CConstaterende datKapelle
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-10b D23.291646 NotaBodembeheerKapelle2023ontwerp25082023

Raadsvergadering 26 maart 2024, gemeente KapelleBij agendapunt: Vaststellen Nota bodembeheer Kapelle 202312.333 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Artikel 9 (algemene toepassingsnorm voor PFAS) Voor PFAS is in de landelijke regelgeving nog geen normering vastgelegd. Het handelingskader voor PFAS heeft geen wettelijke status, maar bevat wel toepassingswaarden voor verschillende situaties. Deze hebben het karakter van advieswaarden ter invulling van de zorgplicht. Op basis van de versie uit december 2021 van het handelingkader voor PFAS (zonder voorvoegsel ‘tijdelijk’) wordt het traject gestart van de wettelijke verankering van de PFAS-normering. Omdat de normstelling voor PFAS nu nog niet wettelijk geregeld is, is alle normstelling voor PFAS voor toepassingen op de landbodem opgenomen in deze nota bodembeheer. De definitieve landelijke achtergrondwaarden zoals bepaald door het RIVM9 in juni 2020 gelden daarbij als ondergrens. Er worden geen strengere normen voor PFAS gesteld dan deze landelijke achtergrondwaarden, ongeacht herkomst of dieptetraject. De artikelen 6 t/m 8 en 10 t/m 12 bevatten voor een aantal situaties ruimere toepassingsnormen voor PFAS. Voornoemde definitieve achtergrondwaarden zijn sindsdien opgenomen in het (tijdelijk) handelingskader voor PFAS en naar verwachting worden deze waarden uiteindelijk wettelijk verankerd.

Achtergrondwaarden perfluoralkylstoffen (PFAS) in de Nederlandse landbodem; A. Wintersen et al., RIVMbriefrapport 2020-0100, 2020. 9

Nota bodembeheer gemeente Kapelle 2023

25

ontwerp, 25 augustus 2023

Deze definitieve landelijke achtergrondwaarden zijn als volgt: PFOA (som lineair + vertakt): 1,9 μg/kgds PFOS (som lineair + vertakt): 1,4 μg/kgds De overige PFAS zijn in het onderzoek van het RIVM zelden boven de detectiegrens aangetoond. In het handelingskader voor PFAS is opgenomen dat voornoemde achtergrondwaarde van PFOS (1,4 μg/kgds) ook als toepassingswaarde kan gelden voor de overige PFAS. Deze waarde is overgenomen uit het handelingskader voor PFAS, in de verwachting dat deze op termijn ook voor de overige PFAS wordt opgenomen in de landelijke regelgeving. Deze landelijke achtergrondwaarden gelden bijvoorbeeld altijd voor toepassingen dieper dan 1,0 m-mv. Ook grond en baggerspecie afkomstig van buiten de regio Bevelanden en Tholen moet altijd aan deze achtergrondwaarden voldoen. Volgens het landelijk Handelingskader voor PFAS hoeft geen bodemtypecorrectie te worden toegepast als het percentage organische stof minder dan 10% bedraagt (op dezelfde wijze als bij PAK). Bij hogere percentages wordt volgens het handelingskader de voor organische verbindingen gebruikelijke bodemtypecorrectie toegepast. In het tweede lid van artikel 9 is opgenomen, dat bij PFAS ongeacht het percentage organische stof geen bodemtypecorrectie plaatsvindt. De milieu-hygiënische risico’s van PFAS in de bodem zijn niet afhankelijk van het percentage organische stof.

Daarom kiest de gemeente ervoor om voor PFAS geen bodemtypecorrectie toe te passen. Overigens worden in de gemeente Kapelle in de landbodem maar zelden percentages organische stof hoger dan 10% aangetroffen.

