2026-06a D26.348545 Ruimtelijke onderbouwing uitbreidingsplan Maalstede 1a Kapelle
Tekst van het document
Enerzijds omdat de provinciale normering later wordt vastgesteld dan bij het opstellen van de strategienota was voorzien. Anderzijds omdat de beschikbare capaciteit eerst wordt ingezet op de WBI-toetsing van de primaire waterkeringen en daarna de toetsing van de regionale waterkeringen wordt opgepakt. De prestaties in de strategienota hebben een looptijd tot en met 2023, die in het WBP tot en met 2027.
48
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFA
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
4.10.3 Waterhuishouding Toetsingskader Het waterkwantiteits- en waterkwaliteitsbeheer in het binnendijkse gedeelte wordt gevoerd door Waterschap Scheldestromen. Het Waterschap beheert de waterkeringen in haar beheergebied buiten de bebouwde kom. De rioleringstaak binnen het plangebied valt onder de verantwoordelijkheid van de gemeente Kapelle. In het kader van de watertoets wordt deze waterparagraaf overlegd met het waterschap, waarna de opmerkingen worden verwerkt in deze waterparagraaf. Ruimtelijke ontwikkeling Elke ruimtelijke ontwikkeling kan invloed hebben op water. Niet alleen bouwen nabij of op een waterkering, maar ook een toename van verhard oppervlak. Een ruimtelijke ontwikkeling moet minimaal voldoen aan de belangrijkste minimale voorwaarde: .het standstill beginsel.. Dit beginsel houdt in dat door het plan geen verslechtering van de waterhuishouding mag ontstaan. In het kader van een weging van het waterbelang moeten de gemeente en het waterschap zoeken naar kansen om het watersysteem te verbeteren en duurzaam in te richten. Voor elke toename van verharding van meer dan 500 m² in stedelijk gebied is een omgevingsvergunning voor een wateractiviteit nodig. Veiligheid en waterkeringen De nieuw te bouwen woningen liggen niet in een kernzone en/of beschermingszone van een (regionale) waterkering op grond van de Legger primaire waterkeringen.
Er zijn geen beperkingen voor het plangebied. Legger oppervlaktewater Op de Legger Oppervlaktewaterlichamen ligt in het noordelijk gedeelte langs de Noordweg een secundaire watergang. Aan de oostzijde ligt een tertiaire watergang (figuur 12). Er wordt niet binnen de beschermingszone gebouwd, zodat er uitdien hoofde geen beperkingen zijn voor het plangebied.
Figuur 12: Uitsnede Legger Oppervlaktewaterlichamen waterschap Scheldestromen.
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) 49
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
Toekomstige situatie Het plangebied is als grasland in gebruik. In het plangebied komen vier woningen met bijgebouwen. Voorts worden er acht bergingen gerealiseerd ten behoeve van het naastgelegen appartementengebouw. Het verhard oppervlak van de woningen met verharding neemt met 1.206 m² toe overeenkomstig de opgave in de watertabel. Tabel 4.11: Watertabel bestaand en nieuw.
Voor de toename van het verhard oppervlak dat direct afvoert naar het oppervlaktewater is compensatie nodig. In totaal neemt het verhard oppervlak met 1.206 m² toe. In verband hiermede dient er 1.206 m² x 0,075 = 90,45 m³ watercompensatie te worden gerealiseerd. Watercompensatie kan worden gerealiseerd door het vergroten/ verdiepen van de waterput in het plangebied. Hiervoor zal initiatiefnemer tijdig een omgevingsvergunning voor een wateractiviteit aanvragen bij het Waterschap. Met inachtneming hiervan zijn er geen beperkingen voor het plangebied. Afvalwaterketen en riolering In de gemeente Kapelle wordt het afvalwater van huishoudens en industrie voor een groot deel ingezameld met riolering. Hierbij wordt gebruik gemaakt van zowel vrijverval riolering als drukriolering. Via een stelsel van persleidingen wordt het afvalwater getransporteerd naar de rioolafvalwaterzuivering. Er is sprake van een gemengd stelstel aan de Maalstede. Watersysteemkwaliteit en ecologie Voor de woningen wordt gebruik gemaakt van niet-uitloogbare bouwmaterialen (geen zink, lood, koper en PAK’s-houdende materialen) om diffuse verontreiniging van water en bodem te voorkomen. Indien desondanks gebruik wordt gemaakt van uitloogbare materialen, dienen deze te worden voorzien van een coating om uitloging tegen te gaan. Deze past in de doelstellingen van de kaderrichtlijn water.
