CConstaterende datKaag en Braassem
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2026

Gemeenteraad 10 november 2025, gemeente Kaag en BraassemBij agendapunt: Programmabegroting 2026.31.632 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

5.500 7 4 22 11 156 7 1 57

Grondkeringen Keermuur Schutsluis Trappen Voetgangerstunnel RV Viaduct RV Waterreguleringswerken Duikers

26 4 1 4 1 1 4 399

* Eenheden zijn afgeleid van het IBOR en geactualiseerd op basis van de areaalvlakken in het beheerprogramma Geovisia.

Gebouwen: Gebouwen waarvan: - Groep 1 (vaste voorraad) - Groep 2 (beheer door sportbedrijf) - Groep 3 (losse voorraad) - Groep 4 (reeds uitgefaseerde voorraad)

Stuks 34 15 3 7 8

Eind 2024 is het IBOR (Integraal Beheerplan Openbare Ruimte) door de gemeenteraad vastgesteld voor de periode 2025-2029. Doel van het IBOR is om de openbare ruimte schoon, heel en veilig te beheren, afgestemd op de behoefte van de (deelgebieden binnen de) gemeente binnen daarbij passend budget. Beheeronderdelen die niet in het IBOR zijn meegenomen, zoals civiele kunstwerken, riolering en gebouwen, zijn vastgelegd in aparte beheerplannen. Onderstaande tabel geeft de actuele stand van zaken van de diverse beheerplannen weer. Beheerplan

Datum Looptijd t/m raadsbesluit

IBOR Watertakenplan Gebouwen Civiele kunstwerken

Q4 2024 Q4 2023 Q4 2019 2025

2029 2027 2024 2029

Financiële vertaling in begroting Ja Ja Ja Ja

Achterstallig onderhoud Nee Nee Nee Nee

Kwaliteit

58

In bovenstaande figuur zijn de door de gemeenteraad vastgestelde beeld kwaliteitsniveaus weergegeven waarmee de openbare ruimte in de verschillende deelgebieden wordt onderhouden. Aan de kwaliteitsniveaus zijn normbedragen en te onderhouden arealen gekoppeld, op basis waarvan het totaal benodigde beheerbudget is vastgesteld en toegekend. Hierbij is A een hoge beeldkwaliteit aflopend naar D met een lage of onvoldoende beeldkwaliteit. Het is belangrijk om op te merken dat beeldkwaliteit en technische kwaliteit twee verschillende dingen zijn. Beeldkwaliteit C houdt bijvoorbeeld in dat de technische kwaliteit van de weg al fors verminderd is. In het nieuwe IBOR dat eind 2024 is vastgesteld is de nadruk meer komen te liggen op de technische kwaliteit van onze wegen en daarbij horende KPI’s. Riolering Aan het einde van 2023 is het nieuwe Watertakenplan 2024-2027 (WTP) vastgesteld, dat het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) vervangt. Dit nieuwe plan verschuift de focus naar een bredere aanpak van waterbeheer, waarin niet alleen aandacht wordt besteed aan de afvoer van riool- en regenwater, maar ook aan het beheer van oppervlakte- en grondwater. Deze bredere aanpak is noodzakelijk gezien de toenemende uitdagingen door klimaatverandering, die vaak om een integrale oplossing vragen.

Civiele Kunstwerken De civiele kunstwerken binnen de gemeente Kaag en Braassem, waaronder bruggen, viaducten, duikers, kademuren, sluizen en veerstoepen vormen een essentieel onderdeel van de openbare infrastructuur. Gezien de waterrijke omgeving beschikt de gemeente over een aanzienlijk aantal van deze objecten, die bijdragen aan bereikbaarheid, veiligheid en waterbeheer. In 2025 is het nieuwe beheerplan voor de periode 2025-2029 voorgelegd aan het college en de gemeenteraad, en dit jaar officieel vastgesteld. Dit plan bouwt voort op de bestaande strategieën en richt zich op verdere optimalisatie van het onderhoudsproces, met nadruk op kostenefficiëntie, duurzaamheid en toekomstbestendigheid. Enkele civiele kunstwerken die niet in het vorige onderhoudsprogramma zijn opgenomen, naderen het moment waarop onderhoud of vervanging noodzakelijk is. Deze objecten worden momenteel beoordeeld op hun technische staat en gebruiksfunctie, zodat de benodigde maatregelen tijdig kunnen worden opgenomen in de meerjarenbegroting. Door het beheer van civiele kunstwerken te koppelen aan een strategische planning binnen de begrotingscyclus, zorgen we voor een integrale aanpak die bijdraagt aan een veilige, duurzame en goed bereikbare leefomgeving.

Openbaar groen en water Binnen Kaag en Braassem bestaat het groenareaal uit elementen zoals bomen, hagen, grasrijke, cultuurlijke en natuurlijke beplanting. Daarnaast onderhoudt de gemeente ook oevers, beschoeiingen en sloten.

59

Er is veel werk uitgevoerd aan het in kaart brengen van al deze structuren. Dankzij deze inspanningen is er nu een helder en completer beeld van de omvang en de staat van het groen- en waterbeheer. Ook zijn kansen in kaart gebracht voor het bevorderen van de biodiversiteit en het nemen van klimaatadaptieve maatregelen. Met behulp van de groenstructuur- en kansenkaarten kunnen we beter plannen en prioriteiten stellen voor inrichtings- en onderhoudswerkzaamheden. Dit draag bij aan de realisatie van een fijne, groene en biodiverse leefomgeving voor onze inwoners. Wegen (asfalt, elementen, beton en half verharding) In 2025 is de twee jaarlijkse weginspectie opnieuw uitgevoerd. Deze dient als basis voor het inplannen en uitvoeren van het onderhoud in 2025 en 2026. Hiermee wordt het behouden van de kwaliteit van de verharding geborgd en het risico op kapitaalvernietiging en schadeaansprakelijkheid verkleint. Daarnaast blijft het “ontstenen” van onze buitenruimte een speerpunt. Waarmee we het wegen areaal verkleinen en het groen areaal vergroten. Gebouwen De gemeente Kaag en Braassem heeft een aantal gebouw in beheer en eigendom. Deze gebouwen vervullen hoofdzakelijk een maatschappelijke functie, voorbeelden hiervan zijn; het gemeentehuis, de gemeentewerf, kinderdagverblijven, sportaccommodaties, brandweerkazernes en kerktorens.

De eigenaar is verantwoordelijk voor het groot onderhoud aan de gebouwen. Om aan deze verplichting te kunnen voldoen wordt een MJOP opgesteld. Een MJOP geeft een planning en financiële prognose, hierdoor maken we inzichtelijk wat er aan groot onderhoud de komende jaren moet gebeuren. De financiële prognose geeft inschatting wat de kosten zijn van het groot onderhoud. Het MJOP is ook een financiële onderbouwing om geld te reserveren voor groot onderhoud. Het MJOP wordt elke vier à vijf jaar geactualiseerd, dit is een bevoegdheid van het college en de raad. Afgelopen jaar zijn alle gebouwen geïnspecteerd en zijn er onderhoudsplannen opgesteld. In het vierde kwartaal 2025 volgt een voorstel om het MJOP voor 2026 tot en met 2030 vast te stellen. Financieel In onderstaande tabellen wordt inzichtelijk gemaakt hoe de financiële consequenties zijn verwerkt in de begroting. Dit betreft de budgetten voor beheer en onderhoud van de openbare ruimte, de kunstwerken, riolering en voor gebouwen (exclusief personeel, kapitaallasten en energielasten).

60

Hierna zijn de reguliere kredieten opgenomen. Een aantal kredieten zijn nog niet vrijgegeven. Voor deze investeringen zijn wel stelposten opgenomen in de begroting voor de budgettaire consequenties. Maar voor elke ontwikkeling zal uw raad nog een separaat kredietvoorstel worden voorgelegd.

ertaling inanciële kredieten O in de begroting redieten Kunstwerken Watertakenplan Verharding (IBO ) Vriezenweg en Vriezekoop Noord og niet ri gege en * erkeers eilig eid B .0 otaal kredieten

O in de begroting

2. 30 11.135

5.312

5.324

6.061

Om tot een zo efficiënt mogelijke inzet van de beschikbare middelen te komen vindt continue afstemming tussen alle beheeronderdelen plaats. Op deze manier wordt (financieel) voordeel gehaald door middel van werk met werk maken.

