024 met 25,2% gegroeid . Vorig jaar groeide de Zeeuwse economie met 1,8%. Daarmee heeft Zeeland – samen met de provincie Drenthe – het hoogste groeipercentage van Nederland. De recente groei in 2025 is voornamelijk gedreven door investeringen in energieprojecten en de zorg. 3 Tegelijkertijd wordt de economie ook geconfronteerd door economische uitdagingen. Het gaat dan onder andere over een afname van de beroepsbevolking en de daaruit volgende druk op de lokale economie, de beperkte beschikbaarheid van arbeidskrachten in crucia le sectoren zoals techniek, zorg en agrifood. En een achterblijvende innovatiekracht bij het midden - en kleinbedrijf (MKB). Deze uitdagingen bevinden zich bovendien in een context van een steeds groter wordende druk op de ruimte. De opgaven en ambities van gemeenten op het gebied van woningbouw, energietransitie, natuurversterking, klimaatadaptatie, recreatie, mobiliteit, natuurontwikkeling en dus economische ontwikkeling leggen allemaal letterlijk een claim op de openbare ruimte. 4.1.1

Arbeidsmarkt

De afname van de beroepsbevolking zorgt ervoor dat we nu en in de toekomst te maken hebben met flinke tekorten op de regionale arbeidsmarkt. Zeeland heeft vijf keer meer vacatures dan werkzoekenden. Er zijn 150 vacatures op elke 100 werklozen. In geen enke le regio is dat gat zo groot als in Zeeland. En nergens is de vraag naar arbeidsmigranten zo groot als in Zeeland. Eén op de vijf Zeeuwse bedrijven werft werknemers uit het buitenland. Dit heeft gevolgen. We zien dat ondernemers niet of veel moeilijker kunnen groeien en innoveren door gebrek aan personeel. 4.1.2

Onderwijs

Tekorten aan bijvoorbeeld technisch - en zorgpersoneel en de snelle veranderingen in de arbeidsmarkt vragen om betere aansluiting tussen onderwijs, arbeidsmarkt en regionale behoeften. Evenals aandacht voor inclusiviteit en door - en bijscholing. Op dit mome nt werken onderwijsinstellingen, bedrijven en overheden samen om in te spelen op de arbeidsmarkt, met speciale aandacht voor thema’s als water, energie en voedsel. Dit doen zij vaak in zogeheten ‘living labs’. Daarnaast wordt in Zeeland ingezet op jongerenbinding door het meer aanbieden van (hoger) 3 Zeeuws Economisch Bericht

– 11e editie, Provincie Zeeland

24

onderwijsopties en het bieden van perspectief. Op vraaggestuurd en flexibel onderwijs dat inspeelt op specifieke regionale uitdagingen (MBO, HBO, WO). En op innovatie in sectoren die belangrijk zijn voor de regio, zoals watermanagement (Delta -thema’s), duurzame industrie en engineering (UCR).

4.3

Bestuurlijk Platform de Bevelanden en de werkgroep economie

Om de economische vitaliteit van te behouden en versterken werken we samen met de andere Bevelandse gemeenten. Op dit moment wordt gewerkt aan een koersplan waarin we met elkaar afspreken wat de speerpunten moeten worden. Het is onze taak om te signaleren welke ruimtevraag de economie heeft, te sturen op duurzame ontwikkeling en te faciliteren in behoeften van ondernemers. In het toekomstperspectief van de Bevelanden 2050 moet deze ruimtevraag afgestemd worden op andere opg aven. Daarnaast zoeken we actief naar koppelkansen met andere opgaven. Verder gaat het bijvoorbeeld over de verschillende bedrijventerreinen en de vraag of en welke selectieve keuzes we moeten maken in bedrijfsvestigingen en de regionale detailhandel. Ook wordt gesproken over de rol van bedrijven in de energietransitie. Over verduurzaming en vergroening van bedrijventerreinen. Over de transitie naar circulaire economie als strategisch instrument om ambities uit de lokale omgevingsvisies te verzilveren.

4.4

Smokkelhoek II

De lokale economie en ruimtevraag is ook in onze gemeente continu in ontwikkeling. We ontvangen, bijvoorbeeld tijdens bedrijfsbezoeken, over verduurzaming, verkleinen of juist vergroten van de ruimte. Het gaat dan bijvoorbeeld om verouderde loodsen. Soms heeft een bedrijf minder ruimte nodig omdat zij inmiddels werken met minder voorraden en sneller transport. Soms heeft een bedrijf juist door die snelle transport een logistieke vraag. In ieder geval is deze ruimtevraag continu in beweging. Op dit moment wordt gewerkt aan een ontwikkelstrategie voor het met 65ha bruto uitbreiden van bedrijventerrein Smokkelhoek in de Willem Annapolder. Deze strategie voor Smokkelhoek II moet richting geven aan de uitvoering en realisatie van minimaal 25 ha be drijfsgrond. De strategie geeft inzicht en richting in thema’s als netcongestie, stikstof, de mogelijkheid voor lokale aansluiting op het toekomstige waterstofleidingennetwerk, de optie van het ontwikkelen van een duurzaam energielandschap en de voorwaarde n voor de vestiging van type bedrijven. Daarnaast gaat het in op keuzes bij vervolgstappen zoals ruimtelijke inrichting, planprocedure, participatie en communicatie. • •

4.5

Welke afspraken wilt u maken over het mogelijk uitbreiden van bedrijventerrein Smokkelhoek? Hoe kijkt u naar voorwaarden voor de vestiging van type bedrijven?

