CConstaterende datKapelle
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-17b. Ontwerpbestemmingsplan Abdijstraat te Biezelinge (supermakrt)

Raadsvergadering 10 mei 2022, gemeente KapelleBij agendapunt: Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Abdijstraat te Biezelinge (supermarkt)23.904 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Zelfredzaamheid Ter plaatse van het plangebied worden drie winkels en een woongebied gerealiseerd. De aanwezige personen zullen over het algemeen dan ook zelfredzaam zijn. Aanwezige kinderen, ouderen en gehandicapten worden wel beschouwd als verminderd zelfredzame personen. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat de ouders/verzorgers de verminderd zelfredzame personen kunnen begeleiden. Als gevolg van een incident met toxische stoffen geldt dat een toxische wolk zich snel kan ontwikkelen en

34/628

verplaatsen. Dit effect is vaak niet zichtbaar. Zelfredzaamheid in dit scenario is alleen mogelijk als er tijdig alarmering plaatsvindt en gebouwen geschikt zijn om enkele uren te schuilen, denk hierbij aan het sluiten van ramen en deuren en met name het uitschakelen van (mechanische) ventilatiesystemen. Instructie met betrekking tot de juiste handelswijze in geval van een incident is noodzakelijk voor een effectieve zelfredzaamheid. De alarmering van de aanwezigen wordt momenteel nog gerealiseerd middels het waarschuwings- en alarmeringssysteem (WAS). Dit systeem wordt de komende jaren uitgefaseerd. Het waarschuwingssysteem wordt vervangen door een totaal pakket aan alarmeringsmiddelen, waaronder de calamiteitenzenders, de sirenes, crisis.nl, NL-Alert en het gebruik van sociale media. Conclusie Het plangebied ligt binnen het invloedsgebied van Coroos Conserven, de A58 en een spoortraject. Vanwege de ligging, locatie en omvang van het plan vormt het groepsrisico geen beperkingen voor de beoogde ontwikkeling. Uit de beknopte verantwoording blijkt daarnaast dat de zelfredzaamheid, bestrijdbaarheid en bereikbaarheid van het plangebied als voldoende worden beschouwd. Verder zijn in of nabij het plangebied geen risicovolle bronnen aanwezig die een belemmering vormen.

4.8

Cultuurhistorie

4.8.1 Toetsingskader Cultuurhistorie kent verschillende aspecten: historische (steden)bouwkunde (het gebouwde erfgoed), archeologie en het cultuurlandschap en historische geografie. Met de Erfgoedwet beschermt de overheid het cultureel erfgoed in Nederland. In het Omgevingsplan Zeeland 2018 stelt de provincie als doel om waardevolle landschappen en cultuurhistorisch erfgoed in Zeeland te beschermen en ontwikkelen en (in)directe economische baten die daaruit voortvloeien te vergroten. De provincie zet hierbij in op restauratie en herbestemming van monumenten. 4.8.2 Archeologie Om de aanwezigheid van archeologische waarden in het plangebied aan de Abdijstraat te onderzoeken is archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen uitgevoerd voor de locatie van de beoogde ontwikkeling (bijlage 4). Uit dit onderzoek is gebleken dat in het plangebied vier archeologische niveaus voorkomen, maar dat alleen het bovenste archeologische niveau, direct aan het maaiveld, een hoge archeologische verwachting heeft, namelijk voor bewoningssporen en sporen van landgebruik uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd. Eventuele archeologische waarden worden vrijwel zeker bedreigd door de voorgenomen ontwikkelingen, daarom wordt na de perenoogst (najaar 2021) vervolgonderzoek uitgevoerd alvorens er bodemverstorende werkzaamheden uitgevoerd worden.

De archeologische dubbelbestemming Waarde - Archeologie 2 wordt dan ook van kracht in plangebied B. Voor wat betreft het plangebied A wordt de geldende archeologische dubbelbestemming opgenomen.

35/628

4.8.3 Overige cultuurhistorische waarden De cultuurhistorische hoofdstructuur in Zeeland is door de Provincie Zeeland weergegeven op de CHS kaart. Binnen het plangebied zijn geen cultuurhistorisch waardevolle objecten aanwezig. In de directe omgeving zijn twee historische boerderijen aanwezig (rood en groen). De Kerk ten westen van de locatie Hoofdstraat 15 is een rijksmonument. De ontwikkeling heeft geen invloed op deze gebouwen. In de ruimere omgeving is een aantal rijksmonumenten en MIP objecten aanwezig. De ontwikkeling heeft hier eveneens geen invloed op.

Figuur 4.8.1. Uitsnede kaart cultuurhistorische hoofdstructuur (Bron: Geoweb provincie Zeeland) 4.8.4 Conclusie Het aspect cultuurhistorie staat de ontwikkeling niet in de weg.

4.9

Ecologie

4.9.1 Toetsingskader Bij de voorbereiding van een ruimtelijk plan dient onderzocht te worden of de Wet natuurbescherming (hierna: Wnb) en het beleid van de provincie ten aanzien van de bescherming van dier- en plantensoorten en de bescherming van het Natuurnetwerk Nederland de uitvoering van het plan niet in de weg staan. In elk geval moet aannemelijk zijn dat vergunning of ontheffing van de bij of krachtens deze wet geldende verbodsbepalingen kan worden verkregen voor de activiteiten die met dit bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt. Met de Wnb zijn alle bepalingen met betrekking tot de bescherming van natuurgebieden en dier- en plantensoorten samengebracht in één wet. De Wnb implementeert diverse Europeesrechtelijke regelgeving, zoals de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn in de Nederlandse wetgeving. Gebiedsbescherming De Wnb kent diverse soorten natuurgebieden:

36/628

Natuurnetwerk Nederland (NNN) en, Natura 2000-gebieden. De Minister van Economische Zaken (EZ) wijst gebieden aan die deel uitmaken van het Europese netwerk van natuurgebieden: Natura 2000. Voor ieder Natura 2000 gebied zijn instandhoudingsdoelstellingen voor de leefgebieden van vogelsoorten (Vogelrichtlijn) en voor de natuurlijke habitats en habitats van soorten (Habitatrichtlijn) opgesteld. De bescherming van deze gebieden heeft externe werking, zodat ook ingrepen die buiten deze gebieden plaatsvinden verstoring kunnen veroorzaken en moeten worden getoetst op het effect van de ingreep op soorten en habitats. Gebieden die deel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) worden aangewezen in de provinciale verordening. Voor dit soort gebieden geldt het 'nee, tenzij' principe, wat inhoudt dat binnen deze gebieden in beginsel geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogen plaatsvinden. Soortenbescherming In de Wnb wordt een onderscheid gemaakt tussen soorten die worden beschermd in de Vogelrichtlijn, soorten die worden beschermd in de Habitatrichtlijn en de bescherming van overige soorten. De provincie kan ontheffing verlenen van de verboden voor overige soorten ofwel soorten van de lijst Nationaal beschermde soorten behorende bij artikel 3.10 van de Wnb.

In de provincie Zeeland geldt voor ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden en bestendig beheer en onderhoud een vrijstelling voor een groot deel van de “overig” beschermde soorten. Het betreft de meest algemene soorten amfibieën en zoogdieren. Voor de Europees beschermde soorten (Vogel- en Habitatrichtlijn) is er geen beleidsruimte en is de bescherming onveranderd.

4.9.2 Onderzoek Gebiedsbescherming Het plangebied vormt geen onderdeel van een natuur- of groengebied met een beschermde status, zoals Natura 2000 (zie figuur 4.9.1). Het plangebied maakt ook geen deel uit van Natuurnetwerk Zeeland. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied 'Westerschelde & Saeftinge' ligt op een afstand van circa 1,2 kilometer. Het Natura 2000-gebied 'Yerseke en Kapelse Moer', ligt op een afstand van circa 1,7 kilometer. Het dichtstbijzijnde NNZ gebied bevindt zich op ongeveer 400 meter van het plangebied.