61

4. Financiering In de financiële verordening van de gemeente Kaag en Braassem is in artikel 21 opgenomen dat de gemeente jaarlijks bij de begroting en de jaarstukken in de paragraaf financiering verslag doet van de wijze waarop de gemeente de treasuryactiviteiten uitvoert. Hierbij komen in ieder geval de volgende punten aan de orde: • De kasgeldlimiet; • De renterisiconorm; • De rentevisie; • Het kredietrisicobeheer; • De liquiditeitsplanning en de financieringsbehoefte voor de komende vier jaar; • De schulden met een looptijd korter dan een jaar en het gemiddelde verschuldigde rentepercentage; • De schulden met een looptijd langer dan een jaar en het gemiddelde verschuldigde rentepercentage; • De rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente aan grondexploitaties, investeringen en taakvelden wordt toegerekend. Hiermee is deze paragraaf het instrument voor het transparant maken van de treasuryfunctie. De uitgangspunten en richtlijnen voor het treasurybeleid zijn vastgelegd in de financiële verordening (artikel 17). De regels voor de uitvoering van de treasuryfunctie zijn opgenomen in het treasurystatuut. Renterisicobeheer Wet Fido en financiering De wet Fido beoogt decentrale overheden een kader te geven om renterisico’s op leningen zo beperkt mogelijk te houden.

Renterisico ontstaat door wijzigingen in rentepercentages van opgenomen langlopende leningen en kasgeldleningen. Er zijn twee verplichte richtlijnen in de wet Fido om de renterisico’s te bewaken en beheersen; de kasgeldlimiet voor korte financiering en de renterisiconorm voor lange financiering. Kasgeldlimiet De door het rijk opgelegde kasgeldlimiet beperkt het risico van stijgende rentelasten voor de kortlopende financiering. De limiet beperkt de maximale omvang van de korte schuld (looptijd < 1 jaar) tot 8,5% van de totale lasten van de primaire Programmabegroting. Voor 2026 bedraagt de limiet voor de gemeente Kaag en Braassem € 8,5 miljoen. Bij het aantrekken van kortlopende financiering wordt bewaakt dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van drie achtereenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet niet overschrijdt.

62

Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt het renterisico op de langlopende financiering. De norm bevordert de spreiding van de looptijden van de kapitaalmarktleningen (looptijd > 1 jaar) door de omvang te beperken van de leningen waarvoor de rente in een bepaald jaar moet worden aangepast. Het Rijk heeft de maximale omvang van leningen met een renteaanpassing vastgesteld op 20% van de totale lasten van de primaire Programmabegroting. Het maximale bedrag aan aflossingen en renteherziening op vaste schuld bedraagt daardoor in 2026 € 20,0 miljoen. In 2026 zal voor € 13,4 miljoen worden afgelost en er zijn geen leningen waarvan de rente wordt herzien; waardoor de renterisiconorm niet zal worden overschreden. Op basis van deze meerjarenbegroting is de verwachting dat we de renterisiconorm de komende jaren niet zullen gaan overschrijden. bedrag x € . Renterisico(norm) op vaste schuld

2025

2026

2027

2028

2029

(1a) renteherziening op vaste schuld o/g

0

0

0

0

0

(1b) renteherziening op vaste schuld u/g

0

0

0

0

0

(1) netto renteherziening op vaste schuld (1a-1b)

0

0

0

0

0

10.894 10.894

13.438 13.438

12.127 12.127

8.883 8.883

6.804 6.804

90.234

99.526

91.420

90.954

92.029

20%

20%

20%

20%

20%

(4) renterisiconorm (4ax4b)

18.047

19.905

18.284

18.191

18.406

(5a) ruimte onder renterisiconorm (4>3)

7.153

6.467

6.157

9.308

11.602

renterisico op vaste schuld

(2) betaalde aflossingen (3) renterisico op vaste schuld (1+2) renterisiconorm (4a) begrotingsomvang (4b) het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage

(5b) overschrijding renterisiconorm (3>4)

Rentevisie Voor de begroting hebben we altijd de rentevisie van de BNG (Bank Nederlandse gemeenten) gevolgd. De BNG deed een voorspelling van de rente over 1 jaar. Echter, de BNG publiceert sinds 2024 geen rentevisie meer. Daarom is gekozen om voor de begroting de actuele rente van de BNG als uitgangspunt te nemen. Voor de nieuwe leningen en herfinancieringen in de meerjarenraming hanteren we: 3,40%, op basis van een 10-jaars fixed lening, peildatum 1 augustus 2025. Korte termijn ontwikkelingen Recentelijk heeft de ECB haar rente weer verlaagd. De ECB houdt verdere renteverlagingen open, afhankelijk van de economische situatie en inflatieontwikkeling in de Eurozone. Maar nu de inflatie weer op het streefdoel van 2% ligt en de rente het afgelopen jaar is gedaald van 4% naar 2%, voelt de ECB geen druk om snel te handelen.

63

Kredietrisicobeheer Regeling Schatkistbankieren voor decentrale overheden en uitgezette gelden De regeling Schatkistbankieren heeft tot gevolg dat de decentrale overheden verplicht zijn om financiële overschotten, als ze die hebben, bij het Rijk onder te brengen. De maatregel is bedoeld om de EMUpositie van Nederland te verbeteren. Overtollige middelen mogen alleen in rekening-courant en via deposito’s bij de schatkist worden aangehouden of onderling worden uitgeleend aan andere decentrale overheden (niet zijnde verticaal toezicht). Wel is er sprake van een bepaald drempelbedrag dat de gemeente maximaal buiten de schatkist van het Rijk mag houden. De ondergrens van het drempelbedrag is verhoogd van 0,75% naar 2% van het begrotingstotaal; wat voor de gemeente Kaag en Braassem neerkomt op € 2,0 miljoen in 2026. Over de middelen die een decentrale overheid in de schatkist aanhoudt, vergoedt de schatkist rente (ESTER/ daggeldrente (r/c) of inleenrente (deposito)). Bij de berekening van de financieringsbaten is met deze verwachtingen rekening gehouden. Verstrekte leningen en uitgezette leningen De gemeente Kaag en Braassem heeft uit hoofde van haar publieke taak leningen (door)verstrekt aan woningcorporaties, verenigingen/stichtingen, SVn (Stimuleringsfonds Volkshuisvesting) en personeel (hypothecaire leningen; er worden geen nieuwe hypothecaire leningen verstrekt).

Eind 2026 is de verwachting dat er aan (door)verstrekte leningen een boekwaarde is van € 5,2 miljoen. Daarnaast is een converteerbare obligatielening aan Alliander beschikbaar gesteld van € 2,7 miljoen. Verstrekte gemeentegaranties De gemeente Kaag en Braassem staat begin 2025 voor een aantal geldgevers ten bedrage van € 0,4 miljoen borg voor de betaling van rente en aflossing op langlopende geldleningen die zijn aangetrokken door verenigingen of stichtingen die activiteiten verzorgen die in het verlengde liggen van de gemeentelijke publieke taak. Tevens staat de gemeente garant voor hypotheken op woningen van inwoners ad € 0,5 miljoen. Dit betreft afloop van in het verleden verstrekte garantstellingen, waarvoor de gemeente nog steeds garant staat. Al geruime tijd valt dit onder de Nationale Hypotheekgarantie (NHG) en de gemeente gaat sindsdien geen nieuwe garanties meer aan (voor hypotheken op woningen voor andere garantiestellingen stellen we ons terughoudend op). Daarnaast staat het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) borg voor leningen aan woningbouwcorporaties ten bedrage van € 56,2 miljoen, waarbij de gemeente samen met het Rijk in de achtervang staat.

Tot en met juli 2021 had het WSW met de gemeente een ongelimiteerde achtervangovereenkomst voor de twee in de gemeente werkzame corporaties ‘Stichting Woondiensten Aarwoude’ en ‘Stichting WYwonen’(voorheen Meerwonen), tot een ma imum van het door het WSW bepaald borgingsplafond (=wat een corporatie maximaal kan lenen gelet op de prognosegegevens van de corporatie (dPi)). WSW staat borg voor deze leningen, waarbij de gemeente samen met het Rijk in de achtervang staat. Het verlies dat achtervangers kunnen lijden, is beperkt tot de rentederving over leningen die ze bij een calamiteit aan het WSW moeten verstrekken. In verband met de veranderde werkwijze van de achtervang heeft de WSW vanaf 1 augustus 2021 een nieuwe achtervangovereenkomst gesloten met alle gemeenten; waarbij alle contracten per die datum gelijk zijn getrokken. Hierbij worden de nieuwe leningen via een verdeelsleutel toegewezen aan de gemeenten waar de corporatie werkzaam is. Voorheen werd een lening één op één gekoppeld aan een gemeente.