Huisvesting a rbeidsmigranten

Nergens is de vraag naar arbeidsmigranten zo groot als in Zeeland. Eén op de vijf Zeeuwse bedrijven werft werknemers uit het buitenland om de continuïteit van de werkprocessen te handhaven . In zijn algemeenheid zien we dat ondernemers op zoek zijn naar goede voorzieningen. Tegelijkertijd 25

zien we dat de komst van arbeidsmigranten in de samenleving in sommige gevallen leidt tot onrust in de omgeving. En dat er een hoger risico bestaat op zaken als ondermijning, het niet aan de regels houden over de hoeveelheid mensen in een woning. •

4.5

Welke afspraken wilt u met elkaar maken over de huisvesting van arbeidsmigranten?

Recreatie en toerisme

Het basisidee van het toekomstperspectief ‘Zeeland 2050’ is: om de leefbaarheid, economische kracht en sociale samenhang van onze provincie te behouden, hebben we meer Zeeuwen nodig. Het gaat dan niet alleen om toevoegen van het aantal woningen of versterken van de infrastructuur. De aantrekkelijkheid van de Bevelanden als woon-, werk- en leefregio wordt in belangrijke mate bepaald door de kwaliteit van het dagelijks leven: ruimte voor ontspanning, beweging, ontmoeting en herstel. De recreatie en toerisme – sector kan een cruciale rol spelen in het bieden van een jaarrond onderscheidend, samenhangend en kwalitatief aanbod voor bezoekers én inwoners. • • • •

4.6

Welke rol ziet u voor recreatie en toerisme in het versterken van de leefbaarheid en economie op de Bevelanden? Hoe zorgen we ervoor dat een eventuele groei van toerisme en recreatie bijdraagt aan een goede leefkwaliteit voor zowel inwoners als bezoekers? Hoe belangrijk vindt u regiobrede samenwerking voor het ontwikkelen van een visie hier op? Zijn er specifieke doelgroepen of aanbod voor onze gemeente waar we op in willen zetten?

Masterplan Wemeldinge en Boulevardvisie

In de afgelopen bestuursperiode is met inwoners en ondernemers gewerkt aan het Masterplan Wemeldinge en een verdieping daarop in de boulevardvisie. Doel is een aantrekkelijk en veerkrachtig Wemeldinge en om de boulevard een uitnodigende drager te maken. Hier bedoelen we mee: meer beleefbaar, aantrekkelijker en verkeersveiliger en om de structuurdragers (kanaal, Oosterschelde, dijken en dorpsstraat) beter met elkaar te verbinden. De looptijd van de uitvoeringsagenda is tot en met 2035. Per jaar kijken we wat (financieel) haalbaar is en hoe we met hulp van subsidies de ambities kunnen bekostigen. Dat betekent ook steeds na blijven denken: waar ligt nu de prioriteit?

4.7

Detailhandel

De groei van internetverkoop, demografische ontwikkelingen en veranderingen in de vrijetijdsbesteding leiden tot veranderende behoeften voor winkelgebieden. Bovendien hebben veel ondernemers een gebrek aan personeel en opvolging. En dat terwijl juist het voorzieningenniveau Kapelle een aantrekkelijke plek maakt om te wonen of je te vestigen. Daarom is in 2025 , samen met ondernemers, gewerkt aan de detailhandelsvis ie. Hierin wordt bijvoorbeeld gesproken over een aantrekkelijk en compact centrum met goede onderlinge verbindingen, parkeren, kwalitatieve openbare ruimte, versterken en verbreden van het aanbod, het opwaarderen van het dorpsplein in Wemeldinge en het versterken van de samenwerking tussen gemeente en ondernemers. •

Waar ligt volgens u de komende jaren de prioriteit op het gebied van recreatie en toerisme? Waar moeten we op inzetten? En wat kan wellicht wachten?

26

5. Klimaat, energie en milieu In de afgelopen raadsperiode (2022 -2026) stelde de gemeenteraad van Kapelle de bouwstenen klimaatbestendige leefomgeving, mobiliteit, natuur & biodiversiteit, waterstof, circulaire gemeente en verduurzaming eigen organisatie vast. Hiermee is de duurzaamheidsagenda rond, maar het werk nog lang niet klaar. In de komende raadsperiode volgt de uitvoering en herziening van beleid. Ook spelen we in op de ontwikkelingen en uitdagingen die ons te wachten staan. •

5.1

Welke onderwerpen moeten we de komende bestuursperiode extra prioriteit geven? Welke argumenten heeft u daarvoor?