37/628

Figuur 4.9.1. Plangebied (rode punt) t.o.v. Natura 2000-gebieden (bron: AERIUS Calculator)

Figuur 4.9.2. Plangebied (rood omkaderd) t.o.v. NNZ. (bron: Provincie Zeeland) De voorgenomen ontwikkeling betreft de realisatie van detailhandel en in de toekomstige woningen en kleinschalige bedrijvigheid en dienstverlening. Gezien de afstand tot de natuurgebieden zijn effecten als vernietiging/areaalverlies, versnippering verandering van de waterhuishouding of verstoring door geluid of licht op voorhand uit te sluiten. Het enige mogelijk relevante ecologische effect betreft vermesting/verzuring als gevolg van stikstofdepositie. Om de toename van stikstofdepositie op de omliggende Natura 2000-gebieden te bepalen is met het programma AERIUS Calculator een berekening uitgevoerd. Hierbij wordt getoetst of een mogelijke toename past binnen de eisen die gelden op grond van de Wet natuurbescherming. Uit de berekening blijkt dat geen sprake is van stikstofdepositie op de Natura-2000 gebieden Yerseke en Kapelse Moer,

38/628

Oosterschelde en Westerschelde & Saeftinge. In bijlage 6 wordt de AERIUS berekening verder toegelicht. Op 1 juli 2021 is de wet Stikstofreductie en natuurverbetering in werking getreden. Deze wet bevat een vrijstelling van de vergunningplicht voor tijdelijke stikstofdepositie in de aanlegfase van bouwprojecten. Een berekening van deze fase is dan ook niet langer noodzakelijk. Soortenbescherming Voor de beoogde ontwikkeling aan de Abdijstraat is een quickscan beschermde planten- en diersoorten uitgevoerd (bijlage 5). Hieruit blijkt er binnen het plangebied geen beschermde soorten te verwachten zijn. Wel dient bij de werkzaamheden rekening gehouden te worden met mogelijke verblijfplaatsen van vleermuizen bij de nabijgelegen gebouwen en de potentiële functie van de heg als vliegroute. Om de functionaliteit van de omliggende verblijfplaatsen te behouden dient de verlichting vleermuisvriendelijk te zijn rondom de bebouwing en de haag. Daarnaast dienen de nestgelegenheden voor de algemene broedvogelsoorten die in het plangebied te zijn verwachten buiten het broedseizoen worden verwijderd of dient vooraf aan de werkzaamheden een broedvogelinspectie te worden uitgevoerd.

En dient rekening te worden gehouden met de algemene zorgplicht met betrekking tot algemene amfibie-, reptiel- en zoogdiersoorten waarbij al het redelijkerwijs mogelijke dient gedaan te worden om het doden van individuen te voorkomen. Ten behoeve van de locatie aan het Hoofdstraat 15 dient onderzoek uitgevoerd te worden in het kader van het uitwerkingsplan. 4.9.3 Conclusie De voorgenomen ontwikkeling leidt niet tot negatieve effecten op beschermde natuurgebieden of beschermde soorten, mits genoemde maatregelen worden getroffen. Het aspect ecologie vormt dan ook geen belemmering voor de uitvoering van het plan.

4.10 Kabels en leidingen 4.10.1 Planologische relevantie Planologisch relevante leidingen dienen in het bestemmingsplan te worden geregeld (lees: te worden beschermd). Deze zijn namelijk van groot maatschappelijk of bedrijfseconomisch belang. Deze leidingen hebben een relatief grote invloed op het gebruik van gronden in de directe omgeving of dienen te worden beschermd tegen invloeden van buitenaf. In ieder geval zijn buisleidingen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen die vallen onder het Besluit en de Regeling externe veiligheid buisleidingen planologisch relevant. Deze leidingen hebben externe veiligheidscontouren. 4.10.2 Toetsing en conclusie Er zijn geen planologisch relevante leidingen in het plangebied aanwezig. Het aspect staat de ontwikkeling dan ook niet in de weg. Bij graafwerkzaamheden op het terrein dient wel rekening te worden gehouden met eventueel aanwezige kabels en niet-planologische leidingen.

39/628

4.11 M.e.r.-beoordeling 4.11.1 Beleid en Normstelling In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het omgevingsvergunning plan-m.e.r.-plichtig, project-m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Indien een activiteit onder de drempelwaarden blijft, dient alsnog een vormvrije m.e.r.-beoordeling uitgevoerd te worden, waarbij onderzocht dient te worden of de activiteit belangrijke nadelige gevolgen heeft voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten. Per 16 mei 2017 is de regelgeving voor de MER en m.e.r.-beoordeling gewijzigd met daarin een nieuwe procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling. Voor de ontwerp-bestemmingsplanfase moet een m.e.r-beoordelingsbeslissing worden genomen, waarin wordt aangegeven of wel of geen MER nodig is, gelet op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten en mogelijke mitigerende maatregelen. Deze beslissing is als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen.

Voor elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde komt moet de initiatiefnemer een aanmeldingsnotitie opstellen, waarbij ook mitigerende maatregelen mogen worden meegenomen.

4.11.2 Onderzoek In het Besluit milieueffectrapportage is opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject m.e.r.-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op; een oppervlakte van 100 hectare of meer, een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. De beoogde ontwikkeling en wijzigingen hebben betrekking op een gebied van circa 2 hectare. De beoogde ontwikkeling betreft de aanleg van 3.230 m2 bvo en maximaal 20 woningen. De ontwikkeling blijft daarmee ruim onder de drempelwaarde. Alhoewel de beoogde ontwikkeling onder de drempelwaarde blijft is middels een aanmeldingsnotitie (bijlage 8) onderzocht of sprake is van belangrijke nadelige milieueffecten. Uit deze notitie blijkt dat hiervan geen sprake is.

40/628

Hoofdstuk 5

5.1

Toelichting op de juridische regeling

Wettelijk Kader

In de Wro en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is geregeld dat alle nieuwe ruimtelijke plannen, waaronder bestemmingsplannen, digitaal moeten worden vervaardigd, met inachtneming van de daartoe wettelijk verplicht gestelde ruimtelijke ordeningsstandaarden (thans SVBP2012, IMRO2012, STRI2012). Op die wijze zijn bestemmingsplannen onderling vergelijkbaar en ook digitaal uitwisselbaar. Ook de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is van belang voor bestemmingsplannen.

5.2

Opzet van de bestemmingsregeling

Ten aanzien van de opzet van de bestemmingsregeling (verbeelding en planregels) is het volgende van belang. 5.2.1 Verbeelding Op de verbeelding wordt met bestemmingen en dubbelbestemmingen aangegeven welk gebruik is toegestaan en of er ten behoeve van die bestemmingen mag worden gebouwd. Door middel van hoofdletters wordt de bestemming aangeduid, zoals A voor 'Agrarisch', V voor 'Verkeer' en G voor 'Groen'. Naast enkelbestemmingen die met een kleur worden aangeduid, is er een dubbelbestemming Waarde - Archeologie 2, deze is op de verbeelding herkenbaar aan arceringen. 5.2.2 Regels De regels zijn opgedeeld in hoofdstukken, volgens de bepalingen uit SBVP2012: Hoofdstuk 1 (inleidende regels): hierin worden de in de regels gehanteerde begrippen, voor zover nodig, gedefinieerd en wordt de wijze van meten bepaald; Hoofdstuk 2 (bestemmingsregels): hierin worden alfabetisch de regels gegeven waarmee de bestemmingen die op de verbeelding voorkomen, nader worden omschreven; Hoofdstuk 3 (algemene regels): dit hoofdstuk bevat regels die voor alle bestemmingen gelden, zoals algemene afwijkingsregels of wijzigingsbevoegdheden, de anti-dubbeltelbepaling et cetera; Hoofdstuk 4 (overgang- en slotregel): dit hoofdstuk geeft het overgangsrecht weer voor bestaand gebruik en bestaande bebouwing. Tevens is de titel van het plan opgenomen.

De artikelen in Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels zijn als volgt opgebouwd: bestemmingsomschrijving: hier wordt aangegeven welk gebruik binnen de bestemming is toegestaan; bouwregels: deze zijn onderverdeeld in de toelaatbaarheid van bouwwerken, bouwhoogte, oppervlakte en inhoud; omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden: beschreven wordt of voor het uitvoeren van specifieke werken of werkzaamheden een omgevingsvergunning benodigd is. Het gaat dan bijvoorbeeld om het afgraven of ophogen van grond, werkzaamheden aan beschermde stoepen.

41/628

Niet ieder bestemmingsartikel hoeft al deze elementen te bevatten. Dat is afhankelijk van de aard van de bestemming. Alle bestemmingsartikelen bevatten in ieder geval een bestemmingsomschrijving en bouwregels.