64

In het treasurystatuut is vastgelegd dat voor het verstrekken van leningen aan derden en het garanderen van middelen uit hoofde van de publieke taak goedkeuring nodig is van het college (tot € 50.000) dan wel de gemeenteraad (hoger dan € 50.000). De treasurycommissie is bevoegd tot het aantrekken en uitzetten van gelden. Gemeentefinanciering Wet Hof en EMU-saldo De wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet Hof) zorgt ervoor dat de schulden van de totale Nederlandse overheid niet te hoog worden. Het EMU-saldo van de decentrale overheden telt mee voor het EMUsaldo van de totale Nederlandse overheid. Om het EMU-saldo van de decentrale overheden gezamenlijk te bepalen, moeten de decentrale overheden gegevens aanleveren zoals het opnemen van de meerjarige EMU-begrotingsgegevens in de begroting. Daarnaast wordt de ontwikkeling van het EMUsaldo gevolgd door middel van verplichte rapportages (Iv3) aan het Centraal Bureau van de Statistiek. Voor decentrale overheden is een gezamenlijk plafond voor de tekortnorm vastgesteld (macronorm).

Bij een (dreigende) structurele overschrijding van de vastgestelde tekortnorm voor de decentrale overheden samen, kunnen maatregelen volgen via een correctiemechanisme (bestuurlijke afspraken over verbeterplannen EMU-saldo) en in het uiterste geval kan het sanctiemechanisme in werking treden (zoals het faseren van investeringen of in uiterste instantie het opleggen van kortingen). Voor de gemeente Kaag en Braassem is het geprognosticeerde EMU-saldo over boekjaar 2026 € 4 ,4 miljoen (negatief). Het EMU-saldo is gebaseerd op het kasstelsel en doordat vanaf 2026 grote investeringen zijn gepland (met name op het gebied van nieuwbouw KINEO, IKC de Wereldweide Woubrugge, IBOR, reconstructie wegen Vriezeweg/Vriezekoop Leimuiden, Watertakenplan, bouwgrondexploitatie Grietpolder/Braassemerland GEM gebied), is de verwachting dat de gemeente dan een tekort zal hebben (meer zal uitgeven dan ontvangen). Op dit moment zijn er geen consequenties. Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte Voor het uitoefenen van de treasuryfunctie is inzicht nodig in de huidige en toekomstige kasstromen. Deze kasstromen bestaan uit: 1. de kasstroom uit operationele activiteiten (de exploitatie); 2. de kasstroom uit investeringen; 3. de kasstroom uit financieringsactiviteiten (aflossingen en stortingen van aangetrokken en uitgezette geldleningen).

Het inzicht hierin wordt verkregen door het permanent actualiseren van onze liquiditeitsplanning. Hierbij zijn de ontvangsten en uitgaven volgens de Programmabegroting en investeringsplannen het uitgangspunt. Op basis van ervaringscijfers, inschatting van de (periodieke) uitgaven en ontvangsten en de mutaties in de leningenportefeuille voorzien wij per ultimo 2026 een financieringsoverschot van € 3,0 miljoen (exclusief resultaat). Dit zal ingezet worden voor een deel van de financiering van de bouwgrondcomple en ad € 3,3 miljoen.

65

Het onderstaande overzicht geeft de mutaties weer in de leningenportefeuille: bedrag x € . a e

de e

a d er

a

er

er g

a

eg ere a

er r egde a a d er

e

ge

ree

ar ge

e

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

ge de e ber

dde d re e er e age

Gemeente Kaag en Braassem past het principe van totaalfinanciering toe. Dat wil zeggen dat de aangetrokken leningen niet één op één gekoppeld zijn aan de investeringsprojecten of verstrekte leningen; maar dat bij het bepalen van de financieringsbehoefte alle inkomsten en uitgaven betrokken worden, zowel reguliere activiteiten als projecten. Om een financieringstekort op te kunnen vangen is de verwachting dat in verband met herfinanciering van de in het verleden aangegane leningen voor onroerendgoedtransacties en financiering geplande investeringen/kapitaalverstrekking (met name op het gebied van nieuwbouw KINEO, IKC de Wereldweide Woubrugge, IBOR, reconstructie wegen Vriezeweg/Vriezekoop Leimuiden, Watertakenplan, bouwgrondexploitatie Grietpolder/Braassemerland GEM gebied) langlopende leningen zullen worden aangetrokken van respectievelijk € 37 miljoen, € 62 miljoen, € 25 miljoen, € 14 miljoen en € 10 miljoen. Daarnaast is de verwachting dat in de periode 2026-2029 kortlopende leningen zullen worden aangetrokken of tijdelijk gebruik zal worden gemaakt van de kredietfaciliteit bij de BNG voor bedragen van ma imaal € 5 miljoen (binnen de kaders van de kasgeldlimiet) om een tijdelijk financieringstekort op te kunnen vangen.

In tegenstelling tot de groei van de schuld (die aan een maximum gebonden is door de Wet Hof) is de hoogte van de schuld een politieke keuze zolang de schuld beheersbaar blijft. Dat wil zeggen dat de gemeente bij een scenario met economisch slecht weer genoeg geld moet overhouden om aan de schuldverplichtingen (aflossingen en interest) te kunnen blijven voldoen zonder dat de noodzakelijke publieke voorzieningen in de knel komen. Daarnaast is het de samenhang tussen meerdere factoren – in dit geval de schuldpositie, de structurele weerstandscapaciteit en de rek in de belastingopbrengsten – die bepaalt of de gemeente financieel gezond is (zie voor nadere toelichting paragraaf weerstandsvermogen). Financieringswijze Zolang de kortlopende rente lager is dan de rente op de kapitaalmarkt, wordt de ruimte die de kasgeldlimiet biedt zoveel mogelijk benut. Indien nodig worden langlopende leningen aangetrokken om een overschrijding van de limiet tegen te gaan. Bij de keuze van de looptijden van financieringsmiddelen is het uitgangspunt dat deze zoveel mogelijk aansluiten bij de financieringsbehoefte uit de liquiditeitsplanning.

66

Rentetoerekening en renteresultaat Het saldo van de externe rentelasten en -baten moet in eerste aanleg worden toegerekend aan de grondexploitatie en taakvelden die op projectbasis zijn gefinancierd. Het resterende saldo wordt samen met de rente die wordt berekend over voorzieningen die tegen contante waarde zijn gewaardeerd, omgeslagen naar de taakvelden die integraal zijn gefinancierd. Het renteomslagpercentage wordt vervolgens berekend door de aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd (= 2,36%); waarbij het bij de begroting voorgecalculeerde renteomslagpercentage binnen een marge van 0,5% mag worden afgerond. De rekenrente in 2026 zal naar verwachting 2,5% zijn en is hiermee lager dan de huidige rente op de kapitaalmarkt. Reden is dat de we de afgelopen jaren de in het verleden aangegane leningen voor onroerendgoedtransacties grotendeels hebben geherfinancierd tegen een gunstiger rentetarief; en de rente op de kapitaalmarkt ondertussen weer is gestegen. In onderstaand renteschema wordt inzicht gegeven in de rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente aan grondexploitaties, investeringen en taakvelden wordt toegerekend.

e ex er e re e a e er de e ex er e re eba e de a d re e a e e re eba e

r e e a ge

a

er g

e re e d e aa de gr dex a e e rde d rbere e d e re e a r e a er g d e aa e be re e de aa e d a

aa e de

e e re e e ex er e re e

e e er e ge er ge e e er r e ge aa aa aa e de e e re e e re e e aa

aa e de

egere e de re e re e

e

rde

egere e d

€ €

€ . € € .

. . .

€ € .

. .

€ € .

. .

€ .

.

. .