Kernenergie

Zeeland is een belangrijke schakel in een nieuw energiesysteem. Door de gunstige ligging aan de kust komt hier veel energie van windparken op zee aan land. In Borssele staat momenteel de enige kerncentrale van Nederland. Daarnaast ligt één van de grootste industrieclusters van Noordwest Europa in Zeeland. Momenteel treft het ministerie van Economische Zaken en Klimaat de voorbereidingen voor de bouw van nieuwe kerncentrales. Zeeland (Borssele, Vlissingen en Terneuzen) zijn aangewezen als voorkeurslocatie. In de tweede helft van 2026 wordt een voorlopige locatiekeuze verwacht. Als inderdaad besloten wordt tot de bouw van nieuwe kerncentrales in de regio heeft dat, met name in de bouwfase, enorme gevolgen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan infrastructuur of huisvesting van de mensen die in de bouw werken. Daarom z ijn we, samen met de andere Bevelandse gemeenten, in gesprek met de gebiedsverbinder over de brede betrokkenheid van buurgemeenten, waaronder Kapelle. •

•

Zijn er onderwerpen die in de lobby rondom de mogelijke komst van de kerncentrales meegenomen moeten worden? Bijvoorbeeld over het participatietraject, inhoud van het Rijk-Regiopakket of betrokkenheid van de buurgemeenten? Welke rol ziet u voor de gemeente richting onze inwoners, nu of nadat het locatiebesluit is genomen over de mogelijke komst van nieuwe kerncentrales? Onderhouden we altijd zelf contact of zetten we in op gezamenlijkheid met de Bevelandse gemeenten?

27

5.2

Elektriciteit en netcongestie

We worden steeds energiezuiniger en zijn op koers met duurzame opwek van elektriciteit. Ook de vraag naar elektriciteit stijgt door bedrijvigheid, ontwikkelingen en verduurzaming. Piekvraag is daarbij het struikelblok: er is capaciteit, maar niet voor alles tegelijk. Om te zorgen dat maatschappelijke functies , waaronder woningbouw, onderwijs en ziekenhuizen, voorrang krijgen op een aansluiting, heeft het Autoriteit Consument en Markt (ACM) een prioriteringskader opgesteld. Vanaf 1 juli 2026 komen ook kleinv erbruikers op een wachtlijst. Maar, congestieverzachters, veiligheidsvoorzieningen en basisbehoeften krijgen prioriteit op deze lijst. Gemeenten kunnen 10 jaar vooruit een aansluiting aanvragen voor woningbouw en onderwijs, en moeten daarom hun ontwikkelplannen scherp hebben. Verdere uitdagingen en kansen liggen in gelijktijdig verbruik, energieopslag en netverzwaring. We herzien daarom de bouwsteen elektriciteit en nemen daarin beleidsadviezen op om beschikbare energie en infrastructuur beter te benutten.

5.3

Klimaatadaptatie

De opwarming van de aarde heeft allerlei gevolgen. De belangrijkste risico’s zijn hitte, droogte, piekbuien, zeespiegelstijging, het verlies aan biodiversiteit en de verspreiding van ziekten. Klimaatadaptatiebeleid is daarmee integraal en raakt sectoren al s waterveiligheid, gezondheid, landbouw en infrastructuur. Bij de dijkversterking bijvoorbeeld is klimaatbestendigheid een essentieel onderdeel. Met de Klimaatadaptatiestrategie Zeeland (KasZ) en een nieuw integra le voorkeursstrategie en samenwerkingsovereenkomst van de Zuidwestelijke Delta werken we met al onze partners aan het beperken van de risico’s in Zeeland. De KaSZ wordt in 2027 herijkt. In onze gemeente herzien we de bouwsteen klimaatbestendige leefomgeving. Met een eigen invulling van de stresstest en risicodialogen gaan we in gesprek over de gevolgen op straat - en wijkniveau. •

5.4

Welke (inhoudelijke of specifieke gebieden) moeten prioriteit krijgen bij het beperken van klimaatrisico’s zoals hitte, droogte en wateroverlast?

Warmtetransitie

Uiterlijk in 2050 gaat heel Nederland van het aardgas af. Dat is een grote opgave voor met name particuliere woningbezitters. Sinds de energiecrisis en recente geopolitieke ontwikkelingen werd de landelijke urgentie om sneller minder afhankelijk van aardgas te worden steeds hoger. Tegelijk ervaren inwoners de stap naar een aardgasloze woning vaak als impactvol . Vaak geldt: hoe slechter de woning geïsoleerd is, hoe lastiger de bewoner het vindt om de verduurzaming te betalen en organiseren. De gemeente biedt hierin een helpende hand met informatie, ondersteuning en waar mogelijk financiering. We evalueren en herzien daarom de bouwsteen Warmte in de Gebouwde Omgeving en werken de uitvoering verder uit in een wettelijk verplicht Warmteprogramma. •

Welke rol vindt u dat de gemeente moet spelen in het ondersteunen van inwoners bij de overgang naar een aardgasvrije woning?