50
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFA
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
4.10.4 Weging van het waterbelang Er is aan de hand van de criteria uit de Handreiking watertoets van het Waterschap Scheldestromen nagegaan of het voorliggende plan strijdig is met de waterdoelstellingen c.q. noodzaakt tot waterhuishoudkundige maatregelen. Hierna wordt per thema ingegaan op de wateraspecten. Thema en water(beheer)doelstelling
Uitwerking
Veiligheid waterkeringen Waarborgen van het veiligheidsniveau en rekening houden met de daarvoor benodigde ruimte.
Het plangebied ligt niet in een waterkering en/of kernof beschermingszone. De herontwikkeling heeft geen gevolgen voor de waterveiligheid.
Voorkomen overlast door oppervlaktewater Het plan biedt voldoende ruimte voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water. Waarborgen van voldoende bouwpeil om inundatie vanuit oppervlaktewater in maatgevende situaties te voorkomen. Rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering en de kans op extreme weersituaties.
Sprake is van het oprichten van vier woningen. Het verhard oppervlak neemt met 1.206 m² toe. In verband hiermede dient er 1.206 m² x 0.075 = 90,45 m³ vervangend water te worden gegraven. Watercompensatie kan worden gerealiseerd door het vergroten/ verdiepen van de waterput in het plangebied.
Voorkomen overlast door hemel- en Het huishoudelijk afvalwater vanuit de woningen wordt afvalwater gescheiden van het hemelwater afgevoerd via (inclusief water op straat/ overlast) Waarborgen gemeentelijk rioolstelsel. Het hemelwater wordt optimale werking van de zuiveringen/ RWZI's afgevoerd naar de noordelijk secundaire watergang en van de (gemeentelijke) rioleringen. en/of de oostelijk gelegen tertiaire watergang. Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken in verband met de reductie van hydraulische belasting van de RWZI, het transportsysteem en het beperken van overstorten. Grondwaterkwantiteit en verdroging Tegengaan/ verhelpen van grondwateroverlast en -tekort. Rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering. Beschermen van infiltratiegebieden en -mogelijkheden.
De ontwikkeling voorziet niet in het onttrekken van grondwater. De ontwikkeling veroorzaakt evenmin mogelijke grondwateroverlast.
Grondwaterkwaliteit Behoud/ realisatie van een goede grondwaterkwaliteit. Denk aan grondwaterbeschermingsgebieden.
In het plangebied is geen sprake van grondwateroverlast. Voor deze ontwikkeling wordt geen grondwater onttrokken. Grondwateroverlast en verdroging wordt tegengegaan door de afvoer van hemelwater naar de noordelijk en /of oostelijk gelegen watergang. Het plangebied ligt niet in een grondwaterbeschermingsgebied ten behoeve van een drinkwaterwinning.
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) 51
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
Oppervlaktewaterkwaliteit Evenals bij het voorgaande aspect geldt dat met het Behoud realisatie van goede oog op de oppervlaktewaterkwaliteit er geen gebruik oppervlaktewaterkwaliteit. Vergroten van de wordt gemaakt van uitlogende bouwmaterialen. veerkracht van het watersysteem. Toepassing Hemelwater zal zo schoon mogelijk blijven doordat het van de trits schoonhouden, scheiden en gescheiden wordt afgevoerd. zuiveren. Volksgezondheid (water gerelateerd) Er zijn geen risico's voor volksgezondheid bekend. Minimaliseren risico water gerelateerde ziekten en plagen. Voorkomen van verdrinkingsgevaar/ -risico's via o.a. de daarvoor benodigde ruimte. Bodemdaling Voorkomen van maatregelen die (extra) maaiveld dalingen in zetting gevoelige gebieden kunnen veroorzaken.
Niet van toepassing.
Natte natuur Ontwikkeling/bescherming van een rijke gevarieerde en natuurlijk karakteristieke aquatische natuur.
Als gevolg van deze planontwikkeling treden geen hydrologische effecten op aquatische natuur op.
Onderhoud oppervlaktewater Aan de noordzijde van het plangebied ligt secundair Oppervlaktewater moet adequaat onderhouden oppervlaktewater; aan de oostzijde een tertiaire worden. Rekening houden met obstakelvrije watergang. In de beschermingszone vindt geen onderhoudsstroken vrij van bebouwing en bebouwing plaats, zodat onderhoud vanaf de waterkant opgaande (hout)beplanting. mogelijk blijft.