5.3

Gehanteerde bestemmingen

In deze paragraaf wordt een toelichting gegeven op de gehanteerde bestemmingen en wat binnen deze bestemmingen is toegestaan met betrekking tot bouwen en gebruik. Artikel 3 Detailhandel Voor het gehele perceel aan de Abdijstraat uitgezonder de landschappelijke inpassing is de bestemming 'Detailhandel' opgenomen. De voor 'Detailhandel' aangewezen gronden zijn bestemd voor detailhandel en dienstverlening. Er zijn twee bouwvlakken opgenomen ten behoeve van de beoogde bebouwing met een maximale bouwhoogte van 6 meter. Er zijn specifieke gebruiksregels opgenomen om het gebruik van de detailhandel ter plaatse van de vertreklocatie te beëindigen zodra het gebruik op de locatie Abdijstraat start en het verplichten van de realisatie en instandhouding van de landschappelijke inpassing. Artikel 4 Groen De bestemming Groen is opgenomen ten behoeve van de landschappelijke inpassing rondom het perceel aan de Abdijstraat. De langzaamverkeersverbinding is binnen deze bestemming toegestaan. Artikel 5 Gemengd - Uit te werken De bestemming 'Gemengd- Uit te werken' is een uit te werken bestemming waarbinnen uitsluitend woningbouw mogelijk gemaakt kan worden doormiddel van een uitwerkingsplan. Er is een maximaal aantal van 14 woningen opgenomen. Het uitwerkingsplan moet aan een aantal voorwaarden voldoen.

Zo mogen er maximaal 14 woningen worden gerealiseerd en dient onderzoek gedaan te worden op het gebied van de waterhuishouding, archeologie, bodem, ecologie, externe veiligheid, milieu, geluid en luchtkwaliteit. Daarnaast gelden er voorwaarden voor de stedebouwkundige inrichting. Waarde - Archeologie, Artikel 7 Waarde - Archeologie 1 en Waarde - Archeologie 2 Om de aanwezige archeologische waarden bij toekomstige bodemingrepen te waarborgen zijn drie archeologische dubbelbestemmingen opgenomen. Voor bepaalde ingrepen is afhankelijk van de oppervlakte en de mate van verticale bodemverstoring een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden noodzakelijk. In de dubbelbestemmingen is opgenomen welke grenswaarden hiervoor gelden: Voor 'Waarde - Archeologie' geldt dat bodemingrepen dieper dan 30 cm en groter dan 30 m² niet zijn toegestaan zonder dat is aangetoond dat er geen archeologische waarden worden verstoord; Voor 'Waarde - Archeologie 1' geldt dat bodemingrepen dieper dan 30 cm en groter dan 100 m² niet zijn toegestaan zonder dat is aangetoond dat er geen archeologische waarden worden verstoord; Voor 'Waarde - Archeologie 2' geldt dat bodemingrepen dieper dan 40 cm en groter dan 250 m² niet zijn toegestaan zonder dat is aangetoond dat er geen archeologische waarden worden verstoord;

42/628

Hoofdstuk 6 6.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

In het Besluit ruimtelijke ordening (hierna: Bro) is bepaald dat in de toelichting op het bestemmingsplan in ieder geval 'de inzichten over de uitvoerbaarheid van het plan' moeten zijn opgenomen. Dit volgt uit artikel 3.1.6 Bro. Het gaat daarbij over de financiële uitvoerbaarheid, waaronder de vraag of voldoende financiële middelen beschikbaar zijn om het plan te realiseren. Initiatiefnemer heeft met gemeente een anterieure overeenkomst gesloten. Hiermee is de economische uitvoerbaarheid andersinds verzekerd.

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Op grond van artikel 3.1.6 Bro dient inzicht te worden gegeven in de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. Het gaat daarbij zowel om de wijze waarop burgers en maatschappelijke organisaties bij de planvoorbereiding zijn betrokken alsook om de resultaten van het overleg ex artikel 3.1.1 Bro. Omwonenden zijn schriftelijk geïnformeerd over de beoogde plannen en zijn deze aangekondigd in de lokale media. Het ontwerpbestemmingsplan Supermarkt Abdijstraat Kapelle met planidentificatie NL.IMRO.0678.kapbiezHZ014-OW01 zal met bijbehorende onderliggende stukken gedurende 6 weken voor iedereen ter inzage liggen. Tijdens de termijn van terinzagelegging heeft een ieder de mogelijkheid een zienswijze in te dienen op het bestemmingsplan. Overleg ex artikel 3.1.1. Bro Ter voldoening aan het bepaalde in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening dient bij de voorbereiding van een bestemmingsplan, waar nodig, overleg gepleegd te worden met besturen van gemeenten, met rijks- en provinciale diensten, etc. Dit plan wordt toegestuurd aan: provincie Zeeland; Waterschap Scheldestromen. Veiligheidsregio Zeeland

43/628

44/628

Bijlagen toelichting

45/628

46/628

Bijlage 1

47/628

Landschappelijke inpassing

KAPELLE, ALDI BIEZELINGE 10 september 21 18101-P

LIGGING

R U I M T E L I J K E I N PA S S I N G AANLEIDINGEN

‘Landschappelijke kamers’ als kader voor de bebouwing

boomgaard als dorpsentree

Zeeuwse haag

I JEKA E AI N NL PA SDSI INNGGE N R URI U MITMETLEI JLKC E I O N C EPT

Groen raamwerk

Verschoven volumes

Fruitbomen langs de ‘entree van Biezelinge’ en een

Fietsverbinding door de plot

Zeeuwse haag pakt de bebouwing in

R U I M T E L I J K E I N PA S S I N G O PB O U W C O N C EPT

entr

Aldi

ee

& en Lad sen Los

entr

ee

ee entr

Fruitshop

Action & en Lad sen Los

R U I M T E L I J K E I N PA S S I N G S C H ETS O N T W ERP

Model 1

Wijzig de naam in het Startblad

Parkeerbalans Parkeernormen volgens CROW 2020

Matig stedelijk - rest bebouwde kom

Parkeervoorzieningen Parkeren openbaar (2,8m) Parkeren famillieparkeerplaats (3,5m) Parkeren mindervaliden (3,5m) Getekende parkeervoorzieningen (A)

Aantal 121 4 2

Parkeerkencijfer 1 1 1

Gerealiseerd 121 4 2 127

Voorzieningen

Opp

Parkeerkencijfer min. max.

Behoefte min. max.

Detailhandel (per 100m2 bvo)

1.307m2

2,1

2,6

27

34

Supermarkt (fullservice) (per 100m2 bvo)

1.667m2

4,0

6,4

67

107

Behoefte Voorzieningen (B.B)

94

141

Verschil minimale norm vanuit voorzieningen (A - B.B) Verschil maximale norm vanuit voorzieningen (A - B.B)

= 33

Behoefte Wonen + Voorzieningen (B+B.B)

94,1

Verschil minimale norm vanuit wonen en voorzieningen (A - (B+B.B)) Verschil maximale norm vanuit wonen en voorzieningen (A - (B+B.B))

= 33

R U I M T E L I J K E I N PA S S I N G PA R K EERB A L A N S C R O W 2 0 2 0

= -14 140,7

= -14

2 ,8 m 2 ,8 m

2 ,8 m

6m

8m

2 ,5 2 ,8

8m

4m

7m

& en Lad sen Los

ee

7m

entr

Aldi

m

7m entr

ee

ee entr

2 ,5

Fruitshop

m Action & en Lad sen Los

R U I M T E L I J K E I N PA S S I N G I N PA SS I N G MET R I J C U R V ES

Afwisseling open en gesloten verharding

Groen dient als waterbuffering en infiltratie

Rijken beplanting die bijdraagt biodiversiteit

Heldere looplijnen en toegankelijkheid

Heldere detaillering met duurzame materialisering

Veilig te voet

bron beelden: IMOSS

M AT E R I A L I S E R I N G B U I T E N R U I M T E

entr

Aldi

ee

& en Lad sen Los

entr

ee

ee entr

De Zeeuwse haag bestaat uit een zone van

Fruitshop

10 meter breed. In het midden liggen 3 rijen Action

beplanting in een driehoeksverband. Tussen de rijen ligt 1,5 meter en tussen de planten 1 meter.