28

5.5

Circulariteit

De huidige geopolitieke situatie laat zien hoe belangrijk het is om minder afhankelijk te zijn van de veranderingen in de prijs van fossiele grondstoffen. Door grondstoffen minder vaak te gebruiken, langer in ketens te houden en hoogwaardiger te hergebruiken daalt de vraag naar nieuwe grondstoffen. We verbranden dan ook minder restafval. Zo voorkomen we schaarste, afval en CO2 uitstoot. Kortom: de transitie naar een circulaire economie draagt bij aan het behalen van klimaatdoelstellingen en een toekomstbest endige regionale en lokale economie. 5.5.1

Verminderen van restafval

Om de hoeveelheid huishoudelijk restafval te verminderen hanteren we op dit moment gedifferentieerde tarieven (diftar) op het restafval. Gezien de huidige resultaten en de landelijke doelstellingen kan laagfrequent inzamelen een mogelijke vervolgstap zijn om verdere verlaging van deze hoeveelheid te realiseren. Of en wanneer deze stap wordt gezet, is aan u. 5.5.2

Milieustraat

Op dit moment zijn er 13 regionale milieustraten in Zeeland (in elke gemeente één). Het OLAZ heeft plannen voor drie nieuwe circulaire ambachtscentra en het aanpassen van een aantal regionale milieustraten. In Goes is een circulair ambachtscentrum voor de Oosterschelderegio gepland. Om deze plannen gedeeltelijk financieel te compenseren, moeten mogelijk "kleine milieustraten” in de nabijheid van Goes zoals die van Kapelle worden gesloten. Hierop kunnen we invloed uitoefenen via het algemeen bestuur va n OLAZ . Zij zijn hierover uiteindelijk beslissing bevoegd. Het aanpassen van de huidige regionale milieustraten en het realiseren van circulaire ambachtscentra in Zeeland zijn kostenverhogend en hebben een stijging van de afvalstoffenheffing tot gevolg. 5.5.3 Circulair bouwen In 2026 -2027 wordt er Zeeuwsbreed een Convenant Circulair Bouwen en Slopen opgesteld. Hierbij zijn de 13 Zeeuwse gemeenten aangesloten en worden marktpartijen en kennisinstituten betrokken. Het doel is om gezamenlijk te bepalen hoe circulariteit het beste meegenomen kan worden in toekomstige bouw en sloopprojecten. •

• •

5.6

Hoe wilt u omgaan met het verminderen van huishoudelijk restafval binnen de gemeente? Hoe denkt u over de mogelijkheid van laagfrequent inzamelen en welke belangen moeten daarbij meewegen? Hoe denkt u over de noodzaak van het behouden van een milieustraat in Kapelle? Welke rol ziet u voor de gemeente in het (stimuleren van) circulair bouwen en slopen?

Natuur en biodiversiteit

In de komende raadsperiode worden de ambities van de bouwsteen ‘Natuur & biodiversiteit’ doorvertaald naar groenstructuurplannen en het bomenbeleidsplan. De groenstructuurplannen gaan onder andere over de aansluiting van het dorp op het buitengebied en groenkwaliteit. Het bomenbeleidsplan gaat over het planten, onderhoud en beheer van bomen. Denk hierbij aan het creëren van schaduwplekken en ook over afwegingen, zoals hoe om te gaan met de plaatsing van zonnepanelen.

29

•

Welke ambities en maatregelen rondom natuur, groenstructuur en biodiversiteit zijn volgens u belangrijk voor Kapelle?

30

6. Leefomgeving en mobiliteit 6.1

Afweging in ruimtelijke opgaven

Zeeland wordt vaak geroemd om de ruimte. Maar wat daarbij vaak vergeten wordt is dat vrijwel alle grond al in gebruik is en een functie heeft. Een stapeling van urgente transities: energietransitie, circulaire economie, natuurversterking, voedseltransitie, klimaatadaptatie, ruimte voor defensie, woningbouwambitie en economische ontwikkeling leggen allemaal letterlijk een claim op de openbare ruimte en concurreren dus ook met elkaar. Dat betekent dat we slimme combinaties zoeken . Maar het vraagt ook om duidelijke keuzes en regie. De stikstofproblematiek illustreert deze spanning. Met de afspraken in het Ruimtelijk Arrangement, dat op 2 juni 2025 is vastgesteld, stemmen het Rijk en Zeeland hun nationale en provinciale ruimtelijke opgaven onderling af. Daarmee wordt gebouwd aan een gezamenlijke agenda op ruimtelijke ordening. Tegelijkertijd staat daarmee niet alles vast. En staan juist gemeenten aan de lat om verder uit te werken hoe die verdeling er concreet uit komt te zien. Dat stelt ook de vraag aan ons: welke opgaven hebben voor ons prioriteit? Waar geven we letterlijk ruimte aan? En hoe zien we dit in regio de Bevelanden? •