Artikel 10 (toepassingsnormen voor PFAS in een strook van 200 meter langs de Westerschelde) Langs de Westerschelde komen hogere PFAS-gehalten in de bodem voor als gevolg van seaspray, tot boven de toepassingswaarden voor wonen en industrie uit het handelingskader voor PFAS. In eerste instantie kwam dit duidelijk naar voren in onderzoeken ten behoeve van de dijkversterking bij Hansweert. Vervolgens zijn 19 raaien onderzocht op PFAS tussen de Belgische grens en het Sloegebied. Waterschap Scheldestromen heeft het dwarsprofiel van de dijk onderzocht. De gemeenten Borsele, Kapelle en Reimerswaal hebben gezamenlijk een strook van 500 meter langs de dijk onderzocht (gerekend vanaf de buitenkruin van de dijk). Uit deze onderzoeken blijkt dat op Zuid-Beveland langs de hele noordkant van de Westerschelde hogere PFAS-gehalten voorkomen. Vanwege de hogere PFAS-gehalten bij Hansweert is een afzondelijke bodemkwaliteitskaart ten behoeve van de dijkversterking opgesteld10 en inclusief lokale maximale waarden (LMW) vastgesteld door de gemeenteraad van Kapelle op 18 oktober 2022. Met deze LMW is grondverzet binnen het projectgebied van de dijkversterking mogelijk gemaakt, waarbij binnen het projectgebied ook uitwisseling tussen de gemeentes Kapelle en Reimerswaal mogelijk is.

De bodemkwaliteitskaart voor de dijkversterking bij Hansweert en de hierin opgenomen LMW voor grondverzet binnen het projectgebied blijven ongewijzigd van kracht.

Bodemkwaliteitskaart en lokale maximale waarden dijkversterking Hansweert (PRJ1013H); Marmos Bodemmanagement, 22 juni 2022. 10

Nota bodembeheer gemeente Kapelle 2023

26

ontwerp, 25 augustus 2023

Voor grondverzet binnen het projectgebied van de dijkversterking gelden de volgende LMW: zone onderdeel som PFOS Som PFOA overige PFAS Dijk langs Westerschelde toekomstig dijklichaam (*) 36 µg/kgds 10 µg/kgds 1,4 µg/kgds en aangrenzende landparkzone, incl. steunberm 15 µg/kgds 7 µg/kgds 1,4 µg/kgds bodem overig achterland 36 µg/kgds 10 µg/kgds 1,4 µg/kgds Kanaalzone en slibdepot hele zone 15 µg/kgds 7 µg/kgds 1,4 µg/kgds (*) met uitzondering van de steunberm (vanaf de rand van de toekomstige weg) ter hoogte van de parkzone in de gemeente Reimerswaal. Ook elders langs de Westerschelde vinden werkzaamheden met grondverzet plaats. Voor ongeveer de helft van het dijktraject langs de Zak van Zuid-Beveland ligt een opgave in het kader van de waterveiligheid. Tot en met 2025 loopt de verkenningsfase naar de meest geschikte oplossingen voor deze opgave. Om grondverzet in projecten langs de Westerschelde mogelijk te maken willen de gemeenten Borsele, Kapelle en Reimerswaal identiek beleid vaststellen voor PFAS in de strook langs de Westerschelde.

Daarom zijn in artikel 10 voor een strook van 200 meter langs de Westerschelde de volgende LMW overgenomen uit de eerdere bodemkwaliteitskaart van de dijkversterking bij Hansweert: PFOS (som lineair+vertakt): 15 µg/kgds PFOA (som lineair+vertakt): 7 µg/kgds Deze LMW gelden voor de dijk met uitzondering van het buitentalud waarvoor Rijkswaterstaat het bevoegd gezag is. De strook van 200 meter wordt gerekend vanaf de buitenkruin van de dijk (= de grens tussen bevoegd gezag gemeente en Rijkswaterstaat). Het is ook mogelijk om grond of baggerspecie die aan deze LMW voldoet vanuit de rest van het bodembeheergebied (regio Bevelanden en Tholen) toe te passen in het projectgebied van de dijkversterking Hansweert (maar niet in het buitentalud). De LMW zijn beperkt tot een strook van 200 meter, gerekend vanaf de buitenkruin van de dijk. In het gedeelte tussen 200 en 500 meter vanaf de dijk zijn in het algemeen geen gehalten boven de landelijke achtergrondwaarden gemeten. Voor dit laatste deel is wel in artikel 14 een onderzoeksplicht opgenomen wanneer vrijkomende grond buiten de strook van 500 meter langs de Westerschelde wordt toegepast. Uit oogpunt van eenduidigheid gelden de LMW voor het herkomstgebied regio Bevelanden en Tholen.