€

ag

67

5. Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering van de gemeente heeft een belangrijke rol in de realisatie van de doelen van de gemeente. Bedrijfsvoering is een onderdeel van zowel de primaire processen, dienstverlening aan inwoners en van beleids- en bestuurlijke processen, als ook de ondersteunende processen, het geheel van functies gericht op sturing en ondersteuning. Hieronder lichten we de belangrijkste bedrijfsvoering onderdelen toe die in 2026, naast de reguliere werkzaamheden, extra inspanningen leveren om de doelstellingen van de bedrijfsvoering te realiseren. Organisatie en overhead Onze ambtelijke organisatie is de afgelopen jaren steeds meer toegegroeid (en zal dat de komende jaren blijven doen) naar een organisatie die bestaat uit een vaste ambtelijke kern, met daaromheen een flexibele schil. Deze flexibele schil wordt afhankelijk van de vraag geactiveerd. Op dit moment beschikt de gemeentelijke organisatie van Kaag en Braassem over 174 fte incl. 3 fte griffie. Dit is omgerekend 5,94 fte per 1000 inwoners. Dit is exclusief de nog in te vullen vacatures. Gemeenten van vergelijkbare grootte (20.000 - 50.000 inwoners) zitten gemiddeld op 7,6 fte per 1000 inwoners (bron personeelsmonitor, peiljaar 2024). De begroting 2026 gaat uit van een formatie van 185,7 fte (inclusief nog in te vullen vacatures). Dit is omgerekend 6,34 fte per 1000 inwoners.

De situatie op de arbeidsmarkt is niet gewijzigd. Er is nog steeds sprake van krapte op de arbeidsmarkt die de komende jaren alleen maar verder zal toenemen. In het algemeen slagen wij er nog steeds goed in vacatures in te vullen. Voor een aantal functiegebieden zijn de vacatures moeilijker in te vullen. Als een vacature te lang open blijft staan, is externe inhuur hard nodig om continuïteit te waarborgen. Uitgangspunt blijft, zowel vanuit financieel oogpunt als ook voor de borging van kennis, in te zetten op het werven van nieuwe gekwalificeerde medewerkers. In een enkel geval wordt een functie bewust extern ingevuld, zoals de functie van planeconoom. Ook wordt er extern ingehuurd als gevolg van (tijdelijke) projecten of ontwikkelingen die niet binnen de bestaande formatie kunnen worden opgevangen. Voor inhuur is de wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (wet DBA) ons uitgangspunt. In de afdeling Dienstverlening zijn alle taken met betrekking tot de bedrijfsvoering ondergebracht. Het merendeel wordt tot de overhead gerekend. Overhead is het geheel van functies gericht op sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Hierbij zijn BBV-regels en de uitgangspunten van de Notitie Overhead van de BBV toegepast. Onze overhead is voor 2026 geraamd op € 12,22 miljoen.

Uitgedrukt in een percentage van de totale geraamde lasten, zijnde € , miljoen bedraagt dit percentage 12,2%. ICT en informatiebeheer In de afgelopen decennia heeft de snelle ontwikkeling van informatie- en communicatietechnologie (ICT) een diepgaande invloed gehad op onze samenleving. Deze technologische vooruitgang biedt zowel kansen als uitdagingen voor onze gemeente. De digitalisering van diensten, de opkomst van AI en de groeiende afhankelijkheid van data en connectiviteit vereisen een proactieve en strategische benadering van ICT-beleid.

68

Onze gemeente staat voor de taak om deze technologische veranderingen te omarmen en te integreren in onze dagelijkse werking en dienstverlening. Dit vraagt om investeringen in infrastructuur, opleiding van personeel en het waarborgen van digitale inclusie voor al onze inwoners. Daarnaast moeten we aandacht besteden aan cybersecurity en de bescherming van persoonsgegevens om het vertrouwen van onze burgers te behouden. We streven ernaar om een slimme, veilige en inclusieve digitale omgeving te creëren die bijdraagt aan de levenskwaliteit van onze inwoners en de efficiëntie van onze gemeentelijke diensten. Door middel van gerichte investeringen en samenwerkingen willen we de digitale transformatie van onze gemeente vormgeven en ervoor zorgen dat niemand achterblijft in deze snel veranderende wereld. Dit is een doorlopend proces. Extra inspanningen levert de organisatie in 2026 door: • De digitalisering van 267 meter fysiek archief richting ons digitale archief (e-depot) waardoor deze gegevens veilig en 24/7 beschikbaar zijn voor de burger. • De planning is om Q1 2026 live te gaan met het nieuwe HRM systeem en de inrichting ervan wordt in Q2 verder verbeterd. • In 2026 wordt Key2Burgerzaken en Key2Financiën verSaaSt. Belangrijkste redenen om te Versaasen zijn geen zware installaties en onderhoud, altijd nieuwste versie en de schaalbaarheid van de applicatie.

• In 2026 worden een aantal laptops vervangen, omdat de huidige modellen verouderd zijn en inmiddels zijn afgeschreven. ICT-organisatie Sinds begin 2018 werkt de Gemeente Kaag en Braassem op ICT-gebied samen met de Gemeente Alphen aan den ijn. Dit verloopt via de gemeenschappelijke regeling ‘Bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) ijn en Braassem’. Vanwege de behoefte om de bestuurlijke last te verminderen en meer te gaan samenwerken op gebied van informatisering, automatisering en innovaties, is er in 2024 onderzoek gedaan naar een andere juridische entiteit om op ICT-gebied samen te werken met de Gemeente Alphen aan den Rijn. Dit onderzoek heeft erin geresulteerd dat het bestuur van de BVO voornemens is om de samenwerking voort te zetten in de vorm van een centrumregeling. Concreet betekent het dat de BVO Rijn & Braassem als rechtspersoon zal verdwijnen en in de juridische zin van het woord geliquideerd zal worden. In het besluitvormingstraject wordt daarbij aan de ene kant de centrumregeling geaccordeerd en tegelijkertijd de BVO geliquideerd. Het grootste voordeel van een centrumregeling ten opzichte van een BVO is dat beslissingen sneller kunnen worden genomen, omdat het niet meer langs het BVO-bestuur hoeft.

Het voornemen is om 1 januari 2026 over te gaan op de Centrumregeling Privacy en informatiebeveiliging Als gemeente verwerken we dagelijks grote hoeveelheden (gevoelige) persoonsgegevens van inwoners, medewerkers en partners. Een goed georganiseerde aanpak van privacy en informatieveiligheid is cruciaal: om te voldoen aan wetgeving zoals de AVG, het vertrouwen van inwoners te behouden, onze dienstverlening te beschermen en digitale dreigingen te weerstaan. Dit vraagt om een structurele en integrale benadering binnen de hele organisatie.

69

In 2026 zetten we hierin verdere stappen, met focus op systeemontwikkeling, governance en bewustwording. Een belangrijk speerpunt is de aanschaf en implementatie van het ISMS/PMS (Information Security Management System/Privacy Management System). Dit systeem helpt ons risico’s rond privacy en informatiebeveiliging systematisch te beheersen en biedt inzicht in verwerkingen, risico’s en maatregelen. Procesverantwoordelijken worden actief betrokken bij het beheer en de actualisatie van gegevensverwerkingen. Daarnaast starten we een nieuwe awarenesscampagne om kennis, houding en gedrag van medewerkers te versterken. Dit doen we via bijeenkomsten, een digitale leeromgeving en ludieke, laagdrempelige acties. Vanaf 2026 gaat ook de Europese NIS2-richtlijn gelden. Gemeenten worden dan aangemerkt als ‘essentiële entiteiten’ en moeten voldoen aan strengere eisen, zoals een zorgplicht, meldplicht en aantoonbare governance op informatieveiligheid. Ook moeten risico’s in de keten (zoals bij leveranciers) beter worden beheerst. De implementatie van het ISMS vormt hiervoor een belangrijke basis.

In 2026 richten we processen verder in, verbeteren we het incidentmanagement en formaliseren we risicoanalyses en ketenafspraken om aan de NIS2-verplichtingen te voldoen Andere ontwikkelingen zijn: In de samenleving De gemeente opereert steeds meer in een netwerksamenleving, in directe communicatie met bijvoorbeeld scholen, handhavers, zorgverleners en bedrijven. Ook inwoners willen zaken met de gemeente direct via hun mobiele apparaten af kunnen handelen, net zoals dat in de zakelijke dienstverlening gebeurt. Men wil daarnaast inzage in wat de gemeente met persoonlijke gegevens doet en verwacht dat deze gegevens bij gemeenten in veilige handen zijn. Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) De Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) regelt dat inwoners en bedrijven hun zaken die ze met de overheid doen, digitaal kunnen afhandelen. Voor het project Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) zijn onze producten en diensten (zaken) in beeld gebracht waarop de Wmebv van toepassing is. Daarna is getoetst of ze voldoen aan de eisen van de toekomstige wet. De producten en diensten die nog niet voldoen worden aangepast zodat ze alsnog voldoen aan de vereisten van de wet. De diensten en de digitale kanalen waarop deze gepromoot worden zijn door het college vastgesteld op 21 mei 2024.