• •

6.2

Welke waarden en belangen voor onze inwoners en ondernemers hebben de verschillende transities voor u? En is dit een gesprek dat u als gemeente wil hebben, of ook met de samenleving? Welke uitgangspunten ziet u voor het maken van afwegingen tussen alle verschillende opgaven? Welke inzet hebben we als Kapelle in de Bevelanden? Zijn er prioritaire ontwikkelingen die we in onze gemeente de ruimte willen geven? Hoe zien we de regie in de regio?

Leefomgeving

Inwoners van Zeeland en onze gemeente zijn doorgaans erg tevreden met hun eigen woning en woonomgeving, ook in vergelijking met andere Nederlandse regio’s. Ook voelen zij zich relatief veilig in hun woonomgeving. •

Welke uitgangspunten heeft u bij het (her)inrichten van de openbare ruimte? Welke prioriteit geeft u aan klimaatadaptatie, groen, parkeren, speelvoorzieningen, etc. 31

6.3

Duurzame m obiliteit

Gemeenten staan in de toekomst voor grote uitdagingen als verkeersdrukte, luchtvervuiling en klimaatverandering, waardoor de noodzaak voor duurzame mobiliteit steeds urgenter wordt. Daarbij komen een aantal uitdagingen. Voor de openbare laadinfrastructuur verwachten we op termijn problemen te krijgen met netcongestie, waardoor openbare laadpalen niet meer binnen korte termijn geplaatst kunnen worden. Automobiliteit vraagt veel van de openbare ruimte: een geparkeerde auto staat 96% van de tijd stil en neemt ca. 20 m2 in beslag. Daarom denken we met het mobiliteitsplan na over verschillende scenario’s; bereikbaarheid door nabijheid, lopen en fietsen op één, gebruik van publiek vervoer stimuleren, verschonen van vervoer en duurzaam reisgedrag stimuleren. •

6.4

Wat zijn volgens u prioriteiten of uitgangspunten bij het stimuleren van duurzame mobiliteit? Zetten we vooral in op minder verplaatsingen, andere verplaatsingen (lopen, fietsen, openbaar vervoer i.p.v. auto) of schonere verplaatsingen (elektrisch i.p.v. fossiel)?

Verkeer

In het mobiliteitsplan denken we bijvoorbeeld na over het actualiseren van het wegenplan, waarmee we inzetten op een betere doorstroming en een veilige leefomgeving. We bespreken parkeren en parkeernormen. En verkeersveiligheid. •

6.5

Zijn er verkeersonderwerpen die de komende bestuursperiode extra aandacht of prioriteit vragen?

Bereikbaarheid en mogelijk toekomstige kansen

Op dit moment werkt de Gemeente Goes met het ADRZ aan een ontwikkeling van het ziekenhuis. Het plan is om een nieuw gebouw te bouwen, achter het bestaande ziekenhuis. Op dit moment zijn er geen plannen om ook de infrastructuur of ontsluiting van dit gebied aan te pakken. Tegelijkertijd kan deze ontwikkeling ook leiden tot kansen voor ontsluiting op de route Abbekinderen, Vierweegen, Kloetinge. Hierdoor kan mogelijk ontlasting plaatsvinden van de verkeersstromen via de kern Kapelle. En er ontstaat mogelijk e en interessant ontwikkelgebied. Ook weten we dat het spoorviaduct binnen nu en 10 jaar vervangen moet worden. Dit biedt kans om toekomstgericht na te denken over mogelijkheden van een rondweg. •

Leiden deze ontwikkelingen volgens u tot kansen? Zo ja, wat zijn dan onze uitgangspunten en hoe organiseren we de lobby richting beslissers?

32

7. Middelen Als gemeente Kapelle zijn we ambitieus. We willen onze inwoners en ondernemers zo goed mogelijk van dienst zijn en werken aan onze beleidsdoelstellingen. Tegelijkertijd constateren we dat de beschikbare financiële middelen beperkt zijn en het met alle huid ige ontwikkelingen en de beschikbare capaciteit al een uitdaging is om de basis op orde te houden. Dit maakt het des te belangrijker om heldere keuzes te maken: waar zetten we de komende jaren op in, en waar ook niet?