In de praktijk betreffen de toepassingen primair grondverzet over korte afstand binnen de strook langs de Westerschelde, met name binnen de dijk en Beschermingszone A. Beschermingszone A is door waterschap Scheldestromen gedefinieerd als een aan een waterstaatswerk grenzende zone, die als zodanig in de legger is opgenomen, waarin ter bescherming van dat waterstaatswerk voorschriften krachtens de keur van toepassing zijn. Nuttige toepassingen waarbij grond met hogere PFAS-gehalten vanuit de rest van de regio Bevelanden en Tholen wordt toegepast zullen in de praktijk zeer zelden voorkomen. Waterschap Scheldestromen heeft verzocht om voor Beschermingszone A om de ruimere waarden van 36 µg/kgds PFOS en 10 µg/kgds voor PFOA als LMW vast te stellen. Hier kiezen de drie Bevelandse gemeenten langs de Westerschelde niet voor. In het onderzoek van de 19 raaien zijn slechts op enkele plekken hogere PFAS-gehalten gemeten dan de nu gekozen LMW van 15 µg/kgds PFOS en 7 µg/kgds PFOA. In de gemeente Kapelle ligt Beschermingszone A geheel binnen de strook van 200 meter.

Nota bodembeheer gemeente Kapelle 2023

27

ontwerp, 25 augustus 2023

In de verdere uitwerking van de opgave in het kader van de waterveiligheid wordt o.a. meer PFASonderzoek in de dijk uitgevoerd. Mocht hieruit blijken dat ruimere PFAS-normen wenselijk zijn dan kunnen die op een later moment op projectniveau worden vastgesteld, zoals eerder is gedaan voor de dijkversterking bij Hansweert.

Artikel 11 (toepassingsnormen voor PFAS bij verspreiden van baggerspecie op aangrenzende percelen) Onderstaande toelichting is overgenomen uit paragraaf 4.5 van de regionale bodemkwaliteitskaart PFAS Bevelanden en Tholen uit 2020. De Regeling bodemkwaliteit bevat een afzonderlijke normering voor het verspreiden van bagger op aan dezelfde watergangen grenzende percelen. Het is volgens het Besluit bodemkwaliteit niet toegestaan om in gebiedsspecifiek beleid strengere normen vast te leggen dan deze ‘maximale waarden voor het verspreiden van baggerspecie over aangrenzend perceel’. Deze normen voor het verspreiden van bagger bestaan uit: een modelmatige berekening van de ecologische risico’s, aangeduid als msPAF (meer stoffen Potentieel Aangetaste Fractie); afzonderlijke samenstellingswaarden voor cadmium en minerale olie. Daarnaast mag (ongeacht de uitkomst van msPAF) voor geen enkele stof het gehalte hoger zijn dan de interventiewaarde; de Achtergrondwaarde voor de overige, niet in de msPAF-berekening opgenomen stoffen. Het tijdelijk handelingskader vermeldt voor het verspreiden van bagger op aan dezelfde watergang grenzende percelen de 3/7/3/3 waarden. Deze 3/7/3/3 waarden zijn gebaseerd op een risicomodelering van het RIVM voor de bodemfuncties landbouw en natuur 11.

Voor het verspreiden van bagger op aan dezelfde watergang grenzende percelen hanteert de regio Bevelanden en Tholen de 3/7/3/3 waarden zoals vermeld in het tijdelijk handelingskader. De verwachting is dat deze 3/7/3/3 waarden op termijn als normering voor het verspreiden van bagger worden opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit.