Wateradvies De Weging van de waterbelang wordt doorlopen middels toezending van het ontwerpbesluit naar het Waterschap Scheldestromen. Het wateradvies is verwerkt in de definitieve onderbouwing. Conclusie De ruimtelijke ontwikkeling voldoet aan de belangrijkste minimale voorwaarde: "het standstill beginsel". Dit beginsel houdt in dat door het plan geen verslechtering van de waterhuishouding ontstaat. Er wordt 90,45 m³ watercompensatie gerealiseerd. De ontwikkeling die door het plan mogelijk wordt gemaakt heeft verder geen invloed op de waterhuishouding en de afvalwaterketen. Vanuit waterhuishoudkundige overwegingen bestaan er geen bezwaren tegen deze aanvraag omgevingsvergunning die vier woningen mogelijk maakt.
52
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFA
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
Hoofdstuk 5 5.1
Adviesrecht en participatie
Adviesrecht raad
De gemeenteraad van Kapelle heeft op 22 november 2022 een besluit genomen wanneer een bindend advies van de raad conform artikel 16.15a lid b onder 1 Omgevingswet is vereist indien het college voornemens is een positief besluit te nemen over een aanvraag omgevingsvergunning voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. Het adviesrecht van de raad is onder andere in de volgende gevallen verplicht: Voor zover binnen het stedelijk gebied: projecten waarbij het aantal woningen toeneemt met meer dan vijf; Voor zover buiten het stedelijk gebied: het bouwen van één of meer woningen. Op grond van de Provinciale omgevingsverordening ligt het plangebied binnen de bebouwde kom, maar niet in bestaand stedelijk gebied in verband met de agrarische functie van het perceel. Het toevoegen van vier woningen binnen de bebouwde kom valt niet onder het adviesrecht van de raad, zodat er geen advies van de raad nodig is.
5.2
Verplichte participatie
De gemeenteraad van Kapelle heeft op grond van artikel 16.55 lid 7 van de Omgevingswet op 22 november 2022 een besluit genomen wanneer bij een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit participatie verplicht is. Participatie is onder andere in de volgende gevallen verplicht: Voor zover binnen het stedelijk gebied: projecten waarbij het aantal woningen toeneemt met meer dan vijf; Voor zover buiten het stedelijk gebied: het bouwen van één of meer woningen. Op grond van de Provinciale omgevingsverordening ligt het plangebied binnen de bebouwde kom, maar niet in bestaand stedelijk gebied in verband met de agrarische functie van het perceel. In verband hiermede is participatie verplicht.
5.3
Participatie omgeving
Initiatiefnemer heeft overeenkomstig het bepaalde in de Participatienota gemeente Kapelle 2023 een omgevingsdialoog gehouden met de omgeving. Hij heeft de bewoners/gebruikers in de directe omgeving van het plangebied een brief gestuurd voor een participatiebijeenkomst op 10 februari 2025. Zij zijn geïnformeerd over het plan om vier woningen te realiseren achter Maalstede 3 tot en met 11 (oneven) middels het houden van een informatiebijeenkomst. De resultaten van de omgevingsdialoog zijn opgenomen in Bijlage 8.
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) 53
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
54
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFA
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
Hoofdstuk 6 6.1
Financiële haalbaarheid
Kostenverhaal
In deze situatie is er sprake van het toevoegen van vier woningen in het uitbreidingsplan Maalstede 1a in Kapelle. Er is sprake van een planontwikkeling als bedoeld in artikel 13.11 van de Omgevingswet. Tussen initiatiefnemer en gemeente wordt een grondexploitatieovereenkomst gesloten overeenkomstig het bepaalde in artikel 13.13 (kostenverhaal bij overeenkomst), waarin onder meer afspraken over de over de inrichting van de locatie, planning en financiële bijdragen worden vastgelegd.
6.2
Nadeelcompensatie
Tussen initiatiefnemer en de gemeente wordt in de grondexploitatieovereenkomst een bepaling opgenomen over nadeelcompensatie overeenkomstig het bepaalde in artikel 13.13 (kostenverhaal bij overeenkomst) van de Omgevingswet om verhaal van de kosten van een toegewezen nadeelcompensatieverzoek voor de gemeente af te dekken. Hiermee is de ontwikkeling economisch uitvoerbaar.