7.1

Financiën: een stevig fundament vraagt om scherpe keuzes

De afgelopen periode is er veel te doen geweest over de financiële positie van gemeenten. De miljoenennota 2026 brengt zowel verlichting als zorgen voor gemeenten. Er zijn onder andere extra middelen beschikbaar om gemeenten te compenseren voor jeugdzorgtekorten en voor het organiseren van verkiezingen. De extra middelen voor bibliotheken blijven structureel beschikbaar. Het gemeentefonds groeit mee met de economie, maar ramingen vallen structureel te laag uit. Dit leidt tot financiële tegenvallers. Als gemeente worden we geconfronteerd met hogere kosten voor afvalverwerking door de verhoging van de afvalstoffenbelasting. Er geldt een structurele korting op het onderwijsachterstandenbudget en op het terrein van asiel en migratie vindt een flinke bezuiniging plaats vanaf 2029. Duidelijk is dat er een aanzienlijke financiële uitdaging op ons af komt. In de afgelopen jaren hebben we via de VNG, de VNG -commissie bestuur&financiën, deelname aan de actie ‘Je gemeente doet er alles aan’, de K80 en een brief aan de toenmalig staatssecretaris over de tekorten op jeugdhulp bijgedragen aan de lobby richting de Rijksoverheid: de koek moet echt groter. Dat levert mondjesmaat verlichting op. Desondanks ontkomen we er niet aan kritisch naar de eigen begroting te kijken en keuzes te maken.

7.2

De Kapelse begroting

Een overzicht van de baten en lasten van de begroting 2026 vindt u hieronder:

33

7.2.1 Taakstellingen en uitvoeringskracht De huidige begroting bevat verschillende taakstellingen die in totaliteit oplopen tot ruim € 2 miljoen in 2028 , waarvan €650.000 op de salariskosten van het ambtelijk personeel. Dat betekent dat niet alle taken en ambities in hetzelfde tempo als voorheen kunnen worden uitgevoerd. Dit maakt het maken van keuzes noodzakelijk: waar leggen we de focus? En welke ambiti es stellen we (tijdelijk) uit? 7.2.2 Invloed van GR’en op de begroting GR’en stellen ons in staat taken efficiënt samen te voegen. Dat is op verschillende terreinen fijn, want daardoor kunnen we bijvoorbeeld meer specialistische kennis aannemen. Tegelijkertijd levert het ook wel eens spanning op. Zo moeten we als Kapelle soms mee in een inspanning omdat andere gemeenten dat graag willen, bijvoorbeeld bij ICT -projecten. En hoewel we als Kapelle eerder al de discussie zijn gestart om GR’en een eerlijke bijdrage te laten leveren aan de bezuinigingen, krijgen we daar niet altijd de handen voor op elkaar in een algemeen bestuur. • • • •

7.3

Welke koers wilt u varen om de financiële uitdaginge n op te vangen? Kiest u voor bezuinigingen, belasting/inkomstenverhoging of een combinatie van beide? Hoeveel financiële risico’s achten we acceptabel? Hoe belangrijk vindt u het om een buffer te behouden in de algemene reserve voor toekomstige onzekerheden? In hoeverre vindt dat we incidentele middelen, zoals de algemene reserve of toekomstige winst uit grondexploitatie, in kunnen zetten om structurele tekorten te dichten? In hoeverre vindt u lenen acceptabel om te kunnen investeren?

Bedrijfsvoering: keuzes maken in een uitdagende tijd

We constateren dat het in de huidige tijd een flinke uitdaging is om binnen de beschikbare capaciteit en middelen de basis op orde te houden. De dagelijkse uitvoering van onze taken vraagt al onze aandacht en inzet. Daarbij spelen verschillende ontwikkelin gen een belangrijke rol. 7.3.1 Wetgevingsdruk en uitvoering van verplichte wetgeving We worden al gemeente geconfronteerd met een toenemende hoeveelheid verplichte wetgeving. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer (WMEBV), de Single Digital Gateaway en de Wet open overheid (Woo). Deze wetten bre ngen aanzienlijke verplichtingen met zich mee en vragen veel van onze capaciteit. Hoewel we geen keuze hebben in de uitvoering van deze wetten, ervaren we dat de toenemende complexiteit en omvang van regelgeving een grote druk legt op onze middelen en inze t. De uitdaging is om deze verplichtingen zorgvuldig na te leven zonder dat dit ten koste gaat van andere belangrijke taken en ambities.

34

7.3.2 Personele capaciteit De hoeveelheid taken en opgaven die op ons afkomt, blijft toenemen. Dit legt een grote druk op onze medewerkers en stelt ons voor de uitdaging om de balans te bewaren tussen ambities enerzijds, en het invullen van de taakstelling en de beschikbare capaciteit anderzijds . Tegelijkertijd ervaren we de gevolgen van de krapte op de arbeidsmarkt. Het werven van nieuwe medewerkers lukt, maar het kost tijd om hen volledig in te werken. En sommige functies zijn zo moeilijk in te vullen dat we gebruik moeten maken va n externe inhuur om onze taken te kunnen blijven uitvoeren. Ook heeft de krapte op de arbeidsmarkt effect op wachttijden bij aannemers en leveranciers. Lange wachttijden beïnvloeden onze projectplanning en uitvoering. Dit alles vraagt om aandacht voor het welzijn van onze medewerkers, het stellen van prioriteiten en het maken van keuzes in wat we wel en niet op kunnen pakken. Om goede mensen aan onze organisatie te binden en stabiliteit te waarborgen blijven we daarbij aandacht besteden aan het zijn van een aantrekkelijke gemeente, bijvoorbeeld in arbeidsvoorwaarden. 7.3.3 Toenemende vraag van inwoners Inwoners verwachten steeds meer van onze dienstverlening. Ze zijn mondiger, stellen vaker vragen en dienen meer verzoeken in. Daarnaast vraagt het participatiebeleid dat we inwoners, ondernemers en partners actief betrekken bij beleid en projecten.