Dit om de transparantie te vergroten naar inwoners en bedrijven via welk kanaal ze zaken kunnen doen met de gemeente. De wet zelf ging eigenlijk per 1 januari 2025 in maar gaat na uitstel per 1 januari 2026 in. In gemeenteland Gemeenten veranderen van lokale uitvoeringsorganisaties naar regieorganisaties. Dit houdt in dat we niet meer alles zelf doen, maar publieke taken ook laten uitvoeren door combinaties van overheden en bedrijven. Dit vereist dat de gemeentelijke organisatie die samenwerkingsvormen en uitbestedingen goed kan monitoren en aansturen, zodat de gemeenteraad periodiek geïnformeerd kan worden over de kwaliteit van uitvoering en financiële stand van zaken.

70

Verbijzonderde interne controle (VIC) Het VIC-team voert in opdracht van het college interne controlewerkzaamheden uit in het kader van de rechtmatigheid en getrouwheid van de jaarrekening. Rechtmatigheid ziet toe op naleving van wet- en regelgeving, waarbij getrouwheid gaat over de vraag of alle transactie zoals deze hebben plaatsgevonden juist en volledig zijn verwerkt. Dit doet de VIC aan de hand van het VIC-jaarplan. Het jaarplan over 2026 zal eind 2025 (Q4) ter goedkeuring worden aangeboden aan het college. De mogelijke (financiële) gevolgen van het jaarplan – bijvoorbeeld door veranderde wet- en regelgeving zijn op voorhand niet te kwantificeren. Hieronder worden nog enkele andere belangrijke ontwikkelingen benoemt die van invloed zijn op de verbijzonderde interne controle voor 2026 en verder. Operationalisering "3 lijnen model" blijft aandacht vragen De gemeente heeft gekozen om te werken volgens het “3 lijnen model”. Dit is ook uitgebreid beschreven in de beleidsdocumenten “Visie op ontrol” (2023) en het “VI -masterplan 2024-2027”. Het belangrijkste uitgangspunt van het 3 lijnen model is dat de interne beheersing wordt geborgd in de 1ste lijn door een goede opzet van de administratieve organisatie en interne controles binnen het proces. Deze controles dienen zichtbaar en herleidbaar te worden vastgelegd.

De 2de lijn ondersteund in de vorm van (kwaliteit)controles en/of werkzaamheden. Dit wordt onder andere gedaan door ondersteunende afdelingen zoals financiën, HRM, inkoop, maar kan ook belegd worden bij coördinatoren van afdelingen. De 3de lijn (VIC) voert de onafhankelijke toetsing uit en steunt hierbij idealiter op de controlewerkzaamheden vanuit de 1ste en 2de lijn. Organisatorisch is de onafhankelijkheid van de VIC geborgd door deze te positioneren onder de concerncontroller.

71

Gemeente Kaag en Braassem is nog in de opbouwende fase om dit theoretische model volledig te implementeren binnen de organisatie. Op dit moment is het werken volgens het "3 lijnen model" een belangrijk aandachtspunt, ook voor 2026. De VIC voert als 3de lijn nog teveel werkzaamheden uit die eigenlijk uitgevoerd dienen te worden door de 1ste en 2de lijn. Dit zal ook in 2026 een belangrijk aandachtspunt blijven, omdat de capaciteit van de VIC-afdeling niet ingericht is op het uitvoeren van 1ste en 2de lijn werkzaamheden. Daarbij komt de gewenste onafhankelijk onder druk te staan indien de VIC 1ste en 2de lijn werkzaamheden uitvoert. Dit vanwege het feit dat het niet mogelijk is om de eigen uitgevoerde werkzaamheden onafhankelijk te controleren. Samenwerking accountant De VIC is voor de accountant (PSA) een belangrijke partner, omdat zij (deels) gebruik maken van de uitgevoerde interne controle werkzaamheden. Het boekjaar 2024 is het eerste jaar geweest qua samenwerking met de nieuwe externe accountant. Zo'n nieuwe samenwerking is voor beide partijen altijd even wennen. Nu de verwachtingen over en weer duidelijker zijn willen we samen met de accountant kijken wat er nodig is zodat zij nog meer te kunnen (en willen) steunen op de uitgevoerde VIC-werkzaamheden. Dit blijft een doorlopend proces wat ook in 2026 aandacht zal blijven vragen.

Opvolging interne en externe aanbevelingen Uit de uitgevoerde interne en externe controles ontstaan bevindingen en aanbevelingen voor het verbeteren van de kwaliteit van de interne beheersing. Daarbij bewaakt de VIC periodiek de opvolging van de interne aanbevelingen (uit de VIC-rapportages) en externe aanbevelingen (uit de managementletter). Dit is een continue doorlopend proces, wat ook in 2026 aandacht zal blijven vragen. Bovendien kunnen er kosten ontstaan vanwege het implementeren van noodzakelijke aanbevelingen. Deze zijn op voorhand niet te voorzien.

72

6. Verbonden partijen Als zelfstandige gemeente zoekt Kaag en Braassem naar samenwerking als dit voordeel oplevert bij vraagstukken die erg complex of kostbaar zijn. In deze paragraaf worden de rechtspersonen beschreven waar de gemeente een bestuurlijk en financieel belang in heeft. Er is sprake van een bestuurlijk belang in het geval van zeggenschap (stemrecht of het hebben van een zetel in het bestuur). Van een financieel belang is sprake als aan een verbonden partij een bedrag ter beschikking wordt gesteld dat niet verhaalbaar is wanneer de verbonden partij in financiële problemen raakt of failliet gaat. Verbonden partijen voeren beleid uit van de gemeente. Als een taak uitgevoerd wordt door een verbonden partij, dan blijft de gemeente verantwoordelijk voor het realiseren van de beoogde doelstellingen. Kaag en Braassem rapporteert over de verbonden partijen op diverse momenten in de P&C cyclus, zoals de jaarrekening, de begroting en de voortgangsmonitor. Beleidsvoornemen is dat Kaag en Braassem vooral een regiegemeente is. Om regie te voeren is het van belang grip op verbonden partijen te hebben en is een scherpe inhoudelijke focus binnen prioritaire thema’s nodig. Deze inhoudelijke focus is terug te vinden in de Regionale agenda Kaag en Braassem. In het raadsakkoord 2022 – 2026 is afgesproken dat we de Regionale agenda weer actualiseren.

In het hoofdstuk Regionale Samenwerking in het raadsakkoord staat hoe Kaag en Braassem regionale samenwerking wil benutten bij het behalen van onze doelstellingen. Verbonden partijen Kaag en Braassem Gemeenschappelijke regelingen

Overig

Holland Rijnland

BNG NV

Omgevingsdienst West-Holland Veiligheidsregio Hollands Midden Hecht Hollands Midden BVO Rijn en Braassem Serviceorganisatie Zorg Holland Rijnland

Oasen NV Cyclus NV Alliander NV Sportbedrijf Kaag en Braassem B.V. GEM Braassemerland VOF Greenport Aalsmeer

Op www.kaagenbraassem.nl is alle informatie over de verbonden partijen te vinden

Inzicht in de financiën van de verbonden partijen De raad beoordeelt alle begrotingen, tussentijdse rapportages en jaarrekeningen van de verbonden partijen. De raad stemt in met deze producten van de verbonden partijen of doet voorstellen voor aanpassingen hierin. Er zijn ook risico’s. Hierbij wordt gedacht aan conse uenties van nieuw overheidsbeleid, wijzigingen in wet- en regelgeving en ontbreken van commitment. isico’s kunnen beperkt worden door het functioneren van de verbonden partij goed te volgen qua budget en beleid. De risico’s zijn opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen en risico’s. De (advies)processen binnen de gemeentelijke organisatie zijn gestroomlijnd door het aanwijzen van een driehoek van accounthouder, financieel consulent en manager waarbij de accounthouder primair verantwoordelijk is voor alle zaken die met de verbonden partij samenhangen.