& en Lad sen Los

De haag groeit tot een hoogte van 3-4 meter en bestaat uit 22,5% sleedoorn, 22,5% hondsroos, 22,5% wilde liguster, 22,5% gelderse roos en 10% veldesdoorn. In verband met de ligging in een fruitteeltgebied bevat de haag geen meidoorn. Vanaf de bestaande sloot aan de westkant loopt een flauw talud. Hierdoor ontstaat een dubbelgebruik tussen de landschappelijke zone en de waterberging.

L A N D S C H A P P E L I J K E I N PA S S I N G

bron beelden: online

BEPLANTING

FR UI T B O ME N

ZE E U WSE HAAG

entr

e

ee

e ntre

Frui

Action & en Lad sen Los

PRINCIPE PROFIEL Z EE U W SE H A A G

IMOSS Soesterweg 300B info@imoss.nl T 033 448 15 46

3812 BH Amersfoort

www.imoss.nl

Bijlage 2

61/628

Notitiemarktruimte

RUIMTELIJK-ECONOMISCH ADVIES Van

:

Rho adviseurs voor leefruimte

Project

:

Ontwikkeling Aldi en Action Kapelle-Biezelinge

Opdrachtgever :

Gemeente Kapelle

Datum

:

09-09-2020

Aan

:

Dhr. B. Maas

Betreft

:

QuickScan marktruimte Kapelle-Biezelinge

Aanleiding Aldi, Action en Fruitshop (Kapelle) zijn de mogelijkheid aan het verkennen voor het verhuizen naar een nieuwe locatie in Kapelle-Biezelinge. Deze winkels zijn momenteel gevestigd aan de Hoofdstraat 15 – (hoek Abdijstraat) in Kapelle. Dit is een locatie die gegroeid is en niet als winkel gebouwd. Deze locatie heeft ruimtelijke knelpunten zowel voor de winkels als voor verkeer en parkeren. Hierdoor is deze locatie als winkellocatie niet toekomstbestendig. De locatie heeft onvoldoende mogelijkheden om ook na aanpassingen te kunnen voldoen aan de wensen en behoeften van de moderne. Uitbreiding van de winkels en verbeteren van de verkeers- en parkeersituatie is gewenst. Op de huidige locatie zijn hier ruimtelijk gezien geen mogelijkheden voor. Op korte afstand (ca. 100 meter) van de huidige locatie is aan de Abdijstraat een ontwikkellocatie in beeld gekomen die voldoende ruimte biedt. Op deze locatie kan een Aldi van 1.850 m2 bvo (bruto vloeroppervlak), een Action van 1.180 m2 bvo en Fruitshop van 200 m2 bvo worden gerealiseerd worden. Om inzicht te verkrijgen in de ontwikkelingsmogelijkheden is aan Rho Adviseurs gevraagd de marktruimte in de dagelijkse en niet-dagelijkse goederensector in beeld te brengen in relatie tot de te volgen procedure.

De vraag staat centraal of sanering van de detailhandelsmogelijkheden op de huidige locatie nodig zijn om de ontwikkeling mogelijk te maken. Voorliggende notitie betreft een QuickScan naar de marktruimte in Kapelle-Biezelinge. Beide kernen functioneren als één marktgebied.

Figuur 1 Beoogde verplaatsing Aldi/Action naar Abdijstraat (ondergrond: Luchtfoto Kadaster, 2019; bewerking Rho)

blz. 1

Analyse dagelijkse goederenstructuur Kapelle-Biezelinge De dagelijkse goederensector in Kapelle-Biezelinge bestaat uit de branches levensmiddelen (supermarkten en speciaalzaken) en persoonlijke verzorging (drogisten en apotheken). De dagelijkse goederensector in de kern Kapelle-Biezelinge heeft een omvang van 4.526 m2 wvo (winkelvloeroppervlak) verdeeld over 15 verkooppunten (tabel 1). Binnen het marktgebied zijn drie supermarkten gevestigd: Albert Heijn, Jumbo en Aldi (figuur 2). De Albert Heijn en Jumbo zijn aan te merken als full-servicesupermarkten. Aldi is in een harddiscounter. Het dagelijks winkelaanbod wordt hier aangevuld met winkels als Trekpleister (drogist) en G&W gezondheid en een aantal speciaalzaken. Tabel 1 Omvang dagelijks winkelaanbod kern Kapelle (bron: Locatus, 2020) aantal winkels

omvang (m² wvo)

ALBERT HEIJN

1

1.168

ALDI

1

923

JUMBO

1

1.101

supermarkten

3

3.192

speciaalzaken

10

752

levensmiddelen

13

3.944

persoonlijke verzorging

2

582

dagelijkse goederen

15

4.526

Figuur 2 Supermarktaanbod Kapelle (bron: Locatus, 2020) Analyse niet-dagelijkse goederensector Kapelle-Biezelinge Het niet-dagelijks winkelaanbod in de kern Kapelle-Biezelinge heeft een omvang van 9.140 m2 wvo (tabel 2). Action wordt aangemerkt als winkel binnen de hoofdbranche Mode & Luxe. Deze hoofdbranche heeft een omvang van 1.762 m2 wvo verdeeld over 12 verkooppunten. Action heeft hier een omvang van 618 m2 wvo (Locatus, 2020). De grootste aanbieder in de niet-dagelijkse goederen betreft Bas en Mar de Jager, een designmeubelwinkel die klanten uit een heel groot marktgebied bedient.

blz. 2

Tabel 2 Omvang niet-dagelijks winkelaanbod Kapelle-Biezelinge (bron: Locatus, 2020) mode & luxe

aantal winkels

omvang (m² wvo)

12

1.762

vrije tijd

4

730

in/om huis

15

6.013

detailhandel overig

4

635

niet-dagelijkse goederen

35

9.140

Distributieplanologische marktanalyse Om de verplaatsing- en uitbreidingsmogelijkheden voor Aldi en Action in Kapelle-Biezelinge in beeld te brengen en te beoordelen op de eventuele ruimtelijke effecten is een distributieplanologische marktberekening voor de dagelijkse en niet-dagelijks goederensector uitgevoerd (tabel 3). Het betreft een berekening voor de kern Kapelle-Biezelinge. Hierbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:  Aantal inwoners: de kern Kapelle-Biezelinge heeft momenteel 9.300 inwoners (CBS, 2020; gegevens over 2019). De provincie Zeeland stelt ongeveer elke drie jaar een nieuwe prognose voor bevolking en huishoudens op. Er zijn in Nederland twee nationale bevolkingsprognosemodellen met uitkomsten op regionaal niveau: Primos en PEARL. De prognosemodellen kennen verschillen in opbouw en aannames waardoor de uitkomsten ook verschillen. De provincie Zeeland maakt al jaren een eigen prognose. Dit onder andere omdat met een eigen prognose methodieken kunnen worden gebruikt die beter passen bij de regionale omstandigheden dan een landelijk toegepaste methodiek. In de bevolkingsprognose van 2019 wordt voor de gemeente Kapelle verwacht dat de komende planperiode (tot 2030) de bevolking met circa 1.000 inwoners zal toenemen. Ongeveer 80% van de bevolkingsgroei zal in Kapelle plaatsvinden.

 Gemiddelde besteding: o De gemiddelde besteding aan dagelijkse goederen bedraagt in Nederland over 2019 € 2.602,-per persoon (Notitie Omzetkengetallen, 2019; gegevens over 2018). Deze landelijke gemiddelden moeten worden gecorrigeerd op inkomen. Voor de dagelijkse goederensector geldt een inkomenselasticiteit van 0,4. Het gemiddeld inkomen in de gemeente Kapelle ligt circa 4% lager dan het Nederlands gemiddelde (CBS, 2020; gegevens over 2018). De gemiddelde besteding aan dagelijkse goederen in de gemeente is daardoor iets lager dan het Nederlandse gemiddelde en bedraagt € 2.558,-. o De gemiddelde besteding aan niet-dagelijkse goederen bedraagt in Nederland over 2018 € 2.198,per persoon (Notitie Omzetkengetallen, 2019; gegevens over 2018). Deze landelijke gemiddelden moeten worden gecorrigeerd op inkomen. Voor de niet-dagelijkse goederensector geldt een inkomenselasticiteit van 0,7. Het gemiddeld inkomen in de gemeente Kapelle ligt circa 4% lager dan het Nederlands gemiddelde (CBS, 2019; gegevens over 2017). De gemiddelde besteding aan niet-dagelijkse goederen in de gemeente is daardoor iets lager dan het Nederlandse gemiddelde en bedraagt €2.133,-.  Koopstromen: voor de gemeente Kapelle is het prestatieonderzoek beschikbaar van “Ik Onderneem” en Rabo Research. Deze rapportage is in 2019 opgesteld, en gaat uit van gegevens over 2014.