Dit vra agt om deskundigheid, een benaderbare houding en efficiënte werkprocessen. Tegelijkertijd merken we dat de beschikbare capaciteit onder druk staat, wat ons dwingt kritisch te kijken naar hoe we onze dienstverlening organiseren. Deze ontwikkelingen laten zien dat het maken van keuzes niet alleen op basis van financiële mogelijkheden, maar juist ook op basis van ambtelijke mogelijkheden noodzakelijk is. • • •

7.4

Welke ambities vindt u het meest essentieel voor de komende jaren en welke taken kunnen we (tijdelijk) minder prioriteit geven? Welke rol wilt u spelen in het stellen van realistische doelen? Wat verwacht u van de kwaliteit van de ambtelijke organisatie?

Digitale transformatie en weerbaarheid

De digitale transformatie van de overheid biedt volop kansen om de dienstverlening aan inwoners en bedrijven te verbeteren. Tegelijkertijd brengt deze transformatie complexe uitdagingen met zich mee. De dreiging van digitale ontwrichting door cyberaanvallen, menselijke fouten en geopolitieke spanningen neemt toe. 7.4.1 Digitale autonomie en -veiligheid De geopolitieke situatie maakt dat de behoefte aan digitale autonomie groeit. De sterke afhankelijkheid van grote buitenlandse techbedrijven roept vragen op over digitale soevereiniteit . En daarmee de continuïteit en veiligheid van onze processen . De mogelijkheid bestaat dat vanwege de snelheid van ontwikkelingen ineens verplichtingen kunnen worden opgelegd door de Rijksoverheid. Daarmee vraagt digitale veiligheid ook om investering. Veiligheid en het beschermen van onze gegevens kost geld. En brengt soms een spanningsveld met zich mee tussen beveiliging en gebruiksvriendelijkheid. 7.4.2

Kunstmatige intelligentie (AI) 35

In toenemende mate wordt kunstmatige intelligentie (AI) geïntegreerd in diverse programma’s en digitale toepassingen. Dit biedt niet alleen kansen voor efficiëntere dienstverlening en betere besluitvorming, maar stelt ons ook voor nieuwe uitdagingen op het gebied van privacy, transparantie en ethiek. Het is daarom van belang dat wij als gemeente proactief nadenken over het verantwoord gebruik van AI, zodat we de voordelen benutten en tegelijkertijd de rechten en veiligheid van onze inwoners waarborgen. In Kapelle lopen we momenteel een pilot met SafeGPT, waarmee we ervaring opdoen met de toepassing van AI in een veilige en verantwoorde context. •

7.4

Welke prioriteiten stellen we op het gebied van digitalisering en de kansen en bedreigingen die daarbij horen?

Communicatie , participatie en dienstverlening

In november 2022 is de participatienota vastgesteld waarin we de uitgangspunten, rollen van de raad, college en de organisatie en een stappenplan voor participatie hebben vastgelegd. In december 2025 zijn de visies op dienstverlening en communicatie door de gemeenteraad vastgesteld. Deze visies richten zich op hoe we alle situaties vormgeven waarin sprake is van interactie of transactie tussen de gemeente en haar inwoners, ondernemers, bezoekers en maatschappelijke partners. De speerpunten in onze dienstverlening zijn; - Altijd dichtbij: digitaal gemak en persoonlijk contact , - Dienstverlening voor iedereen, - Bouwen aan vertrouwen door transparantie en betrokkenheid, - Eén gemeente, één ervaring, - Een toekomstbestendig gemeentehuis, - Samen beter: verbonden dienstverlening. De speerpunten in onze communicatie zijn; - Verbinding en vertrouwen opbouwen, - Participatie op maat, - Toegankelijke en begrijpelijke communicatie, - Effectieve en transparante terugkoppeling, - Verhalend en beeldend communiceren, - Interne samenwerking versterken. •

Zijn er onderdelen op communicatie, participatie en dienstverlening waar u nadrukkelijk prioriteit aan wilt geven in deze bestuursperiode?

36

Bijlage 1:Overzicht Gemeenschappelijke Regelingen Een GR is een samenwerking tussen twee of meerdere overheden, waarbij we gezamenlijk taken uitvoeren via een gezamenlijk bestuursorgaan. De samenwerking is vastgelegd in een officiële regeling. Hieronder vindt u een overzicht van de GR’en waar we als Kapelle onderdeel van zijn.