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) 55
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
56
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFA
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
Hoofdstuk 7 7.1
Belangenafweging en conclusie
Toetsing initiatief aan evenwichtige toedeling van functies aan locaties
Als een omgevingsvergunning wordt aangevraagd voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit wordt deze omgevingsvergunning alleen verleend met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (Etfal, artikel 8.0a, lid 2 Bkl). Naast de regel dat een omgevingsvergunning slechts kan worden verleend met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, gelden de beoordelingsregels in artikel 8.0b tot en met 8.0e van het Bkl. In dit hoofdstuk wordt op basis van de verzamelde informatie uit de voorgaande hoofdstukken ingegaan op de overwegingen om aan het verzoek medewerking te verlenen. De aanvraag omgevingsvergunning voor het oprichten van vier woningen wordt getoetst aan de gemeentelijke beleidsuitgangspunten en de instructieregels van het Rijk en de provincie Zeeland. Dit hoofdstuk wordt afgesloten met conclusies op basis waarvan besluitvorming kan plaatsvinden over het verlenen van de omgevingsvergunning.
7.2
Beoordeling aanvraag omgevingsvergunning
7.2.1 Beoordeling verzoek aan gemeentelijk beleid Het verzoek is niet in overeenstemming met het omgevingsplan van rechtswege 'Kapelle - Biezelinge', omdat binnen de functie 'Agrarisch' geen woningen zijn toegestaan. Het oprichten van vier woningen in de dorpsrand wordt vanuit de fysieke leefomgeving aanvaardbaar geacht, omdat de voorgestelde functie ten opzichte van het vigerende omgevingsplan geen negatieve invloed heeft op de stedenbouwkundige en volkshuisvestelijke uitgangspunten. De planontwikkeling is in overeenstemming met de gemeentelijke uitgangspunten, zoals beschreven in hoofdstuk 3.4. Aspecten fysieke leefomgeving en milieu In hoofdstuk 4 zijn milieuaspecten, aanwezige archeologische waarden, natuurwaarden en water onderzocht. Hieruit kan worden afgeleid dat er vanuit deze beleidsvelden geen beperkingen zijn tegen de planontwikkeling. Vanuit de fysieke leefomgeving zijn er geen bezwaren om medewerking te verlenen aan het verzoek. 7.2.2 Toetsing aan instructieregels Rijk en provincie Toetsing aan rijksbeleid In hoofdstuk 3.1 is de aanvraag omgevingsvergunning getoetst aan de Nationale omgevingsvisie en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Ladder voor duurzame verstedelijking). Hierin is aangetoond dat de instructieregels van het Rijk niet in het geding zijn. De bouw van vier woningen in het plangebied is in overeenstemming met het rijksbeleid.
Toetsing aan provinciaal beleid In hoofdstuk 3.2.2 is de aanvraag omgevingsvergunning getoetst aan de relevant zijnde instructieregels van de Omgevingsverordening Zeeland. Aangetoond is dat de planontwikkeling voldoet aan de instructieregels van de Ladder voor duurzame verstedelijking en ruimtelijke kwaliteit. De woningen in het plangebied zijn in overeenstemming met het provinciaal beleid. Er is sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
7.3
Conclusie
In deze ruimtelijke onderbouwing is aangetoond dat de gevraagde activiteit leidt tot een situatie, waarbij er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het plangebied. In hoofdstuk 2 is gemotiveerd dat er nut en noodzaak is om te voorzien in het toevoegen van vier woningen. De functie is, voor zover van toepassing, in overeenstemming met de instructieregels van het Rijk (paragraaf 3.1.3) en de provincie (paragraaf 3.2.2). Verder is de planontwikkeling in hoofdstuk 4 getoetst aan milieuaspecten, archeologie en ecologie en water. De weging van het waterbelang heeft plaatsgevonden in paragraaf 4.10.3. Aangetoond is dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties om vier woningen toe te staan tussen in het uitbreidingsplan bij Maalstede 1a in
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) 57
omgevingsvergunning Uitbreidingsplan Maalstede 1a, Kapelle
Kapelle. Alles overwegende is de conclusie dat het toevoegen van vier woningen achter de woningen aan de Maalstede 3 tot en met 11 (oneven) in Kapelle aanvaardbaar is.
58
Onderbouwing evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFA
IntROview B.V. Sterrenlaan 24 2743 LS Waddinxveen telefoon 0182 630480 info@introview.nl www.introview.nl