In deze rapportage zijn de koopstromen voor de dagelijkse goederensector berekend. Voor de niet-dagelijkse goederensector zijn de koopstromen door ons op basis van eigen ervaring en expertise ingeschat. o De koopkrachtbinding voor dagelijkse goederen is volgens het prestatie onderzoek vastgesteld op 70%. Met de beoogde ontwikkeling (verplaatsing en uitbreiding Aldi) zal het dagelijks winkelaanbod kwalitatief versterkt worden. Op de nieuwe locatie kan een moderne harddiscounter worden gerealiseerd met voldoende parkeergelegenheid en goede bereikbaarheid. Naar verwachting zal de koopkrachtbinding de komende tien jaar (planperiode bestemmingsplan) verder toenemen tot 75%. De koopkrachttoevloeiing is berekend op 30%. Vanuit Wemeldinge en Schore zal met name toevloeiing komen. Schore heeft zelf geen supermarkt, en Wemeldinge heeft slechts een kleine Spar. Daarnaast zal er ook sprake zijn van

blz. 3

enige toevloeiing vanuit Hansweert, Yerseke, ‘s Gravenpolder en Kruiningen. Volgens de provinciale bevolkingsprognose zal ook de bevolking in de omliggende gemeentes toenemen. Gelet op de hiervoor benoemde kwalitatieve versterking van het aanbod) wordt verwacht dat de koopkrachttoevloeiing de komende planperiode iets zal toenemen, tot 32%. Rekening houdend met de bevolkingstoename neemt de absolute omvang van de koopkrachttoevloeiing (in euro’s) ook toe. o Voor de niet-dagelijkse goederensector is de koopkrachtbinding vastgesteld op 20%. Het aanbod aan niet-dagelijkse goederen is beperkt (mode & luxe, vrije tijd en overige detailhandel), in relatie tot het aanbod in Goes. Het merendeel van deze aankopen zullen de inwoners van KapelleBiezelinge dus elders doen. Wel is er sprake van een flinke toevloeiing vanuit de omliggende kernen naar Kapelle. In Kapelle-Biezelinge is een meubelzaak gevestigd die veel (85%-90%) publiek trekt van buiten Kapelle. Voor de overige branches zal er sprake zijn van enige koopkrachttoevloeiing. De koopkrachttoevloeiing voor de niet-dagelijkse goederensector wordt ingeschat op circa € 8,8 miljoen, dit komt neer op 69%. Voor de komende planperiode wordt ditzelfde percentage aangehouden.

Gemiddelde winkelomzet per m2 wvo (vloerproductiviteit): o De gemiddelde winkelomzet per m2 wvo in de dagelijkse goederensector in Nederland bedraagt € 7.546,- (Notitie Omzetkengetallen 2020, gegevens over 2015-2019). o De gemiddelde winkelomzet per m2 wvo voor niet-dagelijkse goederen in Nederland bedraagt €1.783,- (Notitie Omzetkengetallen 2020, gegevens over 2015-2019). Dit betreft een gemiddelde vloerproductiviteit. Kapelle is in deze zin afwijkend van het gemiddelde vanwege de aanwezigheid van een grote en bekende meubelzaak. Winkels in deze branche hebben gemiddeld een lagere vloerproductiviteit. Dit betekent dat de vloerproductiviteit van de niet-dagelijkse goederenbranche ook lager ligt. De berekende vloerproductiviteit op basis van de Omzetkengetallen en het daadwerkelijke aanbod bedraagt € 1.678,-. Omvang winkelaanbod: o Momenteel heeft het dagelijks winkelaanbod in de kern Kapelle-Biezelinge een omvang van 4.526 m2 wvo (Locatus, 2020). o Het niet-dagelijks winkelaanbod in Kapelle-Biezelinge heeft een omvang van 9.140 m2 (Locatus, 2020).

In tabel 3 en4 zijn de distributieplanologische marktberekening weergegeven. Tabel 3 Distributieplanologische marktberekening dagelijkse goederensector 2020

inwonertal marktgebied

2030

bron

9.300

10.100

2.558

€ 23.790.000

€ 2.558 € 25.840.000

70%

75%

gebonden bestedingen €

€ 16.650.000

€ 19.380.000

koopkrachttoevloeiing (%)

30%

gemiddelde winkelomzet per persoon (excl. BTW) bestedingspotentieel

€

koopkrachtbinding (%)

32%

koopkrachttoevloeiing €

€

7.140.000

€ 9.120.000

totale omzet in marktgebied

€ 23.790.000

€ 28.500.000

gemiddelde vloerproductiviteit per m² wvo (excl. BTW) te verwachten omvang winkelaanbod (m² wvo) omvang winkelaanbod (m² wvo)

€

€

berekende vloerproductiviteit (excl. BTW)

€

7.564

7.564

3.150

3.770

4.526

4.526

5.260

€

CBS, 2020; Bevolkingsprognose provincie Zeeland, 2019 Omzetkengetallen, 2020; gegevens over 2019 Prestatie onderzoek gemeente Kapelle, 2019 Prestatie onderzoek gemeente Kapelle, 2019

Omzetkengetallen, 2020; gegevens over 2019 Locatus, 2020

6.300

blz. 4

omzetclaim marktgebied omzet ten opzichte van het gemiddelde ruimte voor ontwikkeling in €

€ 34.230.000

€ 34.230.000

-30%

-17%

€ -10.440.000

€ -5.730.000

-1.380

-760

ruimte voor ontwikkeling (m² wvo)

Op basis van de distributieplanologische marktberekening blijkt dat de dagelijkse goederensector van Kapelle op dit moment beneden gemiddeld functioneert. Op basis van de distributieplanologische marktberekening wordt er een kleiner dagelijks winkelaanbod verwacht. De bevolkingsprognose voor Kapelle-Biezelinge is voor de komende jaren positief, het aantal inwoners zal toenemen. Als gevolg van de verwachte bevolkingsstijging en de groei van koopkrachtbinding en toevloeiing bij de realisatie van een nieuwe Aldi daalt het overaanbod van de indicatieve marktruimte naar circa 760 m2 wvo. Wanneer een uitbreiding van 500m² wvo wordt toegevoegd zal dit per saldo nog steeds zorgen voor een daling in het overaanbod t.o.v. de huidige situatie. De bevolking zal naar verwachting ook na 2030 nog door groeien. De ervaring leert dat bij het uitbreiden van een bestaande supermarkt de groei van de omzet niet gelijk loopt met de toename van het aantal meters. Daarnaast blijkt dat de gemiddelde omzet per m² wvo bij Aldi lager ligt dan het gemiddelde van de supermarkten in Nederland. Supermarkten in Zeeland hebben ook gemiddeld een iets lagere omzet per m² wvo dan het gemiddelde in Nederland o.a. door de lagere huisvestingslasten. Op basis hiervan wordt geconcludeerd dat de beoogde uitbreiding van het dagelijks winkelaanbod mogelijk vanuit de marktanalyse verantwoord is.