Artikel 12 (toepassingsnormen voor PFAS in grootschalige bodemtoepassingen) Onderstaande toelichting is overgenomen uit paragraaf 4.6 van de regionale bodemkwaliteitskaart PFAS Bevelanden en Tholen uit 2020. Voor grootschalige bodemtoepassingen (GBT) op de landbodem vermeldt het tijdelijk handelingskader de volgende toepassingswaarden: boven grondwaterniveau: de 3/7/3/3 waarden onder grondwaterniveau: de landelijke achtergrondwaarden

Overzicht van risicogrenzen voor PFOS, PFOA en GenX ten behoeve van een tijdelijk handelings-kader voor het toepassen van grond en baggerspecie op of in de landbodem; RIVM, 4 maart 2019. 11

Nota bodembeheer gemeente Kapelle 2023

28

ontwerp, 25 augustus 2023

In de regio Bevelanden en Tholen gelden voor grootschalige bodemtoepassingen op de landbodem (GBT) de volgende toepassingsnormen: Gedeelte van de GBT Toepassingsnormen Afdeklaag toepassingsnormen zoals beschreven voor het dieptetraject 0-1,0 m-mv Kern van de GBT, boven grondwaterspiegel De 3/7/3/3 waarden Kern van de GBT, onder grondwaterspiegel toepassingsnormen zoals beschreven voor het dieptetraject 1,0-2,0 m-mv Voor de afdeklaag wordt aangesloten bij de toepassingsnormen die voor ‘gewone’ toepassingen voor het dieptetraject 0-1,0 m-mv zijn vastgelegd in artikel 6, 7, 9 dan wel 10.

Artikel 13 (maximum percentage bodemvreemd materiaal) Grond en baggerspecie zijn in het Besluit bodemkwaliteit gedefinieerd als materiaal dat bestaat uit minerale delen met een maximale korrelgrootte van 2 mm en organische stof in een verhouding en met een structuur zoals deze in de bodem van nature worden aangetroffen, alsmede van nature in de bodem voorkomende schelpen en grind met een korrelgrootte van 2 tot 63 millimeter. In voorkomende gevallen wordt in grond en baggerspecie ook ander materiaal aangetroffen, zoals minerale bestanddelen (puin, vliegas, slakken) en niet-minerale, niet-natuurlijke bestanddelen (glas, plastic, behandeld en onbehandeld hout). Dit andere materiaal wordt gezien als bodemvreemde bijmengingen. Oogstrestanten (in bijvoorbeeld tarragrond) afkomstig van verwerkingsactiviteiten gelden ook als bodemvreemde bijmengingen. In het Besluit bodemkwaliteit is voor toe te passen partijen grond en bagger een maximaal percentage bodemvreemde bijmengingen opgenomen van 20%. Sinds eind november 2018 is dit in de Regeling bodemkwaliteit aangescherpt, waarbij ander bodemvreemd materiaal dan steenachtig materiaal of hout (bijvoorbeeld plastic en piepschuim) slechts sporadisch aanwezig mag zijn in toe te passen grond of baggerspecie. Gemeentes kunnen in gebiedsspecifiek beleid een lager percentage vaststellen.

In het buitengebied komen bodemvreemde bijmengingen normaliter niet of nauwelijks voor. In paragraaf 4.3 van de nota bodembeheer uit 2012 was voor het buitengebied (bodemfunctieklasse landbouw/natuur) een maximum percentage bodemvreemde bijmengingen van 5% vastgelegd. Dit beleid wordt ongewijzigd voortgezet. Volgens de huidige regelgeving uit het Besluit bodemkwaliteit is het niet mogelijk om gebiedsspecifiek beleid vast te stellen voor toepassingen in grootschalige bodemtoepassingen (GBT) en voor het verspreiden van baggerspecie op aan dezelfde watergang grenzende percelen. In het derde lid worden deze toepassingen daarom uitgezonderd. Onder de Omgevingswet komt deze beperking te vervallen, zodat in het vierde lid is opgenomen dat het derde lid vervalt bij het in werking treden van de Omgevingswet. Bijlage 6 bevat een kaart waarin is weergegeven waar het lagere percentage bodemvreemde bijmengingen van 5% geldt. Dit lagere percentage geldt ongeacht de herkomst van de grond of bagger.