73

Ontwikkelingen verbonden partijen 2026 Holland Rijnland Binnen Holland Rijnland werken we samen om de kwaliteit van wonen, werken, leren en leven van inwoners, ondernemers en instellingen te verbeteren. Holland Rijnland profileert zich vooral als netwerkpartij van de 13 aangesloten gemeenten die zich sterk maakt voor beleidsmatige- en lobbywerkzaamheden. Denk hierbij aan grote opgaven zoals: grote tekorten op de woningmarkt, de ontwikkelingen rondom het stikstofdossier, de steeds grotere impact van klimaatverandering en de noodzaak tot economische vernieuwing in een veranderende wereld. Samenwerking in het aanpakken van de opgaven is daarom noodzakelijk. In 2024 is de Regionale Investeringsagenda (RIA) vastgesteld met de veertien prioritaire projecten voor onze regio. Onder meer het verbeteren van de noordelijke ontsluiting van onze regio, met de Leimuiderbrug als knelpunt is daarbij benoemd als prioritair project. Met de Regionale Investeringsagenda brengen we als regio veertien grote projecten steeds een stap verder: van idee, naar onderzoek, naar ontwikkeling, tot uiteindelijk investering. Ook bestaan er diverse Regionale Fondsen binnen de RIA waarmee projecten worden ondersteunt. Daarnaast vervult Holland Rijnland ook diverse faciliterende (soms wettelijke) taken.

Denk aan de Regiotaxi, het Regionaal Bureau Leerrecht en op het gebied van wonen worden een aantal diensten in Holland Rijnland verband ingevuld, zoals de contingenten- en urgentieregelingen. Hierdoor kunnen woningzoekenden met een urgentie of spoedzoekers voorrang krijgen op het woningaanbod, deze situaties worden door commissies (van Holland Rijnland) beoordeeld. Omgevingsdienst West-Holland De Omgevingsdienst West-Holland werkt met deskundigheid aan de verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving (milieu en duurzaamheid, veiligheid, gezondheid) in haar werkgebied. Zij levert een optimale bijdrage aan de ontwikkeling en uitvoering van het milieubeleid voor haar deelnemers. De werkzaamheden van de Omgevingsdienst richten zich op vijf inhoudelijke programma’s Milieu, Bodem, Omgevingsadvies, Duurzaamheid en Bouwen. In 2026 gaat de ODWH verder aan de slag met het plan van aanpak Interbestuurlijk Programma (IBP-VTH) om te voldoen aan de kwaliteitseisen van het ministerie. Een omgevingsdienst moet voldoende robuust zijn en om dat te bereiken onderneemt de ODWH bepaalde acties, zoals het opstellen van een innovatiekalender en een verhoging van het opleidingsbudget. In de begroting van de ODWH staat een uitgebreide beschrijving van de werkzaamheden in 2026.

74

Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) De Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) is (mede)verantwoordelijk voor het waarborgen van de (fysieke) veiligheid van inwoners, bedrijven en instellingen in de regio. Binnen de VRHM werken brandweer, politie, GHOR en de 18 aangesloten gemeenten intensief samen aan rampenbestrijding en crisisbeheersing. Daarnaast is er nauwe samenwerking met externe partners zoals waterschappen, Omgevingsdiensten en Defensie. In het licht van maatschappelijke ontwikkelingen en veranderende risico’s heeft de V HM het egionaal Risicoprofiel 2023–2026 opgesteld. Dit document biedt inzicht in de belangrijkste veiligheidsrisico’s binnen de regio, waaronder klimaatverandering, energietransitie, verstedelijking en digitale afhankelijkheid. Op basis van dit risicoprofiel kunnen strategische beleidskeuzes worden gemaakt, waarmee de inzet van gemeenten en regio onderling wordt afgestemd. De ambities en strategische keuzes voor de komende jaren zijn vastgelegd in het Regionaal Beleidsplan 2024–2027, getiteld ‘Focus op veiligheid, vandaag én morgen’. De uitwerking hiervan vindt plaats in het jaarlijkse jaarplan van de VRHM. Vooruitlopend op het begrotingsjaar 2026 zijn de beleidsmatige en financiële kaders vastgelegd in de Kadernota 2026, die op 20 februari 2025 is vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de VRHM.

Deze kadernota vormt de basis voor de Programmabegroting 2026, inclusief de meerjarenraming 2027–2029. Na afronding van de zienswijzeprocedure is de (ontwerp-)Programmabegroting op 11 september 2025 definitief vastgesteld door het Algemeen Bestuur. De samenleving verandert in hoog tempo en daarmee nemen ook de opgaven voor veiligheidsregio’s toe. Nieuwe uitdagingen, zoals de toegenomen geopolitieke spanningen (met gevolgen voor de maatschappelijke weerbaarheid), langdurige opvang van vluchtelingen, crisisnoodopvang voor asielzoekers en pandemieën, leggen extra druk op de organisatie. Deze opgaven worden in nauwe samenwerking met gemeenten opgepakt, maar vergen veel van de beschikbare capaciteit. Hierdoor komt de reguliere uitvoering onder druk te staan. Deze problematiek vraagt blijvende beleidsmatige aandacht en wordt ook op nationaal niveau structureel onder de aandacht gebracht. Hecht Hollands Midden (voormalig RDOG) De Regionale Dienst Openbare Gezondheid (Hecht) Hollands Midden beschermt, bewaakt en bevordert de gezondheid van alle inwoners in Hollands Midden, in het bijzonder die van de meest kwetsbaren. Achttien gemeenten sturen gezamenlijk Hecht aan en werken samen met andere partijen in de zorg en het sociaal domein. Het takenpakket van Hecht is divers en bestaat uit wettelijke GGD-taken en andere wettelijke en niet-wettelijke taken.

Alle taken die gemeenten aan Hecht HM hebben opgedragen, zijn taken waarvoor de colleges van B&W in hun gemeente verantwoordelijk zijn, bijvoorbeeld op het gebied van de jeugdgezondheidszorg, de ambulancezorg, de reizigersadvisering, het Meldpunt Zorg en Overlast, Veilig Thuis, het team Milieuhygiëne en Gezondheid en de spreekuren voor seksuele gezondheid.

75

In 2024 heeft de gemeente Kaag en Braassem een negatieve zienswijze afgegeven op de vraag van het Hecht bestuur om extra middelen beschikbaar te stellen. In 2024/2025 is Hecht een bezuinigingsronde gestart, waarbij alle gemeenteraden nauw betrokken zijn. De gemeente Kaag en Braassem heeft voor 2025 ingestemd met een beleidsarme begroting en steunt het besluit van het Algemeen Bestuur van Hecht om de komende jaren naar verdere bezuinigen te zoeken. BVO Rijn en Braassem In paragraaf bedrijfsvoering zijn de ontwikkelingen ten aanzien van de BVO Rijn en Braassem beschreven. Ook voor de ontwikkelingen met betrekking tot ICT verwijzen wij u naar de paragraaf bedrijfsvoering. Serviceorganisatie Zorg Holland Rijnland In 2022 hebben de gemeenten in Holland Rijnland de Gemeenschappelijke Regeling Serviceorganisatie Zorg Holland Rijnland ingericht ten behoeve van het uitvoeren van inkoop van en contractmanagement op jeugdzorg. De taken van deze serviceorganisatie zijn met name contracteren en contractmanagement, verwerking berichtenverkeer, betalingen, data-analyse en monitoring. Vanaf 1 januari 2024 neemt onze gemeente een breder takenpakket af van de SOZ omdat we vanaf dat moment zijn aangesloten bij de regionale contracten.