Tabel 4 Distributieplanologische marktberekening niet-dagelijkse goederensector inwonertal marktgebied gemiddelde winkelomzet per persoon (excl. BTW) bestedingspotentieel koopkrachtbinding (%) gebonden bestedingen € koopkrachttoevloeiing (%) koopkrachttoevloeiing € totale omzet in marktgebied gemiddelde vloerproductiviteit per m² wvo (excl. BTW) te verwachten omvang winkelaanbod (m² wvo) omvang winkelaanbod (m² wvo) berekende vloerproductiviteit (excl. BTW) omzetclaim marktgebied omzet ten opzichte van het gemiddelde ruimte voor ontwikkeling in € ruimte voor ontwikkeling (m² wvo)

€

2020

2030

9.300

10.100

2.133

€

2.133

€ 19.840.000

€

21.540.000

20% € 3.890.000

20% €

69%

4.230.000 69%

€ 8.860.843

€

9.640.000

€ 12.750.843

€

14.130.000

€

€

1.678

€

1.678 7.600

8.260

9.140

9.140

1.400

€

1.520

€ 15.340.000

€

15.340.000

-17% € -2.590.000 -1.540

bron

CBS, 2020; Bevolkingsprognose provincie Zeeland, 2019 Omzetkengetallen, 2010; gegevens over 2019 inschatting Rho inschatting Rho

Omzetkengetallen, 2020; gegevens over 2015-2019 Locatus, 2020

-9% €

-1.470.000 -880

Ook voor de niet-dagelijkse goederensector geldt dat er op dit moment sprake is van een bovengemiddelde omvang van het aanbod. Op basis van het gemiddelde in Nederland wordt een kleiner winkelaanbod verwacht. Vooral de grote meubelzaak (Bas en Mar de Jager) speelt hierbij een rol. Duidelijk is dat de Action goed functioneert en feitelijk moet uitbreiden om de huidige omzet goed te kunnen verwerken. Als gevolg van de verwachte bevolkingsontwikkeling groeit de markt meer richting een evenwicht. De indicatieve marktruimte is in deze situatie nog steeds negatief, maar rekening houdend met de uitbreiding van Action nog steeds op een beter niveau dan in de huidige situatie.

blz. 5

Conclusie Uit de distributieplanologische marktanalyse volgt dat er de komende planperiode ruimte is voor de beoogde uitbreiding van het winkelaanbod in Kapelle. Als er rekening wordt gehouden met een globale verdeling bvo/wvo van 80%/20% dan wordt met de ontwikkeling circa 560 m2 wvo voor Aldi en circa 480 m2 wvo voor Action toegevoegd. Geadviseerd wordt om bij verplaatsing van Aldi, Fruitshop en Action de detailhandelsmogelijkheden op de huidige locatie weg te bestemmen. In dat geval worden er geen mogelijkheden voor nieuwe winkels toegevoegd, maar slechts de uitbreiding van bestaande functies. De ontwikkeling betreft de verplaatsing en uitbreiding van drie bestaande winkels naar een moderne omvang. Op die manier kan een kwalitatieve verbetering van het winkelaanbod gerealiseerd worden en kan de ruimtelijke situatie worden verbeterd. Daarnaast zijn de ondernemers al bekend met de aanwezigheid van beide winkels. Uitbreiding van het aanbod zal waarschijnlijk niet tot onevenredige effecten op het ondernemersklimaat leiden.

blz. 6

68/628

Bijlage 3

69/628

Watertoets

Aanmeldformulier watertoets waterschap Scheldestromen De watertoets of waterschapstoets geeft inzicht in de consequenties van uw plan voor de taken van Waterschap Scheldestromen. Voorafgaand aan het overleg stuurt u ons een zo volledig mogelijk ingevuld aanmeldformulier. Dit formulier is de agenda voor ons contact met u (in persoon, per mail en/of telefonisch). De watertoetstabel met definitieve invullingen en eventueel aanvullende documenten is inhoudelijk gelijk aan de, wettelijk verplichte, waterparagraaf van het ruimtelijk plan. Het ruimtelijk plan vormt de basis voor ruimtelijke besluitvorming en vergunningverlening.

Uw gegevens

Gegevens initiatiefnemer (particulier/bedrijf)

Naam: Organisatie: Adres: Postcode + plaats: E-mailadres: Telefoonnummer: Datum aanvraag:

Formulier ingevuld door

(werkend voor initiatiefnemer, b.v. adviesbureau)

Rho adviseurs

20-12-2021

Gegevens van het plan Wat is de (concept)plannaam: Waar is het plan gelegen:

Supermarkt Abdijstraat Kapelle

De Aldi supermarkt, de Fruitshop en de Action die zijn gevestigd in het centrum van Biezelinge kadastraal bekend als Kapelle sectie F1608. Er is een gezamenlijk initiatief een nieuwe locatie gevonden ter plaatse van de boomgaard naast de opstallen van de Fruitschuur aan de Abdijstraat 2. Het gaat om de locatie die kadastraal bekend staat als Kapelle sectie E3384. Het plangebied zijn beide locaties.

Beknopte planomschrijving (wat gaat er gebeuren?)

De oude locatie krijgt een uit te werken bestemming wonen. Binnen de nieuwe locatie worden twee gebouwen en een parkeerterrein gerealiseerd. Het gebied wordt ontsloten op de Abdijstraat doormiddel van een afzonderlijke in- en uitrit. Het perceel wordt

2

landschappelijk ingepast doormiddel van een bomenrij rondom het perceel. Aan de westzijde is ruimte voor waterberging gereserveerd. Hieronder is een inrichtingstekening gegeven (bron: Den Hollander Bouwadvies en Ontwerp).

Wie is de contactpersoon bij de gemeente? (naam is voldoende) Bram Maas

Watertoetstabel De watertoetstabel ondersteunt de onderbouwing van de wateraspecten in uw ruimtelijk plan. Thema en water(beheer)doelstelling

Uitwerking

Veiligheid waterkeringen

Het plangebied ligt niet binnen een beschermingszone van een waterkering. De ontwikkeling heeft dan ook geen gevolgen voor de waterveiligheid.

Waarborgen van het veiligheidsniveau en rekening houden met de daarvoor benodigde ruimte.

Vermeld de totale oppervlakken (in m2) van:

Voorkomen overlast door oppervlaktewater

dakoppervlak

Het plan biedt voldoende ruimte voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water. Waarborgen van voldoende bouwpeil om overstroming vanuit oppervlaktewater in maatgevende situaties te voorkomen. Rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering en de kans op extreme weersituaties.

dichte bodemverharding doorlatende bodemverharding wateroppervlak

•

huidige situatie

na realisatie

-

3.230

1

-

5.415

2

-

3

-

4

Op basis van het bouwplan moet rekening worden gehouden met 8.645 m² verhard

3

•

Thema en water(beheer)doelstelling Voorkomen overlast door hemel- en afvalwater

Waarborgen optimale werking van de zuiveringen/ RWZI’s en van de (gemeentelijke) rioleringen. Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken in verband met de reductie van hydraulische belasting van de RWZI, het transportsysteem en het beperken van overstorten.

Grondwaterkwantiteit en verdroging

Voorkomen en tegengaan van grondwateroverlast en -tekort. Rekening houdend met de gevolgen van klimaatverandering. Beschermen van infiltratiegebieden en –mogelijkheden.

Grondwaterkwaliteit

Behoud of realisatie van een goede grondwaterkwaliteit. Denk aan grondwaterbeschermingsgebieden.

Oppervlaktewaterkwaliteit

Behoud of realisatie van goede oppervlaktewaterkwaliteit. Vergroten van de veerkracht van het watersysteem. Toepassing van de trits schoonhouden, scheiden, zuiveren.

Volksgezondheid

Minimaliseren risico watergerelateerde ziekten en plagen. Voorkomen van verdrinkingsgevaar/-risico’s via o.a. de daarvoor benodigde ruimte.

Bodemdaling

Voorkomen van maatregelen die (extra) maaiveldsdalingen in zettinggevoelige gebieden kunnen veroorzaken.

oppervlak. In overleg met het waterschap is het totaal verhard oppervlak teruggebracht door een deel van de parking en dakoppervlakken te laten afwateren naar een groenstrook/berm of wadi waardoor een vertragende afwatering ontstaat (zie ook bijlage 1). Die hoeft niet te worden gecompenseerd. Het te compenseren verhard oppervlak bedraagt 5.651 m². Uitgaande van een regenbui van 75 mm (maatgevend) houdt dit in dat er ruim 424 m3 extra waterberging noodzakelijk is. Hiervoor is in het noordwesten van het plangebied waterberging voorzien in de vorm van een waterbassin met een bodemlozing via drains, die weer afvoeren naar de sloot langs het Schotwegje. Ook wordt waterberging voorzien aan de oostzijde door het aanleggen van een wadi, het verbreden van de bestaande wegsloot aan de Schotjeweg en het riool onder de parkeerplaats over gedimensioneerd ten behoeve van de waterberging.

Uitwerking (vervang toelichtingen door uw gegevens) Het afvalwater wordt gescheiden van het hemelwater afgevoerd via het bestaande gemeentelijke rioolstelstel en aangeboden voor zuivering. Hiervoor is het noodzakelijk dat er nieuwe aansluitingen worden aangebracht. Het hemelwater wordt afgekoppeld op het oppervlaktewater.