Nota bodembeheer gemeente Kapelle 2023

29

ontwerp, 25 augustus 2023

Artikel 14 (grondstromenmatrix voor het gebruik van de bodemkwaliteitskaart als bewijsmiddel) In algemene zin kan de gemeentelijke bodemkwaliteitskaart als grondslag voor een milieuhygiënische verklaring van ontgraven grond dienen als de in de bodemkwaliteitskaart vastgelegde kwaliteit voldoet aan de per stofgroep vastgelegde toepassingsnormen in bijlage 2B, 3B en 4B. Dit is in een grondstromenmatrix weergegeven in bijlage 7. In de grondstromenmatrix is ook opgenomen in welke gevallen de bodemkwaliteitskaart als bewijsmiddel kan dienen bij toepassingen in een grootschalige bodemtoepassing (GBT). De landelijke normering voor GBT bevat voor de metalen een toetsing op zowel samenstelling als emissie. De bovengrond van de zone C: Vooroorlogse kernen is voor de NEN5740-parameters geclassificeerd als klasse industrie vanwege zink en PAK. Alle 80-percentielwaarden in deze zone zijn lager dan de emissietoetswaarden, zodat de bodemkwaliteitskaart ook bij deze zone voor de NEN5740-parameters kan worden gebruikt als grondslag voor een milieuhygiënische verklaring bij toepassingen in een GBT. Verder is als beleidskeuze in de grondstromenmatrix opgenomen dat grond die afkomstig is uit de strook van 500 meter langs de Westerschelde altijd onderzocht moet worden op PFAS wanneer deze buiten deze strook wordt toegepast.

In het gedeelte tussen 200 en 500 meter vanaf de buitenkruin van de dijk komen op de meeste plaatsen geen gehalten boven de landelijke achtergrondwaarde voor. Plaatselijk kan dit wel het geval zijn, maar dat valt op basis van vooronderzoek niet te voorspellen.

Artikel 15 (aanvaarding bodemkwaliteitskaarten van andere bestuursorganen in Zeeland) In de oude nota bodembeheer uit 2012 was in paragraaf 4.8 opgenomen dat alle bodemkwaliteitskaarten binnen Zeeland als bewijsmiddel worden erkend, voor zover deze zijn opgesteld en vastgesteld conform het Besluit bodemkwaliteit. Inmiddels hebben alle gemeenten in Zeeland een conform het Besluit bodemkwaliteit vastgestelde bodemkwaliteitskaart. Deze worden onderling erkend. Ook de waterbodemkwaliteitskaart van waterschap Scheldestromen wordt met dit artikel aanvaard. De aanvaarding geldt zolang de bodemkwaliteitskaart geldig is voor het gebied van het bestuursorgaan dat de bodemkwaliteitskaart heeft vastgesteld. Toekomstige actualisaties van bodemkwaliteitskaarten hoeven niet met een nieuw besluit opnieuw erkend te worden, maar worden automatisch aanvaard wanneer het bevoegde bestuursorgaan de geactualiseerde bodemkwaliteitskaart vaststelt.

SLOTBEPALINGEN De slotbepalingen spreken voor zich en behoeven geen toelichting.

Nota bodembeheer gemeente Kapelle 2023

30

ontwerp, 25 augustus 2023

Bodemfunctiekaart Bodemfunctieklasse Landbouw/natuur Bodemfunctieklasse Wonen Bodemfunctieklasse Industrie

SCHAAL:

1:30.000 (op A3)

DATUM: 01-12-2022

BIJLAGE:

1

Bodemfunctiekaart

PROJECT:

P21-02

Nota bodembeheer gemeente Kapelle

OPDRACHTGEVER:

Gemeente Kapelle

Toepassingseis NEN5740-parameters, dieptetraject 0-2,0 m-mv Herkomst buiten regio Bevelanden en Tholen klasse Landbouw/natuur klasse Wonen (0-0,5 m-mv), dieper klasse Landbouw/natuur klasse Wonen Dieper dan 2,0 m-mv: altijd klasse Landbouw/natuur

SCHAAL:

1:30.000 (op A3)

DATUM: 01-03-2023

BIJLAGE:

2A

PROJECT:

P21-02

OPDRACHTGEVER:

Toepassingskaart NEN5740-parameters (herkomst buiten regio Bevelanden en Tholen) Nota bodembeheer gemeente Kapelle Gemeente Kapelle