De SOZ staat, samen met de samenwerkende gemeenten binnen Holland Rijnland, al jaren voor de uitdaging om de kosten voor de jeugdzorg terug te brengen en meer voorspelbaar te maken. Hiervoor is in 2024 een regionale bestuurlijke taskforce ingericht die maatregelen heeft voorgesteld voor het realiseren van meer grip op de kosten. In 2025 en 2026 worden deze maatregelen ingevoerd. Voor de SOZ betekent dit dat de dashboards verder ontwikkeld worden en de signaleringsfunctie verder versterkt wordt. Cyclus Cyclus is een overheids-NV en verzorgt in opdracht van de gemeente de inzameling en verwerking van het huishoudelijk afval. Hiervoor is een dienstverleningsovereenkomst afgesloten. Cyclus werkt voor twaalf gemeenten en in de Cyclus-regio vindt afstemming plaats, niet alleen voor de inzameling en verwerking van het afval, maar ook voor beleidsmatige aspecten, zoals het bereiken van de landelijke scheidingsdoelstellingen. Cyclus is een belangrijke partner van de gemeente voor het uitvoeren van het project Afval Anders, waarbij de afvalstoffenheffing variabel wordt opgelegd. In 2026 wordt gestart met het regionaal demontagebedrijf (locatie Alphen aan de Rijn) voor grof huishoudelijk afval. Hier wordt grof huishoudelijk restafval, afkomstig van milieustraten, gesorteerd en gedemonteerd tot herbruikbare grondstoffen.

76

Sportbedrijf Kaag en Braassem In maart 2024 heeft de gemeenteraad ingestemd met de investering van bijna € 61 mln. voor de realisatie van KINEO en heeft de gemeenteraad een aanvullend bedrag beschikbaar gesteld om de verenigingen te ondersteunen in de aanpassingen die gebonden zijn aan het Masterplan Sportpad. De eerste stappen in de realisatie van het masterplan Sportpad zijn genomen. In 2025 zijn de werkzaamheden aan het nieuwe clubhuis voor de voetbal en hockey gestart. In Q4 2025 opent het nieuwe wedstrijdbad en start de sloop van het buitenbad. Het jaar 2026 staat in het teken van de bouw van het recreatiebad, de nieuwe sporthallen en het hart van Beweeg- en Kindcentrum KINEO. Richting het Sportbedrijf is een opdracht uitgegeven tot het uitvoeren van het groot onderhoud. Hierin is het benodigde onderhoud tot de nieuwbouw opgenomen, voortkomend uit de nog lopende meerjarenplannen. Deze opdracht blijft doorlopen zodat Sport- en recreatiecentrum De Tweesprong veilig en doelmatig open kan blijven ten tijde van de bouw op en rondom het Sportpad. De verwachte onderhoudskosten passen in de gereserveerde middelen. Daarnaast is in Q4 van 2025 gestart met de werving van een nieuwe vaste directeur-bestuurder van het Sportbedrijf.

In 2026 is het aan de nieuwe directeur-bestuurder om effectief te blijven samenwerken met alle partners op het Sportpad gedurende de werkzaamheden en zich te blijven in zetten als preventiepartner voor alle inwoners van de gemeente Kaag en Braassem. Braassemerland De gemeente Kaag en Braassem participeert in de vennootschap Braassemerland VOF. De gemeentelijke gronden worden fasegewijs aan de vennootschap overgedragen. Deelplannen 1 en 2 “De Akkers” en deelplan 3 “De Poelen” zijn volledig bewoond en aan de gemeente overgedragen. Realisatie van deelplannen 4 en 5 is gestart in 2025. Oplevering bouwkavels is gepland in 2026. De volgende fasen (7 tot en met 11) volgen hierna, waarbij onderzocht wordt of het mogelijk is om deelplan 11 met een groot areaal sociale woningbouw eerder te realiseren. In deelplan 11 is een tijdelijk fietspad aangelegd om o.a. de fietsroute naar Kaskade veiliger te maken. Om fase 7 tot en met 10 te kunnen realiseren zal het Omgevingsplan nog moeten worden aangepast. Deze zal binnenkort ter besluitvorming aan de raad worden aangeboden. Daarnaast wordt met de voorbereiding (opstellen Programma van Eisen en ontwerp) van de tweede sluis gestart. Hiervoor is een subsidie van Holland Rijnland toegezegd, maar de termijn is 2026, deze zou dus niet gehaald worden. De gemeente heeft daarom een verzoek gedaan om de subsidietermijn te verlengen tot eind 2029.

Het Dagelijks Bestuur heeft hier schriftelijk op gereageerd. Er is aangegeven dat het Algemeen Bestuur op 17 december een besluit zal nemen over de verlenging maar dat het Dagelijks Bestuur hier positief tegenover staat.

77

Greenport Aalsmeer Stichting Greenport Aalsmeer is een samenwerkingsverband tussen het bedrijfsleven, onderwijs en overheden (gemeenten, provincies en Rijk) op het gebied van (sierteelt)tuinbouw welke op een efficiënte manier met elkaar samenwerken op belangrijke thema's als duurzame gebiedsontwikkeling, circulariteit, onderwijs en arbeid. Samen met de gemeenten Nieuwkoop, Uithoorn, Haarlemmermeer, Amstelveen en Aalsmeer wordt zo gewerkt aan de versterking van de concurrentiepositie binnen deze sector. Samen met de zes andere Greenports welke Nederland rijk is werken zij samen onder Greenports Nederland aan één landelijke agenda waarbij de eerdergenoemde partijen (lees: overheden en bedrijfsleven) ieder zijn eigen verantwoordelijkheid behoudt. De Gemeente Kaag en Braasem werkt intensief samen met Greenport Aalsmeer om zo een duurzame gebiedsontwikkeling te realiseren voor de glastuinbouwgebieden De Baan & Sotaweg en Floraweg/Geestweg: • Na een onderzoek uitgevoerd door een onafhankelijke procesbegeleider, heeft de raad in juni 2025 besloten om het gebied de Baan en Sotaweg voor een periode van 20 jaar aan te wijzen als duurzaam glastuinbouwgebied. Hierbij is de opdracht gegeven om richtlijnen en spelregels te ontwikkelen die aansluiten bij de gebiedsvisie.

Voor het ontwikkelen van deze richtlijnen en spelregels kan ook een beroep worden gedaan op de expertise van Greenport Aalsmeer. • In mei 2024 heeft Greenport Aalsmeer een rapport opgeleverd over de toekomstbestendigheid van duurzame glastuinbouw in het gebied Geestweg en Floraweg. De uitkomst van dit onderzoek geeft aan dat het gebied niet toekomstbestendig is voor duurzame glastuinbouw. In september 2025 wordt de raad gevraagd om het rapport vast te stellen en de bevindingen over te nemen om een gebiedsvisie op te stellen. Voor de verdere invulling van deze gebiedsvisie kan een beroep worden gedaan op de expertise van Greenport Aalsmeer. Er moet echter nog worden besloten wie dit onderzoek gaat uitvoeren. Ten slotte heeft Greenport Aalsmeer in 2022 een kennisprogramma voor internationale medewerkers ontwikkeld. Vanuit dit programma is een plan van aanpak gerealiseerd, dat voorziet in het detecteren en opstarten van regionale projecten. Deze projecten dragen bij aan het vergroten van het aantal kwalitatief goede huisvestingsoplossingen voor internationale medewerkers binnen Greenport Aalsmeer.

78

Doelstelling, taken, bestuurlijk belang per verbonden partij

Holland Rijnland Doel/algemee n belang/ activiteit

Holland Rijnland is het samenwerkingsverband van en voor dertien gemeenten in het hart van de Randstad met gezamenlijk een uitstekende woonregio en een aantal sterke topsectoren (Greenports, Biobased, Space en Life Science & Health). Binnen Holland Rijnland wordt samengewerkt om de kwaliteit van wonen, werken, leren en leven van burgers, bedrijven en instellingen te verbeteren. Samen optrekken geeft meerwaarde voor de uitdagingen die te complex zijn voor de individuele gemeente, die gemeentegrensoverschrijdend zijn of waarbij samenwerking tot meer efficiëntie leidt. In de domeinen maatschappij, economie en leefomgeving faciliteert Holland Rijnland regionale samenwerking zoals omschreven in het werkprogramma ‘Holland ijnland 2022-2026’. Hierin bepalen we welke activiteiten we de komende vier jaar samen als Holland Rijnland oppakken waarmee de regio wordt geconfronteerd. Daarnaast zijn in de Regionale Investeringsagenda (RIA) de prioritaire projecten van de regio vastgesteld, met onder meer het knooppunt Leimuiderbrug. Verder voert Holland Rijnland enkele taken uit die aan het samenwerkingsorgaan zijn overgedragen: de Regiotaxi, de Urgentiecommissie Woonruimte en het Regionaal Bureau Leerrecht. Kaag en Braassem profiteert van het schaalvoordeel en slagkracht van deze strategische samenwerking.