De ontwikkeling voorziet niet in het onttrekken van grondwater. De ontwikkeling veroorzaakt evenmin mogelijke grondwateroverlast. Zowel tijdens de bouwfase als de gebruiksfase worden geen uitlogende materialen gebruikt. Negatieve effecten op het grondwater worden daarom niet verwacht Zowel tijdens de bouwfase als de gebruiksfase worden geen uitlogende materialen gebruikt. Daarom heeft de ontwikkeling geen negatief effect op de oppervlaktewaterkwaliteit.

De ontwikkeling heeft geen watergerelateerde consequenties voor de volksgezondheid.

De ontwikkeling wordt gerealiseerd in sterk zettingsgevoelig gebied. Hiermee dient rekening gehouden te worden tijdens de bouwfase.

4

Natte natuur

In de nabije omgeving van de ontwikkeling is geen natte natuur aanwezig. Daarom vormt de ontwikkeling hier geen belemmering voor.

Onderhoud oppervlaktewater

Aan de westzijde van het plangebied ligt een secundaire watergang met een beschermingszone tot 7 meter vanaf de insteek van de watergang. In de beoogde ontwikkeling wordt de beschermingszone vrijgehouden van bebouwing.

Ontwikkeling/bescherming van een rijke gevarieerde en natuurlijk karakteristieke aquatische natuur. Oppervlaktewater moet adequaat onderhouden worden. Rekening houden met obstakelvrije onderhoudsstroken vrij van bebouwing en opgaande (hout)beplanting.

Andere belangen waterbeheer Relatie met eigendom waterbeheerder

Ruimtelijke ontwikkelingen mogen de werking van objecten (terreinen, milieuzonering) van de waterbeheerder niet belemmeren.

De ontwikkeling wordt niet gerealiseerd nabij waterschapsobjecten. Dit aspect vormt dan ook geen belemmering.

Wegen in beheer bij het waterschap (alleen invullen voor zover van toepassing)

* in de bouwfase: Vinden er transporten (grond/bouwmaterialen) plaats over waterschapswegen? * na realisatie: verkeersaantrekkende werking Veroorzaakt uw plan structureel extra verkeer?

* na realisatie: bereikbaarheid Omschrijf hoe motorvoertuigen, fietsers en voetgangers uw plan kunnen bereiken. Worden er hiervoor uitwegen gewijzigd of nieuw aangelegd? * na realisatie: parkeren Wordt er op uw eigen terrein geparkeerd? * na realisatie: (ver)bouwen Bent u voornemens om binnen 20 meter van een waterschapsweg een bouwwerk te (ver)bouwen? (zoals een woning of afscheiding (gefundeerd).

Tot slot

Wij verzoeken u het formulier zo volledig mogelijk in te vullen en met een overzichtskaart van het plan te mailen naar waterschap Scheldestromen: of info@scheldestromen.nl postbus 1000, 4330 ZW Middelburg.

nee Ja in totaal is sprake van een kleine toename van 321 mvt/etmaal als gevolg van de ontwikkeling. Dit zal geen gevolgen hebben voor de waterschapswegen.

De nieuwe winkels worden aangesloten op de Abdijstraat.

Ja, 127 parkeerplaatsen in het plan. nee, noem het aantal bouwwerken (vast en demontabel) en geef indien bekend de locatie aan op tekening.

5

Bijlage 1

76/628

Bijlage 4

77/628

Rapport archeologisch vooronderzoek

ARCHEOLOGISCH VOORONDERZOEK SCHOTWEGJE (ONG.) IN BIEZELINGE GEMEENTE KAPELLE

Archeologisch vooronderzoek Schotwegje (ong.) in Biezelinge, gemeente Kapelle Opdrachtgever

Rho Adviseurs voor leefruimte Segeerssingel 6 4337 LG Middelburg

Rapportnummer

13891.001

Versienummer 1

2 (definitief)

Datum

21 april 2021

Vestiging

Zuid-Holland Max Euwelaan 21-29 3062 MA Rotterdam 088 - 5001600 rotterdam@econsultancy.nl

Opsteller

Mevrouw R.S. Verheij, MSc. De heer drs. A.J. Wullink

Paraaf

Kwaliteitscontrole

De heer ir. F.F.J.M. Top

Paraaf

© Econsultancy bv, Rotterdam Foto’s en tekeningen: Econsultancy bv, tenzij anders vermeld. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Econsultancy aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek. ISSN: 2210-8777 (Analoog rapport) ISSN: 2210-8785 (Digitaal rapport E-depot)

1 Versie 1 betreft een rapport waarvan geen beoordeling van de bevoegde overheid is ontvangen, bij versie 2 is het rapport wel beoordeeld door de bevoegde overheid.

ADMINISTRATIEVE GEGEVENS Soort onderzoek

Bureauonderzoek en verkennend booronderzoek

Provincie

Zeeland

Gemeente

Kapelle

Plaats

Biezelinge

Locatiegegevens

Schotwegje (ong.)

Projectnaam

Schotwegje (ong.) in Biezelinge

Projectcode

13891.001

Planologische aanleiding

Bestemmingsplanwijziging

RD-coördinaten plangebied

56175/188160; 56240/388028;

Oppervlakte plangebied

1,433 ha

Kadastrale perceelnummers

Kapelle (KPL01), sectie E, perceel 3384

AMK-status/verwachting

Hoge archeologische verwachting

ZAD-vondstmeldingen

Geen

ARCHIS-vondsmeldingen

Geen

Rijks- en gemeentelijke monumenten

Geen

Onderzoeksmelding ARCHIS

4919109100

Opdrachtgever

Rho adviseurs voor leefruimte Mevr. Lotte ten Braak Segeerssingel 6 4337 LG Middelburg

T: 0118-689054 E: lotte.tenbraak@rho.nl

Uitvoerders

Econsultancy Rotterdam R.S. Verheij, MSc. Drs. A.J. Wullink Max Euwelaan 21-29 3062 MA Rotterdam

T: 06-36538355 E: r.verheij@econsultancy.nl E: wullink@econsultancy.nl

Bevoegde overheid

Gemeente Kapelle Kerkplein 1 4421 AA Kapelle

T: 14 0113 E: gemeente@kapelle.nl

Begeleiding, beoordeling en toetsing

Oosterschelderegio Archeologisch Samenwerkingsverband Drs. K.J.R. Kerckhaert Postbus 49 4330 AA Middelburg

T: 0113-249715 E: kjr.kerckhaert@erfgoedzeeland.nl

56210/388160; 56160/388110

56220/388145;

56280/388170;

56330/388075;

Econsultancy Archeologisch Rapport

Beheer en plaats van vondsten

Zeeuws Archeologisch Depot (ZAD) Stichting Cultureel Erfgoed Zeeland Depotbeheerder: J.J.H. Van den Berg Postbus 49 4330 AA Middelburg

T: 0118-670618 E: depot@erfgoedzeeland.nl E: jjh.vanden.berg@erfgoedzeeland.nl

Levering van digitale gegevens

Een digitale versie van het definitieve rapport dient te worden toegezonden aan de RCE. In het onderzoek gegenereerde digitale data dienen aangeleverd te worden aan het e-depot, www.edna.nl. Er moet worden gestreefd naar aanlevering van de gegevens van boringen aan het DINOloket (in de toekomst Basisregistratie Ondergrond)

Nieuw aangetroffen vindplaatsen

-

Complextype(n) en datering

-

Kwaliteitszorg Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor protocollen 4003 en 4004 van de BRL SIKB 4000. Verder is Econsultancy lid van de Nederlandse Vereniging van Archeologische Opgravingsbedrijven (NVAO). De leden van de NVAO bieden kwalitatief hoogstaand archeologisch onderzoek. Het lidmaatschap is een waarborg voor kwaliteit en betrouwbaarheid. Tevens is Econsultancy aangesloten bij de Vereniging van Ondernemers in Archeologie (VOiA). De VOiA behartigt de belangen van meer dan 100 bedrijven in alle takken van de archeologie. Betrouwbaarheid Dit onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd, conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een booronderzoek wordt in het algemeen uitgevoerd door het steekproefsgewijs onderzoeken van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een booronderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de aan- of afwezigheid van archeologische waarden. In dit kader dient ook opgemerkt te worden dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.