Toepassingseis NEN5740-parameters, dieptetraject 0-2,0 m-mv Herkomstgebied regio Bevelanden en Tholen klasse Landbouw/natuur klasse Wonen klasse Industrie Dieper dan 2,0 m-mv: altijd klasse Landbouw/natuur

SCHAAL:

1:30.000 (op A3)

DATUM: 01-03-2023

BIJLAGE:

2B

PROJECT:

P21-02

OPDRACHTGEVER:

Toepassingskaart NEN5740-parameters (herkomstgebied regio Bevelanden en Tholen) Nota bodembeheer gemeente Kapelle Gemeente Kapelle

Toepassingseis DDD, DDE, DDT en som drins, dieptetraject 0-2,0 m-mv Herkomst buiten regio Bevelanden en Tholen Achtergrondwaarde DDE en DDT: Max. waarde voor industrie / DDD en drins: Max. waarde voor wonen Maximale waarde voor wonen Dieper dan 2,0 m-mv: altijd klasse Landbouw/natuur

SCHAAL:

1:30.000 (op A3)

DATUM: 01-03-2023

BIJLAGE:

3A

PROJECT:

P21-02

OPDRACHTGEVER:

Toepassingskaart bestrijdingsmiddelen (herkomst buiten regio Bevelanden en Tholen) Nota bodembeheer gemeente Kapelle Gemeente Kapelle

Toepassingseis DDD, DDE, DDT en som drins, dieptetraject 0-2,0 m-mv Herkomstgebied regio Bevelanden en Tholen Achtergrondwaarde DDE: 0,75 mg/kgds / DDT: 0,65 mg/kgds / DDD en drins: Max. waarde voor wonen DDE en DDT: Max. waarde voor Industrie / DDD en drins: Max. waarde voor wonen Maximale waarde voor industrie Dieper dan 2,0 m-mv: altijd klasse Landbouw/natuur

SCHAAL:

1:30.000 (op A3)

DATUM: 01-03-2023

BIJLAGE:

3B

PROJECT:

P21-02

OPDRACHTGEVER:

Toepassingskaart bestrijdingsmiddelen (herkomstgebied regio Bevelanden en Tholen) Nota bodembeheer gemeente Kapelle Gemeente Kapelle

Toepassingsnormen PFAS (ongeacht diepte) Herkomst buiten regio Bevelanden en Tholen PFOA 1,9 µg/kgds / PFOS 1,4 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds

SCHAAL:

1:30.000 (op A3)

DATUM: 20-04-2023

BIJLAGE:

4A

Toepassingskaart PFAS (herkomst buiten regio Bevelanden en Tholen)

PROJECT:

P21-02

Nota bodembeheer gemeente Kapelle

OPDRACHTGEVER:

Gemeente Kapelle

Toepassingsnormen PFAS, dieptetraject 0-1,0 m-mv Herkomstgebied regio Bevelanden en Tholen PFOS 1,4 µg/kgds / PFOA 1,9 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds PFOS 3 µg/kgds / PFOA 7 µg/kgds / overige indiv. PFAS 3 µg/kgds PFOS 15 µg/kgds / PFOA 7 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds PFOS 15 µg/kgds / PFOA 7 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds (*) PFOS 15 µg/kgds / PFOA 7 µg/kgds / overige indiv. PFAS 3 µg/kgds (*) Ruimere normen voor grondverzet binnen projectgebied dijkversterking Hansweert Dieper dan 1,0 m-mv: altijd PFOA 1,9 µg/kgds / PFOS 1,4 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds

SCHAAL:

1:30.000 (op A3)

DATUM: 05-07-2023

BIJLAGE:

4B

Toepassingskaart PFAS (herkomstgebied regio Bevelanden en Tholen)

PROJECT:

P21-02

Nota bodembeheer gemeente Kapelle

OPDRACHTGEVER:

Gemeente Kapelle

Toepassingseis voor de gezoneerde wegbermen Achtergrondwaarde Maximale waarden voor industrie (geldt alleen voor toepassen bermgrond; overige grond en bagger: Achtergrondwaarde m.u.v. PAK)

SCHAAL:

1:30.000 (op A3)

DATUM: 01-12-2022

BIJLAGE:

5

Toepassingskaart (gezoneerde wegbermen)