Belangen

Financieel Geraamde e ploitatiebijdrage 2026, totaal € 404.028 Bestuurlijk: Het Algemeen Bestuur bestaat uit twee leden per deelnemende gemeente, 28 in totaal, met gezamenlijk 186 stemmen (waarvan Kaag en Braassem er 9 heeft). In het Algemeen Bestuur hebben vanaf juni 2022 zitting: burgemeester Astrid Heijstee-Bolt en wethouder Nick van Egmond.

Financiële gegevens

Financiële gegevens zijn gebaseerd op het jaarverslag 2024

Omvang eigen vermogen Omvang vreemd vermogen

1-1-2024 € 1.147.570 € 34.844.264

31-12-2024 € 1.031.785 € 33.40 .1 6

Financieel resultaat 2024 € 45.472 voordelig

79

Veiligheidsregio Hollands Midden Doel/algemeen belang/ Veiligheidsregio Hollands Midden staat voor de (fysieke) veiligheid van burgers, activiteit bedrijven en instellingen. In de Veiligheidsregio Hollands Midden werken brandweer, politie, GHOR en de gemeenten samen aan de rampenbestrijding en crisisbeheersing. De veiligheidsregio werkt daarnaast nauw samen met diverse partners, zoals waterschappen, milieudiensten en defensie. Iedere organisatie is hierin verantwoordelijk voor zijn eigen taken. Samenwerking vindt plaats op basis van de Wet veiligheidsregio’s. In deze wet zijn de taken en verantwoordelijkheden van de veiligheidsregio omschreven. Kaag en Braassem maakt, samen met 17 andere gemeenten, deel uit van de Veiligheidsregio Hollands-Midden. Belangen

De geraamde gemeentelijke bijdrage in 2026 is € 2.383.242 (Brandweer en crisisbeheersing). Bestuurlijk: De 18 burgemeesters uit de regio Hollands Midden vormen samen het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden. Daarnaast is er een Dagelijks Bestuur. Het Dagelijks Bestuur bestaat uit een vertegenwoordiging van het Algemeen Bestuur, aangevuld met de voorzitter van de veiligheidsregio. Onze burgemeester Astrid Heijstee-Bolt neemt sinds september 2022 zitting in het Dagelijks Bestuur van de VRHM en heeft als portefeuille multidisciplinaire crisisbeheersing. Het Dagelijks Bestuur is verantwoordelijk voor de uitvoering en verdere uitwerking van strategische beslissingen die worden genomen door het Algemeen Bestuur.

Financiële gegevens Omvang eigen vermogen Omvang vreemd vermogen

1-1-2024 € 6.511.000 € 7 .700.000

31-12-2024 € .2 7.000 € 74. 71.000

Financieel resultaat 2024 € 3.153.000 voordelig.

80

Hecht Hollands Midden (voormalig RDOG) Doel/algemeen belang/ activiteit

Hecht Hollands Midden bestaat uit de vier sectoren: openbare gezondheidszorg (GGD), geneeskundige hulpverlening (GHOR) en ambulancezorg (RAV) en het Zorg- en Veiligheidshuis (ZVH). Hecht bewaakt, beschermt en bevordert de gezondheid en het welbevinden van de inwoners in de regio Hollands Midden in zowel reguliere als crisisomstandigheden. Daarnaast probeert Hecht de effecten van gezondheidsbedreigingen te beperken. De GGD voert voor onze gemeente taken uit op het gebied van o.a. de Wet publieke gezondheid, de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Jeugdwet. Het gaat hierbij om wettelijk verplichte taken die door de gemeente belegd zijn bij de GGD (zoals infectieziektebestrijding), wettelijke taken waarbij gemeenten gezamenlijk kiezen om deze onder te brengen bij de GGD (zoals, jeugdgezondheidszorg, Veilig Thuis en Toezicht WMO) en vrijwillige taken die één of meer gemeenten laten uitvoeren door de GGD (zoals: logopedie en voorlichting).

Belangen

De geraamde gemeentelijke bijdrage in 2026 is € 2.124.000 Bestuurlijk: Het Algemeen Bestuur van Hecht bestaat uit de portefeuillehouders Volksgezondheid van de 18 gemeenten in de regio Hollands Midden. Voor onze gemeente is dat wethouder Gerben van Duin. Daarnaast neemt Gerben van Duin zitting in BAC PG (bestuursadviescommissie publieke gezondheid) bij Hecht. Het Dagelijks Bestuur bestaat uit zeven leden. Kaag en Braassem heeft 2 van 50 stemmen.

Financiële gegevens Omvang eigen vermogen Omvang vreemd vermogen

01-01-2024 € 648.000 € 3 .866.000

31-12-2024 € 8 .000 € 51.3 4.000

Financieel resultaat 2024 € 17 .000 voordelig

81

Omgevingsdienst West-Holland Doel/algemeen belang/ activiteit

De Omgevingsdienst staat voor duurzaamheid, veiligheid en een verbetering van de leefomgeving. Ze stelt milieubeschikkingen (vergunningen) op voor de gemeente en ziet toe op naleving van milieuwetgeving (toezicht en handhaving). Ook geeft de ODWH milieuadvies aan de deelnemende gemeenten in de regio Holland Rijnland en zorgt ervoor dat in ruimtelijke plannen van gemeenten aandacht wordt besteed aan milieuaspecten, zoals bodem, lucht, geluid, energie, natuur (stikstof) en veiligheid. Tenslotte behandelt de dienst klachten over bedrijven van overlast als gevolg van geluid en geur. Om een goede en efficiënte uitvoering te geven aan de milieutaken heeft Kaag en Braassem deze taken bij de Omgevingsdienst ondergebracht.

Belangen

De geraamde gemeentelijke bijdrage in 2026 is € 1.357.414 Bestuurlijk: Het Algemeen Bestuur bestaat uit 13 leden (inclusief de voorzitter). Wethouder Dolf Kistemaker heeft zitting in het Algemeen Bestuur. Kaag en Braassem heeft 6% van de stemmen.

Financiële gegevens

Financiële gegevens (o.b.v. jaarrekening 2024):

Omvang eigen vermogen Omvang vreemd vermogen

01-01-2024 € 2.206.000 € 14.432.000

31-12-2024 € 1.702.000 € 13.535.000

Financieel resultaat 2024 € 343.000

82

Bedrijfsvoeringsorganisatie Rijn en Braassem Doel/algemeen belang/ activiteit

Het doel van Bedrijfsvoeringsorganisatie Rijn en Braassem is het bewerkstelligen van een kwalitatief hoogwaardige en doelmatige uitvoering van de taken van de gemeenten op het gebied van informatievoorziening en automatisering. Uitgangspunt voor de samenwerking is standaardisatie van de I&A-dienstverlening, inclusief de bijbehorende standaardinrichting van de gemeentelijke werkprocessen en het daarbij passende applicatielandschap. De bedrijfsvoeringsorganisatie kan worden ingezet voor bedrijfsvoering en uitvoerende taken en bestaat uit gemeenten Alphen aan den Rijn en Kaag en Braassem. Een logische samenwerking omdat beide gemeenten ook al intensief samenwerken in het Sociale Domein en op het gebied van Belastingen en de daaraan gerelateerde ICT-onderwerpen.

Belangen

Financieel: De geraamde gemeentelijke bijdrage 2025 aan ijn en Braassem bedroeg € 3.557.261. Op dit moment lopen de gesprekken over de vorming van een centrumregeling. Voornemen is om dit per 1 januari 2026 in te laten gaan. Zie ook de toelichting in paragraaf 5. Bestuurlijk: De gemeenten Alphen aan den Rijn en Kaag en Braassem dragen geen bevoegdheden over aan de bedrijfsvoeringsorganisatie, maar kunnen ter verwezenlijking van informatisering, automatisering en andere taken bevoegdheden mandateren en machtigingen verlenen aan de bedrijfsvoeringsorganisatie. Het bestuur bestaat uit vier leden. De bestuursleden namens de gemeente Kaag en Braassem zijn wethouder Nick van Egmond en burgemeester Astrid HeijsteeBolt. De directie van de bedrijfsvoeringsorganisatie bestaat uit een Algemeen Directeur en een Operationeel Directeur.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=KaagenBraassem&id=5ca9c7e3-3651-44b0-8a59-d5220245c641