Econsultancy Archeologisch Rapport

SAMENVATTING Econsultancy heeft in opdracht van Rho Adviseurs voor leefruimte een archeologisch onderzoek uitgevoerd voor een plangebied gelegen aan het Schotwegje te Biezelinge in de gemeente Kapelle. De initiatiefnemer heeft het voornemen om in het plangebied een Aldi en een Action te realiseren. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken, moet eerst een wijziging van het bestemmingsplan worden doorgevoerd. Hierbij moet ook inzichtelijk worden gemaakt welke archeologische waarden binnen het plangebied kunnen worden verwacht. Het onderzoek is uitgevoerd als een bureauonderzoek in combinatie met een inventariserend veldonderzoek, verkennende fase, door middel van boringen. Volgens het bureau-onderzoek worden er in het plangebied vier archeologische niveaus verwacht, namelijk in de top van de Wormer-afzettingen met een hoge verwachting voor resten uit het Neolithicum, de top van het Hollandveen met een hoge verwachting voor resten uit de Late IJzertijd en de Romeinse tijd, de top van vroegmiddeleeuwse getijdeafzettingen met een lage verwachting voor resten uit de Vroege Middeleeuwen en de top van laatmiddeleeuwse getijdenafzettingen voor resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Het veldonderzoek heeft aangetoond dat de verwachting voor de Wormer-afzettingen van hoog naar laag kan worden bijgesteld.

De top van de Wormer-afzettingen bestaat uit lagunaire klei en zand zonder tekenen van bodemvorming. Ook de verwachting voor het Hollandveen Laagpakket kan van hoog naar laag worden bijgesteld. Het veen, voor zover nog aanwezig, is afgetopt en daarmee is ook de verwachting verdwenen. Voor zover al vroegmiddeleeuwse afzettingen aanwezig zijn (mogelijk in boringen 1, 2 en 10), zijn hierin geen aanwijzingen voor archeologische niveaus aangetroffen. De verwachting voor dit niveau is dan ook laag. In de top van de middeleeuwse geul- en oeverafzettingen zijn archeologische indicatoren aangetroffen die kunnen wijzen op bewoning in de Late Middeleeuwen en/of Nieuwe tijd. De archeologische verwachting voor dit niveau blijft dus hoog. Uit het vooronderzoek kan worden geconcludeerd dat in het plangebied vier archeologische niveaus voorkomen, maar dat alleen het bovenste archeologische niveau, direct aan het maaiveld, een hoge archeologische verwachting heeft, namelijk voor bewoningssporen en sporen van landgebruik uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd. Eventuele archeologische waarden worden vrijwel zeker bedreigd door de voorgenomen ontwikkelingen. Econsultancy adviseert om in het kader van de voorgenomen bestemmingsplanwijziging op het hele plangebied een dubbelbestemming ‘waarde – archeologie 1’ te leggen.

Dit betekent dat bij toekomstige vergunningplichtige bodemingrepen groter dan 250 m2 en dieper dan 40 cm -mv eerst verder archeologisch onderzoek moet worden uitgevoerd. Dit vervolgonderzoek kan het best worden uitgevoerd in de vorm van een inventariserend veldonderzoek, karterende/waarderende fase. Dit onderzoek heeft tot doel archeologische vindplaatsen op te sporen, te begrenzen en te waarderen. Omdat vooral grondsporen worden verwacht, kan het onderzoek het best worden uitgevoerd als een proefsleuvenonderzoek. Dit onderzoek moet worden uitgevoerd op basis van een door de bevoegde overheid goedgekeurd Programma van Eisen (PvE). Bovenstaand advies is van Econsultancy. Wij willen de opdrachtgever erop wijzen dat dit advies nog niet betekent dat de bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek zullen eerst moeten worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Kapelle), die vervolgens ons advies overneemt of daar onderbouwd van afwijkt.

RAPPORT 13891.001 versie 2

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING ............................................................................................................................. 8

2

BUREAUONDERZOEK .......................................................................................................... 9 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9

3

INVENTARISEREND VELDONDERZOEK............................................................................ 18 3.1 3.2 3.3 3.4

4

Doelstelling en onderzoeksvragen ................................................................................. 9 Methoden ..................................................................................................................... 9 Afbakening en huidige situatie van het plangebied ...................................................... 10 Toekomstige situatie ................................................................................................... 10 Aardwetenschappelijke context ................................................................................... 11 Beschrijving van het historische gebruik ...................................................................... 13 Archeologische waarden ............................................................................................. 14 Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel....................................................... 16 Conclusie bureauonderzoek ........................................................................................ 17

Doelstelling en onderzoeksvragen ............................................................................... 18 Methoden ................................................................................................................... 18 Resultaten .................................................................................................................. 19 Conclusie veldonderzoek ............................................................................................ 21

CONCLUSIE EN ADVIES ..................................................................................................... 23

LITERATUUR ................................................................................................................................. 24 BRONNEN ..................................................................................................................................... 25

Rapport 13891.001 versie 2

LIJST VAN TABELLEN Tabel I. Tabel II.

Gespecificeerde archeologische verwachting Gespecificeerde archeologische verwachting na het verkennend booronderzoek

LIJST VAN AFBEELDINGEN Figuur 1. Figuur 2. Figuur 3. Figuur 4. Figuur 5. Figuur 6. Figuur 7. Figuur 8. Figuur 9. Figuur 10. Figuur 11. Figuur 12. Figuur 13.

Ligging van het plangebied binnen Nederland Het plangebied op de kadastrale kaart Het plangebied op een luchtfoto Ligging van het plangebied op de gemeentelijke beleidskaart Toekomstige situatie in het plangebied Paleogeografische ontwikkeling Diepte pleistocene ondergrond en holocene insnijdingen Ligging van het plangebied op de geomorfologische kaart Maaiveldhoogte in het plangebied Het plangebied op de bodemkaart Het plangebied op historisch kaartmateriaal Archeologische waarden en onderzoeken Boorpuntenkaart

BIJLAGEN Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6

Overzicht geologische en archeologische tijdvakken AMK-terreinen Onderzoeksmeldingen Vondstmeldingen Boorstaten Boorprofielen

Rapport 13891.001 versie 2

1

INLEIDING

Econsultancy heeft in opdracht van Rho Adviseurs voor leefruimte een archeologisch onderzoek uitgevoerd voor een plangebied gelegen aan het Schotwegje (ong.) te Biezelinge in de gemeente Kapelle. De initiatiefnemer heeft het voornemen om in het plangebied een Aldi en een Action te realiseren. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken, moet eerst een wijziging van het bestemmingsplan worden doorgevoerd. Hierbij moet ook inzichtelijk worden gemaakt welke archeologische waarden binnen het plangebied kunnen worden verwacht. De noodzaak tot archeologisch onderzoek vloeit voort uit het Verdrag van Malta (1992), de Wet ruimtelijke ordening (Wro, 2006) en de Erfgoedwet (2016). Het onderzoek wordt uitgevoerd onder certificaat op grond van de BRL SIKB 4000 (versie 4.1, 24‑05‑2018). Daarnaast wordt het onderzoek uitgevoerd conform het beleid van provincie Zeeland en de gemeente Kapelle. Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor de KNA-protocollen 4001, 4002, 4003 en 4004 uit de BRL SIKB 4000. Het archeologisch onderzoek bestaat uit een bureauonderzoek (KNA-protocol 4002, hoofdstuk 2) en een inventariserend veldonderzoek, verkennende fase, door middel van boringen (IVO-O; KNAprotocol 4003, hoofdstuk 3). Op basis van de resultaten van het onderzoek en in relatie tot de geplande bodemverstoringen wordt geadviseerd of en in welke vorm vervolgonderzoek nodig is (hoofdstuk 4).

Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd in november/december 2020 door R.S. Verheij, MSc. en drs. A.J. Wullink (senior KNA-prospector). Het rapport is gecontroleerd door de heer ir. F.F.J.M. Top.

RAPPORT 13891.001 versie 2

Pagina 8 van 57

2 BUREAUONDERZOEK 2.1

Doelstelling en onderzoeksvragen

Het doel van het bureauonderzoek is om een antwoord te vinden op de vraag wat de gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied is. Om deze vraag te beantwoorden wordt een inventarisatie gemaakt van bekende aardwetenschappelijke, archeologische en (cultuur)historische gegevens. Aan de hand deze inventarisatie wordt het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel opgesteld. 2.2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11446482/1