PROJECT:

P21-02

Nota bodembeheer gemeente Kapelle

OPDRACHTGEVER:

gemeente Kapelle

Maximum percentage bodemvreemd materiaal 20% (generieke norm) 5% (gebiedsspecifiek beleid)

SCHAAL:

1:30.000 (op A3)

DATUM: 02-12-2022

BIJLAGE:

6

Maximum percentage bodemvreemd materiaal

PROJECT:

P21-02

Nota bodembeheer gemeente Kapelle

OPDRACHTGEVER:

Gemeente Kapelle

BIJLAGE 7: GRONDSTROMENMATRIX VOOR HET GEBRUIK VAN DE GEMEENTELIJKE BODEMKWALITEITSKAART ALS BEWIJSMIDDEL

NEN5740-PARAMETERS

Herkomstzone A: Buitengebied en woonwijken vanaf 1980

B1: Wijken 1940-1980 Kapelle

B2: Wijken 1940-1980 Overige kernen

C: Vooroorlogse kernen

D: Bedrijfsterrein Biezelinge (1960-heden)

E: Kanaaldemping Wemeldinge

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)

klasse Landbouw/natuur

JA

JA

JA

JA

NEE

JA

NEE

NEE

JA

JA

JA

JA

klasse Wonen

JA

JA

JA

JA

JA

JA

NEE

JA

JA

JA

JA

JA

klasse Industrie

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

Grootschalige bodemtoepassing

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

Toepassingsnorm uit bijlage 2B

DDD, DDE, DDT en SOM DRINS

Herkomstzone Boomgaardzone 1

Boomgaardzone 2

Vooroorlogse kernen

Overig gebied

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-1,0 m-mv)

Ondergrond (1,0-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-1,0 m-mv)

Ondergrond (1,0-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-1,0 m-mv)

Ondergrond (1,0-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-1,0 m-mv)

Ondergrond (1,0-2,0 m-mv)

Achtergrondwaarde

NEE

NEE

JA

NEE

NEE

JA

NEE

NEE

JA

JA

JA

JA

DDE: 0,75 mg/kgds DDT: 0,65 mg/kgds DDD, drins: max. waarde v. wonen

NEE

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

DDE: maximale waarde v. industrie DDT: maximale waarde v. industrie DDD, drins: max. waarde v. wonen

NEE

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

Maximale waarden voor industrie

NEE

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

Grootschalige bodemtoepassing

NEE

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

JA

Toepassingsnorm uit bijlage 3B

PFAS

Herkomstzone Aandachtsstrook PFAS langs Westerschelde (0-200 meter vanaf buitenkruin dijk)

Overig Kapelle

Aandachtsstrook PFAS langs Westerschelde (200-500 m. vanaf buitenkruin dijk)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)

Bovengrond (0-0,5 m-mv)

Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)

PFOS 1,4 µg/kgds PFOA 1,9 µg/kgds overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds

JA

JA

NEE

JA

NEE (*)

JA

PFOS 3 µg/kgds PFOA 7 µg/kgds overige indiv. PFAS 3 µg/kgds

JA

JA

NEE

JA

NEE (*)

JA

JA

Bodemkwaliteitskaart voor desbetreffende stofgroep te gebruiken als grondslag voor milieuhygiënische verklaring (in combinatie met vooronderzoek)

PFOS 15 µg/kgds PFOA 7 µg/kgds overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds

JA

JA

JA

JA

JA

JA

NEE

Bodemkwaliteitskaart voor desbetreffende stofgroep niet te gebruiken als grondslag voor milieuhygiënische verklaring

PFOS 15 µg/kgds PFOA 7 µg/kgds overige indiv. PFAS 3 µg/kgds

JA

JA

JA

JA

JA

JA

NEE (*)

Bodemkwaliteitskaart voor PFAS alleen te gebruiken als grondslag voor milieuhygiënische verklaring binnen de strook van 500 meter vanaf de buitenkruin van de dijk (in combinatie met vooronderzoek)

Toepassingsnorm uit bijlage 4B

Nota bodembeheer gemeente Kapelle 2023

LEGENDA

25 augustus 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13930227/1