37

38

39

40

SAMENWERKING DE BEVELANDEN

INFORMATIE VOOR NIEUWE RAADSLEDEN 2026 WAT IS HET BESTUURLIJK PLATFORM DE BEVELANDEN? Bestuurlijk Platform De Bevelanden is het regionale verband waarin de vijf Bevelandse gemeenten – Borsele, Goes, Kapelle, NoordBeveland en Reimerswaal – hun krachten bundelen. We werken in samenwerkingsverband aan onderwerpen die de gemeentegrenzen overstijgen en die we als regio beter, sterker en efficiënter kunnen oppakken. We richten ons op gezamenlijke opgaven zoals economie, duurzaamheid, beleving en wonen. In actielijnen, geleid door netwerkregisseurs, werken medewerkers van alle gemeenten samen aan deze thema’s. Daarnaast stemmen we strategisch af over ontwikkelingen die op de regio afkomen en zoeken we actief de samenwerking met provincie, ondernemers, onderwijs- en zorginstellingen en het Rijk.

Starten met samenwerken onder de noemer ‘actielijnen’.

2002

TIJDLIJN

2021 Ontwikkelen, uitbreiden en professionaliseren

Het convenant legt heldere afspraken en een duidelijke organisatiestructuur vast. Het vormt daarmee het fundament van onze samenwerking en onderstreept onze inzet en het vertrouwen in de Bevelandse samenwerking, nu en in de toekomst.

2025 Ontwikkelen, uitbreiden en professionaliseren

Samenwerking de Bevelanden geformaliseerd

Ondertekening convenant door de Bevelandse burgemeesters en secretarissen

WAT GAAN WE DOEN IN 2026? Focus op het versterken en professionaliseren van de samenwerking en het uitzetten van een duidelijke koers voor 2026, inclusief de realisatie van het koersplan Bevelanden 2050. Daarbij hoort ook het verkennen van nieuwe thema’s zoals mobiliteit en energie, het ontwikkelen van een uniforme werkwijze en het verbeteren van de interne en externe communicatie. Gemeenteraden elk kwartaal informeren via een nieuwsbrief over de voortgang en ontwikkelingen binnen de samenwerking.

HOE ZIJN WE GEORGANISEERD?

Bestuurlijk platform Bewaken integraliteit en samenhang actielijnen 10 bestuurders van de Bevelanden Huidige voorzitter wethouder Kees Weststrate Overleg 1x per kwartaal

ACTIELIJNEN Hoe dragen we bij?

Economie in de Bevelanden

Samen werken we aan een vitale en bloeiende economie. We doen dit door voldoende aanbod van bedrijfskavels, ondersteuning van de detailhandel om het voorzieningenniveau op peil te houden en het stimuleren van vraaggericht onderwijs. We hebben regelmatig contact met ondernemers, o.a. via beurzen en netwerken. Netwerkregisseur Marijn Mulder

Uitwerken van communicatiestrategieën met de communicatieadviseur om de regionale bekendheid te vergroten.

Gemeentesecretarissen Sturen op realisatiekracht Vijf gemeentesecretarissen van de vijf Bevelandse gemeenten Structureel overleg

Programmateam Ambtelijke opdrachtgever actielijnen Bestaat uit programmamanager en -secretaris Netwerkregisseurs van de vier actielijnen met vaste deelnemers per actieiljn Ondersteund door adviseurs HR, communicatie, financiën en secretariaat. Samenwerking met strategen en experts van gemeenten

Duurzaamheid in de Bevelanden

Samen werken we aan de beschikbaarheid van zoet water, de transitie naar een circulaire economie en het verduurzamen van mobiliteit. En aan betaalbare energie voor iedereen, zodat we werken aan een toekomstbestendige regio voor onze inwoners en ondernemers. Netwerkregisseurs Corinda Heiboer en Thijs Maljaars

Wonen in de Bevelanden

Beleving in de Bevelanden

Samen werken we aan realisatie van betaalbare woningen voor alle doelgroepen, zodat we voldoen aan de regionale vraag en de behoeften vanuit het sociaal domein zoals vastgesteld in de woonzorgvisie.

Samen werken we aan een aantrekkelijke regio richting ondernemers, gasten en voor inwoners, gebaseerd op de Bevelandse pareltjes met onderscheidende initiatieven zoals Zilt & Zoet food trail, cursus gastheerschap, een nieuwe regioportal en toolkit.

Netwerkregisseur Erlijne van den Bergh

Netwerkregisseur Tatiana Booi

Heeft u vragen over Samenwerking de Bevelanden? Neem gerust contact op met Pieter Schipper, programmamanager, via p.schipper@kapelle.nl, of met Tim Heemskerk, programmasecretaris, via t.heemskerk@kapelle.nl.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16749546/1